CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

c-grondwaterbeleidsplan-gemeente-purmerend

Gemeenteraad 22 mei 2025, gemeente PurmerendBij agendapunt: Gemeentelijk Water- en rioleringsprogramma Purmerend 2025-203013.271 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Reageren op veranderingen Indien de meldingen relatie (lijken te) hebben met veranderingen in grondwateronttrekkingen en/of het oppervlaktewaterpeil, vindt afstemming plaats met het waterschap (of provincie voor grote onttrekkingen en Warmte-Koude-Opslag). Bij meldingen van huurders, stemt de gemeente de afhandeling af met de verhuurders.

8.2

Meetnet en analyse

Grondwatermeetnet (analyse grondwateroverlast) Om invulling aan de grondwatertaak te kunnen geven en de wettelijke taken goed uit te kunnen voeren is inzicht nodig in het grondwatersysteem. Dit inzicht is ondermeer nodig om bewoners te kunnen informeren in het kader van de grondwatertaak, onderzoeken naar de oorzaak van grondwateroverlast en -onderlast te kunnen uitvoeren en om gemeentelijke projecten goed te kunnen voorbereiden. De gemeente vergroot haar inzicht in het grondwatersysteem onder andere met behulp van een grondwatermeetnet. Het huidige grondwatermeetnet van Purmerend bestaat uit 123 peilbuizen, die met behulp van telemetrische dataloggers elk uur worden bemeten. Het hernieuwde grondwatermeetnet is sinds 2022 actief. De gegevens zijn vastgelegd in een online database. De peilbuizen zijn daarnaast reeds beschikbaar gesteld aan het BROloket en in deze planperiode worden ook de meetgegevens daaraan toegevoegd. De meetgegevens bieden de basis voor de toetsing aan het grondwaterbeleid. Op het moment dat de grondwatergegevens afwijken voor de streefwaarden voor lage en hoge grondwaterstanden wordt grondwateronderzoek uitgevoerd en het doelmatigheidsprincipe toegepast (conform de stappen zoals beschreven in hoofdstuk 7).

30

Grondwatermodel Het grondwatermeetnet geeft een goed eerste inzicht in de grondwatersituatie van Purmerend, maar gebiedsdekkende informatie van de grondwaterstanden (tussen de peilbuizen in) ontbreekt nog. Ook voor het doen van prognoses omtrent de effecten van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, klimaatverandering en -adaptatie en vergroening is nog geen instrument aanwezig. Daar is een grondwatermodel voor nodig. De gemeente gebruikt lokale grondwatermodellen al op kleine schaal voor projecten. Door de inzet van een combinatie van het meetnet en een model, wordt op efficiënte wijze grondwaterdata verkregen. In gebieden waar de grondwaterstand betrouwbaar berekend wordt, zijn namelijk minder meetpunten nodig. Analyse grondwateronderlast Uit de analyse van de huidige situatie van het grondwater (hoofdstuk 3) blijkt dat delen van de gemeente gevoelig kunnen zijn voor de nadelige gevolgen van lage grondwaterstanden. Er is sprake van slappe bodemlagen (klei en veen) en oudere bebouwing. Binnen de gemeente is een globaal beeld beschikbaar over de funderingssituatie. Om bewoners goed te informeren over de risico’s en een handelingsperspectief voor de gemeente op te kunnen stellen, wordt hier nader onderzoek naar uitgevoerd. Door de grondwatergegevens te interpreteren vanuit het perspectief van onderlast kan geanticipeerd worden en kunnen wellicht schades worden voorkomen.

Als nieuwe informatie beschikbaar komt, kunnen de streefwaarden gebiedsspecifiek worden aangescherpt. In aandachtsgebieden wordt indien daar noodzaak voor is grondwateronderzoek uitgevoerd en het doelmatigheidsprincipe gevolgd. Hierbij wordt overwogen of het doelmatig is om maatregelen te nemen om de grondwaterstand te verhogen, bijvoorbeeld door het aanleggen van een systeem om oppervlaktewater te infiltreren. Ook vindt communicatie plaats richting de bewoners naar aanleiding van de bevindingen, zie hiervoor ook paragraaf 8.7. Risicogebieden hoge en lage grondwaterstanden De gemeente wil de komende jaren gericht onderzoek uitvoeren in de risicogebieden voor te hoge en te lage grondwaterstanden, waar deze samenvallen met gebieden waar werkzaamheden zijn gepland, om zo de aard en omvang van het probleem en mogelijke oplossingsrichtingen in kaart te brengen. Deze informatie levert input voor een prioritering van aan te pakken gebieden.

