260424-0509941 aanmeldnotitie planmerbeoordeling haveland gemeente rheden
Tekst van het document
In het stikstofonderzoek uit 2025 is nog uitgegaan van het voorbereidingsbesluit, dat de provincie Gelderland op 23 april heeft genomen, dat voorziet in tijdelijke regels om stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden te beperken. Deze tijdelijke regels zijn na de beoogde vaststelling van de Omgevingsverordening Gelderland 20252026 in augustus 2026 niet meer geldig. Derhalve wordt voor deze beoogde ontwikkeling niet meer rekening gehouden met de stikstofresultaten uit het onderzoek waarbij rekening is gehouden met het voorbereidingsbesluit. Gebruiksfase Uit de berekening van de beoogde gebruiksfase in vergelijking met beide referentiesituaties voor het rekenjaar 2039 is gebleken dat de stikstofdepositie geen toename laat zien, maar een afname binnen hetzelfde habitat. Hierbij is dus rekening gehouden met de salderingsruimte van bedrijven die vertrekken. Significant negatieve effecten op de stikstofgevoelige habitats als gevolg van dit plan kunnen daarmee voor deze fase worden uitgesloten. Aanlegfase Uit de berekening van de aanlegfase in vergelijking met de referentiesituatie voor het rekenjaar 2026 is gebleken dat de stikstofdepositie bij beide varianten geen toename laten zien, maar een afname binnen hetzelfde habitat. Significant negatieve effecten op de stikstofgevoelige habitats als gevolg van dit plan kunnen daarmee voor deze fase worden uitgesloten.
Vanwege toepassing van salderingsruimte van bedrijven die vertrekken, is bij de verdere uitwerking een passende beoordeling nodig om significant negatieve effecten uit te sluiten en in te gaan op de additionaliteit16 en geldt te zijner tijd een vergunningplicht voor het project. NNN De NNN-gebieden liggen op korte afstand van het plangebied. Op grond van de provinciale verordening van de provincie Gelderland hoeft niet getoetst te worden op externe werking. Beschermde plant- en diersoorten De buitenruimte (privé en openbaar) en bebouwing wordt natuurinclusief en biodivers ingericht wat een leefomgeving creëert die plaats biedt aan een gevarieerde flora en fauna 17. De focus ligt op de ontwikkeling van een vitale biotoop waar een breed spectrum aan planten en dieren zich kan vestigen en ontwikkelen. Hierdoor verbetert naar verwachting de biodiversiteit van het huidige bedrijventerrein. Bij de nadere uitwerking van de ontwikkeling wordt aanbevolen om een natuuronderzoek naar beschermde planten diersoorten uit te voeren om de huidige biodiversiteit in kaart te brengen en de effecten van de ontwikkeling op deze biodiversiteit.
16
Aantonen dat salderingsruimte niet nodig is voor het natuurherstel; toepassing beleidsregels salderen van de provincie Gelderland.
17
Gemeente Rheden, 2025.
Pagina | 49
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
3.10.3 Conclusie Natura 2000 Als gevolg van mogelijke toename van de recreatiedruk (door de nieuwe bewoners) is bij de verdere uitwerking van het plan nader onderzoek nodig (bijvoorbeeld in de vorm van een voortoets) om significant negatieve effecten uit te sluiten. Als mitigerende maatregel kan het meegroeien van het recreatief groen, natuur, water en landschap met het stijgende aantal woningen worden meegenomen. Door het weggaan van bedrijven in Haveland (zoals betoncentrale Meteoor) ontstaat er stikstofruimte voor de woningbouw en kunnen significant negatieve effecten als gevolg van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. De uitvoering van een passende beoordeling is bij de verdere uitwerking noodzakelijk om deze stikstofeffecten nader in beeld te brengen. NNN De NNN-gebieden liggen op korte afstand van het plangebied. Op grond van de provinciale verordening van de provincie Gelderland hoeft niet getoetst te worden op externe werking. Beschermde plant- en diersoorten Het planvoornemen leidt naar verwachting tot een verbetering van de biodiversiteit door de natuurinclusieve en biodiverse inrichting van de buitenruimte en bebouwing, waardoor een vitale biotoop ontstaat voor een breed spectrum aan flora en fauna.
