G -jaarstukken-2022-werkom-bedrijfsvoeringsorganisatie
Tekst van het document
Jaarstukken
2022
Jaarstukken 2022 periode: 1 januari 2022 t/m 31 december 2022 bedrijfsvoeringsorganisatie Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend 21 april 2023
Inhoud Jaarverslag 2022 Programmaverantwoording 1 Inleiding 2 Kaders en ontwikkelingen 3 Organisatie 4 Beleid en uitvoering 5 Financiën 6 Paragrafen
2 3 8 9 15 16
Jaarrekening 2022
27
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Toelichting op het Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening WNT-verantwoording 2022 Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend Balans per 31 december 2022 Algemene grondslagen en grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Toelichting balans Bijlage 1 Uitvoeringsinformatie, Taakvelden Controleverklaring van de onafhankelijk accountant Bijlage 2 Uitvoeringsinformatie, Economische categorieën Bijlage 3, Geconsolideerde cijfers Toelichtingen op de geconsolideerde cijfers
28 29 35 37 39 42
Programmaverantwoording
Jaarverslag 2022 Programmaverantwoording
1
Inleiding
Dit zijn de jaarstukken (jaarverslag en jaarrekening) over het jaar 2022 van het ‘Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend’, handelend onder de naam ‘Werkom’. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet (PW) en de Wet sociale werkvoorziening (WSW). Doel van de PW is om mensen met arbeidsvermogen die vallen onder doelgroep (personen met een arbeidsbeperking) naar werk toe te leiden, bij voorkeur naar regulier werk. M.b.t. de WSW is geen nieuwe instroom meer mogelijk. Ter uitvoering van de taken in het kader van de PW en de WSW hebben de gemeenten Purmerend en Zaanstad Werkom opgericht. Dit is gedaan op basis van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Er is gekozen voor een Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO). De colleges van beide gemeenten hebben de bevoegdheden uit de WSW overgedragen aan Werkom met dien verstande dat bevoegdheid om beleidsregels te stellen, blijft toekomen aan de colleges. Ten aanzien van de taken in het kader van de uitvoering van de PW is aan de secretaris-directeur van Werkom mandaat verleend. Gemeenten hebben beleidsruimte om de vorm en inhoud van de arbeidsondersteuning binnen de wettelijke kaders zelf te bepalen. De gemeenteraad formuleert bij verordening beleid voor de arbeidsondersteuning aan de doelgroep, waaronder ook nietuitkeringsgerechtigden of prioritaire doelgroepen.
De hier relevante doelgroep bestaat uit mensen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt. Mensen die op 31 december 2014 een geldige SW-indicatie hadden en in een SW-dienstbetrekking werkzaam zijn, behouden hun rechten en plichten. Het gaat bij de nieuwe doelgroep ook om schoolverlaters uit het voortgezet speciaal onderwijs (VSO), het praktijkonderwijs (PrO) en het mbo-entreeonderwijs. Het is van belang dat zij in beeld zijn, passende begeleiding krijgen en aan de slag komen bij werkgevers, zo nodig met ondersteuning. Ook statushouders vormen een belangrijke doelgroep. In deze jaarstukken wordt verantwoording afgelegd over één programma; Werk bestaande uit 2 primaire taakvelden: 'arbeidsparticipatie' en 'begeleide participatie' met daarnaast de taakvelden 'mutaties over reserves', 'treasury' en 'overhead'. De BVO van Werkom heeft in 2018 een besloten vennootschap opgericht, Werkom diensten BV, waarvan het 100% van de aandelen houdt. Beide entiteiten leveren, via bedrijfsonderdelen, ook producten of diensten aan afnemers. De BV wordt benut om het private deel van de markt te bedienen. Onder 'privaat' worden alle klanten verstaan, niet zijnde de gemeente Zaanstad of Purmerend. De BV is opgericht om juridische redenen van aanbestedingsrechtelijke aard. De splitsing heeft derhalve geen bedrijfseconomisch karakter.
Bij het samenstellen van deze jaarstukken is de indeling van de gewijzigde begroting voor het jaar 2022 zoveel mogelijk gevolgd. Daar waar dit het inzicht beter diende of waar een betere aansluiting op de regelgeving (het BBV) kon worden bereikt, is daar van afgeweken.
pagina 2
Programmaverantwoording
2
Kaders en ontwikkelingen
2.1 Ontwikkelingen Zorgen over voortbestaan sociaal ontwikkelbedrijven De 2e kamer ziet de meerwaarde van sociaal ontwikkelbedrijven bij het aan het werk helpen en houden van mensen met een arbeidsbeperking. De financiële positie van sociaal ontwikkelbedrijven staat echter al lange tijd onder druk. Daardoor is het behoud van de kennis en expertise in gevaar gekomen. Net als bij vele andere participatiebedrijven, ontwikkelt het financiële resultaat bij Werkom zich in ongunstige richting. Oplopende tekorten leiden tot zorgen bij gemeenten. Enerzijds is de bekostiging van deze WSW relatief gunstig, maar deze groep krimpt. Anderzijds is het vanuit het rijk beschikbare bedrag voor de sector lager dan de uitvoeringskosten. Met de Cao "Aan de Slag" en de verhoging van het wettelijk minimumloon (WML), zijn de salarissen van de werknemers uit de doelgroepen gestegen. Zolang er echter geen extra middelen tegenover staan, ontstaan er (groeiende) tekorten. Dat brengt de toekomst van de sector in gevaar. Zeven fracties in de gemeenteraad van Zaanstad hebben een motie getekend die ervoor moet zorgen dat de tekorten bij Werkom draaglijk blijven. Het bureau Berenschot is gevraagd onderzoek te doen naar de financiële vooruitzichten van Werkom. In het najaar van 2022 heeft Berenschot een rapport uitgebracht over de duurzame bekostiging van Werkom.
Met de uitstroom van WSW-medewerkers zal de interne werkleeromgeving krimpen en het bedrijfsonderdeel dat gericht is op arbeidsmobiliteit verder groeien. Hierdoor zullen de tekorten bij Werkom verder oplopen. Het rapport heeft in 2022 nog niet tot concrete maatregelen geleid. In de toekomst zullen een aantal suggesties daartoe verder worden uitgewerkt. Algemeen directeur Dhr. Bas van Drooge trad per 1 oktober 2022 in dienst als de nieuwe algemeen directeur van Werkom. Hij volgde daarmee Yolanda Hoogtanders op, die haar taken per 15 juli heeft neergelegd. De branche is bekend terrein voor dhr. Van Drooge. Coronacrisis, oorlog in Europa en inflatie In de jaren 2020 en 2021 heeft de coronacrisis wereldwijd grote invloed gehad op het maatschappelijk en economisch leven. In verschillende sectoren leidden de maatregelen tegen verspreiding van het virus tot groot omzetverlies met dito gevolgen voor de werkgelegenheid. Alhoewel corona niet was verdwenen, kende het jaar 2022 een geheeld ander beeld. In het voorjaar van 2022 is een oorlog uitgebroken in OostEuropa. Dit heeft onmiddellijk geleid tot een vluchtelingenstroom. De aanvankelijke economische groei in 2022 ging gepaard met een uitzonderlijk hoge inflatie; met name de prijzen voor energie stegen tot ongekende hoogte.
Dit had ernstige gevolgen voor de financiële positie van personen met een inkomen op het niveau tot 120% van het minimumloon of daaronder (mede door een parttime dienstverband), maar het treft ook Werkom.
pagina 3
Programmaverantwoording Participatiebedrijven zoals Werkom hebben in deze als werkgever weinig mogelijkheden om iets te betekenen; niet voor de werknemers, noch voor de kandidaten die nog geen dienstverband hebben. De sociale partners hebben daarom en om (structurele) oplossingen gevraagd voor de ontbrekende arbeidsvoorwaardenruimte in beide cao’s, te weten de cao voor de Sociale Werkvoorziening en cao Aan de Slag. Het doel is voldoende compensatie te krijgen om bestaanszekerheid te bieden. Actief op de arbeidsmarkt Werkom kent kandidaten die op zoek zijn naar werk of een opleiding. En werkgevers zijn op zoek naar personeel. Banenmarkten zijn van toegevoegde waarde om vraag en aanbod bij elkaar te brengen. Tijdens het event kunnen de werkzoekenden (kandidaten) in gesprek gaan met werkgevers en opleiders uit de regio of worden uitgenodigd om banen te proberen. In samenwerking met het WSP en Pact Poelenburg Peldersveld organiseerde Werkom op 1 september de Banenmarkt @ Poelenburg Beach. Werkom was ook vertegenwoordigd op de bedrijvenbeurs en banenmarkt 'Waterland werkt'. Werkom is betrokken bij NetwerkenWerkt! Dit is een platform dat is uitgegroeid tot een netwerk voor werkgevers. Via het netwerk zijn inmiddels al meer dan 350 matches tot stand gekomen. Via het WerkgeversServicePunt (WSP) heeft Werkom contact met werkgevers.
