Kadernota 2022 (21.37)
Tekst van het document
-57
-57
-57
-57
-184 -25 -15 -82
0 -75 -15 111
0 0 -15 111
0 0 -15 111
-306 -432
21 -105
96 -30
96 -30
Structurele effecten jaarrekening 2020 Basisregistraties
subtotaal Totaal Structurele effecten jaarrekening 2020
Basisregistraties Bij de overdracht van de budgetten naar de Connectie in 2017 was nog niet duidelijk welke formatie van basisregistraties over zou gaan naar de Connectie. In de jaarrekening 2020 is aangegeven dat hierover overeenstemming is bereikt met de Connectie. Dit leidt in onze begroting tot een nadeel van 69K. Afwijkingen op begroting 2022-2025
Basisregistraties Bijstelling kader Connectie i.v.m. afwikkeling formatie basisregistratie vanaf 2018. Dit wordt
26
toegelicht in de bestuursrapportage 2021 van de Connectie. De bijdrage aan de Connectie, programma overhead, is met € 52K verlaagd.
Wijkveiligheid De jaarlijkse bijdrage aan de uitvoer van de Wet gemeentelijke Antidiscriminatievoorziening is de afgelopen jaren gestegen door prijsindexatie. Hierdoor ontstaat een tekort op dit budget. Autonome ontwikkelingen Groene metropoolregio Arnhem Nijmegen De gemeentelijke bijdrage staat nu alleen gereserveerd voor 2022. De raad moet jaarlijks instemmen met deelname. M.b.t. deelname in 2022 staat besluitvorming in oktober gepland. In deze kadernota houden we vooralsnog rekening met deelname aan alle vijf opgaven. Mocht uw raad anders besluiten, dan zal dat in de programmabegroting 2022-2025 worden verwerkt. Rheden 450 jaar! Zie toelichting bij thema Veilige en inclusieve samenleving. Vergoeding raadsleden De vaste maandelijkse vergoeding die raadsleden voor hun ambt ontvangen wordt op basis van de indexatie van CAO-lonen overheid bijgewerkt. Vanaf 2022 houden we rekening met een stijging van 2,5%. VGGM De evaluatie van de verdeelsleutel voor de brandweerkosten heeft geleid tot een herverdeling van de kosten vanaf 2022. Voor de gemeente Rheden betekent dit een lagere jaarlijkse bijdrage. In 2022 is deze verlaging gedeeltelijk verwerkt en vanaf 2023 volledig. Daarnaast wordt in de bijdrage aan de VGGM rekening gehouden met een verhoging van de kosten als gevolg van de 24uurs bezetting van de brandweerkazerne Ede en de verhoging voor o.a.
loon- en prijscompensatie conform de begroting 2022 van de VGGM. In Rheden Financieel Stabiel is vanaf 2022 een taakstellende bezuiniging opgenomen van € 75K. Deze is in de nieuwe bijdrage verwerkt.
Wat gaat het kosten Programma (Bedragen x € 1.000) Lasten Baten Saldo van baten en lasten
2022 8.503 641 -7.862
5. Bestuur & Veiligheid 2023 2024 8.150 8.057 611 611 -7.539 -7.446
2025 8.057 611 -7.446
Reserves Toevoeging Onttrekking Resultaat
0 0 -7.862
0 0 -7.539
0 0 -7.446
27
0 0 -7.446
6 Overhead en algemene dekkingsmiddelen Uitgangspunt voor dit programma is nog steeds het waarborgen van een solide financiële positie van de gemeente blijkend uit een evenwichtige en sluitende (meerjarig)begroting in combinatie met een voldoende reservepositie. Perspectief Datagedreven werken (Functie data-analist) We leven in een tijd van grootschalige dataverzameling en toename van technieken om deze data productief te analyseren en te gebruiken. Als gemeente willen we meer gebruik maken van beschikbare data, om aan de hand van deze data gefundeerd keuzes te maken. De hoeveelheid beschikbare data en het aantal bronnen neemt de laatste jaren fors toe, dit levert uitdagingen op maar ook kansen. Door slim gebruik te maken van data uit verschillende bronnen ontstaan nieuwe inzichten. Inzichten die we goed kunnen gebruiken, want de maatschappelijke opgaven worden complexer en de verwachtingen van de inwoners zijn steeds hoger. De behoefte aan inzicht speelt breed en is met name binnen het Sociaal Domein urgent. In 2021 zijn we begonnen met een pilot op het gebied van datagedreven werken. Deze pilot is nog niet afgerond, wel constateren we dat het samenbrengen van data, verklaren van data en maken van rapportages een specialistische functie is. Deze functie wordt data-analist of business intelligence specialist genoemd.
