Motivering Bopa Munstersestraat 3a
Tekst van het document
5.14
Duurzaamheid en klimaatadaptatie
In het projectvoornemen is rekening gehouden met de opgaven die er liggen op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie. Met het voornemen wordt dan ook een oud gebouw gesloopt en een nieuw woonappartementencomplex gerealiseerd. Het nieuwe complex zal voldoen aan de wensen en eisen van deze tijd. Verder wordt er bij het realiseren van de levensloopbestendige appartementen rekening gehouden met duurzaamheid. De appartementen worden allen duurzaam en gasloos gebouwd, met gebruikmaking van goede materialen. Zo worden de appartementen optimaal geïsoleerd en voorzien van een luchtwarmtepomp (met de optie ook te koelen) en een WTW (warmte-terug-win) ventilatie systeem. Daarbij is gekeken zoveel mogelijk groen ter plaatse te behouden. Al met al kan hieruit worden geconcludeerd dat er als gevolg van het projectvoornemen sprake is van een verbeterde situatie voor wat betreft duurzaamheid.
BJZ.nu Gemeente Raalte
45
Raalte, Munstersestraat 3a Motivering
HOOFDSTUK 6 6.1
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Algemeen
In deze paragraaf wordt getoetst of de betreffende ontwikkeling niet evident onuitvoerbaar is. Vastgesteld moet kunnen worden dat er geen financieel-economische redenen zijn waardoor het op voorhand aannemelijk is dat de ontwikkeling niet uitgevoerd kan worden.
6.2
Kostenverhaal
Overheden zijn verplicht om de kosten te verhalen. Het afsluiten van een overeenkomst tussen de initiatiefnemer van de bouwactiviteit en het bevoegd gezag heeft daarbij de voorkeur. Als het niet mogelijk is een overeenkomst af te sluiten, is de publiekrechtelijke weg verplicht. Dan verhaalt het bevoegd gezag de kosten op basis van de regels in een omgevingsplan, een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of een projectbesluit. Kostenverhaal geldt voor kostenverhaalplichtige activiteiten. Het Omgevingsbesluit bevat relevante regels over (verplicht) kostenverhaal (zie artikel 8.13 Ob voor aangewezen activiteiten waarvoor kostenverhaal verplicht is, artikel 8.14 Ob voor de mogelijkheden om af te zien van kostenverhaal en artikel 8.15 Ob voor de kostensoortenlijst). Pas nadat is betaald, is het toegestaan de activiteiten uit te voeren (zie artikel 13.12 Ow). Eén van de bouwactiviteiten waarvoor kosten verhaald worden is de bouw van een of meer gebouwen met een woonfunctie (zie artikel 8.13 aanhef en sub a Ob). Er zijn bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet nog geen activiteiten vanwege gebruikswijzigingen aangewezen.
6.3
Situatie projectgebied
In het voorliggende geval is een overeenkomst gesloten tussen initiatiefnemer en gemeente. Hierin wordt tevens het risico van nadeelcompensatie opgenomen, zodat het kostenverhaal voor de gemeente volledig is verzekerd. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven.
BJZ.nu Gemeente Raalte
46
Raalte, Munstersestraat 3a Motivering
HOOFDSTUK 7
MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID
7.1
Participatie
7.1.1
Participatieproces
In verband met de buurt participatie is er op 18 april 2023 een inloopmiddag geweest voor de directe omwonenden. Deze inloop was goed bezocht en overwegend positief ontvangen. Ten aanzien van de opmerkingen is het plan op enkele punten gewijzigd. Er waren enkele bedenkingen m.b.t. de breedte van het gebouw en het behoud van enkele bomen. Naar aanleiding hiervan is onder meer de bomeneffect analyse gemaakt en is het gebouw in breedte aangepast en anders gesitueerd. Zodoende zijn enkele bomen bewaard gebleven. Daarnaast is met de situering en breedte van het pand geschoven zodat deze architectonisch minder massaal oogt. Na de inloopavond is nogmaals een flyer verstuurd naar de omwonende maar daarin nadere informatie. Het verslag van de participatie en flyer is opgenomen als bijlage 11 bij deze motivering. Daarnaast zijn er gesprekken geweest met omwonende en betrokken partijen. Initiatiefnemers hebben hierin meerdere gesprekken gevoerd. Hierin zijn ook afspraken gemaakt hoe omwonende en de Plaskerk geholpen kunnen worden en zo min mogelijk hinder ondervinden. En tevens hun privacy kunnen bewaken. Deze plannen worden nader uitgewerkt en in goed overleg gekeken naar wat mogelijk is.
7.2
Vooroverleg instanties
7.2.1
Het Rijk
In het Bkl zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Geoordeeld wordt dat voorliggend initiatief geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 7.2.2
Provincie Overijssel
Het principeverzoek is al met de ketenpartners van de gemeente Raalte als vooroverleg aangeboden. De provincie heeft op het plan positief gereageerd. 7.2.3
Waterschap Drents Overijsselse Delta
Het waterschap Drents Overijsselse Delta is geïnformeerd over het project door gebruik te maken van de digitale watertoets. Op basis van deze digitale toetsing valt de ontwikkeling onder de korte procedure.
