CConstaterende datReusel-De Mierden
Koppel je AI →
Document · PDF

DH-2607-1589 Eindrapport Rekenkameronderzoek naar de Omgevingswet in de Kempengemeenten - Reusel-De Mierden.pdf

Commissie Ruimte 28 november 2022, gemeente Reusel-De MierdenBij agendapunt: Rapport Rekenkamercommissie Invoering Omgevingswet15.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De organisatie geeft in het gesprek aan dat er met deze integraliteit draagvlak kan worden gecreëerd en teams op deze manier op de hoogte worden gehouden, zodat de Omgevingswet niet alleen een onderwerp is voor RO, maar ook voor andere afdelingen.

5.3 Kan de gemeente voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan de wijze waarop de gemeente in de dagelijkse praktijk invulling moet geven aan de wet? Normen bij deelvraag 6: ● De afzonderlijke gemeenten (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt: met name gericht op houding en gedrag van bestuur en ambtelijke organisatie. ● Het denken en handelen is in de geest van de Omgevingswet. Het is onzeker of de gemeente Reusel-De Mierden op tijd aan alle eisen kan voldoen over de praktische invulling van de wet Als het gaat om complexe initiatieven, zal het voor de gemeente Reusel-De Mierden lastig worden om op tijd te voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan de wijze waarop de gemeente in de dagelijkse praktijk invulling moet geven aan de wet. Uit de gesprekken komt naar voren dat het op dit moment namelijk nog onvoldoende duidelijk is wie welke verantwoordelijkheid heeft en van daaruit de implementatie verder in de praktijk brengt. Dit speelt bijvoorbeeld in de rol en taakverdeling tussen de gemeente zelf en VTH De Kempen. Ondanks dat VTH verantwoordelijk is voor de uitvoering, voelt het voor de organisatie alsof VTH op afstand staat doordat ze in mindere mate intern bij de gemeente aanwezig zijn en VTH niet exclusief voor de gemeente Reusel-De Mierden werkt.

Tegelijkertijd leeft bij de GR enige zorg over de afnemende kennis van en inzicht in wat er in het VTH-proces speelt. Dit speelt overigens bij meer gemeenten maar door de “uit huis plaatsing” van het VTH-proces wordt de beleving versterkt. Dit vraagt meer bewuste afstemming en overleg en vooral helderheid over wie de besluiten neemt. In een gesprek geeft de organisatie wel aan dat er hard gewerkt wordt om die afstand te verkleinen.

| 24 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Ook heeft de raad nog niet alle besluiten genomen die de raad moet nemen, zoals over het adviesrecht. Verder is op dit moment nog niet duidelijk hoe participatie wordt belegd. Zo is er in de gemeente nog geen participatiebeleid, maar alleen een participatieverordening. Die vraag is gekoppeld aan de omgevingsvisie en -dialoog, die beide nog op de agenda staan om mee aan de slag te gaan. Vanwege deze onduidelijkheden en de risico’s van de late besluitvorming (november/december op raadsagenda) kan nog niet gesteld worden dat de gemeente Reusel-De Mierden op tijd kan voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt. Gemeente Reusel-De Mierden denkt en handelt grotendeels in de geest van de Omgevingswet Daar waar de praktische implementatie van de Omgevingswet nog niet helemaal op schema ligt, blijkt uit het gesprek met het college de overtuiging dat de gemeente Reusel-De Mierden wel werkt vanuit de geest van de Omgevingswet. Ook in andere gesprekken met medewerkers van de gemeente en met ketenpartners komt naar voren dat juist Reusel-De Mierden bekend staat als een op samenwerking gerichte gemeente met een sterk bewustzijn van de meerwaarde ervan. Samenwerking wordt niet als een bedreiging van de zelfstandigheid ervaren, maar juist als een manier om die zelfstandigheid vol te kunnen houden, ondanks de steeds complexere vraagstukken die op gemeenten af komen.

Ook probeert de gemeente richting initiatiefnemers nadrukkelijk te denken in mogelijkheden en niet alleen maar af te gaan op de regelgeving. Men ervaart zichzelf als een gemeente die dicht bij haar inwoners staat. Daarmee is Reusel-De Mierden in cultuur opzicht wél grotendeels klaar voor de komst van de Omgevingswet, al is er uiteraard ruimte voor verdere groei en ontwikkeling.

| 25 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

H6 | Rol van de gemeenteraad Dit hoofdstuk gaat in op de rol van de gemeenteraad in de voorbereiding van de Omgevingswet, de rol die de raad de afgelopen jaren heeft gespeeld en we gaan in op de monitoring en informatievoorziening voor de raad. In dit hoofdstuk worden deelvragen 7 tot en met 9 beantwoord. Rol van de gemeenteraad 7. Wat is de rol en positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet? 8. Hoe is voorzien en invulling gegeven aan de rol en de positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet? 9.

Is voorzien in monitoring die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen?

Voor het beantwoorden van bovenstaande vragen over de rol van de raad, is de raad ook zelf bevraagd, in de vorm van een online vragenlijst en een groepsgesprek. De online vragenlijst is door tien van de zestien raads- en burgerraadsleden ingevuld; de resultaten geven dus een representatief beeld (66,6% respons6). In het groepsgesprek met de raad zijn de resultaten van de vragenlijst besproken en is hierop doorgevraagd.

