CConstaterende datRheden
Koppel je AI →
Document · PDF

190925 Rheden Programmabegroting 2026-2029

Raadsvergadering 4 november 2025, gemeente RhedenBij agendapunt: Vaststelling Programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027 - 202935.457 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

2026 2,93

Verandering 2,7%

375,04 447,12 2,46

2,7% 2,7% 2,7%

314,88 375,40

2,7% 2,7%

De ontwikkeling van de watertoeristenbelasting staat in onderstaand overzicht vermeld.

74

Tabel: Tarieven watertoeristenbelasting Watertoeristenbelasting 2025 Overnachtingen (basistarief)

2026 4,80

4,92

Verandering 2,7%

Forensenbelasting Het basistarief van de forensenbelasting wordt gecorrigeerd met het jaarlijkse inflatiepercentage. De ontwikkeling van de tarieven staat in onderstaand overzicht vermeld:

Tabel: Tarieven forensenbelasting Forensenbelasting 2025 Basistarief 374,96 Opslag 1,43

2026 385,08 1,47

Verandering 2,7% 2,7%

Hondenbelasting Vanaf 1 januari 2023 zijn de tarieven van de hondenbelasting kostendekkend om de uitgaven gerelateerd aan hondenbezit te kunnen betalen. De tarieven voor 2026 zijn met 2,7% geïndexeerd. Tabel: Tarieven hondenbelasting Hondenbelasting 2025 1e hond (basistarief) 2e hond 3e hond 4e hond 5e hond Elke volgende meer Kenneltarief

2026 40,20 46,28 52,35 58,41 64,36 6,09 86,48

Verandering 41,29 47,53 53,76 59,99 66,10 6,25 88,81

1,09 1,25 1,41 1,58 1,74 0,16 2,33

Leges Voor de leges geldt het uitgangspunt dat de hiervoor in aanmerking komende producten gemiddeld kostendekkend worden geleverd. In december wordt middels een afzonderlijk raadsvoorstel aan de raad gevraagd akkoord te gaan met de legestarieven voor het komende begrotingsjaar.

Kwijtscheldingsbeleid Rheden kent de mogelijkheid tot kwijtschelding van belastingen. Daarvoor is een kwijtscheldingsverordening opgesteld die in 2018 door de Raad is vastgesteld. De kwijtscheldingsverordening is opgesteld om een goed overzicht te hebben van de kaders. Voorheen was in diverse belastingverordeningen een artikel opgenomen over de kwijtschelding. Door alles in één verordening vast te leggen voorkomen we misverstanden in de uitvoering. Zeker nu de uitvoering van belastingen bij de Connectie is belegd. Inwoners kunnen geheel of gedeeltelijk kwijtschelding krijgen voor de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Daarnaast is ook kwijtschelding mogelijk voor de leges van een ID-kaart, lijkbezorgingsrechten en voor de hondenbelasting (gedeeltelijk). Inwoners die één keer kwijtschelding kregen toegekend, krijgen vervolgens automatische kwijtschelding indien hun

75

financiële situatie niet is veranderd. Hierbij maken we gebruik van de gegevens van het Bureau InformatieDiensten Nederland (voormalig Stichting Inlichtingenbureau). Voor het jaar 2026 verwachten we geen verhoging van de kwijtscheldingen t.o.v. de begroting 2025.

76

B. Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Algemeen Om te kunnen beoordelen hoe de gemeente Rheden er financieel voorstaat, is het van belang om inzicht te hebben in de financiële positie en de financiële weerbaarheid (welke mogelijkheden zijn er in financieel moeilijke tijden). Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre wij in staat zijn om mogelijke tegenvallers (de risico's) op te vangen zonder dat de uitvoering van het beleid in gevaar komt. In voorliggende Programmabegroting 2026 / meerjarenbegroting 2027-2029 is een uitgebreid pakket aan ombuigingsmaatregelen opgenomen. Deze maatregelen vloeien voort uit de Kadernota en Programmabegroting 2025 en zijn noodzakelijk om een sluitende en solide (meerjaren)begroting op te kunnen stellen. Deze ombuigingen en de hieruit voortvloeiende verlaging van lasten en verhoging van inkomsten moeten in de komende jaren worden gerealiseerd. Er bestaat een risico dat de geraamde besparingen op onderdelen niet of deels tot stand zullen komen. In deze paragraaf houden we daar rekening mee. Met behulp van financiële kengetallen, die betrekking hebben op de balans en de begroting, geven wij een beeld van onze financiële positie. Voor de beoordeling of een kengetal matig of goed is sluiten wij aan bij de richtlijnen van onze provinciale toezichthouder.

Het weerstandsvermogen en de kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van onze financiële positie. Voor een adequate bedrijfsvoering is het belangrijk dat we risico's en onzekerheden tijdig in beeld hebben en ze op een gestructureerde wijze beheersen. Deze paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing, die we bij de jaarrekening 2025 weer zullen actualiseren, is onderdeel van deze beheersing.

Risicomanagement In voorliggende programmabegroting hebben we ook bij de programma's en paragraaf bedrijfsvoering aandacht voor risico's. Daarbij gaan we vooral in op mogelijke effecten op de beleidsrealisatie en bedrijfsvoering. Het risicoprofiel binnen de paragraaf Weerstandsvermogen ziet vooral toe op de belangrijkste financiële risico's die nog niet op een of andere wijze volledig zijn afgedekt. Hier kan sprake zijn van overlap, waardoor risico's zowel bij de beleidsdoelen als in deze paragraaf terugkomen. Bij onderstaand onderdeel Risicoprofiel is een inventarisatie opgenomen van diverse ontwikkelingen met een mogelijk financieel risico. Ons weerstandsvermogen (is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en het risicoprofiel) drukken we uit in de weerstandsratio. De weerstandsratio is ten opzichte van de jaarrekening 2024 (laatste actualisatie) gestegen van 2,1 naar 2,3. Deze verbetering is het gevolg van een voordelige bijstelling van het risicoprofiel. In de hierna volgende onderdelen geven we een nadere toelichting op deze ontwikkeling.

Risicoprofiel Ten opzichte van de jaarrekening 2024 is het risicoprofiel geactualiseerd. In onderstaande tabel zijn de risico's weergegeven.

77

Tabel: Risico-inventarisatie PB 2026 Risico-inventarisatie PB2026 Financieel aandeel gevolg

nr. Risico

Kans

1

Het niet volledig realiseren van alle ingeboekte ombuigingen.

25%

2.000.000

22%

2

Mogelijke hogere uitgaven voor WMO en Jeugdzorg. De budgetten hiervoor blijven onder druk staan.

50%

1.750.000

19%

3

Bezuinigingsmaatregelen van het Rijk

50%

1.000.000

11%

4

Standaard risico met betrekking tot de Participatiewet: a) Hogere lasten dan begroot omdat het aantal uitkeringsgerechtigden minder hard daalt dan het landelijk gemiddelde. b) Tegenvallende inkomsten van het Rijk (BUIG-gelden).

50%

1.000.000

11%

5

Ontwikkeling algemene uitkering uit het gemeentefonds.

75%

500.000

5%

6

Kosten van personele inzet. Door nieuwe, vaak meer flexibele taken, is huidige personele inzet vaak niet voldoende. Dit i.c.m. krapte op arbeidsmarkt.

50%

500.000

5%

7

Aanvullende bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen i.v.m. mogelijke negatieve exploitatie.

25%

500.000

5%

8

Overheveling SPUK-uitkeringen naar gemeentefonds

50%

500.000

5%

9

Kosten voor klimaatopgave

50%

250.000

3%

10 Beheer openbare ruimte en vastgoed: mogelijke meerlasten als gevolg van prijsstijgingen bouwmaterialen en grondstoffen en door vertraging agv stikstofproblematiek .

