CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

D Accountantsrapport 2020 gemeente Purmerend was getekend

Gemeenteraad 30 juni 2021, gemeente PurmerendBij agendapunt: Jaarrekening Purmerend 202011.273 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4 De planning is, zo is ons medegedeeld, dat de MPG 2021 op 23 juni 2021 aan de raad ter vaststelling wordt aangeboden.

Formeel dient uw college de MPG 2021 voor de vaststelling van de jaarrekening 2020 en voor afgifte van onze controleverklaring aan de raad te hebben aangeboden.

18

ingeschat, beoordeeld. De verwachte berekende eindwaarde resp. contante waarde per grondexploitatie wordt hierop gebaseerd. De uitgangspunten in de MPG 2021 en de verwachte cijfers inclusief de bepaling van de hoogte van de nieuw gevormde verliesvoorziening van € 3,17 miljoen zijn – vooruitlopend op uw besluitvorming van de MPG 2021 – in de voorliggende jaarrekening verwerkt. Dit jaar is de grondexploitatie Weidevenne II formeel afgewikkeld. Er is nog een voorziening gevormd van € 120.000,- om de laatste kosten te dekken. De overige grondexploitaties worden volgens de MPG 2021 afgesloten met een positief saldo. 6.2.2 Stand van zaken faciliterend grondbeleid Wij hebben kennisgenomen van de paragraaf Faciliterend grondbeleid van de gemeente Purmerend zoals verwoord in de MPG 2021. Voor de genoemde projecten is aangegeven of een intentie- of anterieure overeenkomst is getekend als grondslag om in de balans kosten de activeren (passiveren). Wij wijzen er op dat in de BBV Nota Faciliterend Grondbeleid diverse voorwaarden genoemd voor het opnemen als immateriële vaste activa dan wel als kortlopende vordering of overig kortlopend actief (m.n. een geldig raadsbesluit, termijn van maximaal 5 jaar, kosten passend in de zogenaamde lijst van het Besluit Ruimtelijke ordening, saldo ultimo 2020 € 0,2 miljoen).

Wij hebben vastgesteld dat voor bijna alle projecten overeenkomsten zijn gesloten. Voor een deel van de geactiveerde en nog te verhalen kosten per 31 december 2020 dient de bijdrage voor de gemeentelijke plankosten nog te worden gefactureerd. In de MPG 2021 is aangegeven dat een bedrag van € 1,18 miljoen nog gefactureerd zal worden. Het risico dat de gemeente een deel van de plankosten niet kan verhalen wordt vooralsnog als laag ingeschat. In het uiterste geval dat het toch niet lukt om alle kosten te verhalen zal dekking plaats vinden uit de bestemmingsreserve gronden. 6.2.3 Baanstede Noord In de actualisatie is de fasering van de uitgifte van bedrijfskavels aangehouden tot 2030 (einddatum). Voor de grondverkopen tot en met 2025 zijn (intentie)overeenkomsten gesloten met bedrijven. Om dit moment dient er nog 43,2 Ha te aan grond te worden uitgegeven. Voor de periode 2021-2024 zijn verkopen voor een belangrijk zeker (Milieustraat en de gemeentewerf). Op basis van de verkopen tot nu toe, de externe rapportage van een extern bureau verwacht uw gemeente dat de resterende gronden in de periode 2025-2030 kunnen worden verkocht. Dat betekent ca 4,4 hectare per jaar. De snelheid van uitgifte en prijsstelling van bedrijfskavels hangt sterk af van de ontwikkeling van de economische conjunctuur.