Een data-analist heeft specifieke vaardigheden en focus om zo goed mogelijk inzichten te halen uit data en een brug te slaan tussen beleidsinhoudelijke specialisten en gegevensbeheerders. Vanuit het perspectief van de rechtmatigheidsverantwoording (per 2021 wettelijk verplicht) zal datagedreven werken in de brede zin en specifiek deze functie ook waardevol zijn. Data-analyse biedt de mogelijkheid om vanuit data in IT-systemen inzichtelijk te maken hoe processen in de praktijk worden uitgevoerd. Hierdoor kan het een belangrijk hulpmiddel zijn om de Verbijzonderde Interne Controle meer risicogericht en effectiever uit te voeren. Inzetten op datagedreven werken is dus van belang voor zover het gefundeerd keuzes maken als de beheersing van onze (administratieve) processen. Uiteindelijk is het onze bedoeling om met deze moderne ontwikkeling meer publieke waarde te realiseren. U ontvangt van ons in de aanloop van de begroting een notitie over datagedreven werken, waarin we specifiek ingaan hoe we datagedreven werken willen gaan ontplooien binnen onze gemeente. In de begroting komen we met een concreet voorstel of hiervoor extra middelen nodig zijn. Autonome ontwikkelingen Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is aangenomen in 2021, deze wet vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en wordt van kracht met ingang van 1-1-2022.
De Woo verplicht overheden zo veel mogelijk informatie in een vroegtijdig stadium actief openbaar te maken. Ook moet deze wet er voor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten is en goed te archiveren is. Voor de gefaseerde uitvoering wordt door het Rijk een uitvoeringsbudget ter compensatie van de kosten beschikbaar gesteld. Onderzocht wordt of er sprake kan zijn van een regionale (Arnhem, Renkum, De Connectie en Rheden). Digitale Veiligheid Op 12 februari 2021 heeft de VNG in haar Buitengewone ALV de resolutie “Digitale Veiligheid: kerntaak voor gemeenten” unaniem aangenomen. De resolutie beschrijft een aantal uitgangspunten welke volgen uit de eerder vastgestelde Agenda Digitale Veiligheid 2020-2024. Deze agenda beschrijft een aantal thema’s met bijbehorende actielijnen. In deze actielijnen zijn een aantal adviezen opgenomen t.a.v. wenselijkheid tot vaststellen budgetten voor cybersecurity. Het eerste advies pleit voor het alloceren van een passend gemeentelijk budget om de verantwoordelijkheid voor informatieveiligheid adequaat te kunnen invullen. De hoogte van dat budget is afhankelijk van de uitkomst van een gemeentelijke risicoanalyse die bestuurlijk is geaccordeerd. Een ander advies heeft betrekking op het maken van afspraken tussen gemeentebesturen en ketenpartners over de dekking van onverzekerde schade met behulp van een 28
gezamenlijke ‘stroppenpot’. De ervaring leert dat de financiële afwikkeling van schade soms moeizaam kan verlopen. Er is nog weinig inzicht in de risico’s en de bijbehorende schade. Moderne digitale werkplek De Connectie start in onze opdracht medio 2021 met een gefaseerde harmonisatie van de digitale werkplek. De kosten voor backoffice systemen die gemigreerd moeten worden komen voor onze rekening. Deze migratiekosten worden in beeld gebracht en vallen hoofdzakelijk in 2022. Sturing op arbeidskosten De dekking van het personeelsbudget voor de personele bezetting is in beeld gebracht in het project “sturing op arbeidskosten”. Hieruit is naar voren gekomen dat er sprake is van kwantitatieve en kwalitatieve knelpunten. Zo is er niet altijd sprake van structurele dekking voor vaste functies en is er voor sommige disciplines versterking nodig. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de afdeling Financiën & Control en het management. Ook is er behoefte om strakker te sturen op de inzet van materiele budgetten voor de financiering van (doorgaans tijdelijk) personeel. Daarnaast is er als gevolg van de vele veranderingen op sommige plaatsen sprake van een mismatch waardoor frictiekosten zullen ontstaan, zoals ook reeds aangekondigd is in de zomerrapportage. De exacte financiële effecten zijn nog in onderzoek en zullen bij het opstellen van de begroting inzichtelijk zijn.
