CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

D11. Bijlage Ontwerp Fieldlab Foodvalley Waardeert - 01sept2024 - Finale Versie

Gemeenteraad 10 december 2024, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Raadsinformatiebrief gevolgen niet-vaststellen RPLG / Raadsinformatiebrief RPLG Foodvalley35.654 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Ontwerp Fieldlab Foodvalley Waardeert VOLLEDIGE VERSIE met Bijlagen vFinal - 1 september 2024

Inhoudsopgave Samenvatting .............................................................................................................................. 4 1. Fieldlab Foodvalley Waardeert ................................................................................................ 6 1.1 Wat is een fieldlab? .............................................................................................................. 6 1.2 Waarom een fieldlab in regio Foodvalley?.............................................................................. 6 1.3 De urgentie van het Fieldlab Foodvalley Waardeert ................................................................ 7 1.4 Waardering voor inspanningen van boeren ............................................................................ 9 1.5 De structuur van het Fieldlab ................................................................................................ 9 2.

Doelen van het Fieldlab ..........................................................................................................13 2.1 Bijdragen aan ecologische opgaven .....................................................................................13 2.2 Bijdragen aan ruimtelijke opgaven........................................................................................13 2.3 Bijdragen aan economische en sociale opgaven ...................................................................14 2.4 Toekomstperspectief bieden ................................................................................................15 2.5 Bevorderen communicatie en verbinden netwerken...............................................................16 3.

Samenwerkingsverband FoodValley Waardeert .....................................................................17 3.1 Regio Foodvalley ................................................................................................................17 3.2 Boeren ...............................................................................................................................17 3.3 Kennisinstanties..................................................................................................................18 3.4 Regiopartners .....................................................................................................................19 4. Onderzoekslijnen en experimenteerteams .............................................................................21 4.1 Onderzoekslijnen ................................................................................................................21 4.2 Experimenteerteams ...........................................................................................................24 5.

Werkwijze en planning............................................................................................................28 5.1 Organisatieprincipes ...........................................................................................................28 5.2 Structuur en Organisatie......................................................................................................31 5.3 Ritme van het Lab ...............................................................................................................32 5.4 Planning .............................................................................................................................33

6. Samenhang met regionale organisaties en trajecten..............................................................36 6.1 Verbinding doelsturing en gebiedsgestuurd experimenteren...................................................37 6.2 Relatie met uitvoering RPLG................................................................................................37 7. Regionale financiering............................................................................................................39 7.1 Wat is regionale financiering? ..............................................................................................39 7.2 Relevantie regionale financiering .........................................................................................40 7.3 Stappenplan regionale financiering.......................................................................................40 BIJLAGEN ..................................................................................................................................42 1.

Fieldlab Foodvalley Waardeert - uitwerking............................................................................43 1.a Regionale Opgaven ............................................................................................................43 1.b Bodem en water..................................................................................................................49 1.c ImpactLab ..........................................................................................................................52 1.d OrganisatieLab ...................................................................................................................60 1.e KennisLab ..........................................................................................................................67 2. Doelen van het Fieldlab ..........................................................................................................71 2.1 Specifieke doelstellingen .....................................................................................................71 2.2 Visie 2050 en eerste onderzoeksvragen ...............................................................................74 2.3 Werken aan een toekomstperspectief ...................................................................................78 4.

Onderzoekslijnen en Experimenteerteams .............................................................................79 4.1 Onderzoekslijnen ................................................................................................................79 4.1.1 Gezond bodem- en watersysteem .................................................................................79 4.1.2 Integrale circulariteit .....................................................................................................82 4.1.3 Brede Welvaart en Gezondheid .....................................................................................84 4.2 Experimenteerteams ...........................................................................................................86 4.2.1 PvA Gebiedsbod ..........................................................................................................86 4.2.2 PvA Bodem en Water....................................................................................................93 4.2.3 PvA Gezond product van gezond bedrijf....................................................................... 106 4.2.4 PvA Bedrijvenmeetnetwerk ......................................................................................... 111 4.2.5 PvA Leerwerkplaats Foodvalley ................................................................................... 114

Samenvatting Fieldlab Foodvalley Waardeert is ontworpen om bij te dragen aan een toekomstbestendige landbouw in de regio Foodvalley. Dit initiatief brengt een breed samenwerkingsverband van boeren, kennisinstellingen, overheden en belanghebbenden samen om toekomstbestendige landbouwpraktijken te ontwikkelen en te implementeren en genereert waarden genereert voor het gehele gebied op sociaal, ecologisch en economisch vlak. Het fieldlab stelt waardering vast voor de diverse actoren, middels meting en berekening. Het gaat om wat in de Regio Foodvalley nodig is aan gezonde natuur, schoon water, gezonde bodem en schone lucht. Het consortium bestaat uit de 9 regionaal samenwerkende gemeenten in de Regio Foodvalley, een drietal landbouwers, Aeres MBO Ede en Christelijke Hogeschool Ede en wordt ondersteund door Waterschap Vallei en Veluwe. Regio Foodvalley is een interessant gebied met een rijke agrarische geschiedenis en een sterke vertegenwoordiging van veehouderijen. De regio huisvest belangrijke kennisinstituten zoals de Wageningen Universiteit, de Christelijke Hogeschool Ede en de Aeres Groep, die bijdragen aan de educatie en ondersteuning van agrariërs en agrofood professionals. Zij wordt gekenmerkt door een hoog innovatiegehalte in de landbouw en aanverwante agrofood sector.

De regio kampt echter met uitdagingen zoals beperkte milieuruimte- en fysieke ruimte en de noodzaak om duurzame landbouwpraktijken te versterken.

Visie en Missie De visie van Fieldlab Foodvalley Waardeert is dat complexe agrarische problemen het best opgelost kunnen worden op de werkvloer in de regio, waarbij vakmensen uit verschillende disciplines samenwerken. De missie is om innovatieve oplossingen voor stikstofemissie, fijnstof, geur, bodem en water, biodiversiteit en klimaat effectief te laten landen in de praktijk. Nadrukkelijk worden ook thema’s als dierenwelzijn, diergezondheid en volksgezondheid betrokken.

Kerncomponenten van het Fieldlab Om dit te realiseren wordt de bestaande praktijk gekoppeld aan een drietal nieuwe labs: 1. LivingLab: De bestaande praktijkomgeving in de regio Foodvalley waarin regionale belanghebbenden samenwerken aan oplossingen voor opgaven van de landbouw. Dit lab richt zich op het toepassen en valideren van innovatieve landbouwpraktijken. 2. ImpactLab: Meet en monitort de bijdrage van landbouwmaatregelen aan de NPLGdoelstellingen en onderzoekt de impact op bedrijfs- en gebiedsniveau. Het lab richt zich op het borgen en belonen van effectieve maatregelen. 3. OrganisatieLab: Werkt aan de creatie en uitbouw van een ondernemend ecosysteem. Het faciliteert de samenwerking tussen verschillende stakeholders en onderzoekt nieuwe organisatorische en bestuurlijke structuren die nodig zijn voor een toekomstbestendige landbouw. 4. KennisLab: Versterkt de verbinding tussen academisch onderzoek en praktijkgericht onderzoek, en zorgt voor effectieve kennisdeling tussen agrariërs, onderzoekers en beleidsmakers.

Doelen van het Fieldlab ●

Bijdragen aan de ecologische opgaven van de landbouw in de regio: Het realiseren van oplossingen voor stikstofreductie, bodem- en waterkwaliteit, biodiversiteit en klimaatadaptatie.

●

Bijdragen aan de ruimtelijke opgave van het landelijk gebied in de regio: Het ondersteunen van agrariërs bij het omgaan met ruimtelijke uitdagingen zoals hoge grondprijzen en de zoektocht naar de beloning voor de landbouw als landschapsbeheerder.

