Bestemmingsplan Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie) toelichting regels en bijlagen (22.77)
Tekst van het document
Bestemm Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). Toelichting
Velp
Rheden
De Steeg
Ellecom
Dieren
Spankeren
Laag-Soeren
Landelijk gebied
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie).
2 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid
11 14 16
Beschrijving van het plan
Beschrijving huidige situatie Gewenste situatie Het stedenbouwkundig plan
21 21 24 25
Haalbaarheid
27
Geluid Bodem Milieuzonering Luchtkwaliteit Externe veiligheid Verkeer Water Archeologie en cultuurhistorie Natuur Landschap Besluit milieueffectrapportage
27 28 29 31 33 36 37 39 40 42 43
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
7 7 7 8 11
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11
7
Beleid
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3
Inleiding
Algemeen Aanleiding bestemmingsplan Ligging plangebied Geldend bestemmingsplan
Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3
5
Procedurele en juridische aspecten
Procedure Bestemmingsplan Verbeelding Regels Reikwijdte bestemmingsplan
47 47 47 48 48 49 3
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
51
Hoofdstuk 7
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
53
Vooroverleg en inspraak Overleg met de bevolking/belanghebbenden Zienswijzen
53 53 53
7.1 7.2 7.3
4 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Toelichting
5 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
6 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1
Algemeen Het bestemmingsplan bestaat uit een digitale verbeelding (de kaart) en regels. Door het perceel op te zoeken waarover informatie wordt gewenst, kan worden afgelezen welke bestemming het heeft. In een bestemmingsplan worden de gebruiks- en bouwmogelijkheden van gronden en opstallen aangegeven door middel van kleuren en symbolen, waarbij per object regels zijn gegeven. De regels bevatten de materiële inhoud van de bestemmingen. Uit het samenstel van de verbeelding en de regels blijkt wat juridisch wordt toegestaan. Een bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting heeft geen juridische status.
1.2
Aanleiding bestemmingsplan Aan de Harderwijkerweg 35 in de kern Laag-Soeren bevindt zich hotel, restaurant en zalencentrum De Harmonie. De eigenaar stopt en er is geen geschikte opvolger voor De Harmonie gevonden. Het voornemen is dan ook opgevat de locatie te herontwikkelen naar levensloopbestendige woningbouw. De voorgenomen ontwikkeling is niet in overeenstemming met het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het benodigde planologisch-juridische kader om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken. Hierbij wordt aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met 'een goede ruimtelijke ordening'.
1.3
Ligging plangebied Het plangebied ligt centraal in het dorp Laag-Soeren aan de Harderwijkerweg 35. De locatie van het plangebied ten opzichte van de kern Laag-Soeren is in afbeelding 1.1 weergegeven.
7 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Afbeelding 1.1 Ligging plangebied ten opzichte van Laag-Soeren (Bron: PDOK)
1.4
Geldend bestemmingsplan
1.4.1 Algemeen Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan "Laag-Soeren 2016" dat op 21 februari 2017 door de gemeenteraad van Rheden is vastgesteld. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van het geldende bestemmingsplan weergegeven.
8 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Afbeelding 1.2: Uitsnede verbeelding geldend bestemmingsplan (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl)
1.4.2 Bestemmingen en aanduidingen 1.4.2.1
Algemeen De gronden binnen het plangebied zijn bestemd met de enkelbestemmingen 'Horeca' en 'Tuin'. Ter plaatse van het bestemmingsvlak 'Horeca' zijn eveneens een bouwvlak, de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding - wonen op verdieping' en de maatvoeringsaanduidingen 'maximum aantal wooneenheden: 3' en 'maximum bebouwd oppervlak: 1250 m2' opgenomen. Naast de enkelbestemmingen geldt voor het gehele plangebied de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' en gelden de gebiedsaanduidingen 'overige zone stedenbouwkundig waardevol 1' (voor het noordelijk deel van het plangebied) en 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol 2' (voor het oostelijke deel van het plangebied.
1.4.2.2
Horeca De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor horeca activiteiten van categorie 1a, 1b en 2a uit de bij de regels gevoegde lijst van horeca-activiteiten. Wonen is uitsluitend op de verdieping toegestaan. Een hoofdgebouw dient binnen een bouwvlak gebouwd te worden, waarbij de oppervlakte van gebouwen niet meer mag bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwd oppervlak: (m2)' is aangegeven.
9 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
1.4.2.3
Tuin De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen en waterhuishoudkundige voorzieningen, hemelwaterinfiltratievoorzieningen en rioleringswerken, watergangen en waterpartijen, straatmeubiliair en andere bijbehorende voorzieningen, alsmede voor de ontsluiting van direct aangrenzende percelen. Op deze gronden zijn uitsluitend overige bouwwerken toegestaan.
1.4.2.4
Waarde - Archeologie 2 De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor gronden met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde.
1.4.2.5
Gebiedsaanduidingen Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol 1' en 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol 2' geldt dat die gronden -naast de andere aangewezen bestemming(en)- tevens bestemd zijn voor de instandhouding en bevordering van het open stedenbouwkundige karakter van de gronden en van het representatieve straatbeeld. De gronden worden aldus geacht geen deel uit te maken van het erf bij het hoofdgebouw. De gronden dienen vrij van gebouwen en overkappingen te blijven.
1.4.3 Strijdigheid Het realiseren van de gewenste woningen is in strijd met de bouw- en gebruiksregels van het geldende bestemmingsplan. Een herziening van het bestemmingsplan is benodigd om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken. Voorliggend bestemmingsplan voorziet hierin. Daarnaast wordt aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening is.
10 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 Beleid
In dit hoofdstuk komt het ruimtelijk beleid op hoofdlijnen aan de orde. Het gaat hier om vigerend beleid op rijks-, provinciaal- en gemeentelijk niveau. Bij de beoordeling van de haalbaarheid in Hoofdstuk 4 wordt ingegaan op specifiek beleid.
2.1
Rijksbeleid
2.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 2.1.1.1
Algemeen De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is op 13 maart 2012 vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geeft een totaalbeeld van het ruimtelijken mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving. Tevens vervangt het een aantal ruimtelijke doelen en uitspraken in onder andere de Agenda Landschap en de Agenda Vitaal Platteland. Daarmee wordt de SVIR het kader voor thematische of gebiedsgerichte uitwerkingen van rijksbeleid met ruimtelijke consequenties.
2.1.1.2
Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3.
Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de 11
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zet het Rijk in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan. 2.1.1.3
Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten komst gaat van die van toekomstige generaties
2.1.1.4
Ladder voor duurzame verstedelijking In de SVIR (Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, de voorganger van de NOVI) is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigt en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'.
