Jaarstukken 2021 (22.59)
Tekst van het document
Zorgvuldige en duidelijke communicatie en participatieprocessen rondom veranderingsprocessen (bijvoorbeeld , Transformatieplan 2.0, Omgevingswet, Klimaat, bezuinigingen). Er is in 2021 veel aandacht besteed aan communicatie en participatieprocessen. Communicatieadviseurs zijn nauw betrokken en adviseren zorgvuldig over de communicatie- en participatieaanpak.
67
13 (B) 13 (R)
Implementatieplan gereed naar aanleiding van de Europese eisen voor Digitale Toegankelijkheid. De basis is in orde. Er is nog geen implementatieplan beschikbaar, wegens onvoldoende resources.
Thema: Veilige en inclusieve samenleving Taakveld(en) Bijdrage aan SDG* • 1.1 Crisisbeheersing en brandweer • 16-1, 16-2, 16-4 • 1.2 Openbare orde en veiligheid * Sustainable Development Goals, zie SDG-bijlage voor een nadere toelichting
1. Wat hebben we bereikt? In het streven naar de verbetering van de leefbaarheid en de vermindering van de (georganiseerde) criminaliteit heeft Rheden in 2021 ingezet op de volgende punten: •
Uitvoering gegeven aan het Integraal Veiligheidsplan 2021-2022, met daarbij speciale aandacht voor:
•
De ontwikkelingen rondom Corona. De maatregelen volgenden elkaar rap op, lokaal was (en is) afdeling Veiligheid het eerste aanspreekpunt. Voor de vertaling van de landelijke regels naar een lokale aanpak, voor de connectie met inwoners en organisaties en voor afstemming met de regio en landelijk.
•
De aanpak ondermijning. Er is casuïstiek integraal opgepakt, een integrale controle is georganiseerd, en de nadruk lag op de interne informatiepositie opnieuw te structuren aan de hand van een uitvoeringsplan
•
De doelgroepenaanpak. Er is speciale aandacht geweest voor de arbeidsmigranten. Locaties zijn bezocht en gecontroleerd en er wordt contact onderhouden met de exploitanten, zodat eventuele problemen gauw opgelost kunnen worden.
•
Uitvoering gegeven aan reguliere taken (going concern). Hierbij kan onder andere worden gedacht aan buurtbemiddeling, veiligheidscasuïstiek en de jeugdaanpak.
•
Door onze regierol te pakken en door samen te werken met ons lokaal veiligheidsnetwerk zijn problemen structureel en gezamenlijk opgepakt. We werken samen met onder andere de politie, het Openbaar Ministerie, uitvoerende (zorg)organisaties, bureau Halt, scholen, Raad van Kinderbescherming, Meldpunt WvGGZ, verward gedrag, Veilig Thuis en het Veiligheidshuis. Ook zijn bewoners, ondernemers en belangenorganisaties betrokken bij dit netwerk.
2. Wat hebben we hiervoor gedaan? Nr. 1 (B) 1 (R)
Actie (in termen van %, aantallen, bedragen) of kwalitatieve prestaties Wij realiseren de gestelde ambities uit het Integrale Veiligheidsplan 2021-2022 De ambities in het integraal veiligheidsplan 2021-2022 zijn opgepakt of gerealiseerd. Zo is voor de arbeidsmigranten in 2021 een paraplubestemmingsplan vastgesteld en hebben er twee controles plaatsgevonden. De uitvoering van de wettelijke taken van de wet verplichte GGZ zijn geëvalueerd en daarbij is opnieuw de opdracht verstrekt aan de VGGM. Rondom ondermijning is casuïstiek integraal opgepakt en zijn er integrale controles georganiseerd. Daarnaast is de meeste tijd gaan zitten in de coronacrisis. Alle landelijke ontwikkelingen werden lokaal vertaald en uitgezet. 68
2 (B) 2 (R)
3 (B) 3 (R)
4 (B) 4 (R)
Wij voeren integraal het beleid uit rondom het vraagstuk arbeidsmigranten en cliënten van zorgbureaus In het in 2021 vastgestelde paraplubestemmingsplan zijn maatregelen genomen om te zorgen voor spreiding van de arbeidsmigrantenpanden en zorgbureaus. Daarnaast is er een regionaal beleidskader opgesteld door de groene metropoolregio omtrent arbeidsmigranten en is voor de zorgcliënten besloten om de decentralisering van beschermd/begeleid wonen even af te wachten. Wij verbeteren onze informatiepositie op het gebied van ondermijning en voeren het uitvoeringsplan van ondermijning uit Zowel intern tussen de verschillende afdelingen als met externe partners waarmee onder de zogenaamde RIEC (Regionaal Informatie- en Expertise Centrum) -vlag wordt samengewerkt zijn de banden het afgelopen jaar verstevigd. Dit en projecten en integrale controles hebben onze informatiepositie verstevigd. Wij zorgen voor bewustwording van ondermijning voor inwoners, ondernemers en leerlingen/studenten Het project Leerlingalert is een groot succes. Hier zijn in Oost-Nederland veel scholen voor bezocht. In oktober heeft een integrale controle plaatsgevonden in het kader van de regionale actieweek in de week van de Veiligheid. Toen is een aantal horecaondernemers bezocht en is met hen het preventieve gesprek gevoerd.
5 (B)
5 (R)
7 (B) 7 (R)
Voor de bedrijventerreincontrole zijn we aangehaakt bij het Project Theseus dat voor heel Gelderland werkt. Een controleteam wordt dan ingevlogen. I.v.m. de planning vindt deze controle in januari 2022 plaats. Wij streven waarborging van de integriteit van de gemeentelijke overheid na, door de uitbreiding van de Wet BIBOB toe te passen (oa. zorgbureaus, aanbestedingen en subsidies) In dit kader zijn er in 2021 18 BIBOB-onderzoeken verricht in de volgende categorieën: Alcoholwet vergunning 7 Omgevingsvergunning 3 Vastgoedtransactie 5 Milieuvergunning 1 Overig exploitatie 2 Wij implementeren de nieuwe alcohol wet die in 2021 verwacht De nieuwe Alcoholwet is ingegaan op 1 juli 2021. In de voorbereiding zijn diverse acties ondernomen die door Corona allemaal wat anders waren dan vooraf gepland: • Diverse overleggen over de wijzigingen met de vakgroep Veiligheid, betrokken vakafdelingen, en KHN-afdeling Rheden. De focus van de nieuwe Alcoholwet ligt vooral op het aan banden leggen van de verkoop van alcohol online. • Diverse Webinars en online meetingen met op hoofdlijnen de wijziging van de Alcoholwet. • Voorbereidingen om de Algemene Plaatselijke Verordening aan te passen, ook hier voornamelijk tekstueel. • Website gemeente Rheden is tekstueel aangepast.
• Alle documenten (landelijk vastgesteld) zijn aangepast, betreft voornamelijk wijzigingen van Drank- en Horecawet naar Alcoholwet en Alcoholwetvergunning. • Voor de para-commerciele instellingen zijn voorbereidingen getroffen om het Alcoholbestuursreglement en de lijst met barvrijwilligers (IVA) aan te passen. (door Corona is dit on-hold gezet omdat de clubgebouwen dicht zaten en er geen fysieke vergaderingen gepland konden worden).
69
•
8 (B) 8 (R)
9 (B) 9 (R) 10 (B) 10 (R)
De reglementen moeten worden vastgesteld door het bestuur en de ledenvergadering van verenigingen of organisaties. • Het Vergunningen Informatie Systeem (VIS) is na intensief overleg ICT Connectie en uitgever Berkeley Bridge up to date, afrondende fase eind februari 2022. Dit was technisch een complexe operatie. • Voorbereidende werkzaamheden nieuw systeem RX Launche en implementatie nieuwe Alcoholwet. Over veiligheid en leefbaarheid wordt op lokaal en/of gemeentelijk niveau over successen en uitdagingen minimaal eens per half jaar gepubliceerd. Een succes was de lancering van Hackshield. Dit is een cybercrime game waar kinderen in de leeftijd 8-12 jaar zich bewust worden van de gevaren van het internet. Ook is het convenant veilige school ondertekend door alle VO- en MBO-scholen, Halt, politie, OM en de gemeenten Rheden, Rozendaal en Doesburg. Het doel van deze samenwerking is dat bij alle partijen duidelijk is welke afspraken er zijn op het gebied van het voorkomen en bestrijden van overlast, vandalisme en ander crimineel gedrag. Jaarlijks wordt aan de raad een presentatie gegeven over de cijfers en ontwikkelingen. In december 2021 is er een presentatie aan de raad gegeven over het onderwerp ondermijning. We voeren lokaal het regionaal plan crisis- en rampenbestrijding uit en trainen onze medewerkers.
