Bestemmingsplan Spankeren 2021 Toelichting VA (21.41)
Tekst van het document
Spankeren 2021
bestemmingsplan Spankeren 2021
2
(vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
Toelichting Leeswijzer
De toelichting op een bestemmingsplan wordt binnen de gemeente volgens een vast stramien opgebouwd, en wel als volgt.
hoofdstuk
inhoud
1 Inleiding
Kort wordt ingegaan op de aanleiding en de besluitvorming die vooraf ging aan de start van de actualisering van de bestemmingsplannen voor de dorpen
2 Beschrijving van het plan
Hier wordt aan de hand van diverse aspecten de huidige stand van zaken in het plangebied beschreven
3 Beleidskaders
Aangegeven wordt binnen welke beleidskaders en regels van het rijk, provincie, waterschap en de gemeente het bestemmingsplan is opgesteld
4 Bouwregels
Toegelicht wordt hoe is omgegaan met de geldende waarden en wanneer een bepaalde bestemming is gebruikt
5 Haalbaarheid en afweging
Hier vindt de toets plaats aan beleid en regelgeving
6 Juridische aspecten
Beschreven wordt de procedure die een bestemmingsplan doorloopt en wordt een toelichting gegeven op de regels van het bestemmingsplan, een aantal verschillen ten opzichte van het geldende bestemmingsplan komen aan bod
7 Economische uitvoerbaarheid
Toegelicht wordt of uitvoering van het bestemmingsplan voor de gemeente haalbaar is
8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Hier wordt beschreven hoe de procedure is verlopen tot de vaststelling van het bestemmingsplan
Toelichting (vastgesteld)
3
bestemmingsplan Spankeren 2021
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Algemeen
In een bestemmingsplan worden de gebruiks- en bouwmogelijkheden van gronden en opstallen vastgelegd. Een bestemmingsplan bestaat uit een digitale verbeelding (de kaart) en regels. Uit het samenspel van de verbeelding en de regels blijkt wat het bestemmingsplan juridisch toelaat. Door het perceel op te zoeken waarover informatie wordt gewenst, kan worden afgelezen welke bestemming het heeft en wat de mogelijkheden zijn. Het digitale plan is bij een verschil ten opzichte van de papieren versie leidend. Een bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting heeft geen juridische status, echter is deze wel relevant voor de onderbouwing van de gemaakte keuzes en de interpretatie van het bestemmingsplan.
1.2
Aanleiding bestemmingsplan
Gemeenten zijn volgens de Wet ruimtelijk e ordening verplicht om voor hun hele grondgebied bestemmingsplannen vast te stellen. Het bestemmingsplan is bindend voor zowel overheid als burgers en bedrijven. Gemeenten dienen volgens de Wet ruimtelijk e ordening zorg te dragen voor actuele bestemmingsplannen, waarbij momenteel wordt uitgegaan van een tienjaarse actualisatieverplichting. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt hier invulling aan gegeven.
1.3
Doelstelling
Dit bestemmingsplan wil een actueel juridisch-planologische kader bieden voor de mogelijkheden die in de geldende bestemmingsplannen werden geboden. Voor het overgrote deel van het plangebied geldt het bestemmingsplan Spank eren. Dit bestemmingsplan, vastgesteld in 2008, kan niet één op één worden overgezet in een hedendaags digitaal bestemmingsplan. Ook daardoor kunnen op perceelsniveau verschillen optreden. Verschillen kunnen ook optreden vanwege de doelstelling om wijzigingen die zich sinds de vaststelling van het geldende bestemmingsplan hebben voorgedaan in wet- en regelgeving en het beleid van de verschillende overheden, op die gebieden die van belang zijn voor dit bestemmingsplan, te verwerken. Uitgangspunt blijft een flexibel bestemmingsplan waarin de bouwmogelijkheden zijn afgestemd op de stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden zoals die in het geldende bestemmingsplan zijn vastgelegd. Daarbij is rekening gehouden met de wijzigingen die zijn opgetreden sinds het van rechtskracht worden van de diverse plannen.
1.4
Aanpak
werkwijze Hoe de tienjaarse actualisering van de bestemmingsplannen wordt opgepakt, is door burgemeester en wethouders vastgelegd. Deze werkwijze is ter kennis gebracht van de gemeenteraad en daarna op 11 maart 2015 gepubliceerd. Hierin is onder andere vastgelegd hoe om te gaan met bestaand en nog vast te stellen beleid. Zo nodig wordt later een herziening van het bestemmingsplan in procedure gebracht ter implementatie van nieuw of aanvullend beleid. Daarnaast zal in een standaardplanmethodiek worden beschreven hoe gehandeld wordt bij het vervaardigen van bestemmingsplannen en is een gebiedsindeling vastgelegd.
4
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
De gemeenteraad heeft op 26 mei 2015 de Nota Standaardplanmethodiek bestemmingsplannen dorpen Rheden 2015 vastgesteld. Daarin is onder andere beschreven: hoe de omzetting van de geldende bestemmingen naar de nieuwe bestemmingen plaatsvindt, waarbij ook is ingegaan op de 'vertaling' van de Beschrijving-in-Hoofdlijnen in de regels van de nieuwe bestemmingsplannen; welke wijzigingen plaatsvinden vanwege regelgeving, beleid, nieuwe inzichten; hoe de bestemmingsplannen vorm krijgen; dat de geldende mogelijkheden uitgangspunt zijn doch op perceelsniveau opnieuw een ruimtelijke afweging wordt gemaakt en dat het aantal woningen gefixeerd wordt; dat bij diverse onderwerpen te verwachten is dat vastgesteld beleid kan leiden tot een aanpassing in de methodiek; hoe wordt omgegaan met particuliere verzoeken. In hoofdstuk 4 worden de mogelijkheden die in het bestemmingsplan worden geboden kort beschreven waarbij een vergelijk wordt gemaakt met de geldende mogelijkheden. Tegelijk met het besluit aangaande de Nota Standaardplanmethodiek bestemmingsplannen dorpen Rheden 2015 stelde de gemeenteraad de Nota Milieuzonering Rheden 2015 alsmede de Nota Parkeernormen Rheden 2015 vast zodat ook op die gebieden een actuele basis beschikbaar was voor het vervaardigen van onderhavig bestemmingsplan. Deze drie nota's zijn op 10 juni 2015 bekendgemaakt en (ook digitaal) ter inzage gelegd.
het plangebied Om te komen tot een logische afronding van het plangebied zijn de woningen aan de oostzijde van het dorp, thans nog gelegen in het bestemmingsplan Landelijk Gebied, alsmede een deel van de bedrijfsterreinen, thans nog gelegen in het bestemmingsplan Bedrijventerrein Kanaalzone, eveneens opgenomen in het plan. Een terrein met een Industriebestemming gelegen ten zuiden van de spoorlijn en nabij het Apeldoorns Kanaal wordt gelet op een mogelijke andere ontwikkeling niet meegenomen. De gronden zijn in gebruik als weiland. Het opnemen van een agrarische bestemming lijdt mogelijk tot twee keer planschade. De eerste keer als het onderhavige bestemmingsplan onherroepelijk is (met agrarische bestemming), en de tweede keer als de bestemming verder wordt ontwikkeld (met dus een nieuwe bestemming). Voor deze locatie wordt te zijner tijd een apart plan opgesteld.
1.5
Ligging plangebied
Het bestemmingsplan heeft betrekking op het dorp Spankeren. Het dorp ligt in het noordoosten van de gemeente Rheden. Aan de zuidwestzijde wordt het plangebied begrensd door het Apeldoornsch Kanaal en het bestaande bedrijventerrein Kanaalzone. Aan de zuidoostzijde door de Zutphensestraatweg. Aan de overige zijden grenst Spankeren aan het buitengebied. Het gebied wordt doorsneden door de spoorlijn Arnhem-Zutphen en de provinciale weg N348. De ligging van het dorp is op de volgende afbeelding weergegeven.
Toelichting (vastgesteld)
5
bestemmingsplan Spankeren 2021
1.6
Geldende bestemmingsplannen
De begrenzing van het plangebied is hieronder afgebeeld. Daarbinnen is aangegeven welke bestemmingsplannen nu gelden. Ook gelden bestemmingsplannen die niet zijn gekoppeld aan een bepaald gebied in het plangebied. Indien het onderhavige bestemmingsplan in werking treedt, vervallen onderstaande bestemmingsplannen.
