VTH- jaarverslag 2025
Tekst van het document
VTH - Jaarverslag 2025 Vergunningverlening, toezicht en handhaving
17 maart 2026
Bestuurlijke oplegger VTH-jaarverslag 2025 In het VTH-Uitvoeringsbeleid zijn zes sporen opgenomen die leidend zijn in de doorontwikkeling van het werkveld. Die zes sporen gebruiken we als leidraad om u te informeren over de uitvoering van de VTH -taken; welke keuzes er gemaakt zijn in de praktijk en wat betekent dat op bestuurlijk niveau. Spoor 1: De inzet op veiligheid krijgt prioriteit, op basis van risicosturing : In 2025 bleef risicosturing het leidende principe bij vergunningverlening en toezicht. De focus lag op constructieve veiligheid en brandveiligheid, waarvoor alle bouwactiviteiten technisch zijn getoetst. De constructeur beoordeelde alle constructieve gegev ens en de Veiligheidsregio adviseerde bij aanvragen met verhoogde brandveiligheidsrisico’s. Voor evenementen zijn de veiligheidsplannen verder onder de aandacht gebracht. Het risicogestuurd beoordelen van aanvragen is versterkt, met als voorbeeld de vergunning voor de voetbalwedstrijd Rohda Raalte – FC Twente, waarbij de lijn “ja, mits” is toegepast. De samenwerking met hulpdiensten is verdiept door frequenter overleg, waardoor risico’s eerder en integraal zijn beoordeeld. Ook de rol van evenementencoördinator is verder ingevuld. In het toezicht zijn regelmatig constructieve overtredingen geconstateerd en hersteld. Door het afronden van openstaande Wabo -vergunningen zijn meer controles uitgevoerd dan gepland.
Bij één Wkb -project kwamen bij een steekproef constructieve overtredingen aan het licht die niet door de kwaliteitsborger waren opgemerkt, wat reden is om in 2026 nauwgezet te blijven volgen. Voor zowel technisch toezicht als omgevingsplanactiviteiten zijn minimaal twee controles per activiteit uitgevoerd. Hiermee is het naleefgedrag volledig in beeld en vormt dit de basis voor het VTH -uitvoeringsprogramma 2026. Spoor 2: Meer aandacht voor thema’s als duurzaamheid , gezondheid en groene inpassingen : In 2025 zijn duurzaamheid, gezondheid en groene inpassing structureel betrokken bij vergunningverlening en beoordeling van bouw - en planologische aanvragen. De GGD adviseerde hierover regelmatig . De ervenconsulent van Het Oversticht hielp veelvuldig bij het beoordelen van groene en landschappelijke inpassing. Voor evenementen is afgelopen jaar een nieuw concept uitvoeringsbeleid opgesteld , met extra aandacht voor duurzame materialen, afvalscheiding, gezondheidsthema’s en veiligheid. Daarnaast zijn o rganisatoren actief geïnformeerd via nieuwsbrieven, bijeenkomsten en de gemeentelijke website. Het toezicht op duurzaamheid en groene taken blijft beperkt door lage ambitieniveaus (zoals 5% voor houtopstanden en 25% voor landschappelijke inpassing). Bij technische controles zijn geen bijzonderheden vastgesteld op het gebied van gezondheid.
Meldingen met hoge risico’s in de leefomgeving krijgen prioriteit en worden snel en intensief opgevolgd. Spoor 3: Samenlevingssturing op signaalbasis en met een jaarlijkse thematische focus : In 2025 zijn meldingen over de woon - en leefomgeving actief opgepakt door de boa’s . Elke melding werd eerst beoordeeld op risico’s en vervolgens doorgezet naar de juiste contactpersoon. De meeste meldingen betroffen ergernissen in de openbare ruimte, waarbij parkeeroverlast en geluidsoverlast de overhand nemen. Spoor 4: Inzet op communicatie voor bewustwording en preventie : In 2025 is ingezet op preventie door het vergroten van bewustwording en het stimuleren van gedragsverandering. Dit gebeurde onder meer via gerichte communicatiecampagnes op sociale media. Een voorbeeld hiervan is de campagne over het stoken van houtkachels , gericht op het verminderen van overlast en het bevorderen van verantwoord stookgedrag.
2
Spoor 5: Het inzetten op preventie, via het sectorale beleid : Toezicht & Handhaving sluit structureel vroeg aan bij de ontwikkeling van nieuw sectoraal beleid. Hierdoor kon vanaf het begin worden meegedacht over de uitvoerbaarheid, de gewenste werkwijze en de benodigde capaciteit. Deze preventieve benadering zorgt er voor dat beleid beter aansluit op de praktijk en dat risico’s al in de ontwerpfase worden beperkt. Spoor 6: Het herschikken van taken en inzetten op procesoptimalisatie : In 2025 is ondanks de hoge werkdruk goed werk geleverd binnen vergunningverlening en RO: de kwaliteit van toetsing bleef op niveau en de gemiddelde doorlooptijd voor Omgevingswetaanvragen bleef binnen de reguliere termijn van acht weken. Door inzet van ext erne krachten en interne verschuivingen kon de benodigde formatie op peil blijven. Het project om alle bouwdossiers te digitaliseren nadert afronding begin 2026. Daarnaast is vanaf medio 2025 gebruikgemaakt van de AI ‑tool Struck AI, waardoor klantvragen sn eller kunnen worden beantwoord. Er is veel geïnvesteerd in het inzichtelijk maken en verbeteren van werkprocessen. Diverse processen zijn ingericht in het zaaksysteem IJVI, wat administratieve lasten vermindert en zorgt voor meer uniforme werkwijzen.
Ook zijn openstaande taken en veroude rd beleid geïnventariseerd, waarbij het Uitvoeringsbeleid Evenementen prioriteit kreeg voor actualisatie. Binnen het cluster is daarnaast gewerkt aan efficiënter overleg, betere bestuurlijke besluitvorming en het versterken van rollen zoals evenementencoör dinator en beleidsmedewerker APV. Binnen toezicht en handhaving is ingezet op verdere professionalisering. Processen zijn verbeterd, maandelijks vindt data ‑analyse plaats en de samenwerking met andere clusters is versterkt. Uit deze analyses blijkt ook behoefte aan meer specialistische kennis volgens de kwaliteitscriteria 3.0. In 2025 is gestart met het traject om het cluster te versterken; in 2026 worden de benodigde maatregelen en middelen verder uitgewerkt. Tot slot wordt gewerkt met slim en thematisch toezicht. Meldingen worden zorgvuldig geregistreerd, geclusterd en bewaakt door de boa ‑coördinator, waardoor effectief kan worden ingezet. Er is bovendien voldoende achtervang georganiseerd om continuïteit te borgen, ook tijdens vakantieperiodes. Beoordeling IBT Vanuit het interbestuurlijk toezicht krijgen wij het kleurbeeld ‘Groen’. Er zijn nog wel verbeterpunten: 1. Werk aan de verdere ontwikkeling van indicatoren en streefwaarden voor de gestelde doelen in het uniforme regionale VTH -beleid en maak de realisatie hiervan inzichtelijk in het jaarverslag 2025. 2.
