C -bestemmingsplan-tankstation-etc-Verzetslaan-toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022 Vastgesteld
Inhoudsopgave Toelichting Hoofdstuk 1
5 Inleiding
5
1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Vigerend bestemmingsplan 1.4 Leeswijzer
5 5 6 7
Hoofdstuk 2
Projectbeschrijving
2.1 Programma 2.2 Waarom verhuizen 2.3 Inrichting nieuwe locatie
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid
Hoofdstuk 4
Omgevingsanalyse
4.1 Huidige situatie 4.2 Nieuwe situatie
Hoofdstuk 5
Randvoorwaarden / omgevingsaspecten
Uitvoerbaarheid
6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 7
8 8 8
10 10 12 14 15
24 24 25
5.1 Archeologie 5.2 Bodemkwaliteit 5.3 Cultuurhistorische waarden 5.4 Dienstenrichtlijn 5.5 Duurzaamheid 5.6 Externe veiligheid 5.7 Geluid 5.8 Geur 5.9 Hoogbouw-effectrapportage 5.10 Luchtkwaliteit 5.11 Milieuzonering 5.12 Natuurwaarden 5.13 Verkeer en parkeren 5.14 Water 5.15 Milieu-effectrapportage
Hoofdstuk 6
8
Juridische planbeschrijving
7.1 Planvorm 7.2 Bestemmingsregeling
28 28 29 30 31 31 32 33 34 35 35 37 38 42 44 46
48 48 48
50 50 50
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
4
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Onderhavig bestemmingsplan heeft betrekking op de verplaatsing van het tankstation aan De Burgemeester. D. Kooimanweg 14 en een autoherstelgarage vanaf het Tramplein 7 in het centrum van Purmerend naar de Verzetslaan. Het project past niet binnen het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Bestemmingsplan De Gors e.o. 2010". In paragraaf 1.3 wordt hierop verder ingegaan. Het onderhavige bestemmingsplan geeft een planologisch kader - bouw- en gebruiksregels - waarbinnen het project planologisch mogelijk wordt gemaakt.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied ligt aan de zuidkant van de wijk De Gors. Het plangebied wordt aan de noord- en oostzijde begrensd door de percelen van de KFC en McDonalds. Aan de zuidzijde grent het plangebied aan de Verzetslaan (N235). Aan de westzijde grenst het gebied aan de Jaagweg. Het plangebied wordt momenteel deels als parkeerplaats gebruikt voor de nabij gelegen McDonald's en een KFC. Het explotatiegebied bevat ca. 4.138 m2. De ligging van het plangebied is weergegeven in onderstaande figuren.
Projectlocatie (Bron: Ontwerpboek)
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Projectlocatie ingezoomd (Bron: Ontwerpboek)
1.3
Vigerend bestemmingsplan
Op het plangebied geldt tot op het moment van inwerkingtreding van het onderhavige bestemmingsplan het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan De Gors e.o. 2010', vastgesteld op 21 oktober 2010. De gronden van het plangebied hebben in dit bestemmingsplan de bestemming 'Verkeer - 2' en 'Groen'. Dit plan geeft de volgende bouw- en gebruiksmogelijkheden: Verkeer - 2 De voor "Verkeer - 2 " aangewezen gronden zijn bestemd voor a. wegen met een functie voor verblijf en verplaatsing; b. verblijfsgebied met een functie voor verblijf, verplaatsing en gebruik ten dienste van de aangrenzende bestemmingen; c. ter plaatse van de aanduiding "onderdoorgang": een onderdoorgang voor verkeersdoeleinden en op het daaronder gelegen niveau tevens voor verblijfsgebied, groenvoorzieningen en water in aansluiting op de bestemmingen op de aangrenzende gronden, waarbij het bepaalde in respectievelijk artikel 15 en 24 van overeenkomstige toepassing is; d. ter plaatse van de aanduiding "horeca": een reclamemast ten behoeve van horeca; e. ter plaatse van de aanduiding "parkeerterrein": uitsluitend een parkeerterrein; f. jongerenontmoetingsplaatsen; g. objecten van beeldende kunst; h. ondergrondse containers; i. evenementen; j. ambulante handel; k.
bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, abri's, fiets- en voetpaden, parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, reclame-uitingen en water. l. bij deze bestemming behorende erven, terreinen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Groen De voor Groen aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groen, water, speelvoorzieningen, bermen, bermsloten en voet- en fietspaden, 6
(ontsluitings)wegen; jongerenontmoetingsplaatsen; nutsvoorzieningen; ondergrondse containers; objecten van beeldende kunst; openbare toiletvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding "zend- en ontvangstinstallatie": tevens een zend- en ontvangstinstallatie; h. ter plaatse van de aanduiding "horeca": tevens voor een reclamemast ten behoeve van horeca. b. c. d. e. f. g.
Binnen deze bestemming is het realiseren van een tankstation of autoherstelbedrijf met bijbehorende functies niet toegestaan.
Uitsnede vigerend bestemmingsplan (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
1.4
Leeswijzer
Hoofdstuk 2 bevat een beschrijving van het project. Hoofdstuk 3 geeft een samenvatting van het relevante actuele beleidskader. Hoofdstuk 4 bevat een omgevingsanalyse waarin wordt nagegaan welke functies en bouwwerken zich voorafgaand aan vaststelling van het bestemmingsplan in het plangebied bevinden en in hoeverre het nieuwe project hierin past. In hoofdstuk 5 worden de relevante randvoorwaarden en omgevingsaspecten behandeld. Hoofdstuk 6 gaat in op de uitvoerbaarheid en de inspraak en het overleg.Tot slot wordt in hoofdstuk 7 een toelichting gegeven op de gekozen planvorm en de gedachten die ten grondslag liggen aan de juridische regeling zoals deze op de verbeelding en in de regels is opgenomen.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 2.1
Projectbeschrijving
Programma
Het project betreft het verplaatsen van het tankstation en het autoherstelbedrijf en bestaat uit: Het autoherstelbedrijf met wasboxen. In het bedrijf is ruimte voor werkruimtes, ontvangstruimte, opslag en techniekruimtes; Een tankstation zonder verkoop van LPG met twee zuilen. Ten dienste van het tankstation zullen ondergrondse opslagtanks en een vulpunt voor een tankwagen worden geplaatst; Parkeerplaatsen; Bijbehorende voorzieningen. Het plan voorziet in de bouw van circa 800 m2 aan bebouwing waarvan 226 m2 overkapping ter plaatse van de benzinepompen. De locatie zal worden ontsloten op de N235.
2.2
Waarom verhuizen
In augustus 2019 heeft het college van de gemeente Purmerend ingestemd om te komen tot een een plan voor zo'n 460 appartementen langs de Burgemeester D. Kooimanweg, vanaf de Where tot aan de Albert Heijn. Op deze locatie is nu sprake van leegstaande bedrijfspanden en een onbemand tankstation (locatie Burg. D. Kooimanweg) van de opdrachtgever. De opdrachtgever is ook eigenaar van de Carex-garage naast het Tramplein. Met de opdrachtgever is afgesproken dat hij de grond van het tankstation langs de Burgemeester D. Kooimanweg verkoopt aan de initiatiefnemer van die herontwikkeling en dat de gemeente hem helpt zoeken naar een alternatieve locatie. Deze locatie is gevonden op onderhavig plangebied. Om de verplaatsing van het tankstation en het autoherstelbedrijf mogelijk te maken moet er een nieuw bestemmingsplan worden gemaakt. Het voorliggende plan voorziet hierin.