●

Bijdragen aan economische en sociale opgaven: Het in beeld brengen van de waarde van de landbouw voor de regio en het creëren van waarderingsmechanismen voor agrariërs. Deze waardering voor duurzame landbouwoplossingen wordt breed gezien: naast financiële beloningen wordt ook gekeken naar maatschappelijke erkenning en andere vormen van waardering zoals bijvoorbeeld ruimte in vergunningverlening.

●

Ontwikkeling van toekomstperspectief voor de landbouw in de regio: Het ontwikkelen van toekomstperspectief door te rekenen aan de fysieke ruimte en de milieuruimte die er voor boeren (b)lijkt te zijn in de regio op de langere termijn.

Samenwerkingsverband Het ontwerp van het Fieldlab wordt gedragen door de 9 samenwerkende gemeenten in de Regio Foodvalley, samen met drie landbouwers, de Aeres Groep, de Christelijke Hogeschool Ede en Waterschap Vallei en Veluwe. De gemeente Ede acteert in deze als penvoerder. Dit verband werkt nauw samen met regionale, provinciale en landelijke overheden, kennisinstituten en andere stakeholders om de gestelde doelen te realiseren.

Resumé Fieldlab Foodvalley Waardeert is een integrale aanpak om de landbouwsector in de regio Foodvalley toekomstbestendig te maken door middel van innovatie, samenwerking en praktijkgericht onderzoek. Door de combinatie van het bestaande Living Lab in de regio en het op te zetten ImpactLab, OrganisatieLab en KennisLab wordt er gewerkt aan duurzame oplossingen die bijdragen aan de ecologische, economische en sociale waarde van de regio.

Leeswijzer In de eerste 40 pagina’s beschrijven we het Fieldlab Foodvalley Waardeert makkelijk toegankelijk en op hoofdlijnen. Zo krijgt iedere lezer een overzicht en introductie. Uitwerkingen en achtergronden van de verschillende onderzoekslijnen, labs, initiatieven en begrotingen zijn verplaatst naar de bijlagen. De hoofdtekst zal daarom steeds verwijzen naar deze bijlagen.

1. Fieldlab Foodvalley Waardeert 1.1 Wat is een fieldlab? Het ministerie van LNV deed in het voorjaar van 2023 een oproep voor gebieden die aan de slag willen met een ‘Gebiedsgericht Fieldlab’. “Gebiedsgerichte fieldlabs zijn praktijkomgevingen met testlocaties waar bedrijven, (regionale) overheden, onderwijs- en kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties in een gebiedsgerichte benadering samenwerken aan innovaties voor een duurzame landbouw.” Centraal staat het vinden van oplossingen voor de NPLG-opgaven en, voor ons, vooral ook over het waarderen van het werk dat hiervoor wordt verzet. Er zullen tien tot vijftien Fieldlabs in verschillende regio’s in Nederland aan de slag gaan. Daarnaast zijn er ook Fieldlabs in andere landen in Europa. Deze Fieldlabs wisselen ook onderling informatie uit. Zo kunnen ideeën worden gedeeld, getest, gedemonstreerd en opgeschaald en kunnen gemeenschappelijke knelpunten of kansen gezamenlijk worden opgepakt, bijvoorbeeld ook richting nationale en Europese overheden.

1.2 Waarom een fieldlab in regio Foodvalley? FoodValley is een gebied in centraal Nederland waar de functies wonen, industrie, landbouw, recreatie en natuur sterk verweven zijn en waar sterke clusters van MKB bedrijven aanwezig zijn, die leveren aan of afnemen van de primaire sector. Veel van deze bedrijven doen wereldwijd zaken en blijven innovatief door in de regio Foodvalley gevestigd te zijn 1. De veelal intensieve landbouw moet het deels hebben van de beschikbaarheid en het opwaarderen van voedselreststromen, afkomstig van internationaal georiënteerde voedselverwerkingsbedrijven in de regio. Kennisopbouw en digitalisering zorgen voor een verwaardingsnetwerk tussen deze voedingsindustrie en de lokale landbouw. Daarnaast kent Foodvalley een uitgebreide kennisinfrastructuur en een sterk lokaal netwerk met grote sociale cohesie dat samenwerken met korte communicatielijnen mogelijk maakt. Het fieldlab zal een model ontwikkelen waarbij besluitvorming en uitvoering door en met bestuurders en vakmensen in de regio plaatsvindt. In de regio Foodvalley werken boeren en andere belanghebbenden, de stakeholders, al jaren aan oplossingen voor de opgaven van de landbouw en een vitaal landelijk gebied.

Dat gebeurt via projecten zoals de Regiodeal Foodvalley, Interbestuurlijk Programma Vitaal Platteland, Platform Natuurinclusieve Landbouw Gelderland (PNLG), het Schone LuchtAkkoord (SLA) en vele andere grotere en kleinere projecten, zoals de 6 thema's onder het Landbouwnetwerk Regio Foodvalley. Boeren verwachten heldere doelen en richtlijnen en een financiële waardering die recht doet aan de inspanning en het maatschappelijk resultaat. Het past beter bij ondernemers om te sturen op doelen dan dat zij maatregelen krijgen opgelegd. Hun oproep: vertel ons wát we moeten bereiken, niet hóe we dat moeten doen, en ondersteun ons bij het halen van die doelen2. Dat is precies waar het Fieldlab Foodvalley Waardeert op wil inzetten. De opgaven in regio Foodvalley zijn groot. Vrijwel alle boeren in de regio hebben het stempel ‘Piekbelaster’ gekregen vanwege de keus om te kijken naar de aanwezigheid van kleinere en grotere N2000 gebieden binnen een straal van 25km, waarbij de Veluwe de allergrootste 1

www.regiofoodvalley.nl/Onderzoeksrapport_AgriFoodmonitor_Regio_Foodvalley_2022_-_febr2023.pdf

2 IPO zienswijze NPLG - maart 2024

uitdaging vormt. De minister van Natuur en Stikstof heeft in juni 2023 aangegeven dat boeren die ‘piekbelaster’ zijn, en uiteindelijk alle boeren, een ondernemingsplan moeten maken om aan te geven hoe zij gaan werken aan de landbouwopgaven. In 2024 wordt een pilot voorbereid om juist in de regio Foodvalley te gaan kijken hoe deze plannen er uit gaan zien. Binnen dit traject loopt ook de zoektocht naar het omschakelen van middelsturing naar doelsturing. Juist op het gebied van bodem en water is doelsturing lastig, maar zijn er al wel diverse maatregelen bekend die aantoonbaar een positieve bijdrage leveren aan het bodem en watersysteem. In de regio geloven we dus dat we ook de juiste inspanningen van boeren moeten stimuleren en belonen. Een analyse van de opgaven en de oplossing doelsturing is te vinden in bijlage 1a. Naast de Veluwe kent de regio een uitgebreid bekensysteem met flanken en dalen. Regio Foodvalley valt onder het Waterschap Vallei en Veluwe (WVV) en het totale gebied van WVV is aangewezen als Nutriënt Verontreinigd Gebied. De regio strekt zich uit vanaf de hoge en droge Veluwe naar de lagergelegen beekdalen. Er ligt een grote opgave op het gebied van water vasthouden en waterkwaliteit verbeteren.