Ook is Werkom betrokken bij projecten om werkzoekenden en werkgevers bij elkaar te brengen. Daarnaast brengt Werkom bezoeken aan werkgevers en besteedt Werkom in de regionale media aandacht aan de detacherings- en uitbestedingsmogelijkheden. Infrastructuur en werkaanbod In maart 2022 is een ingrijpende verbouwing van het pand aan de Einsteinstraat in Purmerend afgerond en vond de feestelijke opening plaats. Het pand is daarmee voor Werkom beter ingericht om de opdracht van de gemeenten uit te voeren. Werkom streeft naar een gevarieerder aanbod in de werksoorten en meer samenwerking met werkgevers. Deze koers biedt ruimte aan werkzoekenden en medewerkers om zichzelf te blijven ontwikkelen. Zo is dit jaar ook de samenwerking tussen de 'Fixbrigade' en Werkom ontstaan. De Fixbrigade voert klussen uit bij mensen die het niet breed hebben, waardoor zij vaak honderden euro's kunnen besparen aan energiekosten. Werkom ondersteunt dit mooie initiatief en helpt handige werkzoekenden aan een betaalde baan bij de Fixbrigade. Maar ook het multidisciplinair team voor horeca & detailhandel van Werkom heeft Werk Ontwikkel Trajecten gemaakt bij kringloopwinkels in de omgeving. Zowel Noppes als Het Goed doen mee en hebben plekken beschikbaar gesteld voor kandidaten.
In de loop van dit jaar is in onderling overleg het besluit genomen om de samenwerking met PostNL af te bouwen omdat de voorwaarden waaronder kon worden samengewerkt in financieel nadelige zin veranderden. De werksoort onder de naam 'Wortels' kent helaas (te) weinig werkaanbod. Arbeidsmarkt Het aantal personen uit het doelgroepregister dat betaald aan de slag is, nam toe, ook bij Werkom. Zie hiervoor de tabellen in het hoofdstuk met de indicatoren. Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt leidde dit (nog) niet tot veel externe plaatsingen. Werkgevers moeten bereid zijn niet langer alleen de ideale kandidaat te zoeken. Verder moet gedacht worden aan jobcarving en aan het aanbieden van praktijkopleidingen. Dit is niet altijd aanwezig hetgeen kan leiden tot teleurstellingen bij Werkom, werkgevers én kandidaten.
pagina 4
Programmaverantwoording In het jaarverslag over 2021 maakte Werkom al melding van de 'armoedeval', een financiële belemmering om vanuit een uitkering (meer of weer) te gaan werken. Dit onderwerp staat al vele jaren op de politieke agenda. In dit boekjaar is het onderwerp helaas actueel gebleven. Werk moet lonen; in de huidige voorstellen is er enige verbetering; de vrijlatingsregeling (waarbij een deel van het arbeidsinkomen niet wordt gekort op de uitkering) geldt slechts voor één jaar, waardoor men afhankelijk blijft van de uitkeringsinstantie en na een jaar weer terug bij af is. De kern van het vraagstuk wordt niet aangepakt en de maatschappelijke besparingen komen niet terecht bij de partijen die de maatschappelijke kosten dragen. In de zomer van 2022 is het wetsvoorstel 'Breed Offensief' in de Tweede Kamer besproken. De Participatiewet wordt gewijzigd om zo meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen. De maatregelen lopen vooruit op een meer fundamentele herziening van de Participatiewet. Het kabinet wil daarnaast duurzame arbeidsrelaties stimuleren en flexibele arbeid reguleren, waaronder het werken met ZZP'ers. Het kabinet heeft hiervoor een groot aantal maatregelen in petto. Werkom zal deze nauwlettend volgen, m.n. waar het effecten kan hebben op de detachering van personen uit de doelgroepen.
2.2 Strategische herijking In 2020 zijn de 2 deelnemende gemeenten en Werkom gestart met een beleidsherijking over de uitvoering van de Participatiewet en WSW en de rol van Werkom daarin. In februari 2022 is door de gemeenten een koersbesluit genomen. Er is een koers vastgesteld waarin het doel is Werkom door te ontwikkelen naar een sociaal ontwikkelbedrijf voor mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. De interne (beschutte) werkomgeving van Werkom gaat meebewegen met de ontwikkelingen binnen de doelgroepen en wordt uiteindelijk kleiner. Daar tegenover staat een sterke focus op de ontwikkeling van kandidaten naar buiten. De inzet gaat uit naar arbeidsmobiliteit. Daarvoor is innovatie en een naar buiten gerichte organisatie een voorwaarde. Dit is nodig voor de brede doelgroep uit de Participatiewet en de ontwikkeling naar een inclusieve arbeidsmarkt. We behouden beschutte werkplekken voor wie dat nodig heeft en stellen een deel ervan beschikbaar als interne werkleerplek voor mensen uit de Participatiewet in het kader van hun re-integratietraject. Maar we investeren méér in werk buiten Werkom, samen met werkgevers, onderwijs en maatschappelijke partners. Binnen dit scenario zitten niet standaard ontwikkelbanen. Wel is besloten hier een pilot mee te doen. Daar is in 2022 mee gestart, voor de duur van twee jaar.
Het doel daarvan is te kijken wat de meerwaarde is voor kandidaten en te onderzoeken of het daadwerkelijk leidt tot meer kansen op een reguliere baan. De ontwikkelbanen zijn altijd een tijdelijk alternatief voor een reguliere baan. Pas op de langere termijn kunnen we de effecten meten. Op basis van monitoring van de pilot kan een besluit genomen worden of ontwikkelbanen ook structureel worden ingezet. Vanaf mei 2022 wordt door Senseguide narratief onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van kandidaten die een ontwikkelbaan krijgen of een verlenging van het werkleertraject met behoud van uitkering. Dit onderzoek loopt nog.
pagina 5
Programmaverantwoording
2.3 Kaders In het document voor de primaire begroting 2023, de gewijzigde begroting 2022 en de meerjarenramingen voor 2024-2026 zijn de kaders beschreven. Voor de realisatie op de genoemde onderwerpen wordt verwezen naar de jaarrekening.
2.4 Werk genereren om SW-plekken en werkleerplekken te realiseren Een groot deel van de bekostiging van de infrastructuur van Werkom ontstaat uit de gegenereerde omzet en m.n. de Netto Toegevoegde Waarde (NTW). Met de daling van de populatie met gemiddeld 5% per jaar komt deze dekking onder druk te staan. De verschillende bedrijfsonderdelen krimpen, terwijl het kostenbeeld voornamelijk vast van karakter is. Het bedrijfsresultaat wordt derhalve steeds ongunstiger. Dit wordt het meest duidelijk in de entiteit "Werkom diensten BV". In de BV wordt alleen omzet behaald aan derden (niet zijnde de deelnemende gemeenten). De BVO kent alleen NTW uit de activiteiten "Groen&Schoon" en "Business Printing&Post", de bedrijfsonderdelen waar nog personen met een gemiddeld arbeidsvermogen kunnen worden ingezet en waar de NTW per FTE nog redelijk genoemd kan worden. Het bedrijfsonderdeel "Industrie&Diensten" (I&D) biedt werk aan mensen met een lage loonwaarde; zij hebben veel behoefte aan structuur en begeleiding. De NTW per FTE is laag en het kostenbeeld hoog. De omzet en NTW van dit bedrijfsonderdeel vallen alleen in de BV. In de BV komt onvoldoende omzet uit financieel minder ongunstig presterende bedrijfsonderdelen om het tekort bij I&D te compenseren. De BVO en de BV zijn fiscaal en organisatorisch een eenheid.
