Bijlage 2 - Rheden 2016 locatie Dorpsstaat 49a en omgeving_Toelichting
Tekst van het document
Bestemm Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving Toelichting
Velp
Rheden
De Steeg
Ellecom
Dieren
Spankeren
Laag-Soeren
Landelijk gebied
Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving
2 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Haalbaarheid en afweging
Bodem Geluid Natuur/Ecologie Groen Water Archeologie Cultuurhistorie Luchtkwaliteit Verkeer en parkeren Externe veiligheid Niet gesprongen explosieven Milieuzonering Milieueffect rapportage
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3
Beleid
Rijksbeleid Provincie Regio Gemeente
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13
Beschrijving van het plan
Huidige situatie Toekomstige situatie
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4
Inleiding
Algemeen Aanleiding Ligging plangebied Geldende bestemmingsplannen
Hoofdstuk 2 2.1 2.2
5 7 8 8 8 10 13 13 15 21 21 22 24 24 29 29 31 33 37 40 44 45 46 47 49 54 55 57
Juridische aspecten
61
Algemeen Procedure bestemmingsplan Verbeelding en regels
61 61 61 3
Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
5.4 5.5
Reikwijdte bestemmingsplan Handhaving
63 64
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
65
Hoofdstuk 7
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
67
7.1 7.2 7.3
Inspraak Vooroverleg Zienswijzen
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Beeldkwaliteitsplan Bijlage 2 Boom Effect Analyse Bijlage 3 Verkennend -en aanvullend bodemonderzoek Dorpsstraat (ong.) Bijlage 4 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Bijlage 5 Quickscan Wet natuurbescherming Bijlage 6 Stikstofdepositieberekening Bijlage 7 Onderzoek Geohydrologie Bijlage 8 Archeologisch onderzoek Bijlage 9 Historische beschrijving De Cirkel Bijlage 10 Verkennend bodemonderzoek Laakweg (ong.) Bijlage 11 Resultaat digitale watertoets - 11-09-2023 Bijlage 12 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.
4 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
67 67 68 69 71 73 79 227 301 345 383 403 461 477 547 555
Toelichting
5 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
6 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Hoofdstuk 1 Inleiding
Leeswijzer De toelichting op een bestemmingsplan wordt binnen de gemeente volgens een vast stramien opgebouwd, en wel als volgt.
Hoofdstuk
Inhoud
1 Inleiding
Kort wordt ingegaan op het bestemmingsplan in het algemeen; de aanleiding voor onderhavig plan; de ligging van het plangebied en het geldende bestemmingsplan.
2 Beschrijving van het plan
Hier wordt de huidige stand van zaken beschreven en een beschrijving van de beoogde ontwikkeling gegeven.
3 Beleid
Aangegeven wordt binnen welke beleidskaders en regels van het rijk, provincie, waterschap en de gemeente het bestemmingsplan is opgesteld.
4 Haalbaarheid en afweging
De haalbaarheid en afweging, de uitgevoerde onderzoeken en conclusies komen hier aan de orde.
5 Juridische aspecten
Beschreven wordt de procedure die een bestemmingsplan doorloopt en wordt een toelichting gegeven op de regels van het bestemmingsplan.
6 Economische uitvoerbaarheid
Toegelicht wordt of uitvoering van het bestemmingsplan economisch haalbaar is.
7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Hier wordt beschreven hoe de procedure is verlopen tot de vaststelling van het bestemmingsplan.
7 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
1.1
Algemeen Het bestemmingsplan bestaat uit een digitale verbeelding (de kaart) en regels. Door het perceel op te zoeken waarover informatie wordt gewenst, kan worden afgelezen welke bestemming het heeft. In een bestemmingsplan worden de gebruiks- en bouwmogelijkheden van gronden en opstallen aangegeven door middel van kleuren en symbolen, waarbij per object regels zijn gegeven. De regels bevatten de materiële inhoud van de bestemmingen. Uit het samenstel van de verbeelding en de regels blijkt wat juridisch wordt toegestaan. Een bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting. De
toelichting
heeft geen
juridische
status. Na
inwerking
van de
Omgevingswet maakt een bestemmingsplan in eerste instantie onderdeel uit van het omgevingsplan-van-rechtswege (tijdelijke omgevingsplan).
1.2
Aanleiding Sport- en Healthclub de Cirkel vertrekt uit het centrum van Rheden. De beoogde nieuwe locatie bevindt zich in de zuidflank van Rheden te midden van andere sportvoorzieningen zoals het openluchtzwembad en de tennisvelden, ter hoogte van de
tafeltennisvereniging.
De
initiatiefnemer
heeft
plannen
ontwikkeld
om het
bestaande pand van de sportschool aan de Dorpsstraat in het centrum van Rheden te slopen en hier een nieuw appartementencomplex met 24 woningen te realiseren. Daarnaast
is
men
voornemens
ter
hoogte
van
de
Laakweg
een
twee-onder-een-kapwoning te realiseren. De gewenste ontwikkeling past niet binnen het vigerende bestemmingsplan. Om de gewenste ontwikkeling planologisch-juridisch mogelijk te maken, is een procedure tot vaststelling van een nieuw bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 Wet ruimtelijke ordening (Wro) noodzakelijk. Met voorliggend bestemmingsplan wordt het plan voorzien van een ruimtelijk juridisch kader. In deze toelichting wordt de beoogde ontwikkeling beschreven en wordt aangetoond dat voldaan kan worden aan de eisen van een goede ruimtelijke ordening.
1.3
Ligging plangebied In het oostelijk/zuidelijk deel van het dorp Rheden ligt de Dorpsstraat. Deze straat ligt binnen de bebouwde kom. De omgeving wordt gekenmerkt door de protestantse Mauritiuskerk waar dit plangebied zich naast bevindt en door het gevarieerde woningaanbod. De sportschool zichtbaar op de luchtfoto hieronder bevindt zich in het plangebied. De planlocatie is gelegen op de percelen die kadastraal bekend staan als gemeente Rheden Gelderland, nummers 640, 1265, 1266 en een deel van 1128. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van circa 3000 m². In de onderstaande figuren is de ligging van het plangebied weergegeven.
8 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Luchtfoto met aanduiding plangebied (bron: Google Maps)
Figuur: Uitsnede kadastrale kaart (bron: Perceelloep)
9 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
1.4
Geldende bestemmingsplannen Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan 'Rheden 2016, woongebieden' dat op 27 maart 2017 door de gemeenteraad van Rheden is vastgesteld. In het bestemmingsplan kent het plangebied de enkelbestemming 'Gemengd
-
2'
met
bestaand
bouwvlak,
de
enkelbestemming
'Tuin'
en
de
dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1'. Daarnaast kent het plangebied de functieaanduidingen 'Maatschappelijk' en 'Sport' en de gebiedsaanduiding 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol'. De
voor
'Gemengd
bedrijfsactiviteit
- 2'
aangewezen
huis
en
aan
gronden
kamerverhuur
zijn
aan
bestemd
meer
dan
voor
woningen,
twee
personen.