In 2021 zijn de communicatieadviseurs, veiligheidsadviseur en de locogemeentesecretaris getraind over hun rol in de rampenbestrijding en crisisbeheersing.
Verbonden partijen Voor het bereiken van de doelstellingen van het programma, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten, heeft de gemeente Rheden zich met een aantal partijen verbonden waarin zij een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Het gaat hier om de volgende organisaties: • Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden (VGGM); • Stichting Veilig Thuis. In de paragraaf Verbonden Partijen geven we inzicht in de beleidsmatige en financiële betrokkenheid en de risico's van de gemeente in deze organisaties.
Wat heeft het gekost? Programma 5. Bestuur en Veiligheid Rekening
Primi- Gewijzigtieve de begrobegroting ting
Rekening
Saldo
(Bedragen x € 1.000) 2020
2021
2021
2021
2021
0.1 Bestuur
2.728
2.335
2.350
2.396
-45
0.2 Burgerzaken
1.477
1.663
1.630
1.655
-25
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
2.775
2.917
2.845
2.851
-7
1.2 Openbare orde en veiligheid
1.362
1.220
1.377
1.367
10
8.341
8.135
8.202
8.269
-67
Lasten
subtotaal
70
Baten 0.1 Bestuur
55
30
30
18
-12
0.2 Burgerzaken
-38
499
585
585
547
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
0
6
6
10
4
1.2 Openbare orde en veiligheid
298
21
21
397
376
852
641
641
972
331
-7.489
-7.494
-7.561
-7.296
264
31
0
0
0
0
subtotaal Saldo van baten en lasten Reserves Toevoeging Onttrekking Resultaat
0
0
0
0
0
-7.520
-7.494
-7.561
-7.296
264
Belangrijkste afwijkingen Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2021 is het financieel effect van de mutaties in de jaarstukken 2021 per saldo € 0,3 miljoen voordelig. De belangrijkste mutaties kunnen als volgt worden toegelicht. 5. Bestuur en Veiligheid Taakveld (afwijkingen per taakveld => 50.000 saldo baten en lasten) 0.1 Bestuur
Bedrag in € 1.000
Inc. / Struct.
-57
I
Door een verlaging van de rekenrente was de totale pensioenvoorziening bestuur niet meer toereikend volgens de opgave van de verzekeraar. Dit leidde tot een eenmalige bijstorting in onze pensioenvoorziening van 51K. Overig -2K 0.2 Burgerzaken
-62
I
De kosten voor het organiseren van de tweede Kamerverkiezingen waren beduidend hoger als gevolg van de coronamaatregelen. Totaal -80K. Deze overschrijding wordt volledig gedekt door de Covidgelden ontvangen van het Rijk. Deze worden verantwoord binnen programma 6. Overig 18K 1.1 Crisisbeheersing en brandweer
-2
I
386
I
Geen nadere toelichting 1.2 Openbare orde en veiligheid
Dit saldo bestaat uit meerdere voordelige verschillen > 10K: bijzondere wetten 15 Project leerlingalert 67 De helft is ingezet als dekking salariskosten. Veilige woon- en leefomgeving 24 Door Corona zijn vele acties en bijeenkomsten niet doorgegaan. De Week van Respect heeft bijvoorbeeld in een zeer minimale vorm plaatsgevonden en bijeenkomsten rondom alcohol en drugs konden niet plaatsvinden. Saldo CTB gelden 68 (zie paragraaf COVID-19 in tabel onderdeel 4 VGGM-CTB begrepen in het bedrag van 112K.) Integriteit en veiligheid 27 Het Rijksbudget antidiscriminatievoorziening is vanaf 2021 aan de begroting toegevoegd. Deze middelen worden vanaf 2022 beschikbaar gesteld aan antidiscriminatie-voorzieningen. Bijdrage gemeente Doesburg 27 Dit betreft een bijdrage in de opleidingskosten van de boa's. De totale opleidingskosten vallen onder programma 6. 71
Salariskosten Overig 0.10 Mutaties reserves
143 15 0
I/S
Geen nadere toelichting Totaal
264
72
6 Overhead en algemene dekkingsmiddelen Bij het vaststellen van de uitgangspunten voor deze begroting (kadernota) is besloten tot een samenvoeging van de programma’s: 6 Financiën, 7 Overhead en 8 Algemene dekkingsmiddelen tot programma 6 Overhead en algemene dekkingsmiddelen. De reden hiervoor is dat met deze programma’s, in tegenstelling tot de programma’s 1 t/m 5, geen specifieke beleidsdoelen of maatschappelijke effecten worden beoogd maar dat de voorgeschreven taakvelden van deze programma’s een meer financieel-technisch karakter hebben. Taakveld(en) Bijdrage aan SDG* • 0.4 Overhead • 16-1 t/m 16-10, 16-A en 16-B • 0.5 Treasury • 0.61 OZB-woningen • 0.62 OZB niet-woningen • 0.63 Parkeerbelasting • 0.64 Belasting overig • 0.7 Algemene uitkering • 0.8 Overige baten en lasten * Sustainable Development Goals, zie SDG-bijlage voor een nadere toelichting
1. Wat hebben we bereikt? Uitgangspunt voor dit programma is het waarborgen van een solide financiële positie van de gemeente blijkend uit een evenwichtige en sluitende (meerjarige)begroting in combinatie met een voldoende reservepositie. Eventuele nadere doelen en/of randvoorwaarden zijn opgenomen in de volgende paragrafen: A. Lokale heffingen (taakveld 0.61 t/m 0.64); D. Financiering (taakveld 0.5); E. Bedrijfsvoering (taakveld 0.4). In 2021 hebben we diverse inspanningen verricht om de financiën weer verder op orde te krijgen. Door invulling van diverse ombuigingen en 'strak aan de wind te zeilen' hebben we de financiële situatie weten te verbeteren. Voorliggende jaarstukken 2021 laten een voordelig rekeningresultaat zien en de saldi in meerjarenperspectief 2022-2025 (zie Programmabegroting 2022) vertonen weer begrotingsoverschotten. Hiermee hebben we meer grip gekregen op onze financiën. Deze lijn trekken we door in komende jaren. Voor het overige bestaat dit programma uit vooral financieel-technische (voorgeschreven) ‘taakvelden’ en kent verder geen beleidsinhoudelijke doelstellingen. Ten aanzien van overhead schrijft het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording: voorschriften m.b.t. administratieve verwerking) voor dat de kosten hiervoor afzonderlijk zichtbaar worden gemaakt ten behoeve van een vergelijking met andere (vergelijkbare) gemeenten.
Onder overhead wordt verstaan alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Feitelijk gaat het dan om zowel salariskosten van management en ondersteunende teams (zoals financiën) maar ook om kosten voor ICT, huisvesting, materieel, enz. Dit programma is, conform BBV, bedoeld om afzonderlijk inzicht te bieden in de volgende algemene dekkingsmiddelen, bestaande uit: • de uitkering uit het gemeentefonds(algemene uitkering); • lokale heffingen; • dividenden; • overige algemene dekkingsmiddelen.
73
2. Wat hebben we hiervoor gedaan? Nr. 1 (B) 1 (R)
2 (B) 2 (R)
3 (B) 3 (R)
4 (B) 4 (R) 5 (B)
5 (R)
6 (B) 6 (R) 7 (B) 7 (R)
Actie (in termen van %, aantallen, bedragen) of kwalitatieve prestaties Een sluitend meerjarig perspectief; In 2021 hebben we bij de kadernota 2022 de raad beleidsmatige en financiële kaders voorgelegd te hanteren bij de (meerjaren)begroting 2022(-2025). Beide documenten zijn afgelopen jaar door de raad vastgesteld en dit heeft geleid tot een sluitend meerjarig financieel perspectief. De voordelige begrotingssaldi zijn naderhand nog positief bijgesteld naar aanleiding van de septembercirculaire gemeentefonds. Met de begrotingsoverschotten zijn we in staat om de noodzakelijke verbetering van onze vermogenspositie te realiseren. De kengetallen zoals opgenomen in het onderdeel “Financiële positie van de Financiële Begroting” vallen onder de categorie minst risicovol; Alle kengetallen, m.u.v. de solvabiliteit, laten een score zien die thuishoort bij categorie A (minst risicovol). De netto schuldquote is positief ontwikkeld en scoort onder de 90% en verschuift daardoor van categorie B (bij begroting 2022) naar A. De overige kengetallen zijn redelijk stabiel gebleven. De solvabiliteitsratio is iets verbeterd ten opzichte van de begroting 2021. De score is echter nog steeds lager dan 20% en valt daarmee in categorie C (meest risicovol).
