CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

K. Jaarverslag en Jaarrekening 2021 ODRU

Gemeenteraad 10 mei 2022, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen26.381 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

600 62

Vrijwillige uren

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

195 2500

2.100

29

Jaarstukken 2021

5.4

Gemeente IJsselstein Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

Gerealiseerd 2021

1.580.515

1.671.454

2 Project (P)

57.190

43.368

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

181.466

12.096

1.819.171

1.726.917

Totaal

Vergunningen en meldingen

IJsselstein

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Totaal ODRU

254 270 4 8 154 44 4 738 IJsselstein

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

30

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

39 104 14 88 16 127

121 1.187 42 1.744 222 2.022

73 308 6 775

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

IJsselstein

Adviestaak basisonderwijs; scholen

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

11

31

Jaarstukken 2021

5.5

Gemeente Montfoort Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

936.320

2 Project (P) 3 Aanvullend afgenomen (A+B)

-

280.634

246.981

1.216.954

1.149.210

Montfoort

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

902.229

-

Totaal

Vergunningen en meldingen

Gerealiseerd 2021

Totaal ODRU

72 144 5 3 62 82 6 374 Montfoort

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

32

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

25 30 14 39 7 47

121 1.187 42 1.744 222 2.022

34 140 0 336

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

5.6

Gemeente Oudewater Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk budget (T)

482.505

483.906

2 Projectbudget (P)

11.970

6.090

3 Aanvullend afgenomen (A+B) Totaal

Vergunningen en meldingen

46.614 536.609

Oudewater

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

51.619 546.094

Totaal ODRU

0 0 0 30 0 93 12 135 Oudewater

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

33

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

0 34 2 26 17 73

121 1.187 42 1.744 222 2.022

37 0 2 191

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

5.7

Gemeente Renswoude Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

390.735

353.614

2 Project (P)

53.770

45.743

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

21.632

12.540

466.137

411.896

Totaal

Vergunningen en meldingen

Renswoude

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Totaal ODRU

0 0 10 24 31 10 6 81 Renswoude

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

34

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

0 14 2 24 5 60

121 1.187 42 1.744 222 2.022

30 0 1 136

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

5.8

Gemeente Rhenen Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

349.410

372.661

2 Project (P)

80.465

57.109

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

59.354

52.782

489.229

482.552

Totaal

Vergunningen en meldingen

Rhenen

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Totaal ODRU 0 0 2 59 95 38 11 205

Rhenen

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

35

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

4 67 2 76 8 54

121 1.187 42 1.744 222 2.022

37 0 2 250

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

5.9

Gemeente Stichtse Vecht Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

1.512.685

1.418.858

299.630

268.546

2 Project (P) 3 Aanvullend afgenomen (A+B) Totaal

71.630

33.600

1.883.945

1.721.004

Vergunningen en meldingen

Stichtse Vecht

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal

0 0 0 124 0 104 35 263

Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Stichtse Vecht 3 65 3 146 11 202

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

Gerealiseerd 2021

101 0 5 536

36

Totaal ODRU 326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU 121 1.187 42 1.744 222 2.022 1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Stichtse Vecht

Leerlingen PO bereik Scholen Producten/activiteiten Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona * Geschat bereik via projecten * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden. NME-centrum MEC Maarssen

Stichtse Vecht

Bezoekers Vrijwilligers Vrijwillige uren

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

9.615 35 460 2.000 5.500 1.100

660 11 800

37

Jaarstukken 2021

5.10

Gemeente Utrechtse Heuvelrug Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

989.235

1.042.439

2 Project (P)

68.400

56.468

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

146.159

99.410

1.203.794

1.198.317

Totaal

Vergunningen en meldingen

Utrechtse Heuvelrug

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving

Totaal ODRU

0 0 0 67 0 83 46 196 Utrechtse Heuvelrug

Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

38

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal Odru

5 180 2 167 24 121

121 1.187 42 1.744 222 2.022

82 0 7 588

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Utrechtse Heuvelrug

Leerlingen PO bereik

3.400

Scholen Producten/activiteiten Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona * Geschat bereik via projecten * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden.

19 108 4 410 1675

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

39

Jaarstukken 2021

5.11

Gemeente Veenendaal Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

761.520

805.747

2 Project (P)

153.330

126.478

3 Aanvullend afgenomen (A+B) Totaal

Vergunningen en meldingen

76.388

64.697

991.238

996.923

Veenendaal

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Totaal ODRU

0 0 0 143 0 73 5 221 Veenendaal

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

40

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

1 58 0 158 10 175

121 1.187 42 1.744 222 2.022

136 0 2 540

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

5.12

Gemeente Vijfheerenlanden Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

1.307.580

1.420.602

147.535

149.445

2 Project (P) 3 Aanvullend afgenomen (A+B) Totaal

201.221

54.113

1.656.336

1.624.159

Vergunningen en meldingen

Vijfheerenlanden

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal

0 0 7 143 233 204 38 625

Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Vijfheerenlanden 2 180 0 192 30 258

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

Gerealiseerd 2021

169 0 12 843

41

Totaal ODRU 326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU 121 1.187 42 1.744 222 2.022 1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Vijfheerenlanden

Leerlingen PO bereik Scholen Producten/activiteiten Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona * * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

42

945 8 34 5 75

Jaarstukken 2021

5.13

Gemeente Wijk bij Duurstede Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

Gerealiseerd 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

387.980

404.539

2 Project (P)

90.440

46.602

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

159.144

58.137

637.564

509.277

Totaal

Vergunningen en meldingen

Wijk bij Duurstede

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving

Totaal ODRU

0 0 0 26 45 48 7 126 Wijk bij Duurstede

Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

43

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

1 56 0 38 4 61

121 1.187 42 1.744 222 2.022

35 0 5 200

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Wijk bij Duurstede

Leerlingen PO bereik Scholen Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona * * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

44

1.025 9 1 523

Jaarstukken 2021

5.14

Gemeente Woerden Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

Gerealiseerd 2021

1.362.300

1.355.731

2 Project (P)

123.880

78.646

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

198.115

115.800

1.684.295

1.550.177

Totaal

Vergunningen en meldingen

Woerden

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Totaal ODRU

0 0 0 126 0 228 29 383 Woerden

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

45

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

0 47 2 115 50 218

121 1.187 42 1.744 222 2.022

144 0 2 578

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Woerden

Leerlingen PO bereik

9.411

Scholen Producten/activiteiten Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona* * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden.