BJZ.nu Gemeente Raalte
47
Raalte, Munstersestraat 3a Motivering
BIJLAGEN BIJ DE RUIMTELIJKE MOTIVERING Bijlage 1
Stedenbouwkundig plan
BJZ.nu Gemeente Raalte
48
2 2 19 _O n t wi kke ling M uns te rs e s t r a a t 3 a , Ra a l t e Nieuwbouw 15 appartementen aan de Munstersestraat 3a te Raalte 22-04-2024
Luchtfoto
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Situatiefoto’s
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Bestemmingsplankaart
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Situatie schaal 1:500
Begane grond 6 appartementen 1e verdieping 6 appartementen 2e verdieping (kap) 3 penthouses Totaal 15 appartementen 21 parkeerplaatsen in kelder
0 ca. 300
0 ca. 300
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Kelder (2000-P) schaal 1:200
Begane grond 6 appartementen 1e verdieping 6 appartementen 2e verdieping (kap) 3 penthouses Totaal 15 appartementen 21 parkeerplaatsen in kelder
lift
B 36880
B trappenhuis
B B B B B
B
B
B
B B
B
B
B
29830
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Plattegronden Begane grond
schaal 1:200
1
2
6 lift
3 36880
trappenhuis
trappenhuis
5
4
29830
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Eerste verdieping
schaal 1:100
7
8
12 lift
9 36880
trappenhuis
trappenhuis
11
10
29830
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Tweede verdieping
schaal 1:100
14 13 38100
lift
trappenhuis
trappenhuis
15
29900
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Impressie
2219 | Ontwikkeling Munstersestraat 3a, Raalte | 22.04.2024
Raalte, Munstersestraat 3a Motivering
Bijlage 2
Bomeneffecten analyse
BJZ.nu Gemeente Raalte
49
2 2 19 _O n t wi kke ling M uns te rs e s t r a a t 3 a , Ra a l t e Bomen 07-01-2026
Overzicht bestaande bomen in het plan
schaal 1:500
deze boom is in het voorjaar 2025 omgewaaid
2219 | Bomen Munstersestraat 3a, Raalte | 07.01.2026
Te rooien bomen
schaal 1:500
deze boom is in het voorjaar 2025 omgewaaid
2219 | Bomen Munstersestraat 3a, Raalte | 07.01.2026
Bomeninventarisatiegegevens Bijlage 2a inventarisatiegegevens Boomnr. Boomsoort 1 Abies grandis 2 Fagus sylvatica 3 Taxus baccata
Boomsoort Nederlands Boomtype Reuzenzilverspar Niet vrij uitgroeiende boom Gewone beuk Niet vrij uitgroeiende boom Venijnboom Niet vrij uitgroeiende boom
Standplaats Gazon Heesters Heesters
4 5
Fagus sylvatica 'Atropunicea' Acer platanoides
Bruine beuk Noorse esdoorn
Niet vrij uitgroeiende boom Elementenverharding 100> cm Niet vrij uitgroeiende boom Heesters 50-100 cm
120 79
24> mtr 18-24 mtr
14 14
7 Redelijk > 15 jaar 7 Goed > 15 jaar
6 7 8
Acer saccharinum Ilex aquifolium Taxus baccata
Zilveresdoorn Gewone hulst Venijnboom
Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen
100> cm 15-30 cm 15-30 cm
167 23 22
18-24 mtr 12-18 mtr 0-6 mtr
12 8 6
6 Matig 4 Goed 3 Goed
5 - 10 jaar > 15 jaar > 15 jaar
9 10
Chamaecyparis lawsoniana Prunus laurocerasus
Californische cipres Laurierkers
Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen
30-50 cm 15-30 cm
45 26
12-18 mtr 12-18 mtr
10 9
5 Goed 4,5 Goed
> 15 jaar > 15 jaar
11 12
Morus alba Carpinus betulus
Witte moerbei Haagbeuk
Niet vrij uitgroeiende boom Gazon Niet vrij uitgroeiende boom Bosplantsoen
30-50 cm 30-50 cm
35
0-6 mtr 18-24 mtr
6 9
3 Slecht 4,5 Goed
< 5 jaar > 15 jaar
13 14 15 16 17 18 19 20 21
Carpinus betulus Fagus sylvatica Fagus sylvatica Carpinus betulus Fagus sylvatica Quercus robur Quercus robur Quercus robur Acer pseudoplatanus
Haagbeuk Gewone beuk Gewone beuk Haagbeuk Gewone beuk Zomereik Zomereik Zomereik Gewone esdoorn
Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom Niet vrij uitgroeiende boom
30-50 cm 30-50 cm 50-100 cm 30-50 cm 15-30 cm 30-50 cm 30-50 cm 30-50 cm 50-100 cm
48 43 47 75
12-18 mtr 12-18 mtr 24> mtr 18-24 mtr 12-18 mtr 18-24 mtr 18-24 mtr 18-24 mtr 24> mtr
9 9 14 12 8 10 12 12 16
4,5 Matig 4,5 Redelijk 7 Goed 6 Redelijk 4 Goed 5 Redelijk 6 Redelijk 6 Redelijk 8 Goed
5 - 10 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar
22
Acer saccharinum
Zilveresdoorn
Niet vrij uitgroeiende boom Gazon
180
6-12 mtr
4
2 Dood
< 1 jaar
Bosplantsoen Bosplantsoen Bosplantsoen Bosplantsoen Heesters Heesters Heesters Heesters Gazon
Stamdiameterklasse (cm) Stamdiameter (exact) Boomhoogteklasse (m) Kroondiameter Kroonstraal Conditie Toekomstverwachting 100> cm 105 24> mtr 12 6 Redelijk 10 - 15 jaar 50-100 cm 59 24> mtr 14 7 Goed > 15 jaar 30-50 cm 30 6-12 mtr 7 3,5 Goed > 15 jaar
100> cm
33 60 36
2219 | Bomen Munstersestraat 3a, Raalte | 07.01.2026
Herplant bomen
schaal 1:500
2219 | Bomen Munstersestraat 3a, Raalte | 07.01.2026
Eindsituatie schaal 1:500
Raalte, Munstersestraat 3a Motivering
Bijlage 3
Verkennend en nader bodemonderzoek
BJZ.nu Gemeente Raalte
50
Verkennend- en Nader Bodemonderzoek
Project:
2025-023
Locatie:
Munstersestraat 3a te Raalte
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Verkennend- en Nader Bodemonderzoek
Munstersestraat 3a te Raalte
Opdrachtgever:
BJZ.nu Twentepoort oost 16a 7609 RG Almelo
Adviesbureau:
Dumea Bornsestraat 24 7597 NE Saasveld
Status:
Definitief
Versie:
2
Datum versie:
25 juli 2025
Projectnummer:
2025-023
Auteur:
Joost Stevelink*
Paraaf:
Kwaliteitscontrole:
Niek Hesselink*
Paraaf:
Veldwerkers:
Mark Morsink, Ruud Steggink*
*De vermelde personen zijn akkoord met de openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVG-privacy wetgeving.
2025-023
25-07-2025
Pagina 2 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Inhoudsopgave
1
3
4
5
6
Pagina
Inleiding
4
2 Vooronderzoek
5
2.1 Locatie gegevens
5
2.2 Algemene informatie locatie
5
2.3 Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek
6
2.4 Directe omgeving locatie
6
2.6 Vooronderzoek PFAS
7
2.7 Vooronderzoek 5707 Asbest
8
2.8 Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest
8
Onderzoeksprogramma verkennend bodemonderzoek
9
3.1 Hypothesestelling
9
3.2 Onderzoeksopzet
10
3.3 Analysestrategie
10
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek
12
4.1 Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen
12
4.2 Analyseresultaten
13
4.3 Toetsing van de hypothese
16
4.4 Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
16
Nader bodemonderzoek NTA5755
17
5.1 Conceptueel model NTA 5755
17
5.2 Onderzoeksopzet
18
5.3 Analysestrategie
18
5.4 Zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten
19
5.5 Toetsing conceptueel model koperverontreiniging
21
Samenvatting en conclusie
22
Bijlage I:
Situering van de locatie
Bijlage II:
Situering van de locatie
Bijlage III:
Overzichtstekening boorpunten
Bijlage IV:
Boorstaten
Bijlage V:
Analysecertificaten en Overschrijdingstabellen
Bijlage VI:
Foto's
2025-023
25-07-2025
Pagina 3 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
1
Inleiding
In opdracht van BJZ.nu heeft Dumea een verkennend- en nader bodemonderzoek uitgevoerd op de Munstersestraat 3a te Raalte. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage I. In onderhavig onderzoek is het verkennend bodemonderzoek uitgebreid met een asbest in grondonderzoek. Aanleiding van het onderzoek is in het kader van voorgenomen sloop- en nieuwbouwactiviteiten. Doel van het onderzoek is het door middel van een steekproef conform het soort bodemonderzoek, nagaan van de huidige kwaliteit van de grond op de locatie. Het doel van het nader onderzoek is om een zo goed mogelijk beeld te verkrijgen van de aangetroffen verontreinigingen uit het verkennend onderzoek. Het verkennend- en nader onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen: •
NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (NEN5725:2023);
•
NEN 5740 Bodem - Landbodem - strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (NEN5740:2023);
•
NTA 5755:2010 Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek –
•
Onderzoek naar de aard en omvang van de verontreiniging NEN 5707 Bodem – Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem. (NEN 5707+C2:2017)
•
BRL SIKB Protocol 2001 “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen”
•
BRL SIKB Protocol 2002 “Het nemen van grondwatermonsters”
•
BRL SIKB Protocol 2018 “Locatie inspectie en monsterneming van asbest in bodem"
Dumea is een handelsnaam van Terra Agribusiness. Het procescertificaat van Terra Agribusiness en het hierbij behorende keurmerk (BRL SIKB 2000) zijn van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundig veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart Terra Agribusiness op geen enkele wijze gelieerd te zijn aan de te onderzoeken projectlocatie, zowel in juridische, financiële of personele sfeer. De opbouw van dit rapport wordt als volgt weergegeven: •
vooronderzoek naar historie en bodemgesteldheid;
•
opstellen van een hypothese;
•
opstellen van een onderzoeksstrategie;
•
resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek;
•
conclusies, aanbevelingen en samenvatting.
