CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 Toelichting M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen

Gemeenteraad 6 maart 2025, gemeente PuttenBij agendapunt: Vaststelling TAM-omgevingsplan en grondexploitatie Halvinkhuizen fase 2 en 314.638 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3

projectnummer 0498100.100 Definitief – revisie NvB 27 januari 2025

www.anteagroup.nl

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 Definitief – revisie NvB 27 januari 2025

Opdrachtgever Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V. Kerkewijk 117 3904 JB Veenendaal

datum 27 januari 2025

Beschrijving Definitief – revisie NvB

vrijgave K. de Jong (projectleider)

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

1.

Inleiding

4

1.1 1.2 1.2.1 1.3 1.4

Aanleiding Doel van de m.e.r.-beoordeling Verplichting Criteria Leeswijzer

4 4 5 5 6

2.

Halvinkhuizen

6

2.1 2.1.1 2.1.2 2.2 2.3

Activiteit: Halvinkhuizen Ambities voor Halvinkhuizen Concepten voor Halvinkhuizen Conclusies Fase 1 Activiteit: Fase 2 & 3

7 8 9 11 13

3.

Effecten fase 2 & 3 Halvinkhuizen

14

3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.2 3.3 3.4 3.5 3.5.1 3.5.2 3.6 3.7 3.8 3.8.1 3.8.2 3.8.3 3.9 3.10 3.11 3.12 3.13

Verkeer en parkeren Verkeer Parkeren Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Ecologie Gebiedsbescherming Soortenbescherming Water Bodem Archeologie, cultuurhistorie en landschap Landschap Archeologie Cultuurhistorie Geur Energie en circulariteit Gezondheidsbevordering Klimaat Hinder tijdens de aanlegfase

14 14 18 18 21 22 24 24 26 31 34 34 34 35 35 36 38 39 39 40

4.

Conclusie

42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding Vanwege de groeiende bevolking is de gemeente Putten van plan om de woonwijk Halvinkhuizen met ongeveer 1.400 woningen te ontwikkelen in Putten Zuid. Naast de woningen is er ook de ambitie om functies toe te voegen die gerelateerd zijn aan wonen, zoals een basisschool, ontmoetingsplekken (zoals een buurthuis en/of kleinschalige horeca), zorgvoorzieningen en speelplaatsen. Gezien de omvang van de ontwikkeling zal het programma over een langere periode worden gerealiseerd, met een bouwtempo van ongeveer 100 woningen per jaar.

Figuur 1.1 Globale ligging plangebied. (bron: geoportaal provincie Gelderland).

Om deze ontwikkeling planologisch mogelijk te maken, moet er een nieuw omgevingsplan worden opgesteld. Dit is in eerste instantie gedaan voor een deelgebied van de wijk, namelijk fase 1. Hiervoor is op 27 januari 2023 een aanmeldnotitie voor een m.e.r.-beoordeling gepubliceerd. Voor fases 2 & 3 van Halvinkhuizen is nu ook een m.e.r.-beoordeling nodig. Deze notitie bevat de informatie waarmee het bevoegd gezag kan beslissen of er sprake is van “belangrijk nadelige gevolgen voor het milieu”, wat het doorlopen van de m.e.r.-procedure wenselijk of noodzakelijk maakt. In deze notitie worden twee sporen behandeld: de visie voor het totale plangebied van Halvinkhuizen (1.300) woningen) en de ontwikkeling van deelgebied fase 2 & 3.

1.2

Doel van de m.e.r.-beoordeling Deze m.e.r.-beoordeling is bedoeld om het bevoegd gezag (gemeente Putten) inzicht te geven in mogelijke nadelige milieueffecten die kunnen optreden bij de realisatie van Halvinkhuizen deelgebied fases 2 & 3. Daarnaast wordt er ook gekeken naar de mogelijke cumulatieve effecten van de gehele ontwikkeling van Halvinkhuizen. Als belangrijke nadelige milieueffecten niet op voorhand kunnen worden uitgesloten, kan het bevoegd gezag, de gemeente Putten, besluiten om een m.e.r.-procedure te starten.

blad 4 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

1.2.1

Verplichting De procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang volwaardig en vroegtijdig in de plan- en besluitvorming in te brengen. Een m.e.r. is altijd gekoppeld aan een project, een plan of besluit, zoals een structuurvisie, bestemmingsplan of vergunning. De wettelijke eisen hiervoor zijn vastgelegd in de omgevingswet, het omgevingsbesluit (bijlage V) geeft per project aan waar een mer-(beoordelings)plicht geldt. Tabel 1-1 geeft het relevante type project weer uit bijlage V van het omgevingsbesluit, hieruit blijkt dat voor dit project geldt dat er een verplichting tot mer-beoordeling is vastgesteld in het omgevingsbesluit, conform de regelgeving van de omgevingswet met betrekking tot m.e.r. (artikel 16.4.2 Milieueffectrapportage voor projecten). Tabel 1-1: Uitsnede van het omgevingsbesluit

J11

Project

Gevallen waarin de mer-plicht geldt

Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen

Niet van toepassing

Gevallen waarin de merbeoordelingsplicht geldt Aanleg, wijziging of uitbereiding

Besluiten die betrekking hebben op het project Het omgevingsplan

De project mer-beoordeling wordt aan de hand van drie wettelijke beoordelingscriteria beoordeeld: de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van mogelijke effecten. In bijlage III van de Europese Mer-ricthlijn staan bij deze criteria verschillende sub-criteria. Bij de beoordeling van de mogelijke milieueffecten moet de bestaande vergunde situatie ook worden meegenomen.

1.3

Criteria Deze aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling is opgesteld op basis van de richtlijnen in bijlage III van de Europese Richtlijn milieueffectbeoordeling. In deze bijlage staan drie criteria met uitgangspunten per criterium benoemd: kenmerken van de activiteit, plaats van de activiteit en kenmerken van het potentiële effect (zie onderstaande tabel). Tabel 1-2: Overzicht criteria 'belangrijk nadelige gevolgen voor het milieu'.

Criteria Kenmerken van de activiteit

Plaats van de activiteit

Beoordelingscriterium ▪ omvang ▪ cumulatie met andere projecten ▪ gebruik van natuurlijke hulpbronnen ▪ productie van afvalstoffen ▪ verontreiniging en hinder ▪ risico van ongevallen • bestaand bodemgebruik • relatieve rijkdom aan de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied • het opnamevermogen van het natuurlijk milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen (gevoelige) gebieden; o wetlands, o kustgebieden, o berg- en bosgebieden, o reservaten en natuurparken, o gebieden die in de wetgeving van de lidstaten zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd, o speciale beschermingszones, door de lidstaten aangewezen krachtens Richtlijn 79/409/EEG en Richtlijn 92/43/EEG,

blad 5 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

o

Kenmerken van het potentiële effect

1.4

▪ ▪ ▪ ▪ ▪

gebieden waarin de bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden, o gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid, o landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang. het bereik van het effect grensoverschrijdend karakter orde van grootte en complexiteit van het effect waarschijnlijkheid van het effect duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect

Leeswijzer Het product, de aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling, focust op fase 2 & 3 van Halvinkhuizen. De notitie is als volgt opgebouwd: • In hoofdstuk 2 zijn de kenmerken van het plangebied, de kenmerken van de activiteit en de samenhang met projecten in de omgeving beschreven; • In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de milieueffecten van de ontwikkeling van Fase 2 & 3 van Halvinkhuizen. • Hoofdstuk 4 beschrijft de conclusie.

2.