Het monitoren van de arbeidskosten, inclusief externe inhuur is dit jaar geautomatiseerd, waardoor nu een sneller en accurater inzicht is in het verloop van de kosten en eerder maatregelen kunnen worden genomen.
Financiële ontwikkelingen 6. Overhead en algemene dekkingsmiddelen (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
Structurele effecten jaarrekening 2020 subtotaal Afwijkingen op begroting 2022-2025 Stagevergoedingen Connectie
0
0
0
0
-15 -367
-15 -351
-15 -388
-15 -372
subtotaal
-382
-366
-403
-387
-8 -383 -500 2.890
-8 -383 -500 1.846
-8 -383 -500 991
-8 -383 -500 685
1.999 1.617
955 589
100 -303
-206 -593
Autonome ontwikkelingen Gelders Archief Stelpost cao salarissen Stelpost loon- en prijsindex derden Algemene Uitkering subtotaal Totaal
Afwijkingen op begroting 2022-2025 Stagevergoedingen Gemeente Rheden vindt het belangrijk dat studenten bij gemeenten de kans krijgen om ervaring op te doen. Wij helpen hier niet alleen de student aan het opdoen van de nodige praktijkervaring, maar hebben ook de gelegenheid om onszelf te promoten als aantrekkelijke werkgever. De gemeente verwelkomt per jaar een groot aantal stagiaires (circa 30) op MBO, HBO en universitair niveau. Bij een deel van de stages gaat het om een betaalde stage conform ons stagebeleid. Het huidige stagebudget is onvoldoende om de stagevergoedingen uit te betalen aan hen die daar recht op hebben. De Connectie Verhoging van de incidentele en structurele bijdragen aan de Connectie conform de 1e bestuursrapportage 2021. Hierbij is rekening gehouden met een structureel bedrag van € 100K dat reeds in onze begroting is opgenomen voor de stijging van de kosten voor inkoop en aanbesteding. 29
Autonome ontwikkelingen Gelders Archief De bijdrage aan het Gelders Archief wordt met 8K verhoogd als gevolg van de loon- en lrijscompensatie conform de begroting 2022 van het Gelders Archief. Stelpost cao salarissen De cao onderhandelingen zijn nog niet afgerond. Er is nog geen duidelijkheid over een eventuele verhoging van de salarissen. Om niet verrast te worden houden we vast rekening met een verhoging van de salariskosten voor 2022 van 1,5%. Bij de begroting 2022-2025 verwachten we meer duidelijkheid over eventuele verhogingen. Dan zullen we die verwerken. Stelpost loon- en prijsindex derden Deze stelpost is bedoeld ter dekking van prijsstijgingen en kostenontwikkelingen bij externe partijen (diverse inkoop van goederen en diensten). Bij het opstellen van de begroting 2022 zullen we nader beoordelen in hoeverre deze stelpost toereikend is. Algemene uitkering Dit betreft de effecten van de meicirculaire gemeentefonds 2021 weergegeven in onderstaande tabel.
