B1. Eindrapport Rekenkameronderzoek Ondermijning Nijkerk
Tekst van het document
COLOFON De Rekenkamer De Rekenkamer Vallei en Veluwerand is een gemeenschappelijke onafhankelijke Rekenkamer van de gemeenten Barneveld, Bunnik, Bunschoten, Leusden, Nijkerk, Renswoude, Scherpenzeel, Woudenberg en Zeewolde. De Rekenkamer bestaat uit een voorzitter en vier leden: de heer J. van Zomeren (voorzitter, tot 1 oktober 2023), de heer M. Pen (voorzitter v.a. 1 oktober 2023) de heer H.M. ter Beek (lid), de heer J.C.T.M. Doorakkers (lid), de heer M. Neimeijer (lid) en mevrouw J.T. Versteegh (lid). De Rekenkamer heeft twee onderzoekers / secretarissen: mevrouw I.M.T. Spoor en mevrouw M.E. Barel-Glashouwer.
Het onderzoek (de nota van bevindingen) is in opdracht van de Rekenkamer uitgevoerd door Bureau Beke (Joey Wolsink) en LokaleZaken (Edward van der Torre).
-1-
Inhoudsopgave Bestuurlijke samenvatting met conclusies en aanbevelingen ............................................. 4 1. Inleiding....................................................................................................................... 10 1.1 Wat is ondermijning? ..................................................................................................... 10 1.2 Onderzoeksvragen .......................................................................................................... 11 1.3 Onderzoeksactiviteiten ................................................................................................... 12 1.4 Normenkader.................................................................................................................. 13 1.5 Leeswijzer ....................................................................................................................... 14 2. Ondermijning: gelegenheidsstructuren ......................................................................... 15 2.1 Situationele factoren ...................................................................................................... 15 2.2. Sociaaleconomische factoren ........................................................................................
17 2.3 Culturele factoren ........................................................................................................... 20 2.4 Afsluiting ......................................................................................................................... 21 3. Ondermijnende praktijken ........................................................................................... 22 3.1 Drugscriminaliteit in Nijkerk ........................................................................................... 22 3.2 Drugscriminaliteit: verweven met andere delicten........................................................ 28 3.3 Vastgoed, vakantieparken en bedrijven ......................................................................... 29 3.4 Overige fenomenen ........................................................................................................ 31 3.5 Afsluiting ......................................................................................................................... 34 4. De (gemeentelijke) aanpak van ondermijning ............................................................... 35 4.1 Het coalitieakkoord (2022-2026): ondermijning op de agenda ..................................... 35 4.2 Veiligheidsplannen .........................................................................................................
36 4.2.1 Het Integraal Veiligheidsplan 2019-2022: veel prioriteiten en activiteiten ......... 36 4.3 De ambtelijke veiligheidsorganisatie .............................................................................. 41 4.3.1 Het team Veiligheid .......................................................................................... 41 4.4 De gemeentelijke aanpak: kwartiermakerij en knellende grenzen................................ 45 4.5 Informatie: een wereld te winnen .................................................................................. 51 4.6 Externe netwerkvorming: agendering en barrières ....................................................... 52 4.7 De lokale politiek over veiligheid en ondermijning: steun en zorgen ............................ 54 4.8 Afsluiting ......................................................................................................................... 56 5. In antwoord op de onderzoeksvragen ....................................................................... 57 5.1 Criminologische vragen .................................................................................................. 57 5.2 Bestuurskundige vragen .................................................................................................
59 5.2.1 Beleidstheorie .................................................................................................. 59 5.2.2 Beleid, uitvoeringsorganisatie en effectiviteit ................................................... 59 5.2.3 Samenwerking ................................................................................................. 61 5.3 Gemeenteraad ................................................................................................................ 62 6. Bestuurlijke reactie college B&W en nawoord rekenkamer........................................ 64 6.1 Bestuurlijke reactie college van B&W Nijkerk ............................................................... 64 6.2 Nawoord rekenkamer .................................................................................................... 69
-2-
Literatuur ........................................................................................................................ 70 Bijlage 1 Normenkader .................................................................................................... 71 Bijlage 2 Korte toelichting op politieregistraties ............................................................... 76 Bijlage 4 Risicobranches: een korte toelichting ................................................................. 78 Bijlage 5 Uitvoeringsprogramma IVP 2019-2022: activiteiten ............................................ 79 Bijlage 4 Risicobranches: een korte toelichting ................................................................. 63 Bijlage 5 Uitvoeringsprogramma IVP 2019-2022: activiteiten ............................................ 64
-3-
Bestuurlijke samenvatting met conclusies en aanbevelingen In opdracht van de rekenkamer hebben onderzoekers van Lokale Zaken en Bureau Beke in de maanden april tot en met september 2023 onderzoek gedaan naar de ondermijnende criminaliteit en de gemeentelijke aanpak daarvan in Nijkerk. Wat is ondermijning Ondermijning betreft de schadelijke effecten van georganiseerde criminaliteit op de samenleving. De kern van het begrip ondermijning is dat het niet alleen gaat om georganiseerde criminaliteit op zich, maar vooral om de maatschappelijke schade ervan. Deze criminaliteit is bedreigend vanwege onder meer het risico op verslaving, geweld, slachtofferschap (bijvoorbeeld uitbuiting) of oneerlijke concurrentie. Criminelen kunnen met drugshandel, drugsproductie, arbeidsuitbuiting en fraude veel geld verdienen. Dit geld kan vervolgens worden witgewassen door te investeren in vastgoed of bedrijven. De onderwereld en de bovenwereld raken zo meer en meer met elkaar verweven. Criminelen schermen hun zaken af, maar hebben de legale wereld waaronder het lokaal bestuur, ook nodig. Bijvoorbeeld voor vergunningen (zoals een horeca- of een bouwvergunning), voor een wijziging van een bestemmingsplan, om arbeidsmigranten in te schrijven, om BSN-nummers aan te vragen, voor een subsidieaanvraag, om vastgoedprojecten te ontwikkelen of om zorgcontracten af te sluiten.
Bij de preventieve en repressieve aanpak van ondermijning heeft de gemeente een belangrijke taak in aanvulling op de misdaadbestrijding door opsporingsinstanties. Daarbij is ondermijning niet alleen een zaak van het team openbare orde en veiligheid, maar ook van andere teams binnen de gemeentelijke organisatie. Daarmee is het in feite een verantwoordelijkheid van de gehele ambtelijke organisatie.
Aanpak van het onderzoek Het doel van het onderzoek was om na te gaan of de aanpak in Nijkerk om ondermijnende criminaliteit te voorkomen en te bestrijden doeltreffend is. De onderzoeksvragen zijn gericht op: 1. criminele gelegenheidsstructuren en kansen voor criminelen in Nijkerk; 2. vormen van ondermijnende criminele praktijken die zich voordoen in de gemeente; 3. het beleid van de gemeente en de effectiviteit van de ondermijningsaanpak; 4. beschikbare informatie, inzicht in ondermijning; 5. de uitvoeringsorganisatie; 6. samenwerking binnen de gemeente en samenwerking met ketenpartners; 7. betrokkenheid gemeenteraad.
-4-
Voor het beantwoorden van de vragen hebben de onderzoekers gegevens uit open bronnen (mediaberichten), politieregistraties, registraties van de website “Zicht op ondermijning”1 gecombineerd met de informatie uit diverse interviews. Er is gesproken met een vijftiental gemeenteambtenaren, de burgemeester, een afvaardiging van de gemeenteraad, drie medewerkers van de politie en twee medewerkers van het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertise Centrum). In het onderzoek zijn de feitelijke ervaringen, maar ook percepties en inschattingen van respondenten, belangrijke bronnen. De verstrekte informatie is deels gebaseerd op strafrechtelijke en/of bestuurlijke dossiers, maar ook op beelden en ervaringen, en op controles en sociaal-preventieve inspanningen. In het onderzoek zijn geen strafdossiers nader bestudeerd. Hoewel de respondenten zich in hun uitspraken vaak baseren op subjectieve aanwijzingen, vermoedens of verdenkingen, moet benadrukt worden dat het hier gaat om professionals met veel materie- en locatiekennis. In de bestrijding van ondermijnende criminaliteit zijn ook - en misschien wel juist - vermoedens en signalen die serieus moeten worden genomen. Vermoedens vragen om opvolging (onderzoek, registratie, analyse) om vast te kunnen stellen of het feiten zijn en actie nodig is.
