CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Raadsvergadering 19 oktober 2023, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen Bestemmingsplan Buitengebied Raalte, partiële herziening nr. 68, nabij Raarhoeksweg 45, Raalte (hamerstuk)19.637 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan Buitengebied Raalte, Part. Herz. Nr. 68, Omgeving Raarhoeksweg 45

Bestemmingsplan Buitengebied Raalte, Part. Herz. Nr. 68, Omgeving Raarhoeksweg 45 Concept

Opdrachtgever

Opdrachtnemer Eelerwoude E info@eelerwoude.nl I www.eelerwoude.nl

Projectgegevens: Projectnummer: Datum: Projectleider: Opgesteld: Gecontroleerd: © Eelerwoude 2023, niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden zonder schriftelijke toestemming van Eelerwoude bv. De opmaak van dit rapport gaat uit van dubbelzijdig afdrukken

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, om geving Raarhoeksweg 45

Inhoudsopgave

Toelichting Hoofdstuk 1

Inleiding

6

1.1

Aanleiding

6

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

6

1.3

Huidig planologisch regiem

8

1.4

Bij het plan behorende stukken

9

1.5

Leeswijzer

9

Hoofdstuk 2 plan

Beschrijving van het plangebied en het 10

2.1

Inleiding

10

2.2

Gebiedsbeschrijving Raarhoeksweg 45

10

2.3

Planbeschrijving Raarhoeksweg 45

13

2.4

Gebiedsbeschrijving Wijheseweg 31 te Broekland

14

2.5

Planbeschrijving Wijheseweg 31 te Broekland

15

2.6

Gebiedsbeschrijving Looweg 14 te Luttenberg

15

2.7

Planbeschrijving Looweg 14 te Luttenberg

16

Hoofdstuk 3

Beleidstoets

17

3.1

Inleiding

17

3.2

Rijksbeleid

17

3.3

Provinciaal beleid

19

3.4

Gemeentelijk beleid

28

Hoofdstuk 4

Waardentoets

33

4.1

Inleiding

33

4.2

Natuurwaarden

33

4.3

Archeologische waarden

35

4.4

Cultuurhistorische waarden

35

4.5

Water

35

Hoofdstuk 5

2

5

Milieuaspecten

39

5.1

Inleiding

39

5.2

Bodem

39

5.3

Geluid

40

5.4

Luchtkwaliteit

40

5.5

Externe veiligheid

41

5.6

Geur

42

5.7

Bedrijven en milieuzonering

44

5.8

Vormvrije m.e.r.-beoordeling

45

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

5.9

Leidingen

46

5.10

Verkeer en parkeren

46

5.11

Conclusie

46

Hoofdstuk 6

Juridische aspecten

47

6.1

Inleiding en opzet van de regels

47

6.2

Verantwoording van de regels

47

Hoofdstuk 7

Uitvoerbaarheid

50

7.1

Inleiding

50

7.2

Ruimtelijke uitvoerbaarheid

50

7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

50

7.4

Economische uitvoerbaarheid

50

7.5

Conclusie

51

Bijlagen toelichting

53

Bijlage 1 Toetsing Wet natuurbescherming Raarhoeksweg 45

54

Bijlage 2 Stikstofberekening nieuwe woning Raarhoeksweg 45 te Raalte

69

Bijlage 3 45

Resultaat digitale watertoets Raarhoeksweg 94

Bijlage 4 45

Verkennend bodemonderzoek Raarhoeksweg

Bijlage 5

Geuronderzoek Raarhoeksweg 45

99 139

Regels

149

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

150

Artikel 1

Begrippen

150

Artikel 2

Wijze van meten

158

Hoofdstuk 2

Bestemmingsregels

159

Artikel 3

Agrarisch met waarden - Landschapswaarden

159

Artikel 4

Wonen

161

Artikel 5

Waarde - Archeologie - 1

168

Artikel 6

Waarde - Archeologie - 2

170

Artikel 7

Waarde - Landschap - 1

172

Hoofdstuk 3

Algemene regels

173

Artikel 8

Anti-dubbeltelregel

173

Artikel 9

Algemene bouwregels

174

Artikel 10

Algemene gebruiksregels

176

Artikel 11

Algemene afwijkingsregels

177

Artikel 12

Algemene wijzigingsregels

179

Artikel 13

Overige regels

180

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

182

concept

3

4

Artikel 14

Overgangsrecht

182

Artikel 15

Slotregel

183

Bijlagen regels

185

Bijlage 1

Staat van bedrijfsactiviteiten

186

Bijlage 2

Inrichtingsplan

201

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

T oelichting

concept

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Aan de Raarhoeksweg 45 in Raalte ligt een woonerf. Op het erf staat een woning met een bijgebouw. Initiatiefnemers zijn voornemens om direct aan de noordkant van dit erf, een nieuwe woning met bijgebouw te realiseren. Ter compensatie voor de realisatie van de woning met bijgebouw hebben de initiatiefnemers 'sloopvouchers' aangekocht. Hiermee ontstaat planologisch de mogelijkheid om hier een woningbouwkavel te realiseren, op basis van de 'Beleidsnota Erven in beweging' en de 'Regeling Rood voor Rood'. Het betreft 411 m2 aan Wijheseweg 31 te Broekland (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt en er is reeds gesloopt) en 751 m2 aan Looweg 14 te Luttenberg (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt en er is reeds gesloopt). In totaal betreft dit 1162 m2. Aangezien de ontwikkeling niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan, moet een bestemmingsplanwijziging plaatsvinden.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied waar de nieuwe woning met bijgebouw wordt gerealiseerd ligt aan de Raarhoeksweg 45, in het buitengebied, ten noorden van de kern Raalte. Het plangebied wordt omsloten door agrarische gronden (zie figuren 1 en 2). De omgeving van het erf bestaat uit een mengeling van verspreid liggende (agrarische) bedrijven en woningen. Op de verbeelding bij dit plan is de exacte planbegrenzing weergegeven.

6

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Figuur 1: Ligging plangebied aan de Raarhoeksweg 45 (met rood icoontje aangeduid) ten opzichte van de kern Raalte. Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl.

Figuur 2: Luchtfoto plangebied Raarhoeksweg 45 met indicatief aangegeven de plangrens (rode contour). Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl. Ook het erf aan de Wijheseweg 31 te Broekland en het erf aan de Looweg 14 te Luttenberg maken onderdeel uit van dit bestemmingsplan, omdat op deze erven de bestemming wordt gewijzigd.

concept

7

Figuur 3: Luchtfoto plangebieden Wijheseweg 31 te Broekland (foto links) en Looweg 14 te Luttenberg (foto rechts), met indicatief aangegeven de plangrens (rode contour). Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl.

1.3

Huidig planologisch regiem

Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 is gelegen binnen de begrenzing van de bestemmingsplannen 'Buitengebied Raalte', 'Buitengebied Raalte, correctieve herziening' en 'Buitengebied Raalte, 2e correctieve herziening'. Het bestemmingsplan 'Buitengebied Raalte' is op 8 juni 2012 vastgesteld door de gemeenteraad en in werking getreden op 17 oktober 2012. Daarna is dat plan op onderdelen aangepast middels de correctieve herzieningen. Het erf ligt daarbij binnen het bestemmingsplan 'Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020' (2 juni 2021). Het huidige erf binnen het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 heeft de enkelbestemming 'Wonen' en de aanduiding 'Bouwvlak'. Het perceel aan de noordzijde heeft de enkelbestemming 'Agrarisch'. Tevens geldt de gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone – verwevingsgebied'. In figuur 4 is een uitsnede van de verbeelding opgenomen.