In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot Dumea en zo nodig tot de certificerendeinstelling (Normec). 2025-023
25-07-2025
Pagina 4 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
2
Vooronderzoek
Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de onderzoeksstrategie op de locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De onderstaande informatie is afkomstig uit: Tabel 1 Bronnen vooronderzoek Bron
Omschrijving
www.ahn.nl
AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland)
www.bodemloket.nl
Bodemloket van Nederland
www.topotijdreis.nl
Historische kaarten
www.dinoloket.nl
Ondergrond gegevens van Nederland
BAG viewer
Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG)
Gemeente Raalte
Historische informatie van de gemeente
Omgevingsdienst IJsselland
Historische informatie van de omgevingsdienst
Bodematlas Provincie Overijssel
Bodem gerelateerde informatie van de Provincie Overijssel
Informatie Opdrachtgever
BJZ.nu
Inspectie onderzoekslocatie
Visueel inspectie van de locatie
2.1
Locatie gegevens
Gegevens over de locatie zijn weergegeven in onderstaande tabel Tabel 2 Locatiegegevens Adres onderzoekslocatie
Munstersestraat 3a te Raalte
Kadastrale gemeente
Raalte
Sectie
L
Percelen
6448
Oppervlakte van de onderzoekslocatie
<4000 m2
Eigenaar/ gebruiker
-
Korte beschrijving van de onderzoekslocatie
De onderzoekslocatie betreft een perceel met een woning en bijgebouwen
Bebouwing
Op de onderzoekslocatie staat een woning met een aantal bijgebouwen
Verharding
De onderzoekslocatie is grotendeels onverhard
2.2
Algemene informatie locatie
De locatie betreft een perceel met een woning en bijgebouwen met tuin in het centrum van Raalte. Initiatiefnemer is voornemens het bestaande pand te slopen en een appartementencomplex met parkeerkelder te realiseren. Op historische kaarten is vanaf 1891 bebouwing zichtbaar. Volgens het BAG-register is het pand vanaf 1900 aanwezig op de locatie. Volgens het register zijn ook de bijgebouwen vanaf 1900 aanwezig op de locatie. Op historische kaarten is te zien dat afgelopen decennia wisselende bebouwing aanwezig is geweest op de locatie. Op historische kaarten zijn van 1956 tot en met 1975 op een deel van de locatie kenmerken te zien van een boomgaard. Het inrit naar het pand bestaat uit halfverharding van grind.
2025-023
25-07-2025
Pagina 5 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Het terrein is, voor zover bekend, niet opgehoogd. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten en/of bedrijfsactiviteiten voorgedaan die van invloed zijn geweest op de bodemkwaliteit van onderhavige onderzoekslocatie. Tevens is er voor zover bekend, op de locatie nooit opslag aanwezig geweest van chemicaliën of brandstoffen zoals huisbrandolie of diesel. In het kader van het vooronderzoek is op 21 januari, 5 februari en 12 februari 2025 een verzoek gericht aan de gemeente Raalte voor het aanleveren van historische bodeminformatie. Tot heden is geen reactie ontvangen. Er is verder geen bodemrelevante informatie van de onderzoekslocatie bekend bij de geraadpleegde bronnen.
2.3
Eerder uitgevoerd (bodem)onderzoek
Voor zover bekend zijn er in het verleden op de locatie geen bodemonderzoeken uitgevoerd.
2.4
Directe omgeving locatie
De onderzoekslocatie bevindt zich in Raalte. In de directe omgeving bevinden zich voornamelijk woonhuizen, en infrastructuur. De directe omgeving werd in het verleden op historische kaarten aangeduid als “Westdorp”. In de directe omgeving zijn meerdere bodemonderzoeken en saneringen uitgevoerd. De meeste hebben op ruime afstand (>25 meter) van onderhavige onderzoekslocatie plaatsgevonden en zijn derhalve niet relevant. Er is verder geen bodemrelevante informatie van de directe omgeving van de onderzoekslocatie bekend welke mogelijk invloed heeft gehad op de bodemkwaliteit ter plaatse van onderzoekslocatie.
2025-023
25-07-2025
Pagina 6 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
2.5 Regionale bodemopbouw en geohydrologie De regionale geohydrologische bodemopbouw is weergegeven in onderstaande figuur. Figuur 1 Geologisch opbouw landelijk model DGM v2.2
De boorlocatie bevindt zich circa 6 meter boven NAP. De regionale grondwaterstroming is vermoedelijk noordwestelijk.
2.6
Vooronderzoek PFAS
PFAS komt op verschillende manieren in het grond- en grondwatersysteem in Nederland terecht. Bij lokaal gebruik en calamiteiten leidt dit tot het 'klassieke' bron-grondwaterpluim beeld. Het meest verdacht voor PFAS in het milieu zijn die locaties waar PFAS worden geproduceerd. Ook brandweer-oefen-plaatsen waar met grote regelmaat brandblusschuim is toegepast, zijn verdacht. Er zijn echter ook vele andere toepassingen van PFAS die kunnen leiden tot een grond- of grondwaterverontreiniging. In het handelingskader van het Expertisecentrum PFAS zijn alle bedrijfsactiviteiten en toepassingen beschreven waar PFAS wordt gebruikt en de kans dat daarbij PFAS in het milieu vrijkomt. Uit historisch onderzoek van onderhavig onderzoekslocatie blijkt dat geen van de beschreven toepassingen uit het handelingskader plaats heeft gevonden op of nabij de onderzoekslocatie. Op basis van de verkregen informatie kan gesteld worden dat de onderzoekslocatie als onverdacht gedefinieerd kan worden met betrekking tot PFAS in de bodem.