50%

250.000

3%

11 Implementatie Omgevingswet

75%

250.000

3%

12 Minima- en armoedebeleid: hogere kosten agv economische ontwikkelingen

75%

250.000

3%

13 Overige risico's (stelpost)

10%

250.000

3%

Totaal risicoprofiel bij PB2026:

9.000.000 100%

Toelichting op de kolommen De kolom “risico” bevat de omschrijvingen van risico's (gebeurtenissen) die kunnen leiden tot een (nadelig) financieel gevolg. De waarschijnlijkheid dat de omschreven risico's zich daadwerkelijk voordoen wordt getoond in de kolom “kans”. Via de kolom “financieel gevolg” wordt getoond wat de financiële gevolgen zijn van het zich voordoen van het risico. Dit is een inschatting van het maximale financiële effect van het betreffende risico. De kolom “aandeel” geeft aan welk aandeel het betreffende risico heeft in het totaal van alle mogelijke financiële risico's. Zichtbaar is dat de top 5 risico's 69% uitmaken van alle mogelijke risico's. Voor deze paragraaf merken we het totaalbedrag aan als risicoprofiel. Ten opzichte van de jaarrekening 2024 (laatste bijstelling) is de omvang van het risicoprofiel afgenomen van afgerond € 9,85 miljoen naar € 9 miljoen. De top vijf posten lichten we hierbij kort toe.

78

1. Ombuigingen In de Programmabegroting 2026 is in totaal € 10,7 miljoen aan ombuigingen opgenomen (verlagen uitgaven met 6,1 mln en verhogen inkomsten met 4,6 miljoen). We moeten ermee rekening houden dat niet alle ombuigingen volledig gerealiseerd zullen worden. Hiervoor nemen we een risicobedrag op van € 2 miljoen (250k hoger t.o.v. de jaarstukken 2024). Beheersmaatregel: Ombuigingsmaatregelen concreet invullen door gerichte plannen en uitvoering van bijbehorende acties. Periodiek monitoren op realisatie en tijdig bijstellen indien nodig. 2. Hogere uitgaven voor WMO en Jeugdzorg De zorgvragen blijven een onvoorspelbaar karakter dragen in wanneer zij zich gaan voordoen, wat de aard en duur ervan is en tot welk financieel beslag dit leidt. Over het boekjaar 2024 was enerzijds sprake van een financieel voordeel op de Wmo-uitgaven en anderzijds een nadeel op uitgaven Jeugdzorg. Bij het opstellen van de begroting 2025-2028 is een omvangrijk pakket ombuigingen opgenomen. In dit pakket zijn, vanaf 2026, substantiële bijstellingen / verlagingen van de budgetten Wmo en Jeugdzorg verwerkt. De budgetten blijven onder druk staan onder andere door het wegwerken van achterstanden. Vanwege de wettelijke zorgplicht en de afgesloten contracten met aanbieders tot en met 2026 is de beïnvloeding gering.

In de voorliggende begroting zijn de budgetten voor jeugdzorg substantieel meerjarig verhoogd. Hierdoor lopen we minder risico op budgetoverschrijding (risicobedrag verlaagd met € 250k). Beheersmaatregel: Monitoren, proactief acteren en indien nodig en mogelijk, maken van nieuwe keuzes in het proces en uitwerking van het koersdocument sociaal domein. 3. Bezuinigingsmaatregelen van het Rijk Het ministerie van financiën heeft in augustus 2023 een ombuigingslijst opgesteld en deze lijst bevat een overzicht van mogelijkheden om rijksuitgaven te verlagen om daarmee de overheidsfinanciën te verbeteren. Dit overzicht van ombuigingen biedt technische ondersteuning voor politieke keuzes. In deze lijst zijn o.a. besparingen opgenomen m.b.t. de gemeentelijke financiën. Daarnaast heeft het demissionaire kabinet besluitvorming voor zich uitgeschoven, zoals stikstof, klimaat, druk op het zorgstelsel en veiligheid. Het nieuwe kabinet zal ook nieuwe keuzes moeten maken, zoals bijvoorbeeld het vrijmaken van middelen voor defensie. Al met al ontwikkelingen die naar verwachting zullen leiden tot een grillig verloop van de rijksfinanciën voor gemeenten. In het risicoprofiel is hiervoor een bedrag van € 1.000k opgenomen (bedrag ongewijzigd t.o.v. de jaarrekening 2024). Beheersmaatregel: Lobby richting het rijk via o.a. de VNG en (lokale) media. 4.

Participatiewet Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie. De bestaanszekerheid van inwoners met een laag inkomen staat onder druk. Het inkomensbeleid vanuit het Rijk blijkt ontoereikend; gemeenten moeten de negatieve effecten op inwoners opvangen. Het risicobedrag van € 1.000k is ongewijzigd t.o.v. de jaarrekening 2024. Beheersmaatregel: Adequate toepassing van wettelijke regelgeving en gerichte inzet van reintegratiemiddelen. Monitoren op uitvoering en resultaten en tijdig bijsturen waar nodig en mogelijk. 5. Ontwikkeling algemene uitkering Vanaf 2023 is het nieuwe verdeelmodel gemeentefonds ingevoerd. Gemeente Rheden is een zgn. nadeelgemeente. Vanaf 2027 is sprake van vervolgstappen m.b.t. het ingroeipad naar de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. De huidige suppletie-uitkering voor Rheden (als onderdeel van 79

de algemene uitkering) bedraagt € 2,6 miljoen en zal in komende jaren (vanaf 2027) vanuit het Rijk (Min BZK) worden afgebouwd. Het tempo waarin dit gebeurt is nog ongewis. In de meicirculaire gemeentefonds 2026 wordt hierover meer info verstrekt. We nemen hiervoor een risicobedrag op van € 500K (dit is € 500K lager t.o.v. de jaarrekening 2024, want in de meerjarenbegroting is rekening gehouden met afbouw van de suppletieuitkering). Beheersmaatregel: Lobby richting het rijk via o.a. de VNG en (lokale) media. Mogelijke meerkosten n.a.v. omvorming Connectie (onderdeel van risico-nr. 7) Voor 23 september 2025 staat het voorstel tot omvorming van de De Connectie geagendeerd. We moeten ermee rekening moeten houden dat de omvorming en wijziging in bekostigingssystematiek (van lumpsum naar kostprijsrekening) extra geld zal vragen. Verwachting kosten bijzondere bijstand (risico-nr. 12) Diverse ombuigingen (o.a. op het minimabeleid en de Wmo) hebben effect op de aanvragen bijzondere bijstand. Een deel van de voorzieningen voorliggend aan de bijzondere bijstand bestaat niet meer. Het is onontkoombaar dat de kosten bijzondere bijstand zullen toenemen. In 2026 monitoren we de kostenstijging. Aanvullend benodigd budget rapporteren we in de bestuursrapportage en de kadernota. Stelpost overige risico's In deze inventarisatie is een stelpost opgenomen voor diverse overige risico's.

Bijvoorbeeld voor mogelijke rekeningtekorten, hogere exploitatielasten en kostenstijgingen bij projecten en grondcomplexen. Deze stelpost is ongewijzigd t.o.v. de jaarstukken 2024.

Beheersingsmaatregelen Uit de beschrijving van de risico's kunt u opmaken dat diverse risico's grotendeels door ons niet te beïnvloeden zijn omdat ze buiten onze invloedssfeer liggen. Voor alle risico's geldt dat we sturen op die onderdelen waar we wel invloed op hebben (zgn. beheersing), dat is echter nog geen garantie dat de risico's zich niet voor zullen doen. Het verder uitwerken en implementeren van beheersmaatregelen is onderdeel van het groeiproces om te komen tot een professioneel niveau van risicobeheersing. Onderdeel van dit proces is de 'Nota risicomanagement' die door de Raad op 28-1-2025 is vastgesteld. Invulling geven aan deze nota draagt bij aan de gewenste professionaliseringsslag.

Weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit kan op verschillende manieren worden bepaald. Feitelijk komen alle budgetten, ook vrije reserves of bestemmingsreserves waarvan de bestemming nog gewijzigd kan worden, in aanmerking voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Om praktische redenen worden in deze paragraaf alleen de (nog) niet geoormerkte budgetten meegenomen voor de bepaling van de weerstandscapaciteit, deze ziet er daarmee als volgt uit: Tabel: Beschikbare weerstandscapaciteit Dekkingen

Omvang

Algemene reserve (stand PB2026 01012026)

€ 21.391.568

Begrotingssaldo 2025 (stand 2e berap 2025)

pm

Mutaties AR o.b.v. bestuursrapportages 2025

€ -482.934

Incidentele begrotingsruimte Totale weerstandscapaciteit

€ 45.000 € 20.953.634

80

Algemene reserve (AR) De AR - waarin opgenomen de risicoreserve - is de voornaamste post van de weerstandscapaciteit; hierop rusten geen nadere verplichtingen. Die verplichtingen zijn afgedekt via de diverse bestemmingsreserves. Begrotingssaldo 2025 Het saldo van de door uw raad vastgestelde Begroting 2025 bedroeg € 135.000 voordelig en dit saldo wordt bij de 2e bestuursrapportage 2025, geagendeerd voor de raad van 23-9-2025, bijgesteld. In afwachting van de behandeling van deze rapportage is hiervoor een 'pm'-post opgenomen. Mutaties AR o.b.v. bestuursrapportages 2025 Dit betreft de mutaties op de AR die opgenomen zijn in de bestuursrapportages 2025. De mutatie ad -/- € 482.934 is als volgt te specificeren: • € 15.350 onttrekking t.b.v. hondenlosloopplek Laag-Soeren (raadsbesluit 17-12-2024) • € 500.000 dotatie (amendement VPR bij 1e berap 2025, raadsbesluit 1-7-2025) • € 967.584 onttrekking t.b.v. project nieuwe gemeentehuis (RIB 16-6-2025). Bovenstaande mutaties zijn verwerkt in de 2e berap 2025. Incidentele begrotingsruimte In de begroting 2026 is voor onvoorziene incidentele lasten een budget van € 45.000 geraamd. Dit bedrag is vrij beschikbaar en onderdeel van de weerstandscapaciteit. Onbenutte belastingcapaciteit Bestaand beleid is dat er bij afval en riool al naar 100% kostendekkendheid wordt gestreefd.

Ten aanzien van de onbenutte belastingcapaciteit gaat het dan vooral over de onroerende zaakbelastingen (OZB). Hiervoor geldt als huidig uitgangspunt dat de opbrengst van de OZB jaarlijks met maximaal het verwachte inflatiepercentage wordt verhoogd, tenzij de raad anders besluit al dan niet op voorstel van het college. Om die redenen wordt de onbenutte belastingcapaciteit bij de berekening van de weerstandscapaciteit buiten beschouwing gelaten.

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico's op te vangen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en het risicoprofiel. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Tabel: Weerstandsratio Weerstandsratio Totale weerstandscapaciteit

Begroting 2025 € 20.953.634

Risicoprofiel

€ 9.000.000

Weerstandsratio

2,3

Voor een nadere duiding van de ratio kan onderstaande normtabel worden gehanteerd. Tabel: specificatie weerstandsratio Weerstandsratio > 2,0

Betekenis Uitstekend

1,4 - 2,0

Ruim voldoende

1,0 - 1,4

Voldoende

0,8 - 1,0

Matig

0,6 - 0,8

Onvoldoende

< 0,6

Ruim onvoldoende

81

Conclusie Ten opzichte van de jaarrekening 2024 (laatste actualisatie) is het totaalbedrag risicoprofiel afgenomen (van € 9,9 naar € 9,0 miljoen) en is de weerstandscapaciteit licht afgenomen (van € 21 naar € 20,9 miljoen). Hierdoor is de weerstandsratio ten opzichte van de jaarrekening 2024 gestegen van 2,1 naar 2,3. Deze verbetering is het gevolg van een verlaging van het risicoprofiel. Op basis van bovenstaande normtabel kan deze score als 'uitstekend' worden gekwalificeerd. Dit is conform het streven zoals opgenomen in (de toelichting bij artikel 22 van) de vigerende Financiële verordening. Het is van belang om het weerstandsvermogen op peil te houden en ervoor te zorgen dat de score minimaal uitkomt op een score van 'ruim voldoende'. Hiertoe is het zaak om in komende jaren in te blijven zetten op beheersmaatregelen als onderdeel van risicomanagement en om rekeningoverschotten te realiseren.

Financiële Kengetallen De financiële positie van de gemeente is onder meer te beoordelen aan de hand van een aantal financiële kengetallen. Om ook de vergelijkbaarheid tussen gemeente te bevorderen zijn er met ingang van 2015 door het BBV een vijftal voorgeschreven. De betreffende kengetallen zijn hieronder opgenomen en nader toegelicht.

Tabel: Verloop van de kengetallen Financiële kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Kengetal grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027 2028 2029 75% 87% 68% 87% 91% 90% 71% 83% 64% 83% 87% 86% 14% -2,0% 1,1% 92%

12% 0,0% 0,8% 92%

12% -2,0% -1,4% 98%

11% -2,0% 0,1% 98%

11% -2,0% 0,0% 98%

12% -2,0% -0,9% 98%

Toelichting Netto schuldquote en Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaal ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog (oranje). Hij moet niet verder stijgen. Als de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, dan bevindt de gemeente in de gevarenzone (rood). Het bestuur moet er werk van maken om de schuld te verlagen. (Bron: VNG -website). De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio wordt berekend door het totale eigen vermogen te delen door het totaal van de passiva. De structurele exploitatieruimte dient om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een percentage van 0% betekent een sluitende begroting, een positief percentage wil zeggen dat er begrotingsruimte is. Feitelijk biedt het financieel meerjarig perspectief bij de begroting een betere indicatie.

Het kengetal grondexploitatie kan een grote invloed op de financiële positie van een gemeente hebben (zowel positief als negatief). Dit kengetal geeft een indicatie van het relatieve belang van 82

de grondexploitatie. Het percentage is de waarde van bouwgronden in relatie tot de totale baten exclusief de reserves. De jaarlijkse actualisatie van de grondexploitatie geeft overigens een concreter beeld van het verwachte verloop van grondexploitaties. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen kan worden gerelateerd aan de totale woonlasten. De woonlasten worden bepaald aan de hand van de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met een gemiddelde WOZwaarde. Overigens zegt dit percentage niets over de feitelijke onbenutte belastingcapaciteit, dat is immers een politieke keuze (zie ook de passage hierover bij de weerstandscapaciteit op de vorige pagina's).

Beoordeling van de kengetallen Net zoals bij de bepaling van de weerstandscapaciteit gelden er ook voor deze kengetallen geen harde voorgeschreven normen. Door de Provincie Gelderland is wel een indeling in drie categorieën opgegeven als richtinggevend voor de beoordeling. Aan de categorieën wordt in principe geen kwalificatie gegeven, omdat normering in eerste instantie door de gemeente zelf dient plaats te vinden. Wel kan er worden gesteld dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles, de kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. In onderstaande tabellen is een en ander weergegeven.

