F. Rapport schuldhulpverlening Nijkerk
Tekst van het document
COLOFON De rekenkamercommissie De rekenkamercommissie Vallei en Veluwerand is een gemeenschappelijke onafhankelijke rekenkamercommissie van de gemeenten Barneveld, Bunnik, Bunschoten, Leusden, Nijkerk, Renswoude, Scherpenzeel, Woudenberg en Zeewolde. De externe commissie bestaat uit een voorzitter en vier leden: de heer J. van Zomeren (voorzitter), mevrouw F.T. van de Vlierd (lid tot 21 april 2021), de heer M. Pen (lid), de heer J.G.W. Scheltinga (lid tot 21 april 2021), de heer H.M. ter Beek (lid), de heer J.C.T.M. Doorakkers (lid vanaf 21 april 2021) en mevrouw J.T. Versteegh (lid vanaf 21 april 2021). De commissie heeft twee onderzoekers / secretarissen: mevrouw I.M.T. Spoor en mevrouw M.E. Barel-Glashouwer. Foto voorkant met toestemming afkomstig van https://www.plangroep.nl/ -1-
Inhoudsopgave Bestuurlijke samenvatting .................................................................................................................. 3 1. Inleiding ......................................................................................................................................... 7 1.1 Aanleiding .............................................................................................................................................7 1.2 Doelstelling en onderzoeksvragen .......................................................................................................7 1.3 Onderzoekaanpak ................................................................................................................................8 1.4 Afbakening............................................................................................................................................8 1.5 Normenkader .......................................................................................................................................9 1.6 Leeswijzer .............................................................................................................................................9 2. Beschrijven huidige situatie ..........................................................................................................
10 2.1 Hoe werkt schuldhulpverlening? .......................................................................................................10 2.2 Landelijke wetgeving en richtlijnen ...................................................................................................16 2.3 Beleid en doelen van Nijkerk..............................................................................................................18 2.4 Aantal inwoners bereikt met schuldhulpverlening ............................................................................22 2.5 Begrote en bestede middelen ............................................................................................................25 2.6 Benchmark uit 2017 ...........................................................................................................................26 3. Doelrealisatie ...............................................................................................................................
28 3.1 Resultaten schuldhulpverlening .........................................................................................................28 3.2 Monitoring van resultaten .................................................................................................................33 3.3 Informatievoorziening aan de raad ....................................................................................................34 3.4 Effecten coronacrisis ..........................................................................................................................35 4. Ketenpartners............................................................................................................................... 36 4.1 Overzicht ketenpartners ....................................................................................................................36 4.2 Afspraken met ketenpartners en naleving.........................................................................................37 4.3 Afstemming tussen ketenpartners.....................................................................................................37 4.4 Succesfactoren en verbeterpunten volgens ketenpartners ..............................................................38 5.
Perspectief van klanten en schuldeisers ........................................................................................ 40 5.1 Klantperspectief .................................................................................................................................40 5.2 Perspectief schuldeisers .....................................................................................................................41 6. Conclusies en aanbevelingen......................................................................................................... 42 6.1 Toegepast normenkader ....................................................................................................................42 6.2 Conclusies ...........................................................................................................................................47 6.3 Aanbevelingen ....................................................................................................................................49 7. Bestuurlijke reactie van het College en nawoord rekenkamercommissie .......................................
51 7.1 Bestuurlijke reactie ............................................................................................................................51 7.2 Nawoord rekenkamercommissie .......................................................................................................53 Bijlage 1 Bronnenlijst ........................................................................................................................ 55 Bijlage 2 Respondenten .................................................................................................................... 56 Bijlage 3 Overzicht afspraken met ketenpartners .............................................................................. 57
-2-
Bestuurlijke samenvatting Aanleiding onderzoek De rekenkamercommissie is in 2020 een onderzoek naar schuldhulpverlening gestart omdat bleek dat de raad meer inzicht wilde krijgen in de effectiviteit van de aanpak in Nijkerk. Met het oog op de ontwikkeling van een nieuw beleidsplan voor schuldhulpverlening in 2021, kwam een rekenkameronderzoek op het goede moment. Het onderwerp is maatschappelijk relevant, omdat het kwetsbare groepen raakt die (problematische) schulden hebben. De gemeente heeft wettelijk gezien een taak op het gebied van schuldhulpverlening. Met de uitkomsten van het onderzoek wil de rekenkamercommissie verbetervoorstellen doen voor de aanpak van de schuldhulpverlening in Nijkerk.
Onderzoeksdoel en hoofdvraag De rekenkamercommissie wil inzicht geven in de effectiviteit van de schuldhulpverlening zoals de gemeente Nijkerk die georganiseerd heeft. Om het onderzoeksdoel te bereiken heeft de rekenkamercommissie de volgende hoofdvraag opgesteld: is de huidige aanpak van schuldhulpverlening effectief?
Uitvoering onderzoek In het onderzoek zijn documenten van de gemeente, de uitvoerder en van ketenpartners bestudeerd. Vervolgens zijn interviews gehouden met ambtenaren en de portefeuillehouder van de gemeente, diverse ketenpartners, twee schuldeisers en een aantal inwoners die gebruikmaken van schuldhulpverlening.
Hoe werkt schuldhulpverlening – in het kort In Nijkerk zijn er activiteiten gericht op vroegsignalering van schulden, preventie van schulden, het beheersen of oplossen van schulden, en nazorg. De gemeente maakt het beleid voor deze onderdelen en is uitvoerder van de pilot voor vroegsignalering van schulden ‘Op tijd erbij’. Het bieden van schuldhulpverlening is uitbesteed aan PLANgroep. Verder zijn meerdere (vrijwilligers)organisaties betrokken bij preventie, nazorg en het bieden van hulp aan mensen met financiële problemen.
Conclusies Algemene conclusie De hoofdconclusie uit dit onderzoek is dat zowel bij de gemeente als bij de uitvoerder en ketenpartners er een sterke motivatie is om de inwoners met schulden te helpen. Er is bij alle betrokkenen veel kennis over wet- en regelgeving. De gemeente heeft een proactieve houding als het gaat om nieuwe manieren vinden om de doelgroep in beeld te krijgen: als één van de eerste middelgrote gemeenten is ze aan de slag gegaan met een pilot vroegsignalering van schulden, vóórdat wetgeving daarvoor van kracht werd; wettelijk gezien is het per 1 januari 2021 verplicht. De pilot vroegsignalering ‘Op tijd erbij’ levert misschien nog niet het beoogde resultaat – -3-
mensen met betaalachterstanden zijn wel eerder in beeld, echter weinig mensen accepteren het aanbod van hulp – maar de gemeente heeft nu al wel ervaring met vroegsignalering en kan dat doorontwikkelen. De pilot leidt ertoe dat bestaande schuldhulpverlening meer bekend is onder inwoners en dat kan drempelverlagend werken.
De hoofdvraag van het onderzoek is of de aanpak van schuldhulpverlening effectief is. Deze vraag is lastig te beantwoorden: wanneer kun je bepaalde effecten toeschrijven aan beleid, en hoe kun je effecten aantonen? De rekenkamercommissie concludeert dat de gemeente en ketenpartners veel inzet plegen op het opsporen van schulden in een vroeg stadium en om inwoners via schuldhulpverlening uit de schulden te helpen. De gevallen van recidive – terugval in schulden – zijn volgens de cijfers van PLANgroep vrij laag: dat kan erop duiden dat de aanpak, die voortvloeit uit het beleid, effectief is en eraan bijdraagt dat mensen die schuldhulpverlening aanvragen uit de schulden komen.
