Beleidsplan Openbare Verlichting 2021-2030 (21.03)
Tekst van het document
Colofon Beleidsplan OVL Periode 2021-2030 Openbare Verlichting Gemeente Rheden
Projectnummer: Versie: Datum:
RHD-19-01 V2.9 11 december 2020
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ..................................................................................................................................1 Leeswijzer ..........................................................................................................................................2 1
Inleiding.....................................................................................................................................3 1.1 Waarom verlichting in de buitenruimte?............................................................................3 1.2 Missie en visie openbare verlichting...................................................................................5
2
Huidige situatie .........................................................................................................................6 2.1 Oude beleid.........................................................................................................................6 2.2 Areaaloverzicht ...................................................................................................................7 2.3 Vervangingsinvestering.......................................................................................................8 2.4 Energieverbruik, Energieakkoord en Klimaatakkoord ........................................................9
3
Financiën .................................................................................................................................10 3.1 Wat zijn de kosten van OVL? ............................................................................................10 3.2 Begrotingsoverzicht ..........................................................................................................12
4
Beleidskeuze ...........................................................................................................................13 4.1 Veiligheid ..........................................................................................................................13 4.2 Wettelijke kaders..............................................................................................................14 4.3 Duurzaamheid...................................................................................................................16 4.4 Natuur en verlichting ........................................................................................................21 4.5 Esthetiek en materialen ....................................................................................................22 4.6 (Kosten)efficiënt ...............................................................................................................26 4.7 Innovatie ...........................................................................................................................28
5
Scenario ..................................................................................................................................32 5.1 Uitgangspunten ................................................................................................................32 5.2 Volledig verledden in periode tot 2030 ............................................................................33
Index................................................................................................................................................36
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
1
Leeswijzer In dit beleidsplan openbare verlichting wordt het beleid op het gebied van openbare verlichting (OVL) in de gemeente Rheden voor de periode 2021 tot en met 2030 beschreven. In dit beleidsplan komen alle relevante onderwerpen aan de orde die van invloed zijn op het beleid, beheer en onderhoud van OVL. Het proces om te komen tot dit plan is gestart met een eerste interactieve workshop “Visie op openbare verlichting”. In deze workshop hebben vertegenwoordigers van diverse gemeentelijke beleidsterreinen (Verkeer, Duurzaamheid, Veiligheid, Financiën, Groen) hun input gegeven. Dit beleidsplan bestaat uit vijf delen en geeft antwoord op de volgende vragen:
Deel 1: Inleiding In deel één wordt het doel en de doelstellingen (missie en visie) van de OVL in de gemeente Rheden beschreven.
Deel 2: Huidige situatie Het tweede deel beschrijft wat er is gerealiseerd in de afgelopen beleidsperiode. De huidige situatie wordt in kwantiteit en kwaliteit met aandachtspunten beschreven.
Deel 3: Financiën Dit deel beschrijft de huidige kosten van de openbare verlichting. Er wordt inzicht gegeven in de gerealiseerde kosten en de te verwachten kosten. Ook wordt een kostenvergelijking gemaakt op basis van kengetallen.
Deel 4: Beleidskeuze Deel vier geeft een beschrijving van de beleidskeuzes die de gemeente kan maken en de ambities die de gemeente heeft op het gebied van veiligheid, duurzaamheid, esthetiek en het (kosten)efficiënt in stand houden van de installatie. Tevens worden innovaties die gekoppeld zijn aan openbare verlichting en de keuzes die de gemeente daarin nu maakt, beschreven.
Deel 5: Scenario In deel vijf is een scenariokeuze uitgewerkt. Aan de hand van nieuwe (technische) ontwikkelingen en wensen is een scenario samengesteld. De gevolgen voor de financiën en kwaliteit van deze keuze worden inzichtelijk gemaakt.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
2
1
Inleiding
1.1
Waarom verlichting in de buitenruimte? Verlichting helpt het menselijk oog om de omgeving waar te nemen. Openbare verlichting moet zaken bij donkerte zichtbaar maken die voor een veilig en doelmatig gebruik van de openbare ruimte van belang zijn. Het doel van openbare verlichting is om optimaal bij te dragen aan de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de leefbaarheid van de openbare ruimte. Belangrijke randvoorwaarden daarbij zijn: doelmatig en efficiënt beheer, een zo laag mogelijk energieverbruik, het toepassen van duurzame oplossingen en borging van een veilige en goed functionerende installatie. Dit alles tegen verantwoorde kosten. De gemeente is als eigenaar verantwoordelijk voor de verlichting van de openbare ruimten die in eigendom en in beheer zijn van de gemeente. Hierin is een hoofdtaak weggelegd. De gemeente kan in het kader van het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk gesteld worden voor het niet naar behoren functioneren van de openbare verlichting. De openbare verlichting moet voldoen aan de wettelijke kaders die daarvoor zijn gesteld. Relevant zijn de Elektriciteitswet, de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet), Installatieverantwoordelijkheid, regelgeving met betrekking tot werken in vervuilde grond en Europese regelgeving aangaande te gebruiken producten.
Aanvullend op de wettelijke kaders zijn er nog richtlijnen en aanbevelingen die het merendeel van de gemeenten als uitgangspunt voor hun (OVL)-beleid hanteren, zoals het politiekeurmerk en richtlijnen voor donkertebescherming en lichtvervuiling. Nationaal zijn er afspraken gemaakt met betrekking tot energiebesparingsdoelstellingen die voornamelijk gevolgen hebben op het terugdringen van het energieverbruik van de OVL. In hoofdstuk 4 wordt verder ingegaan op wet- en regelgeving, richtlijn, aanbevelingen en het politiekeurmerk. Armatuur
Openbare verlichting is het geheel aan masten, armaturen, lampen en kabels om openbaar toegankelijk gebied te verlichten. De gemeente is eigenaar van het bovengrondse gedeelte van de OVL. De netbeheerder (in de gemeente Rheden: Liander) is eigenaar van het ondergrondse gedeelte. Tot het ondergrondse gedeelte behoren de (ondergrondse) kabels, de aansluiting en de systemen om verlichting in- en uit te schakelen. In de figuur hiernaast is de samenhang tussen de onderdelen van een lichtobject weergegeven.
Lichtbron Een lichtobject bestaat uit vier hoofdonderdelen: Kabel: zorgt voor de aanvoer van elektriciteit Mast: het dragende deel van het lichtobject Armatuur: de behuizing van de lichtbron Lichtbron: de unit die licht uitzendt
Mast
Kabel
Figuur 1 Samenhang onderdelen lichtobject
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
3
Verkeersveiligheid Goede openbare verlichting stelt weggebruikers in staat situaties waar te nemen, waarbij medeweggebruikers, obstakels, oneffenheden van het wegdek en het verloop van de weg goed kunnen worden waargenomen. Hierbij is gelijkmatigheid van de verlichting erg belangrijk. Gelijkmatigheid betekent de mate waarin het licht egaal verspreid wordt over een weg of een plein. Als deze sterk varieert, beïnvloedt dit het waarnemingsvermogen van de weggebruiker negatief. Naast gelijkmatigheid is het niveau van de verlichting een belangrijke variabele. Het verlichtingsniveau wordt aangepast aan de wegcategorie en de verkeerssituatie. Drukke doorgaande wegen in bebouwde gebieden verlangen een hoger verlichtingsniveau dan wegen die minder vaak gebruikt worden. Daarnaast wordt het verlichtingsniveau vaak verhoogd bij conflictgebieden, denk aan kruispunten of voetgangersoversteekplaatsen. Goede verlichting kan een onoverzichtelijke situatie veiliger maken.