Om de huidige situatie en mogelijke effecten op beschermde soorten zorgvuldig in beeld te brengen, is het uitvoeren van een natuuronderzoek in de vervolgfase noodzakelijk.
3.10.4 Noodzakelijke en mogelijk mitigerende en compenserende maatregelen Om mogelijke negatieve effecten van de ontwikkeling te voorkomen en te beperken, worden de volgende mitigerende en compenserende maatregelen voorgesteld: Nader onderzoek effecten op Natura 2000-gebieden Bij de verdere uitwerking is nader onderzoek noodzakelijk om significant negatieve effecten op Natura 2000gebieden uit te sluiten. Hierin is specifiek aandacht nodig voor de omgang met recreatiedruk en de stikstofeffecten in de Natura 2000-gebieden: ▪ Bij transformatie per deelgebied moet worden bezien wat het gevolg van de transformatie is ten aanzien van de recreatiedruk; ▪ Door het vroegtijdig realiseren van toegankelijke en aantrekkelijke recreatiemogelijkheden in en nabij Haveland buiten Natura 2000-gebieden (zoals buurtparken, speelplekken, wandel- en fietsroutes, hondenlosloopgebieden) kan recreatiedruk op de omliggende Natura 2000-gebieden verder worden beperkt. Daarbij kan aangesloten worden bij het Nationale Programma Groen in en om de Stad (GIOS) 18.
▪ In algemene zin kunnen de uitgangspunten voor de Basiskwaliteit natuur; en dan met name de Basiskwaliteit natuur in de bebouwde omgeving (Edixhoven & Hofhuis, 2025) richting geven aan de ontwikkeling/inrichtig/beheer van de te ontwikkelen en in te richten gebieden; ▪ Indien bedrijven weggaan met een grote stikstofdepositie bezien hoe de stikstofruimte die ontstaat behouden kan blijven voor overige transformatie van geheel Haveland. Hierover in gesprek treden met Provincie Gelderland en de bedrijven. Natuuronderzoek beschermde soorten Natuuronderzoek voorafgaand aan verwijderen bebouwing en begroeiing: voorafgaande aan de werkzaamheden moet volledig inzicht bestaan in de aanwezigheid van en effecten op beschermde soorten. Aanbevolen wordt om het onderzoek ruim voorafgaand aan de geplande werkzaamheden uit te voeren, zodat rekening gehouden kan worden met de doorlooptijd van het onderzoek (sommige onderzoeken dienen een jaar rond te worden uitgevoerd), een eventueel aanvraag omgevingsvergunning in het kader van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en eventuele mitigerende en compenserende maatregelen tijdig genomen kunnen worden.
18
Het Nationale Programma Groen in en om de Stad (GIOS) is een beleidsaanpak van de ministeries van Binnenlandse Zaken en toenmalig Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit om meer en betere kwaliteit groen te realiseren in en om steden. Het programma biedt gemeenten en provincies handvatten via een Handreiking om groen volwaardig mee te nemen bij de bouw van meer woningen, met als doelen een gezondere en klimaatadaptievere leefomgeving, meer biodiversiteit, en verbeterde leefbaarheid.
Pagina | 50
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
3.11
Water en klimaat
3.11.1 Huidige situatie Oppervlaktewater In Figuur 3-23 is het oppervlaktewater ter hoogte van het plangebied weergegeven. Aan de oostkant van het plangebied, ter hoogte van de Pinkelseweg en de Schaarweg, bevindt zich oppervlaktewater (de voormalige IJsselloop).
