CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Uitvoeringspr. regionaal beleidskader int. werknemers GMAN

Raadsvergadering 26 april 2022, gemeente RhedenBij agendapunt: Regionaal beleidskader internationale werknemers (arbeidsmigranten)16.517 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In deze app, zouden ook instructiefilmpjes zoals degene van het aanvragen van een DigiD kunnen worden opgenomen. • Samenwerking Stichting Barka Om voor een betere opvang van dakloze internationale werknemers te zorgen zoeken de regiogemeenten contact met Stichting Barka NL om te informeren naar de mogelijkheden van een samenwerking. Er zal bekeken worden hoe het werk van de stichting ondersteund kan worden om ook in Arnhem-Nijmegen de zorg te verbeteren en toe werken naar een oplossing voor internationale werknemers die dakloos worden.

28

• Voorkomen uitbuiting en (werk- en) dakloosheid Dakloosheid onder internationale werknemers is een groot probleem aangezien zij geen recht hebben op reguliere daklozenopvang. De regiogemeenten voorkomen dakloosheid onder internationale werknemers op de volgende manieren: o

Scheiding huur- en arbeidscontract (zie 1.1) Bij nieuwe huisvestingsinitiatieven stellen regiogemeenten de eis dat het huurcontract gescheiden wordt van het arbeidscontract wanneer de werkgever ook de huisvesting verzorgt.

o

Regionale app (zie 3.1) Onderdeel van de regionale app, zal een ontmoetingsplatform kunnen zijn waar internationale werknemers contact kunnen leggen met werkgevers. Op deze manier kunnen internationale werknemers die tijdelijk zonder baan zitten, een nieuwe werkgever vinden en daarmee vaak ook nieuwe huisvesting.

o

Afspraken met marktpartijen (convenant) Met werkgevers worden er afspraken gemaakt om werkloze internationale werknemers weer aan een baan te helpen door ze bijvoorbeeld in contact te brengen met bedrijven die verlegen zitten om personeel. Op deze manier neemt het aantal dakloze internationale werknemers af en kan de vraag naar werknemers gevuld worden met internationale werknemers die al in de regio zijn, in plaats van nieuwe internationale werknemers uit het buitenland aan te trekken.

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Kwaliteit en beheer van huisvesting binnen de regio: het scheiden van huur- en arbeidscontacten is onderdeel van de uniforme kwaliteitseisen die de regiogemeenten stellen. • Communicatie en Participatie: door dakloosheid zoveel mogelijk te voorkomen wordt de beeldvorming van internationale werknemers positief beïnvloedt. 5. Partners Overheid • Gemeentes (afdeling Communicatie en Sociale Zaken) • Provincie Gelderland Ondernemers • Werkgevers • Huisvesters • Uitzendbureaus • Stichting Barka 6. Planning en mijlpalen

29

• • • •

2022: Instructiefilmpje aanvraag DigiD en zorgpas ontwikkeld 2022: Samenwerking stichting Barka aangegaan 2022: Convenant met markpartijen gesloten 2023: Mogelijkheden centraal (digitaal) medisch centrum onderzocht + plan van aanpak opgesteld

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

30

3.3 Onderwijs en scholing 1. Urgentie • • •

•

Voor de regionale economie is het belangrijk om internationale werknemers te blijven trekken naar onze regio. Daarnaast is het voor onze bedrijven van grote meerwaarde de potentie van hun werknemers ten volste te benutten en is het voor hen een kans goede arbeidskrachten te behouden. Door internationale werknemers verschillende vormen van opleiding aan te bieden, worden de talenten van de internationale werknemer ontwikkeld, beschikt de werkgever over gekwalificeerd personeel en wordt de binding tussen werknemer en werkgever versterkt (aangaan van samenwerking met RGO’s). Als het gaat om de kinderen van internationale werknemers, zien we dat zij, door de lange werktijden van hun ouders, die bovendien de Nederlandse taal soms onvoldoende machtig zijn, vaak een ontwikkelingsachterstand hebben als zij naar groep 1 van het primair onderwijs gaan. Dat vraagt op lokaal niveau om extra aandacht in de vorm van voor- en vroegschoolse educatie.

2. Doel en ambitie Doel • • • •

Talenten en potentie van internationale werknemers ten volste benutten door trainingen aan te bieden voor vakgericht werkzaamheden. Werkgevers ondersteunen tekorten in het aantal Nederlandse arbeidskrachten (tijdelijk) op te vangen. Stimuleren dat internationale werknemers zich in onze regio thuis voelen en hier graag blijven werken. Voorkomen dat er tussen de regiogemeenten in de regio concurrentie ontstaat om de inzet van internationale werknemers.

Ambitie • De Regio Arnhem-Nijmegen staat bekend als een aantrekkelijke regio waar internationale werknemers zich thuis voelen en zich kunnen ontwikkelen. • De kinderen van internationale werknemers worden in de vorm van voor- en vroegschoolse educatie voldoende ondersteuning geboden om zonder ontwikkelingsachterstand naar het primair onderwijs te gaan. 3. Wat gaan we realiseren? •

Onderzoeken mogelijkheden Learn @ Arnhem-Nijmegen Bedrijven hebben behoefte aan goed opgeleide internationale werknemers en zijn bereid hierin te investeren. Samen met werkgevers uit de regio wordt er geïnventariseerd aan welke kennis het internationale werknemers ontbreekt om zich verder te kunnen ontwikkelen en welke cursussen hiervoor kunnen worden gegeven en door wie. Doel is het vormen van een netwerk van bedrijven uit verschillende sectoren om samen een vliegwiel op gang te brengen. In dit netwerk kan ook de regionale app een rol spelen dat als platform kan fungeren waar vraag naar en aanbod van cursussen bij elkaar komen. De regiogemeenten hebben in het vormen van het netwerk een aanjagende rol door partijen bij elkaar te brengen en samenwerking te faciliteren.

•

Pilot Learn@ Arnhem-Nijmegen

31

Op basis van de inventarisatie wordt er een pilot Learn @ Arnhem-Nijmegen opgericht waar internationale werknemers met cursussen en training verder worden opgeleid. Op basis van de pilot en de ervaringen daarmee, kan het initiatief verder worden uitgebreid. 4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Communicatie en participatie: het feit dat internationale werknemers steeds hoger opgeleid zijn, betekent ook dat er een ander soort internationale werknemer in onze regio gaat wonen die zich hier wilt ontwikkelen en wellicht wilt vestigen. Dit kan het imago van de internationale werknemer verbeteren en de weerstand tegen huisvesting van internationale werknemers doen verminderen. • Kwaliteit en beheer van huisvesting: goede huisvesting is een belangrijke randvoorwaarde om high potential internationale werknemers naar de regio toe te trekken. Doordat internationale werknemers schaars worden, kunnen ze hogere eisen stellen aan de huisvesting. Om ervoor te zorgen dat internationale werknemers naar onze regio blijven komen, is een investering in kwalitatief goede en voldoende huisvesting noodzakelijk.