Sociale veiligheid Het gevoel van veiligheid ontstaat met name als de openbare ruimte als overzichtelijk wordt ervaren. Dit houdt onder meer in dat men voetgangers op voldoende afstand kan herkennen en men hun intenties kan inschatten. Deze overzichtelijkheid ontbreekt als het zicht niet vrij is. Denk aan pilaren in een tunnel of donkere struiken. Als er veel donkere plekken in een verder verlicht oppervlak zijn, wordt dit als onveilig ervaren. Naast verlichtingssterkte speelt ook hier gelijkmatigheid van het licht een belangrijke rol.
Leefbaarheid Leefbaarheid heeft betrekking op herkenbaarheid, sfeer en/of het benadrukken van het bijzondere karakter van de openbare ruimte. Leefbaarheid wordt bevorderd als gebruikers van de ruimte zich prettig voelen en de behoefte ervaren om in de ruimte te zijn. Het bijzondere karakter van de openbare ruimte kan zowel in donkere als in lichte momenten met behulp van de openbare verlichtingsmaterialen tot uitdrukking worden gebracht. Denk aan het plaatsen van klassieke masten in een historische omgeving of aan plaatsing van modern vormgegeven verlichting op een recent ontwikkeld plein. Functionele verlichting beïnvloedt de leefbaarheid. Zij doet dit negatief als de installatie niet functioneert (niet brandend, scheef en/of beschadigd) en positief als het onderhoud wel netjes wordt bijgehouden. Openbare verlichting kan sfeer verhogend werken door middel van een weloverwogen lichtkleur. Tot slot kan het aanlichten van gebouwen en het gebruik van bijzondere verlichting de kwaliteit en de leefbaarheid van de openbare ruimte verbeteren.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
4
1.2
Missie en visie openbare verlichting Missie openbare verlichting In de missie wordt aangegeven wat de gemeente wil betekenen voor haar inwoners en andere belanghebbenden op het gebied van openbare verlichting. De missie maakt duidelijk waar de gemeente voor staat en waarin zij zich onderscheidt van andere gemeenten. Missie gemeente Rheden: De gemeente Rheden streeft met haar openbare verlichting veiligheid voor haar inwoners na. Op het gebied van duurzaamheid wil zij verder stappen zetten, door te investeren in energiebesparende LEDarmaturen met dimmodules en het gebruik van duurzame materialen. Tevens wordt er gekeken bij vervanging of verlichting überhaupt nodig is. Ook willen we op het gebied van duurzaamheid lichthinder verder terugdringen.
Visie openbare verlichting De visie bevat het langetermijnperspectief van de gemeente op het gebied van de openbare verlichting. Visie gemeente Rheden: De gemeente Rheden investeert in betrouwbare, veilige, innovatieve en duurzame openbare verlichting. Hierbij wordt de gewenste verlichtingskwaliteit gerealiseerd tegen economisch, ecologisch en maatschappelijk verantwoorde kosten.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
5
2
Huidige situatie Dit deel beschrijft het gevoerde beleid, de huidige situatie en de kwaliteit en kwantiteit van de aanwezige openbare verlichting. Op basis van wat er is bereikt en de stand van zaken, kan het huidige beleid worden bijgestuurd.
2.1
Oude beleid De gemeente Rheden heeft tot heden de Beleidsnota Openbare Verlichting 2008-2017 gehanteerd. In deze nota zijn geen concrete doelstellingen opgenomen, maar belangrijke thema’s waren: Veiligheid: binnen de bebouwde kom het bevorderen van sociale veiligheid, buiten de bebouwde kom verkeersveiligheid; Duurzaamheid: zo zuinig mogelijk uitvoeren van verlichting, met minimaal 2% energiebesparing per jaar; Moderniseren: ‘schoon schip’ maken wat betreft de verouderde verlichting door te vervangen naar moderne exemplaren en het kwaliteitsniveau van de verlichting verhogen, d.w.z. een betere lichtopbrengst op straat. Op basis van een evaluatie van de huidige situatie kan het volgende worden geconcludeerd:
Veiligheid Verlichting wordt aangebracht conform de richtlijn NPR13201. De inschatting is dat momenteel 60% van de verlichting aan deze richtlijn voldoet. De lichtkleur welke aangehouden wordt is voornamelijk 4000K. Hoewel het bevorderen van sociale veiligheid binnen de bebouwde kom een belangrijk thema was, heeft de gemeente heeft het Politiekeurmerk (PKVW) niet van toepassing verklaard. Belangrijkste reden hiervoor is, dat achterpaden niet verlicht worden, hetgeen een van de eisen voor het PKVW is. Om de doorlooptijd van schadeherstel te bevorderen houdt de gemeente een eigen voorraad van materialen (masten en armaturen) aan. De gemeente heeft de Installatieverantwoordelijkheid voor Openbare Verlichting nog niet ingeregeld, dit wordt in 2021 gerealiseerd.
Duurzaamheid In de voorgaande beleidsperiode is stevig ingezet op het verduurzamen van het areaal. In 2020 is 66% van het areaal voorzien van energiezuinige ledverlichting. Op basis van beschikbare gegevens is het (geschatte) energieverbruik tussen 2010 en 2018 afgenomen met ruim 38%. De gemeente is voorstander van aluminium masten vanwege de circulaire toepassing hiervan.
Kosten Het aantal meldingen, en daarmee gemoeide kosten, is aanzienlijk verminderd. Het contract met de onderhoudsaannemer is verouderd en omvat zowel onderhoud als beheer. De gemeente gaat per 2021 opnieuw aanbesteden. Er is geen eigen net, het voedingsnet voor openbare verlichting is van Liander. De gemeente heeft een hybride overeenkomst met Liander, alle werkzaamheden worden door de huidige onderhoudsaannemer verricht.
Kwaliteit 78% van de bewoners is tevreden over de openbare verlichting. Op het gebied van innovaties en het verbeteren van de beeldkwaliteit kan de gemeente nog een verbeterslag maken. Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
6
In het buitengebied en op doorgaande wegen wordt (deels) CityTouch toegepast. De bevindingen zijn positief omdat storingen automatisch worden gemeld en het lichtniveau op afstand ingeregeld kan worden. Bij uitbreidingen worden armaturen voorzien van een universele Zhaga-connector. Hierdoor kan in de toekomst uitgebouwd worden naar slimme toepassingen zonder het armatuur te moeten aanpassen of vervangen. Het toestaan van bloembakken, vlaggen, sfeerverlichting en dergelijke aan lichtmasten wordt per situatie beoordeeld. Maatgevend hierin is de locatie en de draagkracht van de lichtmast.
2.2
Areaaloverzicht Het OVL-areaal binnen de gemeente Rheden is als volgt samengesteld (peildatum juni 2019): Aantal lichtmasten: 6.985 stuks Aantal armaturen: 7.144 stuks Aantal lichtbronnen: 7.189 stuks Genoemde aantallen betreffen de verlichtingsobjecten in beheer van de gemeente en gelden als een momentopname. Masten van particulieren (Jumbo en woningstichting Vivare) en provincie Gelderland zijn niet meegerekend, ANWB-vlaggen, verlichting van plattegrondborden en Abri’s evenmin. Vanuit het areaalbestand is een selectie gemaakt met de areaalopbouw van masten, armaturen en lichtbronnen. In onderstaande grafieken is de leeftijdsopbouw van masten en armaturen weergegeven, en de verdeling in lampsoorten en hun aandeel in het energieverbruik.
De algemene staat van onderhoud is goed. Er wordt veelal gewerkt met standaard materiaal, op verzoek kan hiervan worden afgeweken. Er zijn in principe geen decoratieve lichtobjecten en het aandeel specials is zeer beperkt. Aanlichten van gebouwen en objecten gebeurt niet door de gemeente en achterpaden worden niet verlicht. Bijzondere verlichting wordt incidenteel toegepast en bekostigd vanuit het bestaande budget. Verlichting is geen vast onderdeel van stadsverfraaiing. Indien bij projectmatige werkzaamheden bijzondere verlichting wordt toegepast dan wordt die vanuit het project bekostigd.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
7
De gemeente heeft geen lichtvisie en bewoners worden niet standaard bij de keuze van verlichting betrokken. Waar nodig worden stakeholders betrokken. Lichtmasten worden niet voorzien van reclamebakken, snelheidsdisplays of camera’s. Feestverlichting wordt beperkt toegepast in winkelgebieden, maar enkel aan lichtmasten die daarvoor geschikt zijn. De afschrijvingstermijn voor lichtmasten bedraagt 40 jaar, voor armaturen is dat 20 jaar. Bij armatuurvervanging worden masten van staal vervangen door aluminium masten, ongeacht de leeftijd van de mast. Er vindt controle plaats op de uitvoering van werkzaamheden middels toezicht. Er vindt geen kwalitatieve controle bij oplevering van werken plaats.