De komende jaren zullen onze inspanningen erop gericht moeten zijn om het weerstandsvermogen te vergroten en daarmee ook onze solvabiliteitspositie te verbeteren. Zie ook nadere toelichting in paragraaf weerstandsvermogen. De tarieven voor afvalstoffenheffing en de rioolrechten zijn 100% kostendekkend; Over 2021 komt de kostendekkendheid afvalstoffenheffing uit op 96%. Dit is iets lager dan begroot (100%) i.v.m. hogere directe kosten, overhead kwijtschelding en BTW. De kostendekkendheid riolering bedraagt 100% . In 2021 is een voordelig resultaat van € 414.900 toegevoegd aan de voorziening onderhoud riolering. Het per saldo voordelige effect ten opzichte van de begroting is met name het gevolg van lagere kosten op de onderdelen rente, kwijtschelding en BTW. De OZB stijgt met maximaal met het inflatiepercentage. In 2021 zijn de OZB-tarieven met 1,5% verhoogd. De gemiddelde inflatie (Consumentenprijsindex) over 2021 bedroeg 2,7%. In de tussentijdse rapportage (de zomerrapportage) bewaken wij de financiële resultaten van de lopende begroting en brengen wij de consequenties daarvan in beeld voor de meerjarenbegroting; Bij de Zomer- en Herfstrapportage 2021 en Eindejaarprognose hebben we de financiële bijstellingen op de lopende begroting in beeld gebracht. Daarbij is aangegeven in hoeverre bijstellingen structureel van aard zijn.
Een apart geactualiseerd overzicht van de meerjarenbegroting is daar niet in opgenomen. Deze actualisatie is het afgelopen jaar tot uitdrukking gebracht in de kadernota en begroting 2022. Bij belangrijke beslissingen met grote financiële consequenties geven wij de impact daarvan op de kengetallen weer; Dit was het afgelopen jaar niet van toepassing. De geactualiseerde kengetallen zijn in de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting 2022 weergegeven. In de begroting maken we inzichtelijk in hoeverre sprake is van kostendekkende heffingen/rechten en hoe de tarieven zich ontwikkelen. Hieraan hebben we invulling gegeven bij de paragraaf lokale heffingen van de begroting 2022.
Verbonden partijen Voor het bereiken van de doelstellingen van het programma, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten, heeft de gemeente Rheden zich met een aantal partijen verbonden 74
waarin zij een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Het gaat hier om de volgende organisaties: • Bedrijfsvoeringsorganisatie de Connectie • Gelders Archief • Bank Nederlandse Gemeenten • Alliander. In de paragraaf Verbonden Partijen geven we inzicht in de beleidsmatige en financiële betrokkenheid en de risico's van de gemeente in deze organisaties.
Wat heeft het gekost? Programma 6. Overhead en Algemene Dekkingsmiddelen Rekening
Primi- Gewijzigtieve de begrobegroting ting
Rekening
Saldo
(Bedragen x € 1.000) 2020
2021
2021
2021
2021
0.4 Overhead
16.670
14.691
16.445
18.654
-2.209
0.5 Treasury
73
-219
-219
73
-292
0.61 OZB woningen
Lasten
713
730
730
714
16
0.62 OZB niet-woningen
0
0
0
0
0
0.63 Parkeerbelasting
0
0
0
0
0
0.64 Belastingen overig
0
0
0
0
0
0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds
0
0
0
0
0
348
534
2.767
1.195
1.573
1
0
0
1
-1
17.805
15.736
19.723
20.636
-913
0.4 Overhead
956
314
599
1.023
424
0.5 Treasury
506
725
585
533
-52
0.61 OZB woningen
6.271
6.671
6.671
6.828
157
0.62 OZB niet-woningen
2.274
2.299
2.299
2.442
144
5
54
54
4
-49
0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) subtotaal Baten
0.63 Parkeerbelasting 0.64 Belastingen overig
216
227
227
251
24
79.209
78.873
82.255
84.408
2.153
288
0
0
430
430
0
0
0
1
1
89.726
89.162
92.689
95.922
3.232
71.921
73.426
72.966
75.285
2.319
Toevoeging
194
0
0
132
-132
Onttrekking
647
3
866
205
-662
72.374
73.429
73.833
75.358
1.525
0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) subtotaal Saldo van baten en lasten Reserves
Resultaat
75
Specificatie Algemene Dekkingsmiddelen Rekening
Begroting
Gewijzigde begroting
Rekening
2020
2021
2021
2021
Alg. uitkering gemeentefonds
79.209
78.873
82.255
84.408
Onroerend zaakbelasting
8.545
8.970
8.969
9.270
Hondenbelasting
216
227
227
251
Toeristenbelasting
99
273
273
172
Forensenbelasting
90
55
55
68
Dividend Alliander
49
49
49
40
Dividend BNG
237
475
335
338
overig dividend
0
0
0
0
Overige dekkingsmiddelen
195
195
195
114
Totaal baten (per saldo)
88.640
89.117
92.358
94.661
(Bedragen x € 1.000)
Belangrijkste afwijkingen Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2021 is het financieel effect van de mutaties in de jaarstukken 2021 per saldo € 1,5 miljoen voordelig. De belangrijkste mutaties kunnen als volgt worden toegelicht. 6. Overhead en Algemene Dekkingsmiddelen Taakveld (afwijkingen per taakveld => 50.000 saldo baten en lasten)
Bedrag in € 1.000
Inc. / Struct.
-1.785
I
0.4 Overhead Connectie: - € 481k Dit saldo bestaat uit de volgende nadelige posten: resultaatbestemming 2020 volgens jaarrekening Connectie 2020 Kostenverhogende BTW. Deze kosten worden niet begroot Bijdrage CAO en pensioenontwikkelingen Connectie 2020 Bezuiniging Rheden Financieel Stabiel niet gerealiseerd Kosten overname bestuurssecretariaat Kaderwijziging Connectie 2020 2x verwerkt: te corrigeren in 2022 Overig < 25
48 114 136 93 45 41 4
ICT - € 103k Hier staat een onttrekking tegenover uit de reserve nog te besteden gemeentelijke budgetten, namelijk 76K office en 27K informatiemanagement. Frictiekosten - € 52k Deze kosten worden geheel gedekt uit de reserve frictiekosten. Budget thuiswerkplek + € 90k Bij de zomerrapportage is incidenteel budget aan de begroting toegevoegd dat bedoeld is als vergoeding voor de inrichting van een thuiswerkplek voor de medewerkers. Niet alles is in 2021 besteed. Het resterende budget is bedoeld voor aanvragen in 2022. Facilitaire kosten gemeentehuis - € 339k
76
Dit nadelige resultaat bestaat uit meerdere bedragen, o.a. afboeken restant boekwaarde gemeentehuis - € 780k; niet aangewend budget voor tijdelijke huisvesting € 487k; hogere lasten gas - € 27k. Salariskosten: - € 777K. Hiervan is binnen dit programma € 92K gedekt uit stelpost salarissen taakveld 0.8 overige baten en lasten en € 95K uit Coronabudget, eveneens taakveld 0.8. De salariskosten worden verder toegelicht bij programma Bedrijfsvoering. Overig < 25K
- € 123k
0.5 Treasury
-343
Het tekort wordt grotendeels veroorzaakt door een nadeel op de toegerekende rente van 590K. In de begroting 2021 is rekening gehouden met een percentage van 0,91% voor rentetoerekening aan de activa. Het rentepercentage bedraagt echter 0,43%. Dat levert een nadeel op van € 590k Daarnaast is sprake van een voordelig resultaat op de betaalde rente van € 253k. Het voordelig resultaat op de betaalde rente is te splitsen in rente kasgeldleningen 75K ( negatieve rente kasgeldleningen) en rentekosten langlopende leningen 178K. Overig < 25K - 6 0.61 OZB woningen
173
I
Zoals reeds toegelicht in de eindejaarsprognose 2021 is er sprake van een voordelig resultaat op de OZB-opbrengsten. Het voordelige effect op de Onroerende zaakbelasting is vooral het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. In de eindejaarsprognose was reeds genoemd dat het totale voordeel op de OZB-opbrengsten 317K zou bedragen, verdeeld over woningen en niet-woningen. Dat is onder te verdelen in 157K OZB woningen, 16K lagere uitvoeringskosten wet WOZ en 144K OZB niet-woningen, zoals hieronder vermeld. 0.62 OZB niet-woningen
144
I
-49
I
24
I
2.153
I
Zie toelichting OZB woningen. 0.63 Parkeerbelasting Geen nadere toelichting. 0.64 Belastingen overig Geen nadere toelichting. 0.7 Alg. uitk. e ov. uitk. gem.fonds