Halvinkhuizen Het plangebied Halvinkhuizen ligt aan de zuidkant van de kern Putten. Het vijfhoekige gebied wordt ingekaderd door een aantal wegen. Te weten de N303/ Van Geenstraat en Nijkerkerstraat aan de noordkant, de Beitelweg aan de westkant, de Hooiweg aan de zuidkant en de Roosendaalseweg aan de oostkant. Het plangebied ligt hemelsbreed ongeveer op een kilometer afstand van het centrum van Putten. Ten westen ligt landgoed Bijstein. Op circa één kilometer afstand ten westen van het plangebied ligt de spoorlijn tussen Amersfoort en Zwolle. Aan de oostzijde liggen sportcomplexen en aan de noordzijde liggen woonwijken. Aan de oost- en zuidzijde kenmerken de randen van het plangebied zich door een bomenrij/houtwal.

blad 6 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V. Spoorlijn Amersfoort Zwolle

Centrum Putten

Nijkerkerstraat N798

Landgoed Bijstein Van Geenstraat N303

Roosendaalseweg

Beitelweg

Hooiweg

Sportcomplexen

Figuur 2.1 Ligging plangebied. (bron: geoportaal provincie Gelderland)

De invulling van het plangebied bestaat momenteel uit voornamelijk agrarische graslanden met bijbehorende agrarische bebouwing en woonboerderijen. Binnen het plangebied zijn ook volkstuinen aanwezig. Langs de wegen die het plangebied inkaderen zijn enkele bedrijven en bedrijfspanden aanwezig. Het betreft hier de Hooiweg, de Roosendaalseweg en de noordzijde van het gebied. Toets aan gevoelige gebieden bijlage III Europese richtlijnen Het plangebied Halvinkhuizen ligt in het historische Enkdorpenlandschap. Kenmerken die (deels) nog zichtbaar zijn, zijn: oude akkerlanden opgedeeld in meerdere kleine percelen, met daarop gevestigd kleine oude (woon)boerderijen, open/halfopen groenruimtes met hakhout en lange bomenrijen, onverharde zandpaden, sloten en beken. De houtwallen zijn in het landschap het meest beeldbepalend en vormen de kernkwaliteit van het gebied. Naast deze cultuurhistorische waarden maakt het plangebied en omgeving geen onderdeel uit van de in bijlage III genoemde gevoelige gebieden: wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden, reservaten en natuurparken, Vogel-/Habitatrichtlijngebieden, gebieden waar de milieukwaliteitsnormen al niet worden nagekomen, gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid, landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang.

2.1

Activiteit: Halvinkhuizen De gemeente Putten is voornemens om een woonwijk met een dorps karakter te realiseren in Halvinkhuizen. Halvinkhuizen moet een duurzame, groene en veilige woonwijk worden met voldoende ruimte voor betaalbare woningen. Een gemoedelijke wijk waar het prettig wonen is voor gezinnen, jongeren en ouderen. Waar de bestaande houtwallen de nieuwe wijk direct een groene uitstraling geven. Een wijk waar een mooie verbinding met het landschap is gemaakt en waar mensen elkaar kennen. Waar Puttenaren, oud en jong, wonen in de nabijheid van de kern, het station en het landschap. Een woonomgeving waar de verbinding voelbaar is tussen dorp en omliggend landschap. blad 7 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 2.2 Essentiekaart ontwikkeling Halvinkhuizen (bron: BDP en gemeente Putten, januari 2022)

De woningbouwopgave die aan het gebied is meegeven bestaat uit circa 1.400 woningen. Bij de beoogde woningtypen wordt gedacht aan grondgebonden woningen en appartementen. Binnen het plangebied Halvinkhuizen krijgen naast woningen ook andere functies een plek, zoals onderwijs, zorg, sport en ruimte voor ontmoetingen. Gezien de grootte van de ontwikkeling wordt het programma over een langere periode gerealiseerd, met een bouwtempo van circa 100 woningen per jaar. Dit betreft zodoende een ontwikkelingsperiode van 10 à 15 jaar. Binnen het plangebied ligt aan Beitelweg 7 een veehouderij. Om de gehele ontwikkeling van Halvinkhuizen mogelijk te maken is het nodig dat het bedrijf wordt beëindigd. De gemeente heeft op dit perceel Wvg gevestigd en is voornemens het bedrijf te verwerven. Het is onduidelijk op welk moment in de ontwikkeling dit gedaan wordt.

2.1.1

Ambities voor Halvinkhuizen Voor het plangebied is een ontwikkelingsvisie opgesteld (Halvinkhuizen, Ontwikkelingsvisie voor de nieuwe woonwijk in Putten, januari 2022). Deze visie is in maart 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Het is de bedoeling om het plangebied in te vullen aan de hand van een aantal identiteitsdragers. Deze identiteitsdragers geven richting aan de verdere ontwikkeling van het plangebied: • Groene dorpse uitstraling; • Historisch landschap als schatkist; • Putten-Zuid als ontmoetingsplek; • Op weg naar gezond bewegen; • Een duurzame wijk. Groene dorpse uitstraling Halvinkhuizen zal veel groen bevatten, waarbij biodiversiteit wordt gestimuleerd en flora en fauna de ruimte krijgen. Er wordt aandacht besteed aan klimaatadaptatie, wateropvang en het verminderen van hittestress. Auto’s worden zoveel mogelijk uit het zicht gehouden, waardoor het een prettige en veilige omgeving wordt om te lopen, spelen, wonen en verblijven. Historisch landschap als schatkist blad 8 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

De bijzondere landschappelijke kenmerken en de bijbehorende historie van het gebied brengen kleur en samenhang in de openbare ruimte. Elementen zoals het groen, de houtwallen, subtiele hoogteverschillen, landgoed Bijstein en karakteristieke bebouwing blijven behouden en vormen de ruimtelijke dragers van de nieuwe wijk, waardoor Halvinkhuizen een uniek gebied binnen Putten wordt. Putten-Zuid als ontmoetingsplek In dit nieuwe deel van Putten kent men elkaar en zorgt men voor elkaar, wat bijdraagt aan een sterk buurtgevoel. Paden leiden vanuit de buurten naar centrale plekken waar jong en oud elkaar kunnen ontmoeten. Er wordt gedacht aan kleine buurtvoorzieningen zoals een school, speeltuin, restaurant of biologische boerderij, die binnen een groene setting goed bereikbaar zijn te voet en per fiets. Op weg naar gezond bewegen Gezond bewegen betekent veilig door de wijk wandelen, snel met de fiets naar bestemmingen in Putten en fietstochten maken door de omgeving. Het netwerk voor langzaam verkeer wordt gekoppeld aan ontmoetingsplekken en voorzieningen. Het deels openstellen van het sportpark biedt extra mogelijkheden. Hoewel het dorpse leven vaak autoafhankelijk is, wordt in Halvinkhuizen gestreefd naar schonere mobiliteit door inwoners te stimuleren voor interne verplaatsingen andere opties dan de auto te kiezen.

Een duurzame wijk Duurzaamheid in Halvinkhuizen gaat verder dan het verminderen van de impact op klimaat en milieu. Een duurzame woning en woonomgeving dragen bij aan de gezondheid en het welzijn van de bewoners. Het gaat niet om de vraag ‘of’, maar ‘hoe’ dit te realiseren. Waar gasloze verwarming nu vanzelfsprekend is, zullen in de nabije toekomst andere duurzame maatregelen vanzelfsprekend worden. In Halvinkhuizen wordt gezocht naar een ambitieuze, maar haalbare mix van duurzame oplossingen, waarbij eventuele meerkosten op de lange termijn winst opleveren in termen van duurzaamheid en leefbaarheid.

2.1.2

Concepten voor Halvinkhuizen Halvinkhuizen wordt opgebouwd volgens vier concepten die aansluiten bij de ambities voor het gebied. Deze concepten betreffen: • De bestaande groenstructuren als basis; • Vier onafhankelijke buurten; • Historische bouwvelden; • Ontmoetingsplekken. De bestaande groenstructuren als basis De belangrijkste en meest waardevolle houtwallen vormen de kern van het plan. Deze houtwallen worden behouden en waar nodig versterkt om de biodiversiteit te bevorderen en een aangename leefomgeving te creëren. Ze worden geïntegreerd in de primaire groenstructuur, waardoor een centraal groengebied ontstaat met vier omliggende deelgebieden. De hoofdfietsroutes worden aan dit centrale groene raamwerk gekoppeld.

blad 9 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 2.3 De bestaande groenstructuren als basis

Vier onafhankelijke buurten De vier deelgebieden vormen de buurten van Halvinkhuizen. Elke buurt heeft een eigen wegenstructuur met één ingang vanaf de randen van het gebied en een lusontsluiting door de buurt. Hierdoor blijven de houtwallen in het centrale groengebied onaangetast en wordt doorgaand autoverkeer door de wijk voorkomen. Deze opzet is geïnspireerd op de vier zelfstandige landgoederen en verwijst daarmee naar het verleden. De afsluiting van de Roosendaalseweg (oostzijde) maakt deel uit van de totale ontsluitingsstructuur van Halvinkhuizen.