Kamerverhuur is uitsluitend toegestaan in aanvulling op het gebruik als woning. De onderlinge afstand tussen de kamerverhuurpanden mag niet meer dan 50 meter bedragen. De gronden zijn tevens bestemd voor parkeer- en groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige rioleringswerken,
voorzieningen,
watergangen
en
hemelwaterinfiltratievoorzieningen
waterpartijen,
straatmeubiliair
en
en
andere
bijbehorende voorzieningen, alsmede voor de ontsluiting van direct aangrenzende percelen. Op de voor 'Gemengd - 2' aangewezen gronden mogen gebouwen en overige bouwwerken worden gebouwd. Een hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd. De bouwhoogte van een hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 10 meter, tenzij de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' ter plekke geldt. Indien woningen op de verdieping zijn toegelaten, dan mag het aantal woningen niet meer dan 1 bedragen. Voor bijgebouwen en overkappingen geldt dat er binnen het bouwvlak dan wel ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' dient te worden gebouwd. Het bebouwingspercentage van de bijgebouwen en overkappingen ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' mag per bouwperceel niet meer dan 40 bedragen. De goot- en bouwhoogte van bijgebouwen mag respectievelijk niet meer dan 3,50 meter en 5,0 meter bedragen. De voor 'Tuin' zijn bestemd voor tuinen en tevens voor waterhuishoudkundige voorzieningen, hemelwaterinfiltratievoorzieningen en rioleringswerken, watergangen en waterpartijen, straatmeubiliair en andere bijbehorende voorzieningen, alsmede voor de ontsluiting van direct aangrenzende percelen. Op de voor 'Tuin' aangewezen gronden mogen uitsluitend overige bouwwerken worden
gebouwd
evenwel met uitzondering
van
overkappingen. Hiervoor zijn
specifieke bepalingen opgenomen. De voor 'Waarde - Archeologie 1' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor gronden met een hoge archeologische
verwachtingswaarde
en
voor
gronden
met
een
bekende
archeologische vindplaats. Bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het oprichten van bouwwerken groter dan 100 m2 en waarbij dieper wordt gegraven dan 30
centimeter,
dient
de
aanvrager
10 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
een
rapport
te
overleggen
waarin
de
archeologische waarden van de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate zijn vastgesteld. Als uit het archeologisch rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het oprichten van het vergunde bouwwerk zullen worden verstoord, kunnen burgemeester en wethouders één of meerdere voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning. Het overleggen van een rapport is niet nodig indien naar het oordeel van burgemeester en wethouders de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. In aanvulling op de bepaalde gronden voor 'Gemengd - 2' zijn de gronden tevens bestemd
voor
maatschappelijke
voorzieningen
als
genoemd
in
de
Lijst
maatschappelijke voorzieningen ter plaatse van aanduiding 'maatschappelijk'. Ook een inpandig sport- en healthcentrum, ter plaatse van de aanduiding 'sport' is hier mogelijk. Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol' geldt dat die gronden -naast de andere aangewezen bestemming(en)- tevens bestemd zijn voor de instandhouding en bevordering van het open stedenbouwkundige karakter van de gronden en van het representatieve straatbeeld. De gronden worden aldus geacht geen deel uit te maken van het erf bij het hoofdgebouw. Ten aanzien van het oprichten van bebouwing geldt dat de gronden vrij dienen te blijven van gebouwen en overkappingen.
Enkel
de
benoemde
bouwwerken,
geen
gebouw
zijnde,
zijn
toegestaan. Hiervoor zijn specifieke bepalingen opgenomen. Conclusie Onderhavig
initiatief
is
in
strijd
met
het
bestemmingsplan
'Rheden
2016,
woongebieden'. Zo is binnen de bestemming 'Gemengd - 2' ten hoogste 1 woning toestaan, terwijl hier een appartementencomplex met 24 woningen gewenst is. Daarnaast wordt de begrenzing van het bestaande bouwvlak hier overschreden. Voor wat betreft de gewenste twee-onder-een-kapwoning binnen de bestemming 'Tuin', geldt dat hier überhaupt geen woningen en gebouwen zijn toegestaan.
11 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'Rheden 2016, woongebieden' met aanduiding plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
12 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plan
2.1
Huidige situatie In de huidige situatie bevindt zich noordwestelijk binnen het plangebied het gebouw van Sport- en Healthclub De Cirkel (Dorpsstraat 49a). Daarnaast bevindt zich in hetzelfde gebouw buitenschoolse opvang Puck&Co (Dorpsstraat 43a). Aan beide zeiden van het pand is verharding aanwezig ten behoeve van het parkeren en ontsluiting op de Dorpsstraat. Het gebouw grenst aan de noord-westzijde aan de achterzijde van de woningen aan de Dorpsstraat. Aan de zuid-westzijde grenst het gebouw aan het park rond de kerk. Het zuid-oostelijke deel van het plangebied grenst aan de Laakweg en maakt deel uit van het bebouwingslint langs die weg. Het gebouw is bereikbaar via een smalle insteekweg vanaf de Dorpsstraat en via het park aan de westzijde van het gebouw. Aan de smalle insteekweg staan enkele woningen die aan de noord-oostzijde uitkijken op de sportschool. De zuidoostzijde van het plangebied grenst aan de Laakweg en is onbebouwd en onverhard. Het terrein is vergrast met, ter hoogte van de perceelsgrenzen, enkele bomen.
Figuur: Sport- en Healthclub De Cirkel in bestaande situatie (bron: Google Streetview) 13 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Buitenschoolse opvang Puck&Co in bestaande situatie (bron: Google Streetview)
Figuur: Plangebied in bestaande situatie gezien vanaf de Laakweg (bron: Google Streetview) Omgeving De omgeving van het plangebied wordt wat betreft bebouwing gekenmerkt door de omliggende (hoofdzakelijk) vrijstaande -en twee-onder-een-kap woningen enerzijds, en door het kerkgebouw van de protestantse gemeente dat ten zuidwesten aan het 14 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
plangebied grenst anderzijds. Met name aan de zijde waar het plangebied grenst aan de kerk is sprake van een groene, parkachtige omgeving. Dit deel van het plangebied maakt onderdeel uit van het bebouwingslint langs de Laakweg. Naast omliggende bebouwing wordt het plangebied ten zuidoosten begrenst door de doorgaande Laakweg. Circa 100 meter achter de Laakweg ligt de Rijksweg A348, waar de Laakweg via de Oranjeweg middels een op- en afrit mee verbonden is.
Figuur: Luchtfoto
bestaande
situatie
omgeving met
aanduiding plangebied (bron:
Cyclomedia)
2.2
Toekomstige situatie In de gewenste situatie wordt het gebouw, waar momenteel Sport- en Healthclub De Cirkel en buitenschoolse opvang Puck&Co zijn gevestigd, gesloopt. Op die locatie wordt een appartementencomplex gerealiseerd met in totaal 24 woningen. Daarnaast wordt op het onbebouwde zuidoostelijke deel van het plangebied, ter hoogte van de Laakweg, een twee-onder-een-kapwoning gebouwd. De planopzet is tot stand gekomen in overleg met de gemeentelijke Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). Het appartementencomplex staat qua positionering duidelijk los van de kerk en is hieraan zowel in vormentaal als in uitstraling duidelijk ondergeschikt. De opbouw van het pand bestaat uit verschillende vleugels, waardoor de gevels aan alle zijden een eigen gezicht krijgen. Het gebouw voegt zich daarmee op een natuurlijke manier naar de omgeving en speelt in op de verschillende randen van de locatie. Door het ingetogen karakter blijft de kerk de blikvanger in het park. Het gebouw bestaat uit twee lagen met een kap. Onder het gebouw wordt een kelder gerealiseerd. In het complex is ruimte voor 24 woningen met elk een eigen berging gevestigd in de kelder. De omvang van de appartementen zal variëren van 50 m² t/m 111 m², waarbij er een gevarieerd woningaanbod wordt gerealiseerd. De nieuwbouw krijgt een samenhangende en ingetogen uitstraling die zich qua schaal en uitstraling 15
Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
voegt naar de omgeving. De hoofdorientatie van het appartementengebouw is gericht op het park rond de kerk en vormt daarmee een representatief gezicht naar het park. Daar bevind zich ook de hoofdentree. Een tweede entree bevindt zich aan de oostzijde van het pand. De beoogde beeldkwaliteit van het appartementencomplex is vastgelegd in een beeldkwaliteitsplan (Bijlage 1), welke samen met voorliggend bestemmingsplan zal worden vastgesteld door de gemeenteraad en zal gaan fungeren als toetsingskader voor de commissie ruimtelijke kwaliteit. Wat betreft prijsstelling worden 18 tot 19 woningen als 'betaalbaar' in de markt gezet. De vormgeving van de woning dient daarbij aan te sluiten bij de karakteristiek van de woningen langs de Laakweg. De twee-onder-een-kapwoning is gepositioneerd in het bebouwingslint langs de Laakweg. Afgestemd op de woningen in de directe omgeving zal de bouwhoogte ten hoogste 9 meter bedragen. Het ontwerp van de woning zal in het vervolg nader uitgewerkt worden. Het plangebied zal ter hoogte van het appartementencomplex worden ontsloten via de insteekweg vanaf de Dorpsstraat en via het bestaande pad door het park rond de kerk. De twee-onder-een-kapwoning zal middels een eigen inrit worden ontsloten op de Laakweg. Parkeren wordt op eigen terrein opgelost (zie paragraaf 4.9.2 Parkeren). Daarnaast wordt er aandacht besteed aan het openbaar groen.
