CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke onderbouwing Landgoed De Valkenberg gemeente Rheden (22.63)

Raadsvergadering 27 september 2022, gemeente RhedenBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen De Valkenberg Rheden (22.63)18.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijke onderbouwing Landgoed de Valkenberg Gemeente Rheden

COLOFON Gegevens over het plan: Plannaam: Identificatienummer: Status: Datum: Projectnummer Buro SRO:

Landgoed De Valkenberg NL.IMRO.0275.BPLG40-0001 beoogd vastgesteld 9 juni 2022 13.90.02

Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever: Contactpersoon opdrachtgever: Betrokken gemeente:

International Welness Resorts (IWR) De heer W. Kunne Rheden

Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO: Bezoekadres vestiging Arnhem Telefoon: E-mail: Internet:

2

E. Stevens Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG te Arnhem 026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.Buro-SRO.nl

Landgoed De Valkenberg

Landgoed De Valkenberg

3

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 Hoofdstuk 2 2.1 2.2 Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 6.1 6.2

Inleiding Aanleiding voor het initiatief Ligging plangebied Leeswijzer Het initiatief Huidige situatie Toekomstige situatie Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Uitvoerbaarheid Milieu Water Ecologie Verkeer Cultuurhistorie en archeologie Economische uitvoerbaarheid Juridische planbeschrijving Procedure Inspraak en overleg Van ontwerp naar vaststelling

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8

4

6 6 6 7 8 8 10 16 16 18 21 26 26 31 34 36 39 42 43 44 44 44

46 Visie landgoed De Valkenberg Visiekaart Inrichtingsplan parkeerplaats Notitie wadi Toetsing Wet Natuurbescherming Actualisatie Toetsing Wet Natuurbescherming Advies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Archeologisch onderzoek

47 48 49 50 51 52 53 54

Landgoed De Valkenberg

Landgoed De Valkenberg

5

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding voor het initiatief

Op landgoed de Valkenberg gelegen te Rheden is International Wellness Resorts (IWR) voornemens het voormalige (zorg)Hotel De Valkenberg met zwembad te transformeren naar een wellnesshotel met sauna's. Hiervoor is het noodzakelijk enkele inpandige aanpassingen te verrichten aan de bestaande bebouwing, aanvullende parkeergelegenheid te creëren en enkele sauna's te plaatsen. Deze ontwikkeling is strijdig met het geldende bestemmingsplan. Omdat het initiatief gewenst is en passend is op de locatie, wordt medewerking verleend aan deze ontwikkeling. In voorliggende ruimtelijke onderbouwing wordt dit toegelicht en gemotiveerd waarom dat kan volgens de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Hernieuwde procedure In het voorjaar 2019 is de procedure hiervoor reeds gestart, maar door de landelijk discussie en onduidelijkheid ten aanzien van de stikstofdepositie heeft het project een tijd stil gelegen. Nu hierover meer duidelijkheid is verkregen is de procedure weer gestart/opnieuw opgepakt. Gezien de lange tijd tussen de terinzagelegging van het vorige ontwerpbesluit wordt de procedure weer opnieuw gestart.

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied is gelegen ten noorden van de bebouwde kom van Rheden en maakt deel uit van Landgoed de Valkenberg. Het landgoed wordt omringd door bos, enkele weilanden en woningen aan de Rozenbos, Valkenbergseweg en de Arnhemsestraatweg. Navolgende afbeelding toont globaal de ligging van het plangebied in de omgeving.

Globale ligging plangebied (rode cirkel). Bron: www.openstreetmap.org

6

Landgoed De Valkenberg

1.3

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk is in hoofdstuk 2 het initiatief beschreven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het relevante Rijks-, provinciale-, en gemeentelijke beleid. In hoofdstuk 4 is het project inhoudelijk op haalbaarheid getoetst op grond van het geldende beleid en (milieu)wetgeving. Tevens wordt ingegaan op de economische haalbaarheid van het plan. Hoofdstuk 5 gaat over de juridische planbeschrijving en tot slot gaat hoofdstuk 6 in op de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan, waarbij de uitkomsten van overleg en zienswijzen zijn opgenomen.

Landgoed De Valkenberg

7

Hoofdstuk 2

Het initiatief

In dit hoofdstuk wordt het initiatief beschreven. Eerst wordt ingegaan op de bestaande situatie van het plangebied en de relatie met de omgeving. Daarna wordt ingezoomd op het beoogde initiatief.

2.1

Huidige situatie

Het plangebied ligt aan de Arnhemsestraatweg en maakt deel uit van het Landgoed de Valkenberg. Dit landgoed ligt ten zuiden van het Nationaal park de Veluwezoom. Het landgoed bestaat uit het hoofdhuis dat tot in 2017 in gebruik was als hotel met 29 kamers, een overdekt zwembad, de 'paardenstal', die ook in gebruik was voor 9 hotelkamers, graslanden en oud opgaand bos. Daarnaast ligt in het plangebied een voormalige moestuin die momenteel in gebruik is als paardenwei. De tuinmuur aan de noord- en westzijde rondom de moestuin is nog intact. Ten noorden van de voormalige moestuin staat een beheerschuurtje. Ten zuiden van de voormalige moestuin zijn aan de noordelijke zijde van de Arnhemsestraatweg twee woningen gelegen. De ontsluitingsweg naar het landgoed ligt oostelijk van deze woningen. Het landgoed wordt verder voornamelijk omringd door een bos en enkele weilanden. Navolgende luchtfoto geeft de locatie van het plangebied binnen het landgoed en ten opzichte van de omgeving weer. In de visie op het landgoed, die is opgenomen in bijlage 1, zijn meer foto's van de huidige situatie opgenomen.

Ligging plangebied

8

Landgoed De Valkenberg

Zuidelijke gevel van het hoofdhuis

Huidige situatie voormalige moestuin, in gebruik als paardenwei

Landgoed De Valkenberg

9

Huidige situatie voormalige moestuin met de bestaande tuinmuur op de achtergrond

Huidige situatie achterweide, waar de sauna's zijn beoogd, gezien vanaf het hoofdhuis

2.2

Toekomstige situatie

Algemeen De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van een wellnesshotel op landgoed de Valkenberg. De huidige bebouwing bestaande uit het hoofdgebouw 'De Valkenberg', een zwembad en het gebouw 'Paardenstal' blijven behouden. Het hoofdhuis en de Paardenstal worden deels intern verbouwd. In de achterweide ten noorden van het hoofdhuis worden enkele sauna's gerealiseerd en er worden parkeergelegenheden aangelegd. In de toekomstige situatie kunnen maximaal 275 gasten per dag gebruik maken van de voorzieningen in het hotel en de sauna's tezamen.

10

Landgoed De Valkenberg

De voorweide wordt omgevormd tot nieuwe natuur. Voor de ontwikkeling is een visie opgesteld, waarin de toekomstige situatie uitgebreid wordt beschreven. De visie is opgenomen in bijlage 1. In deze visie wordt op hoofdlijnen beschreven hoe de nieuwe wellnessfunctie wordt ingepast in de ruimtelijke kwaliteit van het landgoed en deze middels de ontwikkeling op onderdelen wordt versterkt. De navolgende afbeelding toont de visiekaart (zie ook bijlage 2).

Visiekaart Landgoed De Valkenberg Wellnesshotel Het wellnesshotel zal naast wellness faciliteiten en hotelkamers bestaan uit beauty- en behandelkamers en een ondergeschikt restaurant. Er dienen hiertoe in de bestaande bebouwing enkele kleine inpandige aanpassingen te worden verricht. In totaal worden er 29 hotelkamers gerealiseerd in het bestaande hoofdgebouw.

