CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

concept jaarverslag VTH Wabo 2021

Informatievoorziening raad 7 april 2022, gemeente RaalteBij agendapunt: CVS jaarverslag VTH Wabo 202111.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarverslag vergunningverlening, toezicht en handhaving Wabo 2021

15 maart 2022

1

Inleiding........................................................................................................................................................................................................3

1.1

Aanleiding .............................................................................................................................................................................................3

1.2

Beleidskader en ontwikkelingen ...................................................................................................................................................3

1.3

Kwaliteitsverordening .......................................................................................................................................................................5

2

Samenvatting, conclusie en verbeteringen.....................................................................................................................................7

2.1

Algemene conclusie...........................................................................................................................................................................7

2.2

Oordeel provinciale handhavingsregiseur..............................................................................................................................10

3

Vergunningverlening ............................................................................................................................................................................12

3.1

Algemeen ............................................................................................................................................................................................12

3.2

Natuur...................................................................................................................................................................................................12

3.3

Bouwen ................................................................................................................................................................................................12

3.4

APV/Bijzondere wetten ..................................................................................................................................................................14

4

Toezicht en handhaving......................................................................................................................................................................16

4.1

Toezicht & handhaving...................................................................................................................................................................16

4.2

Bouwen (lokaal, geen basistaak).................................................................................................................................................18

4.3

Ruimtelijke ordening (lokaal, geen basistaak) .......................................................................................................................19

4.4

Brandveilig gebruik (lokaal, geen basistaak) ..........................................................................................................................20

4.5

Gebruik openbare ruimte (lokaal, geen basistaak) ..............................................................................................................21

BIJLAGE 1 .............................................................................................................................................................................................................24 Jaarverslag 2021 Omgevingsdienst IJsselland ......................................................................................................................................24 BIJLAGE 2 .............................................................................................................................................................................................................25 Uitvoeringscijfers Omgevingsdienst IJsselland 2021 tbv Raalte.....................................................................................................25

2

1

Inleiding

1.1 Aanleiding Met dit jaarverslag Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) 2021 kijkt Raalte terug op de uitvoering van het VTH-programma in dat jaar. We geven aan welke inzet we in 2021 hebben gepleegd op de VTH-taken, in hoeverre dit overeenkomt met de plannen en, als dit afwijkt, wat hiervoor de verklaring is. De resultaten vormen mede een basis voor volgende VTH-programma’s. Daarmee vormt dit verslag zowel een sluitstuk als een beginstuk in de beleidscyclus. We voldoen daarmee op dit onderdeel aan de kwaliteitscriteria voor programmatisch handhaven. Het verslag is in de eerste plaats bedoeld als een verantwoordingsdocument, maar gelijktijdig is het ook een instrument voor evaluatie en (eventuele) aanpassing van het uitvoeringsbeleid. Het jaarverslag maakt daarmee deel uit van de beleidscyclus. Via deze beleidscyclus stelt het college het beleid voor de komende jaren vast en legt het college verantwoording af aan de raad over de uitvoering van het beleid. Zoals verderop in het jaarverslag valt te lezen is in december 2021 het VTH-uitvoeringsbeleid voor de thuistaken vastgesteld. Dit was de nog resterende bouwsteen in VTH-beleidscyclus. Dit uitvoeringsbeleid speelt echter nog geen inhoudelijke rol bij de uitvoering van de VTH-taken in 2021.

Het jaarverslag kent een onderscheid tussen de thuistaken, taken die we zelf uitvoeren, en de milieutaken die door de Omgevingsdienst worden uitgevoerd. Het deel van het jaarverslag dat over de taken van de OD gaat is regionaal afgestemd en vormgegeven en treft u aan in bijlage 1 De OD heeft op 15 maart een regionaal aangesneden jaarverslag aangeleverd. Daarnaast zijn separaat per deelnemer in de OD de “lokale” uitvoeringscijfers gedeeld. Het regionale jaarverslag uitvoering OD taken treft u aan als bijlage 1. De tabellen met lokale uitvoeringscijfers staan in bijlage 2. Bij deze lokale uitvoeringscijfers is geen specifieke schriftelijke onderbouwing aangeleverd

1.2 Beleidskader en ontwikkelingen Gezamenlijk VTH-uitvoeringsbeleid voor de OD-taken Gemeenten en provincies zijn op grond van de Wabo verplicht een, voor het werkgebied van de Omgevingsdienst IJsselland (OD), uniform VTH- uitvoeringsbeleid op te stellen. Doel is om doelmatig en doeltreffend te zijn bij de inzet van de beschikbare mensen en middelen. In dit beleidsplan zijn, in lijn met de op 10 november 2016 door de raad vastgestelde “Verordening kwaliteit VTH omgevingsrecht”, de doelen beschreven die de Omgevingsdienst IJsselland (hierna: OD-IJ) moet behalen bij de uitvoering van zijn taken. Op 20 november 2018 heeft het college het uniform VTH-uitvoeringsbeleid voor de taken die zijn opgedragen aan de OD, vastgesteld. Vervolgens zou, vanuit de gewenste cyclische benadering, in dit jaarverslag aan de hand van de monitoring van de uitvoering, beschreven worden of de uitvoering effectief is en heeft bijgedragen aan het behalen van de gestelde doelen. Dit is echter niet het geval. De Omgevingsdienst is niet in staat gebleken deze monitoring van een vastgesteld aantal indicatoren uit te voeren. Weliswaar weten wij hoeveel producten er geleverd zijn en hoeveel uur dit heeft gekost, echter of dat effectief is gebeurd blijft vooralsnog ongewis.

Samen met de andere problemen in de bedrijfsvoering van de Omgevingsdienst, vraagt dit om concrete maatregelen binnen de bedrijfsvoering van de OD. Een project daartoe is eind 2020 gestart en zal in 2022 worden afgerond. Zie ook paragraaf 2.1.2 Individueel VTH-uitvoeringsbeleid voor de thuistaken Tot 21 december 2021 had de gemeente Raalte geen uitvoeringsbeleid voor de Wabo taken die niet zijn overgedragen aan de Omgevingsdienst, de zogeheten “thuistaken”. Dit is een belangrijke reden voor het gegeven dat IBT de uitvoering van de Wabotaken in de gemeente Raalte in 2020 met een oranje kleurbeeld heeft beoordeeld. Inmiddels is dit uitvoeringsbeleid voor de thuistaken op 21 december 2021 vastgesteld. Dit aan de hand van een in Raalte inmiddels bekend en gewaardeerd principe: we gaan in gesprek met de partijen in de gemeenschap die ons kunnen helpen onze doelstellingen voor dit uitvoeringsbeleid in lijn te brengen met de ideeën en wensen in de maatschappij. Dit zijn naast interne collega’s en de gemeenteraad nadrukkelijk ook de lokale organisaties zoals ondernemersverenigingen, middenstand, sportverenigingen en horeca. 3

Dit proces is afgestemd met IBT en heeft hun instemming en waardering. In paragraaf 2.2 is, vanuit het Interbestuurlijk Toezicht (IBT), het oordeel opgenomen van de provinciale handhavingsregisseur over het VTHuitvoeringsplan van de gemeente over 2022. Omgevingswet Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor fysieke leefomgeving vereenvoudigen en samenvoegen. Wederom is de invoering er van uitgesteld. Naar verwachting treedt de Omgevingswet op 1 januari 2023 in werking. Om ons voor te bereiden op de Omgevingswet is een plan van aanpak gemaakt en een werkgroep omgevingswet in het leven geroepen die de transitie processen volgt en evalueert. Er is aandacht geschonken aan de inhoudelijke veranderingen, proceswijzigingen en procedure aanpassingen. Op regionaal niveau zijn afspraken gemaakt met ketenpartners ten behoeve van samenwerking onder de Omgevingswet. Informatievoorziening IJVI De partners van de Omgevingsdienst IJsselland hebben gezamenlijk een informatiesysteem aangeschaft voor de milieutaken (IJVI). Het systeem is in 2018 ingevoerd en heeft eind 2020 een update gehad die inmiddels succesvol is geïmplementeerd in alle organisaties. Ten opzichte van omliggende gemeenten is in Raalte de ontwikkelkant van IJVI nog te beperkt ontwikkelt.