25 367 106 2372

NME-centrum InBredius

Woerden

Bezoekers Vrijwilligers Stagiaires Vrijwillige uren

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

2.000 35 2 1.000

46

Jaarstukken 2021

5.15

Gemeente Zeist Bijdrage per gemeente (in euro's)

Budget 2021

1 DVO (G) & Tijdelijk (T)

Gerealiseerd 2021

1.620.700

1.572.697

2 Project (P)

416.955

343.800

3 Aanvullend afgenomen (A+B)

134.995

87.794

2.172.650

2.004.291

Totaal

Vergunningen en meldingen

Zeist

Informatieverstrekking vergunningen WABO vergunningen bouw WABO vergunningen milieu Advies ander bevoegd gezag Meldingen bouw Meldingen milieu Overige besluiten Totaal Toezicht en handhaving Klachten bouw en asbest Klachten milieu Handhavingsverzoeken Toezicht sloop en asbest Toezicht bodem Programmatisch toezicht milieu Hercontrole programmatisch toezicht milieu Toezicht en handhaving bouw Strafrecht Totaal

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

Totaal ODRU 0 0 6 593 457 72 38 1166

Zeist

47

326 863 47 1.485 1.337 1.350 310 5718 Totaal ODRU

3 97 0 250 8 177

121 1.187 42 1.744 222 2.022

91 0 8 634

1.217 739 58 7352

Jaarstukken 2021

Educatie en Recreatie

Zeist

Leerlingen PO bereik Scholen Producten/activiteiten Excursies (incl. boerderijbezoek) Gemist aantal leerlingen vanwege corona * Leerlingen VO bereik (aantal scholen) * Betreft annulering na inschrijving. Niet alle producten zijn aangeboden. Bezoekerscentrum De Boswerf

Zeist

Bezoekers Vrijwilligers Stagiaires Vrijwillige uren

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

4.944 24 183 925 1.857 5

8.500 45 2 2.800

48

Jaarstukken 2021

DEEL 2: VERPLICHTE PARAGRAFEN

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

49

Jaarstukken 2021

6.

Verplichte paragrafen

6.1

Treasury / financiering Het algemeen bestuur stelde in september 2017 het treasury-statuut vast. Hierin staat hoe de ODRU inhoud geeft aan treasury en financiering. Wij beperken onze interne liquiditeitsrisico’s zoveel mogelijk door onze treasury-activiteiten te baseren op bestaande informatie. Daarmee kunnen wij op korte termijn een liquiditeitsprognose opstellen. Valutarisico’s zijn binnen onze organisatie uitgesloten, doordat wij uitsluitend in euro’s leningen verstrekken, aangaan of garanderen. In onze liquiditeit is een vast patroon zichtbaar. Dit heeft te maken met de voorfacturatie per kwartaal. In 2020 hebben wij een liquiditeitsprognose gemaakt. Op grond hiervan bleek het niet nodig om leningen af te sluiten of gebruik te maken van kasgeldleningen. In 2020 hadden wij een strakke controle op de uitstaande vorderingen. Het goede betaalgedrag van de deelnemende gemeenten is het afgelopen jaar op hetzelfde niveau gebleven. Dit heeft bijgedragen aan een solide liquiditeitspositie.

6.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing De paragraaf ‘weerstandsvermogen’ geeft aan hoe robuust de begroting is. Het laat zien of de ODRU substantiële, financiële tegenvallers zelf kan opvangen, zodat wij de deelnemende gemeenten niet hoeven te vragen om de tekorten bij de ODRU aan te zuiveren. De term ‘weerstandsvermogen’ verwijst niet naar euro’s, maar naar de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (risicoprofiel). Het weerstandsvermogen is een maatstaf om te beoordelen of de ODRU nadelige gevolgen van risico’s op kan vangen. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio. De weerstandscapaciteit en de daarmee samenhangende risico’s drukken wij uit in geld. De omvang en beschikbare weerstandscapaciteit (algemene reserve) bepaalt mede of wij tegenvallers op kunnen vangen. Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) definieert dit als volgt: ‘De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen en mogelijkheden, waarover ODRU beschikt om financiële tegenvallers te dekken. De risico’s relevant voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet anderszins zijn te ondervangen.

Reguliere risico’s – risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn – maken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen.’ Ratio Wat is de gewenste omvang van de weerstandscapaciteit? Moeten wij alle risico’s volledig afdekken? Omdat de risico’s nooit allemaal tegelijk en in maximale omvang voorkomen, is het niet noodzakelijk of zinvol om het maximumbedrag volledig af te dekken. Daarom bepalen wij het restrisico aan de hand van de kans dat het risico zich voordoet. Om vervolgens de gewenste omvang van de weerstandscapaciteit te bepalen, hebben wij de ratio ‘weerstandsvermogen’ benoemd. De ratio weerstandsvermogen zegt iets over de mate, waarin de weerstandscapaciteit voldoende is om alle voorziene restrisico’s af te dekken, zonder dat deze ten laste komt van de exploitatie. Aangezien het inschatten van de impact en kans op risico’s subjectief is, misschien niet alle belangrijke risico’s in beeld zijn en een aantal risico’s structureel zijn, is het verstandig om zo mogelijk de ratio hoger dan 1,0 te zetten. Het algemeen bestuur (AB) heeft op 9 april 2020 besloten dat wij werken met een bandbreedte op basis van waarderingscijfer C met een ratio tussen de 1,0 en de 1,4 (voldoende). Voor de vaststelling van de hoogte van de gewenste weerstandscapaciteit moeten wij besluiten welke componenten wij meenemen.

Artikel 32 van de Gemeenschappelijke regelingen (GR) stelt dat het saldo van de weerstandscapaciteit niet meer dan 10% van de jaaromzet mag bedragen. De weerstandscapaciteit boven de 10% wordt gerestitueerd op basis van de in lid 3 opgenomen verdeelsleutel. Onze weerstandscapaciteit bestaat alleen uit de algemene reserve. De beschikbare

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

50

Jaarstukken 2021

bestemmingsreserves vormen een bijzondere categorie. Bestemmingsreserves zijn door het bestuur gereserveerde middelen voor een specifiek doel. Deze reserves zijn dus niet vrij aanwendbaar voor de risico’s en zien wij niet als component van de weerstandscapaciteit. Uitgangspunten Ons uitgangspunt bij de bepaling van de ratio is dat deze minimaal 1,0 moet zijn. Wij gaan hierbij uit van risicoclassificatie C met een ratio binnen de bandbreedte van 1,0 en 1,4. Bij de inventarisatie en kwantificering van de risico’s hebben wij van elk risico een inschatting gemaakt van de financiële impact en de kans van optreden. Op gekwantificeerde risico’s zijn de consequenties van een eventuele beheersmaatregel in mindering gebracht. Per saldo blijft een restrisico over dat wij hebben meegenomen voor de bepaling van de weerstandscapaciteit. Niet alle onderzochte risico’s zijn te vertalen in een financiële omvang of bandbreedte. Deze risico’s geven wij weer als ‘PM’. Bij de berekeningen van het restrisico gaan we uit van een bepaalde klasse van waarschijnlijkheid dat het risico zich voordoet.

Wij rekenen met een percentage van het totale risico: • Zeer onwaarschijnlijk (10%) • Onwaarschijnlijk (25%) • Mogelijk (50%) • Waarschijnlijk (75%) • Zeer waarschijnlijk (100%) Risicotabel en benodigde weerstandscapaciteit Het restrisico in de hierna volgende tabel is de resultante van de kans-inschatting en onze beheersmaatregelen. Dit bedrag moeten wij minimaal aanhouden als weerstandscapaciteit. Ten opzichte van de geïdentificeerde risico’s uit 2020 hebben wij het risico ‘op een stop op de buitenwerkzaamheden als gevolg van corona’ niet meer opgenomen in de risicotabel. In 2020 kon het buitentoezicht een periode niet worden uitgevoerd en kwamen de NDC-activiteiten stil te liggen. Sindsdien zijn de overheidsmaatregelen afgeschaald en lijkt het probleem zich niet opnieuw voor te doen. De kans blijft aanwezig, maar vinden wij klein. De risico’s, die in de tabel zijn opgenomen, vallen binnen het risicoprofiel van de ODRU en zijn redelijkerwijs kwantificeerbaar. Een aantal risico’s vloeit direct voort uit onze operationele werkzaamheden (a t/m d). De risico’s e t/m f komen voort uit externe ontwikkelingen, zoals marktontwikkeling en economische groei. De risico’s g en h komen voort uit de ICT-voorzieningen. Andere risico’s komen voort uit (vernieuwde) wet- en regelgeving (risico i t/m k).