6
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
Door inwerkingtreding van het onderhavige bestemmingsplan komen onderstaande bestemmingsplannen te vervallen. nr.
naam
vastgesteld
11
bestemmingsplan Industrieterrein Spankeren
25-05-1971
SP1
bestemmingsplan Spankeren
24-06-2008
LG1
bestemmingsplan Landelijk Gebied
27-01-2009
--
bestemmingsplan Landelijk Gebied, 1ste herziening aanpassing 29-01-2010 plankaart en regels
SP2
bestemmingsplan Spankeren, 1e herziening, locatie perceel gelegen achter Overweg 47-55
30-03-2010
LG8
bestemmingsplan Landelijk Gebied, locatie Dorpsweg 80
29-03-2011
DS 2
bestemmingsplan Bedrijventerrein Kanaalzone
19-06-2013
LG22
bestemmingsplan Landelijk Gebied, locatie Bockhorstweg 1
25-02-2014
Toelichting (vastgesteld)
7
bestemmingsplan Spankeren 2021
--
8
bestemmingsplan Archeologie Rheden 2013 en aanpassing regeling Buitenplaatsen
15-04-2014
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
Hoofdstuk 2 2.1
Beschrijving van het plan
Ontstaansgeschiedenis en ontwikkeling
De oorsprong van de naam Spankeren komt van de woorden sponk e (nat gebied) en eren (een verbastering van haru, wat zandheuvel betekent). Spankeren is dus een verhoging in een nat gebied. Het dorp ligt ongeveer op de grens van de stuwwal en de lager gelegen IJsselvallei. Al vanaf omstreeks het jaar 800 vonden er grootschalige ontginningen plaats van de Oost Veluwe. De eerste bewoners vestigden zich ten noorden van het huidige dorp bij de oudste akkers. Het dorp is van oorsprong een knooppunt van enkele veldwegen met een kerk en verspreide agrarische bebouwing. Spankeren had al vroeg een eigen kerk. Een deel van de huidige kerktoren is de oudste toren van de zuidoostelijke Veluwezoom. De stichting vond vermoedelijk al plaats in de 10e eeuw. De kerk kreeg haar huidige uiterlijk toen zij grotendeels werd herbouwd na een grote brand. Vanuit Dieren en Laag-Soeren ging men vroeger hier ter kerke. De smalle oude wegenstructuur rondom de kerk kent een vloeiend verloop en is al sinds de 14 eeuw intact. De Kerkweg/Overweg loopt midden over een hogere rug en verbond de voormalige Hof toe Loo met de omliggende erven en de kerk. De Kerkweg/Overweg kruist bij de kerk de Dorpsweg, die naar het oosten in het verlengde ligt van de oprijlaan van De Gelderse Toren. Zowel de Hof toe Loo als De Gelderse Toren speelden een belangrijke rol in de geschiedenis van Spankeren.
Daarnaast is er landgoed De Bock horst, dat via een Beukenlaan is verbonden met de voormalige Hof toe Loo en via de Soerense Beek/Assenbeek met De Gelderse Toren. De Bockhorstweg verbindt De Bockhorst met het dorp Spankeren. Tot ver in de 19e eeuw was Spankeren een agrarisch dorp met een kerk en rondom een concentratie boerderijen. Oostelijk van de kerk rond de Dorpsweg ontstond de eerste concentratie van bebouwing. Rond 1800 bestaat Spankeren uit niet meer dan een kerk en 23 woningen. Ten opzichte van de omgeving was er een verdichting van de bebouwing, maar door de ruime, open, agrarische dorpsstructuur was er geen duidelijke dorpskern. Herberg De Luchte met aan de overzijde het Tolhuis vormde de aankondiging van het dorp aan de in 1821 aangelegde straatweg. De spoorlijn Arnhem-Zutphen (1865) en het Apeldoorns Kanaal (1858-1865) vormden nieuwe elementen in de ruimtelijke opbouw van Spankeren. De spoorlijn splitste de kern van Spankeren in tweeën en door de aanleg van het kanaal kwam Spankeren enigszins geïsoleerd te liggen. Langs het kanaal ontstond vervolgens industrie en bedrijvigheid. Vanaf 1880 verschoof het zwaartepunt van het dorp in westelijke richting, vanwege de bedrijvigheid en de groei van Dieren. Er werd vooral gebouwd aan de Dorpsweg tussen de kerk en de Spankerense brug over het Apeldoorns Kanaal.
Er ontstond hier een relatief dicht bebouwingslint, bestaande uit met name enkele en dubbele huizen, winkel- en bedrijfspanden. De bebouwing bestond met name uit één bouwlaag en een kap. Aan de Dorpsweg werden de dorpsschool (1882/1883) en de onderwijzerswoning (1896) gebouwd. Ook aan de Overweg werd gebouwd, vooral tussen het spoor en de Zutphensestraatweg. Ook na de Tweede Wereldoorlog bleven de ontwikkelingen in Spankeren bescheiden. In de jaren 50 wordt de muziektent gebouwd met het Kerkplantsoen. Het dorp werd in de jaren '80 met woningen aan de noordzijde uitgebreid (Loohof). Ondanks dat het dorp direct naast een bedrijventerreinen ligt, is dit terrein in het dorp zelf nauwelijks zichtbaar en voelbaar. De woningen aan de Dorpsweg, Overweg en het westelijk gedeelte van de Loohof zijn met de ruggen naar de bedrijven toe georiënteerd. Ter hoogte van de dorpsentree bij het Apeldoorns Kanaal is het bedrijventerrein wel nadrukkelijk aanwezig. In zijn huidige staat doet dit deel van Spankeren afbreuk aan de representativiteit en herkenbaarheid van het dorp. Ten zuiden van de spoorlijn, langs de Zutphensestraatweg, ligt nog een klein bedrijventerrein (IJsselsteyn). Dit gebied heeft echter nauwelijks een ruimtelijke relatie met de dorpskern.
Toelichting (vastgesteld)
9
bestemmingsplan Spankeren 2021
Dorpsopbouw en ruimtelijk e structuur
2.2
Cultuurhistorische waarden
Onderhavig plangebied beslaat de huidige compacte bebouwde kom die is ontstaan vanaf ongeveer 1880. Het onverstoorde archeologische gebied de Spank erense Enk ligt buiten het plangebied. Voor het plangebied kunnen de volgende karakteristieken/aandachtspunten genoemd worden. Spankeren is een oud agrarisch dorp waar het open landschap het sterkste punt is (en overal voelbaar/zichtbaar is en doordringt). Het agrarische karakter behouden en versterken, evenals de relatie met het landschap, de openheid. Bij voorkeur geen aanleg van een rondweg of uitbreidingen aan de dorpsranden. 'Dorpshart' met eeuwenoude, monumentale kerk, het groene plantsoen met muziekkoepel en zicht op open agrarische landschap en de oude boerderijen (rondje Kerkplantsoen/Kerkweg, Dorpsweg, Bockhorstweg, Landweg). Oeroude dorpsstructuur van Spankeren, die eigenlijk al sinds de 14e eeuw intact is. Behoud van de eveneens smalle, karakteristieke wegenstructuur.
10
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
beschermde monumenten Deze waardering voor aanwezige cultuurhistorische waarden komt tot uitdrukking in de aanwijzing van beschermde gebouwde monumenten. Het gaat om de volgende objecten. Straat, huisnummer
Rijksmonumenten
Kerkweg 2 Kerkweg 2
Gemeentelijke monumenten Petruskerk
kerkhof/begraafplaats rond de kerk
Kerkplantsoen 2
Muziekkoepel
Bockhorstweg 1
vml.boerderij De Grote Laar
Dorpsweg 78
vml. boerderij
vml.boerderij
archeologische waarden Niet zichtbaar zijn de archeologische waarden in het plangebied. In het plangebied zijn geen beschermde archeologische objecten gelegen. In hoofdstuk 2.5.3 wordt hier verder op ingegaan.