6.1

Wat is de rol en positie van de gemeenteraad in de voorbereiding?

Normen bij deelvraag 7: ● De raadsbesluiten die voor invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. ● De raden hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners vorm willen geven en hoe zij participatie willen invullen. ● De raden hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op de relatie met inwoners en participatie. Meeste raadsbesluiten in de voorbereiding moeten nog genomen worden De Omgevingswet biedt ruimte om de maatschappelijke opgaven van vandaag, zoals de demografische ontwikkeling en de daarmee samenhangende woningbouwopgave, de klimaatverandering en de veranderende relatie tussen overheid en inwoners anders aan te pakken. Die ruimte zit in een verschuiving in taken en verantwoordelijkheden tussen raad en college waarbij de raad verantwoordelijk is voor het maken van strategische keuzes in de omgevingsvisie en het vaststellen van kaders in het nieuwe omgevingsplan. Het college kan met de omgevingsprogramma’s op basis van de visie, regelgeving en een aangepast werkproces bij vergunningverlening sturen op de uitvoering.

Door inwoners tijdens de verschillende fases (bij visievorming, besluitvorming en uitvoering) meer dan voorheen te betrekken, wordt optimaal gebruikgemaakt van aanwezige kennis en ervaring bij inwoners. 6

Van deze respondenten was ongeveer de helft nieuw raadslid (sinds april 2022).

| 26 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Vooral op het gebied van participatie zijn al grote stappen gezet in Reusel-De Mierden, zoals de omgevingsdialoog die al is geïncorporeerd in de huidige manier van werken. De raad kan echter nog meer gebruikmaken van de ruimte die de Omgevingswet biedt, door de uitvoering meer bij het college te laten en de haar beschikbare tijd te besteden aan de grote maatschappelijke vraagstukken. Woningbouw en energietransitie zijn concrete en complexe vraagstukken in de regio die strategische keuzes en samenwerking vragen. De raad staat daarvoor aan de lat en kan, meer dan nu het geval is, daarin initiatief nemen en kaders stellen waarbinnen college en ambtelijk apparaat effectief kunnen uitvoeren, waarna de raad zijn controlerende taak op zich kan nemen. Als het gaat om de besluiten die de raad dient te nemen in de voorbereiding hierop, dan komt naar voren dat de meeste besluiten nog in het najaar genomen moeten worden. ●

● ●

●

●

Advies- en delegatierecht Er is vlak voor de verkiezingen een raadsvoorstel ingediend, maar vanwege het uitstel van de inwerkingtreding van de wet, is door de raad besloten het voorstel niet meer ter besluitvorming te agenderen. Het voorstel van destijds (januari 2022) ging om een voorstel aan de raad om te besluiten om: ○ de lijst met gevallen vast te stellen waarbij de raad gebruikmaakt van het bindend advies onder de Omgevingswet; ○ de lijst met buitenplanse omgevingsplanactiviteiten vast te stellen waarbij participatie verplicht is; ○ de lijst met gevallen vast te stellen waarbij het wijzigen van het omgevingsplan wordt gedelegeerd aan het college; ○ één jaar na invoering van de Omgevingswet een evaluatie plaats te laten vinden van het adviesrecht, de participatieplicht en het delegatiebesluit. De organisatie geeft aan dat er nog geen besluit is genomen over het nieuwe adviesstelsel. Participatie bij buitenplanse initiatieven Ook hier wordt in het najaar een besluit over genomen. Welstandscommissie Het plan hiervoor wordt opgesteld door VTH De Kempen. Er is nog geen besluit genomen over het nieuwe adviesstelsel. Leges aanpassingen/nieuwe legesverordening Dit is nog niet aangepast aan de Omgevingswet, dit staat op de rol bij de legesverordening van 2023 (uitgaande van implementatie van de Omgevingswet per 1 januari 2023).

Participatiebeleid bij visievorming en planaanpassingen Dit onderwerp wordt meegenomen in het voorstel adviesrecht, delegatie, participatie en de omgevingsdialoog. Over het participatiebeleid bij visievorming en planaanpassingen zijn geen raadsbesluiten genomen en staan geen raadsadviezen op de planning. In het Implementatieplan Omgevingswet voor Reusel-De Mierden staat benoemd dat de invulling van de participatie via een raadsadvies moet worden voorgelegd aan de raad zodat de raad hierover een besluit kan nemen. Daar is nog geen voorstel voor opgesteld en uit interviews komt naar voren dat er nog geen participatiebeleid is. Wel wordt in de gesprekken “de omgevingsdialoog” genoemd als een manier waarop met inwoners wordt samengewerkt maar het is niet helder of dit vanuit de uitgangspunten van de Omgevingswet is opgezet.