Figuur 3-23 Oppervlaktewater in het plangebied (bron: Kadaster, 2025)
Grondwater De maaiveldhoogte in het plangebied varieert tussen 21 meter boven NAP in het noordwesten en 12 meter boven NAP in het zuidoosten.19 Door deze verschillen in maaiveldhoogte varieert ook de gemeten grondwaterstand in het plangebied. De grondwaterstanden volgen de seizoenen: in de zomer dalen de standen door een neerslagtekort, terwijl ze in de winter stijgen door een neerslagoverschot. Voor woningbouw geldt als richtlijn een minimale ontwateringsdiepte van 0,7 meter om overlast te voorkomen. Wanneer de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) hoger is dan deze ontwateringsdiepte, moet hiermee rekening worden gehouden bij de ontwikkelingen door het maaiveld te verhogen of de grondwaterstanden te verlagen. In Figuur 3-24 is de gemiddeld laagste grondwaterstand ten opzichte van het maaiveld in het plangebied weergegeven. De GLG is het gemiddelde van de drie laagst waargenomen grondwaterstanden per jaar, over een periode van minimaal acht jaar. In het gehele plangebied bevindt de GLG zich relatief diep onder het maaiveld (>2 meter onder maaiveld). In 2050 kan de grondwaterstand veranderen door veranderingen in het klimaat, water en landgebruik. Figuur 3-25 geeft inzicht in de verwachte gemiddelde laagste grondwaterstand bij een hoog scenario van klimaatverandering.
Ten noorden van het plangebied is er sprake is van 0,25-1 meter stijging van de verwachte gemiddelde laagste grondwaterstand (ter hoogte van infiltratiegebied de Veluwe). Ten zuiden van het gebied langs de IJssel is er sprake van 0,25-1 meter daling.
19
NAP, geraadpleegd op 24-03-2026.
Pagina | 51
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
Figuur 3-24 Gemiddelde laagste grondwaterstand (bron: Nationaal Water Model, 2018)
Figuur 3-25 Gemiddelde laagste grondwaterstand 2050 (bron: Nationaal Water Model, 2018)
In Figuur 3-26 is de kwel- en infiltratiekaart van het plangebied weergegeven. Infiltratiegebieden zijn plaatsen waar de bodem onverzadigd is waardoor water de bodem in kan dringen. Kwelgebieden zijn gebieden waar het grondwater onder druk aan de oppervlakte uit de bodem komt. Gebieden met veel kwel zijn vaak minder geschikt voor waterberging. In Haveland is er sprake van infiltratie (wegzijging) in de bodem. Bij een hoog scenario van klimaatverandering is er kans op enige toename van kwel (0,1-0,5 mm/dag) rond het oppervlaktewater en (enige) toename van wegzijging (0,1-1 mm/dag) ter hoogte van deelgebied 2 in 2050 (zie Figuur 3-27).20
20
Nationaal Water Model, 2016.
Pagina | 52
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
Figuur 3-26 Kwel en infiltratiekaart (bron: Nationaal Water Model, 2016)
Figuur 3-27 Kwel en infiltratiekaart 2050 (bron: Nationaal Water Model, 2016)
Overstromingsrisico In Figuur 3-28 is het overstromingsrisico binnen het plangebied in beeld gebracht. In het plangebied is sprake van een overstromingsrisico bij een grote (1 keer in de 10 jaar), middelgrote (1 keer in de 100 jaar) en kleine (1 keer in de 1000 jaar) kans ter hoogte van de Schaarweg. Net buiten het plangebied is er sprake van overstromingsrisico bij een grote, middelgrote en kleine kans langs de IJssel.
Pagina | 53
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
Figuur 3-28 Overstromingsdiepte bij een grote (linksboven); middelgrote (rechtsboven); en kleine (linksonder) kans (bron: Landelijk informatiesysteem water en overstromingen, 2022)
Wateroverlast Wateroverlast kan het resultaat zijn van een (te) hoge grondwaterstand of hevige regenval. Figuur 3-29 toont de waterdiepte bij kortdurende hevige neerslag. Verspreid in het gehele plangebied is sprake van wateroverlast bij hevige neerslag (70 mm/2 uur). Tussen de bebouwing ter hoogte van Thomassen Compressors (deelgebied 2) is er sprake van een waterdiepte tussen 5 tot 15 centimeter. Langs bedrijfsbebouwing van Meteoor kan dit oplopen tot circa 20 centimeter.
Figuur 3-29 Waterdiepte bij hevige bui 70 mm/2 uur (bron: Deltares/ ROR, 2018)
Hittestress Het stedelijk hitte-eiland effect verwijst naar het verschijnsel waarbij de temperatuur in stedelijke gebieden enkele graden hoger is dan in landelijke gebieden. Dit wordt veroorzaakt door factoren zoals lage windsnelheden, Pagina | 54
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
het gebruik van donkere, warmte-absorberende materialen en de warmte die door menselijke activiteiten wordt gegenereerd. Dit effect heeft invloed op de gezondheid, leefbaarheid en waterbeheer. Figuur 3-30 toont een kaart met het gemodelleerde stedelijk hitte-eiland effect voor het plangebied. In Haveland is het hitte-eiland effect van Rheden duidelijk zichtbaar. Het temperatuur effect loopt op tussen 0,7 en 0,9 graad Celsius nabij de westelijke rand.