De splitsing van de geldstromen in beide entiteiten is niet gebaseerd op economische afwegingen, maar uitsluitend op juridische (van aanbestedingstechnische aard). Formeel mag er niet geconsolideerd worden. Als gevolg is het bedrijfsresultaat bij de BV in toenemende mate ongunstig. Om de presentatie van onjuiste resultaten in de enkelvoudige jaarrekeningen te voorkomen, is ervoor gekozen via onderlinge overboekingen aan te sturen op een nihilresultaat in de BV. In een bijlage bij deze jaarstukken, na de controleverklaring van de accountant, worden geconsolideerde bedragen van baten en lasten gepresenteerd.
2.5 Organisatieontwikkeling Het koersbesluit van de 2 gemeenten en het rapport van Berenschot vragen een organisatie met meer focus op de markt en meer uitstroom van mensen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt. Daartoe heeft Werkom een nieuwe besturingsfilosofie geïntroduceerd en het besturingsmodel aangepast. In 2022 is een nieuw functiehuis voor het ambtelijk personeel geïntroduceerd. Om verantwoordelijkheden zo laag mogelijk in de organisatie te kunnen beleggen, zijn in 2022 de trainingen "Wij van Werkom" hervat.
pagina 6
Programmaverantwoording
2.6 Fiscale positie De BVO en de BV van Werkom vormen een 'fiscale eenheid'. De belastingdienst is voor de omzetbelasting van mening dat de zgn. 'sociaal culturele vrijstelling' (art. 11, lid 1, sub f) van toepassing is. Werkom en de 2 gemeenten pleiten echter voor de BTW-koepelvrijstelling. Voor Werkom is dit onderscheid minder relevant: de overdracht van budget voor haar prestaties in het kader van de Participatiewet is vrijgesteld van BTW en de aan Werkom in dit licht in rekening gebrachte BTW is kostenverhogend. Voor overheadkosten geldt een zgn. 'mengpercentage' voor de kostenverhogende BTW. Het gevolg voor de gemeenten is echter wel van belang; de zgn. 'transparantiemethodiek' kan nl. niet worden toegepast. Dit betekent dat genoemde kostenverhogende BTW niet aan de 2 gemeenten kan worden 'doorgeschoven' en dat deze zo ook niet voor de gemeenten compensabel is t.l.v. het BTW-compensatiefonds. Het standpunt van de belastingdienst is ongebruikelijk en het financiële nadeel is groot. Werkom is echter in deze geen belanghebbende meer. Voor de vennootschapsbelasting wordt gebruik gemaakt van de vrijstelling cf. art. 5, lid 1, letter c, sub 2. Het gaat hier om een subjectvrijstelling voor lichamen die nagenoeg uitsluitend passende werkzaamheden bieden aan mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking.
Dit was aanvankelijk gericht op medewerkers met een WSW-indicatie, maar gesteld is dat de personen uit de nieuwe doelgroepen hieraan gelijk zijn. Werkom diensten BV De BV is voor de omzetbelasting een regulier ondernemer omdat de BV uitsluitend prestaties verricht aan de private markt en aan openbare lichamen niet zijnde de gemeenten Purmerend of Zaanstad. Voor de vennootschapsbelasting is ook gekozen voor de subjectvrijstelling omdat aannemelijk is dat ook de BV nagenoeg uitsluitend passende werkzaamheden biedt aan mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking.
pagina 7
Programmaverantwoording
3
Organisatie
3.1 Bestuur en directie De BVO is 'beleidsarm' en heeft een ongeleed bestuur. Dit jaar waren de heer J. Krieger (1e halfjaar) en mevrouw S. Onclin (2e halfjaar) namens de gemeente Zaanstad en de heer H.M.M. Rotgans namens de gemeente Purmerend bestuurslid van Werkom. Tot 15 juli 2022 was mevr. Y.F.W. Hoogtanders Secretaris-directeur. Per 1 oktober 2022 is dhr. S.W. van Drooge in deze functie aangesteld.
3.2 Participatiebedrijf De uitvoeringsorganisatie bestaat uit een bedrijfsonderdeel 'Mens en werk' en een bedrijfsonderdeel waarin de werkleerbedrijven zijn ondergebracht (Industrie en diensten, Groen en schoon en Post en print). Daarnaast beschikt de organisatie binnen het bedrijfsonderdeel 'Bedrijfsvoering' over een aantal stafonderdelen die de directeur, het bestuur en de organisatie ondersteunen.
3.3 Doelgroepen De doelgroep van Werkom laat zich als volgt samenvatten: > Personen met een bijstandsuitkering, een uitkering op grond van de Wet IOAW, de Wet IOAZ, de Algemene nabestaandenwet (ANW) en arbeidsondersteuning aan nietuitkeringsgerechtigden; > Mensen die op 31 december 2014 een geldige SW-indicatie hadden en in een SW-dienstbetrekking werkzaam waren: zij behouden hun rechten en plichten conform de WSW; > Begeleid Werken (eveneens conform de WSW); > Jonggehandicapten met arbeidsmogelijkheden; > Mensen met arbeidsvermogen die (nog) niet in een reguliere baan kunnen werken, ook niet met extra begeleiding en ondersteuning. Zij hebben uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie. Werkom vindt investeringen in het verbeteren van de werkgeversdienstverlening vanuit maatschappelijk perspectief van belang. Voor een vitale regionale economie is het essentieel dat ZZP-ers en mensen met een korte afstand tot werk snel weer een nieuwe baan vinden. Voor een deel van deze groep kan deze nieuwe baan nu wellicht ook in een van de kraptesectoren liggen. De dienstverlening aan werkgevers vergroot het netwerk van Werkom en daarmee de mogelijkheden om (op termijn) ook mensen met een grotere afstand tot werk naar regulier werk te bemiddelen.
Werkom wil daarom vanuit breder maatschappelijk perspectief zowel investeren in de groep werkzoekenden met een afstand tot werk evenals in werkgevers.
pagina 8
Programmaverantwoording
4
Beleid en uitvoering
4.1 Inleiding Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de verantwoordingsstukken inzicht te geven in de kosten en opbrengsten. In de stukken geeft men daartoe aan wat de organisatie heeft bereikt, welke activiteiten daarvoor nodig waren en welke financiële stromen dit opleverde. Werkom heeft in dit boekjaar de WSW (in delegatie) en deeltaken uit de PW uitgevoerd.
4.2 Doelen Werkom wil via haar activiteiten het volgende bereiken: > Mensen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk helpen, bij voorkeur bij een gewone werkgever. Dit kunnen kandidaten met of zonder doelgroepindicatie zijn. > Werk bieden aan mensen die dit nog niet bij een reguliere werkgever kunnen vinden. > In samenwerking met het onderwijs en het bedrijfsleven zorgen voor omscholingsmogelijkheden om de vaardigheden te leren die nu en straks op de arbeidsmarkt worden gevraagd. > Werkgevers adviseren en ondersteunen bij inclusief ondernemen.