Landgoed De Valkenberg

11

Achterweide De achterweide wordt nadrukkelijker in de sfeer van de Engelse landschapsstijl gebracht. De 5 sauna's worden in deze achterweide aangebracht. Eén sauna wordt ingepast in het bos op de plek van de voormalige parkeerplaats, één half verscholen in de bosrand en twee aan de rand van de weide. Een groter saunagebouw komt als bijzonder element achteraan te staan, midden op de achterweide, en is zichtbaar vanuit het hoofdhuis. De gebouwtjes zijn niet allemaal tegelijk zichtbaar en, zoals dat in de Engelse landschapsstijl met de follies is bedoeld, vormen ze verrassingselementen in een rondwandeling. De padenstructuur in de achterweide krijgt een meer ronde vorm, die afwisselend door het bos en over de open weide loopt. Achteraan op het landgoed kan op termijn een loungeplek (in de hoedanigheid van bijvoorbeeld een bijzondere bank of opvallend bouwwerkje, geen gebouw zijnde) worden gerealiseerd. Navolgend is een visiebeeld van de toekomstige situatie op de achterweide weergegeven.

12

Landgoed De Valkenberg

Visiebeeld achterweide (sauna's in geel) De inrichting van de achterweide zal nader worden uitgewerkt in een inrichtingsplan. Het opstellen en uitvoeren hiervan zal als voorwaarde bij de vergunning worden opgenomen (zie hoofdstuk 5).

Landgoed De Valkenberg

13

Parkeerplaats In de huidige situatie ontbreekt voldoende parkeergelegenheid voor de beoogde functie. Voorliggend voorstel is om de bestaande paardenwei zo in te richten dat parkeergelegenheid ontstaat voor circa 150 plaatsen. Door het parkeren in de voormalige moestuin te situeren hoeven de auto's niet ver het landgoed op te rijden en worden de verkeersbewegingen geminimaliseerd. Het voornemen bestaat om de klanten met behulp van electro cars naar de wellness te begeleiden circa 200 meter verderop. Het personeel blijft parkeren op de bestaande parkeerplaatsen nabij het hoofdgebouw. De parkeerplaats wordt al afgeschermd door de bestaande tuinmuur, die in stand wordt gehouden en wordt verder landschappelijk ingepast. Voor de ontwikkeling is het niet noodzakelijk om bomen te kappen, maar worden de bestaande bomen in het ontwerp opgenomen. Onderstaande afbeelding toont het inrichtingsplan van de te ontwikkelen parkeerplaats (zie ook bijlage 3). Met uitzondering van de doorgeschoten beukenhaag (F) wordt de bestaande beplanting gehandhaafd. De nieuwe beplanting bestaat uit hoogstamfruitbomen tussen de parkeerplaatsen, geschoren hagen, leifruit en moestuin plantvakken. De parkeerplaatsen worden gerealiseerd met kunststof grasplaten. In het zuiden wordt de waterberging gerealiseerd.

Het realiseren en in stand houden van het inrichtingsplan wordt als voorwaarde aan de omgevingsvergunning opgenomen (zie hoofdstuk 5). Het bestaande schuurtje ten noorden van de voormalige moestuin blijft behouden met een beheerfunctie.

14

Landgoed De Valkenberg

Inrichtingsplan parkeerplaats Voorweide De voorweide wordt omgevormd tot extensief beheerd bloemrijk grasland. Over de weide loopt een struinpad, een uitgemaaid pad in het verder natuurlijke grasland. De weide is omzoomd met bomen, deels de bestaande laanbeplanting met kastanjes, deels afwisselend bos. De randen zijn divers qua verschijningsvorm, soms met onderbeplanting en soms niet, zodat vanaf de oprijlaan af en toe doorzichten mogelijk zijn naar de voorweide en het huis. Op de voorweide wordt een boomgroep geplant, een zogenaamde clump van 5 grote, opvallende bomen.

Landgoed De Valkenberg

15

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskader

Rijksbeleid

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Per januari 2021 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) van kracht. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Want niet alles kan overal. Deze visie is ontwikkeld in nauwe samenwerking met provincies, gemeenten, waterschappen, maatschappelijke instellingen en burgers. De NOVI is vastgesteld op grond van de geldende regelgeving omdat de Omgevingswet nog niet in werking is. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet.

Met de komst van de NOVI komen meerdere nationale beleidsstukken te vervallen, waaronder de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Strategisch relevante delen van de SVIR en het Barro worden echter opgenomen in de NOVI en blijven daarmee ook na inwerkingtreding van de NOVI gelden. Dit bestemmingsplan zal daarom ook aan dit beleid worden getoetst. Prioriteiten Binnen het NOVI zijn een viertal prioriteiten beschreven:  Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie  Duurzaam economisch groeipotentieel  Sterke en gezonde steden en regio's  Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Deze prioriteiten geven aan waar en hoe de rijksoverheid de komende jaren invulling wil geven aan het ruimtelijk beleid. Gebiedsgericht De NOVI benoemt een aantal aspecten van nationaal ruimtelijk belang. Het betreft de bescherming van de waterveiligheid aan de kust en rond de grote rivieren, bescherming en behoud van de Waddenzee en enkele werelderfgoederen, de uitoefening van defensietaken, het Natuurnetwerk Nederland (voorheen de ecologische hoofdstructuur), de elektriciteitsvoorziening, de toekomstige uitbreiding van het hoofd(spoor)wegennet en de veiligheid rond rijksvaarwegen. In het Barro waren regels opgesteld waarmee deze gebiedsbescherming juridisch verankerd is richting lagere overheden.

Via het Besluit ruimtelijke ordening en het Besluit omgevingsrecht zijn deze regels aanvullend vastgelegd. Planspecifiek

16

Landgoed De Valkenberg

Gebiedsgericht Het plangebied ligt deels binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Hierin wordt nader ingegaan in paragraaf 3.2. Verder ligt het plangebied niet in een van de aangewezen gebieden van de SVIR en het Barro. Ladder duurzame verstedelijking Behoefte Voorliggend plan betreft een stedelijke ontwikkeling in het buitengebied. Er is sprake van een functiewijziging van een hotel/congrescentrum (zoals in het geldende bestemmingsplan toegestaan) naar een wellnesshotel. Wellness is de laatste jaren steeds populairder geworden, de vraag is de laatste jaren flink gegroeid. In 2016 bezochten circa 1,8 miljoen Nederlanders een saunabedrijf. Gezamenlijk bezochten zij 15,6 miljoen keer de sauna. Dit is een groei van 42% ten opzichte van 2010. Een verdere groei wordt de komende jaren voorzien (bron: Nationaal Saunabezoekers Onderzoek 2017, Van Spronsen & Partners). Dat wordt onder andere veroorzaakt doordat de consument bewuster bezig is met een goede verzorging van lichaam en geest, daardoor meer behoefte heeft aan kwaliteit in zijn/haar vrije tijd en doordat de consument meer kan uitgeven. Het aanbod van grote wellnesscentra is ook toegenomen. Uit trendrapporten van de Rabobank blijkt dat 60% van alle bezoeken plaatsvindt binnen een reisafstand van 30 minuten en 25% binnen een reisafstand van 30 tot 60 minuten.

De dichtst bij Rheden gelegen grote wellnesscentra zijn gelegen in Busloo, Emst, Nijmegen en Wijchen. In het nabijgelegen stedelijk gebied van Arnhem zijn geen grote wellnesscentra gevestigd. Het toekomstig wellnesshotel op landgoed De Valkenberg is van een gemiddelde omvang en duidelijk kleiner dan voornoemde wellnesscentra. Hier wordt dan ook nadrukkelijk een wat meer extensieve vorm van wellness aangeboden, waarbij groen, rust en ruimte centraal staan. Dit past ook bij de situering op een landgoed, hiermee onderscheid het wellnesshotel zich van het bestaande aanbod in de directe omgeving. Het wellnesshotel op landgoed De Valkenberg heeft een groot potentieel aan bezoekers gezien de nabijheid van Arnhem en de afwezigheid van middelgrote/grote wellnesscentra in de omgeving. Er is daarmee duidelijk behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling. Leegstand Vanwege de verwachte stijging van het totaal aantal saunabezoeken in Nederland zal de ontwikkeling niet lijden tot onaanvaardbare leegstand. Integendeel, door de nieuwe functie wordt verdere leegstand van de bestaande gebouwen op landgoed de Valkenberg voorkomen. Bestaand stedelijk gebied De voorgenomen ontwikkeling vindt plaats in het buitengebied. Net als veel wellnesscentra met buitenterrein is ligging in een groene, rustige setting essentieel voor het beoogde concept van een wellnesshotel.