Figuur 2.4 Vier onafhankelijke buurten

Historische bouwvelden Elke buurt bestaat uit bouwvelden, waarvan de contouren zijn bepaald op basis van het landschap en de historische verkaveling van het gebied. Tussen de bouwvelden liggen groene stroken die ruimte bieden voor waterbegeleiding, -berging en -infiltratie. Langs de oost-westelijke houtwal kan het water langer worden vastgehouden.

blad 10 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 2.5 Historische bouwvelden

Ontmoetingsplekken Via de groene stroken wordt een padennetwerk aangelegd dat de bouwvelden en buurten met elkaar en met het centrale groen verbindt. Langs deze paden en op strategische kruispunten worden ontmoetingsplekken gecreëerd, waar met enkele groene voorzieningen het dorpse leven tot bloei komt.

Figuur 2.6 Ontmoetingsplekken

2.2

Conclusies Fase 1 In januari 2023 is de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling voor fase 1 opgesteld. De voorgenomen ontwikkeling (fase 1) maakt onderdeel uit van de ontwikkeling Halvinkhuizen, de complete ontwikkeling bestaand uit circa 1.400 woningen. In deze aanmeldnotitie is uitgebreid ingegaan op cumulatieve effecten die kunnen optreden tussen fase 1 en de volgende fasen van het plan. In deze aanmeldnotitie is gekeken of er in fase 1 van de ontwikkeling Halvinkhuizen mogelijk belangrijke nadelige effecten zouden kunnen voorkomen. Een bevoegd gezag kon op basis van deze aanmeldnotitie een m.e.r.-beoordelingsbesluit nemen. Voor deze m.e.r.-beoordeling zijn milieuonderzoeken uitgevoerd. Uit de aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling fase 1 bleek op basis van de uitgevoerde onderzoeken dat er verwacht wordt dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen optreden, mits er wordt voldaan aan de gestelde eisen en maatregelen uit de onderzoeken. Daarmee werd geconcludeerd dat het niet noodzakelijk is om een m.e.r.-procedure te doorlopen voor de ontwikkeling van fase 1.

blad 11 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V. Tabel 2-1 Conclusies per thema voor fase 1 en de ontwikkeling van Halvinkhuizen. Thema Fase 1 Halvinkhuizen Verkeer en parkeren Geen belangrijk nadelig effect Mits er goede stedenbouwkundige keuzes worden gemaakt voor langzaam verkeer en hoofdaansluitingen worden er geen negatieve effecten verwacht voor verkeer en parkeren. Geluid Geen belangrijk nadelig effect mits Er dient nader akoestisch onderzoek asfalt wordt gelegd in plaats van gedaan te worden om na te gaan klinkers en ontheffing wordt wat de geluidhinder is op de gevel. aangevraagd. Luchtkwaliteit Geen belangrijk nadelig effect Geen belangrijk nadelig effect Externe veiligheid Geen belangrijk nadelig effect Met in achtneming van de verantwoordingsplicht voor het ruimtelijke plan, worden geen belangrijke nadelige gevolgen verwacht. Ecologie Geen nadelige effect op Het plangebied is geschikt voor gebiedsbescherming en verschillende beschermde soorten. stikstofdepositie. Er moeten mitigerende maatregelen getroffen worden voor de vleermuis, Er worden negatieve effecten steenuil, kerkuil, huismus, das en verwacht op verschillende soorten. boommarter. Dit vraagt om maatregelen die het negatieve effect zoveel mogelijk beperken. Daarnaast dienen er verschillenden ontheffingen op de Wnb aangevraagd te worden.

Water Er zijn geen negatieve effecten te Rekening houdend met de verwachten. verschillende eisen die aan de afwatering, waterberging, het riool, het grondwater en het oppervlaktewater worden gesteld, worden op voorhand geen negatieve gevolgen verwacht ten aanzien van de ontwikkeling Halvinkhuizen. Bodem Geen belangrijk nadelig effect mits Geen belangrijk nadelig effect mits maatregelen uit nader onderzoek maatregelen uit nader onderzoek worden toegepast. worden toegepast. Archeologie, cultuurhistorie en Geen belangrijk nadelig effect mits Geen belangrijk nadelig effect mits landschap maatregelen uit nader onderzoek maatregelen uit nader onderzoek naar archeologie worden toegepast. naar archeologie worden toegepast en het ontwerp van de wijk zoveel mogelijk aansluit bij de aanwezige landschappelijke waarden. Geur Geen belangrijk nadelig effect. Er moeten maatregelen getroffen worden om de geurbelasting te verlagen. Energie en circulariteit Geen belangrijk nadelig effect Geen belangrijk nadelig effect wanneer invulling wordt gegeven aan de duurzaamheidsprincipes. Gezondheidsbevordering Geen belangrijk nadelig effect Geen belangrijk nadelig effect Klimaat Geen belangrijk nadelig effect Geen belangrijk nadelig effect Hinder tijdens de aanlegfase Geen belangrijk nadelig effect mits Geen belangrijk nadelig effect mits overkoepelend BLVC-plan voor overkoepelend BLVC-plan.

Halvinkhuizen als geheel.

blad 12 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

2.3

Activiteit: Fase 2 & 3 Plangebied Het plangebied voor fase 2 en 3 van het ontwikkelgebied Halvinkhuizen sluit naadloos aan op de bestaande ruimtelijke structuur van het dorp. Binnen en rondom het plangebied zijn houtwallen en landschappelijke groenstructuren aanwezig, die tevens ecologische verbindingen vormen. Momenteel wordt het plangebied voornamelijk agrarisch gebruikt, met name als grasland. De totale oppervlakte van fase 2 en 3 bedraagt ongeveer 26 hectare.

Figuur 2.7: Plangebied fases 2 & 3 (Bron: Kubiek TAM-Omgevingsplan Halvinkhuizen fase 2 en 3 Gemeente Putten, 2024).

In januari 2022 is een ontwikkelingsvisie opgesteld voor de ontwikkeling van Halvinkhuizen. Deze visie biedt richtlijnen voor de inrichting van de woonwijk Halvinkhuizen. Het TAM-omgevingsplan, geschreven door Kubiek, werkt deze richtlijnen verder uit. Er is ruimte voor maximaal 920 woningen in deelfases 2 en 3, waaronder vrijstaande huizen, rijtjeshuizen en appartementen. De verbeelding geeft aan in welk deel van het plangebied appartementen mogen worden gebouwd, in lijn met de uitgangspunten van de ontwikkelingsvisie. Ook de groenstructuur is vastgelegd. Voor fase 2 en 3 worden nog een stedenbouwkundige uitwerking en een beeldkwaliteitskader opgesteld. In de planologisch-juridische richtlijn van de ontwikkelingsvisie wordt gewaarborgd dat een omgevingsvergunning voor de bouw van panden niet wordt verleend als deze in strijd is met het nog vast te stellen beeldkwaliteitsplan. In hoofdlijnen zal de beeldkwaliteit aansluiten aan de visie en ontwikkeling beschreven voor fase 1 in de aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling geschreven door Antea Groep in 2023.

blad 13 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

3.

Effecten fase 2 & 3 Halvinkhuizen Het volgende hoofdstuk zal de effecten beschouwen die de ontwikkeling van fases 2 en 3 van de gebiedsontwikkeling Halvinkhuizen met zich mee zal brengen. Hierbij wordt rekening gehouden met een toename en verandering van de verkeerssituatie in en rond het beoogde gebied Halvinkhuizen. Daarnaast is er onderzoek gedaan naar de akoestische, lucht en geur-effecten van Halvinkhuizen en de omliggende gebieden, de externe veiligheid en ecologische waarden van het ontwikkelingsgebied, de inrichting van de bodem, het water en eventuele archeologische en cultuur-historische waarden, de gezondheidsbevorderingen van de ontwikkeling en ook de effecten op het klimaat, energie en circulariteit, als laatste wordt er beschouwd wat de effecten zijn van de aanlegfase 2 en 3.