De nieuwe inrichting van de buitenruimte zal qua sfeer en uitstraling aansluiten bij de kerk en het parkje met de monumentale
bomen.
Een
en
ander
conform
onderstaand
landschappelijke
inpassingsplan, dat ter borging ook als voorwaardelijke verplichting is opgenomen in de regels.
16 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Landschappelijke inpassingsplan toekomstige situatie (bron: Lindeloof tuin- en landschapsarchitecten)
17 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Plattegrond bouwlagen appartementen (bron: Arcom B.V.)
18 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Impressies appartementen hoofdentree (1) en zicht vanuit het oosten (2) (bron: Arcom B.V.)
19 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Impressies appartementen zicht vanuit het westen (3), zicht vanaf het wandelpad vanuit het zuiden (4) en zicht vanuit het noorden (5) (bron: Arcom B.V.)
20 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Hoofdstuk 3 Beleid
In dit hoofdstuk komt het ruimtelijk beleid op hoofdlijnen aan de orde. Het gaat hier om vigerend beleid op rijks-, provinciaal- en gemeentelijk niveau.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de
structuurvisie
'Nationale
Omgevingsvisie
(NOVI)'
vastgesteld. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen, geeft het richting op de vier prioriteiten en helpt keuzes maken waar dat moet. Conclusie Onderhavig initiatief betreft een ontwikkeling van beperkte omvang zonder strijdigheid met rijksbelangen. De ontwikkeling is passend binnen de NOVI.
3.1.2 Barro en Bro Op 1 juli 2017 is de Nieuwe Ladder voor Duurzame Verstedelijking in werking getreden (artikel 3.1.6 lid 2 Bro). De nieuwe Ladder is ten opzichte van de voorgaande Ladder vereenvoudigd. De drie treden zijn komen te vervallen en er is een nieuwe bepaling toegevoegd. De Laddertoets geldt alleen voor plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken. Onder een nieuwe
stedelijke
ontwikkeling wordt
verstaan: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Toetsing aan de nieuwe Ladder houdt in dat een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt een beschrijving bevat van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Beoordeling ladder duurzame verstedelijking Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de bouw van maximaal 26 woningen. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de
ontwikkeling,
in
relatie
tot
de
omgeving.
Voor
wonen
geldt
dat
voor
woningbouwlocaties vanaf 12 woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die 21 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
ladderplichtig is. De voorliggende ontwikkeling is met maximaal 26 woningen dus ladderplichtig. Bij de eerste trede van de ladder moet de behoefte worden aangetoond. Concreet gezien gaat het hier om de mogelijkheid om maximaal 26 woningen toe te voegen. Dat er een behoefte is blijkt uit het regionale woningmarktonderzoek van Companen uit 2022. In de Woondeal 2.0 Regio Arnhem-Nijmegen (zie paragraaf 3.3.1) staat benoemd dat er tot 2030 810 woningen worden toegevoegd en zoveel meer als mogelijk. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan het realiseren van woningen om het woningtekort tegen te gaan. De beoogde appartementen en twee-onder-een-kapwoning kwaliteitscriteria
worden
zullen voldoen aan de duurzaamheidscriteria
verwerkt
in
de
plannen. Het
plan
sluit
aan
en de op
de
woonbehoefte in de gemeente, op een centrale locatie en dichtbij alle voorzieningen. Van de 24 appartementen worden 18 tot 19 stuks als 'betaalbaar' in de markt gezet. Hiermee wordt voldaan aan de gemeentelijke Woonvisie (zie paragraaf 3.4.2). Daarnaast ligt het plangebied in bestaand stedelijk gebied. Hiermee wordt voldaan aan de tweede vereiste van de ladder. Het voornemen is dan ook passend ten aanzien van de ladder voor duurzame verstedelijking. Conclusie Onderhavig plan betreft een nieuwe stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied. De ontwikkeling is passend binnen de Ladder voor duurzame verstedelijking.
3.2
Provincie
3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Op 19 december 2018 hebben de Provinciale Staten van Gelderland de Omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland' vastgesteld. Het woord 'gaaf' heeft twee betekenissen. Gaaf betekent mooi, en gaat over wat - historisch en landschappelijk gezien - heel mooi en ongeschonden is. Gaaf verwijst ook naar wat nieuw en vernieuwend is; aantrekkelijk voor nieuwe generaties. Het ontwikkelen waard. Beide kanten zijn van toepassing op Gelderland en onlosmakelijk verbonden met de Gelderlanders. Beide aspecten zijn dan ook opgenomen in de Gelderse Omgevingsvisie. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat bij de verschillende provinciale uitdagingen centraal. De focus ligt op duurzaamheid, verbondenheid en een economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities op het terrein van energietransitie, klimaatadaptie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en op het woon- en leefklimaat, wordt richting gegeven aan de focuspunten. De ambities op het gebied van woon- en leefomgeving zijn in een aparte paragraaf toegelicht. Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekellijk te houden is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan de gezondheid. Goed wonen hoort daarbij.
Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen. Er wordt geïnvesteerd in een vitaal platteland. Bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied is het uitgangspunt. Het liefst wordt er getransformeerd, maar als het nodig is wordt uitbreiding aan de 22 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
rand van steden of dorpen toegestaan. Woonwensen veranderen door de tijd en met de leeftijd. De dynamiek op de woningmarkt is groot, ook als gevolg van ontwikkelingen in de Randstad. Het grootse deel van de woningen die in 2050 in Gelderland nodig zijn, staat er al. Deze moeten worden
verduurzaamd, en
bij nieuwe
woningen
wordt
duurzaamheid
meteen
toegepast. Om tot voldoende aanbod te komen gaat de provincie in gesprek met de Gelderse
regio's,
en
worden
regionale
afspraken
gemaakt
over
een
goede
balanstussen de vraag en het aanbod van woningen. Conclusie De gewenste ontwikkeling past binnen de Omgevingsvisie van de provincie Gelderland. De nieuwbouw van het appartementencomplex sluit aan bij de transformatie van het plangebied.
Voorts
wordt
twee-onder-een-kapwoning
op
gerealiseerd
thans
onbebouwde
en
het
wordt
grond
geheel groen
een
ingepast,
waardoor het gehele gebied een betere woon- en leefomgeving zal zijn.
