CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport ecologisch bermbeheer Tauw

Informatievoorziening raad 19 februari 2026, gemeente RaalteBij agendapunt: Rapport ecologisch bermbeheer Tauw11.917 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het is de wens hier over te gaan tot gefaseerd maaien en afvoeren. Lokale partijen hebben minder de mogelijkheid om te voldoen aan bepaalde certificeringen. Daarom wil de gemeente beperkt zijn in het opleggen hiervan. Van de beheerobjecten ‘wateren’ uit de beheerkaart van de gemeente betreft de helft (47 %) van het areaal greppels die 1 keer per jaar worden gemaaid door de eigen dienst zonder afvoer van maaisel. Ongeveer 40 % bestaat uit sloten die 1 keer per jaar worden gekorfd door externe partijen met afvoer van maaisel. Ongeveer 6 % van het areaal aan sloten en greppels wordt niet gemaaid. Het schonen van de primaire watergangen wordt door Waterschap Drents Overijsselse Delta uitgevoerd.

30/33

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Huidig materieel van de gemeente betreft:  

Bermen: Tractor + maai-arm (klepelaar) Sloten: Tractor + maai-arm

Personeel Er is een grote rol voor de maaibeheerder belegd om rekening te houden met de ecologische waarden die in de bermen en sloten aanwezig zijn. De maaibeheerder moet over voldoende kennis beschikken om ter plaatse in te schatten wat wel of niet gemaaid wordt en hoe. Daarnaast is investeren in het eigen personeel van de gemeente gunstig omdat de kosten per uur, materiaal en oppervlakte lager zijn dan bij uitbesteding aan externe partijen. Ten slotte kan het zijn dat een loonwerker vooral meters wil maken, terwijl ecologisch beheer meer maatwerk is. Wat is er nodig? Het meeste areaal bermen wordt 1 x per jaar gemaaid zonder afvoer van maaisel. Om volgens het ecologisch beheer het maaisel af te gaan voeren, is daarom een aanpassing nodig van het huidige beheer. Omdat de bermen in de gemeente zich voornamelijk op voedselarme gronden bevinden, is vaker dan 1 keer per jaar maaien niet nodig. 1 keer per jaar gefaseerd maaien, waarbij de ongemaaide vegetatie blijft staan tot het jaar erna is voldoende. Na de maaibeurt moet binnen 2-5 dagen het maaisel afgevoerd worden. Dit betreft een extra werkgang, met daarbij behorende kosten voor personeel en materieel. In tabel 5.1 is een vergelijking gemaakt van verschillende ecologische maaimethodes ten opzichte van regulier beheer van bermen en sloten.

Zoals in tabel 5.1 te zien is, leidt de aanpassing van klepelen naar ecologisch maaibeheer tot bijna een verdubbeling van de kosten voor de bermen binnen de strategie (als de kosten van de brochure worden vergeleken). De kosten van het gefaseerd maaien van oevers en greppels zullen ook ongeveer verdubbelen ten opzichte van klepelen van de vegetatie (op grond van de brochure). De totale kosten van ecologisch beheer per are door eigen dienst of loonwerker kunnen hoger uitvallen. Wel geeft dit een indicatie van de kostenveranderingen bij het aanpassen van het beheer volgens de strategie. Als de jaarlijkse maaibeurt (op schrale gronden) gecombineerd kan worden met het maaien van de veiligheidsstrook, dan scheelt dit een extra werkgang per jaar. In dat geval is er bijna geen toename van kosten. Wel moet de veiligheid geborgd blijven. De verwachting is dat doordat er minder verruiging optreedt na het klepelen, de veiligheidsstrook nog op veel plekken ook maar 1 keer per jaar gemaaid hoeft te worden. Maar dit moet nog blijken. Bij niet kansrijke bermen binnen de strategie kan, om kosten te besparen, gekozen worden voor een maai-zuigcombinatie. Om de toename in kosten voor ecologisch beheer verder te drukken, kan de gemeente ervoor kiezen om ecologisch beheer van bermen en greppels door de eigen dienst uit te laten voeren.