Dit verschil bestaat uit twee bedragen: € 74K betreft een afrekening over vorige jaren. € 2.079K is het totaal van de saldi van de september- en decembercirculaire 2021, namelijk € 839K en € 1.213K. Het grootste deel heeft betrekking op Coronamiddelen, namelijk € 1.491K en dekt de uitgaven binnen andere programma's. Zie de toelichting in paragraaf Covid-19. 0.8 Overige baten en lasten
2.003
I
Dit voordelig resultaat is als volgt opgebouwd: Het saldo op de post algemene dekkingsmiddelen wordt voor een groot deel (€ 1.753K) veroorzaakt door onderuitputting op middelen Covid-19. Een totale toelichting van de ontvangen en bestede middelen Covid-19 is in de betreffende paragraaf weergegeven. Stelpost prijsstijging € 104 K Deze post dient als dekking voor prijsstijgingen binnen andere programma's. Toevoeging aan voorziening dubieuze debiteuren - € 167 K 77
Eindheffing WKR (werkkostenregeling) 2021 - € 53 K Beheerskosten SVN t/m 2021 -€ 52 K SVN correctie renteopbrengst voorgaande jaren € 318 K Afstemming boekwaarde SVN 31-12-2021 € 112 K Overig - € 12K 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB)
0
I/S
-794
I
Geen nadere toelichting. 0.10 Mutaties reserves Mutaties reserve nog te besteden gemeentelijke budgetten: naar reserve vergoeding thuiswerkplekken - € 90K onttrekking reserves Office en informatiemanagement € 103K onttrekking reserve frictiekosten € 52K Geen onttrekking aan reserve COVID-19 (budget 2020) - € 863K Overig € 4K. Totaal
1.525
78
Paragrafen
79
Lokale Heffingen De lokale heffingen maken een substantieel deel uit van de inkomsten van een gemeente. Voor het heffen van belastingen en retributies is er sprake van een financiële noodzaak, aangezien het Rijk bij haar bepaling van de algemene uitkering uitgaat van de mogelijkheid om eigen inkomsten te genereren. Bij de tariefberekeningen houdt de gemeente rekening met de jaarlijkse inflatoire effecten. Voor de diverse lokale heffingen gelden wettelijke voorschriften, zo geldt voor retributies dat de opbrengsten maximaal 100 % van de kosten mogen bedragen. Voorbeelden van deze retributies zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Voor overige lokale heffingen heeft de gemeente een grotere beleidsvrijheid in de bepaling van de tarieven.
Werkelijke opbrengsten uit lokale heffingen Onderstaande tabel geeft inzicht in de werkelijke opbrengsten uit lokale heffingen ten opzichte van de begroting (inclusief begrotingswijzigingen en kwijtscheldingen). 2021 begroting
2021 jaarrekening
Verschil
Mutatie(%)
Onroerende zaakbelastingen
8.958
9.262
304
3,4%
Afvalstoffenheffing/reinigingsrechten
4.188
4.183
-5
-0,1%
Rioolheffing
4.392
4.312
-81
-1,8%
Bouwleges
450
627
177
39,4%
Parkeerbelastingen
4
4
0
0%
Hondenbelasting
213
238
26
12%
Toeristenbelastingen
273
172
-101
-36,8%
Secretarieleges
399
362
-37
-9,4%
Begraafrechten
501
752
251
50,0%
Forensenbelasting
55
68
13
24,0%
Marktgelden
34
6
-28
-81,5%
Overige heffingen/leges
55
92
37
162,5%
19.521 20.079 558 2,86% Totaal Ten opzichte van de begroting na wijziging vallen de opbrengsten uit lokale heffingen in 2021 € 558.000 hoger uit. De afwijkingen van € 50.000 of hoger worden hieronder nader toegelicht. Onroerende zaakbelastingen, € 304.000 voordeel Het voordelige effect op de OZB is met name het gevolg van een hogere WOZ waarde dan waarmee in de begroting 2021 rekening is gehouden. Meeropbrengst OZB bij niet-woningen bedraagt € 144.000 en bij woningen is dit € 157.000. Daarnaast iets minder verleende kwijtschelding (€ 4.000). Rioolheffing, € 81.000 nadeel Naar verwachting is het waterverbruik lager geweest dan waarmee op begrotingsbasis rekening is gehouden. Bouwleges, € 177.000 voordeel In 2021 is er sprake van een meeropbrengst bouwleges van € 177.000
80
Toeristenbelasting, € 101.000 nadeel In het jaar 2021 zijn de aangiftes over het jaar 2020 opgelegd. Er zal voor het jaar 2020 nog ca. € 20.000 worden opgelegd. Het aantal overnachtingen is in 2021 aanzienlijk lager geweest als gevolg van corona. Begraafrechten, € 251.000 voordeel Op het product begraafplaatsen zijn in 2021 hogere legesopbrengsten gerealiseerd van totaal € 251.000. Om de toekomstige kosten te dekken is de meeropbrengst grotendeels gestort in de voorziening begraafplaatsen.
Gehanteerde tarieven 2021 Onderstaand, de door de raad vastgestelde tarieven zoals deze in 2021 zijn gehanteerd. OZB uitgedrukt in percentage van onroerende zaak Woningen - eigenaar
0,1309%
Niet-woningen
- eigenaar
0,2776%
- gebruiker
0,1921%
Afvalstoffenheffing Basisbedrag
36,10
140 l container
162,12
180 l container
206,81
240 l container
273,27
Verzamelcontainer
162,12
Reinigingsrecht Tarief Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en reinigingsrecht 7.3 Afval 0.4 Overhead 0.5 Rente 0.64 Belastingen overig 0.8 Overige baten en lasten 2.1 Verkeer en vervoer 6.3 Inkomensregelingen Btw compensatie Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
215,12 Begroot in 2021
Werkelijk in 2021
3.223.751 78.990 3.833 110.000 -70.336 59.243 175.200 649.232
3.325.625 86.422 3.296 110.000 -70.336 60.000 236.004 773.031
4.229.913 4.230.000 100%
4.524.042 4.359.369 96,36 %
De hogere lasten in vergelijking met de begroting worden veroorzaakt door hogere: directe kosten, overhead, kwijtschelding en BTW.
81
Rioolheffing Eigenaar Gebruiker
Kostendekkendheid rioolheffing 7.2 Riolering 1.4 Overhead 0.5 Rente 0.64 Belastingen overig 2.1 Verkeer en vervoer 6.3 Inkomensregelingen Btw compensatie Totale kosten Opbrengst heffingen
70,89 < 300 m3
126,50
300-999 m3
357,94
1000-9999 m3
2.956,55
> 9999 m3
23.237,02 Begroot in 2021
Werkelijk in 2021
2.266,016 697.500 730.550 158.000 124.590 180.000 376.929
2.719.152 763.151 182.345 158.000 124.590 160.196 366.445
4.533.585 4.534.000
4.473.880 4.472.457
Dekkingspercentage 100% 100% In 2021 is het positieve resultaat van € 414.900 op het product riolering toegevoegd aan de voorziening onderhoud riolering. Het per saldo voordelig effect van het jaar 2021 ten opzichte van de begroting is met name het gevolg van lagere kosten op de onderdelen rente, kwijtschelding en BTW. Toeristenbelasting Overnachtingen
2,00
Seizoenstandplaatsen
245,00
Jaarstandplaatsen
291,20
Forensenbelasting Basistarief
295,57
Opslag
1,13
Hondenbelasting 1e hond
63,84
2e hond
73,68
3e hond
83,28
4e hond
92,88
5e hond
102,60
Ontwikkeling lokale lastendruk De provincie Gelderland houdt de jaarlijkse ontwikkeling van de lokale lasten per gemeente bij. Op basis van deze cijfers kan een vergelijking gemaakt worden tussen de lokale lastendruk van naburige gemeenten. In onderstaande overzichten is de lastendruk 2021 van de gemeente Rheden
82
weergegeven in vergelijking tot diverse Gelderse gemeenten. Tevens is de belastingdruk afgezet tegen het Provinciaal gemiddelde. De gemeentelijke lasten zijn lager dan de lasten in bijna alle hieronder genoemde Gelderse gemeenten en ligt ruim onder het provinciale gemiddelde. OZB Gemeente
2020
afvalstoffenheffing
2021
2020
2021
rioolrechten
totale belastingdruk
2020
2020
2021
2021
Arnhem
340
342
105
109
105
106
549
557
Renkum
230
284
123
128
128
135
481
547
Bronckhorst
210
216
108
130
126
131
443
477
Zutphen
239
278
106
109
90
82
434
470
Lingewaard
251
266
91
100
101
103
443
469
Zevenaar
243
281
83
81
104
106
430
468
Brummen
243
277
68
71
118
120
429
467
Provinciaalgemiddelde
257
270
87
96
97
98
441
464
Doetinchem
226
230
101
131
99
103
426
464
Rozendaal
257
262
94
101
92
93
443
456
Duiven
233
251
88
99
98
100
419
450
Doesburg
190
194
134
137
109
111
432
442
Westervoort
175
207
101
109
104
106
380
422
Rheden
192
205
103
99
107
104
402
408
Overbetuwe
158
174
108
111
47
43
314
328
Bron: https://ftgelderland.databank.nl/ * De begrotingen van gemeenten dienen voor de provincie als basis voor de publicatie van bovenstaande cijfers. Door amendementen en begrotingsbijstellingen kunnen deze cijfers in enige mate afwijken.