Figuur 4: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'Buitengebied Raalte', ter hoogte van het

8

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

plangebied Raarhoek sweg 45, waarbij het plangebied indicatief met rode contour is aangegeven. Aangezien er op de gronden aan de noordzijde een woonerf wordt gerealiseerd, met woning en bijgebouw, is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. De erven aan de Wijheseweg 31 te Broekland en de Looweg 14 te Luttenberg zijn in het geldende bestemmingsplan nog voorzien van agrarische bouwvlakken. Hier moet de bestemming worden gewijzigd naar 'Wonen'.

1.4

Bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan 'Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45' bestaat uit de volgende stukken: Verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.0177.BP20230006-ON01) en een renvooi; Regels. Op de verbeelding zijn de bestemmingen van het plangebied weergegeven. In de planregels zijn regels en bepalingen opgenomen, teneinde de uitgangspunten van het plan zeker te stellen.

1.5

Leeswijzer

Na de inleiding wordt eerst een gebieds- en planbeschrijving gegeven. In hoofdstuk 3 wordt het project getoetst aan het bestaande beleid, op zowel nationaal, provinciaal als gemeentelijk niveau. In hoofdstuk 4 wordt onderzocht wat de invloed van het project is op de verschillende waarden in het gebied. In hoofdstuk 5 komen de milieuaspecten aan bod. In de hoofdstukken 6 en 7 wordt tot slot ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de uitvoerbaarheid van het project.

concept

9

Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plangebied en het plan 2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de ligging en de kenmerken van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 te Raalte beschreven. Vervolgens wordt een beschrijving gegeven van het hier te realiseren plan. Bij dit plan zijn ook de erven aan de Wijheseweg 31 te Broekland en aan Looweg 14 te Luttenberg betrokken. Op deze twee locaties zijn reeds schuren gesloopt en zijn sloopvouchers verstrekt die worden ingezet in het voorliggende plan. De agrarische bestemming van deze twee erven wijzigt met het voorliggende plan naar de bestemming 'Wonen'.

2.2

Gebiedsbeschrijving Raarhoeksweg 45

Ligging Het plangebied waar de nieuwe woning met bijgebouw wordt gerealiseerd ligt aan de Raarhoeksweg 45, in het buitengebied, ten noorden van de kern Raalte. Op het huidige erf staat een woning met een bijgebouw. Het erf wordt omsloten door agrarische gronden (zie figuren 1 en 2). De omgeving van het erf bestaat uit een mengeling van verspreid liggende (agrarische) bedrijven en woningen. Aan de zuidkant van het erf ligt een relatief kleinschalig agrarisch bedrijf waar koeien gehouden mogen worden. En aan de oostzijde, aan de overkant van de weg, ligt een relatief kleinschalig agrarisch bedrijf waar schapen gehouden mogen worden. Het plangebied ligt in het zandgebied op de overgang van hoger gelegen dekzandruggen naar lager gelegen -vlaktes. Landschapskenmerken Het plangebied is onderdeel van het Sallandse landschap, wat een gevarieerd landschap is dat ligt tussen de IJssel en de Sallandse heuvelrug. Het erf maakt onderdeel uit van het oude hoevenlandschap, als onderdeel van het agrarisch cultuurlandschap. Dit is een landschap met veelal kleinschalige erven en percelen die gelegen zijn op de hogergelegen dekzandvlaktes en dekzandruggen. Deze ontwikkeling kwam nadat de grotere dekzandruggen al eerder in gebruik waren genomen. Hierdoor is er een kleinschalig en individueel ontgonnen landschaptype ontstaan met diverse verkavelingsrichtingen.

De erven liggen verspreid in het landschap, net waar de meest gunstige ligging was voor het agrarische gebruik. De Raarhoeksweg is van oudsher een verbindingsroute door het agrarische landschap. Het erf aan de Raarhoeksweg 45 ligt op een overgang naar een hoger gelegen gedeelte (oostzijde), en een opvallende stijlrand ligt aan de zuidkant van het perceel (zie figuur 5

10

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

voor de hoogtekaart). Dit is vroeger een onderdeel geweest van een wal met een toegangsweg naar het achtergelegen perceel. Deze wal is goed waarneembaar in het landschap.

Figuur 5: Hoogtekaart ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45. Historie Het agrarisch gebruik heeft door de jaren heen de natuurlijke ondergrond omgezet naar de huidige landschappelijke situatie. Het Sallandse platteland kenmerkt zich door een zekere mate van diversiteit, openheid en kleinschaligheid. Op historische kaarten is goed te zien dat de erven zeer verspreid in het landschap zijn gebouwd (zie figuur 6 voor een historische kaart rond 1900). Met name de laatste eeuw hebben de grootschalige agrarische activiteiten zijn weerslag gehad. De karakteristieke kenmerken, landschapselementen en oorspronkelijke verkavelingsstructuur zijn hierdoor minder goed herkenbaar en beleefbaar (zie figuur 7).

Figuur 6: Historische kaart rond 19000, ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45.

concept

11

Figuur 7: Historische kaart rond 2010, ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45. Inrichting huidige erf Het erf aan de Raarhoeksweg 45 betreft momenteel een woon-erf met een woonhuis en een vrijstaand bijgebouw. Het erf is landschappelijk ingepast en kent daarbij een laanstructuur met eiken aan de voorzijde, langs de Raarhoeksweg. Figuur 8 laat enkele foto's zien van het erf.

Figuur 8: Foto's van het huidige erf aan de Raarhoek sweg 45

12

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

2.3

Planbeschrijving Raarhoeksweg 45

2.3.1 Uitgangspunten plan Initiatiefnemers zijn voornemens om direct aan de noordkant van dit erf aan de Raarhoeksweg 45, een nieuwe woning met bijgebouw te realiseren. Ter compensatie voor de realisatie van de woning met bijgebouw hebben de initiatiefnemers 'sloopvouchers' aangekocht. Hiermee ontstaat planologisch de mogelijkheid om hier een woningbouwkavel te realiseren, op basis van de 'Beleidsnota Erven in beweging' en de 'Regeling Rood voor Rood'. Het betreft 411 m2 aan Wijheseweg 31 te Broekland (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt en er is reeds gesloopt) en 751 m2 aan Looweg 14 te Luttenberg (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt en er is reeds gesloopt). In totaal betreft dit 1162 m2. Voor de inrit wordt gebruik gemaakt van een huidige inrit, gelegen direct aan de noordkant van het huidige erf. In figuur 9 zijn de uitgangspunten van het plan m.b.t. de inrichting van het plangebied weergegeven.

Figuur 9: Weergave uitgangspunten plan aan de Raarhoeksweg 45. Op het huidige erf aan de Raarhoeksweg 45 blijft de situatie nagenoeg ongewijzigd.

2.3.2 Inrichtingsplan Ten behoeve van het plan is een inrichtingsplan opgesteld, welke is opgenomen in Bijlage 2 van de regels van dit bestemmingsplan. Figuur 10 betreft een uitsnede van de overzichtstekening. Hierop is te zien dat gebuik wordt gemaakt van de huidige inrit aan de noordzijde van het huidige erf aan de Raarhoeksweg 45 en dat de bestaande septictank en wadi behouden blijven (hier wordt geen bebouwing of beplanting op gerealiseerd). De nieuwe woning komt in lijn met de huidige woning (zelfde rooilijn) en de bebouwing richt zich op de weg. Het erf wordt omzoomd met opgaand groen en de zichtlijnen over het landschap blijven behouden. Er wordt inheemse beplanting toegevoegd, bestaande uit hagen, struweel en bomen. Er wordt zo min mogelijk nieuwe verharding toegevoegd.

concept

13

Figuur 10: Weergave overzichtstekening inrichtingsplan Raarhoeksweg 45.

