230609 Programma CCB 2023 - 2030 v1.06
Tekst van het document
Conceptueel Circulair Bouwen Programma 2023 - 2030
1 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Inhoudsopgave Bestuurlijke samenvatting .................................................................................................. 3 1.
Programma Conceptueel Circulair Bouwen........................................................... 6
Inleiding ....................................................................................................................................................6 Totstandkoming programma ....................................................................................................................8 Doel en scope ..........................................................................................................................................8
2.
Programmaonderdelen en bouwstenen ................................................................. 9
Programmaonderdeel 1. Ambities in de regio ....................................................................................... 10 Programmaonderdeel 2. Uniforme werkwijze ....................................................................................... 12 Programmaonderdeel 3. Kennis en capaciteit ...................................................................................... 18
3.
Organisatie ............................................................................................................. 24
Routekaart Conceptueel Circulair Bouwen ........................................................................................... 26 Uitvoeringsagenda ................................................................................................................................ 27
Bijlagen ............................................................................................................................ 31+
2 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Bestuurlijke samenvatting Urgentie De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen heeft een grote woningbouwopgave die snel, betaalbaar en duurzaam gerealiseerd moet worden. De Woondeal is geactualiseerd en legt de lat op ca. 33.000 huizen tot en met 2030, met grote ambities op gebied van conceptueel circulair bouwen. Dit omdat de bouwsector verantwoordelijk is voor 40% van het primaire grondstoffenverbruik, 40% van de totale afvalproductie en 11% van de totale CO2-uitstoot. Bouwkosten lopen op, er is een groot tekort aan (goed opgeleid) personeel en verschillende bouwgrondstoffen worden schaars. Kortom, redenen om in te zetten op conceptueel circulair bouwen (CCB). We richten ons op het verminderen van primair abiotisch materiaalgebruik en reduceren daarmee CO2- en stikstofuitstoot en dragen bij aan een gezonde leefomgeving. Potentie van Conceptueel Circulair Bouwen Om snel en goed te kunnen bouwen moet onze aanpak veranderen. Snelheid is nodig omdat de behoefte aan woningen groot is. Kwaliteit is nodig om leefbaar te verstedelijken met minimale impact op de planeet. Conceptueel Circulair Bouwen (CCB) heeft de potentie om snelheid en kwaliteit te combineren zonder dat dat ten koste gaat van betaalbaarheid. Maar dat gaat niet vanzelf. Er zijn uitdagingen. Met een eenduidige gezamenlijke aanpak kunnen we die uitdagingen het best het hoofd bieden.
Dat is het doel van het regionale Programma CCB 2023-2030. Definitie circulair bouwen Circulair bouwen betekent het ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van gebouwen, gebieden en infrastructuur, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Bouwen op een wijze die economisch verantwoord is en bijdraagt aan het welzijn van mens en dier. Hier en daar, nu en later. [Transitieagenda Circulaire Bouweconomie] Definitie conceptueel bouwen Conceptueel bouwen betekent het werken vanuit herhaalbare, innovatieve, integrale en flexibele bouwoplossingen, die per project kunnen inspelen op de eigenheid van bewoners, de locatie en de opdrachtgever. De oplossing is ontwikkeld, ontworpen en geëngineerd door de aanbieder van het concept, samen met partijen uit de toeleverende industrie. [Netwerk Conceptueel Bouwen] Uitdagingen Er is een breed scala aan uitdagingen die ons belemmeren in het meer gangbaar maken van CCB. Het beleid verschilt per gemeente/opdrachtgever, er is geen eenduidig toekomstperspectief, circulariteit in de bouw wordt niet eenduidig gemeten en getoetst, conceptbouw is nog niet breed geaccepteerd, procedures zijn niet geënt op conceptbouw, doelstellingen verschillen per bouwproject, et cetera. Een deel van deze uitdagingen kunnen gemeenten en andere opdrachtgevers zelf oplossen.
Voor de bouwende partijen is het cruciaal dat de vraag naar CCB eenduidig en op grote schaal gesteld wordt, omdat ze anders niet kunnen investeren in een nieuwe manier van werken en nieuwe producten. Er moet een gelijk speelveld ontstaan voor CCB ten opzichte van traditionele lineaire locatiespecifieke bouw. CCB moet de norm én gewoon worden! Essentie regionaal Programma CCB Het regionale Programma CCB 2023-2030 zorgt voor het verminderen van primair (abiotisch) materiaalgebruik in de bouw en toename van conceptueel en industrieel bouwen. Om dit te realiseren ontwikkelen we een gezamenlijke uniforme aanpak (doelen, beleid, instrumenten, samenwerking). In die aanpak staat het benutten van de Circulaire Impactladder centraal. We passen dit toe bij alle grotere bouwprojecten in onze regio. Dat samen levert eerlijk speelveld van voldoende omvang op. Dat vergt (nu) duidelijk commitment van alle stakeholders! Het vergt ook breed opbouwen van kennis en kunde én duidelijke sturing en regie.
3 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Programmaonderdelen en bouwstenen Dit regionale Programma CCB zorgt voor het versterken en versnellen van CCB aan de hand van 3 programmaonderdelen. Binnen deze onderdelen zijn 13 bouwstenen gedefinieerd en uitgewerkt:
1. Ambities in de regio
2. Uniforme werkwijze
3. Kennis en capaciteit
1.1 Gemeenten
2.1. Raamwerk circulair bouwen
3.1. Kennisbehoefte
1.2. Woningbouwcorporaties
2.2. Milieu-impact en materiaalgebruik
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
1.3. Marktpartijen
2.3. Raamwerk conceptueel bouwen
3.3. Kennisdeling
2.4. Monitoring
3.4. Innoveren en experimenten
2.5. Inkoop en aanbesteding
3.5. Capaciteit
Organisatie Voor de implementatie van het Programma CCB is uitwerking gegeven aan de organisatorische verankering binnen de regio en binnen de relevante netwerken. Samenwerking met overheden, woningcorporaties, marktpartijen en het kennisnetwerk rondom conceptueel circulair bouwen is een belangrijke factor voor succes. Tijdlijn Het Programma CCB heeft 2030 als horizon. De tijdlijn is tot 2026 uitgewerkt in een routekaart en uitvoeringsagenda, in lijn met de Regio Deal periode 2024-2026. Belangrijke mijlpalen hierin zijn: besluitvorming over dit regionale Programma CCB in Q2 van 2023, eerste stappen voor uniformere werkwijze, kennisdeling en opleiding in Q3 en Q4 van 2023. In 2024 starten we met intervisie in projecten, werken we toe naar intentie- en samenwerkingsovereenkomsten met woningcorporaties en marktpartijen en werken we aan extra ambtelijke capaciteit. We zorgen voor verdieping op inhoudelijke thema’s en starten we met monitoren van onze duurzaamheidsprestaties in projecten. Het Programma CCB wordt jaarlijks geactualiseerd, voor het eerst eind 2024. Context Het regionale Programma CCB schetst de interne en externe context voor meer conceptueel circulair bouwen in onze regio. De interne context wordt voornamelijk gevormd door de Regio Deal, de Woondeal regio Arnhem-Nijmegen en de door de GMR ontwikkelde Circulaire Impactladder. De externe context betreft: 1.