3.2.2 Omgevingsverordening Gelderland In de Omgevingsverordening Gelderland is het ruimtelijke beleid zoals dat in de Omgevingsvisie Gelderland is verwoord, deels verankerd. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De omgevingsverordening wordt regelmatig geactualiseerd. Voor onderhavig plan is gebruik gemaakt van de geconsolideerde verordening van januari 2023 versie. Er is gekeken naar de Ontwerp wijzigingsplan Omgevingsverordening 2023. Volgens de hierbij behorende themakaart 'Regels landschap 2' wordt aangegeven dat de gehele planlocatie behoord tot Gelderse streek IJselvallei. Met deze aanduiding wordt geborgd dat bij ingrepen in het landschap altijd rekening gehouden wordt met de kwaliteiten van het landschap. Deze kwaliteiten zijn opgesomd in een separate bijlage bij de Verordening. Toetsing kernkwaliteiten landschap IJsselvallei Het betreft hier een relatief kleinschalige (her)ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied. Het plangebied ligt niet in de uiterwaarden. Met de ontwikkeling vindt geen aantasting plaats van o.a.
een historisch stadsgezicht, blauwe structuren (waterlopen etc.), historische waardevolle
verkaveling, recreatieve
structuren.
De
beoogde
toegankelijkheid
ontwikkeling
heeft
of overige geen
historisch
invloed
op
de
kernwaarden op de Gelderse streek Ijselvallei. Conclusie Het voorgenomen plan is niet in strijd met de provinciale omgevingsverordening van de gemeente Gelderland.
23 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
3.3
Regio
3.3.1 Woondeal 2.0 Regio Arnhem-Nijmegen Met
de
geactualiseerde
Woondeal
(maart
2023)
onderkennen
partijen
de
bovengemiddeld grote woonopgave, continueren de samenwerking uit 2020 en geven het partnerschap verder vorm. Bovendien zorgen we hiermee voor continuïteit en zekerheid richting marktpartijen en woningcorporaties. Voor de hele regio is het realiseren van 33.000 woningen tot en met 2030 haalbaar. Voor Rheden specifiek is de afspraak om 810 woningen toe te voegen tot 2030 en zoveel meer als mogelijk. Ook na 2030 ligt er nog een flinke opgave waar we al op inspelen. Toetsing De criteria uit de woondeal zijn deels harde eisen. Daarnaast zijn er criteria met een inspanningsverplichting. Er wordt gevraagd om hier zoveel mogelijk aan te voldoen. De criteria die hard zijn, worden overgenomen in de Woonvisie "Samen wonen in Rheden" actualisatie 2023 (vaststelling raad in november 2023). Zie paragraaf 3.4.2.
3.4
Gemeente
3.4.1 Structuurvisie Rheden, mijn dorp van morgen Voor het dorp Rheden is de structuurvisie Rheden, Mijn dorp van Morgen vastgesteld op 23 september 2014. Met deze structuurvisie vindt een herijking plaats van de voorgaande structuurvisie Een droom om in te wonen uit 2006. Ten opzichte van het vorige
bestemmingsplan is in de nieuwe
structuurvisie
voor een iets ruimere
begrenzing gekozen. De Structuurvisie geeft de koers weer voor het dorp Rheden tot 2030. Uit de analyse van de huidige situatie wordt geconcludeerd dat het dorp Rheden vooral gewaardeerd wordt om zijn rustige en aantrekkelijke ligging met aan de ene zijde de groene Veluwe en aan de andere zijde het water van de IJssel. De ligging en de historische plekken maken Rheden uniek. De diverse ambities zijn in de structuurvisie vertaald in diverse uitvoeringsmaatregelen welke in een tabel zijn opgenomen. Deze tabel is overigens indicatief en bedoeld als leidraad voor de toekomstige ontwikkelingen. In de tabel is aangegeven welke instrumenten
kunnen
worden
aangewend
om
de
genoemde
ontwikkeling
te
bevorderen c.q. mogelijk te maken. Het instrument 'bestemmingsplan' is daarbij aan de orde bij de volgende maatregelen/ambities: •
verbeteren van de openbare ruimte, herkenbaarheid en oriëntatie van diverse wegen
•
vergroten van aantrekkelijkheid voor toeristen
•
beleefbaar maken van de natuurlijke omgeving en de cultuurhistorie
•
nieuwe inbreidingslocaties en mogelijke (her)ontwikkelingen
•
vergroten dynamiek in het dorpscentrum
•
ontwikkelen entrees Groenestraat
24 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
•
ontwikkelen entree Arnhemsestraatweg/Groenestraat
•
behoud ruimtelijk karakter waardevolle gebieden
•
behoud bedrijventerrein (niet betrokken bij de voorliggende planopzet).
Toetsing Het voorgenomen plan voorziet in een (her)ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Zo wordt een bestaand
gebouw
gesloopt en wordt hier een nieuw
appartementencomplex met 24 woningen gerealiseerd. Daarnaast wordt op thans onbebouwde grond een twee-onder-een-kapwoning gerealiseerd. Mede gezien het feit dat de ontwikkeling grotendeels een herontwikkeling betreft, zal deze geen afbreuk doen aan het rustige en dorpse beeld van de gemeente Rheden. Conclusie Het voorgenomen plan sluit aan bij de ambities zoals genoemd in de gemeentelijke structuurvisie.
3.4.2 Woonvisie 2020-2026: Samen Wonen in Rheden Een woning zet je neer voor tenminste 100 jaar, liever een beetje langer, en een wijk wordt ontworpen om toch zeker net zo lang mee te gaan. De inzichten van vandaag bepalen
het
woonklimaat
voor
toekomstige
generaties.
Dat
is
een
zware
verantwoordelijkheid in een wereld die continu aan verandering onderhevig is. Prettig en veilig wonen gaat niet alleen over de woning maar zeker net zoveel over de wijk waarin die woning staat. Over de sociale samenhang in een wijk, over zelf- en samenredzaamheid van bewoners, maar ook over verkeer en groen in de wijk en de bereikbaarheid van voorzieningen. Er is een groot woningtekort in Nederland. Wij willen in Rheden graag meebouwen om het tekort terug te dringen. De opgave voor Rheden is om 810 woningen te realiseren tot 2030 (woondeal 2.0 regio Arnhem- Nijmegen) en zoveel meer als mogelijk. Ook daarna is er nog een flinke opgave. Daarbij letten we niet alleen op de aantallen, maar zeker ook op de kwaliteit die we toevoegen. We zetten daarbij ook in op vernieuwende woonvormen en verbinding tussen werk en wonen. Om ook in de toekomst voldoende plannen hebben om te kunnen voldoen aan de woningvraag is overprogrammering noodzakelijk. Er is dan ook nog ruimte voor nieuwe plannen. In de Woonvisie zijn kwaliteitscriteria opgesteld voor de nieuwe woningen. Plannen moet voldoen aan de volgende kwaliteitscriteria: Plannen vanaf 30 woningen: min. 30% sociale huur door een toegelaten instelling en 40% middeldure huur en/of betaalbare koop en 30% duur. Plannen vanaf 10 t/m 29 woningen 70% betaalbaar: sociale huur, middeldure huur, betaalbare koop en 30% duur.