De risico’s vanuit de vernieuwde wet- en regelgeving en economische ontwikkelingen zijn onzeker, maar waar mogelijk hebben wij deze gekwantificeerd. Voor de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) hebben we daartoe PM-posten opgenomen. De actuele risico’s uit de notitie Weerstandsvermogen en Risicomanagement staan in tabel 6, inclusief kwantificering. Bij het opstellen van de jaarstukken 2021 hebben wij de risicotabel van november 2021 herzien. Het risico ‘op het ontbreken van een positief resultaat over 2021 om het structurele tekort van 2022 te dekken’ is niet langer van toepassing.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

51

Jaarstukken 2021

Risico's a. Hoger ziekteverzuim dan de norm

Risico Kans Restrisico x€ % x € 1.000 1.000

Beheersmaatregel

I/S*

Sturing op het verzuimbeleid

S

225

75%

S

85

75%

S

240

10%

S

295

50%

148

I

300

75%

225

I

300

10%

S

680

10%

S

654

10%

S

160

10%

Strategisch personeelsbeleid, regeling 'Generatiepact', mobiliteitsbevordering en loopbaanbegeleiding c. Risico op claim Protocol en instructie om contact te asbestslachtoffers vermijden Het effect van loon- of d. Berekeningsmethodiek prijsstijging/daling opnemen in de uurtarief (loon- en begrotingswijziging en uitgaan van prijsindexatie) reële kostenstijging e. Onderbezetting op Strategisch personeelsbeleid, Young formatieplan Professional-programma, stagebeleid Tijdige communicatie en afspraken f. Conjunctuurgevoeligheid met de klant maken Strategisch ICT-plan opgesteld en g. Informatiebeveiliging / functies geformaliseerd voor privacy informatiebeveiliging Actief werken aan implementatie beveiligingsmaatregelen. h. Beveiliging ICTPeriodiek uitvoeren van risicoomgeving inventarisaties conform Baseline informatiebeveiliging Overheid (BIO) Strategisch personeelsbeleid, rekening i. Verandering van houden met ruimere flexibele schil bij wettelijke milieunormen gevoelige taakgebieden b. Personele frictiekosten

j. Uitvoering Omgevingswet

De uitvoering van de Omgevingswet brengt nog niet te kwantificeren risico’s met zich mee. Beheersmaatregel is de investering in de implementatie.

I

k. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)

De inwerkingtreding van Wkb in 2022 brengt onduidelijke risico’s mee. Ook is nog onzeker wanneer deze in werking treedt. Er is risico voor zowel de implementatie als uitvoering.

I

Totaal restrisico

PM

PM

PM

PM

169

64 24

30 68

65

16

PM

PM

809

Benodigde weerstandscapaciteit voor 2022 De algemene reserve bedraagt in 2021 € 703.429 en is gelijk aan de beschikbare weerstandscapaciteit. De bestemmingsreserve Uitvoering Koers is namelijk niet vrij aan te wenden om de genoemde risico’s op te vangen. Dit geldt ook voor de bestemmingsreserve PFAS, die bestemd is voor het PFAS-onderzoek in 2020 en 2021. Ook de bestemmingsreserve Efficiëntie gebruiken wij

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

52

Jaarstukken 2021

alleen voor activiteiten die de efficiëntie van de ODRU verbeteren. Deze reserve hebben wij in 2021 nog niet gebruikt, maar dit gaan wij vanaf 2022 wel doen. De totale benodigde weerstandscapaciteit schatten wij in op € 809.000 + PM. De onderbouwing daarvan staat in het onderdeel ‘Financiële risico’s toegelicht’. De risico’s zijn ingedeeld in structureel en incidenteel. De som van het restrisico op de structurele risico’s is € 554.000. Ons huidige ratio weerstandsvermogen is € 703.429 / € 809.000 = 0,87. Hiermee valt de ODRU buiten de bandbreedte van tussen de 1,0 (omgerekend € 809.000) en 1,4 (omgerekend € 1.133.000) waarvoor het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) het waarderingscijfer C (voldoende) toekent. De huidige ratio van 0,87 is niet voldoende om alle voorziene risico’s af te dekken. De ratio is gedaald ten opzichte van vorig jaar. Wij raden aan om de algemene reserve te doteren vanuit te behalen resultaten, tot de weerstandscapaciteit binnen de bandbreedte ligt. Het bestuur kiest hierbij altijd de resultaatbestemming. De benodigde weerstandscapaciteit van maximaal € 1.133.000 valt ook nog binnen de maximaal gestelde grens van 10% van de jaaromzet. Of de weerstandscapaciteit toereikend is, bepalen wij elk jaar in de jaarrekening. Als de risico’s zich allemaal tegelijk voordoen, heeft de ODRU niet genoeg vermogen om die op te vangen.

Bij bepaalde risico’s beslist het algemeen bestuur of we daarvoor de algemene reserve aanwenden. Financiële risico’s toegelicht Per risico geven wij de beschrijving, beheersmaatregelen en het restbedrag. a) Hoger ziekteverzuim Algemeen: Door het hogere ziekteverzuim lopen wij het risico om meer inhuurkosten te maken dan begroot. Elk procent boven de ziekteverzuimnorm van 5% werken wij per fte 20 uur minder productief. Gemiddeld 1% meer ziekteverzuim leidt tot extra kosten voor onze dienstverlening. Dit kost circa € 210.000 (20u * 140 fte * € 72,50) extra aan inhuurkosten. Daarnaast hebben wij meer inzet en middelen nodig voor ondersteuning aan zieke medewerkers, en begeleiding bij langdurig ziekteverzuim. De kosten hiervoor schatten wij op € 15.000. Het totale risico bedraagt daarmee € 225.000. Mogelijk kunnen wij deze extra kosten niet dekken in de begroting. Hoewel het ziekteverzuim sinds de coronapandemie omlaag is gegaan, ervaren collega’s op een aantal plaatsen een hoge werkdruk. De neveneffecten van het langdurig thuiswerken zien we mogelijk pas later. Ook de na-effecten van de pandemie op het verzuim kunnen hoog zijn. ArboNed waarschuwt voor een verzuimgolf tijdens het griepseizoen en adviseert bedrijven een protocol op te stellen, waarbij werknemers met bepaalde klachten thuiswerken 2.