12 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.´ Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit).
2.1.2 Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten in het rijksbeleid Het rijksbeleid laat zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. Het initiatief raakt geen rijksbelangen zoals opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur. Wat betreft de “Ladder voor duurzame verstedelijking” wordt opgemerkt dat toetsing noodzakelijk is bij “nieuwe stedelijke ontwikkelingen” (3.1.6 Bro). Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Toename van het ruimtebeslag is een belangrijke factor en daarnaast heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling wordt gezien (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). In voorliggend geval is de ladder voor duurzame verstedelijking dan ook van toepassing aangezien sprake is van het realiseren van achttien woningen. Toetsing aan de ladder is daarom noodzakelijk. Wat is de behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling? De behoefte bij een woonplan wordt bepaald door de confrontatie van de lange termijn prognose van de vraag naar woningen, met het woningaanbod in de bestaande plancapaciteit om in die vraag te voorzien. In veel provincies en regio's zijn prognosemodellen beschikbaar die bruikbaar zijn om de behoefte te bepalen.
Naast kwantitatieve aspecten, kunnen ook kwalitatieve aspecten een rol spelen bij de beschrijving van de behoefte. Bij woningen kan daarbij vooral worden gedacht aan specifieke woontypen, wooncategorieën en woonmilieus. Het verzorgingsgebied van de kern Laag-Soeren ligt op lokaal (het dorp en bijbehorend buitengebied) en gemeentelijk niveau. De behoefte is daarom ook op dit niveau beschreven. Het is onder meer voor jongeren/ starters en senioren lastig een geschikte woning te vinden in de gemeente Rheden. Er wordt vooral ingezet op het realiseren van geschikte woningen voor senioren, zodat er een verhuisketen op gang kan komen. Hier profiteren ook starters en jongeren van. In Laag-Soeren is met name behoefte aan het toevoegen van levensloopbestendige appartementen en levensloopgeschikte grondgebonden woningen in alle prijsklassen. In de subregio Arnhem is afgesproken dat er in de periode 2017-2027 ruimte is voor het bouwen van 13.500 woningen. Hiervan dienen er 681 in Rheden gebouwd te worden. Er zijn reeds 131 woningen gebouwd, wat betekent dat er nog een opgave van circa 550 woningen ligt. Op de planninglijst staan voldoende woningen, maar er is nog ruimte voor nieuwe initiatieven, omdat overcapaciteit noodzakelijk is om de benodigde hoeveelheid woningen te realiseren.
Uit vorenstaande blijkt dat er zowel kwalitatief als kwantitatief behoefte is aan de voorgenomen ontwikkeling. Er wordt een gemixt woningbouwprogramma gerealiseerd van zowel appartementen als grondgebonden woningen. De te realiseren woningen 13 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
zijn levensloopbestendig. De voorgenomen ontwikkeling is het enige nieuwe woningbouwinitiatief in de kern Laag-Soeren. Voor een verdere onderbouwing wordt naar de paragraaf over de woonvisie verwezen (paragraaf 2.3.2). Vindt de stedelijke ontwikkeling plaats binnen of buiten bestaand stedelijk gebied? Als de woningbouwontwikkeling voorziet in een behoefte en gepland is binnen bestaand stedelijk gebied, dan wordt voldaan aan de Ladder. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, en ook de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. In voorliggend geval is sprake van een 'stedelijke ontwikkeling' op een locatie die onderdeel uitmaakt van het 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, en ook de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. Er is daarmee sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met de Ladder voor duurzame verstedelijking.
2.2
Provinciaal beleid
2.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2.2.1.1
Algemeen Op 19 december 2018 is de omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland' vastgesteld. In deze visie beschrijft de provincie welke richting de provincie op wil op het gebied van energie, klimaat, water, voedsel en ook hoe de provincie de omgeving wil inrichten. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de provincie bij het uitvoeren van haar taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities geeft de provincie hier richting aan: energietransitie; klimaatadaptatie; circulaire economie; biodiversiteit; bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat; woon- en leefklimaat.
2.2.1.2
Woon- en leefklimaat Voor dit bestemmingsplan is de ambitie voor het woon- en leefklimaat van toepassing. De provincie streeft naar een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat steeds weet te anticiperen op ontwikkelingen. Zo worden de economische kracht en kwaliteit van leven in Gelderland versterkt, nu en in de toekomst. Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van
14 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan gezondheid. Goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen, een mooie natuur; het is allemaal van belang. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen. In de groeiende Gelderse steden komen veel activiteiten samen. Tegelijkertijd wordt geïnvesteerd in een vitaal platteland, juist als daar krimp plaatsvindt. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand stedelijk gebied het vertrekpunt. De provincie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen en gaat voor concentraties van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, kan worden uitgebreid aan de randen van de steden of dorpen. 2.2.1.3
Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland Met de voorgenomen ontwikkeling wordt in een duurzame toekomstfunctie voorzien voor de locatie Harderwijkerweg 35 in Laag-Soeren. Het is niet gelukt een opvolger voor de bestaande horeca voorziening te vinden. Leegstand van een beeldbepalende locatie in de kern Laag-Soeren ligt daardoor op de loer, wat niet bevordelijk is voor de ruimtelijke kwaliteit in de kern. Het voornemen de locatie te herontwikkelen past binnen de provinciale ambitie eerst bestaande bebouwing en bestaande bebouwde locaties te benutten (inbreiding). Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is.
2.2.2 Omgevingsverordening 2.2.2.1
Algemeen Met een ruimtelijke verordening stelt de provincie regels aan ruimtelijke plannen van gemeenten. De provincie richt zich hierbij op onderwerpen die van provinciaal belang zijn, zoals verstedelijking, natuur, nationale landschappen, water en glastuinbouw. Gemeenten krijgen op sommige terreinen meer beleidsvrijheid, terwijl ze op andere gebieden te maken krijgen met strikte provinciale richtlijnen. De regels in de verordening kunnen betrekking hebben op het hele provinciale grondgebied, delen of gebiedsgerichte thema's. Gemeenten moeten binnen een bepaalde termijn hun bestemmingsplan op deze regels afstemmen
2.2.2.2
Van toepassing zijnde artikelen In voorliggend geval zijn de artikelen 2.2 (instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda) en 2.56 (ontwikkeling in Nationaal landschap) van toepassing. Artikel 2.2 (instructieregel bestemmingsplan doorwerking regionale woonagenda) 1. Een bestemmingsplan maakt nieuwe woningen alleen mogelijk als die ontwikkeling past binnen een door Gedeputeerde Staten vastgestelde regionale woonagenda. 2. Als een ontwikkeling niet past binnen de vigerende regionale woonagenda, kan een bestemmingsplan vooruitlopend op de eerstvolgende actualisatie van de regionale woonagenda nieuwe woningen toch mogelijk maken onder de volgende voorwaarden: a. er wordt voldaan aan de eisen van de Ladder voor duurzame verstedelijking; b. de ontwikkeling past binnen het meest recente provinciale beleid; 15
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
c.