Beleid sluit niet meer goed aan bij actualiteit Het beleid van de gemeente voldoet aan landelijke wet- en regelgeving. Maar de doelen die de gemeente nastreeft met schuldhulpverlening zijn sinds lange tijd niet meer geactualiseerd en staan in verschillende documenten. Ook de beleidsregels zijn lang – sinds 2014 – niet geactualiseerd. De gemeente heeft de kennis over actuele ontwikkelingen en wetgeving op het gebied van schuldhulpverlening nog niet toegepast in beleid. Het beleid sluit daardoor minder aan bij de dagelijkse praktijk van de uitvoering.
Doelrealisatie De gemeente heeft inzicht in aantallen inwoners die zich melden voor schuldhulpverlening en ingezette maatregelen, hoewel er enige overlap is doordat sommige inwoners hulp ontvangen van meerdere ketenpartners. De verantwoordingsinformatie van de uitvoerder en ketenpartners levert nog onvoldoende kwalitatief inzicht in wat het effect is van de maatregelen. De kosten voor schuldhulpverlening zijn inzichtelijk. Jaarlijks blijven de kosten ruim binnen het beschikbare budget. Het college houdt de gemeenteraad actief op de hoogte van de resultaten van schuldhulpverlening. De afgelopen jaren is gebleken dat bepaalde verwachtingen van de gemeente over te behalen termijnen niet realistisch waren. Als de uitvoerder, PLANgroep, zulke individuele gevallen bespreekt met de gemeente, dan blijkt de gemeente een goede gesprekspartner die openstaat voor aanpassingen in werkwijzen. Nu gebeurt dat met name op casuïstiek niveau. De laatste aanbesteding voor de uitvoering van schuldhulpverlening dateert uit 2014. Sinds die tijd is de visie op de benadering en bejegening van klanten veranderd. Er is bij PLANgroep in de contacten met klanten meer aandacht gekomen voor de invloed van geldzorgen op het gedrag van klanten. Bovendien wil de gemeente aandacht besteden aan een goede bejegening door te investeren in stress-sensitieve dienstverlening.
Dit is dienstverlening waarbij medewerkers rekening houden met de ontregelende werking van aanhoudende
-4-
spanningen door geldgebrek. Hulpverleners werken met korte termijndoelen om schuldenaren gemotiveerd te houden.
Effect coronacrisis De coronacrisis heeft bij de uitvoerder en ketenpartners nog niet geleid tot een toename van hulpvragen. De NVVK (de branchevereniging voor schuldhulpverlening) verwacht dat de toename nog komt nu de coronacrisis langdurig aanhoudt. Wel hebben de landelijke coronamaatregelen gevolgen voor de schuldhulpverlening: alle betrokken partijen vinden het jammer dat er daardoor weinig fysieke afspraken mogelijk zijn. Door de coronacrisis loopt het investeren in stress-sensitieve dienstverlening vertraging op.
Samenwerking ketenpartners: de lijnen zijn kort De organisaties die bijdragen aan schuldhulpverlening in Nijkerk kennen elkaars hulpaanbod en weten elkaar te vinden. De schaal van Nijkerk draagt hieraan bij. De gemeente houdt partners op de hoogte van relevante ontwikkelingen. De vrijwilligersorganisaties zorgen voor professionele ondersteuning van hun vrijwilligers. Een kwetsbaar punt voor de afstemming en continuïteit is de wisseling van een coördinator of medewerker: het kost dan tijd om contacten weer op de rails te krijgen. Het grote aanbod leidt deels tot overlap in dienstverlening en dat kan bij inwoners zorgen voor onduidelijkheid over waar zij terecht kunnen met hun vraag. Wat voor de vrijwilligersorganisaties wat onduidelijk is, is hoeveel en welke hulpvragen (de betaalde) uitvoeringsorganisatie PLANgroep kan doorverwijzen naar de vrijwilligersorganisaties. Daardoor kan het gevoel bij vrijwilligers ontstaan dat zij voor een deel het werk van de (betaalde) uitvoerder doen. Ook is het voor vrijwilligersorganisaties niet altijd duidelijk op welke doelen de gemeente wil sturen via de subsidiebeschikkingen aan de vrijwilligersorganisaties. Bovendien kan dit per jaar verschillen.
Klantperspectief Het beperkte aantal klanten (mensen met schulden) dat meegewerkt heeft aan dit onderzoek was tevreden over de schuldhulpverlening die zij ontving. Als pluspunten werden genoemd de deskundigheid, eerlijkheid en het snelle contact dat er is met een medewerker van PLANgroep of een vrijwilliger. De afhandeling van klachten over de uitvoerder van schuldhulpverlening is op dit moment belegd bij de uitvoerder zelf. De gemeente heeft daar alleen zicht op via de terugkoppeling door de uitvoerder. Het aantal ingediende klachten dat de uitvoerder rapporteert is zeer laag, variërend van nul tot één per jaar. De uitvoerder rapporteert over de klachtafhandeling in de jaarverslagen.
-5-
Aanbevelingen Uit de conclusies vloeit voort dat er verbeteringen te behalen zijn voor de toekomst, met name op het gebied van het formuleren van doelen voor de uitvoering van schuldhulpverlening en het maken van afspraken met uitvoerder en ketenpartners. De rekenkamercommissie komt tot de volgende vijf aanbevelingen: 1. Het is belangrijk om de doelen en beoogde resultaten op het gebied van schuldhulpverlening en de beleidsregels te actualiseren. De praktijk blijkt niet altijd meer aan te sluiten bij het beleid. De rekenkamercommissie raadt aan om alle doelen op het gebied van schuldhulpverlening te beschrijven in één beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening, en niet te verwijzen naar eerdere beleidsplannen. Bij de nieuwe aanbesteding van schuldhulpverlening is het ook belangrijk om de doelen uit het gemeentelijk beleidsplan over te nemen zodat dat met elkaar overeenkomt. En om de doelen en te behalen resultaten te actualiseren naar huidige inzichten en werkwijzen. Het verdient aanbeveling om in de aanbesteding een eis op te nemen voor een zowel kwantitatieve als kwalitatieve duidelijke verslaglegging door de uitvoerder, zodat de gemeente de uitvoering beter kan monitoren.
2. Gezien het grote, deels overlappende, aanbod voor schuldhulpverlening – van vroegsignalering tot en met nazorg – is goede informatievoorziening over de toegang tot hulpverlening belangrijk. Deze informatie dient compleet en laagdrempelig te zijn, zodat het voor inwoners direct duidelijk is welke organisatie voor hen het meest in aanmerking komt.
3. Voor de continuïteit van de projecten van de vrijwilligersorganisaties raadt de rekenkamercommissie de gemeente aan om in de subsidiebeschikkingen beleidsdoelen te laten terug komen: dan is het voor vrijwilligersorganisaties duidelijk wat de gemeentelijke doelen zijn en waar de gemeente op stuurt.
4. Het verdient aanbeveling dat PLANgroep en de vrijwilligersorganisaties gezamenlijk afspraken maken over het doorverwijzen van hulpvragen door PLANgroep naar de vrijwilligersorganisaties, met behoud van mogelijkheden tot maatwerkafspraken. Zodat bij vrijwilligers niet het gevoel ontstaat dat zij het werk van betaalde krachten overnemen of te veel hulpvragen toebedeeld krijgen.
5. Op dit moment heeft de gemeente de formele afhandeling van klachten over schuldhulpverlening door de uitvoerder belegd bij de uitvoerder. Hoewel uit het onderzoek geen aanwijzingen zijn gekomen dat de klachten niet goed afgehandeld worden, geeft de rekenkamercommissie in overweging om de klachten te laten indienen bij en te laten afhandelen door de gemeente, zodat klachten op een meer onafhankelijke manier afgedaan kunnen worden. En dat de gemeente, indien de aard van de klachten daar aanleiding voor geeft, verbeteringen direct kan doorvoeren in beleid en/of uitvoering.