Wij houden daarnaast rekening met veel ziekmeldingen door psychische klachten als gevolg van de coronacrisis3. Het verzuimrisico is daarmee niet lager dan in 2020. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Strikt volgen van het verzuimbeleid. • Goed contract met de Arbodienst. • Maandelijkse bewaking in het MT. • Intervisiegesprekken over ziekteverzuim tussen MT en HRM. • Organiseren van informele, online-bijeenkomsten voor collega’s. • Regeling tijds- en plaatsonafhankelijk werken. • Snotneusprotocol. 2 https://www.arboned.nl/nieuws/persbericht-ziekteverzuim-stijgt-voorkom-verzuim-griepseizoen 3 https://www.ad.nl/werk/werkgevers-vrezen-massale-ziekmeldingen-vanwege-psychische-klachten~aec82623/

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

53

Jaarstukken 2021

Financieel risico: Op basis van het verleden en de beheersmaatregelen schatten wij het totale risico in op 75%, wat neerkomt 210.000 + 15.000 = 225.000 * 75% = € 169.000. Daarmee is de kans op dit risico hoger dan in 2020 (nu € 69.000 hoger). b) Personele frictiekosten (eigen risicodragerschap WW en WGA) Algemeen: In het strategisch personeelsbeleid berekenen wij de benodigde formatie per expertise/taakveld met een doorkijk naar twee jaar. Wij nemen hierin externe ontwikkelingen mee en sturen tijdig risico’s in formatiewijzigingen bij. Door wijzigingen in werkwijze of afloop van (subsidie)projecten blijven echter risico’s aanwezig. (Kans op) boventalligheid (WW-risico en kosten transitievergoeding) Wij werken in een complexe omgeving. Ondertussen komt er nieuwe wetgeving met mogelijke impact op nieuwe en/of andere taken. Niet alle medewerkers zijn in staat om veranderende taken blijvend uit te voeren. Ons werk wordt meer digitaal, integraal en complex. Daarom is het reëel daarvoor een risico op te nemen van één keer de maximale transitievergoeding van € 85.000 in 2022. Dit is in lijn met de gemiddelde instroom van boventalligen op basis van de laatste jaren. In alle gevallen moeten wij een economische waarde-afweging maken die het beste is voor de lange termijn. Arbeidsongeschiktheid Bij onvoorziene arbeidsongeschiktheid is er risico op langdurige verplichtingen.

Als werkgever zijn wij verplicht gedurende twee jaar het salaris door te betalen. Daarna zijn wij nog tien jaar verantwoordelijk voor zieke (ex-)werknemers. Dit noemen wij het WGA-risico. De feitelijke ‘schade’ wordt in de voorafgaande twaalf jaar opgebouwd en bestaat uit de kosten voor doorbetaling aan (ex-)werknemers die nog steeds (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt zijn. Via de loonheffing dragen wij een gedifferentieerde WGA-premie af die afhankelijk is van het aantal arbeidsongeschikte medewerkers. Een arbeidsongeschikte medewerker telt maximaal tien jaar mee in de gedifferentieerde premie. Het verschil in minimale en maximale premie kan 4% van de totale loonsom per jaar uitmaken. De premie kan oplopen tot ongeveer € 75.000. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Preventieve inzet door middel van het strategische personeelsbeleid. • Aanbieden van de regeling ‘Generatiepact’. • Mobiliteitsbevordering en loopbaanbegeleiding door afdelingshoofd en HRM van de betreffende medewerker. Financieel risico: Het op te nemen risico voor eventuele transitievergoedingen komt daarmee op € 85.000. De kans op dit risico schatten we in op 75%. Het restrisico bedraagt dus € 65.000. Dit is gelijk aan 2020.

c) Risico op claim asbestslachtoffers Algemeen: Ondanks de preventiemaatregelen en de werkinstructie kunnen onze medewerkers met asbest in aanraking komen of in aanraking zijn geweest. Bij eventueel letsel kunnen zij ons als werkgever aansprakelijk stellen. Een basisvergoeding komt al gauw neer op circa € 60.000 (bron Instituut Asbestslachtoffers (IAS)). Samen met de juridische kosten en de kosten van arbeidsongeschiktheid kan de totale schade oplopen tot € 240.000. Uit onderzoek is gebleken dat het risico nauwelijks te verzekeren is. Als dat eventueel wel lukt, is de premie onevenredig hoog ten opzichte van het risico.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

54

Jaarstukken 2021

Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregel genomen: • Protocol en goede instructie om asbestcontact te vermijden. Financieel risico: Door deze beheersmaatregel is het onwaarschijnlijk dat het risico zich voordoet. Wij schatten de kans op 10%. Dit komt neer op een financieel risico van € 24.000, hetzelfde risico als in 2020. d) Berekeningsmethodiek uurtarief (loon- en prijsindexatie) Algemeen: Sinds de opstelling van de begroting 2016 maken wij gebruik van de methodiek van voor- en nacalculatie voor de tariefbepaling. Dit is nodig, omdat we in een vroeg stadium de kadernota en begroting opstellen. Maar als de lonen en prijzen harder stijgen dan de voorcalculatie, is er in de tussenliggende twee jaar geen compensatie. Daardoor kunnen de werkelijke kosten in het begrotingsjaar hoger uitkomen dan begroot. In de kadernota 2022 bepalen wij het tarief voor 2022. Met dit tarief compenseren wij de autonome lastenstijging uit eerdere jaren. Daarnaast moeten wij de autonome lastenstijging in 2021 ook ‘terugverdienen’. De eerste mogelijkheid hiervoor is bij het opstellen van de begrotingswijziging 2022, de volgende bij de begroting 2023. Mogelijk is in de tussentijd de werkelijke prijsstijging hoger dan de voorcalculatie. Dit heeft een negatieve invloed op het resultaat.

Wij moeten dit voorfinancieren uit de algemene reserve, totdat op het tarief een correctie kan plaatsvinden. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Jaarlijks een voorlopige nacalculatie die wij meenemen in de volgende begroting. • Meenemen loon- of prijsstijging/daling in de begrotingswijziging van het eerstkomende jaar. Dit leidt eventueel tot een tariefaanpassing. • Voorkomen van een forse nacalculatie door uit te gaan van een reële kostenstijging in het begrotingsjaar. Financieel risico: Wij schatten in dat het risico zich kan voordoen (50%). Dit percentage is hoger dan vorig jaar. Hoewel onze cao naar verwachting met een gelijk niveau stijgt ten opzichte van de tariefindexeringen, blijft de kans aanwezig dat premies en inhuurtarieven harder stijgen dan verwacht. Bijvoorbeeld door de krapte op de arbeidsmarkt. De jaarlijkse inhuurkosten bedragen circa 5 miljoen euro. Bij een stijging van de inhuurtarieven van 5%, is er 3,5% meer stijging dan rekening mee is gehouden. Dit komt neer op een restrisico van afgerond € 88.000 (5 miljoen * 3,5% * 50%). Als vervolgens de overige 12 miljoen aan kosten ook nog 1% harder stijgen, geeft dat een restrisico van € 60.000 (12 miljoen * 1% * 50%). In totaal bedraagt het restrisico hiermee € 148.000.