4.3 Uitvoering Er worden personen uit de verschillende doelgroepen in traject genomen en/of ingezet. Het betreft personen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt. De inzet via Werkom is echter steeds van relatief korte duur via een zgn. 'werkfit'-traject (werken met behoud van uitkering) dan wel via een dienstverband met een maximum van 36 maanden. De uitvoering van de WSW betreft het scheppen van aangepaste werkgelegenheid voor mensen die, hoewel zij tot werken in staat zijn, als gevolg van lichamelijke, psychische of verstandelijke handicaps, er niet in slagen werk te vinden op de reguliere arbeidsmarkt. Tenslotte wordt de infrastructuur van Werkom ook ingezet voor de uitvoering van het zgn. 'nieuw beschut werken'. Sinds 1 januari 2017 is daarvoor een verplichting met taakstelling voor beide gemeenten ontstaan, echter tot maximaal het aantal afgegeven indicaties. Het betreft personen die qua arbeidsvermogen en beperking vergelijkbaar zijn met SW-geïndiceerden die werkzaam zijn in 'beschut binnen'.
pagina 9
Programmaverantwoording Er wordt onderscheid gemaakt naar 2 taakvelden: > 6.4 Begeleide participatie (uitvoering WSW in delegatie). > 6.5 Arbeidsparticipatie (uitvoering deeltaken PW); Tot taakveld 6.4 (Begeleide participatie) behoren voorzieningen ter bevordering van maatschappelijke participatie. Dit soort voorzieningen zijn primair niet gericht op externe doorstroming. Dit taakveld omvat: > Beschut werken; > Bestaande werkverbanden sociale werkvoorziening, bestaande WSW- en begeleid werken dienstbetrekkingen. Tot taakveld 6.5 (Arbeidsparticipatie) behoren alle op arbeid gerichte participatie- en reintegratievoorzieningen. Dit omvat voor de gemeenten o.m. de volgende instrumenten: > Proefplaatsing, participatieplaatsen, vrijwilligerswerk/ sociale activering, detacheringsbanen, scholing en duale trajecten; > Erkenning van Verworven Competenties (EVC) en bepaalde vormen van tijdelijke loonkostensubsidies; > Stimuleringsmaatregelen, waaronder stimuleringspremies, onkostenvergoedingen en de No-riskpolis; > Voorzieningen, waaronder jobcoaching en begeleiding werkvoorzieningen zoals werkplekaanpassingen en vervoersvoorzieningen; > Loonwaardebepaling en inburgering. Werkom werkt samen met beide gemeenten of instanties in de keten en met alle relevante onderwijsinstellingen. Werkom draagt hierdoor bij aan een optimale effectiviteit van de keten.
Werkom heeft tevens een aanpak ontwikkeld voor statushouders voor inburgering en toeleiding naar werk en een samenhangende integrale benadering voor kwetsbare jongeren (16 tot 27 jaar) zonder baan of startkwalificatie om hen zo snel en duurzaam mogelijk te begeleiden naar betaald (parttime) werk of school of een combinatie van beiden onder meer in combinatie met reguliere BBL opleiding, branchecertificering en/of deelcertificaten.
4.4 Bekostiging en verantwoording De rijksbudgetten voor de uitvoering van de Participatiewet (incl. de WSW) worden via de 2 gemeenten gedeeltelijk aan Werkom betaalbaar gesteld. Sinds de invoering van de PW is er geen nieuwe WSW-instroom meer. Voor de berekening van de deelbudgetten voor de uitvoering van de WSW gaat de overheid uit van een natuurlijk verloop. Naast de daling van het totaalbedrag wordt zo ook een daling in het volume in de budgetten per gemeente verwerkt. De 2 deelnemende gemeenten vergoeden de loonkosten van personen met een WSWdienstverband bij Werkom en de loonkostensubsidie voor personen die in Begeleid Werken zijn geplaatst. Het betreft de personen waar zij WSW-budget voor ontvangen. De gemeenten behouden het WSW-budget zelf. Voor de kosten van de trajecten, het organiseren van een werkplek en de plaatsingen van personen uit de PW-doelgroepen is de bekostiging gebaseerd op de overdracht van een deel van het participatiebudget. Per gemeente is hun aandeel in de kosten voor de uitvoering van de PW bepaald. Op de uitvoering wordt daadwerkelijk per gemeente afgerekend. De specificaties horende bij de afrekeningen van genoemde bekostigingen met de 2 gemeenten, maken geen deel uit van deze jaarstukken. De financiële effecten ervan zijn wel opgenomen op de balans en in het overzicht van baten en lasten. pagina 10
Indicatoren
4.5 Indicatoren Taakveld 6.4, Begeleide participatie, uitvoering WSW en Nieuw Beschut De uitvoering van de WSW vormt een jaarlijks afnemend maar nog wel belangrijk deel van de activiteiten van Werkom. Zaanstad en Purmerend/Beemster hebben de uitvoering van de WSW aan Werkom gedelegeerd. Enkele regiogemeenten hebben de dienstverbanden van hun SWgeïndiceerde inwoners overgedragen aan Werkom. Er zijn aparte afspraken gemaakt over de bekostiging daarvan. Een enkele andere regiogemeente koopt SW-werkplekken in bij Werkom. Hun dienstverbanden worden echter gerealiseerd door betreffende gemeente, niet door Werkom. Voor de verdeelsystematiek van de WSW-budgetten van de overheid naar de gemeenten is niet de woongemeente leidend, doch de gemeente waar het dienstverband wordt gerealiseerd. Sinds 2018 worden door Werkom een aantal dienstverbanden gerealiseerd van SW-medewerkers die niet in een deelnemende gemeente wonen. Zij zijn t.b.v. de budgetverdeling administratief ingedeeld bij een deelnemende gemeente.
WSW Aantallen FTE SW-medewerkers bij Werkom: Begroot Realisatie Toegerekend aan 31-dec-22 31-dec-22 Zaanstad 220,5 214,1 Purmerend 149,4 149,5 Niet-deelnemende gemeenten 16,4 13,7 Totaal 386,2 377,3 Ca. 50 procent van de SW-populatie is 55 jaar of ouder. Hieronder bevinden zich ook de zgn. 'sleutelmedewerkers', die bijv. als meewerkende voorman of boekhoudkundig medewerker functioneren. In de komende 10 jaar zal een groot deel van deze groep uitstromen. Deze ontwikkeling vereist aandacht. Aantallen FTE SW-medewerkers Begeleid Werken: Begroot Gemeente 31-dec-22 Zaanstad 31,8 Purmerend 20,7 Niet-deelnemende gemeenten Totaal 52,5
Realisatie 31-dec-22 24,7 21,6 5,2 51,5
Het betreft hier personen met een SW-indicatie die een dienstverband hebben met een regulier werkgever. Zij worden ondersteund via jobcoaching en loonkostensubsidie.
pagina 11
Indicatoren Beschut nieuw Net als in voorgaande jaren, is helaas niet te verwachten dat de landelijke ambitie voor beschutte plaatsen waargemaakt zal worden. Daarmee blijven nog té veel mensen die aangewezen zijn op een beschutte plek, zonder betaald werk. Per gemeente is door de overheid een taakstelling afgegeven voor het te realiseren aantal werkplekken 'Beschut Nieuw'. Deze taakstelling ligt evenwel (veel) hoger dan het aantal personen dat daadwerkelijk is toegelaten tot deze doelgroep. Werkom wil samenwerken met de gemeenten om het aantal plaatsingen te verhogen. Werkom heeft een aanpak ontwikkeld waarbij de kandidaten vanuit deze regeling binnen de organisatie de ondersteuning krijgen die vanuit de wetgeving aan de gemeenten is overgedragen. Via de dienstverleningsovereenkomsten voert Werkom deze regeling uit. Aantallen FTE medewerkers Nieuw Beschut: Taakstelling 2022 Zaanstad 99,0 61,0 Purmerend Niet-deelnemende gemeenten 160,0 Totaal
Begroot 2022
70,0
Realisatie 31-dec-22 25,6 19,0 3,5 48,1
N.B.: in de begroting is bij deze indicator geen onderscheid gemaakt naar gemeente. De brancheorganisatie Cedris vraagt aandacht voor het kunnen beschikken over voldoende begeleidingsmiddelen. Juist voor deze groep is – soms intensieve en langdurige – begeleiding een noodzakelijke voorwaarde om betaald aan de slag te komen en te blijven.
Taakveld 6.5, Arbeidsparticipatie, uitvoering PW Tot dit taakveld behoren op arbeid en uitstroom gerichte participatie en reintegratievoorzieningen zoals proefplaatsingen, participatieplaatsen, detacheringsbanen, scholing etc. Een ander onderdeel van het taakveld is, om in het Werkgeversservicepunt Zaanstreek Waterland (WSP) als netwerkorganisatie met de andere partners, UWV, zorg, gemeenten, scholen etc. op basis van een innovatieagenda projecten op te zetten en/of de handen ineen te slaan. Ook dit jaar heeft Werkom voor Zaanstad en Purmerend mensen met een overbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt ondersteund bij het toeleiden naar (parttime) betaald werk. Werkom heeft daartoe continue kandidaten in een traject gehad naar werk. Werkom heeft de infrastructuur, netwerken en deskundigheid om werkzoekenden te begeleiden in hun ontwikkeling naar betaald werk naar vermogen. Voor sommige mensen is de stap naar regulier betaald werk te groot; deze kunnen binnen Werkom een baan aangeboden krijgen. Participanten worden begeleid via de Werkom aanpak. Werkom stuurt op maatschappelijke waarde voor mensen die werk zoeken, voor werkgevers en voor de gemeenten. Voor mensen die werk zoeken, biedt werk de mogelijkheid te voorzien in het eigen inkomen. Maar werk is meer dan inkomen.