2.3
Inrichting nieuwe locatie
Het gebied rondom het nieuwe tankstation en autoherstelbedrijf wordt praktisch ingericht. De bezoekers van het tankstation kunnen vanaf de N235 het terrein betreden. Via dezelfde ontsluiting is het mogelijk om weer terug te komen op de N235 zonder het andere verkeer te belemmeren. Klanten van het autoherstelbedrijf kunnen gebruik maken van dezelfde weg. Ook is er voor het plan een inrichtingstekening opgesteld. Zie onderstaand figuur en Bijlage 1 voor deze inrichtingstekening met legenda.
8
Fragment inrichtingstekening nieuwe situatie
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Hoofdstuk 3
Beleidskader
Het kader voor een bestemmingsplan wordt gevormd door diverse nationale, provinciale, (deel-)regionale, en (deel)gemeentelijke nota's. Dit beleid stelt planologische en bestuurlijke beleidskaders (randvoorwaarden) aan de ruimtelijke (on)mogelijkheden voor het plangebied waarmee rekening moet worden gehouden. In dit hoofdstuk wordt voor het plangebied het relevante algemene beleid beknopt samengevat.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is door de rijksoverheid de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Hierin zijn de kaders van het nieuwe rijksbeleid opgenomen. De Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012). De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze structuurvisie gelden als de Nationale Omgevingsvisie, zoals in de nieuwe wet bedoeld. In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI beschrijft een toekomstperspectief met de ambities: wat willen we bereiken? Vervolgens worden de 21 nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven beschreven. Die opgaven zijn in feite het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. De Uitvoeringsagenda beschrijft de vier prioriteiten. De opgaven uit de toelichting kunnen veelal niet apart van elkaar worden aangepakt. Als een samenhangende, integrale aanpak nodig is, over de sectoren heen, vraagt dit een andere inzet. De samenhang tussen opgaven manifesteert zich rond vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3.
Sterke en gezonde steden en regio's; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied, Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen: '(a) het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en (b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften'. Beschermen en ontwikkelen sluiten elkaar niet per definitie uit en kunnen elkaar zelfs versterken. Echter, gaan beschermen en ontwikkelen niet altijd en overal zonder meer samen en zijn soms echt onverenigbaar. Een optimale balans tussen deze twee vergt steeds een zorgvuldige afweging en prioritering van ongelijksoortige belangen. Om dit afwegingsproces en de omgeving inclusieve benadering richting te geven, is in de NOVI een drietal afwegingsprincipes geformuleerd: 1. Combineren boven enkelvoudig; 2. Kenmerken & identiteit; 3. Afwentelen voorkomen. Relatie tot onderhavige ontwikkeling De NOVI richt zich op die ontwikkelingen waarin meerdere nationale belangen bij elkaar komen, en 10
keuzes in samenhang moeten worden gemaakt tussen die nationale belangen. Het rijk heeft nationale belangen beschreven waarop de nationale overheid zich in de NOVI richt. Voor deze ontwikkeling zijn de volgende nationale belangen van toepassing: Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. Het onderhavige plan houdt rekening met deze aspecten zoals hierna ook verder wordt gemotiveerd. De nationale belangen verzetten zich niet tegen de voorziene ontwikkeling. 3.1.2 AmvB Ruimte (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) voorziet in de juridische borging van het nationaal ruimtelijk beleid zoals dat in de Nationale Omgevingsvisie is vastgelegd. Het bevat regels die de beleidsruimte van andere overheden ten aanzien van de inhoud van ruimtelijke plannen inperken, daar waar nationale belangen dat noodzakelijk maken. Voor deze ontwikkeling hebben deze regels geen gevolgen. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 juli 2017 is het besluit tot wijziging van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening in werking getreden. Het betreft een wijziging van de Ladder voor duurzame verstedelijking (duurzaamheidsladder). De laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
De behoefte aan deze stedelijke ontwikkeling moet dan worden aangetoond. De behoefte is het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, looptijd bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). De uitkomst van de beoordeling van de behoefte moet in de plantoelichting worden vermeld. Voor uitwerkings- en wijzigingsplannen kan in het bestemmingsplan worden bepaald dat de beschrijving van de behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling en een motivering van deze behoefte wordt doorgeschoven naar de toelichting behorende bij het uitwerkings- of wijzigingsplan. Als stedelijke ontwikkeling wordt bedoeld: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' In het Bro is geen ondergrens voor een minimale omvang vastgelegd van wat een stedelijke ontwikkeling is. Voor woningbouwlocaties geldt volgens de overzichtsuitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS 28 juni 2017; ECLI:NL:RVS:2017:1724) dat 'in beginsel' sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als er meer dan 11 woningen gerealiseerd worden.
Voor overige stedelijke functies wordt gesteld dat 'in beginsel' geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als het ruimtebeslag minder dan 500 m² bedraagt. Uitgangspunt is dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte en in beginsel in bestaand stedelijk gebied wordt gerealiseerd. Het doel is een zorgvuldig gebruik van de ruimte en het tegengaan van overprogrammering en de negatieve ruimtelijke gevolgen van leegstand. In het geval in het bestemmingsplan een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt, bevat de toelichting een beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. De motivering van de behoefte aan die ontwikkeling dient in het licht te worden geplaatst van een goede ruimtelijke ordening en dient zich te richten op het motiveren van de behoefte aan die ontwikkeling met het oog op het tegengaan van ongewenste leegstand en het stimuleren van zorgvuldig ruimtegebruik. De behoefte wordt onderbouwd en afgewogen op het niveau van het verzorgingsgebied van de ontwikkeling. Dit betekent dat de aard en omvang van de ontwikkeling bepalend zijn voor de reikwijdte van de beschrijving van en het overleg over de behoefte, waarvan de resultaten ook zijn opgenomen in de beschrijving.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Distributief planologisch onderzoek relocatie tankstation Purmerend Door Bureau Star Line is een distributief planologisch onderzoek (DPO) verricht ten behoeve van de gewenste relocatie van het onbemande tankstation aan de Burgemeester D. Kooimanweg 14 in het centrum van Purmerend naar het terrein aan de Verzetslaan / Jaagweg waar thans ook McDonalds en KFC gevestigd zijn. Aan Bureau Star Line is gevraagd om ten behoeve van de Ladder Duurzame Verstedelijking een haalbaarheidsonderzoek voor de onderzoekslocatie uit te voeren. Het DPO heeft ten eerste tot doel de markt voor motorbrandstoffen in de omgeving rondom de onderzoekslocatie in kaart te brengen teneinde te kunnen beoordelen of de huidige en toekomstige markt ruimte biedt voor de vestiging van een verkooppunt voor motorbrandstoffen. Ten tweede wordt in het DPO onderzocht of de levensvatbaarheid van de reeds aanwezige tankstations binnen het onderzochte marktgebied niet in onevenredige mate wordt aangetast door de vestiging van een tankstation op de onderzoekslocatie. In het onderzoek is vanuit meerdere invalshoeken bestudeerd in welke mate de vestiging van een tankstation op de projectlocatie van invloed zal zijn op het omliggende marktgebied voor motorbrandstoffen, zowel in kwantitatieve als in kwalitatieve zin. Onderstaand worden de conclusies uit het onderzoek weergegeven.