Figuur 3-30 Stedelijk hitte eiland effect (bron: RIVM, 2020)
(Drink)waterbescherming Het plangebied ligt niet in grondwaterbeschermingsgebied.
of
nabij
een
innamepunt
voor
waterwingebied,
drinkwater-
en
KRW Binnen het plangebied bevinden zich geen oppervlaktewaterlichamen met een KRW (Kaderrichtlijnwater) status. Het dichtstbijzijnde KRW-oppervlaktelichaam (IJssel) ligt op circa 100 meter ten zuiden van het plangebied (Figuur 3-31). Er wordt geen effect verwacht op het KRW-oppervlaktelichaam.
Figuur 3-31 KWR-oppervlaktelichamen (bron: Kaderrichtlijn Water 2022-2027, 2026)
3.11.2 Effecten Haveland Oppervlaktewater Met wadi’s in de buitenruimte en greppels langs de wegen wordt hemelwater in Haveland vastgehouden, lokaal gebruikt en (vertraagd) afgevoerd naar de IJssel. Het gebufferde water wordt in Haveland zo veel mogelijk lokaal gebruikt. Conform de hemelwaterverordening van de gemeente Rheden moet regenwater op eigen terrein worden verwerkt, met een verhoogde opvangnorm van ten minste 60 mm water per m2 nieuw bouwwerk of Pagina | 55
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
nieuw verhard oppervlak. De Pinkelseweg en Havelandseweg fungeren enerzijds als de uitlopers van de droogdalen op de heuvels ten noorden van Haveland en anderzijds wordt hemelwater in Haveland langs deze wegen verzameld en afgevoerd. De uitgangspunten uit de hemelwaterverordening worden per deelgebied uitgewerkt. Grondwater De ontwikkeling heeft geen relevante effecten op het grondwater. Overstromingsrisico De ontwikkeling van Haveland heeft geen effecten op het overstromingsrisico. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van primaire of secundaire keringen of belangrijke waterbergingsgebieden. Wanneer onvoldoende bergingscapaciteit in het plangebied wordt gerealiseerd ontstaan er problemen met de waterafvoer in de IJssel. Daarmee is er een kans dat de IJssel buiten zijn oevers treedt bij hevige regenval. Wateroverlast De mate waarin wateroverlast beperkt blijft in het gebied hangt af van de lokale ophoging, de mate van waterberging en infiltratie. Met wadi’s in de buitenruimte en greppels langs de wegen wordt hemelwater in Haveland vastgehouden, lokaal gebruikt en (vertraagd) afgevoerd naar de IJssel. Het gebufferde water wordt in Haveland zo veel mogelijk lokaal gebruikt.
De Pinkelseweg en Havelandseweg fungeren enerzijds als de uitlopers van de droogdalen op de heuvels ten noorden van Haveland en anderzijds wordt hemelwater in Haveland langs deze wegen verzameld en afgevoerd. De mate van effectiviteit is op dit abstractieniveau nog moeilijk vast te stellen en dient in een nadere fase verder te worden uitgewerkt. Hittestress Door het stedelijk hitte-eiland effect zijn stedelijke gebieden aanzienlijk warmer dan hun landelijke omgeving, naar verwachting toenemen. Het uitbreiden en versterken van de groenblauwe structuur in Haveland heeft een positieve bijdrage aan het mitigeren van hittestress. (Drink)waterbescherming De ontwikkeling van Haveland heeft geen effecten op de drinkwaterbeschermingsgebieden en de KRW oppervlaktewateren.
3.11.3 Conclusie Bij realisatie van voldoende waterberging in het plangebied wordt een toenemende druk op de IJssel en het risico op wateroverlast in en rondom het plangebied als gevolg van de ontwikkeling voorkomen. Daarmee worden er met de realisatie van voldoende waterberging geen aanzienlijke milieueffecten verwacht voor het thema ‘water’.