De regio is gestart met het in beeld brengen van de daadwerkelijk ammoniakemissie en -depositie en wil ook meer en beter meten aan waterkwaliteit en waterkwantiteit evenals de bodemkwaliteit. De ambitie bij de deelnemers aan het fieldlab is om daarmee aan bij te dragen. Zie bijlage 1b. voor verdere analyse van het bodem- en watersysteem en de opgaven. Het Fieldlab bouwt voort op en sluit aan bij andere lopende projecten en programma’s •

Pilot ondernemingsplannen van het ministerie van LVVN en Deloitte

•

De Regiodeal Foodvalley, onderdeel www.boeraanhetroer.nl

•

Het Schone LuchtAkkoord

•

Het Manifest Gezonde Leefomgeving Veehouderij

•

Regionaal Perspectief Landelijk Gebied (RPLG)

1.3 De urgentie van het Fieldlab Foodvalley Waardeert Het is al sinds de Tweede Wereldoorlog zo dat elke 20 jaar het aantal boeren halveert, in combinatie met het vergroten van de bedrijven van overblijvende boeren. In de Strategische Agenda 2026 - 2030 van de regio Foodvalley staat dat de regio minimaal 800 boeren wil overhouden als ondergrens. Minimaal 800 boeren zijn nodig om het landschap te beheren, reststromen hoogwaardig te verwerken, voedsel te produceren en op deze manier een bijdrage te leveren aan het kennis en innovatiesysteem van de regio. Aangezien er nog maar zo’n 1600 bedrijven in de regio aanwezig (zijn waarvan een groot deel geen opvolger heeft) begint de kritieke ondergrens in zicht te komen. Dit Fieldlab richt zich op duurzaam toekomstperspectief voor boerenbedrijven als onderdeel van een kwalitatief goed onderhouden landelijk gebied. Met de ontwikkelingen van de afgelopen jaren waarin van de boeren onder andere steeds verdere verduurzaming (van lucht, bodem en water) wordt verlangd, naast de gewenste dierwelzijn- en gezondheidsverbeteringen en de energietransitie, wordt het steeds lastiger om nog een boterham te verdienen. De meeste recente ontwikkelingen van het verlies van derogatie en het niet meer mogen bemesten van bufferstroken leiden tot een koude sanering van met name de melkveehouderij. In januari verscheen hierover een rapport van Wageningen

Economic Research (WEcR) over de melkveehouderij en in april volgde een rapport over de kalver-, pluimvee-, en varkenshouderij. De conclusie: goed boeren kunnen boeren niet alleen. www.wur.nl/verduurzaming-landbouw-heeft-grote-financiele-gevolgen-voor-boeren-hulp-van-deoverheid-is-nodig en www.wur.nl/transitie-intensieve-veehouderij-niet-haalbaar-zonder-steun

Het verdwijnen van melkveebedrijven zorgt vaak ook voor het verdwijnen van blijvend grasland omdat deze gronden worden ingezet voor akkerbouw. Voor de waterkwaliteit is dit niet een gewenste ontwikkeling. Daarnaast maken organisaties als Boerennatuur zich zorgen over het teruglopend aantal boeren die natuur en landschap beheren 3. Deze urgentie wordt gevoed door de volgende factoren: •

Milieu- en Klimaatveranderingen: De landbouwsector staat onder grote druk om bij te dragen aan de vermindering van stikstofemissies en de verbetering van bodem- en waterkwaliteit. Klimaatverandering vereist aanpassing en mitigatie, waarbij boeren worden uitgedaagd om duurzamer te produceren en hun bedrijfsvoering aan te passen aan extreme weersomstandigheden.

•

Economische Druk: Veel boeren staan onder economische druk door stijgende kosten en dalende inkomsten. De noodzaak om te investeren in duurzame technieken en praktijken zonder directe financiële opbrengst maakt het voor veel boeren moeilijk om de noodzakelijke veranderingen door te voeren.

•

Regelgeving en Beleid: Veranderende regelgeving, zoals de strengere eisen voor stikstofuitstoot, vraagt om snelle aanpassing en implementatie van nieuwe werkwijzen. Boeren hebben ondersteuning nodig om te voldoen aan deze regels zonder hun bedrijfseconomische basis te verliezen.

•

Sociale Druk en Maatschappelijke Verwachtingen: De samenleving verwacht steeds meer van boeren op het gebied van dierenwelzijn, milieu en landschapsonderhoud. Boeren moeten balanceren tussen deze verwachtingen en hun bedrijfsvoering, wat extra druk op hen legt.

Het Planbureau voor de Leefomgeving4 benoemde jaren terug al de vier padafhankelijkheden waar boeren mee te maken hebben. Deze factoren maken het lastig om met voldoende snelheid te reageren op de opgaven die op hen afkomen: 1. Materiele afhankelijkheid: alternatieve verdienmodellen zijn lastig omdat boeren al hebben geïnvesteerd in grond, technologie en bedrijfssystemen en daar voor langere tijd aan vast zitten 2. Cognitieve afhankelijkheid: de opgebouwde kennis en ervaring is gericht p de huidige bedrijfsmodellen en de huidige manier van werken 3. Financiele afhankelijkheid: een bank zal niet snel een lening verstekken voor een nieuw soort investering met een nieuw businessmodel

3

mededeling Hermen Vreugdenhil, directeur Boerennatuur Rivierenland

4 https://www.pbl.nl/publicaties/naar-een-wenkend-perspectief-voor-de-landbouw

4. Regulatieve afhankelijkheid: het is voor overheden lastig om wet- en regelgeving met dezelfde snelheid aan te passen als waarmee innovatie nodig is. Het Fieldlab erkent deze padafhankelijkheden en ondersteunt daarom de boerenoplossingen die in het LivingLab worden getest met de drie ondersteunende Labs die werken aan Impact (waarbij ook gekeken wordt naar financiele impact), Organisatie (waaronder regulatieve beperkingen) en Kennis.

1.4 Waardering voor inspanningen van boeren Om deze uitdagingen aan te pakken, is waardering voor de inspanningen van boeren essentieel. Dit betekent niet alleen financiële compensatie, maar ook maatschappelijke erkenning en beleidsmatige ondersteuning. Het Fieldlab Foodvalley Waardeert zet in op de volgende waarderingsmechanismen: 1. Financiële Waardering: Het Fieldlab ontwikkelt modellen voor (financiële) beloning van boeren die bijdragen aan de regionale doelstellingen voor stikstofreductie, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Dit omvat betalingen voor ecosysteemdiensten, subsidies voor duurzame investeringen en beloningen voor deelname aan pilotprojecten. 2. Maatschappelijke Waardering: Erkenning van de rol van boeren in het behoud en de verbetering van het landschap, biodiversiteit en voedselproductie. Ook wordt gekeken naar de sociale bijdrage van de landbouw aan de regio. Dit gebeurt door middel van onderzoek en communicatie, en ondersteuning in de zoektocht naar certificering van duurzame praktijken en samenwerking met maatschappelijke organisaties. 3. Beleidsmatige Ondersteuning: Het Fieldlab werkt nauw samen met overheden om knelpunten in regelgeving weg te nemen en beleidsinstrumenten te ontwikkelen die boeren ondersteunen in hun transitie naar duurzame landbouw.

Dit kan onder andere de volgende zaken omvatten: het vereenvoudigen van vergunningprocedures, het aanbieden van advies en ondersteuning bij de implementatie van nieuwe technieken en het ontwikkelen van een langetermijnvisie voor de landbouwsector.

1.5 De structuur van het Fieldlab Het Fieldlab Foodvalley Waardeert richt zich op diverse oplossingsrichtingen voor uitdagingen op het gebied van emissiereductie, klimaat, bodem en water, en biodiversiteit. Deze oplossingsrichtingen worden in de praktijk vaak belemmerd door knelpunten op het gebied van borging, waardering, kennis, en organisatie en bestuur. Het Fieldlab ondersteunt experimenten in de praktijk met drie labs in de praktijk van het gebiedsgestuurde LivingLab Foodvalley: 1. LivingLab: De praktijkomgeving in de regio Foodvalley waarin regionale belanghebbenden samenwerken aan oplossingen voor de opgaven van de landbouw, zoals deze onder andere verwoord worden in het Regionaal Perspectief Landelijk Gebied regio Foodvalley. Dit lab richt zich op het experimenteren met en valideren van innovatieve landbouwpraktijken.