De coronacrisis die zich vanaf maart 2020 ontwikkelt, is in de actualisatie per 1 januari 2021 als zodanig als effect meegenomen. In het adviesrapport van het externe bureau wordt gewezen op zowel kansen voor de gemeente Purmerend (er zijn weinig vergelijkbare bedrijventerreinen in de regio, veel interesse uit de markt) alsmede de bedrijfseconomische risico’s vanwege de Covid-19 nog steeds van toepassing zijn en kunnen doorwerken in volgende jaren. 6.2.4 Grondexploitaties woningbouw De grootste, thans lopende bouwgrondexploitatie voor woningen, betreft Kop West. De verwachting is dat de laatste groep van grondverkopen nog dit jaar zullen gaan plaatsvinden, waarna voor 2022 alleen nog enkele losse kavels beschikbaar zijn. Ook van de grondexploitaties Klein Where

19

en de Brandjesstraat is de verwachting dat deze eind 2021 kunnen worden afgesloten. In het kader van de actualisatie zijn ons geen bijzonderheden gebleken. Grondexploitatie Wheermolen Oost is in augustus 2020 door uw raad vastgesteld. Vanwege het niet doorgaan van een subsidie is het verwachte verlies in totaal € 3,17 miljoen. Hiervoor is in de jaarrekening een voorziening gevormd. 6.3

Voorzieningen

Blijkens de jaarrekening 2020 bedraagt de stand van de voorzieningen per einde 2020 € 7,6 miljoen (2019: € 6,6 miljoen). Uitgaven ten laste van voorzieningen dienen, conform het BBV, rechtstreeks via de balans te worden geboekt. De door de raad geaccordeerde dotaties aan deze voorzieningen lopen via de rekening van baten en lasten. In 2020 zijn er 2 nieuwe voorzieningen gevormd namelijk de voorziening Kostenverhaal infrastructuur Wagenweggebied en de voorziening Complex Weidevenne II (zie paragraaf 6.2). De belangrijkste voorzieningen althans qua financiële omvang ultimo december 2020 betreffen de gemeentelijke watertaken (riolering) en de onderhoudsvoorziening gemeentelijke gebouwen. Voor de rioleringstaken ligt er een onderbouwing in vorm van het GRP. Een actuele meerjarenonderhoudsplan is opgesteld ter onderbouwing van de voorziening groot onderhoud. Waardering claims Wij hebben op basis van de beschikbare informatie beoordeeld voor welk concreet aanwezige claims (nog) een voorziening gevormd dient te worden in de jaarrekening. Ingevolge ons verzoek hebben wij van de gemeente een reactie hierover ontvangen. Mede vanwege de Covid-19 maatregelen bestaat een mogelijk verhoogd risico op claims. Aangegeven is dat er geen claims of andere zaken aanhangig zijn waarvoor thans een (nieuwe) voorziening gevormd dient te worden.

Wij hebben tijdens de interim-controle geen signalen hierover ontvangen. Om deze reden is dit jaar geen brief opgevraagd bij de huisadvocaat van de gemeente. Voor de bekende en lopend claims/juridische geschillen en hiermee samenhangende financiële risico’s heeft de gemeente in voldoende mate rekening mee gehouden in de risicoberekeningen, zie hiervoor de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing.

20

7.

SINGLE INFORMATION EN SINGLE AUDIT (SISA)

7.1

Algemeen

De verantwoording van ontvangen specifieke uitkeringen is als bijlage opgenomen in de jaarrekening. Hiervoor is een specifiek verantwoordingsmodel voorgeschreven. De bijlage is door ons conform de gegeven aanwijzingen van het Rijk gecontroleerd. Voor de hierbij eventueel geconstateerde bevindingen gelden op grond van artikel 5, lid 4 van het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) zwaardere rapporteringstoleranties dan de tolerantie, welke wij met uw raad zijn overeengekomen voor de controle van de jaarrekening. Wij hebben geconstateerd dat er voor de gemeente Purmerend ten aanzien van maar liefst 9 regelingen bij de jaarrekening 2020 (2019: 5) een verantwoording met betrekking tot de voor een rijksbijdrage in aanmerking gebrachte bestedingen moet worden afgelegd. Overigens is er nog een wijziging aangekondigd op de uitgebrachte nota Verwachtingen accountantscontrole, omdat de (best uitgebreide) instructies rondom de controle van de Tozo nog aanvulling zouden behoeven. Deze wijziging is zeer recent uitgebracht. En dat brengt mogelijk enige onzekerheid met zich mee bij Halte Werk aangezien uw gemeente deze regeling daar heeft ondergebracht. 7.2