2.3
Stedenbouwkundige karakteristiek
Het dorp Spankeren wordt gekenmerkt door een eenvoudige ruimtelijk opbouw. Het dorpsbeeld wordt gedragen door de kruisende structuur van de Dorpsweg en de Overweg met op deze kruising het Kerkplantsoen. Opvallend is de rustieke en groene sfeer van het kerkpleintje met de sierlijke muziektent. Het plein is omgeven door bebouwing. De Nederlands Hervormde kerk neemt een markante, herkenbare plaats in aan dit kerkpleintje. De beplanting in voortuinen en op de achtererven ondersteunen het dorpse karakter. De Dorpsweg onderscheidt zich van de overige dorpslinten door het rechte tracé en de stelselmatige bebouwing die bestaat uit overwegend vrijstaande en twee-onder-één-kap woningen. De overige
Toelichting (vastgesteld)
11
bestemmingsplan Spankeren 2021 historische wegen (Kerkweg, Overweg) worden gekenmerkt door een vloeiender verloop. De Kerkweg en een gedeelte van de Overweg kenmerken zich door een slechts eenzijdig bebouwingslint. Karakteristiek is hier het royale uitzicht op het omringende en licht geaccidenteerde open landschap. Deze 'vensters' naar het open landschap zijn zoveel mogelijk gevrijwaard van verdichting door bebouwings- en groenelementen. De naoorlogse uitbreidingsbuurt wordt gekenmerkt door een kleinschalige opzet met regelmatig geplaatste bouwblokken. Deze buurt vormt in haar planmatige opzet en uitwerking een duidelijk contrast met het bebouwingsbeeld langs de gegroeide structuur. De dorpslinten worden plaatselijk doorgezet in korte linten en bebouwingsclusters langs de Zutphensestraatweg, voornamelijk bestaande uit vrijstaande burgerwoningen met een eenvoudig karakter.
2.4
Ruimtelijke dragers
De belangrijkste ruimtelijke dragers in en bij het plangebied van Spankeren zijn de spoorlijn, de provinciale weg N348 (Zutphensestraatweg) en het Apeldoornsch Kanaal. In het plangebied wordt het dorpsbeeld gedragen door de kruisende structuur van de Dorpsweg en de Overweg met op deze kruising het Kerkplantsoen.
2.5
Bodemaspecten
In deze paragraaf wordt ingegaan op een aantal aspecten die een relatie hebben met de bodem. Het aspect water komt ook aan de orde in paragraaf 2.6.3 waarin de openbare ruimte wordt beschreven.
2.5.1
Huidige bodemkwaliteit
Globale bodemopbouw Kenmerkend voor de gemeente zijn de stuwwallen van de Veluwe. Deze zijn ontstaan door opschuivende ijsmassa's in de een na laatste ijstijd. De zuidelijke Veluwe is een gebied waarin op relatief korte afstand grote hoogteverschillen aanwezig zijn. Het stuwwallengebied gaat in zuidoostelijke richting over in de uiterwaarden van de IJsselvallei. De bodem van dit stuwwallengebied bestaat uit matig grof tot grof zand en grind, met plaatselijk klei- of keileemlagen en aan de randen overgaand in dekzanden. In de uiterwaarden wordt hoofdzakelijk rivierklei aangetroffen. Het gebied kan grofweg 12
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021 worden verdeeld in een inzijgingsgebied (het gebied gelegen op de stuwwal) en een gebied waar plaatselijk kwel voorkomt. Kwel wordt met name in de uiterwaarden en de komkleigebieden aangetroffen. Het kaartje rechtsonder geeft globaal de grondlagen weer van de gronden buiten de bebouwde kom. Asbestkansenkaart De resultaten van de asbestkansen kaart staan op het kaartje hier linksonder weergegeven. Indien er ergens bodemonderzoek moet worden uitgevoerd moet dat onderzoek in de rode gebieden uitgebreid worden met een onderzoek naar asbest in de bodem.
Bron: Squit-bodem gemeente Rheden
Bron: Atlas Provincie Gelderland
Achtergrondverontreiniging In al lang bewoonde gebieden is bijna altijd een vorm van bodemverontreiniging aanwezig. Een duidelijke oorzaak van deze achtergrondverontreiniging is niet aan te wijzen. Uit onderzoek naar de mate van achtergrondverontreiniging is gebleken dat binnen de gemeente Rheden een aantal gebieden zijn met een onderling verschillende achtergrondverontreiniging. De mate van verontreiniging is als volgt ingedeeld: voldoet aan de achtergrondwaarde; voldoet aan de maximale waarde wonen; voldoet aan de maximale waarde industrie; is sterker verontreinigd dan de maximale waarde industrie. Een aantal gebieden zijn niet gezoneerd. Hierop is de Nota Bodembeheer niet van toepassing. Het plangebied voldoet aan de achtergrondwaarde. Activiteiten die de bodem bedreigen Op het kaartje hieronder staan de locaties in groen weergegeven waar op basis van globaal historische onderzoek van de in het verleden verleende Hinderwet- en bouwvergunningen van verwacht wordt dat de bodem verontreinigd is of waar al bodemonderzoek is uitgevoerd. In rood staan de locaties weergegeven waar op basis van globaal historisch onderzoek verwacht wordt dat de bodem sterk verontreinigd is. Of er op de rode locaties daadwerkelijk sprake is van bodemverontreiniging, is, tenminste bij de gemeente, niet bekend.
Toelichting (vastgesteld)
13
bestemmingsplan Spankeren 2021
Bron: Gemeentelijk bodeminformatiesysteem. Verontreinigde locaties Van de achttien locaties waar bodemonderzoek is uitgevoerd zijn de meeste onderzoeken afgerond. In het plangebied zijn tweetal locaties gelegen waar op enig moment nog vervolg onderzoek nodig is. Deze locaties staan weergegeven op bovenstaande kaart. Overigens is steeds de gehele locatie aangegeven. Het kan echter goed zijn dat slechts op een klein deel van de locatie vervolgacties moeten plaatsvinden. Net buiten het plangebied is het bedrijf Rotocoat Dieren gevestigd. Deze verzinkerij heeft een grondwaterverontreiniging veroorzaakt die onder het plangebied doorloopt. Het oppompen van grondwater is in het gebied ten zuidzuidoosten van het bedrijf (tot aan de IJssel) niet toegestaan op basis van de Wet bodembescherming. Bodembeschermingsgebied Binnen het plangebied ligt geen bodembeschermingsgebied. Bronbemaling vindt binnen het plangebied niet plaats.
2.5.2
Grondwater
Tijdens de stuwing in de ijstijd zijn grondlagen dakpansgewijs over elkaar geschoven. Sommige lagen zijn kleihoudend. Deze kleischotten houden het grondwater tegen. Aan de randen van de Veluwe kunnen boven grotere aaneengesloten slecht doorlatende lagen schijngrondwaterspiegels ontstaan, waarvan het water niet in direct contact staat met het eigenlijke grondwater. Verreweg de meeste beken op de Zuid-Veluwe worden gevoed vanuit die schijngrondwaterspiegels. Voorts is in het gebied aan de randen van het Veluwemassief sprake van een zone die extra gevoelig is voor grondwateroverlast, de zogenaamde grondwaterfluctuatiezone. Als de klimaatverandering doorzet dan zullen de grondwaterstanden structureel blijven stijgen. Daarnaast kunnen ook langjarige (niet trendmatige) schommelingen van de neerslag voor hoge grondwaterstanden zorgen. De combinatie van deze twee processen zorgt er voor dat in de grondwaterfluctuatiezone de kans op grondwateroverlast verder toeneemt. Daardoor kan in gebieden waar nu geen overlast is, wateroverlast optreden. De grondwaterfluctuatiezone ligt buiten het plangebied en is hieronder afgebeeld.
14
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
Bron: Omgevingsvisie Gelderland
Warmte Koude Opslag – WKO/Geothermie Uit de WKO-k ansenk aart voor de MRA-gemeenten (MRA staat voor Milieusamenwerk ing regio Arnhem) van 26 mei 2010 blijkt dat binnen het plangebied het derde watervoerend pakket geschikt is voor de installatie van WKO systemen. Voor zover bekend is er geen WKO-installatie binnen het plangebied gerealiseerd. Net buiten het plangebied op het bedrijfsterrein aan De Marke 15 is wel een WKO-installatie. Bij het realiseren van een nieuwe WKO-installatie moet rekening worden gehouden met het al bestaande referentiegebied. Bij een afweging over wel of niet WKO kan worden toegepast moet ook de invloed op het landschap, eventuele bodemverontreiniging, de (natte) natuur en de bodemkundige waarden(archeologie) worden betrokken. Een WKO-installatie is niet toegestaan binnen het grondwaterbeschermingsgebied. De gemeente is geen voorstander van Geothermie (Warmte Koude opslag op grote diepten).
