CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage rapportage evaluatieonderzoek

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente RhedenBij agendapunt: Uitvoering Wet verplichte GGZ 2022 en 202316.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM)

Evaluatierapport 2021 taken VGGM ten aanzien van Wvggz Ketensamenwerking Gelderse gemeentes, ketenpartners en VGGM

Alex van Houtrijve 23-8-2021

0. Managementsamenvatting Dit evaluatieonderzoek gaat over de periode Q3 en Q4 van 2020 en Q1 en Q2 van 2021 waarin VGGM een aantal Wvggz taken (triage, verkennend onderzoek, horen en ambtelijk secretariaat voor het periodiek regionaal overleg) voor veertien gemeentes in de regio Gelderland-Midden uitvoerde. De concrete aanleiding van dit evaluatieonderzoek was de sterke en verbeterpunten van de ketensamenwerking in kaart te brengen om zo de dienstverlening richting de toekomst verder te verbeteren. Daarnaast is in de offerte afgesproken om de werkzaamheden die VGGM in en rondom de Wvggz uitvoert jaarlijks te evalueren. Nu in de zomer van 2021 zijn de werkzaamheden van VGGM rondom de Wvggz, na een eerste evaluatie in de zomer van 2020, opnieuw geëvalueerd. Voor de uitvoering van het evaluatieonderzoek 2021 is door VGGM gekozen voor een externe partij (InterPactum) om de objectiviteit van het onderzoek te waarborgen. De onderzoeksvragen zijn: I.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het Meldpunt Wvggz (triage en verkennend onderzoek) door VGGM?

II.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het horen door VGGM?

III.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het ambtelijk secretariaat door VGGM ten gunste van het periodiek overleg?

IV.

Hoe beoordelen de gemeentes en ketenpartners de ketensamenwerking?

V.

Wat zijn de voor- en nadelen van het beleggen van werkzaamheden bij VGGM?

VI.

Wat is het bereik van de aanpak (waar, met en voor wie)?

Dit evaluatieonderzoek is kwalitatief van aard. Met medewerkers van de gemeentes, ketenpartners (OM, GGZ centraal, Pro Persona, GGnet) en VGGM zijn semigestructureerde interviews afgenomen en naar inzicht verwerkt in het resultatenhoofdstuk. Daarnaast zijn relevante documenten geanalyseerd en in het onderzoek ter inleiding op het onderwerp gepresenteerd. De conclusies per onderzoeksvraag zijn: I.

Het verwachte aantal triages en verkennend onderzoeken lag volgens betrokken partijen hoger dan dat werd gerealiseerd. Over het Meldpunt Wvggz zijn betrokken partijen overwegend positief.

II.

Het verwachte aantal verzoeken om te horen komt overeen met wat de betrokken partijen hadden verwacht. Over het horen door VGGM zijn betrokken partijen overwegend positief.

1

III.

De betrokken partijen zijn allen zeer positief over het ambtelijk secretariaat van VGGM. Het ambtelijk secretariaat is proactief, deskundig en nauwkeurig.

IV.

De ketensamenwerking verloopt steeds beter. VGGM heeft in de keten een neutrale en verbindende rol en dat vult VGGM naar tevredenheid in. In principe bestaat bij alle partijen de intentie om de ketensamenwerking als dusdanig te continueren.

V.

De voordelen van het beleggen van werkzaamheden bij VGGM is het schaalvoordeel, de neutrale en verbindende rol van VGGM en de grotere slagkracht richting landelijk bestuur. De nadelen zijn dat de verbinding met Wvggz lokaal minder sterk is, risico op versplintering wanneer gemeentes hun eigen plan trekken buiten de ketensamenwerking om en twijfel over de financiële voordelen van regionale samenwerking.

VI.

De aanpak beperkt zich tot Wvggz cases en grensgevallen in Gelderland-Midden. Stroomschema’s (zie bijlage 8) geven inzicht in hoe de werkprocessen nu zijn ingericht. Met anderhalf jaar ervaring met de Wvggz, is de wens ontstaan om die stroomschema’s te actualiseren.

De aanbevelingen van dit onderzoek zijn: I.

De ketensamenwerking Wvggz in Gelderland-Midden met VGGM als neutrale en verbindende partij

in

een

structurele

vorm

voortzetten.

Dat

betekent

een

meerjarige

samenwerkingsovereenkomst tussen gemeentes, ketenpartners en VGGM over het uitbesteden van het Meldpunt Wvggz (triage en verkennend onderzoek), het piket horen en ambtelijk secretariaat voor het periodiek overleg aan VGGM. II.

Actualiseren van de werkafspraken in en rondom de ketensamenwerking Wvggz, door bijvoorbeeld de stroomschema’s en het afsprakenkader opnieuw vast te stellen.

III.

Organiseer vanuit VGGM kennissessies over de Wvggz met daarin aandacht voor wie waar en wanneer verantwoordelijk voor is.

IV.

Breng het aantal verwachte verkennend onderzoeken van 39 terug naar 20 per kwartaal.

2

Inhoud 0.

Managementsamenvatting ............................................................................................................. 1

1.

Inleiding ........................................................................................................................................... 5

2.

Evaluatie 2021 ................................................................................................................................. 6

3.

4.

5.

6.

7.

2.1

Opgaves ................................................................................................................................... 6

2.2

Doelstelling .............................................................................................................................. 6

2.3

Onderzoeksvragen................................................................................................................... 7

2.4

Eindresultaat ........................................................................................................................... 7

2.5

Begeleidingsgroep ................................................................................................................... 8

Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg: hoe zit het ook alweer? ........................................... 9 3.1

Zorgmachtiging & crisismaatregel ........................................................................................... 9

3.2

Periodiek regionaal overleg ................................................................................................... 10

Werkzaamheden Wvggz door VGGM............................................................................................ 12 4.1

Meldpunt Wvggz & verkennend onderzoek ......................................................................... 12

4.2

Horen ..................................................................................................................................... 13

4.3

Ambtelijk secretariaat ........................................................................................................... 14

4.4

Financieel kader .................................................................................................................... 14

Onderzoeksmethode ..................................................................................................................... 15 5.1

Relevante documenten ......................................................................................................... 15

5.2

Keuze respondenten gemeenten .......................................................................................... 16

5.3

Keuze respondenten ketenpartners...................................................................................... 16

5.4

Keuze respondenten VGGM .................................................................................................. 16

5.5

Presentatie van de resultaten ............................................................................................... 16

Kwaliteitszorg ................................................................................................................................ 17 6.1

Validiteit ................................................................................................................................ 17

6.2

Betrouwbaarheid................................................................................................................... 17

6.3

Bruikbaarheid ........................................................................................................................ 17

Resultaten...................................................................................................................................... 19 7.1

Meldpunt Wvggz – meldingen & verkennend onderzoeken ................................................ 19

7.1.1

Verwachting aantal meldingen & verkennend onderzoek ............................................ 19

7.1.2

Meldingen & verkennend onderzoek in vergelijking met buurregio’s.......................... 20

7.2

Meldpunt Wvggz – kwaliteit en samenwerking .................................................................... 20

7.2.1

Aanname melding & triage............................................................................................ 20

7.2.2

Verkennend onderzoek ................................................................................................. 21

7.2.3

Terugkoppeling verkennend onderzoek........................................................................ 21

7.2.4

VGGM en feedback uit de keten ................................................................................... 22 3

7.2.5 7.3

8.

9.