Tabel: Ontwikkeling financiële positie Categorie A (minst Handreiking beoordeling risicovol)

Categorie B

Categorie C (meest risicovol)

Netto schuldquote

< 90 %

90 - 130 %

> 130 %

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

< 90 %

90 - 130 %

> 130 %

Solvabiliteitsratio

> 50 %

20 - 50 %

< 20 %

Structurele exploitatieruimte

BEGR en MJB > 0 % BEGR of MJB > 0 %

BEGR én MJB < 0 %

Grondexploitatie

< 20 %

20 - 35 %

> 35 %

Belastingcapaciteit

< 95 %

95 - 105 %

> 105 %

Conclusie De netto schuldquote 2026 bedraagt 68% en valt daarmee in categorie A, maar komt in 20282029 rond de 90% en daarmee in categorie B terecht. De solvabiliteitsratio blijft stabiel ten opzichte van de vorige begroting (PB2025: 12%) en is nog steeds minder dan 20%. Om zowel de schuldquote als de solvabiliteitsratio te verbeteren, is het zaak om ons vreemd vermogen te verminderen en onze algemene reserve op te hogen. Van belang daarbij is om de geplande investeringen minder te gaan financieren door het afsluiten van leningen. Daarvoor is het nodig om structurele begrotingsruimte (overschotten) te creëren, zodat toekomstige kapitaallasten gedekt kunnen worden vanuit de reguliere exploitatie. Op die manier zorgen we voor een betere verhouding tussen ons eigen en vreemd vermogen en daarmee voor een verbetering van onze financiële positie. Een toename van de algemene reserve (door realisatie van rekeningoverschotten) zal moeten leiden tot verbetering van onze vermogenspositie. De structurele exploitatieruimte is in het eerste en laatste begrotingsjaar licht negatief. Dit toont aan dat het noodzakelijk is om scherpe keuzes te (blijven) maken en te sturen op een begroting die in balans is. Het kengetal grondexploitatie is stabiel (categorie A). De belastingcapaciteit is als gevolg van de gestegen belastingtarieven verschoven naar categorie B. 83

C. Onderhoud Kapitaalgoederen De gemeente heeft de verantwoordelijkheid voor het beheer van de openbare ruimte. De openbare ruimte bestaat uit verschillende kapitaalgoederen (wegen, riolering, groen, openbare verlichting, sport- en speelvoorzieningen en wegmeubilair) welke dienen te worden onderhouden om de continuïteit te kunnen waarborgen. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het beleidskader en de financiële consequenties van het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Het onderhoud van de kapitaalgoederen wordt zoveel mogelijk in samenhang met de diverse projecten uitgevoerd in integrale projecten.

Wettelijke eisen en informatievoorziening In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn de bepalingen opgenomen waaraan de verslaglegging inzake het onderhoud kapitaalgoederen moet voldoen. In de ‘financiële verordening gemeente Rheden’ zijn eveneens bepalingen opgenomen. Daarbinnen zijn met name Artikel 12 van het BBV en Artikel 18 lid 1 en 2 van de Financiële verordening van belang. In de uitwerking van deze paragraaf zijn deze bepalingen als uitgangspunt gehanteerd.

Openbare ruimte De gemeenteraad heeft in 2025 de Nota Kapitaalgoederen 2026-2030 vastgesteld. De Nota Kapitaalgoederen is de integrale vertaling van de (politieke) visie en het vastgestelde beleid van de gemeente op de openbare ruimte tot een financieel, technisch en kwalitatief uitgangspunt voor de beheerplannen. In 2025 worden onderliggende beheerplannen geactualiseerd. Aan de hand van de Nota Kapitaalgoederen 2026-2030 met de daar onderliggende beheerplannen zal de organisatie beter kunnen inspelen op kansen, ontwikkelingen en risico’s. Het is noodzakelijk om in een vroegtijdig stadium inzicht te hebben in de uit te voeren gemeentelijke projecten in de openbare ruimte. Hierdoor is het mogelijk de afzonderlijke planningen van de diverse disciplines op elkaar af te stemmen en prioriteiten hierin te stellen. Een dergelijke afstemming maakt uitvoering van integrale projecten mogelijk. Integrale uitvoering betekent per definitie dat bepaalde werkzaamheden vervroegd of vertraagd worden uitgevoerd ten opzichte van de optimale technische en financiële planning van de afzonderlijke disciplines. Op termijn (cyclische onderhoudsperiode) nivelleert echter dit verschil. Een integrale planning (“werk met werk maken”) heeft uit financieel en maatschappelijk oogpunt de voorkeur.

Ontwikkelingen De vraag naar uitvoerend personeel, bouwmaterialen en grondstoffen stijgt, waardoor we verwachten dat de prijzen verder door stijgen. In 2026 is de prognose dat de prijzen verder gaan stijgen. In de begroting van 2026 is er rekening gehouden met een stijging. Hieronder wordt per onderwerp ingegaan op kerncijfers, het beleidskader en ontwikkelingen. Indien van toepassing worden ook eventuele risico’s genoemd.

84

Riolering en water Tabel: Kerncijfers riolering en water Aspect Riolering: Infiltratieriool: Persleiding:

Hoeveelheid 246.022 m1 23.190 m1 36.303 m1

Kaders Met de komst van de omgevingswet is de wettelijke verplichting voor het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) komen te vervallen. Artikel 3.14 van de Omgevingswet bepaalt wel dat de gemeente een (onverplicht) gemeentelijk rioleringsprogramma vast kan stellen. Water en riolering zijn verweven met onze omgeving. We hebben de openbare ruimte nodig voor een goed, toekomstbestendig stedelijk waterbeheer. Anderzijds is water en riolering nodig om de omgeving goed te laten functioneren. De afvalwaterketen moet bijdragen aan een goede, schone en prettige werk- en leefomgeving met als belangrijk doel de volksgezondheid. In december 2022 is het Watertakenplan Olburgen 2023-2027 vastgesteld door de Raad. De nota kapitaalgoederen 2026-2029 is door de Raad vastgesteld in juni 2025. In 2026 werken we conform het Watertakenplan Olburgen, de nota kapitaalgoederen en het onderliggende beheerplan riolering.

Uit te voeren in 2026 •

Uitvoeren geplande maatregelen uit het Watertakenplan Olburgen 2023-2027.

•

Uitvoering geven aan de integrale investeringsprojecten.

Ontwikkelingen Het klimaat heeft grote invloed op het water- en rioolbeheer en op de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. In de Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) hebben alle overheden samen de ambitie vastgelegd om Nederland voor 2050 zo goed mogelijk klimaatbestendig en waterrobuust in te richten. Dat het klimaat verandert staat vast, maar het is nog onzeker hoeveel en hoe groot de effecten op het beheer zullen zijn. We nemen klimaatadaptie structureel mee in onze opgaven.

Wegen Tabel: Kerncijfers wegen Aspect Asfalt

Hoeveelheid 1.117.439 m2

Elementen

1.288.245 m2

Beton Overig

89.044 m2 44.261 m2

85

Kaders De gemeenteraad heeft in 2025 de Nota Kapitaalgoederen 2026-2030 vastgesteld. De Nota Kapitaalgoederen is de integrale vertaling van de (politieke) visie en het vastgestelde beleid van de gemeente op de openbare ruimte tot een financieel, technisch en kwalitatief uitgangspunt voor de beheerplannen. In 2026 werken we conform de nota kapitaalgoederen en het onderliggende beheerplan wegen.

Planning uit te voeren in 2026 • • • •

Groot onderhoud conform jaarplanning; Klein onderhoud conform jaarplanning (klachtenonderhoud maakt hier deel van uit, uitvoering deels door Buurtbeheer gemeente Rheden deels door aannemers); Uitvoering geven aan de integrale investeringsprojecten vanuit met name het Watertakenplan Olburgen 2023-2027. Regulier onderhoud (vegetatiebestrijding en vegen)

Openbare Verlichting Tabel: Kerncijfers openbare verlichting Aspect Lichtmasten Armaturen Lichtbronnen

Hoeveelheid 7.044 stuks 7.351 stuks 7.472 stuks

Planning uit te voeren in 2025 Implementatie van het in 2021 vastgestelde beleidsplan openbare verlichting. Hierbij gaan we voor een duurzamer beheer van onze OVL en gaan we door met het verdere verlaging van het energieverbruik van de OVL. • In 2025 is circa 87 % van de gemeente Rheden in duurzame energiebesparende verlichting ten opzichte van 83 % in 2024. Tevens gaan we verder met de uitrol naar 100% duurzame verlichting wat we uiterlijk in 2031 gerealiseerd willen hebben; • Klein en groot onderhoud conform jaarplanning (klachtenonderhoud maakt hier deel van uit, uitvoering door aannemer); • Uitvoering, zover van toepassing, geven aan de integrale investeringsprojecten zoals aangeven bij water en riolering.