| 27 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Het raadsvoorstel over adviesrecht, delegatiebesluit en verplichte participatie is in februari 2022 besproken in de commissie. Destijds is besloten dat het niet rijp was voor besluitvorming. De raad vond dat de regels zoals nu beschreven in de categorieënlijst (in relatie tot de verklaring van geen bedenkingen), verder aangescherpt moeten worden en het duidelijker moest worden wie er allemaal betrokken moeten zijn bij de besluitvorming. De raad wil vooral meer regie voeren op vergunningen en bestemmingsplannen. De raad is hiermee terughoudender in het creëren van ruimte dan wat de intentie is van de Omgevingswet. Op het moment dat het besproken werd met de raad, was het uitstel van de Wet al duidelijk. De noodzaak om op korte termijn een besluit te nemen, was daardoor verdwenen. Uit het gesprek met de raad blijkt dat raadsleden op dit moment geen concreet idee hebben aan welke knoppen ze kunnen draaien in het implementatieproces en de periode erna (de transitiefase). Over het delegatiebesluit, adviesrecht en verplichte participatie bij buitenplanse initiatieven zou in april gesproken worden, maar dit is verplaatst naar 6 september 2022 om de raad meer tijd te geven om een beeld te kunnen vormen en om de stukken meer kleuring vanuit de raad te geven.

Ter voorbereiding op de besluitvorming in het najaar is het college van plan om de raad middels zogenaamde werkateliers op de hoogte te brengen van de stand van zaken ten aanzien van de Omgevingswet, de te nemen besluiten en de mogelijke implicaties van de keuzes die de raad maakt. Uit gesprekken en ook uit de vragenlijst blijkt dat er in het verleden ook al dergelijke werkateliers zijn geweest (met de oude raad) en dat de raad erg tevreden is met deze vorm van voorbereiding op besluitvorming. Er zijn werkateliers geweest over de informatievoorziening, de communicatie, participatie en de omgevingsdialoog. De raad is daarbij bevraagd over wat ze verwachten en vooral ook wat ze willen. Het feit dat veel besluiten nog dit najaar genomen moeten worden, baart de raad geen zorgen. De acties die in de voorlopige plannen en besluiten zijn opgenomen, betreffen de minimale acties. Dat sluit aan op het ambitieniveau van de gemeente Reusel-De Mierden: doen wat noodzakelijk is en zo veel mogelijk beleidsneutraal overgaan van de huidige naar de nieuwe situatie. Dit betekent onder meer dat bestaande afspraken over de taak- en werkverdeling tussen de raad en het college niet worden aangepast en de bestemmingsplannen en de bruidsschat overgaan in het nieuwe tijdelijke omgevingsplan.

Dit is niet formeel door de raad besloten, maar het is wel gedeeld met de raad via een raadsinformatienota en in informatiesessies. Hierin is gecommuniceerd dat het uitgangspunt is om beleidsneutraal over te gaan. Hier is echter geen reactie op gekomen vanuit de raad.

6.2

Hoe is invulling gegeven aan de rol en de positie van de gemeenteraad?

Normen bij deelvraag 8: ● De kaders en richtlijnen die de gemeenteraden en colleges van B&W hebben afgesproken in beleidsplannen en -regels zijn voldoende concreet en kunnen aangepast worden bij gewijzigde wensen in de raden; beleidsambities zijn vertaald naar meetbare doelen en resultaten. ● De gemeenteraden zijn op de hoogte van hun bevoegdheden. ● De gemeenteraden kennen de periodieke afspraken. ● De gemeenteraden kunnen kaders stellen over de wijze waarop de Kempengemeenten verslag doen van de prestaties. ● De gemeenteraden hebben het college van B&W bevraagd over de mate waarin de doelen gerealiseerd worden.

| 28 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Mogelijkheid tot kaderstellen en controleren In het onderzoek is ook gekeken op welke wijze de raad zelf invulling heeft gegeven (en heeft kunnen geven) aan zijn kaderstellende en controlerende taak. In de online vragenlijst is daarom gevraagd in hoeverre raadsleden ervaren dat zij met de huidige informatievoorziening de afgelopen tijd in positie zijn gebracht dit te doen. Het gemiddelde cijfer voor het kaderstellen is een 6,3 en voor controleren is het 6,6. Uit de toelichting bij de vraag blijkt dat veel raadsleden vinden dat ze goed geïnformeerd worden, maar dat het desondanks een lastig thema is om voor een lekenbestuur goed te doorgronden. Er is dus niet zozeer twijfel over de vraag of de raad goed in stelling wordt gebracht om te kunnen kaderstellen en controleren, maar er is eerder onbehagen over de omvang en complexiteit van de wet en de mogelijke implicaties. Figuur 1

Mogelijkheid tot uitvoeren kaderstellende en controlerende taak

De raad heeft op dit moment eigenlijk geen concreet idee waar ze straks in het proces aan de knoppen kunnen draaien en welke instrumenten ze straks hebben. De belangrijkste instrumenten, te weten de omgevingsvisie en het omgevingsplan, liggen enigszins buiten de scope van dit onderzoek. Dat komt omdat dit onderzoek zich richt op het “klaar zijn voor de Omgevingswet” op de datum van inwerkingtreding en de daarmee samenhangende minimale eisen. De deadline voor de omgevingsvisie ligt op 31 december 2024 en voor het definitieve omgevingsplan op 31 december 2029. Het tijdelijk omgevingsplan gaat in op dezelfde datum als de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De omgevingsvisie is als instrument voor de raad het belangrijkste richtinggevende document op basis waarvan de uitvoeringsprogramma’s van het college worden vastgesteld en de regelgeving in het omgevingsplan wordt opgesteld. De samenhang tussen al deze instrumenten is nog niet voor alle raadsleden helder. Dit is ook het geval bij de voorliggende raadsbesluiten die genomen moeten worden voordat de wet in werking treedt. Als het gaat om het delegatiebesluit, het adviesrecht in participatie, heeft de raad straks een aantal concrete sturingsinstrumenten in handen met een directe impact op het werkproces en de dienstverlening van de gemeente.