Zet in 2026 vervolgstappen om de inzet van het regionale dynamisch risicoprioriteringsinstrument (RPI) verder te concretiseren en te implementeren, zodat inzichtelijk wordt hoe RPI -uitkomsten de toezichtplanning sturen. 3. Zorg voor inzicht in de actualiteit van de relevante vergunningen die bij de Omgevingsdienst zijn belegd en actualiseer deze, waar nodig, volgens de wettelijk vastgestelde termijnen. In paragraaf 1.4 is de volledige beoordeling opgenomen inclusief onze reactie op de verbeterpunten. OD IJsselland Het VTH-Jaarverslag voor de taken die door de Omgevingsdienst IJsselland worden uitgevoerd maakt deel uit van dit jaarverslag. Het jaarverslag is in bijlage 1 van dit gemeentelijke VTH- jaarverslag toegevoegd . Een van de ontwikkelingen binnen de OD IJS is om meer data gestuurd te gaan werken. Maandelijks bespreken wij het dashboard met de gemaakte uren en geleverde producten met de ODIJS binnen de accountlijn . De informatie is kwantitatief van aard, maar het gesprek wordt ook gevoerd over kwalitatieve aspecten zoals doorlooptijden en complexe dossiers. Over 2025 heeft de gemeente Raalte meer uren geleverd gekregen dan was afgesproken. De toename is veroorzaakt door een toename van h andhavingszaken, juridische procedures en WOO -verzoeken. De toename is in totaal 102,18% en blijft daarmee binnen de begrotingsnorm van 5% .
3
Inhoudsopgave Bestuurlijke oplegger VTH -jaarverslag 2025 ................................ ................................ ................................ ......................................... 2 1
Inleiding ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ .....................................7 1.1
Aanleiding ................................ ................................ ................................ ................................ ......................................................... 7
1.2
Beleidskader en ontwikkelingen ................................ ................................ ................................ .............................................. 7
1.2.1 VTH- uitvoeringsbeleid 2021 ................................ ................................ ................................ .................................................. 7 1.2.2 Actualisatie uitvoerings - en handhavingsstrategie ................................ ................................ .......................................7 1.2.3 Omgevingswet en Wabo ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 8 1.2.4 Informatievoorziening IJVI ................................ ................................ ................................ ....................................................... 8 1.2.5 Risicoanalyse ................................ ................................ ................................ ................................ ................................................. 8 1.2.6 Tussentijdse monitoring ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 8 1.3
Kwaliteitsverordening ................................ ................................ ................................ ................................ ..................................8
1.3.1 Kwaliteitsverordening 2023 ................................ ................................ ................................ .................................................... 8 1.3.2 Kwaliteitscriteria 3.0 ................................ ................................ ................................ ................................ ...................................8 1.3.3 Procescriteria................................ ................................ ................................ ................................ ................................................. 9 1.4
Oordeel provinciale handhavingsregisseur (IBT) ................................ ................................ ............................................... 9
1.4.1
Beoordeling 2025 ................................ ................................ ................................ ................................ ................................9
1.4.2 Verbeterpunten 2026 ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 10 1.5 2
3
4.
5.
Kwaliteitsdoelen, indicatoren en streefwaarden ................................ ................................ ............................................. 10
Vergunningverlening en RO ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 11 2.1
Uitvoering in uren en producten ................................ ................................ ................................ ........................................... 11
2.2
Constructieve veiligheid ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 12
2.3
Duurzaamheid, gezondheid en landschappelijke inpassing
2.4
Overige vergunningverlening en RO -werkzaamheden ................................ ................................ ................................13
................................ ...................................................... 13
Vergunningverlening APV/Bijzondere wetten ................................ ................................ ......................................................... 14 3.1
Uitvoering in uren en producten ................................ ................................ ................................ ........................................... 14
3.2
Risicogestuurd werken ................................ ................................ ................................ ................................ ................................15
3.3
Procesontwikkelingen ................................ ................................ ................................ ................................ ................................15
3.4
Overige APV/ bijzondere wetten ................................ ................................ ................................ ........................................... 15
Toezicht en handhaving WABO, Omgevingswet en APV ................................ ................................ .....................................16 4.1
Uitvoering in uren en producten ................................ ................................ ................................ ........................................... 16
4.2
Uitvoering Wabo ................................ ................................ ................................ ................................ .......................................... 16
4.3
Uitvoering Omgevingswet ................................ ................................ ................................ ....................................................... 16
4.4
Uitvoering handhaving ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 19
4.5
Brandveilig gebruik ................................ ................................ ................................ ................................ .....................................21
4.6
Alcoholwet ................................ ................................ ................................ ................................ ...................................................... 22
4.7
Overige Toezicht en handhaving ................................ ................................ ................................ ........................................... 22
Toezicht en handhaving openbare ruimte ................................ ................................ ................................ ................................23 5.1
Uitvoering in uren en producten ................................ ................................ ................................ ........................................... 23 4
5.2
Parkeren ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 23
5.3
Carbidschieten ................................ ................................ ................................ ................................ .............................................. 24
Bijlage 1 VTH- jaarverslag OD IJsselland ................................ ................................ ................................ ............................................... 25 Inhoud ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ................................................ 27 1. Inleiding ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ........................................ 28 1.1 Doel en context ................................ ................................ ................................ ................................ .................................................. 28 1.2 Regionale beleidscyclus ................................ ................................ ................................ ................................ ..................................28 1.3 Leeswijzer.................................................................................................................................................................. 28 2. Regulering ................................ ................................ ................................ ................................ ................................
....................................29 2.1 Behandelen ‘informatieplichten’, meldingen en vergunningaanvragen
................................ ....................................29
2.2 Actualiseren vergunningen ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 30 3. Toezicht en handhaving voor een veilige en schone leefomgeving
................................ .................................................... 32
3.1 Algemene doelen voor een veilige en schone leefomgeving
................................ ......................................................... 32
3.2 Meldpunt en klachtenafhandeling ................................ ................................ ................................ ............................................. 34 3.3 Asbest ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ .....................................36 3.4 Vuurwerk ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ................................37 3.5 Ketentoezicht en ondermijning ................................ ................................ ................................ ................................................... 37 3.6 Strafrecht en boa’s ................................ ................................ ................................ ................................ ............................................. 38 3.7 Handhavingszaken en -verzoeken ................................ ................................ ................................ .............................................. 39 4. Toezicht en handhaving voor een duurzame leefomgeving ................................ ................................
...................................40 4.1 Algemene doelen voor een duurzame leefomgeving ................................ ................................ ........................................ 40 4.2 Toezicht Werkgebonden personenmobiliteit ................................ ................................ ........................................................ 41 5. Programma Advisering ................................ ................................ ................................ ................................ ........................................... 42 5.1 Advisering geluid ................................ ................................ ................................ ................................ ............................................... 43 5.2 Advisering externe veiligheid ................................ ................................ ................................ ....................................................... 44 5.3 Milieuzonering ................................ ................................ ................................ ................................ .................................................... 44 5.4 Zienswijzen, Woo-verzoeken en juridische procedures ................................ ................................
.....................................44 5.5 Advies luchtkwaliteit, geur en licht ................................ ................................ ................................ ............................................. 44 5.6 Bodem ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ....................................44 5.7 Advisering omgevingsplannen ................................ ................................ ................................ .................................................... 45 6. Facultatieve taken en projecten ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 46 6.1 Facultatieve taken ................................ ................................ ................................ ................................ ............................................. 46 6.2 Projecten ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ ................................46 7. Gemeente Raalte ................................ ................................ ................................