-6-
1. Inleiding 1.1 Aanleiding In het voorjaar van 2020 heeft de auditcommissie gevraagd om onderzoek te doen naar schuldhulpverlening. Vanuit de fracties van de gemeenteraad was draagvlak voor een dergelijk onderzoek. De raadsleden zijn erin geïnteresseerd of de gekozen aanpak werkt. Aangezien er een nieuw beleidsplan moet komen – de termijn van het oude beleidsplan is verlopen – zou een evaluatieonderzoek op het goede moment komen. Het onderwerp is maatschappelijk relevant, omdat het kwetsbare groepen raakt die (problematische) schulden hebben. De coronacrisis van 2020/2021 maakt het onderwerp extra actueel. Door verlies van inkomen verwacht de NVVK (Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet, de branchevereniging voor schuldhulpverlening, sociaal bankieren en bewindvoering) een toename van hulpvragen van minimaal 30 procent voor 2020 en 2021 (Bron: ‘Armslag’ voor toestroom hulpvragen bij schulden en armoede, Gemeente.nu, geraadpleegd op 8 oktober 2020). Bovendien is de rol van de gemeente bij schuldhulpverlening verankerd in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Dat maakt het relevant om te onderzoeken hoe de gemeente Nijkerk deze rol invult.
1.2 Doelstelling en onderzoeksvragen Doelstelling De rekenkamercommissie wil inzicht geven in de effectiviteit van de schuldhulpverlening zoals de gemeente Nijkerk die georganiseerd heeft. Onderzoeksvragen Om het onderzoeksdoel te bereiken heeft de rekenkamercommissie de volgende hoofdvraag opgesteld: Is de huidige aanpak van schuldhulpverlening effectief? De hoofdvraag is uitgewerkt in de volgende deelvragen: A. Beschrijven huidige situatie 1. Wat is het beleid van de gemeente en hoe verhoudt zich dat tot landelijke wetgeving (Wgs) en adviezen (NVVK)? 2. Welke doelen heeft de gemeente gesteld ten aanzien van schuldhulpverlening, te weten vroegsignalering, preventie, het oplossen of beheersen van schulden en nazorg? 3. Hoe heeft de gemeente de doelen uit het beleid vertaald naar de praktijk? 4. Hoe heeft de gemeente de uitvoering van schuldhulpverlening - te weten vroegsignalering, preventie, het oplossen of beheersen van schulden en nazorg - vormgegeven en georganiseerd? 5. Hoeveel inwoners worden bereikt met de schuldhulpverlening? 6. Welke middelen stelt de gemeente ter beschikking en hoeveel besteedt zij aan de organisatie en uitvoering van schuldhulpverlening? -7-
B. Doelrealisatie 7. Hoe meet de gemeente of haar doelstellingen behaald worden? 8. Welke resultaten zijn er inmiddels bij de gestelde doelen ten aanzien van schuldhulpverlening, te weten vroegsignalering, preventie, het oplossen of beheersen van schulden en nazorg? 9. Wachtlijsten en doorlooptijden: hoe lang duurt het voordat een inwoner met (dreigende) problematische schulden wordt geholpen en wat zijn de doorlooptijden vervolgens? 10. Hebben de corona-maatregelen invloed op het beleid en de aanpak van schuldhulpverlening in Nijkerk, en zo ja hoe? C. Ketenpartners 11. Wie zijn de ketenpartners bij de schuldhulpverlening in Nijkerk? 12. Heeft de gemeente en/of de uitvoerende organisatie (PLANgroep) afspraken gemaakt met de ketenpartners over uitvoering en verantwoording van de werkzaamheden? Hoe leven de ketenpartners de afspraken na? 13. Hoe verloopt de afstemming tussen de ketenpartners? 14. Wat is de ervaring van de ketenpartners over het bereiken van de gestelde doelen, en wat zijn daarin de succes- en faalfactoren? D. Klantperspectief 15. Wat zijn de ervaringen met de verschillende instrumenten van schuldhulpverlening? 16. Wat zien de inwoners die een beroep doen op de schuldhulpverlening, en waar mogelijk schuldeisers, als succes- en faalfactoren voor effectieve schuldhulpverlening? E. Informatievoorziening aan de raad 17.
Informeert het college de gemeenteraad over de voortgang van het beleid en zo ja, hoe?
1.3 Onderzoekaanpak In het onderzoek zijn documenten van de gemeente, de uitvoerder en van ketenpartners bestudeerd (zie bronnenlijst in bijlage 1). Vervolgens zijn interviews gehouden met ambtenaren en de portefeuillehouder van de gemeente, diverse ketenpartners, twee schuldeisers en vier klanten van schuldhulpverlening (zie bijlage 2). De rekenkamercommissie heeft via de uitvoerder en vrijwilligersorganisaties meerdere keren oproepen gedaan om hun klanten uit te nodigen voor medewerking. Dat hebben deze organisaties ook gedaan en dat heeft geleid tot vier aanmeldingen van klanten voor een interview. De resultaten van het documentenonderzoek en de interviews zijn voorgelegd aan de respondenten voor een check op de feiten. De reacties van de respondenten zijn verwerkt. Vervolgens zijn de conclusies en aanbevelingen toegevoegd aan het rapport (hoofdstuk 6). Het volledige rapport is voorgelegd voor aan het college van B&W voor een bestuurlijke reactie. Deze bestuurlijke reactie is opgenomen aan het einde van dit rapport met aansluitend het nawoord van de rekenkamercommissie (hoofdstuk 7).
1.4 Afbakening Onderzoek van de rekenkamercommissie richt zich op de effectiviteit, doelmatigheid en rechtmatigheid van beleid en het beoogde onderzoek raakt aan alle drie deze aspecten. De rekenkamercommissie kiest er in dit -8-
onderzoek voor de focus te leggen op de effectiviteit van de schuldhulpverlening. Het gaat er dan om of de schuldhulpverlening aansluit bij de behoeften van de klant en of de gemeente gestelde doelen realiseert. Dit onderzoek bestrijkt de periode 2016 – toen het beleidsplan 2016-2019 startte – tot en met de eerste helft van 2020. De rekenkamercommissie gaat in dit onderzoek uit van de definitie van schuldhulpverlening van de NVVK. Deze definitie luidt: het uitvoeren van diensten door schuldhulpverlenende organisaties gericht op het voorkómen, oplossen of beheersen van schulden (Gedragscode Schuldhulpverlening, NVVK, 2020). Verder hebben we in het onderzoek vroegsignalering van schulden en nazorg betrokken.
1.5 Normenkader Bij de analyse van de schuldhulpverlening is – sterk samengevat – uitgegaan van de volgende normen: A. Beschrijven huidige situatie: de gemeente heeft concrete doelen opgesteld voor schuldhulpverlening te weten vroegsignalering, preventie, het oplossen of beheersen van schulden en nazorg. De schuldhulpverlening is zodanig georganiseerd dat het bijdraagt aan het voorkomen van, oplossen of beheersen van en niet terugvallen in schulden. B. Doelrealisatie: de gemeente heeft inzicht in de ingezette instrumenten (aantallen) en effecten daarvan op de realisatie van beleidsdoelen. C. Ketenpartners: de afspraken tussen de gemeente en ketenpartners zijn helder en vastgelegd. De gemeente en de ketenpartners komen de afspraken na. D. Klantperspectief: de beleving van inwoners met een schuld is subjectief. De rekenkamercommissie verbindt daar geen harde norm aan. Wanneer er uit de interviews geen redelijke tevredenheid blijkt over de aanpak, dan kan dit wel een signaal zijn. E. Informatievoorziening aan de raad: het college informeert de gemeenteraad in ieder geval jaarlijks over de voortgang van het beleid. De informatie stelt de raad in staat om zijn kaderstellende en controlerende rol uit te voeren. Het volledige, getoetste, normenkader is toegevoegd in hoofdstuk 3 Conclusies en aanbevelingen.