Ook als de feitelijkheid (nog) niet kan worden vastgesteld, kunnen vermoedens aanleiding en reden geven tot actie (meer surveillance, handhaving, overleg met bewoners of recherche). Het rekenkameronderzoek maakt duidelijk dat de werkelijkheid groter is dan registraties van aantoonbare feiten. Bij de aanpak van afgeschermde ondermijnende praktijken is het dan ook van belang om gebruikt te maken van de materie- en straatkennis van professionals. Conclusies Criminele gelegenheidsstructuren en kansen voor criminelen in Nijkerk De ligging van Nijkerk en de sociaal economische en culturele kenmerken bieden kansen voor criminelen: • Geografisch: Denk aan de goede bereikbaarheid van bedrijventerreinen voor criminelen door de ligging aan de A1, dichtbij Amersfoort en Utrecht. Daarnaast ligt Nijkerk centraal ten opzichte van verschillende drugsmarkten (Amersfoort en omgeving, Ermelo, Harderwijk, Zeewolde en de Veluwe). De criminele kansen en praktijken in Nijkerk zijn verweven met Amersfoort. Een nadeel voor de gemeente is dat Amersfoort valt onder een andere veiligheidsregio, een andere politie-eenheid, een andere omgevingsdienst en een andere provincie dan Nijkerk. Hierdoor is het volgens respondenten lastiger om informatie over criminele praktijken uit te wisselen. • Sociaaleconomisch: De lokale economie is vitaal, lokale bedrijven krijgen veel ruimte / vrijheid.
Dit kan voor criminelen mogelijkheden bieden. Er is veel vraag naar goedkope
1
Dit is een digitaal dashboard met ondermijningsdata per gemeente waarin CBS-data gecombineerd zijn met data van andere betrouwbare landelijke bronnen. Dit dashboard is tot stand gekomen uit een samenwerking tussen verschillende lokale en landelijke overheden, geïnitieerd door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).
-5-
•
arbeidskrachten en woonruimte voor arbeidsmigranten. Dit zijn risico’s voor arbeidsuitbuiting. Daarnaast zijn er relatief veel bedrijven in branches die landelijk bekend staan als ‘risicobranches’, bijvoorbeeld autohandel, verhuur vastgoed en haarverzorging. Cultureel: Respondenten geven aan dat Nijkerkers doorgaans harde werkers zijn. De gedachte daarbij is dat Nijkerkers vinden dat hard werken beloond mag worden, bijvoorbeeld door gebruik van alcohol en drugs na het werk of in het weekend. Doordat er vraag is naar drugs ontstaat er een markt voor dealers. Misstanden worden niet snel gemeld, want de vuile was wordt niet graag buiten gehangen.
Ondermijnende criminele praktijken doen zich voor Uit politieregistraties blijkt dat criminele activiteiten als drugshandel, rijden onder invloed (van drank en/of drugs) en illegale vuurwerkhandel in Nijkerk veel voorkomen. Deze activiteiten kunnen een ondermijnend effect hebben en maatschappelijke schade toebrengen. Ambtelijke respondenten en andere professionals vermoeden dat er in Nijkerk ook sprake is van ondermijnende criminaliteit zoals drugsproductie, misstanden bij huisvesting van arbeidsmigranten en verdachte vastgoedtransacties. Concrete en feitelijke informatie hierover zijn echter niet beschikbaar bij de betrokken instanties. Gemeentelijk beleid: doelen en visie ontbreken grotendeels • Het beleid van Nijkerk is vastgelegd in het Integraal Veiligheidsplan (IVP) 2019-2022 (verlengd tot en met 2023). Dit plan is samen met de gemeenten Barneveld en Scherpenzeel opgesteld. Dit IVP en het bijbehorende uitvoeringsprogramma bestaat uit een optelsom van diverse losse activiteiten. Het ontbreekt in feite aan een zogenoemde ‘beleidstheorie’, dat wil zeggen de samenhang tussen doelen, middelen en beoogde effecten. Dit is anders in de gemeentelijke Plannen van Aanpak Ondermijning die in 2019 en 2023 zijn opgesteld. Hierin staat dat er binnen de gemeentelijke organisatie op alle beleidsterreinen aandacht moet zijn voor ondermijning.
De plannen zijn vooral gericht op het op orde brengen van de basale zaken zoals bijvoorbeeld een lokaal ondermijningsoverleg, de inzet van toezicht en handhaving, de actualisatie en verbetering van het Bibob-beleid. Een visie op de aanpak van ondermijning en concrete gestelde doelen heeft de gemeente echter niet, de doelen zijn algemeen en procesmatig geformuleerd en niet gericht op concrete effecten. Ook in deze plannen is sprake van een veelvoud aan activiteiten, die onderling niet of nauwelijks samenhang vertonen. • De plannen laten zien dat de gemeente ten aanzien van drugsgebruik en drugshandel kiest voor een combinatie van een preventieve en een repressieve aanpak. In de praktijk komt zowel de preventieve als de repressieve aanpak nog niet goed tot uitvoering.
-6-
•
Ook heeft de gemeente geen duidelijke visie geformuleerd op de aanpak van arbeidsuitbuiting of misstanden rondom arbeidsmigranten. Een heldere visie en aanpak is belangrijk gezien de lokale problematiek op dit terrein en het gebrek aan informatie bij de gemeente.
Gemeente mist informatie en voert in beperkte mate analyses uit, ook geen intern meldpunt aanwezig • De gemeente mist vaak de benodigde informatie voor de aanpak van ondermijning. Dat komt voor een deel doordat inwoners niet snel informatie delen met de overheid. • Er zijn geen duidelijke overzichten van acties en maatregelen die in het kader van de ondermijningsaanpak zijn ondernomen. De informatie die wel beschikbaar is, is versnipperd aanwezig bij verschillende netwerkpartners (veiligheidsregio’s, politie, omgevingsdiensten en provincies) en deze wordt onvoldoende gedeeld. • Door het gebrek aan concrete informatie kunnen ambtenaren niet aantonen dat de aanpak van ondermijning belangrijk is, waardoor de aanpak geen prioriteit krijgt bij bestuurders. • Er vindt geen monitoring plaats van de voortgang van de aanpak van de vele activiteiten die in het IVP en het vigerende plan van aanpak zijn opgenomen. • Er is geen intern meldpunt voor ondermijning in de gemeente Nijkerk voor ambtenaren. Er is binnen de organisatie nauwelijks aandacht voor signalen van ondermijning. Uitvoering en samenwerking met externe partners vertraagd • Door gebrek aan ambtelijke capaciteit en de vele personele wisselingen is de uitvoering van de ondermijningsaanpak in Nijkerk vertraagd.
Ook de toepassing van de Wet Bibob is achterop geraakt, er wordt alleen getoetst als er integriteitsrisico’s worden gezien. • Daarnaast is er sprake van een ambtelijke en bestuurlijke stijl die gericht is op dienstverlening en op het faciliteren van ondernemers en die is minder gericht op ondermijningsrisico’s. • De beschikbare capaciteit om ondermijning aan te pakken is beperkt in vergelijking met andere gemeenten. De gemeente heeft 4 fte Boa’s en 3 fte OVV-ambtenaren, waarvan 1 fte voor crisisbeheersing. De BOA capaciteit in Nijkerk is 0,9 per 10.000 inwoners. In Barneveld is dat 1,5 en in Ede 2,5. Recent is het team OOV in Nijkerk uitgebreid met een Bibob coördinator en een jurist, maar dan nog blijft de beschikbare capaciteit beperkt, gezien de problematiek die speelt in Nijkerk. Bovendien komen er alleen maar meer taken op de gemeentelijke organisatie af. • Ook de samenwerking met netwerkpartners (politie, justitie, RIEC) en de communicatie en samenwerking met inwoners, bedrijven en lokale organisaties liepen de afgelopen jaren vertraging op door wisselingen in de ambtelijke organisatie en interne oriëntatie. Op dit punt is dringend verbetering gewenst.