................................ ....................................................... 48 8. Kwaliteit en doorontwikkeling ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 52 8.1 Analyse en trends ................................ ................................ ................................ ................................ .............................................. 52 8.2 Kwaliteitscriteria 3.0 ................................ ................................ ................................ ................................ .......................................... 53 8.3 Rapportage en monitoring ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 54 Bijlage 1. Inzet en realisatie Omgevingsdienst IJsselland 2025 ................................ ................................ ...................................56 Bijlage 2. Inzet Gemeente Raalte ................................ ................................ ................................ ................................ ................................ 57 5
Bijlage 3. Afkortingenlijst ................................ ................................ ................................ ................................ ............................................ 58 Bijlage 2 Kwaliteitsdoelen, indicatoren en streefwaarden ................................ ................................ ............................................ 59 Bijlage 3 Rapportage kwaliteitscriteria 3.0 ................................ ................................ ................................ ........................................... 62
6
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
Met dit jaarverslag Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) 202 5 kijkt Raalte terug op de uitvoering van het VTH-programma in dat jaar. We geven aan welke inzet in 202 5 is gepleegd op de VTH -taken, in hoeverre dit overeenkomt met de plannen en, als dit afwijkt, wat hiervoor de verklaring is. We doen dit aan de hand van een set van parameters die we gedurende het jaar hebben gemonitord , besproken en waar nodig bijgesteld. De resultaten van de tussentijdse monitoring hebben , voor zover mogelijk, mede bijgedragen aan het uitvoeringsprogramma VTH 2026. Dit verslag vormt de laatste stap in de beleidscyclus maar toch deels ook de eerste stap in die voor het nieuwe uitvoeringsjaar . Via deze beleidscyclus legt het college verantwoording af aan de raad over de uitvoering van het beleid. In december 2021 is het VTH-uitvoeringsbeleid voor de thuistaken door het college vastgesteld . Dit uitvoeringsbeleid is voor 2025 het kader geweest waarbinnen de uitvoering van de VTH -taken vorm heeft gekregen . In december 2025 is de uitvoerings - en handhavingsstrategie van de thuistaken Raalte door het college vastgesteld , waarop ook de sporen en doelstellingen van het uitvoeringsprogramma VTH 2026 is gebaseerd. Het jaarverslag kent een onderscheid tussen de thuistaken, taken die we zelf uitvoeren, en de milieutaken die door de Omgevingsdienst worden uitgevoerd.
In Bijlage 1 is het definitieve jaarverslag opgenomen.
1.2
Beleidskader en ontwikkelingen
Het VTH- jaarverslag 2025 is gebaseerd op het VTH - uitvoeringsbeleid 2021. In 2025 is het geactualiseerde beleid in het uitvoerings - en handhavingsstrategie vastgesteld . 1.2.1 VTH- uitvoeringsbeleid 2021 Dit VTH-jaarverslag is gebaseerd op de uitvoering skaders zoals die eind 2021 door het college zijn vastgesteld in het uitvoeringsbeleid VTH-thuistaken Raalte. Dit uitvoeringsbeleid geeft richting aan de uitvoering van de VTH -taken door middel van de in het beleid gestelde doelen. Daarbij gaat het primair om doelen die betrekking hebben op de kwaliteit van de uitvoering van de VTH -taken. In het VTH-uitvoeringsbeleid zijn zes sporen opgenomen die leidend zijn bij de uitvoering van de VTH -taken: 1. De inzet op veiligheid krijgt prioriteit, op basis van risicosturing; 2. Meer aandacht voor thema’s als duurzaamheid , gezondheid en groene inpassingen; 3. Samenlevingssturing op signaalbasis en met een jaarlijkse thematische focus; 4. Inzet op communicatie voor bewustwording en preventie; 5. Het inzetten op preventie, via het sectorale beleid; 6. Het herschikken van taken en inzetten op procesoptimalisatie. In dit jaarverslag verantwoorden de wijze waarop we in 202 4 deze zes sporen hebben verbonden met de uitvoering. In de verdere uitwerking van dit jaarverslag zal hier- naar worden verwezen c.q.
teruggekomen 1.2.2 Actualisatie uitvoerings - en handhavingsstrategie In december 2025 heeft het college het geactualiseerde VTH -uitvoeringsbeleid vastgesteld, dat voortaan de uitvoerings - en handhavingsstrategie (UHS) wordt genoemd. De UHS is een bijgewerkte versie van het eerdere VTH-uitvoeringsbeleid. Naast inhoudelijke a ctualisaties zijn nieuwe onderdelen toegevoegd, zoals het uitvoeringsbeleid voor de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de gedoogstrategie. De UHS wordt jaarlijks geëvalueerd en waar nodig aangepast. Gedurende het jaar worden de VTH -taken continu gemonitord. Daarmee houden we inzicht in de mate waarin de uitvoering doelmatig verloopt. De uitkomsten van deze monitoring kunnen aanleiding geven o m binnen het jaar werkafspraken, processen of de risicosturing bij te stellen.
7
1.2.3 Omgevingswet en Wabo Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor de fysieke leefomgeving vereenvoudigen en bundelen. De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Dit jaarverslag is echter niet uitsluitend gebaseerd op de Omgevingswet, maar deels ook op de u itvoering onder de Wabo. Dit komt doordat eind 2023 nog veel aanvragen zijn ingediend op grond van de Wabo, waarvan de behandeling volgens de “oude” wetgeving moet plaatsvinden. Deze afhandeling heeft in 2024 en 2025 doorgelopen en zal deels ook in 2026 no g zichtbaar zijn, met name bij het toezicht tijdens de bouw. 1.2.4 Informatievoorziening IJVI De regio IJsselland kennen een regio breed informatiesysteem voor de VTH-taken (IJVI). Hierin verwerken naast de Omgevingsdienst 10 van de 11 gemeenten in de regio IJsselland en de Veiligheidsregio de voortgang van de behandeling van aanvragen om vergunningen, meldingen, toezicht en handhaving. Maandelijks wordt de data uit IJVI en e -suite verwerkt in een daartoe ingericht dashboard. Dit das hboard maakt de effecten van de uitvoering zichtbaar en maakt het mogelijk om waar nodig bij te sturen . 1.2.5 Risicoanalyse Om onderbouwd een prioritering te kunnen maken in de uitvoering van, met name, de toe zicht en handhavingstaken wordt gebruik gemaakt van een specifieke daartoe ontwikkelde risicoanalyse tool.
Deze risicoanalyse tool is voor de thuistaken tegelijk met het uitvoeringsbeleid voor de thuistaken op 21 december 2021 door het college vastgesteld. De risicoanalyse tool moet onderhouden worden en zal indien en voor zover nodig jaarlijks aangepast worden aan ontwikkelingen. Voor het gebruik van de tool onder de Omgevingswet heeft deze aanpassing plaatsgevonden. In 2024 is onder de Omgevingswet het een nieuw Uitvoeringsbeleid vastgesteld voor de OD -taken. De uitvoering van dit regionale beleid is mede gebaseerd op de vernieuwde risicoanalyse tool voor de milieutaken die tegelijk met de vaststelling van het regionale uitvoeringsbeleid geïntroduceerd. Dit risicoprioriterings instrument (RPI) zal de komende jaren worden doorontwikkeld. 1.2.6 Tussentijdse monitoring De planning en de uitvoering van de VTH -taken door medewerkers van de gemeente Raalte worden periodiek besproken met de teamleiders en de medewerkers van de clusters T&H, VTH-O en RO-V van het domein Ruimte . De geprogrammeerde uitvoering van de VTH -taken wordt gemonitord aan de hand van het uitlezen van de data in IJVI (het VTH-systeem) en de E-suite (het lokale zaaksysteem ). Maandelijks wordt de informatie beoordeeld en ieder kwartaal worden deze uitkomsten besproken met de verantwoordelijk portefeuillehouders.
