CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2024 (23.47).pdf

Raadsvergadering 4 juli 2023, gemeente RhedenBij agendapunt: Kadernota 2024 (23.47)14.073 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Inrichting en beheer openbare ruimte Perspectief Met het uitvoeren van het vastgestelde Watertakenplan Olburgen 2023-2027 voldoen we aan de gemeentelijke zorgplicht (Wet milieubeheer) op gebied van hemelwater, grondwater en afvoer van afvalwater. Daarbij zijn ook de middelen beschikbaar gesteld om de herinrichting van de openbare ruimte, klimaatadaptatie op gebied van wateroverlast, hitte en biodiversiteit (meekoppelkansen) versneld te realiseren. In de komende jaren gaan we praktische uitvoering geven aan de samenwerking met onze waterpartners in de gehele waterketen. Deze samenwerking is cruciaal aangezien de gevolgen van klimaatverandering niet ophouden bij de gemeentegrens. Daarnaast willen we in een vroegtijdig stadium inzicht hebben in de uit te voeren gemeentelijke projecten in de openbare ruimte. Hierdoor is het mogelijk de afzonderlijke planningen van de diverse disciplines/beleidsterreinen op elkaar af te stemmen en prioriteiten hierin te stellen. Door deze afstemming, integraal werken genoemd, worden meerdere opgaven aan elkaar gelinkt en in één keer uitgevoerd. De voordelen van integraal werken zijn dat de kosten en hinder voor inwoners beperkt wordt en de kwaliteit op meerdere punten in één keer wordt verbeterd.

Een aandachtspunt is dat het niet altijd lukt om alle ontwikkelingen op één lijn te krijgen vanwege de verschillende levensduur van objecten in de openbare ruimte.

25

Het afstemmen doen we op basis van beheernota en het in 2021 vastgestelde Integraal beheerplan openbare ruimte 2021-2025 waarin onderbouwde keuze gemaakt zijn voor integraal beleid en beheer van de openbare ruimte. Hierin is het beleid, de kwaliteit en bijbehorende budgetten vastgesteld.

Autonome ontwikkelingen Het klimaat heeft grote invloed op het water- en rioolbeheer en op de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. In de Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) hebben alle overheden samen de ambitie vastgelegd om Nederland voor 2050 zo goed mogelijk klimaatbestendig en waterrobuust in te richten. Dat het klimaat verandert staat vast, maar het is nog onzeker hoeveel en hoe groot de effecten op het beheer zullen zijn. We nemen klimaatadaptie structureel mee in onze opgaven. Door de recente rechtelijke uitspraken met betrekking tot de stikstof bouwvrijstellingen zullen wij ook bij civiele projecten moeten onderbouwen of dit past binnen de stikstofregelgeving. Gezien de ligging van onze gemeente tussen twee Natura 2000-gebieden is dat binnen onze gemeente een aannemelijk risico. Wij zullen bij alle toekomstige aanbestedingen van begin af aan de mogelijke impact van stikstofemmissie op de uitvoering meeneemen. Emissieloos werken wordt opgenomen in de aanbestedingen. Dit is op dit moment niet alleen voor ons maar ook een uitdaging voor de markt. De vraag naar uitvoerend personeel, bouwmaterialen en grondstoffen stijgt. De stijging kan leiden tot bijstelling van de beschikbare budgetten voor het beheer en herinrichting van de openbare ruimte. Daarnaast kan er bij leveringen vertraging ontstaan, welke een langere doorlooptijd tot gevolg kunnen hebben.

Mobiliteit en infra Perspectief Verkeersvoorzieningen Voor verduurzaming, verkeersveiligheid en de aanpak van fietsknelpunten is budget beschikbaar bij de provincie en het rijk. Voor het opstarten en uitvoeren van deze taken, die binnen het bestuurlijke speerpunt Duurzame Mobiliteit van de gemeente Rheden passen, willen we hier maximaal op inzetten. Om deze subsidies te verkrijgen is gemeentelijke cofinanciering nodig.

Autonome ontwikkelingen Bouwkosten en stikstof belemmeren wegenbouw De bouwkosten nemen steeds verder toe. Dit betekent dat lopende en nieuwe projecten soms niet meer rond te rekenen zijn. Als je een weg(regime) wil aanleggen of veranderen komt er stikstof vrij. Bij elk project moet via een stikstofberekening aangetoond worden dat de uitstoot van het project elders wordt gecompenseerd. Maar de spelregels veranderen regelmatig. Bureaus, die deze berekeningen maken zijn vaak overvol. En de uitkomst wordt vaak in juridische procedures aangevochten. Dit alles levert vaak vertraging op. Financiering veren in Gelderland

26

De toekomstige financiering van de veren in Gelderland is afhankelijk van de uitkomst van de coalitieonderhandeling in de Provincie. De huidige lijn van de provincie is dat de financiering stopt. We zullen de consequenties van het provinciale coalitieakkoord betrekken bij de begroting van 2024. We zetten in op behoud van de veerdiensten.