1.6 Leeswijzer Het rapport start met een managementsamenvatting. Het huidige hoofdstuk bevat de aanleiding van het onderzoek, de doel- en vraagstelling en afbakening. In hoofdstuk 2 beschrijven we de huidige situatie en het beleid met de gestelde doelen. Hoofdstuk 3 behandelt de doelrealisatie. Hoofdstuk 4 gaat in op de ketenpartners bij schuldhulpverlening. Hoofdstuk 5 geeft aandacht aan het perspectief van klanten en schuldeisers. In hoofdstuk 6 toetsen we het gehanteerde normenkader en beschrijven we conclusies en aanbevelingen. Hoofdstuk 7 bevat de bestuurlijke reactie en het nawoord van de rekenkamercommissie. Als bijlagen zijn toegevoegd de bronnenlijst, een overzicht van de respondenten en een overzicht van afspraken met ketenpartners. -9-
2. Beschrijven huidige situatie In dit hoofdstuk beschrijven we hoe schuldhulpverlening werkt, wat het beleid inhoudt en welke doelen de gemeente gesteld heeft en wat het budget is. Het gaat om beantwoording van de deelvragen 1 tot en met 6 van dit onderzoek.
2.1 Hoe werkt schuldhulpverlening? Voordat we ingaan op wetgeving en lokaal beleid beschrijven we hoe schuldhulpverlening in Nijkerk werkt: hoe werken vroegsignalering en preventie en waar kan een inwoner met financiële problemen terecht en hoe gaat dat in zijn werk? In Nijkerk zijn er activiteiten gericht op vroegsignalering van schulden, preventie van schulden, het beheersen of oplossen van schulden, en nazorg. Hieronder gaan we in op de activiteiten per onderwerp.
2.1.1 Hoe werkt vroegsignalering – pilot Op Tijd Erbij? In 2019 is de gemeente gestart met een pilot vroegsignalering van schulden: Op Tijd Erbij. Nijkerkers die in de problemen dreigen te raken door schulden, kunnen eerder worden geholpen (zie voor de doelen hiervan paragraaf 2.3). In de pilot leveren bepaalde crediteuren (bedrijven waar inwoners tegen betaling diensten bij afnemen) maandelijks beveiligd gegevens over inwoners met betalingsachterstanden aan bij Inforing. Inforing is het bedrijf dat hier de juiste software voor biedt en dat veilig op het gebied van privacy werkt. De crediteuren zijn de volgende vaste lasten-partners: zorgverzekeraars, Vitens en de woningcorporaties. Energieleveranciers hebben besloten, ondanks een intentieverklaring, toch niet mee te doen aan de pilot. Een reden was dat er meer gemeenten gestart waren met Vroegsignalering schulden waardoor het te veel werk opleverde voor de energiebedrijven. In het convenant is met de crediteuren afgesproken dat zij de inwoners erover informeren dat zij de achterstand doorgeven. Zorgverzekeraars melden dat niet expliciet aan inwoners, omdat zij vanuit de Zorgverzekeringswet gegevens mogen uitwisselen. Deze gegevens worden gecombineerd en er wordt bepaald op welke adressen sprake is van een samenloop van achterstanden.
Er zijn dan bijvoorbeeld twee betalingsachterstanden op een adres binnen een maand, of er is in twee opeenvolgende maanden een betalingsachterstand bij twee verschillende crediteuren. Dat wordt een match genoemd. De gemeente ziet deze matches via Inforing in. De gemeente stuurt de inwoner(s) vervolgens een brief waarin ze aankondigt dat Op Tijd Erbij een huisbezoek komt brengen (zonder datum aan te kondigen). Een medewerker van het Gebiedsteam van de gemeente en de coördinator van Op Tijd Erbij leggen het huisbezoek af. Zij proberen het vertrouwen van inwoners te krijgen om de financiële situatie te kunnen bespreken. Waar nodig bieden zij ondersteuning aan of verwijzen naar ketenpartners zoals Sigma. Primair is de inzet erop gericht dat aan de lopende betalingsverplichtingen weer voldaan gaat worden om escalatie te voorkomen (Bron: Adviesprocedure vroegsignalering schulden, Nijkerk, 2018).
-10-
2.1.2 Hoe werkt preventie? De gemeente onderscheidt in het Schuldpreventieplan (2016) activiteiten voor materiële en voor immateriële preventie van schulden. We geven het onderscheid zoals de gemeente dat hanteert hieronder aan. Dit onderscheid roept overigens wel wat vragen op over wat wordt verstaan onder materiële preventie en immateriële preventie. Activiteiten materiële schuldpreventie De belangrijkste activiteiten van de gemeente die gericht zijn op het voorkómen van schulden: • De Nijkerkse Regeling Meedoen. De potentiële doelgroep bestaat uit alle huishoudens in Nijkerk met een laag inkomen (130 % van het bruto minimumloon voor meerpersoonshuishoudens en 110% voor eenpersoonshuishoudens. Via de Regeling Meedoen kunnen inwoners met een laag inkomen een bijdrage van de gemeente ontvangen voor kosten die verband houden met sport, cultuur en vorming. De inkomenseisen zijn helder en er is geen vermogensgrens. In 2016 waren er 2031 potentiële huishoudens (bron: raadsinformatiebrief 21-12-2016) en waren er 1359 daadwerkelijke verstrekkingen. In 2020 waren er 2134 verstrekkingen. • Het Kindpakket: regelingen voor kinderen en jongeren tot 18 jaar voor kosten op het gebied van sport, cultuur en onderwijs. De gemeente werkt ook samen met de Stichting Leergeld, zodat kinderen kunnen meedoen aan binnen- en buitenschoolse activiteiten. • Voorlichting over omgaan met geld.
Aan jongeren op middelbare scholen wordt voorlichting gegeven via een toneelvoorstelling. De gemeente heeft ervoor gekozen om voorlichtingsactiviteiten gericht op basisscholen niet als speerpunt te benoemen, omdat slechts een bescheiden aantal gezinnen met kinderen een beroep doet op schuldhulpverlening. Ook geven scholen aan dat hun curriculum al vol is. Overigens schaart de gemeente dit onder materiële schuldpreventie, maar je zou het onder immateriële schuldpreventie kunnen verstaan, omdat het gaat om het beïnvloeden van gedrag. • De Gebiedsteams en de ketenpartners, spelen een rol bij het bekendmaken van gemeentelijke regelingen. Activiteiten immateriële schuldpreventie Gedrag kan een oorzaak zijn bij het ontstaan van schulden, zoals overbestedingsgedrag. Gedrag is altijd onderdeel van het oplossen van schulden, aldus het schuldpreventieplan van 2016. Hulpverlenende instanties op het gebied van wonen, welzijn, zorg, werk en inkomen, onderwijs en maatschappelijke ondersteuning zijn vaak de aangewezen partijen om te werken aan onderliggende gedragsproblematiek bij schulden. Inwoners die hulpvragen hebben binnen het sociaal domein, hebben vaak ook financiële problemen. Bij de brede, integrale aanpak van ondersteuningsvragen die in het sociaal domein wordt nagestreefd is de hulp voor de financiële problemen daardoor vaak een onderdeel.
Bij de interventies die bijdragen aan gezond financieel gedrag, onderscheidt de gemeente: • activiteiten en ondersteuning vanuit het 'voorliggend veld': het geheel van algemeen toegankelijke ondersteuning, gericht op het versterken van de zelfredzaamheid en participatie in brede zin, zowel aangeboden door professionele als door vrijwilligersorganisaties. Voorbeelden hiervan zijn de vrijwillige Schuldhulpmaatjes van de Stichting Nijkerks Diaconaal Beraad, Sigma die formulierenhulp aanbiedt en vrijwilligers van Humanitas die ondersteunen bij thuisadministratie. Vluchtelingenwerk richt zich op een -11-
•
specifieke doelgroep en ondersteunt bij de integratie in de samenleving. Bij de Gebiedsteams van de gemeente en bij Sigma kunnen inwoners zich melden met alle vragen op het vlak van meedoen in de samenleving. een specialistisch ondersteuningsaanbod: specifieke activiteiten en ondersteuning gericht op het op orde krijgen of houden van de financiële situatie; zowel aangeboden door professionele als door bovengenoemde vrijwilligersorganisaties.