er heeft aantoonbaar regionale afstemming plaatsgevonden over deze ontwikkeling, en
d. Gedeputeerde Staten stemmen in met deze ontwikkeling. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.2 uit de Omgevingsverordening Voor Rheden is het Kwalitatief Woningbouw Programma 3 uitgewerkt in 'Wonen in Gelderland 2014, Stadsregio Arnhem Nijmegen' en later in de 'Subregionale Woonagenda Arnhem e.o. 2017-2027'. Deze regionale beleidsstukken vormen de basis voor de gemeentelijke woonvisie, die door de provincie is goedgekeurd. In paragraaf 2.3.2 wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de gemeentelijke woonvisie is. De voorgenomen ontwikkeling is daarmee ook in overeenstemming met artikel 2.2 uit de omgevingsverordening. Artikel 2.56 (ontwikkeling in Nationaal landschap) 1. Een bestemmingsplan voor gronden binnen een Nationaal landschap maar buiten de Groene ontwikkelingszone, het Gelders natuurnetwerk en de Nieuwe Hollandse Waterlinie, maakt ten opzichte van het op 17 oktober 2014 geldende bestemmingsplan alleen bestemmingen mogelijk die de kernkwaliteiten van een Nationaal Landschap, bedoeld in bijlage 6 Kernkwaliteiten Nationale Landschappen, niet aantasten. 2. In afwijking van het eerste lid zijn activiteiten die deze kernkwaliteiten aantasten alleen mogelijk als: a. er geen reële alternatieven zijn; b. er sprake is van redenen van groot openbaar belang; c.
compenserende maatregelen plaatsvinden ter waarborging van de kernkwaliteiten van de Nationale Landschappen zoals vastgelegd in bijlage 6.
Toetsing van het initiatief aan artikel 2.56 uit de Omgevingsverordening Het plangebied ligt in de overgang van besloten boslandschap naar halfopen dekzandlandschap. De kwaliteit van de locatie wordt gevormd door de beslotenheid van het perceel door de beplanting in de rand ten opzichte van de naastgelegen openheid. Die kwaliteit wordt niet aangetast door de ontwikkeling. De voorgenomen ontwikkeling is daarmee in overeenstemming met artikel 2.56 uit de Omgevingsverordening.
2.3
Gemeentelijk beleid
2.3.1 Structuurvisie Kleine Kernen 2.3.1.1
Algemeen De Structuurvisie Kleine Kernen is op 27 september 2016 door de gemeenteraad van Rheden vastgesteld. Het geeft richting aan de strategie, het beleid en de plannen voor De Steeg, Ellecom, Spankeren en Laag-Soeren. De visie beschrijft de gewenste ruimtelijke ontwikkeling op lange termijn en de daarvoor noodzakelijke maatregelen op korte termijn met als doel de leefbaarheid van de dorpen en hun omgeving in stand te houden en waar mogelijk te verbeteren.
16 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
2.3.1.2
Ambitie voor de kleine kernen De grote verscheidenheid aan kwaliteiten in De Steeg, Ellecom, Spankeren en Laag-Soeren is waardevol en wordt gekoesterd. Het doel is de kernkwaliteiten van de dorpen en hun buitengebieden minimaal te behouden en waar nodig te versterken. Hiervoor zijn, naast de specifieke ambities per kern, een aantal algemene ambities opgesteld. Hierna wordt kort op de voor dit bestemmingsplan relevante algemene ambities ingegaan. Vervolgens wordt op de specifieke ambities voor Laag-Soeren ingegaan.
2.3.1.3
Algemene ambities Inbreiding gaat boven uitbreiding. Bij het zoeken voor ruimte voor nieuwe functies wordt gezocht naar ruimte binnen de bestaande bebouwde ruimte in plaats uitbreiding van de bebouwde ruimte. Onderzoek naar de huidige en toekomstige woonbehoefte laat een grote vraag zien naar landelijke en dorpse woonmilieus. De kleine kernen zijn bij uitstek een plek om aan de behoefte naar landelijk wonen te voldoen. Het streven hierbij is een grotere differentiatie van de woningvoorraad te creëren
2.3.1.4
Laag-Soeren Laag-Soeren is in 2030 een aantrekkelijk en karakteristiek dorp. Bewoners genieten van de prettige, rustige en veilige woon- en leefomgeving en recreanten en toeristen bezoeken het dorp en zijn aantrekkelijke omgeving graag. Door bevolkingsontwikkelingen neemt de behoefte aan grotere dorpsuitbreidingen af. Na de realisatie van het Hof van Soeren zijn uitbreidingen van dergelijke omvang voorlopig niet meer aan de orde. Kleinschalige nieuwbouw, herontwikkeling van bestaande locaties en renovatie van de bestaande woningvoorraad moeten dan voorzien in de woningbehoefte van Laag-Soeren. Bij nieuwe woningbouwontwikkelingen staat de vraag naar landelijke woonmilieus centraal, evenals een grotere differentiatie van de woningvoorraad en invulling die recht doet aan de identiteit van Laag-Soeren. Inwoners geven aan dat er vooral behoefte is aan kleinere woningen, met name voor senioren. Bij nieuwe woningbouwinitiatieven is het voldoen aan deze behoefte nadrukkelijk het uitgangspunt.
2.3.1.5
Toetsing van het initiatief aan de Structuurvisie Kleine Kernen De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het realiseren van woningbouw binnen de kern Laag-Soeren. Het sluit aan bij de algemene ambities van inbreiding boven uitbreiding en de ambitie van het realiseren van locaties voor landelijk wonen. In Laag-Soeren is vooral behoefte aan kleinere woningen die geschikt zijn voor senioren. De voorgenomen ontwikkeling voorziet onder meer in het realiseren van appartementen en kleinere grondgebonden woningen en sluiten daarmee aan bij de behoefte. Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de Structuurvisie Kleine kernen is.