2.4

Gebiedsbeschrijving Wijheseweg 31 te Broekland

Het erf aan de Wijheseweg 31 te Broekland ligt in het buitengebied, aan de westkant van de kern Raalte. Het plangebied is omgeven door agrarische gronden, enkele agrarische erven en enkele woonerven. Op het erf zijn een woning en enkele schuren aanwezig. De agrarsiche activiteiten zijn gestaakt. De gemeente Raalte heeft een sloopvoucher vestrekt om 411 m2 aan schuren te slopen. Deze sloop is inmiddels afgerond.

14

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Figuur 11: Weergave ligging plangebied Wijheseweg 31 (met rode icoon aangegeven) te Broekland (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

2.5

Planbeschrijving Wijheseweg 31 te Broekland

De gemeente Raalte heeft een sloopvoucher vestrekt om 411 m2 aan schuren te slopen. Deze sloop is inmiddels afgerond. Nu de agrarische activiteiten op het erf zijn gestaakt, een sloopvoucher is verstrekt om 411 m2 aan schuren te slopen en deze schuren inmiddels zijn gesloopt, kan de agrarische bestemming worden gewijzigd naar de bestemming 'Wonen'. Daarnaast wijzigt er niets op het erf.

2.6

Gebiedsbeschrijving Looweg 14 te Luttenberg

Het erf aan de Looweg 14 in Luttenberg ligt in het buitengebied, aan de zuidoostkant van de kern Luttenberg. Het plangebied is omgeven door agrarische gronden, enkele agrarische erven, een recreatief erf en enkele woonerven. Op het erf zijn twee woningen en enkele schuren aanwezig. De agrarsiche activiteiten zijn gestaakt. De gemeente Raalte heeft een sloopvoucher vestrekt om 751 m2 aan schuren te slopen. Deze sloop is inmiddels afgerond.

Figuur 12: Weergave ligging plangebied Looweg 14 (met rode icoon aangegeven) te Luttenberg (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

concept

15

2.7

Planbeschrijving Looweg 14 te Luttenberg

De gemeente Raalte heeft een sloopvoucher vestrekt om 751 m2 aan schuren te slopen. Deze sloop is inmiddels afgerond. Nu de agrarische activiteiten op het erf zijn gestaakt, een sloopvoucher is verstrekt om 751 m2 aan schuren te slopen en deze schuren inmiddels zijn gesloopt, kan de agrarische bestemming worden gewijzigd naar de bestemming 'Wonen'. Daarnaast wijzigt er niets op het erf.

16

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Hoofdstuk 3 Beleidstoets 3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt het relevante beleid dat betrekking heeft op het plangebied en de voorgenomen ontwikkeling beschreven. Het wordt benaderd vanuit het Rijks-, provinciaalen gemeentelijk beleid. Het voorgenomen plan wordt getoetst aan dit beschreven beleid.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1 De Nationale Omgevingsvisie Nederland staat in de komende jaren voor een aantal opgaven van nationaal belang. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) stelt dat grote en complexe opgaven zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw Nederland flink zullen veranderen. Deze opgaven moeten benut worden om vooruit te komen en tegelijkertijd het mooie van Nederland te behouden. De NOVI biedt perspectief om de grote opgaven aan te pakken Hierbij is omgevingskwaliteit het kernbegrip: dat wil zeggen ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Vanuit de NOVI geeft het Rijk kaders en richting voor zowel nationale als decentrale keuzes. Centraal bij de afweging van belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving, zowel van de boven- als van de ondergrond. In de NOVI wordt gesproken over een 'omgevingsinclusief' beleid. De NOVI beschrijft enerzijds een toekomstperspectief met ambities en anderzijds de nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven. Deze opgaven zijn het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. Waar de opgaven vragen om een geïntegreerde benadering, komen deze samen in vier prioriteiten.

Op deze vier prioriteiten zijn beleidskeuzes gemaakt: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Om de beleidskeuze weloverwogen te maken worden drie afwegingsprincipes, die helpen bij het afwegen en prioriteren van de verschillende belangen en opgaven, gehanteerd namelijk: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het onderhavige plan betreft een relatief kleinschalige ontwikkeling die geen inbreuk maakt op nationale belangen. Ook voldoet het plan aan de prioriteit voor toekomstbestendige ontwikkelingen van het landelijk gebied. Met het voorliggende plan zijn

concept

17

landschapsontsierende schuren gesloopt die geen vervolgfunctie meer hadden. Het toekennen van een extra wooneenheid (ter compensatie van de sloop van schuren op twee andere erven), waarbij het plangebied landschappelijk wordt ingepast, past binnen het toekomstbestendig ontwikkelen van het landelijk gebied.

3.2.2 Barro en Bro Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is op 30 december 2011 in werking getreden. In het Barro wordt een aantal projecten die van Rijksbelang zijn met name genoemd en met behulp van digitale kaartbestanden exact ingekaderd. Per project worden vervolgens regels gegeven, waaraan ruimtelijke plannen moeten voldoen. Binnen het Barro worden de volgende onderdelen besproken: Project Mainportontwikkeling Rotterdam; Kustfundament; Grote rivieren; Waddenzee en waddengebied; Defensie; Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde. In oktober 2012 is het besluit aangevuld met de ruimtevraag voor de onderwerpen veiligheid op rijkswegen, toekomstige uitbreiding van infrastructuur, de elektriciteitsvoorziening, de EHS/NNN, de veiligheid van primaire waterkeringen, reserveringsgebieden voor hoogwater, maximering van het de verstedelijkingsruimte in het Ijsselmeer en is het onderwerp duurzame verstedelijking in regelgeving opgenomen. De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (bij besluit van 21 april 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd in verband met de aanpassing van de 'ladder voor duurzame verstedelijking').

Het Bro (artikel 3.1.6 lid 2) bepaalt dat voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen de treden van de ladder moet worden doorlopen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling In het voorliggende plan zijn landschapsontsierende schuren gesloopt en wordt de realisatie van een nieuwe woningbouwkavel mogelijk gemaakt. De agrarische bestemming op twee erven waar schuren gesloopt zijn wordt gewijzigd naar de bestemming 'Wonen'. Blijkens jurisprudentie wordt een dergelijke kleinschalige ontwikkeling niet aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling in de zin van de Bro. Een verdere toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is daarmee niet noodzakelijk. Het onderhavige plan heeft verder geen betrekking op de overige benoemde onderdelen in het Barro.

3.2.3 Wet natuurbescherming Doel van de Wet natuurbescherming is drieledig: bescherming van de biodiversiteit in Nederland; decentralisatie van verantwoordelijkheden; vereenvoudiging van regels. Voor beschermde Natura 2000-gebieden geldt dat er voor projecten en handelingen geen verslechtering van de kwaliteit van de habitats of een verstorend effect op de soorten waarvoor het gebied is aangewezen, mag optreden. Binnen de Natura 2000-gebieden zijn

18

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

de Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebied te onderscheiden. De Vogelrichtlijn (vastgesteld in 1979) is een regeling van de Europese Unie (EU) die tot doel heeft alle in het wild levende vogelsoorten op het grondgebied van de EU te beschermen. De lidstaten van de EU zijn verplicht voor alle vogelsoorten die in hun land leven leefgebieden van voldoende grootte en kwaliteit te beschermen. De Europese Habitatrichtlijn (vastgesteld in 1992) beoogt de biologische diversiteit te waarborgen door het instandhouden van de (half)natuurlijke leefgebieden en de wilde flora en fauna. De Habitatrichtlijn is gericht op de bescherming van soorten en natuurlijke habitats. Hiervoor zijn eveneens speciale beschermingszones aangemeld. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 maakt geen onderdeel uit van Natura 2000-gebied en het plan heeft geen negatief effect op Natura 2000-gebied(en) die in de buurt liggen. Een uitgebreide toetsing van het plan aan de wet- en regelgeving m.b.t. natuurbescherming (o.a. m.b.t. soortenbescherming) is opgenomen in paragraaf 4.2 van deze toelichting. Hieruit blijkt dat het voorgenomen plan voldoet aan de wet- en regelgeving.