Kwijtscheldingsbeleid Rheden kent de mogelijkheid tot kwijtschelding van belastingen. Hierbij hanteren we een grens van 100% van de uitkeringsnorm. Kwijtschelding is in 2021 mogelijk voor de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing (gedeeltelijk). Daarnaast ook voor de leges van een ID-kaart of voor hondenbelasting (gedeeltelijk). In 2021 is in totaal voor een bedrag van € 422.000 aan kwijtschelding verleend. Dit bedrag is hoger dan het begrote bedrag van € 379.000.
83
Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Om inzicht te krijgen hoe de gemeente Rheden er financieel voorstaat, is het van belang om inzicht te hebben in de financiële positie en de financiële weerbaarheid (welke mogelijkheden zijn er in financieel moeilijke tijden). Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre wij in staat zijn om mogelijke tegenvallers (de risico's) op te vangen zonder dat de uitvoering van het beleid en het voorzieningenniveau van onze inwoners in gevaar komt. Met behulp van financiële kengetallen die betrekking hebben op de balans en de begroting kan een beeld worden geschetst van onze financiële positie. De normen worden zoveel mogelijk aangesloten op de richtlijnen van de provinciaal toezichthouder. De kengetallen zijn bedoeld om in relatie tot elkaar te beschouwen. Een afzonderlijk kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie moet worden beoordeeld. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie, maar is dat afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. Het is dus, met andere woorden, niet mogelijk om één individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie.
Het weerstandsvermogen en de kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van onze financiële positie. Het risicoprofiel wordt bepaald en gepresenteerd aan de hand van de grootste financiële risico's.
Risicoprofiel Overzicht van de grootste risico's: nr.
Risico
Kans
Financieel Invloed gevolg
1
Gezien de hoeveelheid maatregelen en het zachtere karakter van een aantal maatregelen, bestaat het risico dat niet alle ombuigingen worden gerealiseerd.
25%
1.000.000
19%
2
Herverdeling gemeentefonds
50%
870.000
17%
3
Mogelijke hogere uitgaven voor jeugdzorg. De budgetten hiervoor zijn bijgesteld, maar de kans bestaat dat een nadere bijstelling nodig zal zijn.
50%
500.000
10%
4
Kosten voor klimaatadaptatie (DPRA)
50%
500.000
10%
5
Kosten implementatie Omgevingswet
25%
500.000
10%
6
Beheer openbare ruimte: Mogelijke meerlasten als gevolg van prijsstijgingen bouwmaterialen en grondstoffen.
75%
500.000
10%
7
Aanvullende bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen i.v.m. mogelijke negatieve exploitatie
25%
250.000
5%
8
Het betreft hier een standaard risico met betrekking tot de P-wet: 1. Hogere lasten dan begroot omdat het aantal uitkeringsgerechtigden minder hard daalt dan het landelijk gemiddelde. 2. Tegenvallende inkomsten van het Rijk.
50%
250.000
5%
9
Door nieuwe, vaak meer flexibele taken, is huidige personele inzet vaak niet voldoende.
50%
250.000
5%
84
10 Hogere bijdrage Scalabor
25%
50.000
1%
11 Overige risico's
10%
500.000
10%
5.170.000
100%
Totaal risicoprofiel 2021
Toelichting op de kolommen De kolom “risico” bevat de omschrijvingen van het risico (gebeurtenis) die kan leiden tot een (nadelig) financieel gevolg. De waarschijnlijkheid dat de omschreven risico's zich daadwerkelijk voordoen wordt getoond in de kolom “kans”. Voor risico's die zich herhaaldelijk voor kunnen doen, geeft de kans een indicatie van de frequentie waarmee risico's zich voordoen. Deze indicatie van de frequentie van voordoen wordt in onderstaande tabel getoond: Omschrijving < 1 keer per 10 jaar 1 keer per 5–10 jaar 1 keer per 2-5 jaar 1 keer per 1-2 jaar > 1 keer per jaar
Percentage 10% 30% 50% 70% 90%
Via de kolom “financieel gevolg” wordt getoond wat de financiële gevolgen zijn van het zich voordoen van het risico. Dit is een inschatting van het maximale financiële effect van het betreffende risico. De kolom “invloed” geeft aan welk aandeel het betreffende risico heeft in het totaal van alle mogelijke financiële risico's. Zichtbaar is dat de top 10 risico's 90% uitmaken van alle mogelijke risico's. Voor deze paragraaf merken we het totaalbedrag aan als risicoprofiel. Ten opzichte van de begroting 2022 (laatste bijstelling) is de omvang van het risicoprofiel verlaagd van afgerond € 6 miljoen naar € 5,2 miljoen. Hieronder geven we een toelichting op de top 10 risico’s. 1. Ombuigingen Conform eerdere inventarisatie houden we er rekening mee dat we mogelijk niet alle bezuinigingsmaatregelen kunnen realiseren. Het risicobedrag is ongewijzigd t.o.v. de recente inschatting bij de Programmabegroting 2022. 2. Herverdeling gemeentefonds In de begroting 2022 is rekening gehouden met een nadelig effect van € 15 per inwoner in 2023 en € 25 per inwoner in 2024 en 2025. Op basis van meest actuele uitwerkingen van de herverdeling zou het nadeel voor Rheden in jaarschijf 2025 kunnen uitkomen op € 45 per inwoner (en € 50 in 2026). Dit is afgerond € 870.000.
Aangezien er nog geen definitieve uitspraak is over de herverdeling gemeentefonds hebben we de ramingen van de algemene uitkering gebaseerd op de uitgangspunten zoals vermeld in de kadernota 2022. Het risicobedrag is ongewijzigd t.o.v. Programmabegroting 2022. 3. Hogere uitgaven jeugdzorg De afgelopen jaren hebben de kosten van jeugdzorg het beschikbare budget overschreden. We hebben daarop de betreffende budgetten opgehoogd. Meest recentelijk bij de begroting 2022 is het budget bijgesteld naar het niveau van de herfstrapportage 2021. We hebben een aantal aanvullende beheersingsmaatregelen genomen, die naar verwachting in 2022 en verder hun effect gaan krijgen. Hiertoe behoren met name lumpsumafspraken met zorgaanbieders en een overeenkomst voor de Sociale Basis. Daarnaast investeren we in sturingsinformatie om op termijn meer inzicht in de kosten te krijgen en eerder in staat zijn om bij te sturen. Daarbij is het belangrijk te beseffen dat er altijd een restrisico blijft bestaan, omdat onze invloed door autonome ontwikkelingen beperkt is. Die ontwikkelingen kunnen betrekking hebben op aantallen, duur en aard van de zorgbehoefte. Feit blijft dat er sprake is van zorgplicht en als er recht is op zorg dan
85
hebben we die te leveren. Het risicobedrag is ongewijzigd t.o.v. Programmabegroting 2022. 4. Klimaatadaptatie In de begroting 2022 is bij programma 4 Duurzaamheid melding gemaakt van diverse werkzaamheden die nodig zijn in het kader van klimaatadaptatie. Hiervoor zijn op dit moment nog onvoldoende middelen beschikbaar. Hoeveel de hiermee gemoeide kosten zullen bedragen is nu nog niet bekend, maar deze zullen wel substantieel zijn. De hiervoor ingeschatte risicopost van € 500K is ongewijzigd t.o.v. Programmabegroting 2022. 5. Omgevingswet Bij de 1e begrotingswijziging 2022 (Raad 22 feb 2022) is ter dekking van de implementatiekosten – op basis van geraamde kosten van € 2,6 miljoen in 2021 en 2022 - door de raad een aanvullend krediet van € 1,5 miljoen beschikbaar gesteld. Zoals gemeld bij die betreffende begrotingswijziging is er nog sprake van diverse onzekerheden en zijn de kosten voor de periode 2023 en verder nog niet bekend. Voorzichtigheidshalve ramen we nog een risicobedrag van € 500K. Dit is een halvering van het risicobedrag genoemd in de Programmabegroting 2022. 6. Beheer openbare ruimte In de Programmabegroting 2022 hadden we een risicobedrag van € 250K vermeld voor mogelijke meerlasten als gevolg van prijsstijgingen bouwmaterialen en grondstoffen. Door de recente forse toename van inflatie is dit risicobedrag verdubbeld in voorliggende paragraaf naar € 500K. 7.
Gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen In de afgelopen jaren zijn er voor de meeste GR-en en verbonden partijen weinig substantiële verhogingen van de verschuldigde gemeentelijke bijdragen geweest. Het risicobedrag is daarom verlaagd van € 500K (inschatting bij begroting 2022) naar € 250K. 8. Participatiewet In de afgelopen jaren hebben we in de jaarrekening bij de lasten en baten (rijksbijdrage) m.b.t. de uitvoering van de Participatiewet geringe financiële voordelen kunnen verantwoorden. Dit laat onverlet dat er op dit onderdeel sprake blijft van een standaardrisico op meerkosten inzake uitkeringslasten en op een lagere rijksbijdrage. Het risicobedrag is bijgesteld van € 500K (inschatting bij begroting 2022) naar € 250K. 9. Personele inzet Deze risico-inschatting is ongewijzigd t.o.v. de raming bij de Programmabegroting 2022. Het risicobedrag van € 250K sluit aan bij de gemelde overschrijding op salariskosten in voorliggende jaarrekening 2021. 10. Scalabor De verschuldigde bijdrage aan Scalabor was in de afgelopen jaren lager dan begroot. Om die reden is het risicobedrag bijgesteld van € 100K (inschatting bij begroting 2022) naar € 50K. In deze inventarisatie is conform de begroting 2022 een stelpost van € 500K opgenomen voor diverse overige risico's. Bijvoorbeeld voor mogelijke rekeningtekorten en diverse nog nader te kwantificeren risico’s.
Hierbij verwijzen we naar de gemelde risico’s in de paragraaf Weerstandsvermogen van de Programmabegroting 2022 (nummer 13 van de risico-inventarisatie). Beheersmaatregelen Uit de beschrijving van de risico's kunt u opmaken dat diverse risico's grotendeels door ons niet te beheersen zijn omdat ze buiten onze invloedssfeer liggen, dat geldt vooral voor de risico's 2, 3 en 5 t/m 9. Voor alle risico's geldt dat we sturen op die onderdelen waar we wel invloed op hebben, dat is echter nog geen garantie dat de risico's zich niet voor zullen doen. Het verder uitwerken en implementeren van beheersmaatregelen is onderdeel van het groeiproces om te komen tot een professioneel niveau van risicobeheersing. Dit groeiproces moet het mogelijk maken om bewust om
86
te gaan met risico's en hiervoor in gesprek te gaan welke maatregelen we treffen en welke risico's we accepteren.
Weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit kan op verschillende manieren worden bepaald. Feitelijk komen alle budgetten, ook vrije reserves of bestemmingsreserves waarvan de bestemming nog gewijzigd kan worden, in aanmerking voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Om praktische redenen worden in deze paragraaf alleen de (nog) niet geoormerkte budgetten meegenomen voor de bepaling van de weerstandscapaciteit, deze ziet er daarmee als volgt uit: Beschikbare weerstandscapaciteit Dekkingen
Omvang
Risicoreserve (stand jaarrekening 2021)
€ 3.293.210
Algemene reserve (stand jaarrekening 2021)
€ 8.197.543
Resultaat 2021 (na bestemming)
€ 478.000
Begrotingssaldo 2022
€ 1.634.000
Inzet AR voor implementatie omgevingswet (1e wijz.'22)
€ -1.528.000
Totale weerstandscapaciteit
€ 12.074.753
De standen van de algemene en de risicoreserve betreffen de saldi zoals in deze jaarrekening opgenomen conform het overzicht reserves. We houden bij het bepalen van de weerstandscapaciteit al rekening met het voorstel om een aantal niet bestede budgetten over te hevelen naar 2022. Hierdoor komt er per saldo € 478.000 ten gunste van de algemene reserve waarmee de weerstandscapaciteit uitkomt op € 12,1 miljoen. Dit is € 0,8 miljoen hoger ten opzichte van de meeste recente herziening van de weerstandscapaciteit (begroting 2022). Algemene reserve De algemene reserve is meegeteld omdat hierop geen nadere verplichtingen rusten. Die verplichtingen zijn afgedekt via de bestemmingsreserve "te besteden gemeentelijke budgetten" en de overige bestemmingsreserves. Om die reden komt ook de (vrij te besteden) algemene reserve in aanmerking voor de berekening van de weerstandscapaciteit. Onbenutte belastingcapaciteit Bestaand beleid is dat er bij afval en riool al naar100% kostendekkendheid wordt gestreefd. Ten aanzien van de onbenutte belastingcapaciteit gaat het dan vooral over de OZB. Hiervoor geldt als uitgangspunt dat maximaal de inflatiecorrectie wordt gehanteerd. Om die redenen wordt de onbenutte belastingcapaciteit voortaan bij de berekening van de weerstandscapaciteit buiten beschouwing gelaten omdat deze door dat uitgangspunt momenteel feitelijk niet aanwezig is.
Voor de hoogte van de OZB geldt overigens ook geen voorgeschreven norm, behalve bij een eventuele “artikel 12-aanvraag”, dan geldt een normtarief voor de OZB als één van de toelatingseisen. In dat geval dient een gemeente minimaal 20% meer OZB te heffen dan het landelijk gemiddelde. Op basis van die norm bedraagt de onbenutte belastingcapaciteit voor de gemeente Rheden afgerond € 3 miljoen. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico's op te vangen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en het risicoprofiel. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de weerstandsratio.
87
Weerstandsratio
jaarrekening 2020
jaarrekening 2021
Totale weerstandscapaciteit
11.515.753
12.074.753
Risicoprofiel
6.095.000
5.170.000
1,9
2,3
Weerstandsratio
Weerstandsratio Voor een nadere duiding van de ratio kan onderstaande normtabel worden gehanteerd. Weerstandratio
Betekenis
> 2,0
Uitstekend
1,4 - 2,0
Ruim voldoende
1,0 - 1,4
Voldoende
0,8 - 1,0
Matig
0,6 - 0,8
Onvoldoende
< 0,6
Ruim onvoldoende
Conclusie Het risicoprofiel is ten opzichte van de begroting 2022 (laatste herziening) gedaald met in totaal € 0,9 miljoen. De weerstandscapaciteit is toegenomen met € 0,8 miljoen. Als gevolg van deze mutaties stijgt de weerstandsratio hierdoor van 1,9 (stand begroting 2022) naar 2,3 en krijgt daarmee de kwalificatie ‘uitstekend’. Deze waardering is echter onvoldoende om ook de solvabiliteit al op het gewenste niveau te brengen (zie duiding hieronder bij onderdeel ‘Kengetallen’). Van belang daarvoor blijft dat we de komende jaren rekeningoverschotten creëren en daarmee onze algemene reserve kunnen verhogen.
Kengetallen De financiële positie van de gemeente is onder meer te beoordelen aan de hand van een aantal financiële kengetallen. Om ook de vergelijkbaarheid tussen gemeente te bevorderen zijn er met ingang van 2015 door het BBV een vijftal voorgeschreven. De betreffende kengetallen zijn hieronder opgenomen en nader toegelicht. Cat.