3.1.1

Verkeer en parkeren De beoogde nieuwe woningen zullen extra verkeer genereren, en de noodzaak voor extra parkeergelegenheid in Halvinkhuizen. Deze paragraaf beschouwd de effecten van de verwachte toename van verkeer en parkeermogelijkheden.

3.1.2

Verkeer Huidige situatie Het wegennet bestaat uit gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen. Gebiedsontsluitingswegen bundelen verkeer van en naar erftoegangswegen en hebben grotere verkeersstromen. Halvinkhuizen ligt ten zuiden van twee gebiedsontsluitingswegen: de Nijkerkerstraat (N798, 80 km/u) en de Van Geenstraat (50 km/u), zie ook figuur 3.1. De Van Geenstraat verbindt de Nijkerkerstraat met de Voorthuizerstraat in het zuidoosten van het plangebied, belangrijke functie is ook te zien aan de hoge verkeersintensiteit van 9.200 mvt/etm.

Figuur 3.1 de huidige lokale verkeersstructuur rondom Halvinkuizen (Putten Zuid)

Het plangebied wordt aan de zuidzijde begrensd door de Hooiweg, een smalle erftoegangsweg buiten de bebouwde kom met een snelheidslimiet van 60 km/u en een verkeersintensiteit van 800 mvt/etm. De weg is smal en wisselt in breedte, met een smalle berm en bomen aan één kant, wat uitwijken moeilijk maakt en gevaarlijke situaties voor fietsers creëert. Daarom is een toename in verkeersintensiteit beperkt mogelijk. blad 14 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Aan de oostzijde ligt de Roosendaalseweg, met een verkeersintensiteit van 1.100 mvt/etm, die belangrijk is voor de ontsluiting van de sportlocatie (groen gebied op figuur 3.1). Er is een onderzoek gedaan naar de ontsluitingsmogelijkheden (en beperkingen) van Halvinkhuizen, de resultaten hiervan staan in de Studie ontsluitingsmogelijkheden Putten Zuid (28 januari 2021). Tabel 3-1 toont de huidige verkeersintensiteiten van de omliggende wegen. Tabel 3-1: Omliggende soorten wegen en de huidige verkeersintensiteit (Bron: Goudappel, 2021)

Weg

Wegtype

Verkeersintensit eit

Nijkerkerstraat Van Geenstraat Roosendaalseweg Hooiweg

Gebiedsontsluitingsweg (80 km/h) Gebiedsontsluitingsweg (50 km/h) Erftoegangsweg (60 km/h) Erftoegangsweg (60 km/h)

10.300 mvt/etm 9.200 mvt/etm 1.100 mvt/etm 800 mvt/etm

Daarnaast wordt er in het 2024 Goudappel rapport een referentiesituatie weergegeven met autonome ontwikkelingen. Deze worden weergegeven in tabel 3-2. Tabel 3-2: Referentiesituatie Halvinkhuizen (Bron: Goudappel rapport verkeersstudie omgevingsplan 2024). Autonome ontwikkelingen Ontwikkelingen

• Fase 1 Halvinkhuizen: 310 woningen • Bedrijventerrein Henslare, conform studie Henslare • Nieuwe Aldi (Van Geenstraat) • Ontwikkeling Hilary +37 woningen • Achterstraat/Molenstraat +28 woningen • Bilderdijkstraat-Noord +40 woningen • De Bosrande +240 woningen en 10 arbeidsplaatsen

Netwerk

• Stationsstraat deels 30km/u • Deel Dorpsstraat (verlengde Engweg) wordt samen met Engweg teruggebracht naar 30km/u • Jan Nijenhuisstraat 50km/u • Knip Stenenkamerseweg en Bijsterenseweg ter hoogte van het spoor • Aanpassingen knooppunt Hoevelaken gaan niet door • Garderenseweg (deel provincie) afwaarderen naar 60km/u • Voorthuizerstraat (deel provincie) afwaarderen naar 60km/u • Knippen van een aantal straten in het centrum. • Achterstraat en Bakkerstraat permanent knippen op kruispunt Kerkstraat-Achterstraat-Garderenseweg-Bakkerstraat. • Vanuit de Kerkstraat in het centrum is alleen nog verkeer mogelijk tijdens venstertijden. • Knip verlengde Kerkstraat in de zomer • Knip Weverstraat.

Toekomstig scenario Wanneer het plan voor Halvinkhuizen wordt gerealiseerd verandert de verkeersintensiteit op een aantal wegen, wanneer het huidige wegennet in gebruik blijft. De Verkeersstudie Omgevingsplan Halvinkhuizen fase 2, 3 en 4 (Goudappel, 21 november 2024) bevat een schatting van de toekomstige situatie met huidige verkeersnet (Figuur 3.2). Bovendien krijgen alle vier de deelgebieden (figuur 3.2) een eigen ontsluitingsweg. Fase 3 sluit aan op een nieuw te realiseren ontsluiting, fase 2 sluit aan op de Van Geenstraat. Fases 1 en 4 zullen aansluiten op de Roosendaalseweg.

blad 15 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 3.2: Intensiteit plan (2030, mvt/etm) (Bron: Goudappel, 2024).

Dit figuur geeft ook weer dat er per fase een aparte aansluiting voor gemotoriseerd verkeer wordt gerealiseerd op het wegennet. Om fietsverkeer maximaal te stimuleren en faciliteren worden er oost-west en noord-zuid fietsverbindingen gerealiseerd. Op de van Geenstraat neemt de kwaliteit van oversteekbaarheid voor langzaam verkeer af, zij moeten oversteken ter hoogte van kruispunten/rotondes of op locaties met een middengeleider. Bovendien kan deze toename aan verkeer ook voor toename zorgen op het kruispunt van Geenstraat – Voorthuizerstraat. Echter, ook in de referentiesituatie kunnen hier al langere wachttijden ontstaan. Tijdens piekdrukte kan dit er in de plansituatie voor zorgen dat de busbaan niet direct worden betreden door de bus. De classificatie voor deze verandering wordt door Goudappel als matig bestemd en levert geen extra verkeersonveilige situaties op, bovendien slaat de drukte niet terug op voorgaande kruispunten. Echter, om te voorkomen dat de bus moet aansluiten aan de wachtrij kan er worden overwogen worden of het mogelijk is de busbaan te verlengen. Daarnaast bevat het Gemeentelijke verkeer en vervoerplan een aantal veranderingen ten opzichte van de huidige wegencategorisering. Figuur 3.1 geeft de huidige situatie neer, figuur 3.3 beschouwd de toekomstige situatie.

Figuur 3.3: Gewenste toekomstige wegencategorisering (Bron: Gemeentelijke verkeer en vervoerplan).

blad 16 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Effectenbeoordeling De bouw van maximaal 920 woningen in fases 2 en 3 zal extra verkeer genereren, wat de omliggende wegen belast omdat er meer verkeer van en naar het plangebied gaat ontstaan. De gemeente Putten streeft naar een duurzame, groene en veilige wijk door elektrisch vervoer, duurzame brandstoffen, fietsen en openbaar vervoer te stimuleren. Daarom is het van belang om toekomstige ontwikkelingen ruimte te geven. Ook is het essentieel om in te zetten op langzaam verkeer (fietsers en voetgangers) en dit te bevorderen voor betere toegang tot voorzieningen (scholen/sport) en knooppunten (station en bushaltes). Uit onderzoek blijkt dat vooral de kruising op de Van Geenstraat - Voorthuizerweg drukker wordt door de nieuwe wijk Halvinkhuizen fases 2, 3 en 4 (zie ook figuur 3-4). Dit leidt tot een toename van 2500 à 3000 mvt/etm op het drukste wegvak. Hiermee komt het belang van een veilige omgeving en goede ontsluitingsstructuur voor langzaam verkeer in de knel: 1. Wanneer de Van Geenstraat een drukke straat blijft zal deze een barrière vormen en zal het lastig zijn de straat over te steken van en naar Halvinkhuizen. Vooral langzaam verkeer heeft hier last van. De kans is dan groter dat de auto vaker gebruikt wordt. 2. En dat zorgt er vervolgens weer voor dat de hoeveelheid verkeer op onder andere de Van Geenstraat verder toeneemt. 3.