8.3

Werken in de openbare ruimte

Renovatie van de openbare ruimte (groot onderhoud aan wegverharding, parken en riolering) biedt kans om gelijktijdig grondwaterproblemen te beperken of te voorkomen en te anticiperen op de gevolgen van klimaatverandering. Het is een doelmatige aanpak om bij projecten in de openbare ruimte ook de grondwateroverlast aan te pakken (het werk-met-werk principe). Daarom worden de grondwateraspecten bij de projecten te betrokken. Aantonen geen risico op grondwater overlast of onderlast Bepaalde werkzaamheden beïnvloeden de grondwaterstand. Voorkomen moet worden dat hierdoor een verandering van de grondwaterstand optreedt waardoor de grondwaterstreefwaarde wordt overschreden of onderschreden (zie 6.3). De initiatiefnemer van de uit te voeren werkzaamheden moet aantonen dat er geen risico is op grondwateroverlast dan wel grondwateronderlast door de

31

werkzaamheden of dat zij daartegen afdoende maatregelen hebben genomen. Voorbeelden van werkzaamheden die invloed kunnen hebben op de grondwaterstand zijn: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

vervanging van een lekkend riool door een nieuw waterdicht riool; relinen van een oud, lekkend riool; afkoppelprojecten; herinrichting van de openbare ruimte; waterberging en infiltratie; vergroening; de aanleg van een ondergrondse parkeergarage; aanleg overige ondergrondse constructies, bouwkuipen, damwanden.

Voorbeeld rioolvervanging: Bij rioolvervanging kan sprake zijn van een lek geraakt riool, dat drainerend is gaan werken. Binnen gemeente Purmerend is dit een bekend probleem. Deze instroom van grondwater is ongewenst: het schone grondwater verdunt het afvalwater en wordt naar de zuivering getransporteerd. Daarnaast kan dit een aanzienlijke verlaging van de grondwaterstand veroorzaken. Door een oud, lek riool te vervanging (of te relinen) kan de grondwaterstand gaan stijgen naar de natuurlijke situatie, met mogelijk grondwateroverlast tot gevolg. Daarom wordt voorafgaand aan rioolvervangingsprojecten het risico op negatieve effecten op de grondwaterstand ingeschat en waar nodig compenserende maatregelen zoals een drainageleiding aangelegd. Grondwater problemen beperken Renovatie van de openbare ruimte (groot onderhoud aan wegverharding, parken en riolering) biedt de kans om gelijktijdig grondwaterproblemen te beperken en te anticiperen op de gevolgen van klimaatverandering. Daarom overweegt de gemeente bij renovatie om gelijktijdig een drainage en/of infiltratiesysteem in de openbare ruimte aan te leggen dan wel de bestaande drains te vervangen. Voorafgaand aan uitvoeringsprojecten wordt de huidige grondwatersituatie, de verwachte en de gewenste grondwatersituatie na de uitvoering van het project nagegaan.

Relevante gebiedskenmerken zoals de aanwezigheid van zettingsgevoelige lagen, diepte van kwetsbare funderingen en gevoeligheid voor grondwateroverlast worden in beeld gebracht. Hiermee worden de algemene grondwaterstreefwaarden (zie 6.3) vertaald naar een goed onderbouwd gewenst grondwaterregime. Hierbij wordt een afweging gemaakt tussen verschillende grondwaterbelangen, de duurzaamheid van mogelijke maatregelen en wordt een doelmatigheidsafweging gemaakt. Op basis hiervan wordt besloten om eventueel maatregelen mee te nemen om de grondwatersituatie ter plaatse te verbeteren (of om te voorkomen dat zij zal verslechteren). Voor gebieden waarvan is vastgesteld dat het nemen van een maatregel op openbaar terrein doelmatig is, wordt een maatregelontwerp opgesteld. De te nemen maatregel verschilt per locatie, zie paragraaf 6.16.1 voor de voorkeursvolgorde van maatregelen voor gemeente Purmerend. Een maatregel kan worden ontworpen voor een straat, of voor een heel gebied. In het ontwerp wordt behalve technische eisen van de nieuw aan te leggen maatregel (hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de aanlegdiepte, materiaal, diameter en lozingspunten van een drainage), ook het na te

32

streven grondwaterpeil bepaald. Bij het nemen van maatregelen wordt zoveel mogelijk meegelift met andere relevante werkzaamheden. Dit geldt als een doelmatige, kosteneffectieve uitvoering. Het is conform de Omgevingswet en algemeen beginsel van behoorlijk bestuur verplicht, om daar waar nodig vast te leggen en te motiveren waarom wel/geen grondwatermaatregelen zijn getroffen. Drainage duurzaam laten functioneren Voor de aanleg van drainage en infiltratie zijn richtlijnen een belangrijk hulpmiddel om drainagesystemen duurzaam te laten functioneren. Uitgangspunt voor de gemeente is dat de systemen robuust en duurzaam worden ontworpen en aangelegd. Intentie is de levensduur van drainages gelijk te houden aan dat van rioolleidingen. Dit betekent dat specifieke eisen aan drainageleidingen gesteld moeten worden. Daarom stelt de gemeente een plan voor de aanleg van drainagesystemen op, wat opgenomen wordt in het programma van eisen inrichting openbare ruimte. In het plan is ook aandacht nodig voor de beheerfase. In Bijlage 4 zijn voorbeelden van eisen aan drainagestelsels en een voorbeeld van een ontwerp van een drainage-infiltratiesysteem gegeven. Bij het nemen van grondwaterstandveranderende maatregelen dient voorkomen te worden dat grondwater- en bodemverontreinigingen worden verspreid.