-7-
Raadsleden geven aan zich zorgen te maken De raad heeft ingestemd met het IVP 2019-2022 (verlengd tot en met 2023) en de Plannen van Aanpak Ondermijning in 2019 en 2023. Vervolgens is de raad in de jaren daarna via raadsbrieven geïnformeerd over de voortgang. Op basis hiervan heeft de raad voor de uitvoering budget ter beschikking gesteld, met name voor de aanstelling van een projectcoördinator ondermijning. De informatievoorziening aan de raad is beperkt en oppervlakkig van aard. Dit heeft vooral te maken met het ontbreken van enige vorm van monitoring, het ontbreken van concrete informatie en de veelheid aan activiteiten in zowel het IVP als de plannen van aanpak. De raad is ervan doordrongen dat activiteiten niet zijn uitgevoerd. Raadsleden maken zich hierover zorgen.
Samenvattende conclusies 1. De aanpak van ondermijning in Nijkerk was gebaseerd op de in het IVP 2019-2022 opgenomen activiteiten / actiepunten, de plannen van aanpak en het coalitieakkoord. Het IVP kent echter geen beleidskader en ook een gemeentelijk beleidskader ontbreekt. Er gaat geen sturing uit van het IVP, er is geen samenhang tussen doelen, middelen en effecten. 2. De uitvoering van de ondermijningsaanpak is de laatste jaren niet goed van de grond gekomen. Dit komt met name door de vele personele wisselingen binnen de gemeentelijke organisatie en het gebrek aan voldoende capaciteit. Effecten van de aanpak zijn daardoor niet waargenomen in het onderzoek. 3. De gemeente beschikt over te weinig concrete informatie voor een effectieve aanpak van ondermijning. De informatie die beschikbaar is, is versnipperd aanwezig bij verschillende partijen (veiligheidsregio’s, politie, omgevingsdiensten en provincies). 4. Niet iedereen binnen de ambtelijke organisatie is zich voldoende bewust van ondermijningsrisico’s.
Aanbevelingen 1. Formuleer als gemeenteraad concrete doelen voor de aanpak van ondermijning en vraag het college tevens een visie op de aanpak van misstanden rondom arbeidsmigranten te formuleren. 2. Dring er als raad bij het college op aan te zorgen voor verbetering van hun informatiepositie en voor een betere onderlinge afstemming, samenwerking en informatie-uitwisseling met alle netwerkpartners (veiligheidsregio’s, politie, omgevingsdiensten en provincies). 3. Verzoek het college een actieplan op te stellen om de aanpak van ondermijning nadrukkelijker onder de aandacht van inwoners en bedrijven en alle
-8-
gemeenteambtenaren te brengen. Doorbreek gezamenlijk (waar mogelijk) de cultuur van ‘we lossen het zelf wel op’. 4. Verzoek het college een intern meldpunt voor ambtenaren in te stellen. 5. Verzoek het college om periodiek informatie over ondermijning, acties en maatregelen te delen met de raad, zodat de status en voortgang te monitoren zijn en de raad zijn controlerende taak kan uitvoeren. 5. Adviseer het college zich actief in te spannen om te zorgen voor rust en stabiliteit binnen het veiligheidsteam, zodat de aanpak van ondermijning opgepakt kan worden. Steun voor het team en de aansturing zijn belangrijk zodat goede planvorming tot meer actie kan leiden. Laat het college nagaan of de beschikbare capaciteit voldoende is voor de gemeentelijke ambities en plannen. Gezien de huidige beperkte capaciteit en het feit dat alleen maar meer taken aan gemeenten worden gedelegeerd moeten prioriteiten worden gesteld, zodat de beschikbare capaciteit zo effectief mogelijk kan worden ingezet. 6. Vraag het college om de Wet Bibob breder toe te passen, dus op alle beleidsterreinen en niet uitsluitend bij risicobranches.
-9-
1. Inleiding 1.1 Wat is ondermijning? Dit onderzoek beschrijft en analyseert de ondermijnende criminaliteit én de (gemeentelijke) aanpak daarvan in de gemeente Nijkerk. Ondermijning betreft de schadelijke effecten van georganiseerde criminaliteit. Bij de preventieve en repressieve aanpak daarvan heeft de gemeente een belangrijke taak, in aanvulling op misdaadbestrijding door opsporingsinstanties. Dit onderzoek combineert bestuurskunde en criminologie: empirisch onderzoek naar criminele kansen en praktijken en naar het functioneren van de gemeente (en partners) als opmaat voor realistische aanbevelingen. De term ‘ondermijning’ plaatst het vraagstuk van de georganiseerde criminaliteit op de agenda van het lokaal bestuur. Ondermijning betreft, in het kort, de schadelijke (lokale) effecten van georganiseerde criminaliteit2 op de samenleving. Zij tast de beoogde en legale werking van het samenlevingssysteem aan. Een belangrijk ondermijnend effect is dat georganiseerde criminaliteit te vaak loont en dat (witgewassen) crimineel geld wordt geïnvesteerd in vastgoed en bedrijven (LIEC, 2019). Dit resulteert in bewegingen van de ‘onderwereld’ naar de ‘bovenwereld’. De kern van het begrip ondermijning is dus dat het niet alleen gaat om georganiseerde criminaliteit an sich, maar om de maatschappelijke schade daarvan.
Deze criminaliteit is bedreigend vanwege onder meer het risico op verslaving, geweld, slachtofferschap (b.v. uitbuiting) of oneerlijke concurrentie. Tegelijkertijd gaat er aantrekkingskracht uit van de criminele wereld (Tops & Tromp, 2017). Met drugshandel, drugsproductie, arbeidsuitbuiting en fraude kan veel geld worden verdiend. Criminelen investeren in bedrijven, zorgen voor illegale en semilegale werkgelegenheid of leveren (te) goedkope arbeidskrachten. Ondermijnende criminaliteit is georganiseerde criminaliteit die dicht bij burgers, lokale bestuurders en gemeenteambtenaren komt (Tops & Van der Torre, 2015). Criminelen schermen praktijken af, maar georganiseerde criminelen hebben de legale wereld – waaronder het lokaal bestuur – hard nodig. Bijvoorbeeld voor vergunningen (b.v. een horeca- of een bouwvergunning), voor een wijziging van een bestemmingsplan, om arbeidsmigranten in te schrijven, om BSN-nummers aan te vragen, voor een subsidieaanvraag, om vastgoedprojecten te ontwikkelen of om zorgcontracten af te sluiten. Het is daarom belangrijk dat ambtenaren en bestuurders zaken niet alleen juridisch of economisch beoordelen, maar ook op ondermijningsrisico’s. Het betekent ook dat ‘ondermijning’ niet een kwestie is van alleen de burgemeester of van ambtenaren op het terrein van openbare orde en veiligheid en van toezicht, handhaving en 2
Omschrijvingen van het begrip georganiseerde criminaliteit bevatten doorgaans de volgende elementen: het gaat om groepen die gericht zijn op illegaal gewin, die stelselmatig delicten plegen met ernstige gevolgen voor de samenleving en die in staat zijn deze delicten af te schermen met geweld of corruptie (Fijnaut e.a., 1996). Inmiddels is de communis opinio dat de georganiseerdheid het best kan worden opgevat als een netwerk van groepen en groepjes, die allemaal hun specifieke positie of functie hebben in een soort los-vast netwerk.
-10-
vergunningverlening. Ondermijning raakt veel afdelingen of teams in de gemeentelijke organisatie. Naast klassieke veiligheidsafdelingen gaat het in bijzonder om de ‘harde sector’ (vastgoed, projectontwikkeling, economische zaken), het sociaal domein, burgerzaken en allerhande ambtenaren of (ingehuurde) professionals die vanwege hun taak op straat komen. De consequentie is dat behoefte bestaat aan ‘gemeentelijke integraliteit’: ambtelijke afdelingen die samenwerken en informatie delen.