Risico’s Door het uitvoeren van de grootschalige vervanging zijn de risico’s teruggebracht naar het geringe niveau van een defecte lamp. Wel zien we meer en meer dat het (verouderde) net van Liander storingen veroorzaakt waardoor het lijkt alsof de verlichting stuk is maar de oorzaak in het net moet worden gezocht.

86

Ontwikkelingen De armaturen en masten die worden vervangen zijn vanaf 2021 100% circulair. Vanwege de vervanging is er een besparing op energieverbruik te verwachten voor 2026.

Groen en spelen Tabel: Kerncijfers groen en spelen Aspect Openbaar groen Bomen (in de openbare ruimte) Speelplaatsen Speeltoestellen

Hoeveelheid 169 ha 14.485 st 102 st 522 st

Kaders De gemeenteraad heeft in 2025 de Nota Kapitaalgoederen 2026-2030 vastgesteld. De Nota Kapitaalgoederen is de integrale vertaling van de (politieke) visie en het vastgestelde beleid van de gemeente op de openbare ruimte tot een financieel, technisch en kwalitatief uitgangspunt voor de beheerplannen. In 2026 werken we conform de nota kapitaalgoederen en het onderliggende beheerplan groen en beheerplan spelen.

Uit te voeren in 2025 • • •

Uitvoering geven aan de integrale projecten vanuit met name het Watertakenplan Olburgen 2023-2027. Op basis van inspecties en meerjaren-onderhoudsplanning wordt per jaar een jaarprogramma groen en spelen uitgevoerd. Uitvoering geven aan het speelbeleid Buiten spelen en sporten in Rheden 2022-2026.

Ontwikkelingen In 2026 continueren wij het proces om ons openbaar groen klimaatbestendiger in te richten en beheren. Het proces richt zich op gebruik van plantsoorten en het verwerken van groenafval. Duurzaamheid en circulariteit hangen hiermee samen. Een ontwikkeling die we de laatste jaren zien is de toename van het groenareaal. Dit heeft meerdere oorzaken. Nieuwbouw, minder verharding en percelen die uit de pacht komen.

Gebouwen Tabel: Gebouwen Soort

Locatie

Adres

1 Beleidsvolgend vastgoed Sport

87

Sporthal De Dumpel

Gruttostraat 14 Velp

Gymzaal Jan Luijkenlaan

Jan Luijkenlaan 2-a Velp

Sporthal De Hangmat

IJsselsingel 9 Rheden

Openluchtbad Rheden

IJsselsingel 9 Rheden

Gymzaal Bloemershof

Burg. Bloemerstraat 3 Dieren

Sporthal Theotorne

Ericaplein 3 Dieren

Gymzaal Huijgenslaan

Huijgenslaan 44 Dieren

Biljoenbad

Gruttostraat 3 Velp

WIK gebouw

IJsselsingel 95 Rheden

De Kameleon (in MFA Het Kasteel)

Bronkhorstenstraat 2 Velp

Anne Frankschool (in MFA Nieuw Bergstein)

Binnenweg 40-a Ellecom

Hart van Stenfert

Van Limburg Stirumstraat 29 Dieren

MFA Het Kasteel

Heeckerenstraat 201 Velp

MFA Van Voorthuijsenschool

Schoolstraat 12 Velp

MFA Nieuw Bergstein

Binnenweg 40-a Ellecom

MFA De Oase

Ericaplein 1 Dieren

De Bundel - (Bibliotheek Dieren)

Ericaplein 5 Dieren

Den Heuvel 32 (Bibliotheek Velp)

Den Heuvel 32 Velp

Openluchttheater De Pinkenberg

Kluizenaarsweg 4 Rozendaal

Muziektent Velp

Overbeeklaan 7 Velp

Muziektent Rheden

Havelandseweg 90 Rheden

Muziektent Ellecom

Binnenweg 40c Ellecom

Muziektent Spankeren

Kerkplantsoen 2 Spankeren

Muziektent Laag-Soeren

Bosrichterlaan 1 Laag-Soeren

Parkeergarage Dieren

Harderwijkerweg 2 Dieren

Brandweergarage Velp

Noorder Parallelweg 21 Velp

Brandweergarage Rheden

Worth Rhedenseweg 66 Rheden

Brandweergarage Dieren

Burg. Bloemerstraat 1 Dieren

Onderwijs

Dorpshuizen

Cultuur

Parkeren Brandweer

Cultureel erfgoed Kerktoren NH-kerk Oude Jan Velp

Kerkstraat 56 Velp

Kerktoren NH-kerk Rheden

Dorpsstraat 51 Rheden

Kerktoren NH-kerk Ellecom

De Friedhof 6 Ellecom

Kerktoren NH-kerk Spankeren

Kerkweg 2 Spankeren

Poort Overbeek

Overbeeklaan ong. Velp

Gemaal De Volharding

Lathumseweerweg 2 Velp

Emmapyramide Velp

Kluizenaarsweg ong. Rozendaal

Veerwachtershuisje Dieren

Aan ’t Veer 1 Dieren

Israëlische begraafplaats

Bernard Zweerslaan 1 Dieren

Priesnitzmonument

Priesnitzlaan 25 Laag-Soeren

2 Eigen huisvesting Gemeentehuis De Steeg

Hoofdstraat 3 De Steeg

Gemeentewerf Velp

Biljoen 8-10 Velp 88

Gemeentewerf Dieren

Meidoornlaan 2 Dieren

Begraafplaats Heiderust

Lentsesteeg 21 Rheden

Begraafplaats Imboslaan

Imboslaan 63 Dieren

Begraafplaats Harderwijkerweg

Harderwijkerweg 3 Dieren

3 Overig vastgoed Woning Heiderust

Lentsesteeg 21 Rheden

Koepel De Kaap

Beekhuizenseweg 2 Rheden

Woning Sportpark

IJsselsingel 89 Rheden

Woning Sportpark

Adm. Helfrichlaan 97 Dieren

Bedrijfsruimte

Adm. Helfrichlaan 97-a Dieren

Woning

Kappersweg 1 Spankeren

Woonwagenstandplaats

Van Aldenburglaan 38 De Steeg

Woonwagenstandplaats

Van Aldenburglaan 40 De Steeg

Bedrijfspand

Stationsplein 32 Dieren

Bedrijfspand

Spoorstraat 56 Dieren

Woning

Jan Luijkenlaan 2 Velp

Bedrijventerrein

Markweg 10 Velp

Onderhoud vastgoed Er wordt voor het planmatig onderhoud gewerkt volgens een meerjarenonderhoudsplan. Het onderhoud is aanbesteed zodat de continuïteit en de kwaliteit van het onderhoud gewaarborgd blijft. Er vindt jaarlijks een actualisatie plaats van de verkochte en nieuwe panden in de vastgoedportefeuille, de richtinggevende onderhoudsniveaus met tevens een jaarlijkse actualisatie van de onderhoudsbudgetten. De realisatie van de doelstelling zoals geformuleerd in de paragraaf bedrijfsvoering worden op die manier in de komende jaren in het meerjarenonderhoudsplan verwerkt.

89

D. Financiering In de paragraaf financiering wordt de financieringsfunctie uiteengezet. In de financiële verordening is opgenomen dat het college zorg draagt voor de uitoefening van de financieringsfunctie. De kaders daarvoor zijn vastgelegd in het treasurystatuut, vastgesteld in 2014. Deze paragraaf bevat o.a. de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente wordt toegerekend. Daarnaast geeft het inzicht in de financieringsbehoefte van de gemeente. In deze paragraaf zijn de volgende onderdelen opgenomen: • Algemene ontwikkelingen • Doelstelling van de treasuryfunctie • Risicobeheer treasuryfunctie • Beleid inzake financiering en financieringspositie • Rentemethodiek

Algemene ontwikkelingen Rente ontwikkeling De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de centrale banken. De rente is vanaf 2022 weer gestegen, de verwachting is dat de rente in 2026 op het niveau van 2025 zal blijven. Voor de renteberekening 2026 is hier van uitgegaan.