Werk geeft mensen de mogelijkheid zich te ontwikkelen, biedt mensen sociale contacten, bevordert de gezondheid en verhoogt het welzijn van mensen. Een aantal werkgevers wil naast omzet, winst en marktaandeel ook een bijdrage leveren aan de maatschappij.
pagina 12
Indicatoren
Hieronder een 4-tal tabellen die inzicht geven in de instroom, het aantal kandidaten in begeleiding, de uitstroom en de plaatsingen, elk met enkele subcategorieën. Instroom Begroot Zaanstad
Realisatie
Purmerend
Totaal
Zaanstad
Purmerend
Totaal
Begeleiding 400 200 600 322 208 530 Werkcafé 208 104 312 104 67 171 Totaal 608 304 912 426 275 701 In het Werkcafé komen kandidaat-werknemers en werkgevers op een laagdrempelige wijze samen om tot een match te komen. Kandidaat-werknemers kunnen o.a. deelnemen aan trainingen, meedoen aan een speed-meet met werkgevers en bemiddeld worden naar betaald werk. Tevens kunnen werkgevers vragen stellen over de arbeidsmarkt en informatie krijgen over de voordelen van inclusief ondernemen. Gemiddeld aantal kandidaten in begeleiding Begroot
Begeleiding Werkcafé Nazorg Totaal
Realisatie
Zaanstad
Purmerend
Totaal
Zaanstad
Purmerend
Totaal
1076 40
564 20
1116
584
1640 60 0 1700
829 31 206 1066
304 17 152 473
1133 48 358 1539
Uitstroom Begroot
Begeleiding Werkcafé Nazorg Terugmelding Totaal
Realisatie
Zaanstad
Purmerend
Totaal
Zaanstad
Purmerend
Totaal
333 69
167 35
339 741
169 371
500 104 0 508 1112
304 41 170 272 787
144 31 74 150 399
448 72 244 422 1186
In 2022 zijn 530 kandidaten ingestroomd bij Werkom begeleiding en 448 kandidaten uitgestroomd. In 2022 waren gemiddeld 1539 kandidaten bij Werkom in begeleiding. Plaatsingen Begroot
32+ 32Totaal
Realisatie
Zaanstad
Purmerend
Totaal
Zaanstad
Purmerend
Totaal
133 100 233
67 50 117
200 150 350
124 177 301
70 106 176
194 283 477
Bij plaatsingen in dienstverbanden vanaf 32 uur per week, is de betrokkene in beginsel niet meer afhankelijk van een (aanvullende) uitkering.
pagina 13
Indicatoren Financieel, per taakveld Gewijzigde begroting 0.1 Mutaties 16.715 reserves Baten 16.715 Lasten 0.4 Overhead 5.813.360Baten 727.391 Lasten 6.540.7510.5 Treasury Baten Lasten 6.4 Begeleide 3.856.899 participatie Baten 27.088.196 Lasten 23.231.2976.5 Arbeids925.777 participatie Baten 8.188.869 Lasten 7.263.092Totaal 1.013.969-
Realisatie 428.264 428.264 6.496.717749.108 7.245.8255.769 5.860 914.027.011 23.806.513 19.779.5022.035.673 8.542.401 6.506.7270
Het taakveld met de naam 'Mutaties reserves' spreekt voor zich. Het taakveld Overhead heeft betrekking op de baten en lasten van de ondersteunende activiteiten zoals afdelingen Personeel en organisatie, Financiën en control, ICT, Facilitair (inclusief huisvesting) en Directie en bestuursondersteuning. Het taakveld Treasury bestaat uit de betaalde en ontvangen rente. De baten en lasten van het taakveld begeleide participatie bestaan uit de uitvoering van de WSW en het Nieuw beschut werken. De gemeenten Zaanstad en Purmerend dekken 100% van de WSW-loonkosten en verstrekken een loonkostensubsidie uit het BUIG-budget voor Nieuw beschut werken. Met niet-deelnemende gemeenten zijn verschillende afspraken gemaakt over de bekostiging van SW-medewerkers uit hun gemeente. De bedragen van het taakveld Arbeidsparticipatie (PW) zijn bepaald op basis van het toegekende participatiebudget vanuit de gemeenten en de daaraan verbonden kosten minus de kosten van overhead (alle kosten van stafafdelingen en huisvesting). In de kolom 'Realisatie' is de aanname verwerkt dat het tekort t.l.v. de reserves zal worden gebracht. Bovenstaande bedragen betreffen de geconsolideerde cijfers, d.w.z. de bedragen van de BVO van Werkom en Werkom diensten BV bij elkaar opgeteld.
pagina 14
Financiën
5
Financiën
Voor de balans, het overzicht van baten en lasten en de bijbehorende toelichtingen en specificaties van zowel de begroting als de realisatie wordt verwezen naar het deel 'Jaarrekening' van dit document.
5.1 Overdracht budgetten gemeenten De deelnemende gemeenten dragen middelen aan Werkom over voor de uitvoering van de WSW en voor deeltaken op het gebied van de PW. Budgetten gemeenten Gewijzigde begroting Bekostiging PW Zaanstad € Purmerend € Totaal PW € Bekostiging WSW WSW-loonkosten Zaanstad € Purmerend € Overige € BW-loonkostensubsidie Zaanstad € Purmerend € Totaal WSW
€
Realisatie
5.255.000 2.923.000 8.178.000
€ € €
5.821.240 2.675.484 8.496.724
7.617.425 5.405.702 53.487
€ € €
7.453.772 5.170.806 60.076
485.263 290.160
€ €
458.753 291.193
13.852.037
€
13.434.599
De middelen van de gemeenten voor de PW worden ingezet ter dekking van de personeelskosten van de relevante medewerkers en de trajectkosten van Participanten. Genoemde budgetten bevatten ook bedragen voor specifieke doelen. Om te voldoen aan de eisen van de BTW-koepelvrijstelling, moet op dit budget met de gemeenten kostendekkend worden afgerekend. De budgetten voor uitvoering van de WSW zijn gebaseerd op de loonkosten van de SW-ers met een intern dienstverband aangevuld met de kosten van loonkostensubsidie bij Begeleid Werken. Daarnaast zijn er ook enkele niet-deelnemende gemeenten van wie er WSW-medewerkers een dienstverband met Werkom hebben. Voor de bekostiging daarvan zijn andersoortige afspraken met de gemeenten gemaakt.
5.2 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Bij Werkom is er geen sprake van algemene dekkingsmiddelen. Er wordt ook geen bedrag voor onvoorziene lasten begroot.
pagina 15
Paragrafen
6
Paragrafen
6.1 Bedrijfsvoering Rechtmatigheid Het bestuur van Werkom heeft een controleprotocol (normenkader) vastgesteld. Er is tevens een Financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet). Er zijn geen niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet FIDO geconstateerd. Er is eveneens geen fraude door eigen medewerkers geconstateerd. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is een analyse van de begrotingsrechtmatigheid opgenomen. Op bijlage 2 is tevens een vergelijking (met toelichtingen) van de geconsolideerde bedragen opgenomen. Deze bijlage valt evenwel buiten de accountantscontrole. Over dit boekjaar verstrekt de externe accountant een controleverklaring met een oordeel inzake getrouwheid en rechtmatigheid bij de jaarrekening. Met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording wijzigt dit. Het bestuur geeft dan een rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De rechtmatigheidsverantwoording zal voor de eerste keer gaan gelden voor het verslagjaar 2023, waarbij de vaststelling van de rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening zal plaatsvinden in het kalenderjaar 2024. Wet Open overheid De Wet Open overheid (Woo) is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
In de Woo wordt voorgeschreven dat bestuursorganen in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering ervan waarmee beoogd wordt een impuls te geven aan de actieve openbaarheid. Werkom heeft in 2022 geen Wob- of Woo-verzoek gekregen. Werkom werkt aan de verbetering van het informatiebeheer. Bestuurlijke informatie en managementinformatie wordt o.a. in de vorm van vergaderverslagen conform de Archiefwet blijvend bewaard. In het reglement van orde voor de vergaderingen en werkzaamheden van het bestuur staat dat het verslag van de vergaderingen niet openbaar is, tenzij het bestuur anders heeft bepaald.