Binnen het stedelijk gebied is een dergelijk saunahotel niet te realiseren. Er is binnen de verzorgingsregio geen terrein van minimaal 5 hectare in een parkachtige setting, binnen het bestaand stedelijk gebied beschikbaar voor (her)ontwikkeling. Het betreft hier een dagrecreatieve functie (Wellness) aangevuld met een verblijfsrecreatieve functie (hotel). In het stedelijk gebied is het niet mogelijk gewenste karakteristiek (groen, rust en ruimte) te realiseren. Doordat de bestaande bebouwing (met stedelijke functie) van landgoed De Valkenberg wordt gebruikt om het wellnesshotel in te vestigen, is het nieuwe ruimtebeslag in het buitengebied beperkt. Bovendien zorgt de herbestemming ervoor dat het cultuurhistorisch waardevol complex (aangewezen als Rijksmonument) een nieuwe invulling krijgt en zo een nieuwe economische drager krijgt. Hiermee is behoud van de cultuurhistorische waarden in de toekomst ook verzekerd. Het nieuwe ruimtebeslag beperkt zich tot enige nieuwe bebouwing in de vorm van sauna's met een gezamenlijk oppervlak van 120 m² en een nieuw parkeerterrein. De nieuwe sauna bebouwing bedraagt een uitbreiding van 5% van het bestaand bebouwd oppervlak. Het parkeerterrein is functioneel gekoppeld aan het wellnesshotel en dient daarom ook in de

Landgoed De Valkenberg

17

nabijheid van het wellnesshotel gerealiseerd te worden. Het parkeerterrein is binnen de huidige bestemming 'Buitenplaats' al toegestaan en gezien de planologische mogelijkheid voor een congrescentrum was een parkeerterrein van dergelijke omvang ook een realistische ontwikkeling geweest. Echter voor de situering van een parkeerterrein is gekozen voor de locatie waar deze de minste afbreuk doet aan de cultuurhistorische en natuurlijke waarden van het landgoed. Deze locatie ligt buiten de huidige bestemming 'Buitenplaats'. Geconcludeerd kan worden dat er behoefte is aan de nieuwe stedelijke ontwikkeling en dat er geen alternatieve locatie in stedelijk gebied is voor de ontwikkeling. De effecten van het nieuwe ruimtebeslag in relatie tot de bestaande bestemming zijn bovendien beperkt. De ladder voor duurzame verstedelijking is daarmee succesvol doorlopen. Overig rijksbeleid Op rijksbeleid met betrekking tot cultuurhistorie wordt ingegaan in paragraaf 4.5. De ontwikkeling past binnen het rijksbeleid.

3.2

Provinciaal beleid

Algemeen In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland (december 2018) staan de hoofdlijnen van het provinciale ruimtelijk beleid. De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland gaat in de breedte over het beleid van de provincie voor de fysieke leefomgeving. De visie integreert een vijftal beleidsterreinen: ruimte, natuur, water, milieu en verkeer en vervoer. Op 24 september 2014 is door Provinciale Staten van Gelderland de Omgevingsverordening Gelderland vastgesteld. Deze is geactualiseerd op basis van de nieuwe omgevingsvisie. De Omgevingsverordening is een uitwerking van de Omgevingsvisie en stelt regels waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Omgevingsvisie Gaaf Gelderland De provincie wil de focus leggen op een duurzaam, verbonden en een economisch krachtig Gelderland. Door daarin te investeren wil de provincie werken aan een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland centraal. Om dat te bereiken wordt de focus gelegd op zeven ambities op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en woon- en leefomgeving.

Deze ambities worden hieronder kort samengevat:  Een versnelde energietransitie, gericht op forse vergroting van het aandeel duurzame energie en passend bij de Gelderse kwaliteiten;  Een op de toekomst toegerust beschermend klimaatbeleid;  Een voortvarend en innovatief circulair beleid;  Een stimulerend en beschermend beleid voor biodiversiteit;  Efficiënte, duurzame en innovatieve bereikbaarheid, toegesneden op de veranderende vraag;  Een duurzaam, dynamisch en toegankelijk economisch vestigingsklimaat, waar voor ondernemers en inwoners een sterke aantrekkingskracht vanuit gaat;  Een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat steeds weet te anticiperen op ontwikkelingen. Naast deze zeven ambities blijft het beleid uit de Omgevingsvisie uit 2014 gelden. Het gaat om de aanwijzing van functies van regionale oppervlaktewateren, van gebieden waar milieukwaliteit bijzondere bescherming behoeft, van Natura 2000-gebieden en van bijzondere natuurgebieden. Omgevingsverordening Gelderland De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels

18

Landgoed De Valkenberg

noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. Gebiedsgericht

Uitsnede Omgevingsverordening Gelderland met plangebied rood omkadert. Het NNN is in de Omgevingsverordening Gelderland op provinciaal niveau uitgewerkt. Bovenstaande afbeelding toont aan dat het landgoed binnen de Groene Ontwikkelingszone (GO) en het Gelders Natuurnetwerk (GNN) ligt. Ten behoeve van dit project heeft een herbegrenzing plaatsgevonden, de in- en uitrit van de parkeerplaats is uit de GNN begrenzing gehaald. Daarmee zijn is de beoogde parkeerplaats met toegangswegen, de sauna's en de gebouwen binnen de GO komen te liggen. In de Omgevingsverordening Gelderland wordt aangegeven dat ontwikkelingen in de GO getoetst moeten worden aan effecten op de kernkwaliteiten. Kleinschalige ontwikkelingen kunnen mogelijk gemaakt worden, mits de kernkwaliteiten van

Landgoed De Valkenberg

19

het betreffende gebied substantieel worden versterkt. De kernkwaliteiten zijn de wezenlijke ecologische en landschappelijke kenmerken en waarden die de provincie Gelderland heeft toegekend aan de verschillende delen van het NNN. Het plangebied ligt binnen het deelgebied 121 Middachter Bossen. De kernkwaliteiten voor dit gebied zijn als volgt beschreven:  onderdeel van grootschalig aaneengesloten gebied van droge bossen, zandverstuivingen en heide; hier vooral bos, grotendeels oude boskernen met overgangen naar de enken van Rheden, De Steeg, Ellecom en Dieren,  onderdeel van Nationaal Landschap Veluwe,  onderdeel van Natura 2000-gebied Veluwe met de bijbehorende habitats en soorten,  toevoergebied voor de Haviker Poort,  groot wild: m.n. edelherten, wilde zwijnen,  leefgebied das,  cultuurhistorische waarden van landgoed (o.m. sterrenbos en lanen), grafheuvels, oude ontginningen, hakhout, houtwallen en boerderijen,  abiotiek: aardkundige waarden, kwel, bodem, grondwaterreservoir,  rust, ruimte, donkerte,  ecosysteemdiensten: recreatie, rust, drinkwater,  houtproductie,  alle door de Flora- en faunawet of Natuurbeschermingswet beschermde soorten en hun leefgebieden in dit deelgebied. Cultuurhistorie Op de provinciale 'Uitgangspuntennotitie Aanpak Cultuur en Erfgoed 2021' wordt ingegaan in paragraaf 4.5.