De drie labs die hieronder worden genoemd zijn de essentie van het Fieldlab Foodvalley Waardeert: zij organiseren de randvoorwaarden om innovatie landbouwpraktijken volhoudbaar te implementeren in de praktijk. 2. ImpactLab: Dit lab meet en monitort de bijdrage van landbouwmaatregelen aan de doelstellingen en onderzoekt de impact op bedrijfs- en gebiedsniveau. Het lab richt zich op het borgen en belonen van effectieve maatregelen. 3. OrganisatieLab: Werkt aan de creatie en uitbouw van een ondernemend ecosysteem. Het faciliteert de samenwerking tussen verschillende stakeholders en onderzoekt nieuwe organisatorische en bestuurlijke structuren die nodig zijn voor een toekomstbestendige landbouw. 4. KennisLab: Dit lab versterkt de verbinding tussen academisch en praktijkgericht onderzoek, en zorgt voor effectieve kennisdeling tussen agrariërs, onderzoekers en beleidsmakers. Het Fieldlab werkt aan de uitbouw en vergroting van een 'ondernemend ecosysteem' waarin oplossingen en innovaties worden uitgeprobeerd, gevalideerd, geborgd en uitgerold om impact te genereren op de NPLG-doelstellingen. Dit ecosysteem is gestart vanuit de betrokken organisaties bij het 'triple helix' georganiseerde Landbouwnetwerk Regio Foodvalley en verder bekrachtigd in de Regiodeal Foodvalley. Zij omvat niet alleen boeren, maar ook ambtenaren, ketenpartijen, onderzoekers en andere stakeholders.

We werken in de regio Foodvalley aan waarde en dat doen we met vakmensen en samen voeren we praktijkonderzoek uit middels experimenten:

De uitwerking van deze experimenten is te vinden in de bijlagen 4.2.1 – 4.2.5.

Uitwerking Experimenteerlab's Belangrijk daarbij is om in het traject van ‘oplossingsrichting tot implementatie’ inzicht te krijgen in waar het stokt en om hier gezamenlijk oplossingen voor te vinden. Dit vraagt dat we zicht houden op de (mogelijke) oplossingsrichtingen die interessant zijn of in het gebied al worden uitgeprobeerd, meten wat de impact hiervan kan zijn, bepalen onder welke voorwaarden deze impact kan worden geborgd en beloond, en dit ook daadwerkelijk uitproberen (actie onderzoek binnen een praktijkomgeving). We gaan hier mee aan de slag met het Fieldlab onderdeel dat

we ‘ImpactLab’ noemen. Het ImpactLab meet de bijdrage van maatregelen aan de opgaven, maar meet ook de impact op bedrijfsniveau. Hoe gaan grondstoffen en geldstromen door een bedrijf en wat is nodig op gebied van borgen en belonen om de maatregel mogelijk te maken? Zie bijlage 1c. het ImpactLab voor meer achtergrond. Verder hebben we te maken met problematiek die verschillende disciplines, ‘werelden’ en instituties raken. Deze kom je vooral concreet en praktisch tegen door in de praktijk aan de gang te gaan met elkaar. Met regelmaat komt bijvoorbeeld het vraagstuk van eigenaarschap op tafel of de noodzaak van een hoger aggregatieniveau (voorbij dat van één individuele boer) van een verdienmodel. Wie neemt nu regie wanneer een uitdaging of kans meerdere stakeholders raakt? We zoeken naar manieren om dit soort vragen te beantwoorden, om zo gezamenlijk regie te nemen en om ruimte te ontwikkelen en bewaken voor een ‘ondernemend ecosysteem’ met ondernemende boeren, ambtenaren, ketenpartijen en onderzoekers. Dit vraagt om georganiseerde regionale samenwerking en de verkenning van mogelijke institutionele veranderingen voor het landelijk gebied, zoals ten aanzien van de verhouding tussen overheden onderling en tussen overheden en boer/ burger. Dit heet het ‘OrganisatieLab’. Zie bijlage 1d.

Ondanks alle inspanningen van betrokken instanties moeten we concluderen dat er voor een toekomstbestendige landbouw in samenhang met natuur en wonen een hiaat is in kennisontwikkeling en -deling. We zoeken naar effectieve manieren om dit te verbeteren. Er wordt veel kennis opgedaan bij individuele projecten, maar daar wordt nog te weinig op voortgebouwd. Er is ook veel kennis te vinden in rapporten met goede aanbevelingen. Wie pakt deze aanbevelingen nu op om hier in de praktijk kennis mee op te doen? Ten aanzien van de boerendoelgroep zoeken we ten eerste de samenwerking met Aeres MBO uit Barneveld, omdat daar de boeren van de toekomst worden opgeleid. Juist de praktisch gerichte ondernemers willen we graag ook kennis laten maken met nieuwe manieren van denken en werken rondom thema’s als bodem, water en biodiversiteit 5. Daarnaast willen we de kennisketen sluiten (zoals de lopende bodemcursus), willen we uitvinden hoe kennis gezamenlijk wordt gegenereerd en bouwen we aan experimenteerteams met agrarische ondernemers, docenten en ambtenaren (ook wel Communities of Practice genoemd). Het kunnen acteren op nieuwe kennis vraagt vanuit elke betrokkene (de agrariër en ook de gemeenteambtenaar, omgevingsdienst, of waterschapsmedewerker) andere voorwaarden.

Naast de Aeres MBO uit Barneveld is hiervoor ook de Christelijke Hogeschool Ede betrokken met hun perspectief op nieuw bestuur (‘dienstbaar organiseren’) en effectieve samenwerking binnen ‘een ondernemend ecosysteem’. Zie bijlage 1e: het KennisLab. Met dit fieldlab komen dus verschillende instrumenten bij elkaar voor het kunnen realiseren en valideren van oplossingen in de praktijk. Daarbij sturen we op strategische doelen, landelijk, provinciaal en regionaal vanuit overheden, in samenwerking met ondernemers en onderwijs & onderzoeksinstellingen. Onderstaand schema geeft hierin de samenhang weer:

We sluiten andere (groene) opleidingen niet uit, maar maken in elk geval een duidelijke start met het groene MBO in Barneveld. 5

2. Doelen van het Fieldlab 2.1 Bijdragen aan ecologische opgaven Het instrument Gebiedsgericht Fieldlab wordt ingezet om integraal in een gebied te werken aan de diverse opgave waar de landbouw mee te maken heeft: reductie van emissies, bodem & water en klimaat, natuur (biodiversiteit en stikstof). a. Reductie van emissies Het Fieldlab sluit aan bij de diverse onderzoeken en experimenten die werken aan reductie van ammoniak, broeikasgassen en fijnstof. In eerste instantie is er specifieke aandacht voor de bijdrage van management aan de reductie van ammoniak. Boerengroepen experimenteren en leren wat daar mogelijk is. De klimaatopgave is voor boeren nog actueler geworden doordat Europa startte met de CSRDopgave: er komen meer mogelijkheden voor boeren om beloond te worden voor een lagere CO2 uitstoot. Veel van deze mogelijkheden zijn nog in een experimenteerfase. b. Verbetering van bodem- en waterkwaliteit Een centrale focus ligt op de implementatie van duurzame bodem- en waterbeheerpraktijken. Dit omvat technieken zoals niet-kerende grondbewerking, evenwichts- en precisiebemesting en de inzet van nieuwe gewassen en groenbemesters. Zo kan de bodem meer water vasthouden en wordt nutrientenuitspoeling vermindert. c. Verhogen van biodiversiteit Het verlagen van stikstofemissie is een belangrijke voorwaarde voor biodiversiteit. Daarnaast begint biodiversiteit in de bodem.