Toenemend aantal regelingen

Er zijn dit jaar enkele wezenlijke veranderingen, die er mede toe leiden dat het aantal subsidieregelingen waarover de gemeente Purmerend zich moet verantwoorden flink groeit; van 5 naar 9 regelingen. Ad-hoc regelingen De coronacrisis en de Toeslagen-affaire bij de kinderopvang leiden tot rijksuitkeringen aan gemeenten: de Tozo-regeling (verdeeld over 3 tranches) en recent de Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp gedupeerden toeslagenproblematiek. De snelle invoering van deze regeling gaat deels ten koste van zorgvuldigheid. De wijze van verantwoorden is bij de opzet van de regelingen nog niet uitgewerkt en de mate van betrokkenheid van de accountant (diepgang, materialiteit) is nog onbekend. Dat is enerzijds logisch (de regelingen zijn gelet op de urgentie met grote spoed opgesteld), anderzijds lastig (is er wel voldoende nagedacht over beheersbaarheid en controle?). Minder decentralisatie-uitkeringen De Algemene Rekenkamer heeft op rijksniveau kritiek geuit op de wijze waarop het Rijk decentralisatie-uitkeringen beschikbaar stelt aan onder meer gemeenten. Aan decentralisatie-uitkeringen horen door het Rijk, zeer beperkt of geen voorwaarden gesteld te worden, want ze zijn deel van de algemene uitkering.

Nu het Rijk toch vaak aanvullende eisen stelt aan besteding van deze gelden, krijgen ze het karakter van subsidies en worden ze ondergebracht in de SiSa-systematiek. Onder meer door deze ontwikkeling moet de gemeente zich dit jaar specifiek verantwoorden over onder meer de Regeling toeslagenproblematiek, de Regeling eenmalige specifieke uitkering aan gemeenten huisvestiging kwetsbare groepen en de Specifieke uitkering voor lokale Sportakkoorden (Regeling Sportakkoord). Niet voor alle regelingen die nu onder de SiSa-systematiek geplaatst zijn nu al bestedingsgegevens in de SiSa-bijlage opgenomen. Het omzetten van rijksregelingen in gemeentelijk beleid vergt tijd, daarom zijn niet voor alle nieuwe regelingen al prestaties en bestedingen verantwoord.

21

7.3

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)

De uitvoering van de Tozo gaat met grote bedragen gepaard: uit de rekening blijkt dat de totale Tozouitgaven in 2020 ca € 15,6 miljoen bedroegen. Het Rijk draagt deze lasten, de gemeente heeft van het Rijk € 11,2 miljoen aan voorschotten ontvangen om de uitkeringen te kunnen financieren. Verder ontvangt de gemeente ter dekking van de uitvoeringskosten een vaste vergoeding per dossier. Toekenningen rechtmatig Bij de opzet van de regeling door het Rijk woog zwaar dat de regeling snel ingevoerd kon worden en de gemeente snel de ondernemers die ondersteuning nodig hadden, deze konden toekennen en uitkeren. Er werden wel degelijk eisen gesteld aan de aanvraag en de aanvrager, maar in meerdere gevallen volstond een zgn. eigen verklaring. Uit de controle van de accountant van Halte Werk op de Tozo-aanvragen blijkt dat de in dit kader namens de gemeente Purmerend afgegeven toekenningen voldeden aan deze eisen en zijn derhalve rechtmatig. M&O Beleid belangrijk In de Tozo-regeling is aangehaakt bij het M&O-beleid (beleid ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik) dat een gemeente al moet hebben voor de uitvoering van de Participatiewet (het beleid dat al sinds jaar en dag bestaat om te beoordelen of nog wordt voldaan aan de voorwaarden voor bijv. een bijstandsuitkering).