2025-023
25-07-2025
Pagina 7 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
2.7
Vooronderzoek 5707 Asbest
Uit de verkregen historische informatie blijkt dat vanaf circa 1891 bebouwing op de locatie aanwezig is. Het is mogelijk dat tijdens (ver)bouwwerkzaamheden asbest in de gebouwen verwerkt is. De daken van de opstallen op de locatie bevatten geen asbesthoudende dakbedekking. Door het jarenlange gebruik en de wisselende bebouwing in het verleden wordt de locatie als verdacht beschouwd met betrekking tot de aanwezigheid van asbest in de bodem. 2.8
Visuele inspectie bodemoppervlak op asbest
Op 18 februari 2025 is de locatie visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De maaiveldinspectie is uitgevoerd conform de NEN 5707. Het maaiveld van de onderzoekslocatie is verdeeld in stroken van ongeveer 1m breed en is strook voor strook in 2 richtingen haaks op elkaar geïnspecteerd. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de maaiveldinspectie beknopt weergegeven. Tabel 3 Maaiveldinspectie NEN 5707 Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte geïnspecteerde locatie
< 4000 m2
Conditie toplaag
Droog
Beperkingen van de inspectie
Neerslag: geen, >25% vegetatie
Weersomstandigheden
Zicht: > 50m
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Nee
Opmerking
De maaiveldinspectie werd beperkt door de vegetatie
Resultaat maaiveld inspectie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen asbestverdacht materiaal op het maaiveld aangetroffen.
2025-023
25-07-2025
Pagina 8 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
3
Onderzoeksprogramma verkennend bodemonderzoek
3.1
Hypothesestelling
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op basis van de resultaten van het vooronderzoek zijn voor de locatie één of meer hypotheses geformuleerd ten aanzien van grond en grondwaterverontreiniging. Op basis van het historisch vooronderzoek blijkt dat de locatie een woning met bijgebouw en tuin betreft. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd en wordt als best passende strategie VED-HE gehanteerd. De bovengrond van de onderzoekslocatie kan als verdacht worden beschouwd met betrekking tot de chemische parameters alsmede asbest. In het kader van de NEN5740 en NEN5707 dient de bovengrond onderzocht te worden conform onderzoeksstrategie VED-HE. De ondergrond kan als onverdacht beschouwd worden. Omdat de locatie vermoedelijk in het verleden in gebruik is geweest als boomgaard zal de bovengrond tevens onderzocht worden op bestrijdingsmiddelen (OCB’s). In verband met de realisatie van een parkeerkelder en mogelijke afvoer van grond is besloten om de boven- en ondergrond eveneens te analyseren op de aanwezigheid van PFAS. Tijdens het veldwerk wordt de locatie geïnspecteerd en zullen de boringen zintuiglijk worden beoordeeld. Bij zintuiglijk bijzondere waarnemingen kan de strategie nog worden aangepast. De volgende deellocaties en hypotheses worden aangehouden: Tabel 4 Deellocaties en hypothese NEN5740 Locatie
Hypothese
Verdachte stoffen
Opmerking
Gehele locatie
Verdacht (VED-HE)
Zware metalen, PAK, OCB’s
-
Verkennend bodemonderzoek NEN 5707 Het asbest in grondonderzoek heeft tot doel het globaal vaststellen van het gemiddelde asbestgehalte van de deellocatie (ruimtelijke eenheid) en het vaststellen van de globale omvang van een eventueel aanwezige asbestverontreiniging. Tabel 5 Deellocaties en hypothese NEN5707 Locatie
Hypothese
Verdachte stoffen
Opmerking
Gehele locatie
Verdacht (VED-HE)
Asbest in grond
-
2025-023
25-07-2025
Pagina 9 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
3.2
Onderzoeksopzet
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 18 februari 2025 (plaatsing peilbuis en monstername grond), 27 februari 2025 (monstername grondwater). De positie van de boorlocaties zijn weergegeven in bijlage III. Tabel 6 Onderzoeksopzet NEN 5740 (VED-HE) Locatie
Ondiepe boringen1
Diepe boringen2
Peilbuizen
Analyses grond
Analyses water
Gehele locatie
12
2
1
3x STAP* + OCB’s 4x PFAS
1x STAP*
STAP: Standaard stoffenpakket grond en grondwater
* 1
Ondiepe boringen standaard tot 0,5 m-mv.
2
Diepe boringen tot de grondwaterstand met een minimum van1,0 m-mv en een maximum van 2,0 m-mv.
Tabel 7 Onderzoeksopzet NEN 5707 Locatie
Proefgaten ondiep1
Proefgaten met diepe boring2
Analyses asbest in grond3
Gehele locatie
12
2
3
1
Ondiep proefgat standaard 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh).
2
Standaard proefgat van 0,3m x 0,3m x 0,5m (lxbxh) diep doorgeboord met edelmanboor Ø 12cm.
3
Analyse conform NEN5898; aantal analyses asbest in materiaal op basis van zintuiglijke waarnemingen in het veld.
3.3
Analysestrategie
Ten behoeve van het analytisch onderzoek zijn op het laboratorium mengmonsters samengesteld. In de onderstaande tabel is de samenstelling van de monsters verwerkt. De aangetroffen situatie ten tijde van de uitvoering van de veldwerkzaamheden gaf geen aanleiding tot het aanpassen van de onderzoeksstrategie. Tabel 8 Analyse onderzochte monsters NEN 5740 Analyse monster
Traject (m-mv)
Deelmonsters
Analyse
BM1
0,00 - 0,50
12 (0,00 - 0,50) 15 (0,05 - 0,50)
NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000), PFAS 28 standaardpakket handelingskader 2019
12-1
0,00 - 0,50
12 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
15-1
0,05 - 0,50
15 (0,05 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
11-1
0,00 - 0,50
11 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
14-1
0,00 - 0,50
14 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
BM2
0,05 - 0,50
02 (0,10 - 0,50) 03 (0,10 - 0,50) 04 (0,10 - 0,50) 07 (0,05 - 0,50)
NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000), PFAS 28 standaardpakket handelingskader 2019
BM3
0,00 - 0,50
05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50)
NEN 5740 standaard+struct+OCB(incl vbh) (AS3000), PFAS 28 standaardpakket handelingskader 2019
OM1
0,50 - 1,50
01 (0,50 - 0,90) 01 (0,90 - 1,40) 08 (0,50 - 1,00) 08 (1,10 - 1,50)
AS3000 NEN 5740 Standaard incl struct excl voorb, PFAS 28 standaardpakket handelingskader 2019
2025-023
25-07-2025
Pagina 10 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Analyse monster
Traject (m-mv)
Analyse
Pb01wm1
2,00 - 3,00
NEN 5740gw standaardpakket (AS3000)
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab BV. Alle analyses zijn AS3000 erkende verrichtingen.
Motivatie analysestrategie Conform de NEN5740 strategie VED-HE-NL, dienen er 3 grondmonsters in de verdachte laag geanalyseerd te worden. Op basis van het historische gebruik van de locatie is de bovengrond de meest verdachte laag. Op basis van zintuiglijke waarnemingen en het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie is besloten om 3 mengmonsters van de bovengrond (BM1, BM2 en BM3) en 1 mengmonster van de ondergrond (OM1) te analyseren. Daarnaast zijn ten behoeve van de verhoging in het mengmonster BM1 separate monsters geselecteerd. Tabel 9 Analyse onderzochte monsters NEN 5707 Analyse monster
Traject (m-mv)
Deelmonster
Analyse
MM1
0,00 - 0,50
12 (0,00 - 0,50) 15 (0,05 - 0,50)
Asbest NEN5898 (10 kg)
0,05 - 0,50
02 (0,10 - 0,50) 03 (0,10 - 0,50) 04 (0,10 - 0,50) 07 (0,05 - 0,50)
Asbest NEN5898 (10 kg)
0,00 - 0,50
05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50)
Asbest NEN5898 (10 kg)
MM2
MM3
Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen.