2.3
Vervangingsinvestering Vanuit de areaalgegevens blijkt dat 225 masten (3%) de afschrijvingstermijn van 40 jaar hebben overschreden. Voor armaturen geldt dat 857 armaturen (12%) de afschrijvingstermijn van 20 jaar hebben bereikt of overschreden. In 2020 zullen 35 masten (1%) en 180 (3%) armaturen de afschrijvingstermijn bereiken. In de komende beleidsperiode, van 2021 tot en met 2030, zullen nog 270 masten (4%) en 701 armaturen (10%) de afschrijvingstermijn bereiken. Bij vervanging van het armatuur (achterstand én geplande armatuurvervanging) wordt ook de stalen mast vervangen voor een aluminium mast, ongeacht de leeftijd van de mast. Gedurende de beleidsperiode tot en met 2030 zijn dat 1.167 (17%) extra mastvervangingen. De vervangingswaarde (arbeid, leverantie en de kosten van de netbeheerder) van de gehele bovengrondse OVL-installatie in de gemeente bedraagt circa € 7,9 miljoen. In het rekenmodel is gerekend met gedifferentieerde tarieven die aansluiten op het areaal van de gemeente. De gewogen gemiddelde kosten voor het vervangen van mast en armatuur bedraagt € 695 resp. € 428.
Geraamde investering voor materiaal waarvan de afschrijvingstermijn is bereikt of in 2020 wordt bereikt, inclusief het vervangen van stalen masten, bedraagt: Masten (225+35+751=1.011 stuks) : € 688.333 Armaturen (857+180=1.037 stuks) : € 406.993 + € 1.095.325 Geraamde investering voor materiaal waarvan de afschrijvingstermijn wordt bereikt in de komende beleidsperiode 2021 t/m 2030 bedraagt, inclusief het vervangen van stalen masten: Masten (270 = 674 stuks) : € 498.253 Armaturen (= 701 stuks) : € 301.574 + € 799.827 Bovenstaande maatregelen en geraamde kosten zijn de minimale inspanning om de OVL technisch veilig en in stand te houden. De genoemde jaarlijkse investeringen zijn geraamd op basis van het huidige prijspeil 2020.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
8
2.4
Energieverbruik, Energieakkoord en Klimaatakkoord De doelstellingen van het Energieakkoord zijn als volgt geformuleerd:
20% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2020 ten opzichte van 2013; 50% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2030 ten opzichte van 2013; 40% van de OVL is voorzien van slim energiemanagement in 2020; 40% van de OVL is energiezuinig in 2020.
Om de doelstellingen van het Energieakkoord te kunnen monitoren zijn accurate verbruiks- en areaalgegevens nodig. Deze gegevens zijn helaas niet beschikbaar voor het referentiejaar 2012 (peildatum 1 januari 2013). Er zijn wel geschatte verbruiksgegevens bekend van 2010 en 2016-2018. In onderstaande tabel zijn deze gegevens weergegeven. Te zien is dat het energieverbruik in 2017-2018 toeneemt. De afgelopen periode is ingezet om oude energie onzuinige lampen te vervangen door moderne lampen zoals PLL en LED. Ook is de omvang van het areaal niet zodanig toegenomen dat de stijging in verbruik te verklaren zou zijn. Element Energieverbruik [kWh] % Energiebesparing t.o.v. 2010 % LED
2010 1.425.000
2016 1.097.684
2017 824.389
2018 888.676
2019* 797.124
23%
42%
38%
44% 66%
* Gegevens 2019 indicatief op basis van areaalbestand, branduren en brandroosters op peildatum juni 2019.
Op basis van deze gegevens is geen uitspraak te doen over de voortgang ten aanzien van het Energieakkoord. Wel is bekend dat de gemeente Rheden in 2012 ruim 4.000 led armaturen heeft geplaatst, dat is 57% van het areaal. Hiermee is al een forse besparing gerealiseerd vóór de peildatum van het Energieakkoord. Uit een analyse van de areaaldata blijkt dat op dit moment al 66% van het areaal is uitgevoerd in LED en 25% in energiezuinige PLL-verlichting. Ook is berekend dat de totaal mogelijke energiebesparing, wanneer alles voor gedimde LED armaturen wordt vervangen, maximaal 61% is ten opzichte van 2010.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
9
3
Financiën
3.1
Wat zijn de kosten van OVL? Een goed inzicht in de kosten van de OVL-installatie is voor het vaststellen en uitvoeren van het beleid van groot belang. In dit deel wordt aandacht besteed aan de kosten(componenten) voor het in standhouden van de kwaliteit van de OVL. Er wordt gekeken naar de kosten in de gemeente Rheden en de kosten die een gemeente met een vergelijkbaar areaal op basis van kengetallen zou moeten hebben. Alle genoemde bedragen zijn exclusief B.T.W. en niet geïndexeerd. De kosten voor de OVL zijn te verdelen in de volgende groepen: 1. Beheerkosten en onderhoudskosten; 2. Energiekosten en netwerkkosten; 3. Investeringen in vervanging en verbetering.
3.1.1
Onderhouds- en beheerkosten Onder beheer- en onderhoudskosten vallen de volgende werkzaamheden:
Beheerwerkzaamheden Lamp remplace (groepsremplace); Schouwen; Schilderen van masten; Incidentele vervanging armatuur of lichtmast; Reinigen masten en armaturen.
Beheerwerkzaamheden De gemeente heeft het operationeel beheer nog bij de onderhoudsaannemer ondergebracht. Dit operationeel beheer bestaat uit storingsmanagement en areaalmutaties. De gemeente controleert kosten, maar houdt in principe geen toezicht op het dagelijks onderhoud van de onderhoudsaannemer.
Groepsremplace Remplace draagt bij aan de continuïteit van de kwaliteit van de verlichting. Door veroudering van de lamp wordt de lichtopbrengst gedurende de levensduur van de lamp minder en neemt de kans op incidentele storingen ten gevolge van lampdefecten toe. Het groepsgewijs vervangen van lampen (groepsremplace) heeft als voordeel dat incidentele storingen ten gevolge van lampdefecten afnemen en dat de lichtopbrengst van de installatie naar de oorspronkelijke beginwaarde wordt gebracht. Remplace wordt uitgevoerd op het moment dat de servicelevensduur van de lamp is bereikt. Elke leverancier geeft aan hoeveel branduren een lamp heeft. Op basis van het brandschema kan de datum/periode bepaald worden waarin de lamp vervangen moet worden. Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
10
LED-verlichting kent een veel langere levensduur, waardoor remplace praktisch niet meer nodig is. Naast de energiebesparing is dit een belangrijk voordeel van LED waardoor exploitatiekosten lager worden.
Schouwen Schouwen is het periodiek controleren van het functioneren van lampen. Het schouwen vindt zes keer per jaar plaats en betreft een aan/uit controle op het gehele areaal. Het schouwen gebeurt in de avonduren bij ingeschakelde verlichting. Defecten worden genoteerd, op een later tijdstip gerepareerd en geregistreerd in het beheersysteem.