Voor de aanleg van drainage wordt nagegaan of zich binnen de invloedsfeer van de drains verontreinigingen voordoen. Grondwater problemen tijdens uitvoering voorkomen Tijdens de uitvoeringsfase is het nodig om goede randvoorwaarden mee te geven aan (inschrijvende) aannemers om bemalingsrisico’s goed in te kunnen schatten. De gemeente stelt het bemalingsadvies op dat onderdeel uitmaakt van het bestek, hetgeen verder geconcretiseerd dient te worden door de uitvoerende partij in een bemalingsplan. Ook meet de gemeente de grondwaterstanden voor, tijdens en na de werkzaamheden met een projectmeetnet, waarbij de korte meetreeks wordt gekoppeld aan de lange meetreeks van het grondwatermeetnet (indien aanwezig in de wijk).

8.4

Nieuwe (ruimtelijke) ontwikkelingen

Bij nieuwbouw wordt door de verplichte Watertoets, waarin ook het grondwater moet worden betrokken, beoogd in de bestemmingsfase de juiste keuzes te maken voor de locatie en het toekennen van de bestemmingen. Dit betekent dus dat vóóraf het hydrologisch onderzoek naar de locatiekeuze moet plaatsvinden. Voor nieuwbouwplannen is de voorkeursvolgorde voor de maatregelen uit paragraaf 6.1 toepasbaar. Dit betekent onder meer dat zoveel mogelijk een integrale ophoging van het maaiveld plaatsvindt en dat aandacht wordt besteed aan de beheersbaarheid en levensduur van de technieken. De nieuwbouw locatie dient op een correcte wijze bouwrijp te worden gemaakt. Hiermee kan worden voorkomen dat in de beheerfase overlast ontstaat door het onjuist bouwrijp maken. In de inrichtingsfase wordt het bouw- en woonrijp maken van grond gebaseerd op de ontwateringseisen uit paragraaf 6.3. Voor nieuwbouwwijken geldt als streefwaarde een minimale ontwatering van 0,7 m beneden de as van de weg. Berekeningen van de initiatiefnemer moeten aantonen dat deze minimale ontwateringseis wordt gehaald, of dat hier onderbouwd vanaf wordt

33

geweken en compenserende maatregelen worden genomen. De initiatiefnemer dient te onderbouwen dat het water van het (opgehoogde) perceel niet op de omgeving wordt afgewenteld. Werken van derden Ook (uitvoerings)werken door derden kunnen grondwateroverlast of -onderlast veroorzaken, zoals bij de bouw van kelders of bouwputten. Het gaat dan om tijdelijke effecten tijdens de bouwfase, maar ook permanente effecten in de gebruiksfase. De initiatiefnemer van de werkzaamheden moet aantonen dat er geen risico is op grondwateroverlast of -onderlast door de werkzaamheden in zowel de gebruiks- als bouwfase, of dat er afdoende maatregelen zijn genomen. Borgen grondwaterbelang in omgevingsplannen Bouw en Woningtoezicht toetst (eventueel in overleg met Beheer) of de werkzaamheden een nadelige invloed hebben op de omgeving. Het kader voor grondwatertoetsing is de omgevingsvergunning, mits concrete grondwaterrandvoorwaarden zijn opgenomen in het omgevingsplan. Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning beoordeelt de gemeente of door de aanvrager voldoende onderzoek is gedaan naar de effecten van bouwwerken op de grondwaterstand. Indien in het omgevingsplan geen concrete grondwaterrandvoorwaarden zijn opgenomen, is er geen handvat om een vergunning op dat aspect te weigeren. Dan probeert de gemeente in goed overleg de initiatiefnemer het belang van het voorkomen van wateroverlast in te zien.

Het resultaat van het watertoetsproces, de waterparagraaf in het bestemmingsplan, heeft geen juridische status waarmee handhaving mogelijk is. Daarvoor zal het vertaald moeten worden naar regels in het omgevingsplan en eisen in exploitatieovereenkomsten. Er dienen concrete doelomschrijvingen ten aanzien van grondwater opgenomen te worden in omgevingsplannen, ondermeer ten aanzien van de bouwwijze, minimale én maximale gewenste ontwateringsdiepte en bouwpeil.