pagina 16
Paragrafen Personele bezetting Door het natuurlijk verloop is de WSW-bezetting gedurende het jaar verder geleidelijk afgenomen. De SW-uitstroom werd in beperkte mate gecompenseerd door instroom vanuit de nieuwe doelgroep. Dit maakt het lastig om het beschikbare werk, dat zelf voor de doelgroep kan worden georganiseerd, inhoud te geven. Voor piekperioden neemt het risico op verlies van passend werk toe. Alternatief is de inhuur van productieve krachten zonder afstand tot de arbeidsmarkt. Ook voor projecten, vacatures of bij langdurige ziekte van ambtenaren wordt personeel van derden ingehuurd ('externe dienstverlening'). Het betreft dan geen personen uit de doelgroep, noch worden zij ingezet voor direct omzetgerelateerd werk. De hier relevante (geconsolideerde) kosten van inhuur beliepen € 1.071.152. De salariskosten ambtelijk waren € 8.672.853. De verhouding tussen de kosten inhuur en de ambtelijke salariskosten is 12%. Deze indicator is voorgeschreven in het BBV. Andere uitvoeringsaspecten In de loop van het boekjaar zijn er diverse verbeteringen in de bedrijfsvoering doorgevoerd. Het gaat om: > Lean. Werkom wil 'Lean' werken en heeft daarvoor stappen gezet. Lean werken heeft diverse voordelen: verspillingen worden in kaart gebracht, werkprocessen worden efficiënter ingericht en er ontstaan waarborgen voor de continuïteit in het werkaanbod.
Alles met het doel om de kwaliteit van de dienstverlening of het product voor de klanten te verbeteren. > Functiehuis. In het voorjaar van 2022 is het functiehuis voor ambtelijk personeel geïmplementeerd. Het gaat om generieke functiebeschrijvingen. De relevante medewerkers hebben een persoonlijke toewijzingsbrief ontvangen. Indien men het niet eens is met de toewijzing dan bestaat de mogelijkheid om een bezwaar in te dienen. Daarvoor is een geschillencommissie in het leven geroepen. > AX2012. Werkom werkt al jaren met de ERP-software 'AX2012' voor de financiële administratie, de registratie van orders en projecten en om alle facturen van de leveranciers en aan klanten te verwerken. De versie van AX die Werkom gebruikt, wordt niet meer ondersteund door Microsoft; Werkom moest op zoek naar een ander systeem. Er is een projectteam opgericht dat een planning en een programma van eisen heeft gemaakt. Daarna is gekozen voor de implementatie van AFAS Profit. Met deze keuze ontstaat een optimale aansluiting mat de salarisverwerking, HRM en de klantgegevens, ook m.b.v. software van AFAS. De uitvoering van dit project heeft helaas vertraging opgelopen, maar naar verwachting zal AFAS Profit vanaf 1 januari 2024 in gebruik worden genomen. > ESF.
In een periode van de jaren 2021 en 2022 heeft Werkom uitvoerende en administratieve werkzaamheden verricht in het kader van het ESF-project "REACT-EU". Het betreft de arbeidsmarktregio Zaanstreek-Waterland, waarvan Zaanstad de centrumgemeente is. Werkom voert de trajecten uit voor de relevante kandidaten, legt de voortgang vast en levert gegevens aan voor de uiteindelijke verantwoording. Deze zal in de loop van 2023 worden aangeleverd aan het ministerie waarna controle en vaststelling volgt. Voor de uiteindelijke opbrengst is een verdeelsleutel naar de regiogemeenten bepaald.
pagina 17
Paragrafen
6.2 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Werkom heeft een relatief beperkt algemeen weerstandsvermogen. Na resultaatbestemming is de vrije en beschikbare weerstandscapaciteit matig. De weerstandscapaciteit is gelijk aan de Algemene reserve. Deze bedraagt ultimo dit boekjaar € 1.513.000. In deze jaarstukken heeft Werkom een risicoparagraaf opgenomen die, in het kader van risicobeheersing, inzicht geeft in (toekomstige) risico's. Het bestuur heeft in het verleden besluiten aangaande een egalisatiereserve genomen. Het betreft een egalisatiereserve voor de vakantiegeldverplichting voor WSW-medewerkers. De omvang ervan wordt ultimo elk jaar getoetst aan de verplichting. Op deze manier wordt voorkomen dat, indien Werkom zou worden geliquideerd, er in het slotjaar alsnog ongedekte lasten voor de WSW-vakantiegeldverplichting zouden ontstaan. Hieronder wordt globaal inzicht gegeven in de belangrijkste risico's en onzekerheden. Het betreft toekomstgerichte projecties. Dit zijn de belangrijkste onderwerpen: max. omvang kans netto € 150.000 90% € 135.000 Kwetsbaarheid personeelsformatie staf : de staf wordt voor een deel ingevuld met SWmedewerkers. Er is niet altijd achtervang en bij ziekte of vertrek kunnen werkzaamheden stagneren. Bij de huidige arbeidsmarkt voor professionals, zijn de arbeidsvoorwaarden van Werkom niet altijd concurrerend.
Inhuur van externe capaciteit leidt tot hogere kosten. Beheersing: waar sprake is van structurele functies en beschikbare kandidaten die voldoen aan het functieprofiel, wordt zo mogelijk overgegaan tot ambtelijke aanstellingen. Als dat niet lukt, blijft Werkom gebruik maken van inhuur. Omschrijving van het risico
€ 3.389.000 10% € 338.900 Afhankelijkheid van grote klanten : bij het leerwerkbedrijf is sprake van een bepaalde mate van afhankelijkheid van enkele grote klanten. Wanneer één of meer van deze klanten wegvallen heeft dat grote impact op deze sectoren/afdelingen en op het operationeel resultaat van Werkom. Wegvallen van productiecapaciteit leidt bovendien tot leegstand. Beheersing: voor de top 10 klanten bij de bedrijfsonderdelen met private klanten is het accountbeheer zo ingericht dat risico’s tijdig gesignaleerd worden. Het groenbedrijf is grotendeels afhankelijk van opdrachten van de regiogemeenten. Zaanstad en Purmerend kunnen hun groenwerk bij Werkom inbesteden, de overige gemeenten moeten hun groenopdrachten aanbesteden. Werkom neemt deel aan aanbestedingen van andere gemeenten.
pagina 18
Paragrafen max. omvang kans netto € 1.093.500 50% € 546.750 WSW-RVU: in 2021 is er in de CAO voor de WSW een Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) opgenomen. Onder voorwaarden kunnen WSW-medewerkers tot maximaal 2 jaar voor hun AOW-datum vervroegd uittreden. Deelnemers worden vrijgesteld van arbeid en men ontvangt een vast bedrag per maand. De WSW-bekostiging blijft ongewijzigd, hetgeen voor Werkom tot een kostenneutraal beeld leidt. Echter het arbeidsvermogen van de deelnemers wordt niet langer benut en dan vervalt dus de netto toegevoegde waarde (NTW). Het is onbekend wanneer, hoe lang en hoeveel personen van de RVU gebruik zullen maken. Als de deelnemers niet worden vervangen, ontwikkelt zich dat NTW-verlies en ontstaan bij substantiële deelname ook frictiekosten. Als de deelnemers worden vervangen door PW-ers met een dienstverband, ontstaan andere meerkosten. De mogelijke effecten daarvan zijn beschreven in het volgende risico. Beheersing: Werkom kan niet sturen op de RVU-deelname. Zonder vervangende instroom zullen het geschatte NTW-verlies en de frictiekosten zich geheel of gedeeltelijk manifesteren. Er zijn geen gronden om de financiële effecten via een voorziening of reserve te egaliseren. De (geschatte) financiële effecten kunnen in elk begrotingsjaar worden opgenomen en de realisaties in de jaarrekeningen.