x € 1.000 Algemene mutaties Compensatie Jeugd Overige taakmutaties Corona middelen Suppletie, integratie en decentralisatieuitkeringen Herverdeeleffect Op te nemen stelposten: Corona Bommenregeling (DU) Wet open overheid
netto - effect
2021 616 1.246 46 1.253 221 0 3.382
2022 1.783 0 139 0 -2 1.091 3.011
2023 1.405 0 155 0 -17 438 1.981
2024 1.007 0 171 0 -38 0 1.140
2025 743 0 186 0 -80 0 849
1.253 27 0 1.280
0 0 121 121
0 0 135 135
0 0 149 149
0 0 164 164
2.102
2.890
1.846
991
685
Algemene mutaties: Het betreft hier vooral aanpassingen van hoeveelheden en aanpassing van rekentarieven WOZ, die voor Rheden meerjarig een gunstig effect hebben. Compensatie jeugd: Dit betreft een eenmalige bijdrage Jeugdzorg bedoeld voor aanpak van wachttijden specialistische jeugdzorg, praktijkondersteuning jeugd GGZ, verdringing en lichte jeugdzorgproblematiek. Het verwachte tekort over 2021 wordt hiermee gedekt. Overige taakmutaties: Dit betreft met name middelen voor Wet open overheid. Op 26 januari 2021 heeft de Tweede Kamer de (Wijzigingswet) Wet open overheid (Woo) aangenomen, een initiatiefwet uit de Tweede Kamer die beoogt de gehele overheid transparanter en toegankelijker te maken. De financiële middelen bestaan uit zowel incidentele als structurele middelen. De structurele middelen zijn o.a. bedoeld voor het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen. De incidentele middelen (t/m 2026)zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie.
30
Coronamiddelen: Het betreft een incidentele post, o.a. aanvullend pakket re-integratie, extra begeleiding kwetsbare groepen, voortzetting TONK-regeling en cultuurmiddelen. Het geld wordt in 2021 gereserveerd en gedurende het jaar op basis van collegebesluiten aan de programma’s toebedeeld. Bedrag ad € 1,2 miljoen is inclusief de budgetten toegekend bij de december- en maartcirculaire. Suppletie, integratie en decentralisatie uitkeringen: De betreft een bijstelling van de integratie uitkeringen participatie en Voogdij 18+. Herverdeeleffect: In de begroting is vanaf 2022 rekening gehouden met een korting op de algemene uitkering van € 1.091.000, oftewel € 25 per inwoner. De verwachting is dat de herverdeling gemeentefonds niet eerder dan in 2023 aan de orde is. Dat maakt dat we in 2022 een voordeel hebben van € 1.091.000. Voor het jaar 2023 houden we rekening met een herverdeeleffect van € 15 per inwoner en in de jaren 2024 en 2025, conform eerdere gedragslijn, met een effect van € 25 per inwoner. Op basis van recente uitwerkingen van de herverdeling van het gemeentefonds zou dit herverdeeleffect voor Rheden hoger zijn (nadeliger) en uitkomen op € 45 per inwoner in 2025. In de programmabegroting 2022 zullen we de algemene uitkering ramen op basis van de meest recente / definitieve besluitvorming omtrent deze herverdeling.
Bommenregeling: Op grond van de Bommenregeling kunnen gemeenten een bijdrage ontvangen voor het opsporen van Conventionele Explosieven. Deze uitkering is ontvangen in als decentralisatie uitkering en zal worden ingezet om de kosten van onderzoek c.q. opsporing van explosieven te dekken. Wet open overheid: Dit betreft de middelen om uitvoering te geven aan de taken die voortkomen uit de Wet open overheid. Voor de incidentele taken ontvangen we t/m 2026 jaarlijks €66.000. Voor de structurele werkzaamheden, zoals genoemd onder overige taakmutaties, ontvangen we €55.000 in 2022, oplopend tot €98.000 in 2026.
