08 REGELS Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalseweg 13 en Nw. Deventerweg 4_vastgesteld_1
Tekst van het document
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalseweg 13 en Nw. Deventerweg 4 REGELS MET BIJLAGEN
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
4 4 10
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10
Bestemmingsregels Agrarisch Agrarisch met waarden - Landschapswaarden Natuur Wonen Wonen - 1 Wonen - 2 Waarde - Archeologie 1 Waarde - Landschap - 1
11 11 13 15 17 21 27 31 33
Hoofdstuk 3 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16
Algemene regels Antidubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels
34 34 35 36 37 39 40
Hoofdstuk 4 Artikel 17 Artikel 18
Overgangs- en slotregels Overgangsregels Slotregel
41 41 42
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 2
(vastgesteld, versie 1)
Regels
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
Het bestemmingsplan Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalseweg 13 en Nw. Deventerweg 4 met identificatienummer NL.IMRO.0177.BP20220003-GV01 van de gemeente Raalte. 1.2
bestemmingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
bergruimte
van buiten de woning toegankelijke, afsluitbare ruimte voor het beschermd tegen weer en wind opbergen van voorwerpen en/of materialen. 1.4
verbeelding
de analoge en digitale voorstelling van de in het bestemmingsplan opgenomen digitale ruimtelijke informatie uit de kaart NL.IMRO.0177.BP20220003-GV01 1.5
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak. 1.6
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.7
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.8
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.9
afhankelijke woonruimte
een voor de huisvesting van een (zelfstandig) huishouden geschikt gebouw, dat ruimtelijk ondergeschikt is en/of een geheel vormt met het hoofdgebouw en blijvend onderdeel uitmaakt van de kavel van het hoofdgebouw. 1.10
agrarisch bedrijf
een ter plaatse functionerend deeltijd, reëel of volwaardig agrarisch bedrijf, gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader te onderscheiden in de volgende productietakken: a. akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, daaronder niet begrepen sier-, fruit- en boomkwekerij; b. grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond, waaronder tevens een paardenfokkerij wordt verstaan; c. intensieve veehouderij: een agrarisch bedrijf of een deel daarvan met ten minste 250 m² bedrijfsoppervlakte dat wordt gebruikt voor veehouderij volgens de Wet milieubeheer en waar geen melkrundvee, schapen, paarden, of dieren 'biologisch' en geen dieren worden gehouden uitsluitend of in hoofdzaak ten behoeve van natuurbeheer; d. glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen; e. sierteelt en boomkwekerij: de teelt van tuin- en potplanten en/of bomen in open grond, in Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 4
(vastgesteld, versie 1)
potten of in containers, al dan niet met behulp van kassen en al dan niet gecombineerd met de handel in deze gewassen; f. fruitteelt: de teelt van fruit op open grond; g. intensieve kwekerij: de teelt van gewassen of dieren (anders dan bij wijze van intensieve veehouderij) (nagenoeg) zonder gebruik te maken van daglicht. 1.11 ambachtelijke be- of verwerking van agrarische producten het be- of verwerken van agrarische producten die afkomstig zijn van het eigen bedrijf of het be- of verwerken van agrarische producten die afkomstig zijn uit de eigen regio. 1.12
archeologisch onderzoek
onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die over een opgravingsvergunning beschikt. 1.13
archeologische verwachtingswaarde
de kans op het aantreffen van archeologische resten in een bepaald gebied. 1.14
archeologische waarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden. 1.15
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.16
bed & breakfast
een aan de woonfunctie ondergeschikte toeristisch-recreatieve voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt binnen de woning. Onder een bed & breakfast wordt niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid of permanente kamerverhuur. 1.17
bedrijf
een onderneming, niet zijnde een agrarisch bedrijf, gericht op het produceren, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen, alsmede verhuur, opslag en distributie van goederen, waarbij eventueel detailhandel uitsluitend plaatsvindt als ondergeschikt onderdeel van de onderneming in de vorm van verkoop dan wel levering van ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen dan wel goederen die in rechtstreeks verband staan met de uitgeoefende handelingen. 1.18
bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen
afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen, die op het tijdstip van tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan tot stand zijn gekomen of tot stand zullen komen met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet of de Wabo. 1.19
bestemmingsplan "Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020"
het bestemmingsplan ''Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020" met identificatienummer NL.IMRO.0177.BPGV20200001-0001 van de gemeente Raalte; 1.20
bevoegd gezag
bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 1.21
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
5
1.22
bouwgrens
de grens van een bouwvlak. 1.23
bouwvlak
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.24