Daarnaast zijn er particuliere initiatieven als de voedselbank, facebookgroepen en andere websites waarop hulp aangeboden wordt variërend van goedkope huishoudelijke voorwerpen, klussen voor een gunstig tarief tot een luisterend oor.
IJsbreker/procesregisseur en Bruggenbouwer dragen bij aan preventie In het najaar van 2017 heeft de gemeente binnen het sociaal domein het idee van ‘Bruggenbouwers’ en een ‘IJsbreker’ geïntroduceerd. Dit kwam voort uit de Dialooggroep Bruggenbouwers en IJsbrekers in het kader van Samen aan Zet. De ambtenaar met de rol van IJsbreker heeft de focus op snel handelen, het leggen van dwarsverbanden tussen uitvoerenden en het vinden van oplossingen (Bron: raadsvoorstel 2017-046, ‘Vervolg voorstellen dialooggroep Samen aan Zet’, augustus 2017). Inmiddels zijn twee ambtenaren als IJsbrekers aangesteld en die worden nu procesregisseurs genoemd (bron: raadsinformatiebrief Afhechten Samen aan Zet, juli 2020). De IJsbrekers/procesregisseurs zijn gemandateerd om gestagneerde hulp op te lossen en met alle betrokkenen een plan te maken. Ze regisseren processen zodat ieder weer vanuit zijn rol/taak weet wat te doen om samen met de inwoner(s) het plan te maken en uit te voeren (Bron: e-mail gemeente Nijkerk van 16 september 2020 en interview). Schuldhulpverlening vormt een (zij het beperkte) rol in de casuïstiek die de IJsbreker behandelt.
Het idee van Bruggenbouwers heeft de focus op het leggen van dwarsverbanden tussen organisaties en het vinden van oplossingen. Het kwam, volgens de Dialooggroep Sociaal Domein, te vaak voor dat inwoners niet op de juiste wijze doorverwezen werden door en naar partijen in het voorliggende veld, waaronder ook organisaties op het gebied van schuldhulpverlening. Ook kwam het voor dat partijen langs elkaar heen werkten en dat het ontbrak aan iemand die de ‘regie’ nam. Een goed overzicht van het voorliggende veld als geheel en betere verbindingen tussen partijen in het veld zouden dit in de toekomst moeten voorkomen. De Bruggenbouwer is een onderzoeker geweest die een overzicht heeft gemaakt van betrokken organisaties in het voorliggende veld. De Bruggenbouwer heeft daarover in 2018 een rapportage opgeleverd. De ideeën van de Bruggenbouwer moeten nog verder uitgewerkt worden (Bronnen: raadsinformatiebrief Afhechten Samen aan Zet, juli 2020; Rapportage Bruggenbouwen in Nijkerk, 2018; e-mail gemeente Nijkerk van 16 september 2020).
-12-
2.1.3 Hoe werkt curatieve schuldhulpverlening - het oplossen of beheersen van schulden? Voor haar klanten heeft uitvoerder PLANgroep de hulpverlening als stappenplan in een ‘praatplaat’ weergegeven. De werkwijze wordt onder het schema uitgelegd.
(Bron: Praatplaat stappenplan, PLANgroep, 2019)
Het schuldhulpverleningsproces, uitgevoerd door PLANgroep, bestaat uit drie onderdelen, ook wel ‘dienstensoorten’ genoemd (bron: Aanbestedingsdocument Schulddienstverlening 2014-2017, p.20 e.v., Nijkerk, 2013): A. Dienstensoort I: Aanmelding en screening B. Dienstensoort II: Traject financiële schuldhulpverlening, bestaande uit twee fasen: Fase 1: Voorbereiden schuldregeling. Dit houdt in het stabiliseren van de schuldsituatie en het voorbereiden van een minnelijke schuldregeling. Fase 2: Uitvoeren schuldregeling. Dit houdt in dat PLANgroep een minnelijke schuldregeling met alle schuldeisers tot stand brengt met een aflossingsduur van maximaal 36 maanden. Zie hieronder een uitgebreidere toelichting op een minnelijke schuldregeling. C. Dienstensoort III: Traject schuldstabilisatie. Het traject schuldstabilisatie is gericht op het zo stabiel mogelijk houden van de schuldenlast en het werken aan het wegnemen van de belemmeringen die een schuldregeling in de weg staan. Belemmeringen kunnen zijn een ontbrekende verblijfsvergunning, een sterk wisselend inkomen of verslavingsproblematiek. Tijdens het traject schuldstabilisatie wordt er in principe niets gedaan -13-
voor de aflossing van de schulden. Klanten waarvan de belemmeringen zijn opgeheven of waarvan de belemmeringen onder controle zijn, kunnen instromen in het traject financiële dienstverlening. Het komt ook voor dat de klant voldoende is geholpen met de inzet tijdens schuldstabilisatie en dat een schulddienstverleningstraject niet meer nodig is. Aan elke dienstensoort heeft de gemeente normen verbonden waaraan de dienstverlening moet voldoen. Naast de genoemde drie dienstensoorten koopt de gemeente afzonderlijke producten in bij PLANgroep (bron: Aanbestedingsdocument Schulddienstverlening 2014-2017, p.25 e.v., Nijkerk, 2013; intern memo Verlenging Budgetbeheer C, Nijkerk, 2020). Deze producten kunnen ingezet worden in meerdere dienstensoorten. Het gaat om de volgende producten: •
Budgetbeheer A: garantie aflossing. Het inkomen komt binnen bij PLANgroep. PLANgroep reserveert daaruit alleen het aflossingsbedrag voor de klant.
•
Budgetbeheer B: vaste lasten. PLANgroep neemt gedeeltelijk het financieel beheer van de klant over.
•
Budgetbeheer C: volledig. PLANgroep neemt het financieel beheer van de klant over.
•
Budgetcoaching
•
Wsnp: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen, het wettelijke traject als de minnelijke schuldregeling niet tot stand is gekomen door bemiddeling door PLANgroep. PLANgroep voert de Wsnp niet uit.
•
Hercontrole / heronderzoek: Eén of meer contactmomenten tussen PLANgroep en de klant in de periode van 36 maanden dat de minnelijke schuldregeling uit dienstensoort II loopt.
•
Nazorg: gesprekken nadat de schuldhulpverlening is gestopt. Dit product koopt de gemeente sinds 2019 in.
•
Belastingcheck / fiscale screening: het onderzoeken en toepassen van alle fiscale mogelijkheden om voor de klant geld terug te krijgen van de Belastingdienst en om eventuele rechtmatige toeslagen.
•
Crisisinterventie: Spoedeisende handelingen bij acute crisissituaties met als doel het voorkómen van (dreigende) huisuitzetting, afsluiting van nutsvoorzieningen of beslag op roerende zaken.