Uiteindelijk horen deze besluiten in lijn te zijn met de uitgezette koers in de omgevingsvisie, maar de landelijk vastgestelde deadlines maken een logische chronologische volgorde niet mogelijk. Het is daarom van extra belang dat de raad hierover goed wordt geadviseerd. De verkiezingen en het uitstellen van de invoeringsdatum hebben de voortgang op de besluitvorming eveneens bemoeilijkt. Kortom, als het gaat om de vraag in hoeverre de raad invulling heeft gegeven aan zijn kaderstellende en controlerende taak, dan komt uit het onderzoek naar voren dat de raad over het algemeen erg gemotiveerd is om invulling te geven aan verantwoordelijkheden. De instrumenten die er zijn om kaders te stellen en te kunnen controleren worden echter nog weinig gebruikt. Het beleidsterrein is complex en ook zeer aan veranderingen onderhevig, waardoor het voor veel raadsleden (zeker de nieuwe) aanpoten is om alle informatie tot zich te nemen. Uit het onderzoek blijkt dat de raad op dit moment vooral nog (vrij reactief) aan het controleren is, maar zich ook nog niet volledig geëquipeerd voelt in die rol.

| 29 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

De raad is op de hoogte van de bevoegdheden, maar niet altijd van de implicaties De raad heeft een belangrijke rol bij de implementatie van de Omgevingswet en de organisatie probeert de raad daarover zo goed mogelijk te informeren. De betrokkenheid van de raad is echter wisselend, mede ingegeven door het steeds weer uitstellen van de wet waardoor de aandacht weer wegzakt. Volgens verschillende respondenten heeft de implementatie van de Omgevingswet op dit moment geen prioriteit bij de raad. Er is een aantal werkateliers geweest waarin de raad en het college van gedachten hebben gewisseld, maar over het algemeen is de raad afwachtend in wat de organisatie aan informatie komt brengen. De raad heeft aangegeven het delegatie-/mandaatbesluit zo veel mogelijk bij zichzelf te willen houden. Als de raad echter alle/zoveel mogelijk buitenplanse initiatieven van advies wil voorzien, dan betekent dat wel wat voor de raadsagenda, maar ook ambtelijk. Dat is in het licht van de huidige capaciteitsproblemen een flinke uitdaging. Er is namelijk een ‘ruime werkvoorraad’ bij ReuselDe Mierden en eenvoudigweg te weinig personele capaciteit (zie ook paragraaf 5.2) voor de ambities die er liggen. De raad is onlangs ook bijgepraat over deze problemen en de gevolgen. Dit zal ertoe gaan leiden dat inwoners straks (nog) langer moeten wachten op de behandeling van een aanvraag.

De raad is hier volledig van op de hoogte (door middel van persberichten, brieven, werkbijeenkomsten). Het capaciteitsprobleem is niet uniek voor Reusel-De Mierden, maar speelt landelijk, regionaal en provinciaal. (Bij)sturingsinstrumenten worden niet ingezet De raad kan verschillende instrumenten gebruiken om bij te sturen, dan wel extra informatie te ontvangen om zijn controlerende taak uit te voeren. Zo kan de raad schriftelijke vragen stellen, moties indienen, amendementen en ook mondeling vragen stellen in de commissie. Uit het onderzoek komt naar voren dat de raad van Reusel-De Mierden ten aanzien van de Omgevingswet, de afgelopen jaren geen moties en amendementen heeft ingediend. Naast het indienen van moties en amendementen kan de raad ook raadsvragen stellen, artikel 41vragen indienen en zelf discussienotities indienen. Van deze instrumenten heeft de raad de afgelopen jaren ook geen gebruikgemaakt. Uit gesprekken komt wel naar voren dat er wel degelijk vragen worden gesteld, fysiek in de commissies en tijdens raadsinformatiebijeenkomsten.

6.3 Is voorzien in monitoring die de raad in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen? Normen bij deelvraag 9: ● Er is voorzien in monitoring die de gemeenteraad in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen. ● De informatie is tijdig, volledig en juist en voldoet aan de behoefte van de raad. Informatievoorziening is op orde volgens de raad, maar het proces blijft lastig om te volgen In Reusel-De Mierden wordt informatie met de raad gedeeld op het moment dat de minimale acties er om vragen (met andere woorden: op het moment dat de raad een besluit moet nemen). Er zijn geen kwartaal- en/of voortgangsrapportages die ingaan op de uitvoering van de Omgevingswet, daarmee is de voortgang van het implementatieproces lastig te volgen. Wel wordt de raad middels de reguliere P&C-processen geïnformeerd over de voortgang van de implementatie van de Omgevingswet. Daarnaast worden er regelmatig raadsinformatienota's (RIN’s) met de