1.2 Onderzoeksvragen Dit onderzoek beantwoordt de volgende criminologische en bestuurskundige onderzoeksvragen. Dat legt de basis voor beantwoording van de hoofdvraag naar de doeltreffendheid van de ondermijningsaanpak door de gemeente Nijkerk (en ketenpartners). Criminologische vragen 1. Wat zijn belangrijke criminele gelegenheidsstructuren in de gemeente Nijkerk? 2. Welke vormen van ondermijnende criminele praktijken doen zich voor in de gemeente Nijkerk? Wat kan worden gezegd over de maatschappelijke effecten en over de locaties en branches die het betreft? Bestuurskundige vragen Beleid en effectiviteit 3. Wat is de beleidstheorie bij de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning? Welke doelen zijn geformuleerd en op welke verschijningsvormen van ondermijning is dit gericht? 4. Welke instrumenten benut de gemeente (met partners) in het kader van de ondermijningsaanpak en hoe is de bestuurlijke en ambtelijke organisatie daartoe ingericht? 5. Wat kan worden gezegd over de effecten van de ondermijningsaanpak? 6. In welke mate heeft de ondermijningsaanpak geresulteerd in (ambtelijke en bestuurlijke) weerbaarheid tegen ondermijning? 7. Welke kansen, knelpunten en dilemma’s zien professionals, bewoners en ondernemers bij de ondermijningsaanpak? Samenwerking 8.
Hoe verloopt de samenwerking tussen de gemeente en de belangrijkste partners bij de ondermijningsaanpak? Bestaat er duidelijkheid over de taken of rollen en in hoeverre is dit geformaliseerd? 9. Hoe wordt samengewerkt in de driehoek van burgemeester, officier van justitie en lokale politiechef? Hoe is dit ingebed in de gemeentelijke organisatie? 10. Hoe verloopt het contact, de samenwerking en informatieverstrekking aan en door inwoners, ondernemers en lokale organisaties?
-11-
Gemeenteraad 11. Hoe wordt de raad geïnformeerd over de resultaten en effecten van het uitgevoerde beleid? 12. In hoeverre is er bij de raadsfracties aandacht voor integriteit en ondermijning?
1.3 Onderzoeksactiviteiten Om de onderzoeksvragen te beantwoorden, zijn tot en met september 20233 verschillende onderzoeksactiviteiten uitgevoerd, namelijk: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Een startbijeenkomst met drie ambtenaren. Groepsinterviews en interviews met vijftien ambtenaren, plus een medewerker van de Omgevingsdienst, verdeeld over acht verschillende interviews. De ambtelijk trekker van de ondermijningsaanpak heeft een vragenlijst ontvangen en ingevuld. Een interview met de burgemeester en gemeentesecretaris. Een interview met twee RIEC-medewerkers. We hebben drie politiefunctionarissen gesproken. We hebben een groepsgesprek gevoerd met vijf raadsleden. Op een avondbijeenkomst, georganiseerd voor bewoners en ondernemers, spraken we één vertegenwoordiger van een bewonersvereniging. We hebben documenten bestudeerd, net als mediaberichten. Van de politie ontvingen we registraties van drugsincidenten en van vermogensdelicten. Zie de bijlage voor een toelichting op deze registraties. We hebben data gebruikt in het kader van het zogenoemde project ‘Zicht op Ondermijning’.4 We hebben fysieke observaties verricht in de gemeente. Een verdiepende analyse (casusonderzoek) naar bedrijven (en daarbij betrokken subjecten) waarover bij gemeenteambtenaren vermoedens bestaan omtrent ondermijnende praktijken, waarna – zo was althans het voornemen - in politiemutaties wordt geanalyseerd wat bekend is over criminaliteit door deze (rechts)personen. Ten behoeve van deze analyse is een groepsinterview afgenomen van vier gemeenteambtenaren.
De politie heeft, vanwege een ingeschat afbreukrisico, geen informatie gedeeld. De analyse is daardoor geen apart onderdeel van dit rapport, maar opgenomen in paragraaf 3.3.
Door de opzet van deze studie worden open bronnen en registraties (van de politie en ‘Zicht
3
Enkele gesprekken zijn na die tijd gevoerd. Er is een website (https://www.zichtopondermijning.nl/) gemaakt met data ten behoeve van de analyse van criminaliteit met ondermijnende effecten. 4
-12-
op Ondermijning’) gecombineerd met de kennis en inzichten van (ook uitvoerende) professionals. Straatinformatie en vakkennis van politiemensen, ambtenaren en andere professionals (b.v. jongerenwerk) zijn onmisbaar om het lokale gezicht van de georganiseerde misdaad levensecht in kaart te brengen (Tops en Van der Torre, te verschijnen). Voor de beschrijvingen van ondermijning in de gemeente Nijkerk in deze studie zijn de informatie en inschattingen van respondenten dus een belangrijke bron. De aldus verstrekte informatie is deels gebaseerd op strafrechtelijke of bestuurlijke dossiers en/of op ervaringen, onder meer bij controles of bij sociaal-preventieve inspanningen, al hebben we zelf geen dossiers bestudeerd. Ook vertelden respondenten op basis van feiten en kennis over criminele kansen en zijn respondenten uiteraard bevraagd over de beleidsmatige en organisatorische gang van zaken. Onze respondenten baseren zich deels op subjectieve aanwijzingen, vermoedens of verdenkingen. Hoewel het gaat om professionals met veel materie- en locatiekennis, verstrekten ze ook informatie over mogelijke criminaliteit en overtredingen die niet zijn bewezen. Zo dient de tekst dus steeds te worden gelezen, namelijk als een weergave van professionele ervaringen, inzichten en inschattingen wat betreft georganiseerde criminaliteit en ondermijning.
In de bestrijding van ondermijning zijn ook vermoedens - en misschien wel juist vermoedens - signalen die serieus moeten worden genomen. Vermoedens vragen om opvolging (onderzoek, registratie, analyse of overleg met professionals of burgers) om vast te kunnen stellen of het feiten zijn en actie nodig is. Wie zachte signalen of vermoedens zou typeren en als aannames, en deze laat rusten, mist een kans om inzicht te krijgen in afgeschermde ondermijnende praktijken (Tops en Van der Torre, te verschijnen).
1.4 Normenkader Ten behoeve van onderzoek naar de gemeentelijke aanpak van ondermijning hanteren we een normenkader dat we door de jaren heen hebben ontwikkeld. Het gaat daarbij om de kwalitatieve en kwantitatieve slagkracht van de gemeentelijke (veiligheids-)organisatie bij het voorkomen en bestrijden van ondermijning, afgezet tegen lokale criminele kansen en praktijken. Er gelden dus geen absolute normen. Het is bedoeld als houvast bij de (beoordeling van de) ontwikkeling van maatwerk bij de ondermijningsaanpak. Het helpt bij het onderkennen van verbeter- en ontwikkelpunten. Het normenkader is opgenomen in bijlage 1 en bestaat uit zes onderdelen, namelijk: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Beleidstheorie Informatie: inzicht, signalen, overzicht en analyse De (kern van de) ambtelijke uitvoeringsorganisatie Gemeentelijke integraliteit Externe netwerkvorming: publiek en privaat Politieke verantwoording en sturing
-13-
1.5 Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de criminele gelegenheidsstructuren en hoofdstuk 3 de ondermijnende praktijken. Hoofdstuk 4 heeft een bestuurskundige invalshoek en gaat in op het gevoerde beleid, de uitvoeringsorganisatie, de interne en externe samenwerking bij de ondermijningsaanpak en de rol en functie van de gemeenteraad bij de ondermijningsaanpak. Hoofdstuk 5 geeft antwoord op de onderzoeksvragen. In bijlage 1 worden de onderzoeksbevindingen samengevat op basis van het normenkader.
-14-
2. Ondermijning: gelegenheidsstructuren Dit hoofdstuk analyseert de criminele gelegenheidsstructuren. Voor bestudering van de criminele kansen in een bepaald gebied kan onderscheid worden gemaakt tussen vier factoren, namelijk: situationeel, sociaaleconomisch, cultureel en de beleidsmatige en organisatorische slagkracht van de veiligheidsorganisatie. Dit laatste komt aan bod in hoofdstuk 4. De overige drie factoren worden beschreven in de paragraaf 2.1, 2.2 en 2.3.