Wat houdt een minnelijke schuldregeling in? Om een minnelijke regeling voor de klant tot stand te kunnen brengen (traject dienstensoort II) moeten alle schuldeisers meewerken. De gemiddelde schuld bedraagt €43.000,- met dertien schuldeisers. Eventueel kan PLANgroep via een dwangakkoord bij de rechter medewerking afdwingen als een klein deel van de schuldeisers niet akkoord gaat. PLANgroep moet en wil dit traject met de schuldeisers zorgvuldig doorlopen, want in een volgend geval bij een andere klant zal de schuldeiser weer bereid gevonden moeten worden om mee te werken. Zo’n 75% van de schuldeisers gaat akkoord met een minnelijke regeling, omdat ze weten dat er goed gekeken is naar wat een klant maximaal kan aflossen. Doorgaans leven de klanten op bijstandsniveau. Een klant mag wettelijk niet langer dan 36 maanden schulden aflossen in een schuldsaneringstraject. De afloscapaciteit is bij een minimuminkomen vaak maar een paar procent (onder de 10%) van de totale schuld. Bij een minnelijke regeling wordt van een gemiddelde een schuld van €43.000,- ongeveer €1.800,- afgelost. -14-
Als het gelukt is om een minnelijke schuldregeling met alle schuldeisers te treffen, ontvangt de klant elk jaar een oproep voor een hercontrole gesprek; het zogeheten heronderzoek. Daarna ontvangen de schuldeisers de uitbetaling. De heronderzoeken vinden plaats aan het einde van het eerste, tweede en derde jaar. Tijdens een heronderzoek maakt PLANgroep een herberekening van het VTLB (Vrij te laten bedrag, dat de schuldenaar minimaal nodig heeft voor levensonderhoud en vaste lasten). Ook controleert PLANgroep of de klant zich aan de schuldregeling heeft gehouden. Wanneer een schuldregeling na het derde jaar positief is afgesloten, krijgt de schuldenaar kwijtschelding van het restant van de schulden. Werkwijze schuldhulpverlening sinds aanbesteding 2014 De gemeente heeft schuldhulpverlening sinds 2014 ondergebracht bij één opdrachtnemer, namelijk PLANgroep. De gemeente heeft PLANgroep gevraagd om het hulpaanbod te bepalen door een screening van de klant, en het gebruiken van klantprofielen. Het werken met klantprofielen en de inzet van een screeningsinstrument was in 2014 nieuw voor Nijkerk (Bron: Aanbestedingsdocument 2013, p. 8). PLANgroep gebruikt het digitale screeningsinstrument Mesis dat is ontwikkeld door de Hogeschool van Amsterdam. Bij de start van dit screeningsinstrument waren er klantprofielen in opgenomen.
Maar Mesis is doorontwikkeld en het idee van ‘klantprofielen’ is losgelaten: het instrument wil mensen niet in hokjes stoppen. Klantprofielen worden nu niet meer gebruikt. Het screeningsinstrument bestaat uit 120 vragen in een makkelijk taalniveau. Voorafgaand aan het intakegesprek met PLANgroep vullen klanten deze digitale vragenlijst in. Het is echter geen voorwaarde om in gesprek met PLANgroep te komen: als het invullen van het screeningsinstrument problemen oplevert, dan kan het intakegesprek evenwel ook plaatsvinden. De screening, ingevuld door de klant, geeft volgens de respondenten een goede gespreksagenda voor het vervolg van de intakeprocedure. PLANgroep heeft namens het college de beslissingsbevoegdheid als het gaat om het bepalen van de oplossingsrichting. In de beleidsregels 2014 is opgenomen dat deelname aan de screening een noodzakelijke voorwaarde is voor gemeentelijke schuldhulpverlening (Bronnen: Aanbestedingsdocument 2013, p. 8 en 9; Beleidsregels schuldhulpverlening Nijkerk 2014). Afhankelijk van de persoonlijke situatie van de klant en op basis van de uitkomsten van de screening, wil de gemeente de volgende drie mogelijke resultaten van de aanmelding zien: 1.
de klant is (na een aanmeldings- en adviesgesprek, eventueel een screening) in staat zelf zijn schulden te regelen dan wel in staat de schulden zelfstandig te beheren (= geen verdere inzet op schuldstabilisatie en/of financiële schulddienstverlening); 2. een duurzaam schuldenvrije toekomst is haalbaar (= traject financiële schuldhulpverlening: de screening en het klantprofiel indiceren een pakket diensten); 3. een toekomst waarin de schuldenlast duurzaam gestabiliseerd is, niet gericht op een schuldenvrije toekomst (= traject schuldstabilisatie: de screening indiceert een pakket diensten, zo nodig in combinatie met een verwijzing naar (zorg)ketenpartners). Klanten waarvan de belemmeringen zijn opgeheven of waarvan de belemmeringen onder controle zijn door het traject schuldstabilisatie, worden teruggemeld bij PLANgroep zodat zij kunnen instromen in het traject financiële dienstverlening. Het komt ook voor dat de klant -15-
voldoende is geholpen met de inzet van de ketenpartners en dat een schulddienstverleningstraject niet meer nodig is. De gemeente heeft daar termijnen aan verbonden (bijvoorbeeld: het voorbereiden van een schuldregeling duurt maximaal een maand). Voor het traject financiële schuldhulpverlening heeft de gemeente een percentage bepaald dat maximaal mag uitvallen, en voor het traject schuldstabilisatie een percentage dat binnen acht maanden door moet kunnen stromen naar financiële schuldhulpverlening. In kwartaalcijfers en jaarverslagen rapporteert PLANgroep over de resultaten aan de gemeente. Meer informatie over de normen die de gemeente gesteld heeft, staat beschreven in paragraaf 2.3. 2.1.4 Hoe werkt nazorg? Na afronding van het curatieve traject is het belangrijk om terugval in schulden / recidive te voorkomen: nazorg is belangrijk. Om te zorgen dat de klant na schuldsanering zelfstandig zijn/haar financiën op orde kan houden, toetst PLANgroep tijdens een of meerdere gesprekken of de gedragsverandering ook blijvend is. Als interventies opnieuw noodzakelijk zijn, stemt PLANgroep dit af met de gemeente (Bron: Jaarverslag PLANgroep, 2019). De gesprekken (maximaal vier, tot maximaal een jaar na het afronden van de schuldhulpverlening) bevatten onder andere de volgende onderwerpen: •
Hoe gaat het na de regeling met het budget?
•
Zijn er nieuwe schulden ontstaan?
•
Is er meer inzicht verkregen in het budget?
•
Zijn er veranderende omstandigheden binnen het gezin?
•
Is ondersteuning nodig bij bijvoorbeeld het opnieuw aanvragen van toeslagen etc.?
De vrijwilligers van Schuldhulpmaatje en Thuisadministratie bieden ook nazorg aan (zie hoofdstuk 4). Na de beëindiging van een traject schuldhulpverlening van drie jaar kan de vrijwilliger ondersteunen om te voorkomen dat de hulpvrager terugvalt. De vrijwilligers worden aangestuurd door een lokale (vrijwillige) coördinator/coach.
2.2 Landelijke wetgeving en richtlijnen In de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) zijn de taken van gemeenten op het gebied van schuldhulpverlening vastgelegd. Deze wet is sinds 2012 van kracht. Volgens de Wgs dient de gemeente een beleidsplan op te stellen dat in elk geval richting geeft aan: 1. integrale schuldhulpverlening, 2. toegankelijkheid schuldhulpverlening, 3. wacht- en doorlooptijden, 4. kwaliteitsborging, 5. schuldhulpverlening aan gezinnen met inwonende minderjarige kinderen om hen enigszins te behoeden voor de gevolgen van de schuldsituatie.
-16-
Wachttijd, beslistermijn en stabilisatie In de Wgs zijn termijnen opgenomen waar gemeenten aan moeten voldoen. Zo moet bijvoorbeeld als een klant zich bij de schuldhulpverlening aanmeldt, binnen vier weken een eerste gesprek plaatsvinden waar de hulpvraag van de klant wordt vastgesteld. Als een klant een formele aanvraag tot toelating in de schuldhulpverlening doet, moet binnen acht weken een besluit over toelating genomen worden. Dit is bepaald in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en wordt ook wel de beslistermijn genoemd. De schuldhulpverlening kan stabilisatie inzetten om een fase van rust te creëren, zodat een klant beter in staat is om te werken aan de aspecten die samenhangen met zijn of haar schuldenproblematiek. Stabilisatie mag volgens de aanbesteding in 2013 maximaal twaalf maanden duren. De gemeente heeft bepaald dat in 40 % van de trajecten schuldstabilisatie de klant binnen 6 tot 8 maanden klaar moet zijn om een minnelijke regeling aan te kunnen (de klant moet ‘schuldregelklaar’ zijn). Wijziging Wgs per 1 januari 2021 Vanaf 1 januari 2021 is er een wijziging in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Door de wijziging wordt geregeld dat het leveren van gegevens van klanten met beginnende schulden aan gemeenten een verplichting wordt voor leveranciers van een aantal vaste noodzakelijke levensbehoeften (signaalpartners of vaste lastenpartners).