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.25
bijgebouw
een vrijstaand of aangebouwd gebouw dat zowel bouwkundig als functioneel ondergeschikt is aan een woning waarbij het volgende geldt: a. functioneel ondergeschikt betekent dat bewoning van bijgebouwen niet is toegestaan (met uitzondering van bewoningsfuncties zoals bijkeukens, bergingen en natte groepen); b. bouwkundig ondergeschikt betekent dat het bijgebouw moet voldoen aan de voor bijgebouwen geldende bouwregels. 1.26 cultuurhistorische waarde de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied in verband met ouderdom en/of historische gaafheid. 1.27
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, verkopen, verhuren en leveren van goederen, geen motorbrandstoffen zijnde, aan personen die deze goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.28
dienstverlening
het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder belwinkel en internetcafé. 1.29
evenementen
gebeurtenissen, die ten hoogste 5 dagen duren, met een openbaar karakter, gericht op een groot publiek, met betrekking tot kunst, sport, ontspanning en cultuur. Het aantal dagen is exclusief de benodigde dagen voor het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement. 1.30
extensieve dagrecreatie
niet-gemotoriseerde recreatieve activiteiten, zoals wandelen, fietsen, skaten, paardrijden, vissen, zwemmen en natuurobservatie. 1.31
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.32
hobbymatige activiteiten
het uitoefenen van agrarische of natuurgerichte activiteiten die bijdragen aan het beheer van het landschap, maar niet als volwaardig, reëel of deeltijd agrarisch bedrijf aangemerkt kunnen worden. 1.33
hoofdgebouw
een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie, afmetingen of functie als het belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 6
(vastgesteld, versie 1)
1.34
hooiberg
Een hooiberg is een al dan niet met wanden omsloten vrijstaand bouwwerk met roed(en) en een (beweegbare) kap. 1.35
inrichtingsplan
een inrichtingsplan is de grafische beschrijving van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling waarin de situering van bouwwerken ten opzichte van elkaar en van de omgeving en het al dan niet aanbrengen van beplanting op een goede manier is weergegeven. 1.36
kampeermiddelen
niet als een bouwwerk aan te merken zoals tenten, vouwwagens, kampeerauto's, tenthuisjes, caravans (niet zijnde stacaravans) of hiermee gelijk te stellen onderkomens, die bestemd zijn voor recreatief verblijf en waarbij de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben. 1.37
kampeerseizoen
de periode van 15 maart tot en met 31 oktober. 1.38
kampeerterrein
terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen en andere recreatieve onderkomens, ten behoeve van recreatief nachtverblijf. 1.39
kleinschalig kampeerterrein
een kampeerterrein voor kampeermiddelen, niet zijnde permanente kampeermiddelen waaronder tenthuisjes en stacaravans, gedurende de periode van 15 maart tot en met 31 oktober. 1.40
kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis
een dienstverlenend beroep, dat in of bij een woning of bijgebouw door de bewoner wordt uitgeoefend alsmede het in een woning of bijgebouw door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten, waarvoor geen meldingplicht op grond van het Activiteitenbesluit of vergunningplicht op grond van het Besluit omgevingsrecht geldt, op een oppervlak van niet meer dan 35% van de maximaal toegestane bebouwing met een maximum van 100 m² en waarbij de woning in overwegende mate zijn woonfunctie behoudt met een ruimtelijke uitstraling die daarbij past. 1.41
landschappelijke inpassing
de situering van de ontwikkeling waarbij rekening gehouden wordt met de landschappelijke kenmerken van de nabije omgeving en waarbij de ontwikkeling wordt ingepast middels bijvoorbeeld erfbeplanting. 1.42
landschapswaarde
de aan een gebied toegekende waarde met betrekking tot het waarneembare deel van de aardoppervlakte, die wordt bepaald door de herkenbaarheid van gebiedskenmerken en de identiteit van de onderlinge samenhang tussen levende en niet-levende natuur. 1.43
langdurig
ten minste 14 tot 18 uur per dag gedurende minimaal 1 jaar. 1.44
mantelzorg
langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt. 1.45
natuurwaarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de aanwezige flora en fauna. Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
7
1.46
nevenfunctie
een of meer bedrijfsmatige activiteiten in combinatie met en ondergeschikt aan de uitoefening van het ter plaatse en bij wijze van hoofdfunctie uitgeoefende (agrarisch) bedrijf of wonen. 1.47
normale onderhouds- of exploitatiewerkzaamheden
werkzaamheden die regelmatig noodzakelijk zijn voor een goed beheer van de gronden en bouwwerken, waaronder begrepen de handhaving dan wel de realisering van de bestemming. 1.48
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. 1.49
overkapping
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak. 1.50
paardenbak
een rijbaan ten behoeve van paardrijactiviteiten in de open lucht met een bodem van zand, hout, boomschors of ander materiaal om de bodem te verstevigen, al dan niet voorzien van een omheining. 1.51
peil
a. voor een bouwwerk, waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: een horizontaal vlak gelegen op 30 cm boven de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: 10 cm boven de hoogte van het aansluitend afgewerkte terrein ter hoogte van de hoofdingang, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven. 1.52 plattelandskamer een appartement dat aangeboden wordt ten behoeve van recreatief nachtverblijf. 1.53