Medio 2021 is gestart met een twee wekelijks ambtelijk overleg om de ontwikkelingen en uitvoeringsproblemen in IJVI te bespreken en waar mogelijk en noodzakelijk voortgang te realiseren. De functie van key-user voor deze applicatie is niet goed belegd. Hierdoor lopen we in Raalte vaak achter de actualiteit aan. Met name nu we per 1-1-2022 meer aan monitoring doen blijkt dat de kwaliteit van de input in IJVI nog verbetering behoeft. Smart Documents wordt binnen IJVI nog weinig gebruikt. Ook Toezicht dn Handhaving gebruikt IJVI in 2021 nog maar beperkt. Dit zal in 2022 versterkt worden. Zowel lokaal als regionaal wordt gewerkt aan het aanpassen van de processen binnen IJVI zodat het systeem op 1 januari 2023 gereed is om te functioneren onder de Omgevingswet. Risicoanalyse Een projectgroep uit de regio’s Twente en IJsselland en van de provincie Overijssel heeft in 2021 de aanbesteding afgerond voor de aanschaf van een nieuwe risicoanalyse die moet kunnen functioneren onder de Omgevingswet. Uit de aanbesteding is de risicoanalyse tool annex besturingsmodule van Antea als winnende offerte naar voren gekomen. Deze risicoanalyse zal de huidige versie uit 2008 gaan vervangen. Deze risicoanalyse tool is voor de thuistaken inmiddels ingericht en tegelijk met het uitvoeringsbeleid voor de thuistaken op 21 december 2021 door het college vastgesteld.

De risicoanalyse moet onderhouden worden en zal aangepast worden aan ontwikkelingen. In het jaarverslag 2022 en verder zal dit waar nodig worden toegelicht. Het jaarprogramma voor 2022 is voor de uitvoering van de thuistaken gebaseerd op de uitkomsten van deze risicoanalyse. Het doel is om in de eerste helft van 2022 een nieuw risicomodel vast te stellen voor de OD-taken. Tussentijdse monitoring De planning en de uitvoering van de VTH-taken Bouwen en R.O en diverse APV-taken, door medewerkers van de gemeente worden periodiek besproken tussen de Domein manager Ruimte en de medewerkers van de clusters VTH en Ruimtelijke ordening. De geprogrammeerde uitvoering van de VTH-taken wordt vanaf 1 januari 2022 gemonitord aan de hand van het uitlezen van de data in IJVI en E-suite, het lokale zaaksysteem. In 2021 is dit monitoringssysteem gebouwd en ingeregeld. Maandelijks wordt de informatie beoordeeld en ieder kwartaal worden deze uitkomsten besproken met de verantwoordelijk portefeuillehouders. Waar het gaat om de aan de Omgevingsdienst overgedragen taken vindt eens per maand overleg plaats tussen de accountmanager van de OD IJsselland en de accounthouder namens de gemeente. Ook de OD geeft aan vanaf medio 2022 maandelijks uitvoeringscijfers te kunnen overleggen. Indien de uitvoering afwijkt van de planning wordt dit in beeld gebracht en besproken.

Waar mogelijk en noodzakelijk worden planningen tussentijds bijgesteld.

4

1.3 Kwaliteitsverordening De overheid heeft als taak te zorgen voor een goede bewoonbaarheid van het land en het beschermen en verbeteren van het leefmilieu. Met behulp van instrumenten als vergunningverlening, toezicht en handhaving van het omgevingsrecht (VTH-taken) geeft de overheid invulling aan deze taak. Om de kwaliteit van deze invulling te verbeteren, zijn door het Rijk kwaliteitscriteria ontwikkeld. Deze zijn op 10 november 2016 in de kwaliteitsverordening door de raad van de gemeente Raalte vastgesteld. Organisaties die voldoen aan de criteria zijn in staat de gewenste kwaliteit en continuïteit te leveren. Criteria hebben betrekking op het opleidingsniveau van de medewerkers de tijd die zij op jaar basis aan een bepaalde specifieke taak besteden en de robuustheid van de organisatie, is georganiseerd er minimaal 2 medewerkers zijn die een specifieke taak kunnen uitvoeren zodat continuïteit geborgd is. Op basis van de planning en de aan de medewerkers toegewezen uren, zien wij of voldaan wordt aan de kritieke massa. Ook door samen te werken met buurgemeenten of met ketenpartners zoals de Omgevingsdienst de Veiligheidsregio kan hieraan worden voldaan. Er wordt op toegezien dat het opleidingsniveau voldoet aan de kennisvereisten uit de kwaliteitsverordening. Daar waar lacunes in kennis zit, wordt een opleiding voorgeschreven.

Iedere medewerker heeft een portfolio met trainingen en cursussen die zijn gevolgd of nog gevolgd moeten worden. Uit het onderstaande overzicht blijkt dat wij in een beperkt aantal van de in totaal 27 te onderscheiden deskundigheidsgebieden niet zelfstandig aan de kwaliteitscriteria kunnen voldoen. Ten aanzien van de activiteiten waar niet zelfstandig wordt voldaan aan KC 2.2. het volgende: Deskundigheidsgebied KC 2.2

Omschrijving

Toelichting

Comply or explain

15

Constructieve veiligheid

1.

Controleren constructietekeningen en berekeningen op constructieve veiligheid Beoordelen bouwmaterialen betrekking hebbende op de constructie van het bouwwerk. Toetsen van de gehele constructie van een bouwaanvraag. Bespreken en vastleggen van bevindingen over de gehanteerde rekenmethode en schematisering met het raadgevend ingenieursbureau dat de bouwconstructie heeft ontworpen. Inspecteren op uitvoering complexe constructieve zaken. Inspecteren op constructies in de gebruiksfase.

Samenwerking met ZZP'er en met Interconcept. Contracten aanpassen i.v.m. KC 2.2.

Beoordelen of er sprake is van een bijzondere omstandigheid “groen en ecologie” in het kader van de omgevingsvergunning. Uitzetten en beoordelen van ecologisch onderzoek. Uitvoeren van ecologisch onderzoek. Adviseren bij ontheffingen Wet Natuurbescherming, Wro en afwijkingsbesluiten. Opstellen stedenbouwkundige en inrichtingsplannen. Adviseren over bouwvoornemens die afwijken van het vigerende beleid. Opstellen van richtlijnen en kaders voor stedenbouwkundige en inrichtingsplannen. Beoordeling extern gemaakte stedenbouwkundige en inrichtingsplannen. Adviseren t.a.v. cultuurhistorische aspecten in het kader van omgevingsvergunningen, toezicht en handhaving op het gebied van monumenten, cultuurhistorie in Bestemmingsplannen, beschermde stads- en dorpsgezichten en archeologie. Beoordelen van de aanvraag aan cultuurhistorische, monumentale en archeologische waarde

Onderzoeken of samenwerking in OD verband mogelijk is. Is al eens over gesproken, nooit uitgewerkt bij gebrek aan initiatief.

2. 3. 4.

5. 6. 22

Groen en ecologie

1.

2. 3. 4. 24

Stedebouw en inrichting openbare ruimte:

1. 2. 3. 4.

26

Cultuurhistorie:

1.

2. 3.

Samenwerking met ZZP'er. Contract aanpassen aan eisen KC 2.2. In combinatie met inzet interne medewerker voldoet Raalte aan minimale eis van 3 x (2 x 1/3) voor dit deskundigheidsgebied Contract met “Het Oversticht” herzien en verbeteren i.v.m. KC2.2.

5

4.

5. 6.

Toetsen aan de cultuurhistorische waarde uit het bestemmingsplan, de erfgoedverordening, de erfgoedwet en de wet ruimtelijke ordening. Opstellen van voorschriften voor omgevingsvergunning. 5. Inhoudelijk adviseren bij bezwaar en beroep.