Burgermeester(s) & wethouders en het Meldpunt Wvggz ........................................... 22

Horen ..................................................................................................................................... 23

7.3.1

Verwachting horen ........................................................................................................ 23

7.3.2

Kwaliteit horen .............................................................................................................. 23

7.3.3

Burgermeesters & horen ............................................................................................... 23

7.4

Ambtelijk secretariaat ........................................................................................................... 24

7.5

Outcome/meta-niveau .......................................................................................................... 25

7.5.1

Ketensamenwerking ...................................................................................................... 25

7.5.2

Beoordeling implementatie Wvggz in de regio Gelderland-Midden ............................ 26

7.5.3

Pilot: ketensamenwerking definitief vastleggen, verlengen, hervormen of stoppen ... 26

7.6

Resultaten evaluatie met het Openbaar Ministerie .............................................................. 27

7.7

Resultaten evaluatie GGZ-instellingen .................................................................................. 27

7.8

Resultaten evaluatie VGGM .................................................................................................. 29

Conclusie ....................................................................................................................................... 32 8.1

Beantwoording onderzoeksvraag I........................................................................................ 32

8.2

Beantwoording onderzoeksvraag II....................................................................................... 33

8.3

Beantwoording onderzoeksvraag III...................................................................................... 34

8.4

Beantwoording onderzoeksvraag IV ..................................................................................... 34

8.5

Beantwoording onderzoeksvraag V ...................................................................................... 35

8.6

Beantwoording onderzoeksvraag VI ..................................................................................... 35

Aanbevelingen ............................................................................................................................... 37

Bijlage 1 – Vragenlijst gemeentes ......................................................................................................... 39 Bijlage 2 – Vragenlijst ketenpartners .................................................................................................... 41 Bijlage 3 – Respondentenlijst ................................................................................................................ 42 Bijlage 4 – Keuzeafweging respondenten ............................................................................................. 44 Bijlage 5 – Jaarrapportage Wvggz VGGM 2020 ..................................................................................... 45 Bijlage 6 – Kwartaalrapportage Wvggz VGGM eerste kwartaal 2021 ................................................... 50 Bijlage 7 – Kwartaalrapportage Wvggz VGGM tweede kwartaal 2021 ................................................. 54 Bijlage 8 – stroomschema’s Wvggz & VGGM ........................................................................................ 58

4

1. Inleiding Voor u ligt het evaluatieonderzoek over Q3 en Q4 van 2020 en Q1 en Q2 van 2021 over de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg taken die de Veiligheids- en Gezondheidsregio GelderlandMidden uitvoert namens veertien gemeentes in de regio Gelderland-Midden. De Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (verder ‘Wvggz’) is sinds 1 januari 2020 van kracht, zo ook in de regio Gelderland-Midden. De Wvggz vervangt, tezamen met de Wet zorg en dwang en Wet forensische zorg, de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen. Het doel van de Wvggz is verplichte zorg zoveel mogelijk te voorkomen. Wanneer verplichte zorg toch nodig is, dan is het zorg in de ‘minst ingrijpende vorm’ en de duur daarvan ‘zo kort mogelijk, maar zo lang als noodzakelijk’1. Veiligheid- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (verder ‘VGGM’) voert in opdracht van veertien gemeentes in Gelderland-Midden een aantal taken van de Wvggz uit, namelijk: het Meldpunt Wvggz, het verkennend onderzoek, het horen en het ambtelijk secretariaat voor het periodiek regionaal overleg. De volgende veertien gemeentes hebben de bovenstaande taken bij VGGM belegd: Arnhem; Barneveld, Doesburg, Lingewaard, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rozendaal, Scherpenzeel, Wageningen, Westervoort/Duiven en Zevenaar.

De gemeente Ede maakt enkel gebruik van het ambtelijk secretariaat en de gemeente Rozendaal wordt in dit onderzoek vertegenwoordigd door de gemeente Rheden. Naast de bovenstaande gemeentes zijn, naast VGGM, de volgende ketenpartners betrokken bij de regionale samenwerking Wvggz: het Openbaar Ministerie, politie en GGZ-instellingen GGnet, GGZ Centraal en Pro Persona (verder ‘GGZ-instellingen’)2. Leeswijzer Het evaluatieonderzoek begint met een inleidend stuk over de opgaves, doelstelling, onderzoeksvragen en eindresultaat. Daarna volgt een korte opfrissing over de Wvggz, gevolgd door een uiteenzetting van de Wvggz-taken die VGGM voor de Gelderse gemeentes uitvoert. Daarna wordt ingegaan op de onderzoeksmethode van dit onderzoek en de bijbehorende kwaliteitszorg. Het resultatenhoofdstuk leidt tot de conclusie en aan die conclusie zijn een aantal aanbevelingen verbonden. Tot slot bevat dit evaluatieonderzoek een aantal bijlagen met achtergrondinformatie als de vragenlijst, geïnterviewde respondenten en rapportages van VGGM.

1

VNG (z. d.). Handreiking Wvggz - Crisismaatregel Ziekenhuizen, IrisZorg en Karakter zijn onderdeel van de Wvggz keten, maar zijn niet bevraagd voor dit onderzoek. 2

5

2. Evaluatie 2021 Nu, anderhalf jaar na de invoering van de Wvggz, worden de werkzaamheden van VGGM rondom de Wvggz (verkennend onderzoek, horen, ambtelijk secretariaat), na een eerste evaluatie in de zomer van 2020, opnieuw geëvalueerd. Voor de uitvoering van het evaluatieonderzoek 2021 is door VGGM gekozen voor een externe partij (InterPactum) om de objectiviteit van het onderzoek te waarborgen. Voor het evaluatieonderzoek wordt documentanalyse gedaan en worden interviews afgenomen met medewerkers van de gemeentes, ketenpartners (OM, GGZ Centraal, Pro Persona, GGnet) en VGGM. Het evaluatieonderzoek is tweeledig en gaat allereerst in op de samenwerking en werkwijze wat betreft de werkzaamheden die bij VGGM zijn belegd. Voor dit deel van de evaluatie wordt met medewerkers van gemeentes, ketenpartners en VGGM gesproken over ervaringen en wensen aangaande de samenwerking en werkwijze. Hierop volgt een advies over dat wat inhoudelijk wenselijk is voor een adequate uitvoering van de opdracht door VGGM richting de toekomst. De resultaten van dit deel van het evaluatieonderzoek worden gedeeld met de bestuurders van de verschillende gemeentes, ketenpartners en VGGM om bij te dragen aan de besluitvorming over de opdracht richting 2022 en verder. Het tweede gedeelte van het evaluatieonderzoek gaat in op de interne invulling van de werkzaamheden door VGGM.

Hiervoor wordt gesproken met medewerkers van VGGM over urenbegroting, de invulling daarvan in de praktijk en de bijbehorende ervaringen. De resultaten geven handvatten voor de begroting van 2022.

2.1 Opgaves Samenvattend zijn de opgaves: I.

Het evaluatieonderzoek gaat in op de werkwijze en samenwerking met gemeentes en ketenpartners wat betreft de werkzaamheden die bij VGGM zijn belegd en daarop volgt een advies over dat wat inhoudelijk wenselijk is voor een adequate uitvoering van de opdracht vanaf 2022 en verder.

II.

Het evaluatieonderzoek gaat in op de interne invulling van de werkzaamheden door VGGM en daarop volgt een advies over de organisatie richting 2022 en verder.

2.2 Doelstelling Het evaluatieonderzoek biedt gemeenten, het Openbaar Ministerie, politie, GGZ-instellingen en VGGM relevante informatie waarmee zij onderbouwde keuzes kunnen maken over het formuleren van een opdracht Wvggz voor 2022 en verder.

6

2.3 Onderzoeksvragen Dit is het tweede evaluatieonderzoek over de Wvggz-taken die de VGGM namens veertien gemeentes uitvoert/laat uitvoeren. De eerste evaluatie vond plaats in september 20203. Dit evaluatieonderzoek moet inzicht bieden in de werkzaamheden die door gemeenten bij VGGM zijn belegd en worden uitgevoerd én hoe de huidige werkzaamheden zich verhouden tot de werkzaamheden omschreven in de offertes van 2020/2021. Dit leidt tot de volgende onderzoeksvragen: I.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het Meldpunt Wvggz (incl. verkennend onderzoek en triage) door VGGM? a. Wat waren de verwachtingen van het aantal verkennend onderzoeken en meldingen? b. Hoe beoordelen de betrokken partijen de kwaliteit en samenwerking met het Meldpunt Wvggz? c. Wat is de beoordeling van de burgermeesters van de betrokken gemeentes over het Meldpunt Wvggz?