Bovendien kan de busbaan op piekmoment niet altijd direct bereikbaar blijven. Er kan dus worden onderzocht of de busbaan verlengd kan worden. Echter levert de plansituatie geen extra onveilige situaties op.

Figuur 3-4: Bestemmingen en belangrijke verbindingen richting Halvinkhuizen (Putten Zuid).

Conclusie De wegen rondom Halvinkhuizen zullen meer verkeer te verwerken krijgen. Bovendien beschrijft het TAM-omgevingsplan (Kubiek, November 2024) dat de gemeente Putten een besluit heeft genomen dat er een voorkeurtracé wordt aangelegd voor extra ontsluiting van het plangebied. Het wegennet kan de verkeersafwikkeling in zuidelijke richting goed opvangen, mits de interne (fiets)verbindingen goed worden aangesloten. Het verkeer kan efficiënt worden afgehandeld via de huidige ontsluitingen. Ook de aansluitingen in de omgeving van het plangebied vertonen een goede doorstroming. Het kruispunt Van Geenstraat - Voorthuizerstraat, dat iets verder weg ligt, heeft een andere doorstromingskwaliteit. In de huidige situatie ontstaan hier al langere wachttijden en wachtrijen, die in de geplande situatie verder toenemen. Echter, deze toename zal geen onveilige situaties opleveren en niet terugslaan op andere kruispunten als beschreven in de verkeersstudie omgevingsplan (Goudappel, 2024). Een mogelijk mitigerende maatregel is het verlengen van de busbaan, omdat deze tijden piekdrukte mogelijk niet bereikbaar zal zijn.

blad 17 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Er worden dus geen significante nadelige effecten op het verkeer verwacht, zolang er passende stedenbouwkundige keuzes worden gemaakt voor langzaam verkeer.

3.1.3

Parkeren Huidige situatie De parkeernorm in Putten is vastgelegd in de Nota Parkeernormen (2024). Binnen het plangebied is voldoende ruimte om de benodigde parkeergelegenheid te voorzien. Door de geactualiseerde gemeentelijke Nota Parkeernormen te koppelen aan de regels van het plan voor Halvinkhuizen is het onderdeel parkeren juridisch voldoende geborgd. Voor Halvinkhuizen fases 2 en 3 wordt er uitgegaan van de parkeernormen uit deze nota (tabel 3-3). Tabel 3-3: Aangepaste parkeernormen voor de wijk Halvinkhuizen (Bron: Goudappel).

Effectenbeoordeling De geactualiseerde gemeentelijke Nota Parkeernormen met toegevoegde gebiedseigen parkeernormen voor Halvinkhuizen, en de koppeling met het bestemmingsplan van Halvinkhuizen, borgen juridisch en planologisch het aspect parkeren. Indien de parkeervraag, volgend uit deze normen, binnen het plangebied wordt gerealiseerd worden op voorhand geen nadelige effecten verwacht. Conclusie Er worden op voorhand geen nadelige gevolgen en effecten verwacht ten aanzien van het aspect parkeren.

3.2

Geluid Wettelijk kader In het besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) zijn standaardwaarden en grenswaarden vastgesteld voor diverse geluidsbronnen, zoals wegverkeer, spoorwegverkeer en industrielawaai. Bij de realisatie van geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen, moet door middel van een akoestisch onderzoek worden nagegaan of de grenswaarde wordt overschreden, deze waarden worden vermeld in Tabel 3-4. Om dit te meten wordt er gebruik gemaakt van de indicatoren Lden en Lnight. Lden is het geluidsniveau over 24 uur, met extra gewicht voor avond en nacht. Lnight is de geluidsblootstelling in de nacht. Daarnaast moet worden beoordeeld of er maatregelen mogelijk zijn om het geluid te beperken.

blad 18 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V. Tabel 3-4 Standaardwaarde geluid op een geluidgevoelig gebouw per geluidsbron volgens Bkl Geluidsbronsoort Standaardwaarde Grenswaarde Provinciale wegen

50 Lden

65 Lden

Rijkswegen

50 Lden

65 Lden

Gemeentewegen

53 Lden

70 Lden

Waterschapswegen

53 Lden

70 Lden

Lokale spoorwegen

55 Lden

70 Lden

Hoofdspoorwegen

55 Lden

70 Lden

Industrieterreinen

50 Lden

60 Lden

40 Lnight

50 Lnight

Huidige situatie Uit onderstaand Figuur 3.5 blijkt dat het plangebied onderhevig is aan wegverkeerslawaai. Het plangebied Halvinkhuizen ligt niet binnen een geluidzone van een industrieterrein en ligt op voldoende afstand van het spoor. Wegverkeerslawaai is de enige relevante geluidsbron voor de ontwikkeling Halvinkhuizen. De geluidbelasting is het hoogst ten aanzien van de Nijkerkerstraat en de Van Geenstraat.

Figuur 3.5 Geluidbelasting door wegverkeer (Bron: RIVM).

Op onderstaande kaart is de cumulatieve geluidbelasting weergegeven. Het gaat hier om het gemiddelde geluidsniveau per jaar van wegverkeer, treinverkeer, vliegtuigen, industrie en windturbines. In het geval van Halvinkhuizen zijn vliegtuigen, industrie en windturbines niet van toepassing.

blad 19 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 3.6 Cumulatieve geluidbelasting (Lcum) in dB (Bron: RIVM).

De geluidsbelasting is onderverdeeld in gezondheidseffect-scores, zoals weergegeven in Tabel 35. De cumulatieve geluidbelasting van het noordelijke gedeelte van het plangebied valt onder de GES-score 4 tot 5, oftewel matig tot zeer matig. Tabel 3-5: GES-scores voor geluidsbelasting (Bron: Omgevingsdienst Noord-Veluwe).

Effectbeoordeling De effecten van wegverkeerslawaai op de woningen zijn afhankelijk van verschillende factoren, zoals de afstand van de woningen tot de weg, de verkeersstructuur, de verkeersintensiteiten op

blad 20 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

de weg en het type wegdek. Het akoestisch onderzoek van Goudappel BV heeft voor fase 2 & 3 van Halvinkhuizen de volgende bevindingen opgeleverd: 1. Gemeentelijke wegen: • De geluidsbelasting aan de oost- en zuidzijde van het plangebied ligt hoger dan de standaardwaarde van 53 dB, maar blijft onder de grenswaarde van 70 dB. Geluidsreducerende maatregelen zijn nodig. 2. Provinciale weg (N798 Nijkerkerstraat): • De geluidsbelasting ligt hoger dan de standaardwaarde van 50 dB, maar onder de grenswaarde van 60 dB. Ook hier zijn geluidsreducerende maatregelen nodig. 3. Aanleg zuidelijke ontsluiting: • De aanleg van de nieuwe zuidelijke ontsluitingsweg veroorzaakt een overschrijding van de standaardwaarde van 53 dB op de Beitelweg 10B. Er zijn geen overschrijdingen van de grenswaarde van 70 dB. 4. Indirecte planeffecten: • Er zijn geen significante toenames van de geluidsbelasting langs wegen in de omgeving, wat betekent dat er geen indirecte planeffecten zijn. Conclusie Gezien de bevindingen van het akoestisch onderzoek en de noodzaak voor geluidsreducerende maatregelen, is het niet noodzakelijk om een volledige milieueffectrapportage uit te voeren. Het is te overwegen om, naast de al toegepaste bronmaatregelen door middel van geluidsreducerend wegdek op de Nijkerkerstraat en Van Geenstraat, ook overdrachtsmaatregelen en ontvangstmaatregelen toe te passen.

Dit kan echter bezwaren opleveren vanuit stedenbouwkundig oogpunt.