recreatieverblijf
een gebouw of kampeermiddel, dat uitsluitend bedoeld is voor een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft. 1.54
ruimtelijke kwaliteit
het resultaat van menselijk handelen en natuurlijke processen dat de ruimte geschikt maakt en houdt voor wat voor mens, plant en dier belangrijk is. 1.55
seksinrichting
het bedrijfsmatig - of in een omvang of frequentie die daarmee overeenkomt - gelegenheid bieden tot het ter plaatse, in een gebouw of in een vaartuig, verrichten van seksuele handelingen. 1.56
stacaravan
een stacaravan is een recreatief onderkomen, met kenmerken van een caravan, waarin voorzieningen zijn getroffen voor dag- en/of nachtverblijf, dat in één geheel en op een eigen as-/wielstelsel kan worden aangevoerd en bestemd is voor recreatief verblijf, waarbij de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben. 1.57
standplaats voor kampeermiddel
een gedeelte van een terrein bestemd voor de plaatsing van een kampeermiddel, inclusief bij dat kampeermiddel behorende ondergeschikte onderkomens, zoals bijzettenten. Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 8
(vastgesteld, versie 1)
1.58
steltenberg
een steltenberg is een hooiberg met een onderbouw die minimaal 0,5 meter onder de kap is aangekapt aan één of meerdere zijden. 1.59
verblijfsrecreatief terrein
terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht en bedrijfsmatig geëxploiteerd, en blijkens die inrichting en exploitatie bestemd om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen, recreatiewoningen en/of andere recreatieverblijven ten behoeve van recreatief nachtverblijf. 1.60
voorgevel
de gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.61
windmolen
een bouwwerk ter opwekking van energie door benutting van windkracht, met uitzondering van bemalingsinstallaties ten behoeve van de waterhuishouding. 1.62
wonen
de huisvesting van één huishouden in een woning. 1.63
woning
een complex van ruimten dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.64
wooneenheid
een woning.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
9
Artikel 2 2.1
Wijze van meten
afstand
de afstand tussen bouwwerken onderling alsmede de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstand het kleinst is. 2.2
bouwhoogte van een antenne-installatie
a. ingeval van een vrijstaande (schotel)antenne-installatie: tussen het peil en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie; b. ingeval van een op of aan een bouwwerk gebouwde (schotel)antenne-installatie: tussen de voet van de (schotel)antenne-installatie en het hoogste punt van de (schotel)antenne-installatie. 2.3 bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.5
goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot/de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.6
hoogte van een windmolen
vanaf het peil tot aan de tip (van de wieken) van de windmolen. 2.7
inhoud van een bouwwerk, niet zijnde recreatiewoningen
tussen de bovenkant van de begane grondvloer, de binnenzijde van de buitenmuren en/of scheidsmuren en de binnenzijde van daken en dakkapellen. 2.8
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.9
ondergeschikte bouwdelen
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, dan wel bestemmingsgrenzen niet meer dan 0,75 m bedraagt.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 10
(vastgesteld, versie 1)
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Agrarisch
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de uitoefening van een agrarisch bedrijf zoals genoemd in Artikel 1 lid 1.10 onder a, b, e, f en g; alsmede voor: b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, nutsvoorzieningen, in- en uitritten van aangrenzende bestemmingen 'Wonen', (erf)ontsluitingen en voet- en fietspaden, water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding waaronder ook voorzieningen ten behoeve van het tijdelijk bergen van water; met daaraan ondergeschikt: c. evenementen; d. extensieve dagrecreatie. 3.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. het bouwen van gebouwen, is niet toegestaan; b. paardenbakken mogen niet worden gebouwd; c. als bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn uitsluitend erf- en terreinafscheidingen toegestaan; d. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen bedraagt ten hoogste 1 m. 3.3 Afwijken van de bouwregels 3.3.1
Ten behoeve van paardenbakken behorende bij de bestemming Wonen
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.1 om paardenbakken buiten het bouwvlak toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt voor paardenbakken behorende bij aangrenzende percelen met de bestemming 'Wonen' en dienen aansluitend aan de bestemming 'Wonen' gerealiseerd te worden; b. per woning is maximaal één paardenbak buiten het bouwvlak toegestaan; c. de afmeting van een paardenbak mag maximaal 1.200 m² bedragen; d. de afstand tussen de paardenbak en de bouwvlakken van derden of agrarische bouwvlakken bedraagt ten minste 25 m; e. de bouwhoogte van lichtmasten bedraagt ten hoogste 6 m; f. lichtvervuiling als gevolg van verlichting bij paardenbakken dient tot een minimum te worden beperkt; g. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing. 3.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden gelden de volgende regels: a. buitenopslag is niet toegestaan; b. paardenbakken zijn niet toegestaan tenzij een afwijking zoals bedoeld in lid 3.3.1 is verleend; c. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar. 3.5 Wijzigingsbevoegdheid 3.5.1