Kamerbrief ‘Aanbieding plan van aanpak versnellen processen en procedures woningebouw’ (BZK) 2. Kamerbrief ‘Beleidsagenda normeren en stimuleren circulair bouwen’ (BZK, LNV en IenW) 3. Citydeal Circulair en Conceptueel Bouwen (BZK) 4. Het Nieuwe Normaal (BZK en Cirkelstad) 5. Manifest 2.0 ‘Bouwen binnen de grenzen van onze planeet’ (Gideon en DGBC) 6. De Woonstandaard (Aedes en NCB) 7. Lenteakkoord 2.0 (brancheverenigingen) 8. Platform CB’23 (Transitieteam Circulaire Bouweconomie)
4 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
5 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
1. Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023-2030 Inleiding De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen heeft de opgave om 33.000 woningen te bouwen tot 2030 en staat voor de uitdaging om dit snel, betaalbaar én duurzaam te realiseren. We richten ons op het verminderen van primair abiotisch materiaalgebruik1 en reduceren daarmee CO2- en stikstofuitstoot. De opgave draagt daarmee bij aan de transitie naar een circulaire economie (50% minder gebruik van primaire grondstoffen), de klimaatdoelstellingen van het Rijk (55-60% minder CO2-uitstoot) en reductie van bouw-gerelateerde stikstofuitstoot (60% in 2030). Daarvoor moeten we onze manier van bouwen rigoureus veranderen. Van locatiespecifiek naar fabrieksmatig conceptueel bouwen met biobased materialen en hoogwaardig hergebruik van onderdelen en materialen. De opgave is urgent, aangezien de bouwsector een van de meest vervuilende sectoren van Nederland is. Het verbruikt 40% van de primaire grondstoffen, is verantwoordelijk voor 40% van de afvalproductie, veroorzaakt 11% van de CO2-uitstoot (materiaalgebonden emissies, zie studie DGBC) en stoot veel stikstof uit in het proces. Dit is zo goed als onveranderd sinds het klimaatakkoord in Parijs 2015.
Daarnaast leiden oplopende bouwkosten, tekort aan opgeleide arbeidskrachten, toenemende schaarste van grondstoffen en hoge faalkosten steeds vaker tot het vertragen of vastlopen van projecten. De snelheid, betaalbaarheid en duurzaamheid van projecten komen daardoor in het gedrang. Daarom neemt de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, ondersteund door de provincie en het Rijk, de verantwoordelijkheid om duurzaamheid en de transitie naar conceptueel circulair bouwen als leidend motief te hanteren voor de realisatie van de woningbouwopgave in de regio. Om hier uitwerking en uitvoering aan te geven is dit Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 opgesteld. Het programma versnelt en versterkt de transitie naar conceptueel circulair bouwen (CCB). We schalen op en werken toe naar een regio waar CCB de norm én gewoon is.
Figuur 1: Dynamiek rondom de systeemverandering van ‘klassiek’ bouwen naar industrieel conceptueel bouwen. Bron: Ministerie BZK apr ’21 Programma conceptuele bouw en industriële productie
1 Primaire abiotische grondstoffen zijn mineralen, metalen en fossiele stoffen die uit de natuur worden gehaald.
6 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Circulair bouwen In 2018 is de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie opgesteld, hierin wordt circulair bouwen gedefinieerd als: “Circulair bouwen betekent het ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van gebouwen; gebieden en infrastructuur, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Bouwen op een wijze die economisch verantwoord is en bijdraagt aan het welzijn van mens en dier. Hier en daar, nu en later.” Circulair ontwerpen en bouwen kan worden gezien als duurzaam bouwen met als doel het beperken van grondstofgebruik en daarmee het reduceren van negatieve milieueffecten op de korte én lange termijn. Op de korte termijn kan het gebruik van primaire grondstoffen gereduceerd worden door traditionele bouwmaterialen, zoals beton, staal, aluminium en bakstenen te vervangen door hergebruikte, biobased of andere milieuvriendelijke alternatieven. Op de lange termijn kan het gebruik van primaire grondstoffen gereduceerd worden door circulair te ontwerpen met demontabele, modulaire en losmaakbare methoden, zodat gebouwen en gebouwelementen hergebruikt kunnen worden aan het einde van hun eerste levenscyclus.
Conceptueel bouwen Het Netwerk Conceptueel Bouwen (NCB) definieert ‘conceptueel bouwen’ als volgt: “Het werken vanuit herhaalbare, innovatieve, integrale en flexibele bouwoplossingen, die per project kunnen inspelen op de eigenheid van de bewoners, de locatie en de opdrachtgever. De oplossing is ontwikkeld, ontworpen en geëngineerd door de aanbieder van het concept, samen met partijen uit de toeleverende industrie.”. Conceptueel bouwen gaat om het herhaalbaar en daardoor sneller en op grotere schaal kunnen bouwen. Industriële productie zorgt voor schaalvoordelen, het beperken van faalkosten en materiaalverliezen en stimuleert daarmee de betaalbaarheid en snelheid van woningbouw (zie studie NCB). Industrieel bouwen draagt bovendien bij aan een toekomstbestendige bouwsector, vanwege de minder grote afhankelijkheid van geschoolde ambachtslieden en langere gezonde inzetbaarheid van werknemers. Conceptueel én circulair bouwen Betaalbaar én snel én circulair bouwen staan in de huidige bouwpraktijk vaak op gespannen voet met elkaar. Meer industriële productie van circulaire conceptbouw maakt deze combinatie mogelijk, zie figuur 2. Als er een goede afzetmarkt is loont het voor fabrikanten om te investeren in circulaire (en modulaire) woningbouwconcepten.
Figuur 2: Onderlinge relatie van verschillende definities in de bouwketen. Bron: Ministerie BZK apr ’21 Programma conceptuele bouw en industriële productie
7 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Totstandkoming programma Dit Programma CCB 2023-2030 is tot stand gekomen door een proces van oriëntatie op de regionale bouwopgave en inventarisatie van behoeftes bij alle stakeholders. Er is urgentie en draagvlak, maar CCB staat nog in de kinderschoenen. Er is grote behoefte aan een eenduidige aanpak, goede samenwerking en regionale opschaling. Zie voor verdere toelichting bijlage 1: Totstandkoming programma.
Doel en scope Het doel van dit programma is om op eenduidige manier CCB te versnellen en op te schalen in onze regio, daardoor het gebruik van primaire grondstoffen sterk te reduceren en tegelijkertijd onze woningbouwopgave te realiseren. Het programma richt zich in eerste instantie op nieuwbouw woningbouw, met renovatie en onderhoud daarbij aangehaakt waar mogelijk. We streven er naar om koppelkansen met andere thema’s, zoals natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen, inzichtelijk te maken en te benutten.
8 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
2. Programmaonderdelen en bouwstenen Op basis van een inventarisatie van behoeftes vanuit gemeentes, stakeholders en projecten is een programma opgesteld bestaande uit drie programmaonderdelen, waar we binnen de regio met de betrokken gemeenten en stakeholders gericht aan gaan werken. Per programmaonderdeel zijn verschillende bouwstenen opgesteld, zoals afgebeeld in figuur 3. Deze kunnen onafhankelijk van elkaar en gefaseerd worden uitgevoerd. Net zoals het programma, zijn de bouwstenen dynamisch. Om bij te sturen kunnen er bouwstenen bijkomen of vervallen.
Ambities in de regio
Uniforme werkwijze
Kennis en capaciteit
1.1. Gemeenten
2.1 Raamwerk circulair bouwen
3.1. Kennisbehoefte
1.2. Woningbouwcorporaties
2.2. Milieu-impact en materiaalgebruik
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
1.3. Marktpartijen
2.3. Raamwerk conceptueel bouwen
3.3. Kennisdeling
2.4. Monitoring
3.4. Innoveren en experimenteren
2.5. Inkoop en aanbesteding
3.5. Capaciteit
Figuur 3: Schematische weergave van de opbouw van het programma.
1. Ambities in de regio Voor het behalen van de ambities uit de Woondeal (2023) zijn de gemeenten afhankelijk van samenwerking met corporaties en marktpartijen en dient samen nadere uitwerking en uitvoering te worden gegeven aan conceptueel circulair bouwen. 2. Uniforme werkwijze We werken toe naar een uniforme werkwijze in beleid en projecten. Hierdoor geven we een duidelijk signaal aan de markt af en zijn we als overheden voorspelbaar en betrouwbaar. Hierbij staan meetbare doelstellingen, methoden en instrumenten om dit op projectniveau inzichtelijk te maken én regionale monitoring centraal. Nieuwe doelstellingen vragen om nieuwe vormen van inkopen en aanbesteden met bijhorende prestaties en gunningscriteria. 3. Kennis en capaciteit Het succesvol opschalen en versnellen van conceptueel circulair bouwen is afhankelijk van voldoende kennis en capaciteit. Vanuit projecten bepalen we welke kennisbehoefte er bestaat en dragen we bij aan kennisontwikkeling. Daarbij signaleren we ook waar er kansen zijn om op onderwerpen te innoveren en experimenteren. Kennisdeling binnen en buiten de regio zorgt ervoor dat andere stakeholders ook kunnen profiteren van de opgedane kennis. Extra ambities op het vlak van CCB vragen om extra en langdurige capaciteit. Hiervoor zetten we bestaande capaciteit efficiënter in en organiseren we extra interne en externe capaciteit.