Het volledige onderzoek is als Bijlage 2 bijgevoegd. Uit het onderzoek blijkt dat zowel in kwantitatieve zin als kwalitatieve zin er zowel in de huidige als in de toekomstige markt anno 2030 behoefte is aan het beoogde tankstation op de projectlocatie. De onderzoekslocatie kan zeker in de vraagbehoefte voldoen zonder dat sprake zal zijn van duurzame ontwrichting in zowel de huidige als toekomstige markt van motorbrandstoffen. De laddertoets is hiermee succesvol doorlopen.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 Omgevingsvisie NH2050 Op 19 november 2018 hebben Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. Hierin staat de visie van de provincie op de fysieke leefomgeving beschreven. De provincie zet in op een goede balans tussen economische groei en leefbaarheid, zodanig dat bij veranderingen in het gebruik van de fysieke leefomgeving de doelen voor een gezonde en veilige leefomgeving overeind blijven. De ambitie van de provincie is dat de inwoners en bedrijven van Noord-Holland zichzelf of producten effectief, veilig en efficiënt kunnen verplaatsen. De provincie stuurt op een optimale afstemming tussen ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur. Het verplaatsen van het tankstation en autoherstelgarage naar de drukke N235 past goed binnen deze ambitie. In de omgevingsvisie NH2050 zijn de gronden gelegen tussen de afslag Verzetslaan, Jaagweg en Laan der Continenten aangeduid als Landelijk Gebied. Omdat deze gronden intensief worden gebruikt voor diverse stedelijke functies, waaronder horeca en woningbouw is de provincie voornemens om dit gebied te ontgrenzen als landelijk gebied. Het gebied is verstedelijkt en hoort niet (meer) bij het landelijke gebied. De bestemming in het gebied is “Cultuur en ontspanning”. Binnen de afwijkingsmogelijkheden van het bestemmingsplan, zijn recentelijk 108 tijdelijke woningen (voor 15 jaar) vergund.
De overige stedelijke (horeca) voorzieningen in het gebied grenzen aan en bedienen de stedelijke kern. Het 'Ontwerp wijzigingen werkingsgebieden OV NH2020 ronde 1 2022' heeft van maandag 7 maart tot en met zondag 17 april 2022 ter inzage gelegen. Na vaststelling zal het plangebied onderdeel uitmaken van bestaand stedelijk gebied en zijn de regels hieromtrent van toepassing op het planvoornemen. In dit plan gaan wij al uit van deze toekomstige situatie. De ambitie van de provincie is dat vraag en aanbod van woon- en werklocaties (kwantitatief en kwalitatief) beter met elkaar in overeenstemming zijn. Wonen en werken worden binnenstedelijk geconcentreerd (transformeren, bundelen, verdichten). Het planvoornemen ziet op een 12
binnenstedelijke verplaatsing en is in lijn met de Omgevingsvisie NH2050. 3.2.2 Omgevingsverordening NH2020 Op 22 oktober 2020 is de provinciale Omgevingsverordening NH2020 vastgesteld. Deze is op 17 november 2020 in werking getreden. Deze verordening zet in op het mogelijk maken van ontwikkelingen zoals woningbouw en de energietransitie en op het beschermen van mooie en bijzondere gebieden in Noord-Holland, met een evenwichtige balans tussen economische groei en leefbaarheid. De verordening bevat instructieregels voor gemeenten die beperkingen stellen aan wat in ruimtelijke plannen kan worden opgenomen. Voor deze ontwikkeling is getoetst aan de artikelen 6.3 (nieuwe stedelijke ontwikkelingen), 6.62 (klimaatadaptatie) en 6.77 (regionale waterkeringen). In artikel 6.3 (nieuwe stedelijke ontwikkelingen) van de verordening is opgenomen dat een ruimtelijk plan uitsluitend kan voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken. In 2020 zijn voor deze ontwikkeling binnen de regio de benodigde afspraken gemaakt. Hiermee wordt voldaan aan dit artikel.
In artikel 6.62 (klimaatadaptatie) is opgenomen dat de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt een beschrijving bevat van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico's van klimaatverandering. Hierin wordt in ieder geval betrokken het risico op wateroverlast, overstroming, hitte en droogte. Tevens worden de maatregelen en voorzieningen beschreven die worden getroffen om de risico's op wateroverlast, overstroming, hitte en droogte te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Het pand wordt zoveel als mogelijk gebouwd met hout en zal worden voorzien van een groendak en daar waar mogelijk van groene gevels. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het beperken van de hitte op en rondom het pand. Door het groene dak wordt het hemelwater langer op het dak vastgehouden en vertraagd afgevoerd wat een positieve bijdrage levert aan het verminderen van de kans op wateroverlast. Het hemelwater komt vervolgens niet terecht in het riool maar wordt geïnfiltreerd in de bodem en de nabijgelegen sloten. Hierbij wordt een positieve bijdrage geleverd aan het verkleinen van de kans op droogte (van de bodem). De kans op overstroming als gevolg van de realisatie van deze ontwikkeling is nihil.
In artikel 6.77 (regionale waterkeringen) is opgenomen dat ter plaatse van het werkingsgebied 'Regionale waterkering' het ruimtelijk plan voorziet in de bescherming van de waterkerende functie door op deze functie toegesneden bestemmingen en regels. Tevens voorziet een ruimtelijk plan ter plaatse van het werkingsgebied 'beschermingszone regionale waterkering' in een beschermingszone aan weerszijden van de waterkering waar geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen toegestaan zijn. Nieuwe ontwikkelingen zijn wel mogelijk indien hierover blijkens de toelichting bij het ruimtelijk plan overeenstemming is bereikt tussen betrokken gemeenten, waterbeheerder en provincie.Het plangebied is gelegen in de beschermingszone van het Noordhollandsch Kanaal. Hier ligt het maaiveld achter de waterkering, waar het tankstation en de autoherstelgarage komen, even hoog als de waterkering zelf en ook hoger dan het calamiteitspeil van het boezemsysteem. Dit betekent dat bij overstroming hier geen grote waterdieptes kunnen ontstaan. Daarnaast is de toekomstige bebouwing op meer dan 7 meter van de buitenkruinlijn komt en valt daarmee niet in de Beschermingszone A. Ze vallen of in Beschermingszone B en/of zelfs buiten de beschermingszone. In beide gevallen geldt voor deze plannen in deze situatie met betrekking tot de regionale keringen geen restricties in het kader van artikel 6.77.