Wat gaat het kosten Programma (Bedragen x € 1.000) Lasten Baten Saldo van baten en lasten
6. Overhead en algemene dekkingsmiddelen 2022 2023 2024 2025 16.362 16.355 16.233 16.217 90.210 88.957 88.056 87.750 73.847 72.602 71.823 71.533
Reserves Toevoeging Onttrekking Resultaat
0 3 73.851
0 3 72.606
31
0 3 71.826
0 3 71.536
3. Uitgangspunten en kaders (bestaand beleid) begroting 2022 - 2025 Dit hoofdstuk behandelt de financiële omgangsvormen (kaders) tussen Raad en college. Daarbij wordt in het bijzonder ingegaan op de uitgangspunten die worden gehanteerd bij het opstellen van de financiële prognose in de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025. Voor deze uitgangspunten gelden de volgende kwaliteitseisen: de uitgangspunten dienen een voldoende realiteitsgehalte te hebben, zodat een zo goed mogelijke voorspelling wordt gedaan van de te verwachten jaarrekeningresultaten; de uitgangspunten die het begrotingsresultaat bepalen worden zoveel als mogelijk consequent toegepast; beoogd wordt een zo goed mogelijk inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling van de begrotingsresultaten van de opeenvolgende jaren. Verder worden in dit hoofdstuk, naast algemene budgettaire uitgangspunten, diverse specifieke kaders uiteengezet die betrekking hebben op de (meerjaren-)begroting 2022-2025.
Algemene uitgangspunten Programmabegroting Overeenkomstig de besluitvorming bij de kadernota en programmabegroting 2021 wordt de volgende programma-indeling toegepast: 1. Economische ontwikkeling 2. Welzijn 3. Gebiedsontwikkeling 4. Duurzaamheid 5. Bestuur en Veiligheid 6. Overhead en algemene dekkingsmiddelen Financieel beleid Overeenkomstig de Gemeentewet dient de gemeente te beschikken over een structureel sluitende begroting, dan wel zal de meerjarenraming een financieel evenwicht moeten laten zien. Voor zover hier geen sprake van is, zal de gemeente onder preventief toezicht komen te staan van de provincie. De algemene uitgangspunten van het te volgen financieel beleid die van toepassing zijn op de begroting 2022 luiden als volgt: Wij streven naar een evenwichtige financiële situatie. De financiële kengetallen, zoals in de begroting worden opgenomen, geven daarbij inzicht in de financiële ontwikkelingen van onze gemeente. Voorwaarde is dat er balans is in de inkomsten en uitgaven waardoor er sprake is van een sluitend meerjarig perspectief passend bij het gewenste voorzieningenniveau; De gemeente Rheden streeft naar een begroting welke structureel en reëel in evenwicht is en waarbij elke jaarschijf tenminste sluitend is.
Autonome ontwikkelingen: o Lopend beleid wordt voortgezet maar er is een verandering van kosten of inkomsten (bijvoorbeeld prijsstijgingen, veranderde wet- en regelgeving). o De gemeente heeft geen invloed op de wijzigingen en heeft geen of weinig keuzemogelijkheden. o Geldend vanaf 2022. Het uit te voeren financiële beleid is overeenkomstig wat de partijen hebben bepaald in het Coalitieakkoord en Collegeagenda. De Begroting 2022 wordt opgebouwd vanuit het bestaande, door de Raad geaccordeerde, beleid waarvan ook de maatregelen van RFS onderdeel zijn. Voor nieuw beleid geldt het uitgangspunt van de integrale afweging, waarbij de Raad, gegeven het haar toekomende budgetrecht, de besluiten neemt en daarmee de nieuwe middelen beschikbaar stelt.