| 30 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

gemeenteraad gedeeld, zoals blijkt uit onderstaand overzicht. Ten slotte wordt in de begroting een bedrag meegenomen voor de totale implementatie van de Omgevingswet. Raadsinformatienota's (RIN’s): ● 2016-12-13 RIN 1 uitgangspunten en stand van zaken Omgevingswet ● 2020-04-28 RIN 2 uitstel datum inwerkingtreding Omgevingswet ● 2020-04-28 RIN 3 overzicht bestuurlijke besluitvorming 2020 en 2021 ● 2020-04-28 Bijlage 1 bij RIN 3 overzicht bestuurlijke besluitvorming 2020 en 2021 ● 2020-04-28 Bijlage 2 bij RIN 3 overzicht bestuurlijk besluitvorming 2020 en 2021 ● 2021-01-22 RIN Aanpak en investering 4 werkateliers ● 2021-11-30 RIN 4 stand van zaken implementatie Omgevingswet ● 2021-11-30 Bijlage 1 bij RIN 4 Planning producten gemeenteraad Om de vraag te beantwoorden of er is voorzien in een goede monitoring (lees: informatievoorziening), is de raad zelf gevraagd naar hun oordeel. Uit de online vragenlijst blijkt dat informatievoorziening vanuit het college over de invoering van de Omgevingswet als ‘goed’ wordt beoordeeld door de raad (gemiddeld geven raadsleden een 7,5). Figuur 2

Oordeel ten aanzien van de huidige informatievoorziening

Er zijn op dit vlak geen onvoldoendes gegeven en ook in het gesprek met de raad werd aangegeven dat men tevreden is, wat niet wegneemt dat de raad alsnog een gevoel van onbehagen heeft ten aanzien van de Omgevingswet en alles wat daarmee samenhangt, zoals blijkt uit onderstaande citaten. ‘Er wordt vanuit het College middels werkbijeenkomsten geprobeerd ons mee te nemen in wat de Omgevingswet allemaal inhoudt, maar de exacte gevolgen daarvan voor onze gemeente zijn niet altijd even duidelijk.’ ‘We worden tijdig meegenomen in alle processen, maar soms kan het betrekken bij het vormen van beleid beter. Er is gewerkt met werkateliers maar een uitwerking daarvan of terugkoppeling ontbreekt.’ ‘Het staat regelmatig op de agenda, maar het blijft complex en de vertaalslag naar het eenvoudig maken voor een lekenbestuur gaat maar moeizaam.’ ‘Het blijft tot nu toe nog een hele taak om alles zo goed mogelijk te laten verlopen maar door middel van informatie en het compacter proberen te maken van de wet zal het overzichtelijker moeten worden.’

De informatie komt tijdig Uit de vragenlijst en het groepsgesprek komt naar voren dat nagenoeg alle raadsleden zowel de tijdigheid (wanneer komt de informatie) als de actualiteit (hoe oud zijn de gegevens) over het algemeen als voldoende beschouwen. De consistentie van de informatie (het laten aansluiten van

| 31 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

de informatie op eerdere nota’s) wordt ook voldoende beschouwd. Op geen van deze aspecten is een onvoldoende gegeven. Figuur 3

Tijdigheid en consistentie van de informatie

De informatie is juist Er is in het gesprek met de raad en in de online vragenlijst ook gevraagd in hoeverre de informatie betrouwbaar is en geen fouten kent. Uit onderstaande figuur komt naar voren dat een klein deel van de raad over dit aspect twijfels heeft (het niet weet). Het is verder niet geduid waar deze twijfels vandaan komen. In zijn algemeenheid wordt er juist vertrouwen gesteld in de juistheid van de aangeleverde informatie, zo blijkt ook uit het groepsgesprek. Figuur 4

Juistheid van de informatie

De informatie is volledig en lijkt grotendeels aan te sluiten op de behoefte van de raad Als het gaat om de beoordeling van de informatie is gevraagd of deze ook volledig is. Opvallend is dat meerdere respondenten aangeven dat ze niet weten of ze alle informatie ontvangen die ze horen te ontvangen (“je weet niet wat je niet weet”). Zo is ook in het gesprek met de raad aangekaart. Doordat er sprake is van een grote informatiestroom en verschillende (deel)besluiten, ontbreekt een overkoepelend beeld bij veel raadsleden. Dit alles wordt verder bemoeilijkt door het ontbreken van centrale doelstellingen en indicatoren ten aanzien van de Omgevingswet waardoor de raad ook niet weet waar ze op moet sturen. In de gesprekken en de vragenlijst is ook gevraagd naar de behoefte van de raad ten aanzien van de informatievoorziening. Een klein deel (20%) van de raadsleden vindt de informatie op dit moment niet goed aansluiten op hun behoeften, 80% is echter tevreden op dit moment.

| 32 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Figuur 5

Informatiebehoefte en volledigheid

Als het gaat om hiaten in de informatievoorziening, dan valt het op dat met name de inzichten in de te verwachten effecten en resultaten en de consequenties van de besluiten worden gemist (figuur 6). Wat in lijn is met hetgeen dat in de vorige paragraaf werd geconstateerd, waarin raadsleden het lastig vinden om de implicaties van de wet en de daarbij behorende besluiten te overzien. Figuur 6

Wat mist er in de informatievoorziening?