Financiële ontwikkelingen 2. Leefomgeving Grootste posten (x € 1 miljoen)

2024

2025

2026

2027

Nieuwe aanbesteding maaien gazons

-0,2

Energietransitie

-0,3

-0,3

-0,1

-0,1

Uitvoeringsstrategie versnellen woningbouw

-0,3

-0,3

-0,3

-0,2

Diverse overige bijstellingen, per saldo

-0,2

-0,1

-0,1

-0,1

Totaal

-1,0

-0,7

-0,5

-0,4

Nieuwe aanbesteding maaien gazons Met de gunning van het nieuwe contract is aanvullend budget nodig om maaiwerkzaamheden uit te kunnen voeren. Op 18-4-2023 heeft het college (zaaknummer 850265) besloten akkoord te gaan met een aanvullend budget voor het maaien van de gazons voor de jaren 2023 en 2024. Energietransitie Wij zijn gestart met een (ver)nieuwde programmaorganisatie om de opgave van de Energietransitie te realiseren, samen met onze inwoners en bedrijven. De middelen zoals die door het Rijk beschikbaar worden gesteld, lijken vooralsnog voldoende voor de opgave in het klimaatakkoord, maar zijn onvoldoende om ook de eigen (extra) ambities te realiseren. Zo zijn er vanuit het Burgerakkoord tal van goede ideeën naar voren gekomen. Voor de uitvoering hiervan zijn nog geen middelen gereserveerd. Uiteraard kijken we eerst wat we binnen de beschikbare middelen kunnen oppakken. Voor het deel van het Burgerakkoord dat betrekking heeft op de energietransitie stellen wij voor € 250k beschikbaar te stellen. Dit betreft de inzet van de verbinder in onze samenwerking met de inwoners voor de periode 2024 en 2025 (€ 125k). Daarnaast ramen wij de kosten voor de uitvoering van aanvullende maatregelen voor de Energietransitie vanuit het Burgerakkoord op € 125k voor de periode 2024-2027. Bij de nadere uitwerking met onze inwoners moet blijken of dit voldoende is.

Wij hebben hierbij bijvoorbeeld nog geen rekening gehouden met de inzet van onder andere een (nieuw) Revolverend Fonds. Bij de begroting brengen we daarbij de benodigde financiering specifieker in beeld, mede naar aanleiding van verdere besprekingen met de werkgroepen van het Burgerakkoord. In die begroting zullen ook de bedragen worden meegenomen voor de onderdelen van het Burgerakkoord die niet onder de energietransitie vallen. Uitvoeringsstrategie versnellen woningbouw Om de woondeal tot 2030 te realiseren is er extra inzet nodig om de lopende en nieuwe projecten adequaat verder te kunnen brengen. Een en ander zal nader beschreven worden in een uitvoeringsstrategie versnellen woningbouw. Een groot nieuw project betreft bijvoorbeeld de mogelijke transformatie van Haveland te Rheden van industrieterrein naar een aantrekkelijk woonen werkgebied.

27

3 Bestuur & organisatie

Wat is onze visie? Dienstverleningsagenda Een goede dienstverlening aan onze inwoners, ondernemers en instellingen vinden wij belangrijk. Daarvoor is een goed werkende gemeentelijke organisatie nodig. Slagvaardigheid in het realiseren van onze ambities is daarbij belangrijk. Op een aantal onderdelen verbeteren wij de digitale dienstverlening. Kansengelijkheid en inclusie Wij willen een samenleving die uitgaat van gelijkwaardigheid, diversiteit en inclusie. Wij ambiëren gelijke kansen voor iedereen. Onderdrukking, uitbuiting en uitsluiting worden door ons met kracht bestreden. De gemeente Rheden is daarom ook een regenbooggemeente. Inwonersparticipatie ‘Samen maken we Rheden sterk’. Deze visie is het vertrekpunt voor de gemeente Rheden om via inwonersparticipatie de kennis en ervaring, creativiteit én organisatiekracht van inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners te benutten bij het maken van de beste keuzes voor onze dorpen. Keuzes die de gemeente Rheden leefbaar en sterk houden. Regionale samenwerking en internationale betrekkingen De coalitiepartijen hechten veel waarde aan de gemeentelijke onafhankelijkheid en zelfstandigheid. Voor een aantal maatschappelijke vraagstukken is regionale samenwerking gewenst of noodzakelijk en soms verplicht.