• Internationale werknemer centraal: door internationale werknemers verschillende soorten opleidingen te bieden, krijgen zij meer keuzevrijheid in waar ze zich in willen ontwikkelen, worden ze (nog) hoger opgeleid en zullen zij zelfstandiger in staat zijn hun weg in onze samenleving te vinden. Dit verhoogt de zelfredzaamheid van internationale werknemers waardoor zij ook minder afhankelijk worden van hun huisvester. 5. Partners Overheid • Gemeentes Ondernemers • Bedrijven • Huisvesters • Uitzendbureaus 6. Planning en mijlpalen • •

2024: Onderzoek naar mogelijkheden netwerk Learn @ Arnhem-Nijmegen 2024: Start pilot Learn@ Arnhem – Nijmegen

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

32

4. Communicatie en participatie

Bouwstenen

4.1 Communicatie en participatie 4.2 Kennisvermeerdering

• Internationale werknemers zijn een belangrijke motor voor de regionale economie in de regio Arnhem-Nijmegen. • Voor al deze internationale werknemers is er voldoende kwalitatieve huisvesting nodig. Huisvesting die er momenteel onvoldoende is. • Echter heeft de groep internationale werknemers een slecht imago door de overlast die soms ontstaat uit de slechte huisvesting. • Hierdoor zitten veel inwoners niet te wachten op de komst van huisvesting voor internationale werknemers in hun buurt / achtertuin (NIMBY-effect). • Hierdoor neemt het tekort aan goede huisvesting voor internationale werknemers verder toe. • Door het gebrek aan goede huisvesting concentreren internationale werknemers zich in gebieden waar wel nog betaalbare huisvesting te vinden is. • Hierdoor wordt het voor bepaalde groepen (o.a. starters, spoedzoekers, zorgdoelgroepen, mensen met een laag inkomen en internationale werknemers) lastiger om aan een betaalbare woning te komen. • Daarnaast geeft het gebrek aan huisvesting ruimte aan malafide partijen die woningen van slechte kwaliteit aan internationale werknemers aanbieden tegen hoge prijzen. • Het is daarom wenselijk om extra aandacht te besteden aan goede communicatie naar en participatie van stakeholders om voldoende huisvesting te kunnen realiseren.

• De gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen bevinden zich daarnaast allemaal in een andere fase in de ontwikkeling van een integrale aanpak huisvesting internationale werknemers: een verschillend tempo en een verschillende dynamiek. • Het dossier internationale werknemers is integraal en raakt veel beleidsvelden, waardoor het dossier vrij complex is. Het is daarom belangrijk dat gemeenten elkaar kunnen ondersteunen en van elkaar kunnen leren, om te voorkomen dat gemeenten het wiel steeds opnieuw uitvinden.

33

4.1 Communicatie en participatie van omwonenden 1. Urgentie •

Uit onderzoek van Nieuwsuur blijkt dat slechts 10% tot 15% van de huisvestingsinitiatieven voor internationale werknemers daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Een veelvoorkomende reden voor dit lage percentage is weerstand vanuit omwoners en de gemeenteraad. • Doordat er onvoldoende geschikte huisvesting beschikbaar is voor internationale werknemers komen zij regelmatig te wonen in andere onderkomens. Sommige internationale werknemers leven in ondermaatse, verloederde huisvesting met weinig faciliteiten, waarvoor ze veel geld moeten betalen. Daarnaast leidt slechte huisvesting soms tot extra overlast, waardoor het imago nog verder meer verslechtert. • Werken aan een goede communicatie met bewoners en de Raad en werken aan een goed imago van de internationale werknemer in de regio heeft meerdere voordelen. Om aan de vraag naar internationale werknemers te kunnen voldoen, is goede huisvesting noodzakelijk. 1) nieuwe huisvesting wordt sneller gerealiseerd wanneer het imago van de internationale werknemer verbeterd wordt.

2) nieuwe huisvesting voor internationale werknemers wordt sneller gerealiseerd wanneer de regiogemeenten kennis delen over hoe bewoners en de Raad goed in het proces meegenomen kunnen worden, 3) voldoende en kwalitatief goede huisvesting verbetert het imago van de regio als werkgever waardoor de regio genoeg internationale werknemers kan aantrekken om te voldoen aan de vraag van de ondernemers. Zeker gezien het feit dat de gekwalificeerde internationale werknemer schaars wordt, is het van economisch belang dat internationale werknemers naar de regio blijven komen. 2. Doel en ambitie Doel • • •

De internationale werknemer heeft een verbeterd imago en wordt niet langer geassocieerd met overlast. Omwonenden zijn beter geïnformeerd over de situatie van internationale werknemers en de realisatieplannen voor de huisvesting. Dit leidt tot meer wederzijds begrip. Door goede communicatie met de buurt neemt de weerstand tegen de komst van internationale werknemers af.

Ambitie • Het realiseren van voldoende kwalitatieve huisvesting voor internationale werknemers in de regio stuit niet meer op groot verzet van omwonenden en de gemeenteraad vanwege het verbeterde imago van de internationale werknemer en goede participatie van betrokkenen bij de realisatie van de plannen richting de buurt. Hierdoor wordt huisvesting voor internationale werknemers sneller gerealiseerd. • De regio Arnhem-Nijmegen staat internationaal bekend als een goede werkgever waar internationale werknemers goed gehuisvest worden. Hierdoor worden er voldoende gekwalificeerde internationale werknemers aangetrokken die het tekort aan Nederlandse arbeidskrachten opvangen en onze bedrijven in staat stelt om te groeien. 3. Wat gaan we realiseren? •

Versterken imago internationale werknemers Onbekend maakt onbemind. Het slechte imago van internationale werknemers komt vaak voort uit onwetendheid. Het is daarom van belang dat mensen elkaar leren kennen. Op de volgende manieren wordt er gewerkt aan het versterken van het imago van de internationale werknemer (het beleid van Horst en Maas dient als voorbeeld voor de regionale uitrol): o Open dagen

34

In verschillende regiogemeenten bestaan goede voorbeelden van kwalitatief goede huisvesting van internationale werknemers. Verblijfsbieders in de regio hebben ook aangegeven dat zij graag hun deuren open zetten voor geïnteresseerden om hen te laten zien hoe internationale werknemers wonen. Omwonenden kunnen met eigen ogen zien hoe het er qua huisvesting aan toe gaat en kunnen kennismaken met hun buren. Op deze manier ontstaat er meer wederzijds begrip tussen verblijfsbieder, internationale werknemers en omwonenden. Het doel is om elk jaar in elke gemeente tenminste één open dag te organiseren. Er wordt onderling afgestemd om tot een dag in het jaar te komen onder de noemer: Ken je buren. o

Voorlichtingscampagne (stichting Ontmoet de Arbeidsmigrant) De term ‘internationale werknemer’ roept bij iedereen een ander beeld op en wordt vaak gebruikt om een heel grote groep onder te scharen, waardoor men soms vergeet dat het om mensen met een eigen persoonlijkheid gaat. Om ‘de internationale werknemer’ een gezicht te geven, wordt er gestart met regionale voorlichtingscampagnes om meer bewustwording en acceptatie te creëren rondom internationale werknemers: wie zijn deze mensen, waar komen ze vandaan en wat betekenen zij voor onze economie? Door mensen gericht te informeren over internationale werknemers en hun meerwaarde voor onze maatschappij, wordt hun acceptatie en appreciatie vergroot. Dit kan bijvoorbeeld door korte films te maken of interviews te voeren en deze mee te nemen in de gemeentelijke communicatie. Het is hierbij goed mogelijk om aan te sluiten bij Stichting Ontmoet de Arbeidsmigrant die zelf campagnemateriaal ontwikkelt. Hierdoor geven de regiogemeenten werk uit handen en sluiten ze aan bij een campagne die ook de provincie Gelderland ondersteunt. Het enige nadeel is dan wel dat de campagne de term ‘arbeidsmigrant’ voert en de regio de term ‘internationale werknemer’. Hierover zal het gesprek moeten worden gevoerd.