Door middel van een ruimtelijke en planeconomische toets wordt het minimale aantal woningen bepaald. Plannen met minder dan 10 woningen geen criteria op betaalbaarheid. Door middel van een ruimtelijke en planeconomische toets wordt het minimale aantal woningen bepaald. Alle nieuwbouwappartementen levensloopgeschikt nultreden (woonzorgvisie gemeente Rheden 2023). Over alle nieuwbouwprojecten dient minimaal 30% van de woningen een levensloopgeschikte nultreden woning te zijn. Uitzondering zijn 25 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
boven- en benedenwoningen (maximaal 2 lagen). 13% van de nieuwbouw moet een geclusterde woonvorm voor senioren zijn, van deze 13% moet 4% geschikt zijn voor mensen met een zwaardere zorgvraag. Dit mag een gemengde woonvorm zijn (woonzorgvisie gemeente Rheden 2023). Woningen zijn minimaal 45 m2 (GO) en hebben min. 1 aparte slaapkamer. Project moet passen in het woonprofiel per kern (bijlage 1) Inspanningsverplichting om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% van het aantal woningen conceptueel te bouwen (modulair). En om in 2025 minimaal 25% en in 2030 minimaal 50% minder primaire grondstoffen in projecten te gebruiken. Het toevoegen van goedkope koopwoningen (vanaf 10 woningen, koopprijs max. € 250.000,-) is erg wenselijk. Daarbij is het mogelijk om in iets ruimere mate af te wijken van andere volkshuisvestelijke kwaliteitscriteria. Dit is nog onderdeel van nadere studie. Splitsen van panden toegestaan: woningen zijn zelfstandig, minimaal 45m2 (GO), hebben 1 aparte slaapkamer en min. label B (afwijking label B mogelijk bij monumentale woning dan 1 labelsprong).
Afwijken van de kwaliteitscriteria woningbouw is op kleine schaal mogelijk. Financiële en/ of maatschappelijke aspecten worden hierin afgewogen. Toetsing aan gemeentelijk woonbeleid Dat er een behoefte is blijkt uit het regionale woningmarktonderzoek van Companen uit 2022. In de woondeal staat benoemd dat er tot 2030 810 woningen worden toegevoegd en zoveel meer als mogelijk. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan het realiseren van woningen om het woningtekort tegen te gaan. De beoogde
woningen
zullen
voldoen
aan
de
duurzaamheidscriteria
en
de
kwaliteitscriteria worden verwerkt in de plannen. Van de 24 appartementen worden 18 tot 19 stuks als 'betaalbaar' in de markt gezet. Hiermee wordt voldaan aan het 70%-criterium uit de Woonvisie.
3.4.3 Welstandsnota De gemeente Rheden beschikt over een welstandsnota. Welstand gaat over hoe een bouwplan architectonisch in de omgeving past op basis van vorm, materiaal en kleurstelling. De gemeente Rheden heeft per dorp een overzichtskaart gemaakt waarin de dorpen zijn verdeeld in drie welstandsniveaus: Niveau 1: bijzonder; Niveau 2: regulier; Niveau 3: soepel/vrij. De planlocatie is gelegen in een gebied dat door de welstandsnota bestempeld wordt als 'Historisch dorpsgebied / dorpse bebouwinglinten woongebieden'. Voor het gebied geldt welstandsniveau 2 (regulier). Er gelden voor de planlocatie algemene criteria voor welstand en er is beleid voor het gebied. Er zijn algemene welstandscriteria. De algemene welstandscriteria schrijven voor dat ontwikkelingen op de planlocatie de volgende regels voor: 26 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Relatie tussen vorm, gebruik en constructie; Relatie tussen bouwwerk en omgeving; Betekenissen van vormen in sociaal-culturele context; Evenwicht tussen helderheid en complexiteit; Schaal en maatverhoudingen; Voor dit plangebied zijn specifiek de welstandscriteria van toepassing die gelden voor de categorie "Historisch dorpsgebied/dorpse bebouwingslinten". Toetsing Voor
het
appartementengebouw
geldt
een
beeldkwaliteitsplan
(BKP).
Het
appartementengebouw maakt onderdeel uit van de cultuurhistorisch waardevolle omgeving van de kerk. Om de ruimtelijke kwaliteit van deze omgeving te kunnen borgen is gekozen voor een BKP. De twee-kapper wordt onderdeel van het bebouwingslint langs de Laakweg en heeft ruimtelijk weinig invloed op de kerkomgeving. Voor de inpassing van deze tweekapper volstaat de huidige welstandsnota. Conclusie Onderhavig
ontwikkeling
past
binnen
de
bepalingen
van
de
gemeentelijke
welstandsnota.
3.4.4 Biodiversiteit Het college en de gemeenteraad van de gemeente Rheden hebben besloten om hoog in
te
zetten
op
de
biodiversiteit
middels
de
inzet
van
een
gemeentelijk
biodiversiteitsplan. Het plan is in juni 2022 vastgesteld met een hoge ambitie. Een ontwikkeling vanuit dit beleid is het behouden en herstellen van de biodiversiteit en het natuurinclusief ontwerpen en inrichten van projecten aan de hand van een puntensysteem. Momenteel wordt gewerkt aan het puntensysteem, deze is nog niet gereed. Gelet op de biodiversiteitsambities wordt het natuurinclusief bouwen en inrichten als uitgangspunt gehanteerd in de inrichting en ontwikkeling van het project. Toetsing Het natuurinclusief bouwen en inrichten is niet verbonden met de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Biodiversiteit is overal om ons heen en op elke schaal kan een bijdrage geleverd worden. In de nieuwbouw worden voorzieningen gecreëerd voor flora en fauna. Rond de parkeerplaatsen en overige buitenruimte worden maatregelen opgenomen/uitgewerkt die bijdragen aan de biodiversiteit zoals het toepassen van diversiteit aan inheemse hagen, natuurlijke beplanting, takkenrillen aanbrengen en dood hout afkomstig van kapwerkzaamheden en nestgelegenheid voor flora en fauna. Een en ander conform onderstaand landschappelijk inpassingsplan, dat ter borging ook als voorwaardelijke verplichting is opgenomen in de regels.
27 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Landschappelijk inpassingsplan toekomstige situatie (bron: Lindeloof tuin- en landschapsarchitecten)
3.4.5 Water Het huidige Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) heeft een planperiode van 2014 tot en met 2017. Met dit GRP voldoet de gemeente Rheden aan de planverplichting voor de rioleringszorg die rechtstreeks voortkomt uit de Wet milieubeheer. In dit plan heeft de gemeente samen met Waterschap Rijn en IJssel het rioleringsbeleid vastgelegd. De strategie bij de inzameling van afvalwater is afgestemd op rijks- en provinciaal beleid. Ook de zorgplicht voor afstromend hemelwater en grondwater, binnen het stedelijke gebied, zijn geborgd in het GRP. Omgaan met hemelwater en grondwater is geregeld in de in oktober 2015 vastgestelde gemeentelijke verordening Afvoer hemelwater en grondwater Rheden 2015. Toetsing De toetsing aan het waterbeleid en de onderbouwing van het wateraspect zijn begrepen in paragraaf 4.5.
28 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Hoofdstuk 4 Haalbaarheid en afweging
Wanneer
een
bestemmingsplan
wordt
vervaardigd,
dient
dit
plan
binnen
de
planperiode uitvoerbaar te zijn. De uitvoerbaarheid wordt mede onderzocht door het te toetsen aan regelgeving, aan beleid van andere overheden en aan de uitkomsten van onderzoeken. In dit hoofdstuk worden de (nieuwe) mogelijkheden die onderhavig bestemmingsplan bevat, daaraan getoetst. In de paragrafen 4.1 tot en met 4.13 zijn de voorgenomen ontwikkelingen getoetst aan diverse aspecten. Per paragraaf is eerst het toetsingskader aangegeven, gevolgd door de beoordeling en de conclusie. Het kader is voor beide locaties gelijk. De beoordeling is onderverdeeld per locatie. Bij de conclusie is de onderverdeling per locatie indien noodzakelijk apart gegeven.