Gezien de zintuiglijke waarnemingen kan gesteld worden dat de homogeniteit van de verschillende inspectiegaten voldoende aanwezig is.
2025-023
25-07-2025
Pagina 11 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
4
Onderzoeksresultaten verkennend bodemonderzoek
4.1
Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen
In bijlage V zijn de visuele waarnemingen in de vorm van boorprofielen weergegeven. Veldwaarnemingen De bovengrond bestaat uit matig fijn en zeer fijn zand, licht tot matig siltig en zwak tot matig humeus. De ondergrond bestaat eveneens uit matig tot zeer fijn zand, zwak siltig en plaatselijk zwak humeus. In de onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven: Tabel 10 Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring/Gat
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
01
3,00
0,00 - 0,50
Zand
sporen puin
02
1,50
0,00 - 0,10 0,10 - 0,50
03
0,50
0,00 - 0,10 0,10 - 0,50
04
0,50
volledig grind Zand
zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend volledig grind
Zand
0,00 - 0,10
sporen baksteen, sporen grind volledig grind
0,10 - 0,50
Zand
sporen baksteen, sporen grind
07
0,50
0,05 - 0,50
Zand
sporen puin
10
0,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen grind
11
0,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen grind
12
0,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen grind, matig puinhoudend, brokken baksteen
13
0,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen grind, matig wortelhoudend
14
0,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen grind, zwak wortelhoudend
15
0,50
0,05 - 0,50
Zand
matig puinhoudend
Er is geen asbestverdacht materiaal aan het oppervlak, inspectiegaten en in de boringen aangetroffen. De grondmengmonsters BM1 en MM1 zijn samengesteld uit de individuele matig puinhoudende grondmonsters van de bovengrond, noordwestelijk gelegen op de onderzoekslocatie. De grondmengmonsters BM2 en MM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters met sporen baksteen van de bovengrond, centraal gelegen op de onderzoekslocatie. De grondmengmonsters BM3 en MM3 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond, centraal gelegen op de onderzoekslocatie. Het mengmonster OM1 is samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond van de onderzoekslocatie. De mengmonsters ten behoeve van de NEN5740 zijn samengevoegd door AL-West Agrolab. De mengmonsters ten behoeve van de NEN5707 zijn tijdens het veldwerk samengevoegd.
2025-023
25-07-2025
Pagina 12 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Grondwater De filterbuis wordt minimaal een halve meter beneden de grondwaterspiegel geplaatst, waarna de dichte buis tot iets boven maaiveld wordt gemonteerd en afgedicht met bentoniet om instroom van oppervlaktewater te voorkomen. In onderstaande tabel zijn de gegevens betreffende de grondwaterbemonstering opgenomen: Tabel 11 Metingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Pb01wm1
2,00 - 3,00
1,45
6,6
688
3,4
Geen van de gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden.
4.2
Analyseresultaten
De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in bijlage V. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab. Deze analyses zijn allen AS3000 erkende verrichtingen. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5707 zijn geanalyseerd door ACMAA Laboratorium te Deurningen. Tabel 12 Kwaliteitsklassen grond (T101 Omgevingswet) Kwaliteitseis
Ondergrens van kwaliteitsklasse
Bovengrens van kwaliteitsklasse
Voormalige benaming (voor inwerkingtreding Omgevingswet
Landbouw/natuur
-
Landbouw/natuur
Achtergrondwaarde
Wonen
Landbouw/natuur
Wonen
Klasse Wonen
Industrie
Wonen
Industrie
Klasse Industrie
Matig verontreinigd
Industrie
Interventiewaarde bodemkwaliteit
Niet toepasbaar en niet sterk verontreinigd (beneden interventiewaarde)
Sterk verontreinigd
Interventiewaarde bodemkwaliteit
-
Niet toepasbaar en sterk verontreinigd (boven interventiewaarde)
Tabel 13 Beoordeling aan de interventiewaarde bodemkwaliteit landbodem (T130 Omgevingswet) Kwaliteitseis Kleiner of gelijk aan de Interventiewaarde
Omvang bodemvolume grondverzet <25 m3 Geen regels
Algemene regels uit Bal
Groter dan Interventiewaarde Geen regels of bruidsschat
2025-023
Omvang bodemvolume grondverzet >25 m3
25-07-2025
Algemene regels uit Bal (zwaardere variant)
Pagina 13 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
In de Omgevingswet is de toetsing voor grondwater komen te vervallen. Derhalve zal het grondwater getoetst worden aan het toetsingskader van de Wet bodembescherming. Tabel 14 Toetsingskader Wbb (grondwater) Concentratie
Betekenis
Opmerking
Code
≤ streefwaarde
Niet verontreinigd
Geen aanvullend onderzoek nodig
-
> streefwaarde ≤ T-waarde
Licht verontreinigd
Geen aanvullend onderzoek nodig
*
> T-waarde ≤ I-waarde
Matig verontreinigd
Mogelijk nader bodemonderzoek noodzakelijk
**
> I-waarde
Sterk verontreinigd
Nader bodemonderzoek noodzakelijk; ***
mogelijk sprake van ernstige bodemverontreiniging
Toelichting: De halve som van de AW- en I-waarden ((AW+I)/2 = T-waarde) is een toetsingswaarde waarboven er een vermoeden is van grondwaterverontreiniging. Door middel van aanvullend onderzoek moet dit vermoeden worden getoetst. De I-waarden zijn de ‘interventiewaarden’. Als de I-waarde voor een stof wordt overschreden in meer dan meer dan 100 m3 grondwater (bodemvolume), dan wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
Tabel 15 Analyseresultaten NEN 5740 Indicatieve Kwaliteitsklasse
Beoordeling interventiewaarde
alfa-HCH++1, Zn++, Hg+, Pb++, PAK+
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
12 (0,00 - 0,50)
Pb++
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
0,05 - 0,50
15 (0,05 - 0,50)
Pb++
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
11-1
0,00 - 0,50
11 (0,00 - 0,50)
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
14-1
0,00 - 0,50
14 (0,00 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
BM2
0,05 - 0,50
02 (0,10 - 0,50) 03 (0,10 - 0,50) 04 (0,10 - 0,50) 07 (0,05 - 0,50)
Cu+, Hg+, Pb+
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
BM3
0,00 - 0,50
05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50)
Hg+, Pb+
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
OM1
0,50 - 1,50
01 (0,50 - 0,90) 01 (0,90 - 1,40) 08 (0,50 - 1,00) 08 (1,10 - 1,50)
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
Pb01wm1
2,00 - 3,00
Pb01
Tetrachlooretheen (Per)*
Monster
Traject (m-mv)
Samenstelling
Verhogingen
BM1
0,00 - 0,50
12 (0,00 - 0,50) 15 (0,05 - 0,50)
12-1
0,00 - 0,50
15-1
+ groter dan landbouw/natuur
* groter dan streefwaarde
++ groter dan wonen
** groter dan tussenwaarde
+++ groter dan industrie
*** groter dan interventiewaarde
++++ groter dan matig verontreinigd 1
Verhoogde rapportagegrens geconstateerd door BoToVa service
2025-023
25-07-2025
Pagina 14 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Naar aanleiding van de matig verhoogde concentratie in het bovengrondmengmonster BM1 zijn de separate deelmonsters geanalyseerd op lood. Daarnaast zijn de monsters 11-1 en 14-1 aanvullend geanalyseerd op lood om hier de kwaliteit van de bodem te kunnen bepalen. De oorzaak voor de verhoogde gehalten in de bovengrond zijn mogelijk te relateren aan de puinbijmengingen.