•

Participatiehandreiking Op basis van de kennis en expertise die de regiogemeenten met elkaar delen via een online kennisbank (zie 4.2), kan er worden gekozen om een participatiehandreiking richting bewoners en raadsleden te ontwikkelen. Deze handreiking kan dan voor initiatiefnemers van huisvesting en individuele gemeentes als leidraad fungeren voor het betrekken van bewoners en raadsleden bij het initiatief.

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Kennisvermeerdering: goede communicatie leidt niet alleen tot kennisvermeerdering bij gemeenten, maar ook bij inwoners. • Voldoende huisvesting binnen de regio: een verbeterd imago van de internationale werknemer en goede communicatie versnellen mogelijk de realisatie van huisvesting voor internationale werknemers. • Internationale werknemers centraal: een verbeterd imago verkleint de vooroordelen die men kan hebben over internationale werknemers. Het wegnemen van dit vooroordeel kan een positieve invloed hebben op de mentale gesteldheid van internationale werknemers en hun gevoel van veiligheid in de regio. 5. Partners

35

Overheid • Gemeentes (afdeling Economie, Communicatie) Ondernemers • Werkgevers / inleners • Huisvesters • Uitzendbureaus • Stichting Ontmoet de internationale werknemer Inwoners / omwonenden 6. Planning en mijlpalen • 2022: Organisatie eerste open dagen • 2022: Start voorlichtingscampagne • 2023: Participatiehandreiking opgesteld 7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

36

4.2 Kennisvermeerdering 1. Urgentie •

Op veel gebieden werken de regiogemeenten al samen en wordt er kennis en ervaringen uitgewisseld, echter bestaat er in de regiogemeenten een behoefte aan een hulpfunctie om ingewikkelde lokale zaken te implementeren. Te denken valt aan het omgaan met nieuwe vergunningsaanvragen, het ontwikkelen van beleidskaders of het betrekken van de Raad en bewoners in de besluitvorming. Voor de gemeenten zijn dit unieke processen en dus ook foutgevoelig. • In de regio is de kennis op dit dossier momenteel versnipperd, waardoor gemeenten het gevoel hebben telkens hetzelfde wiel opnieuw uit te moeten vinden. • Tegelijkertijd bezitten de regiogemeenten veel kennis en ervaring waar andere gemeenten in de regio de vruchten van kunnen plukken. Zo heeft Overbetuwe ervaring met pilots voor geconcentreerde initiatieven en heeft Rheden spreidingscriteria voor huisvesting in de kern. • Door intensievere kennisdeling tussen gemeenten in de regio, wordt er voorkomen dat elke gemeente opnieuw het wiel uitvindt. 2. Doel en ambitie Doel • •

Kennis, ontwikkelingen en ervaringen op het dossier internationale werknemers worden vrij met elkaar gedeeld en zijn te allen tijde beschikbaar. Gemeenten leren van elkaar en ondersteunen elkaar en komen zo tot slimmere oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Gemeenten hoeven niet elke keer hetzelfde wiel uit te vinden.

• Ambitie • Een regio die elkaar versterkt, tot innovatieve oplossingen komt en daardoor tot de koplopers in Nederland behoort. 3. Wat gaan we realiseren? •

Digitale kennisbank De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen ondersteunt het samenwerkingsverband tussen de deelnemende gemeenten. Dit platform is daarom uiterst geschikt om als spin in het web informatie te verzamelen en toegankelijk te maken in een kennisbank, naar voorbeeld van het kenniscentrum arbeidsmigranten. De kennisbank biedt een actuele online database van beschikbare regionale kennis over en ervaring met alle aspecten die te maken hebben met het dossier internationale werknemers. Betrokken gemeenteambtenaren kunnen een toegang krijgen tot deze afgeschermde website. Op deze website is alle informatie beschikbaar: van best practices, informatie over aantallen internationale werknemers en huisvestingslocaties, meldingen over overlast en standaard formulieren. Het expertisepunt participatie kan ook onderdeel zijn van de digitale kennisbank. De kennisbank kan een uitgebreide en beveiligde website worden, maar kan ook bestaan uit een digitale omgeving (in de Cloud) waar gemeenteambtenaren gezamenlijk toegang tot hebben.

Expertisepunt participatie Een speciaal onderdeel van de kennisbank wordt ‘een expertisepunt participatie’ waar regiogemeenten ervaringen over participatietrajecten voor omwonenden en raadsleden met elkaar delen en zo samen (wellicht ook met medewerking van marktpartijen) expertise te ontwikkelen over hoe participatie het beste kan worden geregeld rond nieuwe huisvestingsinitiatieven. Voor het ontwikkelen van het Expertisepunt kan er met het Rijk en de

37

Provincie onderzocht worden hoe de regio een proven technology voor effectieve communicatie en participatie kan ontwikkelen. •

Regionaal expertiseteam De regiogemeenten van de regio Rivierenland verkennen samen met de provincie Gelderland de mogelijkheden voor het opzetten van een regionaal expertiseteam. Het expertiseteam helpt lokaal en op maat gemeenten bij de aanpak, en voorkomt dat voor de hand liggende fouten worden gemaakt in bijvoorbeeld de vergunningverlening of de communicatie richting de Raad of buurtbewoners. De regiogemeenten van Arnhem-Nijmegen sluiten zich bij het regionaal expertiseteam aan.

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Registratie en informatie: kennisvermeerdering kan tot aanvullende inzichten leiden in de aantallen internationale werknemers die in de regio wonen en werken. • Voldoende aanbod binnen de regio: kennisvermeerdering kan leiden tot nieuwe/innovatie huisvestingsoplossingen. • Controle en handhaving: kennisvermeerdering kan de controle en handhaving versterken doordat iedere gemeente dezelfde kennis in huis heeft en zo een waterbedeffect wordt voorkomen • Internationale werknemer centraal: kennisvermeerdering kan leiden tot aanvullende inzichten over wat internationale werknemers in de regio nodig hebben en/of waar zij tegenaan lopen. 5. Partners Overheid • Gemeenten Arnhem-Nijmegen en Rivierenland • Regio Arnhem-Nijmegen • Regio Rivierenland 6. Planning en mijlpalen • •

2022: Digitale kennisbank opgezet 2023: Expertisepunt participatie opgezet als onderdeel van kennisbank

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

38

5. Controle en handhaving Bouwsteen

5.1 Controle en handhaving 5.2 Een gezamenlijke vuist tegen malafide partijen

• Sommige internationale werknemers leven in ondermaatse, verloederde huisvesting met weinig faciliteiten, waarvoor ze veel geld moeten betalen. • In het geval van overlast en sociale problemen wordt vaak de wijkagent ingeschakeld. De ervaring leert dat dit bij internationale werknemers, gezien hun ervaringen met de wijze waarop in het thuisland de politie optreedt, vaak niet goed werkt. Gemeenten kunnen voor bemiddeling beter sleutelpersonen inzetten die bekend zijn bij en met internationale werknemers. • Handhaving en controle (toezicht) is op dit moment versnipperd in Nederland: het rijk is verantwoordelijk voor de werkvloer (SZW), de gemeente voor de huisvesting. Belastingdienst, UWV en SVB gaan over belastingen en premies, maar ook de NVWA, de politie en de boa’s hebben een rol. Daarnaast wordt de naleving van cao’s gemonitord en is er privaat georganiseerde toezicht op de SNF en AKF keurmerken. • Daarnaast vormt de regio samen een waterbed wat inhoudt dat als de ene gemeente streng handhaaft en de ander niet, malafide partijen verhuizen naar de gemeente waar zij nog de meeste ruimte krijgen. • Op deze manier wordt het probleem niet opgelost, maar alleen verplaatst.