Tekorten kunnen worden gedekt via de Algemene reserve of via extra gemeentelijke bijdragen, te verwerken in toekomstige begrotingen en jaarrekeningen. Omschrijving van het risico
€ 400.000 50% € 200.000 PW-instroom niet o.b.v. leerwerkplek met behoud uitkering : Er is gerekend op de inzet van personen uit de brede doelgroep van de Participatiewet. In de begroting is dit grotendeels o.b.v. een leerwerkplek doorgerekend, d.w.z. geen loonkosten of loonkostensubsidie. Het risico bestaat dat besloten wordt om voor een groter deel te plaatsen o.b.v. dienstverbanden met tenminste loonkosten op WML-niveau en eventueel een loonkostensubsidie. Per saldo zullen hierdoor extra (onbegrote) kosten ontstaan. Beheersing: in het overleg met de gemeenten Zaanstad en Purmerend zijn de directe en indirecte effecten van enkele scenario's uitgewerkt. Dit kan resulteren in het beschikbaar stellen van extra budgetten, i.c.m. een optimale benutting van de infrastructuur van Werkom. € 594.000 10% € 59.400 Werkom heeft voorzieningen opgenomen. Deze bevatten een schattingselement omtrent toekomstige ontwikkelingen welke incompleet of onjuist kunnen zijn. De opgenomen onzekere verplichtingen van Werkom kunnen zich tegenvallend ontwikkelen. € 752.000 10% € 75.200 Nieuw beschut : de instroom in nieuw beschut is laag. Dit is ook een landelijk beeld.
Als de instroom aantrekt en in lijn wordt gebracht met de landelijke taakstelling, gaat dit ten koste van de participatiemiddelen en dus ten koste van de aantallen trajecten, tenzij de deelnemende gemeenten extra middelen ter beschikking stellen aan Werkom om aan de taakstelling te voldoen. Beheersing: in de DVO’s met de twee gemeenten zijn de doelstellingen met betrekking tot het realiseren van beschutte werkplekken niet gekwantificeerd. Als het aantal beschutte werkplekken boven het geprognosticeerde aantal uitkomt dan zal Werkom opnieuw in overleg treden met beide gemeenten over de bekostiging hiervan.
pagina 19
Paragrafen max. omvang kans netto € 100.000 50% € 50.000 Privacy : Werkom beheert veel persoonsgebonden en privacygevoelige gegevens die veelvuldig worden uitgewisseld derden. Gezien de ontwikkelingen in het werkveld waarbij in toenemende mate gebruik zal worden gemaakt van elektronische gegevensuitwisseling, is sprake van blijvende alertheid voor dit aspect. Het financiële risico is dat er data gelekt worden en er hoge boetes worden opgelegd. De Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is sinds 25 mei 2018 van kracht. Beheersing: Voor de uitvoering van de SW-taken is Werkom verwerkingsverantwoordelijk, voor de uitvoering van de PW-taken is Werkom verwerker onder verantwoordelijkheid van de gemeenten. Werkom heeft een verwerkersovereenkomst en een privacy-convenant gesloten met de gemeenten. Er is een informatiebeveiligingsplan opgesteld. Er wordt gewerkt aan betere beveiliging van de ICT-omgeving en aan outsourcing. Omschrijving van het risico
€ 156.000 10% € 15.600 Aanbestedingen : In het jaar 2022 zijn door Werkom aanbestedingen gedaan. Het risico bestaat dat partijen de rechtmatigheid van de procedure of gunning betwisten. Die partijen kunnen dan een schadevergoeding claimen. Beheersing: Werkom volgt zoveel mogelijk de aanbestedingen die door de brancheorganisatie worden georganiseerd. Wanneer dit niet mogelijk is, schakelt Werkom externe deskundigen in. De effecten van bezwaarprocedures zijn voor Werkom niet te beheersen, noch te verzekeren. Er is geen relevante voorziening. € 100.000 90% € 90.000 Inflatie en crisis door oorlogshandelingen in Europa : in het voorjaar van 2022 is een oorlog uitgebroken in Oost-Europa. Dit heeft onmiddellijk geleid tot een vluchtelingenstroom. Ook zijn er grote effecten op de energieprijzen, naast de reeds bestaande inflatie en de er op volgende looneisen bij cao-onderhandelingen. Het is niet bekend hoe dit zich kan ontwikkelen. Genoemde invloeden zijn niet in de begroting opgenomen. Het is wel de verwachting dat dit het kostenbeeld van Werkom nadelig zal beïnvloeden. Beheersing: op calamiteiten van deze omvang kan Werkom geen beheersingsmaatregelen treffen, geen voorziening opbouwen, noch het risico verzekeren. € 250.000 50% € 125.000 Beleidsherziening : In het jaar 2022 is een traject voor een beleidsherziening afgerond.
Er is niet gekozen voor een grondige reorganisatie, maar voor een scenario met voor Werkom minder financiële risico's. In het najaar van 2022 heeft Berenschot een rapport met diverse adviezen uitgebracht. Dit zal, naar het zich nu laat aanzien, pas na 2022 geëffectueerd worden. Beheersing: Werkom is in deze afhankelijk van het beleid zoals dat door de 2 gemeenteraden zal worden vastgesteld. Genoemde risico's zijn niet verzekerd. Er is momenteel voor een beperkt aantal jaren voldoende dekkingscapaciteit in de vorm van eigen vermogen. Daarna zijn extra gemeentelijke bijdragen nodig. Totalen
€
6.984.500
€
1.635.850
Bij het opmaken van deze jaarstukken zijn de risico's geschat o.b.v. de op dat moment bekende feiten en omstandigheden. In bovenstaande tabel betekent een hoger percentage een hogere mate van waarschijnlijkheid. het totaal van de risico's is gewaardeerd op € 1.635.850. Voor deze risico's is een eigen vermogen aanwezig van € 1.512.775. Dit brengt de weerstandsratio op 0,92, hetgeen als 'matig' kwalificeert.
pagina 20
Paragrafen In deze paragraaf worden, ingevolge artikel 11 van het BBV, ook kengetallen opgenomen voor de netto schuldquote, de solvabiliteitsratio en de structurele exploitatieruimte. De overige in het artikel genoemde kengetallen zijn voor Werkom niet van toepassing. 2022 2021 Netto schuldquote (1) -9,28% -10,48% Netto schuldquote (2) -9,10% -10,30% Solvabiliteitsratio 34,33% 44,34% Structurele exploitatieruimte -1,90% -0,16% De Netto schuldquote (1) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het deelgetal ('de totale baten cf. art. 17 lid c BBV excl. mutaties reserves') is het resultaat vóór bestemmen. De Netto schuldquote (2) is gecorrigeerd voor alle leningen. Hierbij moet aangetekend worden dat het terugbetalen van schulden voor een gemeenschappelijke regeling gegarandeerd is door de deelnemende gemeenten. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin Werkom in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het eigen vermogen bestaat volgens artikel 42 BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves). Het bevat ook het jaarrekeningsaldo (resultaat) van het jaar.
Het kengetal voor de structurele exploitatieruimte is om te beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Het BBV schrijft voor om de kengetallen te beoordelen in relatie tot de financiële positie. Voor Werkom is dit niet relevant; het is een uitvoeringsorganisatie voor de deelnemende gemeenten. Sommige kengetallen zijn nietszeggend. Het investeringsniveau is zeer beperkt. Het langlopend vreemd vermogen is reeds in 2021 tot nihil gereduceerd.
6.3 Paragraaf Voorzieningen Het is niet toegestaan een voorziening te vormen voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Het betreft m.n. verplichtingen die voortvloeien uit verlofdagen en vakantiegeld, tenzij deze sterk variëren. Op de balans is een verplichting voor verlofuren opgenomen (geen voorziening). Deze heeft betrekking op de saldi ultimo dit jaar voor drie soorten medewerkers met een dienstverband bij Werkom. Per jaareinde zijn de verplichtingen geactualiseerd, zowel in verlofurensaldi als in de uurtarieven. Vooral door mutaties in het personeel (voor alle drie groepen) variëren deze verplichtingen. In een aantal gevallen zijn in het verleden m.b.t. ambtelijk personeel ook keuzes gemaakt die leidden tot onvrijwillige ontslagen en regelingen. Hierdoor ontstaan er ook kosten volgens de aanvullingsrechten uit de regeling voor de arbeidsvoorwaarden alsmede een risico op een claim van het UWV op WW-uitkeringen. Hiervoor is de voorziening 'Personeelskosten' in gebruik. Daarnaast is er een voorziening 'Spaarverlof' t.b.v. medewerkers die een verzoek hebben ingediend om een deel van hun verlofstuwmeer om te zetten in spaarverlof. Aanvankelijk was dit beperkt tot WSW-medewerkers, maar vanaf 2022 kunnen ook ambtenaren inleggen.