De regionale samenwerkingen waarin wij participeren hebben een duidelijke toegevoegde waarde en vergroten onze effectiviteit en efficiency. In deze samenwerkingen hebben wij een actieve opstelling en inbreng. Daarbij hebben wij oog voor de democratische legitimatie. Wij intensiveren daarom de lokale en regionale samenwerking. Daarbij hechten wij veel waarde aan lokale samenwerkingen met ondernemers en het onderwijs. Rheden participeert in regionale gemeentelijke samenwerkingen daar waar het gemeenteoverstijgende opgaves betreft en een duidelijke toegevoegde waarde heeft. De context waarin gemeenten moeten opereren staat onder druk o.a. door de toegenomen complexiteit van de gemeentelijke opgaves, de krapte op de arbeidsmarkt en de sterk stijgende uitgaven door inflatie. In onze regio ervaren veel (kleine) gemeenten knelpunten in hun bestuurs- en organisatiekracht en verkennen daarom een intensievere samenwerking met buurgemeenten. Op initiatief van enkele buurgemeenten voert Rheden momenteel verkennende bilaterale gesprekken met Rozendaal, Doesburg en Renkum over een mogelijk intensivering van de ambtelijke samenwerking. Met betrekking tot internationale samenwerking continueren we de samenwerking met VNG International op basis van participatie in hun programma’s en projecten. Vastgoedportefeuille Wij willen meer duurzame voorzieningen op maat voor toekomstbestendige dorpen.

Daarbij geven wij aandacht aan circulair aanbesteden. Door middel van ons vastgoedbeleid willen wij de sociale verbindingen van de dorpen in Rheden behouden en, waar mogelijk, versterken. Op deze wijze behouden wij levendige dorpen met een duidelijk eigen karakter en identiteit. Ook culturele

28

voorzieningen dragen bij aan de onderlinge sociale verbindingen. Tot slot draagt onze vastgoedstrategie bij aan solide, toekomstbestendige gemeentelijke financiën. Professionele organisatie Rheden wil een betrouwbare en slagvaardige organisatie zijn, die haar inwoners, ondernemers en bezoekers goede dienstverlening biedt. We merken dat met de nieuwe taken die op onze gemeente afkomen, de toenemende vraag en het gewenst dienstverleningsniveau we niet uitkomen met de bestaande ambtelijke capaciteit. Binnen het domein samenleving is een onderzoek gestart naar de benodigde capaciteit om als professionele organisatie te kunnen blijven opereren met de toenemende opdrachten en vragen vanuit de Rijksoverheid. En om onze inwoners op passende wijze te blijven ondersteunen. Daarnaast speelt de ontwikkeling van de financiële advies functie en de uitspraak van de hoge raad over privaatrechtelijkhandelen van overheden bij onroerend goed transacties. Ondertussen is het moeilijk om ervaren personeel te vinden op de arbeidsmarkt. Wij verwachten met de programmabegroting 2024 inzicht te kunnen geven in de extra benodigde ambtelijke capaciteit.

Dienstverleningsagenda Perspectief Ontwikkelingen Financiën en Informatie De organisatie is continu in ontwikkeling, extra werkzaamheden, implementatie van wet- en regelgeving en complexere taken worden bij de gemeente ondergebracht. Dat raakt het vakgebied financiën (de financiële functie) en Informatie. Hoe we hier het beste mee om kunnen gaan, wordt op dit moment onderzocht.

Autonome ontwikkelingen Gelders Archief Als gevolg van de sloop van het gemeentehuis is in 2022 op basis van meerwerk (45K) het te vernietigen archief onder gebracht bij het Gelders Archief. Omdat in het nieuwe gemeentehuis geen archiefruimte terugkomt, moeten wij, om te blijven voldoen aan de wettelijke kaders voor dit te vernietigen archief, de komende jaren ruimte bij het Gelders Archief blijven huren. Op basis van de prognose neemt het benodigde aantal strekkende meters te vernietigen archief de komende 4 jaar af van 2.500m1 naar 2.000m1. Software We kunnen constateren dat de kosten voor ICT hoger worden. De Connectie spreekt in haar meerjaren begroting over een bovengemiddelde prijsontwikkeling voor ICT. Hierdoor is er een reële kans dat in 2023 overschrijding van budget volgt. In de (meer jaren) programmabegroting 20232026 van de Connectie is opgenomen dat In 2022 gemiddeld moet worden uitgegaan van een stijging van kosten van 3% ten opzichte van de prijsindexatie voor materiële de overheidsconsumptie in 2021. Deze 3% bijstelling is opgenomen in de programmabegroting 2022, maar de financiële vertaling hiervan is nog niet verwerkt omdat destijds de keuze was ontwikkelingen af te wachten. Prijsontwikkelingen vanaf 2023, zoals genoemd in de Perspectiefbrief 2023, waar de Connectie het initiatief toe neemt, en de onderzoeken die hier bij horen, zijn nog niet afgerond.

Zodra de resultaten hiervan bekend zijn, worden deze opgenomen in de programmabegroting 2024, en 2e bestuursrapportage 2023. Audio visuele middelen en meubilair Sinds begin 2020 zijn er een groot aantal initiatieven geweest en maatregelen genomen, om medewerkers digitaal te ondersteunen en dienstverlening digitaal mogelijk te maken. Zo leidde het 29

traject Samen Optimaal Werken tot het beleid hybride werken en gaf het Informatie beleidsplan richting aan de digitaliserende samenleving. Raadsvergaderingen zijn nu online te volgen en dat geldt ook voor bruiloften in de trouwzaal. Dit is het nieuwe normaal en de gemeente Rheden wil deze diensten in haar nieuwe gemeentehuis continueren. Deze ambitie maakt dat de eisen aan de audio en visuele middelen (AV middelen) anno 2024 anders zijn dan in de situatie die de gemeente zoveel jaar geleden achter zich heeft gelaten. Het vertaalt zich in een inhaalslag in nieuwe, moderne en betrouwbare apparatuur, infrastructuur en technieken in het nieuwe gemeentehuis.