39

5.1 Controle en handhaving 1. Urgentie • Het stellen van kwaliteits- en beheereisen heeft weinig zin, als deze niet gecontroleerd en gehandhaafd kunnen worden. • Wanneer de regiogemeenten, de controle en handhaving zo veel mogelijk regionaal gaan oppakken, maken we een gezamenlijke vuist tegen malafide partijen en voorkomen we zoveel mogelijk de negatieve effecten van een waterbed (malafide partijen verplaatsen zich naar de gemeente die het minst geregeld heeft). 2. Doel en ambitie Doel • •

Efficiënte controle en handhaving op ongewenste situaties te beëindigen en te voorkomen Voldoende capaciteit voor controle en handhaving in de regio om waterbedeffect te voorkomen

Ambitie • Door naleving van de wettelijke eisen en de regionale norm ( SNF) een veilige woonsituatie voor alle internationale werknemers, met onder andere als gevolg minder overlast en meer welzijn. 3. Wat gaan we realiseren? •

Handhavingsstrategie De regiogemeenten stellen een duidelijk plan op waarin alle belangrijke data en gegevens samenkomen om dubbel werk te voorkomen, elkaar niet te verrassen en een waterbedeffect te minimaliseren. Welke locaties zijn in beeld, klopt het aantal registraties dat bekend is op een adres? Wanneer vindt voor bestaande adressen de her-controle plaats en wanneer worden nieuwe adressen voor het eerst gecontroleerd? Hoe vaak vindt controle plaats? Zijn er meldingen waardoor extra gehandhaafd moet worden? Welke afspraken zijn gemaakt en welke voorwaarden zijn opgelegd (bijv. in het kader van de verhuurdersvergunning).

•

Uitvoeringsplan De regiogemeenten stellen met elkaar een uitvoeringsplan op waarbij de taken en verantwoordelijkheden voor uitvoering bij de individuele gemeenten blijven liggen. In het uitvoeringsplan wordt met elkaar regionaal afgesproken hoe vaak gecontroleerd wordt en wanneer welke locaties in beeld komen. Bijvoorbeeld kunnen avondcontroles worden ingepland waarbij in elke gemeente één keer per maand ca 5 á 10 locaties bezocht worden. Dit om situaties in strijd met bestemmingsplan of bouwbesluit op te sporen maar ook om zichtbaar te worden richting eigen bewoners. Tijdens de avondcontroles wordt contact met buren opgenomen om signalen op te vangen, wordt het aantal op de locatie aanwezige bewoners in kaart gebracht en wordt gehandhaafd waar nodig: d.m.v. een dringend verzoek om situatie op te lossen, last onder dwangsom of last onder bestuursdwang bij een ernstige overtreding die niet direct opgelost kan worden. Ook het uitvoeringsplan heeft als doel om dubbel werk te voorkomen, elkaar niet te verrassen en een waterbedeffecten te minimaliseren.

•

(Sub) regionaal handhavings- en controleteam (optioneel) Gemeentes die geïnteresseerd zijn, kunnen met elkaar een (sub) regionaal handhavings- en controleteam inrichten waarvan gezamenlijk gebruik gemaakt kan worden om kosten te

40

besparen, efficiëntie te verhogen en kennis op te bouwen. Dit team zal bestaan uit alle benodigde expertise (ODR, politie, brandweer, milieutoezicht, BRP, veiligheid, handhaving) en wanneer gewenst op oproepbasis een BRP deskundige of handhavingsjurist. De gemeentes zelf gaan over de inzet van het team, maar er wordt gebruik gemaakt van een gezamenlijke pool. Het regionale team kan worden ingezet op momenten die worden vastgesteld in de handhavingsstrategie en bij acute (spoed-)gevallen. •

Aansluiten infoplein Regionaal Informatie- en Expertisecentrum: RIEC De regio sluit zich aan bij het infoplein RIEC. Het RIEC richt zich op de bestrijding van ondermijnende (georganiseerde) criminaliteit.

•

Aansluiten Landelijke Stuurgroep Interventieteams: LSI Daarnaast sluit de regio zich aan bij de LSI. Dit is ook een samenwerking van verschillende overheidspartijen en richt zich op de projectmatige aanpak van verschillende vormen van sociale zekerheidsfraude en criminaliteit. Aansluiting bij de LSI betekent automatisch aansluiting bij de Inspectie SZW (‘de arbeidsinspectie’).

•

(Sub) regionale huisvestingsverordening (zie 5.2) De regiogemeenten stellen een (sub) regionale huisvestingsverordening in waarin zij opnemen welke stappen er ondernomen moeten worden voordat een woning aan de woningvoorraad wordt onttrokken, ook kan hierin de ambitie en het streven van de regiogemeenten verankerd worden dat huisvesting internationale werknemers speciale aandacht heeft.

•

Regionale verhuurdersvergunning (zie 5.2) Alle regiogemeenten richten een verhuurdersvergunning in, waarmee de facto een regionale verhuurdersvergunning wordt ingesteld.

•

Regionaal beleidsregels handhaving digitaal nachtregister Voor de handhaving van het digitaal nachtregister is het aan te raden dat de regiogemeenten een beleidsregel handhaving digitaal nachtregister instellen.

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Registratie en informatie: Als het vanuit privacy wetgeving mogelijk gemaakt kan worden, is een uitwisseling van BRP registraties met het controle- en toezichtteam een belangrijke bron van informatie. Hierdoor kan meer zicht worden gekregen op locaties met (mogelijk) onwenselijke situaties. • Kennisvermeerdering: structurele gegevensuitwisseling om controle en toezicht te verbeteren leidt tot meer kennis die op zijn beurt weer gedeeld kan worden. • Voldoende aanbod huisvesting in de regio: De kwaliteits- en beheereisen voor huisvesting kunnen worden gecontroleerd. • Regionale samenwerking: Naast kennisdeling vindt afstemming plaats op het gebied van controle en toezicht, en worden er gezamenlijke capaciteiten ingezet om een efficiency slag te realiseren. 5. Partners

41

Overheid • Gemeentes • Andere organisaties met (deels) toezichthoudende functie: Arbeidsinspectie van het ministerie SZW, Belastingdienst, Politie, Brandweer, Regionaal Informatie- en Expertise Centrum, de Landelijke Stuurgroep Interventieteams4 (LSI) van VNG en andere betrokken partijen. Ondernemers Overig: • SNF • Control Union Certifications, SGS Nederland 6. Planning en mijlpalen • • • •

2022: Aansluiting bij RIEC en LSI 2023: Afstemming over gezamenlijk handhavingsstrategie en uitvoeringsplan 2023: Regionale beleidsregel handhaving digitaal nachtregister 2024: Regionaal handhavings- en controleteam

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

42

5.2 Een gezamenlijke vuist tegen malafide partijen 1. Urgentie • De regiogemeenten vormen samen een waterbed wat inhoudt dat malafide partijen naar de gemeente vetrekken waar zij nog de meeste ruimte krijgen. • Hierdoor verplaatst het probleem van slechte huisvesting voor internationale werknemers zich en wordt het niet opgelost. • Daarom gaan de regiogemeenten zoveel mogelijk dezelfde juridische instrumenten inzetten om malafide partijen te weren en de kwaliteit van huisvesting in de regio te bevorderen. • De inzet van zoveel mogelijk uniforme juridische instrumenten beheerst de negatieve effecten van het waterbed, weert malafide partijen en waarborgt de kwaliteit van huisvesting in de gehele regio. ook minimaliseert het de ‘aanzuigende’ werking voor gemeente die goede huisvesting hebben gerealiseerd, omdat in de gehele regio goede huisvesting aanwezig is. Ook creëert het een ‘gelijk speelveld’ voor partijen die nieuwe huisvesting in de regio willen realiseren. 2. Doel en ambitie Doel • Negatieve effecten waterbed voorkomen. • Aanzuigende werking minimaliseren. • Kwaliteit huisvesting internationale werknemers in de gehele regio bevorderen. Ambitie • De regiogemeenten hebben malafide partijen die internationale werknemers onder slechte omstandigheden huisvesten zijn uit de regio gezet omdat zij geen voet aan de grond krijgen. 3. Wat gaan we realiseren? •

Uniforme kwaliteits- en beheereisen (zie 1.1) De regiogemeenten stellen uniforme kwaliteits-en beheereisen waar nieuwe huisvestinginitiatieven voor tijdelijke internationale werknemers aan moet voldoen. Door hoge uniforme eisen te stellen, kunnen partijen die internationale werknemers onder lagere standaarden willen huisvesten geen nieuwe huisvesting meer realiseren.