II.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het horen door VGGM? a. Wat waren de verwachtingen van het aantal keren horen? b. Hoe beoordelen betrokken partijen de kwaliteit en samenwerking wat betreft het horen? c. Wat is de beoordeling van de burgermeesters van de betrokken gemeentes over het horen?

III.

Hoe beoordelen gemeentes en ketenpartners het ambtelijk secretariaat door VGGM ten gunste van het periodiek overleg?

IV.

Hoe beoordelen de gemeentes en ketenpartners de ketensamenwerking?

V.

Wat zijn de voor- en nadelen van het beleggen van werkzaamheden bij VGGM?

VI.

Wat is het bereik van de aanpak (waar, met en voor wie)?

2.4 Eindresultaat Het eindresultaat is een evaluatierapport met conclusies en aanbevelingen ten aanzien van opgave 1 en 2. Deze zal gedeeld worden met de begeleidingsgroep, die het document vervolgens in gebruik kan nemen voor het beoogde doel van het evaluatieonderzoek: houvast voor de begroting van de VGGM 3

VGGM (2020, 28 september). Evaluatierapport taken VGGM, Wvggz 2020 7

van 2022. Het eindresultaat wordt ook teruggekoppeld aan de betrokken gemeentes en ketenpartners. Zij krijgen een evaluatierapport met conclusies en aanbevelingen ten aanzien van opgave 1.

2.5 Begeleidingsgroep De begeleidingsgroep bestaat uit Dianne Alting (beleidsadviseur VGGM) en Dieuwke Vos (teamleider VGGM). Door privéomstandigheden is Anne de Feijter (coördinator Wvggz bij VGGM) eind juli 2021 toegevoegd aan de begeleidingsgroep. De functie van de begeleidingsgroep is afstemming en communicatie over de voortgang van het evaluatieonderzoek en daaruit voortvloeiende eindrapportage. De tussen- en eindevaluatie over het proces zal ook plaatsvinden met de begeleidingsgroep.

8

3. Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg: hoe zit het ook alweer? De Wvggz regelt de rechten van mensen die te maken hebben met verplichte zorg vanwege een psychische aandoening. De Wvggz geldt voor mensen bij wie een psychische stoornis leidt tot gedrag dat ernstig nadeel (gevaar) veroorzaakt voor henzelf of voor anderen. De Wvggz is er op gericht om verplichte zorg zo veel mogelijk te voorkomen. Als verplichte zorg echt noodzakelijk is, moeten de minst ingrijpende vorm worden ingezet en de dwang zo snel mogelijk worden afgebouwd4.

3.1 Zorgmachtiging & crisismaatregel De Wvggz kent twee procedures om te komen tot verplichte zorg: I.

Een zorgmachtiging via de rechter5. Een zorgmachtiging is een machtiging van de rechter waarmee verplichte zorg op grond van de Wvggz toegepast kan worden. In de zorgmachtiging staat welke vormen van verplichte zorg de zorgverleners kunnen toepassen. Het kan zijn dat iemand wordt opgenomen in een ggz-instelling, maar dat hoeft niet. Verplichte zorg kan ook ambulant (thuis of poliklinisch) worden verleend. De rechter kan verplichte zorg alleen opleggen als deze zorg: •

Er is sprake van (dreigend) ernstig nadeel;

•

Er is geen alternatief;

•

De verplichte zorg is proportioneel;

•

De verplichte zorg is effectief.

Ten gunste van deze procedure heeft VGGM het Meldpunt Wvggz in het leven geroepen en voert de VGGM het verkennend onderzoek uit. Daarover in hoofdstuk 4 meer. II.

Een crisismaatregel via de burgemeester (bij spoed)6. De crisismaatregel in de Wvggz is een beslissing van de burgemeester waarmee verplichte zorg toegepast kan worden in een crisissituatie waarin snel ingegrepen moet worden vanwege onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Een crisismaatregel is maximaal drie dagen geldig. De burgemeester baseert zich op een medische verklaring van een psychiater. Verder zal hij de patiënt zo mogelijk (laten) horen. Wanneer het niet lukt om de patiënt te spreken, of de patiënt stelt daar geen prijs op, vermeldt

4

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (z. d.). Wet verplichte GGZ (Wvggz). Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (z. d.). Zorgmachtiging in de Wet verplichte GGZ. 6 Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (z. d.). Crisismaatregel in de Wet verplichte GGZ. 5

9

de burgemeester in de crisismaatregel waarom dat niet is gebeurd. De burgermeester kan een crisismaatregel alleen opleggen wanneer: •

Er is sprake van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel voor de persoon zelf of zijn omgeving. Het is niet nodig dat er al iets ernstigs is gebeurd, de kans daarop is voldoende. Maar die kans op ernstig nadeel moet natuurlijk wel reëel en acuut zijn.

•

Er is een ernstig vermoeden dat het gedrag dat leidt tot ernstig nadeel wordt veroorzaakt door een psychische stoornis. Een psychiater moet dit vaststellen.

•

Een crisismaatregel is nodig om het nadeel weg te nemen.

•

De patiënt verzet zich tegen de noodzakelijke zorg.

•

Er is geen tijd om de procedure voor een zorgmachtiging te volgen omdat het ernstig nadeel onmiddellijk dreigend is.

De burgemeester kan alle vormen van verplichte zorg opleggen die de Wvggz kent, zoals: gedwongen behandeling of medicatie, het beperken van bewegingsvrijheid, insluiting, toezicht en opname. Voor gedwongen zorg is opname niet verplicht. De crisismaatregel kan ook ambulant (buiten een instelling) worden ingevuld. Alle verplichte zorg moet voldoen aan de uitgangspunten van de wet. De verplichte zorg moet: •

In verhouding staan tot het beoogde doel;

•

de enige oplossing zijn;

•

effectief zijn:

•

veilig toegepast kunnen worden.

Rondom de crisismaatregel voert VGGM het horen namens de betrokken burgermeester uit. Daarover in hoofdstuk 4 meer.

3.2 Periodiek regionaal overleg De Wvggz legt taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in het kader van verplichte zorg neer bij de zorgaanbieder, het Openbaar Ministerie en het college van burgemeesters en wethouders. In Wvggz, artikel 8:31, is voor deze partijen een verplichting opgenomen tot het voeren van een periodiek overleg. De wet geeft als doel dat het overleg zicht houdt op de uitvoering en het aanbod van verplichte zorg en eventuele knelpunten die hierbij kunnen opspelen. In de wet wordt echter aan het periodiek regionaal overleg zelf verder geen expliciete besluitvorming of bestuurskracht toegeschreven op deze punten. Tot slot wordt het periodiek overleg volgens de Wvggz minimaal eens per drie maanden

10

gevoerd7. De VGGM voert in Gelderland-Midden het ambtelijk secretariaat voor het periodiek overleg en de maandelijkse overleggen van het kernteam. Daarover in hoofdstuk 4 meer.

7

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2019). Handreiking – Verplicht periodiek regio-overleg 1.0. 11

4. Werkzaamheden Wvggz door VGGM De VGGM is namens veertien gemeentes verantwoordelijk voor het verkennend onderzoek, het horen en het ambtelijk secretariaat voor het periodiek regionaal overleg. In dit hoofdstuk een verdieping per onderdeel en tot slot een financieel kader. Voor verdere verdieping zijn in bijlage 5, 6 en 7 de jaarrapportage van 2020 en de kwartaalrapportages van Q1 en Q2 van 2021 in te zien. In bijlage 8 zijn alle stroomschema’s van de Wvggz waarin de VGGM een rol van betekenis speelt, in te zien.