3.2.4 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling past binnen de kaders van het Rijksbeleid. Vanuit relevante beleidsdocumenten en regelgeving werken geen randvoorwaarden of uitgangspunten rechtstreeks door op het voorgenomen plan. In hoofdstuk 4 van deze ruimtelijke onderbouwing wordt nader ingegaan op de waterhuishoudkundige gevolgen van het plan en is de toetsing aan de Wet natuurbescherming opgenomen.

3.3

Provinciaal beleid

3.3.1 Omgevingsvisie en -verordening provincie Overijssel De Omgevingsvisie Overijssel betreft een integrale visie die elk jaar wordt geactualiseerd. De laatst vastgestelde versie is die van 16 november 2022. De twee grote thema's van de Omgevingsvisie zijn duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit. Deze thema's zijn in de Omgevingsverordening in definities verankerd. De definitie van duurzaamheid luidt: “duurzame ontwikkeling voorziet in de behoefte aan de huidige generatie, zonder voor toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoeften te voorzien”. Duurzaamheid vraagt om een transparante afweging van ecologische, economische en sociaal-culturele beleidsambities. De definitie van ruimtelijke kwaliteit luidt: “het resultaat van menselijk handelen en natuurlijke processen dat de ruimte geschikt maakt en houdt voor wat voor mens, plant en dier belangrijk is”. Ruimtelijke kwaliteit is het resultaat van menselijk handelen en natuurlijke processen. De provincie wil ruimtelijke kwaliteit realiseren door, naast bescherming, vooral in te zetten op het verbinden van bestaande kwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen. De provincie heeft een hoofdambitie, zorgen voor een toekomstvaste groei van welvaart en welzijn met daarbij een verantwoord beslag op de beschikbare natuurlijke hulpbronnen en voorraden.

Enkele belangrijke beleidskeuzes waarmee de provincie haar ambities wil realiseren zijn: Herstructurering: Er wordt ingezet op een breed spectrum aan woon-, werk- en mixmilieu's, dorpen en steden worden gestimuleerd om hun eigen kleur te ontwikkelen. Hoofdinfrastructuur: Investeren in wegverkeer: trein, fiets, waar veiligheid en doorstroming centraal staan.

concept

19

SER-ladder: Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik toepassen bij bebouwing door hantering van de 'SER-ladder'. Deze methode maakt eerst het gebruik van de ruimte, die wordt geoptimaliseerd, daarna de wordt toepassing van meervoudig ruimtegebruik onderzocht, vervolgens de mogelijkheid om het ruimtegebruik uit te breiden. Hierbij is afstemming tussen gemeenten over woningbouwprogramma's en bedrijfslocaties noodzakelijk. Plannen: Ruimtelijke plannen ontwikkelen aan de hand van gebiedskenmerken en keuzes voor duurzaamheid. 3.3.1.1 Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving Door de Omgevingsvisie is het eerdere detailkader, zoals o.a. 'Rood voor Rood', 'Rood voor Groen' en 'Nieuwe landgoederen' vervallen en is er een nieuw document opgesteld: de 'Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving' (KGO). KGO is vastgelegd in de provinciale verordening (artikel 2.1.6). De KGO gaat er vanuit dat er ruimte is voor grootschalige uitbreidingen en nieuwe functies in het buitengebied, uitsluitend indien hier sociaal economische en/of maatschappelijke redenen voor zijn en er is aangetoond dat het verlies aan ecologische en/of landschappelijke waarden in voldoende mate wordt gecompenseerd door investeringen ter versterking van de ruimtelijke kwaliteit in de omgeving.

Twee principes zijn leidend: Elke ontwikkeling dient bij te dragen aan een versterking van de ruimtelijke kwaliteit; De ontwikkelingsruimte die men krijgt dient in evenwicht te zijn met investeringen in de ruimtelijke kwaliteit.

Figuur 13: Ruimtelijke kwaliteitsimpuls, verbeelding van de balans. Uitgangspunt is dat plannen ontwikkelingsruimte krijgen als deze passen binnen het generieke beleid en de ontwikkelingsperspectieven van de provincie en worden uitgewerkt conform de gebiedskenmerken. Voorwaarde daarbij is dat de geboden ontwikkelingsruimte in evenwicht is met de te leveren kwaliteitsprestaties. Bij elke ontwikkeling hoort een basisinspanning in de vorm van een goede ruimtelijke inpassing zoals situering van gebouwen en erfbeplanting. Voor het bepalen van de hoogte van aanvullende kwaliteitsprestaties wordt het plan getoetst aan de hand van de volgende drie variabelen: Is de ontwikkeling gebiedseigen of gebiedsvreemd; Wat is de schaal van de ontwikkeling en de impact op de omgeving; Dient het initiatief een eigen belang of ook maatschappelijke belangen. Gebiedseigenheid van de ontwikkeling

20

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

In het voorliggende plan is 1162 m2 aan landschapsontsierende schuren gesloopt op twee locaties in het buitengebied van de gemeente Raalte. De agrarische activiteiten zijn op deze locaties gestaakt en de bestemmingen worden nu gewijzigd naar de bestemming 'Wonen'. Er wordt één nieuwe extra woning gerealiseerd met een bijgebouw van maximaal 150 m2 op het erf aan de Raarhoeksweg 45 te Raalte. De woonfunctie past goed in dit gebied. De functie is, naast de agrarische functie, veelvoorkomend in de omgeving. Het plangebied wordt daarnaast landschappelijk goed ingepast en ingericht, met inheems plantmateriaal. In zijn algemeenheid geldt dat hoe beter de nieuwe functies in het gebied passen, des te kleiner de vereiste extra investering is. Schaal van de ontwikkeling en impact op de omgeving De nieuwe ontwikkeling past qua schaal goed in het landschap en is qua impact relatief klein, ook vergeleken met de huidige situatie. De ontwikkeling wordt goed ingepast in de omgeving. Eigen belang versus maatschappelijke belangen Door de realisatie van één nieuwe wooneenheid wordt de sloop van de landschapsontsierende schuren economisch uitvoerbaar. Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 wordt landschappelijk ingepast. Functies in de omgeving van het plangebied worden niet beperkt. Het totale project dient daarmee eigen belangen, maar ook maatschappelijke belangen.

concept

21

Conclusie Conclusie is dat het voorliggende plan past binnen het KGO-beleid, zoals vastgelegd in artikel 2.1.6 van de Omgevingsverordening. De ontwikkelingsruimte die geboden wordt is in balans met de investeringen in ruimtelijke kwaliteit. 3.3.1.2 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Om de opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities van de provincie waar te maken bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie verschillende niveaus (zie figuur 13). Aan de hand van deze drie niveaus kan worden bepaald of er een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk is en er behoefte aan is, waar het past in de Omgevingsvisie en hoe het uitgevoerd kan worden. De volgende niveaus komen aan de orde (zie figuur 14): 1. Generieke beleidskeuzes; 2. Ontwikkelingsperspectieven; 3. Gebiedskenmerken.

Figuur 14: Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Omgevingsvisie Overijssel) 1. Generieke beleidskeuzes Generieke beleidskeuzes vloeien voort uit keuzes van de EU, Rijk of de provincie. Deze keuzes kunnen bepalen of ontwikkelingen mogelijk zijn of niet. Op diverse terreinen verlangt de provincie van gemeenten dat ze goede afspraken maken over plannen met buurgemeenten. Zo blijft het evenwicht bewaard tussen ruimte voor gemeenten en anderzijds het voorkomen van inefficiënte concurrentie. Op deze manier bereikt de provincie een goed afgestemd en zuinig ruimtegebruik en wordt er overcapaciteit voorkomen. Daarnaast zorgt de provincie voor reserveringen voor waterveiligheid, randvoorwaarden voor externe veiligheid, grondwaterbeschermingsgebieden, bescherming van de ondergrond (aardkundige en archeologische waarden), landbouwontwikkelingsgebieden en begrenzing van nationale landschappen. Deze beleidskeuzes zijn vaak normstellend.