Ten behoeve van nieuwe natuur
Burgemeester en wethouder zijn bevoegd om de bestemming 'Agrarisch' te wijzigen in de bestemming 'Natuur' zoals bedoeld in artikel 16 van het bestemmingsplan "Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020", met inachtneming van het volgende:
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
11
a. een besluit tot planwijziging wordt niet eerder genomen dan nadat de betrokken gronden in eigendom zijn overgedragen aan een terreinbeherende instantie of natuur via particulier natuurbeheerschap wordt gerealiseerd of in het kader van de realisatie van een nieuw landgoed of als er contractueel is vastgelegd dat gronden worden overgedragen aan een terreinbeherende instantie; b. er mogen geen onevenredige beperkingen ontstaan als gevolg van de wijziging voor omringende bestaande bestemmingen. 3.5.2 Ten behoeve van waterberging Burgemeester en wethouder zijn bevoegd om ten behoeve van waterberging de bestemming 'Agrarisch' te wijzigen in de bestemming 'Water' zoals bedoeld in artikel 28 van het bestemmingsplan "Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020", met inachtneming van het volgende: a. er mogen geen onevenredige beperkingen ontstaan als gevolg van de wijziging voor omringende bestaande bestemmingen.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 12
(vastgesteld, versie 1)
Artikel 4 4.1
Agrarisch met waarden - Landschapswaarden
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de uitoefening van een agrarisch bedrijf zoals genoemd in Artikel 1 lid 1.10 onder a, b, e, f en g; alsmede voor: b. behoud, versterking en ontwikkeling van de landschappelijke waarde van de gronden, zoals deze tot uitdrukking komt in het reliëf, de kleinschaligheid, de openheid en de beplantingselementen (houtsingels en houtwallen); c. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, nutsvoorzieningen, in- en uitritten van aangrenzende bestemmingen 'Wonen', Wonen - 1', 'Wonen - 2' en/of 'Natuur', (erf)ontsluitingen en voet- en fietspaden, water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding waaronder ook voorzieningen ten behoeve van het tijdelijk bergen van water; met daaraan ondergeschikt: d. evenementen; e. extensieve dagrecreatie. 4.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. het bouwen van gebouwen is niet toegestaan; b. paardenbakken mogen niet worden gebouwd; c. als bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn uitsluitend erf- en terreinafscheidingen toegestaan; d. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen bedraagt ten hoogste 1 m.
4.3 Afwijken van de bouwregels 4.3.1 Ten behoeve van paardenbakken behorende bij de bestemming 'Wonen', 'Wonen - 1' en 'Wonen - 2' Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.1 om paardenbakken toe te staan, met inachtneming van het volgende: a. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt voor paardenbakken behorende bij aangrenzende percelen met de bestemming 'Wonen', Wonen - 1', en/of 'Wonen - 2', en dienen aansluitend aan de bestemming 'Wonen', Wonen - 1', en/of 'Wonen - 2', gerealiseerd te worden; b. per woning is maximaal één paardenbak buiten het bouwvlak toegestaan; c. de afmeting van een paardenbak mag maximaal 1.200 m² bedragen; d. de afstand tussen de paardenbak en de bouwvlakken van derden of agrarische bouwvlakken bedraagt ten minste 25 m; e. de bouwhoogte van lichtmasten bedraagt ten hoogste 6 m; f. lichtvervuiling als gevolg van verlichting bij paardenbakken dient tot een minimum te worden beperkt; g. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing, waarbij tevens de bestaande landschappelijke waarden zoals genoemd in lid 4.1 onder c niet onevenredig worden aangetast. 4.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden gelden de volgende regels: a. buitenopslag is niet toegestaan; b.
paardenbakken zijn niet toegestaan tenzij een afwijking zoals bedoeld in lid 4.3.1 is verleend; c. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar. Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
13
4.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.5.1
Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Agrarisch met waarden Landschapswaarden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag, de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of de volgende werkzaamheden uit te voeren: a. egaliseren, ophogen, afgraven, grondwerkzaamheden dieper dan 50 cm (zoals diepploegen) en ontginnen; b. graven en dempen van sloten, afdammen, herprofileren van sloten of ander oppervlaktewater, aanleggen van drainage, uitgezonderd het vervangen van bestaande drainage; c. het verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting; d. de aanleg van verhardingen > 50 m² (zoals verharde wandel- of fietspaden en kavelpaden). 4.5.2 Uitzonderingen op het uitvoeringsverbod Het verbod van lid 4.5.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij de bouwregels in acht zijn genomen; b. normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; d. onderdeel uitmaken van de landschapsplannen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan. 4.5.3 Voorwaarde voor een omgevingsvergunning De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 4.5.1 zijn slechts toelaatbaar, indien daardoor de waarden, zoals in lid 4.1 onder b bedoeld, niet onevenredig worden aangetast.