4.1 Meldpunt Wvggz & verkennend onderzoek VGGM biedt een meldpunt voor meldingen die mogelijk kunnen leiden tot een zorgmachtiging. Het meldpunt is bereikbaar voor burgers en professionals. Politie, Geneesheer Directeur, zorgverleners die beroepsmatige zorg verlenen aan een betrokkene en zorgaanbieders van forensische zorg hebben een eigen lijn om een zorgmachtiging aan te vragen. Gezien de niet-acute aard van de meldingen is het meldpunt Wvggz geopend op werkdagen van 9.00 – 17.00 uur. Het regionale meldpunt kan telefonisch of per mail benaderd worden. Het meldpunt Wvggz word bemenst door een medewerker die triageert of meldingen al dan niet in aanmerking komen voor een verkennend onderzoek. Niet iedere melding bij het meldpunt Wvggz komt immers in aanmerking voor een verkennend onderzoek. Ook voor deze meldingen wordt bekeken welk vervolgtraject nodig is, bijvoorbeeld de overdracht naar lokale veld/sociaal domein van de betreffende gemeente. Het aantal Wvggz-meldingen bij het meldpunt is in 2020 lager gebleken dan vooraf ingeschat. De ervaring leert dat, naast meldingen Wvggz, ook gebeld wordt voor adviesgesprekken over de Wvggz. Dit zijn vaak verkennende gesprekken rondom de mogelijkheden die de Wvggz voor de betreffende casus biedt8. De medewerker verkennend onderzoek bouwt voort op de informatie die de triage opleverde. Bronnen voor het verkennend onderzoek zijn o.a.

bestaande registratiesystemen, afstemming met de juiste

contactpersoon/-personen

binnen

de

gemeente,

afstemming

met

betrokken

wijkcoaches/consulenten en relevante (zorg) partners. Indien mogelijk spreekt de medewerker met de cliënt door op huisbezoek te gaan. Als uit het verkennend onderzoek naar voren komt dat de melding voldoet aan de criteria van de Wvggz, dan zet VGGM de melding via Khonraad door naar het OM. De gemeente wordt hierover geïnformeerd door VGGM. Ook is dit proces zichtbaar voor hen in Khonraad. Indien besloten wordt om een verkennend onderzoek niet door te zetten naar het OM, vindt een terugkoppeling met de betreffende gemeente plaats. Binnen veertien dagen moet het verkennend onderzoek zijn afgerond. Deze termijn start op 8

VGGM (2021, 28 september). Offerte taken Wvggz belegd bij VGGM 2021. 12

het moment dat de melding is ontvangen bij het meldpunt. De uitkomst van het onderzoek is een advies aan de burgemeester van de betreffende gemeente waaruit blijkt of verplichte zorg wel of niet noodzakelijk is. Het verkennend onderzoek kost gemiddeld zestien uur per casus. Het aantal verkennend onderzoeken is voor 2020 geschat op 39 per kwartaal. Voor 2021 zijn dezelfde aantallen gehanteerd9. De coördinator draait mee in de uitvoering en had in 2020 acht uur per week om nieuwe medewerkers in te werken, protocollen bij te stellen, samenwerking met wijkteams en gemeenten te optimaliseren, etc. Omdat veel van deze werkzaamheden te maken hebben gehad met het opstarten van de werkprocessen is het aantal uren in 2021 gehalveerd naar vier uur per week.

4.2 Horen In het kader van de Wvggz moet voorafgaand aan een door de burgermeester opgelegde crisismaatregel, de betreffende cliënt, zo mogelijk, in de gelegenheid worden gesteld om te worden gehoord. Doel van het horen is om bij het opleggen van een crisismaatregel de rechtspositie van de cliënt te versterken (hoor en wederhoor). VGGM voert deze rol uit als onafhankelijke partij, die geen betrokkenheid heeft bij het zorgproces. VGGM wordt voor 2021 gemandateerd door de burgemeester om het onderdeel horen uit te voeren. Het horen vindt zo snel mogelijk maar uiterlijk binnen drie uur plaats. De crisismaatregel moet uiterlijk twaalf uur na de beoordeling van de psychiater worden afgegeven. VGGM voert het horen tijdens kantooruren uit via het meldpunt. Voor de bereikbaarheid in de avond-, nacht- en weekenduren is het piket horen opgericht, omdat cliënten die een crisismaatregel opgelegd krijgen altijd de mogelijkheid moeten krijgen om gehoord te worden. De medewerkers die piket draaien, zijn (waar mogelijk) dezelfde medewerkers als de medewerkers die het meldpunt bemensen en/of het verkennend onderzoek uitvoeren. VGGM past het horen toe volgens de leidraad zoals opgesteld in het regionaal inrichtingsvoorstel uitvoering Wvggz Gelderland-Midden10. De burgemeester ontvangt via Khonraad het hoor-verslag en betrekt dat in het besluit of last opgelegd dient te worden.

Het audioverslag dat via Khonraad is opgenomen ontvangt de burgemeester, na toestemming van betrokkene, ook. Op basis de cijfers van 2020 wordt duidelijk dat het aantal keer dat gehoord wordt duidelijk hoger ligt dan verwacht. Dit betekent voor de begroting dat in 2021 is uitgegaan van 97 verzoeken tot horen. In 2020 was het uitgangspunt 49 verzoeken tot horen11.

9

VGGM (2021, 28 september). Offerte taken Wvggz belegd bij VGGM 2021. VGGM (2019, 19 november, versie 2.3). Regionaal inrichtingsvoorstel uitvoering Wvggz Gelderland-Midden: Ontwikkeldocument met omschrijving van werkprocessen. 11 VGGM (2021, 28 september). Offerte taken Wvggz belegd bij VGGM 2021. 10

13

4.3 Ambtelijk secretariaat De gemeente blijft regie houden op de keten in het kader van Wvggz. Voor een goede uitvoering van de Wvggz is regionale samenwerking tussen betrokken partijen en afstemming van de mogelijkheden en uitvoering van verplichte zorg van groot belang. De Wvggz geeft de verplichting om hiervoor per regio een periodiek overleg in te richten met tenminste de colleges van B&W, de Geneesheer Directeuren uit de regio en een relevante afvaardiging van het Openbaar Ministerie12. VGGM levert de ambtelijk secretaris voor het regionaal overleg. Naast voorbereiding en verslaglegging van de regionale overleggen neemt de ambtelijk secretaris deel aan de maandelijkse overleggen van het kernteam. Ook vervult hij/zij een rol in het verzamelen van monitor- en analysegegevens.

4.4 Financieel kader In onderstaande tabel is de begroting voor de uitvoering van het meldpunt, triage en verkennend onderzoek en regionaal overleg opgenomen13. In 2020 zijn de begrote kosten voor Khonraad opgenomen als PM post. In 2021 zijn de begrote kosten voor Khonraad op basis van ervaringen in 2020 wel opgenomen in de begroting. De begrote kosten voor 2021 stijgen t.o.v. de begroting van 2020 (excl. Khonraad) met 1,9%. 2020

2021

574.352

574.352

Meldfunctie

€185.920

€195.216

Verkennend onderzoek

€220.138

€231.145

Horen

€33.744

€39.993

PM

€11.550

Coördinator Wvggz

€37.184

€19.522

Ambtelijk secretaris

€12.212

€12.823

Totaal bedrag

€489.199

€510.248

€0,85

€0,89

Aantal inwoners deelnemende gemeentes

ICT systeem / Khonraad

Kosten per inwoner

12 13

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2019). Handreiking – Verplicht periodiek regio-overleg 1.0. VGGM (2021, 28 september). Offerte taken Wvggz belegd bij VGGM 2021. 14

5. Onderzoeksmethode Dit evaluatieonderzoek is kwalitatief van aard, omdat het gaat om betekenissen en opvattingen van respondenten werkzaam voor betrokken gemeenten of ketenpartners over de samenwerking met VGGM14. Ook zullen medewerkers van VGGM geïnterviewd worden over de samenwerking en de interne werkzaamheden. Het doel van dit evaluatieonderzoek is het bieden van relevante informatie waarmee gemeenten, ketenpartners en VGGM onderbouwde keuzes kunnen maken over het formuleren van een opdracht voor 2022 en verder. Om van de relevante informatie een beeld te krijgen worden semigestructureerde interviews afgenomen bij vier ketenpartners (OM, GGnet, Pro Persona, GGZ Centraal), VGGM en alle vijftien betrokken gemeentes. Het interview met de gemeente Ede krijgt ten opzichte van de andere deelnemende gemeenten een ander karakter, omdat zij enkel gebruik maken van het ambtelijk secretariaat. De vragenlijst komt in samenspraak met VGGM tot stand. Omdat er in de zomer van 2020 ook een evaluatieonderzoek is uitgevoerd, dient die vragenlijst als basis voor de vragenlijst van dit evaluatieonderzoek. Wanneer de vragenlijst is vastgesteld, krijgen de respondenten de vragenlijst vooraf toegestuurd zodat zij zich optimaal kunnen voorbereiden. Zie bijlage 1 voor de vragenlijst. De interviews worden, met toestemming van de respondent(en), met audioapparatuur opgenomen.