8.5

Groenbeheer, natuurinclusiviteit en klimaatadaptatie

In het kader van klimaatadaptatie en natuurinclusiviteit is het wenselijk dat er meer groen komt. Ook dient het bestaande groen goed onderhouden te worden. Grondwater kan een grote impact hebben op de natuurinclusieve en klimaatadaptieve maatregelen en omgekeerd. Hoge grondwaterstanden kunnen boomwortelopdruk veroorzaken, terwijl lage grondwaterstanden zorgen voor groen van slechte kwaliteit en een kleiner verkoelend effect. Ook bepaalt de grondwaterstand hoeveel ruimte er is in de ondergrond beschikbaar is voor (regen)waterberging. Daarbij ontstaat een vraagstuk of de omgeving/functie aangepast moet worden aan de grondwaterstand of omgekeerd. Gedurende deze planperiode wordt onderzocht hoe gemeente Purmerend klimaatadaptatie, groenbeheer en het grondwaterbeheer op elkaar kan afstemmen. Om verdroging van groen zoveel mogelijk tegen te gaan wordt gestimuleerd om zoveel mogelijk hemelwater te infiltreren in de bodem. Bijvoorbeeld door regenwaterafvoer af te koppelen en via het maaiveld of via voorzieningen zoals wadi’s of waterbergende wegfunderingen te infiltreren in de bodem. De gemeente wil niet onbedoeld grondwateroverlast of -onderlast veroorzaken met vergroeningsof klimaatadaptieve maatregelen. Vergroening en klimaatadaptatie maatregelen vallen onder

34

werken in de openbare ruimte waarbij de initiatiefnemer moet aantonen dat er geen risico is op grondwateroverlast dan wel grondwateronderlast door de werkzaamheden of dat zij daartegen afdoende maatregelen hebben genomen (zie paragraaf 8.3). Bij nieuw aan te leggen groen, infiltratievoorzieningen en andere klimaatmaatregelen wordt beoordeeld of het doelmatig is om een drainage-infiltratie systeem aan te leggen, of om de maatregelen anders in te richten. Om richting te geven waar welke maatregelen met betrekking tot klimaatadaptatie getroffen kunnen worden wordt een kansenkaart opgesteld. Deze kaart geeft een globaal inzicht waar binnen de gemeente afgekoppeld kan worden of waar infiltratiemogelijkheden zijn en of deze moeten worden voorzien van drainagevoorzieningen of niet. Per project moet worden gekeken wat de effecten hiervan zijn. Boomwortelopdruk en groenbeheer Door hoge grondwaterstanden kan overlast en schade ontstaan door wortelopdruk. Boomwortels duwen de bestrating weg, waardoor gaten of juist verhogingen ontstaan. De wortelopdruk kan veroorzaakt worden door het grondwater, maar kan ook andere redenen hebben. Het is van belang dat bij het plaatsen van nieuwe bomen genoeg ruimte en voeding aanwezig in de ondergrond is voor de wortels. Bij de keuze van boomsoort dient rekening gehouden te worden met de ruimtevraag in de ondergrond en gewenste grondwaterstanden.

Ook kan wortelgeleiding worden toegepast. Bij bestaande bomen kunnen maatregelen getroffen worden zodat het grondwater aangepast kan worden op de eisen van de bomen. Hetzelfde geldt voor nieuwe en bestaande groenstroken. De gewenste ontwatering voor groen hangt af van de toegepaste soorten. Gedurende de planperiode wordt onderzocht voor zowel het bestaande als het nieuwe groen en bomen welke (voorkeurs)soorten dienen te worden toegepast en welke maatregelen nodig zijn om deze in stand te houden. Dit wordt opgenomen in de leidraad openbare ruimte.

8.6

Beheer en onderhoud drainagesystemen

In gemeente Purmerend zijn beperkt gegevens bekend over de ligging en de staat van bestaande drainagesystemen in het openbare gebied. Er is momenteel nog geen onderhoudsprogramma voor de drainagesystemen. De gemeente is wel verantwoordelijk voor haar grondwatervoorzieningen. Daarbij hoort nazorg bij uitgevoerde maatregelen in de vorm van de monitoring van effecten van deze maatregelen. Daarnaast is het beheer van de drainagesystemen belangrijk voor een langdurige werking van systemen. Hiervoor wordt in de planperiode een onderhoudsplan voor drainage opgesteld. Dit is opgenomen in het Gemeentelijk Water- en Rioleringsprogramma. Voor aandachtspunten ten aanzien van de uitvoering van het onderhoud wordt gebruikgemaakt van de Leidraad Riolering, module C3300 “beheer en onderhoud drainagevoorzieningen”. Het betreft de volgende activiteiten: ▪ Het opnemen van de systemen en achterliggende kenmerken in een beheersysteem. ▪ Onderzoek (monitoring en inspectie). ▪ Onderhoud (doorspuiten en doorsteken). ▪ Reparatie. ▪ Vervanging. Uitgangspunt voor leidingen: gelijktijdig met renovatie van de wijken zodat vervangingskosten minimaal zijn.