4.1
Bodem Kader Bij de vaststelling van een bestemmingsplan dient te worden bepaald of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstige gebruik van die bodem en of deze aspecten optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Om hierin inzicht te krijgen, dient doorgaans een bodemonderzoek te worden verricht. Bodemonderzoeken mogen niet meer dan 5 jaar oud zijn. Indien er sprake is van bouwactiviteiten is ook in het kader van de bouwvergunning onderzoek naar de kwaliteit van de bodem nodig. In de praktijk worden deze onderzoeken vaak gecombineerd. Een nieuwe bestemming mag pas worden opgenomen als is aangetoond dat de bodem geschikt is (of geschikt te maken is) voor de nieuwe bestemming. Wanneer (een deel van) de bodem in het plangebied verontreinigd is, moet worden aangetoond dat het bestemmingsplan, rekening houdend met de kosten van sanering, financieel uitvoerbaar is. Beoordeling Een nieuwe bestemming mag pas worden opgenomen als is aangetoond dat de bodem geschikt is (of geschikt te maken is) voor de nieuwe bestemming. Wanneer (een deel van) de bodem in het plangebied verontreinigd is, moet worden aangetoond dat het bestemmingsplan, rekening houdend met de kosten van sanering, financieel uitvoerbaar is. Voorliggend initiatief voorziet in de bouw van een appartementencomplex binnen de bestemming 'Gemengd - 2' en de bouw van een twee-onder-een-kapwoning binnen de bestemming
'Tuin'.
Met
oog
op
de
functiewijziging
en
de
benodigde
graaf-/bouwwerkzaamheden is bodemonderzoek benodigd. Bij het Bodemloket is geen informatie bekend over verontreinigingen en of deze met spoed moeten worden 29 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
gesaneerd. Door Montferland Milieu is bodemonderzoek uitgevoerd voor zowel het deel
van
het
plangebied
ter
hoogte
van
het
nieuwe
appartementencomplex
(Dorpsstraat ong.) alsmede ter hoogte van de nieuwe twee-onder-een-kapwoning (Laakweg ong.). De rapportages van de onderzoeken zijn respectievelijk bijgevoegd als Bijlage 3 en Bijlage 10. De belangrijkste resultaten en aanbevelingen van het onderzoek aan de Dorpsstraat (ong.) zijn als volgt: Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen die hierop duiden. De grondwaterspiegel bevindt zich dieper dan 5 meter beneden het maaiveld. Het grondwateronderzoek blijft achterwege. In het ophoogzand direct onder de klinkers zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. De humeuze tussenlaag over de gehele locatie is licht verontreinigd met kwik en lood. Ter plaatse van boring 05 is de humeuze tussenlaag matig verontreinigd met PAK's. De humeuze ondergrond over de gehele locatie is licht verontreinigd met lood. De tevoren gestelde hypothese 'De gehele onderzoekslocatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd' dient te worden verworpen. Uit aanvullend onderzoek blijkt dat er een zeer beperkte spot 'Klasse Industrie' aanwezig is op de locatie. De eventuele nieuwe ontwikkelingen dienen afgestemd te worden op de verontreinigingssituatie en overlegd te worden met het bevoegd gezag.
De locatie wordt met uitzondering van dat deel van de locatie waar de PAK-verontreiniging
is
aangetroffen,
geschikt
geacht
voor
de
beoogde
bestemming. Indien bij de voorgenomen bouwactiviteiten grond van de locatie vrijkomt, dient er rekening te worden gehouden met beperkingen ten aanzien van hergebruik en afzet van de grond. Ter plaatse van boring 05 is de grond indicatief beoordeeld als 'Industrie' en derhalve niet geschikt voor hergebruik.
De belangrijkste resultaten en aanbevelingen van het onderzoek aan de Laakweg (ong.) zijn als volgt: Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen (slechts sporen) die hierop duiden. De bovengrond van de gehele locatie is licht verontreinigd met div. zware metalen. De
bovengrond
van het zuidelijk deel van het perceel is
verontreinigd met PAK. 30 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
eveneens
licht
De ondergrond van de gehele locatie is licht verontreinigd met lood en zink. De grondwaterspiegel bevindt zich dieper dan 5 meter beneden het maaiveld. Het grondwateronderzoek blijft achterwege. Uit de onderzoeksresultaten kan geconcludeerd worden dat er op de locatie geen ernstige
bodemverontreinigingen
aanwezig
zijn.
De
vastgestelde
waarden
overschrijden enkel de achtergrondwaarde, wat duidt op enkel lichte (natuurlijke) verontreinigingen. De tevoren gestelde hypothese 'De gehele onderzoekslocatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd' dient formeel gezien te worden verworpen. Op basis van de resultaten van onderhavig verkennend bodemonderzoek kan worden geconcludeerd dat ten aanzien van de milieuhygienische kwaliteit van de grond
er
geen
belemmeringen
bestemmingsplanwijziging
van
het
aanwezig perceel.
zijn De
voor
de
voorgenomen
onderzoeksresultaten
(geen
overschrijdingen van de tussen- en/of interventiewaarden) geven geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek of sanerende maatregelen. Indien bij de voorgenomen bouwactiviteiten grond van de locatie vrijkomt, dient er rekening te worden gehouden met beperkingen ten aanzien van hergebruik en afzet van de grond. Het zuidelijke deel van het perceel is de grond indicatief beoordeeld als 'Industrie' en derhalve niet geschikt voor hergebruik.
Conclusie Geconcludeerd wordt dat de vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit geen belemmering vormt voor de voorgenomen ontwikkeling.
4.2
Geluid Kader De Wet geluidhinder (Wgh) heeft betrekking op nieuwe ontwikkelingen. De wet noemt geluidsbronnen die in de ruimtelijke ordening van belang zijn. Binnen de gemeente zijn dit: wegverkeer, railverkeer en gezoneerde industrieterreinen. Deze bronnen hoeven niet binnen het plangebied te liggen. Nieuwe geprojecteerde geluidgevoelige functies binnen de zone van een bron moeten op het aspect geluidbelasting getoetst worden. Wegen die deel uitmaken van een woonerf of van een 30 km-gebied zijn hiervan uitgezonderd. De Wgh benoemt functies die gevoelig zijn voor geluidsbelasting van deze
bronnen.
Zo
zijn
bijvoorbeeld
woningen
en
scholen
'geluidsgevoelige
bestemmingen'. De Wgh kent voorkeursgrenswaarden waarbinnen een geluidsgevoelige bestemming altijd kan worden gerealiseerd. Onder voorwaarden kan een ontheffing van de voorkeursgrenswaarde
worden verleend ('hogere waarde'). Maatregelen om de
geluidsbelasting aan de gevel terug te dringen moeten dan onvoldoende doeltreffend zijn of overwegende bezwaren ontmoeten van landschappelijke, stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige of financiële aard. Bij een geluidsbelasting boven de maximale ontheffingswaarde zijn geluidsgevoelige 31 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
bestemmingen niet toegestaan. Hierop kan een uitzondering worden gemaakt indien er gebruik wordt gemaakt van 'dove gevels'. De grenswaarden zijn voor wegverkeer 48 dB tot en met 53 dB in buitenstedelijk gebied en in stedelijk gebied van 48 dB tot 63 dB en voor spoorweglawaai 55 dB tot en met 68 dB. Bij
een
geluidsbelasting
ontheffingswaarde verwachten
tussen
de
voorkeursgrenswaarde
en
de
maximale
dient akoestisch onderzoek uitsluitsel te geven over de te
geluidsbelasting
en
de
doeltreffendheid
van
maatregelen
om een
overschrijding van grenswaarden te voorkomen. In de op 27 april 2015 vastgestelde Nota Hogere Waarden Wet geluidhinder Rheden 2015 hebben burgemeester en wethouders vastgelegd hoe zij omgaan met het verlenen van hogere grenswaarden. Beoordeling Woningen worden gezien als geluidsgevoelige functie in het kader van de Wgh. De planlocatie is niet gelegen in een geluidzone van een industrieterrein. Wel ligt de planlocatie binnen een geluidzone van wegverkeer. Door SPA WNP is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. De rapportage is bijgevoegd als Bijlage 4. Uit het onderzoek blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van: de Rijksweg A348 en de Laakweg hoger kan zijn dan de voorkeurswaarde van 48 dB, maar de ten hoogst te ontheffen waarde van 53 of 63 dB (respectievelijk buitenstedelijke en stedelijke situatie) wordt niet overschreden. De voorkeurswaarde wordt bij de twee woningen overschreden ten gevolge van zowel de Rijksweg A348 als de Laakweg en bij het appartementengebouw alleen ten gevolge van de Rijksweg A348; de Oranjeweg ruim lager zijn dan de voorkeurswaarde van 48 dB; de 30 km/uur wegen (Dorpsstraat en Groenestraat) ruim lager zijn dan de voorkeurswaarde van 48 dB zoals deze geldt voor gezoneerde wegen. Op basis hiervan wordt gesteld dat de geluidbelasting van deze 30 km/uur-wegen aanvaardbaar is.