Het bedrag van het restrisico is € 105.000 hoger dan vorig jaar, als direct gevolg van het hoge inflatierisico. e) Onderbezetting op formatieplan Algemeen: Door de hoge druk op de arbeidsmarkt is in recente jaren schaarste ontstaan, vooral bij specifieke functies. Vorig jaar verwachtten wij door de coronacrisis in een werkgeversmarkt terecht te komen. Het tegendeel is waar. In vrijwel alle sectoren is het moeilijk om goed personeel te vinden, net als het aantrekken en behouden van ervaren adviseurs. Hierdoor hebben we een knelpunt bij het vasthouden van personeel en het werven van (tijdelijk) personeel. Ook

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

55

Jaarstukken 2021

gemeenten en omgevingsdiensten definiëren dit risico in hun begrotingen.4 Wij kunnen dit risico slechts deels beheersen en niet volledig wegnemen, omdat het externe oorzaken heeft. Als wij onvoldoende gekwalificeerde (tijdelijke) medewerkers kunnen vasthouden en/of aantrekken, dan moeten wij mensen inhuren op formatieplaatsen. Dit is kostbaar in vergelijking tot vaste bezetting. Een inhuurkracht is gemiddeld € 15.000 duurder dan een vaste kracht. Het verlies in dekkingsbijdrage voor de overhead vangen we daarbij (deels) op door de marge op uren die we bovenop de dienstverleningsovereenkomst afnemen. Dit risico verschilt van risico d, het inflatierisico. Dat risico gaat over een prijsverschil, terwijl dit risico gaat over een volumeverschil (meer inhuur nodig). Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Strategisch personeelsbeleid. • Tijdig starten met werving. • Profileren op de arbeidsmarkt. • Aanscherpen van het stagebeleid (instroom bevorderen). • Aantrekkelijke werkgever zijn (uitstroom beperken). • Contracteren van aanvullende uren en projecturen. Financieel risico: Het risico komt uit op in totaal € 300.000 (20 fte x € 15.000) en wij schatten de kans in als waarschijnlijk (75%). Dit komt neer op een restrisico van € 225.000, aan te houden in de benodigde weerstandscapaciteit.

Dit risico is € 150.000 hoger dan in 2020 door de toenemende schaarste op de arbeidsmarkt. f)

Conjunctuurgevoeligheid Algemeen: Na een langdurige periode van hoogconjunctuur, waarin het aantal activiteiten hoger lag dan gemiddeld, had Nederland in 2020 te maken met economische neergang. Sinds 2021 herstelt de economie snel. Omdat wij voor bepaalde werkzaamheden een vaste capaciteit aanhouden, hebben wij te maken met conjunctuurgevoeligheid. Als de conjunctuur verandert en daardoor de vraag minder wordt, ontstaat het risico dat wij onnodige bezetting hebben op die onderdelen. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Tijdig communiceren met de klant en goede afspraken vastleggen. Wij houden hierbij rekening met de gemeentelijke begrotingscyclus. • Met de gemeenten zijn wij in gesprek om het contract te laten aansluiten op de werkzaamheden. Financieel risico: Het risico komt uit op € 300.000. Dit bestaat uit wegvallende ruimte voor dekking tegenvallers en wegvallende dekking door een lagere realisatie dan begroot. Wij schatten het risico in op zeer onwaarschijnlijk (10%), dus houden wij in de benodigde weerstandscapaciteit een restrisico aan van € 30.000. Dit restrisico is hiermee afgenomen ten opzichte van 2020 (50%), omdat de kans op laagconjunctuur lager is. Het risico blijft echter aanwezig.

g) Informatiebeveiliging / privacy Algemeen: De wereld van de ODRU verandert sterk. Enerzijds door wijzigingen in wet- en regelgeving en de daaraan gekoppelde dienstverlening (bijvoorbeeld de Omgevingswet en de 4 “Personeel als risico in begrotingen 2022,” Binnenlands bestuur, 43 (2021).

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

56

Jaarstukken 2021

Archiefwet). Door de nieuwe privacywetgeving (AVG, sinds 2018) is een up-to-date informatiebeveiliging nog belangrijker. Anderzijds hebben gemeenten, bedrijven en inwoners meer vraag naar diensten en hebben derden behoefte aan kwalitatief hoogwaardige informatie. In een omgeving met steeds meer mobiel gebruik moeten wij blijven voldoen aan de wet- en regelgeving en aan onze beschik- en bereikbaarheid. Risico´s zijn bijvoorbeeld ongeautoriseerde toegang, datalekken, bedrijfscontinuïteit en systeem- en gebruikersfouten. De eventuele boetes zijn maximaal 4% van de jaaromzet. In 2021 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens actief gecontroleerd, en last onder dwangsommen en 4 miljoen aan boetes opgelegd. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Strategisch ICT-plan voor visie op en investeringen in de gehele ICT-omgeving. • Functies geformaliseerd voor informatiebeveiliging (Chief Information Security Officer en Functionaris Gegevensbescherming). Financieel risico: Het maximale risico van 4% * € 17.000.000 is € 680.000. Gezien de urgentie hebben wij het afgelopen jaar een aantal functies gecreëerd voor informatievoorziening, mobiel gebruik en benaderen van de informatievoorziening. Wij schatten het risico op een opgelegde boete in op zeer onwaarschijnlijk (10%). Het restrisico is hierdoor € 68.000 voor 2022.

Het risico is hetzelfde als in 2020. h) Beveiliging ICT-omgeving Algemeen: De complexiteit en grootte van een netwerkomgeving leiden tot kwetsbaarheden in dat netwerk. Denk aan een aanval van buitenaf op het ODRU-netwerk of het netwerk van één van onze softwareleveranciers. De werkzaamheden komen dan stil te liggen. Ook bestaat het risico dat een gebruiker te veel rechten heeft en daardoor (onbewust) schade toebrengt aan het netwerk. Een groot en actueel risico is de gijzeling van computers. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Implementatie van een aantal beveiligingsmaatregelen, zoals gebruikersbeheer en strikter toegangsbeheer. • Vanaf 2020 voeren we periodiek risico-inventarisaties conform BIO (Baseline informatiebeveiliging Overheid) uit. Hieruit volgen nieuwe maatregelen. Financieel risico: Door bewuste of onbewuste sabotage van de ICT-infrastructuur kan de organisatie gedurende maximaal twee weken (vorig jaar ingeschat op maximaal één week) stilliggen. In die periode blijven onze kosten gelijk, terwijl wij (een deel van de) omzet missen. Bij een omzet van 17 miljoen euro bedraagt dit risicobedrag € 654.000 (17Mln * 2/52). Wij schatten het risico in op zeer onwaarschijnlijk (10%). Het restrisico komt hiermee uit op € 65.000. i)

Verandering van wettelijke milieunormen Algemeen: Wettelijke milieunormen kunnen onverwacht veranderen. Recente voorbeelden hiervan zijn de stikstof- en PFAS-problematiek. Sinds de stikstofuitspraak van het gerechtshof in 2019 neemt het aantal vergunningaanvragen bij gemeenten en provincies af. Ingeregelde capaciteit kan daardoor niet benut worden. Dit leidt tot kosten, zonder dat daar dekkingsmiddelen tegenover staan.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

57

Jaarstukken 2021

Wij lopen vergelijkbare risico’s en dat vertaalt zich in een financieel risico. Als door veranderende milieunormen werkzaamheden komen stil te liggen, en wij gedurende een jaar de capaciteit niet kunnen inzetten, is de schade circa € 75.000 per fte. Beheersmaatregelen: Om het risico zo laag mogelijk te houden, hebben wij deze beheersmaatregelen genomen: • Strategisch personeelsbeleid houdt rekening met een ruimere flexibele schil bij gevoelige taakgebieden. Financieel risico: Wanneer twee fte aan mensen een jaar niet inzetbaar zijn, zijn de kosten € 150.000 (2 fte * € 75.000). In het slechtste geval hebben wij daarvoor geen dekking, doordat we deze mensen niet kunnen inzetten. Wij schatten dit risico in op zeer onwaarschijnlijk (10%). Het risico is hetzelfde als in 2020. Het restrisico komt hiermee uit op € 15.000. j)