35

8.7

Communicatie en samenwerking

De gemeente wil graag bewoners en bedrijven in staat stellen om zelf hun verantwoordelijkheid te nemen ten aanzien van de grondwatersituatie op eigen terrein en hen daarmee een handelingsperspectief te bieden. Ook dienen bewoners op de hoogte gehouden te worden van ontwikkelingen die (mogelijk) effect hebben op de grondwatersituatie. Daarvoor is een goede informatievoorziening vanuit de gemeente nodig. Gedurende deze planperiode wordt een plan opgesteld hoe deze informatievoorziening wordt opgepakt. Daarin wordt opgenomen hoe de gemeente informatie (met maatwerk) in het kader van het behandelen van overlastmeldingen verstrekt. Daarnaast wordt (algemene) informatie over het beperken van grondwaterproblemen gebruikt om naar te verwijzen bij het behandelen van overlastmeldingen. Daar waar nodig worden bewoners betrokken bij grondwateronderzoek, om draagvlak bij bewoners voor de aanpak en bewustwording van de (on)mogelijkheden voor maatregelen te creëren. Dat kan door bijvoorbeeld door middel van een enquête, kruipruimteonderzoek of verdergaand: door een bewonersvertegenwoordiging uit te nodigen om het onderzoek samen te begeleiden en informatie te verzamelen. Ook wordt met bewoners en bedrijven gecommuniceerd in het kader van voorgenomen werken in de openbare ruimte. In het kader van een project worden nieuwsbrieven, inloopbijeenkomsten met uitleg en toelichting opgezet.

In aanvulling hierop werkt de gemeente toe naar publieke informatievoorziening van gegevens van het grondwatermeetnet, ontsloten via een internetpagina op de gemeentelijke website. De gegevens worden op internet geplaatst, zodat bewoners en bedrijven die grondwaterinformatie zoeken, de nodige informatie kunnen vinden. Samenwerking met partners Ook is het van belang dat de gemeente aangehaakt blijft bij regionale ontwikkelingen (zoals het stoppen van grote onttrekkingen) en moet daarvoor actief het gesprek aangaan met drinkwaterbedrijf, waterschap, provincie, omliggende gemeenten en bij initiatieven van andere overheden.

36

9. Uitvoeringsagenda De voorgaande hoofstukken leiden tot de grondwateracties in onderstaande tabellen. Door middel van deze acties geeft gemeente Purmerend invulling aan haar wettelijke grondwatertaak. Er is onderscheid gemaakt in acties waarvoor nieuw budget nodig is en acties die worden uitgevoerd binnen de gangbare werkzaamheden (en huidige fte’s/werken). De (afgeronde) kosten zijn indicatief bepaald voor budgetreservering, de kosten zijn exclusief BTW en prijspeil 2024. Er zijn geen interne uren opgenomen voor het uitbesteden en uitvoeren van werk. De kosten zijn geraamd op basis van kengetallen en praktische ervaring van Aveco de Bondt met stedelijk grondwaterbeheer. Over- en onderschrijdingen worden verrekend met de voorziening rioolheffing.

9.1

Acties met budgetreservering

Tabel 1: Kostenraming acties aanpak grondwateroverlast en -onderlast Actie Korte omschrijving nummer

Realisatie

1

Reservering: nader grondwateronderzoek indien meldingen/ projecten daartoe aanleiding geven

2025-2029

2

Reservering: planmatig grondwateronderzoek uitvoeren in aandachtsgebieden

2025 2026 2027

15.000 15.000 15.000

3

Actualisatie grondwater analyse (representatieve situatie en n.a.v. extreme situaties)

2026 2029

10.000 10.000

4

Instructie grondwater maken t.b.v. database werkvoorbereiders / projectleiders

2025

10.000

5

Grondwaterworkshop voor creëren bewustzijn binnen organisatie

2025

10.000

6

Onderzoek funderingssituatie en droogtegevoeligheid t.b.v. werkplanning, -voorbereiding en stresstest

2025

25.000

7

Opstellen (proces)richtlijnen grondwater bij nieuwbouw-projecten, inclusief creëren bewustzijn in organisatie d.m.v. werksessie

2026

15.000

8

Opstellen stationair grondwatermodel voor berekeningen op grove schaal (buurt/wijkniveau)

2026

30.000

37

Investeringskosten (eenmalig) in €

Exploitatiekosten (per jaar) in € 15.000

9

Ontwikkelen eerste versie instationair grondwatermodel en viewer om data te ontsluiten, uitvoeren effectberekeningen klimaatverandering/ infiltratie, m.b.v. KNMI’23 scenario’s

2027

30.000

Tabel 2: Kostenraming acties aanleg, beheer en onderhoud drainagesystemen Actie nummer

Korte omschrijving

Realisatie

Investeringskosten Exploitatiekosten (eenmalig) in € (jaarlijks) in €

10

Quickscan en proefproject omgang oude drains

2027

15.000

11

Opstellen onderhoudsplan drainage

2025

20.000

12

Opstellen / detailleren richtlijnen drainage voor in programma van eisen inrichting openbare ruimte

2025

10.000

13

Uitvoeren onderhoud aan bestaande 2025-2029 drainage (doorspuiten), inclusief afvoer van materiaal, (steekproefsgewijze) controle drainageputten en doorspuitvoorzieningen.