3.11.4 Noodzakelijke en mogelijke mitigerende en compenserende maatregelen Om mogelijke negatieve effecten van de ontwikkeling te voorkomen en te beperken, worden de volgende mitigerende en compenserende maatregelen voorgesteld: Waterbelang ▪ Opstellen van een Waterbelang voor Haveland, waarbij voldoende waterberging binnen het plangebied wordt geborgd. In aanvulling op de noodzakelijke mitigerende en compenserende maatregelen kan het thema water en klimaat verder worden versterkt door het implementeren van de volgende maatregelen: ▪ Het voorkomen van hittestress kan worden bevorderd door het aanleggen van bomen die schaduw geven, groene daken, waterpartijen en het verminderen van verharding in de openbare ruimte.
Pagina | 56
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
3.12
Bodem
3.12.1 Huidige situatie Bodemopbouw Er is geen verwachte bodemdaling in of nabij het plangebied.21 Bodemkwaliteit Landelijk beleid stelt strikte eisen voor de bodemkwaliteit. Bij nieuwe ontwikkelingen moet worden voldaan aan de basisbodemkwaliteit voor de gewenste functies. Dit leidt ertoe dat, bij ontwikkelingen, de bodemkwaliteit enkel gelijk kan blijven als deze voldoet aan de bodemkwaliteit voor de gewenste functie, of deze kan verbeteren. Bodemverontreiniging is een risico voor de gezondheid van mens, plant en dier en voor een onbeheersbare verspreiding in het milieu. Ondergronds ruimtegebruik Bij ondergronds ruimtegebruik wordt specifiek gekeken naar de huidige ruimteclaims in de ondergrond, deze kunnen afkomstig zijn van nutsvoorzieningen maar ook door beperkende aspecten. Bij ondergronds ruimtegebruik kan worden gedacht aan waterwinning, warmte koudeopslag (WKO), warmtenetten (zie ook paragraaf 3.8 over het warmtekoudesysteem) en andere kabels en leidingen. Nieuwe woningbouwontwikkelingen kunnen een ondergrondse ruimteclaim door de aanleg van kabels en leidingen, riolering en warmtenetten, WKO-systemen hebben. Het plangebied ligt buiten waterwingebieden en de grondwaterbeschermingsgebieden. Daarmee zijn de aanvullende regels ter bescherming van de kwaliteit van het grondwater binnen het plangebied niet van toepassing.
3.12.2 Effecten Haveland In het plangebied bevinden zich geen bijzondere bodemwaarden. Er worden op bodemopbouw geen negatieve effecten verwacht. Voor de bodemkwaliteit worden geen negatieve effecten voorzien, er is mogelijk zelfs sprake van een positief effect indien sanering plaatsvindt. Voor ondergronds ruimtegebruik dient bij de planvorming rekening gehouden te worden met de aanwezige afgetakte buisleiding ter hoogte van de Pinkselseweg. Deze wordt mogelijk gesaneerd, indien dit vanwege omgevingsveiligheidsrisico’s nodig is voor de beoogde ontwikkeling. De ontwikkeling zelf leidt niet tot nieuwe bodem- en/of grondwaterverontreiniging.
3.12.3 Conclusie In het plangebied bevinden zich geen bijzondere bodemwaarden. Er worden op bodemopbouw geen negatieve effecten verwacht. Voor de bodemkwaliteit worden geen negatieve effecten voorzien, er is mogelijk zelfs sprake van een positief effect indien sanering plaatsvindt. Voor ondergronds ruimtegebruik dient bij de planvorming rekening gehouden te worden met de aanwezige buisleiding ter hoogte van de Pinkselseweg. De ontwikkeling zelf leidt niet tot nieuwe bodem- en/of grondwaterverontreiniging.