2.5.3
Archeologie
De beschrijving in hoofdstuk 2.2 laat zien dat in het plangebied de geschiedenis nog herkenbaar is. Niet zichtbaar zijn de archeologische waarden in het plangebied. Voor het gehele grondgebied van de gemeente zijn de archeologische verwachtingen in kaart gebracht. Uit deze archeologische verwachtingskaart blijkt dat dit plangebied voornamelijk een hoge archeologische verwachting kent. In het plangebied zijn geen archeologische monumenten aanwezig. Wel zijn er locaties bekend van archeologische vindplaatsen, waar in de bodem archeologische relicten aanwezig zijn. Rondom deze locaties wordt aangenomen dat de kans op verdere vondsten groter is. De bescherming voor archeologische waarden is al geregeld in een geldend bestemmingsplan. De bestemmingen uit dat
Toelichting (vastgesteld)
15
bestemmingsplan Spankeren 2021 bestemmingsplan zijn ongewijzigd overgenomen in dit plan.
2.5.4
Niet-gesprongen explosieven
Uit de in 2017 opgestelde Vooronderzoek conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog: Risicokaart blijkt dat er in de gemeente een aantal verdachte deelgebieden voorkomen waar het mogelijk is dat nog niet gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog aanwezig zijn. Op de volgende afbeelding is een uitsnede van de risicokaart opgenomen. Langs de spoorlijn en ter hoogte van de sluis liggen binnen het plangebied vooralsnog verdachte gebieden.
Bron: Risicok aart gemeente Rheden Daar waar na de oorlog gebouwd en gegraven is, is de kans op de nog niet ontdekte niet-gesprongen explosieven vanzelfsprekend nog veel kleiner.
2.5.5
Leidingen
Binnen het plangebied ligt geen hogedruk aardgasleiding of hoogspanningsverbindingen. In het zuidwesten van het plangebied ligt een rioolpersleiding.
16
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
2.6
Openbare ruimte
2.6.1
Verkeer
De Dorpsweg en Overweg vormen de belangrijkste ontsluitingswegen in Spankeren. Langs het dorp lopen twee regionale ontsluitingswegen: de Zutphensestraatweg (N348) en de Kanaalweg. De N348 is tot vlak voor de sluis bij het Apeldoorns Kanaal een 80 km-weg. De Bockhorstweg, Overweg en diverse particuliere in- /uitritten komen op deze weg uit. De Kanaalweg wordt gebruikt door bestemmingsverkeer van en naar Dieren en Spankeren en door doorgaand verkeer. Spankeren heeft twee aansluitingen op deze weg: via de Edybrug (voor gemotoriseerd verkeer) en de Spankerense brug (voor fietsers en voetgangers). De Edybrug wordt zowel gebruikt door verkeer van en naar het bedrijventerrein Kanaal 1 als ook door verkeer van en naar Spankeren. Alle wegen binnen het plangebied maken deel uit van het verblijfsgebied. Op deze erftoegangswegen heeft het autoverkeer een meer gelijkwaardige functie met de overige weggebruikers en is voorts de snelheidslimiet 30 km/uur. Dwars door het plangebied loopt de spoorlijn Arnhem-Zutphen. Drie beveiligde overwegen zorgen voor de noordzuid-verbinding van het dorp: aan de Bockhorstweg, Overweg en Kanaaldijk. Het aantal woningen in de directe nabijheid van het spoor is beperkt en daarmee ook de groep bewoners die overlast ervaart van het treinverkeer. In Spankeren rijdt een buurtbus. Overige openbaar vervoervoorzieningen in het dorp zijn niet beschikbaar.
Het treinstation ligt op ca. 1,5 km afstand.
2.6.2
Groen
Het dorp Spankeren is van oorsprong een agrarisch kerkdorp. Het agrarisch karakter is met de komst van het bedrijventerrein en de toegenomen bebouwing sterk verminderd. In de kern is er niet overal ruimte voor bomen in de straat, maar door de beperkte omvang van het dorp tast dit de groene uitstraling niet zo zeer aan. De bomen in de particuliere tuinen zijn daarmee wel van groot belang. Op andere locaties staan voldoende bomen. Met name bij de kerk en het Kerkplantsoen staan veel verschillende soorten bomen.
2.6.3
Water en riolering
In het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Het verzamelde afvalwater wordt afgevoerd naar de rioolzuiveringsinstallatie van het waterschap die het effluent uiteindelijk loost op de IJssel. In het Gemeentelijk Rioleringsplan is het rioolsysteem beschreven. In het zuidwestelijk deel van het plangebied ligt een rioolpersleiding.
2.6.4
Spelen
In het plangebied Spankeren zijn verschillende speelvoorzieningen aanwezig. De voorzieningen bestaan uit speelplekken met verschillende speeltoestellen voor verschillende doelgroepen. De speelplekken zijn bedoeld voor zowel jonge kinderen als de kinderen van 6 tot en met 12 jaar.
2.6.5
Natuur
Het gebied ligt op een overgangszone van het dichte bosgebied van de Veluwe naar de lage en natte IJsseluiterwaarden. De invloed van de Veluwse bossen is hier relatief klein vanwege het kanaal en de bebouwing van Dieren. De openheid van de IJsseluiterwaarden aan de zuidzijde is merkbaar in het plangebied.
Toelichting (vastgesteld)
17
bestemmingsplan Spankeren 2021
De Zutphensestraatweg ten zuiden van het plangebied grenst aan het Natura 2000-gebied Uiterwaarden IJssel (Vogelrichtlijngebied). Aan de noordkant van Spankeren ligt de Soerense Poort, een ecologische verbinding op nationaal niveau, een zogeheten robuuste verbinding. Onderhavig bestemmingsplan is een actualisatie van bestaande bestemmingsplannen. Het nieuwe plan maakt geen nieuwe functiewijzigingen mogelijk in het kader waarvan een natuurwaardenonderzoek moest plaatsvinden. Er heeft daarom geen natuurwaardenonderzoek gericht op effecten op Natura 2000-gebied plaatsgevonden (externe werking). Binnen het plangebied zijn door het rijk geen locaties aangewezen als beschermd of staatsnatuurmonument in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998, thans Wet natuurbescherming. Evenmin hebben gedeputeerde staten locaties aangewezen als beschermde leefomgeving in het kader van de Flora- en faunawet, thans Wet natuurbescherming.
2.7
Wonen
Bij de rijksnota Mensen, wensen, wonen is het begrip woonmilieu geïntroduceerd om aan te geven dat het niet alleen gaat om de kwaliteit van de woning maar ook de kwaliteit van de woonomgeving en bijvoorbeeld de ligging van de buurt. In dat verband kan het plangebied getypeerd worden als een dorps woonmilieu. De woningvoorraad in het dorp Spankeren, het aantal inwoners en het aantal huishoudens is vermeld in de volgende tabellen.
Woningen totaal aantal
387
meergezinswoningen
2%
huurwoningen
36%
gemiddelde WOZ-waarde
€ 174.000
Inwoners totaal aantal
922
0 - 24 jaar
25%
25 - 65 jaar
52%
65 jaar en ouder
23%
Huishoudens gemiddelde grootte huishoudens
2,3*
eenpersoonshuishoudens
25%*
huishoudens zonder kinderen
37%*
huishoudens met kinderen
38%*
Bron: Statistisch Jaarboek gemeente Rheden 1-1-2016 * Bron: CBS in uw buurt 2016 In Spankeren bestaat de woningvoorraad voor 64% uit koopwoningen, dit is meer dan gemiddeld in de gemeente Rheden (55% koopwoningen). De leeftijdsopbouw is vergelijkbaar met het gemiddelde in de gemeente. Wel wonen er naar verhouding meer gezinnen met kinderen en paren zonder kinderen. Het
18
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021 aantal eenpersoonshuishoudens is juist lager dan gemiddeld. De woningbouwmogelijkheden uit het geldende bestemmingsplan zijn overgenomen in onderhavig bestemmingsplan. Er wordt niet voorzien in verdere verruiming van de woningbouwcapaciteit.