4.6
Wijzigingsbevoegdheid
4.6.1
Ten behoeve van nieuwe natuur
Burgemeester en wethouder zijn bevoegd om de bestemming Agrarisch met waarden Landschapswaarden te wijzigen in de bestemming 'Natuur', met inachtneming van het volgende: a. een besluit tot planwijziging wordt niet eerder genomen dan nadat de betrokken gronden in eigendom zijn overgedragen aan een terreinbeherende instantie of natuur via particulier natuurbeheerschap wordt gerealiseerd of in het kader van de realisatie van een nieuw landgoed of als er contractueel is vastgelegd dat gronden worden overgedragen aan een terreinbeherende instantie; b. er mogen geen onevenredige beperkingen ontstaan als gevolg van de wijziging voor omringende bestaande bestemmingen; c. de bestaande landschappelijke waarden zoals genoemd in lid 4.1 onder b mogen niet onevenredig worden aangetast. 4.6.2 Ten behoeve van waterberging Burgemeester en wethouder zijn bevoegd om ten behoeve van waterberging de bestemming Agrarisch met waarden - Landschapswaarden te wijzigen in de bestemming 'Water', zoals bedoeld in artikel 28 van het bestemmingsplan "Buitengebied Raalte geconsolideerd 2020", met inachtneming van het volgende: a. er mogen geen onevenredige beperkingen ontstaan als gevolg van de wijziging voor omringende bestaande bestemmingen; b. de bestaande landschappelijke waarden zoals genoemd in lid 4.1 onder b mogen niet onevenredig worden aangetast.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 14
(vastgesteld, versie 1)
Artikel 5 5.1
Natuur
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.
behoud, herstel en ontwikkeling van natuur- en landschapswaarden en bos; extensieve dagrecreatie; houtoogst; water;
bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals wegen, parkeervoorzieningen, bruggen, paden, recreatieve voorzieningen en trafohuisjes. 5.2
Bouwregels
Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, ten dienste van de bestemming worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een hoogzit bedraagt ten hoogste 8 m; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 m. 5.3 Afwijken van de bouwregels 5.3.1
Ten behoeve van het oprichten van gebouwen en bouwwerken
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.2 teneinde het oprichten van gebouwen en bouwwerken ten behoeve van het beheer en onderhoud, een schuilhut of informatievoorziening van de terreinen, met inachtneming van het volgende: a. het gebouw dient noodzakelijk te zijn voor het beheer en onderhoud, een schuilhut of informatievoorziening behorend bij een terrein van minimaal 10 ha; b. de oppervlakte per gebouw bedraagt ten hoogste 50 m²; c. de bouwhoogte bedraagt ten hoogste 4 m; d. de bestaande natuurwaarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.4.1
Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming Natuur zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag, de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of de volgende werkzaamheden uit te voeren: a. egaliseren, ophogen, afgraven, grondwerkzaamheden dieper dan 50 cm (zoals diepploegen) en ontginnen; b. graven en dempen van sloten, afdammen, herprofileren van sloten of ander oppervlaktewater, aanleggen van drainage, uitgezonderd het vervangen van bestaande drainage; c. het verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting; d. de aanleg van verhardingen > 50 m² (zoals verharde wandel- of fietspaden en kavelpaden); e. het aanbrengen van ondergrondse leidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 5.4.2 Uitzonderingen op het uitvoeringsverbod Het verbod van lid 5.4.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming of de gebiedsaanduiding betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; c. reeds moeten worden gemeld in het kader van de Boswet; d. onderdeel uitmaken van de landschapsplannen conform het in Bijlage 1 opgenomen
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
15
landschapsplan.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 16
(vastgesteld, versie 1)
Artikel 6 6.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen daaronder begrepen kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voormalige bedrijfsbebouwing' voormalige bedrijfsbebouwing; c. bij deze bestemming behorende voorzieningen zoals erven, nutsvoorzieningen, in- en uitritten, parkeervoorzieningen, tuinen, water en paardenbakken; met daaraan ondergeschikt: d. bed & breakfast; e. evenementen; f. de in tabel 6.1 vermelde nevenfuncties; Tabel 6.1 Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan nevenfunctie
maximaal aantal m² gronden in bestaande gebruik voor bebouwing nevenfunctie gebruik nevenfunctie streekeigen 100
verkoop-aan-huis van agrarische producten inpandige opslag en stalling ambachtelijke be- en verwerking van agrarische producten (kaasmakerij, imkerij, rieten vlechtwerk, klompenmakerij) kano-, boot- of fietsenverhuur -
in voor
500 200
100
- = Niet van toepassing. 6.2
Bouwregels
Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. hoofdgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van bijgebouwen, erf- of terreinafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak en ten dienste van de bestemming worden gebouwd; b. de voorgevel van woningen dient, voor zover aangegeven, aan de zijde van het bouwvlak met de aanduiding 'gevellijn' te worden gebouwd; c. bijgebouwen mogen uitsluitend achter de voorgevel gebouwd worden; d. de afstand tussen de woning en het bijgebouw bedraagt ten hoogste 20 m; e. verder geldt het volgende: max. max. max. max. max. dakhellin aantal inhoud oppervlak goothoogt bouwhoogt g per e e bouwvla k woningen één 750 m³ 4,5 m 10 m 20º/55º* bijgebouwen en 150 3m 6m 20º/55º* overkappingen: m²** waarvan 3m 6m 20º/55º* aangebouwd 50 m² - een vrijstaande 5m 7m steltenberg -
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
17
gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen voormalig bedrijfsbebouwin g' lichtmasten ten behoeve van paardenbakken erfof terreinafscheidinge