Zo leggen de twee bovenstaande doelen een goede basis voor biodiversiteit. Er komt volop budget voor agrarisch natuurbeheer. Het goed en integraal laten landen van natuurbeheer in bedrijfsvoering vraagt aandacht. Hier kunnen de drie ondersteunende labs een rol spelen. Juist ook de verbinding tussen bedrijven via adequate en kwalitatief hoogwaardige groen-blauwe dooradering kan echte zoden aan de dijk zetten. Het Fieldlab zorgt dat verder werken mogelijk wordt gemaakt en draagt bij aan de implementatie van deze doelen door inzet van de drie ondersteunende labs. Meten en monitoren is de eerste stap, borgen en belonen een tweede. Daarnaast worden eventuele knelpunten in wet- en regelgeving actief opgepakt.

2.2 Bijdragen aan ruimtelijke opgaven Aandacht wordt besteed aan de complexe ruimtelijke vraagstukken in de regio. De opgaven die voorliggen op gebied van wonen, energietransitie, natuur en extensivering van de landbouw vragen om ruim twee keer het beschikbare areaal. Grondgebonden boeren in de regio ervaren dat het ‘extensiveren’ dat veelal genoemd wordt als oplossing in de regio Foodvalley een grote uitdaging is. Door de grote vraag naar grond vanuit wonen, energie en natuur stijgen de prijzen in deze regio harder dan in andere regio’s.

Ook nam het areaal landbouwgrond in de afgelopen twintig jaar in de regio harder af dan in Nederland als geheel6. De regio deed een Regionale Ruimtelijke Verkenning om alle opgaven die grond vragen in beeld te brengen. Daarnaast maakte Wageningen Environmental Research (WEnR) een landbouwscenariostudie voor de regio Foodvalley. Deze studie heet Verkenning naar Ruimtegebruik Landbouw 2050 voor Regio Foodvalley. Beide documenten zijn via deze link te vinden: www.regiofoodvalley.nl/regionale-ruimtelijke-verkenning Het ruimtebeslag is een groot en complex vraagstuk waarin de opgaven voor onder andere landbouw, wonen, natuur, infrastructuur en energietransitie samenkomen. d. Een bijdrage leveren aan het vraagstuk rondom landbouwgrond Vanuit het Fieldlab actief meedenken over en mee rekenen aan mogelijke instrumenten om boeren toegang te geven tot betaalbare gronden en landbouwgronden te beschermen. e. Integreren van inzichten uit eerdere studies De diverse genoemde studies worden actief meegenomen bij het (door)rekenen van de impact van oplossingen in het ImpactLab

2.3 Bijdragen aan economische en sociale opgaven Met het rapport ‘Goed boeren kunnen boeren niet alleen’ (2019) zette minister Carola Schouten het thema ‘Verdienvermogen’ op de agenda. In 2020 kwam deze minister met de Ondernemerschapsagenda met daarin een overzicht van zaken die het ondernemerschap van de boer vooruit helpen en waar het ministerie aan gaat werken. www.tweedekamer.nl/goed-boeren-kunnen-boeren-niet-alleen over-de-agrarische-ondernemerschapsagenda

en

www.rijksoverheid.nl/kamerbrief-

Dat dit thema ontzettend taai is blijkt in de jaren daarna steeds meer: het landbouwakkoord komt er niet omdat juist het verdienvermogen niet gegarandeerd kan worden. Tegelijkertijd zijn betrokken partijen het erover eens dat de verschillende tafels waar de dialoog werd gevoerd wel degelijk nuttig zijn geweest, ondanks de uiteindelijke uitkomst. Het goede gesprek over de waarden die boeren (kunnen) leveren en de (financiële) waardering hiervoor moet gevoerd worden. In de Regio Foodvalley zijn in de afgelopen jaren enkel waardetafels georganiseerd vanuit het Platform Natuurinclusieve Landbouw Gelderland (www.pnlg.nl). De Natuurverdubbelaars voerden dit uit en leverden een rapport op over de waarden van de landbouw voor de regio Foodvalley. Dit rapport is een prima basis om op verder te bouwen. Daarnaast is een handreiking opgeleverd om te komen tot een gebiedsofferte. Met een gebiedsofferte kunnen boeren vanuit een gebied een bod doen waarmee ze laten zien hoe ze kunnen bijdragen aan de opgaven van hun gebied en wat ze daarvoor nodig hebben: www.natuurinclusievelandbouwgelderland.nl/gebiedswaardering-natuurinclusief-boeren-pilotfoodvalley/

Afgezien van bovenstaande rapporten zijn er meer mogelijkheden om waardering te organiseren voor de landbouw. Zo vraagt het minder uitstoten van stikstof en CO 2 ook om een waardering om zo de maatregelen die ervoor nodig zijn te kunnen organiseren. Een ander Fieldlab dat hieraan werkt is het Fieldlab Groene Hart dat specifiek werkt aan oplossingen voor melkveehouders en ook voor ex-melkveehouders die zonder koeien willen verder boeren. Zij 6

16% versus 8%; Venema et. al., Landbouwstructuuranalyse regio Foodvalley, 2022

werken actief aan het verwaarden van de niet-gebruikte stikstofruimte en worden daarin ondersteund vanuit diverse provincies, waaronder Zuid-Holland. Met dit Fieldlab is regelmatig contact. Ook de sociale aspecten worden in beeld gebracht. De landbouw is een belangrijke pijler in de sociaal-economische samenhang van het landelijk gebied. f. In beeld brengen waarde(n) van de landbouw voor de regio Implementeren van inzichten uit eerdere rapporten die aangeven wat de omzet van het agrofoodcomplex is en/of breed kijken naar de waarde(n) die boeren (kunnen) toevoegen aan de regio (Brede Welvaart). g. Meten aan de impact van de oplossingen voor opgaven Het ImpactLab meet en rekent concreet aan de impact van de oplossingen, maar rekent ook aan de kosten en (benodigde) beloningen van die oplossingen h. Uitwerken en toepassen van de handreiking voor gebiedsoffertes In een gebiedsoffertes geeft een groep boeren aan welke oplossingen zij kan bieden voor gebiedsopgaven: deze zijn/worden doorgerekend en er wordt gevraagd om passende vergoedingen. i. Ontwikkelen van nieuwe verdienmodellen Op regionale schaal zoeken naar de juiste beloning voor het bijdragen aan de opgaven. Op het gebied van waterkwaliteit en waterbergend kunnen beloningen voor blauwe diensten worden ontwikkeld. j.

Financiële waardering en ondersteuning Financiële ondersteuning vormt een cruciaal onderdeel van de economische doelen. Het Fieldlab faciliteert financiële compensatie en subsidies voor boeren die bijdragen aan regionale duurzaamheidsdoelen. De toegang tot financiering en investeringen voor duurzame technologieën wordt vergemakkelijkt, met erkenning van de urgentie om boeren te ondersteunen bij de transitie naar duurzame landbouw. k. Waarde van niet-gebruikte stikstof Onderzoeken van mogelijkheden om de niet-gebruikte stikstofruimte te verwaarden, geïnspireerd door initiatieven zoals het Fieldlab Groene Hart.