Waar het gaat om de aan de Omgevingsdienst overgedragen taken vindt eens per maand overleg plaats tussen de accountmanager van de OD IJsselland en de accounthouder namens de gemeente. De OD overleg d maandelijks de uitvoeringscijfers ( uren en aantal producten) .
1.3
Kwaliteitsverordening
Om de kwaliteit van de uitvoering van de VTH-taken te verbeteren, zijn door het Rijk kwaliteitscriteria ontwikkeld. 1.3.1 Kwaliteitsverordening 2023 De opvolger van de Kwaliteitsverordening uit 2016, de Verordening Uitvoering en Handhaving , is in december 2023 door de gemeenteraad vastgesteld in verband met de invoering van de Omgevingswet. Op basis van de planning en de aan de medewerkers toegewezen uren, zien wij of voldaan wordt aan de kritieke massa. Ook door samen te werken met buurgemeenten of met ketenpartners zoals de Omgevingsdienst de Veiligheidsregio kan hieraan worden voldaan . Er wordt op toegezien dat het opleidingsniveau voldoet aan de kennisvereisten uit de kwaliteitsverordening. Daar waar lacunes in kennis zit, wordt een opleiding of training voorgeschreven. 1.3.2 Kwaliteitscriteria 3.0 Op 1 januari 2025 zijn de kwaliteitscriteria 3.0 vastgesteld. Uit het overzicht dat is opgenomen in bijlage 3 blijkt dat wij, gezien de beperkte schaalgrootte van de gemeente Raalte, voor een beperkt aantal deskundigheidsgebieden niet volledig aan de kwaliteitscriteria kunnen voldoen. Ten aanzien van de activiteiten waar niet zelfstandig wordt voldaan aan KC 3.0. het volgende:
8
Conclusie kritieke massa Het blijkt dat niet aan alle deskundigheidsgebieden wordt voldaan en op één of meerdere deskundigheidgebieden de organisatie niet zelfstandig voldoet aan de kwaliteitscriteria voor de kritieke massa. In het komende jaar wordt: Geïnvesteerd in de opleidingen van medewerkers; Wordt samenwerking gezocht met omliggende gemeenten om via samenwerkingsovereenkomsten te zorgen dat aan de kwaliteitscriteria wordt voldaan. 1.3.3 Procescriteria Voor de totstandkoming van producten zoals vergunningen, controles en handhavingsacties zijn diverse werkprocessen ingericht . Transparantie en bestuurlijke vastlegging spelen daarin een belangrijke rol. De procescriteria samen leiden tot een sluitende cyclus en kwaliteitsborging. Daarbij is de “BIG -8” gehanteerd (beleidslevenscyclus). Het uitvoeringsbeleid , het jaarverslag en het uitvoeringsprogramma maken een deel uit van deze beleidscyclus. Na uitvoering van het uitvoeringsprogramma wordt in het jaarverslag geëvalueerd of de doelen zijn bereikt. Op basis van de evaluatie wordt bepaald in hoeverre de prioriteit en, doelen en strategieën dienen te worden bijgesteld en wordt het uitvoeringsprogramma voor het nieuwe jaar opgesteld. Conclusie Procescriteria Met het beleidsdeel voor het jaar 2025: Wordt voldaan aan de procescriteria. Met het operationeel deel voor het jaar 2025: Wordt voldaan aan alle inhoudelijke criteria.
1.4
Oordeel provinciale handhavingsregis seur (IBT)
In het kader van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT) geeft de provinciale handhavingsregisseur jaarlijks een oordeel over het VTH-uitvoeringsplan van de gemeente. Het oordeel van IBT luidt als volgt: 1.4.1 Beoordeling 202 5 Op basis van de uitgevoerde toetsing van IBT op het domein Omgevingsrecht VTH, de onderlinge samenhang van de documenten en de voortgangsgesprekken, is het kleurbeeld voor de gemeente Raalte groen . Er zijn nog wel verbeterpunten waar de gemeente Raalte het komende jaar aan kan werken. Verbeterpunten vorig jaar De gemeente is met de verbeterpunten uit het beeld 2024 aan de slag gegaan. Dit heeft geresulteerd in verbeteringen, maar er blijft op enkele onderdelen aandacht nodig. Beleidskader De gemeente Raalte heeft in 2021 VTH -beleid voor de thuistaken vastgesteld. Dit VTH -beleid bevat onder andere een probleemanalyse, strategieën, meerjaren doelstellingen en een risicoanalyse voor de bouw en RO -taken. Voor de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) maakt Raalte gebruik van de regionaal ontwikkelde toetsingsmatrix om te helpen bij de keuze rondom toezicht en handhaving, maar beleidsmatige keuzes ontbreken. Het uniforme regionale VTH -beleid voor de taken belegd bij de Omgevingsdienst IJsselland is in 2024 door Raalte vastgesteld. In dit beleidsplan zijn onder andere een probleemanalyse, strategieën en doelen opgenomen.
Er is nog nadere uitwerking nodig voor e en aantal van de gestelde doelen, zodat duidelijk is wanneer die doelen zijn gehaald. Voor de toezichtstaken wordt (gedeeltelijk) gebruikgemaakt van het dynamisch risicoprioriteringsinstrument (RPI). Het blijft echter onduidelijk hoe de RPI precies wordt i ngezet, hoe de risico inschattingen worden bepaald en welke prioriteiten daaruit volgen. Uitvoeringsprogramma Het uitvoeringsprogramma VTH 2025 voor de thuistaken is tijdig vastgesteld. In het uitvoeringsprogramma is aangegeven welke activiteiten de gemeente wil gaan uitvoeren. Daarnaast is aangegeven op welke wijze er 9
gewerkt aan het realiseren van de beleidsdoelen. In het uitvoeringsprogramma is beschreven dat er capaciteit is om te taken uit te voeren. Daar waar in eerste instantie capaciteitstekorten zijn, is toegelicht hoe deze tekorten worden ondervangen. Het uitvoeringsprogramma VTH 2026 voor de taken belegd bij de Omgevingsdienst IJsselland is tijdig vastgesteld. In het uitvoeringsprogramma is aangegeven welke activiteiten voor Raalte worden uitgevoerd. Uit het uitvoeringsprogramma blijkt dat voor Raalte geen actualisatietoetsen of actua lisaties van vergunningen zijn gepland bij de Omgevingsdienst IJsselland. In het uitvoeringsprogramma zijn de meeste doelen uit het uit het regionale VTH -beleid overgenomen en is aangegeven hoe hieraan wordt gewerkt. Rapportage en evaluatie Het jaarverslag 202 4 over de thuistaken is tijdig vastgesteld. In het jaarverslag geeft de gemeente inzicht in de uitgevoerde activiteiten. In het jaarverslag geeft Raalte inzicht in de realisatie van de doelen, ook van de kwaliteitsdoelen. Daarnaast is er inzichtelijk gemaak t hoe Raalte voldoet aan de kritieke massa zoals deze is opgenomen in de kwaliteitscriteria. Het jaarverslag 202 4 over de taken belegd bij de Omgevingsdienst IJsselland is tijdig vastgesteld. Het jaarverslag geef inzicht in de uitgevoerde activiteiten.