9 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Programmaonderdeel 1. Ambities in de regio Voor het uitvoeren en uitwerken van de woningbouwopgave zijn gemeenten afhankelijk van samenwerking met woningcorporaties en marktpartijen, die als grond- en gebouweigenaren verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van een belangrijk deel van de woningbouwopgave. Publiekrechtelijk gelden er beperkingen aan de eisen die een gemeente kan stellen aan partijen op het gebied van duurzaamheid. Het is daarom van belang om overeenstemming te bereiken met woningcorporaties en marktpartijen over de ambities en doelstellingen.
Bouwsteen 1.1. Gemeenten De gezamenlijk ambitie van de GMR-gemeenten is om snel, betaalbaar en goed de tot 2030 benodigde 33.000 woningen te bouwen. Dat vertaalt zich in maximale inzet op CCB. In de Woondeal (2023) zijn hiervoor de volgende ambities afgesproken: 1. Per 2025 is minimaal 25% van de toegepaste materialen circulair (hergebruikt of hernieuwbaar) en per 2030 minimaal 50%. Dat betekent overigens wel dat deze percentages al meerdere jaren eerder uitgevraagd moeten worden. 2. Per 2025 wordt uitgegaan van een maximale MPG-score van 0,5 3. Per 2025 is minstens 25% van de te bouwen woningen conceptueel en per 2030 minstens 50%. Voor de GMR-gemeenten is het van belang dat deze ambities nog eenduidiger en eenvormiger worden opgenomen in beleid. Uitvoeringspunten bouwsteen 1.1 Actie GMR
1.1.1. Ambities CCB eenduidig opnemen in gemeentelijk beleid, in combinatie met bouwstenen 2.1. en 2.2.
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel en borging in beleid, organisatie en projecten
Bouwsteen 1.2. Woningcorporaties Een groot deel van de woningbouwopgave is de verantwoordelijkheid voor de woningbouwcorporaties. Zij hebben door het vervallen van de verhuurdersheffing weer financiële middelen om deze verantwoordelijkheid te nemen. Na jaren van bezuinigingen en focus op renovatie en onderhoud biedt de markt nu de kans om circulaire woningbouwconcepten in te kopen. Concepten die betaalbaar, herhaalbaar en kwalitatief hoogwaardig zijn én bovendien snel kunnen worden gebouwd. Dit vraagt om een andere manier van inkopen en andere vormen van opdrachtgeverschap. Voor sommige corporaties is dit nieuw, terwijl andere corporaties al verder zijn in deze transitie. Er zijn verschillende voorbeelden van succesvolle conceptuele en circulaire projecten in onze regio. Om dit proces te versnellen en op te schalen helpen we de corporaties bij het vinden van een collectieve focus. Daarom nemen we samen met Aedes en het NCB het initiatief om de woningcorporaties samen te laten werken aan een plan conceptueel circulair bouwen, in lijn met de regionale doelstellingen. Dit plan gaat gezamenlijke focus brengen en leidt dan tot opschaling en versnelling met een nieuwe praktijk van Conceptueel Circulair Bouwen (CCB).
We starten dit initiatief bij de vier grote corporaties in Arnhem en Nijmegen (Volkshuivesting, Vivare, Talis en Portaal) met als doel dat de andere corporaties in de regio hierbij aansluiten. We sluiten met de corporaties eerst een intentieovereenkomst waarin we afspraken maken over doelen en ambities. Deze werken we vervolgens uit tot een samenwerkingsovereenkomst met concrete en meetbare afspraken.
10 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Uitvoeringspunten bouwsteen 1.2 Actie GMR
Rol gemeente
1.2.1. Samenwerking initiëren woningcorporaties Volkshuisvesting, Vivare, Talis en Portaal en Aedes, NCB
-
1.2.2. Gezamenlijk plan CCB woningcorporaties opstellen
-
1.2.3. Intentieovereenkomst woningcorporaties – gemeentes opstellen
Besluitvorming over tekenen intentieovereenkomst
1.2.4. Samenwerkingsovereenkomst woningcorporaties – gemeentes opstellen
Besluitvorming over tekenen samenwerkingsovereenkomst
Bouwsteen 1.3. Marktpartijen Aangezien een groot deel van de woningbouwopgave op grondposities van marktpartijen plaatsvindt (% nader te bepalen), willen we ook hen stimuleren meer conceptueel circulair te bouwen. We zien dat er een aantal koplopers in de regio actief zijn met ambities rond dit thema, terwijl andere partijen een meer afwachtende houding innemen. Vooralsnog worden ambities rondom CCB gekenmerkt door vrijblijvendheid en vrijwilligheid. Om marktpartijen mee te nemen willen we een publiek-private samenwerkingsovereenkomst sluiten met afdwingbare afspraken (zie ‘Bijlage 2: Bovenwettelijke eisen’ voor een toelichting). We kijken hierbij inhoudelijk naar voorbeelden en ervaringen in het land, zoals het convenant houtbouw (MRA) en het convenant toekomstbestendig bouwen (provincie Utrecht en MRA). We kiezen bewust voor de term samenwerkingsovereenkomst omdat de convenanten die elders zijn getekend meer een vrijblijvend karakter hebben. Het is vrij makkelijk om je als marktpartij (maar ook als gemeente!) bij een convenant aan te sluiten, als dat geen consequenties heeft binnen projecten. Het is onze ambitie om minder vrijblijvende en meer afdwingbare afspraken met marktpartijen vast te leggen. We starten met een intentieovereenkomst, waarin we de intentie vastleggen om toe te werken naar een samenwerkingsovereenkomst.
We schetsen hierin op hoofdlijnen de doelen en ambities. In de samenwerkingsovereenkomst maken we deze ambities en doelen concreet en meetbaar. Uitvoeringspunten bouwsteen 1.3 Actie GMR
Rol gemeente
1.3.1. Verkenning draagvlak samenwerking en afspraken (i.s.m. gemeenten)
-
1.3.2. Intentieovereenkomst marktpartijen – gemeentes opstellen
Besluitvorming over tekenen intentieovereenkomst via GMR
1.3.3. Samenwerkingsovereenkomst marktpartijen – gemeentes opstellen
Besluitvorming over tekenen samenwerkingsovereenkomst via GMR
11 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Programmaonderdeel 2. Uniforme werkwijze Om uitwerking en uitvoering te kunnen geven aan Conceptueel Circulair Bouwen (CCB) moeten ambities en doelstellingen bestuurlijk en politiek draagvlak hebben en geborgd zijn in beleid en projecten. Daarvoor is het belangrijk dat we dezelfde taal spreken, doelstellingen concreet en duidelijk zijn én afspraken meetbaar en toetsbaar zijn. Uitwerking van deze doelstellingen (zoals de hoogte van de MPG) -en besluitvorming hierover- zijn belangrijke stappen in de uitvoering van het Programma CCB.
Bouwsteen 2.1. Raamwerk circulair bouwen: Circulaire Impactladder In lijn met de doelstellingen van het Rijk sturen we op het reduceren van het gebruik van primaire abiotische grondstoffen. Dit zijn mineralen, metalen en fossiele grondstoffen die uit de natuur worden gehaald. Dit is onze hoofddoelstelling. We gebruiken daarvoor onze Circulaire Impactladder. Die is geheel in lijn met het nieuwe nationale ‘normenkader’ Het Nieuwe Normaal (HNN). Daar sluiten we op aan en dat draagt bij aan een meer uniforme werkwijze. Circulaire Impactladder als meetinstrument voor materiaalgebruik De Circulaire Impactladder is een, in opdracht door de Groene Metropoolregio ontwikkeld, instrument die helpt bij het inzichtelijk maken van de mate van circulair materiaalgebruik van projecten en aangeeft hoe op onderdelen de circulariteit van een project verhoogd kan worden (zie ‘Bijlagen 4: interne context’). Het kijkt daarbij naar het percentage circulair (hergebruikt en biobased) materiaal, dat moet leiden tot een afname van primaire abiotische grondstoffen. Het product is ontwikkeld om de doelstellingen uit de Woondeal te kunnen meten en om circulair bouwen te stimuleren. Uit eerste analyses op basis van de Circulaire impactladder blijkt dat met conventionele methodes van bouwen 90-98% primair materiaal gebruikt wordt (projectnummer 2 en 3 uit figuur 4).