Schilderen en reinigen Het lakken en schilderen van de stalen en gietijzeren masten gebeurt periodiek. De masten worden, afhankelijk van de locatie, na 5 tot 7 jaar geschilderd. Stalen masten met poedercoating worden periodiek om de 10 jaar gereinigd. Aluminium masten worden in principe niet geschilderd, wel gereinigd. Vanuit het beheersysteem wordt een lijst gegenereerd van de te schilderen masten. Het reinigen vindt plaats op basis van waarneming, indien mogelijk gecombineerd met het reinigen van (verkeers-) borden. Bij de keuze van het voorgestelde scenario worden de stalen masten in de komende 4 jaar vervangen, hierdoor worden zij in de komende beleidsperiode niet meer geschilderd. Aluminium masten worden in principe niet geschilderd.
Correctief onderhoud De werkzaamheden voor correctief onderhoud omvatten het herstel van defecte onderdelen van het lichtpunt, inclusief schade en molest. De kosten van aanrijdingen worden verhaald op de verzekeraar van de veroorzaker of – indien de veroorzaker onbekend blijft – op het Waarborgfonds Motorverkeer.
3.1.2
Energie- en netwerkkosten Dit betreft de vaste kosten voor het ondergrondse netwerk van Liander en de energie die de OVLinstallatie verbruikt. De energiekosten die hier zijn opgenomen geldt voor de gehele installatie, inclusief belastingen. Van het ondergrondse netwerk is een zeer beperkt deel in eigendom van de gemeente. Het overige deel is eigendom van het netwerkbedrijf Liander.
3.1.3
Vervanging en verbetering (investeringen) Op basis van de economische levensduur van materialen kan de jaarlijkse noodzakelijke vervanging worden bepaald. Door hier een eenheidsprijs (inclusief arbeid) aan te koppelen, kan de jaarlijkse investering worden berekend. In hoofdstuk 2 zijn de beleidsuitgangspunten verwoord die de gemeente hanteert. Bepaalde uitgangspunten hebben ook een financiële consequentie. Er is met de volgende uitgangspunten gerekend: Op het moment dat een armatuur is afgeschreven wordt deze vervangen voor een energiezuinig led-armatuur voorzien van (statische) dimfunctionaliteit; De afschrijftermijn voor masten is gesteld op 40 jaar en voor armaturen is dit 20 jaar; Stalen masten worden periodiek geschilderd; Aluminium masten worden niet geschilderd; Bij geplande vervanging van het armatuur naar een LED-variant wordt (indien van toepassing) de stalen mast vervangen door een aluminium mast.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
11
3.2
Begrotingsoverzicht In onderstaande tabel zijn de kosten voor de OVL weergegeven voor de drie kostencomponenten: Beheer- en onderhoudskosten; Energie- en netwerkkosten; Vervanging/verbetering. Er wordt een vergelijk gemaakt met:
Gemiddeld jaarlijks budget In deze kolom zijn de beheer- en onderhoudskosten en de energie- en netwerkkosten weergegeven van de gemeente Rheden op basis van het huidige areaal (peildatum juni 2019), zonder rekening te houden met pieken en dalen in leeftijdsafhankelijke componenten zoals remplace en schilderwerk. Voor de vervangingskosten is berekend wat gemiddeld per jaar nodig zou zijn indien jaarlijks 1/40e deel van de lichtmasten en 1/20e deel van de armaturen wordt vervangen. Gemiddelde begroting gemeente met 7.000 lichtobjecten In deze kolom staat de begroting voor een gemiddelde gemeente met een vergelijkbaar aantal lichtmasten, op basis van kengetallen.
Kostenvergelijk OVL Beheer- en onderhoudskosten Energie- en netwerkkosten Vervanging/verbetering
Gemiddeld benodigd jaarlijks budget Rheden € 93.000 € 126.000 € 265.000
Gemiddelde begroting gemeente met 7.000 lichtobjecten € 115.000 € 120.000 € 265.000
€ 484.000
€ 500.000
Totaal Tabel 1 Kostenvergelijking openbare verlichting
Uit bovenstaande blijkt dat het gemiddelde jaarlijks budget iets lager is dan wat bij een gemiddelde gemeente met hetzelfde aantal lichtmasten verwacht kan worden. De reden hiervoor is dat het aandeel energiezuinige LED verlichting in Rheden hoger is dan gemiddeld. In vergelijking met het gemiddeld jaarlijks budget kan de werkelijke begroting afwijken. Dat kan verklaard worden, doordat in de begroting rekening wordt gehouden met de werkelijke kosten voor leeftijdsafhankelijke onderhoudscomponenten, zoals remplace en schilderwerk, én het vervroegd vervangen van stalen masten bij geplande armatuurvervanging.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
12
4
Beleidskeuze Het realiseren van een duurzame installatie, waarbij een goed evenwicht is tussen veiligheid en leefbaarheid, milieubewustzijn en kostenbeheersing zijn de belangrijkste thema’s van het beleid van de gemeente. De keuzes die de gemeente maakt op deze gebieden, worden hieronder beschreven.
4.1
Veiligheid Aansprakelijkheid De gemeente is als eigenaar verantwoordelijk voor de verlichting van de openbare ruimte die in eigendom of in beheer zijn van de gemeente. De gemeente kan in het kader van het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk gesteld worden voor het niet naar behoren functioneren van de OVL. Hoewel het wettelijk niet is vastgelegd dat een weg of openbare ruimte verlicht moet worden, kan het ontbreken van verlichting of onjuiste verlichting wel worden aangemerkt als het plegen van een onrechtmatige daad, waaruit schadeplichtigheid kan ontstaan. Het risico neemt toe als verouderde materialen niet worden vervangen. In de onderstaande tabel is weergegeven op welke wijze de gemeente dit risico wil beperken. Aansprakelijkheid kan worden beperkt door:
De gemeente heeft dit als volgt geregeld:
Het periodiek en systematisch uitvoeren van inspecties en onderhoud.
Het onderhoud van de OVL wordt verzorgd door de onderhoudsaannemer. De gemeente controleert de werkzaamheden en voert inspecties uit. De gemeente heeft in de afgelopen jaren een vervangingsplan uitgevoerd. Meldingen van burgers worden telefonisch of via de website aangenomen. Deze meldingen worden geregistreerd in het beheersysteem waarna de onderhoudsaannemer de storing verder afhandelt. In het onderhoudsbestek zijn termijnen opgenomen waarbinnen storingen door de aannemer moeten worden opgelost.
Een systeem van planmatig beheer (meerjaren vervangingsplan, beleidsplan). Een goed werkend klachtensysteem
Snel handelen bij het verhelpen van schades en storingen.
Beleidskeuze: Het aansprakelijkheidsrisico wordt beperkt door bovenstaande maatregelen. De gemeente wil een goed rentmeester zijn voor haar inwoners.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
13
4.2
Wettelijke kaders De openbare verlichting moet voldoen aan de wettelijke kaders die daarvoor zijn gesteld. Relevant zijn: Installatieverantwoordelijkheid en aansprakelijkheid , de Wet natuurbescherming (komt aan de orde in deel “duurzaamheid) en Europese regelgeving aangaande te gebruiken producten.
Installatieverantwoordelijkheid en aansprakelijkheid De gemeente is verantwoordelijk voor de veiligheid van haar burgers en ambtenaren. Voor wat betreft het veilig werken met elektrische installaties is in de Arbowet vastgelegd hoe de veiligheid gewaarborgd moet worden. Onder deze installaties vallen onder meer de openbare verlichting, verkeerregelinstallaties maar ook bijvoorbeeld installaties in tunnels, sluizen, gemalen en rioleringsinstallaties. Op vrijwel alle installaties in de openbare ruimte zijn de laagspanningsnormen NEN1010 juli 2015 en NEN3140+A1:2015 van kracht, en op sommige installaties de Bedrijfsvoering van elektrische installaties Hoogspanning NEN 3840:2011 nl, NEN-EN-IEC 61936 en NEN-EN 50522. In de Arbowetgeving is voor elektrotechnische installaties voorgeschreven dat de eigenaar van deze installaties de verantwoordelijkheden die voortvloeien uit aanleg, beheer en onderhoud van deze installaties, moet vastleggen in schriftelijke procedures. Het is belangrijk om een Installatieverantwoordelijke aan te wijzen. Hiermee wordt de verantwoording voor een veilige elektronische bedrijfsvoering bij een (rechts)persoon neergelegd. De aanwijzing dient door de bestuurder te worden gedaan en dient ook te worden geaccepteerd door de installatieverantwoordelijke. De installatieverantwoordelijke kan een persoon zijn uit de eigen organisatie of worden ingeleend.