Uit het jaarverslag blijkt dat er voor Raalte geen actualisatietoetsen of actualisaties van vergunningen zijn uitgev oerd door de Omgevingsdienst IJsselland. Het jaarverslag geeft geen inzicht in de realisatie van de voorgenomen doelen. 1.4.2 Verbeterpunten 2026 Voor 2026 heeft de gemeente Raalte volgende verbeterpunten: 1. Werk aan de verdere ontwikkeling van indicatoren en streefwaarden voor de gestelde doelen in het uniforme regionale VTH -beleid en maak de realisatie hiervan inzichtelijk in het jaarverslag 2025. 2. Zet in 2026 vervolgstappen om de inzet van het regionale dynamisch risicoprioriteringsinstrument (RPI) verder te concretiseren en te implementeren, zodat inzichtelijk wordt hoe RPI -uitkomsten de toezichtplanning sturen. 3. Zorg voor inzicht in de actualiteit van de relevante vergunningen die bij de Omgevingsdienst zijn belegd en actualiseer deze, waar nodig, volgens de wettelijk vastgestelde termijnen. In reactie op deze verbeterpunten het volgende : 1. In 2025 is de basis gelegd voor rapportage op zes resultaatindicatoren: actualiteit vergunningen, LHSO score, naleefgedrag, handhaving, klachten en energiebesparing. In de informatie voor het VTH -jaarverslag 2025 is deze ontwikkeling opgenomen en waar moge lijk is hier inzicht in gegeven. In 2026 worden deze indicatoren opgenomen in de rapportages richting deelnemers. 2.
Het RPI is in 2025 doorontwikkeld en toegepast in het planmatig toezicht. In 2026 wordt dit gecontinueerd. In het UVP 2026 is vastgelegd hoe risico -inschattingen worden opgebouwd en vertaald naar toezichtprioriteit. 3. In 2025 is gestart met de actualisatietoetsen voor een aantal deelnemers. Dit heeft ons geholpen om de structuur in te regelen om vanaf 2026 structureel het actualiseringsprogramma uit te voeren.
1.5
Kwaliteitsdoelen , indicatoren en streefwaarden
In dit jaarverslag VTH 202 5 verantwoorden wij ook de resultaten van de gestelde kwaliteitsdoelen, indicatoren en streefwaarden die in ons VTH -beleid zijn bepaald en jaarlijks in het uitvoeringsprogramma VTH worden geactualiseerd . In bijlage 2 van dit VTH-jaarverslag is het volledig overzicht toegevoegd met onze kwaliteitsdoelen, indicatoren en streefwaarden die in het Uitvoeringsprogramma VTH taken 2025 zijn vastgesteld . Voor enkele beleidsdoelen kunnen wij nog niet de gehaalde waarde betrouwbaar r apporteren vanuit ons VTH -systeem. De komende jaren gaan wij aan de slag om deze data voor de betreffende beleidsdoelen adequaat te registeren in ons VTH-systeem. Verder hebben wij bij enkele beleidsdoelen zoals bezwaar , beroep en mediation zaken (waar de data voorhanden was ) de gehaalde waarde van meerdere voorgaande jaren vermeld .
10
2
Vergunningverlening en RO
De clusters RO & vergunningverlening, toezicht en handhaving en ondersteuning VTH van het domein Ruimte leveren een bijdrage aan een veilige en leefbare gemeente door te zorgen voor een gereguleerd gebruik van de fysieke leefomgeving. Dit gebeurt onder and ere door het verlenen (of weigeren) van omgevingsvergunningen voor diverse activiteiten en het voeren van vooroverleggen en overleggen over conceptverzoeken. Het beoogde resultaat is samen met de inwoners en bedrijven van de gemeente Raalte een (verhoogde) kwaliteit van leven en werken in de samenleving te realiseren.
2.1
Uitvoering in uren en producten
Opvallend is dat we in 2025 meer (kleine) bouwactiviteiten omgevingsplan en bouwactiviteiten technisch met bouwkosten tot een ton hebben ontvangen dan we hadden gepland in het VTH- uitvoeringsprogramma 202 5. Ook het aantal ontvangen omgevingsoverleggen en zaken adviesvertrekken die zijn aangemaakt liggen hoger dan gepland. Dit komt ook omdat we alle omgevingsoverleggen en adviezen die we verstrekken beter zijn gaan registreren in ons VTH -systeem. Het aantal informatieplichten die via het DSO worden ingediend nemen ook verder toe. Het aantal aangevraagde Buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (voormalige projectbesluiten) en omgevingsoverleggen , waarbij er sprake is van een principebesluit van het college , zijn te hoog ingeschat voor 2025. Wel zien we terug dat het aantal kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (voormalige kruimelgevallen) fors hoger liggen dan gepland. In het VTH-uitvoeringprogramma 2025 is voor alle geplande werkzaamheden 8853 uur in totaal aan formatie begroot . In de praktijk blijkt dat we voor de uitvoering in 202 5 in totaal 10606 formatie-uren nodig hadden. Zie ook Tabel 1: aanvragen vergunningen/RO, meldingen en vooroverleggen 202 5. De toetsingskwaliteiten en de doorlooptijden bij vergunningverlening en RO is op goed niveau gebleken ondanks de hoge werkdruk die we hebben ervaren.
De gemiddelde doorlooptijd voor de afhandeling van Omgevingswetaanvragen was onder de reguliere 8 wekenter mijn. De benodigde formatie is op orde gehouden met behulp van meerdere externe inhuurkrachten en het intern doorschuiven van een collega van het Omgevingsloket naar vergunningverlening.