In formele zin is het idee dat het bestaande M&O-beleid voldoende moet zijn om onrechtmatig gebruik van de Tozo-regeling tegen te gaan. In haar uitingen is het ministerie van SZW daar gedurende het jaar deels op teruggekomen door nadrukkelijk weer te geven dat ze verwachten dat er een actief M&O-beleid gevoerd wordt. En het ministerie heeft het Inlichtingenbureau gevraagd een digitaal vraagpunt te ontwikkelen om via datavergelijking met bestanden van verschillende rijksinstellingen (RvlG, UWV, belastingdienst, KvK, DJI, CJIB, Duo) te signaleren of er mogelijke aandachtspunten en/of belemmeringen zijn voor de rechtmatige verstrekking van de Tozo-uitkering. Ondanks de verschillende uitingen en de ontwikkelde tools: het vormgeven en uitvoeren van M&Obeleid blijft primair een gemeentelijke verantwoordelijkheid. Beoordeling mag ook in 2021 Het Rijk heeft ingezien dat de materie complex is en de uitvoering van beoordelingen door allerlei oorzaken pas laat op gang komt. Daarom wordt er gelegenheid gegeven om toezicht, controles etc. op de verstrekkingen in 2020 ook in 2021 uit te voeren; de verantwoording over 2020 is dus niet de definitieve opgave, correcties kunnen ook in de verantwoording over 2021 worden meegenomen. Oordeel accountant Halte Werk en de SiSa gemeente Purmerend De Tozo-verantwoording is onderdeel van de SiSa-verantwoording van de gemeente.

Wij hebben aan de accountant van Halte Werk eind 2020 auditinstructies toegezonden. De accountant van Halte Werk heeft aangegeven zijn controles conform onze instructies uit te voeren. De accountant van Halte Werk heeft onlangs de controles afgerond. Op 21 mei 2021 hebben wij van de accountant de gewaarmerkte SiSa-verantwoording 2020 inclusief een goedkeurende controleverklaring ontvangen, alsmede is een controlememorandum met de aanpak en bevindingen overgelegd. In het controlememorandum zijn geen afwijkingen gerapporteerd.

22

7.4

Rapport van bevindingen

Wij hebben geen fouten of onzekerheden geconstateerd die de rapporteringstoleranties overschrijden. Ook zijn wij van mening dat de in de SiSa bijlage opgenomen gegevens deugdelijk tot stand zijn gekomen. De door het CBS voorgeschreven model tabel van bevindingen hebben wij als bijlage bij dit rapport toegevoegd. Dit format dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli a.s. elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd.

23

8.

OVERIGE BEVINDINGEN

8.1

Onderzoek IT auditor kern applicaties

De controle van de jaarrekening is niet primair gericht op de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking en behoeft derhalve niet te leiden tot bevindingen die bij een speciaal gericht onderzoek wel naar voren zouden kunnen komen. Wij hebben afstemming gehad met de IT-auditor van de gemeente Purmerend over de aanpak en uitvoering van de controles op de belangrijkste IT beheersmaatregelen ten aanzien van de kernapplicaties (Decade, Gouw IT en Suites4 het sociaal domein). Hierbij zijn geen materiële tekortkomingen vastgesteld. Wij lezen in opvolging van de 7 speerpunten dat de organisatie bezig is om een organisatie-brede procedure op te zetten om periodieke controles op uitgegeven rechten en autorisaties te implementeren en in de organisatie structureel te laten borgen. 8.2