Inwonersparticipatie Perspectief Burgerberaad Bij de behandeling van het beleidskader Energie en Landschap (2022) bleek dat er een behoefte was aan een onafhankelijk burgerberaad over de klimaatopgave. Vervolgens heeft G1000 de opdracht gekregen een Burgerberaad met als thema “Hoe wordt Rheden voor 2040 CO2 neutraal?”. Ruim 400 inwoners gingen in juni 2022 met elkaar in gesprek, bepaalde de belangrijkste onderwerpen en werkten deze uit. Van de 50 voorstellen, zijn uiteindelijk 38 voorstellen in het Burgerakkoord opgenomen. In het raadsbesluit van 29 november 2022 inclusief motie geeft de raad aan de uitkomsten van het burgerberaad over te willen nemen en als één van de uitgangspunten te gebruiken voor het beleid en de daarbij behorende uitvoeringsplannen. Om te zorgen dat alle punten goed landen binnen de gemeentelijke organisatie én de samenleving is een project opgestart met als doel om in oktober 2023 een gezamenlijke Duurzaamheidsagenda op te leveren. De duurzaamheidsagenda is een meerjarenagenda voor de periode 2023 – 2026 met een ‘lichte doorkijk’ naar de langere termijn. In de duurzaamheidsagenda staat omschreven welke concrete activiteiten en projecten de gemeente, inwoners, ondernemers en/of maatschappelijke instellingen voor de periode van 2023 – 2026 gaan oppakken.

Participatiebeleid en participatieplatform Zoals ook in het coalitieakkoord staat benoemd, willen we als gemeente Rheden dichter bij onze inwoners staan. Als gemeente streven we naar betrokken inwoners. Daarom is het belangrijk meerdere mogelijkheden te creëren zodat alle inwoners de gelegenheid krijgen deel te nemen aan het besluitvormingsproces. De gemeente Rheden wil in haar participatie een grotere groep inwoners bereiken en betrekken op een manier die bij hun past. In 2022 hebben we eerste ervaringen opgedaan met een vergaande vorm van inspraak: het burgerberaad. De gemeente Rheden wil beschikken over een overkoepelend participatiebeleid dat ook voldoet aan de eisen die de Omgevingswet daaraan stelt. Aangezien participatie een integraal thema is dat allerlei werkvelden raakt, is het noodzaak dit te doen in samenspraak met organisatie en bestuur. De Beleidsnota participatie is naar verwachting gereed in de zomer van 2023. Na vaststelling van dit beleid in de raad zorgen we voor een toolbox met instrumenten en middelen (waaronder een participatieplatform) om bij vraagstukken/projecten de juiste participatieaanpak te kiezen. Die ontwikkeling loopt door in 2024. Daarnaast wordt er een groter beroep gedaan op participatieadvies. Dit specialisme wordt verder uitgebouwd.

Autonome ontwikkelingen Op basis van de duurzaamheidsagenda, worden concrete activiteiten en projecten opgestart. Dit vergt veel van inzet van de organisatie (deels Energie- en warmtetransitie en deels Inwonersparticipatie), met name waar het gaat om begeleiden van processen, participatieadvies en communicatie. 30

We willen als gemeente onze inwoners betrekken bij onze besluitvorming. Daardoor wordt de vraag naar participatiemogelijkheden en -advies steeds groter.

Regionale samenwerking en internationale betrekkingen Perspectief Groene Metropool Gemeente Rheden maakt deel uit van Groene Metropoolregio, en de Regionale Energie Strategie Arnhem-Nijmegen. Wij participeren op basis van de Regionale Agenda 2023-2024 in alle 5 hoofdopgaven. De GMR vraagt in haar begroting 2024, mede op basis van de hoge inflatie, een gemeentelijke bijdrage van € 421.406 (inclusief de bijdrage aan The Economic Board). In het licht van de grote maatschappelijke opgaven verwachten wij deze samenwerking op de opgaven ook na 2024 te continueren (274K). Voor de uitvoering van de Regionale Energie Strategie (RES) vraagt de GMR in haar begroting 2024 een gemeentelijke bijdrage van € 25.192,30 per jaar. Voor 2024 en verder (t/m 2030) volgt een voorstel om de structurele bijdrage van € 0,58 per inwoner per jaar voor te leggen aan uw gemeenteraad.

Vastgoedportefeuille Perspectief Vastgoed Het Rhedens Vastgoedkader is nog steeds uitgangspunt bij het gemeentelijk handelen. Datzelfde geldt voor de verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed. Hiervoor komt het college in het najaar van 2023 met een uitvoeringsplan verduurzaming maatschappelijk vastgoed inclusief een financiële doorkijk.