Voor het eigen beheer van de gemeente zal dan een aanpassing in het materieel nodig zijn, met bijbehorende kosten en afschrijvingen. De klepelmaaier zal vervangen moeten worden door een ecokop, messenbalk, cyclomaaier of maaizuigcombinatie.

31/33

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Tabel 5.1 Vergelijking van beheermethoden en de kosten ervan uit de brochure ‘Kosten en baten bij vriendelijk beheer’ van Groene Cirkels Beheermethode Traditioneel: klepelen van de berm

Bloemrijke bermen: maaien en afvoeren

Bloemrijke bermen: gefaseerd maaien en afvoeren

Verschraling van bermen: maaien en afzuigen

Wateren: klepelen oevers conform normenboek. Bloemrijke oever: maaien en afvoeren Bloemrijke oever: gefaseerd maaien en afvoeren

Verschraling van oevers: maaien en afzuigen

5.3

Beschrijving

Kosten per are per jaar

2 keer per jaar klepelen, maaisel wordt niet afgevoerd. Er is uitgegaan van 2 keer per jaar maaien van de veiligheidsstrook en 1 keer per jaar maaien van het overige deel van de berm 2 keer per jaar gemaaid, waarna het maaisel na twee tot drie dagen wordt afgevoerd. Ook harken, oprapen en maaien van randen is hierin opgenomen 2 keer per jaar gefaseerd gemaaid, waarna het maaisel na twee tot drie dagen wordt afgevoerd. Iedere maaironde blijft 15-30% van het areaal ongemaaid. Ook harken, oprapen en maaien van randen is hierin opgenomen 2 keer per jaar maaien en afzuigen

€ 4,01

1 keer per jaar klepelen, maaisel wordt niet afgevoerd. 1 keer per jaar maaien, waarna het maaisel na twee tot drie dagen wordt opgeraapt en afgevoerd 1 keer per jaar gefaseerd gemaaid, waarna het maaisel na twee tot drie dagen wordt afgevoerd. Iedere maaironde blijft 25% van het areaal ongemaaid 1 keer per jaar maaien en afzuigen. Afvoer van maaisel is opgenomen

€ 13,74 Bij een schrale veiligheidsstrook (1 werkgang/jaar): € 6,87 € 11,82 Bij een schrale veiligheidsstrook (1 werkgang/jaar): € 5,91

€6,75-12,06 (afhankelijk van verwerking van maaisel) Bij een schrale veiligheidsstrook (1 werkgang/jaar): € 3,38-6,03 € 4,65 € 12,44 € 8,99

€7,89

Bermbeheerplan

In het vervolg van de strategie wordt een beheerplan voor ecologisch beheer van bermen en sloten opgesteld. Aandachtspunten vanuit de strategie en opgehaalde informatie uit de werksessies zijn:  Verdiepingsslag doelsoorten voor buitengebied + hotspots van deze specifieke soorten, zoals   

patrijs, weidevogels (grutto), bijzondere planten of insecten Concreet raamwerk en verdieping doelstellingen per berm Aansluiten bij gedragscode Stadswerk

Beheer op specifieke locaties en voor specifieke situaties, bijvoorbeeld met lokale initiatieven om te voorkomen dat deze initiatieven teniet worden gedaan Het maaien van sloot en slootkant in verschillende gradaties, dit is locatie specifiek en betreft

maatwerk, dit hangt bijvoorbeeld ook samen met de hellingshoek van het talud en de bereikbaarheid voor materieel Aanpassing (aan of van) de geldende (veiligheids)kaders van de gemeente gerelateerd aan

de veiligheidsstrook en de omgang met paaltjes en overig meubilair in de berm Communicatiestrategie voor het inlichten van bewoners. Richt die ook op zogenaamde ‘zelfmaaiers’