Er is op dit moment geen regionale samenwerking tussen de gemeenteraden Er is geen samenwerking met andere gemeenteraden in de Kempengemeenten. Er is wel samenwerking op organisatorisch en bestuurlijk vlak, maar op raadsniveau niet. Tussen de griffies is op dit moment evenmin samenwerking. Het is dan ook niet verwonderlijk dat voor de samenwerking tussen de vier raden in De Kempen in de online vragenlijst gemiddeld een 3,9 wordt gegeven. Er wordt op dit moment wel gewerkt aan een strategische Kempenagenda waarvoor in het najaar bijeenkomsten staan gepland.

| 33 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Uit verschillende gesprekken (ook in de andere gemeenten) komt naar voren dat de Kempengemeenten te veel hechten aan accentverschillen, waardoor ze vroeg of laat hun eigen pad kiezen. Een deel hiervan lijkt verscholen te zitten in het feit dat de raden elkaar niet kennen en dus ook niet opzoeken. Alle vier de gemeenteraden zijn strenge bewakers van de couleur locale, wat onder andere al blijkt uit het feit dat alle gemeenten op dit moment op hun eigen manier werken aan de implementatie van de Omgevingswet. Zodoende wordt ook als het gaat om een samenwerkingsopgave, bij uitstek zoals de Omgevingswet, waarbij straks onherroepelijk interbestuurlijke vraagstukken ontstaan in de regio, nauwelijks samengewerkt tussen de raden. Er is wel regionaal bewustzijn, maar tegelijkertijd is er ook behoefte aan autonomie. Toch zien de raadsleden in de gemeente Reusel-De Mierden wel de noodzaak en voordelen van samenwerken binnen de regio als het gaat om de Omgevingswet (meer dan in de andere Kempengemeenten). De wens om gezamenlijke raadsavonden te organiseren, vooral voor uitwisseling van informatie en actuele thema’s, is er dan ook zeker.

| 34 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Bijlage 1 | Normenkader Onderzoeksvraag

Norm

Aanpak invoering Omgevingswet 1.

Welke aanpak is er in de afzonderlijke gemeenten gepland en gevolgd ten aanzien van de invoering van de Omgevingswet?

● ●

●

2.

3.

Welke verschillen en overeenkomsten zijn er in het invoeringstraject tussen de afzonderlijke gemeenten?

●

Is er voorzien in een realistisch (meerjaren-)plan om tijdig te (gaan) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt?

●

●

●

Er is sprake van een heldere en vastgestelde aanpak met duidelijke (vooraf vastgestelde) mijlpalen en resultaten. Er is sprake van een aanpak waarin niet alleen organisaties en colleges van B&W, maar ook de (rol van de) gemeenteraad(sleden) expliciet is meegenomen. Er is sprake van een vastgestelde projectbegroting voor de voorbereiding op de inwerkingtreding. Hiervoor is in beginsel geen norm, dit moet blijken uit het onderzoek. Deze vraag wordt beantwoord in de koepelnotitie. In de Kempengemeenten is er sprake van een realistisch (meerjaren)plan om tijdig te voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt. Het meerjarenplan is bekend bij de betrokken actoren.

Stand van zaken invoering Omgevingswet 4.

Wat is de huidige stand van zaken in de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet in de afzonderlijke gemeenten?

●

● ● ● ● ●

De raadsbesluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. Er wordt geoefend met het DSO. Er wordt geoefend met omgevingstafels, inclusief ketenpartners. Er zijn nieuwe (financiële) afspraken gemaakt met ketenpartners. Er is een opleidingsplan voor in elk geval de teams vergunningen en RO. Er zijn werkafspraken geformuleerd (bijvoorbeeld in een handboek) over het verwerken van buitenplanse initiatieven op basis van het tijdelijke omgevingsplan.

5.

Is het de verwachting dat de afzonderlijke gemeenten op de invoeringsdatum van de Omgevingswet (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet in formele zin stelt?

●

De Kempengemeenten voldoen op de invoeringsdatum (1 juli 2022) in formele zin aan de eisen die de Omgevingswet stelt.

6.

Is het de verwachting dat de afzonderlijke gemeenten (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan de wijze waarop gemeenten in de dagelijkse praktijk invulling geven aan de wet? Met name gericht op houding en gedrag van bestuur en ambtelijke organisatie.

●

De afzonderlijke gemeenten (kunnen) voldoen aan de eisen die de Omgevingswet stelt: met name gericht op houding en gedrag van bestuur en ambtelijke organisatie. Het denken en handelen is in de geest van de Omgevingswet.

●

| 35 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Rol van de gemeenteraad 7.

Wat is de rol en positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet?

●

●

●

8.

Hoe is voorzien en invulling gegeven aan de rol en de positie van de afzonderlijke gemeenteraden in de voorbereiding van de Omgevingswet?

●

● ● ●

● ●

9.

De raadsbesluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn minimaal met de raad voorbesproken en in een advies uitgewerkt. De raden hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners vorm willen geven en hoe zij participatie willen invullen. De raden hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op de relatie met inwoners en participatie. De kaders en richtlijnen die de gemeenteraden en colleges van B&W hebben afgesproken in beleidsplannen en -regels zijn voldoende concreet en kunnen aangepast worden bij gewijzigde wensen in de raden; beleidsambities zijn vertaald naar meetbare doelen en resultaten. De gemeenteraden zijn op de hoogte van hun bevoegdheden. De gemeenteraden kennen de periodieke afspraken. De gemeenteraden kunnen kaders stellen over de wijze waarop de Kempengemeenten verslag doen van de prestaties. De gemeenteraden krijgen de relevante informatie tijdig. De gemeenteraden hebben het college van B&W bevraagd over de mate waarin de doelen gerealiseerd worden.