3.3

Luchtkwaliteit Wettelijk kader Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) vormt de belangrijkste wet- en regelgeving met betrekking tot luchtkwaliteit. Deze wet stelt wettelijke grenswaarden vast voor diverse luchtverontreinigende stoffen, waarbij stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5) de meest relevante zijn. De wettelijke grenswaarden zijn weergegeven in tabel 3-6. Daarnaast geeft de World Health Organization (WHO) advieswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof, die eveneens in de tabel zijn opgenomen. Tabel 3-6: Wettelijke grenswaarden en WHO-advieswaarden ten aanzien van luchtverontreinigende stoffen

Stikstofdioxide (NO2) Fijnstof (PM10) Fijnstof (PM2,5)

Grenswaarde jaargemiddelde 40 µg/m3

WHOadvieswaarde 10 µg/m3

40 µg/m3

15 µg/m3

25 µg/m3

5 µg/m3

Onder het BKl valt dat de omgevingswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof een resultaatsverplichting zijn. De omgevingswaarden voor fijnstof gelden op stedelijke achtergrondlocaties, zijnde stedelijk gebied waar de concentraties representatief zijn voor de blootstelling van de stedelijke bevolking in het algemeen. Huidige situatie Tabel 3-7 toont de concentratiewaarden van luchtverontreinigende stoffen in de lucht ter plaatse van het plangebied. Deze waarden zijn gebaseerd op de NSL-kaart van de Rijksoverheid en zijn genomen van het dichtstbijzijnde rekenpunt langs de N303/Van Geenstraat, direct grenzend aan het plangebied. Uit deze gegevens blijkt dat op de planlocatie ruimschoots wordt voldaan aan de wettelijke grenswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof. Echter, de WHO-advieswaarden worden niet gehaald.

blad 21 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Tabel 3-7: Concentratie luchtverontreinigende stoffen ter plaatse van het plangebied (bron: NSL)

Concentratie 2020

Concentratie 2030

Stikstofdioxide (NO2) Fijnstof (PM10)

12,9 µg/m

8,6 µg/m3

16,3 µg/m3

14,0 µg/m3

Fijnstof (PM2,5)

8,8 µg/m3

7,2 µg/m3

3

Effectbeoordeling De ontwikkeling van Halvinkhuizen betreft de realisatie van ongeveer 1.400 woningen. Deze woningen genereren wegverkeer waarmee de concentratie van luchtverontreinigende stoffen kan toenemen. Deze toename is naar verwachting beperkt. Er is geen toetsing aan de grenswaarden nodig, omdat er geen significante verandering in de achtergrondconcentraties van luchtverontreinigende stoffen wordt verwacht. De woningen worden ontwikkeld in een omgeving waar de concentraties luchtverontreinigende stoffen ruim onder de wettelijke grenswaarden liggen. De luchtkwaliteit is daarmee voldoende geschikt voor een woonfunctie. Conclusie Er worden geen significante negatieve gevolgen voor het aspect luchtkwaliteit verwacht als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling.

3.4

Externe veiligheid Wettelijk kader In paragraaf 5.1.2 van het besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) worden regels gegeven over de toelaatbaarheid van verschillende categorieën gebouwen en locaties vanwege veiligheidsrisico’s door toegestane activiteiten volgens het omgevingsplan. Voor het vaststellen van de effectbeoordeling is dit wettelijk kader meegenomen. Effectbeoordeling Woningen zijn kwetsbare locaties en moeten voldoen aan de wetgeving omtrent omgevingsveiligheid. Voor de beoordeling in het rapport TAM-omgevingsplan Halvinkhuizen fase 2 en 3 (Kubiek, 6 november 2024) waarin is beschouwd of er risicovolle activiteiten of transportroutes voor gevaarlijke stoffen in de buurt van het plangebied zijn, is de risicokaart geraadpleegd. Figuur 3.7 toont een uitsnede van deze kaart.

blad 22 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 3.7: Uitsnede risicokaart met aanduiding plangebied (bron: Atlas leefomgeving).

Transport van gevaarlijke stoffen Binnen 200 meter van het plangebied is er geen hoofdvaarweg, spoorbaan of rijksweg waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Buiten deze directe omgeving liggen de EV-relevante spoorlijn Amersfoort - Zwolle (ca. 1200 meter) en de provinciale weg N798 (ca. 70 meter). Er is geen buistransportleiding met een PR 10-6 contour in of nabij het plangebied. De dichtstbijzijnde buistransportleiding is gasleiding N-570-26 van de Gas Unie, op circa 250 meter ten noordwesten van het plangebied. Risicosituatie Het plangebied valt binnen het toxische invloedgebied van de spoorlijn. Omdat de planlocatie meer dan 200 meter van het spoor ligt, is een beperkte verantwoording van het groepsrisico voldoende. Het plangebied ligt ook binnen het explosie-invloedgebied van de provinciale weg N798. Het groepsrisico voor deze risicobron moet beperkt verantwoord worden volgens paragraaf 4.4 van de Gezamenlijke beleidsvisie externe veiligheid gemeente in de regio Veluwe-Noord (projectnr. 249182, d.d. januari 2015). Tabel 3-8: Risicosituatie op basis van voorgenoemde risicobronnen (bron: TAM-omgevingsplan Halvinkhuizen fase 2 en 3 (Kubiek, 6 november 2024)).

Activiteiten In het plangebied vinden EV-relevante activiteiten plaats, zoals aan de Beitelweg 7, waar een propaantank van 18 m³ aanwezig is. De plaatsgebonden risicocontour voor deze tank is 40 meter en het invloedgebied 150 meter. Binnen de plaatsgebonden risicocontour mogen geen woningen worden gebouwd. Binnen het invloedgebied mogen woningen worden gebouwd, mits het groepsrisico de oriëntatiewaarde niet overschrijdt. Omdat de tank midden in het plangebied ligt waar woningen gepland zijn, zal deze tank worden verwijderd voordat de bouw begint. blad 23 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Verantwoording groepsrisico Gelet op het voorgaande is een beperkte verantwoording van het groepsrisico opgenomen, hier wordt ingegaan op de aspecten rampenbestrijding en zelfredzaamheid. In het plangebied wordt alleen de functie woongebied bestemd, zonder functies die potentieel de zelfredzaamheid kunnen verminderen (zorg- of maatschappelijke functies). Wel is er ruimte voor een beroep of bedrijf aan huis, wat de personendichtheid niet verandert. De wegenstructuur wordt zo aangelegd dat er voldoende vlucht- en toegangswegen zijn voor rampenbestrijding en zelfredzaamheid. Er is ook voldoende bluswater aanwezig. Rampenbestrijding Bij een calamiteit zal de brandweer zich richten op het beperken of voorkomen van de effecten bij, voornamelijk, de bron. De brandweer richt zich dan niet direct op het bestrijden van effecten in of nabij het plangebied. Secundaire branden in het plangebied kunnen worden bestreden met de aanwezige primaire bluswatervoorzieningen. De mogelijkheden voor bestrijdbaarheid worden daarom niet verder in beschouwing genomen. Zelfredzaamheid Bij een calamiteit moeten bewoners geïnformeerd worden hoe te handelen. Hiervoor worden waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS-palen) of NL-alert gebruikt. Bij vrijkomende toxische stoffen is het advies om binnen te blijven, ramen en deuren te sluiten en mechanische ventilatie uit te schakelen.

Dit moet worden meegenomen in het woningontwerp. Bij een wolkbrandexplosie is het advies om van de risicobron weg te vluchten. Conclusie Vanuit het thema externe veiligheid bestaan er geen belemmeringen ten aanzien van de ontwikkeling van Halvinkhuizen fase 2 en 3 mits er rekening wordt gehouden met de in bovenstaande paragraaf genoemde mitigerende ontwerpen en de propaantank voor de bouw van huizen wordt verwijderd.

3.5

Ecologie

3.5.1

Gebiedsbescherming In en rond het plangebied zijn geen gebieden aanwezig die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). In onderstaand figuur 3.8 is de ligging van het plangebied weergegeven ten opzichte van het NNN. Het dichtstbijzijnde NNN-gebied ligt op 2 kilometer van het plangebied. Door de afstand tot het NNN worden geen negatieve effecten op NNN gebieden verwacht.

blad 24 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 3.8: Natuurnetwerk Nederland gebieden rondom het plangebied.