32/33

Kenmerk

5.4

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Gemeentelijk beheersysteem

In een digitaal interview op 3 juli met de beheerder van het gemeentelijk beheersysteem en GISadviseur van de gemeente Raalte zijn de (on)mogelijkheden voor inpassing van nieuwe beheervormen en eenheden verkent. Hier zijn geen grote aanpassingen nodig. De aanpassingen naar ecologisch beheer passen in het huidige systeem. Het aantal maaibeurten met een uitvoeringsaanwijzing voor het percentage ongemaaide kan bij de huidige bermen en sloten aangegeven worden. Doelstellingen per berm kunnen ook als uitvoeringsaanwijzingen aangegeven worden, net als de aanwezigheid van lokale initiatieven. Deze uitvoeringsaanwijzingen zijn zichtbaar voor de maaibeheerder in het veld. De veiligheidsstrook zit al inbegrepen en hoeft niet apart aangegeven te worden: met ecologisch beheer blijft het beheer van de veiligheidsstroken onaangepast. De beheeropties ‘1 x maaien met afvoer’ zijn al opties in het bestaande beheersysteem voor bermen, sloten en greppels.

33/33

Kenmerk

Bijlage 1

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Beslisboom GIS-analyse kansrijke bermen en sloten

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Bijlage 2 Ecologische

Begrippenlijst Uitleg

begrippen (semi) Aquatische

Planten- en diersoorten die geheel (aquatisch) of gedeeltelijk (semi-aquatisch) in of

soort

rond water leven, zoals amfibieën, libellen en waterplanten.

Beheertypenkaart

Provinciale kaart met de actueel voorkomende natuur in het veld. Dit vormt de grondslag voor de beheersubsidie in het kader van het subsidiestelsel Natuur en Landschap.

(passend) Beheerdoel

Doelstelling voor instandhouding, herstel of ontwikkeling van biodiversiteit, vegetatie of doelsoorten waar het beheer zich op richt.

BKN-kaart

Deze openbare webmap bevat kaarten van de BasisKwaliteit Natuur (BKN). Dit is een systematiek voor waardering van de condities voor de biodiversiteit / natuur van alle kilometerhokken in de Provincie Overijssel.

Doelsoort

Een doelsoort is een biologische soort waarop natuur- en beheerbeleid gericht is.

Ecologische corridor

Verbinding tussen (natuur)gebieden die migratie en verspreiding van soorten mogelijk maakt.

Ecologisch

Maaimethode waarbij rekening wordt gehouden met natuurwaarden, zoals

maaibeheer

bloeiperiodes en schuilplaatsen van fauna. Wat ecologisch maaibeheer in de gemeente Raalte precies inhoudt, wordt in hoofdstuk 4 toegelicht.

Ecologisch

Vastgestelde werkwijze bij werkzaamheden in de natuur, bedoeld om schade aan flora

werkprotocol

en fauna te voorkomen en wetgeving na te leven.

Gedragscode

De Gedragscode Stadswerk is bedoeld voor alle Nederlandse gemeenten en partijen

Stadswerk

die in hun opdracht werken. De Gedragscode Stadswerk biedt houvast voor zorgvuldig en natuurinclusief werken en geeft – onder voorwaarden – vrijstelling voor het aantasten van verblijfplaatsen en leefgebieden van beschermde soorten.

Genetische diversiteit

Genetische diversiteit of variatie is het bestaan van verschillen (variatie) in het genetisch materiaal tussen de individuen van een populatie of van een hele biologische soort, belangrijk voor aanpassingsvermogen en overleving.

GIS-analyse

Gebruik van Geografische Informatie Systemen om ruimtelijke data te analyseren en te visualiseren.

KRW-vegetatie

KRW-vegetatie verwijst naar de waterplanten en -begroeiing die een indicator zijn voor de ecologische toestand van waterlichamen, zoals bepaald in de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW).

Kleurkeur certificering

Kleurkeur is een bedrijfscertificaat (onderdeel van Groenkeur) voor ecologisch beheer van bermen en groenstroken en watergangen.