Procescriteria Voor de totstandkoming van producten zoals vergunningen, controles en handhavingsacties zijn diverse werkprocessen nodig. Transparantie en bestuurlijke vastlegging spelen daarin een belangrijke rol. De procescriteria samen leiden tot een sluitende cyclus en kwaliteitsborging. Daarbij is de “BIG-8” gehanteerd (beleidslevenscyclus). De gemeente Raalte is samen met andere partners bezig om de beleidscyclus, vaak de Big-8 genoemd, goed (sluitend) ingericht te krijgen om aan de procescriteria te voldoen. De laatste stap hierin was het uitvoeringsbeleid voor de taken die niet zijn opgedragen aan de Omgevingsdienst, de zogeheten “thuistaken”. Vaststelling van dit beleid heeft plaatsgevonden op 21 december 2021. Onderdeel van het VTH-uitvoeringsbeleid voor de thuistaken was de risicoanalyse VTH. Het uitvoeringsbeleid, het jaarverslag en het uitvoeringsprogramma maken een deel uit van deze beleidscyclus. Na uitvoering van het uitvoeringsprogramma wordt in het jaarverslag geëvalueerd of de doelen zijn bereikt. Op basis van de evaluatie wordt bepaald in hoeverre de prioriteiten, doelen en strategieën dienen te worden bijgesteld en wordt het uitvoeringsprogramma voor het nieuwe jaar opgesteld.

6

2

Samenvatting, conclusie en verbeteringen

Bij de werkzaamheden op basis van de Wabo is onderscheid gemaakt tussen de taken die onder de vlag van de Omgevingsdienst zijn uitgevoerd (de milieutaken) en taken die lokaal worden uitgevoerd (o.a. de bouw- en ruimtelijke ordeningstaken). Dit deel van het jaarverslag heeft enkel betrekking op de thuistaken. Het deel dat betrekking heeft op de milieutaken treft u aan in bijlage 1. Het jaar 2021 heeft als gevolg van de invloed van het Coronavirus deels een andere invulling gekregen dan in het jaarprogramma 2021 was voorzien. Zowel de uitvoering van de taken door de OD als de uitvoering van de thuistaken zijn hierdoor in meer of mindere mate beïnvloed. Dit is evenwel binnen de eigen organisatie en die van de OD goed opgevangen en heeft niet tot onoverkomelijke problemen geleid. In dit jaarverslag wordt dit nader toegelicht. Let wel; op onderdelen wijkt ons jaarplan, en dus ook het jaarverslag, af van de risicoanalyse uit 2008. Daar waar afgeweken wordt, geldt de risicoanalyse uit het Beheersplan Integrale Handhaving uit 2006. De eind 2021 vastgestelde nieuwe risicoanalyse wordt toegepast in de uitvoering over 2022. De evaluatie daarvan zal zichtbaar zijn in het jaarverslag over 2022.

2.1 Algemene conclusie 2.1.1 Uitvoering algemeen De uitvoering van de VTH-taken is net als in 2020 ook in 2021 beïnvloed geweest door beperkingen die landelijk werden opgelegd ter bestrijding van het coronavirus. Uit de verder in het jaarverslag gepresenteerde uitvoeringscijfers zal blijken dat de gevolgen van de lockdown voor de uitvoering beperkt zijn gebleven. Ook het thuiswerken is van invloed geweest op de uitvoering. Waar overleggen voorheen vaak op natuurlijke wijze tot stand kwamen (even kort contact op de werkvloer) moet nu alles worden georganiseerd. Dit maakt afspraken maken ingewikkelder en werkt vertragend. In de praktijk heeft dit tot gevolg dat medewerkers sneller zelfstandig tot actie over gaan. Dit heeft, dat moge duidelijk zijn, voor- en nadelen. Voordeel is et versterken van de zelfredzaamheid van de medewerker en zelfsturendheid van het cluster. Nadeel is dat de samenhang en de eenduidigheid van de uitvoering hieronder kan leiden. Het onverbindend verklaren van de Programmatische Aanpak Stikstof in 2019 heeft nog steeds veel gevolgen voor de vergunningverlening op gebied van Ruimtelijke Ordening, bouwen en milieu. Met behulp van de Aeriusberekening, is het mogelijk om vast te stellen of een eventuele depositie als gevolg van een project op een natura 2000 gebied minder is dan 0,00 mol/ha/jr.

Is dat het geval dan is geen vergunning op grond van de Wet Natuurbescherming noodzakelijk en kan het project verder in procedure worden gebracht. Het blijft echter een vertragende factor, zeker wanneer er wel substantiële depositie gevolgen zijn te verbinden aan het initiatief.

2.1.2 Uitvoering milieutaken door de Omgevingsdienst Al eind 2020 is geconcludeerd dat de uitvoering van de VTH-taken, zoals die regionaal aan de Omgevingsdienst IJsselland zijn opgedragen, onder druk staat. Gebleken is dat veel ondersteunende taken bij de OD onvoldoende zijn belegd. Gevolg is dat voor de noodzakelijke uitvoering van die ondersteunende taken uren zijn gebruikt die feitelijke waren bestemd voor het primaire proces. Ook is de OD de afgelopen jaren slecht in staat gebleken de kwantiteit en de kwaliteit van de uitvoering adequaat te monitoren. Hierdoor was het niet mogelijk de feitelijke inzet per deelnemer in de OD adequaat in beeld te brengen. In 2021 is aan de hand van het programma “Samen Toekomstbestendig” een proces in gang gezet om de kwaliteit van de uitvoering door dienst te verbeteren. In 2022 moet dit leiden tot aanpassingen in de dienstverlening en per 2023 zal deze ontwikkeling een structurele basis moeten krijgen. De concrete invulling hangt ook samen met de regionale vaststelling van de risicoanalyse voor de milieutaken en de op basis daarvan nog te voeren bestuurlijke discussie over het aan te houden ambitieniveau.

2.1.3 Vergunningverlening In 2021 is ondanks de bovengenoemde problemen door corona, op een adequate wijze uitvoering gegeven aan taken rondom vergunningverlening. Het werken op afstand (thuis) is voor vergunningverleners, als gevolg van de verregaande automatisering en digitalisering, minder belastend. Voor de administratie is alleen thuiswerken nog geen optie. Het geheel digitaal verzenden van vergunningen is nog niet volledig mogelijk.

7

Evenementen zijn er in 2021, een enkele uitzondering daar gelaten, niet geweest. Wel is er veel extra tijd gestoken in de terrasvergunningen bij Horecabedrijven. Op gebied van bouwen en ruimtelijke ordening werden er in 2021 meer aanvragen ingediend dan was begroot. Ook het aantal vooroverleggen ten behoeve van ruimtelijke initiatieven was groter dan voorheen. Ondanks dat er in 2021 wel 94 aanvragen om evenementen zijn ingediend en afgegeven, zijn, op enkele uitzonderingen na, ook in 2021 de meeste evenementen niet doorgegaan. Dit heeft een verschuiving te weeg gebracht in de uitvoering van werkzaamheden bij vergunningverlening.

2.1.4 Toezicht en handhaving Het toezicht op bouwen en ruimtelijke ordening kon ook in 2021 door de aantrekkende economie en het daardoor ontstane hoge aantal bouwaanvragen, niet volledig met de vaste formatie worden uitgevoerd. Op het onderdeel vergunningverlening en toezicht bouw is, zoals hierboven vermeld, net als in 2019 en 2020 extra formatie ingehuurd. De beperkte vrije formatieruimte (vacatureruimte) die hiervoor beschikbaar is, wordt niet met vaste formatie ingevuld vanwege de aangekondigde inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Met deze inhuur van extra formatie is het gelukt de doelstellingen uit het jaarprogramma te verwezenlijken. Het toezicht bij APV /Bijzondere wetten en het toezicht in het openbaar gebied door de Boa’s is grotendeels uitgevoerd in overeenstemming met de planning. Een aanzienlijk deel van de toezichtcapaciteit van de Boa's is in 2021 gebruikt voor het toezicht op de naleving van de coronaregels. Dit was mogelijk door een, ten opzichte van de planning, sterk verminderde inzet op evenementen

2.1.5 Ontwikkelingen, knelpunten en uitdagingen Duidelijk wordt dat het domein Ruimte met betrekking tot de VTH-taken, de afgelopen periode, maar ook in de nabije toekomst met veel ontwikkelingen, knelpunten en uitdagingen wordt geconfronteerd. In het jaarprogramma 2021 is een overzicht gegeven van komende ontwikkelingen en daaruit voortvloeiende knelpunten c.q. uitdagingen. Ten aanzien van die hierin opgenomen zaken is het volgende aan te geven: • Corona Net als in 2020 is ook in 2021 de uitvoering van de VTH-taken sterk beïnvloed geweest door de Coronapandemie. Waar het aantal evenementenvergunningen lager was dan gebruikelijk en gepland, lag het aantal bouwvergunningen juist nog hoger dan in 2020. Voor al het aantal verbouwen van beperkte omvang is opvallend. Toezicht ondervond vooral hinder van toegangsbeperkingen door corona. Door te zoeken naar alternatieven, bv aanleveren foto- en ander bewijsmateriaal door de vergunninghouder kon de achterstand in het toezicht beperkt blijven. • Stikstofproblematiek De stikstofproblematiek noodzaakt ook in 2021 tot extra stappen in het behandelen van aanvragen om omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouw, ruimtelijke ordening en milieu. Met behulp van de Aerius rekentool en door aanvullende maatregelen in het werk is het mogelijk de meeste aanvragen en meldingen doorgang te laten vinden en zijn vertragingen beperkt gebleven.