Autonome ontwikkelingen Uitspraak hoge raad onroerend goed transacties De Hoge Raad heeft bepaald dat bij het privaatrechtelijk handelen van overheden bij onroerend goedtransacties de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (waaronder het gelijkheidsbeginsel) in acht moeten worden genomen (Didam arrest). Dit staat een een-op-een verkoop, verhuur of verpachting in de weg. Voor Rheden betekent dit dat alle (potentiële) gegadigden een gelijke kans moeten krijgen.

Integrale veiligheid Perspectief Vanuit integrale veiligheid werken we vanuit een Integraal Veiligheidsbeleid voor de periode van 4 jaar. In 2023 is dit beleid herijkt en opnieuw vastgesteld. In het uitvoeringsplan is de inzet bepaald

31

op ondermijnende criminaliteit, jeugd en veiligheid, zorg en veiligheid en digitale veiligheid. De prioriteiten die leidend zijn de komende vier jaar. De opvang van Oekraïners, statushouders/ asielzoekers (AZC) en eventuele crisisnoodopvang blijft zeker ook in 2024 nog aan de orde. Dit wordt bekostigd door het Rijk, maar vraagt zeker om inzet van gemeenten.

Autonome ontwikkelingen Op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding heeft de VGGM een tweetal ontwikkeltrajecten aangekondigd die leiden tot een hogere bijdrage bij de gemeenten. Dit is vooral op bedrijfsvoering (algemeen) en bij de GGD. De bijdrage voor de brandweer en crisisbeheersing stijgt alleen door loon- en prijsstijging. Wel krijgt de VGGM extra rijksgelden (BDUR gelden) voor de versterking van crisisbeheersing waar we als gemeente goed op moeten sturen dat deze worden ingezet op thema's die ook voor de gemeenten van belang zijn.

Financiële ontwikkelingen 3. Bestuur & organisatie Grootste posten (x € 1 miljoen)

2024

2025

2026

2027

De Connectie: - CAO- en prijsontwikkelingen - Kaderwijzigingen

-0,6 -0,2

-0,6 -0,2

-0,6 -0,2

-0,6 -0,2

Loon- en prijsontwikkeling VGGM Brandweer

-0,4

-0,4

-0,4

-0,4

Effect septembercirculaire 2022

0,7

-1,1

0,4

0,4

Nabetaling LPO accres 2022

0,3

0,3

0,3

0,3

Accres voor LPO vanaf 2024

1,2

1,2

1,0

1,0

Stijging salariskosten agv CAO 2023

-1,3

-1,3

-1,3

-1,3

Stijging salariskosten vanaf 2024

-1,6

-1,6

-1,6

-1,6

Diverse overige bijstellingen, per saldo

-1,5

-1,1

-0,5

-1,1

Totaal

-3,4

-4,8

-3,5

-3,5

De Connectie - CAO- en Prijsontwikkelingen - Kaderwijzigingen Via de Meerjarenprogrammabegroting 2024-2027, en het bijbehorende raadsvoorstel bent u geïnformeerd over een totaal aan kadercorrecties van 839 duizend euro. Dit betreft CAO stijging (223K), en prijsontwikkelingen (417K). Daarnaast bestaat dit bedrag uit kaderwijzigingen voor het E-HRM systeem (36 K), functiewaarderingssysteem (6K), maat- en meerwerk- (144 K), en werkplekmiddelen (13K). Een nadere duiding leest u terug in de meerjarenprogrammabegroting 2024-2027 van De Connectie (839K) Loon- en prijsontwikkeling VGGM brandweer De inwonersbijdrage VGGM voor de brandweerzorg wordt vanaf 2023 verhoogd met een bedrag van € 181.000 conform de geactualiseerd begroting 2023 in de begroting 2024 van de VGGM. Vanaf 2024 is opnieuw sprake van een verhoging van de inwonersbijdrage als gevolg van de stijgende lonen en prijzen. Deze bedraagt vanaf 2024 € 217.000. Effect septembercirculaire gemeentefonds 2022

32

Bijstelling algemene uitkering conform de septembercirculaire 2022. Het financiële effect van deze circulaire is toegelicht in de memo "Financiële effecten septembercirculaire gemeentefonds 2022, d.d. 18-10-2022. Vooruitlopend op een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026 heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig 1 miljard beschikbaar gesteld. Op 28 april jl. heeft het kabinet in de Voorjaarsnota 2023 aangekondigd dat dit bedrag vanaf 2027 structureel beschikbaar komt. In de meicirculaire 2023 zal duidelijk worden wat dat betekent voor de hoogte van de algemene uitkering in 2027. Voor 2027 gaan we voorlopig uit van hetzelfde bedrag als in 2026 (418K). Dit bedrag wijzigt na het doorrekenen van de meicirculaire 2023. Nabetaling loon-en prijsontwikkeling (LPO) accres 2022 In de Voorjaarsnota 2023 van het Rijk is aangekondigd dan de gemeenten een extra tranche prijsbijstelling ontvangen vanaf 2023. De nabetaling van het LPO accres 2022 vindt alleen plaats voor het verschil in de prijsontwikkeling 2022 tussen de meicirculaire2022 (Centraal Economisch Plan 2022) en het CEP 2023. De loonontwikkeling is buiten beschouwing gelaten. Accres voor loon- en prijsontwikkeling vanaf 2024 Vooruitlopend op de meicirculaire2023 informeren we u over het accres voor loon- en prijsontwikkeling van 2024 tot 2027.