2.1 Situationele factoren De Gelderse gemeenten Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel vormen tezamen het grondgebied van het basisteam Veluwe Vallei Noord van de politie-eenheid Oost-Nederland. Het gebied ligt grofweg ingeklemd tussen Amersfoort en dunbevolkt buitengebied van de Veluwe, op korte reistijd van Utrecht, Almere, Veenendaal, Ede, Wageningen, Arnhem en Apeldoorn. De gemeente Scherpenzeel is klein, met 10.393 inwoners en een oppervlakte van 13,8 km². Gemeente Barneveld telt 61.769 inwoners en heeft een totale oppervlakte van 176,7 km². De gemeente Nijkerk heeft 45.029 inwoners (31 januari 2023, bron: CBS) en een oppervlakte van 72,05 km², waarvan 2,53 km² water. De gemeente Nijkerk bestaat uit drie kernen, namelijk Nijkerk, Nijkerkerveen en Hoevelaken, plus de buurtschappen Appel, Driedorp en Holkerveen. Hoevelaken ligt tegen de A1 aan, op korte (fiets)afstand van Amersfoort. Nijkerk ligt meer naar het noorden, bij de Veluwe en het water: via het Nijkerkernauw zijn, over het water, Bunschoten en Spakenburg bereikbaar. Vanaf daar zijn het Eemmeer, Gooimeer, Markermeer en IJsselmeer bereikbaar. De A28 kruist de A1, ter hoogte van Hoevelaken en Amersfoort, en loopt door naar Nijkerk en Harderwijk. Wie vanaf de A1 de N-301 oprijdt kan over N-wegen naar Zeewolde en Almere. De N-806 verbindt Bunschoten-Spakenburg met Nijkerk.
Er bestaan sociale overeenkomsten en contacten - onder meer in jeugdnetwerken en vriendengroepen - tussen deze kernen, met visserstraditie. Nijkerkerveen ligt, in het buitengebied, tussen Hoevelaken en Nijkerk. De gemeente Nijkerk heeft, zo benadrukken respondenten, twee gedaantes: de gemeente is een soort verlengstuk van het Utrechtse Amersfoort én het is de poort naar de Gelderse Veluwe (in Gelders buitengebied). De gemeente Nijkerk ligt centraal, vlakbij de stad en in de natuur. Dit geeft de gemeente aantrekkingskracht, al levert deze fysieke omgeving – gezien door de bril van dit onderzoek naar ondermijning - ook criminele kansen op: ▪
Een aanzienlijk oppervlak: lastig voor toezichthouders en handhavers. Door het aanzienlijke oppervlak van de gemeente - met drie kernen, drie buurtschappen, buitengebied en vakantieparken (met toerisme en illegale bewoning) - is het voor gemeentelijke toezichthouders en handhavers lastig om te weten wat er speelt (qua overlast en illegaliteit) en om contacten aan te boren en te onderhouden. Temeer omdat de gemeente Nijkerk weinig buitengewoon opsporingsambtenaren (verder: boa) telt, namelijk vier. Ook is de landelijke norm van één wijkagent op 5.000 -15-
inwoners beter geschikt voor dichtbebouwd gebied dan voor gemeenten met buitengebied, omdat er dan verschillende dorpen of buurtgemeenschappen zijn, verspreid over het werkgebied (zie hierover Van der Torre e.a., 2023; Wiegant, 2017). Hier komt bij dat de kernen en gemeenschappen in de gemeente Nijkerk een gesloten houding hebben jegens de overheid, aldus respondenten; zie paragraaf 2.3 voor een nadere toelichting. ▪
Te midden van verschillende drugsmarkten. De centrale ligging plaatst Nijkerk in de omgeving van verschillende drugsmarkten met criminele netwerken: • Een eerste drugsmarkt is de goed georganiseerde drugscriminaliteit in Amersfoort en omgeving, waaronder netwerken in en rondom de stad Utrecht. Deze drugscriminaliteit kenmerkt zich onder andere door (internationale) cocaïnehandel en drugsproductie, zowel hennepteelt als productie van synthetische drugs. De netwerken - zo constateren politierespondenten - beperken zich niet tot drugscriminaliteit, want er wordt witgewassen en crimineel geld wordt geïnvesteerd in vastgoed en in bedrijven. Ook gaat de drugscriminaliteit door deze netwerken gepaard met wapenbezit en geweld. • Ook zijn er drugsmarkten in het gebied van de gemeenten Harderwijk, Ermelo en Zeewolde, met onder meer georganiseerde hennepteelt.
▪
Drugshandel: stimulans én product van drugsgebruik. Het aanbod van drugs komt samen met de grote vraag daarnaar in gemeenschappen in Nijkerk, Bunschoten en Spakenburg. Hoewel drugsgebruik aanwezig is in alle lagen van de bevolking, wijzen bronnen met name op (geaccepteerd) drugsgebruik binnen vriendengroepen met daarbinnen tieners. Het hoge drugsgebruik is een stimulans voor de drugshandel. Ook het omgekeerde is waar: de georganiseerde en makkelijk bereikbare handelaren jagen het lokale drugsgebruik (verder) aan. De combinatie van grootstedelijke drugshandel en het (hoge) drugsgebruik onder dorpsjeugd wordt onderstreept in de interviewronde.
▪
Een sub-infrastructuur voor drugscriminaliteit. De gemeente Nijkerk is over de weg goed bereikbaar, telt bedrijventerreinen en talrijke bedrijven en het buitengebied is dichtbij met agrarische bedrijven en onder meer maneges. Deze infrastructuur biedt kansen voor drugsproductie, voor drugsopslag en -transporten en bijvoorbeeld ook voor de opslag van illegaal vuurwerk. Die kansen worden ook daadwerkelijk benut. Respondenten wijzen bijvoorbeeld op drugstransporten met trailers. Zie verder paragraaf 2.2.
▪
Op de grens: lastig voor de overheid, niet voor criminelen. De criminele kansen en praktijken in de gemeente Nijkerk en in Amersfoort zijn verweven. Bewoners uit
-16-
Nijkerk zijn bijvoorbeeld (potentiële) drugsklanten voor dealers uit Amersfoort en omgekeerd. Criminelen uit Nijkerk kunnen investeren in bedrijven in Amersfoort en omgekeerd. Voor criminelen is het eenvoudig om in de twee gemeenten te opereren, maar voor de overheid is het lastig om dit in kaart te brengen, informatie uit te wisselen en tot actie over te gaan. Dit komt door een vierdubbele formele grens die beleidsnetwerken splitst. De gemeente Nijkerk ligt in de politie-eenheid OostNederland, de provincie Gelderland, de omgevingsdienst de Vallei en in de veiligheidsregio Gelderland-Midden, terwijl de gemeente Amersfoort is gesitueerd in de politie-eenheid Midden-Nederland, de provincie Utrecht, de RUD Utrecht en de veiligheidsregio Utrecht.
2.2. Sociaaleconomische factoren De lokale economie in de gemeente Nijkerk is in veel opzichten vitaal, met lokale bedrijven, waaronder enkele grote bedrijven en/of investeerders met lokale roots. Het is een gemeente waar hard wordt gewerkt. Het lokale bedrijfsleven draagt bij aan de welvaart. De consequentie is dat (‘gewone’) bonafide bedrijven geïnteresseerd zijn in bedrijfs- en winkelpanden. De economische welvaart en het sterk ontwikkelde arbeidsethos verminderen de investeringsruimte voor louche of criminele bedrijven ‘van buitenaf’. Desondanks wijzen de interviewronde en andere bronnen op de volgende criminele kansen:
a. b. c. d. e.