Rekening
Begroting
Rekening
2020
2021
2021
Netto schuldquote
68%
81%
66%
A
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
65%
77%
62%
A
Solvabiliteitsratio
19%
14%
19%
C
Structurele exploitatieruimte
0,16%
-1,30%
1,80%
A
Grondexploitatie
0,29%
0%
0,18%
A
Belastingcapaciteit
90%
90%
90%
A
Kengetallen:
Toelichting Netto schuldquote en Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaal ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog. Hij moet niet verder stijgen. Als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, dan bevindt de 88
gemeente in de gevarenzone. Het bestuur moet er werk van maken om de schuld te verlagen. (Bron: VNG -website). De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio wordt berekend door het totale eigen vermogen te delen door het totaal van de passiva. De structurele exploitatieruimte dient om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een percentage van 0% betekent een sluitende begroting, een positief percentage wil zeggen dat er begrotingsruimte is. Feitelijk biedt het financieel meerjarig perspectief bij de begroting een betere indicatie. Het kengetal grondexploitatie kan een grote invloed op de financiële positie van een gemeente hebben (zowel positief als negatief). Dit kengetal geeft een indicatie van het relatieve belang van de grondexploitatie. Het percentage is de waarde van bouwgronden in relatie tot de totale baten exclusief de reserves. De jaarlijkse actualisatie van de grondexploitatie geeft overigens een concreter beeld van het verwachte verloop van grondexploitaties. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde.
De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen kan worden gerelateerd aan de totale woonlasten. De woonlasten worden bepaald aan de hand van de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met een gemiddelde WOZwaarde. Overigens zegt dit percentage niets over de feitelijke onbenutte belastingcapaciteit, dat is immers een politieke keuze (zie ook de passage hierover bij de weerstandscapaciteit op de vorige pagina's). Beoordeling van de kengetallen Net zoals bij de bepaling van de weerstandscapaciteit gelden er ook voor deze kengetallen geen harde voorgeschreven normen. Door de Provincie Gelderland wel een indeling in drie categorieën opgegeven als richtinggevend voor de beoordeling. Aan de categorieën wordt in principe geen kwalificatie gegeven, omdat normering in eerste instantie door de gemeente zelf dient plaats te vinden. Wel kan er worden gesteld dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles, de kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. In onderstaande tabellen is een en ander weergegeven.
Handreiking beoordeling
Categorie A (minst risicovol)
Categorie B
Categorie C (meest risicovol)
Netto schuldquote
< 90 %
90 - 130 %
> 130 %
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
< 90 %
90 - 130 %
> 130 %
Solvabiliteitsratio
> 50 %
20 - 50 %
< 20 %
Structurele exploitatieruimte
BEGR en MJB > 0 % BEGR of MJB > 0 %
BEGR én MJB < 0 %
Grondexploitatie
< 20 %
20 - 35 %
> 35 %
Belastingcapaciteit
< 95 %
95 - 105 %
> 105 %
Conclusie Alle kengetallen, m.u.v. de solvabiliteit, laten een score zien die thuishoort bij categorie A (minst risicovol). De netto schuldquote is positief ontwikkeld en scoort onder de 90% en verschuift daardoor van categorie B (bij begroting 2022) naar A. De overige kengetallen zijn redelijk stabiel gebleven. De solvabiliteitsratio is iets verbeterd ten opzichte van de begroting 2021. De score is echter nog steeds lager dan 20% en valt daarmee in categorie C (meest risicovol). De komende jaren zullen
89
onze inspanningen erop gericht moeten zijn om het weerstandsvermogen te vergroten en daarmee ook onze solvabiliteitspositie te verbeteren.
90
Onderhoud Kapitaalgoederen Inleiding De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor het beheer van de openbare ruimte. De openbare ruimte bestaat uit een aantal kapitaalgoederen (wegen, riolering, groen, openbare verlichting, speelvoorzieningen en gebouwen) die dienen onderhouden te worden om de continuïteit te kunnen waarborgen. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het beleidskader en de financiële consequenties van het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Het onderhouden van kapitaalgoederen legt een grote claim op de begroting. Transparantie ten aanzien van de uitvoering en risico’s is derhalve van groot belang. Het onderhoud van de diverse vakgroepen zal de komende jaren zoveel mogelijk in samenhang met de diverse projecten worden uitgevoerd in integrale projecten. Wettelijke eisen en informatievoorziening In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn de bepalingen opgenomen waaraan de verslaglegging inzake het onderhoud kapitaalgoederen moet voldoen. In de ‘financiële verordening gemeente Rheden’ zijn eveneens bepalingen opgenomen. Ter informatie zijn hieronder de bepalingen van de BBV en de ‘financiële verordening gemeente Rheden’ opgenomen die de inhoud van de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bepalen. In de uitwerking van deze paragraaf zijn deze bepalingen als uitgangspunt gehanteerd.
Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Artikel 12 De paragraaf betreffende het onderhoud van kapitaalgoederen bevat tenminste de volgende kapitaalgoederen: • Riolering en Water; • Wegen; • Openbare Verlichting; • Gebouwen; • Groen. Van de kapitaalgoederen, bedoeld in het eerste lid, wordt aangegeven: • Het beleidskader; • De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; • De vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Financiële verordening gemeente Rheden Artikel 18, lid 1 Het college biedt tenminste eens in de raadsperiode van vier jaar de diverse nota’s voor het onderhoud van de openbare ruimte aan. Deze nota’s geven het kader weer voor de inrichting van het onderhoud en het beoogde onderhoudsniveau voor het openbaar groen, riolering, wegen, kunstwerken/straatmeubilair en onderhoud gebouwen en eveneens de normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. De raad stelt de nota’s vast. Indien een ruimere periode wordt gehanteerd dan vier jaar dan zal het college de raad informeren. Artikel 18, lid 2 Bij de begroting en het jaarverslag doet het college in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen verslag over: - de beschikbare nota’s en de beleidsuitgangspunten betreffende het onderhoud van de kapitaalgoederen; - de hieruit voortvloeiende financiële consequenties; - de vertaling van de financiële consequenties in de begroting.
91
Openbare Ruimte In 2018 heeft de Raad het Watertakenplan vastgesteld. Het afvalwatertakenplan (voorheen GRP) 2018 t/m 2022 is samen met de partners gemeente Bronkhorst, Doesburg en Rheden en het Waterschap Rijn en IJssel opgesteld In het watertakenplan hebben gemeenten en het Waterschap een gezamenlijke visie opgesteld en uitgewerkt voor de riolering en zuivering: Het Watertakenplan Olburgen beschrijft het beleid en planning voor de periode 2018 t/m 2022. De drie gemeente en het Waterschap werken samen om hun inspanning op elkaar af te stemmen, van elkaar te leren gezamenlijke projecten te ondernemen. Zodoende kunnen we effectiever en efficiënter werken. De taken die binnen een integrale planning op elkaar afgestemd worden zijn: rioleringswerkzaamheden, weg- en groenonderhoud, openbare verlichting, verkeersveiligheid, woningbouwplannen en het aanbrengen van voorzieningen voor mindervaliden en slechtzienden. De werkzaamheden voortkomend uit het Watertakenplan en woningbouwplannen zijn leidend Het betreft hier werken waar een wettelijke termijn aan gesteld is, waar politiek een duidelijke prioriteit ligt of waar veiligheidsaspecten mee gemoeid zijn. Integrale uitvoering betekent per definitie dat bepaalde werkzaamheden vervroegd of vertraagd worden uitgevoerd ten opzichte van de optimale technische en financiële planning van de afzonderlijke disciplines.
Op termijn (cyclische onderhoudsperiode) nivelleert echter dit verschil. Een integrale planning (“werk met werk maken”) heeft uit financieel en maatschappelijk oogpunt de voorkeur. In 2020 is de Beheernota Openbare Ruimte en de actualiteitenrapportage vastgesteld. Aansluitend is in 2021 het integraal beheerplan openbare ruimte vastgesteld, met daaronder het beheerplan wegen, groen en spelen. Hieronder wordt per onderwerp ingegaan op kerncijfers, het beleidskader en ontwikkelingen.