Gezien de situatie en de berekende waarden zijn er geen reële maatregelen mogelijk om de geluidbelasting bij de nieuwe woningen te reduceren tot maximaal 48 dB (de voorkeurswaarde). Om de woningen te kunnen realiseren, moet de gemeente Rheden hogere waarden, ten gevolge van het wegverkeerslawaai op de Rijksweg A348 en de Laakweg vaststellen en vastleggen in het kadaster. De gemeente dient de volgende hogere waarden vast te stellen en vast te leggen: 53 dB ten gevolge van de Rijksweg A348 voor de twee grondgebonden woningen. 52 dB ten gevolge van de Rijksweg A348 voor het appartementengebouw. 49 dB ten gevolge van de Laakweg voor de twee grondgebonden woningen.
32 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Hierbij wordt opgemerkt dat voldaan kan worden aan alle voorwaarden, die de gemeente Rheden stelt aan de verlening van hogere waarden voor nieuwbouw. Zo hebben beide nieuwe grondgebonden woningen minimaal één geluidluwe gevel en geluidluwe buitenruimte. Afhankelijk van de indeling van het appartementengebouw, hebben de individuele appartementen wel of geen geluidluwe gevel. Als appartementen op de eerste en/of tweede
verdieping
aan
de
zuidoostgevel gerealiseerd
worden, dient rekening
gehouden te worden met de gemeentelijke eis van een geluidluwe gevel. Deze is hier bijvoorbeeld met het juiste type balkon te realiseren. Als ontheffingscriterium voor het vaststellen van hogere waarden geldt hier dat “de nieuwe woningen een open plaats opvullen tussen aanwezige bebouwing, na sloop van het bestaande gebouw”. Ook is ter plaatse van het appartementengebouw sprake van “het vervangen van bestaande bebouwing”. Om
een
goed
woon-
en
leefklimaat
binnen
de
nieuwe
woningen
en
het
appartementengebouw te realiseren, is het nodig dat de karakteristieke geluidwering van de gevels voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit. Conclusie Gelijktijdig met onderhavig bestemmingsplan gaat het (ontwerp)-besluit hogere waarde in procedure in verband met de geluidbelasting van de Rijksweg A348 en de Laakweg. Het aspect akoestiek vormt daarmee geen belemmering voor onderhavig plan.
4.3
Natuur/Ecologie Kader De bescherming van gebieden is vastgelegd in de Wet natuurbescherming en in de Omgevingsverordening ontwikkelingszone,
Gelderland
Waardevol
open
(Gelders gebied,
Natuurnetwerk,
Nationaal
landschap).
Groene Voor
de
bescherming van soorten geldt alleen de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Op grond van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn zijn speciale beschermingszones aangewezen. Samen vormen zij Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. De bescherming van de Natura 2000-gebieden is geregeld in de Wet natuurbescherming. De Veluwe en de Rijntakken zijn aangewezen als Natura 2000-gebieden. Binnen deze gebieden mag de kwaliteit van de natuurlijke habitats en leefgebieden van aangewezen soorten niet verslechteren en mogen er geen storende factoren optreden die een significant negatief effect hebben. Dit geldt niet alleen voor de activiteiten en ingrepen in het gebied zelf, maar ook voor activiteiten en ingrepen daar buiten die invloed kunnen hebben op het gebied.
33 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Het landelijke Natuurnetwerk Nederland, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) is binnen de provincie beschermd. Veel natuurgebieden en voor planten en dieren waardevolle
cultuurlandschappen
maken onderdeel uit van het Gelders
Natuurnetwerk en de Groene Ontwikkelingszone. Het Gelders Natuurnetwerk wordt gevormd
door
de
bestaande
natuurgebieden
uit
de
voormalige
Ecologische
Hoofdstructuur. De gebieden in de Groene Ontwikkelingszone zijn waardevol voor de natuur maar hebben daarnaast tevens cultuurlandschappen
met
landschaps-
een andere
elementen
zijn
functie. Veel kleinschalige aangewezen
als
Groene
ontwikkelingszone. Daarnaast worden in de Omgevingsverordening beschermd het Waardevol open gebied en het Nationaal landschap. Soortenbescherming Ook de bescherming van soorten is geregeld in de Wet natuurbescherming (Wnb). Bij nieuwe ontwikkelingen moet onderzocht worden welke gevolgen dit heeft voor de aanwezige beschermde soorten en/of hun leefomgeving. Als een plan (in)direct kan leiden tot de verstoring van een beschermde soort of vernietiging van het leefgebied, een vaste rust- of verblijfplaats, kan het project strijdig zijn met de Wnb. Deze wet kent drie verschillende beschermingsregimes: Alle van nature in het wild levende vogels: de bescherming is gebaseerd op de bepalingen uit de Vogelrichtlijn; Soorten opgenomen in bijlage IV van de Habitatrichtlijn, bijlage I en II van het Verdrag van Bern en bijlage II van het Verdrag van Bonn: de bescherming is gebaseerd op de bepalingen uit de Habitatrichtlijn; Ander soorten genoemd in bijlage A van de Wnb: de bescherming van deze soorten, die veelal op de rode lijst staan, is iets minder stringent dan die van de Vogel- en Habitatrichtlijn. De provincie heeft in de Omgevingsverordening aangegeven voor welke algemeen voorkomende soorten een vrijstelling geldt voor ruimtelijke ontwikkelingen.
In het kader van de Wet natuurbescherming moet uitgesloten worden dat significante negatieve effecten kunnen optreden in Natura2000-gebieden. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000-gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of andere handeling leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden die overbelast zijn. De effectbeoordeling stikstofdepositie heeft tot doel de NOx (stikstof) en NH3 (ammoniak) emissies naar de lucht door het voornemen inzichtelijk te maken, de toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te berekenen. De effectbeoordeling stikstofdepositie wordt afgesloten met conclusies waarbij duidelijk wordt of in het kader van de Wet natuurbescherming significante effecten uitgesloten kunnen worden, dan wel een nader onderzoek nodig is (passende beoordeling). In Nederland zijn ongeveer 160 Natura 2000-gebieden aangewezen: gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn (ook) gevoelig voor 34 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot 'significante effecten' op de beschermde natuurgebieden, wat alleen is toegestaan met een Wet natuurbescherming (Wnb) vergunning. Daarom dient voor nieuwe plannen en projecten onderzocht te worden of er sprake kan zijn van een significante depositie van stikstof op relevante Natura 2000-gebieden. Zorgplicht Voorts geldt bij uitvoering van werkzaamheden te allen tijde een de algemene zorgplicht (artikel 1.11 Wet natuurbescherming). Deze schrijft voor dat nadelige gevolgen voor flora en fauna zoveel als mogelijk voorkomen moeten worden. Dit betekent dat wanneer tijdens uitvoering van de werkzaamheden een algemeen beschermde soort als konijn, veldmuis of gewone pad wordt aangetroffen zij de ruimte en tijd moet krijgen om een veilig heenkomen te zoeken. Indien nodig kunnen aangetroffen exemplaren verplaatst worden naar een naastgelegen ruimte waar geen werkzaamheden uitgevoerd worden. Beoordeling Ten aanzien van biodiversiteit wordt verwezen naar paragraaf 3.4.4. Gelet op de benodigde werkzaamheden is door Ecofect een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd. De rapportage is bijgevoegd als Bijlage 5. Samengevat luiden de uitkomsten als volgt: Gebiedsbescherming Natura 2000 Gezien de aard van de werkzaamheden en de afstand ten opzichte van Natura 2000-gebieden wordt mogelijk verstoring verwacht.