2.3.2 Samen wonen in Rheden - Woonvisie Gemeente Rheden 2020-2026 2.3.2.1
Algemeen Op 29 september 2020 heeft de raad de Woonvisie 2020-2026 vastgesteld. Deze visie laat een toekomstbeeld zien hoe inwoners kunnen wonen en leven in de gemeente Rheden en hoe dit bereikt wordt. De focus ligt op drie speerpunten: leefbare wijken voor alle inwoners; de bestaande woningvoorraad duurzaam en toekomstbestendig maken; het toevoegen van de juiste kwaliteit woningen. 17
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
In voorliggend geval zijn met name de speerpunten 'leefbare wijken voor alle inwoners' en 'het toevoegen van de juiste kwaliteit woningen' relevant. 2.3.2.2
Leefbare wijken voor alle inwoners De verschillen tussen sterke en kwetsbare wijken in Rheden wordt steeds groter. Waar nodig wordt daarom ingezet op het vergroten van de sociaal economische draagkracht in wijken door differentiatie en verduurzaming van de woningvoorraad te stimuleren en de leefbaarheid, veiligheid en sociale samenhang te stimuleren. Daarnaast vergrijst de gemeente Rheden. Er wordt daarom onder meer ingezet op het realiseren van voldoende levensloopgeschikte woningen, waarbij zowel op nieuwbouw als aanpassing van bestaande bouw wordt ingezet. Daarnaast is de wens jonge huishoudens te binden. Om het aanbod voor jongeren en gezinnen te vergroten, wordt met name ingezet op doorstroming van ouderen. Hiermee komen lange(re) verhuisketens op gang, waardoor er gezins- en starterswoningen vrijkomen.
2.3.2.3
Toevoegen van de juiste kwaliteit woningen De woningbouwopgave voor Rheden is om 550 woningen tot 2027 te realiseren. In de planninglijst zijn voldoende woningen opgenomen om aan dit aantal te voldoen. Er is echter nog ruimte voor nieuwe initiatieven, aangezien overcapaciteit doorgaans noodzakelijk is om het gewenste aantal woningen te realiseren. De grootste toevoeging van woningen is in het middensegment gewenst. De woningen die in Rheden worden toegevoegd moeten kwalitatief passend zijn. Hiervoor zijn zowel op regionale schaal als op gemeentelijke schaal kwaliteitscriteria opgesteld. Regionaal is onder meer bepaald dat woningbouwontwikkelingen moeten inspelen op behoefte, er aandacht moet zijn voor duurzaamheid en levensloopgeschiktheid en inbreiding voor uitbreiding gaat. Daarnaast moet alle nieuwbouw levensloopgeschikt zijn en moet het project passen in het woonprofiel per kern.
2.3.2.4
Woonprofiel Laag-Soeren Laag-Soeren is een kleinschalig dorp dat ‘Veluwe’ ademt. Het dorp kenmerkt zich hoofdzakelijk met lintbebouwing langs oude routes (zoals de Harderwijkerweg) en heeft enkele dorpse uitbreidingen. In totaal wonen er 800 mensen in Laag-Soeren in 350 woningen. Opvallend is het hoge percentage rijwoningen in de sociale huursector. Deze woningen worden verhuurd door woningcorporatie Veluwonen. In Laag-Soeren wordt met name ingezet op het toevoegen van levensloopgeschikte appartementen en levensloopgeschikte grondgebonden woningen in alle prijsklassen.
2.3.2.5
Toetsing van het initiatief aan de Woonvisie Gemeente Rheden De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan een grotere woningdifferentiatie in de kern Laag-Soeren. Er worden in totaal 18 woningen en appartementen gerealiseerd die zowel geschikt zijn voor starters als senioren en zijn daarmee levensloopgeschikt. Binnen de gemeente Rheden als geheel en de kern Laag-Soeren specifiek, is zowel kwalitatief als kwantitatief behoefte aan het realiseren van dergelijke woningen. Ten aanzien van duurzaamheid zullen de te realiseren woningen aan alle geldende eisen voldoen. Dit betekent onder meer dat de woningen energiezuinig opgeleverd worden en niet op het gasnet worden aangesloten.
18 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
2.3.3 Erfgoednota Verbindend Verleden 2.3.3.1
Algemeen De gemeenteraad van Rheden heeft op 30 mei 2017 de Erfgoednota Verbindend Verleden vastgesteld. Daarin is het erfgoedbeleid over de jaren 2012-2016 geëvalueerd en worden de plannen voor de periode 2017-2021 geformuleerd. De evaluatie is aanleiding om voort te gaan op de ingeslagen weg: met dezelfde visie maar met nieuwe plannen waarin zoveel mogelijk erfgoedwensen zijn verwerkt.
2.3.3.2
Visie In de visie is het cultuurhistorische erfgoed van cruciaal belang voor de ruimtelijke en sociale karakteristiek van de gemeente Rheden. Allereerst gaat het om het in goede staat doorgeven van cultuurhistorisch erfgoed aan volgende generaties. Daarnaast wil Rheden haar erfgoed inzetten als (hulp)motor om de economische, sociale en klimatologische doelen te bereiken en als verbindende schakel tussen gemeentebrede beleidsdoelstellingen. De visie is voor de verschillende delen van het erfgoed (landschap, archeologie, bouwkunst en de verhalen) uitgewerkt in de volgende thema's: behoud en ontwikkeling; kennis vermeerderen en delen; promotie en beleving.
2.3.3.3
Toetsing van het initiatief aan de Erfgoednota Verbindend Verleden Een deel van de kern Laag-Soeren en het buitengebied van Laag-Soeren maakt onderdeel uit van een beschermd dorpsgezicht. Voorliggend plangebied maakt geen deel uit van het beschermde dorpsgezicht. In het plangebied zijn daarnaast geen gemeentelijke of rijksmonumenten aanwezig. Rondom het plangebied bevinden zich wel enkele gemeentelijke monumenten aanwezig. Het gaat om de woonhuizen aan de Harderwijkerweg 31-33 ten zuidoosten van het plangebied en de Nederlands Hervormde Kerk ten noorden van het plangebied. De voorgenomen ontwikkeling tast deze monumenten niet aan. Om het bestaande waardevolle stedenbouwkundige karakter van de Harderwijkerweg en de Professor Huetlaan te behouden zijn de in het huidige bestemmingsplan opgenomen gebiedsaanduidingen 'overige zone - stedenbouwkunndig waardevol 1' en 'overige zone - stedenbouwkundig waardevol 2' volledig overgenomen. Gelet op het vorenstaande is de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de Erfgoednota Verbindend Verleden.