Over het realiseren van de beoogde ontwikkeling op deze locatie heeft overleg met het Hoogheemraadschap en de provincie Noord-Holland plaatsgevonden en is overeenstemming bereikt. Hiermee wordt voldaan aan artikel 6.77. In de eerste versie van de omgevingsverordening waren de gronden in het plangebied nog aangemerkt als werkingsgebied 'Landelijk gebied'. Naar aanleiding van het 'wijzigingsbesluit
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
wijziging werkingsgebieden OV NH ronde 1 2022' zijn de gronden ontgrensd en er is geen sprake meer van 'Landelijk gebied'. De gronden maken deel uit van het bestaand stedelijk gebied. Derhalve hoeft voor deze ontwikkeling niet langer te worden getoetst aan artikelen die toezien op nieuwe ontwikkelingen in het werkingsgebied landelijk gebied.
3.3
Regionaal beleid
3.3.1 Regiovisie Waterland 2040 (Vitaal met Karakter) Voor de lange termijn heeft de regio een ontwikkelingskader tot 2040 opgesteld, de Regiovisie Waterland 2040. In deze visie staat behoud en zo mogelijk versterking van het kenmerkende authentieke karakter van de regio Waterland voorop, maar wel met de noodzakelijk sociaal-economische en infrastructurele impulsen om de kernen vitaal te houden en het gebied binnen de Metropoolregio Amsterdam bereikbaar te maken. Naast maatregelen om het authentieke karakter van het landelijk gebied te bewaren, vergt dat op vele locaties een forse inspanning in de kwaliteit van de leefomgeving, selectieve uitbreiding voor noodzakelijke sociaal-economische ontwikkelingen en duurzame oplossingen voor beheer en terugdringing van het woon-werkverkeer. Op die manier ontstaat een duurzame vitale regio met een herkenbaar eigen karakter. Onderhavige ontwikkeling past goed in het beleid zoals weergegeven in de Regiovisie. Het bepaalde in dit bestemmingsplan is niet strijdig met dit beleid. 3.3.2 Metropoolregio Amsterdam Purmerend maakt onderdeel uit van Metropoolregio Amsterdam (MRA). Dit is een samenwerkingsverband van de provincies Noord-Holland en Flevoland, 32 gemeenten en de Vervoerregio Amsterdam. De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is een (inter-)nationaal gewilde plek om te wonen en werken.
Het is het gebied dat rondom Amsterdam ligt en waarin ieder deelgebied met eigen grote kernen een deel van de aantrekkelijkheid van de MRA vormt met een mix van eigen landschap, woonmilieus en vormen van werkgelegenheid. Op basis van de prognose uit 2019 is voorzien dat de MRA tot 2050 circa 325.000 extra woningen nodig heeft om de groeiende bevolking onderdak te bieden. Dat is inclusief een aanvullende opgave van circa 25 duizend woningen om het woningtekort significant te verminderen en naar een acceptabel niveau terug te brengen. De ambitie is dat de MRA zich toekomstbestendig en evenwichtig ontwikkelt tot een internationale topregio met een hoge leefkwaliteit (zie de MRA-agenda 2020-2024). De MRA bestaat uit veel verschillende en krachtige kernen, die elkaars kwaliteiten versterken. Bij de aankomende groei op lange en middellange termijn is het behoud en verbeteren van de leefbaarheid in de regio van groot belang met aandacht voor klimaatadaptatie en landschap en een goede bereikbaarheid van werk en ontspanning voor iedereen. De MRA streeft een polycentrische ontwikkeling na, waarin alle kernen elkaar versterken, maar ook sterk genoeg op zichzelf zijn. Daarom wil de MRA inzetten op een goede verdeling van de werkgelegenheid en balans in woon- en werklocaties. Het gemeenschappelijk kader hiervoor is de Verstedelijkingsstrategie.
Hierin wordt voort geborduurd op al bestaande Rijk-regioafspraken, zoals de MRA-sleutelgebieden, de versnelling van de woningbouwproductie, de Woondeal met Binnenlandse Zaken en het programma “Samen Bouwen aan Bereikbaarheid” en het landschap. Het planvoornemen ziet op een binnenstedelijke verplaatsing van bedrijfsfuncties en is daarmee in lijn met de afspraken die zijn gemaakt binnen de MRA.
14
3.3.3 Regionale detailhandelsvisie Zaanstreek - Waterland Eind 2020 eindigde de vijfjaarstermijn van het regionale detailhandelsbeleid van de Stadsregio Amsterdam (nu opgegaan in de Metropoolregio Amsterdam). De provincie Noord- Holland vraagt nu om een regionale detailhandelsvisie, waarvan het opstellen aan de verschillende deelregio's in de provincie wordt overgelaten. Bovendien zijn er in de afgelopen periode diverse ontwikkelingen geweest die van invloed zijn op het functioneren van de detailhandel. Zo nemen de online detailhandelsbestedingen toe, greep de coronacrisis om zich heen met directe gevolgen voor het functioneren van de detailhandel en staan verschillende winkelgebieden (met name de binnensteden en centrumgebieden) onder druk. Daarnaast staat de regio voor een grote woningbouwopgave. Dit is reden voor de gemeenten in Zaanstreek-Waterland om een gezamenlijke detailhandelsvisie op te stellen. Zaanstreek-Waterland heeft de ambitie om een regio te zijn waar inwoners en bezoekers alles kunnen vinden in een fijnmazige winkelstructuur, zowel dagelijks als niet-dagelijks. Dit betekent niet alleen een goed voorzieningenniveau binnen de grotere kernen met centrumgebieden in de grotere centra Purmerend en Zaandam, maar ook binnen de kleinere (dorps)kernen. Bovendien wordt ingezet op versterking van de twee centrumgebieden Zaandam en Purmerend.
Beide centrumgebieden verschillen in sfeer en dienen geen concurrenten van elkaar te zijn maar elkaar aan te vullen. Ook wordt er blijvend ingezet op versterking van de kwaliteit in de kleine kernen. Iedere inwoner moet op relatief kleine afstand een compleet voorzieningenaanbod kunnen vinden. De kleine kernen hebben daarnaast een belangrijke maatschappelijke/ ontmoetingsfunctie. Tot slot zal de koppeling met toerisme worden versterkt. De regio heeft enkele toeristische iconen zoals de Zaanse Schans, de Dijk van Volendam, moderne architectuur in Zaandam en rustieke oudhollandse dorpen met veel groen en water. De koppeling tussen een bezoek aan de winkelgebieden met deze toeristische plekken zorgt ervoor dat de totaalervaring voor toeristen in de regio versterkt kan worden. De vraag naar woningen in de MRA is groot, zo ook in Purmerend. Met name rondom de binnenstad van Purmerend is de druk op de ruimte groot. Er zijn plannen om het gebied tussen de binnenstad en station Purmerend fors met woningen te verdichten. De reden voor de verhuizing naar onderhavig plangebied is om zo'n 460 appartementen langs de Burgemeester D. Kooimanweg, vanaf de Where tot aan de Albert Heijn te realiseren. Het planvoornemen ziet op een binnenstedelijke verplaatsing van bedrijfsfuncties waaronder detailhandel in de verkoop van brandstoffen en is in lijn met het regionale detailhandelsbeleid.