P.M. totaalbedrag 120.000

Tabel 3: Kostenraming acties inrichting grondwatermeetnet Actie nummer

Korte omschrijving

Realisatie

Investeringskosten Exploitatiekosten (eenmalig) in € (jaarlijks) in €

14

Exploitatie meetnet incl. presenteren data op online portal(s), per jaar

20252029

55.000

15

Reservering: uitvoeren van onderhoud aan meetnet, per jaar

20252029

5.000

16

Aanlevering grondwaterstanden aan de BRO

20252029

2.500

38

Tabel 4: Kostenraming acties optimalisatie communicatie en omgang met klachten Actie nummer

Korte omschrijving

Realisatie

Investeringskosten (eenmalig) in €

17

Uitbreiden informatiewebsite over grondwater, met verwijzing naar publieke webportal (eventueel gezamenlijk met regio)

2026

10.000

18

Protocol klachtenverwerking opstellen

2025

10.000

19

Jaarlijks evalueren meldingen en grondwaterstanden, bevindingen verwerken in database en watersysteemkaart

20252029

Exploitatiekosten (jaarlijks) in €

10.000

Tabel 5: Kostenraming acties duurzaam bodembeheer en gebiedsgericht grondwaterbeheer Actie nummer 20

Korte omschrijving Opstellen kansenkaart klimaatadaptatieve inrichting en vergroening vanuit de grondwaterbelangen, toevoegen aan de atlas van Purmerend en uitdragen binnen de gemeente

Realisatie

Investeringskosten (eenmalig) in €

2025

25.000

Exploitatiekosten (jaarlijks) in €

Tabel 6: Opstellen nieuw grondwaterbeleidsplan Actie nummer 21

Korte omschrijving Opstellen nieuw grondwaterbeleidsplan

Realisatie 2028

39

Investeringskosten (eenmalig) in € 10.000

Exploitatiekosten (jaarlijks) in €

Acties binnen huidige werkzaamheden Onderstaande acties worden opgepakt binnen de werken/projecten/gangbare werkzaamheden. Hiervoor is geen extra budget nodig, in aanvulling op de budgetten van de werken in de wijken en huidige fte’s. De acties zijn opgesomd per onderwerp. Omgang meldingen wateroverlast 1. Meldingen in ontvangst nemen via meldpunt. 2. Waar kan adequaat bewoners bij grondwateronderzoek betrekken, om draagvlak bij bewoners voor aanpak te creëren. 3. Meldingen behandelen conform eenduidige systematiek. 4. Meldingen registreren, inclusief uitkomsten, zodat periodieke analyse van de gegevens mogelijk wordt, om te voldoen aan de grondwatertaak. Grondwater bij werken in openbare ruimte 5. Grondwateronderzoek bij voorbereiding werken in openbare ruimte, inclusief monitoring en evaluatie voor en na werkzaamheden. Opstellen bemalingsadvies en laten uitwerken in bemalingsplan. 6. Vaststellen of maatregelen om de grondwatersituatie ter plaatse te verbeteren doelmatig zijn, en indien doelmatig opnemen in ontwerp. 7. Als voorbereiding van projecten beoordelen of infiltreren/onttrekken leidt tot een ongewenste grote stijging/daling van de grondwaterstand, beslissing motiveren en vastleggen om te voldoen aan de grondwaterzorgplichtgrondwatertaak. Voorkomen grondwaterproblemen bij nieuwbouw 8.

Bij nieuwbouwprojecten: grondwateronderzoek uitvoeren, voorwaarden en aandachtspunten meegeven aan bouwer, beslisboom drainage doorlopen met bouwer, watertoetsproces doorlopen, bevindingen en voorwaarden vastleggen in omgevingsplan, exploitatieovereenkomst en/of in overleg afstemmen met betreffende partijen. Grondwater bij projecten door derden 9. Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning stemt de gemeente af of door de aanvrager voldoende onderzoek is gedaan naar de effecten van bouwwerken op de grondwaterstand, in zowel gebruiksfase als uitvoeringsfase (in afstemming met bevoegd gezag voor bouwfase: waterschap). Er is speciale aandacht voor de invloed van ondergrondse constructies (kelders) op het grondwatersysteem, en de noodzaak om maatregelen te treffen als de grondwaterstroming wordt belemmerd. Richtlijnen worden opgenomen in het omgevingsplan. 10. Als voorbereiding op bemalingswerkzaamheden: richtlijnen opstellen over onttrekkingen en lokale bodemopbouw (schade beperken vooral in veengebied). Bemalingsplan laten opstellen/handhaven en waar nodig risicobeperkende maatregelen treffen. In overleg met bevoegd gezag (waterschap, bouw- en woningtoezicht). Grondwater en wijzigingen oppervlaktewaterpeil/onttrekkingen 11.