•

(Sub) regionale huisvestingsverordening Er wordt op (sub)regionale schaal een huisvestingsverordening opgesteld waarin een aantal spelregels worden opgenomen waaraan moet worden voldoen om in aanmerking te komen voor een betaalbare (huur)woning. Het biedt een kader voor verdeling en behoud of samenstelling van woonruimten voor de respectievelijke subregio. Iedere gemeente in de subregio mag daarnaast zelf bepalen welke onderdelen van de Regionale huisvestingsverordening in de betreffende gemeente van toepassing zijn. Daarnaast mag iedere gemeente de regels nader uitwerken.

•

Regionale verhuurdersvergunning Een verhuurdersvergunning is een relatief nieuw instrument dat gemeenten kunnen inzetten om op de kwaliteit van bestaande verkamerde eenheden toe te zien. Omdat geen enkele regiogemeente dit instrument nog gebruikt, wordt er een regionale verhuurdersvergunning ontwikkeld. De volgende eisen worden aan een verhuurdersvergunning gesteld:

43

o

o o o o

o

o o

o o o o

Wanneer de verhuurder, de huisvesting verhuurt aan internationale werknemers voldoet de huisvesting minimaal aan de kwaliteitseisen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten (Roemernorm) en beschikt huisvesting over een eigen slaapkamer van minstens 5,5 m2 per woonachtige internationale werknemer. In het geval een internationale werknemer een duurzame relatie onderhoudt met een andere internationale werknemer, kan een slaapkamer gedeeld worden. Huisvesting beschikt over minimaal 15m2 gebruiksoppervlak (leefoppervlak) per internationale werknemer. Huisvesting voldoet minimaal aan de meest actuele vereisten van het Keurmerk Stichting Normering Flexwonen (SNF). Wanneer van toepassing, moet de huisvester en de locatie zijn aangesloten bij- en gecertificeerd zijn door SNF; Huurders krijgen wanneer de werkgever eigenaar is van de woning altijd een zelfstandig huurcontract, los van het arbeidscontract, met een opzegtermijn voor de verhuurder van minimaal één maand. Indien de verwachting is dat het verblijf korter dan vier maanden zal zijn, dan volstaat een huurcontract ‘naar aard van korte duur’ met een opzegtermijn van minimaal 2 weken.

Per complex zijn faciliteiten aanwezig afhankelijk van en passend bij de aard en omvang van de locatie, zoals de voorziening in levensmiddelen, voldoende capaciteit voor opslag en verwerking van afval, voldoende gelegenheid voor ontspanning en sport en spel (zoals internet, TV, tafelvoetbal en fitness). Daarnaast is ook afhankelijk van en passend bij de aard en omvang van de locatie, voldoende buitenruimte beschikbaar (zoals een trapveldje, barbecue- en zitmogelijkheden); Huisvesting voldoet aan eisen lokaal omgevingsplan en Besluit bouwwerken leefomgeving;; Woonruimte moet beschikken over huis- en gedragsreglement inclusief veiligheid en belangrijke telefoonnummers of websites in de taal van de aanwezige bewoners en welke op een goed zichtbare plaats wordt opgehangen; Verblijfsplaatsen mogen per etmaal niet aan twee verschillende huurders verhuurd worden; De verhuurder stelt een vast aanspreekpunt aan voor de bewoners, gemeente, hulpdiensten en omwonenden. Verhuurder houdt een digitaal nachtregister bij voor bewoners die korter dan 4 maanden in de woning verblijven. Verhuurder wijst bewoners op hun plicht zich bij een verblijf van langer dan 4 maanden, in te schrijven in de BRP.

Deze eisen komen waar van toepassing overeen met de uniforme kwaliteitseisen die gesteld worden aan nieuwe huisvestingsinitiatieven voor internationale werknemers. Een verhuurdersvergunning is echter van toepassing op alle verkamerde woningen en niet alleen de woning waar internationale werknemers worden gehuisvest. De verhuurdersvergunning is daarmee een tool om de kwaliteit van huisvesting in verkamerde eenheden in het algemeen te verbeteren. Een verhuurdersvergunning kan worden ingesteld door het wijzigingen van de APV. •

Onderzoek naar regionale instrumenten

44

De regiogemeenten gaan onderzoeken welke andere instrumenten wenselijk om regionaal in te zetten. Er kan gedacht worden aan een exploitatievergunning voor kamerverhuur zoals Arnhem, Rheden en Nijmegen bijvoorbeeld inzetten of andere best practices uit de regio.

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Registratie en informatie: Als het vanuit privacy wetgeving mogelijk gemaakt kan worden, is een uitwisseling van BRP registraties met het controle- en toezichtteam een belangrijke bron van informatie. Hierdoor kan meer zicht worden gekregen op locaties met (mogelijk) onwenselijke situaties. • Communicatie en participatie: structurele gegevensuitwisseling om controle en toezicht te verbeteren leidt tot meer kennis die op zijn beurt weer gedeeld kan worden. • Kwaliteit en beheer van huisvesting: De kwaliteitsnormen voor huisvesting worden gecontroleerd. • Regionaal samenwerking: Naast kennisdeling vindt afstemming plaats op het gebied van controle en toezicht, en worden er gezamenlijke capaciteiten ingezet om een efficiency slag te realiseren. 5. Partners Overheid • Gemeentes 6. Planning en mijlpalen • 2022: Vasstellen uniforme kwaliteits- en beheereisen (vaststellen beleidskader) • 2022: Vaststellen handelingsperspectief • 2024: Instellen (sub) regionale huisvestingsverordening • 2024: Invoeren verhuurdersvergunning 7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

45

6. Regionale samenwerking Bouwstenen

6.1 Governance: organisatiestructuur 6.2 Monitoring en beleidsmatige rapportages 6.3 Regionaal handelingsperspectief

• De gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen bevinden zich allemaal in een andere fase in de ontwikkeling van een integrale aanpak huisvesting internationale werknemers: een verschillend tempo en een verschillende dynamiek. • Het urgentiebesef van de problematiek is echter in elke gemeente aanwezig, maar nog niet alle gemeenten hebben beleid opgesteld (registratie, kwaliteit huisvesting, handhaving, sociaal domein etc.); mede omdat goede informatie ontbreekt over aard en omvang van het probleem. • In 2020 hebben de regiogemeenten de ‘startnotitie internationale werknemers’ vastgesteld en daarmee groen licht gegeven om regionale uitgangspunten te formuleren voor een regionaal beleidskader internationale werknemers dat handvatten biedt om lokaal beleid goed te helpen uitrollen en een waterbedeffect in de regio te voorkomen. Een regionaal beleidskader vraagt ook om een intensieve en afgestemde samenwerking. • Om dit een goede en slagvaardige vorm te geven en ook de samenhang tussen de onderdelen (bouwstenen) te versterken, is er behoefte aan een lichte governance structuur. • Goede en structurele monitoring zorgt ervoor dat de inhoud van de verschillende beleidsplannen (vastgesteld of in ontwikkeling) actueel, bekend en gedragen blijft.