bestaand bestaand bestaand* bestaand* bestaand * * *
-
-
-
-
-
-
-
1m 2m
- voor de voorgevel - overige plaatsen overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde
6m
-
-
-
3m
* = Niet van toepassing voor platte, ondergeschikte bouwdelen. ** = Tenzij anders middels een maatvoeringaanduiding 'maximum oppervlakte bijgebouwen' is aangegeven; - = Niet van toepassing. Met dien verstande dat: f.
voor de reeds bestaande bijgebouwen boven de 150 m² het volgende geldt: 1. het uitbreiden van bestaande bebouwing is in geen geval toegestaan; 2. nieuwbouw is in geen geval toegestaan; 3. het gebruik van kassen, anders dan hobbykassen is in geen geval toegestaan; 4. van het bepaalde onder 2 kan eenmalig worden afgeweken indien bebouwing boven de 150 m², niet zijnde de woning, wordt gesaneerd, met dien verstande dat het oppervlak van de nieuw op te richten bebouwing ten hoogste 50% mag bedragen van de oppervlakte van de bebouwing die wordt afgebroken met een maximum van 250 m²; g. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voormalige bedrijfsbebouwing' het volgende geldt: 1. het uitbreiden van bestaande bebouwing, niet zijnde de voormalige bedrijfswoning is in geen geval toegestaan; 2. nieuwbouw van gebouwen, uitgezonderd de voormalige bedrijfswoning, is in geen geval toegestaan; 3. nieuwbouw van de voormalige bedrijfswoning is uitsluitend toegestaan mits de nieuwbouw plaatsvindt op of binnen de bestaande funderingen; 4. het gebruik van kassen is in geen geval toegestaan. 6.3 Afwijken van de bouwregels 6.3.1
Ten behoeve van het maximum oppervlak aan bijgebouwen
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.2 teneinde het maximum oppervlakte aan bijgebouwen te vergroten tot 250 m2 met inachtneming van het volgende: a. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt indien de bouw van extra bijgebouwen noodzakelijk is voor het uitoefenen van hobbymatige agrarische of natuurgerichte activiteiten; b. van de bevoegdheid tot afwijken wordt uitsluitend gebruikgemaakt indien de bouw van extra bijgebouwen noodzakelijk is voor werkzaamheden die bijdragen aan het behoud en de ontwikkeling van het karakteristieke landschap; Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 18
(vastgesteld, versie 1)
c. er dient ten minste 1 ha grond, gelegen buiten het bouwvlak, in beheer te zijn; d. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing. 6.4 Specifieke gebruiksregels 6.4.1
Toegestaan gebruik
Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. bij een combinatie van nevenfuncties mag het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 850 m² en mag er niet meer dan 5.000 m² aan onbebouwde gronden in gebruik worden genomen; b. bed & breakfast is uitsluitend toegestaan in de woning; c. het aantal slaapplaatsen ten behoeve van bed & breakfast bedraagt ten hoogste 10; d. nevenfuncties zijn uitsluitend toegestaan binnen bestaande bebouwing; e. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar; f. de vloeroppervlakte ten behoeve van kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis bedraagt ten hoogste 35% van de maximaal toegestane bebouwing met een maximum van 100 m²; in het kader van deze kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten is geen horeca en detailhandel toegestaan. 6.4.2 Voorwaardelijke verplichting - sloopopgave Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van bouwwerken overeenkomstig de in lid 6.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de afgeronde sloop van de in Bijlage 2 en Bijlage 3 aangegeven bebouwing, met dien verstande dat de sloop binnen 12 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan dient te zijn afgerond. 6.4.3
Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing Nijverdalseweg 13
a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van bouwwerken overeenkomstig de in lid 6.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 4 opgenomen inrichtingsplan teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing; b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen bouwwerken overeenkomstig de in lid 4.1 opgenomen bestemmingsomschrijving in gebruik worden genomen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na het tijdstip van verlening van de omgevingsvergunning voor het bouwen uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 4 opgenomen inrichtingsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 6.4.4 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing B a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting B' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter B in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting B' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 6.4.5 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing G a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting G' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
19
G in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting G' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 6.4.6 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing I a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting I' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter I in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting I' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 6.4.7 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing L a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting L' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter L in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting L' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 6.5 Afwijken van de gebruiksregels 6.5.1
Landschappelijke inpassing - Nijverdalseweg 13