Langlopende leningen In maart 2026 zal een langlopende lening, afgesloten in 2021, aflopen. Deze zal voor het volledige bedrag ad € 15.000.000 worden geherfinancierd. Er is rekening gehouden met extra rentelasten met ingang van maart 2026 in verband met een gestegen rentepercentage ten opzichte van 2021. De overige langlopende leningen lopen door en hiervoor is in 2026 geen herfinanciering benodigd. Met deze financieringsportefeuille voor langlopende leningen voldoet de gemeente aan de kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet is het maximale bedrag dat de gemeente met kort geld mag lenen.

Kasgeldleningen Voor kortlopende financieringsbehoefte kan de gemeente een kasgeldlening afsluiten. In de huidige situatie wordt bij een kasgeldlening een lagere rente gehanteerd.

Omslagrente Als gevolg van de opgelopen rente bij langlopende leningen is de omslagrente in de begroting 2026 berekend op 1,933%. Zie voor een nadere toelichting het onderdeel "Rentemethodiek".

90

Doelstelling treasuryfunctie Aantrekken van middelen Bij het aantrekken van middelen wordt gestreefd naar het optimaliseren van de renteresultaten en het beperken van renterisico’s. De looptijd van nieuw aan te trekken leningen worden afgestemd op de actuele rente ontwikkeling en de verwachte liquiditeitsbehoefte.

Verstrekking van leningen en garantstellingen Ingevolge de Wet FIDO kan de gemeente slechts leningen en garanties verstrekken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak. De gemeente Rheden hanteert bij het verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak de volgende uitgangspunten: a) de activiteit waarvoor een lening of garantie wordt gevraagd dient bij te dragen aan de realisering van één of meerdere voor de gemeente Rheden maatschappelijk relevant geachte doelstellingen, blijkende uit beleidsplannen en/of de begroting; b) de kredietrisico’s dienen aanvaardbaar te zijn. Het college zal hiervoor een schriftelijk advies vragen van een intern- en/of extern financieel deskundige over de kredietwaardigheid van de aanvrager; c) de aanvrager heeft schriftelijk verklaard dat de benodigde financiering niet kon worden verkregen bij derden in de vorm van subsidies etc.; d) de aanvrager heeft schriftelijk aangetoond in het bezit te zijn van alle eventueel voor de activiteit noodzakelijke (publiekrechtelijke en onherroepelijke geworden) vergunningen en eventueel benodigde privaatrechtelijke toestemmingen; e) de aanvrager verleent medewerking aan de door de gemeente geëiste voorwaarden, waaronder de lening c.q. garantstelling tot stand zal komen.

Deze voorwaarden betreffen onder meer de beperking van de financiële risico’s voor de gemeente, onder meer door het -zo mogelijk- vestigen van een zakelijk zekerheidsrecht (b.v. hypotheekrecht), een looptijd van de lening of garantstelling van maximaal 15 jaar na ondertekening van de overeenkomst, een vooraf bepaald aflossingsschema en de informatieplicht bij het niet nakomen van de betalingsplicht; f) het college verleent geen medewerking aan een aanvraag voor een lening of garantie van een winst beogende (commerciële) instelling, als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de Vennootschapsbelasting. In bijzondere omstandigheden, dan wel onbillijkheden van overwegende aard, kan het college van deze voorwaarde afwijken; g) voor het begrotingsjaar 2026 wordt uitgegaan van een maximale hoofdsom van leningen en garanties van € 1.000.000 welke door het college mag worden aangegaan. Het is het college niet toegestaan om dit budget te overschrijden, zonder instemming van de raad. We nemen, gelet op bovengenoemde voorwaarden, een beslissing of we zullen meewerken aan het verstrekken van een lening of een garantie. We stellen de aanvrager van de lening of garantstelling schriftelijk in kennis van (de argumenten van) het genomen besluit. Uw raad zal vooraf in kennis worden gesteld bij het verstrekken van leningen of garantstellingen voor een bedrag hoger dan € 250.000 per aanvraag.

We zullen in deze gevallen in onze besluitvorming de zienswijze van de raad meenemen.

Risicobeheer treasuryfunctie Hieronder wordt een analyse gegeven van de risicoaspecten die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente Rheden. Wij gaan daarbij in op de renterisico’s, kredietrisico’s, en debiteurenrisico's.

91

Renterisico’s Voor het renterisicobeheer worden de normen gehanteerd conform de Wet FIDO. Het gaat hierbij om de kasgeldlimiet, waarbij een beperking wordt opgelegd aan de omvang van de netto vlottende schuld én de renterisiconorm. De renterisiconorm bepaalt het maximum aan leningen met een rente typische looptijd van één jaar of langer die geherfinancierd moeten worden of waarvan de rente herzien moet worden. Deze normen zijn ingesteld om de invloed van rentewijzigingen op het resultaat te beperken. Hieronder wordt een berekening gegeven van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Tabel: Berekening kasgeldlimiet Post(bedragen x € 1.000) Begrotingstotaal (bedrag) Toegestane kasgeldlimiet (percentage) Kasgeldlimiet (bedrag)

2026 185.786 8,5% 15.792

De kasgeldlimiet geeft de maximale omvang van de netto vlottende schuld aan. De netto vlottende schuld is het saldo van rekening courant kredieten en tegoeden, het kasgeld en de opgenomen gelden met een oorspronkelijke rente typische looptijd van korter dan één jaar. Indien 3 kwartalen achtereen de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder (de provincie) geïnformeerd worden en een plan worden ingediend. Wanneer de netto vlottende schuld boven de kasgeldlimiet uitkomt, wordt door omzetting naar een langlopende lening ruimte gecreëerd. Door middel van een goede planning en monitoring wordt de kasgeldlimiet bewaakt.

Tabel: Berekening renterisiconorm Post (bedragen x € 1.000) 1. Renteherzieningen

2026 0

0

0

0

2. Aflossingen 3. Renterisico (=1+2) 4a. Begrotingstotaal 4b. Percentage cf. ministeriële regeling 4. Renterisiconorm (=4ax4b) 5. Ruimte binnen de norm (=4 -3)

16.500 16.500 185.786 20% 37.157 20.657

21.500 21.500 168.131 20% 33.626 12.126

36.500 36.500 164.492 20% 32.898 -3.602

22.000 22.000 165.026 20% 33.005 11.005

2027

2028

2029

De renterisiconorm geeft de som aan van het bedrag aan vaste schuld waarvan de rente mag worden herzien of het bedrag dat in aanmerking komt voor herfinanciering. Hiermee wordt nagestreefd dat de vaste leningenportefeuille zodanig gespreid is dat de renterisico’s gelijkmatig over de jaren zijn verdeeld. De renterisiconorm is vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Het renterisico wordt berekend door te bepalen welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden door het aangaan van nieuwe leningen én voor welk deel van de vaste schuld op basis van de leningsvoorwaarden de rente wordt herzien. Het aldus berekende bedrag geeft dan het bedrag aan waarover renterisico’s worden gelopen.

Kredietrisico’s Kredietrisico’s worden gelopen bij het uitzetten van overtollige middelen en het verstrekken van leningen en garantstellingen. Kredietrisico’s worden beperkt door de eisen die de Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO) stelt aan tegenpartijen en producten op de geld- en kapitaalmarkten en door de specifieke eisen die de gemeente stelt aan de partij waaraan middelen worden verstrekt.