De verplaatsing van het tankstation leidt niet tot een (ernstige) verstoring en duurzame ontwrichting van de bestaande winkelstructuur en is daarmee passend binnen het regionale beleid. In paragraaf 3.1.3 is ingegaan op de ladder voor duurzame verstedelijking.
3.4
Gemeentelijk beleid
3.4.1
Structuurvisie Purmerend 2005-2020
In de Structuurvisie Purmerend 2005-2020, vastgesteld op 2 maart 2006, heeft de gemeenteraad van Purmerend een toetsingskader neergelegd voor gewenste en bestaande ontwikkelingen binnen de gemeente. In de structuurvisie worden vier ambities verwoord die leidend dienen te zijn bij de ontwikkeling van de stad Purmerend tot 2020. 1. Purmerend is het centrum van Waterland: Uiteen wordt gezet dat Purmerend wil investeren in haar functies waarin zij een regionale rol heeft, om de positie als centrum van Waterland te behouden. De manier waarop Purmerend dit wil bereiken is door te investeren in een veelzijdig, herkenbaar en toegankelijk centrum met kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte en door te streven naar een hoog niveau van voorzieningen in zowel het centrum als in andere delen van de stad.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
2. Purmerend werkt aan een evenwichtigere woon-werkbalans. In de structuurvisie wordt beschreven dat Purmerend voor de werkgelegenheid sterk afhankelijk is van Amsterdam. Dit is een kwetsbaar punt. Belangrijk is daarom dat Purmerend haar economische punten verder ontwikkelt. Dit is onder meer van belang voor jongeren die in Purmerend zijn geboren en zich nu op de arbeidsmarkt gaan begeven, omdat zij meer geneigd zullen zijn om in Purmerend te werken. 3. Purmerend versterkt haar verbindingen in groen, blauw en grijs. Gesteld wordt dat de kwaliteit van de ligging van de stad veel beter benut kan worden. De kwaliteiten van het buitengebied zijn in de wijken ruimschoots aanwezig, maar zijn op het niveau van de stad te weinig herkenbaar en andersom worden de kwaliteiten van de stad daarbuiten nauwelijks (h)erkend. Uiteen wordt gezet dat de aantrekkelijke ligging van Purmerend veel meer benut kan worden om de kwaliteit van het wonen in de stad te verhogen, om de kansen voor toerisme te vergroten en om het beeldmerk van de stad neer te zetten. Tevens wordt gesteld dat het versterken van de stedelijke structuren kan helpen mensen zich meer verbonden te laten voelen met hun stad en om een betere oriëntatie te krijgen op de stad en haar omgeving. 4. Purmerend kiest voor bloei in plaats van groei. Purmerend heeft zich decennia lang gericht op groei.
Nu moet de omslag komen naar het investeren in identiteit en kwaliteit. Beschreven wordt dat het doel niet langer is om woningen te bouwen en nieuwe wijken te ontwikkelen, maar toe te werken naar een complete stad die op basis van kwaliteit de concurrentie aan kan met de steden in de omgeving en die toegesneden is op de demografische veranderingen. In 2013 is de strategische plankaart, behorende bij de structuurvisie Purmerend 2005 - 2020, als eerste stap in het proces om te komen tot en vooruitlopend op een integrale herziening, aangepast aan de actuele stand van zaken. Het betreft een beleidsneutrale actualisering, waarbij op de plankaart de wijzigingen zijn verwerkt, die in de achterliggende periode (sinds 2006) doorgevoerd zijn in of op grond van het gemeentelijk beleid. Deze kaart gaat vergezeld van een toelichting daarop. Het cluster ter plaatse van het plangebied (Jaagweg/Vurige Staart) is ongewijzigd gebleven ten opzichte van de oorspronkelijke versie van 2006. De vraag naar woningen in de MRA is groot, zo ook in Purmerend. Met name rondom de binnenstad van Purmerend is de druk op de ruimte groot. De verplaatsing van beide voorzieningen uit de binnenstad naar de rand van de stad biedt de mogelijkheid om woningbouw in de binnenstad toe te voegen.
Daarnaast is verplaatsing naar de rand van de stad een logische keuze omdat de rand van de stad voor autoverkeer beter bereikbaar is. Geconcludeerd wordt dat dit plan, een binnenstedelijke verplaatsing van bedrijfsfuncties van het centrum naar de rand van de stad, aansluit op de doelen van de structuurvisie. 3.4.2 Economische Visie De gemeenteraden van Beemster en van Purmerend hebben in het voorjaar van 2021 de economische visie Beemster+Purmerend#datwerkt vastgesteld. In deze visie wordt aan de hand van een viertal ambities het economisch perspectief beschreven van de (nieuwe) gemeente die per 1 januari 2022 ontstaat. De ambities zijn: 1. 2. 3. 4.
Ons verhaal waarmaken Investeren in onze mensen Ons gebied verder ontwikkelen Onze economische basis versterken
Deze ambities zijn vertaald in een aantal concrete thema's: voedselkamer van Amsterdam, circulaire makers, IT en esports, zorg en welzijn, leren en pionieren, centrumimpuls, bedrijventerreinen en knooppunt werelderfgoed. De thema's haken aan bij onze waarden en onze kracht en ze vormen de basis voor ons economisch profiel. De bedoeling is, dat de uitwerking van 16
de diverse thema's wordt ondergebracht in een uitvoeringsagenda. De gemeente stimuleert ontwikkeling en beweging, zeker ook op economisch vlak, en staat open voor initiatieven die waarde toevoegen aan de stad, het gebied en de plek. De gemeente faciliteert deze op een wijze die voor dat initiatief en dat moment passend is. 3.4.3 Duurzaamheidsagenda 2020-2023 Het Klimaatakkoord van 28 juni 2019 vormt de basis voor het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid zoals verwoord in de Duurzaamheidsagenda 2020-2023. De volgende thema's staan centraal: 1. Duurzaamheid in de gebouwde omgeving: uitvoering Proeftuin Aardgasvrij. uitbreiding capaciteit en netwerk van Stadsverwarming Purmerend. transitievisie Warmte die wordt vertaald in Wijkuitvoeringsplannen, waarbij per wijk wordt aangegeven welke niet-fossiele warmtebronnen in aanmerking komen. verduurzaming van de bestaande woningvoorraad ondersteunen met subsidies en duurzaamheidsleningen. 2. Duurzame bedrijven: verminderen CO2-uitstoot bedrijven; bedrijfsterreinen duurzaam revitaliseren; gebruik van duurzame grondstoffen. versterking circulariteit van grondstoffen. 3.