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.4.3 onder a en b indien in plaats van de landschapsmaatregelen, zoals opgenomen in Bijlage 4 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat de landschapsmaatregelen van een gelijk kwaliteitsniveau zijn als de landschapsmaatregelen in het Bijlage 4 Erfinrichtingsplan Nijverdalseweg 13. 6.5.2
Landschappelijke inpassing
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.4.4 tot en met 6.4.7 indien in plaats van de landschapsmaatregelen, zoals opgenomen in Bijlage 1 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat de landschapsmaatregelen van een gelijk kwaliteitsniveau zijn als de landschapsmaatregelen in het Bijlage 1.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 20
(vastgesteld, versie 1)
Artikel 7 7.1
Wonen - 1
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen daaronder begrepen kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis; b. bij deze bestemming behorende voorzieningen zoals erven, nutsvoorzieningen, in- en uitritten, parkeervoorzieningen, tuinen, water en paardenbakken; met daaraan ondergeschikt: c. bed & breakfast; d. evenementen; e. de in tabel 7.1 vermelde nevenfuncties; Tabel 7.1 Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan nevenfunctie
maximaal aantal m² gronden in bestaande gebruik voor bebouwing nevenfunctie gebruik nevenfunctie streekeigen 100
verkoop-aan-huis van agrarische producten inpandige opslag en stalling ambachtelijke be- en verwerking van agrarische producten (kaasmakerij, imkerij, rieten vlechtwerk, klompenmakerij) kano-, boot- of fietsenverhuur -
in voor
500 200
100
- = Niet van toepassing. 7.2
Bouwregels
Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van erf- of terreinafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak en ten dienste van de bestemming worden gebouwd; b. vrijstaande bijgebouwen en overkappingen zijn niet toegestaan; c. verder geldt het volgende: max. max. max. max. max. dakhelling aantal inhoud oppervla goothoog bouwhoogte per k te bouwvla k woningen, één 1.100 3m 8m 20º/55º* inclusief m³ bergruimte, waarvan de inhoud van de woning maximaal 750 m3 mag bedragen lichtmasten ten 6m behoeve van paardenbakken
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
21
erfof terreinafscheidinge nvoor de voorgevel - overige plaatsen overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde
-
-
-
1m 2m
-
-
-
3m
* = Niet van toepassing voor platte, ondergeschikte bouwdelen. - = Niet van toepassing. met dien verstande dat: de gronden niet in aanmerking komen voor het vergunningsvrij bouwen van bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen als bedoeld in artikel 2, lid 3 en lid 12 van bijlage II van het Besluit Omgevingsrecht, zoals dat luidt op het moment van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan. 7.3 Specifieke gebruiksregels 7.3.1
Toegestaan gebruik
Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. bij een combinatie van nevenfuncties mag het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 850 m² en mag er niet meer dan 5.000 m² aan onbebouwde gronden in gebruik worden genomen; b. bed & breakfast is uitsluitend toegestaan in de woning; c. het aantal slaapplaatsen ten behoeve van bed & breakfast bedraagt ten hoogste 10; d. nevenfuncties zijn uitsluitend toegestaan binnen bestaande bebouwing; e. het aantal evenementen bedraagt ten hoogste 2 per jaar; f. de vloeroppervlakte ten behoeve van kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis bedraagt ten hoogste 35% van de maximaal toegestane bebouwing met een maximum van 100 m²; in het kader van deze kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten is geen horeca en detailhandel toegestaan. 7.3.2 Voorwaardelijke verplichting - sloopopgave Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van nieuwe bouwwerken overeenkomstig de in lid 7.1 opgenomen bestemmingsomschrijving zonder de afgeronde sloop van de in Bijlage 2 en Bijlage 3 aangegeven bebouwing, met dien verstande dat de sloop binnen 12 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan dient te zijn afgerond. 7.3.3
Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing C
a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting C' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter C in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting C' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.4 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing D a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 22
(vastgesteld, versie 1)
en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting D' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter D in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting D' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.5 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing E a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting E' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter E in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting E' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.6 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing F a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting F' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter F in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting F' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.7 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing H a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting H' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter H in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting H' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
23
7.3.8
Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing J
a. Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting J' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter J in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting J' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.9 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing K a.