Ook een rechtspersoon kan worden aangewezen als installatieverantwoordelijke. Indien er binnen de gemeente geen installatieverantwoordelijke expliciet is aangewezen en vastgelegd, dan valt die taak automatisch toe aan de hoogste functionaris. Voor gemeenten is dat de gemeentesecretaris. Hij of zij is persoonlijk aansprakelijk indien de installatie resulteert in een onveilige situatie op straat of als werkzaamheden onveilig worden uitgevoerd. De gemeente dient installatieverantwoordelijkheid op de juiste wijze te organiseren. Zij kan dit doen door: Een inventarisatie uit te voeren; Procedurehandboek en veiligheidsmaatregelen vast te leggen; Instructies te verzorgen en te controleren op naleving; Een onderhoudssysteem op te zetten; Inspecties uit te voeren en rapportages te verzorgen. De gemeente Rheden heeft de Installatieverantwoordelijkheid nog niet georganiseerd. Er is geen medewerker of externe partij aangesteld als installatieverantwoordelijke en er is geen procedurehandboek opgesteld. Periodieke inspecties worden niet uitgevoerd. Beleidskeuze: De gemeente Rheden heeft de Installatieverantwoordelijkheid nog niet geregeld. De gemeente zal in de komende beleidsperiode de Installatieverantwoordelijkheid inrichten.
Hierbij zal een weloverwogen besluit genomen worden over welke delen van de taken en verantwoordelijkheden intern of bij een gespecialiseerde externe partij belegd zullen worden.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
14
Europese regelgeving Waar materialen aan moeten voldoen is beschreven in de Europese Regelgeving. Bepaalde producten mogen in Europa alleen op de markt worden gebracht als zij voorzien zijn van een CE-markering. Op het gebied van OVL dienen alle materialen te zijn voorzien van het CE-merkteken. De gemeente schaft alleen producten aan die voorzien zijn van het CE-keurmerk. Vanuit de Europese Unie is een afvalstoffenlijst opgesteld. Gasontladingslampen staan op deze lijst en behoren tot chemisch afval, dat via erkende verwerkingsbedrijven verwerkt moet worden. Beleidskeuze: Verwerking van vrijgekomen gasontladingslampen wordt contractueel geregeld met de betrokken aannemer(s).
Richtlijn openbare verlichting Naast de wettelijke kaders zijn er ook richtlijnen en aanbevelingen die als uitgangspunten voor het OVLbeleid dienen. In het bijzonder de richtlijnen die de Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde (NSVV) uitvaardigt. De NSVV heeft in samenwerking met NEN de praktijkrichtlijn ‘Kwaliteitscriteria Openbare Verlichting’, NPR 13201:2017 opgesteld (hierna te noemen NPR). Deze NPR vervangt de Richtlijn Openbare Verlichting (ROVL) uit 2011. De richtlijn is gebaseerd op Europese normen (2015) en aangevuld met ervaringen uit de ROVL-2011. In de NPR is het standaard verlichten van een situatie als uitgangspunt verlaten. Er is ook aandacht voor donkertegebieden. Ook de huidige techniek stelt ons in staat om meer maatwerk te leveren. Er is ruimte voor alternatieven in de toepassing van verlichting. Zo kan in een bepaalde wegsituatie in plaats van (oriëntatie)verlichting ook worden gekozen voor actieve markering. Met de nieuwe NPR zijn er voor beheerders praktische handvatten beschikbaar om beleidskeuzes in relatie tot diverse kwaliteitsaspecten en energiebesparing te kunnen maken voor verlichting in de openbare ruimte. De NPR bevat bijlagen met stroomdiagrammen waarmee kan worden bepaald of er in een bepaalde situatie wel of geen openbare verlichting gewenst is. De richtlijn wordt in veel gemeenten als leidraad voor de OVL gehanteerd.
Ingeschat is dat 60% van de verlichting in Rheden voldoet aan de huidige richtlijn NPR. Bij herinrichting en reconstructies wordt de NPR zoveel als mogelijk nagestreefd. Hierbij wordt een afweging gemaakt met de inrichting van de openbare ruimte (zoals bomen en parkeervakken) en belangen van bewoners (huidige mastposities, bebouwing en inritten). Beleidskeuze: De gemeente Rheden conformeert zich aan de NPR. De gemeente streeft de minimale uitkomsten uit de NPR na. Bij groot onderhoud en wijziging van de inrichting van de straat is het streven om met het ontwerp zoveel als mogelijk te voldoen aan de richtlijn. Er zijn situaties waarbij gemeentelijke wegen overgaan in, of aansluiten op, wegen van andere partijen. Te denken valt aan Rijkswaterstaat, Provincie, Waterschap, buurgemeenten, Natuurmonumenten of (parkeerterrein van) Prorail. Om het risico op discontinuïteit in het te verlichten openbaar gebied te voorkomen zal de gemeente zich inspannen om bij wijziging van de openbare verlichting de lichtplannen vooraf af te stemmen met, en op het areaal van, deze partijen.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
15
Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) In 1999 is het Politie Keurmerk Veilig Wonen (PKVW) als landelijke richtlijn geïntroduceerd. Dit keurmerk is een veiligheidskeurmerk dat kan worden afgegeven wanneer een ruimte of gebied voldoet aan alle vastgestelde voorwaarden voor sociale veiligheid. Dit varieert van sloten in de woning tot fysieke inrichting, zoals o.a. het groen van de openbare ruimte. Het PKVW conformeert zich, voor de voorgeschreven verlichtingsniveaus, aan de richtlijnen van de NPR. Het is raadzaam alleen de PKVW te hanteren, wanneer aan het gehele scala van eisen in de openbare ruimte voldaan kan worden. Hierbij streeft de gemeente ernaar zoveel mogelijk integraal te werken en openbare verlichting zo vroeg mogelijk bij de inrichting van de openbare ruimte te betrekken. Indien in een woonwijk niet aan alle eisen voldaan kan worden, verdient het de voorkeur om, voor de openbare verlichting, de NPR te hanteren. Beleidskeuze: De gemeente streeft ernaar om nieuwe verlichtingsplannen zoveel als mogelijk te laten voldoen aan het gestelde in de NPR. Indien echter moet worden voldaan aan het PKVW dan kiest de gemeente ervoor dat achterpaden niet worden verlicht. Indien de bewoner of ontwikkelaar wil voldoen aan het PKVW dan zal zij deze verlichting zelf moeten plaatsen.
Verlichtingsklasse op basis van de wegcategorisering De NPR kent een determinatietabel waarmee de verlichtingsklasse wordt bepaald aan de hand van de verkeersbewegingen (gemotoriseerd verkeer, conflicterend verkeer en voetgangers). De verlichtingsklasse geeft vervolgens aan wat de verlichtingsintensiteit moet zijn conform de richtlijn. De wegcategorisering staat aan de basis van de vormgeving van de weginrichting en is het uitgangspunt voor de gewenste verlichtingsklasse op een bepaald weggedeelte of gebied. De gemeente heeft de wegfunctie vastgelegd in het GVVP. Beleidskeuze: De wegcategorisering, zoals is vastgelegd in het GVVP van de gemeente, is het uitgangspunt voor het bepalen van de verlichtingsklasse.