Duurzame mobiliteit: streven naar instandhouding van het fijnmazig openbaar vervoerssysteem; versterken laadinfrastructuur elektrische voertuigen door inventariseren mogelijke locaties voor het plaatsen van laadpalen; uitbreiding aantal laadpunten met in achtneming voldoende spreiding over de gemeente. toepassen van alternatieve (bio-)motorbrandstoffen; vermindering CO2-uitstoot voertuigen. 4. Duurzame energie: aanjagen initiatieven voor duurzame energieproductie. 5. Duurzame stad en regio: regionale Energiestrategie waarin wordt aangegeven welke niet-fossiele energiebronnen kunnen worden benut en waar deze ruimtelijk kunnen worden ingepast. benutting van subsidiemogelijkheden. 6. Duurzame gemeente: streven naar 75% van het afval gescheiden ophalen; klimaatbestendigheid bebouwde kom Purmerend vergroten; klimaatadaptief bouwen; duurzaam inkoop- en aanbestedingsbeleid gemeente; actieve informatieverstrekking over investeringsmogelijkheid en in energieopwekking en -besparing door invulling van een lokaal informatieloket. verduurzamen gemeentelijk vastgoed; stimulering verduurzaming Schoolgebouwen. stimuleren Duurzame vaarrecreatie.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
De verplaatsing van het tankstation en de plaatsing van het herstelbedrijf zullen zelf geen directe voordelen opleveren op het gebied van duurzaamheid. De ontwikkeling zal ook geen nadelen opleveren. Indirect zijn er wel voordelen. Door de verplaatsing komt er ruimte vrij in het centrum van Purmerend. Deze ruimte kan weer gebruikt worden voor nieuwe ontwikkelingen zonder het buitengebied aan te tasten. 3.4.4 Visie Leefbare Stad 2040 Gemeente Purmerend heeft tot 2040 een bouwopgave van 10.000 woningen. De stad gaat verdichten, en de druk op de openbare ruimte wordt groter. Bovengronds doordat meer mensen gebruik gaan maken van dezelfde openbare ruimte. Ondergronds omdat er uitbreiding van kabels, leidingen, riolering en stadsverwarming nodig is. Het groen in de stad staat onder druk. Daarnaast treedt er klimaatverandering op. De kans op wateroverlast, hittestress en droogte in de stad wordt groter. Dit vraagt om een andere inrichting van het openbare gebied, gebouwen en de particuliere terreinen. Op 26 maart 2020 is de Visie Leefbare Stad 2040 (Steen en groen in balans voor een leefbaar en aantrekkelijk Purmerend) door de raad vastgesteld. In deze visie worden de kansen benoemd hoe steen en groen in balans blijven voor een leefbare stad. Het is een overkoepelend plan dat een stip op de horizon richting 2040 weer geeft, kansen benoemd en vier uitwerkingen kent: 1. 2. 3. 4.
Bomenplan, Klimaatadaptatieplan, Parkenplan Natuurinclusief bouwen.
Met de vaststelling van de visie zal in vervolg bij elke ontwikkeling in de stad onderbouwd moeten worden wat er is gedaan op het gebied van bomen, parken, klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen. In de navolgende paragrafen (3.4.6, 3.4.7 en 3.4.8 is afzonderlijk ingegaan op deze onderwerpen. 3.4.5 Groenkoers De nota Groenkoers, op 28 november 2014 door de gemeenteraad vastgesteld, geeft de richting aan die de gemeente opgaat met het gemeentelijke groen in zijn totaliteit. De essentie ervan is dat ingezet wordt op de verbetering van de kwaliteit van de beplanting om ook op lange termijn over een duurzame groenbasis te beschikken tegen acceptabele kosten. De Groenkoers schetst het belang van het groen voor de stad als integraal onderdeel van de openbare buitenruimte. Groen is mede bepalend voor de identiteit, het imago, de kwaliteit en de leefbaarheid van de stad. In de Groenkoers is de kapvergunning en lijst bijzondere bomen geregeld. Tevens wordt duidelijk het verschil gemaakt tussen de hoofdstructuur en de franjestructuur van de gemeente. Bewoners kunnen invloed hebben op hun buitenruimte door groen te adopteren, dit beperkt zich tot kleinere vrij gelegen stukjes groen die geschikt zijn om naar eigen inzicht in te richten. Bomen vallen altijd onder het gemeentelijk beheer. Een van de uitwerkingen van de nota Groenkoers is het Bomenplan 2020-2040.
3.4.6 Bomenplan 2020-2040 Op 25 maart 2020 heeft de gemeenteraad het Bomenplan Purmerend 2020-2040 vastgesteld. Het doel van het Bomenplan is om de komende decennia een kwalitatief goed bomenbestand te waarborgen. In het Bomenplan worden de uitdagingen en kansen voor het bomenbestand beschreven. Boomziektes, bouwwerkzaamheden en slechte groeiplaatsen zijn de reden dat veel bomen de komende jaren zullen uitvallen. Voor goed beheer zijn een aantal zaken nodig: goede ondergrond 18
en ruimte zodat bomen oud kunnen worden, de juiste soort bomen die aansluiten op de ecologische structuren en die ziektes geen tot weinig kans geven, en tenslotte integraal plannen van projecten. De nadruk ligt op kwaliteit (gezonde grote bomen) en integraliteit (stedelijke bijdrage en samenwerken). Kwaliteit gaat voor kwantiteit. Het beheer wordt in eigen onderhoud gedaan en bomen kopen we zelf in zodat de kwaliteit en veiligheid binnen de organisatie geborgd is. Er worden bomen vervangen, maar alleen met een juiste groeiplaats en wanneer er voldoende ruimte is onder- en bovengronds. Het doel is om de gemiddelde leeftijd van het bomenbestand fors te verhogen. De groeiplaats is zo ingericht dat de boom minstens 60 jaar kan groeien. We investeren dus in de bodem. Parken zijn een belangrijke plek voor grote, monumentale bomen. Waardevolle bomen worden zoveel mogelijk behouden. Tenslotte is ecologie een belangrijk onderdeel van het beheer. Integraal plannen van projecten betekent dat bomen aan de voorkant van alle projecten worden meegenomen, zowel in beheerprojecten als nieuwbouw- en infrastructuurprojecten. In alle projecten wordt rekening gehouden met de uitgangspunten uit het Bomenplan. Groen en bomen zijn niet het sluitstuk of 'opvulling' van een ontwerp: ze zijn van groot belang voor de leefbaarheid van de stad.
Ten behoeve van deze ontwikkeling moeten twee bomen worden gekapt om voldoende ruimte te kunnen creëren voor een uitrit van het terrein. Zie hiervoor ook paragraaf 3.4.7. Aan de westzijde van deze ontwikkeling, net buiten het plangebied van dit bestemmingsplan, zullen extra bomen worden aangeplant om de open ruimtes in de bestaande bomenrij op te vullen. Hiermee zullen er per saldo in de toekomst meer bomen staan dan in de bestaande situatie. 3.4.7 Bomenlijst Op de Bomenlijst van Purmerend staan de waardevolle bomen van de stad. De kap van deze bomen is alleen toegestaan met een ontheffing op het kapverbod. Om deze waardevolle bomen ook anderszins te beschermen dient bij nieuwe ontwikkelingen - in het geval dat er zich waardevolle bomen in of in de nabijheid van het plangebied bevinden - m.b.t. die beschermde bomen een Bomen Effect Analyse (BEA) conform het handboek Bomen van het norminstituut Bomen te worden uitgevoerd. Een BEA is een gestandaardiseerde beoordeling die alle mogelijke effecten van de bouw of aanleg op het duurzaam voorbestaan van de boom in beeld brengt. Hierin wordt ook omschreven hoe de nadelige effecten tot een minimum kunnen worden beperkt. Bovendien wordt onderzocht wat het meest boomvriendelijke alternatief is. Bomeneffect analyse Er is op 31 maart 2022 een Bomen Effect Analyse (BEA) opgesteld door de Boom Inspecteurs.