In bijzondere gevallen, bij een te hoge stikstofdepositie op een Natura2000 gebied kan het noodzakelijk blijven dat voor een initiatief, naast de Omgevingsvergunning, tevens een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming noodzakelijk is. Daarvoor is de provincie het bevoegde gezag. • Omgevingswet Eind 2019 was het nog de verwachting dat de Omgevingswet op 1 januari 2021 in werking zou treden. Dit bleek niet haalbaar. In mei 2020 werd bekend dat invoering was uitgesteld tot 1 januari 2022, vervolgens werd het 1 juli 2022. Inmiddels is duidelijk dat invoering wederom wordt uitgesteld, nu tot 1 oktober 2022 of 1 januari 2023. De programmatische voorbereidingen om op het moment van invoering daadwerkelijk gereed te zijn, zijn ietwat in tijd aangepast maar worden desondanks voortgezet. Naast de beleidsprocessen is het ook van belang de werkprocessen zoals die onder de Omgevingswet gaan gelden goed te beschrijven. Intern is in 2021 gestart met het ontwerpen en invoeren de volgende werkprocessen: o

Snelserviceformule 8

o

o

o

De snelserviceformule zorgt ervoor dat inwoners bij eenvoudige verbouwingen in en om het huis, snel kunnen achterhalen of er gebouwd mag worden met of zonder toestemming/vergunning van de gemeente. Als er wel een ruimtelijke omgevingsplanactiviteit nodig is, gaat de aanvraagprocedure simpel en snel. Het kappen van een boom, aanleggen van een inrit en ruimtelijke aanlegactiviteiten vallen ook onder de snelserviceformule mits voldaan wordt aan het omgevingsplan. Ontwerpformule Met behulp van de ontwerpformule kunnen initiatiefnemers terecht bij de gemeente als één loket voor meervoudige en/of technische complexe activiteiten maar ook ruimtelijke initiatieven die niet passen binnen het Omgevingsplan. De gemeente werkt samen met haar ketenpartners en denkt mee met de initiatiefnemer in een integraal voortraject. Ook participatie met de omgeving en het adviesrecht van de raad kan aan de orde zijn binnen de ontwerpformule. Is het voortraject succesvol afgerond en de initiatiefnemer dient daarna een formule aanvraag in? Dan neemt de gemeente meestal binnen acht weken een besluit op de aanvraag voor een (buitenplanse)omgevingsplanactiviteit. Toezichtformule De toezichtformule richt zich vooral op belanghebbenden en vergunninghouders. Er verandert iets in de leefomgeving, de belanghebbende wordt geattendeerd op een wijziging, kan meedenken en bezwaar maken.

Het houden van toezicht op een verleende toestemming/vergunning van een vergunninghouder en (mogelijk) handhaven valt ook onder de toezichtformule, evenals het behandelen van een klacht/melding of handhavingsverzoek van een belanghebbende. Meldingsformule Wkb De meldingsformule Wkb is bedoeld voor initiatiefnemers die een gevolgklasse 1 bouwwerk willen bouwen onder de Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) en hiervoor, uiterlijk 4 weken voor aanvang van de bouwwerkzaamheden, een volledige melding bouwactiviteit indienen bij de gemeente. Dus waarbij er geen technische vergunning (meer) noodzakelijk is. Grootschalige bouwactiviteiten die onder gevolgklassen 2 en 3 vallen blijven (voorlopig) nog vergunningplichtig en vallen onder de ontwerpformule.

• Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) Onderdeel van de Omgevingswet is de invoering van de Private kwaliteitsborging bouw voor de gevolgklasse 1. Dit zijn, afgezien van de vergunningvrije bouwwerken, de meer eenvoudige bouwwerken zoals woningen en eenvoudige bedrijfshallen en stallen. In 2021 is gestart met een proef met de werkwijze van de Wkb. In samenwerking met Woningcorporatie Stichting Salland Wonen en Aannemersbedrijf Valk wordt het totale aanvraag, vergunningverlening en toezicht proces doorlopen als ware het een aanvraag onder de Wkb. Door Salland Wonen is daartoe een private kwaliteitsborger ingehuurd die binnen de regels van de Wkb de bouwtechnische toetsing zal uitvoeren. Medewerkers van de gemeente begeleiden dit proces. Dit “proefproces” onder de Wkb zal inhoudelijk zijn beslag krijgen in 2022. Doel van de proef is om te ondervinden welke veranderingen de Wkb feitelijk tot gevolg heeft voor de verschillende fasen van het bouwproces: aanvraag, vergunningverlening en realisatie. • Uitvoering VTH-taken Het in 2020 gestarte proces om ter komen tot VTH-uitvoeringsbeleid voor de thuistaken heeft eind 2021 geleid tot vaststelling van dit uitvoeringskader. Tegelijk met het VTH-uitvoeringsbeleid heeft het college ook de risicoanalyse VTH vastgesteld. Aansluitend is het VTH jaarprogramma 2022, gebaseerd op het uitvoeringsbeleid en de risicoanalyse vastgesteld.

De vaststelling heeft gevolgen voor de uitvoering van het toezicht. Risicosturing wordt nadrukkelijk onderdeel bij de prioritering van werkzaamheden. In het VTH-uitvoeringsprogramma voor 2022 is dit nader uitgewerkt. • Evenementenbeleid In 2021 is door de gemeenteraad het evenementenbeleid behandeld maar vooralsnog aangehouden. Op basis van de uiteindelijke voorstellen en besluiten zal een en ander in 2022 operationeel worden uitgewerkt.

•

Ondersteuning uitvoering Integrale Veiligheidsstrategie 9

o Ondermijning Begin september 2021 is het Ondermijningsoverleg opgestart. Maandelijks zitten de lokale partners (gemeente, RIEC, politie) om tafel om signalen, aanvliegroutes en voortgang te bespreken. Dit helpt in een meer integrale benadering van locaties en activiteiten. De acties die uit het overleg voortkomen zijn uiteindelijk terug te vinden in het specifieke taakveld, bijvoorbeeld handhaving strijdig gebruik. o Verbetering en borgen toezicht openbare ruimte Om het toezicht in de openbare ruimte te versterken en beter te borgen is in 2020 besloten samenwerking te zoeken met de gemeente Deventer. Vanaf half 2021 is er ten behoeve van de afhandeling van de Mor meldingen en coördinatie van de boa-inzet extra inzet mogelijk gemaakt van 0,5 fte. We merken dat we daardoor slagvaardiger zijn, omdat de Mor meldingen nu de aandacht kunnen krijgen die ze verdienen. In paragraaf 4.5 leest u meer over de feitelijke inzet van de Boa’s. • Verbetering Integraal toezicht De gemeenteraad heeft in 2021 besloten om in 2022 een volgende stap zetten om het toezicht op de naleving van voorschriften en vergunningen in het fysieke domein te versterken. Met deze middelen is het mogelijk om het toezicht te versterken door het aantrekken van een toezichthouder/handhaver.