Is voorzien in monitoring die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen?

●

Er is voorzien in monitoring die de afzonderlijke gemeenteraden in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen.

10. Wat zijn de eventuele aandachts- en leerpunten voor de gemeenteraden?

●

Hiervoor is in beginsel geen norm, dit moet blijken uit het onderzoek.

| 36 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Bijlage 2 | Bestudeerde documenten Raadsbesluiten ● Genomen raadsbesluiten met betrekking tot de Omgevingswet: o Advies en delegatierecht (januari 2022) o Participatie bij buitenplanse initiatieven o Welstandscommissie (wordt opgesteld) o Legesaanpassingen/nieuwe legesverordening (wordt meegenomen bij legesverordening van 2023) o Participatiebeleid bij visievorming en planaanpassingen ● Besluiten/projectplan over werken met het tijdelijk omgevingsplan. o Reusel-De Mierden: nog niet beschikbaar (nog geen besluiten over genomen) Implementatieplan Omgevingswet en eventuele (deel)projectplannen ● Begrotingen dan wel begrotingswijzigingen met betrekking tot de implementatie. o Deels compleet (alleen projectbegrotingen 2021 en 2022 ontvangen) ● Teamplannen VTH, RO en Dienstverlening. o RO en VTH ontvangen, plannen Dienstverlening zijn er niet. o Draaiboek VTH 2020 o Draaiboek VTH 2021 ● De omgevingsvisie 2018 o Momenteel bezig met actualisatie ● Stand van zaken koppeling DSO. o Via SSC de Kempen Jaarrekening en begroting ● Jaarrekeningen van de afzonderlijke gemeenten (2018-2021). ● Programmabegrotingen van de afzonderlijke gemeenten (2018-2021).

Raadsinformatienota’s ● 2016-12-13 RIN 1 uitgangspunten en stand van zaken Omgevingswet ● 2020-04-28 RIN 2 uitstel datum inwerkingtreding Omgevingswet ● 2020-04-28 RIN 3 overzicht bestuurlijke besluitvorming 2020 en 2021 ● 2020-04-28 Bijlage 1 bij RIN 3 overzicht bestuurlijke besluitvorming 2020 en 2021 ● 2020-04-28 Bijlage 2 bij RIN 3 overzicht bestuurlijk besluitvorming 2020 en 2021 ● 2021-01-22 RDM Aanpak en investering 4 werkateliers ● 2021-11-30 RIN 4 stand van zaken implementatie Omgevingswet ● 2021-11-30 Bijlage 1 bij RIN 4 Planning producten gemeenteraad Raadsinstrumenten ● Raadsvragen inzake de Omgevingswet (2018-2022). o Zijn er niet ● Moties inzake de Omgevingswet (2018-2022). o Zijn er niet ● Amendementen inzake de Omgevingswet (2018-2022). o Zijn er niet

| 37 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

de

Bijlage 3 | Geïnterviewde personen Gesprekspartners

Interne respondenten

Portefeuillehouder Omgevingswet

Delegatie van de gemeenteraad

Afdelingshoofd Bedrijfsvoering en Ruimtelijk beheer

Afdelingshoofd Ontwikkeling en Dienstverlening Projectleider implementatie Omgevingswet Projectondersteuner implementatie Omgevingswet Externe respondenten

Provincie Noord-Brabant Omgevingsdienst ODZOB Interim teamcoördinator team Vergunningen - VTH De Kempen Manager SSC De Kempen Projectleider technische implementatie applicatie PowerBrowser t.b.v. Omgevingswet

| 38 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Bijlage 4 | Online vragenlijst voor raadsleden Introductie De Rekenkamercommissie Kempengemeenten laat een onderzoek uitvoeren naar de Omgevingswet. Het onderzoek richt zich op de vraag of de Kempengemeenten (Bladel, Eersel, Reusel-De Mierden en Oirschot) klaar zijn voor de invoering van de Omgevingswet en de positie van u in het geheel als raadslid die moet kaderstellen en controleren. Met deze vragenlijst verzamelen we een eerste input voor het vervolg van het onderzoek, waaronder de interviews. De vragenlijst bestaat uit een beperkt aantal meerkeuzevragen met hier een daar de mogelijkheid tot toelichting. Het invullen van de vragenlijst duurt maximaal tien minuten.

Vragen Vraag 1: In welke gemeente bent u raadslid? a. Bladel b. Eersel c. Reusel-De Mierden d. Oirschot Vraag 2: Hoe lang zit u al in de raad? a. Sinds 2022 b. 1 - 4 jaar c. 5 - 8 jaar d. Al langer

Informatievoorziening Vraag 3a: Hoe beoordeelt u in het algemeen de informatievoorziening door het college aan de gemeenteraad over de stand van zaken rondom de invoering van de Omgevingswet? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4

5

6

7

8

9

10

Kunt u uw antwoord toelichten?