In dit rapport is onderzoek gedaan naar het effect van de voorgenomen ontwikkeling op 16 bomen aan de Verzetslaan in Purmerend. Dit rapport is te vinden in Bijlage 3.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Weergave getoetste bomen ('De boomadviseurs')
Uit het onderzoek blijkt dat de projectinvloed voor de meeste bomen beperkt (voldoende) of belemmerend (onvoldoende) is. Voor een aantal bomen is de projectinvloed aanzienlijk (slecht). In het rapport staat het advies om de bomen die een aanzienlijke projectinvloed zullen ondervinden (2, 11, 12) niet in te passen in het plan. Voor boom 11 en 12 is in het voorlopig plan al aangegeven dat ze niet ingepast zullen worden. Boom 2 is een boom met een beperkte levensverwachting en tal van gebreken. De bomen 13 t/m 16 ondervinden een belemmerende projectinvloed. Bij deze bomen wordt de parkeerplaats opnieuw bestraat. Deze bomen hebben intensieve beworteling gevormd ter hoogte van de bestaande betonband. Het advies is om hier handmatig te werken, en om vanaf de parkeerplaats gezien te werken van buiten naar binnen. Voor de bomen 4, 5, 6, 9 en 10 komt het toekomstige gebouw vlak tegen de huidige kroonprojectie te staan. Hier is het advies om de takken van de bomen vóór de start van het project in te nemen. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met de benodigde werkruimte en de uitstekende kap van het gebouw. Voor de rest dient er rekening gehouden te worden met de algemene adviezen in het rapport. Deze staan in hoofdstuk 6 van het rapport.
3.4.8 Klimaatadaptatieplan Zaanstreek Waterland en Purmerend 2021-2024 Op 17 december 2020 heeft de gemeenteraad van Purmerend het Klimaatadaptatieplan Zaanstreek Waterland en Purmerend 2021-2024 vastgesteld. Hierin wordt beschreven hoe de regio en de gemeente Purmerend zich voorbereiden op een veranderend klimaat. Het bevat de uitgangspunten en maatregelen die nodig zijn om de schadelijke effecten van hevige neerslag, extreme hitte, langdurige droogte en zeespiegelstijging zoveel mogelijk te beperken. In lijn met het landelijke Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie is het klimaatadaptatieplan gebaseerd op de klimaatscenario's van het KNMI voor 2050. De ambitie is om in 2050 een klimaatbestendig en 20
waterrobuuste gemeente te zijn. In regionaal verband zijn leidende principes geformuleerd en doorvertaald naar vier uitgangspunten voor een klimaatadaptieve gemeente, zoals meer groen en meer ruimte voor water in de stad, klimaatadaptief maatwerk en gedeelde verantwoordelijkheid. De gemeente kiest bijvoorbeeld voor meer bomen, meer ruimte voor tijdelijke wateropvang, het hanteren van het MRA basisveiligheidsniveau klimaatbestendige nieuwbouw (aanvulling bouwbesluit, bijlage I) en het stimuleren van vergroening onder particulieren. Aan het lokale plan is een uitvoeringsagenda met maatregelen, projecten en onderzoeken verbonden. Klimaatadaptatie dient in elk project meegenomen te worden. Op welke manier dit gebeurt is afhankelijk van zaken als de gebouwdichtheid, de grond en de ontwerpruimte. In de toelichting van dit plan dient te worden aangegeven op welke manier rekening is gehouden met klimaatadaptatie. Het voorliggende plan is beperkt in omvang. Het gaat enkel om de plaatsing van een bedrijf in een bestaand verhard gebied. Er worden geen natuurlijke waarden aangetast in het plan. Dit plan zal de klimaatambities van de gemeente noch positief noch negatief significant beïnvloeden.
3.4.9 Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Purmerend 2016-2019 De Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Purmerend 2016-2019 is op 22 december 2015 door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld. Deze nota beschrijft de bestuurlijke uitgangspunten en beleidskeuzes over de regelgeving op het gebied van het omgevingsrecht, APV en bijzondere wetten. Op basis van deze uitgangspunten, beleidskeuzes en een uitgevoerde omgevingsanalyse zijn prioriteiten en operationele doelstellingen voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving geformuleerd. In de nota wordt ook beschreven op welke wijze de gemeente Purmerend ervoor zorgdraagt dat wet- en regelgeving wordt nageleefd. De gemeente Purmerend wil een veilige, schone en gezonde woon-, werk- en leefomgeving voor haar burgers en bedrijven. Dat wil de gemeente bereiken door de duurzaamheid, veiligheid en leefbaarheid te vergroten en te waarborgen. Belangrijke waarden hierbij zijn 'schoon, heel, gezond en veilig'. Een servicegerichte, professionele dienstverlening op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving levert hieraan een belangrijke bijdrage. In het collegewerkprogramma 2014-2018 is aangegeven dat de gemeente Purmerend "van buiten naar binnen" werkt. In de aanpak van problemen krijgen de eigen verantwoordelijkheid en betrokkenheid van burgers en bedrijven een belangrijke rol.
De gemeente Purmerend zet sterk in op wijkgerichte of gebiedsgerichte handhaving en gaat in gesprek met burgers en bedrijven. Er wordt gehandhaafd met gezond verstand en er wordt niet alleen gekeken naar wat niet mag maar ook naar wat mogelijk is. Om een veilige, schone en gezonde woon-, werk- en leefomgeving te realiseren zijn de volgende keuzes gemaakt: kwalitatief goede uitvoering van taken; rechtszekerheid voor burgers en ondernemers; nut en noodzaak centraal; redeneren vanuit oplossingen; gedeelde verantwoordelijkheid; risicogerichte benadering; wijkgericht toezicht; integrale benadering handhaving en beperken toezichtslast; maatwerk bij sanctioneren. Deze nota is voor een termijn van 3 jaar verlengd, tot 2022, vanwege ontwikkelingen op het gebied van de Omgevingswet en de fusie. De nota is op twee aspecten aangepast, te weten een toevoeging van een vergunningenstrategie en een actualisatie van de sanctiestrategie. Deze
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
aanpassingen hebben geen gevolgen voor het planvoornemen. 3.4.10 Verkeersplan Purmerend 2040 Purmerend heeft een grote woningbouwopgave en moet tot 2040 10.000 woningen bouwen. Zonder verdere actie gaat deze opgave grote consequenties hebben voor de leefbaarheid, bereikbaarheid en veiligheid in de stad. Het verkeersplan, dat in maart 2019 door de raad is vastgesteld, bevat een pakket aan maatregelen om de parkeerdruk in de binnenstad te reguleren en de doorstroming te reguleren. De voorgestelde parkeermaatregelen zijn geclusterd rond drie pijlers: optimaliseren van het gebruik van het bestaande parkeeraanbod (realisatie van een parkeerverwijssysteem, ruimere openingstijden parkeergarage Claxonate, vergroten bekendheid avondopenstelling Eggertgarage (Q-park) en vergunninghoudersparkeerplaatsen omzetten naar betaalde parkeerplaatsen); compenseren van het parkeertekort dat ontstaat door woningbouw (haalbaarheidsonderzoek parkeergarage Schapenmarkt en/of omgeving stadhuis); beïnvloeden van het parkeergedrag (aantrekkelijker maken van alternatieve vervoerswijzen zoals fiets en het openbaar vervoer, beïnvloeden van het parkeertarief en het tarief voor de parkeervergunningen, uitbreiden nulvergunningenregeling en uitbreiden parkeerregulering).