19 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
20 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Beschrijving van het plan
3.1
Beschrijving huidige situatie Het dorp Laag-Soeren Laag-Soeren ligt in het noordoosten van de gemeente Rheden. Het dorp is gesitueerd tussen een aantal lager gelegen beken in het zuiden en grotere boscomplexen in het noorden. Het dorp Laag-Soeren was lang een bescheiden nederzetting van verspreid gelegen boerderijen en arbeiderswoningen te midden van akkers en weilanden. Ten oosten en noorden daarvan lag het Soerensche veld. Voor de verdere ontwikkeling van het dorp waren de achttiende en negentiende-eeuwse ontginningen van belang. Vooral de aanleg van een sprengenstelsel waarmee de opkomst en ontwikkeling van de papierindustrie, de korenwatermolen, de wasserij en het kuuroord verbonden waren, was van groot belang. De huidige dorpskern bestaat uit een concentratie van hoofdzakelijk negentiende- en twintigste-eeuwse gebouwen langs de Harderwijkerweg en langs de Jut van Breukelerwaardlaan. De Harderwijkerweg is een oude handelsweg die van Doesburg parallel aan de stuwwal loopt naar Harderwijk. Stedenbouwkundige karakteristiek De stedenbouwkundige karakteristiek van het dorp Laag-Soeren is vrij eenvoudig van opzet. De Harderwijkerweg vormt de ruggengraat van het dorp waaraan de eerste lintbebouwing ontstond. In een later stadium spreidde deze bebouwingsvorm zich uit langs aangrenzende wegen en paden.
Pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw vond de eerste (voor Soerense begrippen) grootschalige dorpsuitbreiding plaats. Deze uitbreiding in het noorden van het dorp bestaat hoofdzakelijk uit woonbebouwing geconcentreerd rond een open groene (speel)ruimte. De hoofdfunctie van de dorpsbebouwing is voornamelijk een woonfunctie met (met name langs de Harderwijkerweg) enkele bedrijfsmatige- en maatschappelijke instellingen. De omgeving van het dorp heeft een overwegend agrarisch karakter of betreft bosgebied. Karakteristiek voor de opzet van het dorp Laag-Soeren is de landschappelijke inpassing van het dorp op de overgang van het beboste Veluwelandschap naar een meer open landschapsvorm ten oosten van het dorp. Door de schaal van het dorp is het omliggende landschap vrijwel overal in het dorp waarneembaar. Plangebied Het plangebied bestaat uit de huidige locatie van De Harmonie en achterliggende tuin aan de Harderwijkerweg 35 in Laag-Soeren. Aan de noordzijde wordt het plangebied door de Professor Huetlaan begrensd. Ten oosten bevinden zich de Harderwijkerweg en woonpercelen. Ten zuiden wordt het plangebied door een zorgvoorziening begrensd. Aan de westzijde bevinden zich agrarische cultuurgronden en woonpercelen. Het plangebied heeft een omvang van circa 7.940 m2. 21
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Het noordelijke deel van het plangebied is bebouwd en bestaat uit het oorspronkelijke gebouw 'De Harmonie' met enkele aan- en uitbouwen met erfverharding daaromheen. Het plangebied wordt tweezijdig ontsloten. Aan de noordzijde op de Professor Huetlaan en aan de Oostzijde op de Harderwijkerweg. Het zuidelijk deel van het plangebied is onbebouwd en ingericht als tuin/ gazon. In afbeelding 3.1 is een luchtfoto van de huidige situatie weergegeven. Afbeelding 3.2 bevat twee straatbeelden. In afbeelding 3.3 zijn foto's van de achterliggende tuin opgenomen.
Afbeelding 3.1: Luchtfoto huidige situatie plangebied (Bron: SACON)
22 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Afbeelding 3.2: Straatbeelden huidige situatie (Bron: SACON)
Afbeelding 3.3: Foto's huidige tuin/gazon (Bron: SACON)
23 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
3.2
Gewenste situatie De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het herontwikkelen van De Harmonie en bijbehorende tuin naar een woningbouwlocatie. Het oorspronkelijke gebouw De Harmonie zal hierbij behouden blijven. De aanbouwen en bijgebouwen worden gesloopt. Het voornemen voorziet in het realiseren van in totaal 18 woningen. In het te behouden deel van De Harmonie is een vrijstaande woning voorzien. Achter De Harmonie is een appartementengebouw voorzien met zes driekamer appartementen. Bij het appartementengebouw wordt een bijgebouw gerealiseerd met bergingen en een collectieve fietsenstalling. Naast De Harmonie wordt een vrijstaande woning aan de Harderwijkerweg gerealiseerd In de bestaande tuin is het voornemen tien levensloopbestendige woningen te realiseren. Het gaat om twee rijen van vijf woningen. Het plangebied wordt verder ingericht met groenvoorzieningen en tuinen, een ontsluitingsweg en parkeervoorzieningen. Het plangbebied wordt door middel van één in- en uitrit op de Professor Huetlaan voor auto's ontsloten. Voor voetgangers en fietsers is het terrein daarnaast via de Harderwijkerweg bereikbaar. In afbeelding 3.4 is de gewenste opzet van het plangebied weergegeven.
24 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Afbeelding 3.4: Gewenste opzet plangebied (Bron: Verhoef & Faber Engineers & Advisors)
3.3
Het stedenbouwkundig plan Het plangebied ligt in de oksel van de Harderwijkerweg en de Professor Huetlaan. Het is daarom belangrijk dat het nieuwe woongebied zich op een goede manier hecht aan de huidige hoofd(wegen)structuur en geen 'tweederangs' positie krijgt door de enigszins achteraf gelegen ligging. Vanaf de Professor Huetlaan is er zicht tot diep in het plangebied. Hiermee wordt voorkomen dat het plangebied een achteraf-ligging krijgt. De hechting van het woongebied aan de Professor Huetlaan wordt versterkt door de woningen op de inen uitrit te oriënteren. De bestaande, groene uitstraling van het plangebied heeft bijzondere aandacht gekregen. In de planopzet is zoveel mogelijk rekening gehouden met het inpassen van bestaande (waardevolle) bomen. Voor een optimaal groen en (semi-)openbaar karakter zin bovendien gebouwen in de hoek Professor Huetlaan – Harderwijkerweg in een collectieve tuin gesitueerd met een overwegend open karakter. Het plangebied dient als overgangsgebied naar het open landschap. Deze kwaliteit komt tot 25
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
uitdrukking in de groene omranding van het perceel, zoals deze nu ook aanwezig is. Deze omranding blijft behouden. Met uitzondering van een vrijstaande woning die volledig op de Harderwijkerweg is georiënteerd, zijn parkeermogelijkheden voor het resterende woonprogramma gerealiseerd in een tweetal parkeerkoffers met in totaal 26 parkeerplaatsen in openbaar gebied. Daarnaast hebben de twee hoekwoningen in het zuidelijke deel een parkeerplaats op eigen terrein. Het appartementengebouw is in een gezamenlijke tuin gesitueerd. Het appartementengebouw bestaat uit twee bouwlagen met een flauwe kap. De voorgevel van het appartementengebouw ligt aan de zijde van de gemeenschappelijke tuin. De woning in De Harmonie krijgt een eigen tuin. De vrijstaande woning wordt in de voorgevelrooilijn van de naastgelegen woningen aan de Harderwijkerweg gesitueerd. De vormgeving van de deze woning is 'vrij, maar passend in het dorpse lint'. De vrijstaande woning heeft eveneens op eigen terrein ruimte voor parkeren. In de bestaande tuin worden tien levensloopbestendige rijwoningen in twee blokken van vijf woningen gerealiseerd. Door deze opzet kunnen zoveel mogelijk bestaande bomen behouden blijven als onderdeel van het 'openbare groen'.