92

De verwachting is dat er in 2026 geen overtollige middelen worden uitgezet. Eventuele tijdelijke overtollige kasmiddelen zullen worden uitgezet conform de wettelijke kaders inzake het schatkistbankieren. Op de reeds verstrekte leningen is het risico minimaal gezien de geldnemers en de looptijd. Het gaat hier om een achtergestelde lening aan Alliander, een lening aan AV Gelre en SVN leningen (Startersleningen VROM, SVN Duurzaamheidsleningen, SVN Blijversleningen, SVN Stimuleringsleningen en SVN Toekomst Bestendig Wonen leningen). Begin 2025 bedraagt het saldo ca. € 4,3 miljoen. Daarnaast neemt de gemeente Rheden deel in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Middels een achtervangovereenkomst staat de gemeente per 31-12-2024 garant voor ca. € 221,9 miljoen aan leningen die zijn verstrekt aan woningcorporaties. Gezien de vermogenspositie van het WSW, de goede controle en toetsing door dit fonds en de spreiding van de risico’s over de deelnemende gemeenten en het feit dat er nog nimmer een beroep op de achtervang is gedaan, is dit als een zeer laag risico te kwalificeren.

Debiteurenrisico’s De debiteuren worden in de balans gewaardeerd tegen nominale waarde, onder aftrek van een voorziening voor dubieuze debiteuren. Periodiek worden de posten beoordeeld op inbaarheid. Eventuele oninbare vorderingen worden afgeboekt ten laste van de voorziening. De hoogte van deze voorziening wordt jaarlijks bij de jaarrekening opnieuw vastgesteld.

Beleid inzake financiering en financieringspositie De financieringskosten worden in de begroting 2026 en de meerjarenraming 2026-2029 opgenomen op basis van een geactualiseerde middellange financieringsprognose. Hierbij wordt de financieringspositie van de gemeente berekend en over het overschot c.q. tekort rente gecalculeerd. In het volgende overzicht wordt de verwachte financieringsbehoefte weergegeven.

Tabel: Berekening financieringstekort Post (bedragen x € 1.000) Materiële vaste activa Immateriële vaste activa Financiële vaste activa Erfpachtgronden Totaal vaste activa Algemene reserve Bestemmingsreserve Voorzieningen Vreemd vermogen lang Financieringstekort

31-12-2026 170.695 567 5.252 690 177.204

31-12-2025 184.138 308 5.152 690 190.288

21.604 4.547 12.667 112.500 25.886

9.135 15.908 8.098 115.500 41.647

Het verwachte financieringstekort is groter dan de kasgeldlimiet. Onderstaand is een overzicht opgenomen van de financieringsportefeuille voor langlopende leningen.

93

Tabel: Financieringsportefeuille voor langlopende leningen Jaar (bedrag en x € 1.000) 2018 2021 2021 2022 2023 2023 2023 2024 2024 2024 2024 2026

Looptijd

Rente

Jaar laatste aflossing

10 5 6 5 5 5 5 10 5 5 10 PM

1,26% -0,26% -0,20% 2,62% 3,48% 3,32% 2,91% 3,12% 3,10% 2,36% 2,50% PM

2028 2026 2027 2027 2028 2028 2028 2034 2029 2029 2034 PM

Stand 1-12026

15.000 15.000 10.000 10.000 10.000 5.000 5.000 10.000 12.500 8.000 13.500 0 114.000

Aflossing

Herfinanciering/ extra lening

15.000

1.500 16.500

15.000 15.000

Stand 3112-2026

15.000 0 10.000 10.000 10.000 5.000 5.000 10.000 12.500 8.000 12.000 15.000 112.500

Rentemethodiek Met ingang van het begrotingsjaar 2017 worden de rentelasten toegerekend aan de taakvelden. Bij de toerekening van de rentelasten is de rente-omslag-methode voorgeschreven. Het totaal van de rentelasten wordt omgeslagen over het geheel van de investeringen. Als rentelasten worden beschouwd: ▪ Voor de externe financiering: het totaal van de rentelasten op de langlopende geldleningen en de kortlopende financiering minus de renteopbrengsten van overtollige middelen. ▪ Voor de interne financiering: de bespaarde rente over de reserves en voorzieningen. Door toepassing van de rente-omslag-methode worden de rentelasten op basis van de stand van de investeringen toegerekend aan de taakvelden in de programmabegroting. De gedachte achter het toerekenen van bespaarde rente over de reserves en voorzieningen is dat het voor de kostprijsberekening niet uitmaakt of hiervoor externe financiering is aangetrokken of dat dit uit eigen middelen gefinancierd is. Voor 2026 bedraagt het voorgecalculeerde omslagpercentage 1,933%.

Tabel: Berekening omslag rente Post (bedragen x € 1.000) Externe rentelasten Externe rentebaten Totaal door te rekenen externe rente minus: Rente doorberekend aan de grondexploitatie Saldo door te rekenen rente plus: Rente over eigen vermogen per 1-1 Rente over voorzieningen Saldo aan taakvelden toe te rekenen rente *)

Bedrag 2.641 369 2.272 9 2.263 676 205 3.144

94

Rente omslag (= toe te rekenen rente/waarde vaste activa per 1-1) *) Inclusief taakveld Overhead

1,933%

95

E. Bedrijfsvoering Wat is onze visie? Een toekomstbestendige bedrijfsvoering blijft het doel. Structurele versterking door investering in en aandacht voor in de bedrijfsvoering is noodzakelijk voor een meer toekomstbestendige bedrijfsvoering. Daarom investeren we in de ontwikkeling van onze medewerkers, met aandacht voor leiderschap, vitaliteit en diversiteit. Vanaf 2026 vertalen we de huidige programma’s versterking financiële functie en het programma Digitaal Rheden daarom in een samenhangend programma voor geheel Bedrijfsvoering. Wij denken daarbij aan: • Financiën. Een goede ‘financiële functie’ maakt het mogelijk om op tijd en op het juist detailniveau beslissingen te nemen in de begroting en op het juiste niveau te verantwoorden. Dit beslaat systemen en processen, maar ook rollen, taken en gedrag. De eerste stappen om dit fundamenteel en structureel te verbeteren zijn gezet en hier gaan wij de komende jaren mee verder. • Informatie. Digitalisering blijft, ook na het programma Digitaal Rheden, een cruciale motor voor een toekomstbestendige gemeentelijke organisatie. Wij zetten in op het versterken van de digitale dienstverlening, het verhogen van de cyberweerbaarheid en het ondersteunen van data-gedreven werken.

Ook is voor de uitdaging op informatiegebied om niveau te komen en te houden, blijvende investeringsruimte nodig zijn op het gebied van kennis, capaciteit en technologie. Hiermee is het mogelijk om het randvoorwaardelijk kader vanuit de ‘Digital Decade’ en de potentie van AI-toepassingen te combineren met slimme processen ten gunste van de dienstverlening. • Personeel & Organisatie. De opgaven waarvoor de gemeente Rheden staat – zoals duurzaamheid, dienstverlening, inclusie en participatie – vragen om een wendbare, lerendeen betrokken organisatie. Voor 2026 ligt onze prioriteit bij de effectieve organisatie door in te zetten op duurzame inzetbaarheid, arbeidsmarktvraagstukken en integraal leiderschap. • Programma- en projectmanagement. Maatschappelijke opgaven of grote projecten laten zich niet altijd plannen of beperken tot één domein of afdeling. Daarom gaan wij de sturing op maatschappelijke opgaven versterken via programma- en projectmanagement. • Facilitaire Zaken. Voor Facilitaire Zaken geldt dat we inzetten op het optimaal benutten van ons gemeentehuis als centrale ontmoetingsplaats binnen onze gemeente. In het eerste jaar van ingebruikname zullen de gebruikerservaringen worden gemonitord. Op basis van deze monitoring kunnen (kleine) aanpassingsverzoeken binnenkomen die steeds afgewogen moet worden.

De versterking van bedrijfsvoering gaat door in een context waarbij de samenwerking met De Connectie gaat veranderen naar de centrumregeling met de gemeente Arnhemn. In de verandering zitten kansen en risico's. De verandering van manier van samenwerking vraagt van ons een andere rol als opdrachtgever. 2026 is een jaar waarin de verandering een plek moet krijgen in de organisatie. Het is niet uit te sluiten is dat hier extra kosten mee gemoeid zijn. Wij houden u hiervan op de hoogte.