Projectnummer 1 laat de potentie van biobased bouwen zien: dit is het Natural Pavilion op de Floriade 2022 (zie figuur 5).
Figuur 4: Uitkomsten materiaalgebruik Circulaire impactladder
Figuur 5: Natural Pavilion (DP6 – Noordereng Groep)
12 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
We zien ook dat sturen op CO2-reductie in de bouw steeds belangrijker wordt (zie bijvoorbeeld de CO2budgetbenadering van DGBC). Door met de Circulaire Impactladder te sturen op reductie van het gebruik van primaire abiotische grondstoffen ontstaat ook direct substantiële reductie van CO2-uitstoot, omdat hergebruikte materialen en biobased materialen een veel lagere CO2-impact hebben dan traditionele abiotische bouwgrondstoffen. Biobased bouwmaterialen slaan zelfs substantiële hoeveelheden CO2 op! We maken die CO2-reductie inzichtelijk, maar gebruiken het in dit Programma CCB niet als (tweede) sturingsvariabele. We sturen op reductie van primair abiotisch materiaalgebruik. Het Nieuwe Normaal HNN is een initiatief van Cirkelstad en het Rijk en dient een nieuw, gedragen ‘normenkader’ te worden voor circulair bouwen. Een normenkader met haalbare én ambitieuze circulaire prestaties voor de gebouwde omgeving (zie ‘Bijlage 5: externe context’). In de methodiek van HNN staan een aantal subthema’s benoemd, zie figuur 6. In aansluiting op de ambities uit de Woondeal geven we met behulp van de Circulaire Impactladder invulling aan het subthema ‘Milieu-impact en materiaalgebruik’ (zie ook bouwsteen 2.2.) en in iets mindere mate ook aan de andere subthema’s.
Figuur 6. Raamwerk HNN Gebouw 0.5
Uitvoeringspunten bouwsteen 2.1 Actie GMR
2.1.1. Raamwerk formuleren met Circulaire Impactladder en Het Nieuwe Normaal als norm voor circulair bouwen in de regio.
13 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel en borging in beleid, organisatie en projecten
Bouwsteen 2.2. Milieu-impact en hergebruikpotentie Naast het sturen op materiaalgebruik vinden we het ook belangrijk om te kijken naar de milieu-impact van bouwen en willen we de toekomstige hergebruikpotentie van materialen maximaliseren. Om die reden kijken we, conform Het Nieuwe Normaal, ook naar de MPG, MPG-2 en de hergebruikpotentie. Milieu-impact (MPG) De MPG (Milieu Prestatie Gebouw) is de wettelijke norm om te toetsen op milieu-impact. Circulair bouwen is een manier om een gewenste lage MPG score te realiseren. Bij de MPG wordt berekend wat de milieuschade is van de materialen van gebouwen: van bouw tot en met einde levensduur (sloop). In het bouwbesluit wordt een eis gesteld aan een MPG-score van 0,8. Uit de praktijk (zowel overheid als marktpartijen) komen geluiden dat een MPG-score van 0,8 (te) gemakkelijk wordt behaald. Bovendien heeft de MPG berekeningsmethodiek enkele onvolkomenheden die de toepassing van CCB hinderen. In december 2022 heeft het Ministerie van BZK aangegeven dat er een verkenning wordt gestart om de eis van een MPG-score van 0,5 versneld in te stellen, namelijk in 2025 (zie Bijlage 5). In HNN 0.5 wordt hierop vooruitgelopen door voor grondgebonden woningen al uit te gaan van een prestatie-eis van 0,5 en voor gestapelde woningen van 0,55.
Wij gaan uit van de versnelde invoering van de MPG-eis 0,5 en vragen om daarbij ook de berekeningsmethodiek te verbeteren. Embodied Carbon (MPG-2) en construction stored carbon Een veelbesproken aandachtspunt bij het gebruik van MPG is dat met enkel het werken met MPG onvoldoende rekening wordt gehouden met twee factoren: 1. De korte termijn CO2-impact van bouwen. Gezien de Parijs-doelstellingen dienen we voor 2023 en 2050 flinke stappen te maken met het terugdringen van CO2-impact. Deze korte termijn impact komt met MPG niet goed tot uiting. Het meten van deze CO2-impact wordt ook wel benoemd als embodied carbon of MPG-2. 2. De voordelen van biobased bouwen. Voor het groeien van biobased bouwmaterialen wordt CO2 opgenomen. Deze CO2 wordt als het ware onttrokken uit de atmosfeer en opgeslagen in bouwmaterialen en gebouwen, vandaar de naam construction stored carbon. Dit effect wordt niet in MPG of in MPG-2 meegerekend, maar kan een belangrijke bijdrage leveren aan het behalen van klimaatdoelstellingen. Wij willen inzichtelijk maken hoeveel de bouw van onze woningen op de ‘korte termijn’ (30 jaar) bijdraagt aan de globale klimaatafspraken (Parijs 2015) en dus CO2-reductie. Voor meer informatie zie Bijlage 5.
Hergebruikpotentie: Circulair ontwerpen en materialenpaspoort De hergebruikpotentie zegt iets over de mate waarin bouwmaterialen of gebouwonderdelen na einde van de levensduur van het gebouw hergebruikt kunnen worden. Door circulair ontwerpen kan in belangrijke mate worden bijgedragen aan toekomstig hoogwaardig hergebruik van onderdelen van gebouwen. Denk daarbij aan (droge) verbindingen via bouten en moeren in plaats van (natte) verbindingen door aan elkaar gestort beton. Er is geen methodiek om hergebruikpotentie te meten, maar wel om hoogwaardig hergebruik van grondstoffen op materiaal-, product-, element- en objectniveau te bevorderen. Dat kan met materiaalpaspoorten, of kortweg ‘paspoorten’. Deze worden binnen de bouwsector gezien als een belangrijk middel om te komen tot circulaire bouw. Er zijn verschillende vormen (denk aan tools, maar ook schaalniveaus) en aanbieders van materialenpaspoorten. Daarvan gaan we onderzoeken op welke wijze (methoden en instrumenten) we als GMR gaan werken.
Uitvoeringspunten bouwsteen 2.2 Actie GMR
2.2.1. Te hanteren methodieken, instrumenten en werkwijzen voor hoogwaardig hergebruik bepalen
14 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel en borging in beleid, organisatie en projecten
Bouwsteen 2.3 Raamwerk conceptueel bouwen Ambitie De CCB-ambities zoals opgenomen in de Woondeal (2023) (per 2025 zijn ten minste 25% van de te bouwen woningen conceptueel en per 2030 ten minste 50%) maken geen onderscheid tussen grondgebonden of gestapelde woningen. Aangezien een groot deel van de grondgebonden woningen al conceptueel is (bouwpartijen werken al volop met gestandaardiseerde producten en prefabricage van onderdelen en elementen), moet deze prestatie-eis ook specifiek worden gelezen als doelstelling voor gestapelde woningbouw (appartementen) (zie ‘Bijlage 4: interne context’). Woonstandaard Een belangrijk onderdeel van conceptueel bouwen is dat de wijze van inkopen en aanbesteden wijzigt. In plaats van maatwerk te leveren op basis van uiteenlopende programma’s van eisen, ontwerpen en bestekken worden er standaardproducten ontwikkeld, geproduceerd en ingekocht. Om collectief te sturen op de eigenschappen van deze producten is door het Netwerk Conceptueel Bouwen en Aedes de Woonstandaard ontwikkeld. Een beschrijving van uiteenlopende product-marktcombinaties met ruimtelijke en functionele eisen die zowel inkopende als producerende partijen moet helpen om vraag en aanbod bij elkaar te brengen. Een overzicht van conceptuele bouwmethodes is terug te vinden op de Conceptenboulevard.