22

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Relatie met voorgenomen ontwikkeling In en om het plangebied zijn geen belemmeringen op basis van het generieke beleid. In overeenstemming met artikel 2.2 van de provinciale Omgevingsverordening past dit plan ook binnen het gemeentelijk beleid. 2. Ontwikkelingsperspectieven De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn daarnaast geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene en stedelijke omgeving. Met de ontwikkelingsperspectieven wordt de ruimtelijke ontwikkelingsvisie van de provincie vorm gegeven. Het beleid voor de ontwikkelingsperspectieven is vastgelegd in artikel 2.1.5 van de Omgevingsverordening. In dit artikel is bepaald dat gemotiveerd moet worden dat een voorziene ontwikkeling past binnen de vastgestelde ontwikkelingsperspectieven. Relatie met voorgenomen ontwikkeling Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 ligt in het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap' (zie figuur 14).

Figuur 15: Weergave uitsnede kaart ontwikkelingsperspectieven ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoek sweg 45, Omgevingsvisie Overijssel In dit ontwikkelingsperspectief is sprake van verweving van functies. Met aan de ene kant melkveehouderij en akkerbouw als belangrijke vorm van landgebruik. En aan de andere kant ruimte voor landschap, natuur, milieubescherming, cultuurhistorie, recreatie, wonen en andere bedrijvigheid. De kwaliteitsambitie 'voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen' staat hierbij voorop. De provincie wil de ontwikkelingsmogelijkheden van de landbouw, maar ook van andere sectoren zoals recreatie, nog nadrukkelijker verbinden met behoud en versterking van cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke elementen. Uitgangspunten voor mixlandschappen zijn:

concept

23

Behouden en versterken van de leefbaarheid en diversiteit van het landelijk gebied; Voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen; Ontwikkelingsmogelijkheden verbinden met behoud en versterking van cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke elementen. Het slopen van landschapsontsierende bebouwing op twee locaties in het buitengebied van de gemeente Raalte, de realisatie van een nieuwe woning (met bijgebouw) ter compensatie en het landschappelijk inpassen van het plangebied past binnen dit geldende ontwikkelingsperspectief. Er worden ook geen bestaande functies in de omgeving van het plangebied belemmerd met het voorliggende plan. 3. Gebiedskenmerken In het provinciale beleid zijn voor alle gebieden gebiedskenmerken aangegeven. Het beleid voor deze gebiedskenmerken is vastgelegd in artikel 2.1.5 van de provinciale verordening. Hierin is bepaald dat inzichtelijk moet worden gemaakt dat voldaan wordt aan dit beleid. Wanneer in het beleid normerende uitspraken worden gedaan, voorziet het bestemmingsplan (voor zover deze uitspraken zich daarvoor lenen) in een bestemmingsplanregeling conform deze normerende uitspraken. Wanneer in het beleid richtinggevende uitspraken worden gedaan, voorziet het bestemmingsplan (voor zover deze uitspraken zich daarvoor lenen) in een bestemmingsplanregeling conform deze richtinggevende uitspraken.

De gebiedskenmerken zijn opgenomen in verschillende lagen; de natuurlijke laag, de agrarische cultuur laag, de stedelijke laag en de lust- en leisurelaag. Op basis van deze kenmerken is er ingezoomd op het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 (daar waar nieuwgebouwd wordt) en gekeken welke specifieke kwaliteitsvoorwaarden en opgaven (normerend en richtinggevend) voor ruimtelijke ontwikkelingen van toepassing zijn. De natuurlijke laag De natuurlijke laag is ontstaan doordat abiotische en biotische processen inwerken op de ondergrond van bodem en geologie. Van oudsher bestaat er een sterke samenhang tussen het natuur- en watersysteem. Vervolgens heeft de natuurlijke laag plek en betekenis gekregen in het menselijke occupatieproces. Lange tijd is de natuurlijke laag sturend geweest voor een groot deel van de ruimtelijke ontwikkelingen. Mensen vestigden zich op de droge plekken en wegen werden aangelegd bij goed doorwaadbare plekken in de beek. Pas de laatste eeuw is deze samenhang door technische mogelijkheden verminderd en zijn de kwaliteiten van de natuurlijke laag aangetast. Het beter afstemmen van de ruimtelijke ontwikkelingen op de natuurlijke laag, kan voorkomen en er voor zorgen dat natuurlijke kwaliteiten weer medebepalend worden.

Relatie met voorgenomen ontwikkeling Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 ligt in een zandgebied, op de grens van 'dekzandvlakte en ruggen-gebied' en 'beekdalen en natte laagtes' (zie figuur 16). In het Landschapsontwikkelingsplan van de gemeente Raalte is de locatie aangeduid als 'dekzandvlaktes en dekzandlaagtes'. Het plangebied heeft hier ook daadwerkelijk de kenmerken van (zie hoofdstuk 2). Hiertoe is deze typering voor dit plangebied aangehouden als uitgangspunt. De dekzandvlaktes beslaan een groot deel van de oppervlakte van de provincie. In de occupatiegeschiedenis zijn de dekzandvlaktes voor het overgrote deel in cultuur gebracht als essenlandschap, oude hoevenlandschap en heideontginningslandschap. Kenmerkend reliëf is op veel plaatsen vervlakt, bijvoorbeeld door egalisaties ten behoeve van de

24

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

landbouw. De ambitie is de hoogteverschillen te versterken en het verschil in landschap met natuurlijke beplanting te accentueren.

Figuur 16: Weergave uitsnede kaart gebiedskenmerken ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45, natuurlijke laag, Omgevingsvisie Overijssel Normerend uitgangspunt: Dekzandvlakten en ruggen krijgen een beschermende bestemmingsregeling, gericht op instandhouding van de hoofdlijnen van het huidige reliëf. Richtinggevende uitgangspunten: Als ontwikkelingen plaatsvinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. Bij ontwikkelingen is de (strekkings)richting van het landschap, gevormd door de afwisseling van beekdalen en ruggen, het uitgangspunt. Met het plan wordt geen karakteristiek reliëf aangetast. Zo blijft de aanwezige stijlrand aan de zuidkant van het erf behouden. Het erf wordt daarnaast ingepast met gebiedseigen beplanting. Hiermee wordt aangesloten op de geldende uitgangspunten. Laag van het agrarisch cultuurlandschap In het agrarisch cultuurlandschap gaat het er om dat de mens inspeelt op de natuurlijke omstandigheden en die ten nutte maakt. Vanuit de nederzettingen zijn de omliggende

concept

25

gronden ooit ontgonnen, daardoor is er een sterke ruimtelijke en functionele relatie met het omringende landschap ontstaan. Afhankelijk van de stand van de techniek en de beschikbaarheid van meststoffen is door de eeuwen heen een geschakeerd patroon van akkers, weiden, hooiland en bebouwing gegroeid. Dit verschil in tijd geeft mede richting aan de ontwikkeling van deze gebieden. Binnen de regionale landschappen is er vaak op korte afstand sprake van verschillen: de es, de flank en het beekdal. Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 ligt in het Oude hoevenlandschap (zie figuur 17).