De opnames kan de onderzoeker terugluisteren voor het geval er onduidelijkheden zijn ontstaan. Het opnemen en uitwerken op hoofdlijnen van de audio-opnames dragen bij aan de controleerbaarheid van het evaluatieonderzoek. De opnames worden na oplevering van het evaluatieonderzoek verwijderd. Dit evaluatieonderzoek dient als middel om inzicht te krijgen in de sterke en minder sterke punten van het samenwerkingsverband tussen gemeenten, ketenpartners en VGGM. Cliëntervaringen komen mogelijk aan bod in de interviews, maar spelen in dit evaluatieonderzoek hoogstens een bijrol.

5.1 Relevante documenten Documenten die als vertrekpunt voor dit onderzoek dienen, zijn: ▪

Evaluatierapport taken VGGM, Wvggz 2020;

▪

Offerte taken Wvggz belegd bij VGGM 2020/2021;

▪

Regionaal inrichtingsvoorstel uitvoering Wvggz Gelderland-Midden, ontwikkeldocument met omschrijving van werkprocessen;

▪

Offerte van InterPactum evaluatieonderzoek bij de VGGM;

▪

Jaarrapportage 2020;

14

Baarda, De Goede & Teunissen (2009). Basisboek kwalitatief onderzoek: Praktische handleiding voor het opzetten en uitvoeren van kwalitatief onderzoek. 15

▪

Kwartaalrapportages 2020 en 2021.

5.2 Keuze respondenten gemeenten Na overleg met de opdrachtgever is besloten om van iedere gemeente twee functionarissen te interviewen: de gemeentelijk coördinator Wvggz en een ambtenaar met Wvggz in de portefeuille. Het uitgangspunt was hen beiden gelijktijdig te spreken, maar mocht dat niet mogelijk zijn, dan was één van de twee afdoende of worden twee afzonderlijke afspraken gemaakt. De respondentlijst is Bijlage 3 – Respondentenlijst in te zien. Ander type en combinaties van respondenten zijn afgewogen, maar als minder of niet haalbaar beoordeeld. De keuzemogelijkheden voor het aantal functies evenals de type functies zijn terug te lezen in Bijlage 4 – Keuzeafweging respondenten.

5.3 Keuze respondenten ketenpartners Ketenpartners die worden meegenomen in dit evaluatieonderzoek zijn: 1. Het Openbaar Ministerie (OM); 2. GGZ-ketenpartners (GGnet, Pro Persona, GGZ Centraal).

5.4 Keuze respondenten VGGM Bij VGGM wordt de coördinator Wvggz en één uitvoerder over de werkzaamheden geïnterviewd. In het interview met de coördinator Wvggz zal extra aandacht zijn voor het aantal uren zoals begroot ten opzichte van het aantal uren die in de praktijk daadwerkelijk nodig zijn. De resultaten van deze interviews die betrekking hebben op de interne werkzaamheden van VGGM worden enkel, zoals omschreven bij opgave 2, voor intern gebruik beschikbaar gemaakt.

5.5 Presentatie van de resultaten De resultaten die voortkomen uit de interviews met respondenten worden gepresenteerd in het resultatenhoofdstuk (hoofdstuk 7). VGGM voert een aantal Wvggz taken uit (meldpunt Wvggz, verkennend onderzoek, horen en ambtelijk secretariaat voor het periodiek overleg) en aan de hand van die taken wordt per onderdeel de resultaten gepresenteerd.

16

6. Kwaliteitszorg Kwaliteitszorg gaat over de validiteit, betrouwbaarheid en bruikbaarheid van het onderzoek. In dit hoofdstuk worden deze één voor één doorlopen.

6.1 Validiteit Ten eerste de validiteit. Validiteit gaat over de volgende vraag: meten we wat we willen meten?15 Voor dit evaluatieonderzoek betekent het volgende: is de vragenlijst het juiste middel om datgene dat we willen weten, de status quo van de te onderzoeken werkzaamheden van de VGGM (Meldpunt Wvggz, horen en ambtelijk secretariaat), te meten? In dit evaluatieonderzoek wordt de validiteit gedekt door een duidelijk omschrijving en begrenzing van de onderzoekseenheden te formuleren waarop de onderzoeksresultaten betrekking hebben16.

6.2 Betrouwbaarheid Ten tweede de betrouwbaarheid. Betrouwbaarheid gaat over de repliceerbaarheid van het onderzoek: komt een andere onderzoeker tot dezelfde conclusies?17 Voor dit evaluatieonderzoek is de betrouwbaarheid geborgd door: ▪

een weloverwogen en gerechtvaardigde keuze voor onderzoeksmethode- en technieken. We kiezen immers voor kwalitatief en semigestructureerde interviews, omdat deze het beste passen bij de aard van de onderzoeksvragen;

▪

er worden meerdere bronnen en respondenten geraadpleegd om informatie over dezelfde kenmerken en verschijnselen te verzamelen (Meldpunt Wvggz, horen en ambtelijk secretariaat);

▪

tekortkomingen worden in de eindrapportage gepresenteerd;

▪

het verloop van het evaluatieonderzoek wordt bijgehouden.

6.3 Bruikbaarheid Tot slot de bruikbaarheid. Bruikbaarheid gaat over de concrete functie die, in dit geval, het evaluatieonderzoek vervult18. Hieraan wordt voldaan door: ▪

het doel van de evaluatie helder te formuleren;

15

Peter van der Knaap, Valery Pattyn & Dick Hanemaayer (2020). Beleidsevaluatie in theorie en praktijk. Ibidem 17 Ibidem 18 Ibidem 16

17

▪

volledige beantwoording van alle onderzoeksvragen door de bevindingen, conclusies en aanbevelingen;

▪

de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen.

18

7. Resultaten In dit hoofdstuk worden de resultaten van dit onderzoek gepresenteerd. De resultaten komen voort uit 19 interviews verdeeld over gemeentes (13), GGZ-instellingen (3), het Openbaar Ministerie (1) en VGGM (2) (zie Bijlage 3 – Respondentenlijst voor de respondentenlijst). Ter herinnering: de gemeente Rozendaal is in dit evaluatieonderzoek vertegenwoordigd via de gemeente Rheden. De resultaten worden achtereenvolgend per onderwerp gepresenteerd, te weten Meldpunt Wvggz meldingen & verkennend onderzoek, Meldpunt Wvggz kwaliteit & samenwerking, horen, ambtelijk secretariaat en outcome/meta-niveau. Per onderwerp wordt allereerst ingegaan op de resultaten voortkomend uit de interviews met gemeentes, waarna aparte paragraven zijn opgenomen waarin de resultaten van de interviews met de GGZ-instellingen, het OM en VGGM worden gepresenteerd. Voor deze opzet is gekozen, omdat voor de laatstgenoemde partijen niet alle onderwerpen relevant zijn en een wezenlijk andere positie hebben dan gemeentes.

7.1 Meldpunt Wvggz – meldingen & verkennend onderzoeken Deze paragraaf gaat in op meldingen bij het Meldpunt Wvggz van VGGM en het verkennend onderzoek dat daaruit voortkwam.