Deze prognose is gebaseerd op het Centraal Economisch Plan van het CPB (publicatie 9-3-2023). Na publicatie van de meicirculaire2023 zullen wij u verder informeren over de financiële gevolgen van de meicirculaire. In de 1e bestuursrapportage 2023 wordt u geïnformeerd over het accres voor LPO in 2023. Stijging salariskosten a.g.v. CAO 2023 Per 2-1-2023 stijgen de salarissen van de medewerkers eerst met 240 euro en daarna met 2%. We komen daarmee uit op een gemiddelde loonsverhoging van 7%. In de begroting 2024 zal dit bedrag verdeeld worden naar de verschillende taakvelden. Stijging salariskosten vanaf 2024 De huidige CAO voor gemeenteambtenaren geldt alleen voor 2023. Voor 2024 wordt een nieuwe CAO afgesloten. De stijging voor 2024 is gebaseerd op de Loonvoet sector overheid in het CEP voor 2024.

33

3. Uitgangspunten en kaders Dit hoofdstuk behandelt de financiële omgangsvormen (kaders) tussen Raad en college. Daarbij wordt in het bijzonder ingegaan op de uitgangspunten die worden gehanteerd bij het opstellen van de financiële prognose in de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027. Voor deze uitgangspunten gelden de volgende kwaliteitseisen: • de uitgangspunten dienen een voldoende realiteitsgehalte te hebben, zodat een zo goed mogelijke voorspelling wordt gedaan van de te verwachten jaarrekeningresultaten; • de uitgangspunten die het begrotingsresultaat bepalen worden zoveel als mogelijk consequent toegepast; • beoogd wordt een zo goed mogelijk inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling van de begrotingsresultaten van de opeenvolgende jaren. Verder worden in dit hoofdstuk, naast algemene budgettaire uitgangspunten, diverse specifieke kaders uiteengezet die betrekking hebben op de (meerjaren-)begroting 2024-2027.

34

Algemene uitgangspunten Programmabegroting Overeenkomstig de besluitvorming bij de kadernota en programmabegroting 2023 wordt de volgende programma-indeling toegepast: 1. Samenleving 2. Leefomgeving 3. Bestuur & organisatie

Financieel beleid Overeenkomstig de Gemeentewet dient de gemeente te beschikken over een structureel sluitende begroting, dan wel zal de meerjarenraming een financieel evenwicht moeten laten zien. Voor zover hier geen sprake van is, zal de gemeente onder preventief toezicht komen te staan van de provincie. De volgende algemene uitgangspunten van het te volgen financieel beleid zijn van toepassing op de begroting 2024: • Wij streven naar een evenwichtige financiële situatie. De financiële kengetallen, zoals in de begroting worden opgenomen, geven daarbij inzicht in de financiële ontwikkelingen van onze gemeente. Voorwaarde is dat er balans is in de inkomsten en uitgaven waardoor er sprake is van een sluitend meerjarig perspectief passend bij het gewenste voorzieningenniveau; • De gemeente Rheden streeft naar een begroting die structureel en reëel in evenwicht is. • Autonome ontwikkelingen: o Lopend beleid wordt voortgezet maar er is een verandering van kosten of inkomsten (bijvoorbeeld prijsstijgingen, veranderde wet- en regelgeving). o De gemeente heeft geen invloed op de wijzigingen en heeft geen of weinig keuzemogelijkheden. De Begroting 2024 wordt opgebouwd vanuit het bestaande, door de Raad geaccordeerde, beleid.

Voor nieuw beleid geldt het uitgangspunt van de integrale afweging, waarbij de Raad, gegeven het hem toekomende budgetrecht, de besluiten neemt en daarmee de nieuwe middelen beschikbaar stelt.

35

Uitgangspunten bij bepalen baten Belastingen en Lokale heffingen De jaarlijkse vaststelling van de tarieven, zoals deze in de begroting worden verwerkt, is gebaseerd op het door de Raad vastgestelde tarievenbeleid en hieraan ten grondslag liggende consistente en objectieve uitgangspunten. We streven ernaar om alle diensten kostendekkend uit te voeren. Voor de berekening van de tarieven lokale heffingen 2024 worden de volgende berekeningsmethodes gehanteerd: • Voor de tarieven waarvoor als uitgangspunt dient ‘100% kostendekkendheid’, wordt het tarief berekend op basis van een kostprijsberekening. Hierbij worden de direct- en indirect toe te rekenen kosten aan de prestatie (activiteit) toegerekend en vervolgens op grond van de geraamde aantallen ‘omgeslagen’ in een tarief, waarbij vervolgens een kostendekkend tarief ontstaat; • Voor de tarieven waarbij de jaarlijkse stijging wordt gebaseerd op het geraamde inflatiepercentage wordt uitgegaan van het tarief over 2023, vermeerderd met de inflatieontwikkeling zoals deze is opgenomen in de mei-circulaire 2023 van het gemeentefonds; • Belastingen en heffingen: We streven ernaar om alle diensten kostendekkend uit te voeren. De opbrengst van de onroerende zaakbelastingen wordt jaarlijks met maximaal het verwachte inflatiepercentage verhoogd, tenzij de raad anders besluit (al dan niet op voorstel van het college).