Uitvoering Omgevingswet Algemeen: De introductie van de Omgevingswet en met name de invoering van het digitaal stelsel in 2024 hebben een grote impact op onze organisatie en de gemeenten. Daarom gaan wij met gemeenten in gesprek over de taken die de ODRU voor de gemeenten uitvoert. Dit kan leiden tot uitbreiding of inkrimping van onze taken. Ook kunnen de taakaccenten binnen de ODRU veranderen, bijvoorbeeld een verschuiving van vergunningverlening naar meer handhavingstaken. Dit is een groot risico en kan grote gevolgen hebben op de omvang (formatie) en invulling van onze taken. Vanwege de onzekerheden rondom de Omgevingswet mogen gemeenten daarnaast eenmalig in het beginjaar van de Omgevingswet onderschrijden op de contracten. Dit komt door inschattingen die bij inwerkingtreding van de nieuwe wet moeten worden gemaakt. Inmiddels is het beginmoment van de Omgevingswet uitgesteld naar 1 januari 2023. Het is mogelijk dat een aantal gemeenten onderschrijdt en andere gemeenten overschrijden. Als een gemeente overschrijdt, kan deze misschien onze kosten om producten te leveren niet dekken. Daarnaast kan de som van onderschrijdingen groter zijn dan de som van overschrijdingen. In dat geval hebben wij capaciteit ingeregeld die wij niet kunnen inzetten. Wij verlagen dit risico door bij inhuur een korte opzegtermijn te hanteren.

Financieel risico: Omdat de onzekerheden groot zijn, is het risico niet te beïnvloeden of te kwantificeren. Daarom hebben wij het als PM opgenomen. Vanaf de inwerkingtreding van de wet monitoren wij de realisatie op de projecten, om met de gemeenten tijdig te sturen op eventuele overschrijdingen door de nieuwe manier van werken.

k) Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Algemeen: Naast de Omgevingswet krijgen wij te maken met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Deze wet versterkt de positie van de bouwconsument ten opzichte van de bouwende partijen. Daarnaast zorgt de Wkb voor een nieuw systeem van kwaliteitsborging bij bouwactiviteiten. Kort samengevat houdt dit in dat niet de gemeente de bouwbesluittoets bij gevolgklasse 1 bouwwerken uitvoert, maar een gecertificeerde partij. Financieel risico: De impact van de Wkb op onze bedrijfsvoering is nog niet duidelijk. Het risico hebben wij daarom als PM opgenomen. Wij maken nog een impactanalyse van de eventuele risico’s voor ons operationele proces en het implementatieproces.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

58

Jaarstukken 2021

6.3

Financiële kengetallen Kengetallen geven de verhouding weer tussen onderdelen van resultatenrekening en/of balans en helpen bij de beoordeling van onze financiële positie. Deze kengetallen geven inzicht in hoeveel (financiële) ruimte wij hebben om structurele en incidentele lasten te dekken. De verplicht op te nemen kengetallen in de jaarrekening staan in artikel 115 van het BBV en worden in tabel 6 berekend en toegelicht.

Kengetallen Netto-schuldquote Netto-schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Realisatie 2020

Bijgestelde Begroting 2021

Realisatie 2021

-6,28%

-5,22%

-8,05%

-6,28% 12,83% n.v.t. -0,53% n.v.t.

-5,22% 11,35% n.v.t. -0,40% n.v.t.

-8,05% 33,87% n.v.t. 1,20% n.v.t.

Tabel 6: Financiële kengetallen

Netto-schuldquote Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto-schuldquote. De quote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van rentelasten en aflossingen op de exploitatie. Zoals de tabel laat zien, is de quote -6,28% in 2020 en -8,05% in 2021. De schuldquote is gewijzigd, wat duidt op een lager niveau van de bezittingen. De oorzaak daarvan is dat de voorschotfacturen voor het eerste kwartaal van 2022 niet in het vierde kwartaal zijn gefactureerd, maar in het eerste kwartaal van 2022. Netto-schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Wij hebben geen verstrekte leningen, waardoor het kengetal niet afwijkt van het eerste kengetal, de netto-schuldquote. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio laat zien of wij aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. Hoe hoger de ratio, hoe groter onze weerbaarheid. De solvabiliteit is het afgelopen jaar fors gestegen, met name door het positieve rekeningresultaat voor 2021. Een hogere solvabiliteit verhoogt onze financiële weerbaarheid. Grondexploitatie Wij exploiteren geen grond, waardoor dit kengetal niet van toepassing is. Structurele exploitatieruimte Om te zien hoe groot de structurele exploitatieruimte is, kijken wij naar de structurele baten en lasten en vergelijken deze met de totale baten.

Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Het kengetal wijkt iets af ten opzichte van de tweede bijgestelde begroting en geeft aan dat de ODRU een financieel stabiele organisatie is. Daarbij kunnen de structurele baten de structurele lasten opvangen.

5

Verwijzing naar de definities en berekeningsmethode: http://wetten.overheid.nl/BWBR0036853/2016-04-14

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

59

Jaarstukken 2021

Belastingcapaciteit Omdat wij geen belastingen innen, is dit kengetal niet van toepassing.

6.4

Bedrijfsvoering en personeel

Bedrijfsbureau Samen met Staf zorgt het bedrijfsbureau ervoor dat wij onze primaire processen zo effectief en efficiënt mogelijk uitvoeren. Het Bedrijfsbureau heeft gewerkt aan het veilig en betrouwbaar houden van onze ICT. Wij hebben een nieuw VTH-/Zaaksysteem aanbesteed en zijn gestart met de invoering hiervan. Wij verwachten in de zomer van 2022 met de invoering klaar te zijn, vóórdat de Omgevingswet in werking treedt. Een groot deel van onze uitgaande post is gedigitaliseerd; wij publiceren nu volledig digitaal. Via berichten en e-learning hebben wij onze collega’s verteld over het belang van informatiebeveiliging. Door het programma om onze inkoop te professionaliseren hebben wij een nieuw inkoopbeleid en inkoopvoorwaarden. De contractenadministratie is voor 90% gevuld. Ook hebben wij een fors aantal aanbestedingen gedaan, zelf of samen met andere overheden. Duurzaamheid speelt bij onze aanbestedingen een grote rol, bijvoorbeeld voor print- en drukwerk. Daarnaast vervangen wij ons wagenpark door volledig elektrische auto's. Personeel Bij de opstelling van de begroting 2021 zijn wij uitgegaan van de door ons bestuur vastgestelde formatie van 147,68 fte (hierin is dus niet de inhuur inbegrepen). Begin 2021 hebben wij de begroting gewijzigd door onder andere een kleine DVO-uitbreiding van de gemeente Rhenen.

Door deze toename hebben wij de formatie verhoogd van 147,68 naar 148,95 fte. In de tweede begrotingswijziging zijn de contractaanpassingen van Montfoort en IJsselstein verwerkt. De formatie is verlaagd van 148,95 naar 142,77 fte.