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting K' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter K in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting K' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.10 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing M a.
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting M' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter M in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting M' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. 7.3.11 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing N a.
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting N' zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen zoals aangeduid ter plaatse van de letter N in het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing. b. in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - voorwaardelijke verplichting N' worden gebruikt voor wonen onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na verlening van de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en de instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen landschapsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 24
(vastgesteld, versie 1)
7.4
inpassing. Afwijken van de gebruiksregels
7.4.1
Ten behoeve van nevenfuncties
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.1 ten behoeve van het toestaan van nevenfuncties in de vorm van kleinschalig kamperen en plattelandskamers, met inachtneming van het volgende: a. de nevenfunctie dient plaats te vinden binnen de bestaande bebouwing; b. in afwijking van het bepaalde onder a geldt dat (het gedeelte van) nevenfuncties waarvoor geen bebouwing nodig is, tevens zijn toegestaan op gronden buiten het bouwvlak, mits grenzend aan het bouwvlak; c. nevenfuncties dienen milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; d. de bestaande bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (agrarische) bedrijven mogen niet onevenredig worden beperkt; e. buitenopslag ten behoeve van de nevenfunctie is niet toegestaan; f. de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking van nevenfuncties dient niet onevenredig groot te zijn en de bestaande infrastructuur dient berekend te zijn op de nieuwe activiteit; g. parkeren dient plaats te vinden conform het bepaalde in 16.3; h. detailhandel is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte functie die ten dienste staat van de nevenactiviteit; i. horeca is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte functie die ten dienste staat van de nevenactiviteit; j.
het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten mag niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 250 m²; k. bij een combinatie van nevenfuncties mag het bebouwingsoppervlak ten behoeve van de activiteiten niet meer bedragen dan 50% van de totale oppervlakte aan gebouwen met een maximum van 850 m² en mag er niet meer dan 5.000 m² aan onbebouwde gronden in gebruik worden genomen; l. ten behoeve van de nevenfunctie niet-agrarische bedrijven geldt tevens het volgende: 1. bedrijven uit categorie 3 of hoger van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn niet toegestaan tenzij uit onderzoek is gebleken dat de functie, eventueel na het nemen van maatregelen, qua invloed en milieubelasting gelijk te stellen is aan bedrijfsfuncties uit categorie 1 en 2 van de in Bijlage 5 opgenomen Staat van Bedrijfsactiviteiten; 2. activiteiten uit kolom 1 van bijlagen C en D van het Besluit milieueffectrapportage 1994 zijn niet toegestaan in de gevallen zoals genoemd in kolom 2 van de desbetreffende bijlage; m. ten behoeve van de nevenfunctie kleinschalig kamperen geldt tevens het volgende; 1. de nevenfunctie is alleen toegestaan in de periode van 15 maart tot en met 31 oktober; 2. het aantal standplaatsen bedraagt ten hoogste 25; 3. uitsluitend mobiele kampeermiddelen, niet zijnde stacaravans, zijn toegestaan; 4.
de afstand tot het bouwvlak van derden bedraagt ten minste 50 m; 5. de afstand tot andere verblijfsrecreatieve terreinen bedraagt ten minste 500 m; 6. er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing; 7. ten behoeve van sanitaire voorzieningen mag maximaal 50 m² worden bijgebouwd; n. ten behoeve van de nevenfunctie plattelandskamers geldt tevens het volgende: 1. het aantal plattelandskamers bedraagt ten hoogste 1, met dien verstande dat de oppervlakte ten hoogste 50% bedraagt van het oppervlak van het bijgebouw met een maximum van 50 m²; 2. de afstand tussen de plattelandskamers en het hoofdgebouw bedraagt ten hoogste 25 m.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverdalsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 (vastgesteld, versie 1)
25
7.4.2
Landschappelijke inpassing
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 7.3.3 tot en met 7.3.11 indien in plaats van de landschapsmaatregelen, zoals opgenomen in Bijlage 1 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat de landschapsmaatregelen van een gelijk kwaliteitsniveau zijn als de landschapsmaatregelen in het Bijlage 1.
Buitengebied Raalte, part. herz. nr. 53, omgeving Nijverd alsew eg 13 en Nw . Deventerw eg 4 26
(vastgesteld, versie 1)
Artikel 8 8.1
Wonen - 2
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen daaronder begrepen kleinschalige beroepen- en bedrijven-aan-huis; b. hobbymatige agrarische of natuurgerichte activiteiten; c. bij deze bestemming behorende voorzieningen zoals erven, nutsvoorzieningen, in- en uitritten, parkeervoorzieningen, tuinen, water en paardenbakken; met daaraan ondergeschikt: d. bed & breakfast; e. evenementen; f. de in tabel 8.1 vermelde nevenfuncties; Tabel 8.1 Nevenfuncties die bij recht zijn toegestaan nevenfunctie