Voortgang ENSIA

ENSIA (“eenduidige normatiek single information audit”) is een gezamenlijk project van enkele ministeries en de VNG/gemeenten. Het project heeft tot doel het ontwikkelen en implementeren van een zo effectief en efficiënt mogelijk ingericht verantwoordingsstelsel voor informatieveiligheid. Hiervoor geldt sinds 1 januari 2020 de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) als norm (tot vorig jaar was dit de BIG). De collegeverklaring 2020 voor de ENSIA en de raadsinformatiebrief zijn in maart/april 2021 voor het bestuur opgesteld, en ook, samen met de specifieke vragenlijsten voor Suwinet, BRP/PUN, BAG, BGT en AVG, aan ons beschikbaar gesteld. In het kader van de ingevulde BIO vragen (normenkader) in de ENSIA-tool heeft de IT-auditor op verzoek van het college onderzocht hoe de gemeente er op dit moment voor staat en een kwalificatie afgegeven per beveiligingsmaatregel (d.w.z. voldoet, voldoet deels of voldoet niet). Er zijn in de managementletter van de IT-auditor kwalificaties ‘voldoet deels’. De adviezen die hierbij zijn gegeven betreffen overwegend het vastleggen van procedures of beleid rondom toegangsbeveiliging, gebruik van gegevensdragers, verwerkersovereenkomsten, back-up en restore. 8.3

Wet Normering Topinkomens (Wnt)

De Wet Normering Topinkomens (WNT) publieke en semipublieke sector en de hierin opgenomen publicatieplicht in de jaarrekening is van toepassing op topfunctionarissen, maar ook op de leden van het hoogst uitvoerende orgaan en het toezichthoudende orgaan. Op basis van de wet- en regelgeving valt de gemeente onder deze wettelijke regeling en dienen de WNT gegevens te worden gepubliceerd. Deze publicatieplicht geldt niet alleen voor de jaarrekening, daarvoor worden gedetailleerde gegevens gevraagd; wij moeten er in onze controleverklaring een apart oordeel over geven. Door de gemeente wordt, zowel qua bezoldiging als publicatie, voldaan aan de specifieke regels. 8.4

Rechtmatigheidsverantwoording

Met ingang van 2021 dient het college een rechtmatigheidsverantwoording af te geven. De exacte invulling daarvan is formeel nog niet bekend, want de besluitvorming door het Rijk is nog niet afgerond, maar inmiddels is door concept-publicaties de uitwerking al grotendeels duidelijk.

24

Er is nog geen concrete uitwerking bedoeld om richting en sturing te geven aan het proces om het einddoel: een positieve rechtmatigheidsstatement van het college in de jaarrekening over de uitvoering van 2021 te realiseren. Het verantwoordingsdocument richt zich terecht op de drie centrale actoren in dit proces: raad, college en ambtelijke organisatie. Het is nadrukkelijk de bedoeling van het Rijk dat rechtmatigheid onderwerp wordt bij beleidsuitvoering en de controle daarop. En omdat er concreet over moet worden gerapporteerd in de jaarrekening dient er te worden stilgestaan bij de reikwijdte van de controle, te hanteren controle- en rapporteringsgrenzen, de wijze van rapporteren (niet alleen vorm en inhoud in de rekening, ook tussentijdse rapportages). Naar onze mening kan dit in combinatie met de interne controle zoals die nu al feitelijk werkt als basis fungeren. Voor de volledigheid vermelden wij nog dat de commissie BADO heeft weergegeven om uit te gaan van een groeimodel, het hoeft niet in een keer volmaakt te zijn. Verstandig om dit mee te nemen in de ontwikkelingen, zeker ook omdat nog onduidelijk is wanneer de wetsvoorstellen feitelijk worden bekrachtigd. 8.5

Fraude

De accountant is wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudes te melden aan het bestuur. De accountant is verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht, waarbij moet worden opgemerkt dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. Wij hebben in het controleteam (‘pre-auditgesprek’) besproken waar de eventuele risico’s van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken en de preventieve maatregelen die hiertegen zouden kunnen werken, aan de orde zijn gesteld. Wij hebben bij de interim-controle en eindejaarscontrole zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd op de werking van interne beheersingsmaatregelen en er is gelet op significante en/of ongebruikelijke transacties in de financiële administratie (memoriaalboekingen, schattingen). Hierbij zijn ons geen signalen van (mogelijke) fraude bekend geworden. Het verdient aanbeveling om periodiek over fraudebeleid en frauderisico’s met de directie en college afstemming te hebben, dit mede gezien de nadrukkelijke aandacht van de beroepsgroep NBA en de verwachte aanpassing in de tekst van de controleverklaring bij de jaarrekening.