Vraag 3b: Zijn er andere bronnen waar u uw informatie vandaan haalt? Zo ja, waar?

| 39 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Vraag 4a: In hoeverre heeft u het idee dat u met de huidige wijze van informeren over de implementatie van de Omgevingswet uw controlerende taak kunt uitvoeren? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4

5

6

7

8

9

10

Kunt u uw antwoord toelichten?

Vraag 4b: In hoeverre heeft u als raadslid het idee dat u met de huidige wijze van informeren over de implementatie van de Omgevingswet uw initiërende en kaderstellende taak kunt uitvoeren? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4

5

6

7

8

9

10

Kunt u uw antwoord toelichten?

Vraag 5: Is de informatie over de implementatie van de Omgevingswet in uw ogen volledig? Ja Nee Gedeeltelijk Weet ik niet Vraag 6: Welke informatie mist u over de implementatie van de Omgevingswet? Informatie over de te nemen raadsbesluiten voor datum indiensttreding7 Duidelijkheid over de consequenties van deze besluiten Duidelijkheid over de samenhang tussen deze besluiten Terugkoppeling vanuit het college Duidelijk overzicht/overkoepelend beeld (van alles wat samenhangt met de Omgevingswet) Inzicht in de te verwachten effecten en resultaten Analyse en duiding van informatie Bijeenkomsten over de invoering van de Omgevingswet (bijvoorbeeld een raadsinformatiebijeenkomst) Niet van toepassing, informatie is compleet genoeg om mijn oordeel op te baseren. Advies -en delegatierecht, welstandscommissie, legesverordening, verplichte participatie bij buitenplanse initiatieven. 7

| 40 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Vraag 7: Hoe beoordeelt u de wijze waarop informatie over de implementatie van de Omgevingswet aangeboden en behandeld wordt (denk daarbij aan schriftelijke, mondelinge toelichting, bijeenkomsten)? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer slecht, 10 = zeer goed 4

5

6

7

8

9

10

Kunt u uw antwoord toelichten en daarin aangeven wat u daarin eventueel mist?

Doelstellingen en monitoring Vraag 8: In hoeverre bent u op de hoogte van de minimale doelen om op 1 januari 2023 de Omgevingswet te implementeren en de dienstverlening op peil te houden onder de nieuwe wet? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4

5

6

7

8

9

10

Vraag 9: Bent u op de hoogte welke indicatoren aan de doelstellingen voor de implementatie van Omgevingswet gekoppeld zijn? Ja Nee Gedeeltelijk Kunt u uw antwoord toelichten?

Vraag 10: In hoeverre heeft u als raadslid keuzes kunnen maken in het gewenste ambitieniveau? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4

5

6

7

8

9

10

| 41 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Beoordeling van informatie Vraag 11: Kunt u aangeven hoe u de volgende aspecten beoordeelt ten aanzien van de informatie die u ontvangen heeft over de implementatie van de Omgevingswet? Aspect/score

Ruim onvoldoende

Onvoldoende

Voldoende

Ruim voldoende

Tijdigheid De actualiteit van de informatie De tijdigheid van de informatie De aansluiting van de informatie op eerdere nota’s en informatie

Juistheid De informatie kent geen fouten De informatie is betrouwbaar Volledigheid De informatie sluit aan op de behoefte van de raad De reikwijdte van de informatie (beslaat de informatie en perspectieven van aanpalende beleidsterreinen)

De informatie heeft het juiste detailniveau

Wilt u dit toelichten op een of meerdere aspecten? Tijdigheid Juistheid Volledigheid

| 42 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

Weet ik niet

Sturing Vraag 12: In hoeverre heeft u gebruikgemaakt van de sturingsinstrumenten (zoals moties, amendementen, raadsvragen) ten aanzien van het implementatie- en participatieproces rondom de Omgevingswet? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4

5

6

7

8

9

10

Als u dat heeft gedaan, welk instrument heeft u ingezet? (motie, amendement, raadsvragen of juist iets heel anders op informele wijze?)

Vraag 13: De Omgevingswet is een opgave waar alle vier de Kempengemeenten mee te maken hebben. In hoeverre is er sprake van (een effectieve) samenwerking tussen de gemeenteraden in de Kempengemeenten? Schaalscore 1 t/m 10: 1

2

3

1 = zeer weinig, 10 = zeer veel 4

5

6

7

8

9

10

Vraag 14: Waar heeft u behoefte aan? Wat is er volgens u nog nodig voor een succesvolle implementatie van de Omgevingswet in uw gemeente (of in de Kempenregio)?

| 43 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

BMC Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort Postbus 490 3800 AL Amersfoort (033) 496 52 00 info@bmc.nl www.bmc.nl KvK BMC Advies 32078667 IBAN NL91 ABNA 0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01

Colofon 27 september 2022 Classificatie

: Vertrouwelijk

Naam adviseurs

:

Projectnummer

: PO026292

Correspondentienummer

: DH-2607-1589

● ● ●

T. (Tom) Plat E. (Evelyn) Bontekoe Janssen P. (Pauline) de Jong

| 44 | Eindrapport - Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet Reusel-De Mierden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=ReuselDeMierden&id=52797894-5ad0-489e-a508-bc687aa05e1c