2.4 Toekomstperspectief bieden l. Meedenken over en rekenen aan een toekomstperspectief voor de landbouw in de regio Foodvalley Hieronder valt het uitwerken en implementeren van het toekomstbeeld op hoofdlijnen, zoals beschreven in bijlage 2a: Toekomstvisie, maar ook het actief meewerken aan en verder uitwerken van de opdracht waaraan WEnR werkt voor de regio. Op 10 juni 2022 verscheen de perspectiefbrief van minister Staghouwer. Deze brief bleek vol te staan met handelingsperspectief en er was geen toekomstperspectief in te lezen. Voor een aantal boeren en ambtenaren voelt het Regionaal Perspectief van het Landelijk Gebied (RPLG) van de regio ook zo: zij ervaren nog geen toekomstperspectief vanuit dit plan. In de

Regio Foodvalley wordt hier al langer over na gedacht. In 2021 is een Memo Ruimtelijk Economisch Perspectief geschreven en op basis hiervan is een opdracht verstrekt aan Wageningen Economic Research (WEcR) en Wageningen Environmental Research (WEnR). In juli 2022 is door WEcR een eerste document opgeleverd: de Landbouwstructuuranalys e: research.wur.nl/landbouwstructuur-in-regio-foodvalley-en-gemeenten-bunschoten-leu

In het voorjaar van 2024 is gewerkt aan een concrete opdracht aan Wageningen Environmental Research (WEnR) om een volgende stap te zetten: rekenen aan een toekomstscenario / toekomstperspectief voor de landbouw in de Regio Foodvalley. Het eigenaarschap van publieke instanties van de landbouwopgave wordt toenemend gevoeld in de regio Foodvalley en hierop wil het Fieldlab aansluiten. Tijdens het opstellen van het ontwerp van het Fieldlab zijn diverse gesprekken gevoerd over deze behoefte aan visie en toekomstperspectie en een toekomstvisie op hoofdlijnen is beschreven. Deze is aangevuld met data en onderzoeksvragen en is te lezen in bijlage 2a. 'Toekomstvisie'. Meer over 'Handelingsperspectief' is te lezen in bijlage 1c. ImpactLab.

2.5 Bevorderen communicatie en verbinden netwerken m. Samenwerking en Netwerken In de regio Foodvalley zijn diverse netwerken en overlegstructuren actief. Zo is er een actieve LTO afdeling Gelderse Vallei, twee actieve AJK afdelingen (Ederveen en Stroe-Wekerom) en is er een landbouwnetwerk regio Foodvalley, waarin diverse stakeholders zich samen hard maken voor toekomst voor de landbouw. Daarnaast zijn er ambtelijke en bestuurlijke overleggen waarin ambtenaren van verschillende overheden met elkaar overleggen. Ook is er een regionale Economic Board waarin ondernemers, onderwijs & onderzoek en overheden vertegenwoordigd zijn. Dit board kan gevraagd en ongevraagd advies geven. Er ligt een goede basis van overlegstructuren en organisaties. In de praktijk werkt overleg onderling vrij goed, al is verbetering mogelijk in de analyse van wat goed gaat en versterkt kan worden en wat beter kan of moet. Daarnaast kan er vanuit het werken aan knelpunten op de werkvloer ook helder worden hoe de samenwerking en communicatie beter kan worden georganiseerd en afgestemd.

Conclusie Het Fieldlab Foodvalley Waardeert streeft naar een integrale benadering van duurzaamheid door het combineren van ecologische, economische en sociale doelstellingen in de beschikbare ruimte. Door innovatieve oplossingen te ontwikkelen, samenwerking te bevorderen en boeren te ondersteunen en waarderen, draagt het Fieldlab bij aan de transitie naar een duurzame en toekomstbestendige landbouwsector als onderdeel van een florerend landelijk gebied in de regio Foodvalley. De urgentie van deze aanpak wordt onderstreept door de huidige ontwikkelingen in de landbouwsector, waaronder het verlies van derogatie en de uitdagingen rond bemesting van bufferstroken. Het Fieldlab erkent het belang van het behoud van een kritische massa van minimaal 500 boeren in de regio, zoals vastgesteld in de Strategische Agenda van 2019, om het landschap te beheren, reststromen te verwerken, voedsel te produceren en bij te dragen aan het kennis- en innovatiesysteem van de regio. Met deze geïntegreerde aanpak beoogt het Fieldlab een significante bijdrage te leveren aan een veerkrachtige, duurzame en gewaardeerde landbouwsector in de regio Foodvalley.

3. Samenwerkingsverband FoodValley Waardeert Hieronder beschrijven we het netwerk van het Fieldlab. We beschrijven het samenwerkings verband, en duiden daarna enkele groepen boeren en betrokkenen en experimenteerteams. Het samenwerkingsverband van Fieldlab Foodvalley Waardeert bestaat uit de volgende organisaties, met gemeente Ede als penvoerder richting RVO: •

9 samenwerkende gemeenten Regio Foodvalley (+ externe experts)

•

Drie boeren (in samenwerking)

•

Aeres MBO Ede

•

Christelijke Hogeschool Ede (CHE)

Het Fieldlab wordt actief ondersteund en werkt nauw samen met regiopartners: •

Waterschap Vallei en Veluwe (treedt mogelijk toe tot het Fieldlab)

•

Landbouwnetwerk Regio Foodvalley

•

Regionale Samenwerkingsverbanden (LTO / AJK's)

•

Provincie Utrecht

•

Provincie Gelderland

3.1 Regio Foodvalley Gemeente Ede fungeerde in de ontwerpfase als kartrekker en penvoerder van het Fieldlab met Gerdien Kleijer als projectcoördinator en adviseur Landbouw en Natuur. Vanaf 2025 zal regio Foodvalley deze rol overnemen van gemeente Ede. Het ontwerpteam wordt verder gevormd door de externe experts: •

Wilbert Hilkens van Food Insights

•

Pascal Hazeleger van Stichting WE Studios

•

Xander Pieterse van WE Labs

3.2 Boeren De mogelijkheid om een aanvraag in te dienen voor het maken van een ontwerp voor een fieldlab bereikte de regio in het voorjaar van 2023. Daarop is een zgn. EIP-aanvraag ingediend voor een gebiedsgericht fieldlab. Er waren drie landbouwers nodig die de aanvraag mee indienden en deze zijn vlot gevonden. Het hadden in theorie ook andere landbouwers kunnen zijn, want in de regio zijn veel meer boeren actief met het werken aan innovatieve oplossingen. We kennen vele slimme en ondernemende pluimveehouders, kalverhouders, varkenshouders, melkveehouders, akkerbouwers, loonwerkers, groententelers en ook ondernemers die actief zijn op het gebied van verticale teelten, notenteelten en het kweken van insecten. Via andere regionale trajecten en projecten, zoals de Regiodeal Foodvalley met het Bedrijvenmeetnetwerk en het platform Korte Ketens zijn tientallen boeren in beeld die zinvol hadden kunnen

bijdragen. Wat onderstaande boeren kenmerkt is dat zij in elk geval actief bezig zijn met het thema Bodem & Water en ervaren dat dit vrij urgent is.

Onderstaande landbouwers zijn innovatieve ondernemers, maar zij zijn vooral een afspiegeling van het menselijk kapitaal in de regio: Jan Dirk van de Voort is een (biologische) melkveehouder die in 2004 stopte met gebruik van antibiotica, vaccins en ontwormingsmiddelen en zo in een zoektocht belandde naar het gezond houden van koeien zonder dergelijke middelen. Dat leidde tot een sterke focus op een gezonde kringloop. Het eerste onderdeel daarin zijn de Jersey koeien: robuuste koeien met een minder hoge productie. Een tweede aandachtspunt is een gezonde bodem die niet of zo min mogelijk wordt beroerd (dus niet diepploegen) zodat een mycorhhizaesysteem ontstaat en intact blijft. Een derde aspect is het pensgericht voeren van koeien: met een basis van gras en hooi, aangevuld met geplette granen voor energie en enzymen, aangevuld met kruiden met elk hun specifieke eigenschappen en gezondheidswaarden. Gezondere koeien in een gezonder systeem levert volgens Jan Dirk een kostenbesparing op, en een gezonder product. Dat gaan we onderbouwen. Dennis Minnen is kalverhouder, maar vooral ook een akkerbouwer en loonwerker die al jaren lang minder of niet ploegt. Op die manier bouwt hij expertise op rondom met niet-kerende grondbewerking, wat hij wilde onderbouwen en delen.