Hierbij wordt gestreefd naar een beeld van bomen in gras, waarbij zicht op het omliggende landschap mogelijk blijft en waarbij samenhang met het naastgelegen zorg-terrein wordt bereikt. De woningen krijgen een kap in het verlengde van de inrit en bestaan uit één bouwlaag met kap. Een groot deel van het plangebied krijgt een semi-openbaar karakter en bestaat overwegend uit gras en bomen. Hierdoor krijgt het groen bij aanvang al een volwassen uitstraling en verleent het extra cachet aan het nieuwe woongebied. Het gebruik van uniforme (liguster) hagen op de erfscheidingen zorgt bovendien voor een heel eigen en herkenbare identiteit van “Plan De Harmonie”.
26 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 Haalbaarheid
Wanneer een bestemmingsplan wordt vervaardigd, dient dit plan binnen de planperiode uitvoerbaar te zijn. De uitvoerbaarheid wordt mede onderzocht door het te toetsen aan regelgeving, beleid van de gemeente en van andere overheden en uitkomsten van onderzoeken.
4.1
Geluid
4.1.1 Algemeen De Wet geluidhinder (Wgh) bevat geluidnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai en industrielawaai. De Wgh geeft aan dat een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd bij het voorbereiden van de vaststelling van een bestemmingsplan of het nemen van een omgevingsvergunning indien het plan een geluidgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidszone van een bestaande geluidsbron of indien het plan een nieuwe geluidsbron mogelijk maakt. Het akoestisch onderzoek moet uitwijzen of de wettelijke voorkeurswaarde bij geluidgevoelige objecten wordt overschreden en zo ja, welke maatregelen nodig zijn om aan de voorkeurswaarde te voldoen. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het realiseren van in totaal achttien woningen. Woningen worden in de Wgh aangemerkt als geluidgevoelige objecten.
4.1.2 Situatie plangebied 4.1.2.1
Wegverkeerslawaai In artikel 74 van de Wgh is aangegeven dat wegen aan weerszijden van de weg een wettelijke geluidszone hebben waarvan de grootte afhankelijk is van het aantal rijstroken en van de ligging van het plangebied (binnenstedelijk gebied of buitenstedelijk gebied). De te realiseren woningen liggen binnen de wettelijke geluidszone van de Harderwijkerweg. Daarnaast ligt het plangebied nabij de Professor Huetlaan. Er is dan ook een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Het onderzoek is als Bijlage 1 bij deze toelichting gevoegd. In de komende alinea worden de belangrijkste conclusies uiteengezet. De geluidsbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai van de Harderwijkerweg bedraagt hoogstens 58 dB. Hiermee wordt niet aan de aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Bron- en overdrachtsmaatregelen kunnen rekenen op bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard of zijn niet mogelijk. Er wordt eveneens voldaan aan de aanvullende voorwaarden uit het geluidbeleid van de gemeente Rheden voor het toekennen van een hogere waarde, aangezien de woningen bestaande bebouwing vervangen en een open plek tussen bebouwing opvullen. Er dient dan ook een hogere waarde van 58 dB ten aanzien van de Harderwijkerweg te worden vastgesteld. De gecumuleerde geluidsbelasting bedraagt hoogstens 63 dB.
Met het nemen van gevelmaatregelen met een geluidwering van maximaal 30 dB kan een binnenniveau van 33 dB worden gerealiseerd. Er is daarmee sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren 27
Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
woningen wat betreft het aspect wegverkeerslawaai. 4.1.2.2
Railverkeerslawaai Railverkeerslawaai wordt in dit geval buiten beschouwing gelaten omdat de dichtstbijzijnde spoorlijn op ruime afstand van het plangebied is gelegen.
4.1.2.3
Industrielawaai In de omgeving van het plangebied is geen gezoneerd bedrijventerrein, als bedoeld in de Wgh, aanwezig. Het uitvoeren van een akoestisch onderzoek industrielawaai is daarom niet noodzakelijk. Wat betreft de invloed van individuele bedrijvigheid op het plangebied wordt verwezen naar paragraaf 4.3.
4.1.3 Conclusie Met het verkrijgen van een hogere waarde voor wegverkeerlawaai, vormt de Wet geluidhinder geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.2
Bodem
4.2.1 Algemeen Bij de vaststelling van een bestemmingsplan dient te worden bepaald of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstige gebruik van die bodem en of deze aspecten optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Om hierin inzicht te krijgen, dient doorgaans een bodemonderzoek te worden verricht.
4.2.2 Situatie plangebied 4.2.2.1
Algemeen In voorliggend geval is door Tauw in 2020 een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd. Het onderzoeksrapport is als Bijlage 2 bijgevoegd. In de volgende alinea worden de belangrijkste conclusies uiteengezet.
4.2.2.2
Onderzoeksresultaten De locatie is met betrekking tot de voorgenomen ontwikkeling voldoende onderzocht. In de grond en in het grondwater zijn lichte verontreinigingen (boven de achtergrondwaarde en boven de streefwaarde) aangetoond welke geen belemmering vormen voor de voorgenomen herontwikkeling. Uitzondering hierop is de interventiewaarde overschrijding aan zink dat in een vorig onderzoek is aangetoond. De zinkverontreiniging is tijdens vorig onderzoek voldoende in beeld gebracht en daarom in dit onderzoek niet geactualiseerd. Indien grondroerende werkzaamheden zijn voorzien ter plaatse van de zinkverontreiniging wordt geadviseerd om de grond te ontgraven en af te voeren naar een erkende verwerker. Daarnaast wordt geadviseerd om een verkort plan van aanpak op te laten stellen hoe om te gaan met verontreinigde grond. De puinverharding ter plaatse van het café terrein is voldoende onderzocht op de verdenking van asbest. Uit de resultaten blijkt dat geen asbest is gemeten en om deze reden de normen voor nader onderzoek niet worden overschreden. Opgemerkt wordt dat de onderzijde van de puinverharding aan de oostzijde niet overal is bereikt (tweemaal gestaakt op circa 0,2 m -mv). De samenstelling en kwaliteit onder de puinverharding zijn niet vastgesteld. Dit is een aandachtspunt indien grondroerende werkzaamheden voorzien zijn onder de puinverharding.