2.2 Oordeel provinciale handhavingsregiseur (IBT) In het kader van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT) geeft de provinciale handhavingsregisseur jaarlijks een oordeel over het VTH-uitvoeringsplan van de gemeente. In 2012 hebben de gemeenten en de provincie, in het kader van de vernieuwde interbestuurlijke Verhoudingen, een bestuursovereenkomst gesloten over de wijze waarop het interbestuurlijke toezicht vorm krijgt. Bij de bestuursovereenkomst is een beoordelingskader opgesteld, daarbij hoort een ‘verkeerslichtmodel’, waarvan de kleur het toezichtregime bepaalt. Het oordeel van IBT luidt als volgt: o Beoordeling 2022

Op basis van de uitgevoerde toetsing van IBT op het domein Wabo, de onderlinge samenhang van de documenten en de voortgangsgesprekken, is het kleurbeeld voor de gemeente Raalte groen. Er zijn nog wel verbeterpunten waar de gemeente Raalte het komende jaar aan kan werken. o

Verbeterpunten 2021 Raalte is actief aan de slag gegaan met de verbeterpunten uit het beeld 2021. Een belangrijk verbeterpunt, het vaststellen van VTH-beleid voor de thuistaken, is afgerond.

o

Rapportage en evaluatie Het jaarverslag 2020 is tijdig vastgesteld. In het jaarverslag geeft de gemeente inzicht in de uitgevoerde activiteiten. Het jaarverslag 2020 geeft onvoldoende weer of de activiteiten hebben bijgedragen aan het realiseren van de gestelde doelen uit het uitvoeringsprogramma 2020.

o o

Beleidskader De gemeente Raalte beschikt over actueel VTH-beleid voor de thuistaken, dat ingaat op de actuele wet- en regelgeving. Het beleid bevat meetbare doelen, strategieën en een probleemanalyse. Voor de thuistaken beschikt Raalte over een actuele risicoanalyse. Een actuele risicoanalyse voor de taken belegd bij de omgevingsdienst ontbreekt, deze zal in het regionale VTH-beleid IJsselland worden opgenomen. Uitvoeringsprogramma Het uitvoeringsprogramma 2022 is tijdig vastgesteld. In het uitvoeringsprogramma zijn de resultaten van voorgaande jaren meegenomen en is voor de thuistaken aangegeven welke activiteiten de gemeente in 2022 wil gaan uitvoeren om de gestelde doelen te behalen. Voor de taken die zijn belegd bij de omgevingsdienst wordt nog onvoldoende aangegeven hoe de geplande activiteiten zijn gekoppeld en bijdragen aan het

10

realiseren van de beleidsdoelen. In het uitvoeringsprogramma geeft de gemeente Raalte inzicht in hoe zij voldoen aan de vastgestelde kwaliteitsverordening. Uit het uitvoeringsprogramma blijkt dat er in eerste instantie een tekort aan capaciteit is voor de uitvoering van de thuistaken. Raalte lost dit tekort op doormiddel van een risico gestuurde planning en gebruik te maken van de flexibele schil waar Raalte mee werkt. In het UP22 van de omgevingsdienst staan diverse taken die niet worden uitgevoerd. Niet is gebleken dat hiervan conform de eisen in het Besluit Omgevingsrecht de risico`s inzichtelijk zijn gemaakt en voorgelegd aan het college. Daarnaast zijn er al meerdere jaren geen vergunningen geactualiseerd. Dit is in strijd met artikel 5.10 van het Besluit omgevingsrecht en uw vastgestelde verordening kwaliteit. Ook zijn er voor diverse werkzaamheden (bijvoorbeeld industrielawaai en zonebeheer) geen uren opgenomen. Niet duidelijk is op welke wijze deze werkzaamheden worden uitgevoerd. o

Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen De inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouwen is uitgesteld. Het Projectplan Implementatie Omgevingswet moet ervoor zorgen dat Raalte gereed is voor de invoering van de Omgevingswet.

Verbeterpunten voor 2022 Concreet heeft de provincie voor ons de volgende verbeterpunten voor 2022 aangegeven: 1. Laat in het jaarverslag 2022 zien of de activiteiten hebben bijgedragen aan het realiseren van de voorgenomen doelen en of deze zijn gerealiseerd. 2. Geef in het uitvoeringsprogramma 2023 aan hoe de activiteiten die worden uitgevoerd zijn gekoppeld en bijdragen aan het realiseren van de beleidsdoelen voor de taken die belegd zijn bij de omgevingsdienst. 3. Stel in 2022 een geactualiseerde risicoanalyse vast voor de taken die belegd zijn bij de omgevingsdienst. 4. Maak de risico`s van niet uitvoering (van milieutaken) inzichtelijk en leg deze voor aan het college; 5. Actualiseer de vergunningen (voor de activiteit milieu) binnen de wettelijk vastgestelde termijn en de termijnen zoals vastgelegd in uw verordening kwaliteit. 6. Maak inzichtelijk op welke wijze er voldoende financiële middelen zijn voor de uitvoering van taken. In reactie op deze verbeterpunten het volgende: Ad 1. Ad 2. Ad 3. Ad 4.

Ad 5.

Ad. 6

Dit zal in het jaarverslag 2022 worden opgenomen. De daar voor noodzakelijke data wordt met ingang van 1-1-2022 bij voortduring gemonitord. Regionaal zullen afspraken moeten worden gemaakt om hier invulling aan te geven. De risicoanalyse voor de milieutaken zoals die zijn opgedragen aan de OD zal in 2022 worden vastgesteld. Inzet is om de planning voor de uitvoering 2023 te baseren op deze risicoanalyse. Het inzichtelijk maken van risico’s maakt deel uit van de planning en control cyclus als vastgelegd in het uitvoeringsbeleid voor zowel de thuistaken als de voor de aan de OD opgedragen milieutaken. In het jaarprogramma wordt, anders dan vanuit IBT wordt gesteld, hieraan invulling gegeven. Uit navraag bij IBT blijkt dat dit verbeterpunt betrekking heeft op de taken die aan de OD zijn opgedragen. In het uitvoeringsprogramma VTH 2022 is met het actualiseren niet actief rekening gehouden. Hierover dienen in het kader van een level playing field, regionaal uniforme afspraken worden gemaakt. Dit maakt deel uit van de in 2022 te voeren bestuurlijke ambitiediscussie. In het uitvoeringsprogramma VTH wordt een planning opgenomen van de uitvoering van zowel de hoeveelheid VTH-taken als de daarvoor noodzakelijke uren. In het uitvoeringsprogramma VTH.2023 zullen wij expliciet opnemen hoe deze ureninzet financieel is gedekt.

11

3

Vergunningverlening

3.1 Algemeen Het coronavirus heeft de vergunningverlening wisselend beïnvloed. In sommige taakvelden binnen de VTHuitvoering bv de activiteit bouwen, was het aantal aanvragen wel hoger dan het voorafgaande, al goede jaar 2020. Bij andere disciplines, met name bij evenementen, ligt dat anders. In totaal is in 2021 voor 94 evenementen vergunning aangevraagd. Slechts een beperkt deel van deze vergunningen is daadwerkelijk gebruikt. Corona had ook directe gevolgen voor het aantal terrasvergunningen. In overleg met horeca-exploitanten is gedurende het jaar gezocht naar alternatieven voor het beperkte aantal bezoekers dat kon worden toegelaten in hun inrichting. Onder andere tijdelijke vergroting van terrassen is daarbij een oplossing geweest.

3.2 Natuur Sinds de invoering van de Wabo haken de toestemmingen vanuit de Natuurbeschermingswet aan bij de aanvraag om omgevingsvergunning. Een aanvrager kan er ook voor kiezen om voorafgaand aan de aanvraag omgevingsvergunning een vergunning Wet natuurbescherming dan wel Verklaring van geen bedenkingen bij het daarvoor geldende bevoegd gezag aan te vragen. De gemeentelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving richten zich vooral op de advisering vooraf, om te beoordelen of de provincie of het ministerie bij de vergunningprocedure betrokken moet worden. Door de stikstofproblematiek en problemen met de stikstof rekentool Aerius worden er minder vergunningen en VVGB’s (Verklaringen Van Geen Bedenkingen) op grond van de Wet natuurbescherming afgegeven. Voor meerdere aanvragen zijn meerdere berekeningen gemaakt. Beoordelen van de berekeningen kost veel tijd. Bij soortenbescherming worden vaak maatregelen genomen om een VVGB te voorkomen. Als het toch noodzakelijk is dan wordt rechtstreeks bij de provincie een Nb-wetvergunning aangevraagd. Zie voor aantallen tabel 1.

3.3 Bouwen Werkzaamheden voor het taakveld bouwvallen niet onder het basistakenpakket en zijn om die reden niet ingebracht in de Omgevingsdienst. Het zijn lokale taken ook wel thuistaken genoemd.