Tabel 16 Analyseresultaten PFAS Parameter
Resultaat BM1
Resultaat BM2
Resultaat BM3
Resultaat OM1
Maximale waarden bodemkwaliteitsklasse AW
WO
IND
PFAS** PFOS
0,75
0,35
0,57
0,25
1,4
3,0
3,0
PFOA
0,44
0,73
0,47
0,32
1,9
7,0
7,0
Overige PFAS
<0,1
<0,1
<0,1
<0,1
1,4
3,0
3,0
Toetsing
AW
AW
AW
AW
**
Gehaltes PFAS in μg/kg
Toetsing Hadelingskader PFAS AW
Klasse Achtergrondwaarde
WO
Klasse Wonen
IND
Klasse Industrie
NT
Niet Toepasbaar
Er zijn geen verhoogde gehalten PFAS aangetoond boven de toepassingsnorm. De analyses PFAS zijn onderzocht tot een maximale diepte van 1,50 m-mv. In het kader van de graafwerkzaamheden voor de fundering en een ondergrondse parkeerkelder zal ook dieper worden gegraven dan de onderzochte lagen. Voor PFAS is om 2020 een bodemkwaliteitskaart opgesteld voor de regio IJsselland, welke is vergeleken met recente onderzoeksgegevens (2020-2023). Uit de resultaten blijkt dat PFAS, met uitzondering van enkele locaties, geen belemmering vormt voor grondverzet. De gehalten liggen namelijk zowel in de bovengrond als in de ondergrond onder de achtergrondwaarden (Landbouw/Natuur). Onderhavige onderzoekslocatie valt niet in deze uitzonderingen. Op basis van onderhavige onderzoeksresultaten kan gesteld worden dat de diepere ondergrond onverdacht is op het voorkomen van een verontreiniging met chemische parameters en PFAS. De afvoer van de diepere ondergrond kan, naar ons inziens, op basis van de bodemkwaliteitskaart en onderhavig onderzoek.
2025-023
25-07-2025
Pagina 15 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Tabel 17 Analyseresultaten NEN 5707 Monster
Traject (m-mv)
Samenstelling
Matrix
Resultaat
MM1
0,00 - 0,50
12 (0,00 - 0,50) 15 (0,05 - 0,50)
Asbest in grond
Bevat geen asbest
MM2
0,05 - 0,50
02 (0,10 - 0,50) 03 (0,10 - 0,50) 04 (0,10 - 0,50) 07 (0,05 - 0,50)
Asbest in grond
Bevat geen asbest
MM3
0,00 - 0,50
05 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50)
Asbest in grond
0,1 mg/kg ds
Het resultaat in bovenstaand tabel is het gewogen asbestgehalte berekend door het gehalte aan serpentijn asbest te vermeerderen met 10 maal het gehalte aan amfibool asbest.
4.3
Toetsing van de hypothese
Onderdeel
Deellocatie
Gestelde hypothese
Hypothese verworpen of aangenomen
NEN 5740
Gehele locatie
Verdacht
Deels aangenomen
NEN 5707
Gehele locatie
Verdacht
Grotendeels verworpen
4.4
Toetsing aan de noodzaak tot vervolgonderzoek
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Gehele locatie De matige verhoging lood in het bovengrondmengmonster BM1 geeft formeel aanleiding voor het laten uitvoeren van een nader onderzoek. Dit nader onderzoek is reeds uitgevoerd door uitsplitsing van het verhoogde mengmonster. Op basis van de uitsplitsing is geen nader onderzoek meer noodzakelijk.
Verkennend bodemonderzoek NEN5707 Gehele locatie Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond of het gewogen asbestgehalte is ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
2025-023
25-07-2025
Pagina 16 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
5
Nader bodemonderzoek NTA5755
Op basis van de resultaten uit het verkennend bodemonderzoek is nader onderzoek uitgevoerd conform NTA 5755:2010 Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – Onderzoek naar de aard en omvang van de bodemverontreiniging. Vooraf is een onderzoeksopzet voorgelegd aan de omgevingsdienst IJsselland en deze is op enkele opmerkingen na goedgekeurd (Mevr. le Brun – van den Brink 03-07-2025).
5.1
Conceptueel model NTA 5755
In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de belangrijkste onderdelen van een conceptueel model en de uitgangspunten van het onderzoek. Op basis van de beschikbare gegevens uit het vooronderzoek en het verkennend bodemonderzoek, is conform NTA 5755 een conceptueel model opgesteld, waarbij aandacht vooral uit gaat naar de omvang van de verontreiniging. Op dit conceptueel model wordt de onderzoeksopzet gebaseerd. In het verkennend onderzoek zijn matige verhogingen lood aangetoond ter plaatse van boorpunten 12 en 15. Op het overige deel van de locatie zijn in het kader van de NEN5740 geen noemenswaardige verhogingen aangetoond. De matige verhogingen ter plaatse van boorpunten 12 en 15 geven aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek. Tabel 18 Conceptueel model Onderdeel
Toelichting
Oorzaak van de verontreinigingen
De oorzaak van de verontreiniging is vermoedelijk te relateren aan de aangetroffen bijmengingen met puin in de bodem.
Aard van de verontreinigingen
Grond: verhoogd gehalte lood ten opzichte van de tussenwaarde Grondwater: licht verhoogd gehalte tetrachlooretheen
Bodemgebruik
Op de locatie is een woning en bijgebouwen met tuin gevestigd. De onderzoekslocatie bestaat deels uit bebouwing, tuin en verharding van grind en tegels.
Bodemopbouw
Tot de maximaal verkende diepte 3,00 m-mv. bestaat de bodemopbouw uit overwegend matig fijn en zeer fijn zand, licht tot matig siltig en humeus.
Omvang van de verontreiniging
De omvang van de verontreiniging is nog niet bekend. De verontreiniging dient zowel horizontaal als verticaal afgeperkt te worden. Volgens het BAG-register is de huidige bebouwing gebouwd in 1900. Op historische kaarten is al bebouwing te zien vanaf 1891.
Ernst van de verontreiniging
De aangetoonde verontreiniging vindt plaats westelijk van de huidige woning. Voor zover bekend zijn er geen grond- en bouwactiviteiten uitgevoerd na 1987. Op basis hiervan zou gesteld kunnen worden dat de verontreiniging waarschijnlijk voor 1987 is ontstaan.