3.12.4 Noodzakelijke en mogelijke mitigerende en compenserende maatregelen Om mogelijke negatieve effecten van de ontwikkeling te voorkomen en te beperken, worden de volgende uitgangspunten en mitigerende en compenserende maatregelen voorgesteld: Bodemonderzoek en -sanering passend bij de gewenste functie ▪ Bij iedere nieuwe ontwikkeling dient rekening te worden gehouden met de bodemopbouw en bodemkwaliteit ter plaatse van de ontwikkeling. In geval van graafwerkzaamheden dient door middel van een actueel verkennend bodemonderzoek te worden nagegaan of lokale bodemverontreinigingen aanwezig zijn. Indien uit onderzoek blijkt, dat sprake is van aanwezige gevallen van ernstige verontreiniging, dan moet op grond van de Omgevingswet een procedure doorlopen worden bij werkzaamheden die tot het roeren van grond en/of verplaatsing van grondwater leiden, zodat de bodem geschikt wordt voor de beoogde functie. Voor het eventueel afvoeren van verontreinigde grond en/of verontreinigd grondwater moeten de mogelijkheden van afvoer en verwerking (mede in relatie tot PFAS) worden nagegaan. Bij het ophogen van de grond in Haveland mag het grondverzet niet resulteren in bodemverontreinigingen.
21
Klimaateffectatlas 2050, 2026.
Pagina | 57
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
4.
Conclusie De gemeente Rheden werkt aan de transformatie van industrieterrein Haveland naar een gemengd woonwerkgebied met circa 700 - 1.000 extra woningen en een toename van het aantal banen, voorzieningen en bedrijvigheid. In een plan-mer-beoordeling moet sprake zijn van een integrale beoordeling van milieueffecten. Het gaat dan om het vergelijken van de huidige situatie ten opzichte van de geplande situatie. Vanuit het integraal perspectief is duidelijk dat met de huidige voorgenomen ontwikkeling geen aanzienlijke negatieve milieugevolgen worden verwacht. Op deelaspecten zijn wel mogelijke milieueffecten gesignaleerd. Hiervoor zijn mitigerende en compenserende maatregelen beschreven die de milieueffecten kunnen voorkomen of beperken in tabel 4.1. In onderstaande tabel zijn noodzakelijke nadere onderzoeken, mogelijk noodzakelijk mitigerende maatregelen en aanvullende maatregelen beschreven. Tabel 4-1 Noodzakelijk nadere onderzoeken, (mogelijk) noodzakelijke mitigerende maatregelen en mogelijke aanvullende mitigerende maatregelen ten behoeve van de transformatie van Haveland tot werk- en woongebied Thema Verkeer en mobiliteit Geluid
Luchtkwaliteit Omgevingsveiligheid
Trillingen Geur Licht Energie en circulariteit Landschap, cultuurhistorie en archeologie
Water en klimaat
Noodzakelijke mitigerende en compenserende maatregelen en/of onderzoek ▪ Een mobiliteitsonderzoek per gebied ▪ Tijdens de transitie voortdurend monitoring ▪ Maatregelenonderzoek bij geluidbelasting wegverkeeren spoorwegverkeer hoger dan de standaardwaarde ▪ Verkleining gezoneerde industrieterrein ▪ Luchtkwaliteitsonderzoek ▪ Sanering van een vergunde bovengrondse propaanopslagtank en aftakking ondergrondse aardgastransportleiding, indien nodig voor ontwikkeling ▪ Onderzoek naar omgevingsveiligheid ▪ Bij keuzes in het kader van het gemeentebrede omgevingsplan ook omgevingsrisico’s voor de beoogde transformatie betrekken ▪ Nader onderzoek naar trillingshinder ▪ N.v.t. ▪ Beperken van licht (zie natuur) ▪ Onderzoek naar collectieve warmteen energievoorziening ▪ Landschappelijke inpassing in het stedenbouwkundig- en landschapsplan ▪ Beeldkwaliteitsplan opstellen om ruimtelijke kwaliteit beter te borgen ▪ Cultuurhistorisch waardevolle objecten meenemen in de landschappelijke- en stedenbouwkundige inpassing ▪ Gericht (bureau)onderzoek, eventueel gevolgd door een veldonderzoek met behulp van archeologische boringen ▪ Uitwerken van het watergebiedsplan voor Haveland, waarbij voldoende waterberging binnen het plangebied wordt geborgd.