3.3.1 Aanvragen bouw in 2021 De uren per product, zoals die hieronder in tabel 1 zijn opgenomen, zijn het resultaat van de inrichting van de besturingsmodule VTH zoals die in 2021 tot stand is komen. Met deze module is, meer dan voorheen, inzicht ontstaan in het urenbeslag per product. Het aantal aanvragen om bouwvergunning categorie 1 is aanzienlijk hoger dan begroot. Dit past in het beeld over 2021 waarin veel relatief kleine aanvragen zijn ingediend. Ook het aantal afwijkingsbesluiten wijkt af, echter nu naar beneden. Dit hangt mogelijk samen met het grote aantal kleine bouwaanvragen. De onzekere situatie door enerzijds Corona en anderzijds de aankomende wetswijzigingen (Omgevingswet) maakt dat men eerder kiest voor een kleine bouwkundige aanpassing dan een grote. De tijd die we besteden aan vooroverleg werd tot dusver verdisconteerd in de uren die nodig waren voor de afhandeling van een vergunning. Niet ieder vooroverleg leidt echter tot een aanvraag c.q. vergunning. Dit is de reden geweest om vooroverleggen in de besturingsmodule en het jaarverslag apart in beeld te brengen. In het jaarprogramma 2021 is voor deze werkzaamheden 8.500 uur gepland geweest. In de praktijk blijkt dat we voor de uitvoering in 2021 9.300 uur nodig hadden. De flexibele schil in de organisatie om deze aanvragen en meldingen te verwerken is toch nodig geweest en heeft goed gefunctioneerd.

12

Tabel 1: uitvoering bouwen en ruimtelijke ordening

Omschrijving

Geraamde aantallen

Cat. 3 (Bouwsom > €1.000.000) Cat. 2 (Bouwsom € 100.000 < €1.000.000) Cat. 1 (Bouwsom < € 100.000) Monumenten vergunning Aanleg Omgevingsvergunning handelsreclame Omgevingsvergunning kap Omgevingsvergunning uitweg (incl. uren beheer) Omgevingsvergunning Brandveilig gebruik Melding Brandveilig gebruik Vooroverleggen Verklaring van geen bedenking Binnenplanse en klein buitenplanse afwijkingen Grote buitenplanse afwijkingen (projectbesluit) Casemanagement Uitgebreide procedures Totalen

Werkelijke aantallen

Uren per product

Totaal aantal uren

4 90

4 90

23 17,75

92 1598

120 2 4 10

202 4 10 6

12,9 10 8,5 4

2606 40 85 24

50 26

51 27

3,8 7,5

194 203

5

6

25

150

10 0 0 103

10 288 3 84

6,5 10 15 12,3

65 2880 45 1033

10

4

34

136

0

15

10

150 9301

3.3.2 Constructieve veiligheid Doelstelling is om bij alle voorgenomen bouwactiviteiten, waar een omgevings-vergunning voor nodig is, vóór de bouw een controletoets op de constructieve veiligheid uit te voeren op basis van de constructieberekeningen m.u.v. bouwwerken die normaliter vergunningsvrij zijn, maar alleen door de situering vergunningplichtig zijn. In 415 gevallen zijn de berekeningen voor start van de betreffende werkzaamheden gecontroleerd. Het gaat hier om 268 berekeningen constructieve veiligheid van woningen, 95 bedrijven en 52 overige bouwwerken. Het aantal berekeningen ligt hoger dan het aantal bouwaanvragen die in totaal zijn binnengekomen in 2021. Dit heeft vooral te maken dat bij een aantal bouwaanvragen meerdere malen de berekkeningen zijn gecontroleerd o.a. als er aanpassingen vereist waren.

3.3.3 Overige vergunningverlening in relatie tot bouwen Naast de in paragraaf 3.2 vermelde taken de direct betrekking hebben op bouwen is het domein Ruimte ook betrokken bij nog andere taken die aan het bouwen gerelateerd zijn. Een ander volgens, in overeenstemming met onderstaand overzicht. Tabel 2: inzet stedenbouw en inrichting openbare ruimte

Omschrijving: Advies stedenbouw en inrichting openbare ruimte

Geraamde Aantallen: -

Geraamde uren: 150

Werkelijke aantallen: -

Werkelijke uren: 150

De gecoördineerde aanpak van de behandeling van zowel de afwijkingen van het bestemmingsplan als de advisering rondom stedenbouw en cultuurhistorie is ondergebracht in een intern ambtelijk bouwplan overleg. In dit overleg worden wekelijks alle plannen besproken die afwijken van het geldende bestemmingsplan. Aan dit

13

overleg neemt, afhankelijk van de te behandelen onderwerpen een wisselend team van (van over het algemeen) specialisten deel. De uitkomst van het overleg wordt omgezet in een advies of motivering richting besluitvorming. Dit kan worden beschouwd als de lokale versie van de regionale omgevingstafel. In zowel het lokale als het regionale ambtelijke gremium worden de diverse partijen die betrokken zijn bij ruimtelijke plannen bij elkaar gebracht om te komen tot een integrale benadering van de ingebrachte zaken. Bij vergunningen en meldingen over brandveilig gebruik wordt advies gevraagd en geleverd door de medewerkers van de Veiligheidsregio IJsselland.

3.4 APV/Bijzondere wetten Naast de Wabotaken (kap en uitweg) hebben wij in 2021 een diversiteit aan “toestemmingen” in de openbare ruimte behandeld (voor o.a. evenementen, standplaatsen), maar ook aanvragen/ de aanwijzing van koopzondagen en aanvragen op grond van de Drank- en Horecawet. Bij diverse aanvragen en meldingen zien we de invloed van corona terug en zijn de aantallen lager dan normaal. Uit het overzicht blijkt dat 94 aanvragen om evenementen zijn behandeld. Deze zijn niet in alle gevallen ook daadwerkelijk doorgegaan. Tabel 3: Uitvoering APV en bijzondere wetten

Omschrijving

Geraamde aantallen

C-evenement

4 48 115

94 (A,B en C)

Meldingplichtig evenement

45

5

Incidentele festiviteiten

25

8

Terrasvergunning (ivm corona hoger dan normaal)

1

19

Standplaatsen

16

20

Reclame (geen evenement)

16

16

Speelautomaten

6

2

Kansspelvergunningen

10

9

Paasvuren (ontheffing stookverbod)

15

10

Verklaring van geen bezwaar (incl. luchtruim gebruiken) Openstellingstijden

20

15

2

1

Geluid (geen evenement)

7

3

Collectevergunning

3

20

Alcoholwet vergunning (D&H)

8

3

Exploitatievergunning

0

3

Wijziging leidinggevende (Alcoholwet)

0

1

Ontheffing art 35 Aw

30

0

Gebruiksmelding BGBOP

0

1

Parkeerontheffing

235

56

Invalidenparkeerplaats

100

15

Invalidenparkeerkaart

0

90

Gebruik openbare gronden: plaatsen voorwerp

0

12

Ontheffing kamperen buiten kampeerterrein

0

1

B-evenement A-evenement

Werkelijke aantallen

14

In de APV is een aanpassing doorgevoerd waar het gaat om de indeling van evenementen in risicoklassen. In het bovenstaande overzicht is een verbinding gemaakt tussen de oude benaming vergunning klein- en grootschalig en meldingplichtig met de nieuwe indeling in A, B. en C-evenementen. Deze indeling is regionaal afgestemd met de gemeenten binnen de Veiligheidsregio IJsselland. In het zaaksysteem is het onderscheid tussen A,B en C evenementen nog niet zichtbaar. Dit zal in 2022 verder worden verfijnd. De ontheffingen ex art. 35 van de Alcoholwet zijn zonder uitzondering onderdeel van aanvragen voor evenementen. Als gevolg van corona en het niet doorgaan van de meeste evenementen wijkt het aantal over 2021 aanzienlijk af van de planning. Ten aanzien van de uitvoering van de VTH-taken APV en Bijzondere wetten is nog geen inzicht in het aantal uren per product. In 2022 willen we dit inzicht wel verkrijgen en de uitkomst daarvan meenemen naar het uitvoeringprogramma VTH 2023.

