CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

1.2 Toelichting Bijlage 2, Bodemonderzoek NEN5707

Raadsvergadering 22 april 2021, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Heino, partiële herziening Stationsweg 11a (hamerstuk)11.330 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Amsterdam, 20 april 2020 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckbachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Uw Project omschrijving Opdrachtgever

: 1026285 : 20-M9248-Stationsweg 11a te Heino : Sigma Bouw en Milieu

Monstercode Uw referentie Opgegeven bemonsteringsdatum

: 6303772 : M2, M2: 0-50 : 14/04/2020

Asbestonderzoek Initialen analist Datum geanalyseerd

: K.A. : 20-04-2020

Analyse is uitgevoerd conform NEN 5898 (S). Massa aangeleverde monster : Droge massa aangeleverde monster : Percentage droogrest : Type zeving :

zeeffractie (mm) <0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

zeeffractie (mm)

15710 13636 86,8 nat

g g m/m %

massa percentage massa percentage aantal massa asbestzeeffractie zeeffractie onderzocht onderzocht asbest houdend materiaal (gram) (m/m %) (gram) (m/m %) (deeltjes) (mg) 12512,8 93,4 12,7 0,10 n.v.t. n.v.t. 300,2 2,2 81,8 27,25 0 0,0 289,1 2,2 125,5 43,41 0 0,0 112,8 0,8 112,8 100,00 0 0,0 113,7 0,8 113,7 100,00 0 0,0 64,6 0,5 64,6 100,00 0 0,0 0,0 0,0 0,0 100,00 0 0,0 13393,2 100,0 511,1 0 0,0 asbest totaal ondergrens bovengrens

gehalte asbest (mg/kg ds)

<0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,1 0,2 0,0 0,0 0,0 0,0 0,3

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,3

Aangetroffen type asbest Bijzonderheden waargenomen

gehalte asbest (mg/kg ds)

serpentijn asbest ondergrens bovengrens

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,3

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,1 0,2 0,0 0,0 0,0 0,0 0,3

gehalte asbest (mg/kg ds)

amfibool asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

: Geen : Geen

Serpentijn asbest is chrysotiel. Amfibool asbest is amosiet, crocidoliet, actinoliet, anthophylliet en tremoliet. De bepalingsgrens is bepaald voor de zeeffracties kleiner dan 4 mm. De totale bepalingsgrens is verkregen door de bepalingsgrenzen van de afzonderlijke zeeffracties te sommeren. Het materiaal is middels polarisatiemicroscopie onderzocht, de analyse is uitgevoerd conform NEN 5896. gebondenheid hecht niet hecht totaal afgerond

serpentijn asbest 0,0 0,0 0,0

amfibool asbest 0,0 0,0 0,0

totaal afgerond 0,0 0,0

Gewogen concentratie (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie) is: <0,3 mg/kg ds De gewogen asbestconcentratie wordt berekend uit de niet-afgeronde gehalten aan serpentijn en amfibool asbest. De weergegeven resultaten zijn afgerond. Verklaring kwalitatief onderzoek zeeffractie <0,5 mm: - : geen asbest waargenomen Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: IXFU-OCKA-JLVV-NPIS

Ref.: 1026285_certificaat_v1

Tabel 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Uw Project omschrijving Opdrachtgever

: 1026285 : 20-M9248-Stationsweg 11a te Heino : Sigma Bouw en Milieu

Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Project omschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr (Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Asbest Individuele monsters van dit project zijn als asbest verdacht gekwalificeerd. De analysedeelmonsters zijn met beschermende maatregelen in het laboratorium in behandeling genomen. Opmerking bij project:

- Eurofins Omegam heeft het asbestonderzoek in dit/deze monster(s) uitgevoerd volgens de NEN 5898, en zoals beschreven in een aparte bijlage als onderdeel van dit analysecertificaat. Voor de analyseresultaten van het asbestonderzoek geldt dat Eurofins Omegam de analyse heeft uitgevoerd in de monsters die de opdrachtgever, zoals deze staan vermeld in de koptekst van dit analysecertificaat, zelf heeft genomen of laten nemen en aan Eurofins Omegam heeft aangeboden. Eurofins Omegam draagt geen verantwoordelijkheid inzake de herkomst en representativiteit alsmede de veiligheid tijdens de monsterneming.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IXFU-OCKA-JLVV-NPIS

Ref.: 1026285_certificaat_v1

Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Uw Project omschrijving Opdrachtgever

: 1026285 : 20-M9248-Stationsweg 11a te Heino : Sigma Bouw en Milieu

Barcodeschema's Monstercode Uw referentie

uw monsterref.

uw diepte

uw barcode

6303772

M2

0.0-0.5

1582003MG

M2, M2: 0-50

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IXFU-OCKA-JLVV-NPIS

Ref.: 1026285_certificaat_v1

Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Uw Project omschrijving Opdrachtgever

: 1026285 : 20-M9248-Stationsweg 11a te Heino : Sigma Bouw en Milieu

Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Asbestonderzoek

: Conform AS3070 prestatieblad 1 en NEN 5898

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: IXFU-OCKA-JLVV-NPIS

Ref.: 1026285_certificaat_v1

BIJLAGE 5 Verklaring van onafhankelijkheid voor de kritische functie: “veldwerk t.b.v. milieuhygiënisch bodemonderzoek” “milieukundige begeleiding van bodemsanering (processturing / verificatie)” Hierbij verklaren de navolgend genoemde veldwerkers / milieukundig begeleiders het veldwerk / de processturing en/of de verificatie t.a.v. onderhavig onderzoek conform de eisen van de BRL SIKB 2000 / BRL SIKB 6000 te hebben uitgevoerd, onafhankelijk van de opdrachtgever en/of eigenaar (zijnde degene die een persoonlijk of zakelijk recht heeft op de bodem / locatie).