Conceptuele bouwmethodes Conceptueel bouwen kan gecategoriseerd worden in uiteenlopende bouwmethodes. Onderscheid in categorieën is belangrijk vanwege de bijhorende duurzaamheidsprestaties. In literatuur over industrieel en conceptueel bouwen wordt onderscheid gemaakt tussen drie bouwmethodes: conventioneel (beton), biobased non-volumetrisch (2D-elementen) en modulair bouwen (3D). Het belangrijkste onderscheid zit in het materiaalgebruik. Conventioneel bouwen verbruikt veel primaire grondstoffen, modulair bouwen iets minder en biobased bouwen vrijwel geen. In biobased materiaal wordt bovendien CO2 opgeslagen. Dat vertaalt zich rechtstreeks in CO2 impact! Het is belangrijk hier rekening mee te houden bij het inkopen van conceptuele woningen. Conceptueel bouwen is niet per definitie duurzaam bouwen!
Cat. 1: conventioneel • Beton en grotendeels on-site • 283 kg CO2 per m2 • 90-98% primair materiaalgebruik • -/- 15% bij prefab beton Morgen Wonen
Cat. 2: biobased non-volumetrisch (2D) • Hout skelet, CLT, post-and-beam • 150 kg CO2 per m2 excl. CO2-opslag • 0 (hsb) tot -/- 224 kg (CLT) CO2 per m2 inclusief CO2-opslag Modle
Cat. 3: modulaire woningen (3D) • Lichte frames (hout, staal, aluminium) • 150 kg (hout) tot 200 kg CO2 per m2 (staal) excl. CO2-opslag • 0 (hsb) tot -/- 224 kg (CLT) per m2 inclusief CO2-opslag Absolute Homes
Figuur 7: Categorieen conceptuele bouwmethodes
Absolute houses 15 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Uitvoeringspunten bouwsteen 2.3 Actie GMR
2.3.1. Raamwerk prestaties conceptueel bouwen ontwikkelen
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel en borging in beleid, organisatie en projecten
Bouwsteen 2.4. Monitoring Voor de monitoring van de regionale woningbouwopgave is door de regio een woningmarktmonitor ontwikkeld. Deze monitor wordt jaarlijks geactualiseerd met data van de 18 gemeentes en geeft hiermee op regionaal niveau inzicht in de ontwikkeling van de woningbouwopgave. Deze woningmarktmonitor gaan we uitbreiden met data over conceptueel circulair bouwen, zoals materiaalgebruik, milieu-impact en categorie bouwmethode. Met deze uitbreiding geven we met minimale inzet en middelen betrouwbaar inzicht in de ontwikkeling van de duurzaamheidsopgaven en kan waar nodig worden bijgestuurd. Uitvoeringspunten bouwsteen 2.4 Actie GMR
2.4.1. Woningmarktmonitor uitbreiden met data
over circulariteit en conceptueel bouwen
Figuur 3: Voorbeeld van Woningmarktmonitor
16 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel en borging in organisatie
Bouwsteen 2.5. Inkoop en aanbesteding De wijze van inkoop en aanbesteding is een belangrijke schakel tussen beleidsdoelstellingen en projecten. Voor conceptueel circulair bouwen moet anders omgegaan worden met de inkoop- of tenderstrategie, selectie- en gunningscriteria én de wijze van samenwerking en contractvorming. Voor circulair bouwen is het belangrijk dat er duidelijke en meetbare prestatie-eisen worden gesteld. Belangrijke aandachtspunten daarbij zijn de haalbaarheid (hoe voorkom je te hoge eisen / stapeling van ambities) en de vergelijkbaarheid (hoe borg je dat berekeningen kloppen en vergelijkbaar zijn). Voor conceptueel bouwen is het risico groot dat er een mismatch is tussen vraag en aanbod, waardoor traditionele bouwmethodes winnen. Dit vergt een omslag van de traditionele vraaggestuurde bouw (selectie van een locatiegebonden uniek plan) naar conceptuele aanbodgestuurde bouw (selectie van een standaard product dat breed toepasbaar is). Een kansrijke integrale oplossingsrichting is aanbodgestuurde inkoop van duurzame conceptwoningen. Dat betekent gericht conceptwoningen inkopen of aanbesteden die voornamelijk zijn opgebouwd uit biobased bouwmaterialen (categorie 2 en 3 uit Figuur 7). Uitvoeringspunten bouwsteen 2.5 Actie GMR
Rol gemeente
2.5.1. Aanbevelingen over te hanteren methodes en instrumenten bij inkoop en aanbesteding
Implementeren advies in beleid en projecten
2.5.2. Opzetten van samenwerkingen (bv. met PIANOo) voor advies en ondersteuning bij inkoop en aanbesteding (in afstemming met vergelijkbare GMR trajecten rond inkoop)
-
17 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Programmaonderdeel 3. Kennis en capaciteit Een gebrek aan kennis en capaciteit is een belangrijk risico voor het behalen van de doelstellingen op conceptueel circulair bouwen. In dit programmaonderdeel is uitgewerkt hoe we partijen in de regio helpen aan de benodigde kennis en capaciteit. Dit benaderen we als een iteratief proces van het vaststellen van kennisbehoefte, kennisontwikkeling, innoveren en experimenteren en kennisdeling.
Kennisdeling
Kennisbehoefte
Innoveren en experimenteren
Kennisontwikkeling en opleiding
Figuur 9: Iteratief proces kennis
Bouwsteen 3.1. Kennisbehoefte Om zoveel mogelijk richting te geven aan de activiteiten binnen het Programma CCB en maximaal bij te dragen aan het implementeren van conceptueel circulair bouwen in projecten, zoeken we aansluiting op de belangrijke lopende projecten uit de Woondeal (bijlage 6). We inventariseren vanuit deze projecten wat de projectopgave en -status is en wat bij deze projecten nodig is of nog mogelijk is om daadwerkelijk stappen te zetten in conceptueel circulair bouwen. Het is belangrijk te beseffen dat bij een deel van deze projecten afspraken al vaststaan of de uitwerking al heeft plaatsgevonden en dat er weinig ruimte is voor nieuwe ambities of afspraken. Voor andere projecten is deze ruimte er wel, afhankelijk van de fase waarin het project zich bevindt, grondpositie, businesscase, programma, enzovoort. De benodigde aanpak om conceptueel circulair bouwen te implementeren zal variëren per project. Bij project 1 zal behoefte zijn aan een advies over tenderstrategie met gunningscriteria, bij project 2 zal begeleiding nodig zijn bij het toepassen van de Circulaire Impactladder, bij project 3 zal kennis en capaciteit nodig zijn en bij project 4 zal intervisie nodig zijn. We inventariseren samen met de gemeentes welke aanpak of strategie nodig is, zodat we gericht kunnen ondersteunen met inhoudelijke verdieping, interventie, opleiding of advies.