Tabel 7: Formatie en bezetting per 31-12-2021 (Bestuursondersteuning valt organisatorisch onder Staf)

De vastgestelde formatie bestaat uit 31,33 fte voor overhead en 111,44 fte voor uitvoering. Het percentage overhead komt daarmee uit op 21,94%. De norm van het algemeen bestuur is maximaal een overhead van 25%.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

60

Jaarstukken 2021

Op 31 december 2021 telde de ODRU 145 medewerkers, waarvan 72 fulltimers en 73 parttimers. In combinatie met de extra niet-begrote werkzaamheden hadden wij - verdeeld over 2021 - in totaal 76 inhuurkrachten nodig om de taken uit te voeren. Op 31 december 2021 hadden wij vijftien fte aan vacatures. Van deze vacatureplekken is een deel opgevuld door inhuurkrachten. Daarnaast besloten wij een gedeelte voorlopig niet op te vullen. Voor de overige vacatures is actief geworven. Ondanks de krapte aan vakspecialisten op de arbeidsmarkt, de coronacrisis en de relatief grote uitstroom in 2021, is het wel gelukt om vacatureplekken op te vullen. Daardoor hebben wij de bezettingsgraad van 87% in 2020 verhoogd naar 89% in 2021. In 2021 kwamen dertien nieuwe medewerkers in dienst. Afgelopen jaar hebben wij aandacht besteed aan het invullen van openstaande vacatures. Dat is deels gelukt. Onderstaande grafiek geeft de verdeling weer van fulltime- en parttime-medewerkers, gelinkt aan de verhouding tussen vrouwen en mannen.

Personeelsverdeling per 31-12-2021

fulltime man partime man fulltime vrouw partime vrouw

Kengetallen strategische personeelsplanning Bezettingsgraad ten opzichte van de formatie 90% (in 2020 verhoogd naar 100%) De formatie die is goedgekeurd in de begroting, is gebaseerd op de omvang van de vaste contracten, zoals overeengekomen in de UVP’s. De definitie, die wij hanteren voor de bezettingsgraad, luidt: ‘De verhouding van de feitelijke bezetting in fte ten opzichte van de vaste toegestane formatie in fte (uitgedrukt in procenten)’. In 2021 kwamen wij uit op een bezettingsgraad van 89%. Deze ligt onder de streefwaarde van 100% waartoe het MT en het bestuur in 2020 hebben besloten. In 2022 gaan wij door met de wervingsactiviteiten om de bezettingsgraad verder te verhogen. Doorstroming naar andere functie 7,5% (interne mobiliteit) De definitie voor de doorstroming luidt: ‘De verhouding van het aantal medewerkers dat doorstroomt naar een andere functie binnen de organisatie, ten opzichte van het totaal aantal medewerkers (uitgedrukt in procenten). Dit gaat om horizontale en verticale doorstroming (omhoog en omlaag) en een formele wijziging van functie. Het vervullen van een tijdelijke rol (bijvoorbeeld projectleider) zonder bijbehorende functiewijziging geldt niet als doorstroming. In 2021 zijn twee medewerkers intern doorgestroomd naar een andere functie. Dit komt neer op een mobiliteit van 1,4%. De KPI hebben wij daarmee niet gehaald.

Generatie-index conform landelijk gemiddelde: 1,1 De definitie luidt: ‘De verhouding van het aantal 50- tot 60-jarigen in de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van het aantal 30- tot 40-jarigen’. Als de verhouding in evenwicht is, is deze 1. Is deze groter dan 1, dan is het aantal 50- tot 60-jarigen in de meerderheid. In 2021 is onze generatie-index 1,6. Deze is hoger dan de streefwaarde van 1,1.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

61

Jaarstukken 2021

Voor de generatie-index hanteren wij twee HRM-instrumenten: a. Regeling Generatiepact In 2022 vervangen wij de Regeling Generatiepact door de Regeling Vitaliteitspact. De afspraken in de Cao SGO 2021 moeten wij nog verwerken in nieuw beleid. Eind 2021 maakten twaalf medewerkers gebruik van de Regeling Generatiepact, waardoor het aantal fte’s daalde. b. Young Professionalsprogramma In 2020 zijn wij gestart met een tweede Young Professionalsprogramma, waarvoor wij vijf nieuwe medewerkers hebben aangetrokken. Zij werken nu in de afdelingen ITH (Integraal Toezicht en Handhaving) en E&A (Expertise & Advies). Dit draagt bij aan de generatie-index. Daarnaast hebben wij een apart kengetal opgesteld voor het aantal Young Professionals dat wij jaarlijks gemiddeld in dienst moeten nemen (zie hieronder). Jaarlijks gemiddeld twee tot drie trainees/Young Professionals in dienst nemen De definitie luidt: ‘Aantal trainees of Young Professionals (jonger dan 30 jaar) in dienst op een functie, in vaste dienst of op basis van een tijdelijk contract’. In september 2020 zijn vijf Young Professionals aangenomen. De duur van het Young Professionalsprogramma was 1,5 jaar. De vijf Young Professionals kregen per 1 maart 2022 een vervolgcontract, waarvan vier een contract voor onbepaalde tijd kregen en één voor bepaalde tijd. Het programma is daarmee succesvol afgesloten.

Het MT bepaalt of we in september 2022 starten met een nieuw Young Professionalsprogramma. Dit hangt mede af van de evaluatie die wij in maart/april 2022 uitvoeren. Ook bepaalt het MT of wij de benodigde interne capaciteit beschikbaar stellen voor het organiseren en coördineren van een volgend programma. Wij hebben de KPI in 2021 gehaald. Aantal medewerkers dat een opleiding/cursus heeft gevolgd 70-75% (deskundigheid) De definitie luidt: ‘De verhouding tussen het aantal medewerkers dat een opleiding of cursus heeft gevolgd en het totaal aantal medewerkers (uitgedrukt in procenten)’. In 2021 volgde 85% van de medewerkers een cursus of opleiding. Arbeidsverzuim Het arbeidsverzuim in 2021 was 3,68% (2020: 4,58%) en ligt daarmee ruim onder de norm van 5%. Het verzuim bestaat voor 1,62% uit kortdurend en middellang verzuim en voor 2,06% uit lang en extra lang verzuim. Historisch gezien is het verzuim laag. Dit positieve effect komt door het thuiswerken in coronatijd in combinatie met aandacht voor verzuimpreventie en voor verzuimbegeleiding. Het verzuim komt door werk- en niet-werkgerelateerde oorzaken en betreft steeds wisselende personen. Wij richten ons op preventieve inzet om - in coronatijd - ziekteverzuim te voorkomen.

Denk aan een enquête onder medewerkers over wat zij in coronatijd nodig hebben, de inzet van vitaliteitsactiviteiten (stoelyoga, workshop omgaan met stress, middelen voor een ergonomische werkplek, coaching) en het formeren van een zorgteam in coronatijd.