4.3
Duurzaamheid Energieakkoord Nationaal zijn er energiebesparingsdoelstellingen (Energieakkoord) overeengekomen die ook impact hebben op het terugdringen van het energieverbruik van de OVL-installatie. In Nederland gaat namelijk circa 1,5 procent van de geproduceerde elektrische energie naar OVL (bron: www.energieoverheid.nl). Van de totale energierekening van een gemeente gaat ongeveer de helft naar openbare verlichting. Gemeenten kunnen dus zelf ook een concrete en realistische bijdrage leveren bij het realiseren van het Energieakkoord. In het Energieakkoord staan de volgende doelstellingen genoemd voor openbare verlichting (OVL) en verkeersregelinstallaties (VRI's): 20% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2020 ten opzichte van 2013; 50% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2030 ten opzichte van 2013; 40% van de OVL is voorzien van slim energiemanagement * in 2020; 40% van de OVL is energiezuinig in 2020. * Slim energiemanagement is: 1) Anders schakelen dan het standaard zonnewende- of nachtschakelen zoals door de netbeheerder wordt aangeboden; 2) Het regelen van het lichtniveau d.m.v. dimmen.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
16
Rijkswaterstaat stelt een Monitoring OVL VRI-lijst ter beschikking, waarin de gegevens m.b.t. lamptypen, lampvermogen, schakeltijden en dimregime worden opgenomen. Rijkswaterstaat monitort de voortgang van de Energieakkoord-doelstellingen. Om de doelstellingen van het Energieakkoord te kunnen monitoren zijn accurate verbruiks- en areaalgegevens nodig. Deze gegevens zijn helaas niet beschikbaar voor het referentiejaar 2012 (peildatum 1 januari 2013). Het is daarom niet mogelijk om accurate gegevens aan Rijkswaterstaat ten behoeve van de monitoring te verstrekken. In 2019 is het Klimaatakkoord tot stand gekomen. Hierin ligt de nadruk op CO2-reductie. Deze afspraken zijn met meer dan honderd partijen gemaakt, waaronder veel partijen uit het Energieakkoord. De nog lopende afspraken uit het Energieakkoord zijn integraal opgenomen in het Klimaatakkoord. Beleidskeuze: De gemeente gaat door met verdere verlaging van het energieverbruik van de OVL door oudere verlichting te vervangen voor duurzame verlichting. Beleidskeuze: De gemeente monitort de energiereductie jaarlijks voor eigen gebruik, maar kan vanwege het ontbreken van referentiegegevens geen bijdrage leveren aan de monitoring van Rijkswaterstaat. Terugdringen van het gebruik van energie en de daarmee gepaard gaande reductie van de CO2emmissie is een belangrijk thema van het milieubeleid van de gemeente.
Het terugdringen van de milieubelasting door het energieverbruik kan grofweg op twee manieren: Inkoop van duurzame energie; Verminderen van het verbruik. Beleidskeuze: De gemeente koopt uitsluitend duurzame groene stroom in. Beleidskeuze: De gemeente controleert de energierekeningen en vergelijkt het opgegeven verbruik met het verbruik op basis van abstracte berekening van de installatie. Energie besparen (verminderen van het gebruik) kan worden bereikt op verschillende manieren: Toepassing van zuinige LED-verlichting, met behoud van verlichtingskwaliteit; Dimmen; Saneren van verlichting. LED-verlichting: Voor het toepassen van LED-verlichting binnen de OVL zijn er geen belemmeringen meer als het gaat om licht- en elektrotechnische aspecten. Er zijn geen hogere investeringskosten dan bij toepassing van conventionele verlichting, terwijl de exploitatiekosten (energie- en onderhoudskosten) lager zijn. Toepassing van conventionele materialen is momenteel geen keuze meer. Continuering van de ingezette beleidslijn om led armaturen te plaatsen op nieuwbouwlocaties en bij vervangingen aan het eind van de levensduur, leidt tot de meest optimale energiereductie. Beleidskeuze: De gemeente gaat door met de uitrol van LED-armaturen.
Bij toepassing van LEDverlichting is het wenselijk dat in de bestekken eisen en voorwaarden worden opgenomen waaraan de LED-verlichting tenminste dient te voldoen. Dimmen: De meeste moderne armaturen zijn standaard voorzien van statische dimmogelijkheid (vast tijdstip) en worden af fabriek met een standaard dimprotocol geleverd. Door het dimmen van verlichting wordt energiebesparing bereikt. Bij het standaard dimregime wordt gemiddeld ca. 25% - 40% aan energie op het totaalverbruik bespaard (afhankelijk lamptype, vermogen en dimregime). Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
17
Volgens de huidige registratie in het beheersysteem zijn 12 armaturen voorzien van een statisch dimregime. Dimmen kan ook dynamisch worden uitgevoerd. Met softwaresystemen kan het dimmen op afstand aangestuurd worden. Dit heeft als voordeel dat ingespeeld kan worden op externe factoren zoals calamiteiten, weersomstandigheden en verkeersintensiteiten. Een nadeel is de (nog) hoge investeringskosten voor het systeem. Dynamisch dimmen wordt op het moment toegepast bij 836 armaturen, zoals op de Postroute tussen Dieren en Ellecom. Dynamisch dimmen en connectiviteit op afstand bewerkstelligen wordt uitgelegd in hoofdstuk 4.7. Besparing kan gerealiseerd worden door het veelgebruikte dimregime 3A toe te passen: 100% : van ontsteken tot 22:00 uur 70% : van 22:00 uur tot 00:00 uur 50% : van 00:00 uur tot 05:00 uur 70% : van 05:00 uur tot 06:00 uur 100% : van 06:00 uur tot doven Of het reeds in CityTouch gebruikte dimregime 50-30%: 50% : van ontsteken tot 0:00 uur 30% : van 0:00 uur tot doven Hoewel de energiebesparing van dimregime 50-30% groter is dan die van dimregime 3A, is voor de berekeningen in dit beleidsplan uitgegaan van dimregime 3A. In de praktijk zal een keuze gemaakt worden voor het daadwerkelijk toe te passen dimregime.
Beleidskeuze: Om het energieverbruik verder terug te dringen, kiest de gemeente bij toepassing van nieuwe armaturen voor dimmen volgens bovenstaand schema 3A of 50-30%. Saneren van verlichting: In de nieuwe NPR is ruimte voor alternatieven in de toepassing van verlichting. Op basis van de NPR wordt dan de nut en noodzaak van de verlichting per situatie beoordeeld. Zo kan in een bepaalde wegsituatie in plaats van verlichting ook worden gekozen voor reflecterende markering of schrikhekken. Saneren van OVL zorgt voor energiebesparing maar vergt ook een investering: de netbeheerder rekent kosten voor het saneren van netwerkaansluitingen en de onderhoudsaannemer rekent kosten voor het saneren van het verlichtingsobject. Voor vrijliggende voet- en fietspaden, waarbij een verlichte alternatieve route beschikbaar is, wordt aan het einde van de levensduur van de installatie de afweging gemaakt of de installatie wordt vervangen of gesaneerd. Beleidskeuze: De inschatting is dat er geen gebieden zijn in de gemeente waar de verlichting gesaneerd kan worden. Alleen bij vrijliggende voet- en fietspaden waarbij een verlichte alternatieve route beschikbaar is, wordt op het einde van de levensduur een afweging gemaakt voor vervanging of sanering.
De keuze is om deze maatregel als afzonderlijk actiepunt op te nemen in het uitvoeringsprogramma en dan doelgericht te onderzoeken waar lichtmasten eventueel verwijderd kunnen worden. Deze keuze wordt niet verder benoemd als maatregel binnen een scenario.