We kijken daarbij of we vanuit de praktische en dagelijkse behoefte van projecten kunnen werken aan het bundelen van activiteiten, kennisdeling en opschaling. Uitvoeringspunten bouwsteen 3.1 Actie GMR
Rol gemeente
3.1.1. Inventarisatie projecteigenschappen en kennisbehoefte belangrijkste projecten Woondeal
Vast contactpersoon per project en aanleveren van de benodigde projectinformatie
3.1.2. Inventarisatie kennisbehoefte vanuit intervisie projecten (zie bouwsteen 3.2)
-
18 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Bouwsteen 3.2. Kennisontwikkeling en opleiding Via inhoudelijke verdieping, intervisie, opleiding en advies werken we samen met de betrokken projectteams aan de benodigde kennisontwikkeling én de implementatie in projecten. Intervisie Intervisie biedt de kans om inhoudelijke verdieping te zoeken in projecten en samen met de betrokken projectteamleden en experts uitwerking te geven aan oplossingen voor bepaalde problemen binnen projecten. Een intervisietraject kan in twee of drie dagdelen worden doorlopen. Van belang hierbij is dat de projectleden een basis kennisniveau hebben over conceptueel circulair bouwen. Vervolgens kan worden ingezoomd op het project en het proces. Afhankelijk van de vooraf geformuleerde probleemstelling kunnen er experts (bijvoorbeeld van het Expertteam woningbouw van het Rijk) worden uitgenodigd voor inhoudelijke verdieping en advies. Als laatste wordt stilgestaan bij borging en implementatie. Wat zijn de inzichten en de geleerde lessen en hoe kunnen we dit in het project en proces
Inhoudelijke verdieping Uit inventarisatie en intervisie vanuit projecten zal naar voren komen dat op bepaalde thema’s inhoudelijke verdieping gewenst is. Bijvoorbeeld de raakvlakken tussen conceptueel circulair bouwen en opgaves rondom biodiversiteit en klimaatadaptatie (toekomstbestendig bouwen) of de financiële haalbaarheid van conceptueel circulair bouwen (zie toelichting bijlage 3). borgen? Opleiding Het implementeren van doelstellingen op het vlak van conceptueel circulair bouwen in beleid, processen en projecten vergt een gevoel voor urgentie, bewustwording over veranderende rollen en werkwijzen en inhoudelijke kennis en vaardigheden om dit in organisaties en projecten te implementeren. We ondersteunen dit door het aanbieden van een passende en praktische opleiding. We maken hierbij onderscheid tussen gemeentes en corporaties en tussen de verschillende organisatieniveaus: operationeel, tactisch en strategisch. Werken aan verandering begint bij een gevoel van urgentie bij de opgave en betrokkenheid bij bestuurders en directie. Zonder een duidelijke koers en opdracht zal er weinig belang worden gevoeld om de doelstellingen te implementeren in beleid en projecten. We formuleren een opleidingsaanbod wat voldoende ingaat op zowel conceptueel als circulair bouwen, weinig tijdsbeslag vergt en voldoende praktijkgericht is. Gericht op het implementeren in beleid en projecten.
We denken aan: • Masterclasses conceptueel circulair bouwen (i.s.m. Via-T) • Een training ‘circulaire gebiedsontwikkeling’ met behulp van het Kompas Circulaire Gebiedsontwikkeling, waar betrokken projectleiders vanuit meerdere projecten en gemeentes deelnemen en praktische handvatten aangereikt krijgen; • Workshops over de werking en toepassing van Het Nieuwe Normaal en de Circulaire Impactladder. Advies Gemeentes kunnen contact opnemen met de Groene Metropoolregio voor advies. Afhankelijk van de vraag en de benodigde capaciteit kan de Groene Metropoolregio hier zelf in adviseren, of kan zij helpen bij het vinden van de goede ondersteuning of ervaringsdeskundigen elders vanuit de regio. Voorbeelden van ondersteuning zijn: • Flexpool Groene Metropoolregio • Versnellingsteam provincie Gelderland • Strippenkaart woningcorporaties expertise inkoop/aanbesteding (via PIANOo) • Expertteam Woningbouw BZK
19 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Uitvoeringspunten bouwsteen 3.2 Actie GMR
Rol gemeente
3.2.1. Intervisie: Het opstarten van een intervisie-traject voor vijf projecten i.s.m. Expertteam Woningbouw BZK
Projecten aandragen voor intervisie en met projectteam deelnemen aan intervisietraject
3.2.2.Inhoudelijke verdieping: Twee werksessies ‘toekomstbestendig bouwen’
Facultatieve deelname aan werksessie
3.2.3. Inhoudelijke Verdieping: bij projecten in de regio aan de slag met een circulaire GREX-VEX om hier meer kennis over op te doen. We zoeken hierbij aansluiting op het onderzoek ‘circulaire GREX – VEX’, wat mede in samenwerking met de gemeente Arnhem door Alba Concepts is uitgevoerd 3.2.4. Opleiding: Masterclass conceptueel circulair bouwen 3.2.5. Opleiding: Training circulaire gebiedsontwikkeling a.d.h.v. het kompas circulaire gebiedsontwikkeling 3.2.6. Advies: Communiceren over mogelijkheden advies en ondersteuning.
Met casus bijdragen aan verdieping circulaire GREX-VEX,
Facultatieve deelname aan masterclass Facultatieve deelname aan training -
Bouwsteen 3.3. Innoveren en experimenteren De regio speelt een belangrijke rol om innovatie in de hele keten van conceptueel circulair bouwen te stimuleren. Van grondstoffen, productontwikkeling, ontwerp, prefabricage en logistiek tot en met bouw. We gaan de markt uitdagen om te innoveren, we stimuleren het opzetten van ketens van hergebruikte en biobased materialen én we zorgen voor inspiratie. De markt uitdagen om te innoveren Om te innoveren is het nodig om de markt uit te dagen door de lat af en toe hoger te leggen en ruimte te geven aan experimenten. We zien interessante voorbeelden om ons heen waar met behulp van de juiste triggers de aandacht voor conceptueel circulair bouwen een extra stimulans hebben gekregen. We kunnen hier als regio een voorbeeld aan nemen. We denken aan: • Innovatieve prijsvragen: Tenminste één keer per jaar een ontwerpprijsvraag vergelijkbaar met de uitvraag van ‘Een nieuwe bouwcultuur’ of ‘Ballast Nedam’, waarin ontwerpers of bouwers worden uitgedaagd een circulair concept te ontwerpen. • Ambitieuze projecten: Voor iedere gebiedsontwikkeling tenminste één deelproject aanwijzen met extra hoge ambities, zoals een MPG van 0,2, 95% biobased bouwen of 100% modulair bouwen. • Ambitieuze afspraken: Rijwoningen alleen nog in houtbouw concepten realiseren. • Laaghangend fruit: Het benutten van ‘laaghangend fruit’.
Bijvoorbeeld door regionale afspraken te maken over uitgangspunten binnen projecten: o Verbod op gebruik van glas- en steenwol als er biobased alternatieven zijn, o Verbod op gebruik van regulier beton, als er duurzame alternatieven zijn (tenminste X % minder CO2 uitstoot), o Verplicht gebruik maken van recyclebare pallets. Stimuleren van ketens biobased en hergebruikte materialen Om primair abiotisch materiaalgebruik te reduceren zetten we in op het stimuleren van ketens van hergebruikte en biobased materialen. Zo werken we aan: • Regionaal Fieldlab van Building Balance: Building Balance is het nationale programma voor het stimuleren van biomassa verwaarding tot bouwmaterialen. Dit gebeurt in regionale fieldlabs die uit moeten groeien tot rendabele
20 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
•
ketens, zoveel mogelijk met bestaande initiatieven. Een van deze fieldlabs voor biobased bouwmaterialen komt naar verwachting, met hulp van Building Balance, in Wijchen. Groeifondsaanvraag: Samen met de provincie is door de regio een aanvraag rondom 1 op 1 hergebruik van betonelementen van afgebroken gebouwen ingediend bij het Nationaal Groeifonds. Bij toekenning richten we ons op het opzetten van een Community of Practice en het aanjagen van goede voorbeeldprojecten.
Actie GMR 3.3.1. Stimulans en inspiratie: innovatie in regionale projecten borgen 3.3.2. CoP 1 op 1 hergebruik betonelementen en Building Balance fieldlab productieketen biobased bouwmaterialen
Rol gemeente Besluitvorming over voorstel borgen in beleid en projecten. -
en
Figuur 12. Circulaire sloop van het provinciehuis in Arnhem (bron: Arnhemsche Courant).