2.8
Economische activiteiten
Over het gehele plangebied overheerst de woonfunctie. Economische activiteiten binnen het plangebied zijn beperkt met uitzondering van het bedrijventerrein IJsselsteyn. Aan Zutphensestraatweg bevindt zich ook nog een horecavestiging.
2.9
Voorzieningen
Spankeren kent een aantal voorzieningen, dat van groot belang is voor de leefbaarheid in het dorp, geconcentreerd op twee centrale locaties: rondom de Prinses Margrietschool/het Dorpshuis en rondom de Petruskerk . De eerste locatie vormt het dagelijks of maatschappelijk middelpunt van het dorp: de school (met een BSO) en het dorpshuis zijn een sociaal bindmiddel voor jong en oud. Het dorpshuis kent een groot aantal gebruikers, waaronder muziekverenigingen, peuterspeelzaal, ouderensoos, toneelgroep en diverse andere clubs en verenigingen. De tweede centrale locatie, rondom de Petrusk erk , vormt het historisch hart met de kerk als middelpunt en daaromheen de begraafplaats, het kerkelijk ontmoetingscentrum De Kerk horst en plantsoen met muziektent. De Petrusk erk wordt gebruikt voor erediensten, rouw- en trouwdiensten en soms concerten. Kerkelijke en meer algemene activiteiten vinden plaats in De Kerk horst. Andere (basis)voorzieningen, zoals winkels, zijn voor bewoners van Spankeren relatief dichtbij huis voorhanden, bijvoorbeeld in Dieren. In de bereikbaarheid van Spankeren en de voorzieningen in Dieren en andere dorpen speelt de buurtbus een belangrijke rol. Deze dienst is enkele jaren geleden door inspanningen van bewoners tot stand gekomen en voorziet in een duidelijke behoefte.
2.10
Nieuwe ontwikkelingen
Het plan maakt geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk. De mogelijkheden uit de geldende bestemmingsplannen zijn overgenomen waarbij een actualisering heeft plaatsgevonden. Niet geëffectueerde bouwrechten uit voorliggende plannen zijn gerespecteerd. Zoals al eerder gesteld, heeft een omzetting naar de huidige landelijke standaard plaatsgevonden. Dit geldt ook voor de waarden in het plangebied. In hoofdstuk 4 Beschrijving bestemmingsplan wordt aan een en ander nadere aandacht besteed.
Toelichting (vastgesteld)
19
bestemmingsplan Spankeren 2021
Hoofdstuk 3
Beleidskaders
In dit hoofdstuk komt vooral het ruimtelijke beleid aan de orde. Bij de beoordeling van de haalbaarheid in 5 Haalbaarheid en afweging wordt ingegaan op specifiek beleid.
3.1
Rijk
Het ruimtelijke beleid is op rijksniveau verwoord in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) die op 13 maart 2012 in werking is getreden. In de SVIR zijn diverse beleidsnota's geactualiseerd en geïntegreerd, waaronder de nota Ruimte uit 2006 en de nota Mobiliteit. In de SVIR schetst het rijk de ambities voor concurrentiekracht, bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid tot 2040 (lange termijn) en doelen, belangen en opgaven tot 2028 (middellange termijn). De hoofddoelen van het ruimtelijke en mobiliteitsbeleid voor de periode 2020 - 2028 zijn: het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van het land; het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid, waarbij de gebruiker voorop staat; het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Daartoe worden 12 nationale belangen geformuleerd. Provincies en gemeenten worden meer verantwoordelijk. Voor een aantal onderwerpen is geconcludeerd dat het rijk zijn bevoegdheid tot het stellen van algemene regels zou moeten gebruiken. In het Besluit algemene regels ruimtelijk e ordening (Barro) is vastgelegd welke nationale belangen moeten worden betrokken bij het vaststellen van een bestemmingsplan.
Ecologische hoofdstructuur De uitwerking van de Ecologische hoofdstructuur, welke in onderhavig verband van belang zou kunnen zijn, vindt plaats via de provincies. Dit aspect komt in hoofdstuk 3.2 aan de orde.
Grote rivieren De artikelen 2.4.1. t/m 2.4.5 van het Barro stellen algemene eisen aan de inhoud van nieuwe bestemmingsplannen die betrekking hebben op gronden gelegen in het rivierbed met als doel te voorkomen dat omgevingsvergunningen worden verleend voor afwijking van een bestemmingsplan ten behoeve van werkzaamheden die in het kader van het Waterbesluit niet of slechts onder bepaalde voorwaarden zijn toegestaan. Dit kan zijn omdat ze een bedreiging vormen voor de waterafvoer of omdat zij de vergroting van de afvoercapaciteit feitelijk kunnen belemmeren. De Beleidsregels grote rivieren en het Barro maken onderscheid tussen riviergebonden activiteiten (ja, mits.....) en niet-riviergebonden activiteiten (nee, tenzij....). Voor voorgenomen (bouw)activiteiten in de zogeheten bergende en stroomvoerende delen van het rivierbed stelt het Barro aan bestemmingsplannen enkele aanvullende eisen. Zo moeten resterende, blijvende effecten op de waterstand en afname van de bergingscapaciteit worden gecompenseerd. Vanwege de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan moet de financiering en tijdige realisering van die maatregelen zijn verzekerd. Dit geldt ook bij activiteiten die per saldo meer ruimte voor de rivier opleveren. Dit aspect komt in paragraaf 5.4.8 Water aan de orde.
In de SVIR is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Doel van de ladder is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. De ladder beoogd een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Op
20
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijk e ordening gewijzigd en is de ladder voor duurzame verstedelijking daarin als procesvereiste opgenomen. Per 1 juli 2017 dient in de toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, de behoefte daar aan beschreven te worden. Indien die ontwikkeling buiten het bestaand stedelijk gebied mogelijk wordt gemaakt, dient gemotiveerd te worden waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Dit aspect komt aan de orde in hoofdstuk 5 Haalbaarheid en afweging.
3.2
Provincie
Op provinciaal niveau worden hier enige voor het plangebied relevante documenten aangehaald. Allereerst de Omgevingsvisie Gelderland. De Omgevingsvisie Gelderland zoals die op 9 juli 2014 door provinciale staten is vastgesteld bestaat uit een visiedocument en een verdiepingsdocument. De hierop gebaseerde Omgevingsverordening Gelderland is op 24 september 2014 door provinciale staten vastgesteld. De verordening is 16 oktober 2014 gepubliceerd en daags daarna in werking getreden. Op dezelfde dag trad ook de Omgevingsvisie in werking. De Omgevingsvisie wordt regelmatig geactualiseerd. Voor onderhavig plan is gebruikt gemaakt van de op 28 juni 2017 vastgestelde versie. In de Omgevingsvisie benoemt de provincie als hoofddoelen: Een duurzame economische structuur, waarbij niet meer moet worden gedacht in de termen van 'groei' maar meer in termen van 'beheer en ontwikkeling van het bestaande'. Het borgen van de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving; hierbinnen staat het waarborgen en verder ontwikkelen van een goede kwaliteit en beleving van natuur en landschap, een gezonde en veilige leefomgeving en een robuust bodem- en watersysteem centraal. Het onderdeel Visie is opgebouwd rond de invalshoeken Divers Gelderland, Dynamisch Gelderland en Mooi Gelderland. Daarin worden de hoofddoelen vertaald in ambities. Per ambitie is de aanpak op hoofdlijnen beschreven.
Voor een goed begrip is het nodig om de invalshoeken in samenhang te beschouwen. De nadere invulling van de hoofdlijnen vindt plaats in door gedeputeerde staten vast te stellen uitvoeringsprogramma's. In het onderdeel Verdieping worden de regio's en thema's nader beschouwd. Beschreven worden onder andere de Gelderse ladder voor duurzaam ruimtegebruik, het wonen, kantoren, detailhandel, bedrijventerreinen, demografische ontwikkeling, energietransitie, vrijetijdseconomie, land- en tuinbouw, mobiliteit, cultuur en erfgoed, natuur en landschap alsook water en ondergrond. De gemeente Rheden maakt hierin onderdeel uit van de stadsregio Arnhem-Nijmegen. Belangrijkste opgaven voor de Stadsregio zijn: versterking van de basiseconomie en de topsectoren; versterking van het stedelijk kerngebied; realisatie van een aantrekkelijk regionaal vestigingsklimaat voor wonen en werken; behouden en verbeteren van de leefbaarheid in steden en omringende kernen; verbeteren van de interne en externe bereikbaarheid; behouden en benutten van de gebiedskwaliteiten. Ten opzichte van de vorige visie valt voor het landelijke gebied op dat de woningbouwcontouren rond de dorpen zijn vervallen. Ook hiervoor wordt nu bij de afweging de ladder voor duurzaam ruimtegebruik gebruikt. Onderdeel van de Omgevingsvisie zijn thematische kaarten, waarop per thema een gebiedsindeling is weergegeven.