Natuur
▪
Bodem
▪ ▪ ▪ ▪
Uitvoeren nader onderzoek effecten op Natura 2000gebieden, met name gericht op mogelijke recreatiedruk en stikstofeffecten Natuuronderzoek beschermde soorten Bodemkwaliteitsonderzoek Bij het ophogen van de grond in Haveland mag het grondverzet niet resulteren in bodemverontreinigingen. In het omgevingsplan voor Haveland een bebouwingsvrije zone opnemen rondom de buisleiding. Binnen deze zone moet worden voldaan aan de beplantingsvoorwaarden de leidingbeheerders.
Mogelijke aanvullende mitigerende maatregelen
N.v.t. N.v.t.
N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Het voorkomen van hittestress kan worden bevorderd door het aanleggen van bomen die schaduw geven, groene daken, waterpartijen en het verminderen van verharding in de openbare ruimte. N.v.t.
N.v.t.
Pagina | 58
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
5.
Bibliografie Bezener-Krijnen, M., Witteveen+Bos, Quick Scan Spoortrillingen Haveland, TAM omgevingsplan Haveland, 2024. Bos, R.J., DGMR Industrie, Transitie industrieterrein Haveland; inpasbaarheid bedrijvigheid in woon- werkgebied, 2025. Dobben H. van, Bobbink R., Bal D. en Hinsberg A. van, Overzicht van kritische depositiewaarden voor stikstof, toegepast op habitattypen en leefgebieden van Natura 2000, Alterra, Onderzoekcentrum B-WARE, Ministerie van Economische Zaken (Programmadirectie Natura 2000) en Planbureau voor de Leefomgeving Alterra-rapport 2397, Wageningen UR, Wageningen, 2012. Dolman, E., Soundforceone, Aanvullende notitie stikstofdepositie herontwikkeling Haveland, 2025. Dolman, E., Soundforceone, Onderzoek stikstofdepositie Transformatie Industrieterrein Haveland Gemeente Rheden, 2025. Edixhoven, F. &. H. Hofhuis, Basiskwaliteit Natuur in de bebouwde omgeving; een uitwerking van condities per bebouwd landschapstype, Consortium van Naturalis Biodiversity Center, IUCN NL, Vogelbescherming Nederland, SoortenNL, Wageningen Environmental Research (WENR, WUR) en Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel, Vers 1.0, Juli 2025. Gemeente Rheden, Bestemmingsplan Archeologie, 2014. Gemeente Rheden, Bestemmingsplan Haveland, 2019. Gemeente Rheden, Masterplan Haveland (vastgesteld 22 april 2025), 2025. Gemeente Rheden, Omgevingsplan, 2025.
Gemeente Rheden, Omgevingsvisie ‘Natuurlijk Rheden’ 2040, 2025. Huurman, C., Cultuurhistorische Verkenning Industrieterrein Haveland, Rheden (concept), 2024. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Staatscourant, Kennisgeving melding Omgevingswet buisleiding met gevaarlijke stoffen Rheden Zaak: H1888463, Inspectie Leefomgeving en Transport, 11 maart 2026. Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM), Advies externe veiligheid: Stedenbouwkundig Plan Haveland (deelgebied 1); Pinkelseweg, Rheden, 2026. Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM), Verkenning transitie industrieterrein Haveland, onderzoek naar invloed bedrijvigheid op transitie naar woon- en werkgebied, 2024. Provincie Gelderland, Recreatiezoneringsplan Veluwe; Natuur beschermen én beleven, 2022. Willemse, N. W. & J.A.T. Wijnen, RAAP-RAPPORT 2534 Archeologie in de gemeente Rheden Actualisatie archeologische kaarten, 2012. Websites www.atlasleefomgeving.nl www.klimaateffectatlas.nl www.topotijdreis.nl www.waarstaatjegemeente.nl Natura 2000 gebieden | natura 2000 Home - Ontwikkeling stikstofbelasting Veluwe (AERIUS Monitor) Pagina | 59
Plan-mer-beoordeling Gebiedsprogramma Haveland Rheden projectnummer 0509941.100 24 april 2026 revisie 04 Gemeente Rheden
Home - Ontwikkeling stikstofbelasting Rijntakken (AERIUS Monitor) Adviezen - Ecologische Autoriteit Recreatiezonering Veluwe Herstelprogramma's Veluwe
Pagina | 60
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1800 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Landdrostdreef 100 1314 SK Almere Postbus 10044 1301 AA Almere
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@anteagroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.