Voor de hoogte van de OZB geldt geen voorgeschreven norm, behalve bij een eventuele “artikel 12-aanvraag”, dan geldt een normtarief voor de OZB als één van de toelatingseisen. In dat geval dient een gemeente minimaal 20% meer OZB te heffen dan het landelijk gemiddelde.

In de onderstaande tabel wordt voor de financieel relevante lokale heffingen uiteengezet welke uitgangspunten worden gehanteerd in het tarievenbeleid. Deze uitgangspunten zijn bepalend voor de berekening van de tarieven voor 2024.

Uitgangspunten tarievenbeleid lokale heffingen (maximaal) 100 % kostendekkend tarief Onroerende zaakbelastingen Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten Rioolrechten Bouwleges Hondenbelasting Toeristenbelastingen Forensenbelasting Secretarieleges Begraafrechten

Jaarlijkse stijging op basis van inflatiepercentage

Andere uitgangspunten

X X X X X X X X X

36

Leges De leges worden in de begroting geraamd op basis van het verwacht aantal verstrekkingen en de tarieven overeenkomstig de geldende verordening. Op basis van de begrote lasten over 2024 worden in het najaar van 2023 de nieuwe kostendekkende tarieven berekend en in een wijziging van de legesverordening aan de Raad ter vaststelling voorgelegd. Na besluitvorming door de Raad zal de begroting 2024, waar van toepassing, worden aangepast op de nieuwe tarieven.

Prijzen gemeentelijke goederen en diensten Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten de indirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende diensten.

Algemene uitkering De berekening van de algemene uitkering voor de begroting en meerjarenraming wordt in principe gebaseerd op de meicirculaire 2023. In het geval de septembercirculaire 2023 substantiële afwijkingen laat zien ten opzichte van de meicirculaire kan dat aanleiding zijn die circulaire als basis te gebruiken.

Opbrengst huur en pacht De opbrengsten van de huur en de pacht worden begroot op basis van de hieraan ten grondslag liggende beleidsdoelstellingen en contracten. Voor zover sprake is van leegstand bij de te verhuren objecten wordt toch rekening gehouden met een substantiële bezetting. Hiermee wordt bereikt dat in de begroting de te realiseren opbrengsten blijken en dat bij de jaarrekening inzicht ontstaat in het bezettingsresultaat.

37

Uitgangspunten bij bepalen lasten Loon- en prijsontwikkelingen In de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 worden stelposten gereserveerd waaruit verwachte prijsstijgingen en autonome kostenontwikkelingen kunnen worden opgevangen. Als basis voor die inflatiepercentages wordt de meicirculaire van 2023 gehanteerd.

Financieringskosten (rentekosten) De financieringskosten worden in de begroting 2024 opgenomen op basis van een geactualiseerde middellange financieringsprognose. Hierbij wordt de financieringspositie van de gemeente herberekend en over het overschot c.q. tekort rente gecalculeerd. In de begroting 2024 en verder wordt voor het financieringstekort voor zover deze de kasgeldlimiet overschrijdt een rentekostenvoet gehanteerd van 3%. Voor kortlopende financiering (onder de kasgeldlimiet) zal een rentepercentage worden gehanteerd van eveneens 3%. Het financiële effect zal verwerkt worden in de meerjarenraming 2024-2027. Voor de rentelasten die bij derden in rekening worden gebracht en die onderdeel uitmaken van de kostprijsberekening van de in het verleden gedane investeringen - gelden de destijds vastgestelde rentepercentages. De structurele rentekosten zijn daarmee volledig in de begroting en meerjarenraming verwerkt.

Afschrijvingskosten De afschrijvingskosten worden berekend naar gelang de economische levensduur van het betreffende activum. Hierbij worden vooralsnog de afschrijvingstermijnen gehanteerd, zoals opgenomen in bijlage 1 van de financiële verordening gemeente Rheden 2019. Eind 2023 zal aan de Raad een geactualiseerde financiële verordening worden voorgelegd. De daarin terzake opgenomen artikelen zijn - na vaststelling door de Raad - leidend voor de berekening van afschrijvingslasten. Voor de jaarlijkse raming van afschrijvingskosten hanteren we de volgende uitgangspunten: • De structurele afschrijvingslasten van investeringen tot en met 2022 worden volledig in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 verwerkt en toegerekend aan de hierop betrekking hebbende programma’s; • De structurele afschrijvingslasten van investeringen van 2023 en verder, waarover besluitvorming heeft plaatsgevonden, worden volledig in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 verwerkt en toegerekend aan de hierop betrekking hebbende programma’s; • In de meerjarenraming 2025-2027 worden de afschrijvingslasten voor vervangingsinvesteringen geraamd op het niveau van de ‘vrijval’ van afschrijvingen, die het gevolg zijn van het volledig afgeschreven zijn van investeringen.