Circulariteit De geleidelijke ontwikkeling naar een circulaire economie krijgt meer snelheid en klinkt ook door in de OVL. De ambitie van de Rijksoverheid is dat Nederland in 2050 100% circulair is. De circulaire economie is een economie waarin geen afval meer is, in tegenstelling tot de lineaire economie. Alles wordt in een circulaire economie opnieuw gebruikt als grondstof. Door schaarste wordt de noodzaak om grondstoffen in de keten te houden steeds groter.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
18
Circulariteit gaat verder dan recycling. Circulariteit kijkt verder de toekomst in. Kan het product aan het einde van de levensduur opnieuw in de keten worden genomen en daarna nogmaals. Er zijn meerdere rollen/taken die een gemeente op zich kan nemen om de circulaire economie te stimuleren. Bijvoorbeeld bij het inkopen van producten en diensten. Het samenwerkingsplatform van overheden en bedrijven in de openbare verlichting, OVLNL, heeft op basis van de R-lijst van het Planbureau voor de Leefomgeving een handvat voor gemeenten ontwikkeld om aan de hand van tien strategieën tot meer circulariteit te komen. In de tabel op de volgende pagina worden met behulp van dit handvat de beleidskeuzes van de gemeente Rheden beschreven.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
19
Slimmer maken/ Gebruiken
Levensduur verlengen
Label R0 Refuse
Omschrijving Weigeren: Verlichting overbodig maken door van z’n functie af te zien of die met een wezenlijk ander product te leveren.
R1 Rethink
Anders denken: Bijvoorbeeld bij het maken van het lichtontwerp of bij het ontwerpen van een lichtmast of armatuur.
R2 Reduce
Verminderen: lichtbronnen, armaturen, masten efficiënter fabriceren / gebruiken, waardoor minder materiaal nodig is. Hergebruiken: afgedankt maar nog goed armatuur of mast hergebruiken in dezelfde functie. Repareren: Onderhouden en repareren van armaturen en masten. Renoveren: opknappen en moderniseren van een verouderde mast of armatuur. Opnieuw maken: onderdelen van afgedankte armaturen of masten hergebruiken in nieuw product met dezelfde functie. Herbestemmen: afgedankt product of onderdelen hergebruiken in een nieuw product met een andere functie. Herwinnen: materialen uit armaturen, masten , lichtbronnen, etc. verwerken tot nieuwe grondstoffen. Energieterugwinning: door het verbranden van afvalmaterialen. circulariteit openbare
R3 Re-use
R4 Repair
R5 Refurbish
R6 Remanufacture
R7 Repurpose
Materialen nuttig gebruiken
R8 Recycle
R9 Recover
Bron:
Leidraad
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
20
Beleidskeuze gemeente Rheden Er zijn niet veel gebieden in de gemeente waar de verlichting gesaneerd kan worden. Deze maatregel wordt als afzonderlijk actiepunt opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Er wordt doelgericht onderzocht waar lichtmasten verwijderd kunnen worden. Bij het ontwerp van verlichting streeft de gemeente - binnen de richtlijn - het minimaal te plaatsen lichtpunten na. Indien verlichting nodig is worden andere functies gekoppeld (VRI, verkeers- en straatnaamborden). Dit bespaart materialen. Het verwijderen van bestaande lichtpunten brengt hoge netwerkkosten met zich mee. Bij het herontwerp van verlichting worden deze kosten meegewogen in het (her-) verlichtingsplan. Standaard LED-verlichting plaatsen en te zijner tijd vervangen (en hergebruiken).
De gemeente kiest voor armaturen waarvan losse onderdelen makkelijk te vervangen en dus uitwisselbaar zijn. De gemeente kiest voor armaturen waarvan losse onderdelen makkelijk te vervangen en dus uitwisselbaar zijn. De gemeente kiest voor armaturen waarvan losse onderdelen makkelijk te vervangen en dus uitwisselbaar zijn.
Mogelijk vanuit de fabrikant. Stalen masten worden via een erkend verwerkingsbedrijf afgevoerd voor hergebruik.
In de vervangings- en onderhoudsbestekken wordt voorgeschreven dat niet voor hergebruik of renovatie in aanmerking komende producten dienen te worden gerecycled. (gecertificeerde verwerker). Niet mogelijk
verlichting:
maart
2019.
Maatschappelijk verantwoord inkopen In februari 2010 is in opdracht van VROM door Agentschap NL (SenterNovem) de nota Criteria voor duurzaam inkopen voor inkopen van OVL gepubliceerd. Deze criteria worden periodiek bijgesteld en kenbaar gemaakt aan de gemeenten via PIANOo, Expertisecentrum voor aanbesteden. De nota biedt de mogelijkheid een energiebesparingsdoelstelling en een ontwerp- en inkooprichtlijn te definiëren. Voor de productgroep openbare verlichting betreft het hier in hoofdzaak: Een minimumeis voor de energieprestatie van de nieuwe OVL-installatie aan energielabel D (bijlage) van de Handleiding Energielabeling Openbare Verlichting; Bij nieuwbouw van een OVL-installatie, of bij complete vervanging van lampen en armaturen van een openbare verlichtingsinstallatie, dient de installatie technisch geschikt te zijn om gedimd te worden; Voorschriften aan het gestelde vermogen voor lichtmastreclame; Grenswaarden aan het vluchtige aandeel organische stoffen bij conserveringswerken. Beleidskeuze: Genoemde duurzaamheidscriteria worden als criteria meegenomen bij de aanbesteding van werken voor de openbare verlichting.
4.4
Natuur en verlichting Verlichting heeft een negatieve invloed op het bioritme van allerlei planten en dieren. Natuur heeft donkerte nodig. Het spaarzaam omgaan met verlichting is daarom altijd het beste uitgangspunt: Hoe minder verlichting hoe beter. Beleidskeuze: Bij elk project of vervanging van verlichting kijkt de gemeente Rheden hoe de effecten van verlichting op de omgeving verminderd kan worden. De adviseur ecologie kan hierbij helpen.
Wet Natuurbescherming De wet natuurbescherming bestaat uit gebiedsbescherming en uit soortbescherming:
Gebiedsbescherming: Onder de wet natuurbescherming zijn activiteiten of plannen met een negatief effect op de instandhoudingsdoelen van Natura2000 niet toegestaan. De Veluwe en de IJsselvallei zijn beiden aangewezen als natura2000 gebied. De wet kent een externe werking. Dit betekent dat activiteiten, waaronder aanbrengen van openbare verlichting buiten het gebied met uitstraling in het gebied met negatief effect, ook verboden zijn. Soortbescherming: Binnen de Wet natuurbescherming zijn er echter ook specifieke soorten en functies die in het geding kunnen zijn bij verlichting van wegen en gebouwen. Bij openbare verlichting van wegen gaat het vooral om de invloed op vleermuissoorten.