Bij voorgenomen peilbesluit door HHNK en vergunningen voor grote onttrekkingen door provincie: actief en tijdig afstemmen grondwateraspecten bebouwde gebieden, om te waarborgen dat het thema grondwater voldoende wordt beoordeeld.

40

Anticiperen op gevolgen klimaatverandering 12. Bij ieder project in de openbare ruimte rekening houden met gevolgen klimaatverandering voor grondwater en de kansen die het project biedt om gevolgen te beperken, om op doelmatige wijze de gemeente klimaatbestendig te maken. Planmatig beheer en onderhoud drainagesystemen 13. Het opnemen en actueel houden van de systemen en achterliggende kenmerken (omhulling, dimensies, materiaal, instelniveau, et cetera) in het beheersysteem. 14. Aanpassen instelniveau regelbare horizontale drainage-(infiltratie)leidingen indien doelmatigheidsafwegingen daartoe aanleiding geven.

41

Bijlage 1

Mogelijke maatregelen grondwaterproblematiek

Mogelijke maatregelen tegen grondwateroverlast Om grondwateroverlast tegen te gaan worden de volgende type maatregelen onderscheiden (zie ook Figuur 9): 1. ophogen van het maaiveld; 2. aanleggen van extra oppervlaktewater; 3. treffen van bodemkundige maatregelen; 4. treffen van grondwatertechnische maatregelen; 5. bouwtechnische maatregelen.

Figuur 9: Voorbeelden van maatregelen tegen hoge grondwaterstanden

Ad 1. Ophogen van het maaiveld Bij nieuwbouw en binnenstedelijke renovatieprojecten kan het betreffende terrein worden opgehoogd. Hierdoor neemt de ontwateringsdiepte toe en vermindert de kans op grondwateroverlast. Hierbij wordt rekening gehouden met slappe kleilagen daar waar aanwezig. Het is hierbij belangrijk dat het ophogen niet leidt tot afwenteling van waterproblematiek bij de bestaande bebouwing. Ad 2. Aanleggen van extra oppervlaktewater Door het aanleggen van nieuwe waterlopen of vijvers verbeteren de afwatering- en ontwateringmogelijkheden in een wijk. Daarnaast nemen hierdoor de mogelijkheden voor afkoppelen toe. Ook kan open water worden gebruikt voor bluswater en draagt het bij aan de vermindering van hittestress. Ad 3. Treffen van bodemkundige maatregelen Het doorsteken van slecht doorlatende klei of leemlagen kan bijdragen aan het verlagen van de grondwaterstand. Ook het bezanden of verschralen van een kleiige/lemige toplaag kan de overlast

42

aan maaiveld verminderen. Deze laatste vorm van overlast is eerder als regenwateroverlast te betitelen dan grondwateroverlast. Aandachtspunten bij het nemen van deze maatregelen zijn het risico op het ontstaan van droogteschade (krimp van kleilagen), of opbarsten door kwel; sommige maatregelen kunnen daarentegen juist ook bijdragen aan het beperken ervan (infiltreren). Ad 4. Treffen van grondwatertechnische maatregelen Om de ontwatering in bestaand bebouwd gebied te verbeteren zijn grondwatertechnische maatregelen mogelijk. Gedacht wordt aan drainagesystemen (horizontale, verticale) of gecombineerde drainage-infiltratie-systemen. Ook kruipruimtebemaling op het particuliere terrein valt hieronder. Bij het nemen van deze maatregelen moet tegelijk rekening worden gehouden met het risico op het ontstaan van droogteschade (krimp van kleilagen); sommige maatregelen kunnen daarentegen juist ook bijdragen aan het beperken ervan (infiltreren). Ad 5. Bouwtechnische maatregelen De meest voorkomende bouwtechnische maatregelen om grondwateroverlast in de woning tegen te gaan zijn: ▪ Isoleren/vervangen constructievloer: het dampdicht maken van de begane grond vloer. ▪ Ventilatie: het aanbrengen / weer openmaken van voldoende ventilatieroosters. ▪ Injecteren muren: het injecteren van bouwmuren om optrekkend vocht tegen te gaan.