15

4

Toezicht en handhaving

Net als in 2020 is vanuit toezicht en handhaving ook in 2021 een bijdrage geleverd aan een veilige en leefbare woonomgeving door toe te zien op de naleving van regels die betrekking hebben op beheer en gebruik van de fysieke leefomgeving. Het gaat dan vooral om toezicht op de naleving van regelgeving op het gebied van bouw, brandveilig gebruik, kap en landschappelijke inpassing en gebruik van de openbare ruimte. Daar waar voorschriften niet correct werden nageleefd zijn overtreders aangesproken. Dit is waar mogelijk gebeurd door in goed overleg te komen tot afspraken. Waar nodig is handhavend opgetreden. Hierbij is gehandeld conform de vastgestelde Landelijke Handhavingsstrategie (LHS). Deze strategie zorgt voor een eenduidige uitvoering van handhavingsinstrumenten.

4.1 Toezicht & handhaving Ook in 2021liep Corona als rode draad door alle werkzaamheden en planningen heen. Er zijn minder controle bezoeken uitgevoerd als gevolg van de verplichting om vooral vanuit huis te werken. Ook bedrijven stonden minder open voor toegang van toezichthouders of andere erfbetreders. De beschikbare boa capaciteit is voor een groot deel ingezet op de controle van de naleving van corona maatregelen.

4.1.1 Boa’s Via de gemeente Deventer is vanaf januari 2020 1,9 fte aan boa’s ingehuurd voor toezichtstaken in de openbare ruimte. Naast de boa inzet is er een uitbreiding gekomen voor de afhandeling en coördinatie van de meldingen, de boa-coördinator. Hierdoor is een efficiëntere inzet op de lopende meldingen mogelijk geweest en hebben de meldingen van inwoners ook de aandacht gekregen die ze verdienen. De inzet is wel geprioriteerd op basis van de risicoanalyse. Borging van de inzet en aansturing blijft een voortdurend een aandachtspunt. Hiertoe is een tweewekelijks boa-overleg in het leven geroepen waarbij interne en externe partijen aanschuiven. De boa coördinator sluit ook aan bij het reguliere toezichthouders overleg. De controle op de naleving van de Corona maatregelen heeft verschillende onderdelen gekend. Aan de orde kwamen: groepsgrootte, CTB-toegangsbewijzen, sluitingstijden, afstand houden, sportclubs en kantines, horeca en terrassen (inclusief tenten), sportscholen, sporten in de open lucht, jeugd, mondkapjes, vuurwerk, carbid, etc. Na de inwerkingtreding van een nieuwe verzameling coronamaatregelen ging de aandacht vooral uit naar het duiden van de regels. Het anderhalve meter team van de gemeente heeft in veel situaties helderheid gegeven over de manier waarop we om zijn gegaan met specifieke situaties.

Inwoners en ondernemers waren op zoek naar de ruimte binnen het wettelijke kader om zo veel mogelijk te kunnen blijven doen. Daar hebben wij als gemeente zoveel mogelijk in meegedacht. In die dynamiek hebben de boa’s hun toezichtstaken uitgevoerd. Insteek was vooral het gesprek voeren en in verbinding blijven. Pas als het echt niet anders kan werd er geschreven. Deze aanpak heeft gewerkt. De naleving in de gemeente Raalte was over het algemeen goed. Af en toe een stevig gesprek en een incident, maar niet in (rand)stedelijke proporties. Vermeldenswaardig is wel dat het sentiment gedurende het jaar sterk veranderde. Van een meer gelaten opvolging van de maatregelen is in de loop van het jaar het verzet tegen de (soms strenge) regels gegroeid. Dit heeft in de gemeente Raalte gelukkig niet tot grote incidenten geleid. De inzet op de Corona maatregelen is niet terug te vinden in specifieke producten in dit jaarverslag. Het product was feitelijk ‘zichtbaar aanwezig zijn, surveillance’. Wel heeft de inzet op Corona een afname tot gevolg op de inzet op de reguliere taken zoals; Mor meldingen, Parkeren, Overig toezicht openbaar gebied, Evenementen en Drank en Horeca. Waar mogelijk is op een slimme manier de combinatie gezocht tussen Corona toezicht en de reguliere taken. Bij de horecacontroles werd bijvoorbeeld ook de leeftijd van de bezoekers meegenomen.

Door het vuurwerkverbod heeft het carbidschieten meer aandacht gekregen in de Corona tijd. Zie hiervoor paragraaf 4.6.5.

16

4.1.2 Toezichthouders Er zijn in verband met Corona gedurende de periodes van de lockdown minder fysieke controles uitgevoerd. Dat is ook expliciet het gemeentelijke beleid geweest. Daarnaast is thuiswerken het devies waardoor ook de toezichthouders minder vanuit het gemeentehuis opereerden. Dit maakte het nog meer noodzakelijk om de controles thuis goed voor te bereiden, goed te plannen en waar mogelijk slim te combineren. Daar is men goed in geslaagd. In de bouw liepen de werkzaamheden echter ‘gewoon’ door. De controle op de bouw is daarom ook, met in achtneming van Coronaregels, onverkort doorgaan.

4.1.3 Handhavingsacties Duidelijk wordt dat het aantal handhavingsactie in 2021 ten opzichte van 2020 ongeveer op hetzelfde niveau zit. Alhoewel hier geen bewijzen van zijn, zijn wij van mening dat Corona hier voor een belangrijk deel debet aan is. In 2021 is onder invloed van de corona sentimenten minder ingezet op ‘harde’ handhaving. Daarnaast heeft de ambtelijke capaciteit onder druk gestaan.

• •

Totaal

0 2 7 0 0

0 1 0 1 5

0 1 1 0 0

0 4 8 1 5

0 3 3 0 0

0 2 2 0 2

0 3 1 0 0

0 4 4 0 0

0 3 0 3 0

0 15 10 3 2

Totaal:

6

29

9

44

4

35

3

52

9

7

2

18

6

4

4

8

6

30

Kap

APV

corona

Bouw/RO

4 18 14 2 14

Milieu

0 3 0 0 0

Kap

4 13 12 2 14

2019

Totaal

Bouw/RO

0 2 2 0 0

Milieu

Totaal

0 17 10 2 15

Kap

0 7 2 0 0

2018

•

Bouw/RO

0 7 5 2 15

Milieu

0 3 3 0 0

Kap

Preventief Ontwerp Dwangsom Bestuursdwang Bouwstop

Milieu

Totaal

Actie:

Bouw/RO

Tabel 4: handhavingsacties

2020

2021

In de eerste plaats waren er minder controlebezoeken door corona wat zijn weerslag vindt in de afname van handhavingszaken. Ten tweede hebben we veel inspanning geleverd op intensieve dossiers. Door het thuiswerken en digitaal vergaderen liepen processen lastiger. Ten slotte is er ook dit jaar veel inzet geweest op het oplossen in overleg in plaats van te grijpen naar handhaving. Ook hier zien we de invloed van de corona sentimenten. Bij het bieden van de gelegenheid om een overtreding op te heffen speelt al snel de overweging van: “onder deze omstandigheden begrijpen wij dat het lastig is om…”.

4.1.4 MOR-meldingen (lokaal) Tabel 5: klachten en meldingen

Klachten/meldingen: Lawaai & stankoverlast Illegale kap Afval en bodem Bouw overlast Illegale bouw Bouw overig Hondenpoep/bijtincidenten Overlast dieren / ongedierte Parkeren Overige: ook informatieverzoek

2020 24 4 25

9

5

20 9 1 3 27 5 8 5

147

110

12 45

Totaal:

2021 23

17

We zien een lichte daling in de VTH gerelateerde MOR-meldingen ten opzichte van 2020. In 2020 was het aantal meldingen en klachten substantieel hoger dan daarvoor Dit laat zich onder andere verklaren door: • Een betere splitsing tussen de VTH gerelateerde meldingen en die welke onder het domein beheer vallen; • Corona heeft natuurlijk als neveneffect dat veel meer mensen vanuit huis werken. Daardoor ziet men vaker dingen gebeuren in hun leefomgeving. • Toezichthouders zijn met name ingezet op de naleving van de coronaregels en avondklok. Mogelijk is hierdoor een afname van het naleefgedrag verklaarbaar. • Opvallend is de vermindering van klachten over hondenpoep. Een aanwijsbare reden is nog niet te geven. Mogelijk werpt de inzet van de BOA’s vanaf begin 2020 hier vruchten af.