7.1.1 Verwachting aantal meldingen & verkennend onderzoek De verwachtingen van gemeentes op het gebied van het aantal meldingen en verkennend onderzoeken en in hoeverre deze overeenkomen met de uitkomsten, lopen uiteen. De gemeentes Barneveld, Nijkerk, Zevenaar en Wageningen gaven aan dat zij vooraf geen verwachtingen hadden, waardoor de uitkomsten niet vergeleken kunnen worden met de verwachtingen. De gemeente Barneveld gaf aan dat zij het verkennend onderzoek door VGGM veelal overslaan, omdat huisartsen, het OM of de GGZ de zorgmachtiging zelf oppakken. Volgens de gemeente Barneveld hoeft VGGM qua verkennend onderzoek, triage en horen op dit moment weinig tot niets te doen voor Barneveld. De gemeente Overbetuwe gaf aan dat het verkennend onderzoek niet direct van essentieel belang is in de Wvggz. De gemeentes Arnhem, Overbetuwe, Renkum, Duiven-Westervoort en Doesburg hadden vooraf wel bepaalde verwachtingen vastgesteld, maar gaven aan dat de uitkomsten lager uitvallen dan verwacht. Daar tegenover staan de gemeentes Lingewaard en Scherpenzeel die aangaven dat hun verwachtingen wel overeenkomen met de uitkomsten. Tot slot is opvallend dat de gemeente Rheden aangaf veel meer meldingen heeft gekregen dan dat zij hadden verwacht.

19

7.1.2 Meldingen & verkennend onderzoek in vergelijking met buurregio’s Het algemene beeld dat de gemeentes schetsen is dat hun uitkomsten overeenkomen met de naastgelegen gebieden. De gemeentes die dit aangaven waren Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Wageningen, Lingewaard, Duiven-Westervoort en Scherpenzeel. Uitzonderingen zijn de gemeentes Arnhem, Renkum, Zevenaar en Rheden, die afwijken van de andere gemeentes. Verklaringen van de gemeentes zelf hiervoor waren dat de gemeente Arnhem te maken heeft met stedelijke problematiek en dat leidt tot meer Wvggz-meldingen; gemeente Renkum heeft een relatief grote GGZ-instelling; gemeente Zevenaar gaf aan door ‘grotere’ problematiek meer meldingen en verkennend onderzoeken te hebben dan gemeente Duiven-Westervoort en gemeente Rheden heeft relatief veel beschermd wonen locaties en grenst aan Arnhem, waardoor Rheden met uitwassen van stedelijke problematiek te maken heeft. Tot slot werd door de gemeentes Nijkerk, Duiven-Westervoort en Barneveld aangegeven dat het vergelijken van regio’s in hun ogen riskant is, omdat regio’s onderling enorm kunnen verschillen.

7.2 Meldpunt Wvggz – kwaliteit en samenwerking De veertien gemeentes zijn in algemene zin tevreden met het Meldpunt Wvggz van VGGM. Het gemiddelde cijfer dat gemeentes aan het Meldpunt Wvggz geven is een 8. In dit hoofdstuk wordt dat cijfer onderbouwd met de bevindingen uit de interviews met alle betrokken partijen in de regio Gelderland-Midden.

7.2.1 Aanname melding & triage Over het algemeen zijn de betrokken gemeentes positief over de wijze waarop VGGM meldingen aanneemt en triageert. Heldere werkafspraken, nakomen van afspraken, deskundigheid, zorgvuldigheid en dagelijkse bereikbaarheid zijn positieve punten die genoemd zijn. De gemeentes Doesburg, Barneveld, Zevenaar, Duiven-Westervoort en Scherpenzeel gaven aan dat zij (vooralsnog) weinig tot geen ervaring hebben met het Meldpunt Wvggz, waardoor beoordeling van het meldpunt wordt bemoeilijkt. De gemeente Barneveld stelt dat zij het Meldpunt Wvggz pas nodig hebben wanneer de betrokken GGZ-instelling van mening is dat een zorgmachtiging onnodig is terwijl de gemeente Barneveld dat wel nodig acht. Tot slot een aantal verbeterpunten. De gemeente Zevenaar gaf aan dat meldingen in hun ogen soms te snel worden teruggelegd bij de gemeente, terwijl zij van mening zijn dat Wvggz nodig is. De gemeente Rheden ziet in de terugkoppeling graag een argumentatie terug waarom een melding wel of niet doorgezet wordt en, tot slot, stelt de gemeente Lingewaard voor om de werkafspraken te actualiseren.

20

7.2.2 Verkennend onderzoek Over het verkennend onderzoek zijn de betrokken gemeentes over het algemeen tevreden. Uit de interviews blijkt dat de gemeentes Arnhem, Overbetuwe, Renkum, Nijkerk, Zevenaar, Rheden, Wageningen en Lingewaard tevreden zijn over de termijnen die voor het verkennend onderzoek door VGGM worden gehaald (twee weken), de transparantie, terugkoppeling en deskundigheid van VGGM en dat de werkafspraken goed verlopen. Over laatstgenoemde gaf gemeente Lingewaard wel aan dat deze geactualiseerd moeten worden. De gemeente Arnhem gaf aan dat zij weinig zicht hebben op de uitvoering van het verkennend onderzoek. De gemeente Barneveld gaf aan dat in hun ogen huisbezoeken voor het verkennend onderzoek overbodig zijn en dat VGGM zich voor het verkennend onderzoek zou moeten beperken tot feitenlijkheden. De gemeente Renkum sprak de wens uit om, ten gunste van de transparantie en samenwerking, graag eens een dag mee te lopen bij VGGM om zo inzichten op te doen over het verkennend onderzoek, meldpunt Wvggz en horen. De gemeentes Doesburg en Duiven-Westervoort gaven aan geen ervaring met verkennend onderzoek te hebben en daardoor hierover ook geen oordeel te kunnen uitspreken. De gemeente Scherpenzeel gaf aan meer inzicht te willen hebben in de fase nadat de zorgmachtiging is opgelegd.

Die afspraken worden tussen de GGZ-instelling en de gemeente gemaakt en vallen daarom buiten de scope van VGGM en dit evaluatieonderzoek. De gemeente Renkum ziet van het OM over een aanvraag zorgmachtiging graag een tussentijdse update. Het OM deelt, vanwege privacyregels, gedurende het proces geen informatie. Updates zijn daarom niet mogelijk.

7.2.3 Terugkoppeling verkennend onderzoek Na het verkennend onderzoek wordt door VGGM besloten of deze als aanvraag zorgmachtiging wordt doorgezet aan het OM. De terugkoppeling is, vanwege privacyregels, marginaal wanneer een aanvraag zorgmachtiging wordt gestart. Wanneer wordt besloten dat het verkennend onderzoek niet wordt doorgezet aan het OM, dan is de terugkoppeling aan de gemeente inhoudelijk rijker. De gemeentes Arnhem, Nijkerk, Lingewaard en Scherpenzeel zien zorgvuldige werkafspraken wat betreft de terugkoppeling. De gemeentes Arnhem en Nijkerk gaven ook aan dat zij het prettig vinden dat VGGM bij twijfel overlegt om tot de beste oplossing te komen. De onderbouwing waarom een verkennend onderzoek niet tot een aanvraag zorgmachtiging leidt, is volgens de gemeentes Renkum & Lingewaard dan ook prettig. Tot

slot

gaf

de

gemeente

Zevenaar

kwartaalrapportages volledig zijn en daarmee inzicht in de resultaten geven. 21

aan

dat

de

De gemeente Zevenaar gaf een tweetal wensen aan. Ten eerste zouden zij graag de beoordelaar van het verkennend onderzoek aan tafel hebben wanneer gepraat wordt over vervolgstappen. Ten tweede zien zij in Nederland vele meldpunten, waarin zij graag een routekaart ontwikkelt zien worden. Een dergelijke routekaart valt op dit moment buiten de scope van de opdracht van gemeentes aan VGGM. De gemeentes Doesburg en Duiven-Westervoort gaven aan geen ervaring met verkennend onderzoek te hebben en daardoor hierover ook geen oordeel te kunnen uitspreken.

7.2.4 VGGM en feedback uit de keten Volgens de gemeentes Barneveld, Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Zevenaar, Rheden, Lingewaard en Wageningen gaat VGGM adequaat en constructief om met feedback uit de keten. Mede daardoor zijn volgens de gemeente Overbetuwe de kinderziektes, die aan het begin van de invoering Wvggz het proces parten speelde, opgelost. De gemeentes Renkum en Duiven-Westervoort gaven aan geen ervaring te hebben met het geven van feedback aan VGGM. De gemeentes Arnhem en Scherpenzeel spraken over feedback aan VGGM geen oordeel uit.