▪ Isoleren/ophogen kruipruimte bodem: bijvoorbeeld met schelpen of thermische PS chips. Indien de woningen voldoen aan de wettelijke eisen van het Bouwbesluit (sinds 1992 van kracht) zal een geringe ontwatering niet leiden tot vochtoverlast in het pand. Bij nieuwbouw, renovatie- en herstelprojecten dienen panden conform het Bouwbesluit waterdicht gemaakt te worden. Nadat bouwtechnische maatregelen zijn uitgevoerd kan de grondwaterstand natuurlijker gaan fluctueren zonder dat dit tot wateroverlast in de panden behoort te leiden. Het uitvoeren van maatregelen op particulier terrein, met name bouwtechnische maatregelen, is een taak van de eigenaar van het pand of perceel en wordt daarom in dit beleidsplan niet verder behandeld, zie ook paragraaf 4.3. De gemeente ziet voor haarzelf hierin geen taak.

43

Mogelijke maatregelen tegen grondwateronderlast Om grondwateronderlast tegen te gaan worden de volgende type maatregelen onderscheiden (zie ook Figuur 10): 1. 2. 3. 4.

onttrekkingen beperken; aanleggen/vasthouden/aanvoeren oppervlaktewater; infiltreren, bergen en vasthouden hemelwater in de bodem; bouwtechnische maatregelen.

Figuur 10: Voorbeelden van maatregelen tegen lage grondwaterstanden

Ad 1. Beperken onttrekkingen Om zoveel mogelijk water in de bodem te houden en droogte te beperken is het belangrijk (grond)wateronttrekkingen te minimaliseren. Behalve het instellen van onttrekkingsverboden uit het oppervlaktewater (door de waterschappen), dienen ook grondwateronttrekkingen zoals tijdelijke bemalingen zoveel mogelijk te worden beperkt. Voor de gemeente ligt de taak om de afvoer van grondwater via lekke riolen te beperken door het relinen of vervangen van het riool. Ad 2. Aanleggen/vasthouden/aanvoeren oppervlaktewater Door het aanleggen van nieuwe waterlopen of vijvers verbeteren de infiltratiemogelijkheden naar het grondwater in een wijk. Daarnaast biedt extra oppervlaktewater ook de mogelijkheid voor perceel- en pandeigenaren om water aan te voeren en lokale kleilagen rondom de woning nat te houden. Het infiltreren van oppervlaktewater door middel van een infiltratiesysteem is echter wel een kostbare maatregel.

44

Ad 3. Infiltreren, bergen en vasthouden hemelwater in de bodem Om uitzakkende grondwaterstanden, en dus de krimp van klei, in de zomer zoveel mogelijk te beperken is het belangrijk om het water dat beschikbaar is (hemelwater) zoveel mogelijk te infiltreren in de bodem, te bergen en vast te houden. Bij voorkeur lokaal bij aanwezige kleilagen. Dit kan door middel van waterdoorlatende verharding, wadi’s, geperforeerd hemelwaterriool, en het onttegelen van tuinen. Omdat gemeente Purmerend vanwege de bodemgesteldheid en kweldruk ook kwetsbaar is voor hoge grondwaterstanden dient altijd een goede afweging gemaakt te worden hoe het infiltreren, bergen en vasthouden van water in de bodem gerealiseerd kan worden zonder daardoor negatieve effecten op de omgeving door te laten ontstaan. Ad 4. Bouwtechnische maatregelen Indien de fundering van een woning zodanig is verslechterd dient funderingsverbetering of funderingsherstel uitgevoerd te worden. Hiermee wordt de fundering weerbaar gemaakt tegen eventueel nadelige effecten van droogte/lage grondwaterstanden. Het uitvoeren van maatregelen op particulier terrein, met name bouwtechnische maatregelen, is een taak van de eigenaar van het pand en wordt daarom in dit beleidsplan niet verder behandeld, zie ook paragraaf 4.3. De gemeente ziet voor haarzelf hierin geen taak.

45

Bijlage 2

Voorbeelden van specifieke eisen aan drainagesystemen

Voorbeelden van specifieke eisen aan drainagesystemen ▪ beperken ijzerafzettingen en wortelingroei: drainageleidingen te allen tijde onder het grondwaterpeil aanleggen; ▪ regelbaar drainagesysteem: instellen drainage-instelniveau met behulp van opzetstukken of overstortmuurtjes in het drainagesysteem. Hierdoor wordt een flexibel systeem voor aanpassingen van het instelniveau aangelegd; ▪ tot welk niveau kan de grondwaterstand verlaagd worden, rekening houdend met funderingen en zettingen; ▪ keuze voor een drainagesysteem of drainage-infiltratiesysteem, ook water inlaten in droge perioden om onderlast te voorkomen? ▪ aansluitingen derden: hoe en wanneer grondwater van derden ontvangen; ▪ afvoer drainagewater: waar naartoe, hoeveel uitstroompunten en controle kwaliteit drainagewater; ▪ richtlijnen voor het ontwerp: instelniveau, toestroming, inspectie- en onderhoudsputten, onderhoud, monitoring van de werking, et cetera.

Figuur 11: Fragmenten van een drainageontwerp, voor Overwhere fase C1

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15469057/1