Microhabitats

Kleine, specifieke leefgebieden binnen een groter ecosysteem, vaak met unieke omstandigheden, bijvoorbeeld vochtige plekken onder stenen of zonnige open plekken.

Natte sedimenten

Waterverzadigde bodems bestaande uit slib, klei of zand, vaak in oevers, moerassen of beekdalen.

Natura 2000 gebieden

Europees netwerk van beschermde natuurgebieden op basis van de Vogel- en Habitatrichtlijn.

Kenmerk

Ecologische

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Uitleg

begrippen NNN-gebieden

Gebieden die deel uitmaken van het Natuur Netwerk Nederland (NNN). Het NNN is een landelijk netwerk van op elkaar aangesloten natuurgebieden, bedoeld om biodiversiteit te behouden en versterken. Het NNN is de voortzetting van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en wordt door de provincies gerealiseerd.

NDFF-data

Waarnemingsgegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF), gebruikt voor ecologische analyses.

Natuurbeheerplan

Provinciaal plan dat de doelen en de subsidiemogelijkheden voor de ontwikkeling en het beheer van natuurgebieden, landschapselementen en agrarisch natuur- en landschapsbeheer beschrijft.

Ngo’s

Niet-gouvernementele organisaties, zoals natuur- en milieuorganisaties die onafhankelijk van de overheid opereren.

Rode lijstsoorten

De Rode Lijst is een overzicht van dier-, plant- en schimmelsoorten die een risico lopen op uitsterven. Een Rode lijstsoort in dit rapport is een soort uit Nederland met als status verdwenen, (ernstig) bedreigd, kwetsbaar of gevoelig. De internationale Rode Lijst wordt opgesteld door organisaties zoals de IUCN (International Union for Conservation of Nature) en is bedoeld als een cruciaal hulpmiddel voor natuurbehoud en -beleid.

Waardplanten

Een waardplant is een plant waarop insecten, zoals vlinders, hun eitjes leggen en waarvan de rupsen zich voeden om te groeien. De term "waard" verwijst naar de rol van de plant als gastheer die voedsel en onderdak biedt, wat essentieel is voor de voortplanting en overleving van die specifieke insectensoort.

Technische

Uitleg

beheerbegrippen Cyclomaaier

Maaimachine met roterende messen die vegetatie afsnijdt en afvoert.

Ecokop

Maaikop die speciaal ontworpen is om flora en fauna te sparen, vaak met een dichte beschermkap.

Gefaseerd maaien

Maaien in delen, zodat altijd een deel van de vegetatie blijft staan als schuil- en voedselplek voor fauna.

Klepelen

Maaitechniek waarbij met een snel draaiende as met messen de vegetatie wordt verkleind en fijngeslagen in plaats van afgesneden

Messenbalk

Maaitechniek met horizontale, bewegende messen die planten afsnijden zonder veel verhakseling.

Uitkorven

Het verwijderen van waterplanten, slib en afval met een korf of kraanbak uit watergangen zoals sloten.

Veiligheidsstrook

Strook langs wegen of paden die kort wordt gehouden voor zicht en veiligheid.

Kenmerk

Bijlage 3

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Werksessies – bevindingen en impressie

Werksessie 1 met groenmedewerkers van de gemeente Raalte Hieronder zijn van werksessie 1 de belangrijkste bevindingen opgenomen uit respectievelijk de plenaire vragenronde en de discussies binnen de werkgroepen. Plenaire uitkomsten en aanbevelingen 

De groenmedewerkers van de gemeente geven aan positief te staan tegenover het toepassen van ecologisch bermbeheer. Dat geldt voor zowel de mensen op de maaier als de beleidsmedewerkers

 

Het landschapsontwikkelingsplan (LOP) komt ter sprake. Het advies is om het LOP te benutten als raamwerk voor het uitwerken van de biodiverse bermenstrategie Besef dat bermbeheer meer is dan alleen maaien. Denk ook aan inzaaien en planten van