Een eenzijdig perspectief op het bedrijfsleven Horizontale verhoudingen: invloedrijke particuliere partijen Veel vraag naar goedkope arbeid Risicobranches Vakantieparken
Ad a.) Een eenzijdig perspectief op het bedrijfsleven Er wordt volgens respondenten in de lokale gemeenschap - bij ondernemers en bij bijvoorbeeld sportclubs - bijna automatisch uitgegaan van de goede bedoelingen van lokale bedrijven en investeerders. Ook in het gemeentelijk apparaat domineert (buiten gespecialiseerde veiligheidsambtenaren, zoals AOV-ambtenaren en boa’s) het beeld dat lokale bedrijven vallen te vertrouwen of dat lokale bedrijven - vanwege de sociaaleconomische betekenis – vanuit een positieve grondhouding dienen te worden benaderd. Wie hard werkt en investeert, heeft krediet. Veiligheidsambtenaren krijgen bijvoorbeeld bij signalen over mogelijke overtredingen of strafbare feiten te horen dat ze “zaken niet zo somber moeten inzien” en dat er hooguit wat rotte appels zijn. Ad b.) Horizontale verhoudingen: invloedrijke particuliere partijen De gemeente Nijkerk telt enkele grote (investerende) bedrijven. Ze zorgen voor werkgelegenheid, ze hebben grond of vastgoed in bezit, ze hebben een aandeel in de projectontwikkeling en ze treden op als sponsor van lokale (sport)activiteiten. Ze beschikken
-17-
over bronnen, zoals geld, bezittingen, (juridische) kennis en publieke steun. Dit plaatst de overheid op achterstand bij signalen over mogelijke overtredingen. Ad c.) Veel vraag naar goedkope arbeid De lokale economie heeft behoefte aan goedkope arbeidskrachten, hetgeen in de praktijk vaak neerkomt op het inhuren van arbeidsmigranten (via uitzendbureaus). In de gemeente Nijkerk werken arbeidsmigranten in de eerste plaats bij bedrijven uit de foodsector.5 In Nijkerk zijn enkele bedrijven in de pluimveesector “(…) goed voor een substantieel aandeel van de in de gemeente werkzame arbeidsmigranten”.6 Ook werken arbeidsmigranten in de industrie, logistiek, bouwnijverheid, groothandel en facilitaire dienstverlening. Het gaat om sectoren met een tamelijk constant aanbod van werk, waardoor weinig seizoensgebonden werk wordt verricht door arbeidsmigranten. De consequentie is dat veel arbeidsmigranten die in de gemeente Nijkerk werken (en wonen) langer dan vier maanden in Nederland verblijven. Ze zouden derhalve geregistreerd dienen te worden in de Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente. Dat blijkt niet altijd het geval. De ‘Beleidsnota huisvesting arbeidsmigranten’ (uit 2021) schat het totaal aantal arbeidsmigranten – werkzaam in de gemeente – op 1.200 tot 1.600.
Er bestaat een gat tussen BRP-registratie en het werkelijke aantal arbeidsmigranten dat in de gemeente Nijkerk woont (en die langer dan vier maanden in Nederland wonen). Ook bestaat de mogelijkheid dat arbeidsmigranten worden gehuisvest in de gemeente Nijkerk, bijvoorbeeld op een vakantiepark, maar elders in de regio werken; en omgekeerd. De toestroom van arbeidsmigranten resulteert hoe dan ook in de opdracht om arbeidsmigranten te huisvesten. Dit is noodzakelijk voor de lokale economie, al leidt het zo blijkt uit landelijk onderzoek (LIEC, 2019; Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, 2020) - tot een risico op overtredingen of strafbare feiten bij de arbeidsomstandigheden en/of bij huisvesting van arbeidsmigranten. Ad d.) Risicobranches Het project ‘Zicht op ondermijning’ wijst op tien risicobranches die bovengemiddeld vaak zijn gevestigd in de gemeente Nijkerk.7 Het gaat om de volgende tien branches (zie ook tabel 2.1): ▪
▪ ▪
Bouwnijverheid. Per 10.000 inwoners zijn er 136,4 vestigingen in de gemeente Nijkerk. Dat is duidelijk meer dan gemiddeld in Gelderland (116) en Nederland (124,4). Financiële holdings. 165,5 vestigingen per 10.000 inwoners in de gemeente Nijkerk versus 139,8 in Gelderland en 150,0 in Nederland. Goederenvervoer over de weg. De score van 11,5 vestigingen per 10.000 inwoners in de gemeente Nijkerk (met 12,5 in Hoevelaken) ligt in de buurt van die in Gelderland (10,4) en Nederland (10).
5
Nijkerk vormt met de gemeenten Rhenen, Wageningen, Ede, Veenendaal, Barneveld, Scherpenzeel en Renswoude het zogenoemde regionaal samenwerkingsverband Regio Foodvalley. 6 Gemeente Nijkerk (2021). Beleidsnota huisvesting arbeidsmigranten. 7 Zie bijlage 4 voor een korte toelichting op de term risicobranches, gebaseerd op criminologische literatuur.
-18-
▪
▪ ▪ ▪
De autobranche. Het aantal vestigingen in de categorie ‘Handel in en reparatie van auto’s’ ligt op 38,1 per 10.000 inwoners in de gemeente Nijkerk, met een piek in Nijkerk-Stad (43,5): dat laatste is goed zichtbaar op – het laatste stukje van - enkele routes richting het gemeentehuis. Het gemiddelde in Gelderland ligt op 25,6 en in Nederland op 20,9. In de branche ‘groot- en detailhandel in auto’s’ telt de gemeente Nijkerk 6,2 vestigingen per 10.000 inwoners tegenover 4,2 in Gelderland en 3,4 in Nederland. Handel in en verhuur van vastgoed. Deze branche telt in de gemeente Nijkerk 35,1 vestigingen per 10.000 inwoners, tegenover 26,7 in Gelderland en 27,6 in Nederland. Uitzendbureaus. De score in de gemeente Nijkerk (4,8) ligt boven die in Gelderland (3,6) en Nederland (3,7). De beautysector. De gemeente Nijkerk telt in deze sector – waar de drie subbranches haarverzorging, schoonheidsverzorging en wellness onderdeel van uitmaken bovengemiddeld veel vestigingen per 10.000 inwoners. Zie de onderstaande tabel.
Tabel 2.1: Het aantal vestigingen in een branche per 10.000 inwoners in de gemeente Nijkerk, provincie Gelderland en in Nederland, voor tien branches met een concentratie in de gemeente Nijkerk (peilmoment: 2021, Q1) Bouwnijverheid Financiële holdings Goederenvervoer over de weg Handel in en reparatie van auto’s Groot- en detailhandel in auto’s Handel in en verhuur van onroerend goed Uitzendbureaus Haarverzorging Schoonheidsverzorging Wellness (geen haar- en schoonheidsverzorging)
Nijkerk 136,4 165,5 11,5 38,1 6,2 35,1
Gelderland 116 139,8 10,4 25,6 4,2 26,7
Nederland 124,4 150,8 10 20,9 3,4 27,6
4,8 69,7 27,3 14,7
3,6 43 23,3 11,2
3,7 43,3 23,6 12
Ad e.) Vakantieparken Er bestaat in Nederland, ook in Gelderland, een overschot aan recreatieparken of campings. De gemeente Nijkerk telt, naast campings, drie vakantieparken. Een categorie is economisch kwetsbaar en daarmee vatbaar voor illegale (permanente) bewoning. Door de schaarste aan (goedkope of betaalbare en snel beschikbare) woningen kunnen kwetsbare parken fungeren als een soort vluchtheuvel: een plek om kwetsbare personen (waaronder arbeidsmigranten) te huisvesten en een locatie waar naartoe opportunisten of criminelen uitwijken (Van der Torre en Spoorendonk, 2020) . De gemeente Nijkerk staat geen permanente bewoning toe op de parken, al gebeurt dat wel. Ook bestaat het risico dat geld wordt witgewassen bij de aankoop, de verbouwing of de verhuur van - woningen op - vakantieparken. De gemeente
-19-
Nijkerk heeft de gang van zaken op de vakantieparken (nog) niet goed in beeld. Er zal een analyse worden uitgevoerd naar ondermijningsrisico’s, in het kader van het provinciale project Ariadne.