Onderzoeksvragen en Onderzoeksstrategie Als onderzoeksstrategieën worden (gecombineerd) gehanteerd: •
Onderzoeksstrategie voor het bepalen van de ernst van de bodemverontreiniging
•
(NTA5755 § 6.2) Onderzoeksstrategie voor het bepalen van de omvang van bodemverontreiniging (NTA5755 § 6.4)
2025-023
25-07-2025
Pagina 17 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Op basis van het conceptueel model en de doelstelling van het nader bodemonderzoek is informatie nodig met betrekking tot de omvang van de verontreiniging in de grond en eventueel het grondwater. De informatiebehoefte bestaat concreet uit de onderstaande onderzoeksvragen. •
Wat is de globale omvang van de aangetroffen verontreiniging?
•
Is er sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging?
•
Zijn er risico’s bij het toekomstige gebruik van de locatie en zijn sanerende maatregelen noodzakelijk?
5.2
Onderzoeksopzet
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 30 juni 2025. De positie van de boorlocaties zijn weergegeven in bijlage III. Tabel 19 Onderzoeksopzet NEN 5740 Ondiepe Diepe Peilbuizen boringen boringen
Locatie
Loodverontreiniging
1
2
10
-
1
Ondiepe boringen doorgezet tot 1,0 m-mv.
2
Diepe boringen tot 2,0m -mv.
5.3
-
Analyses grond
Analyses water
20x lood
-
Analysestrategie
Ten behoeve van het analytisch onderzoek zijn op het laboratorium mengmonsters samengesteld. In de onderstaande tabel is de samenstelling van de monsters verwerkt. Tabel 20 Analyse onderzochte monsters NEN 5740 Analyse monster
Traject (m-mv)
Deelmonsters
Analyse
16-1
0,00 - 0,50
16 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
16-2
0,50 - 1,00
16 (0,50 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000)
16-3
1,00 - 1,50
16 (1,00 - 1,50)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum/humus) (AS3000)
17-1
0,00 - 0,50
17 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum en gloeirest)
17-2
0,60 - 1,00
17 (0,60 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum en gloeirest)
18-1
0,00 - 0,50
18 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
18-2
0,50 - 1,00
18 (0,50 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000)
18-3
1,00 - 1,50
18 (1,00 - 1,50)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum/humus) (AS3000)
19-1
0,00 - 0,50
19 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
19-2
0,50 - 0,80
19 (0,50 - 0,80)
Lood (Pb) (AS3000)
20-1
0,00 - 0,50
20 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
20-2
0,50 - 1,00
20 (0,50 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000)
20-3
1,10 - 1,50
20 (1,10 - 1,50)
Lood (Pb) (AS3000)
21-1
0,00 - 0,50
21 (0,00 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum en gloeirest)
21-2
0,50 - 1,00
21 (0,50 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000), Structuurpakket (lutum en gloeirest)
22-1
0,05 - 0,50
22 (0,05 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
22-2
0,50 - 0,90
22 (0,50 - 0,90)
Lood (Pb) (AS3000)
25-1
0,05 - 0,50
25 (0,05 - 0,50)
Lood (Pb) (AS3000)
25-2
0,50 - 1,00
25 (0,50 - 1,00)
Lood (Pb) (AS3000)
2025-023
25-07-2025
Pagina 18 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
5.4
Zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten
In bijlage V zijn de visuele waarnemingen in de vorm van boorprofielen weergegeven. Veldwaarnemingen De bovengrond bestaat uit matig fijn en zeer fijn zand, licht tot matig siltig en zwak tot matig humeus. De ondergrond bestaat eveneens uit matig tot zeer fijn zand, zwak siltig en plaatselijk zwak humeus. In de onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven: Tabel 21 Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
16
1,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen puin
0,50 - 1,00
Zand
matig puinhoudend
0,00 - 0,60
Zand
sporen puin
0,60 - 1,00
Zand
zwak puinhoudend
0,00 - 0,50
Zand
sporen puin
0,50 - 1,70
Zand
matig puinhoudend
17
1,50
18
2,00
19
1,50
0,00 - 0,80
Zand
sporen puin
20
1,50
0,00 - 1,10
Zand
sporen puin, sporen grind
21
1,50
0,00 - 0,50
Zand
sporen puin
0,50 - 1,30
Zand
zwak puinhoudend
22
1,50
0,05 - 0,90
Zand
sporen puin
23
1,50
0,00 - 1,00
Zand
sporen puin
1,00 - 1,50
Zand
sporen puin
0,00 - 1,00
Zand
sporen puin
1,00 - 1,50
Zand
sporen puin
0,05 - 1,00
Zand
sporen puin, sporen grind
24
1,50
25
1,50
De resultaten van de chemische analyses zijn weergegeven in bijlage V. Alle monsters ten behoeve van de NEN 5740 zijn geanalyseerd door AL-West Agrolab te Deventer. Deze analyses zijn allen AS3000 erkende verrichtingen. Tabel 22 Kwaliteitsklassen grond (T101 Omgevingswet) Kwaliteitseis
Ondergrens van kwaliteitsklasse
Bovengrens van kwaliteitsklasse
Voormalige benaming (voor inwerkingtreding Omgevingswet
Landbouw/natuur
-
Landbouw/natuur
Achtergrondwaarde
Wonen
Landbouw/natuur
Wonen
Klasse Wonen
Industrie
Wonen
Industrie
Klasse Industrie
Matig verontreinigd
Industrie
Interventiewaarde bodemkwaliteit
Niet toepasbaar en niet sterk verontreinigd (beneden interventiewaarde)
Sterk verontreinigd
Interventiewaarde bodemkwaliteit
-
Niet toepasbaar en sterk verontreinigd (boven interventiewaarde)
2025-023
25-07-2025
Pagina 19 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Tabel 23 Beoordeling aan de interventiewaarde bodemkwaliteit landbodem (T130 Omgevingswet) Kwaliteitseis
Omvang bodemvolume grondverzet <25 m3
Omvang bodemvolume grondverzet >25 m3
Kleiner of gelijk aan de Interventiewaarde
Geen regels
Algemene regels uit Bal
Groter dan Interventiewaarde
Geen regels of bruidsschat
Algemene regels uit Bal (zwaardere variant)
Tabel 24 Analyseresultaten NEN 5740 Verhogingen
Indicatieve Kwaliteitsklasse
Beoordeling interventiewaarde
16 (0,00 - 0,50)
Pb++
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
0,50 - 1,00
16 (0,50 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
16-3
1,00 - 1,50
16 (1,00 - 1,50)
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
17-1
0,00 - 0,50
17 (0,00 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
17-2
0,60 - 1,00
17 (0,60 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
18-1
0,00 - 0,50
18 (0,00 - 0,50)
Pb++
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
18-2
0,50 - 1,00
18 (0,50 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
18-3
1,00 - 1,50
18 (1,00 - 1,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
19-1
0,00 - 0,50
19 (0,00 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
19-2
0,50 - 0,80
19 (0,50 - 0,80)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
20-1
0,00 - 0,50
20 (0,00 - 0,50)
Pb++
Industrie
Voldoet aan interventiewaarde
20-2
0,50 - 1,00
20 (0,50 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
20-3
1,10 - 1,50
20 (1,10 - 1,50)
-
Landbouw/natuur
Voldoet aan interventiewaarde
21-1
0,00 - 0,50
21 (0,00 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
21-2
0,50 - 1,00
21 (0,50 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
22-1
0,05 - 0,50
22 (0,05 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
22-2
0,50 - 0,90
22 (0,50 - 0,90)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
25-1
0,05 - 0,50
25 (0,05 - 0,50)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
25-2
0,50 - 1,00
25 (0,50 - 1,00)
Pb+
Wonen
Voldoet aan interventiewaarde
Monster
Traject (m-mv)
16-1
0,00 - 0,50
16-2
Samenstelling
+ groter dan landbouw/natuur ++ groter dan wonen +++ groter dan industrie ++++ groter dan matig verontreinigd
2025-023
25-07-2025
Pagina 20 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
In de uitgevoerde analyses zijn enkel verhoogde gehaltes lood aangetoond ten opzichte van de achtergrondwaarde, met uitzondering van boorpunt 18. In boring 18 is in de bovengrond een verhoogd gehalte lood aangetoond boven de tussenwaarde (index 0,57). Boorpunt 18 bevindt zich nabij boorpunt 12 uit het verkennend bodemonderzoek. De analyse van boorpunt 12 (12-1) had een indexwaarde van 0,55. De gehalten lood zijn vermoedelijk te relateren aan de lichte puinbijmengingen en de jarenlange belasting van het gebied. Dergelijke gehaltes komen vaker in bebouwde omgeving voor. 5.5
Toetsing conceptueel model koperverontreiniging
Op basis van de NTA 5755 zijn 3 onderzoeksvragen opgesteld:
1) Wat is de globale omvang van de aangetroffen verontreiniging? 2) Is er sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging? 3) Zijn er risico’s bij het toekomstige gebruik van de locatie en zijn sanerende maatregelen noodzakelijk? 1)
Globale omvang van de verontreiniging
In het verkennend onderzoek is ter plaatse van boorpunten 12 en 15 een verhoging lood aangetroffen ten opzichte van de tussenwaarde in de bovengrond. In onderhavig onderzoek zijn ter plaatse van boorpunten 12 en 15 meerdere boringen geplaatst voor de horizontale en verticale afperking. In de geplaatste boringen voor de horizontale en verticale afperking zijn geen verhogingen lood aangetoond boven de interventiewaarde.