7.2.5 Burgermeester(s) & wethouders en het Meldpunt Wvggz De burgermeesters van Arnhem, Barneveld, Doesburg, Zevenaar, Rheden, Wageningen, Lingewaard en Scherpenzeel hadden geen specifieke verwachtingen van het Meldpunt Wvggz. De burgermeesters van Nijkerk, Overbetuwe, Renkum en Duiven-Westervoort verwachten veel werk en ernstige zaken. Dit is vooralsnog meegevallen. Over de uitvoering zijn de burgermeesters van Arnhem, Barneveld, Nijkerk, Rheden en Wageningen positief. Het Meldpunt Wvggz wordt volgens hen professioneel opgepakt, is goed bereikbaar, inhoudelijk goed op de hoogte en het draagt bij aan het inhoudelijke proces Wvggz. De burgermeester van Zevenaar heeft aangegeven dat de prioriteit in de gemeente Zevenaar niet bij de Wvggz ligt. De burgermeesters van Doesburg, Lingewaard en Scherpenzeel hebben vooralsnog weinig tot geen ervaring met het Meldpunt Wvggz, waardoor het voor hen niet mogelijk is om uitspraken over de uitvoering te doen.

22

7.3 Horen Horen is onderdeel van de crisismaatregel en door de Wvggz een verplichting voor iedere burgermeester19. VGGM voert het horen namens de burgermeesters in Gelderland-Midden (m.u.v. gemeente Ede) uit. Hieronder de bevindingen uit de interviews wat betreft het horen.

7.3.1 Verwachting horen De gemeentes Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Zevenaar en Wageningen gaven aan dat de uitkomsten voor het aantal verzoeken om te horen overeenkomen met wat zij hadden verwacht. De gemeentes Barneveld, Lingewaard, Rheden en Scherpenzeel hadden geen verwachtingen over het aantal verzoeken om te horen. De gemeente Overbetuwe gaf aan dat zij geen zicht hebben op het aantal verzoeken om te horen en hoe vaak daadwerkelijk gehoord is. Raadpleeg de jaar- en kwartaalrapportages in bijlage 5,6, en 7 voor inzicht in de cijfers van (o.a.) het horen. De gemeentes Rheden en Doesburg gaven aan dat cliënten vooralsnog de mogelijkheid om gehoord te worden hebben afgewezen. Enkel de gemeente Arnhem heeft minder vaak verzoeken om te horen ontvangen dan dat zij hadden verwacht.

7.3.2 Kwaliteit horen Volgens de gemeentes Arnhem, Barneveld, Zevenaar, Lingewaard, Renkum en Zevenaar zijn de verslagen van het horen voldoende. De gemeentes Barneveld, Zevenaar en Lingewaard geven wel aan dat horen weinig voorkomt. De gemeentes Nijkerk, Overbetuwe, Wageningen, Lingewaard en Scherpenzeel geven aan helemaal geen ervaring met horen te hebben. De gemeente Doesburg sprak geen beoordeling uit over het horen door VGGM, maar stelt de uitvoering door VGGM op prijs omdat de gemeente Doesburg voor het horen lokaal geen capaciteit heeft. De gemeentes Barneveld en Zevenaar zetten hun vraagtekens bij het nut van het horen, gezien de toestand van cliënten maakt dat een inhoudelijk gesprek bijna onmogelijk is. Dit gaat overigens niet over de uitvoering van de Wvggz werkzaamheden door VGGM, maar over het draagvlak van de Wvggz. De VGGM voert het horen als wettelijke verplichting voor gemeentes enkel uit.

7.3.3 Burgermeesters & horen De burgermeesters van Arnhem, Barneveld, Renkum, Zevenaar, Wageningen en Duiven-Westervoort zijn positief over de uitvoering van het horen door VGGM. De burgermeesters van Barneveld, Nijkerk

19

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (z. d.). Crisismaatregel in de Wet verplichte GGZ. 23

en Zevenaar zetten vraagtekens bij het nut van het horen, gezien de toestand van cliënten. De burgermeesters van Doesburg, Nijkerk, Rheden, Lingewaard, Scherpenzeel en DuivenWestervoort geven aan nauwelijks tot geen ervaring met horen te hebben. De gemeentes Duiven-Westervoort vragen zich af welke vragen de burgermeesters moeten stellen tijdens het horen. Het horen is uitbesteed aan VGGM, waardoor de burgermeesters enkel een schriftelijk verslag en (met toestemming cliënt) een audio-opname ontvangen. De burgermeesters instrueren over welke vragen zij moeten stellen tijdens het horen is dus niet nodig.

7.4 Ambtelijk secretariaat Ter herinnering: de gemeente Ede neemt in de regionale samenwerking van VGGM enkel het ambtelijk secretariaat af. De gemeente Ede is daarom enkel bevraagd over hun ervaringen met het ambtelijk secretariaat en de resultaten daarvan zijn, tezamen met de resultaten uit de interviews met de andere gemeentes, hieronder te vinden. De gemeentes Arnhem, Barneveld, Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Zevenaar, Rheden, Wageningen, Lingewaard, Duiven-Westervoort, Scherpenzeel en Ede zijn allen uitgesproken zeer positief over het ambtelijk secretariaat dat door VGGM wordt geleverd. Het ambtelijk secretariaat wordt gezien als proactief, deskundig en nauwkeurig. Proactief door partijen bij het overleg aan tafel te krijgen, stukken te verspreiden, het overleg voor te zitten en relevante onderwerpen te agenderen. Het ambtelijk secretariaat is ook deskundig: de inhoudelijke kennis over de Wvggz is ruim voldoende. Tot slot is het ambtelijk secretariaat nauwkeurig: de stukken zijn tijdig binnen en de verslaglegging achteraf is ook van goede kwaliteit. Ook zijn een aantal tips voor het ambtelijk secretariaat aangedragen. De gemeentes Renkum, Rheden en Duiven-Westervoort zijn van mening dat de overleggen soms te lang duren. Daarop aansluitend ziet de gemeente Doesburg graag dat overleggen worden samengevoegd om tijd te besparen.

De gemeentes Zevenaar, Overbetuwe en Rheden vinden dat de onderwerpen niet altijd voor iedereen altijd even relevant zijn. Volgens de gemeente Lingewaard trekt VGGM sommige onderwerpen teveel naar zich toe, waardoor andere partijen achterover gaan leunen. Tot slot bleek uit het interview met de gemeente Ede dat zij geen inzicht hebben in de financiële consequenties van het voortzetten van het ambtelijk secretariaat, maar al wel moesten beslissen of zij daarmee door wilden gaan. Die volgorde hadden zij graag anders gezien.

24

7.5 Outcome/meta-niveau In deze paragraaf worden de resultaten uit de interviews met betrokken partijen over de kwaliteit en de voortzetting van de ketensamenwerking VGGM gepresenteerd.

7.5.1 Ketensamenwerking De ketensamenwerking verloopt volgens de gemeentes Barneveld, Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Zevenaar en Rheden steeds beter. Volgens de gemeentes Renkum, Nijkerk, Zevenaar, Rheden, Wageningen, Lingewaard en Duiven-Westervoort heeft VGGM een verbindende rol in het geheel. Gemeente Wageningen geeft aan dat zij aan de andere kant juist de verbinding met Wvggz enigszins verliezen doordat zij het uit hebben besteed. Volgens hen is dat de consequentie van het uitbesteden en wegen de voordelen daarvan op tegen de nadelen. De gemeente Arnhem geeft aan dat zij de verbinding verliezen door een dalend aantal meldingen. De strategisch adviseur van VGGM is voor de gemeente Arnhem uitgesproken waardevol. De gemeentes Doesburg, Nijkerk en Duiven-Westervoort zouden de betrokken GGZinstellingen vaker aan tafel willen hebben om te praten over de Wvggz. De gemeente Overbetuwe gaf aan tevreden te zijn met de werkzaamheden van VGGM, maar onderzoekt ook de mogelijkheden om voor de Wvggz meer zelf te organiseren in de hoop dat dit financieel voordeliger is voor hen. De gemeente Scherpenzeel gaf aan op de hoogte te zijn van dergelijke ontwikkelingen en te hopen dat gemeentes juist door willen gaan met de ketensamenwerking, omdat het voor een kleine gemeente als Scherpenzeel financieel grote consequenties kan hebben wanneer andere gemeentes afhaken.