2.3 Culturele factoren Het sterk ontwikkelde arbeidsethos is een rem op criminaliteit. Voor velen is het vanzelfsprekend om hard te werken. Dit draagt bij aan de vitale lokale economie. Vanuit de invalshoek van ons onderzoek komen daarnaast in de interviewronde culturele patronen in beeld die resulteren in criminele kansen en risico’s: ▪
Vriendengroepen: alcohol, sociale media en drugs. Het sociale leven van jeugd en jongvolwassenen staat sterk onder invloed van sociale media. Dit heeft in de gemeente Nijkerk grote impact gehad. Er bestond namelijk al een lokale cultuur waarin, van jong tot oud, in veel kringen veel alcohol werd gedronken. Wie hard werkt, verdient het om - zeker op vrijdag en zaterdag - veel te drinken, zo is althans de culturele gedachte. Van lieverlee is dat vermengd geraakt met drugsgebruik, aangemoedigd door het aanbod via sociale media. Het betreft met name het gebruik van speed en cocaïne. Deze drugs ‘helpen’ om op de been te blijven bij zwaar werk of bij alcoholgebruik. De cultuur onder jongeren in Nijkerk lijkt op die in Spakenburg en Bunschoten, inclusief het vele drugsgebruik. Voor Hoevelaken geldt dat de grote stad dichtbij is. De Amersfoortse coffeeshop zit bijna letterlijk om de hoek. Ook het illegale aanbod is (in de hele gemeente) dichtbij, met lokale dealers en met talrijke dealers (ook uit Amersfoort) die goed bereikbaar zijn via sociale mediakanalen. Respondenten wijzen al met al op stevig drugsgebruik, hetgeen in lijn is met de resultaten van een onderzoek naar drugsresten in het rioolwater uit 2013.
Tabel 2.2: Rioolwater onderzoek gemeente Nijkerk in 20138 Het gebruik van amfetamine, beter bekend als speed, is fors in Nijkerk en omgeving. Dat blijkt uit de analyse van rioolwater in opdracht van de Stichting Moedige Moeders. Die zegt geschokt te zijn over de uitkomst. Onderzoeksinstituut KWR bekeek de concentraties harddrugs die in vijf zuiveringsinstallaties in Nederland zijn gevonden. Wat betreft speed scoort Nijkerk hoger dan andere onderzochte steden als Utrecht en Amsterdam. Absolute koploper wat betreft het gebruik van speed is Eindhoven. Het gebruik van cocaïne, MDMA (XTC) en amfetamine (speed) vergeleken op basis van de analyseresultaten van vijf installaties. Daarbij moet volgens de onderzoekers nadrukkelijk worden aangetekend dat cijfers van verschillende jaren worden gepresenteerd. Die van Nijkerk komen uit 2013, die van de andere vergeleken installaties zijn ouder en kunnen dus hoger of lager zijn. Wat betreft cocaïne scoort in het onderzoek alleen Amsterdam hoger. Het gebruik van XTC ligt op het niveau van Amsterdamse cijfers uit 2011. Volgens de onderzoekers is in het onderzoek alleen gekeken naar de resultaten van vijf installaties en zijn de Nijkerkse resultaten vergelijkbaar met die van een gemiddelde grote stad. 8
Bron: Omroep Gelderland, Speedgebruik Nijkerk scoort hoog, 25 april 2013.
-20-
▪
Trage signalering van misstanden: de vuile was wordt niet of in een laat stadium buiten gehangen. Veiligheidsproblemen of sociale problemen worden bepaald niet snel gemeld bij de overheid; problemen en misstanden worden (lang) in de eigen kring gehouden. Er wordt getracht ze op te lossen. Respondenten spreken over geslotenheid. Zelfredzaamheid heeft cultureel de voorkeur boven de helpende hand van de overheid. In eigen kring worden ook veel zaken opgelost. Als dat niet lukt zoals bij drugsverslaving of criminalisering – is de overheid nodig en betreft het vaak een al lang bestaand probleem dat mogelijk uit de hand is gelopen. Toen de zogenoemde moedige moeders het drugsgebruik in Nijkerk aankaartten, in 2012 en 2013, waren het stevige drugsgebruik en de georganiseerde drugshandel al geworteld. Deze moeders lieten rioolonderzoek doen om een indicatie te krijgen van het drugsgebruik in Nijkerk; het cocaïne-, MDMA- en speedgebruik bleek op grootstedelijk peil te liggen.9
▪
Een ideale lokale drugsmarkt voor dealers. Voor drugsdealers (waaronder dealers uit Amersfoort) is de gemeente Nijkerk een aantrekkelijke gemeente: dichtbij, lage pakkans, nauwelijks boa’s, makkelijk te omzeilen cameratoezicht en klanten met veel of (ruim) voldoende contant geld. Dit maakt dat de potentiële opbrengsten van drugshandelaren in de gemeente Nijkerk hoog zijn. De pakkans is laag bij een (afgeschermd) delict zoals drugshandel en daarvan wordt nu eenmaal geen aangifte gedaan door slachtoffers. Het vergt doorgaans wel aanzienlijke politiecapaciteit om drugshandel te bewijzen.
▪
Gemengde gevoelens over handhaving. In de lokale gemeenschap(pen) zou men graag zien dat opgebouwd maatschappelijk krediet meeweegt bij controle en handhaving. In die zin dat (rechts)personen die hard werken en ondernemen coulanter worden behandeld bij een mogelijke overtreding dan mensen die hun sporen niet hebben verdiend. Deze lokale wens botst met het gelijkheidsbeginsel dat geldt bij handhavingsbeleid.
2.4 Afsluiting Dit hoofdstuk analyseerde de criminele gelegenheidsstructuren. Het volgende hoofdstuk beziet waarin dit, voor zover bekend, resulteert. Hoofdstuk 3 gaat over ondermijnende praktijken.
9
De gemeente wijst op mogelijke vertekening bij het riool-onderzoek omdat niet alleen drugsgebruik de gemeten waarde kan verklaren, maar bijvoorbeeld ook drugsvervuiling in het water. We zijn niet gewezen op een betere bron over het lokale drugsgebruik dan dit rioolonderzoek.
-21-
3. Ondermijnende praktijken Dit hoofdstuk beschrijft en analyseert ondermijnende praktijken. Er wordt achtereenvolgens ingegaan op drugscriminaliteit (paragraaf 3.1), op delicten die zijn verweven met de praktijken van criminele drugsnetwerken (paragraaf 3.2) en op de gang van zaken met betrekking tot vastgoed en op vakantieparken (paragraaf 3.3). Paragraaf 3.4 gaat over voertuig-criminaliteit, handel in illegaal vuurwerk en mensenhandel.
3.1 Drugscriminaliteit in Nijkerk Als we kijken naar alle drugsgerelateerde politieregistraties in de gemeente Nijkerk (zie tabel 3.1), laat dit een stevige toename zien sinds 2018. In 2018 en 2019 gaat het bij elkaar om 248 registraties, tegenover 403 in 2021 en 2022. Dat is een toename met 63 procent. Dit algemene beeld kan worden verbijzonderd: ▪
▪
▪ ▪
▪
De meeste registraties worden genoteerd voor ‘overlast i.v.m. alcohol of drugs’ en voor ‘rijden onder invloed van drugs of een geneesmiddel, al dan niet in combinatie met alcohol’. In vijf jaar tijd, van 2018 tot en met 2022, betreft het respectievelijk 403 en 227 registraties. In 2021 en 2022 wordt ‘rijden onder invloed’ 104 keer geregistreerd; dat is 14 procent meer dan in 2018 en 2019 (91 registraties). Met name in de kern Nijkerk wordt dit tussen 2018 en 2022 veel geregistreerd, getuige een score van 146. De geregistreerde overlast stijgt met 116 procent, van 108 (2018 en 2019) naar 233 (2021 en 2022). Als we kijken naar drugsproductie (vervaardigen van harddrugs of softdrugs) en de vondsten van drugsafval, worden in totaal 18 registraties genoteerd in de periode van 2018 tot en met 2022. Dat is duidelijk minder dan in de gemeente Barneveld, waar de teller wat dit betreft uitkomt op 38. De registraties voor ‘vervaardigen softdrugs’ dalen, met vijf in 2018 en 2019 versus drie in 2020 en 2021. Voor drugshandel (harddrugs en softdrugs) geldt dat de registraties op een tamelijk laag niveau lagen en liggen, met 49 registraties in vijf jaar tijd. Dat zijn gemiddeld 0,8 registraties per maand. De handel in harddrugs vindt, volgens de politieregistraties, met name plaats in Nijkerk (33 registraties) en in mindere mate in Nijkerkerveen (5) en Hoevelaken (4).