Naam geregistreerde veldwerker(s)/MKB’ers

Handtekening geregistreerde veldwerker(s)/MKB’ers

A.D.M. van Wuykhuyse

..………………………………………….

……………………………………

…………………………………………….

Datum: 14-04-2020

Bedrijfshandboek SIGMA Bouw & Milieu F-26 Verklaring onafhankelijkheid Pagina 1 van 1

Datum van uitgifte: 01-03-2013 Versie: 3

BIJLAGE 6 VERKLARENDE WOORDENLIJST hechtgebonden asbest Hechtgebonden asbest is asbesthoudend materiaal waarin de asbestvezels zodanig goed zijn gebonden dat ze onder normale omstandigheden niet of nauwelijks vrijkomen. Voorbeelden hiervan zijn asbestcement golfplaten, asbestboard en asbesthoudende vinyltegels. Volgens de NEN5707 is hechtgebondenheid een factor die aangeeft hoe goed (slecht) asbestvezels in een materiaal zijn gebonden. De hechtgebondenheid wordt uitgedrukt in een kwaliteitsfactor die wordt bepaald d.m.v. de zogenaamde glaspareltest (zie hiervoor de NEN5896). In hoofdstuk 10 van de NEN5707 wordt de analyse op asbest beschreven. Hierin wordt aangegeven dat de hechtgebondenheid wordt bepaald door aangetroffen asbesthoudende materialen te vergelijken met referentiemateriaal waarvan de hechtgebondenheid bekend is. Dit veronderstelt dat vastgesteld kan worden wat het uitgangsmateriaal was. Vaak is dit in de bodem niet meer herkenbaar. niet-hechtgebonden asbest Niet-hechtgebonden asbest is asbesthoudend materiaal waarin de asbestvezel zodanig slecht is gebonden dat ze onder normale omstandigheden makkelijk vrij kunnen komen. Voorbeelden hiervan zijn spuitasbest, asbesthoudend isolatie- en pakkingsmateriaal en de onderlaag van asbesthoudend vinylzeil. serpentijn asbest: Tot deze groep asbestsoorten hoort chrysotiel (wit asbest).

De chrysotiel structuur bestaat uit een dubbellaag. De beide lagen passen niet exact op elkaar, waardoor de structuur enigszins oprolt om lange, holle buizen te vormen (fibrillen). De verbindingen tussen de lagen zijn zwak, waardoor chrysotiel asbestvezels een goede flexibiliteit bezitten. De chrysotiel vezel heeft de neiging om in de breedte te splitsen. De vezel wordt dan korter, maar houdt dezelfde diameter. amfibool asbest: Tot deze groep horen onder meer crocidoliet (blauw asbest) en amosiet (bruin asbest). Ze hebben een andere vezelstructuur dan chrysotiel. Amfiboolvezels zijn massief, ruitvormig van doorsnede en minder flexibel dan de chrysotiele vezels. Ze hebben de neiging tot het afsplitsen van kleine, zeer scherpe splinters. De amfibole vezels hebben eerder de neiging om in de lengterichting af te splitsen. Daardoor ontstaan vezels met dezelfde lengte maar met een kleinere diameter. schadelijke vezel Vezels vormen een gevaar voor de gezondheid als ze bepaalde afmetingen hebben. Het gaat om vezels die: - langer zijn dan 5 μm - dunner zijn dan 3 μm - een lengte-dikte verhouding hebben van minimaal 3:1 Losse asbestvezels vormen een groter risico voor de volksgezondheid omdat de vezels makkelijk het lichaam kunnen binnendringen via de longwand. Met name de amfibole vezels zijn dermate scherp zijn dat ze de cellen van de longwand voortdurend irriteren.

De schadelijke vezels kunnen niet ingekapseld worden door het lichaam om afgevoerd te worden. boven- en ondergrens Iedere onderzochte zeeffractie wordt, na drogen, gewogen. De aanwezige fragmenten asbest worden geïdentificeerd. Bij de identificatie van het asbest wordt een concentratierange (onder- en bovengrens) gerapporteerd (bijv. 30-45 % CHR). Het gemiddelde van deze range (37,5 %) bepaalt het totale asbestgehalte in de grond. De laagste concentratie (30 %) bepaalt de ondergrens en de hoogste concentratie (45 %) de bovengrens. Naast de benadering van het asbestgehalte in een asbesthoudend materiaal is tevens het aantal asbesthoudende deeltjes in de zeeffracties van invloed op de bepalingsgrenzen. Middels de Poissonstatistiek wordt de kans dat aanwezige asbestdeeltjes niet gedetecteerd worden bij de screening, ondervangen. Dit wordt uitgedrukt in een bepalingsondergrens en -bovengrens. Indien er in de onderzochte zeeffracties geen asbest is aangetoond, wordt van de zeeffracties kleiner dan 8 mm de bovengrens van het 95 % betrouwbaarheidsinterval berekend. Als standaard asbestdeeltje wordt asbestcement met 10-15 % gewichtsprocent chrysotiel gebruikt.