Planspecifiek In het onderzoek naar natuurwaarden zoals opgenomen in bijlage 5 is, vanwege de ligging van delen het plangebied in de Groene Ontwikkelingszone, beoordeeld of er sprake is van een significante aantasting van de kernkwaliteiten en omgevingscondities. Conclusie is dat er geen negatieve effecten optreden op de wezenlijke waarden en kenmerken van dit gebied, mits wordt voldaan aan een aantal voorwaarden. Er is zeer beperkt sprake van areaal verlies van bestaande natuur. De beoogde locatie van de parkeerplaats betreft een paardenwei met zeer kort begraasd grasland vanwege intensief gebruik en heeft daardoor geringe natuurkwaliteiten. Om de ontwikkeling binnen het als GO begrensd gebied mogelijk te maken is het wel noodzakelijk de parkeerplaats te voorzien van semiverharding en deze landschappelijk in te passen. In bijlage 3 is aangegeven dat hieraan zal worden voldaan met behulp van grasplaten en halfverharding. De landschappelijke inpassing met gebruik van inheemse struweelvormers draagt verder bij aan het behoud en versterking van de kwaliteit van het gebied en draagt tevens bij aan behoud van de onderlinge samenhang. De ingreep in de GO en vanwege de parkeerplaats heeft een oppervlakte van circa 4.500 m². De locatie van de toegangsweg is zo gekozen, dat er enkel lage begroeiing en een enkele boom verwijderd hoeft te worden. Waardevolle, grote bomen blijven staan.

De oppervlakte door de realisatie van de sauna's in de achterweide betreft een oppervlakte van circa 120 m². Ook voor de achterweide waar de sauna's worden gerealiseerd, geldt dat er geen vermindering van de bestaande kwaliteit zal plaatsvinden, mits deze landschappelijk goed worden ingepast. In de landgoedvisie is ingegaan op de landschappelijke ingrepen in de achterweide, waarmee de sauna's worden ingepast in de Engelse Landschapstijl en de kernkwaliteiten worden behouden. In totaal krijgt ongeveer 4.620 m² binnen de GO een andere functie. Ter compensatie van de ingrepen in de GO wordt er nieuwe natuur gerealiseerd op het landgoed. Dit gebeurt door de voorweide, die ook is

20

Landgoed De Valkenberg

aangewezen als GO, als kruiden- en faunarijk grasland te beheren. Deze nieuwe natuur beslaat een oppervlakte van circa 3,5 hectare en wordt ook als voorwaardelijke verplichting opgenomen. Daarnaast wordt de Engelse stijl in de tuin versterkt en wordt ongeveer 4.500 m² aan bosranden versterkt en verlichting in het gebied terug gebracht. Met deze maatregelen worden de kernkwaliteiten versterkt en invulling gegeven aan de Ontwikkelingsdoelen die zijn geformuleerd voor dit deel gebied. Specifiek gaat het hierbij om: - ontwikkeling van bosranden en overgangen naar cultuurgronden; - ontwikkeling cultuurhistorisch patronen (zie paragraaf 4.5 voor een nadere beschrijving). Om de parkeerplaats goed te kunnen gebruiken dient een bestaande inrit opgewaardeerd te worden, een nieuwe aangelegd te worden en worden enkele voetpaden voorzien van een nieuwe halfverharding. Deze ingrepen vragen ook om compensatie van in totaal ten minste 411,54 m 2. Hiervoor komen verschillende locaties in aanmerking. De beste locatie is een paardenwei op het terrein van 1.600 m2. Deze locatie is zo geschikt omdat ze direct aansluitend aan een groter bosgebied is gelegen, waarmee het leefgebied van onder meer de zwarte specht vergroot kan worden. Er wordt er een mantel zoomvegetatie aangelegd. Deze is uitermate geschikt voor insecten, waardoor het voedselaanbod versterkt wordt.

Op onderstaande afbeelding is, geduid met 'II' de compensatielocatie, te vinden. Bovenstaande compensatieverplichting (zowel aanleg als instandhouding) zoals hierboven beschreven, is door middel van een verleende vergunning in het kader van de Wet Natuurbescherming bestuursrechtelijk geborgd. Conclusie De kernkwaliteiten in het plangebied worden ter plaatse van de parkeerplaats en de achterweide behouden door deze landschappelijk in te passen. De ingreep in de GO van 4.620 m² vanwege deze ontwikkeling, wordt gecompenseerd door de toevoeging van de nieuwe natuur in de voorweide met een oppervlakte van circa 3,5 hectare en het herinrichten van een huidige paardenwei van 1.600 m2. Daardoor worden de kernkwaliteiten van de natuur binnen het gehele landgoed per saldo substantieel versterkt. De ontwikkeling is daardoor passend in het provinciale beleid.

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1 Beleidsvisie Landelijk Gebied In het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied' is de beleidsvisie voor het landelijk gebied van de gemeente Rheden opgenomen. Rheden heeft een multifunctioneel landelijk gebied met bijzondere kwaliteiten op het gebied van cultuurhistorie, natuur en landschap. De kunst is om een juiste balans te vinden tussen behoud en versterking van de bestaande kwaliteiten enerzijds en het toestaan van een bepaalde dynamiek voor functies als wonen, werken en recreatie en toerisme anderzijds. In zijn algemeenheid is het beleid ten aanzien van het landelijk gebied van Rheden als volgt:  bescherming en ontwikkeling van de landschappelijke, natuur en cultuurhistorische kwaliteiten;  het bieden van continuïteit aan grondgebonden agrarische bedrijven;  geen nieuwe bouwlocaties toevoegen aan het landelijk gebied;  mogelijkheden scheppen voor extensieve (verblijfs)recreatie;  ruimte bieden voor nieuwe economische dragers op landgoederen;  flexibiliteit bieden op bestaande bouwkavels. Binnen de Gemeente Rheden zijn drie gebieden te onderscheiden met ieder specifieke eigenschappen in de ruimtelijke en functionele opbouw. Deze gebieden zijn de Veluwe, de overgangszone en de IJsselvallei.

Landgoed De Valkenberg

21

Landschapszones gemeente Rheden Het plangebied ligt deels in het gebied Veluwe en deels in de Overgangszone. In de Veluwe heeft de natuurontwikkeling prioriteit. Naast de primaire functie als natuur- en bosgebied heeft de Veluwe mede een functie voor houtproductie en voor recreatief medegebruik. Via gerichte zonering wordt de mate van recreatief medegebruik gereguleerd. Die zonering uit zich onder andere in verschillen in dichtheid van het padennetwerk en in verhardingstypen. De randzone van de Veluwe is het meest geschikt voor meer intensievere recreatievormen zoals op buitenplaatsen van de landgoederen. Een toename van bebouwing, anders dan noodzakelijk voor het beheer en onderhoud van het natuur- en bosgebied, is hier in principe uitgesloten. De Overgangszone is het gebied met de grootste stedelijke druk en multifunctionaliteit. Het landschap kenmerkt zich hier door een meer kleinschalige agrarisch landschap dat afgewisseld wordt met de statige en formele vormen van de landgoederen. Weiden en akkers worden verbonden en begrensd door lanen en strakke kleinschalige landschapselementen zoals hagen. Naast het landelijke karakter wordt in dit gebied ook meer de stedelijke druk ervaren door de dorpen, snelweg en spoorlijn. Bovendien komen hier verschillende niet-agrarische bedrijven, recreatieve voorzieningen en burgerwoningen voor.