Hoewel drugshandel in de gemeente Nijkerk laagfrequent wordt geregistreerd, betreft het 58 procent van het totaal aantal registraties (73) voor drugshandel in het basisteam, dus in de gemeenten Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel. Per 1.000 inwoners ligt het aantal drugshandel-registraties op 10,9 in de gemeente Nijkerk (45.029 inwoners) en op 5,7 in de gemeente Barneveld (61.769). Professionals wijzen op lokale drugshandel, terwijl het aantal politieregistraties laag is. Deze discrepantie tussen straatinformatie en registraties komt doordat drugshandel een zogenoemd consensual crime is; een misdrijf dat wordt gepleegd met instemming tussen dealer en klant, zonder dat in directe zin -22-
slachtoffers worden gemaakt. Omdat burgers nauwelijks aangifte doet, worden de cijfers bepaald door investeringen van de politie. Daarbij is het vanwege gangbare criminele werkwijzen (afscherming, mobiele drugshandel) lastig om aanhoudingen te verrichten en bewijs te vergaren. In de mediaberichtgeving over drugscriminaliteit in de Veluwe Vallei valt op dat de provincie Gelderland wordt getypeerd als een aantrekkelijke provincie voor drugsproductie, mogelijk mede vanwege verplaatsing uit Noord-Brabant (al blijft dat onzeker). De provincie Gelderland trekt vanaf 2021 elk jaar bijna een miljoen euro uit voor de bestrijding van ondermijnende criminaliteit.10 De gemeenten Barneveld, Scherpenzeel en Nijkerk doen mee aan een publiekscampagne van Meldpunt Meld Misdaad Anoniem tegen drugslabs in het buitengebied.11 Interviews, registraties en nieuwsberichten wijzen op negen drugslabs én zes afval-vondsten in 2020 en 2021 in de gemeente Barneveld. Toch benadrukken respondenten dat in de gemeente Nijkerk drugsnetwerken uit het Nederlandse of regionale topsegment actief zijn. Daarbij wordt drugshandel (zichtbaar in de gemeente Nijkerk) gecombineerd met drugsproductie; de know how voor drugsproductie is aanwezig (zie punt e in de onderstaande opsomming). Dat laatste is dus nauwelijks zichtbaar of aangetroffen in de gemeente Nijkerk.
De registraties inzake ‘vervaardigen softdrugs’ liggen sinds 2018 op een laag niveau. Experts (van de politie) geven drie algemene landelijke verklaringen voor de afname van het aantal hennepkwekerijen, terwijl er waarschijnlijk niet minder wordt geteeld.12 Ten eerste schermen criminelen de plantages beter af, waardoor ze bijvoorbeeld niet zijn te detecteren met warmtemetingen en er ook minder stank is. Voorts wordt gewerkt met klimaatcontrolesystemen, waardoor productielocaties minder vaak hoeven te worden bezocht. Er is dan minder (verdachte of opvallende) aanloop bij een pand met een hennepkwekerij. Tevens wordt de aanleg van hennepplantages vaker goed ingebed in legale activiteiten, zoals bouwwerkzaamheden, regulier onderhoud of regulier werkverkeer, dus passend bij een bedrijfspand, woning of agrarisch bedrijf. Ten tweede is bij de politie de prioriteit voor hennepteelt afgenomen. Andere (drugs)delicten, zoals cocaïnehandel of grof geweld, krijgen bijvoorbeeld voorrang. Het basisteam van de politie beschikt wel over hennepcoördinatoren en investeert dus in de hennep-aanpak. Ten derde maken burgers (onder meer bij Meld Misdaad Anoniem) minder vaak melding van hennepteelt. Dit kan deels worden verklaard door de betere afscherming van kwekerijen; burgers zien of ruiken het dan immers minder
10
Johan Hardeman (14 jan 2020). Alarmerend rapport provincie: “Pillen in uitgaanscircuit Amsterdam komen uit Gelderse drugslabs”. De Stentor. 11 Johan Hardeman (24 oktober 2019). Zorgen over oprukkende drugscriminaliteit. AD/Amersfoortse Courant. 12 Bron: Nationale Politie, Nationaal Overzicht Drugslocaties 2022, 2023; Platform Veilig Ondernemen BrabantZeeland, Weer meer drugslabs in 2022, 26 april 2023, geraadpleegd via: https://pvo-brabant-zeeland.nl/weermeer-drugslabs-in-2022-vooral-in-brabant/. Zie voor een korte toelichting (onder meer door een politiefunctionaris) op deze drie verklaringen bijvoorbeeld deze video (“In 2022 werden fors minder wietplantages ontdekt. Toch werd er waarschijnlijk niet minder gekweekt. Hoe dat kan leggen we uit in deze video”): https://www.ad.nl/video/productie/steeds-minder-wietplantages-ontdekt-zo-komt-het-391463)
-23-
snel. De slotsom is dat de registraties over het ‘vervaardigen van softdrugs’13 weinig tot niets zeggen over de (lokale of landelijke) omvang van de hennepteelt. Tabel 3.1 Politieregistraties van drugsgerelateerde delicten in de gemeente Nijkerk in de periode van 2018 tot en met 2022 (en tot en met medio april 2023), afgezet tegen drugsgerelateerde registraties in het gehele basisteam Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel in dezelfde periode. (Bron: politie)
Bezit harddrugs (Lijst I) Bezit softdrugs (Lijst II) Handel e.d. harddrugs (Lijst I) Handel e.d. softdrugs (Lijst II) Vervaardigen harddrugs (Lijst I) Vervaardigen softdrugs (Lijst II) Afval drugslab Overige drugsdelicten Aantreffen drugs (geen verdachte) Overlast i.v.m. alcohol/drugs Rijden onder invloed drugs/ genees-middel, al dan niet i.c.m. alcohol Totaal
Gemeente Nijkerk 2018 2019 2020
Basisteam 2018-2022 **
2021
2022
2023 *
4 2 6 1 0 2 1 2 6
6 1 5 2 0 3 0 3 5
7 4 8 1 0 2 1 1 10
6 5 13 2 1 3 0 0 5
12 3 10 1 0 0 0 1 4
6 1 2 0 0 0 0 0 3
2018 2022 35 15 42 7 1 10 2 7 30
41 21
67 70
62 32
96 48
137 56
32 24
403 227
809 554
86
162
128
179
224
68
779
1.752
86 49 73 16 5 40 11 21 88
Noot * Cijfers tot en met medio april ** gemeenten Barneveld, Nijkerk en Scherpenzeel
Wat drugscriminaliteit betreft komen de volgende patronen in beeld: a. Bovenlokale criminele netwerken: actief op verschillende drugsmarkten b. Drugshandel: (pushende) drugsdealers zijn fysiek en digitaal dichtbij c. Drugshandel en jeugdnetwerken: geld verdienen en sociaal-criminele druk d. Drugscriminelen gebruiken de lokale infrastructuur e. Drugsproductie: know how wat betreft hennep en synthetische drugs Ad a.) Bovenlokale criminele netwerken: actief op verschillende drugsmarkten In de gemeente Nijkerk zijn goed georganiseerde criminele netwerken actief in de drugswereld. De netwerken zijn lokaal ingebed en beschikken over criminele op bovenlokaal niveau, onder meer in Amersfoort en breder in Midden-Nederland en richting Harderwijk en Putten. De criminele belangen (bij handel en productie) worden beschermd, onder meer met contra-observatie. Respondenten zijn bezorgd over de lokale impact van de drugshandel: jongeren zien dat als kans (geld verdienen) en actieve drugsverkoop stimuleert drugsgebruik en drugsverslaving. Goed georganiseerde netwerken benutten markten waarmee veel geld kan worden verdiend. Het gaat om hennepteelt, om de productie van en handel in