• Het regionaal handelingsperspectief biedt de regiogemeenten handvatten om de vooropgestelde doelen te bereiken door concrete instrumenten en de verantwoordelijke partijen te benoemen en afspraken die regiogemeenten samen maken te presenteren.

46

6.1 Governance: organisatiestructuur 1. Urgentie •

Op dit moment bestaat er nog een lichte governance structuur bestaande uit een ambtelijke werkgroep en een bestuurlijke stuurgroep die samen richting geven aan het beleidskader. • Gezien het grote aantal gemeenten dat de regio Arnhem-Nijmegen rijk is, is het gewenst om de governance structuur uit te breiden zodat het beleidskader gedragen blijft. • Het opstellen van een lichte governance structuur schept duidelijkheid en voorkomt zoveel mogelijk een extra onnodige overheidslaag. Door ook onderwijspartijen en ondernemers in de samenwerking op te nemen, kunnen sommige taken bij deze partners belegd worden waardoor niet alles op de borden van de gemeenten terecht komt. 2. Doel en ambitie Doel • •

•

Het gezamenlijke doel is om een lichte governance structuur op te zetten waarin plaats is voor bestuurlijke en ambtelijke afstemming omtrent de huisvesting van internationale werknemers. Hierbij moeten alle partners een plek (kunnen) krijgen om vanuit een triple helix (een model voor het kijken naar en het sturen op innovatie in de kenniseconomie) perspectief te komen tot gezamenlijke afspraken (convenant) De governance moet zorgen voor meer afstemming in de regio door elkaar op de hoogte te houden van ontwikkelingen, waar gewenst gezamenlijke activiteiten aan te jagen, en de uitvoering van het individuele beleid te coördineren.

Ambitie • Afgestemd regionaal beleid voorkomt dat er een waterbedeffect ontstaat en zorgt voor een betere woon- en leefomgeving voor alle inwoners van de regio. 3. Wat gaan we realiseren? •

Samenwerking intensiveren met provincie Gelderland De regiogemeenten gaan met de provincie na welke rol de provincie Gelderland zou kunnen spelen in het ondersteunen van de regio in het behalen van de ambitie. Door het betrekken van de provincie wordt de samenwerking tussen de regio en de provincie geïntensiveerd.

•

Samenwerking met Duitsland Vanuit de structurele contacten die subregio Liemers met de Duitse partners in Emmerich heeft, wordt verkend in hoeverre er wederzijds behoefte is aan structurele afstemming c.q. overleg. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld kennisuitwisseling.

•

Inrichting van een lichte governance structuur De regiogemeenten gaan de bestuurlijke stuurgroep en de ambtelijke werkgroep die momenteel de organisatie van het regionaal beleidskader vormen, formaliseren en uitbreiden. Vanwege het groot aantal gemeenten die samen de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen vormen, is dit wenselijk zodat alle regiogemeenten goed aangehaakt blijven. De stuurgroep wordt uitgebreid van 3 naar 6 bestuurders (twee bestuurders per subregio). De stuurgroep komt eenmaal per maand bijeen om de stand van zaken te bespreken. Per bouwsteen van het uitvoeringsprogramma wordt er een projectgroep georganiseerd die de uitvoering van de maatregelen van de desbetreffende bouwsteen onder hun hoede neemt. Een projectgroep bestaat uit een team specialisten uit de verschillende regiogemeenten. In de projectgroepen kunnen ook partners uit de triple helix meegenomen worden, zoals

47

vertegenwoordigers van uitzendbureaus bij het speerpunt voldoende aanbod van goede kwaliteit. De projectgroep opereert onder leiding van een ambtelijk trekker. De ambtelijke trekkers van de bouwstenen vormen samen met een regionale regisseur, die de ontwikkelingen op regionaal niveau aanjaagt, de coördinerende werkgroep. . De regio moet zelf nagaan in hoeverre deze lichte governance structuur belegd kan worden bij de Regio Arnhem-Nijmegen of dat er een apart vehikel opgetuigd wordt. Binnen de governance structuur zou het mogelijk moeten zijn om bepaalde sub opdrachten bij andere regionale werkgroepen te beleggen (zoals werkgroep economie, communicatie of handhaving). Vanwege de integrale aanpak is samenwerking met andere afdelingen/teams noodzakelijk. •

Aanstellen regionale regisseur De regiogemeenten gaan onderzoeken in hoeverre er regionale capaciteit vrijgemaakt kan worden voor het aanstellen van een regionale regisseur die fungeert als het vaste aanspreekpunt in de regio en die ontwikkelingen op regionaal niveau aanjaagt. De regionale regisseur stuurt de coördinerende werkgroep aan en ondersteunt ambtelijk in de uitvoering van de bouwstenen. Op deze manier wordt de werkdruk op de gemeente ambtenaren verlicht en zitten er regionaal iemand constant op dit onderwerp.

•

Aanjaagteam De overheden kunnen de ambitie niet alleen waarmaken, daar hebben zij de marktpartijen voor nodig. Naast het bestuurlijke overleg komt er daarom een Aanjaagteam waarin vertegenwoordigers van de (beoogde) partners van het convenant een plek krijgen: vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven zoals werkgevers van internationale werknemers (agrariërs, logistieke ondernemers,…),uitzendbureaus, verblijfsbieders enz. Het Aanjaagteam komt regelmatig bij elkaar om gezamenlijk de uitvoering van het plan van verdere input te voorzien. Een belangrijk eerste prioriteit van het Aanjaagteam is het opstellen van criteria waar nieuwe locaties aan moeten voldoen en die gebruikt worden in de locatiescan van het Kadaster. De ambitie is om snel (Q2 2022) met het Aanjaagteam te starten.

•

Monitoring Over de gezamenlijke (beleids-)inspanning wordt regelmatig gerapporteerd ( zie 6.2).

•

Convenant De regiogemeenten willen samen met elkaar, de regio, werkgevers, uitzendbureaus en verblijfsbieder een convenant afsluiten over huisvestingsvraagstukken. Onderwerpen die in het convenant worden meegenomen zijn: o Afspraken over de registratie: inschrijving – en uitschrijving o Verblijfsbelasting (digitaal nachtregister) o Communicatie en participatie o Kwaliteits- en beheerseisen o Geschillenregeling o …

4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten:

48

•

De bouwsteen hangt met alle andere speerpunten samen door de structuur te bieden waarbinnen de uitvoering plaatsvindt. Tevens is er een rol in de verantwoording en het betrekken van de triple helix. 5. Partners Overheid • Gemeenten Ondernemers • Uitzendbureaus • Bedrijfsleven (werkgevers van internationale werknemers) • Maatschappelijke organisaties 6. Planning en mijlpalen • 2022: Akkoord over inrichting governance • 2022: Uitbreiden werkgroep • 2022: Uitbreiden stuurgroep • 2022: Aanstellen regionale regisseur • 2022: Inrichting Aanjaagteam • 2022: Sluiten convenant • 2022: Sluiten handelingsperspectief • 2023: Oprichten projectgroepen incl. externe partners • 2023: Begin uitvoering en verantwoording vanuit governance • Vanaf 2024: Jaarlijkse beleidsrapportage 7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

49

6.2 Monitoring en beleidsmatige rapportages 1. Urgentie •

Een regionale monitor heeft een groot voordeel. Zo blijven gemeenten van elkaar op de hoogte wat er speelt, worden verrassingen voorkomen, kan er tijdig worden bijgestuurd en kunnen gemeenten van elkaars ervaringen leren. Daarnaast kan de monitor ook helpen om het draagvlak in de raad te vergroten omdat zowel de effecten van de regionale samenwerking als de meerwaarde van de inzet van internationale werknemers in kaart worden gebracht. Hierdoor kunnen nieuwe initiatieven voor huisvesting wellicht sneller gerealiseerd worden.