Bouwsteen 3.4. Kennisdeling Kennisdeling is van belang om andere projecten en gemeentes, provincie, rijk en stakeholders te laten profiteren van de opgedane kennis. Andersom volgen we ontwikkelingen buiten de regio en verzamelen en delen we deze kennis met gemeentes en projecten. Hoewel het kennisniveau per gemeente of zelfs per project kan variëren stellen we in algemene zin vast dat het kennisniveau over conceptueel circulair bouwen tekortschiet om dit regiobreed succesvol in beleid en projecten te implementeren. We gaan daarom kennisdeling faciliteren en stimuleren. We zien dat er heel veel kennis in de markt beschikbaar is, maar dat er onvoldoende tijd en capaciteit is om deze kennis te ontsluiten en toe te passen in beleid en projecten. De focus ligt hier daarom op het ontsluiten en delen van beschikbare kennis. De kennis zal op een aantal manieren verzameld en ontsloten worden (zie voor nadere toelichting Bijlage 3: Kennisontwikkeling en -deling): • Factsheets • Projectenboek • Website 21 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
• • • •
Werkgroepen Landelijke programma’s Kennisbijeenkomsten en –congressen VIA-T
Uitvoeringspunten bouwsteen 3.4 Actie GMR
Rol gemeente
3.4.1. Uitwerken factsheets
Delen binnen de organisaties
3.4.2. Projectenboek: we stellen een digitaal projectenboek op met relevantie projectinformatie over conceptueel circulair bouwen. We zoeken hierbij aansluiting bouwsteen 2.4 monitoring en 3.1 kennisbehoefte.
Vast contactpersoon per project en aanleveren van de benodigde projectinformatie
3.4.3. Website: we richten een online omgeving in waar alle relevantie informatie en nieuws over conceptueel circulair bouwen wordt bijgehouden.
GMR informeren over relevantie informatie vanuit de gemeentes. Interne organisatie informeren over website.
3.4.4. Landelijke programma’s: we delen de ontwikkelingen op landelijk niveau via de website.
-
3.4.5. Kennisbijeenkomsten en -congressen: we zijn zichtbaar op kennisbijeenkomsten en -congressen door actieve deelname en bijdrage aan programma’s. We delen opgedane kennis en inzichten via de website.
Gemeentes kunnen facultatief een bijdrage leveren aan inhoudelijk programma.
3.4.6. Verkennen samenwerking met VIA-T
-
Bouwsteen 3.5. Capaciteit Extra ambities en opgaves op het vlak van conceptueel circulair bouwen vragen extra capaciteit. Deze capaciteit dient langdurig te worden geborgd. We kijken hiervoor naar een combinatie van het efficiënter inzetten van bestaande capaciteit en het organiseren van extra interne en externe capaciteit.
Extra ambtelijke capaciteit Figuur 14: Verschillende oplossingsrichtingen om de beschikbare ambtelijke capaciteit te versterken
Bestaande capaciteit efficiënter inzetten: er gaat veel kostbare tijd verloren door een gebrek aan kennis en ervaring. Door voldoende aandacht voor kennisontwikkeling en -deling (zie bouwsteen 3.2 en 3.4) wordt de bestaande capaciteit efficiënter benut. Flexpool duurzaamheid: De Groene Metropoolregio heeft nu een jaar ervaring met de Flexpool. Deze Flexpool met externe capaciteit (in 2022 en 2023 ingevuld door Arcadis – Over Morgen) is opgesteld naar aanleiding van de opgave om de woningbouwopgave te versnellen. De Flexpool kan door gemeentes worden aangewend om projecten te versnellen. Gemeentes kunnen projecten indienen en maken aanspraak op extra capaciteit of advies. Deze werkwijze kan eenvoudig worden uitgebreid voor de opgave om te verduurzamen. Dit kan bijvoorbeeld door uitbreiding van het Flexpoolteam met relevante expertise, waar nodig in combinatie met uitbreiding van het budget, of de aanbesteding van een separate ‘Flexpool verduurzaming’. Extra ambtelijke capaciteit: Het is wenselijk ook voldoende eigen ambtelijke capaciteit te behouden. Dit draagt bij aan meer betrokkenheid, continuïteit en kennisdeling. Dit is tegelijkertijd een uitdaging: kleinere gemeentes hebben niet de omvang en middelen of zijn een onvoldoende aantrekkelijke werkgever om de gewenste werknemers te werven.
Een oplossingsrichting kan zijn om te werken met regionale extra capaciteit, waarmee een aantal medewerkers kunnen worden geworven die regionaal 22 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
kunnen worden ingezet op projecten. Deze medewerkers kunnen in dienst komen van gemeentes Arnhem en Nijmegen, de GMR of de provincie. Dit vergoot de wervingskansen en hier spelen een aantal van de grotere opgaves. De medewerkers kunnen een deel van hun tijd worden ingezet bij opgaves in kleinere gemeentes. Regionaal traineeship duurzame bouw: Traineeships zijn een succesvolle wijze om nieuw talent aan te trekken en daarmee bij te dragen aan het op de langere termijn borgen van voldoende ambtelijke capaciteit. Idee is daarom om een regionaal traineeship duurzame bouw te ontwikkelen. Dit traineeship kan een samenwerking zijn tussen de gemeentes en de woningbouwcorporaties, waarbij trainees ervaring kunnen opdoen bij verschillende soorten bedrijven en in verschillende afdelingen en rollen. Onderdeel van het traineeship is een opleidingsprogramma, wat zich vooral richt op de ontwikkeling van competenties en vaardigheden en de persoonlijke ontwikkeling. Uitvoeringspunten bouwsteen 3.5 Actie GMR
Rol gemeente
3.5.1. Flexpool duurzaamheid: we breiden de Flexpool versnelling uit of organiseren een Flexpool CCB met expertise op conceptueel circulair bouwen. We wijzen gemeentes actief op de mogelijkheid hier gebruik van te maken. We werken samen met de adviseurs uit de Flexpool aan kennisontwikkeling en kennisdeling.
Interne organisatie wijzen op mogelijkheden Flexpool.
3.5.2. Extra capaciteit: we organiseren regionaal extra capaciteit.
Besluitvorming over voorstel en uitvoering van het plan.
3.5.3. Regionaal traineeship duurzame bouw: we organiseren een regionaal traineeship duurzame bouw.
Besluitvorming over voorstel en uitvoering van het plan.
23 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
3. Organisatie De implementatie van het programma CCB vraagt om een afdoende organisatorische verankering binnen de organisaties en binnen de relevante netwerken. Organisatorische verankering Groene Metropoolregio Voor de afstemming met de gemeentes sluiten we aan op de bestaande GMR overleg- en besluitvormingsstructuur: de ambtelijke en bestuurlijke platforms en de bestuurlijke opgaveteams. We zijn betrokken bij zowel Groene Groei als bij Circulaire Regio. Besluitvorming vindt plaats via Circulaire Regio en agendering via Groene Groei is informerend.
Kernteam Woondeal
Bestuurlijke opgaveteams
Bestuurlijk platform
Opgavemanagement Circulaire Regio en Groene Groei
Ambtelijk platform
Regisseurs programma CCB
Communicatie
Projectleider programmaonderdeel 1
Projectleider programmaonderdeel 2
Projectleider programmaonderdeel 3
Figuur 15: Organisatorische verankering Groene Metropoolregio
De regisseurs Programma CCB zijn verantwoordelijk voor de programmavorming en -uitvoering. Zij staan onder de directe aansturing van de opgavemanagers. De regisseurs Programma CCB zijn intern en extern het gezicht en aanspreekpunt van het Programma CCB. De regisseurs en projectleiders worden ondersteund door een communicatiemedewerkers en programmaondersteuning. De bouwstenen en onderliggende actiepunten kunnen worden gezien als autonoom op te pakken deelprojecten. Deze projecten kunnen worden opgepakt door de regisseurs zelf, maar ook door derden. Denk bijvoorbeeld aan ZZP’ers die één of meerdere programmaonderdelen kunnen uitwerken en uitvoeren. Zij werken inhoudelijk altijd onder de verantwoordelijkheid van de regisseurs. Afstemming stakeholders Voor het behalen van de doelen is het van belang de samenwerking en afstemming met stakeholders te borgen. We maken daarbij onderscheid tussen de afstemming met overheden, woningcorporaties, marktpartijen en het kennisnetwerk rondom conceptueel circulair bouwen. In onderstaande schema staat samengevat met welke stakeholders we afstemming organiseren. De wijze waarop we dat doen verschilt per stakeholder.