Ultimo dit boekjaar is deze voorziening geactualiseerd met de juiste aantallen uren en uurtarieven. De voorziening voor overige risico's of verplichtingen is dit jaar door vrijval beëindigd. De risico's op uitbetalingsverschillen bij compensaties op transitievergoedingen zijn dermate klein geworden dat een voorziening niet langer nodig is.
pagina 21
Paragrafen
6.4 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen De huidige verwachtingen over de toekomstige bedrijfsvoering zijn gebaseerd op de bestuursbesluiten zoals uiteengezet in het hoofdstuk 'Algemeen' en m.n. het hoofdstuk 'Grondslagen' in de jaarrekening. De staat en indeling van de belangrijkste activa zijn ultimo van het verslagjaar als volgt: Het pand aan de Einsteinstraat in Purmerend wordt gehuurd. Met de eigenaar is een ‘demarcatie’ afgesproken. Voornamelijk in 2021 heeft er een grote verbouwing plaatsgevonden. Deze verbouwing is grotendeels voor rekening van Werkom uitgevoerd en in maart 2022 afgerond. Het pand is qua staat van onderhoud daarmee op het niveau 'goed' gekomen. In Zaandam wordt een locatie aan de Slachthuisstraat gehuurd als uitvalsbasis voor postbezorging en voor afspraken met personen uit de nieuwe doelgroepen voor zover die afkomstig zijn uit de gemeente Zaanstad. Dit pand is qua staat van onderhoud op het niveau 'sober doch doelmatig'. Enkele andere onroerende zaken worden ook gehuurd. Deze zijn van gering belang. Het 'fietsenpakhuis' in Zaandam is eigendom van de gemeente Zaanstad en wordt ook door de gemeente Zaanstad geëxploiteerd. Werkom verricht er activiteiten, maar is geen huurder. De eigendom van de overige materiële vaste activa (machines en installaties, auto's en andere vervoermiddelen, alsmede de inventaris) berust grotendeels bij Werkom diensten BV.
De staat van onderhoud is redelijk tot goed. Werkom heeft een wagenpark bestaande uit ca. 70 voertuigen. Deze vervoermiddelen zijn eigendom en worden gebruikt door de verschillende bedrijfsonderdelen. O.b.v. het jaarkilometrage zijn afspraken gemaakt met de leverancier over regulier onderhoud, inruilmoment en de voorcalculatorische restwaarde. De aanschaffingen aan grondstoffen, hulpstoffen en halffabricaat zijn als kosten verantwoord. Er worden geen voorraden geïnventariseerd of gewaardeerd.
6.5 Paragraaf Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin Werkom een bestuurlijk en/of een financieel belang heeft. Een financieel belang ontstaat wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement, dan wel het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bestuurlijk belang ontstaat indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht, dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. Coöperatieve zakelijke post u.a., gevestigd te Alkmaar Onder de definities van 'Verbonden partijen', valt de Coöperatieve zakelijke post u.a. (CZPN). Aan deze rechtspersoon is in het verleden door Baanstede een achtergesteld krediet van € 20.000 verstrekt. Dit recht is door Werkom overgenomen en geboekt als financieel vast actief, waarop een voorziening van € 20.000 in mindering is gebracht. De negatieve resultaten van de coöperatie worden nl. afgeboekt op de ontvangen achtergestelde leningen. Het resultaat over 2021 was € 11.000 (negatief) en het eigen vermogen beliep ultimo 2021 € 228.000 (positief). Ook voor 2022 en 2023 worden tekorten verwacht.
pagina 22
Paragrafen De coöperatie houdt zich via een BV bezig met acquisitie en coördinatie van de poststromen binnen de groep deelnemende bedrijven. Deze gezamenlijke activiteiten op de postmarkt zijn voor Werkom interessant omdat zij passende arbeid voor onze doelgroepen bieden en weinig kapitaalintensief zijn. Werkom diensten BV In september 2018 heeft Werkom een BV opgericht, die echter reeds vanaf 1 januari 2018 als "Werkom diensten BV i.o." actief was. Deze BV bedient alle klanten niet zijnde de gemeenten Zaanstad en Purmerend met diensten en producten. Werkom houdt 100% van de aandelen van deze BV. Het kapitaal bedraagt € 50.000 hetgeen door Werkom daadwerkelijk is volgestort. Over 2021 is bij de BV een verlies van bijna € 127.000 opgenomen. Het eigen vermogen was daardoor ook negatief geworden (€ 48.000). De BV is opgericht om juridische redenen van aanbestedingsrechtelijke aard. De splitsing heeft derhalve geen bedrijfseconomisch karakter. De exploitatie van de activiteiten in de BV staat in toenemende mate onder druk. Dit leidt tot groeiende tekorten in de BV. Vanuit de BVO worden deze tekorten gecompenseerd. Omdat de BV 100% dochter is van de BVO, blijft de balanswaardering ongewijzigd.
pagina 23
Paragrafen
6.6 Paragraaf Financiering Algemeen Deze paragraaf is opgenomen uit hoofde van de verplichting vastgelegd in de Wet FIDO en de wet HOF. Werkom heeft een Financiële verordening waarin tevens het treasurystatuut is opgenomen. Er zijn momenteel geen langlopende leningen. De 2 deelnemende gemeenten bekostigen de activiteiten van Werkom en verstrekken hiervoor maandelijks voorschotten. Indien nodig voor de rest van de bedrijfsfinanciering wordt de rekening-courant met de BNG benut. Er is een kredietfaciliteit van € 2,5 mln. op beschikbaar. Door het verplichte Schatkistbankieren zijn er geen beleggingsvraagstukken. Het rentebeleid en het risicobeheer is gedefinieerd in de vastgestelde Financiële verordening. Het rentebeleid is gericht op het stabiliseren van de rentelasten, zodat deze op een bestuurlijk wenselijk geacht niveau blijven of op het in de begroting geraamde niveau daarvan. De renterisico’s bij het aantrekken en uitzetten van gelden, worden beperkt door de overeengekomen rentepercentages bij de transacties, gebaseerd op de actuele rentestand en rentevisie. Werkom maakt geen gebruik van kasgeldleningen noch van derivaten. Schatkistbankieren De wet HOF verplicht de lagere overheden geldelijke overschotten bij het Ministerie van Financiën te beleggen om zo het overheidstekort binnen de grenzen van de Europese doelstellingen te houden.
In de wet is een drempelbedrag opgenomen welk bedrag buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor Werkom was dit € 1 mln. Er is echter een drempelbedrag van € 150.000 aangehouden. Gelet op de relatief grote schommelingen in de liquiditeit zijn er in dit boekjaar diverse stortingen en terugtrekkingen t.o.v. de schatkist gedaan.
Saldoverloop BNG-rekening 500.000
1-dec-22
1-nov-22
1-okt-22
1-sep-22
1-aug-22
1-jul-22
1-jun-22
1-mei-22
1-apr-22
1-mrt-22
1-feb-22
500.000-
1-jan-22
-
1.000.0001.500.000-
2.000.0002.500.000-
Uit bovenstaande grafiek blijkt de werking van het Schatkistbankieren: saldi boven het drempelbedrag worden 'afgeroomd' naar de schatkist.
pagina 24
Paragrafen Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is in de wet FIDO opgenomen om de directe gevolgen van een snelle rentestijging te beperken. De kasgeldlimiet bepaalt dat de financieringsbehoefte voor slechts een beperkt bedrag met kort geld (looptijd < 1 jaar) mag worden gefinancierd. Hierdoor worden de renterisico’s op korte termijn beperkt. De norm is in de wet gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal. Werkelijkheid (bedragen x € 1.000) Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Grondslag Omvang begroting 2022 Toegestane kasgeldlimiet In procenten van de grondslag In bedrag