2. Doel en ambitie Doel • • •

Goede monitoring van de actuele ontwikkelingen in elke gemeente, met name voor wat betreft vergunningen (+ aanvragen), bekende huisvestingslocaties, aantallen internationale werknemers, meldingen van overlast. Gemeenten zijn op de hoogte van elkaars beleid en recente ontwikkelingen op dit dossier. De regio kan tijdig inspelen en sturen op ontwikkelingen die in de individuele gemeenten spelen. Dit voorkomt verrassingen.

Ambitie • Een regio die van elkaar leert, tijdig kan bijsturen en niet steeds hetzelfde wiel uitvindt. 3. Wat gaan we realiseren? •

Uitvoeren nulmeting Ter ijking van de monitoring, wordt er een nulmeting uitgevoerd van de streefwaarden, de economische sleutelindicatoren en de brede welvaart in de regio.

•

Monitoring, beleidsmatige rapportages en sturing Om de voortgang van de regionale samenwerking te meten en input te genereren voor het regelmatig bijstellen van de agenda op basis van behaalde successen wordt een monitoringssysteem opgezet dat in de loop van de uitvoering ten minste de volgende aspecten zal volgen: o Voortgang beoogde resultaten (output); o Voortgang uitvoering programmalijnen (samenwerking); o Economisch en maatschappelijk effect (impact). Het gaat dus niet alleen om de concrete uitvoering van de projecten en de daaraan verbonden streefwaarden, maar ook om de behaalde effecten op de economische vitaliteit (economische impactmonitor) en de brede welvaart in de regio (maatschappelijke impactmonitor). Het voorstel is om de monitoring op drie niveaus uit te voeren. 1. Uitvoering/output: worden de afgesproken projecten goed en op tijd uitgevoerd? 2. Samenwerking: hoe verloopt de samenwerking, waar zitten de eventuele knelpunten? 3. Impact: wat is het effect van de regionale samenwerking (te denken valt aan het aantal preferente partners die het convenant hebben ondertekend; het aantal internationale werknemers dat staat ingeschreven in het digitaal nachtregister, BRP en RNI; de hoogte van de geïnde verblijfsbelasting; het aantal meldingen van overlast etc.).

50

De samenwerking zal aan de hand van een periodieke enquête (jaarlijks) worden gemeten. Voor de uitvoering en impact zal er gebruikt worden gemaakt van verschillende indicatoren die zullen worden vastgesteld door de werkgroep. Te denken valt aan de volgende indicatoren voor de output en impact: o Aantal inschrijvingen RNI, BRP, Digitaal Nachtregister o Hoogte inning verblijfsbelasting o Aantal preferente partners verbonden via het convenant o Aantal vergunningsaanvragen huisvesting internationale werknemers o Aantal overlastmeldingen o Aantal internationale werknemers die de enquête invullen o Aantal personen die gebruikmaken van de regionale app o Rapportcijfer tevredenheid eigen leven o Ervaren gezondheid o Gemiddelde woningwaarde o Tevredenheid met woonomgeving o Bruto Regionaal Product o Uitgaande arbeidspendel o Aantal vestigingen o Aandeel MKB en verdeling sectoren o Aantal banen (werkzame personen) Het is van belang dat elke ontwikkeling op het gebied van internationale werknemers in elke gemeente goed gemonitord wordt. Om de regiogemeenten op de hoogte te houden van ontwikkelingen en initiatieven in de individuele gemeenten, wordt eenmaal per jaar een beleidsmatige rapportage aangeboden met daarin een overzicht.

Het is belangrijk dat zulke kennis gedeeld wordt met de regio om gezamenlijk een vuist te maken, tijdig bij te sturen en in te spelen op aanstaande ontwikkelingen. De rapportage wordt opgesteld vanuit een database waar alle deelnemende gemeenten hun informatie in opslaan. 4. Samenhang bouwsteen en speerpunten Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Registratie: een goede monitoring is nodig om het actuele beeld van de aantallen internationale werknemers actueel te houden. • Kwaliteit en beheer van huisvesting: kennisvermeerdering draagt bij aan het inzicht dat ervoor nodig is om voldoende huisvesting dichtbij werk te realiseren. • Controle en handhaving: goede monitoring ondersteunt de handhaving en voorkomt dat malafide praktijken zich van gemeente naar gemeente verplaatsen. Hiermee wordt een waterbedeffect voorkomen. Wanneer gemeenten op de hoogte zijn van ieders ontwikkelingen, kun je gezamenlijk optrekken en optreden. 5. Partners Overheid • Gemeentes 6. Planning en mijlpalen • • •

2022: Uitvoeren nulmeting 2023: Opzet regionale werkgroep monitoring 2023: Afstemming over de invulling van de monitoring en de frequentie waarop de beleidsmatige rapportages gedeeld worden.

51

•

2024: Eerste beleidsmatige rapportage worden opgeleverd.

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

52

6.3 Regionaal handelingsperspectief 1. Urgentie • •

De regiogemeenten formuleren met deze bouwstenen een ambitieus maatregelenpakket en zoeken een mate van regionale samenwerking dat nog niet eerder op deze schaal op dit onderwerp in de regio vertoont is. Doordat de opgave groot is, de problematiek complex en er wordt samengewerkt met achttien verschillende gemeenten is een gedeeld regionaal handelingsperspectief gewenst dat handvatten biedt om de gestelde doelen en ambities te bereiken; waarin verantwoordelijkheden worden uitgesproken en dat alle betrokken partijen een duidelijke rol geeft.

2. Doel en ambitie Doel • •

•

Het als regio gezamenlijk uitspreken van de verantwoordelijkheden die de overheden op zich nemen en welke verantwoordelijkheden bij de markt liggen, welke randvoorwaarden er worden gesteld en met welke partners uit de regio er opgetrokken wordt. Het creëren van optimale randvoorwaarden om internationale werknemers aan de regio Arnhem-Nijmegen te binden. Op deze manier geeft de regio duidelijk aan haar partners aan onder welke voorwaarde zij een bijdrage kunnen leveren aan de regionale opgaven huisvesting internationale werknemers. De afzonderlijke gemeenten van de regio Arnhem-Nijmegen hebben regiobreed en geharmoniseerd beleid opgesteld.

Ambitie • De regio Arnhem – Nijmegen heeft samen met haar inwoners voldoende en kwalitatieve huisvesting voor internationale werknemers gerealiseerd en malafide partijen uit de regio geweerd, waardoor de leefomgeving van alle inwoners verbeterd is. 3. Wat gaan we realiseren? •

Opstellen gedeeld regionaal handelingsperspectief Het handelingsperspectief is bedoeld als handvat om de vooropgestelde doelen te bereiken door concrete instrumenten en de verantwoordelijke partijen te benoemen. Het handelingsperspectief huisvesting, integratie en participatie van internationale werknemers in de regio West-Brabant kan mogelijk als input gebruikt worden.