Figuur 17: Weergave kaart gebiedskenmerken ter hoogte van het plangebied aan de Raarhoeksweg 45, laag agrarisch cultuurlandschap, Omgevingsvisie Overijssel Het oude hoevenlandschap heeft verspreide erven met vaak een 'eigen' es. Ze zijn ontstaan nadat de complexen met grote essen 'bezet' waren. Dit leidde tot een landschap dat dezelfde opbouw kent als het essenlandschap, alleen in een meer kleinschalige, meer individuele en jongere variant. Dit is tevens de reflectie van de natuurlijke ondergrond. Het betreft contrastrijke landschappen met veel variatie op de korte afstand: open es, kleinschalige flank met erf, kleinschalige natte laagtes met veel houtwallen, open heidevelden en -ontginningen. Daartussen kleinere bovenlopen van beken. De ambitie is de kenmerkende afwisseling te versterken. Het gaat hierbij met name om de open es, de routes over de erven, de erven en de landschapsbeplanting. Normerend uitgangspunt: De essen en esjes krijgen een beschermende bestemmingsregeling, gericht op instandhouding van de karakteristieke openheid, de bodemkwaliteit en het reliëf.

26

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Richtinggevende uitgangspunten: Als ontwikkelingen plaats vinden in het oude hoevenlandschap, dan dragen deze bij aan behoud en accentuering van de dragende structuren (groenstructuur en routes) van het oude hoevenlandschap, en aan de samenhang en de karakteristieke verschillen tussen de landschapselementen: de erven met erfbeplanting; open es(je); beekdal; voormalige heidevelden, de mate van openheid en kleinschaligheid. Ontwikkelingen vergroten de toegankelijkheid van erven en erfroutes. Met het plan wordt geen karakteristiek reliëf aangetast. Zo blijft de aanwezige stijlrand aan de zuidkant van het erf behouden. Het erf wordt daarnaast ingepast met gebiedseigen beplanting. Hiermee wordt aangesloten op de geldende uitgangspunten. Stedelijke laag In de stedelijke laag is de koppeling van de sociale en fysieke dynamiek van de stedelijke functies aan het verbindende netwerk van wegen, paden, spoorwegen en kanalen een belangrijk ordenend principe. Efficiëntie en nabijheid zijn belangrijke vestigingsoverwegingen. Daarbij wordt kwaliteit, eigenheid en onderscheidend vermogen van de regio steeds belangrijker. Agrarische erven hebben van oudsher een hele sterke binding met het landschap. Vanuit het erf werden de omliggende gronden in cultuur gebracht en vervolgens eeuwenlang bewerkt. Bijzonder is dat elk landschap zijn eigen erftype heeft.

De opbouw, erfbebouwing, erfbeplantingen en relaties met de omliggende gronden zijn specifiek voor het betreffende landschapstype, alsof in het erf de genen van het landsschap besloten liggen. Bij de transformatie van erven in het landelijk gebied vervalt vaak de vanzelfsprekende samenhang tussen erf en landschap. De ambitie is de erven levend te houden, verbonden met het landschap. Voor het plangebied zijn de aanduidingen 'informele trage netwerk' en 'verspreide bebouwing' van toepassing. Relevante uitgangspunten zijn: Bijdragen aan behoud en ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit; Behoud en versterking kenmerkende erfstructuur en volumematen; Behouden robuuste ensemble; Koppelen erf aan landschap; Toegankelijkheid landschap verbeteren. Met deze uitgangspunten is waar mogelijk rekening gehouden in het inrichtingsplan. Zo wordt het erf gekoppeld aan het landschap en is sprake van een robuust ensemble. Laag van de beleving De laag van de beleving heeft geen rechtstreekse doorwerking op dit plan, behalve dat het plangebied in 'donkertegebied' ligt. Hier is rekening mee gehouden door extra lichthinder te beperken. Ook ligt het plangebied in 'IJssellinie inundatieveld', wat geen rechtstreekse doorwerking heeft op dit plan.

3.3.2 Conclusie Het voorliggende ruimtelijke plan past binnen het provinciale beleid, zoals ook vastgelegd in de provinciale verordening. Het plan past binnen KGO-beleid en binnen het geldende ontwikkelingsperspectief en is uitgewerkt op basis van de gebiedskenmerken.

concept

27

3.4

Gemeentelijk beleid

De gemeente Raalte heeft diverse beleidsdocumenten die kaderstellend zijn voor de ontwikkelingen in het buitengebied. De volgende documenten zijn op het plangebied van toepassing: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Erven in beweging; Omgevingsvisie Horizon gemeente Raalte 2040; het Waterplan; Welstandsnota; Landschapsontwikkelingsplan Salland; Bestemmingsplan 'Buitengebied Raalte'.

3.4.1 Erven in beweging De beleidsnota Erven in beweging is op 21 december 2017 vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Raalte. In de periode van 2012 - 2030 komt er naar verwachting circa 300.000 m2 agrarische bebouwing vrij door bedrijfsbeëindiging van agrarische bedrijven. Om op grote schaal leegstand te voorkomen bevat deze beleidsnota een aantal aanvullende mogelijkheden en instrumenten om leegstand tegen te gaan. Er wordt ingezet op sloop en hergebruik. Enerzijds om de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied te versterken, anderzijds om een levendig buitengebied te houden waarin gewoond en gewerkt kan worden. Met de extra mogelijkheden die dit beleid bevat heeft een eigenaar van een erf met leegstaande gebouwen de volgende mogelijkheden: Een woning bouwen in ruil voor sloop van minimaal 850 m2 ('Rood voor Rood-regeling'). Indien de woning op of aansluitend aan een ander erf wordt gebouwd, bedraagt de sloopnorm minimaal 1000 m2. Een (niet-agrarisch) bedrijf starten; Extra (bij)gebouwen bouwen bij een woning of bedrijf in ruil voor sloop van een veelvoud aan gebouwen (schuur voor schuur regeling). Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Voorliggend initaitief past binnen de opgestelde beleidsnota 'Erven in beweging' en de onderliggende 'Rood voor Rood-regeling'. Op het erf aan de Raarhoeksweg 45 kan niet worden gesloopt.

Indien op andere locaties wordt gesloopt moet minimaal 1000 m2 worden gesloopt ('Erven in beweging'). In het voorliggende geval is 411 m2 aan landschapsontsierende bebouwing gesloopt aan Wijheseweg 31 te Broekland (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt) en 751 m2 aan Looweg 14 te Luttenberg (hiervoor is reeds een sloopvoucher verstrekt). Conform het beleid in Raalte komen alleen locaties in aanmerking voor de nieuwbouw van een woning met bijgebouw, die aansluiten op bestaande bebouwing. Hiermee worden locaties bij een bestaand erf in het buitengebied, in lintbebouwing of locaties in- of aansluitend aan dorpen bedoeld. Hier is in het voorliggende plan sprake van. Er wordt gebouwd bij het erf Raarhoeksweg 45, in aansluiting op de bestaande bebouwing en waarbij gebruik wordt gemaakt van een bestaande inrit. De agrarische bestemming op de twee erven waar schuren gesloopt zijn wordt gewijzigd naar de bestemming 'Wonen'. Ook wordt hiermee voldaan aan de overige voorwaarden. Zo wordt het erf aan de Raarhoeksweg 45 ook landschappelijk zorgvuldig ingepast.

28

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

3.4.2 Omgevingsvisie Horizon Raalte 2040 De Omgevingsvisie Horizon Raalte 2040 (vastgesteld op 26 november 2020) van de gemeente Raalte betreft een strategisch document. Het geeft richting aan de ontwikkelingen in onze fysieke leefomgeving. De leefomgeving is de omgeving waarin (menselijk) leven en het (menselijk) bestaan mogelijk is en plaatsvindt. Denk hierbij onder andere aan de natuur, de bodem, de lucht, het water, de infrastructuur en de gebouwen. De leefomgeving is belangrijk voor iedereen die in Raalte woont, werkt, onderneemt of zijn vrije tijd doorbrengt. Raalte zet in op het blijven van een prettige plek om te wonen, werken, ondernemen en recreëren. Het buitengebied betreft een groen en innovatief productielandschap. Er is ruimte voor kleinschalige recreatie, duurzame energie, innovatieve concepten met aandacht voor landschaps- en natuurwaarden (biodiversiteit, klimaatbestendigheid, bodemkwaliteit). De gemeente kiest voor een vitaal, divers en gemengd buitengebied. Een werk- en productiegebied, waar een balans is met wonen, landschappelijke- en cultuurhistorische kwaliteiten, natuur en recreatie. Bij het toevoegen van woningen is het nodig de identiteit van het agrarische landschap (sterker) als vertrekpunt te nemen.

Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Door gebruikmaking making van de opgestelde beleidsnota 'Erven in beweging' en de onderliggende 'Rood voor Rood-regeling' wordt een woning met bijgebouw gebouwd bij het erf aan de Raarhoeksweg 45. Op twee locaties in het buitengebied van Raalte zijn landschapsontsierende schuren gesloopt. Deze ontwikkelingen passen binnen de Omgevingsvisie, indien de ontwikkeling ook landschappelijk goed wordt ingepast. Hier is sprake van. Zie hiertoe paragraaf 2.3 van de toelichting van dit bestemmingsplan.

3.4.3 Gemeentelijk waterbeleid In de Waterwet en de Wet milieubeheer zijn de gemeentelijke watertaken geregeld. Deze taken hebben betrekking op de gemeentelijke zorgplicht voor: inzameling en transport van stedelijk afvalwater. het inzamelen en verwerken van afvloeiend hemelwater. grondwater(maatregelen). Het GRP beschrijft de beleidskaders (ambities)en de activiteiten voor de inzameling, transport en verwerking van stedelijk afval, hemel- en grondwater. Het GRP gaat uit van de volgende principes (tritsen): De trits “vasthouden --> bergen --> afvoeren” houdt in dat in eerste instantie getracht wordt het (gebiedseigen) water in de bodem te infiltreren. Indien dit niet mogelijk is dient het afstromend regenwater lokaal te worden geborgen in vijvers en watergangen. Pas in de laatste instantie kan overwogen worden het water (zo traag mogelijk) af te voeren naar de omgeving. De trits “schoonhouden --> scheiden --> schoonmaken” omvat ten eerste het niet toelaten dat de kwaliteit van water verslechtert (schoon houden), vervolgens het gescheiden houden van schone en vuile waterstromen en als laatste het zuiveren (schoonmaken) van verontreinigd water. Door water schoon te houden en vuile waterstromen zoveel mogelijk gescheiden te houden kan de omvang van te zuiveren water worden beperkt en tevens het zuiveringsrendement worden verhoogd.

Ontvlechting vindt in principe plaats als dat doelmatig en kosteneffectief is. Bij nieuwbouw is de aanleg van een gemeentelijk hemelwaterstelsel (riool of watergang) gebruikelijk, waar de particulier het hemelwater naartoe kan afvoeren. De infrastructuur wordt in principe zodanig ingericht dat de particulier in staat wordt gesteld het hemelwater (voor een deel) op eigen terrein te verwerken (lozen op aangrenzende sloot en/of infiltratie in

concept

29

de bodem). Is verwerking op eigen terrein niet mogelijk dan kan de particulier het hemelwater bovengronds afvoeren naar het gemeentelijk hemelwaterstelsel. Ten aanzien van de verwerking van grondwater bij nieuwbouw kan worden gesteld dat dit voldoende wordt ondervangen in het “watertoets proces”. Hierbij worden vooraf de waterhuishoudkundige belangen expliciet en op evenwichtige wijze meegewogen bij de ontwikkeling van nieuwbouwlocaties. Hitte, droogte, watertekort en wateroverlast zijn aspecten die van wezenlijke invloed zijn bij het ontwerpen en bij de realisatie van plannen voor zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties. Met deze aspecten wordt rekening gehouden door het principe van de meerlaagsveiligheid als bouwsteen van wezenlijk belang te hanteren bij het opstellen en uitvoeren van ruimtelijke plannen. Bestaande en nieuwe blauwe en groene elementen ondersteunen de klimaatadaptatie in het binnenstedelijk gebied en op bedrijven- en industrieterreinen. Afkoppelen van verhard oppervlak is niet een doel op zich. Doelmatigheid, haalbaarheid en betaalbaarheid van afkoppelmaatregelen worden meegewogen in ruimtelijke plannen. De samenhang met het beleid over klimaatadaptatie en overstromingsrisico wordt integraal beoordeeld. Waterlopen met een beschermde status (Kaderrichtlijn water) staan vermeld op de verbeelding behorende bij een ruimtelijk plan.

Informatie over de status van een KRW-lichaam en beoogde maatregelen verwoord in zogenaamde “factsheets”, wordt beschouwd als zwaarwegend belang waar slecht gemotiveerd van kan worden afgeweken door het treffen van mitigerende of compenserende maatregelen Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het voorgenomen plan doet geen afbreuk aan de principes uit het Waterplan Raalte. In paragraaf 4.5 van de toelichting wordt nader ingegaan op het omgevingsaspect water.

3.4.4 Welstandsnota gemeente Raalte 2016 De Welstandsnota Raalte 2016 bevat de basisvoorwaarden waaraan bouwaanvragen (omgevingsvergunning voor activiteit bouwen) op welstandsaspecten getoetst worden. Het legt voor een bepaald gebied, bijvoorbeeld het buitengebied, een beoordelingskader vast. Het beoordelingskader is opgesteld vanuit een visie op de toekomst van het gebied en vanuit een beeld van aanwezige waarden. Het gemeentelijk welstandsbeleid is op hoofdlijnen gestoeld op een gebiedsgerichte benadering. Deze benadering blijkt uit gebiedsgerichte criteria. Daarnaast gelden enkele algemene criteria (basisprincipes die onafhankelijk van de gebiedsgerichte criteria gelden) en criteria voor kleine bouwwerken. Ook met het huidige beleid blijkt dat het buitengebied het meest kwetsbare gebied is. Veelal van oudsher aanwezige boerderijen worden gesloopt en vervangen door een eigentijdse bebouwing. Het wel/niet slopen van bouwwerken kunnen we niet met een welstandsnota regelen. Het enige middel hiervoor is het aanwijzen als gemeentelijk monument. Dit middel moet wel gericht worden ingezet en leent zich minder voor alleen het tegengaan van sloop. De huidige ontwikkelingen in de landbouw vragen om innovativiteit van de ondernemers in deze sector. Traditionele kaders zijn vaak belemmerend. Welstandsvrij biedt ruimte aan die ontwikkeling.

Vele andere gemeenten hebben al geëxperimenteerd met een welstandsvrij buitengebied en evaluaties hebben daar niet geleid tot herziening van dit beleid. Daar is gebleken is dat bouwers voldoende verantwoordelijkheid nemen om de kwaliteit van het buitengebied te bewaken. Bovendien wordt de kwaliteit van het totale buitengebied meer bepaald op basis van de inrichting van de natuur, landbouw en de erven in hun onderlinge samenhang dan op basis van incidentele specifieke verschijningsvormen van boerderijen en woningen.

30

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Voorliggende ontwikkeling vindt plaats in het buitengebied en is daarmee welstandsvrij.