4.2 Bouwen (lokaal, geen basistaak) Onder het thema Bouwcontrole vallen, in volgorde van prioriteit, de volgende taakvelden: • constructieve veiligheid; • controle omgevingsvergunningen bouw; • bouwen en gebruiken zonder vergunning (illegale bouw); • monumenten; Tabel 6: Uitvoering toezicht bouwen en ruimtelijke ordening

Categorie

Aantal controles gepland

Aantal bouw projec ten

Aantal controle werkelijk

34

4

31

85

85

135

29

285

361

Uren per product

Totaal uren

Toezicht tijdens de bouw Categorie 3

Bouwsom > € 1.000.000 Categorie 2 Bouwsom > € 100.000 < € 1.000.000 Categorie 1 Bouwsom < € 100.000 Totaal toezicht tijdens de bouw:

527

3

1581

Toezicht/handhaving R.O. Illegale kap, uitweg, bouw en gebruik (handhaving) Toezicht Aanleg

377

60

600

0

1

3

Toezicht Monument

0

0

0

Toezicht Kap

0

2

20

Toezicht uitweg

0

1

3

Toezicht naleving inrichtingsplannen Totaal Toezicht/handhaving R.O.

0

7

150

71

776

- Brandveiligheid Den Alerdinck - Brandveiligheid Tijenraan - Ondermijning (Project Veilig buitengebied) - Juridische ondersteuning Totaal bouw en R.O.:

200 200 60 400 1636

Uren UP 2021

1607

18

Toezicht op de uitvoering van bouwactiviteiten vindt zijn grondslag in veiligheid, zoals de constructieve veiligheid, bouwkundige risico´s en brandveiligheid, maar ook de leefbaarheid en duurzaamheid, behoud van monumenten en energie-prestatie-normen. De prioriteitstelling is gebaseerd op die taken waarbij veiligheid en leefbaarheid het meest geschaad kan worden als regels niet worden nageleefd.

4.2.1 Constructieve veiligheid Er zijn ruim 527 bouwlocaties bezocht voor controle. In 7% van de gevallen was de uitvoering niet in orde. De meeste gebreken worden geconstateerd tijdens de controle van de betonwapening. Hierop wordt tijdens de controle bijgestuurd. Hierdoor blijft het aantal gevallen dat een en ander niet in orde is, relatief laag. In 2 gevallen is een bouwstop opgelegd wegens gebreken in de uitvoering.

4.2.2 Controles tijdens de bouw Het aantal controles van een bouwproject is afhankelijk van de omvang en impact van het project. Categorie 3 projecten worden gemiddeld genomen 8 maal bezocht, categorie 2 bouwwerken 3 keer en categorie 1 bouwwerken 1,5 keer per project. Alhoewel over 2021 de nieuwe risiconalyse nog in ontwikkeling was, sluit dit wel aan bij de risicogestuurde aanpak die we met ingang van 2022 aanhouden. In totaal zijn er fors meer controles uitgevoerd dan in eerste instantie was gepland. De werkzaamheden zijn deels beïnvloed door het economisch klimaat maar, en dat was bij de planning niet bekend, deels ook door corona. We hebben in het VTHuitvoeringsprogramma 2021 rekening gehouden met enige groei van het aantal aanvragen. De daaruit voortvloeiende controles zijn dan ook overeenkomstig de planning. In het uitvoeringsprogramma 2021 is uitgegaan van onjuiste input. In dit jaarverslag over 2021 wordt dit hersteld. Gemiddeld duurt een controle ongeveer 3 uur. Bij categorie 3 is het aantal controles per bouwproject hoger dan bij categorie 2 en 1. Daarnaast is het aantal bouwprojecten categorie 1 aanzienlijk hoger gebleken dan was voorzien, dit heeft deels te maken met foutieve input.

Ook is het aantal vergunningen voor kleine bouwwerken (categorie 1) aanmerkelijk hoger dan gepland, hierdoor is ook het aantal bouwcontroles in deze categorie hoger uitgevallen dan gepland.

4.2.3 Illegale bouw en strijdig gebruik In totaal zijn 60 zaken behandeld over vermeende illegale bouw en/of strijdig gebruik. Dit aantal is aanzienlijk lager dan was gepland. Oorzaak hiervan ligt in de intensiteit en omvang van de zaken die zijn behandeld. Daarnaast is meer tijd gaan zitten in het bestrijden van ondermijning en brandveiligheid. Zie ook bovenstaande tabel 6. Niet in alle gevallen gaat het om situaties die de veiligheid of leefbaarheid van de omgeving aantasten. Regelmatig is de achtergrond van een melding onenigheid in de buurt. Wij zijn selectief bij de afweging welke klachten wel en niet direct worden opgepakt, de aanwezige risico’s op basis van de risicoanalyse is daarbij leidend.

4.2.4 Controle r.v.s. in zwembaden Bepaalde typen roestvaststaal (rvs) zijn niet bestand tegen chloordampen in overdekte zwembaden. Hierdoor kunnen gevaarlijke situaties ontstaan. Dit heeft de laatste jaren geresulteerd in diverse incidenten in zwembaden. Om die reden is in de Regeling Bouwbesluit een onderzoeksplicht ingevoerd die eigenaren van zwembaden verplicht om aan te tonen dat er geen gevaarlijk rvs in hun zwembad aanwezig is. Deze onderzoeksplicht betekent dat de eigenaar gevaarlijk rvs moet verwijderen of vervangen. Het onderzoek is afgestemd met de zwembadbranche (NPZ-NRZ, VSG, Recron) en met de Vereniging Bouwtoezicht Nederland. In 2021 is veel inzet geweest op Nieuw-Tijenraan. Vanuit onze rollen als eigenaar en toezichthouder is met de bouwer van Nieuw Tijenraan “Vaessen”, veelvuldig overleg geweest over de kwaliteit van het inspectierapport. Er is een nieuwe rapportage opgemaakt waaruit naar voren kwam dat er aanpassingen noodzakelijk waren. Deze aanbevelingen zijn opgepakt door de partij die verantwoordelijk is voor het beheer van het gebouw.

4.3 Ruimtelijke ordening (lokaal, geen basistaak) Dit taakveld is voor het grootste deel integraal onderdeel van het bouwtoezicht, zoals hierboven is omschreven. Het gaat hierbij om het uitvoeren van controles op het bestemmingsplan (voorschriften bestemmingsplan in relatie tot het gebruik). Daarnaast gaat het om controle op activiteiten die zonder verleende 19

omgevingsvergunning worden uitgevoerd met de daaraan gekoppelde juridisch-administratieve afhandeling die op controles volgt. In Raalte gaat het vooral om veldcontroles of controles naar aanleiding van een melding. De uitvoeringscijfers zijn opgenomen in tabel 6 op bladzijde 18.

4.4 Brandveilig gebruik (lokaal, geen basistaak) Brandveilig gebruik van panden en tijdens evenementen vraagt nadrukkelijk aandacht gelet op de risico’s. Deze risico’s zijn er vooral bij panden en evenementen met meerdere of minder zelfredzame gebruikers. Men is zich vaak niet altijd bewust van de risico’s. Daarom streven wij ernaar om de bewustwording van de risico’s bij de gebruikers te vergroten door regelmatig toezicht te houden en willen we, onder meer door voorlichting, stimuleren dat inwoners en ondernemers hun eigen verantwoordelijkheid voor het brandveilig gebruik van hun pand of tijdens een evenement nemen. De controles vinden plaats op basis van het Bouwbesluit 2012. Het Bouwbesluit 2012 gaat over alle soorten van brandveilig gebruik. De uitvoering van deze taken is opgedragen aan de Veiligheidsregio IJsselland. Voor de gemeente Raalte levert de Veiligheidsregio IJsselland een vijftal diensten, te weten; 1. Bouwadvies; 2. Controles in het kader van de HUP; 3. Voorlichting in het kader van Brandveilig Leven; 4. Bevordering brandveiligheid naar aanleiding van het dekkingsplan; 5. Repressieve brandweerzorg. In dit jaarverslag worden alleen de eerste vier diensten behandeld, de repressieve brandweerzorg is vastgelegd in het dekkingsplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=858ea3e9-021a-4d49-bd2b-7d03f87e3380