Het betreft de schulden voor de kosten van water, energie, huur en zorgverzekering. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld. De wijziging in de Wgs maakt vroegsignalering tot een ‘algemeen belang’ en daarmee een uitzonderingsgrond voor de privacyregels in de Avg (Algemene verordening gegevensbescherming). De gemeente is vervolgens verplicht om de inwoner binnen vier weken te wijzen op de mogelijkheden van schuldhulpverlening. Dit is dezelfde termijn als wanneer een inwoner zich zelf meldt voor schuldhulpverlening. Hoe de gemeente de inwoner daarop wijst, is niet vastgelegd. Zowel een enkelvoudig signaal als combinaties van signalen op een adres zijn hiervoor aanleiding. Ook biedt de wet de benodigde juridische ruimte voor gemeenten en de vaste lasten-partners om persoonsgegevens uit te wisselen (Bron: ‘Schulden opsporen: Schudden aan de boom helpt’, https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/schulden-opsporen-schudden-aan-de-boomhelpt.15216526.lynkx?tid=TIDP487810X6A1A3D2494FF4304A512F8D66A7152E4YI5&utm_campaign=BB_NB_Soc iaal&utm_medium=email&utm_source=SMG&utm_content=223_26-11-2020, geraadpleegd op 30-11-2020; Concept tussenevaluatie pilot Op tijd Erbij). Het – inmiddels demissionaire – kabinet treft meer maatregelen om schuldhulpverlening efficiënter en breder toegankelijk te maken.
Zo komt er een verplichte reactietermijn voor schuldeisers op een voorstel voor een minnelijke schuldregeling. De verplichte reactietermijn is geen verplichting om mee te werken aan een schuldregeling, maar zorgt wel voor meer duidelijkheid en tempo in het proces. Het kabinet wilde het ook makkelijker maken voor mensen die herhaaldelijk in schulden terecht komen om opnieuw toegang te krijgen tot wettelijke schuldsanering (Wsnp-traject). Zo moeten mensen na het succesvol afronden van een Wsnp-traject of die een Wsnp-traject niet afmaken nu tien jaar wachten voordat ze opnieuw in zo'n traject terecht kunnen. Het kabinet wil dat de rechter de mogelijkheid krijgt om daarvan af te wijken wanneer mensen buiten hun schuld om binnen tien jaar opnieuw in de financiële problemen komen
-17-
(Bron: ‘Schuldeisers krijgen verplichte reactietermijn’ https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/schuldeisers-krijgen-verplichtereactietermijn.15156147.lynkx?tid=TIDP485819X07B62704D32A4AC89CF11506F87852E9YI5&utm_campaign=BB _NB_Juridisch&utm_medium=email&utm_source=SMG&utm_content=222_24-11-2020, geraadpleegd op 5-12021 en Interview PLANgroep). Richtlijnen landelijke branchevereniging NVVK en gedragscode schuldhulpverlening De NVVK (Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet) is de landelijke branchevereniging voor schuldhulpverlening, sociaal bankieren en bewindvoering. De NVVK stelt richtlijnen op voor de uitvoering van schuldhulpverlening. De gemeente Nijkerk eist van de uitvoerder van schuldhulpverlening dat hij lid is van deze branchevereniging en de gedragscode van de NVVK onderschrijft. Bij PLANgroep – de uitvoerder voor Nijkerk – is dat het geval. De gedragscode schuldhulpverlening beschrijft de kaders die van toepassing zijn op de producten en diensten die NVVK-leden kunnen uitvoeren. Op de gedragscode zijn de regels en bepalingen van de Wgs van toepassing.
2.3 Beleid en doelen van Nijkerk Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening 2016-2019 In april 2016 heeft de gemeenteraad het beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening 2016-2019 vastgesteld. Dit was de opvolger van het ‘beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening 2012-2015’. In 2013/2014 is de schuldhulpverlening opnieuw aanbesteed en de opdracht is verleend aan PLANgroep. In de uitvoering is toen een vernieuwing ingezet, namelijk het meer samenwerken met maatschappelijke organisaties en met vrijwilligers, en het meer inzicht krijgen in de mogelijkheden en belemmeringen van klanten door een screeningsinstrument te gebruiken. Die vernieuwing is in het beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening 2016-2019 voortgezet. Verder is preventie van schulden opgenomen als speerpunt in het nieuwe beleidsplan. In het beleidsplan 2012-2015 van Nijkerk waren de vijf onderdelen opgenomen die verplicht zijn volgens de Wgs (zie hierboven paragraaf 2.2). Daarnaast had de gemeente extra onderwerpen toegevoegd: 6. basisbankrekening: een bankrekening is noodzakelijk om betalingen te kunnen doen en schulden te kunnen aflossen. Op een basisbankrekening is rood staan niet mogelijk. Als de schuldhulpverlener een basisbankrekening noodzakelijk acht, ondertekent deze mede het aanvraagformulier. De klant vraagt vervolgens deze rekening aan.
Tot 2016 was dit nog niet nodig gebleken; elke aanvrager beschikte over een bankrekening of kan, zelfs met schulden, een nieuwe rekening krijgen. Tussenkomst van de schuldhulpverlener om een bankrekening te openen was niet nodig, vandaar dat de gemeente dit onderwerp niet gecontinueerd heeft vanaf 2016. Dit is ook geen verplichting vanuit de Wgs. 7. klantprofielen: door te werken met klantprofielen kan het aanbod van schuldhulpverlening beter afgestemd worden op de personen om wie het gaat. 8. resultaten schuldhulpverlening: 50% van de minnelijke schuldregelingen leidt tot een positief resultaat. Onduidelijk is wat wordt verstaan onder een positief resultaat, zie ook paragraaf 3.1 over resultaten schuldhulpverlening. -18-
9. preventieactiviteiten om te voorkomen dat mensen schulden aangaan, die ze niet kunnen afbetalen. In het beleidsplan 2016-2019 zijn bovenstaande onderwerpen gecontinueerd, behalve de basisbankrekening (zie toelichting hierboven). Beleidsregels 2014 In 2014 heeft het college beleidsregels voor schuldhulpverlening opgesteld, als nadere uitwerking van het beleidsplan 2012-2015. Daarin staan onder andere omschreven de doelgroep, wat de schuldhulpverlening precies inhoudt en verplichtingen van de klant. Deze beleidsregels zijn sindsdien niet geactualiseerd. Schuldpreventieplan 2016 In het beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening 2016-2019 is preventie van schulden als nieuw speerpunt toegevoegd. Daartoe is in 2016 een schuldpreventieplan opgesteld. Bij de totstandkoming van het schuldpreventieplan heeft het college een werksessie met raadsleden georganiseerd. Pilot vroegsignalering – Op Tijd Erbij In 2019 is de gemeente gestart met een pilot vroegsignalering van twee jaar: Op Tijd Erbij. Inwoners van Nijkerk die in de problemen dreigen te raken door schulden, kunnen eerder worden geholpen. Met deze pilot liep de gemeente vooruit op de wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening per 1 januari 2021 waarmee alle gemeenten de mogelijkheid krijgen om gegevens uit te wisselen met onder andere zorgverzekeraars (zie paragraaf 2.2).