Hij raakte betrokken bij een groep melkveehouders die aan de slag wilden met kruidenrijk grasland en daarna ook met anders mais telen en het telen van andere gewassen. Hij heeft inmiddels onder andere een T-slot doorzaaimachine van Novag. Zijn ambitie is om het gedachtengoed van niet-kerende grondbewerking breed te delen en ook te laten zien hoe dat in de praktijk kan werken. Hij experimenteert volop en volgt cursussen in binnen- en buitenland. Zijn droom is om die kennis verder en breder te ontwikkelen door meer kennisdeling naar het gebied te halen en meer boeren en loonwerkers hiervan kennis te laten nemen. Verder is hij op zoek naar betere onderbouwing van wat hij doet: hoe(veel) draagt dit nu bij aan de NPLG opgaven? Conny van den Top heeft met haar man een bedrijf met melkvee en een biologisch pluimvee in De Valk. Haar bedrijf grenst aan de Valkse Beek. Ze experimenteert met bedrijfsecosystemen. In de uitloop van de kippen heeft ze walnotenbomen geplant: ze ziet hierin een win-win-win situatie: de bomen geven schaduw aan de kippen, de kippen eten de wormen die gaatjes boren in de noten en de bomen gaan CO 2 vastleggen en noten leveren. Conny wil samen met enkele andere boeren in De Valk een gebiedsbod organiseren en is actief betrokken in dit buurtschap.

Samen met andere boeren ziet ze volop kansen om meer en beter water vast te houden in de bodem en in de beek en om biodiversiteit te verbeteren. Een eerder gebiedsproces stokte omdat de precieze doelen voor het gebied nog niet duidelijk waren. De vraag is nu: is het mogelijk om vanuit het gebied zelf met een gebiedsbod te komen? Conny experimenteert met dubbeldoelkippen die gevoerd worden met omega-3 rijk voedsel en kruiden en eieren leggen die vrij zijn van ontwormings-middelen en volop omega-3 vetzuren bevatten. Deze boeren werken samen met andere boeren in diverse groepen: later in dit ontwerp meer daarover.

3.3 Kennisinstanties Stichting Aeres: De Aeres groep bestaat uit diverse groeneopleidingen op MBO en HBO niveau en daarnaast kent zij ook expertisecentra zoals het PEC (Poultry Expertise Centrum) en het CEC (Calf Expertise Centrum). Deze expertisecentra zijn ook de spin in het web bij de

uitwerking van het Manifest Gezonde Leefomgeving Veehouderij emissiereductie via het Praktijkcentrum Emissiereductie Veehouderij.

dat werkt

aan

Daarnaast zijn zowel de MBO als de HBO opleidingen gericht op het opleiden van boeren en erfbetreders. In de praktijk gaat het onderwijs regelmatig kijken bij boeren in de buurt en lopen de leerlingen daar ook stage. Toch is er meer nodig om inhoudelijk een goede verbinding te leggen tussen het regionale onderwijs en de regionale opgaven en ambitie. Dat vraagt om voortdurend inzetten van capaciteit van bij het onderwijs en voortdurende organiseren van tijd en middelen in de regio en bij de verschillende projecten en onderzoeken. CHE: De Christelijke Hogeschool Ede is vanuit het lectoraat Dienstbaar Organiseren al jaren betrokken bij agrarische sector in de regio Foodvalley. Lector Henk Kievit, tevens hoogleraar Enterpreneurship & Ecosystemen bij Nijenrode BU, is voorzitter van het landbouwnetwerk RFV en als MT-lid nauw betrokken bij de uitvoering van spoor 1 'Landbouwtransitie' van de Regiodeal Foodvalley. Hij is daarbij trekker van het thema Toekomstbestendige landbouw, onder de naam Boer aan het Roer, waarin verschillende innovaties en maatregelen op het gebied van bodemverbetering, circulair veevoer, emissiereductie en verdienmodellen getest. Naast het meten van emissies in de stal en het meten van de luchtkwaliteit in de omgeving, worden ook diergezondheid en dierwelzijn gemonitord.

Deze aanpak maakt een integrale afweging van verschillende opties voor de doorontwikkeling van de veehouderij mogelijk. 7.

3.4 Regiopartners Waterschap Vallei en Veluwe staat voor een grote opgave waar het gaat om waterkwantiteit en kwaliteit. De visie en werkwijze van het Waterschap had een A, B, C focus: gericht op het snel afvoeren van veel water waarbij de A-watergangen de meeste aandacht kregen. Nu zijn we in een tijd waarin water opvangen en vasthouden belangrijker wordt geacht dan snel afvoeren. Het waterschap heeft daarmee nu volop aandacht voor de bodem gekregen: door het goed benutten van de sponscapaciteit van bodems kan veel meer water worden vastgehouden. De visie en daarmee prioriteitsvolgorde is nu Bodem eerst, dan C-, B- en dan pas A-watergangen, waarbij agrarisch waterbeheer een belangrijke rol speelt. Verdichting in bodems is een aandachtspunt. Niet-Kerende grondbewerking kan een bijdrage leveren. Anders en slimmer bemesten, inzet van kruidenrijk grasland en anders telen en andere teelten kunnen bijdragen aan schoner water en het beter vasthouden van water. Het waterschap werkte in de regiodeal samen met boeren en wil dit graag voortzetten. Regio Foodvalley: dit is een samenwerking (Gemeenschappelijke Regeling of GR) van 8 gemeenten, en op landbouw nu officieel 9 gemeenten. Dat zijn de gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude (Provincie Utrecht) en de gemeenten Wageningen, Scherpenzeel, Ede, Barneveld, Nijkerk en nu ook Putten (Provincie Gelderland).

Zowel binnen de Regiodeal Foodvalley als ook binnen het landbouwnetwerk zijn de gemeenten Woudenberg, Bunschoten en Leusden aangehaakt. In het Fieldlab willen we dan ook de ruimte geven aan boeren uit die 12 gemeenten om aan te haken bij activiteiten in het Fieldlab. De Regio heeft een strategische agenda: zij vindt het belangrijk dat in de regio 800 boeren overblijven en dat er ook echt toekomstperspectief is in het gebied voor die boeren. Deze boeren zijn gewaardeerde voedselproducenten die bijdragen aan een gezonde bodem, schoon water en die allerlei ecosysteem en maatschappelijke diensten leveren. De gemeenten zitten in een omslag van vinken naar vonken: van afvinken van eisen naar integraal beoordelen van ambitieuze plannen. Ook de gemeenten zijn in transitie. 7 Transitie landbouw | Regio Foodvalley - Regio Deal

De aanvraag voor het maken van een Fieldlab is ondersteund vanuit LTO Gelderse Vallei en de beide AJK’s (Agrarisch Jongeren Kontakt) in de regio: AJK Ederveen en AJK StroeWekerom. LTO Gelderse Vallei is een zeer actieve LTO afdeling met 780 leden en 14 bestuursleden. De afdeling organiseert veel en is actief betrokken bij alles wat er in de regio op landbouwgebied gebeurt. Er zijn goede contacten met de gemeenten, met de beide provincies en met het waterschap. LTO Gelderse Vallei is kritisch op het ontbreken van Toekomstperspectief voor boeren in de regio en dat is één van de redenen waarom zij het FieldLab steunen. AJK Ederveen en AJK Stroe-Wekerom vertegenwoordigen de boeren tot 40 jaar. Ook zij organiseren allerlei bijeenkomsten voor hun leden. Deze groep boeren zitten in een leeftijdsfase waarin ze vaak gaan trouwen of samenwonen, kinderen krijgen en een bedrijf overnemen. Ofwel: dit zijn de drukste boeren in de regio. Ook zij doen mee in projecten en bestuurlijke overleggen, maar kiezen goed waar ze hun tijd aan besteden, en terecht. Er zijn helaas steeds meer jonge boeren die zich afvragen of er nog wel een toekomst voor hen is in de regio.