Uit deze kaarten blijkt, dat het plangebied is gelegen nabij gebieden die in de provinciale Omgevingsvisie zijn aangegeven als Gelders Natuurnetwerk dan wel als Groene ontwik k elingszone. In paragraaf 5.2 wordt hier verdere aandacht aan besteed.
Toelichting (vastgesteld)
21
bestemmingsplan Spankeren 2021
In de Omgevingsverordening Gelderland is het ruimtelijke beleid zoals dat in de Omgevingsvisie Gelderland is verwoord, deels verankerd. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. Deze verordening is bindend voor de gemeente. De Omgevingsverordening wordt regelmatig geactualiseerd. Voor onderhavig plan is gebruikt gemaakt van de op 28 juni 2017 vastgestelde versie. Voor onderhavig bestemmingsplan is het volgende onderwerp uit de Omgevingsverordening Gelderland van toepassing: nieuwe woonlocaties. Over 'wonen' wordt gesteld dat in een bestemmingsplan nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen slechts worden toegestaan wanneer dit past in de vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Regionale woonagenda's successievelijk de door Gedeputeerde Staten vastgestelde kwantitatieve opgave wonen voor de betreffende regio. De kwantitatieve vraag blijkt onder meer uit recente bevolkings- en huishoudens- prognoses van Primos (2015).
In subregionaal verband (de subregio Arnhem en omstreken, bestaande uit de gemeenten Arnhem, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rozendaal en Rheden) bestaat (oktober 2016) tot 2025 nog een behoefte aan 9.098 woningen. De provincie heeft inmiddels ingestemd met de door de subregio voorgestelde planhorizon tot 2025 en het bijbehorende aantal op basis van Primos. Bij het wonen wordt niet alleen gekeken naar de kwantitatieve vraag maar ook naar de kwalitatieve vraag. In die benadering staan onder andere de kwaliteiten van de woonomgeving centraal die kunnen worden vertaald naar woonmilieus. Uit het woningmark t onderzoek 2014-2020 uitgevoerd door Atrivé in opdracht van de stadsregio, blijkt een (sub)regionale kwalitatieve vraag naar woningen in het centrum-dorpse woonmilieu. In de handreiking bij de Ladder voor duurzame stedelijk e ontwik k eling wordt onder regionale vraag ook verwezen naar de lokale behoefte. Voorts wordt hier vermeld het provinciale beleid om de vrijetijdssector te versterken en ervoor te zorgen dat de economische én sociale waarde wordt vergroot. Voor de periode 2012 tot en met 2015 hebben provinciale staten in november 2011 het Actieplan Vrijetijdseconomie: Ruimte voor ondernemers in de vrijetijdssector vastgesteld. Hierin zijn weinig ruimtelijke ingrepen voorzien.
Het accent ligt met name op het beter benutten van hetgeen er aanwezig is met behoud van alle kwaliteiten van de provincie Gelderland.
3.3
Waterschap
Het waterschap heeft de zorg voor de waterkeringen, is verantwoordelijk voor het grond- en oppervlaktewater in het landelijke gebied en in het stedelijk gebied voor het oppervlaktewater. Daarnaast heeft het waterschap als taak het zuiveren van het afvalwater. In de Keur geeft het waterschap regels ten aanzien van waterkeringen en oppervlaktewateren. In de Legger geeft het waterschap de gewenste staat van de watergangen en waterkeringen aan. Het plangebied is gelegen binnen het beheergebied van waterschap Vallei en Veluwe. In het Waterbeheerplan 2016-2021 geeft het waterschap haar doelen aan, zoals ze deze heeft verwoord in de Watervisie 2030 (uit 2013). Voor het bestemmingsplan is van belang dat nieuwe ontwikkelingen en de benodigde ruimte voor waterbeheer op elkaar worden afgestemd.
3.4
Gemeente
Voor onderhavig plangebied is het volgende gemeentelijke beleid van belang.
22
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021
3.4.1
Vastgesteld beleid
Cultuurhistorie De gemeenteraad heeft op 30 mei 2017 de Erfgoednota Verbindend Verleden vastgesteld. Daarin is het erfgoedbeleid over de jaren 2012-2016 geëvalueerd en worden de plannen voor de periode 2017-2021 geformuleerd. De evaluatie is aanleiding om voort te gaan op de ingeslagen weg; met dezelfde visie maar met nieuwe plannen waarin zoveel mogelijk erfgoedwensen zijn verwerkt. Erfgoed gaat over menselijke sporen die uit het verleden die zichtbaar en tastbaar zijn in het heden. Dat kunnen voorwerpen zijn, archeologische vondsten, archieven, en gebouwde en groene monumenten zoals landgoederen, begraafplaatsen en landschappen. Maar ook bepaalde gebruiken, verhalen en gewoonten horen erbij. In de visie is het cultuurhistorische erfgoed is van cruciaal belang voor de ruimtelijke en sociale karakteristiek van de gemeente Rheden. Allereerst gaat het om het in goede staat doorgeven van cultuurhistorisch erfgoed aan volgende generaties. Daarnaast willen wij ons erfgoed inzetten als (hulp-)motor om de economische, sociale en klimatologische doelen te bereiken en als verbindende schakel tussen gemeente- brede beleidsdoelstellingen. De visie is voor de verschillende delen van het erfgoed (landschap, archeologie, bouwkunst en de verhalen) uitgewerkt in de volgende thema's: behoud en ontwikkeling; kennis vermeerderen en delen; promotie en beleving.
Naast uiteraard de kerntaak van erfgoed -instandhouding- is de focus de komende jaren gericht op het behalen van de gemeentebrede doelen op het gebied van klimaat, toerisme en recreatie en het sociale domein. Met een proactieve houding zal geprobeerd worden het voor eigenaren aantrekkelijk(er) te maken om hun erfgoed te behouden.
De gemeenteraad heeft in 2008 de archeologienota Uitgediept vastgesteld. Hierin wordt een aantal beleidsvoornemens ten aanzien van archeologie verwoordt. Archeologie wordt op grond van deze nota voortaan beschermd via de bestemmingsplannen. Dit laat onverlet dat mogelijke (toevals-) vondsten bij het verrichten van werkzaamheden in de bodem altijd zijn beschermd. Er geldt een meldingsplicht bij het vinden van (mogelijke) waardevolle zaken. Dat melden dient terstond te gebeuren. Of een vondst van archeologische resten uiteindelijk moet leiden tot behoud van deze resten of een opgraving wordt door burgemeester en wethouders bepaald op basis van het advies van de regioarcheoloog die zijn advies opstelt aan de hand van de in de archeologienota uitgewerkte selectiemethode. In 2013 heeft de gemeenteraad de geactualiseerde archeologische verwachtings- en beleidskaarten met toelichting die bij de nota horen vastgesteld. Deze kaarten dienden als basis voor het geldende bestemmingsplan Parapluplan Archeologie Rheden 2013 en aanpassing regeling Buitenplaatsen. De archeologische bepalingen uit dat bestemmingsplan zijn in onderhavig bestemmingsplan verwerkt.
Milieuzonering In de Nota Milieuzonering Rheden 2015 die op 26 mei 2015 door de gemeenteraad is vastgesteld, is vastgelegd hoe de gemeente omgaat met milieuzonering. De hoofdlijn is als volgt. Ten aanzien van dit aspect wordt de VNG-uitgave Bedrijven en Milieuzonering gehanteerd. In nieuwe situaties wordt getoetst aan de richtafstanden. Afwijken van die afstanden is mogelijk mits gemotiveerd (met een onderzoek). In het kader van een goede ruimtelijke ordening worden ook bestaande situaties beoordeeld. Bestaande bedrijven worden in principe zo bestemd dat zij minimaal kunnen blijven functioneren. Tenzij sprake is van een milieuknelpunt en bedrijfsbeëindiging is gewaarborgd.