Een voortoets Natura 2000 wordt noodzakelijk geacht. Ten aanzien van stikstof wordt er in de aanlegfase dan wel de nieuwe gebruiksfase mogelijk depositie verwacht. Een Aerius (stikstof) berekening wordt daarom ook geadviseerd voor de aanlegfase en de nieuwe gebruiksfase. Door Ecofect is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd met de AERIUS-calculator. In
de
berekening
zijn
zowel de
realisatiefase
als
de
nieuwe
gebruikersfase
meegenomen. De rapportage is opgenomen als Bijlage 6. Geconcludeerd wordt dat er tijdens de aanlegfase de nu gehanteerde grenswaarde van de stikstofdepositie van 0,00 mol/ha/j wordt overschreden. Voorgesteld wordt om de aanlegfase intern te salderen met de huidige gebruiksfase. In de Aerius calculator zijn berekeningen gemaakt met de huidige gebruiksfase als referentie situatie. Dit resulteert is een tijdelijke afname van depositie in de aanlegfase van 18.23 mol/ha/j en een structurele afname van depositie van 18.24 mol/ha/j met de nieuwe gebruiksfase. Dit geldt voor het eerder genoemde gebied de Veluwe. Het voorliggende project zal intern worden gesaldeerd met de te ontwikkelen locatie aan de Marijkeweg/IJsselsingel in Rheden welke gekoppeld is aan voorliggende ontwikkeling. Er is met de aanlegfase en de nieuwe gebruiksfase geen sprake van een significante verslechtering maar juist een tijdelijke en structurele verbetering. Een vergunning Wet 35 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
natuurbescherming of een Voortoets stikstof is niet noodzakelijk voor deze fasen. Natuur Netwerk Nederland De
planlocatie
is
gelegen
buiten
het
Natuurnetwerk
Nederland
(Gelders
Natuurnetwerk). Aangezien het Natuurnetwerk in Gelderland geen externe werking kent is vastgesteld dat een verdere toetsing niet aan de orde is. Soortbescherming Flora Geen overtreding Wet natuurbescherming. Vleermuizen Mogelijk overtreding Wet natuurbescherming. Nader onderzoek gebouwbewonende soorten wordt noodzakelijk geacht. Zoogdieren Mogelijk overtreding Wet natuurbescherming. Nader onderzoek marterachtigen wordt noodzakelijk geacht. Vogels Mogelijk
overtreding
Wet
natuurbescherming.
Nader
onderzoek
huismus
en
gierzwaluw wordt noodzakelijk geacht. Overige soorten Geen overtreding Wet natuurbescherming. Houtopstanden Er worden geen bomen gekapt zoals bedoeld in de Wet natuurbescherming die vallen onder het onderdeel houtopstanden. Conclusie Het bovengenoemde noodzakelijke nader onderzoek is momenteel in uitvoering; de uitkomsten worden richting vaststelling van onderhavig bestemmingsplan opgenomen in deze toelichting. Het bestemmingsplan wordt niet eerder vastgesteld dan wanneer het nader onderzoek is afgerond en eventuele ontheffingen zijn verleend. Biodiversiteit is overal om ons heen en op elke schaal kan een bijdrage geleverd worden. In de nieuwbouw worden voorzieningen gecreëerd voor flora en fauna. Rond de
parkeerplaatsen
en
overige
buitenruimte
worden
maatregelen
opgenomen/uitgewerkt die bijdragen aan de biodiversiteit zoals het toepassen van diversiteit aan inheemse hagen, natuurlijke beplanting, takkenrillen aanbrengen en dood hout afkomstig van kapwerkzaamheden en nestgelegenheid voor flora en fauna. Een en ander conform onderstaand landschappelijk inpassingsplan, dat ter borging ook als voorwaardelijke verplichting is opgenomen in de regels.
36 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
Figuur: Landschappelijk inpassingsplan toekomstige situatie (bron: Lindeloof tuin- en landschapsarchitecten)
4.4
Groen De gemeente Rheden beschikt over lijsten met bijzondere bomen. Hier is per kern uitgewerkt welke bijzondere bomen er per straat te vinden zijn en wat het criterium is dat de bomen op de lijst staan. Beoordeling De lijst met bijzondere bomen voor Rheden is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. Binnen het plangebied staat aan de zijde van de Laakweg
17a
één bijzondere
boom. Met onderhavige
ontwikkeling
blijft deze
gehandhaafd. Ter hoogte van de te realiseren twee-onder-een-kapwoning staat aan de oostzijde van het perceel een boom welke is aangemerkt als zijnde monumentaal. Door Tree-O-Logic is een Boom Effect Analyse (BEA) uitgevoerd (Bijlage 2). De conclusie en advies luidden als volgt: De werkzaamheden zullen plaatsvinden op circa 8 à 9 meter van de boom. Zoals op de 2 onderstaande foto’s te zien is valt dit net op de rand van de kroonprojectie. De rode lijn is gesteld op 8 meter vanuit de stam. De boom heeft een optimale ruime groeiplaats. Er is geen aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd. De verwachting is dat de boom gezien de leeftijd niet veel breder meer zal worden. Aangenomen kan worden dat op 37 Rheden 2016, locatie Dorpsstaat 49a en omgeving (ontwerp)
de rand van de kroonprojectie geen dikke gestelwortels meer aanwezig zijn. Dikkere gestelwortels bevinden zich doorgaans alleen binnen de kroonprojectie, daarbuiten zijn het haarwortels. Gezien de graafwerkzaamheden buiten de kroonprojectie plaatsvinden, zullen er geen dikke wortels verloren gaan. De conclusie van het onderzoek en het antwoord op de onderzoeksvraag is; De bouwwerkzaamheden hebben geen nadelige invloed op de boom, mits er voldaan wordt aan onderstaande randvoorwaarden en aanbevelingen. Het advies is om de boom door een deskundige boomverzorger te laten snoeien. Het gaat hier dan om de grote gesteltak richting de toekomstige bebouwing. Dit om schade aan takken door machines te voorkomen. Verder is het van belang om geen bouwmaterialen binnen de kroonprojectie op te slaan, en de grond niet op te hogen. Dit
om
bodemverdichting
wat
nadelig
is
voor
de
boom,
te
voorkomen.
Bij
bodemverdichting gaat de normale gezonde bodemstructuur verloren. De verschillende gronddeeltjes worden in elkaar gedrukt wat ertoe kan leiden dat er zuurstoftekort bij de wortels optreedt. Ook regenwater kan minder goed de bodem indringen waardoor wortels te weinig water krijgen. Als randvoorwaarde wordt gesteld dat er geen graafwerkzaamheden binnen de kroon-projectie (8meter uit de stam + 1m) mogen plaats vinden. Middels bouwhekken kan de kwetsbare boomzone worden afgebakend. Zie hiervoor onderstaande bomenposter.