Van belang is dat het landelijk afwisselende en kleinschalige karakter van dit gebied behouden blijft. Er vindt planologische ondersteuning plaats voor nevenactiviteiten bij grondgebonden landbouw en recreatief-toeristische aspecten bij landgoederen. De landgoederen zijn van grote landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische betekenis voor het landelijk gebied van de gemeente Rheden. Het beleid is dan ook gericht op de bescherming van de waarden op deze

22

Landgoed De Valkenberg

gronden en het landhuis. Gestreefd wordt naar de instandhouding van de bestaande landgoederen als economische eenheid en de bescherming van de cultuurhistorische, natuur- en landschapswaarden. Nieuwe functies als economische drager van het landgoed kunnen onder voorwaarden worden toegestaan. Nieuwe functies brengen namelijk ook een bepaalde verkeersaantrekkende werking en intensiteit van het gebruik met zich mee. Een zorgvuldige afweging bij deze cultuurhistorisch, natuurlijk en landschappelijk gevoelige locaties is daarom noodzakelijk. Een visie waarin verantwoord wordt op welke duurzame wijze de nieuwe functie een bijdrage levert aan behoud van de buitenplaats en/of het landgoed moet onderdeel uitmaken van een aanvraag voor gewijzigd gebruik. Hierin zal tevens verantwoord moeten worden in hoeverre natuur-, landschaps- en cultuurhistorische waarden worden aangetast en hoe hiermee wordt omgegaan. Planspecifiek De nieuwe functie als wellnesshotel met sauna's is een recreatievorm die past binnen de beleidsvisie voor landgoederen. De sauna's passen als meer intensieve recreatievorm binnen de ambities voor de randzone van de Veluwe en voor het gebied Overgangszone. De extra bebouwing ten behoeve van de sauna's is beperkt en wordt goed landschappelijk ingepast op het landgoed. Het kleinschalige karakter van de Overgangszone wordt daarmee behouden.

De ontwikkeling zorgt voor een functiewijziging binnen een bestaand landgoed, waarmee voor een nieuwe economische drager wordt gezorgd. De nieuwe economische drager zorgt ervoor dat het landgoed als economische eenheid kan blijven behouden. Dit is van belang omdat het landgoed van landschappelijke en cultuurhistorische waarde is. Zowel de cultuurhistorische als de landschappelijke waarden worden met de ontwikkeling ook versterkt (zie paragraaf 2.2 en 4.5). Daarnaast wordt er rekening gehouden met de aanwezige natuurwaarden (zie paragraaf 4.3). Het plan past hiermee binnen de beleidsvisie voor het landelijk gebied. 3.3.2 Landschapsontwikkelingsplan Rheden - Rozendaal In het Landschapsontwikkelingsplan Rheden - Rozendaal is voor deze gemeenten een toekomstvisie en uitvoeringsprogramma voor het landschap opgenomen. De visie is per deelgebied uitgewerkt. Het plangebied ligt in het deelgebied 'Rheden noord'. De kwaliteiten hiervan worden als volgt beschreven. Vanaf de Arnhemsestraatweg zijn er fraaie uitzichten over akkers en weiden ten noorden van Rheden en De Steeg. De zichtlijnen gaan over een helling richting de sterk gekartelde bosrand en enkele fraaie gebouwen. Via enkele wegen zijn verbindingen gelegd met de Veluwse bossen en heidevelden. Deze wegen, voornamelijk gelegen op oude 'schaapsdriften' zijn voorzien van lintbebouwing en laanbomen.

Het is gewenst dat de nog resterende fraaie zichtlijnen behouden blijven en niet dichtgroeien door opgaande beplanting of houten hekwerken rondom paardenweiden. De monumentale open ruimten moeten ondersteund worden door bebouwing en activiteiten die recht doen aan de exclusieve ruimte langs de bosrand. De thans bestaande bebouwing zou het uiterlijk dat hoort bij een landhuis of een huis van aanzien moeten hebben. Kwaliteitsverbetering van het bestaande is in dit gebied van groot belang. Er wordt in de zone ten noorden van Rheden en De Steeg gestreefd naar een statig landgoedkarakter dat recht doet aan het exclusieve karakter van de bosrand. Behoud van de cultuurhistorische waarden en de natuurwaarden in de bossen en langs de percelen hebben prioriteit. Er liggen mogelijkheden voor behoud van de toegankelijkheid van de Veluwse bossen en heiden. De gemeente wil verrommeling door bebording, schutting en hekwerken, stallen en andere voorzieningen voorkomen, evenals toename van het aantal gebouwen.

Landgoed De Valkenberg

23

Planspecifiek Met de voorgenomen ontwikkeling blijven bestaande zichtlijnen behouden. De nieuwe parkeerplaats die wordt aangelegd is landschappelijk ingepast (zie paragraaf 2.2) en ondersteunt de nieuwe activiteiten in de bestaande bebouwing en de achterweide. Deze nieuwe activiteiten in de bestaande cultuurhistorisch waardevolle bebouwing doen recht aan de exclusieve ruimte langs de bosrand. In de achterweide wordt de landschappelijke structuur versterkt en zijn de nieuwe saunagebouwtjes landschappelijk ingepast (zie paragraaf 2.2). Cultuurhistorische waarden blijven behouden en deels versterkt (zie paragraaf 4.5) en er wordt rekening gehouden met de natuurwaarden binnen het plangebied (zie paragraaf 4.3). Er worden geen hekwerken toegevoegd, zodat verrommeling wordt voorkomen. Hiermee sluit de ontwikkeling aan bij de ambities uit het landschapsontwikkelingsplan. 3.3.3 Geldend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan Landelijk Gebied, vastgesteld op 27 januari 2009. In het geldende bestemmingplan heeft het plangebied deels de bestemming 'Agrarisch', deels 'Buitenplaats' en deels 'Natuur en bosgebied'. Binnen de bestemming 'Buitenplaats' in het plangebied zijn hotels en pensions met keuken, conferentie-oorden en congrescentra toegestaan. Tevens geldt er het 'Parapluplan Archeologie Rheden 2013' dat is vastgesteld op 15 april 2014.

Het plangebied heeft hierin de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2'.

Uitsnede bestemmingsplan Landelijk Gebied met plangebied globaal omlijnd De ruimtelijke gevolgen van de functiewijziging naar een wellnesshotel op zich zijn nihil. Het effect van een congrescentrum op de omgeving is vergelijkbaar met, al dan niet groter dan, het effect van een wellnesshotel op de omgeving. Voor de uitvoerbaarheid is de functiewijziging op zich daarom niet van groot belang. In het volgende hoofdstuk wordt ingezoomd op de uitvoerbaarheid van de concrete (bouw)ingrepen die in het plangebied worden verricht.

24

Landgoed De Valkenberg

3.3.4 Overig beleid In paragraaf 4.5 wordt ingegaan op de gemeentelijke erfgoednota Verbindend Verleden 2017-2021.

Landgoed De Valkenberg

25

Hoofdstuk 4

Uitvoerbaarheid

Voor een buitenplanse afwijking van het bestemmingsplan moet als gevolg van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) de uitvoerbaarheid aangetoond worden (artikel 3.1.6 van het Bro). Daaronder valt zowel de onderzoeksverplichting naar verschillende ruimtelijk relevante aspecten (geluid, bodem, etc.) als ook de economische uitvoerbaarheid van het plan.

4.1

Milieu

4.1.1 Bodem Op grond van de Wet Bodembescherming (Wbb) moet aangetoond worden dat de kwaliteit van de bodem en het grondwater in het plangebied in overeenstemming is met het beoogde gebruik. De bodemkwaliteit kan namelijk van invloed zijn op de beoogde functie van het plangebied. Bij een functiewijziging zal in veel gevallen een specifiek bodemonderzoek moeten worden uitgevoerd. Planspecifiek Bekende bodeminformatie Op basis van de Bodemkwaliteitskaart is de verwachting dat zowel de boven- als de ondergrond voldoen aan de Achtergrondwaarde, m.a.w. dat sprake is van schone grond. Het terrein ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied en is niet verdacht voor de aanwezigheid van niet gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog (CE). Functiewijziging Voorliggend plan betreft functiewijziging van een hotel met zwembad naar een wellnesshotel, waarbij een parkeerplaats, een aantal sauna's en nieuwe natuur worden gerealiseerd. Er is daarmee sprake van een (evidente) functiewijziging naar een minder gevoelige functie, dat wil zeggen het huidige (agrarisch) gebruik stelt hogere eisen aan de bodemkwaliteit dan een toekomstig gebruik als parkeerplaats. Ook het toekomstige gebruik in de gebouwen stelt geen hogere eisen aan de bodemkwaliteit dan het huidige gebruik als hotel met zwembad.