o.a. voormalige VVGB Inboeken meldingen en uitzetten naar VR
Totaal aantal uren
Uren per product RA/BM
Omgevingsloket/ vergunningverlening/ RO
Werkelijke aantallen (2025)
Adviesrecht Raad Afwijken van regels in het omgevingsplan Advies met instemming Meldingen brandveilig gebruik
Bouwsom boven €1.000.000 Bouwsom € 100.000 €1.000.000 Bouwsom €0 - € 100.000
Verwachte aantallen (2025)
Bouwactiviteit omgevingsplan Bouwactiviteit omgevingsplan Bouwactiviteit omgevingsplan Monumentactiviteit Rijksmonumentactiviteit Verrichten van werken en werkzaamhedenactiviteit Reclameactiviteit Kapactiviteit Uitritactiviteit Advies verstrekken
Toelichting
Omschrijving
Tabel 1 Aanvragen vergunningen/RO, meldingen en vooroverleggen 2025
11
5
17
85
105
94
12
1128
140
159
7
1113
3 2 16
4 3 17
12 12 7
48 36 119
2 35 25 270
4 66 19 406
5 18 15 2
20 1188 285 812
5 30
0 43
13 10
0 430
3 10
0 15
5 0,5
0 8
11
Bouwactiviteit technisch Bouwactiviteit technisch Bouwactiviteit technisch Omgevingsoverleg Omgevingsoverleg
Bouwsom boven €1.000.000 Bouwsom € 100.000 €1.000.000 Bouwsom €0 - € 100.000 Zonder principebesluit college Met principebesluit college
3
2
34
68
10
19
20
380
20 135
79 172
12 12
948 2064
15
8
20
160
45
73
12
876
12
1
54
54
5
12
5
60
Kleine buitenplanse omgevingsplan act. Buitenplanse omgevingsplanactiviteit Intrekking omgevingsvergunning Stikstofemissie
Voormalige kruimelgevallen Voormalige projectbesluiten
Informatieplicht verwerken
30
62
2
124
Start werkzaamheden (DSO)
Informatieplicht verwerken
85
116
0,5
58
Einde werkzaamheden (DSO)
Informatieplicht verwerken
Overige informatieplichten Wijziging omgevingsvergunning Wijziging tenaamstelling omgevingsvergunning Omgevingsplan opstellen/wijziging (RO) Interne overleggen uren
Informatieplicht verwerken Ondergeschikte wijzigingen
Aanmaken zaken en uitzetten ketenpartners Zoals weekstart en clusteroverleg
Totaal aantal uren gepland 2025 Totalen aantal uren daadwerkelijk 2025
2.2
5
0,5
3
50 0 0
30 1
0,5 10
15 10
0
2
1
2
8
12
1
12
500
500 8853 10606
Constructieve veiligheid
De doelstelling is om bij alle voorgenomen technische bouwactiviteiten en Wabo - bouw aanvragen waarvoor een omgevingsvergunning vereist is, zowel vóór als tijdens de bouw een controle uit te voeren op de constructieve veiligheid op basis van de ingediende constructieberekeningen. Uitzondering hierop vormen bouwwerken die normaal gesproken vergunningsvrij zijn en uitsluitend door hun situering vergunningsplichtig worden. Deze werkwijze is in 2025 volledig toegepast. Bouwaanvragen waarvoor een omgevingsvergun ning vereist is, zowel vóór als tijdens de bouw een controle uit te voeren op de constructieve veiligheid op basis van de ingediende constructieberekeningen. Uitzondering hierop vormen bouwwerken die normaal gesproken vergunningsvrij zijn en uitsluitend do or hun situering vergunningsplichtig worden. Deze werkwijze is in 2025 volledig toegepast. In 2025 is iets minder tijd besteed aan het beoordelen van de constructieve veiligheid van technische bouwactiviteiten, Wabo bouwaanvragen en tentconstructies bij evenementen dan in 2024. In totaal is 520 uur ingezet, ten opzichte van de 500 uur die voor 2 024 was gepland. Bouwaanvragen en tentconstructies bij evenementen dan in 2024. In totaal is 520 uur ingezet, ten opzichte van de 500 uur die beraamd was.
De inzet in 2025 is als volgt verdeeld: • 310 uur voor complexe aanvragen • 150 uur voor eenvoudige aanvragen • 60 uur voor evenementen en overige zaken Daarnaast zijn er onvoorziene uren besteed aan advisering in het kader van toezicht, onder andere bij bouwstops.
12
2.3
Duurzaamheid, gezondheid en landschappelijke inpassing
De thema’s duurzaamheid en gezondheid zijn meegenomen in de afweging of wij medewerking verlenen aan een afwijking van het Omgevingsplan of aan een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Beide thema’s spelen daarnaast een rol bij het beoordelen van bouwaanvragen op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Wanneer een technische toetsing aan het Bbl vereist is, controleren wij op hoofdlijnen de BENG -berekeningen (energieprestatie van woningen en utiliteitsgebouw en) en de ventilatie -eisen. Het thema groene en landschappelijke inpassing wordt standaard betrokken bij aanvragen voor afwijkingen van het omgevingsplan. In veel gevallen heeft de ervenconsulent van Het Oversticht de gemeente Raalte hierbij geadviseerd.
2.4
Overige vergunningverlening
en RO-werkzaamheden
De toetsingskwaliteiten en de doorlooptijden bij vergunningverlening en RO is op goed niveau gebleken ondanks de hoge werkdruk die we hebben ervaren. De gemiddelde doorlooptijd voor de afhandeling van Omgevingswetaanvragen was onder de reguliere 8 wekenter mijn. De benodigde formatie is ook op orde gehouden met behulp van meerdere externe inhuurkrachten en het intern doorschuiven van een collega van het Omgevingsloket naar vergunningverlening. Daarnaast wordt sinds medio 2025 gebruik gemaakt van AItool (Struck AI). Deze AI -tool maakt het mogelijk om sneller en gemakkelijker klantvragen te beantwoorden. Naast de taken die direct betrekking hebben op bouwen, is het domein Ruimte betrokken bij verschillende aan bouw gerelateerde werkzaamheden. De gecoördineerde aanpak van aanvragen die afwijken van het omgevingsplan en de advisering op het gebied van steden bouw en cultuurhistorie is ondergebracht in een intern ambtelijk overleg: het bouwplan - en RO-overleg. In dit wekelijkse overleg worden alle plannen besproken die afwijken van het geldende omgevingsplan. Afhankelijk van de onderwerpen neemt een wisselend t eam van gespecialiseerde medewerkers deel. De uitkomsten van het overleg worden vertaald naar een advies of motivering ten behoeve van de besluitvorming. Dit overleg kan worden beschouwd als de lokale variant van de regionale omgevingstafel.
In zowel het lokale als het regionale gremium worden de betrokken partijen , zoals GGD en Veiligheidsregio IJsselland, bij ruimtelijke plannen samengebracht, zodat een integrale beoordeling van de ingediende plannen kan plaatsvinden. Voor advies op het gebied van stedenbouw en de inrichting van de openbare ruimte, ten behoeve van bouwplannen en afwijkingsbesluiten, is jaarlijks minimaal 150 uur beschikbaar. Net als in voorgaande jaren zijn deze uren in 2025 volledig benut.
13
3
Vergunningverlening APV/Bijzondere wetten
Het cluster APV/BW levert een bijdrage aan een veilige en leefbare gemeente door te zorgen voor een gereguleerd gebruik van de fysieke leefomgeving. Dit gebeurt onder andere door het verlenen (of weigeren) van vergunningen voor o.a. evenementen, terrassen, alcoholwet en horeca inrichtingen. Ook worden meldingen en ontheffingen die vallen onder de APV en bijzondere wetten opgepakt. Het beoogde resultaat is samen met de inwoners en bedrijven van de gemeente Raalte een (verhoogde) kwaliteit van leven en werken in de samenleving te realiseren.