32
Uitgangspunten bij bepalen baten Belastingen en Lokale heffingen De jaarlijkse vaststelling van de tarieven, zoals deze in de begroting worden verwerkt, is gebaseerd op het door de Raad vastgestelde tarievenbeleid en hieraan ten grondslag liggende consistente en objectieve uitgangspunten. We streven ernaar om alle diensten kostendekkend uit te voeren. Voor de berekening van de tarieven lokale heffingen 2022 worden de volgende berekeningsmethodes gehanteerd: Voor de tarieven waarvoor als uitgangspunt dient ‘100% kostendekkendheid’, wordt het tarief berekend op basis van een kostprijsberekening. Hierbij worden de direct- en indirect toe te rekenen kosten aan de prestatie (activiteit) toegerekend en vervolgens op grond van de geraamde aantallen ‘omgeslagen’ in een tarief, waarbij vervolgens een kostendekkend tarief ontstaat; Voor de tarieven waarbij de jaarlijkse stijging wordt gebaseerd op het geraamde inflatiepercentage wordt uitgegaan van het tarief over 2021, vermeerderd met de inflatieontwikkeling zoals deze is opgenomen in de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds; Belastingen en heffingen: We streven ernaar om alle diensten kostendekkend uit te voeren. De opbrengst van de onroerende zaakbelastingen wordt jaarlijks met, in principe, maximaal het verwachte inflatiepercentage verhoogd, tenzij de raad op voorstel van het college anders besluit.
In de onderstaande tabel wordt voor de financieel relevante lokale heffingen uiteengezet welke uitgangspunten worden gehanteerd in het tarievenbeleid. Deze uitgangspunten zijn bepalend voor de berekening van de tarieven voor 2022. Uitgangspunten tarievenbeleid lokale heffingen (maximaal)100 % kostendekkend tarief Onroerende zaakbelastingen Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten X Rioolrechten X Bouwleges X Parkeerbelastingen Hondenbelasting Toeristenbelastingen Forensenbelasting Secretarieleges X Begraafrechten X
Jaarlijkse stijging op basis van inflatiepercentage
Andere uitgangspunten X
X X X X
Leges De leges worden in de begroting geraamd op basis van het verwacht aantal verstrekkingen en de tarieven overeenkomstig de geldende verordening. Op basis van de begrote lasten over 2022 worden in het najaar van 2021 de nieuwe kostendekkende tarieven berekend en in een wijziging van de legesverordening aan de Raad ter vaststelling voorgelegd. Na besluitvorming door de Raad zal de begroting 2022, waar van toepassing, worden aangepast op de nieuwe tarieven. Prijzen gemeentelijke goederen en diensten Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de gemeente, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten de indirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeente verleende diensten. Algemene uitkering De berekening van de algemene uitkering voor de begroting en meerjarenraming wordt in principe gebaseerd op de meicirculaire 2021. In het geval de septembercirculaire 2021 substantiële afwijkingen laat zien ten opzichte van de meicirculaire kan dat aanleiding zijn die circulaire als basis te gebruiken.
33
Opbrengst huur en pacht De opbrengsten van de huur en de pacht worden begroot op basis van de hieraan ten grondslag liggende beleidsdoelstellingen en contracten. Voor zover sprake is van leegstand bij de te verhuren objecten wordt toch rekening gehouden met een substantiële bezetting. Hiermee wordt bereikt dat in de begroting de te realiseren opbrengsten blijken en dat bij de jaarrekening inzicht ontstaat in het bezettingsresultaat.