3.4.5 Landschapsontwikkelingsplan Salland De gemeente Deventer, Raalte en Olst-Wijhe hebben een gezamenlijk Landschapsontwikkelingsplan opgesteld. Het Landschapsontwikkelingsplan vormt de landschappelijke karakteristiek de basis. Nieuwe ontwikkelingen worden ingezet als motoren voor landschapsbehoud, versterking en ontwikkeling. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het plangebied is gelegen in het zandlandschap met landschapstype dekzandvlakte en dekzandlaagte. Het gebied is in de 20e eeuw ontgonnen op basis van de bodemgesteldheid. Karakteristiek van dit landschap is de diversiteit aan verkavelingsrichtingen en de lanenstructuur langs de toegangswegen. Op de hogere gronden zijn in het verleden essencomplexen en kampen ontstaan. De dekzandlaagtes onderscheiden zicht van de vlaktes door het nattere karakter, de ligging is lager en de beplanting is aangepast op deze waterstand. Gezien de ligging op wat hogere grond past het type dekzandvlakte het meeste bij dit specifieke erf. Situering en afstemming op de omgeving Voor de belevingswaarde en het behoud van de historische cultuurlandschappen staat de inbedding van het erf in het landschap voorop. Dit betekent dat de maatregelen in de landschapsplannen ook gericht kunnen zijn op het landschap buiten het erf.

Het gaat hier bijvoorbeeld om: Landschapstype en kavelpatroon (recht of onregelmatig); Ligging (aan de weg of van de weg af); Behouden natuurlijke hoogteverschillen; 'Korrelgrootte'; de maat van de bouwkavel ten opzichte van kavelpatroon en ruimtemaat van het landschap. Compositie, indeling en inrichting van het erf Belangrijk is om aan te sluiten op het karakteristiek van de dekzandvlaktes: Behoud van de herkenbare positie van de woning en de bijgebouwen achter de woning; Bebouwing op het erf (compact of verspreid); Bebouwing richt zich op de weg; Omsloten erf dat scherp is begrensd. Beplantingsvormen en sortiment Een goede uitwerking van dit aspect draagt sterk bij aan de optimale relatie tussen erf en landschap. Het gaat om de volgende thema's: Beplantingsvormen die het erf markeren: bosjes, boomweide, solitaire bomen, singel, haag, siertuin, weide; Sortiment behorend bij het landschapstype (bodemgebonden); Landschappelijke beplantingen op het erf, waardoor de relatie met de omgeving wordt versterkt; Ecologische aspecten: rekening houden met de fasering van uitvoering, toepassen van inheemse beplantingen en het aansluiten bij ecologische structuren.

concept

31

Met het voorliggende plan, waar aan de Raarhoeksweg 45 een woning met bijgebouw wordt gebouwd, is waar mogelijk rekening gehouden en aangesloten op deze uitgangspunten. Zo is de nieuwe woning gericht op de weg, en wordt deze gerealiseerd in dezelfde lijn met de bestaande woning. Het bijgebouw wordt achter de woning geplaats en er is sprake van een compact erf. Het erf wordt omsloten met o.a. hagen en is daarmee scherp begrensd. Gebiedseigen beplanting markeert het erf. Natuurlijke hoogteverschillen (zoals de steilrand aan de zuidzijde) blijven behouden. Op de overige twee betrokken wijzigt de inrichting niet. Hier zijn alleen schuren gesloopt. Hiermee past het voorliggende plan binnen de uitgangspunten en randvoorwaarden die in het Landschapsontwikkelingsplan worden benoemd.

3.4.6 Conclusie Uit de voorgaande beleidsanalyse is gebleken dat het voorgenomen project past binnen het gemeentelijk beleid.

32

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

Hoofdstuk 4 W aardentoets 4.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt de impact van de ontwikkeling op de verschillende waarden beschreven. Hieronder vallen flora & fauna, archeologie, cultuurhistorie en water. Er wordt beschreven wat er is onderzocht en welke resultaten hieruit zijn gekomen. Vervolgens wordt hier een conclusie uit getrokken met betrekking tot de ontwikkeling.

4.2

Natuurwaarden

De Wet natuurbescherming bestaat uit drie onderdelen: de bescherming van soorten, de bescherming van gebieden en de bescherming van houtopstanden.

4.2.1 Soortenbescherming Met betrekking tot soortenbescherming heeft een toetsing aan de Wet natuurbescherming plaatsgevonden voor het plan aan de Raarhoeksweg 45. Op de locaties aan de Wijheseweg 31 te Broekland en aan de Looweg 14 te Luttenberg wijzigt ruimtelijk niets. Hier zijn de schuren reeds gesloopt. Op deze locaties is geen onderzoek noodzakelijk. De toetsing Wet natuurbescherming is bijgevoegd (zie Bijlage 1). De toetsing bevat de volgende conclusies. Soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt De ontwikkeling zal naar verwachting leiden tot een beperkt verlies van leefgebied van een aantal beschermde soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt. De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding van deze soorten omdat er sprake is van een tijdelijke, en plaatselijke verstoring, voldoende leefgebied aanwezig blijft en het relatief algemene soorten betreft. Soorten waarvoor geen provinciale vrijstelling geldt Met de volgende soorten en/of soortgroepen dient rekening te worden gehouden. Broedvogels Voor alle beschermde inheemse (ook algemeen voorkomende) vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren vernielen of beschadigen, als ook op het wegnemen van nesten van vogels.

Daarnaast is het verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. In veel situaties kan dit voorkomen

concept

33

worden door verstorende werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Algemene zorgplicht Zorgplicht In de Wet natuurbescherming is in artikel 1.11 een omschrijving opgenomen over de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat iedereen 'voldoende zorg' in acht neemt voor alle in het wild levende dieren en planten, dus ook niet-beschermde soorten, en hun directe leefomgeving. Dit is een algemene verantwoordelijkheid die voor iedereen geldt. Het betekent bijvoorbeeld dat er niet onnodig dieren en planten worden gedood, wanneer redelijkerwijs een andere oplossing voor is, bijvoorbeeld de dieren te verplaatsen naar een ander gebied.

4.2.2 Gebiedsbescherming, Natura 2000 Niet stikstof-gerelateerde effecten Natura 2000-gebieden worden beschermd door de Wet natuurbescherming, onderdeel gebieden. Op ruim 5 kilometer afstand van het erf aan de Raarhoeksweg 45 ligt het meest nabije Natura 2000-gebied Boetelerveld. Gezien de afstand tot het Natura 2000-gebied en de aard van de ruimtelijke ontwikkeling worden negatieve effecten op beschermde natuurwaarden van het Natura 2000-gebied niet verwacht. Er is geen aanleiding voor een verdere toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming, onderdeel gebieden. Stikstof-gerelateerde effecten Aan de Raarhoeksweg 45 wordt een woning met bijgebouw gebouwd. Voor deze aanlegfase is een stikstofberekening uitgevoerd die is bijgevoegd (zie Bijlage 2 van deze toelichting). Uit de stikstofberekening blijkt dat de stikstofuitstoot als gevolg van de werkzaamheden geen significant negatieve invloed op de instandhoudingsdoelen van stikstofgevoelige habitattypen van Natura 2000-gebieden heeft. Er gelden geen depositieresultaten boven 0,00 mol N/ha/jaar. Ditzelfde geldt voor de gebruiksfase.

4.2.3 Houtopstanden Er worden binnen het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 geen bomen gekapt. Een nadere toetsing van houtopstanden is daarom niet noodzakelijk.

4.2.4 Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het plangebied aan de Raarhoeksweg 45 is niet gelegen in of naast NNN-gebied. Het NNN kent in de provincie Overijssel geen externe werking. Een nadere toetsing is daarmee niet noodzakelijk. Dit geldt ook voor de overige twee betrokken slooperven. Op deze erven is alleen bebouwin gesloopt en hier wijzigt de agrarische bestemming naar de bestemming 'Wonen'. Beide erven liggen niet in NNN-gebied.

4.2.5 Conclusie Indien rekening wordt gehouden met broedende vogels, worden met de voorgenomen ontwikkelingen geen negatieve effecten verwacht op beschermde soorten. Ook zijn er geen negatieve effecten op het NNN of op houtopstanden. Directe effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten.

34

Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 68, omgeving Raarhoeksweg 45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=63ee72c3-05c5-4ddf-b73e-76632791f95f