De locatie is niet verdacht voor de aanwezigheid van een geval van ernstige bodemverontreiniging in de zin van de Wet bodembescherming. Er is in dit geval dan ook geen aanleiding om te veronderstellen dat de bodemkwaliteit niet geschikt zou zijn voor het voorgenomen gebruik als wellnesshotel bestaande uit een hotel, sauna's en een parkeerplaats. In dit kader hoeft dus geen bodemonderzoek te worden uitgevoerd. Risico ontstaan bodemverontreiniging Het parkeren van motorvoertuigen brengt wellicht een groter risico op het ontstaan van bodemverontreiniging met zich mee dan het agrarisch gebruik van de locatie. Een parkeerplaats in deze vorm wordt echter niet gezien als een bodembedreigende activiteit in de zin van de Wet milieubeheer (/het Activiteitenbesluit). Het opleggen van een verplichting tot het laten uitvoeren van een nul- en eindsituatie bodemonderzoek ligt dan ook niet voor de hand. Het verbod op het verontreinigen van de bodem blijft natuurlijk algemeen van kracht. Mocht ten gevolge van een calamiteit toch een bodemverontreiniging ontstaan dan dient deze direct te worden gemeld en zo snel en volledig mogelijk te worden gesaneerd. Grondverzet bij eventuele aanleg parkeerplaats Als bij de aanleg van het parkeerterrein en de sauna's grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden verwerkt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

Dat wil zeggen dat de grond op basis van de Bodemkwaliteitskaart binnen de regio kan worden hergebruikt in alle bodemkwaliteitszones. Voor toepassing buiten de regio dient een partijkeuring op de af te voeren partij te worden uitgevoerd. Tijdelijke opslag of hergebruik buiten de locatie dient altijd te worden gemeld bij het (landelijk) Meldpunt Bodemkwaliteit. Het initiatief is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect bodem.

26

Landgoed De Valkenberg

4.1.2 Lucht De mate van blootstelling aan luchtverontreiniging speelt een rol in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Met betrekking tot 'luchtkwaliteit' is het van belang te bepalen wat de bijdrage van het plan is aan die luchtkwaliteit. Bijdrage aan luchtkwaliteit In de Wet milieubeheer zijn de belangrijkste bepalingen over luchtkwaliteitseisen opgenomen. De Wet maakt een onderscheid tussen 'kleine' en 'grote' projecten. Kleine projecten dragen 'niet in betekenende mate' (NIBM) bij aan verslechtering van de luchtkwaliteit. Een paar honderd grote projecten dragen juist wel 'in betekenende mate' bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Het gaat hierbij vooral om bedrijventerreinen en infrastructuur (wegen). Wat het begrip 'in betekenende mate' precies inhoudt, staat in de algemene maatregel van bestuur "Niet in betekenende mate bijdragen" (Besluit NIBM). Op hoofdlijnen komt het erop neer dat 'grote' projecten die jaarlijks meer dan 3 procent bijdragen aan de jaargemiddelde norm voor fijn stof en stikstofdioxide (1,2 microgram per m3) een 'betekenend' negatief effect hebben op de luchtkwaliteit. 'Kleine' projecten die minder dan 3 procent bijdragen, kunnen doorgaan zonder toetsing.

Dat betekent bijvoorbeeld dat lokale overheden een toevoeging van minder dan 1.500 huizen niet hoeven te toetsen aan de normen voor luchtkwaliteit, omdat een dergelijk project per definitie niet boven de 3%-norm komt. Deze kwantitatieve vertaling naar verschillende functies is neergelegd in de Regeling 'niet in betekenende mate bijdragen'. Planspecifiek Bijdrage initiatief In paragraaf 4.4 is te lezen dat met de functiewijziging het aantal verkeersbewegingen in beperkte mate toeneemt. De locatie van het nieuwe parkeerterrein zorgt echter voor minder verkeersbewegingen op het landgoed zelf, doordat de parkeerplaats zich nabij de entree begint. Ten aanzien van de bijdrage aan luchtkwaliteit is het initiatief van geringe omvang ten opzichte van de benoemde grenswaarde (3%). De ontwikkeling van de parkeerplaats zal namelijk niet meer verkeersbewegingen veroorzaken dan een nieuw woonwijk van 1.500 huizen. Het project draagt daarmee 'niet in betekende mate' bij aan de luchtkwaliteit. Een nadere toetsing ten aanzien van het aspect luchtkwaliteit kan daarom achterwege blijven. Het initiatief is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect luchtkwaliteit. 4.1.3 Geluid De mate waarin het geluid het woonmilieu mag belasten, is geregeld in de Wet geluidhinder (Wgh). De kern van de wet is dat geluidsgevoelige objecten worden beschermd tegen geluidhinder uit de omgeving.

In de Wgh worden de volgende objecten beschermd:  woningen;  geluidgevoelige gebouwen, zoals scholen, ziekenhuizen, verzorgings- en verpleeghuizen, psychiatrische instellingen en kinderdagverblijven;  geluidsgevoelige terreinen (woonwagenstandplaatsen en bestemde ligplaatsen voor woonschepen). Het beschermen van deze geluidsgevoelige objecten gebeurt aan de hand van vastgestelde zoneringen. Binnen deze zones bepaalt het bevoegd gezag de te hanteren grenswaarden. Er geldt een voorkeursgrenswaarde en een bovengrens (hoger mag niet). De Wgh gaat verder onder meer ook in op geluidwerende voorzieningen, geluidbelastingkaarten en actieplannen. De belangrijkste bronnen van geluidhinder die bij een ruimtelijke ontwikkeling aan de orde kunnen zijn betreffen: industrielawaai, wegverkeerslawaai en spoorweglawaai.

Landgoed De Valkenberg

27

Planspecifiek In de huidige situatie is reeds een hotel aanwezig in het plangebied. Ook in de toekomst zal er sprake zijn van verblijfsrecreatieve functies in het wellnesshotel. De locatie van de verblijfsruimten wijzigt niet. Bovendien ligt de bebouwing op meer dan 200 meter van de Arnhemsestraatweg. De sauna's, parkeerplaats en nieuwe natuur zijn geen geluidsgevoelige functies. Het uitvoeren van een akoestisch onderzoek is daarom niet noodzakelijk. In paragraaf 4.1.4 wordt ingegaan op eventuele geluidshinder veroorzaakt door de parkeerplaats. Het initiatief is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect geluid. 4.1.4 Milieuzonering Milieuzonering is het aanbrengen van een ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Doel is om bij het opstellen van een ruimtelijk plan een goed en veilig leefklimaat te waarborgen, maar tegelijkertijd ook aan bedrijven voldoende milieuruimte te bieden voor het uitoefenen van hun activiteiten. De mate waarin bedrijven invloed hebben op hun omgeving is afhankelijk van de aard van de bedrijvigheid en de afstand tot een gevoelige bestemming. Milieugevoelige bestemmingen zijn gebouwen en terreinen die naar hun aard bestemd zijn voor het verblijf van personen gedurende de dag of nacht of een gedeelte daarvan (bijvoorbeeld woningen).

Daarnaast kunnen ook landelijke gebieden en/of andere landschappen belangrijk zijn bij een zonering tot andere, minder gevoelige, functies zoals bedrijven. Milieuzonering heeft betrekking op aspecten met een ruimtelijke dimensie, zoals geluid, geur, gevaar en stof. De mate van belasting, en daarmee de gewenste aan te houden afstand, kan per aspect en per bedrijfstype en verschillen. In de publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is een lijst opgenomen met daarin de minimale richtafstanden tussen een gevoelige bestemming en bedrijven. Van deze richtafstanden kan worden afgeweken, mits wordt onderbouwd waarom de feitelijke milieuhinder als minder belastend wordt gezien. Het belang van milieuzonering wordt steeds groter aangezien functiemenging steeds vaker voorkomt. Hierbij is het motto: 'scheiden waar het moet, mengen waar het kan'. Planspecifiek Het wellnesshotel kan in het kader van milieuzonering worden vergeleken met de functies van badhuizen en saunabaden (milieucategorie 2) en een hotel (milieucategorie 1) die de VNG publicatie Bedrijven en Milieuzonering onderscheidt. Voor badhuizen en saunabaden wordt de grootste richtafstand gegeven: 30 meter. Binnen 30 meter van de functies van het wellnesshotel bevinden zich geen milieugevoelige functies. Een autoparkeerterrein valt binnen milieucategorie 2.

Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter voor het aspect geluid. Het geluid wordt veroorzaakt door piekbelasting vanwege dichtslaande autodeuren. Deze piekbelasting zal voornamelijk overdag en in de avond plaatsvinden, aangezien klanten van het wellnesshotel voornamelijk tussen 7.00 uur 's ochtends en 23.00 uur 's avonds aankomen en vertrekken. In de nachtperiode zorgt het parkeerterrein daarom nauwelijks voor geluidbelasting. De woonbestemming aan de Arnhemsestraatweg 16 bevindt zich op een afstand van meer dan 30 meter van de parkeerplaats, maar op minder dan 30 meter van de toegangsweg tot de parkeerplaats. Dit betreft de woning van de beheerder van het landgoed, die deel uitmaakt en uit blijft maken van de inrichting. Er is daarom geen sprake van belemmeringen op het gebied van milieuzonering. Het initiatief is uitvoerbaar met betrekking tot het aspect milieuzonering.

28

Landgoed De Valkenberg

4.1.5 Externe veiligheid Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico's voor de omgeving die ontstaan door opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen. Hierbij gaat het om risicovolle inrichtingen, transportroutes voor het vervoer van gevaarlijke stoffen en buisleidingen. De verplichting om in een ruimtelijk plan in te gaan op deze risico's komt voort uit het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen' (Bevi), het 'Besluit externe veiligheid transportroutes' (Bevt) en het 'Besluit externe veiligheid buisleidingen' (Bevb). Daarnaast zijn in het Activiteitenbesluit milieubeheer en het Vuurwerkbesluit veiligheidsafstanden genoemd die moeten worden aangehouden rond stationaire risicobronnen, niet zijnde een Bevi-inrichting. De wetgeving richt zich op het beschermen van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, en kinderopvang- en dagverblijven, en grote kantoorgebouwen (>1500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn kleinere kantoren en winkels, horeca, parkeerterreinen en bedrijfsgebouwen waarin geen grote aantallen personen aanwezig zijn. Binnen het beoordelingskader voor externe veiligheid staan twee kernbegrippen centraal: het plaatsgebonden risico (PR) van 10-6 per jaar en het groepsrisico (GR).

Het plaatsgebonden risicobeleid bestaat uit harde afstandscontouren tussen risicobron en (beperkt) kwetsbaar object. Het wordt uitgedrukt in een contour van 10-6 per jaar (de kans dat per jaar 1 persoon overlijdt door een ongeluk met een gevaarlijke stof mag niet groter zijn dan 1 op een miljoen). Het groepsrisico legt een relatie tussen de kans op een ramp en het aantal mogelijke slachtoffers. Bij de berekening van het groepsrisico spelen mee de aard en hoeveelheid van de gevaarlijke stoffen en het aantal potentiële slachtoffers. Voor de beoordeling van een ruimtelijk plan moet worden vastgesteld of het plangebied is gelegen binnen de PR en/of de invloedsgebieden van het GR. Binnen de 10-6-contour is het realiseren van kwetsbare objecten niet toegestaan. Planspecifiek Via de website risicokaart.nl kan voor de locatie worden vastgesteld of er in de directe omgeving inrichtingen, buisleidingen en / of belangrijke transportroutes aanwezig zijn die in het kader van de externe veiligheid van belang zijn. Bijgevoegd een screenshot van die website.

Landgoed De Valkenberg

29

Uitsnede risicokaart (plangebied blauw omlijnd) Bijgevoegde afbeelding toont dat er risicovolle objecten in de omgeving liggen. Op het landgoed is ten behoeve van het zwembad een opslag met chloorbleekloog aanwezig. Ten zuiden van het plangebied liggen een aardgasbuisleiding en een spoorwegroute. Het te ontwikkelen parkeerterrein ligt het dichtst bij deze risicobronnen, maar is geen kwetsbaar object, omdat er geen bouwwerk wordt gerealiseerd waar mensen in kunnen verblijven. De te realiseren sauna's zijn wel (beperkt) kwetsbare objecten. De eigen risicobron maakt onderdeel uit van de inrichting en heeft daarom geen invloed op risicocontour. De plaatsgebonden risicocontour van de buisleiding ligt niet buiten de leiding zelf. De spoorwegroute is onderdeel van het Basisnet. Het wellnesshotel ligt op meer dan 200 meter afstand van het spoor en daarmee buiten de meest relevante zone voor het groepsrisico. Er is evenmin een verandering van het groepsrisico gezien het hotel reeds geschikt is voor het beoogde aantal bezoekers, waarmee er geen sprake is van een toename van het aantal personen ter plaatse. Er kan worden volstaan met een beperkte verantwoording van het groepsrisico.

Op grond van artikel 7 van het Bevt moet voor de (spoor-)wegen, gezien de ligging, worden ingegaan op de mogelijkheden voor:  de bestrijdbaarheid van een zwaar ongeval op deze transportroute en  de zelfredzaamheid met betrekking tot nog niet aanwezige (beperkt) kwetsbare objecten binnen het plangebied. Volgens artikel 9 van het Bevt moet de veiligheidsregio in de gelegenheid worden gesteld om hierover een

30

Landgoed De Valkenberg

advies uit te brengen. In dit geval is sprake van een standaardsituatie, waarvoor onderstaande verantwoordingstekst kan worden gehanteerd. Relevant hierbij is ook dat het ruimtelijke besluit geen betrekking heeft op het mogelijk maken van een (nog niet aanwezig) "bijzonder kwetsbare object", bestemd voor verminderd zelfredzame personen. Bestrijdbaarheid Bij een calamiteit, waarbij toxische vloeistoffen of gassen (kunnen) vrijkomen, zal de brandweer inzetten op het beperken of voorkomen van effecten. Deze inzet zal voornamelijk plaatsvinden bij de bron. De brandweer richt zich dan niet direct op het bestrijden van effecten in of nabij het plangebied. De mogelijkheden voor bestrijdbaarheid worden daarom niet verder in beschouwing genomen. Mogelijkheden tot zelfredzaamheid Bij een calamiteit, waarbij toxische vloeistoffen of gassen vrijkomen, is het belangrijk dat de aanwezigen in het plangebied worden geïnformeerd hoe te handelen bij dat incident. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS-palen) of NL-alert. Bij het genoemde incidentscenario is het advies om te schuilen in een gebouw en de ramen, deuren en ventilatieopeningen te sluiten. Er zijn voldoende mogelijkheden om dit advies tijdig op te volgen. Ten aanzien van het aspect externe veiligheid is het plan uitvoerbaar.

4.2

Water

Water is een belangrijk thema in de ruimtelijke ordening. Door verstandig om te gaan met het water kan verdroging en wateroverlast (waaronder ook risico van overstromingen e.d.) voorkomen worden en de kwaliteit van het water hoog gehouden worden. Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21e eeuw heeft advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport 'Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw' (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd:  vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Indien nodig wordt overtollig water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen niet meer mogelijk is wordt het water afgevoerd.  schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden.

Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod. Waterwet De Waterwet regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater en verbetert ook de samenhang tussen waterbeleid en ruimtelijke ordening. Daarnaast levert de Waterwet een flinke bijdrage aan kabinetsdoelstellingen zoals vermindering van regels, vergunningstelsels en administratieve lasten. Een belangrijk gevolg van de Waterwet is dat de aloude vergunningstelsels uit de voorheen afzonderlijke waterbeheerwetten zijn gebundeld. Dit resulteert in één vergunning, de watervergunning.