Uit eerder onderzoek (nader onderzoek van 30 maart 2006 door Ecoconsultancy) blijkt dat in de zuidwestelijke hoek van het voormalige caféterrein sprake is van een kleine sterke verontreiniging met zink op een diepte van 0,65-1,1 m beneden maaiveld. Deze
28 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
zinkverontreiniging is reeds voldoende onderzocht, waardoor dit in het door Tauw uitgevoerde onderzoek niet opnieuw is onderzocht.
4.2.3 Conclusie Op basis van het vorenstaande wordt geconcludeerd dat het aspect bodem geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het voorliggend bestemmingsplan vormt.
4.3
Milieuzonering
4.3.1 Algemeen Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen en recreëren anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Die onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: 1. het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; 2. het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen. Voor het bepalen van de aan te houden afstanden wordt de VNG-uitgave “Bedrijven en Milieuzonering” uit 2009 gehanteerd. Deze uitgave bevat een lijst, waarin voor een hele reeks van milieubelastende activiteiten (naar SBI-code gerangschikt) richtafstanden zijn gegeven ten opzichte van milieugevoelige functies. De lijst geeft richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar.
De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke richtafstand. De richtafstandenlijst gaat uit van gemiddeld moderne bedrijven. Indien bekend is welke activiteiten concreet zullen worden uitgeoefend, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting, in plaats van de richtafstanden. De afstanden worden gemeten tussen enerzijds de grens van de bestemming die de milieubelastende functie(s) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een milieugevoelige functie die op grond van het bestemmingsplan of wijzigingsplan mogelijk is. Hoewel deze richtafstanden indicatief zijn, volgt uit jurisprudentie dat deze afstanden als harde eis gezien worden door de Raad van State bij de beoordeling of woningen op een passende afstand van bedrijven worden gesitueerd.
29 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
4.3.2 Gebiedstypen Afstemming van bestaande en nieuwe functies gebeurt door het aanhouden van zogenaamde richtafstanden. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de VNG-uitgave 'Bedrijven en Milieuzonering'. Bij deze richtafstanden wordt rekening gehouden met de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar zoals gesteld in de 'Staat van bedrijfsactiviteiten'. Hierbij wordt uitgegaan van het principe van functiescheiding, waarbij twee gebiedstypen te onderscheiden zijn, namelijk: 'rustige woonwijk' en 'gemengd gebied'. Het plangebied is gelegen in een gebied dat wordt gekenmerkt als gebied met functiemenging, door de aanwezigheid van maatschappelijke voorzieningen en sportvoorzieningen in de omgeving en de ligging aan de drukke weg de Harderwijkerweg. Door deze functiemenging is het plangebied aan te merken als omgevingstype 'gemengd gebied'. Voor gebieden waar in enige vorm sprake is van functiemenging, of in gebieden waar bewust functiemenging wordt nagestreefd (bijvoorbeeld om een grotere levendigheid tot stand te brengen), kunnen de gebieden worden aangemerkt als 'functiemengingsgebied'. Bij 'functiemengingsgebieden' moet gedacht worden aan: stadscentra, dorpskernen en winkelcentra; horecaconcentratiegebieden; zones met functiemenging langs stedelijke toegangswegen en in lintbebouwingen; (delen van) woongebieden met kleinschalige c.q. ambachtelijke bedrijvigheid.
De richtafstanden uit het omgevingstype rustige woonwijk kunnen, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat, met één afstandsmaat worden verlaagd indien sprake is van gemengd gebied. Daarbij wordt in de VNG-uitgave 'Bedrijven en milieuzonering' opgemerkt dat het vanuit het oogpunt van efficiënt ruimtegebruik de voorkeur verdient functiescheiding niet verder door te voeren dan met het oog op een goed woon- en leefklimaat noodzakelijk is. Het plangebied is, gezien de menging van functies, aan te merken als een 'gemengd gebied'. Milieucategorie Richtafstanden tot omgevingstype
Richtafstanden tot omgevingstype
rustige woonwijk
gemengd gebied
1
10 m
0m
2
30 m
10 m
3.1
50 m
30 m
3.2
100 m
50 m
4.1
200 m
100 m
4.2
300 m
200 m
5.1
500 m
300 m
5.2
700 m
500 m
5.3
1.000 m
700 m
6
1.500 m
1.000 m
4.3.3 Situatie plangebied 4.3.3.1
Algemeen Zoals reeds hiervoor genoemd wordt, dient bij het realiseren van nieuwe bestemmingen gekeken te worden naar de omgeving waarin de nieuwe bestemmingen gerealiseerd worden. Hierbij spelen twee vragen een rol:
30 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
1. past de nieuwe functie in de omgeving? (externe werking); 2. laat de omgeving de nieuwe functie toe? (interne werking). 4.3.3.2
Externe werking Hierbij gaat het met name om de vraag of de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling leidt tot een situatie die, vanuit hinder of gevaar bezien, in strijd is te achten met een goede ruimtelijke ordening. Daarvan is sprake als het woon- en leefklimaat van omwonenden in ernstige mate wordt aangetast. Voorliggend plan voorziet in het realiseren van tien woningen. De functie 'wonen' betreft geen milieubelastende activiteit voor de omgeving. Van enige vorm van aantasting van het woon- en leefklimaat van omwonenden door toevoeging van deze functie, is dan ook geen sprake.