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

62

Jaarstukken 2021

Kengetal

Waarde

Verzuimpercentage totaal cumulatief

3,68%

Verzuimuren kort (<8 dagen)

0,73%

Verzuimuren middellang (8-42 dagen)

0,89%

Verzuimuren lang (> 42 dagen)

1,62%

Verzuimuren extra lang (> 1 jaar)

0,44%

Tabel 8: Arbeidsverzuim

Arbo / BHV In 2021 hebben wij gewerkt aan de oplossing van de laatste zaken uit de risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) uit 2017. Ook hebben wij thema’s opgepakt rond het thuiswerken door de coronacrisis. Het gaat om deze zaken: - Het Coronazorgteam zorgt ervoor dat medewerkers handelen volgens de coronarichtlijnen en dat medewerkers thuis volgens de arborichtlijnen kunnen werken. - Wij hebben aandacht besteed aan mogelijke psychische druk door het thuiswerken, onder andere door online-groepsbijeenkomsten te organiseren. Daarin kunnen collega’s hun ervaringen uitwisselen. - Wij hebben stoelyoga aangeboden. - Wij hebben aandacht gehad voor werkdruk en werkstress. - Wij hebben instructies gegeven over het gebruik van bedrijfskleding en persoonlijke beschermingsmiddelen. - Net als in 2020 faciliteerden wij in 2021 medewerkers om hun thuiswerkplek arboproof in te richten. De arbeidsomstandigheden blijven onder onze aandacht. Wij spraken met de Ondernemingsraad af om in 2021 de RI&E te actualiseren, maar door de coronacrisis is dit uitgesteld. Wij pakken dit op in afstemming met de Arbodienst. In het provinciehuis is een aantal BHV-voorzieningen centraal geregeld. Zo is elke etage voorzien van brandblussers, verbandmiddelen, een AED en een Evac-chair. Verder hebben wij een ontruimingsplan en maken wij onderdeel uit van een gezamenlijke BHV-ploeg.

Op de verschillende NDC-locaties zorgen we voor voldoende opgeleide BHV’ers om de veiligheid te waarborgen. Door de vele bezoekers is dit van groot belang. Ondanks de coronacrisis hebben alle BHV’ers in 2021 deelgenomen aan de BHV-herhaling. Bij de NDC-locaties hebben veiligheid, arbo en milieu prioriteit. Wij hebben een kledingcommissie met vertegenwoordigers uit verschillende disciplines. Deze commissie heeft een protocol opgesteld voor verstrekking, onderhoud, vervanging en inname van kleding en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM). Voor medewerkers die regelmatig naar bedrijven gaan, hebben wij op basis van de risico’s, behoefte en functie, een passend pakket samengesteld. Zij krijgen in onze maatschappij steeds vaker te maken met onveilige situaties. De kledingcommissie, de Arbo coördinatoren en het MT hebben hier oog voor en proberen met een goede training en beschermingsmiddelen de veiligheid van onze medewerkers te waarborgen. In 2022 houden wij weer een training in het kader van ongewenst gedrag. Daarnaast bekijken wij of wij de uitrusting van medewerkers moeten aanpassen. Rechtmatigheid Vanaf 2022 is de accountant niet langer verantwoordelijk voor het afgeven van een rechtmatigheidsoordeel. Deze verantwoordelijkheid komt bij ons dagelijks bestuur te liggen. Het

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

63

Jaarstukken 2021

algemeen bestuur bepaalt de kaders voor de rechtmatigheidsverantwoordelijkheid. Volgens het Addendum Kadernota Rechtmatigheid 2021 moeten wij al in onze jaarrekening 2021 rapporteren over rechtmatigheid. Het gaat om een toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van de Wet Fido (stellige uitspraak) en een toelichting op fraude door eigen medewerkers (aanbeveling). Hieronder lichten wij beide onderwerpen toe. Niet-financiële (on)rechtmatigheden in relatie tot Wet Fido De Wet Fido en onderliggende regelingen moeten de risico’s beperken voor gemeenten bij lenen en beleggen. In veel gevallen zijn bij overtredingen van de Wet Fido geen (directe) financiële gevolgen. Deze onrechtmatigheden hoeven wij daarom niet op te nemen in de verklaring Rechtmatigheid. Volgens de commissie BBV zijn onrechtmatigheden op dit vlak wél van belang voor het beeld dat het algemeen bestuur heeft van onze financiële positie. Daarom moet zij geïnformeerd worden in geval van afwijkingen. Wij constateren geen onrechtmatigheden met betrekking tot de Wet Fido. Uit onderstaande toelichting blijkt dat wij voldoen aan a) de kasgeldlimiet, b) renterisiconorm en c) het drempelbedrag schatkistbankieren. a)

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het totaal aan kortlopende leningen dat een gemeente per kwartaal uit mag hebben staan. Het bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet bedroeg in 2021 € 850.000. In 2021 is deze norm niet overschreden.

b)

Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel dat een lokale overheid spreiding aanbrengt in de vaste leningenportefeuille, zodat renterisico’s gelijkmatig over de jaren worden verdeeld. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Dit betekent dat wij per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal mogen vernieuwen (herfinanciering en/of renteherziening). Wij hebben geen langlopende leningen en voldoen daarom aan de renterisiconorm.

c)

Schatkistbankieren Sinds 2014 is het zogenaamde schatkistbankieren verplicht. Wij hebben hiervoor een speciale rekening geopend bij de huisbankier BNG en het Rijk. Als het drempelbedrag ad € 250.000 op de rekening courant is bereikt, romen wij het teveel af naar deze speciale rekening schatkistbankieren. Medio 2021 vond een wijziging plaats in het drempelbedrag dat lokale overheden mochten aanhouden op hun Rekening Courant. In de eerste helft van 2021 was het drempelbedrag € 250.000 en in de tweede helft € 1.000.000. In 2021 hebben wij het drempelbedrag niet overschreden.

(Niet) geconstateerde fraude door eigen medewerkers Volgens het controleplan 2021 hebben wij via interviews gecontroleerd op fraude door eigen medewerkers. Hieruit zijn geen fraudesignalen naar voren gekomen.

6.5

Overige paragrafen

Planning- & Control-producten Afgelopen jaar hebben wij aandacht besteed aan de verbetering van de P&C-cyclus (jaarkalender) en de kwaliteit van de Planning- & Control-producten (focus op relevantie en draagvlak). Daarnaast hebben wij geïnvesteerd in de advisering aan het managementteam en de bespreking van de

Omgevingsdienst regio Utrecht, kenmerk: INT20-2010/4113

64

Jaarstukken 2021

afdelingsrapportages. Naast het reguliere werk hebben wij met behulp van het programma SMV tijd besteed aan diverse trajecten, zoals de BI-tool, financieringssystematiek en efficiency (zie hoofdstuk 2.5). In 2022 willen wij bekijken welke processen en producten simpeler kunnen. Verbonden partijen Wij hebben geen bestuurlijke en/of financiële belangen in andere gemeenschappelijke regelingen of vennootschappen en lopen dus geen risico’s. Grondbeleid Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten heeft in het kader van grondaankoop of verkoop. Wij lopen dan ook geen risico. Lokale heffingen Wij zijn dienstverlenend aan de deelnemende gemeenten en innen zelf geen lokale heffingen. Eventuele heffingen worden door de gemeenten geïnd. Gemeenten kunnen de opbrengsten van de lokale heffingen gebruiken om de kosten voor de ODRU te dekken. Onderhoud kapitaalgoederen Wij zijn een dienstverlenende instelling die geen activiteiten uitvoert in het kader van onderhoud aan kapitaalgoederen. Wij lopen dan ook geen risico.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11452303/1