3.1
Uitvoering in uren en producten
Voor de uitvoering van de VTH -taken binnen de APV en bijzondere wetten was in 2025 nog niet voor alle producten inzichtelijk hoeveel uren per product worden besteed. Daarom worden in dit jaarverslag VTH 2025 alleen de aantallen weergegeven en nog niet de bijbehorende ureninzet. In het uitvoeringsprogramma VTH 2026 zijn wel de bijbehorende ureninzet opgenomen. In 2025 is namelijk geïnvesteerd in het inzichtelijk maken van de werkprocessen en vanaf 1 januari 2026 wordt het VTH-systeem IJVI gebruikt voor alle taken van de APV en bijzondere wetten . In Tabel 2 is de uitvoering van de geraamde aantallen en de werkelijke aantallen voor APV en BW opgenomen. Tabel 2 Uitvoering APV en bijzondere wetten Omschrijving
Geraamde aantallen
Werkelijke aantallen
C-evenement
3
3
B-evenement
45
91
A-evenement
115
134
Melding plichtig evenement
30
30
Incidentele festiviteiten
20
18
Terrasvergunning
5
9
Standplaatsen
5
13
Reclamevergunning (geen evenement)
16
19
Speelautomaten
4
1
Kansspelvergunningen
8
8
Paasvuren (ontheffing stookverbod)
5
7
Verklaring van geen bezwaar (incl. luchtruim gebruiken) Openstellingstijden horeca inclusief Oud & Nieuw – collectief Geluid sontheffing (geen evenement)
18
14
1
1
4
4
Collectevergunning
18
17
Alcoholwet vergunning incl. BIBOP
5
10
Exploitatievergunning incl. BIBOP
5
3
Wijziging lokaliteit + wijziging leidinggevende (Alcoholwet 30 en 30A) Ontheffing art 35 Alcoholwet
4
5
5
0
Gebruiksmelding BGBOP
3
4
Parkeerontheffing
50
85
Invalidenparkeerplaats
12
27
Invalidenparkeerkaart
75
147
Gebruik openbare gronden: plaatsen voorwerp
1
36
Ontheffing kamperen buiten kampeerterrein
2
5 14
3.2
Risicogestuurd werken
In 2025 hebben we verdere stappen gezet om de veiligheidsplannen en de bijbehorende formats onder de aandacht te brengen. Deze veiligheidsplannen ondersteunen organisatoren bij het opstellen van een passend veiligheidsplan voor hun evenement. Daarnaast hebben we het risicogestuurd beoordelen van aanvragen verder voortgezet. Een voorbeeld is de vergunningverlening van voetbalwedstrijd tussen Rohda Raalte en FC Twente. We hanteren de gedachte ‘ja, mits’ in plaats van ‘nee, tenzij’. Ook is de samenwerking tussen de gemeente en de hulpdiensten verder versterkt, mede doordat we elkaar vaker hebben getroffen in het periodieke evenementenoverleg. Hierdoor kon de risicobeoordeling eerder in het proces plaatsvinden en werden veiligheidsvraa gstukken integraal afgestemd. Verder is de rol van evenementencoördinator vormgegeven.
3.3
Procesontwikkelingen
Het afgelopen jaar hebben wij ingezet op het verder inzichtelijk maken en verbeteren van onze werkprocessen. Vervolgens zijn diverse processen ingericht in het zaaksysteem IJVI. Door deze inrichting is een deel van de administratieve werkzaamheden komen te vervallen en zijn standaardsjablonen ontwikkeld die bijdragen aan een uniforme werkwijze, zowel intern als binnen de regionale samenwerking. Daarnaast hebben wij in kaart gebracht welke openstaande taken en verouderde beleidsdocumenten nog aandacht nodig hebben. Deze inventarisatie heeft geholpen om beter te prioriteren en te bepalen welke beleidsstukken het eerst geactualiseerd moesten worden. Hierbij is voorrang gegeven aan het Uitvoeringsbeleid Evenementen, omdat dit beleid het team ondersteunt in een meer eenduidige en transparante manier van werken. Ook is het afgelopen jaar geïnvesteerd in efficiënter overleg binnen het cluster. De bestuurlijke besluitvorming is verder geprofessionaliseerd en de functies van evenementencoördinator en beleidsmedewerker APV zijn duidelijk vormgegeven. Deze ontwikkeling en zorgen voor een efficiëntere werkwijze, een heldere taak - en verantwoordelijkheidsverdeling en meer uniformiteit binnen het cluster.
3.4
Overige APV/ bijzondere wetten
Afgelopen jaar is ingezet op de samenwerking tussen de gemeente en hulpdiensten om deze verder te versterken. Mede doordat we elkaar vaker hebben getroffen in het periodieke evenementenoverleg. Hierdoor kon de risicobeoordeling eerder in het proces plaatsvinden en werden veiligheidsvraagstukken integraal afgestemd. Ook is de rol van evenementencoördinator vormgegeven. Daarnaast heeft het cluster geïnvesteerd in het verbeteren van de informatievoorziening richting organisatoren, onder andere via de nieuwsbrief. Hiermee worden organisatoren actief geïnformeerd over relevante wetswijzigingen en ontwikkelingen, zoals mogeli jkheden voor verduurzaming. Het nieuwe uitvoeringsbeleid voor evenementen moet zowel het team als de organisatoren ondersteunen op het gebied van duurzaamheid, gezondheid en veiligheid. In dit beleid worden onderwerpen behandeld zoals alcohol - en drugsgebruik op evenementen, de inzet van EHBO, het gebruik van herbruikbare materialen, het scheiden van afvalstromen en het beschikbaar stellen van de handreiking duurzaamheid.
15
4.
Toezicht en handhaving WABO, Omgevingswet en APV
Het cluster T&H levert een bijdrage aan een veilige en gezonde leefomgeving door te zorgen voor een goede naleving van landelijke en lokale regels, vergunningvoorschriften en voorwaarden aan besluiten. Dit betreft de taakvelden bouw, ruimtelijke ordening, openbare ruimt e, APV, openbare veiligheid en enkele bijzondere wetten.
4.1
Uitvoering in uren en producten
Bij het vergelijken van de geraamde uren en zaken uit het Uitvoeringsprogramma VTH 202 5 met de werkelijke cijfers, constateren we enkele verschillen. In het VTH-uitvoeringprogramma 2025 is voor alle geplande werkzaamheden 8438 uur in totaal aan formatie begroot. In de praktijk blijkt dat we voor de uitvoering in 2025 in totaal 9076 formatie-uren nodig hadden en hebben met behulp van inhuurkrachten de extra uren kunnen maken . Per tabel sommen we h ieronder deze verschillen puntsgewijs op en geven, waar mogelijk, een verklaring voor deze afwijkingen. Deze inzichten zijn grotendeels al meegenomen in de toekomstige ramingen van uren en zaken van het Uitvoeringsprogramma VTH 2026 . De verhouding tussen de beschikbare formatie en de toezicht en handhavingstaken maakt dat we in de uitvoering keuzes moeten blijven maken. Die keuzes maken we in overleg met het bestuur en leggen we vast in het ambitieniveau in het Uitvoeringsprogramma VTH. Met het Dashboard VTH kunnen we de uitvoering monitoren . Driemaandelijks bespreken we bestuurlijk de uitvoering en de keuzes die daarin voorliggen. Per controlezaak krijgen we steeds meer inzicht in het naleefgedrag . Ook dit hebben we in het uitvoeringsprogramma VTH 2026 verwerkt aan de hand van het te bepalen ambitieniveau.
4.2
Uitvoering Wabo
We hebben voor de cat.1 (92% t.o.v. 25%) en cat. 2 (100% t.o.v. 50%) ‘volledige bouwcontrole Wabo ’ een hoger ambitieniveau gerealiseerd dan gepland. We hebben dus een hoger ambitiepercentage gehaald dan gepland en doordat er minder zaken zijn gestart in 2025 dan gepland konden we deze hogere ambitie ook behalen . In Tabel 3 is een overzicht opgenomen van het toezicht op de vergunningen die zijn verleend onder de Wabo.