Het plangebied ligt op circa 2 kilometer afstand van het Natura 2000-gebied de Veluwe aan de oostzijde. Directe effecten op Natura 2000-gebieden (zoals verstoring door geluid, licht en trillingen) kunnen vanwege de afstand worden uitgesloten. Binnen Natura 2000-gebieden zijn effecten van stikstofdepositie niet op voorhand uit te sluiten, daarom is onderzoek gedaan naar de stikstofdepositie (Stikstofdepositie-onderzoek woningbouwontwikkeling Halvinkhuizen Putten, d.d. 26 november 2022). Gebruiksfase Voor de gebruiksfase geldt dat een maximale toename van stikstofdepositie van 0,00 mol/ha/jaar wordt berekend als de veehouderij Hooiweg 22 als saldogever kan worden gebruikt. Wanneer alleen interne saldering 1 met bemeste landbouwgrond plaatsvindt, wordt voor de gebruiksfase een maximale toename van 0,14 mol/ha/jaar berekend. Dit leidt tot toenames van > 0,00 mol/ha/jaar op een gebied van 1.669 hectare ten zuidoosten van Putten in het Natura 2000-gebied Veluwe, als gevolg van de significante toename van verkeer op de N303 over een lang traject (tot aan Voorthuizen). Ook in de jaren voorafgaand aan de volledige voltooiing van Halvinkhuizen (2038) zal er sprake zijn van een toename in depositie, omdat naarmate de aanlegfase vordert, er steeds meer woningen worden gerealiseerd en bewoond, wat leidt tot toenemende verkeersgeneratie.

De aanlegfase en de gebruiksfase lopen dus in elkaar over. Dit is moeilijk te kwantificeren omdat verkeersmodellen voor deze tussenfasen momenteel niet beschikbaar zijn. Wanneer echter de veehouderij Hooiweg 22 als saldogever kan worden gebruikt, wordt voor geen enkel zichtjaar (niet tijdens de aanlegfase en niet in de gebruiksfase) en op geen enkel relevant hexagoon een toename in stikstofdepositie berekend ten opzichte van de referentiesituatie. Er zijn dan geen negatieve effecten te verwachten op stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden als gevolg van het plan, en het aspect stikstofdepositie vormt geen belemmering voor het vaststellen van het plan. Dit geldt echter niet wanneer geen gebruik kan worden gemaakt van Hooiweg 22 als saldogever. Aanlegfase Voor de aanlegfase zijn vier periodes met vergelijkbare werkzaamheden te onderscheiden: 2028, 2029-2030, 2031 en 2032-2037. In al deze periodes wordt geen toename van stikstofdepositie

1

Naar aanleiding van recente uitspraken van de Raad van State in de hoger beroepszaken van 18-12-2024 inzake de Amercentrale en Rendac is het toetsingskader in het vergunningenspoor (projectspoor) veranderd. Voor projecten waarbij intern salderen nodig is of was om significante effecten op Natura 2000-gebieden uit te kunnen sluiten, geldt dat nu een passende beoordeling moet worden opgesteld en een natuurvergunning moet worden aangevraagd, waarbij ook moet worden aangetoond dat voldaan wordt aan het additionaliteitsvereiste. Voor het stikstofdepositieonderzoek voor Halvinkhuizen fase 2 en 3 is dit echter niet aan de orde. Het onderzoek is namelijk uitgevoerd met als doel het plan te kunnen vaststellen. De uitspraken van de Raad van State van 18 december hebben alleen betrekking op het projectspoor (vergunningenspoor) en niet op het planspoor. Tot het moment dat hierover zekerheid wordt geboden in de jurisprudentie, kan voor een plan het gebruik worden gemaakt van intern salderen zonder een passende beoordeling en zonder toepassing van het additionaliteitsvereiste.

blad 25 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

berekend (maximale toename 0,00 mol/ha/jaar). Dit blijft ook zo wanneer interne saldering alleen plaatsvindt met bemeste landbouwgrond en zonder de veehouderij Hooiweg 22 als saldogever. Conclusie Vanuit het thema ecologische gebiedsbescherming is er geen belemmering voor de ontwikkeling van Halvinkhuizen fase 2 & 3. Mits Hooiweg 22 als saldogever kan worden gebruikt, zijn er geen negatieve effecten op stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden

3.5.2

Soortenbescherming In het kader van de Wet natuurbescherming worden bij dergelijke ruimtelijke ingrepen en bij wijzigingen van bestemmingsplannen onderzoek gedaan naar de aanwezige beschermde soorten en wordt een beoordeling gemaakt van eventuele negatieve effecten van de plannen op deze soorten. Flora Volgens de Ecologische Effectenbeoordeling voor Putten Zuid is er in de omgeving van het plangebied geen beschermde flora aanwezig. Dit komt doordat het gebied voornamelijk bestaat uit agrarisch beheerde weilanden en akkers, waar vestiging van beschermde flora onwaarschijnlijk is. Fauna Het Ecologisch soortonderzoek van TAUW, gedateerd 1 september 2022, heeft verschillende beschermde (zoog)dieren en vogels onderzocht om de functie van het plangebied voor deze soorten vast te stellen. In de volgende paragrafen worden de beschermde soorten en de verwachte negatieve effecten van de geplande ontwikkeling op deze soorten besproken. Das Tijdens het ecologische onderzoek is twee keer onderzoek gedaan naar de das. Twee keer is een das verschenen op de cameravallen. Eén keer naast de bijburcht en één keer in de houtwal die midden door het plangebied loopt, zie figuur 3.9. Een bijburcht is een kleinere, secundaire burcht die vaak in de buurt van de hoofd- of hoofdburcht ligt. Deze bijburchten worden gebruikt als tijdelijke schuilplaatsen of als uitbreiding van de hoofdstructuur.

Aangenomen wordt dat in het overgrote deel van het jaar binnen de 30 hectare rondom de hoofdburcht, buiten het plangebied voldoende voedsel verkregen wordt. In mindere gunstige perioden van het jaar kan een groter foerageergebied nodig zijn, waarbij de bijburcht, die in het plangebied ligt, mogelijk frequenter bezocht wordt. Primair foerageergebied bevindt zich dus buiten het plangebied. Het plangebied betreft secundair foerageergebied.

blad 26 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Figuur 3.9: Locaties van de dassenburchten in en om het plangebied (Bron: TAUW).

In 2022 zijn tijdens het vleermuisonderzoek in het voorjaar (twee avondbezoeken) waarnemingen van dassen gedaan. Omdat de dassen vroeg op de avond actief waren was er een vermoeden dat de bijburcht uit het voorgaande onderzoek mogelijk een belangrijkere functie had gekregen dan het onderzoek in 2021 had aangetoond. Daarom is in 2022 opnieuw onderzoek gedaan met cameravallen bij de bijburcht. Uit de analyse van de gemaakte beelden blijkt dat er geen enkele das is waargenomen bij de bijburcht in bovengenoemde onderzoeksperiode. Gelet hierop is te concluderen dat de bijburcht van das nog steeds als bijburcht geclassificeerd kan worden en dus geen primaire verblijfslocatie. Door de beoogde ontwikkeling wordt één bijburcht van de das vernietigd. Ook gaat er een secundair foerageergebied (circa 30 hectare) van das verloren. Dit is een overtreding van de Wet natuurbescherming, en wordt er een negatief effect verwacht op de leefomgeving van de das. Voor deze te overtreden verbodsbepaling dient een ontheffing van de Wet natuurbescherming verkregen te worden. Steenmarter Steenmarter is slechts drie keer geregistreerd door cameravallen en één keer op zicht waargenomen. Verblijfplaatsen binnen het plangebied zijn uitgesloten. Echter is het perceel van Beitelweg 7 niet onderzocht door het ontbreken van terreintoestemming.