Bodemkwaliteit
Toelichting (vastgesteld)
23
bestemmingsplan Spankeren 2021
De nota Bodembeheer en de achterliggende bodemk waliteitsk aart zijn op 31 mei 2011 door de gemeenteraad vastgesteld. Op de bodemk waliteitsk aart is de mate van diffuse bodemverontreiniging aangegeven. Deze diffuse bodemverontreiniging is niet toe te wijzen aan een specifieke bron zoals een tankstation of een smederij. In de nota Bodembeheer is vastgelegd hoe met deze diffuse bodemverontreiniging dient te worden omgegaan. De wijze waarop met bodemverontreiniging wordt omgegaan bij het opstellen van bestemmingsplannen is door de gemeenteraad op 26 mei 2015, vastgelegd in de Nota standaardplanmethodiek dorpen Rheden 2015. Deze werkwijze is gebruikt bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van de gegeven bestemmingen.
Niet-gesprongen explosieven In opdracht van de gemeente is in 2017 een vooronderzoek uitgevoerd naar de mogelijke aanwezigheid van explosieven afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog. De resultaten voor het plangebied zijn in beeld gebracht. De wijze waarop met de mogelijke aanwezigheid van niet-gesprongen explosieven wordt omgegaan is vastgelegd in de Nota Standaardplanmethodiek dorpen Rheden 2015.
Geluidhinder De Wet geluidhinder stelt regels aan de geluidsbelasting die wordt veroorzaakt door gezoneerde wegen, spoorwegen en industrieterreinen op geluidgevoelige functies in nieuwe situaties. Hoe burgemeester en wethouders in verschillende omstandigheden invulling geven aan hun bevoegdheid om hogere waarden vast te stellen dan de voorkeurswaarde, heeft het college op 27 april 2015 vastgelegd in de Nota Hogere waarden wet geluidhinder Rheden 2015. Een benodigde hogere grenswaarde moet zijn verleend voordat een bestemmingsplan wordt vastgesteld.
Verkeer In het gemeentelijke Verk eerscirculatieplan Dieren (VCP) uit 2013, dat ook betrekking heeft op Spankeren, wordt een wegcategorisering beschreven bestaande uit stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen en verblijfsgebieden. Verblijfsgebieden zijn of worden ingericht als 30 km of 60 km zone. Gebiedsontsluitingswegen zijn de wegen binnen de bebouwde kom die hoofdzakelijk een doorstroom karakter hebben en waar een snelheidslimiet van 50 km geldt. Voor het parkeren vormen de bepalingen uit de Nota Park eernormen Rheden 2015 de grondslag. Het beleid is vastgelegd bij de vaststelling door de gemeenteraad op 26 mei 2015.
Groen In het gemeentelijke Groenstructuurplan uit 2002 en de Beleidsnota Bomen uit 2005 is de leidraad dat de groene kenmerken en karakteristieken in de dorpen en deelgebieden worden versterkt. Het raamwerk wordt in het plangebied gevormd door de Dorpsweg en Kerkweg/Overweg en het Kerkplantsoen. Aangetekend wordt dat groeiruimte voor de bomen door de aanwezigheid van verharding soms beperkt is. Voor het plangebied geldt dat bomen vooral in particuliere tuinen staan.
Spelen In 2008 is de Beleidsnota R(h)eden te meer om te spelen 2008 - 2013 vastgesteld. Daarna is op 27 januari 2015 het rapport Evaluatie Speelbeleid vastgesteld. De beleidsnota is een onderdeel van het jeugd- en jongerenbeleid in de gemeente. Het doel is 3% (per hectare uitgegeven gebied) speelruimte te creëren en te behouden voor verschillende doelgroepen (4 - 17 jaar). Daarbij wordt het volgende onderscheid gemaakt:
24
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021 4 - 14 jaar, hiervoor zijn de speelterreinen en speelvelden bedoeld; 10 - 17 jaar, hiervoor zijn speelvelden als trapvelden, basketbalvelden, skatevoorzieningen en de jongerenontmoetingsplaatsen (jop) bedoeld. Voor alle groepen moeten in de dorpen voorzieningen aanwezig zijn. Afhankelijk van de voorziening (jop of speelplek) wordt overleg gevoerd met diverse belanghebbenden. De voorzieningen moeten voldoen aan het Warenwetbesluit Attractie- en Speelvoorzieningen en de geldende milieuregels.
Water Het huidige Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) heeft een planperiode van 2014 tot en met 2017. Het daarop volgende GRP zal in samenwerking met de gemeenten Bronckhorst, Doesburg en het waterschap Rijn en IJssel worden opgesteld in de vorm van een 'Afvalwaterketenplan'. Met het GRP voldoet de gemeente Rheden aan de planverplichting voor de rioleringszorg die rechtstreeks voortkomt uit de Wet milieubeheer. In dit plan heeft de gemeente samen met Waterschap Rijn en IJssel het rioleringsbeleid vastgelegd. De strategie bij de inzameling van afvalwater is afgestemd op rijks- en provinciaal beleid. Ook de zorgplicht voor afstromend hemelwater en grondwater, binnen het stedelijke gebied, is geborgd in het GRP. Omgaan met hemelwater en grondwater is geregeld in de in oktober 2015 vastgestelde gemeentelijke verordening Afvoer hemelwater en grondwater Rheden 2015.
Klimaatadaptatie In juni 2016 is het gemeentelijke klimaatbeleid De Rhedense k limaataanpak 2016-2020 vastgesteld. Klimaatadaptatie vormt een belangrijk onderdeel van dit beleid. Hieronder wordt verstaan het zodanig inrichten en beheren van de openbare ruimte dat effecten van klimaatverandering hierin opgevangen kunnen worden zonder dat dit tot ernstige overlast of schade leidt. Het gaat hierbij om de effecten zoals meer en extremere buien, langere perioden van droogte en hitte en de stijging van de zeespiegel en de daaraan gerelateerde stijging van de rivierstanden. Directe gevolgen uiten zich onder andere in meer overlast van water op straat, erosie, bodemdaling, een toenemende kans op natuurbranden en afname van biodiversiteit. Dit beleid sluit aan op eerder genoemd beleid ten aanzien van natuur, groen en water.
Wonen Op 30 juni 2015 heeft de raad de Woonvisie 2014-2020 vastgesteld. Daarin ligt de focus op kleinschalige en binnen de karakteristiek passende nieuwbouwplannen. Geconstateerd wordt dat bouwen voor de behoefte de inzet is. Daarnaast zal worden ingezet op de aanpak van de bestaande voorraad door middel van woningverbetering en herstructurering teneinde beter aan de toekomstige woningvraag te voldoen. De kwantitatieve woningbehoefte in de gemeente bedraagt zo'n 50 woningen per jaar tot het jaar 2025. Gezien de huishoudensprognose gaat het de komende jaar om rond de 80 woningen per jaar. Na 2020 om 20 woningen per jaar. Daarbij blijft het 'nee, tenzij' beleid bij plannen voor meer dan 5 woningen van toepassing. Ten aanzien van de kwalitatieve behoefte wordt geconcludeerd dat er behoefte is aan huurwoningen, zowel sociale huurwoningen als vrije sector huur. Bij grotere nieuwbouw- of ontwikkelingslocaties wordt ingezet op ten minste 35% huurwoningen (in de sociale en vrije sector). Het accent zal binnen de gemeente moeten liggen op grondgebonden woningen. Op 21 februari 2017 is vastgesteld de Verordening sociale woningbouw gemeente Rheden, op basis waarvan in bestemmingsplannen eisen gesteld kunnen worden aan het aandeel sociale huur en/of sociale koopwoningen.