25

9.

CONCLUSIE

9.1

Geconstateerde fouten en onzekerheden

De controle heeft primair tot doel een oordeel te geven over getrouwheid en rechtmatigheid. Uit onze werkzaamheden zijn geen andere controleverschillen gebleken dan hierna genoemd. In deze rapportage hebben wij de resterende fouten en onzekerheden rondom het sociaal domein alsmede ten aanzien van de aanbestedingen, benoemd. De belangrijkste controleverschillen ten aanzien van de getrouwheid en rechtmatigheid zijn als volgt. Rechtmatigheid • onzekerheid over de rechtmatige besteding van zorggelden door zorgaanbieders (aanbieders van leveringen met een waarde minder dan € 125.000,-) van in totaal maximaal € 639.000,-; • voor de Pgb’s nemen wij een rechtmatigheidsfout mee van € 115.600,-; • ten aanzien van de externe inhuur bedraagt de rechtmatigheidsfout € 1,4 miljoen; • ten aanzien van de aanbestedingen bedraagt de rechtmatigheidsfout afgerond € 0,5 miljoen en voor onzekerheden € 0,7 miljoen. Getrouwheid • niet meer gecorrigeerde afwijkingen voor de Jeugdzorg en Wmo ad € 50.000,- en overige niet gecorrigeerde afwijkingen in de jaarrekening 2020; • onzekerheid getrouwheid inzake meerkosten Wmo van € 228.000,- ; • ten aanzien van de parkeergelden nemen wij een bedrag van € 50.000,- als onzeker mee.

Gemeten aan deze met u afgesproken normen voor onze controle (€ 2,6 miljoen voor fouten getrouwheid en rechtmatigheid en € 7,6 miljoen voor onzekerheden), komen de totale fouten en onzekerheden inzake de getrouwheid en de rechtmatigheid niet uit boven de afgesproken toleranties. 9.2

Controleverklaring

Wij hebben het college van burgemeester en wethouders van uw gemeente gemachtigd onze controleverklaring (de was getekend versie) bij de jaarrekening 2020 van uw gemeente op te nemen. Onze oordelen zoals opgenomen in deze controleverklaring zijn als volgt: Oordeel De getrouwheid De rechtmatigheid

Strekking Goedkeurend Goedkeurend

Hierbij zijn wij ervan uitgegaan dat de raad de nu overgelegde jaarrekening 2020 ongewijzigd vaststelt. Indien er nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve vorm van de jaarrekening dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen. Uit hoofde van onze controletaak hebben wij de financiële gegevens in de jaarrekening gecontroleerd. Naast de jaarrekening wordt er een jaarverslag, zijnde de verantwoording over de beleidsbegroting en financiële begroting, ter vaststelling aan uw raad aangeboden.

26

Wij hebben niet gecontroleerd op de in het jaarverslag opgenomen kerngetallen en toelichtingen. Wij melden wel dat op grond van de wettelijke verplichting ingevolge artikel 213 lid 3 onder d Gemeentewet het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening. Wij hopen u met vorenstaande van dienst te zijn geweest en zijn graag tot een nadere toelichting bereid.

Hoogachtend, Ipa-Acon Assurance B.V.

Was getekend: mr. drs. J.C. Olij RA

Bijlage : Tabel bevindingen SiSa 2020

27

Bijlage : Tabel bevindingen SiSa 2020

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10279990/1