De gemeente Scherpenzeel gaf aan graag informatie te ontvangen over welke informatie wanneer wel of niet gedeeld mag worden. Tot slot een overzicht van de voor- en nadelen van het beleggen van werkzaamheden bij VGGM: Voordelen

Nadelen

o

VGGM verbindende en onafhankelijke spin in het web – Gemeentes Arnhem en Lingewaard

o

Lokale organisatie kan beter aansluiten op lokale behoeftes en de kennis en kunde wordt in de lokale organisatie geborgd – Gemeentes Barneveld, Rheden, Lingewaard, Duiven-Westervoort en Scherpenzeel

o

Schaalvoordelen: capaciteit-voordeel, efficiëntie, borgen kwaliteit en kennis – Gemeentes Barneveld, Doesburg, Nijkerk, Overbetuwe, Renkum, Rheden,

o

Twijfel over financiële voordelen en wanneer gemeentes stoppen met het uitbesteden van taken aan VGGM worden de kosten voor de overige gemeentes hoger

25

Wageningen, Lingewaard, DuivenWestervoort en Scherpenzeel o

– Gemeentes Doesburg, Overbetuwe en Duiven-Westervoort

Grotere slagkracht richting landelijk bestuur - Gemeente Rheden

o

Gemeenschappelijke regeling maakt gemeenteraden huiverig, omdat hun machtpositie daarmee verzwakt – Gemeente Rheden

o

Contact met de eigen inwoners verminderd door de gemeenschappelijke regeling – gemeentes Zevenaar, Renkum, Lingewaard en Scherpenzeel

7.5.2 Beoordeling implementatie Wvggz in de regio Gelderland-Midden De gemeentes in de regio Gelderland-Midden beoordelen de implementatie van de Wvggz gemiddeld met een 7,9. De gemeentes zijn over het algemeen genomen tevreden, omdat zij van mening zijn dat de implementatie goed op weg is en, waar nodig, verbeteringen worden aangebracht. De gemeente Duiven-Westervoort gaf geen cijfer.

7.5.3 Pilot: ketensamenwerking definitief vastleggen, verlengen, hervormen of stoppen Let op: deze vraag is gedurende de interviewfase aan de vragenlijst toegevoegd, waardoor de gemeentes Barneveld en Doesburg zich hierover niet hebben uitgesproken.

De gemeentes Arnhem, Overbetuwe, Nijkerk, Renkum, Rheden, Wageningen, Lingewaard, DuivenWestervoort en Scherpenzeel zijn voorstander van een ketensamenwerking in definitieve vorm. De gemeente Overbetuwe stelde bijvoorbeeld voor om de samenwerking met vijf jaar te verlengen en dan regelmatig te evalueren om de samenwerking steeds te verbeteren. De gemeente Duiven-Westervoort gaf aan door te willen met de samenwerking, maar dan wel de prijsverhoudingen kritisch te evalueren. De gemeente Nijkerk voegt daaraan toe dat ‘financiën’ het sleutelwoord is, gezien de tekorten in het Sociaal Domein. De gemeente Scherpenzeel gaf aan dat zij onderdeel van de ketensamenwerking willen blijven wanneer andere gemeentes dat ook doen, omdat zij financieel afhankelijk zijn van de deelname van andere gemeentes. De gemeentes Zevenaar heeft voorkeur voor het verlengen van de pilot met een half jaar en dan opnieuw de wensen van de organisatie te onderzoeken. De gemeente Ede zet het ambtelijk secretariaat door VGGM graag verder door. De definitieve vorm zal opnieuw op basis van de het financiële plaatje worden afgewogen.

26

7.6 Resultaten evaluatie met het Openbaar Ministerie Met het Openbaar Ministerie (OM) is de ketensamenwerking ook geëvalueerd. De resultaten van dat interview komen hieronder aan bod. Verwachting aantal verkennend onderzoeken Het Openbaar Ministerie (OM) verwachtte net zoveel zorgmachtigingen als rechterlijke machtigingen. In de praktijk is gebleken dat zorgmachtigingen minder voorkomen dan rechterlijke machtigingen. Meldpunt Wvggz Het OM heeft goede ervaringen met het Meldpunt Wvggz. De communicatie verloopt soepel en iedereen houdt zich aan de gemaakte afspraken, zoals bijvoorbeeld de termijn waarin een verkennend onderzoek afgerond moet zijn. De werkafspraken zijn tussentijds gewijzigd en mede daardoor verloopt de samenwerking steeds beter. Dat is dan ook een teken dat VGGM feedback constructief oppakt en waar nodig verbeteringen aanbrengt. Het maakt van VGGM een betrouwbare organisatie. Ambtelijk secretariaat Over het ambtelijk secretariaat is het OM erg tevreden. Tijdens de overleggen wordt een sterke agenda gehanteerd met relevante onderwerpen, de voor de overleggen relevante stukken worden tijdig aangeleverd, de communicatie verloopt soepel en de overleggen zijn niet te lang. Ketensamenwerking Volgens het OM verloopt de ketensamenwerking naar behoren. VGGM is in de ketensamenwerking de verbindende partij en zij geven aan die rol een prettige invulling.

In andere regio’s is niet altijd een partij zoals VGGM en daar verloopt de algehele implementatie van de Wvggz minder soepel dan in Midden-Gelderland. Voor- en nadelen van taken beleggen bij VGGM Het OM stelt zich nederig op wat betreft dit thema, gezien de beslissing om al dan niet met deze werkwijze door te gaan niet aan hen is. Het OM benoemt desondanks de uniforme werkwijze en de korte lijnen met contactpersonen als een voordeel van het beleggen van Wvggz taken bij VGGM voor het OM. In de optiek van het OM zijn voor hen geen nadelen aan het beleggen van die taken bij VGGM. Het OM wil de samenwerking zoals deze nu bestaat, graag verder voortzetten.

7.7 Resultaten evaluatie GGZ-instellingen In dit onderdeel worden de resultaten van de interviews met de GGZ-instellingen gepresenteerd. Ter herinnering: de GGZ-instellingen die geïnterviewd zijn voor dit evaluatieonderzoek zijn GGZ Centraal, GGNet en Pro Persona.

27

Meldpunt Wvggz GGZ Centraal gaf aan geen standpunten over het aantal meldingen bij Meldpunt Wvggz of over het horen in te kunnen nemen, omdat de respondent niet betrokken is bij de voorbereidingen van de Wvggz. GGNet en Pro Persona gaven aan dat zij geen zicht hebben op de cijfers. GGZ Centraal gaf aan dat zij niet betrokken zijn in het traject dat zich voor het Openbaar Ministerie afspeelt, waardoor de respondent hierover geen ervaringen kon delen. Af en toe ontstaat omtrent een casus informeel contact met VGGM. GGNet gaf aan dat het wel eens voorkomt dat verkennend onderzoek over een cliënt wordt uitgevoerd en vervolgens aangeboden wordt bij GGNet, maar dat dan blijkt dat die cliënt al bij GGNet in behandeling is. De respondent vraagt zich af waarom die behandeling onbekend is bij diegene die het verkennend onderzoek doen. Volgens GGZ Centraal moet het verkennend onderzoek ingezet worden om te onderzoeken of alles is geprobeerd om verplichte zorg te voorkomen. De respondent heeft soms de indruk dat dit niet altijd gebeurd. De respondenten van zowel GGZ Centraal als GGNet gaven aan dat VGGM voor het verkennend onderzoek meer betrokkenen en familieleden moeten betrekken. Pro Persona gaf aan dat zij het verkennend onderzoek niet onder ogen krijgen, omdat de Geneesheer Directeur daarop geen recht heeft. Pro Persona heeft dan ook geen oordeel over het verkennend onderzoek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=e468699b-22ed-426f-83d7-565463d15b9a