In dit programma zijn de volgende bestuurlijke doelstellingen actueel: Thema: Informatie Toegankelijke effectieve en efficiënte dienstverlening Thema: Financiën Stevig en betrouwbaar fundament voor stuur- en verantwoordingsinformatie Thema: Personeel & organisatie 96

-

Rheden wil een professionele, klantgerichte en toekomstbestendige organisatie zijn, waar de inrichting van de organisatie ondersteunend is aan de visie en doelen. Thema: Facilitaire zaken -

Gemeentehuis wordt dé ontmoetingsplaats voor iedereen

De doelstellingen zijn verwerkt in een doelenboom, waarin wordt beantwoord: • Welk doel willen we bereiken om te komen tot deze visie? • Welke resultaten moet het opleveren? • Hoe meten wij onze prestaties? Hierbij gaan we alleen in op nieuw beleid en politiek relevante zaken. Na deze doelenboom is informatie over betrokken Verbonden Partijen en de beschikbaar gestelde middelen opgenomen.

Informatie Toegankelijke effectieve en efficiënte dienstverlening Wat willen we bereiken? Het afronden van de digitaliseringsopgave zoals in het programma Digitaal Rheden is opgenomen. In 2026 resulteert dit in een nieuw Digitaal Gemeentehuis via een nieuwe website. Met deze nieuwe website en alle daarop veilig toegankelijk gemaakte producten en diensten bedienen wij onze inwoners zowel fysiek als digitaal. Daarnaast voldoen wij aan alle relevante wet- en regelgeving op dit gebied. In 2026 staat het organiseren van het integraal beheer op het in het programma Digitaal Rheden ontwikkelde digitale platform centraal. De verantwoordelijk portefeuillehouder is: Dorus Klomberg Speerpunt is: D5 Doorontw. Dienstverlening & Digitalisering Welk risico of welke risico's staan dit doel in de weg? Interne capaciteitsverstoringen om te voldoen aan de gevraagde beheertaken op het gebied van relavante regelgeving zoals: WOO, WMEBV, WDO, WDT, UPL. Relevante beleidskaders: Uniforme productenlijst overheden

Financiën Stevig en betrouwbaar fundament voor stuur- en verantwoordingsinformatie Wat willen we bereiken? We willen een betrouwbare en efficiënte informatievoorziening die draait op een eigentijdse technologie waardoor wij in staat zijn om tijdig, juiste en volledige rapportages te maken die aansluiten bij de behoefte aan stuurinformatie van zowel management als bestuur en raad. We zijn gestart bij de versterking van financiële informatievoorziening. De verantwoordelijk portefeuillehouder is: Dorus Klomberg Speerpunt is: D5 Doorontw. Dienstverlening & Digitalisering

97

Welk risico of welke risico's staan dit doel in de weg? De externe verantwoordingsplicht neemt toe vanuit verschillende partijen (compliance). De inrichting van het huidige informatielandschap van de gemeente vraagt steeds meer personele inspanning om te voldoen aan de verplichtingen (beheer). Er is landelijk schaarste aan kwalitatief specialistisch personeel. Management, bestuur en raad zijn afhankelijk van een stevig administratief fundament, zeker financieel. Het risico is dat het reguliere werk meer inspanning vraagt wat ten koste gaat van de ontwikkeling. We bestendigen de beheersmaatregel om via het programma Versterken Financiële Functie heel gericht, stap voor stap te verbeteren. Waarbij elke stap goed in de systemen, processen en organisatie geborgd is. Beoogde resultaten: Bij dit doel horen de volgende resultaten: ●

Solide en schoon rekenschema in gebruik (2026 (en eindresultaat wordt in 2028 verwacht.))(Kosten:500.000). Via het programma Versterken Financiële Functie wordt het in 2025 gemaakt rekenschema in gebruik genomen. Dit is een fundament onder de financiële administratie vanwaaruit verdere verbetering mogelijk is zoals de versteviging van de onderbouwing van begrotingposten, budgethoudersrollen en verantwoordelijkheden en investeringsbegroting.

Personeel & organisatie Rheden wil een professionele, klantgerichte en toekomstbestendige organisatie zijn, waar de inrichting van de organisatie ondersteunend is aan de visie en doelen. Wat willen we bereiken? De opgaven waarvoor de gemeente Rheden staat – zoals duurzaamheid, dienstverlening, inclusie en participatie – vragen om een wendbare, lerende en betrokken organisatie. Voor 2026 ligt onze prioriteit bij de effectieve organisatie door in te zetten op duurzame inzetbaarheid, arbeidsmarktvraagstukken en integraal leiderschap. De verantwoordelijk portefeuillehouder is: Gea Hofstede Speerpunt is: Overig Welk risico of welke risico's staan dit doel in de weg? De gemeente Rheden heeft da afgelopen jaren ingrijpende keuzes gemaakt om financieel in balans te blijven. Dit heeft ook invloed op personeel en organisatie. Beoogde resultaten: Bij dit doel horen de volgende resultaten: ● Beperkte uitstroom van zittend personeel door onvoldoende aandacht of werkgeluk. Managers voeren gesprekken in teams en individueel met medewerkers aan de hand van de uitkomsten van EverybodyFrank. In het management team wordt periodiek bijscholing verzorgt voor het voeren van de juiste gesprekken.

Personeelsbeleid We bouwen aan een slanke en wendbare organisatie. We werken aan een toekomstbestendige organisatie waarbij we kunnen inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen en opgaven. Dit vraagt een organisatie die duidelijke keuzes maakt, focus aanbrengt en eigenaarschap stimuleert. We geven daarmee invulling aan de taakstelling op de organisatie. Hiervan hebben we inmiddels een deel al gerealiseerd. De afgelopen periode hebben we de inhuur teruggebracht met circa 25 fte en de bezetting met circa 4,5 fte. Hiermee zitten we op koers voor 98

de taakstelling op de organisatie zoals die financieel is opgenomen in de begroting 2025 (oplopend naar €1.150k in 2028). We zetten daarbij in op een geleidelijke afname op de vaste formatie en bouwen inhuur zoveel mogelijk af. De prognose voor 2025 tot en met 2028 is weergegeven in onderstaande tabel.

Tabel: Prognose Peildatum

Formatie (fte) Inhuur totaal (fte)

Inhuur zonder programma Migratie & Integratie en overige projecten (fte)

31-12-2025

397

68

28

31-12-2026

394

65

27

31-12-2027

392

62

26

31-12-2028

390

60

25

Facilitaire zaken Gemeentehuis wordt dé ontmoetingsplaats voor iedereen Wat willen we bereiken? We willen het gemeentehuis als centrale ontmoetingsplaats gebruiken voor uiteenlopende evenementen voor iedereen. We hebben een prachtig en duurzaam gemeentehuis. Om het ook breder beschikbaar te maken voor de maatschappij gaan wij in de komende jaren ervaring opdoen met een aantal evenementen om te zien hoe welke organisatorische en technische faciliteiten verder geoptimaliseerd moeten worden. De avondopenstelling van het gemeentehuis (niet de publieksbalie) willen we hiervoor uitbreiden. Daarvoor is formatie-uitbreiding van bodes. De verantwoordelijk portefeuillehouder is: Dorus Klomberg Speerpunt is: D7 Versterking inclusie & diversiteit

Hoe meten wij onze prestaties? Indicatoren per doel

Type indicator

Bron

Stevig en betrouwbaar fundament voor stuur- en verantwoordingsinformatie Solide en schoon rekenschema wat Resultaatindicator in beheer is

P&C cyclus

Verbonden partijen Voor het bereiken van de doelstellingen van het programma heeft de gemeente Rheden zich met een aantal partijen verbonden waarin waar zij nauw mee samenwerken. Voor bedrijfsvoering gaat dit met name om de Connectie.

99

In de paragraaf Verbonden Partijen wordt nader inzicht gegeven in de beleidsmatige en financiële betrokkenheid en risico's van de gemeente in deze organisaties.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rheden&id=5b8e135c-6c41-4086-803f-bf09144f12af