 

bollen, het schaven/afplaggen/afgraven van bermen Haak ook aan op het biodiversiteitsplan van de gemeente Zet ook in op het monitoren van het effect van ecologisch bermbeheer. Hierdoor legitimeer je

 

waarom ook over 10 jaar nog aan ecologisch bermbeheer gedaan moet worden Inventariseer de nulsituatie Een aantal medewerkers en machines zijn Kleurkeur gecertificeerd

 

   

Er wordt aangeraden om het bermbeheer in het omgevingsplan op te nemen Er wordt duidelijk dat men ook op zoek is naar praktische handvatten voor het uitvoeren van ecologisch bermbeheer. Denk aan voorbeelden als: hoe zorg ik dat een zandige afgegraven berm op een zo natuurlijk mogelijke manier snel vegetatie krijgt Raadpleeg de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) op bijzondere planten en dieren Borg dat de bermen in/langs de groene schil rondom de dorpen ook ecologisch worden gemaaid en betrek ook de droge dooradering Overweeg eventueel om-en-om-maaien. Jaar 1 de linkerkant, jaar 2 de rechterkant, jaar 3 de linkerkant, enzovoort Neem de waterschapskaart/legger ook mee in de kansenkaart. Als je ontvangstplicht hebt van slootvuil dan zijn de kansen voor ecologisch bermbeheer lager/kleiner

Opmerkingen en aanbevelingen van de werkgroepen Groep 1  Koppel de kansrijkheid ook aan het LOP en groene raamwerk + ecologisch gewenste   

verbinding tussen NNN-gebieden Landschapsontwikkelingsplan (LOP) actualiseren en vaststellen Raadpleeg ook de NDFF om beschermde flora in bermen in beeld te brengen

Kijk ook naar provinciale zoekgebieden voor ‘droge dooradering’. Zie natuurbeheerplan van BIJ12 Geef ook de N-wegen een kleur op basis van het maaibeheer van RWS

Op de Ramelerdijk bij Broekland is al veel ontwikkeld

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Gebieden met veel rode en oranje lijnen juist ook enkele groene lijnen creëren om de

 

gebieden op te plussen qua biodiversiteit Met deze benadering versterk je de schrale gebieden Leg verband met akkerranden die biologisch worden onderhouden

  

De omgeving ten noorden van Luttenberg is deels aangewezen als weidevogelgebied (zoekgebied) vanuit de provincie. Is het ook wenselijk om hier groene lijnen te creëren? Dorpskernen ook in verbinding zetten met groene lijnen. Opnieuw afwegen: Hollinksweg, Langs het kanaal, gedeelte Weleweg, Pleegsterdijk vanaf de Haansweg, Luttenbergerweg

Groep 2  Monitor elk jaar of de situatie verbetert door de bermen te inspecteren en foto’s te maken  Moet iedere meter strook wel gemaaid worden in verband met doodlopende wegen?   

Omliggende gebieden zijn niet in beheer bij Raalte. Daar hebben wij geen invloed op Focus op verbinden tussen de landgoederen ten noorden en zuiden van Heino Langs de wegen ten oosten van Heino staan te veel bomen. Hier groeit zelfs geen gras

  

De bermen van de Schoonheetenseweg zijn lastig te maaien. Weinig gras Voorstel is om aansluiting te zoeken met landgoed bij Broekland Het landbouwgebied ten westen van Raalte kleurt overwegend rood, maar is wel kansrijk

Te klein deel aan bermen bij Heeten

Groep 3   

De Bergweg en delen van de Luttenbergerweg zijn kansrijk Overweeg om-en-om maaien Delen van de Lemelerveldseweg hebben wel een brede berm

  

Een groene hoofdstructuur is makkelijk te creëren Delen van de Knikkenweg, Spanjaardsdijk, Flessendijk en Okkenbroekerstraat kansrijk Speelmansweg, Boetelerveldweg, Schoonhetenseweg en Portlanderdijk niet. Worden weinig