BIJLAGE 6 VERKLARENDE WOORDENLIJST polarisatiemicroscoop Een lichtmicroscoop waarmee asbestvezels worden gekarakteriseerd op grond van kenmerkende optische eigenschappen zoals: brekingsindex, dubbelbreking, dispersie en het gedrag in gepolariseerd licht. De polarisatiemicroscoop werkt met doorvallend licht bij vergrotingen van 100 tot 500 maal; bij dergelijke vergrotingen kunnen afzonderlijke vezels of vezelbundels worden waargenomen (conform NEN5896). stereomicroscoop Een lichtmicroscoop waardoor het object met opvallend licht wordt bekeken via twee objectieven en oculairs, elk onder een iets afwijkende hoek bij vergrotingen van 10 tot 60 maal. Verschillende beeldpunten worden op het netvlies samengevoegd, hetgeen een stereoscopisch beeld geeft. scanning Elektronen Microscopie in combinatie met röntgenmicroanalyse (SEM/EDX) SEM/EDX is een methode voor de detectie en identificatie van asbestvezels. Met SEM/EDX kunnen asbestvezels worden gekarakteriseerd op grond van morfologische kenmerken en elementensamenstelling. Daarnaast kunnen vezeltellingen worden uitgevoerd op goud gecoate ‘Nuclepore’-filters, waarbij op een aantal willekeurig over het oppervlak gekozen beeldvelden de aanwezige vezels worden geteld, gemeten en geïdentificeerd.

NEN5707 (fijne fractie) Alle mengmonsters (fijne fractie) zijn in het laboratorium volledig in behandeling genomen en kwantitatief middels stereo- en polarisatie-microscopie conform NEN5707 geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest(houdende materialen). De voorbehandeling is uitgevoerd conform AP04. Bij een kwantitatief onderzoek van grondmonsters conform NEN5707 worden de mengmonsters in een oven gedroogd tot constant gewicht en vervolgens gewogen. De monsters worden gezeefd over 6 zeven met maaswijdtes van 16 mm, 8 mm, 4 mm, 2 mm, 1 mm en 500 m. De zeeffracties worden met behulp van optische microscopie (gedeeltelijk) gescreend op de aanwezigheid van asbesthoudende materialen en asbestvezelbundels. Bij aantreffen van verdachte materialen en vezelbundels worden deze gewogen en conform NEN5896 geanalyseerd middels optische microscopie. Vervolgens wordt het gehalte aan asbestvezels per kg droge grond bepaald. NEN5897 (fijne fractie) Alle mengmonsters (fijne fractie) zijn in het laboratorium volledig in behandeling genomen en kwantitatief middels stereo- en polarisatie-microscopie conform NEN5897 geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest(houdende materialen). De voorbehandeling is uitgevoerd conform AP04. Bij een kwantitatief onderzoek van grondmonsters conform NEN5707 worden de mengmonsters in een oven gedroogd tot constant gewicht en vervolgens gewogen.

De monsters worden gezeefd over 6 zeven met maaswijdtes van 16 mm, 8 mm, 4 mm, 2 mm, 1 mm en 500 m. De zeeffracties worden met behulp van optische microscopie (gedeeltelijk) gescreend op de aanwezigheid van asbesthoudende materialen en asbestvezelbundels. Bij aantreffen van verdachte materialen en vezelbundels worden deze gewogen en conform NEN5896 geanalyseerd middels optische microscopie. Vervolgens wordt het gehalte aan asbestvezels per kg droge grond bepaald. NEN5896 (materiaal(verzamel)monsters) Alle materiaal(verzamel)monsters (grove fractie) zijn in het laboratorium middels optische technieken conform NEN5896 geanalyseerd. De optische analysetechniek maakt gebruik van dispersiekleuring van één of meerdere uit de matrix (lijm, cement, stof etc.) geïsoleerde vezelbundels. Na de kleuring wordt een vezelbundel met behulp van polarisatiemicroscopie volgens de Mc Crone methode geïdentificeerd naar soort asbest. Het percentage asbest dat in het asbesthoudende materiaal aanwezig is, wordt stereomicroscopisch afgeschat. Daarnaast wordt de massa van de monsters bepaald. NEN5707 (respirabele fractie) De kleinste zeeffractie (respirabele fractie) van een gedroogd en gezeefd representatief mengmonster dat met behulp van Scanning Electronen Microscopie (SEM) onderzocht op de aanwezigheid van visueel niet-waarneembareasbestvezels.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=5feaf744-2f70-4244-8c16-c5b71d52e3ac