Toelichting (vastgesteld)
25
bestemmingsplan Spankeren 2021
Toerisme Het toeristisch-recreatief beleid is erop gericht meer aanbod te genereren voor toeristen en bezoekers aan de gemeente Rheden. De daadwerkelijke uitbreiding is afhankelijk van ondernemers en hun plannen voor nieuwe bedrijvigheid. Het Toeristisch-Recreatief OntwikkelingsPlan (TROP) Rheden op z'n best; tussen IJssel en Veluwezoom uit 2009 geeft aan dat initiatieven op het gebied van bed & breakfast-voorzieningen ondersteund worden en mogelijk zijn onder bepaalde voorwaarden. Verdere ruimtelijke ontwikkelingen voor het plangebied worden niet voorzien. Inmiddels heeft de gemeenteraad, als één van de partners, in september 2016 ingestemd met het Masterplan Toerisme. Ruimtelijk gezien staan er voor het plangebied geen zaken in het masterplan. Terzijde wordt hier nog opgemerkt dat het bestemmingsplan ook voorziet in de mogelijkheid in de woning onder voorwaarden bed & breakfast te verstrekken, in die gevallen is uit een oogpunt van brandveiligheid een vergunning (voor een logiesfunctie) vereist als nachtverblijf wordt verstrekt aan meer dan 4 personen.
Economische activiteiten In de visie Een actuele economische beleidsnota van en voor de gemeente Rheden (vastgesteld door de gemeenteraad in maart 2016) wordt aangegeven dat het voor de gemeente van groot belang is dat de economie vitaal blijft voor haar inwoners en het bedrijfsleven. De visie geeft onder andere aan dat ingezet moet worden op het behouden en versterken van de bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid. De Rhedense bedrijventerreinen zijn voor de werkgelegenheid belangrijke gebieden. Om de kwaliteit van de bestaande bedrijventerreinen te verhogen en knelpunten in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen is revitalisering noodzakelijk. In de Visie flexiblisering/functieverruiming op bedrijventerreinen in de gemeente Rheden, eveneens vastgesteld door de gemeenteraad in maart 2016, wordt niet ingezoomd op het (kleine) bedrijventerrein IJsselsteyn. Gelet evenwel op het amendement van de gemeenteraad en de strekking daarvan 'flexibilisering/functieverruiming is mogelijk tenzij', is ook dit beleid betrokken bij de afweging. Voor de dorpen Velp, Rheden en Dieren is een nieuwe detailhandelsstructuurvisie Kiezen voor eigen kwaliteit opgesteld. Deze visie is door de gemeenteraad in zijn vergadering van 24 januari 2017 vastgesteld.
Hierin wordt voor Dieren beschreven dat de versterking van het winkelaanbod plaats zou moeten vinden in het kernwinkelgebied en als dat aantoonbaar niet mogelijk of onwenselijk is, in het secundaire winkelgebied. Buiten deze gebieden is medewerking aan uitbreiding van winkels niet gewenst. Het kernwinkelgebied en het secundaire winkelgebied liggen in Dieren-Noord. Bedrijvigheid bevindt zich met name op het kleine bedrijventerrein IJsselsteyn.
Studentenhuisvesting In de nota Studentenhuisvesting, die op 14 maart 2016 door burgemeester en wethouders is vastgesteld, staat de kwantitatieve en kwalitatieve woningbehoefte van studenten van de Hogeschool Van Hall Larenstein in Velp en de Hogeschool Arnhem-Nijmegen in Arnhem centraal. Geconcludeerd wordt dat de vraag naar studentenhuisvesting zich vooral zal richten op Arnhem en in kwalitatieve zin vooral op kamers met voorzieningen. Voor de komende jaren wordt geen aanleiding gezien om binnen de gemeente Rheden mee te werken aan initiatieven die zich richten op reguliere studenten. Voor buitenlandse studenten van HVHL wil de gemeente Rheden ruimte bieden aan een initiatief dat zich richt op de realisatie van een kleinschalig complex met gemeubileerde kamers.
Kamerverhuur Het kunnen gebruiken van een pand voor kamerverhuur is in de APV gekoppeld aan een exploitatievergunning als het meer dan 2 kamers betreft. In de op 29 februari 2016 door burgemeester en
26
Toelichting (vastgesteld)
bestemmingsplan Spankeren 2021 wethouders vastgestelde Beleidsnota Kamerverhuur panden: vergunningverlening, toezicht en handhaving is vastgelegd onder welke voorwaarden zij vergunning verlenen. Bij besluit van 22 augustus 2017 (in werking getreden op 26 oktober 2017) is de nota verduidelijkt ten aanzien van de ruimtelijke toetsing. Grondgebonden woningen komen niet in aanmerking voor een vergunning als deze in het geheel voor kamerverhuur worden aangewend. Wordt kamerverhuur gecombineerd met een zelfstandig huishouden of in het geval dat geen sprake van een grondgebonden woning, dan wordt een onderscheid gemaakt tussen overwegend monofunctionele woonwijk en een functioneel gemengde wijk. Dit onderscheid vloeit voort uit de constatering dat in zijn algemeenheid kan gesteld worden dat aan het bewonen van kamers een andere ruimtelijke uitstraling is verbonden dan de bewoning door een huishouden. Gezien de leeftijdssamenstelling en het levensritme van de bewoners en een mogelijke toename van de parkeerdruk wordt gekozen voor een zeer restrictieve benadering voor nieuwe kamerverhuur in een rustige woonwijk. Kamerverhuur kan daar slechts worden toegestaan indien dit op zo'n ondergeschikte schaal is, dat de ruimtelijke uitstraling van de woonbuurt hierdoor niet wijzigt. Incidenteel bestaat ruimte voor enige kamerverhuur.
Ter invulling van het ondergeschikte, incidentele karakter is gekozen voor een norm van 1% van het aantal woningen in een rustige woonwijk. Om ongewenste klontering van deze 1% te voorkomen is het gewenst om een afstandsmaat te hanteren tussen de panden waar kamerverhuur plaatsvindt. Een onderlinge afstand van 50 m wordt daarbij acceptabel geacht. In de nota wordt voorts geconstateerd dat in functioneel gemengde wijken de komst van kamerbewoners met hun eigen ruimtelijke uitstraling minder impact heeft. Dit blijkt ook uit het gegeven dat thans geen overlast wordt gemeld ten gevolge van kamer- bewoning die met name in deze wijken is geconstateerd. Kamerbewoning kan in deze wijken zelfs bijdragen aan de levendigheid en dynamiek die dergelijke gebieden eigen zijn. Dit leidt derhalve tot de conclusie dat thans geen behoefte bestaat aan beheermaatregelen in functioneel gemengde wijken. Zodat in die gemengde gebieden (nog steeds met uitzondering van het in zijn geheel gebruiken van grondgebonden woningen voor kamerverhuur) een ruimer beleid is geformuleerd. Gesteld is dat in het bestemmingsplan wordt aangewezen in welk gebied sprake is van een gemengde wijk. In dit bestemmingsplan wordt het ruimtelijk relevante onderscheid tussen een rustige woonwijk en een functioneel gemengde woonwijk vastgelegd. In hoofdstuk 4 wordt dit bij de beschrijving van de bestemming Wonen nader verklaard.
Evenementen In de Beleidsnota Evementenbeleid Rheden 2017, vastgesteld in de raadsvergadering van januari 2017, wordt een gemeentebreed algemeen beleid geformuleerd over evenementen. De nota wordt gevolgd door een uitvoeringsnota op basis waarvan een ruimtelijk kader op bestemmingsplanniveau kan worden vastgesteld.
Visie Wonen Welzijn Zorg Op 29 november 2016 heeft de gemeenteraad de Visie Wonen Welzijn Zorg vastgesteld. De visie heeft als hoofdlijn 'een passende woning in een passende woonomgeving'. Dit betekent dat planologische flexibiliteit gewenst is om snel in te kunnen spelen op maatschappelijke ontwikkelingen rond wonen, welzijn en zorg. Geconstateerd wordt dat het aantal intramurale verzorgingsplaatsen in de gemeente ongeveer constant moet blijven. Wel is sprake van een tijdelijke mindere behoefte aan intramurale plaatsen. Extramuralisering (minder intramurale plaatsen) en vergrijzing (meer intramurale plaatsen nodig) houden elkaar min of meer in evenwicht. Voor nieuwe initiatieven zijn criteria opgenomen op basis waarvan de gemeente mee wil werken aan bestemmingswijzigingen. Innovatieve woonvormen in combinatie met zorg willen wij zo veel mogelijk faciliteren. Verder wordt aandacht gevraagd voor de kwaliteit van het openbare gebied, met name waar het gaat om