Uitgangspunten bij bepalen lasten Loon- en prijsontwikkelingen In de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 worden stelposten gereserveerd waaruit verwachte prijsstijgingen en autonome kostenontwikkelingen kunnen worden opgevangen. Als basis voor die inflatiepercentages wordt de meicirculaire van 2021 gehanteerd. Financieringskosten (rentekosten) De financieringskosten worden in de begroting 2022 opgenomen op basis van een geactualiseerde middellange financieringsprognose. Hierbij wordt de financieringspositie van de gemeente herberekend en over het overschot c.q. tekort rente gecalculeerd. In de begroting 2022 en verder wordt voor het financieringstekort voor zover deze de kasgeldlimiet overschrijdt een rentekostenvoet gehanteerd van 1%. Voor kortlopende financiering (onder de kasgeldlimiet) zal een rentepercentage worden gehanteerd van 0,5%. Het financiële effect zal verwerkt worden in de meerjarenraming 2022-2025. Voor de rentelasten die bij derden in rekening worden gebracht en die onderdeel uitmaken van de kostprijsberekening van de in het verleden gedane investeringen gelden de destijds vastgestelde rentepercentages. De structurele rentekosten zijn daarmee volledig in de begroting en meerjarenraming verwerkt. Afschrijvingskosten De afschrijvingskosten worden berekend naar gelang de economische levensduur van het betreffende activum.
Hierbij worden de afschrijvingstermijnen gehanteerd, zoals opgenomen in bijlage 1 van de financiële verordening gemeente Rheden 2019. Voor de jaarlijkse raming van de afschrijvingskosten worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: De structurele afschrijvingslasten van investeringen tot en met 2020 worden volledig in de begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025 verwerkt en toegerekend aan de hierop betrekking hebbende programma’s; De structurele afschrijvingslasten van investeringen van 2021 en verder, waarover besluitvorming heeft plaatsgevonden, worden volledig in de begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025 verwerkt en toegerekend aan de hierop betrekking hebbende programma’s; In de meerjarenraming 2023-2025 worden de afschrijvingslasten voor vervangingsinvesteringen geraamd op het niveau van de ‘vrijval’ van afschrijvingen, die het gevolg zijn van het volledig afgeschreven zijn van investeringen. Als gevolg van deze keuze ontstaat in die jaren geen budgettair effect in de begroting; Met de vaststelling van de begroting stelt de Raad de financiële ruimte beschikbaar voor de lasten die voortkomen uit de zogenoemde investeringslijst.
Deze lijst heeft betrekking op vervangings- en uitbreidingsinvesteringen en dient ter onderbouwing van de gevraagde financiële ruimte; Voor investeringen die verband houden met nieuw beleid (uitbreidingsinvesteringen) wordt door het college aan de Raad in een afzonderlijk raadsvoorstel verzocht het investeringskrediet beschikbaar te stellen; Het college stelt de investeringskredieten beschikbaar voor wat betreft de vervangingsinvesteringen voor zover de hiermee verbonden lasten passen binnen de door de Raad beschikbaar gestelde financiële ruimte; Ten aanzien van de begroting 2022 zal als volgt worden gehandeld: In de uiteenzetting van de financiële positie in de programmabegroting 2022 wordt de financiële ruimte in beeld gebracht die verband houdt met ‘uitbreidingsinvesteringen’. Ter onderbouwing dient de investeringslijst 2021-2025; Voor het begrotingsjaar 2025 wordt een investeringsruimte opgenomen die gelijk is aan de daling van de afschrijvingslasten in dat jaar als gevolg van volledig afgeschreven investeringen. Hierbij doet zich geen budgettair effect voor; In de programmabegroting zal de investeringslijst 2022-2025 worden opgenomen,
34
Met het vaststellen van de programmabegroting 2022 stelt de Raad overeenkomstig het bepaalde in de Financiële verordening gemeente Rheden 2019 de middelen beschikbaar voor de uitvoering van het investeringsprogramma (investeringslijst 2022-2025) door het college.