2)
Ernstig geval van bodemverontreiniging?
Op basis van de historische gegevens wordt geconcludeerd dat de verontreiniging een toevalsvondst betreft, een verontreiniging die voor 1987 is ontstaan. De locatie is licht tot matig, diffuus verontreinigd met lood. De interventiewaarde wordt niet overschreden en er is daarmee geen saneringsnoodzaak.
3)
Zijn er risico’s bij het toekomstige gebruik van de locatie en zijn sanerende maatregelen noodzakelijk?
Omdat er sprake is van een historische bodemverontreiniging waarvan de interventiewaarde niet wordt overschreden bestaat er geen saneringsnoodzaak. Aangezien de interventiewaarde niet wordt overschreden, en hiermee geen sprake is van een ernstige bodemverontreiniging, is er geen risicobeoordeling uitgevoerd. Bij het voortzetten van het huidige gebruik zijn er geen gezondheidsrisico’s te verwachten.
2025-023
25-07-2025
Pagina 21 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
6
Samenvatting en conclusie
Op een locatie gelegen aan de Munstersestraat 3a te Raalte, kadastraal bekend gemeente: Raalte, Sectie: L, nummer(s): 6448 is op 18 februari en 30 juni 2025 een verkennend- en nader bodemonderzoek conform NEN5740 en 5707 uitgevoerd. De locatie betreft een perceel met een woning en bijgebouwen met tuin in het centrum van Raalte. Initiatiefnemer is voornemens het bestaande pand te slopen en een appartementencomplex met parkeerkelder te realiseren. Naar aanleiding van de bevindingen van het historisch vooronderzoek wordt de locatie als verdacht beschouwd in het kader van de NEN5740 en de NEN5707. Verkennend bodemonderzoek NEN5740 Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn boringen en inspectiegaten uitgevoerd ten behoeve van een bodemonderzoek conform de NEN5740 en NEN5707. Gehele locatie In de bovengrondmengmonsters en in het ondergrondmengmonster zijn geen verhogingen aangetroffen boven de interventiewaarde. In het mengmonster BM1 is een matige verhoging lood aangetroffen. Naar aanleiding van deze matige verhoging zijn de separate deelmonsters van BM1 geanalyseerd op lood. In de separaat geanalyseerde deelmonsters zijn geen verhogingen lood aangetoond boven de interventiewaarde. Er lijkt sprake te zijn van een heterogeen verdeelde verontreiniging met lood, overwegend in gehalten die de achtergrondwaarde overschrijden.
Plaatselijk zijn matig verhoogde gehalten aangetoond; dit zijn vermoedelijk uitschieters op het algemene verontreinigingsbeeld en kunnen derhalve als lokale ‘spots’ worden beschouwd. In het grondwatermonster is een lichte verhoging tetrachlooretheen (Per) aangetroffen. In de bovengrondmengmonsters en in het ondergrondmengmonster zijn geen concentraties PFAS aangetroffen boven de toepassingsnorm van 1,9 μg/kg voor PFOA en 1,4 μg/kg voor PFOS.
Verkennend bodemonderzoek NEN5707 "asbest in bodem" Tijdens de maaiveld- inspectie zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen. Gehele locatie Ter plaatse van de locatie zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In de mengmonsters is analytisch geen asbest aangetoond of het gewogen asbestgehalte is ruim lager dan de toetsingswaarde voor nader asbestonderzoek.
2025-023
25-07-2025
Pagina 22 van 29
Verkennend-en Nader bodemonderzoek Munstersestraat 3a te Raalte
Nader bodemonderzoek NTA 5755 In het verkennend onderzoek is ter plaatse van boorpunten 12 en 15 een verhoging met lood aangetroffen ten opzichte van de tussenwaarde in de bovengrond. In onderhavig nader bodemonderzoek zijn ter plaatse van boorpunten 12 en 15 meerdere boringen geplaatst voor de horizontale en verticale afperking. In de geplaatste boringen voor de horizontale en verticale afperking zijn geen verhogingen lood aangetoond boven de interventiewaarde. Omdat in de separate monsters geen concentraties zijn aangetoond boven de interventiewaarde kan gesteld worden dat op de locatie sprake is van een licht tot matige, diffuse verontreiniging met lood.
Algemeen De onderzoekslocatie wordt op basis van het verkennend- en nader bodemonderzoek vanuit milieuhygiënisch oogpunt geschikt geacht voor het beoogde gebruik. De bovengrond valt in de bodemkwaliteitsklasses Landbouw/natuur, Wonen en Industrie. De ondergrond valt in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur. Aangezien geen partijkeuring conform het Regeling Bodemkwaliteit is uitgevoerd, dienen de resultaten in het kader van de Rbk als indicatief beschouwd te worden. Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het ‘Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)’.
Hoewel het verrichte veld- en laboratoriumonderzoek volgens de geldende normen zijn uitgevoerd, dienen de onderzoeksresultaten met enige voorzichtigheid te worden gehanteerd. Door de bodem steekproefsgewijs te onderzoeken is ernaar gestreefd om een representatief beeld te krijgen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en het grondwater. Het is echter nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het grondwater voorkomen. Het uitgevoerde onderzoek is (deels) verkennend en betreft een momentopname.
2025-023
25-07-2025
Pagina 23 van 29