4.3.3.3
Interne werking Hierbij gaat het om de vraag of de nieuwe functies binnen het plangebied hinder ondervinden van bestaande functies in de omgeving. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het realiseren van 18 woningen. Woningen worden aangemerkt als milieugevoelige functies. Rondom het plangebied bevind zich een woonzorgvoorziening en een tuincentrum. Een woonzorgvoorziening is op basis van de VNG-brochure te vergelijken met de categorie 'verpleeghuizen', waarvoor milieucategorie 2 geld geldt. Voor een dergelijke functie geldt een grootste richtafstand van 10 meter voor het aspect geluid, uitgaande van het omgevingstype 'gemengd gebied'. De dichtstbijzijnde woning ligt op circa 15 meter van de woonzorgvoorziening. Er wordt dan ook aan de richtafstand voldaan. Een tuincentrum is op basis van de VNG-brochure te vergelijken met de categorie 'Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten', waarvoor milieucategorie 2 geldt. Voor een dergelijke functie geldt een grootste richtafstand van 10 meter voor de aspect geluid en gevaar, uitgaande van het omgevingstype 'gemengd gebied'. De dichtstbijzijnde woning ligt op circa 120 meter van het tuincentrum. Er wordt dan ook aan de richtafstand voldaan. Ten aanzien van mogelijke spuitzones is een aparte notitie opgesteld. Deze is als Bijlage 5 bijgevoegd. Uit de notitie volgt dat spuitzones geen belemmering vormen.
De omliggende functies vormen geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Omgekeerd worden omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden belemmerd.
4.3.4 Conclusie Het aspect milieuzonering vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit plan.
4.4
Luchtkwaliteit
4.4.1 Beoordelingskader Om een goede luchtkwaliteit in Europa te garanderen heeft de Europese Unie een viertal kaderrichtlijnen opgesteld. De hiervan afgeleide Nederlandse wetgeving is vastgelegd in hoofdstuk 5, titel 2 van de Wet milieubeheer. Deze wetgeving staat ook bekend als de Wet luchtkwaliteit. In de Wet luchtkwaliteit staan onder andere de grenswaarden voor de verschillende luchtverontreinigende stoffen. Onderdeel van de Wet luchtkwaliteit zijn de volgende Besluiten en Regelingen: 31 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
Besluit en de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen); Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen). 4.4.1.1
Besluit en de Regeling niet in betekenende mate bijdragen Het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (NIBM) staat bouwprojecten toe wanneer de bijdrage aan de luchtkwaliteit van het desbetreffende project niet in betekenende mate is. Het begrip “niet in betekenende mate” is gedefinieerd als 3% van de grenswaarden uit de Wet milieubeheer. Het gaat hierbij uitsluitend om stikstofdioxide (NO 2) en fijn stof (PM10). Toetsing aan andere luchtverontreinigende stoffen uit de Wet luchtkwaliteit vindt niet plaats. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Enkele voorbeelden zijn: woningen: 1.500 met een enkele ontsluitingsweg; woningen: 3.000 met twee ontsluitingswegen; kantoren: 100.000 m bruto vloeroppervlak met een enkele ontsluitingsweg. Als een ruimtelijke ontwikkeling niet genoemd staat in de Regeling NIBM kan deze nog steeds niet in betekenende mate bijdragen. De bijdrage aan NO 2 en PM10 moet dan minder zijn dan 3% van de grenswaarden. Dit komt overeen met 1,2 microgram/m3 voor NO 2 en PM10.
4.4.1.2
Besluit gevoelige bestemmingen Dit besluit is opgesteld om mensen die extra gevoelig zijn voor een matige luchtkwaliteit aanvullend te beschermen. Deze 'gevoelige bestemmingen' zijn scholen, kinderdagverblijven en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen. Woningen en ziekenhuizen/klinieken zijn geen gevoelige bestemmingen. De grootste bron van luchtverontreiniging in Nederland is het wegverkeer. Het Besluit legt aan weerszijden van rijkswegen en provinciale wegen zones vast. Bij rijkswegen is deze zone 300 meter, bij provinciale wegen 50 meter. Bij realisatie van 'gevoelige bestemmingen' binnen deze zones is toetsing aan de grenswaarden die genoemd zijn in de Wet luchtkwaliteit nodig.
4.4.2 Situatie plangebied Gelet op de aard en omvang van dit project, in verhouding tot categorieën van gevallen zoals beschreven in paragraaf 4.4.1.1 kan worden gesteld dat voorliggend plan 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging. Tot slot wordt geconcludeerd dat de functies die in dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt niet worden aangemerkt als een gevoelige bestemming in het kader van het 'Besluit gevoelige bestemmingen'.
4.4.3 Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor voorliggend initiatief.
32 Laag-Soeren, locatie Harderwijkerweg 35 (locatie De Harmonie). (vastgesteld)
4.5
Externe veiligheid
4.5.1 Inleiding Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het beperken en beheersen van risico's voor de omgeving vanwege handelingen met gevaarlijke stoffen. De handelingen kunnen zowel betrekking hebben op het gebruik, de opslag en de productie, als op het transport van gevaarlijke stoffen. Uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) vloeit de verplichting voort om in ruimtelijke plannen in te gaan op de veiligheidsrisico's in het plangebied ten gevolge van handelingen met gevaarlijke stoffen. Deze externe veiligheidsrisico's dienen te worden beoordeeld voor twee risiconormen, te weten het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Voor beide risiconormen geldt dat hoe groter de afstand tussen planontwikkeling en risicobron, des te kleiner zal de impact van het plan zijn op de hoogte van het risico.
4.5.2 Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico heeft tot doel om hetzelfde minimale beschermingsniveau te bieden voor iedere burger in Nederland. Het plaatsgebonden risico beschrijft de kans per jaar dat een onbeschermd individu komt te overlijden door een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in risicocontouren rondom de risicobron (bedrijf, weg, spoorlijn etc.), waarbij de 10 -6 contour (kans van 1 op 1 miljoen op overlijden) de maatgevende grenswaarde is.
4.5.3 Groepsrisico Het groepsrisico is een afwegingsinstrument dat tot doel heeft een bewuste afweging te stimuleren over het risico op een ongeval met een groot aantal slachtoffers. Het groepsrisico beschrijft de kans dat een groep van 10 of meer personen gelijktijdig komt te overlijden ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het groepsrisico geeft een indicatie van de maatschappelijke ontwrichting in geval van een ramp. Het groepsrisico wordt uitgedrukt in een grafiek, waarin de kans op overlijden van een bepaalde groep (bijvoorbeeld 10, 100 of 1000 personen) wordt afgezet tegen de kans daarop. Voor het groepsrisico geldt de oriëntatiewaarde als ijkpunt in de verantwoording (géén norm). Voor elke verandering van het groepsrisico (af- of toename) in het invloedsgebied moet verantwoording worden afgelegd, over de wijze waarop de toelaatbaarheid van deze verandering in de besluitvorming is betrokken. Samen met de hoogte van groepsrisico moeten andere kwalitatieve aspecten worden meegewogen in de beoordeling van het groepsrisico. Onder deze aspecten vallen zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Onderdeel van deze verantwoording is overleg met (advies vragen aan) de veiligheidsregio.