Verblijfplaatsen worden hier ook niet verwacht door het geringe aantal beeldregistraties. Om volledige zekerheid te verkregen dient dit perceel nader onderzocht te worden met cameravallen. Op overige delen van het plangebied is op basis van de resultaten te concluderen dat verblijfplaatsen afwezig zijn en er dus geen nadelige effecten te verwachten zijn. Voor die delen is geen ontheffing van de Wet natuurbescherming of het nemen van maatregelen nodig. Boommarter Tijdens het onderzoek met cameravallen is acht keer een boommarter geregistreerd. De registraties zijn voornamelijk rond de volkstuintjes gedaan (vijf keer). Tweemaal werd een boommarter in de zuidelijke uitloper van de houtwal die dwars door het plangebied loopt geregistreerd en eenmaal op de westgrens van het plangebied op de grens met Landgoed Bijstein. Twee keer is een jonge boommarter geregistreerd, beide keren aan de westkant van de volkstuintjes, nabij de grens met Landgoed Bijstein. Door meerdere waarnemingen van blad 27 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

boommarter (inclusief jongen) behoort het plangebied tot essentieel foerageergebied daarvan. Hierbij hebben alleen de houtwal door het gebied (2 hectare), de bomenrijen rondom het plangebied (2 hectare) en de volkstuintjes (2 hectare) waarde voor boommarter. Overige delen bestaan uit intensieve landbouw en zijn daardoor ongeschikt voor boommarter. Door het bouwen van een woonwijk in het leefgebied van boommarter verdwijnt er essentieel foerageergebied (6 hectare) en een mogelijke rustplaats in een vogelnest. Hierdoor is de beoogde ontwikkeling een overtreding van artikel 3.10 lid 1b van de Wet natuurbescherming en kunnen negatieve effecten worden verwacht. Hiervoor dient een ontheffing van de Wet natuurbescherming verkregen te worden. Kleine marterachtigen Tijdens het onderzoek met 17 cameravallen is geen bunzing, hermelijn of wezel geregistreerd. Hieruit kan afgeleid worden dan bunzing, hermelijn en wezel niet aanwezig zijn in het plangebied. Negatieve effecten op deze soorten zijn uitgesloten. Eekhoorn Tijdens de nestinventarisatie naar eekhoorn zijn er geen eekhoornnesten aangetroffen. Ook uit het onderzoek met cameravallen blijkt dat eekhoorn niet is geregistreerd. De conclusie is dat eekhoorn afwezig is in het plangebied. Vleermuizen In het plangebied zijn meerdere beschermde functies van vleermuizen aangetroffen.

Het betreft verblijfplaatsen van gewone dwergvleermuizen en daarnaast zijn er twee essentiële vliegroutes aangetroffen van verschillende soorten vleermuizen. Er zijn zes paarterritoria van gewone dwergvleermuis aangetroffen. Vier van deze paarterritoria bevinden zich rond bebouwing en twee rond bomen. Een zomerverblijfplaats van gewone dwergvleermuis is aangetroffen in de woning op het perceel van Van Geenstraat 85 en Hooiweg 14. Ter hoogte van Hooiweg 18 is een paarverblijfplaats van de rosse vleermuis waargenomen. Er zijn twee essentiële vliegroutes waargenomen. Eén langs de houtwal die door het plangebied loopt, en de ander is de bomenrij die langs de Hooiweg loopt. Het voornemen is om bestaande woonhuizen en de grotere houtwallen met functies voor vleermuizen te behouden. Door het nemen van maatregelen zijn de paarverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis en rosse vleermuis en essentiële vliegroutes van diverse soorten vleermuizen te behouden. Door het voorkomen van uitstralende, kunstmatige verlichting richting paarterritoria en essentiële vliegroutes zijn negatieve effecten te voorkomen en is geen ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig. Een ter zake kundig ecoloog dient betrokken te worden bij het opstellen van het verlichtingsplan. Wanneer dit niet mogelijk is dient een ontheffing van artikel 3.5 lid 2 en 4 van de Wet natuurbescherming verkregen te worden.

Ook wanneer de woningen langs de Hooiweg en Van Geenstraat 85 niet behouden blijven is een ontheffing nodig en volstaat de maatregel aangaande verlichting niet. Jaarrond beschermde vogelsoorten Ransuil en bosuil Er zijn geen ransuilen waargenomen tijdens de veldbezoeken. Hieruit kan geconcludeerd worden dat ransuil afwezig is in en om het plangebied. Een verklaring van de afwezigheid van de ransuil kan zijn dat er in landgoed Bijstein, ten westen van het plangebied, een bosuil aanwezig is. Bosuil kan een ransuil uit een gebied verdrijven. Door afwezigheid van ransuil zijn negatieve effecten daarop uitgesloten. Negatieve effecten op bosuil worden ook uitgesloten, omdat het landgoed behouden blijft. Daarnaast is de bosuil niet strikt jaarrond beschermd, doordat deze in categorie 5 valt. Een ontheffing van de Wet natuurbescherming en het nemen van maatregelen voor ransuil (en bosuil) zijn niet nodig.

blad 28 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Steenuil Alle aangetroffen nest- en rustlocaties van steenuil blijven behouden tijdens de uitvoering van de beoogde ontwikkeling. Indirect raakt echter essentieel foerageergebied verloren, wat kan leiden tot indirecte aantasting van twee nestlocaties van de steenuil. Zo vormen de volkstuintjes een belangrijk onderdeel van het foerageergebied van de steenuil rond Beitelweg 8 en het zuidoostelijk deel van het plangebied belangrijk foerageergebied van de nestlocatie steenuil aan de Hooiweg 8. De volkstuintjes zijn van primair belang voor de steenuil van Beitelweg 8, gezien daar muizen leven. Het zuidoostelijk deel van het plangebied (circa 5,5 hectare) wordt als essentieel foerageergebied voor de steenuilen van Hooiweg 8 aangemerkt. Voor beide nest- en/of rustlocaties is functionele leefomgeving (essentieel foerageergebied) aanwezig binnen het plangebied. De beoogde ontwikkeling zorgt ervoor dat deze functionele leefomgeving verloren gaat en heeft dus een negatief effect op de nest- en/of rustlocaties van steenuilen. Dit is een overtreding van de Wet natuurbescherming, artikel 3.1, lid 2. Kerkuil Het gehele plangebied (circa 50 hectare) wordt gebruikt als foerageergebied van kerkuil. De beoogde ontwikkeling zorgt ervoor dat 50 hectare aan foerageergebied van kerkuil verloren gaat. Dit is ongeveer 20% van het totale foerageergebied rondom de nestlocatie.

Het plangebied heeft een belangrijk aandeel in het voedselaanbod voor de kerkuil. Door de beoogde ontwikkeling gaat dit foerageergebied verloren en kan indirect de nestlocatie ongeschikt raken of minder goed functioneren. In dat geval is de beoogde ontwikkeling in strijd met artikel 3.10, lid 2 van de Wet natuurbescherming. Hiervoor dient een ontheffing van de Wet natuurbescherming verkregen te worden.

blad 29 van 42

M.e.r.-beoordeling Halvinkhuizen fases 2 & 3 projectnummer 0498100.100 27 januari 2025 Kubiek Ruimtelijke Plannen B.V.

Huismus In en om het plangebied zijn 26 nestlocaties van huismussen in woningen aangetroffen. Ook zijn op het perceel van de Van Geenstraat 85 vijf foeragerende huismussen aangetroffen. Ook zijn er zandige delen aanwezig, die huismussen gebruiken om stofbaden te nemen. De nestlocaties van deze huismussen bevinden zich waarschijnlijk ten noorden of in de woonwijk ten oosten van het perceel. Voedselvoorziening en zand-/stofbaden zijn beschermde functies van huismus, omdat deze nodig zijn om de nestlocatie te laten functioneren. Het perceel van Van Geenstraat 85 behoort daarom tot de functionele leefomgeving van minimaal 5 paar huismussen. De voorgenomen ontwikkeling kan indirect de tot aantasting leiden van nestgebieden net buiten het plangebied en dus negatieve effecten op de leefomgeving van de huismus. Dit is een overtreding van de Wet natuurbescherming, artikel 3.1, lid 2. Hiervoor dient een ontheffing van de Wet natuurbescherming verkregen te worden. Daarnaast is het onderzoek niet volledig voor Beitelweg 7, dit moet op een later moment nog uitgevoerd worden. Teunisbloempijlstaart Er zijn geen rupsen van teunisbloempijlstaart aangetroffen, maar een ook zijn twee percelen (Hooiweg 22 - 24) nog niet onderzocht. Voor deze twee percelen zijn nog geen effecten te bepalen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15152580/1