Het is dan ook juist voor deze groep van groot belang dat er echt actief wordt gewerkt en gerekend aan een toekomstperspectief met specifieke aandacht voor verdienmodellen, de ruimtelijke inrichting op lange termijn, prioriteitstelling en waardering voor de korte termijn.

4. Onderzoekslijnen en experimenteerteams 4.1 Onderzoekslijnen In de regio Foodvalley, waar zeer grote (NPLG-)opgaven zijn, wordt al jaren door boeren, onderzoekers, bedrijfsleven en overheden gewerkt aan duurzame oplossingen. Om te kunnen opschalen en uitrollen is niet alleen het verder ontwikkelen en delen van vaktechnische kennis nodig, maar moet er juist gekeken worden naar sociaal-economische vraagstukken en de gemeten bijdrage van oplossingen aan de opgaven van het gebied. Dit Fieldlab Foodvalley heeft uiteindelijk gekozen voor drie hoofdonderzoekslijnen waaraan de experimenten die plaatsvinden bijdragen: 1. Een gezonde bodem & water systeem 2. Integrale circulariteit 3. Brede welvaart en gezondheid

1. Een gezond bodem en watersysteem Een gezond bodem- en watersysteem is de basis om goed te kunnen boeren, en ook de basis van een natuurlijk systeem in balans. Zonder een goed bodem en watersysteem komt het niet goed met de biodiversiteit. En zowel het veranderende klimaat als het tegengaan van klimaatverandering zijn gelinkt aan het bodem en watersysteem. Op het gebied van bodem en water ontmoeten boeren, ecologen en hydrologen elkaar. Hoe vinden zij elkaar en hoe gaan ze samen werken aan de opgaven op gebied van schoon water, water vasthouden en behoud van gezonde bodems in landbouw en natuur gebieden? Dat onderzoeken we in deze hoofdlijn. Samen met de Regio FoodValley wordt ingezet op een langjarig Regionaal Meetnet Water en Bodem. Dit wordt een omgevings- en bedrijvenmeetnetwerk op water en landbouwbodem, samen ontwikkeld met gebiedspartners (agrariërs en experts van diverse organisaties). Er komt een koppeling van participatief meten aan meten met sensoren, zoals meten aan sloten, watergangen, grondwater onder bedrijven. Verder wordt aangesloten bij grondwatermetingen door provincies en Open Bodem Index (OBI) als objectieve meting voor verbeterpotentie van landbouwbodemkwaliteit en/of bij Bodem Indicatie Score (BCS) i.s.m. studenten van Aeres.

Het beoogde resultaat van dit project is om binnen vier jaar een functionerend meetnetwerk voor bodem- en waterkwaliteit in de regio Foodvalley op te zetten, dat gezamenlijk is ontworpen met ten minste 10 boeren (en als doelstelling 50 boeren) en daarnaast relevante stakeholders uit overheden, bedrijfsleven en onderwijsinstellingen. Door gezamenlijk de onderzoeksvragen op te stellen ontstaat met dit meetnetwerk gezamenlijk eigenaarschap en daarmee een gemeenschappelijke kennisbasis. Dit meetnetwerk geeft inzicht in doelmatige en effectieve maatregelen die bijdragen aan verbeterde waterkwaliteit (behalen KRW doelstelling) en gezonde bodems. Dat inzicht verbetert het draagvlak en het bewustzijn onder boeren over duurzame landbouwpraktijken. Een belangrijk resultaat is dat inzicht in effectieve maatregelen meer financiering vrij kan maken om die maatregelen door boeren breed te laten implementeren.

2. Integrale circulariteit ‘Een boer gooit nooit iets weg!’ zei een eerdere voorzitter van LTO Gelderse Vallei enkele jaren geleden op een bijeenkomst. Landbouw werkt vanuit kringlopen van grondstoffen, dat deed ze en dat doet ze nog steeds. Achtergrond hiervan is dat anders dan in vrijwel alle landen is de Nederlandse veehouderij niet gebaseerd de verwaarding van granen en en andere gewassen, die verbouwd worden als een aanvullende verwaardingsstap. Het Nederlandse verdienmodel is gebaseerd op de vervanging van granen door restproducten van de in deze regio aanwezige voedselindustrie. Daarmee is de Nederlandse veehouderij inherent een kringlooplandbouw en recirculeert de grondstoffen. Dit ondersteunen verlaagt de impact van de landbouw en versterkt het verdienmodel waardoor een unieke versnelling ontstaat. Van laagwaardige Hier wordt van laagwaardige grond een hoogwaardig product gemaakt. Daarnaast worden gronden die ongeschikt zijn voor akkerbouw gebruikt om melkvee te houden die melk beschikbaar maken. Hier wordt van laagwaardige grond een hoogwaardig product gemaakt. Toch is deze kringloop verstoord geraakt onder invloed van economische belangen: voer komt onder andere uit Zuid-Amerika en de mest keert daarheen niet terug. Zo raken voedingsstoffen op de ene plek op en op de andere plek zijn er teveel.

Ook is een belangrijk onderdeel uit de grondstoffenstroom verdwenen: de ‘mest’ en urine van mensen komt niet terug op de akkers waar de groenten worden geteeld. Daarmee verdwijnt onder andere fosfaat in het riool. Maar het gaat hier niet enkel om de circulariteit van materialen. We moeten ook integrale circulariteit nastreven, waarbij we rekening houden met alle aspecten van onze productiesystemen en gemeenschappen. Integrale circulariteit betekent dat we niet alleen de kringlopen van grondstoffen sluiten, maar ook die van kennis, samenwerking en economische waarde. Dit houdt in dat we bij elk project en elke activiteit nadenken over hoe we waarde kunnen creëren en behouden in alle vormen. De projecten die in de regio zijn opgestart, behalen niet alleen resultaten op het gebied van productie, maar dragen ook bij aan de opbouw van kennis en samenwerking. Deze vormen van waarde zijn essentieel voor een veerkrachtige en duurzame toekomst. Het is daarom belangrijk dat we deze investeringen niet als verloren beschouwen na afloop of bij de beëindiging van een traject, maar dat we ze erkennen, waarderen en verder laten groeien.

3. Brede Welvaart en Gezondheid De landbouw heeft zich in de afgelopen decennia ontwikkeld tot een superefficiënte sector. Alles moest steeds goedkoper, sneller en slimmer. Daarmee verdwenen allerlei sociale en ecologische waarden uit het landelijk gebied en de landbouw. Nu wil de maatschappij dat graag weer terug, maar een belangrijke vraag is wel wie er gaat betalen voor die brede waarden waar boeren aan bijdragen: wat kan de/een keten hierin betekenen? En welke rol moet de maatschappij spelen? Boeren waren en zijn vaak nog gericht op het slim produceren van vlees, melk en eieren. Toch leveren de meeste agrarische bedrijven ook één of meerdere diensten. Het kan gaan om energieproductie, bouwmaterialen, natuurbeheer, zorg of educatie, maar de mogelijkheden zijn legio. Daarnaast geeft een groep boeren uit de Foodvalley zelf aan dat zij denken dat hun producten gezonder zijn omdat ze uit een gezondere bodem komen en/of van gezondere dieren. De producten bevatten meer mineralen en sporenelementen of meer gezonde (omega 3) vetten. Of ze zijn geproduceerd met minder of geen gewasbeschermingsmiddelen.

Het onderwerp brede welvaart wordt opgepakt samen met Regio FoodValley en bouwt voort op de infrastructuur die is opgezet in de afgelopen vier jaar ten aanzien van: •

•

•

•

Toekomstbestendige economie: o

het versterken van de 'Human Capital Agenda'

o

de verhogen van het verdien- en innovatievermogen van boeren en MKB met expliciete aandacht voor verduurzaming

Verbeteren en versterken van het voorzieningenniveau (voor stad en platteland) o

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14875966/1