24 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Overheden
Woningcorporaties
Marktpartijen
Kennisnetwerk
• Provincie Gelderland • Rijk • Arnhem-Nijmegen
• Vier grote woningcorporaties Arnhem-Nijmegen • Aedes • Netwerk Conceptueel Bouwen (NCB)
• Grote grondeigenaren belangrijkste projecten • Koplopers conceptueel en circulair bouwen
• Cirkelstad • Citydeal CCB • DGBC • Lente-akkoord • PIANOo
Figuur 46: Afstemming stakeholders
Overheden: De Provincie en het Rijk zijn belangrijke partners in het behalen van de doelstellingen. We organiseren tenminste elk half jaar inhoudelijke afstemming met de provincie en elk jaar een gezamenlijke afstemming met het Rijk, de Provincie en de gemeentes Arnhem en Nijmegen over de inhoud en voortgang van het programma CCB en raakvlakken met gemeentelijke, provinciale en landelijke programma’s en projecten. Als Groene Metropoolregio kunnen we een belangrijke rol spelen als lobbyist richting BZK om aandacht te vragen voor aspecten zoals knellende wet- en regelgeving, subsidiëring, kennisontwikkeling enz. Woningcorporaties: We nemen het initiatief om een vaste samenwerking en overlegstructuur te organiseren met de vier grootste woningcorporaties van Arnhem – Nijmegen (Volkshuivesting, Vivare, Talis en Portaal), Aedes en Netwerk Conceptueel Bouwen met als doel om samen uitwerking te geven aan een plan voor conceptueel circulair bouwen door woningcorporaties. Doel is dat alle grote woningcorporaties in de regio hier aansluiting bij gaan vinden. Marktpartijen: We werken aan een voorstel voor hoe we de grote grondeigenaren van de belangrijkste woningbouwprojecten in de regio kunnen betrekken bij het programma CCB en samen kunnen werken aan een intentie-overeenkomst en samenwerkingsovereenkomst CCB.
We werken aan een voorstel voor hoe we met koplopers uit de regio en in het land kunnen samenwerken en hun kennis en koploperspositie kunnen gebruiken voor het behalen van onze doelstellingen. Een belangrijke kans daarbij is het stimuleren van samenwerking tussen grote grondeigenaren en koplopers, zodat kruisbestuiving plaatsvindt. Kennisnetwerk: We hebben structurele afstemming met diverse stakeholders uit het kennisnetwerk. We sluiten aan bij Cirkelstad bijeenkomsten, COP’s (community’s of practice) en hebben regelmatige afstemming met Citydeal, DGBC en het lente-akkoord om elkaar te informeren over inhoud en voortgang zodat we op de hoogte zijn van wat er speelt en zicht houden op kansen voor samenwerking en kennisdeling. We verkennen mogelijkheden voor samenwerking met PIANOo.
25 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Routekaart Conceptueel Circulair Bouwen
26 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
Uitvoeringsagenda Deze Uitvoeringsagenda is een planning van de uitvoeringspunten bij de bouwstenen, zoals bij elke bouwsteen geformuleerd. Hierin staat ook uitgewerkt wat de rol van de Groene Metropoolregio is en wat van de gemeentes wordt verwacht.
Bouwsteen
Uitvoeringspunt
Gereed
Ambtelijk platform
Bestuurlijk platform
1.1 Gemeenten
1.1.1. Ambities CCB eenduidig opnemen in gemeentelijk beleid, in combinatie met bouwstenen 2.1. en 2.2.
Q3 - 2023
Q4 - 2023
Q4 - 2023
1.2. Woningcorporaties
1.2.1. Samenwerking initiëren woningcorporaties Volkshuisvesting, Vivare, Talis en Portaal en Aedes, NCB
Q4 – 2023
Q4 – 2023
-
1.2 Woningcorporaties
1.2.2. Gezamenlijk plan CCB woningcorporaties opstellen
Q4 - 2023
Q4 - 2023
1.2. Woningcorporaties
1.2.3. Intentieovereenkomst woningcorporaties – gemeentes opstellen
Q1 – 2024
Q1 – 2024
Q1 – 2024
1.2. Woningcorporaties
1.2.4. Samenwerkingsovereenkomst woningcorporaties – gemeentes opstellen
Q4 – 2024
Q4 – 2024
Q4 – 2024
1.3. Marktpartijen
1.3.1. Verkenning draagvlak samenwerking en afspraken (i.s.m. gemeenten)
Q1 – 2024
1.3. Marktpartijen
1.3.2. Intentieovereenkomst marktpartijen – gemeentes opstellen
Q1 – 2024
Q1 – 2024
Q1 – 2024
1.3. Marktpartijen
1.3.3. Samenwerkingsovereenkomst marktpartijen – gemeentes opstellen
Q4 – 2024
Q4 – 2024
Q4 – 2024
2.1. Raamwerk circulair bouwen
2.1.1. Raamwerk formuleren met Circulaire Impactladder en Het Nieuwe Normaal als norm voor circulair bouwen in de regio
Q3 – Q4 2023
Q4 – 2023
2.2. Milieu-impact en materiaalgebruik
2.2.1. Te hanteren methodieken, instrumenten en werkwijzen voor hoogwaardig hergebruik bepalen
Q3 – Q4 2023
Q4 – 2023
2.3. Raamwerk conceptueel bouwen
2.3.1. Raamwerk prestaties conceptueel bouwen ontwikkelen
Q3 – Q4 2023
Q4 – 2023
2.4. Monitoring
2.4.1. Woningmarktmonitor
Q4 – 2024
Q1 – 2025
uitbreiden met data over circulariteit en conceptueel bouwen 2.5. Inkoop en aanbesteding
2.5.1. Aanbevelingen over te hanteren methodes en instrumenten bij inkoop en aanbesteding
Q1 – Q2 2024
Q3 – 2024
2.5. Inkoop en aanbesteding
2.5.2. Opzetten van samenwerkingen (bv. met PIANOo) voor advies en ondersteuning bij inkoop en aanbesteding
Q1 – Q2 2024
Q3 – 2024
3.1. Kennisbehoefte
3.1.1. Inventarisatie projecteigenschappen en
Q3 – Q4 2023
Q1 – 2024
27 | Programma Conceptueel Circulair Bouwen 2023 – 2030 | 09 juni 2023
-
kennisbehoefte belangrijkste projecten Woondeal 3.1. Kennisbehoefte
3.1.2. Inventarisatie kennisbehoefte vanuit intervisie projecten (zie bouwsteen 3.2)
Q1 – Q2 2024
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.1. Intervisie: Het opstarten van een intervisie-traject voor vijf projecten i.s.m. Expertteam Woningbouw BZK
Q1 – 2024
-
-
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.2.Inhoudelijke verdieping: Twee werksessies ‘toekomstbestendig bouwen’
Q3 – 2025
Q3 – 2025
-
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.3. Inhoudelijke Verdieping: bij projecten in de regio aan de slag met een circulaire GREX-VEX om hier meer kennis over op te doen.
Q3 – 2025
Q3 – 2025
-
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.4. Opleiding: Masterclass conceptueel circulair bouwen
Q3 – 2023
-
-
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.5. Opleiding: Training circulaire gebiedsontwikkeling a.d.h.v. het kompas circulaire gebiedsontwikkeling
Q1 – 2024
-
-
3.2. Kennisontwikkeling en opleiding
3.2.6. Advies: Communiceren over mogelijkheden advies en ondersteuning.
3.3. Innoveren en experimenteren
3.3.1. Stimulans en inspiratie: innovatie in regionale projecten borgen
Q3 – 2024
Q4 – 2024
3.3. Innoveren en experimenteren
CoP 1 op 1 hergebruik betonelementen en Building Balance fieldlab productieketen biobased bouwmaterialen
3.4. Kennisdeling
3.4.1. Uitwerken factsheets
Q3 – 2023
Q3 – 2023
3.4. Kennisdeling
3.4.2. Projectenboek: we stellen een digitaal projectenboek op met relevantie projectinformatie over conceptueel circulair bouwen.