 

gemaaid in verband met landgoed Zuthemerweg niet. Veel bomen Raadpleeg de maaikaart van WDOD in verband met maaisel uit de sloot

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur B3.1 Notities groep 1

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur B3.2 Notities groep 2

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur B3.3 Notities groep 3

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur B3.4 Impressie van de werksessie

Werksessie 2 met NGO’s in Raalte Hieronder zijn van werksessie 2 de belangrijkste bevindingen opgenomen uit respectievelijk de plenaire vragenronde en de discussies binnen de werkgroepen. Plenaire uitkomsten en aanbevelingen  Bermen met bomen hebben ook potentie omdat bomen veel voedingstoffen gebruiken en er daardoor een schrale vegetatie ontstaat > in de afweging voor kansrijke bermen en sloten is daarom niet afgerekend op de aanwezigheid van bomen, maar berekend hoe veel schaduw er door bomen of gebouwen op de berm ontstaat. De aanwezigheid van bomen leidt dus niet direct tot een weinig kansrijke berm. Bermen met veel schaduw (95 % of hoger in het  

schaduwmodel) zijn als weinig kansrijk gescoord Men wil graag dat alles ecologisch wordt beheerd De basis van het bermbeheerbeleid moet een concept zijn. Dus niet lukraak in het ene deel

van de gemeente wel ecologisch bermbeheer (omdat daar een vrijwilliger actief is) en in het andere deel niet Denk aan de concepten: -

Een groene dooradering Oases in de ecologische woestijn Ecologische zones rondom bestaande natuur

Kenmerk

 

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Alles ecologisch beheren

Niet ecologisch beheren Moet je in een doodlopende weg de eerste meter van de berm wel structureel maaien? De klasse matig kansrijk een andere naam geven, bijvoorbeeld: voldoende kansrijk

 

Kijk naar de al aanwezige structuren en hang hier het maaibeleid aan op De delen die nu als niet kansrijk op de kaart staan, daar liggen de meeste kansen (omdenken). Hier moet je juist ecologisch beheer gaan toepassen

 

Gewasbeschermingsmiddelen zijn ook een groot probleem Kijk in de NDFF naar soorten zoals patrijs, ringslang, egel, enzovoort. En gebruik dit bij het bepalen van waar ecologisch bermbeheer wordt toegepast

 

Kijk naar wat er nu staat Bermen onder bomenrijen hoef je niet te maaien want hier staat nauwelijks vegetatie

Opmerkingen en aanbevelingen van de werkgroepen Werkgroep 1:   

Bij Luttenberg ontbreken ten onrechte de kansen Er liggen ook kansen bij de Broeklanderdijk en Ramelerdijk/weg Juist waar nu als minder kansrijk staat, zou ecologisch beheer méér kunnen opleveren (maar niet in één jaar)

Werkgroep 2:  

Ecologisch bermbeheer is gebaat bij minder gewasbeschermingsmiddelen Kansrijk voor biodiversiteit bij bomen vanwege verschraalde situatie. Bij Rameler/Broekland kansrijk

 

Ten zuiden van Heeten zitten patrijzen. Hier wordt patrijzen mengsel gezaaid Kansrijke bermen worden nu te kort gemaaid. Brem, orchideeën. Er zijn opnames gemaakt in 2024

Werkgroep 3:  De Lindertseweg + zijwegen ten oosten van Raalte zijn kansrijk   

De Nieuwe Deventerweg is kruidenrijk. Gunstig voor vlinders Wijheseweg is prima Broeklanderdijk is kansrijk. Potentieel voor fauna/flora

Verbinden met natuurstructuren binnen de kom en ecologische verbindingszones langs wegen buiten de kom

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur 3.6 Notities groep 1

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur 3.7 Notities groep 2

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur 3.8 Notities groep 3

Kenmerk

R001-1297264NJR-V03-hme-NL

Figuur 3.9 Impressie van de werksessie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=b39dd063-8244-4573-b6bc-f2cf5abf076d