Als gevolg van deze keuze ontstaat in die jaren geen budgettair effect in de begroting; • Met de vaststelling van de begroting stelt de Raad de financiële ruimte beschikbaar voor de lasten die voortkomen uit de zogenoemde investeringslijst. Deze lijst heeft betrekking op vervangings- en uitbreidingsinvesteringen en dient ter onderbouwing van de gevraagde financiële ruimte; • Voor investeringen die verband houden met nieuw beleid (uitbreidingsinvesteringen) wordt door het college aan de Raad in een afzonderlijk raadsvoorstel verzocht het investeringskrediet beschikbaar te stellen; • Het college stelt de investeringskredieten beschikbaar voor wat betreft de vervangingsinvesteringen voor zover de hiermee verbonden lasten passen binnen de door de Raad beschikbaar gestelde financiële ruimte; 38

Ten aanzien van de begroting 2024 zal als volgt worden gehandeld: • In de uiteenzetting van de financiële positie in de programmabegroting 2024 wordt de financiële ruimte in beeld gebracht die verband houdt met ‘uitbreidingsinvesteringen’. Ter onderbouwing dient de investeringslijst 2023-2027; • Voor het begrotingsjaar 2027 wordt een investeringsruimte opgenomen die gelijk is aan de daling van de afschrijvingslasten in dat jaar als gevolg van volledig afgeschreven investeringen. Hierbij doet zich geen budgettair effect voor; • In de programmabegroting zal de investeringslijst 2023-2027 worden opgenomen, • Met het vaststellen van de programmabegroting 2024 stelt de Raad overeenkomstig het bepaalde in de Financiële verordening gemeente Rheden 2019 de middelen beschikbaar voor de uitvoering van het investeringsprogramma (investeringslijst 2023-2027) door het college.

Personeelskosten (salariskosten) De salariskosten worden in de begroting 2024 geraamd op de toegestane formatieomvang en de hierbij behorende loonkosten van de personeelsleden op basis van de huidige cao afspraken. In de meerjarenraming 2025-2027 wordt jaarlijks een stelpost opgenomen in verband met een kostenstijging als gevolg van (extra) periodieke verhogingen, functiewaarderingen en dergelijke.

Reserves en voorzieningen

Noodzaak en omvang

Op grond van de financiële verordening biedt het college de raad eens in de 4 jaar een nota reserves en voorzieningen aan. In deze nota wordt een toelichting gegeven over de noodzakelijkheid en de gewenste omvang van de reserves en voorzieningen. We verwachten in het 1e kwartaal van 2024 een 'Nota herziening reserves en voorzieningen' aan de raad te kunnen voorleggen.

Rentebeleid

In de begroting 2024 zullen de ‘rentekosten reserves en voorzieningen’ worden verwerkt overeenkomstig het huidige rentebeleid.

Subsidieverstrekkingen De hoogte van de subsidieverstrekkingen worden gebaseerd op de van toepassing zijnde subsidieverordeningen en, voor zover hier sprake van is, subsidiecontracten. Indien in deze een indexering is voorzien, geldt voor het jaar 2024 een stijging van maximaal het verwachte inflatiepercentage op basis van meicirculaire gemeentefonds 2023. Indien een indexering niet is voorzien geldt de nullijn.

Grondexploitatie De uitgangspunten die bepalend zijn voor de financiële prognoses in de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 zijn in de beleidsnota grondbeleid gemeente Rheden 2015 opgenomen.

39

Kosten Regionale samenwerkingen De kosten als gevolg van regionale samenwerkingen (Verbonden partijen) zijn in de begroting verwerkt.

Incidentele begrotingsruimte In de begroting 2024 wordt een incidentele begrotingsruimte opgenomen van € 45.000. Deze post dient als dekkingsmiddel voor incidentele wensen van het college, alsmede incidentele tegenvallers die zich voordoen. Ingevolge een genomen raadsbesluit zijn met ingang van 1 januari 2003 tussen het college en de Raad afspraken gemaakt over het omgaan met de incidentele begrotingsruimte. Kort samengevat kan het college per geval besluiten tot het inzetten van de incidentele begrotingsruimte, voor zover het benodigde incidentele budget niet boven de € 25.000 uitkomt en de incidentele begrotingsruimte voldoende ruimte biedt. Indien een budget wordt gevraagd van boven de € 25.000 zal het college aan de Raad in een raadvoorstel vooraf toestemming dienen te vragen. Een verruiming van de incidentele begrotingsruimte behoeft eveneens expliciet de instemming van de Raad.

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=dc2115ef-66ea-4948-ad4b-074158864815