Onderwerpen die in het handelingsperspectief worden meegenomen zijn: o Registratie o Opgave o Communicatie en participatie o Kennisvermeerdering o Spreidingscriteria o Afspraken wonen dichtbij werk en beheer o Kwaliteits- en beheereisen o Controle en handhaving o De internationale werknemer centraal o Governance o Monitoring o …. 4. Samenhang bouwsteen en speerpunten

53

Deze bouwsteen hangt op de volgende manieren samen met de andere speerpunten: • Het handelingsperspectief verbindt alle bouwstenen met elkaar door het scheppen van randvoorwaarden en het verdelen van de verantwoordelijke partijen. Maatregelen die onder de individuele bouwstenen genoemd zijn, komen in het handelingsperspectief terug en geven zo richting aan de partijen die de maatregelen moeten uitvoeren. 5. Partners Overheid • Gemeenten • Partijen van het convenant: werkgevers, uitzendbureaus, verblijfsbieders etc. 6. Planning en mijlpalen • •

2022: Regionaal handelingsperspectief ondertekend 2022: Convenant met marktpartijen ondertekend

7. Financiën en personele inzet Zie bijlage A voor een indicatieve kostenraming en de benodigde personele inzet.

54

BIJLAGE A: Onderbouwing indicatieve kostenraming

N.v.t. € 25.000

N.v.t. € 25.000

N.v.t. N.v.t. N.v.t.

€ 15.000 N.v.t. N.v.t.

Maatregel

Kosten eenmalig

Kosten structureel

Voorlichtingscampagne imago internationale werknemers (partner stichting Ontmoet de Arbeidsmigrant) Open dagen

N.v.t.

€ 25.000

N.v.t.

N.v.t.

Participatiehandreiking

€ 5.000

N.v.t.

Digitale kennisbank

€ 5.000

€ 12.000

€ 20.000 € 25.000 ( €25.000)

€ 30.000 € 25.000 (€ 25.000)

€ 25.000 ( €25.000)

€ 25.000 (€ 25.000)

( € 15.000)

(€ 15.000)

Aansluiten op regionaal expertiseteam Rivierenland Voldoende aanbod van goede kwaliteit

Gemeenten / regio

€ 2.500

(€ 25.000)

( € 25.000)

€ 2.500

€ 5.000

€ 5.000 (€ 12.000)

€ 5.000 (€ 12.000)

Verdeling kostenpost (structureel)

55

(mogelijke) dekking (structureel)

Out of pocket kosten

Personele inzet

Verdeling kostenpost (structureel)

Markt- en Onderwijs

Uniformeren verblijfsbelasting (optioneel) Informatieverstrekking BRP/RNI (voorlichtingscampagne) Welkomstpakket verstrekken Lokale afspraken over inschrijving BRP Vast formulier voor uitschrijving Communicatie en participatie

€ 10.000

Markt- en Onderwijs

€ 25.000

Zorginstelling

€ 30.000 € 25.000

Zorginstelling

Regionaal digitaal nachtregister ontwikkelen Informatiecampagne digitaal nachtregister

Provincie

Kosten structureel

Provincie

Kosten eenmalig

Gemeenten / regio

Maatregel

(mogelijke) dekking (structureel)

Out of pocket kosten

Verdeling kostenpost (structureel)

Personele inzet

Registratie

(mogelijke) dekking (structureel)

€ 25.000

€ 25.000

Markt- en Onderwijs

Zorginstelling

€ 25.000

N.v.t. N.v.t.

N.v.t. N.v.t. € 150.000

€ 5.000 € 5.000 € 15.000 (€ 150.000)

Aansluiten RIEC Aansluiten LSI Regionale beleidsregel handhaving digitaal nachtregister (Sub) regionale huisvestingsverordening Regionale verhuurdersvergunning Onderzoek regionale instrumenten Internationale werknemer centraal

N.v.t. N.v.t.

N.v.t. N.v.t.

Maatregel

Kosten eenmalig

Kosten structureel

Opstellen enquête

€ 5.000

€ 5.000

N.v.t. N.v.t. N.v.t.

€ 5.000 € 5.000 € 15.000 (€150.000)

Markt- en Onderwijs

€ 5.000 € 5.000 € 15.000

Markt- en Onderwijs

Handhavingsstrategie Uitvoeringsplan (Sub)regionaal controle- handhavingsteam

Zorginstelling

Kosten structureel

Zorginstelling

Kosten eenmalig

Gemeenten / regio

Maatregel

(mogelijke) dekking (structureel)

Out of pocket kosten

Verdeling kostenpost (structureel)

Provincie

N.v.t. N.v.t.

Provincie

Gemeenten / regio

Out of pocket kosten

Kosten structureel

Personele inzet

N.v.t.

56

€ 5.000

Verdeling kostenpost (structureel)

(mogelijke) dekking (structureel)

€5.000 (€ 5.000)

€ 5.000 (€5.000)

Provincie

€ 5.000

Gemeenten / regio

N.v.t.

Personele inzet

€ 5.000

Out of pocket kosten

Vaststellen gemeentelijk lokaal beleid Verkennen voorkeurslocaties (inzet Kadastertool) Subregionale afspraken tijdelijke internationale werknemers (short- en midstay) Regionale kwaliteitseisen vaststellen (beleidskader) Regionale beheereisen vaststellen (beleidskader) Controle en handhaving

Kosten eenmalig

Personele inzet

Maatregel

€ 2.500

€ 20.000 (€ 7.000) € 5.000 (€ 2.000) € 3.000

€ 5.000

€ 2.000

Instructiefilmpje DigiD vanuit BRP aanvragen: ondertitelen en plaatsen Instructiefilmpje DigiD vanuit RNI aanvragen: ontwikkelen Mogelijkheden centraal (digitaal) medisch centrum + plan van aanpak opgesteld Samenwerking stichting Barka Mogelijkheden Learn @ Arnhem – Nijmegen onderzocht Pilot Learn @ Arnhem – Nijmegen Regionale samenwerking

€ 3.000

N.v.t.

€ 10.000

N.v.t.

€ 10.000

€ 7.500

€ 5.000

N.v.t.

€ 5.000

N.v.t. € 5.000

€ 50.000 N.v.t.

€ 15.000

Ntb

Maatregel

Kosten eenmalig

Kosten structureel

Handelingsperspectief Convenant met marktpartijen Samenwerking provincie Gelderland onderzoeken Samenwerking met Duitsland onderzoeken Inrichten governance

€ 2.500 € 2.500 N.v.t. N.v.t. N.v.t.

N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.

Aanstellen regionale regisseur Uitvoeren nulmeting monitoring Monitoringrapportages

N.v.t. € 5.000

€ 75.000 N.v.t.

Totale kosten

€ 223.000

€ 2.500 (€ 2.000) € 500

(€ 10.000) € 5.000

(€ 40.000)

€ 2.500 € 2.500

(€ 50.000) € 5.000

€ 15.000

Out of pocket kosten

Verdeling kostenpost (structureel)

Personele inzet

€ 2.500

€ 15.000

(mogelijke) dekking (structureel)

€ 2.500 € 2.500

€ 2.500 € 2.500

(Ongeveer 0,5 fte per gemeente) (€ 75.000) € 5.000

(0,5 fte per gemeente) (€ 75.000) € 5.000

€ 55.500 (€237.000)

€ 167.500 (€ 154.000)

€ 170.500 (€ 391.000)

€292.500

€321.500

Markt- en Onderwijs

Informatie bij werkgevers/huisvesters

€ 20.000 (€ 7.000) € 2.500

Zorginstelling

€ 7.000

Provincie

€ 20.000

Gemeenten / regio

Regionale app ontwikkeld

N.v.t.

(€ 391.000)

57

€ 25.000

€ 2.500

€ 25.000

58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=ac90c22f-c8d8-4c96-b793-c182eee91c34