Riolering en water Riolering en water Kerncijfers Kerncijfers:
Begroting
Rekening
Vrijverval
243.436 m1
243.756 m1
Infiltratieriool
20.516 m1
22.547 m1
Persleiding
35.976 m1
38.515 m1
KADERS Uw raad heeft in januari 2018 het Watertakenplan Olburgen vastgesteld. In dit Watertakenplan is het meerjarenplan en de financiële onderbouwing vastgesteld. Financiële consequenties In onderstaand overzicht is een vergelijking gemaakt tussen de begrote en werkelijke kosten en baten die verband houden met riolering. Post
Begroting 2021
Werkelijk 2021
Verschil
Baten rioolheffing
4.572.000
4.472.457
-99.543
Kwijtschelding rioolheffing
-180.000
-160.196
19.804
4.392.000
4.312.261
-79.739
Baten
Per saldo inkomsten
92
Lasten: Rente
730.550
182.345
548.205
Afschrijving
828.780
834.870
-6.090
Totaal rente en afschrijving
1.559.330
1.017.215
542.115
exploitatie werkzaamheden
2.266.016
2.719.152
-451.136
Totaal lasten
3.825.346
3.736.367
90.979
Btw compensatie
-376.929
-366.445
10.484
189.725
209.449
-21.724
Overig Per saldo mutatie
Wegen Kerncijfers Asfalt Elementen Beton Overig
1.119.123 m² 1.231.117 m² 63.862 m² 26.371 m²
KADERS In 2020 is de nieuwe Beheernota Openbare Ruimte en de actualiteitenrapportage vastgesteld. Hierin zijn de ambitieniveaus vastgesteld, de budgetten en de wettelijke kaders opgenomen. Aansluitend is in 2021 het integraal beheerplan openbare ruimte vastgesteld, met daaronder het beheerplan wegen, groen en spelen. Op basis van inspecties, genoemd totaaloverzicht en de landelijke CROW-norm wordt per jaar een jaarprogramma vastgesteld en uitgevoerd. De gemeente wil een kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte realiseren binnen haar kernen. In dit kader is het begrip Integraal Beheer Openbare Ruimte van belang. Dit betekent dat zowel de technische kwaliteit als de belevingskwaliteit van wegen, straatverlichting, groen en speelvoorzieningen op elkaar zijn afgestemd. Verloop reserve Beheerplan onderhoud wegen Saldo 1-1-2021
0
Toevoeging 2021
1.825.922
Onttrekking 2021
58.874
Saldo 31-12-2021
1.767.048
Openbare Verlichting Kerncijfers:
Begroting
Rekening
Lichtmasten
7.064
7.048
Armaturen
7.406
7.285
Lichtbronnen
7.456
7.402
Kaders: Beleidsplan openbare verlichting die in 2021 is vastgesteld.
93
Risico’s: Door het uitvoeren van de grootschalige vervanging zijn de risico’s teruggebracht naar het geringe niveau van een defecte lamp. Wel zien we meer en meer dat het (verouderde) net van Liander storingen veroorzaakt waardoor het lijkt als of de verlichting stuk is maar de oorzaak in het net moet worden gezocht. Het oplossen van deze storingen kost vaak veel tijd door de beperkte aantallen meetwagens die noodzakelijk zijn. Verloop reserve vervanging straatverlichting Saldo 1-1-2021
168.580
Onttrekking 2021
113.473
Saldo 31-12-2021
55.107
Groen en spelen Kerncijfers:
Begroting
Kerncijfers beplanting en gazons Bomen Speelplaatsen/speeltoestellen
Rekening 151 ha
157 ha
12.980 st
13.265 st
90 st / 412 st
80 st / 424 st
In 2020 is de nieuwe Beheernota Openbare Ruimte en de actualiteitenrapportage vastgesteld. Hierin zijn de ambitieniveaus vastgesteld, de budgetten en de wettelijke kaders opgenomen. Aansluitend is in 2021 het integraal beheerplan openbare ruimte vastgesteld, met daaronder het beheerplan wegen, groen en spelen. De gemeente wil een kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte realiseren binnen haar kernen. In dit kader is het begrip Integraal Beheer Openbare Ruimte van belang. Dit betekent dat zowel de technische kwaliteit als de belevingskwaliteit van wegen, straatverlichting, groen en speelvoorzieningen op elkaar zijn afgestemd. Financiële consequenties Spelen Voor het budget spelen is een reserve ingesteld. Verloop reserve Spelen Saldo 1-1-2021
396.307
Toevoeging 2021 Onttrekking 2021 Saldo 31-12-2021
94.747 22.695 468.359
Groenonderhoud Voor het groenonderhoud is geen voorziening of reserve ingesteld. Groenonderhoud wordt verantwoord binnen de exploitatie. In 2021 is het onderhoud niet binnen de begroting uitgevoerd. In de begroting 2021 was niet het juiste onderhoudsbudget voor groen opgenomen. Correctie van dit budget is gedurende het jaar niet gebeurd. Exploitatie 2021
Begroot 2021
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Onderhoud groen
668.932
817.966
-149.034
94
Bewoners en projecten Bewoners worden betrokken in de voorbereiding van (groene) uitvoeringsplannen. Bewoners kunnen hun verantwoordelijkheid nemen om een bijdrage te leveren aan de leefbaarheid in de straat door een stuk groen, afvalbak of bank te adopteren. Deze manier van werken leidt nog steeds tot betrokken en enthousiaste bewoners. Daarbij is er nu de mogelijkheid om met de Ik Buurt Mee vouchers een extra bijdrage te leveren aan de leefbaarheid. Kerncijfers:
31-12-2020
31-12-2021
Groenadopties
23.398 m2
28.135 m2
Afvalbak adoptie
150 st
182 st
Adoptie plantsoenbanken
28 st
35 st
Gebouwen Rhedens Vastgoedkader 'Gemeente Rheden heeft vastgoed in bezit om haar beleidsdoelstellingen te realiseren'; dit is het belangrijkste uitgangspunt van het Rhedens Vastgoedkader dat in 2019 is vastgesteld. In dit kader zijn uitgangspunten vastgesteld voor wat betreft het onderhoud, de financiële verantwoording en het beheer van het vastgoed. Hieronder het vastgoed dat in beheer is. Naam
Adres
Plaats
Beleidsvolgend vastgoed Sport Biljoenbad De Dumpel
Gruttostraat 3 Gruttostraat 14
Velp Velp
De Hangmat Theothorne
IJsselsingel 7 Ericaplein 3
Rheden Dieren
Gymzaal Huijgenslaan Gymzaal Bloemershof
Huygenslaan 44 Dieren Burgemeester Bloemersstraat 3 Dieren
Gymzaal Jan Luijkenlaan Gebouw IJsselsingel 95
Jan Luijkenlaan 2a IJsselsingel 95
Kleedkamer De Pinkenberg (DVOV) De Pinkenberg 5a Admiraal Helfrichlaan 97a Admiraal Helfrichlaan 97a
Velp Rheden Rozendaal Dieren
Dorspshuizen MFA De Oase MFA het Kasteel
Ericaplein 1 Heeckerensstraat 201
Dieren Velp
MFA Nieuw Bergstein MFA Van Voorthuijzenschool
Binnenweg 40a Schoolstraat 12
Ellecom Velp
MFA de Bundel
Ericaplein 5
Dieren
Cultuur Gebouw Den Heuvel - Bibliotheek
Den Heuvel 32
Velp
Openluchttheater de Pinkenberg Kluizenaarsweg 4 Scouting De Velpsche Woudloopers Beekhuizenseweg 73a
Rozendaal Velp
Scouting De Markesteen
Bovenallee 3 - 5
Velp
Brandweer Brandweer Velp
Noorder Parallelweg 21
Velp
Brandweer Rheden
Worth Rhedenseweg 66
Rheden
95
Onderwijs De Kroeseboom Koningin Emmaschool
Haverweg 16 Hogestraat 31
Rheden Dieren
Harderwijkerweg 2 Aan 't Veer 1
Dieren Dieren
Muziektent Spankeren Muziektent Laag Soeren
Kerkplantsoen 2 Bosrichterlaan 1
Spankeren Laag-Soeren
Muziektent Velp Muziektent Ellecom
Overbeeklaan 7 Binnenweg 40c
Velp Ellecom
Muziektent Rheden Gemaal de Volharding
Havelandseweg 90 Lathumseveerweg 2
Rheden Velp
Dorpspomp Velp Dorpspomp Rheden
Kerkstraat zn Dorpsstraat ong.
Velp Rheden
Poort Overbeek Emmapiramide
Overbeeklaan ong. Kluizenaarsweg ong.
Velp Rozendaal
Kerk De Oude Jan Hervormde kerk Rheden
Kerkstraat 56 Dorpsstraat 51
Velp Rheden
Hervormde kerk Ellecom Hervormde kerk Spankeren
De Friedhof 6 Kerkweg 2
Ellecom Spankeren
Priessnitzmonument
Priesnitzlaan 25
Laag-Soeren
Eigen huisvesting Begraafplaats Heiderust
Lentsesteeg 21a