4.3
Totaal uren werkelijk
Ambitie Niveau werkelijk
Bouwsom €0 – € 100.000
Ambitie Niveau gepland
Cat. 1 Volledige bouwcontrole Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening Totaal toezicht tijdens de bouw
Uren per product RA/BM
Bouwsom boven €1.000.000 Bouwsom € 100.000 €1.000.000
Aantal werkelijk 2025
Toelichting
Cat. 3 Volledige bouwcontrole Cat. 2 Volledige bouwcontrole
Aantal geplande zaken 2025
Toezicht Wabo
Tabel 3 Controlecijfers voor toezicht bouw en ruimtelijke ordening (Wabo)
10
5
22
100%
100%
110
164
123
13
50%
100%
1599
154
87
7
25%
92%
560
10
5
5
25%
72%
18
1923 uur (Gepland )
2287 uur (werkelijk)
Uitvoering Omgevingswet
Er zijn meer technische bouwcontroles in de categorie 1 (bouwsom tot € 100.000, -) en categorie 2 (bouwsom tussen € 100.000, - en € 1.000.000, -) aangemaakt en uitgevoerd dan gepland. Zie tabel 4 hieronder. Dit komt omdat we meer aanvrager voor deze categorie technische bouwactiviteiten hebben gehad. Voor de categorie 3 technische bouwcontrole (bouwsom van meer dan 1 miljoen) is 1 zaak aangemaakt in 2025 waarbij de bouw nog niet is gestart vorig jaar . Verder zijn er geen informatieplichten ‘Strijdigheid Bbl’ ingediend in 2025. Het is nog onduidelijk of dat komt omdat de kwaliteitsborger niet alles ziet tijdens de uitvoering van de bouw of dat de bouw doorgaans goed verloopt en het indienen van een strijdigheid Bbl door kwaliteitsborgers niet nodig blijkt te zijn. Wel hebben we bij een Wkb project steekproefsgewijs gecontroleerd op risicovolle bouwonderdelen. Hier kwamen helaas 16
overtredingen van constructieonderdelen naar voren die de kwaliteitsborger niet zelf geconstateerd heeft. Daarom houden we ook in 2026 vinger aan de pols bij de uitvoering van Wkb -projecten en gaan meerdere steekproeven uitvoeren. Het thema gezondheid is meegenomen tijdens de controles van bouwaanvragen waarbij op grond van het Bbl een vergunning is afgegeven en wij onder andere de ventilatie - en daglichteisen hebben gecontroleerd. Ook hier hebben wij geen bijzonderheden geconstatee rd. Ondanks dat er voor de 3 de categorieën ruimtelijke bouwcontroles minder zaken zijn aangemaakt in 2025 dan gepland , is het ambitieniveau werkelijk hoger dan gepland. Er zijn dus meerdere ruimtelijke bouw controles uitgevoerd en uit het geconstateerde slechte naleefgedrag bleek da t extra aandacht vereist was. Voor het toezicht technisch en toezicht omgevingsplanactiviteiten zijn voor alle activiteiten in 2025 minimaal twee of meerder controles uitgevoerd. Hierdoor hebben wij het naleefgedrag van alle activiteiten in beeld en daar ook het uitvoeringsprogramma VTH 2026 op gebaseerd . Procentueel zijn er meer controles uitgevoerd op B -evenementen ( 60%) dan gepland (20%). De reden hiervoor is dat niet alle controles voor B -evenementen zijn geregistreerd in het VTH-systeem, omdat deze niet zijn aangeleverd door het cluster APV. De werkelijkheid ligt dus dichter bij het ambitieniveau.
Omdat het cluster APV vanaf 1 januari 2026 in hetzelfde VTH -systeem gaat werken worden vanaf 2026 alle controlezaken voor B evenementen standaard aangemaakt.
Ambitie Niveau gepland
Ambitie Niveau werkelijk
Totaal uren uitgevoerd
Uren per product RA/BM
3
1
40
100%
n.v.t.
0
10
24
20
75%
91%
437
20
41
16
25%
29%
155
10
0
10
100%
100%
0
36
62
0,5
100%
100%
31
Controle sloopmelding
Geen asbest maar sloop
0
3
6
100%
100%
18
Bouw- en sloopveiligheidsplan
Informatieplicht verwerken Informatieplicht verwerken
36
87
0,5
100%
100%
44
3
0
2
100%
100%
0
Melding bouwactiviteit
Gevolgklasse 1 bouwwerken
115
134
2,5
100%
100%
335
Steekproef Kwaliteitsborger
Gevolgklasse 1 bouwwerken n.a.v. eerdere melding bouwactiviteit Eigen controles of gezamenlijk met VR Worden zelfstandig door brandweer uitgevoerd
115
134
10
25%
1%
10
60
22
3
100%
100%
66
15
1
30
100%
100%
30
40
20
0
100%
100%
0
CO melding
Gereedmelding bouw
Brandveilig gebruik Brandveilig gebruik (VR)
Totaal toezicht technisch
1
Aantal werkelijk 2025
Taak toets sloopactiviteit (van OD) 1
Bouwsom boven €1.000.000 Bouwsom € 100.000 - €1.000.000 Bouwsom €0 – € 100.000 Informatieplicht verwerken Aanhakende of benodigde toestemmingen
Aantal geplande zaken 2025
Cat.3 technische bouwcontrole Cat.2 technische bouwcontrole Cat.1 technische bouwcontrole Strijdigheid Bbl
Toelichting
Toezicht technisch
Tabel 4 Toezicht op technische bouwactiviteit
1793 uur (gepland
1126 uur (werkelijk)
Controle op sloop valt samen me de controle op bouwen
17
In tabel 5 is het toezicht op de activiteit ‘omgevingsplan’ toegelicht.
Aantal geplande zaken 2025
Aantal werkelijk 2025
Uren per product RA/BM
Ambitie Niveau gepland
Ambitie Niveau werkelijk
3
0%
50%
6
105
46
3
5%
35%
48
140
104
4
0%
10%
42
5
0
12
100%
n.v.t.
0
16
58
5
25%
10%
30
2
0
3
0%
n.v.t.
0
Kapactiviteit
35
155
5,25
5%
1%
11
Uitritactiviteit
25
26
5,25
5%
23%
32
15
60
10
25%
3%
20
15
9
3
0%
11%
3
Toelichting
4
Toezicht ruimtelijke activiteit
11
Cat. 3 ruimtelijke bouwcontrole Cat. 2 ruimtelijke bouwcontrole Cat. 1 ruimtelijke bouwcontrole Monument
Bouwsom boven €1.000.000 Bouwsom € 100.000 - €1.000.000 Bouwsom €0 – € 100.000 Rijks- en gemeentelijke monumenten Verrichten van werken en werkzaamheden activiteit Reclameactiviteit
Het uitvoeren van een werk
Reclamevergunning Het vellen of doen vellen van een houtopstand Het maken, aanleggen of veranderen van een uitweg Controle landschappelijke inpassing
Totaal uren uitgevoerd
Tabel 5 Toezicht op ruimtelijke activiteit
o.a. bij landschappelijk voorwaarden opa/ bopa Afwijken van regels in het Afwijkingen omgevingsplan omgevingsplan geen bouwactiviteit Totaal toezicht omgevingsplan activiteiten
167 uur (gepland)
192 uur (werkelijk)
De afgelopen jaren is veel gewicht gelegd op de schaal ten opzichte van de duurzaamheid - en groenen taken. Net als voorgaande jaren blijven deze onderwerpen achter als het gaat om toezicht en handhaving. De activiteiten ‘vellen houtopstand’ en ‘controle la ndschappelijke inpassing’ hebben een beperkt ambitieniveau van respectievelijk 5% en 25% waardoor controles vooral gericht zijn op het inzichtelijk krijgen van het naleefgedrag. In tabel 6 is de verantwoording van het toezicht op evenementen uitg ewerkt.