Gelders Natuurnetwerk Naast de Natura2000 is een groot deel van de gemeente Rheden onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk (provincie bevoegd gezag). Nieuwe bestemmingsplanwijzigingen binnen het Gelders natuurnetwerk worden getoetst aan de regels van de Gelderse Omgevingsverordening. Onder voorwaarden kan een project doorgaan als de negatieve effecten op de kernkwaliteiten worden beperkt. Donkerte staat bij veel deelgebieden in deze gemeente aangemerkt als kernkwaliteit.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
21
Beleidskeuze: Als verlichting toch nodig is geldt voor alle situaties maatwerk. Een ecoloog kan vooraf onderzoek doen en advies uitbrengen. Het is zaak om in een vroeg stadium de aspecten uit de Wet natuurbescherming mee te nemen bij het maken van een verlichtingsplan. Sommige onderzoeken hebben een looptijd van een half jaar en kan alleen in het juiste seizoen! Voor het verstoren van vleermuizen is een ontheffing op de Wet natuurbescherming nodig. Deze wordt alleen onder specifieke voorwaarden verleend. Veelal is schade te voorkomen door het verlichtingsplan aan te passen. Voorbeelden zijn: • Vermijden van verlichting bij belangrijke vleermuispassages • Aanpassing van hoogte van de verlichtingspunten -> hoe lager hoe beter • Aanpassing van kleur van verlichting -> lange golflengte (rode kleur) • Aanpassing van de duur van de verlichting-> alleen bij passeren van verkeer, of in de nacht heel weinig licht
Lichtvervuiling Lichtvervuiling is de verhoogde helderheid van de nachtelijke omgeving door overmatig gebruik van kunstlicht. Lichthinder is de overlast die mensen en dieren hiervan ondervinden. De Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde heeft in 2020 een nieuwe richtlijn uitgebracht om lichthinder te voorkomen. Deze richtlijn wordt in de praktijk toegepast bij het voorkomen van lichthinder. Zo worden er grenswaarden gesteld aan de lichtsterkte van de betreffende lichtbronnen. De mate van lichthinder bij omwonenden is onder andere afhankelijk van het aanwezige lichtniveau in de omgeving van de inrichting. Zo kan het lichtniveau in een landelijke omgeving heel anders zijn dan in een stedelijke omgeving. De afgelopen jaren is er vanuit de overheid en milieugroeperingen steeds meer aandacht voor het onnodig plaatsen van OVL en het voorkomen van lichtvervuiling. In de NPR is het uitgangspunt ‘het standaard verlichten van een situatie’ zelfs verlaten. De algemene trend is dat er steeds meer 'licht op maat' wordt gevraagd. In de diverse bestemmingsplannen van buitengebieden zijn geen bindende regels over donkertegebieden opgenomen. Over het algemeen zijn deze wegen al onverlicht. Beleidskeuze: Lichtvervuiling wordt tegengegaan door materialen te gebruiken die zo min mogelijk lichtvervuiling veroorzaken.
4.5
Esthetiek en materialen Masten De mast is de drager van het armatuur en de lichtbron. Masten kunnen geproduceerd worden van gietijzer, hout of kunststof maar gebruikelijk is staal of aluminium. Het areaal van de gemeente Rheden bestaat voor ongeveer 65% uit aluminium masten. Het overige deel bestaat uit stalen masten en een klein deel overige “dragers” (bijzondere verlichting, overspanningen, grondspots en wanden tunnelarmaturen).
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
22
Aluminium masten zijn minder goed bestand tegen zure grond, daarom worden de aluminium masten met een kunststof bescherming geplaatst. Aluminium masten vergen nauwelijks onderhoud, in tegenstelling tot masten van staal, waarbij de beschermlaag (zoals thermisch verzinken of poedercoating) periodiek hersteld moet worden. Beleidskeuze: De gemeente maakt gebruik van aluminium masten die in principe in 40 jaar worden afgeschreven. De masten worden (af-fabriek) voorzien van een kunststof grondstuk en maaiveldbeschermer. Beleidskeuze: Stalen masten worden, afhankelijk van de locatie, na 20 jaar geschilderd en vervolgens na 7 jaar opnieuw geschilderd om de openbare ruimte een verzorgde indruk te geven. Bij de keuze van het voorgestelde scenario worden de stalen masten in de komende 4 jaar vervangen, hierdoor worden zij in de komende beleidsperiode niet meer geschilderd. Aluminium masten worden in principe niet geschilderd. Botsvriendelijke masten Openbare verlichting vergroot aan de ene kant de verkeersveiligheid, aan de andere kant kunnen de lichtmasten bij een verkeersongeluk een gevaar vormen voor de weggebruiker.
Lichtmasten binnen de obstakelvrije zone dienen bots veilig te worden uitgevoerd volgens NEN-EN 12767: 'Passieve veiligheid van constructies voor weguitrusting'.* Door de plaatsing van botsvriendelijke lichtmasten vermindert het aantal verkeersslachtoffers en beperkt de schade aan voertuigen. Een lichtmast mag zich bij een aanrijding nooit ongecontroleerd gaan verplaatsen door het afbreken van de mast, waardoor een secondair ongeval ontstaat. Het beste is dat een mast, bij een aanrijding, enigszins op de aanrijlocatie blijft. Tevens dient het armatuur op een dusdanige wijze aan de lichtmast zijn vastgemaakt dat het armatuur niet losraakt bij een aanrijding, maar aan de lichtmast blijft zitten. Toepassing Deze botsvriendelijke lichtmasten kunnen worden toegepast langs die ontworpen zijn als stroomwegof gebiedsontsluitingsweg en waar geen rem vertragende voorzieningen getroffen zijn, zoals: Wegen vanaf 50 km/u; Wegen zonder geleiderail; Wegen waar de masten binnen de veiligheidsstrook/ obstakelvrije berm staan. Op de markt zijn twee soorten masten: De high energy absorbing of impact absorbing (100HE3); De non energy absorbing of break-away (100NE3). High energy absorbing (HE) masten vertragen het voertuig aanzienlijk in geval van een aanrijding.
Het risico op secundaire botsingen met andere obstakels, zoals bomen of andere bermopstellingen en eventuele weggebruikers wordt hierdoor verminderd. De 100HE3 masten worden toegepast wanneer: andere weggebruikers aanwezig zijn; er zich andere obstakels in de berm bevinden; er geen effen berm voorzien is dus waar het risico op een secundair ongeval aanwezig is.
Beleidsplan openbare verlichting Gemeente Rheden 2021 - 2030
23
De non energy absorbing (NE) of break-away mast houdt in dat een lichtmast een voertuig tijdens een botsing zo min mogelijk afremt. De inzittenden lopen dan de minste kans op letsel. Dat is het geval met lichtmasten met een afschuifconstructie. Met deze constructie breken de masten tijdens een botsing op de hoogte van het maaiveld af. De 100NE3 masten worden toegepast wanneer: geen andere weggebruikers aanwezig zijn; er zich geen andere obstakels in de berm bevinden; er een effen berm voorzien is dus waar het risico op een secundair ongeval uitgesloten is. *Bewust afwijken van deze norm is mogelijk, mits het goed en weloverwogen wordt gedaan. Zo kan het volgen van een norm in sommige gevallen niet (volledig) mogelijk zijn, omdat de situatie dat technisch niet toelaat. Dan kan het soms niet anders om af te wijken. In het kader van aansprakelijkheid is een gedegen (risico)analyse, die goed gedocumenteerd is en in een technisch dossier is opgenomen, een juiste (minimum)basis om in bepaalde gevallen af te kunnen wijken. Hoe en wanneer afgeweken kan worden moet van geval tot geval bekeken te worden.
Beleidskeuze: Indien blijkt dat botsvriendelijke lichtmasten voor een bepaald wegvak nodig zijn, dan zal de gemeente dit soort masten in overweging nemen.
Stabiliteitsmetingen In het kader van openbare veiligheid en daarmee de wettelijke aansprakelijkheid en het verlengen van de technische levensduur van lichtmasten staat het uitvoeren van stabiliteitsmetingen, door een hierin gespecialiseerd bedrijf, in de belangstelling. De argumenten om de stabiliteit van lichtmasten te meten zijn: Per lichtmast wordt, bij goedkeur, een restlevensduur van zes jaar gegarandeerd; Deze garantie kan voor de wegbeheerder gunstig zijn bij een eventuele claim vanwege een omgevallen lichtmast; Op basis van de verkregen metingen kan de restlevensduur van de gemeten masten worden verlengd, wat een financieel voordeel kan opleveren; Er wordt voorkomen dat een technisch nog goede mast wordt vervangen (duurzaam). Er kunnen ook vraagtekens gezet worden bij het nut van stabiliteitsmetingen: De meting geeft slechts een beeld van de gemeten mast en zegt weinig of niets over de kwaliteit van andere soortgelijke masten; In het onderhoudsbestek is al opgenomen dat de aannemer de kwaliteit van de mast tijdens het remplace controleert. Dit geldt ook voor de schilder; Er is geen wettelijke verplichting om stabiliteitsmetingen te verrichten. Een goed beheerplan en uitvoering daarvan is voldoende om eventuele claims bij schades te voorkomen; De incidenten zijn in de afgelopen tien jaren (landelijk) op een hand te tellen.