Personeelskosten (salariskosten) De salariskosten worden in de begroting 2022 geraamd op de toegestane formatieomvang en de hierbij behorende loonkosten van de personeelsleden op basis van de huidige cao afspraken. In de meerjarenraming 2023-2025 wordt jaarlijks een stelpost opgenomen in verband met een kostenstijging als gevolg van (extra) periodieke verhogingen, functiewaarderingen en dergelijke. Rentebeleid reserves en voorzieningen In de begroting 2022 zullen de ‘rentekosten reserves en voorzieningen’ worden verwerkt overeenkomstig het huidige rentebeleid. Subsidieverstrekkingen De hoogte van de subsidieverstrekkingen worden gebaseerd op de van toepassing zijnde subsidieverordeningen en, voor zover hier sprake van is, subsidiecontracten. Indien in deze een indexering is voorzien, geldt voor het jaar 2022 een stijging van maximaal het verwachte inflatiepercentage op basis van meicirculaire. Indien een indexering niet is voorzien geldt de nullijn. Grondexploitatie De uitgangspunten die bepalend zijn voor de financiële prognoses in de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 zijn in de beleidsnota grondbeleid gemeente Rheden 2015 opgenomen. Kosten Regionale samenwerkingen De kosten als gevolg van regionale samenwerkingen (Verbonden partijen) zijn in de begroting verwerkt.
Incidentele begrotingsruimte In de begroting 2022 wordt een incidentele begrotingsruimte opgenomen van € 25.000. Deze post dient als dekkingsmiddel voor incidentele wensen van het college, alsmede incidentele tegenvallers die zich voordoen. Ingevolge een genomen raadsbesluit zijn met ingang van 1 januari 2003 tussen het college en de Raad afspraken gemaakt over het omgaan met de incidentele begrotingsruimte. Kort samengevat kan het college per geval besluiten tot het inzetten van de incidentele begrotingsruimte, voor zover het benodigde incidentele budget niet boven de € 25.000 uitkomt en de incidentele begrotingsruimte voldoende ruimte biedt. Indien een budget wordt gevraagd van boven de € 25.000 zal het college aan de Raad in een raadvoorstel vooraf toestemming dienen te vragen. Een verruiming van de incidentele begrotingsruimte behoeft eveneens expliciet de instemming van de Raad.
Doorontwikkeling programmabegroting Naar aanleiding van de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek naar de programmabegroting, is het traject “doorontwikkeling programmabegroting” gestart. Het doel hiervan is om te zorgen dat de programmabegroting, en de daaropvolgende P&C documenten, ten eerste qua inhoud en proces beter aansluiten bij de behoefte. Ten tweede is het doel om te zorgen dat de programmabegroting een coherent stuk wordt dat voldoende basis biedt voor de Gemeenteraad om besluiten te nemen en de controlerende taak uit te voeren. Met de financiële commissie is een groeipad afgesproken. Voor de begroting 2022-2025 betekent dit dat er een duidelijkere relatie wordt gelegd met en tussen de 3 W-vragen. De verschillende programma’s zullen aan de hand van de doelenboom (visie, doelen en resultaten) worden opgebouwd. Hierdoor wordt niet langer beschreven welke (getailleerde) activiteiten worden uitgevoerd, maar zal de begroting zich richten op wat deze activiteiten opleveren (resultaten) en wat hiermee dient te worden bereikt (doelen). Tevens worden, aan de hand van een pilot, voor een deel van programma 2 indicatoren opgenomen om deze doelen en resultaten meer concreet en meetbaar te maken. Een latere stap is in dit groeipad is om voor alle programma’s indicatoren op te nemen.
In lijn met de adviezen van de rekenkamer is het uiteindelijk ook de bedoeling om de koppeling te leggen tussen de doelenboom (visie en doelen) en de beschikbare middelen. Een belangrijk onderdeel is 35
daarbij aan te geven welk deel van de middelen wettelijk beklemd is en welk deel niet, zodat de Raad bij zijn afwegingen een helder overzicht heeft op de 'vrije’ delen van de begroting. Dit inzicht ondersteunt daarmee de besluitvorming door de Raad.
36