Tot de start van de pilot in 2019 meldden alleen inwoners zichzelf aan voor schuldhulpverlening. Vaak doen ze dat pas na drie jaar of langer na hun eerste betalingsachterstand. Met de pilot wil de gemeente ervoor zorgen dat vaste lastenpartners zoals zorgverzekeraars, Vitens en de woningcorporaties betalingsachterstanden doorgeven aan de gemeente. De vaste lasten partners stellen de betreffende inwoner ervan op de hoogte dat ze de betalingsachterstand doorgeven. Daardoor kunnen inwoners eerder geholpen worden met schuldhulpverlening. Stress-sensitieve dienstverlening – november 2019 In november 2019 heeft de gemeente besloten om te gaan werken met stress-sensitieve dienstverlening. Financiële problemen trekken een wissel op het functioneren van mensen. De aanhoudende zorgen en stress dragen er bij veel mensen aan bij dat ze meer bij de dag gaan leven, meer moeite hebben om in actie te komen, vol te houden en hun emoties en verlangens te reguleren. In de afgelopen jaren is wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de ‘gijzelende’ werking van geldstress. Daaruit blijkt dat om mensen met geldstress effectief te helpen het van groot belang is dat hulpverlenende organisaties voorzien in zogenoemde ‘stress-sensitieve dienstverlening’. Dit is dienstverlening waarbij medewerkers rekening houden met de ontregelende werking van aanhoudende spanningen door geldgebrek.
Hulpverleners werken met kortetermijndoelen om schuldenaren gemotiveerd te houden, stapje voor stapje dus (Bron: intern voorstel gemeente Nijkerk voor stress-sensitieve dienstverlening, november 2019 en interviews). -19-
In 2016 zijn de Dialooggroepen Samen aan Zet van start gegaan. Een dialooggroep betrof het onderwerp ‘Armoede Nijkerk uit’. Binnen deze dialooggroep is in november 2019 voorgesteld in 2020 te starten met driedaagse trainingen stress-sensitieve dienstverlening voor alle uitvoerende teams in het Sociaal Domein en ééndaagse trainingen voor de ketenpartners. Na afloop van de cursus worden drie medewerkers van de gemeente aangesteld als trainer stress-sensitieve dienstverlening. Door middel van trainingen en begeleiding zullen zij deze werkwijze verder uitrollen en de voortgang borgen binnen de werkwijze van de gemeente, Plangroep en eventueel de ketenpartners. Tot op heden hebben deze trainingen geen doorgang kunnen vinden door de coronacrisis. Ze staan vooralsnog op de planning voor de tweede helft van 2021, mits de coronamaatregelen dit toelaten. Het Implementatieplan stress sensitieve dienstverlening is opgenomen in de agenda van het Transformatieplan Sociaal Domein. Doelen van de gemeente Nijkerk De gemeente heeft doelen gesteld op het gebied van vroegsignalering, preventie, beheersen en oplossen van schulden en nazorg. De doelen staan in verschillende beleidsdocumenten; deze bronnen noemen we in de tekst. In paragraaf 3.1 gaan we in op de vraag in hoeverre de doelen gehaald worden.
Doelen vroegsignalering – pilot Op Tijd Erbij De gemeente wil met vroegsignalering voor de inwoners het volgende bereiken (Bron: Adviesprocedure vroegsignalering schulden, Nijkerk, 2018): 1. Voorkomen van escalatie: door vroegtijdige inzet zijn schuldenaren beter in staat om schulden op te lossen waardoor escalatie wordt voorkomen. 2. Voorkomen van een oplopende schuldenlast: schulden lopen niet ‘onnodig’ en snel op door hoge boetes en incassokosten. 3. Stabiele financiële situatie: financiële problemen kunnen leiden tot psychische problemen; minder functioneren op het werk; op school en in de maatschappij. Een stabiele financiële situatie is een belangrijke basis voor het welzijn van een individu/huishouden. 4. Snelle doorverwijzing naar bestaande dienstverlening van gemeente Nijkerk. Doelen schuldpreventie De gemeente heeft als doel om zowel materiële als immateriële preventie van schulden te bereiken. Materiële schuldpreventie gaat om maatregelen die eraan bijdragen dat mensen beschikken over voldoende middelen voor een gezonde financiële huishouding. Immateriële schuldpreventie omvat interventies die gericht zijn op gedragsbeïnvloeding, zowel het gedrag dat financiële problemen veroorzaakt, als het gedrag dat kan bijdragen aan een oplossing van problemen. In paragraaf 2.1 staat beschreven hoe de gemeente wil bijdragen aan preventie van materiële en immateriële schulden.
Het doel van preventie is (volgens beleidsplan SHV 2012-2015, waarop beleidsplan 2016-2019 continueert): Doel De voorlichting aan inwoners van Nijkerk, werkgevers en intermediairs is actueel en frequent.
Beoogd resultaat Het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening neemt niet toe mede door de preventie-activiteiten omdat -20-
inwoners, werkgevers en intermediairs gebruik maken van de voorlichting en aangeboden mogelijkheden. Toelichting RKC: de gedachte hierbij is dat schulden niet ontstaan of oplopen als inwoners op tijd gebruikmaken van ondersteunende voorzieningen. Daardoor wordt de noodzaak van schuldhulpverlening voorkomen. Toch kan bekendheid van ondersteunende voorzieningen ook leiden tot meer aanvragen van schuldhulpverlening, door inwoners die al schulden hadden maar door het taboe of onbekendheid geen hulp vroegen. Doelen oplossen en beheersen van schulden In het beleidsplan schuldhulpverlening 2016-2019 zijn geen doelen geformuleerd voor het oplossen en beheersen van schulden. Er staat dat de resultaten van het beleidsplan 2012-2015 naar tevredenheid waren en dat de invulling van alle onderdelen, met uitzondering van het onderdeel basisbankrekening, daarom voor de komende beleidsplanperiode van kracht blijven (alleen de basisbankrekening verviel vanwege gebrek aan noodzaak; zie het begin van deze paragraaf). Om de doelen te achterhalen, moeten we dus kijken naar het oude beleidsplan 2012-2015. Daarin vinden we het volgende. Doel Beoogd resultaat Integrale schuldhulpverlening: Integrale schuldhulpverlening: het inschakelen van noodzakelijke ketenpartners voor voor 100% van de klanten met multiproblematiek klanten met multiproblematiek.
worden andere hulpverlenende organisaties ingeschakeld, bijvoorbeeld voor psychosociale zorg. Toegankelijkheid schuldhulpverlening: Toegankelijkheid schuldhulpverlening: het meldpunt schuldhulpverlening staat open voor alle iedereen die zich meldt voor schuldhulpverlening krijgt inwoners van Nijkerk vanaf 18 jaar met een een aanbod voor een gesprek. (dreigende) problematische schuldsituatie. Maximering doorlooptijden: de doorlooptijden blijven binnen de gestelde eisen in het aanbestedingsdocument schuldhulpverlening.
Maximering doorlooptijden: • 90% van de doorlooptijd van 2 weken voor het eerste gesprek waarin de hulpvraag wordt vastgesteld, wordt gehaald. • In 75% van de crisissituaties wordt voorkomen dat woningontruiming, afsluiting van energie/water en ontbinding van de aanvullende zorgverzekering plaats vindt. • 80% van de schuldregelingen komt tot stand binnen 120 werkdagen. -21-
Kwaliteitsborging: schuldhulpverlening in Nijkerk wordt aangeboden conform de genoemde kwaliteitsnormen van de NVVK en de gestelde eisen in het aanbestedingsdocument schuldhulpverlening. Aanwezigheid van inwonende minderjarige kinderen: gezinnen met inwonende minderjarige kinderen krijgen voorrang als er een wachtlijst is. Klantprofielen: het optimaliseren van schuldhulpverlening door te werken met klantprofielen. Trajecten schuldhulpverlening: zo veel mogelijk trajecten schuldhulpverlening leiden tot een positief resultaat.