Landgoed De Valkenberg

31

Nationaal Waterplan Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan vastgesteld door het kabinet. Dit Nationaal Waterplan geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Het Nationaal Waterplan richt zich op bescherming tegen overstromingen, beschikbaarheid van voldoende en schoon water en de diverse vormen van gebruik van water. Het geeft maatregelen die in de periode 2016-2021 genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt te benutten. Watertoets De 'watertoets' is een instrument dat waterhuishoudkundige belangen expliciet en op evenwichtige wijze laat meewegen bij het opstellen van ruimtelijke plannen en besluiten. Het is geen technische toets, maar een proces dat de initiatiefnemer van een ruimtelijk plan en de waterbeheerder in een zo vroeg mogelijk stadium met elkaar in gesprek. De watertoets bestaat uit twee onderdelen:  de verplichting aan initiatiefnemers van ruimtelijke plannen om de waterbeheerder vroegtijdig in de planvorming te betrekken, en  de verplichting aan initiatiefnemers van ruimtelijke plannen om in hun plan verantwoording af te leggen over de manier waarop omgegaan is met de inbreng van de waterbeheerder. Dit laatste gebeurt doorgaans in de waterparagraaf bij het betreffende plan.

Planspecifiek Beleid waterschap Rijn en IJssel Voor dit plan is het beleid van Waterschap Rijn en IJssel mede van belang. Waterschap Rijn en IJssel beschrijft in het Waterbeheerplan 2016-2021 het beleid voor alle taakgebieden van het waterschap. Het plan geeft aan welke doelen het waterschap nastreeft en met welke aanpak het waterschap deze doelen wil bereiken. Het waterschap heeft de "Handreiking Waterparagraaf voor bestemmingsplannen" (versie januari 2012) ontworpen waarmee kan worden bepaald voor welke plannen en in welke mate het waterschap betrokken dient te worden bij het opstellen van een waterparagraaf. Er dient rekening gehouden te worden met een maatgevende bui van 40 mm per uur. Hiervoor kan de volgende berekening worden gehanteerd, waarin de factor 0,04 m een maatgevende bui van 40 mm per uur vertegenwoordigt: Benodigde compensatie (in m³) = Toename verhard oppervlak (in m²) * 0,04 Beleid gemeente Rheden De gemeente Rheden heeft in het Watertakenplan Olburgen 2018-2022 het gemeentelijk rioleringsplan opgenomen. Daarin is het beleid opgenomen dat, bij een ontwikkeling groter dan 60 m² regenwater grotendeels op eigen terrein moet worden verwerkt en alleen de piekafvoer van buien groter dan 1x/5 jaar op de gemengde riolering geloosd mag worden. Watertoetstabel Aan de hand van de handleiding van het waterschap is het aspect water in het voorliggende plan meegenomen.

In de volgende tabel wordt aangegeven welke waterhuishoudkundige aspecten voor het bestemmingsplan relevant zijn.

Thema

Toetsvraag

Relevant

Veiligheid

1. Ligt in of binnen 20 meter vanaf het plangebied een

1. Nee

32

Intensiteit * 2

Landgoed De Valkenberg

waterkering? (primaire waterkering, regionale waterkering of kade) 2. Ligt het plangebied in een waterbergingsgebied of winterbed 2. Nee 2 van een rivier? Riolering en 1. Is de toename van het afvalwater (DWA) groter dan 1m³/ 1. Nee 2 afvalwaterketen uur? 2. Ligt in het plangebied een persleiding van WRIJ? 2. Nee 1 3. Ligt in of nabij het plangebied een RWZI of rioolgemaal van 3. Nee 1 het waterschap? Wateroverlast 1. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met 1. Nee 2 (oppervlaktewater) meer dan 2.500 m²? 2. Is er sprake van toename van het verhard oppervlak met 2. Ja 1 meer dan 500 m²? 3. Zijn er kansen voor het afkoppelen van bestaand verhard 3. Nee 1 oppervlak? 4. In of nabij het plangebied bevinden zich natte en laag gelegen 4. Nee 1 gebieden, beekdalen, overstromingsvlaktes? Oppervlaktewaterkwa 1. Wordt vanuit het plangebied (hemel)water op 1. Nee 1 liteit oppervlaktewater geloosd? Grondwateroverlast 1. Is in het plangebied sprake van slecht doorlatende lagen in de 1. Ja 1 ondergrond? 2. Is in het plangebied sprake van kwel? 2. Nee 1 3. Beoogt het plan dempen van perceelsloten of andere 3. Nee 1 wateren? 4. Beoogt het plan aanleg van drainage? 4. Nee 1 Grondwaterkwaliteit 1. Ligt het plangebied in de beschermingszone van een 1. Nee 1 drinkwateronttrekking? Inrichting en beheer 1. Bevinden zich in of nabij het plangebied wateren die in 1.

Nee 1 eigendom of beheer zijn bij het waterschap? 2. Heeft het plan herinrichting van watergangen tot doel? 2. Nee 2 Volksgezondheid 1. In of nabij het plangebied bevinden zich overstorten uit het 1. Nee 1 gemengde stelsel? 2. Bevinden zich, of komen er functies, in of nabij het 2. Nee 1 plangebied die milieuhygiënische of verdrinkingsrisico's met zich meebrengen (zwemmen, spelen, tuinen aan water)? Natte natuur 1. Bevindt het plangebied zich in of nabij een natte EVZ? 1. Nee 2 2. Ligt in of nabij het plangebied een HEN of SED water? 3. Bevindt het plangebied zich in beschermingszones voor natte 2. Nee 2 natuur? 3. Nee 1 4. Bevindt het plangebied zich in een Natura 2000-gebied? 4. Ja 1 Verdroging 1. Bevindt het plangebied zich in een TOP-gebied? 1. Nee 1 Recreatie 1. Bevinden zich in het plangebied watergangen en/of gronden 1. Nee 2 in beheer van het waterschap waar actief recreatief medegebruik mogelijk wordt? Cultuurhistorie 1. Zijn er cultuurhistorische waterobjecten in het plangebied 1. Nee 1 aanwezig? * de intensiteit van het watertoetsproces is afhankelijk van de antwoorden op bovenstaande vragen. Als er op een categorie 2 vraag een 'ja' is geantwoord is een uitgebreide watertoets noodzakelijk. Is er op geen van de

Landgoed De Valkenberg

33

categorie 2 vragen een 'ja' geantwoord dan kan een verkorte watertoets worden doorlopen. Als er alleen met 'nee' is geantwoord dan is het RO-plan waterhuishoudkundig niet van belang en hoeft er geen wateradvies bij het waterschap gevraagd te worden. Het plangebied ligt in het Natura 2000-gebied de Veluwe. Echter betreft dit geen gebied met natte natuur en heeft het geen invloed op het aspect water. Afvalwater van het zwembad en de andere bestaande gebouwen wordt in de bestaande situatie op het vuilwaterriool afgevoerd (deels op het riool aan de Rozenbos en deels aan de Arnhemsestraatweg). Dit zal in de toekomstige situatie niet wijzigen. Het afvalwater van de sauna's wordt op het vuilwaterriool aangesloten. Hemelwater In de huidige situatie wordt het hemelwater van het zwembad via de riolering afgevoerd. Het hemelwater van het hoofdhuis wordt via bezinkputten geïnfiltreerd. Het hemelwater van 'de paardenstal' wordt in het achterliggende bos geïnfiltreerd. Voor de waterbergingsopgave is een notitie opgesteld, welke is opgenomen in bijlage 4. Hierin is geconcludeerd dat ter compensatie van de toename het verhard oppervlak in het plangebied, een bergingscapaciteit van 143 m³ benodigd is. Deze wordt in de vorm van een wadi met een diepte van 0,5 meter en een oppervlakte van 285 m² gerealiseerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=b994cdf7-a6ef-4503-aecc-540f23cb6cfc