Om de binnenstad autoluw te maken en het doorgaand verkeer te ontmoedigen de route door de binnenstad te nemen, zijn er globaal vier knoppen waar aan gedraaid kan worden. Zo kunnen maatregelen getroffen worden die betrekking hebben op de: snelheid; instelling verkeerslichten; op- en afritten van de A7; verkeerscirculatie. Bovenstaand pakket is met behulp van een verkeersmodel doorgerekend. Daaruit blijkt dat het beoogde effect - een autoluwe binnenstad - alleen haalbaar is bij een combinatie van de vier maatregelen. Het plangebied is niet gelegen in de binnenstad en ook niet aan een van de routes vanaf de A7 naar de binnenstad. Het verkeersplan staat uitvoering van het project niet in de weg. 3.4.11 Nota Gebiedsoverstijgende kosten Purmerend (GKP) Dit bestemmingsplan bevat een of meerdere bouwplannen zoals gedefinieerd in artikel 6.2.1 Bro. Voor deze bouwplan(nen) geldt een uit hoofde van de afdeling 'grondexploitatie' van de Wet ruimtelijke ordening (voortaan: Grondexploitatiewet) plicht tot kostenverhaal. Deze plicht houdt in dat de aan bouwplannen gerelateerde kosten van de grondexploitatie verzekerd moeten worden alvorens het bestemmingsplan wordt vastgesteld. Samen met de Grondexploitatiewet geeft specifiek gemeentelijk beleid invulling aan het kostenverhaalbeleid in Purmerend.
Het specifieke beleid is neergelegd in de Nota gebiedsoverstijgende kosten Purmerend (GKP) en in 'ad hoc' aanvullingsbesluiten voor een aantal ontwikkelingslocaties. Uit dit gemeentelijke beleid vloeit voort dat onder de te verhalen kosten ook een bijdrage wordt meegenomen voor de kosten van gebiedsoverstijgende infrastructuur en voorzieningen (bovenwijkse voorzieningen, bovenplanse verevening/kosten en bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen). Opname van nieuwe ontwikkelingen in dit bestemmingsplan is om deze redenen pas mogelijk als het blijkt dat de kosten van de grondexploitatie verzekerd zijn. Kosten kunnen worden verzekerd wanneer de gemeente deze kosten in haar begroting opneemt, wanneer de gemeente een exploitatieplan vaststelt, of wanneer de gemeente en de particuliere grondexploitant die het 22
bouwplan gaat realiseren een anterieure overeenkomst sluiten. De voorkeur van de gemeente gaat uit naar het verzekeren van de kosten via een anterieure overeenkomst. In Hoofdstuk 6 zal concreet worden ingegaan op de vraag hoe de kosten van de grondexploitatie gerelateerd aan de in dit bestemmingsplan opgenomen bouwplan(nen) verzekerd zijn. 3.4.12 Conclusie De voorgenomen ontwikkeling om een tanksation en autoherstelbedrijf te realiseren ligt in lijn met het Rijks- provinciaal-, regionaal-, en gemeentelijk beleid.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 4.1
Omgevingsanalyse
Huidige situatie
De locatie ligt in het zuiden van Purmerend. Het plangebied ligt aan de Jaagweg en de Verzetslaan. Het plangebied ligt op het kadastrale perceel PMR00 - N - 371. Ten noorden van het plangebied is een KFC gesitueerd en ten oosten van het plangebied, aan de andere zijde van de Verzetslaan is een McDonald's gesitueerd. Het grootste gedeelte van het plangebied is momenteel verhard en in gebruik als parkeerterrein.
Luchtoto plangebied (bron Atlas Leefomgeving)
24
Streetview plangebied (bron Google Maps)
De omliggende gronden hebben Groen, Horeca en Cultuur en ontspanning bestemmingen. Het plangebied zelf is een parkeerplaats. De omliggende gronden worden gebruikt voor de exploitatie van fastfood ketens. De dichtstbijzijnde regulier woningen liggen op meer dan 280 meter afstand van het plangebied. Direct achter de McDonalds zijn 108 tijdelijke woningen gerealiseerd.
4.2
Nieuwe situatie
Waarom en in hoeverre past het project in de omgeving. De omgeving van het plangebied kenmerkt zich momenteel door een parkeerplaats met twee horecabedrijven. De horecabedrijven beschikken beiden over een drive-through. De bezoekers komen veelal met de auto. Het plangebied is ontwikkeld voor de vestiging van diverse (gebouwde) functies. De twee fastfoodketens zijn hier een voorbeeld van. Daarnaast leent het gebied zich, vanwege de goede ligging aan de rand van Purmerend en de ligging aan de N235 goed voor een dergelijke functie als een tankstation en een autoherstelgarage. Uit marktonderzoek naar de plaatsing van het tankstation blijkt dat deze locatie zeer geschikt is voor een tankstation (zie ook paragraaf 3.1.3). Er bevinden zich geen functies in de omgeving die hinder zullen ondervinden van het plan. De bestaande functies en de beoogde functies bieden niet concurrerende maar elkaar aanvullende diensten. Het project past goed in de omgeving wat betreft locatie en omliggende functies. Bouwhoogtes Het plangebied ligt aan de rand van het stedelijk gebied. Op deze locatie is het niet gewenst om hoogbouw te realiseren. Het tankstation en het autoherstelbedrijf zijn beide één bouwlaag hoog met een maximale bouwhoogte van 5,85 meter. Dit is in lijn met de al aanwezige bebouwing. De nieuwe bebouwing zal ook net als de bestaande bebouwing in de omgeving platte daken kennen.
Het tankstation en het herstelbedrijf zijn passend in de omgeving wat bouwhoogte en stijl betreft. Onderstaand zijn perspectieven van de nieuwe situatie opgenomen.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Perspectief voorzijde
Perspectief voorzijde
26
Perspectief achterzijde
Perspectief Jaagweg
Lichtinval in naastgelegen panden De enige naastgelegen panden zijn die van de Mcdonalds en de KFC en worden niet aangemerkt als gevoelige functies. Gelet op de afstand van de panden onderling zal er geen sprake zijn van enige vorm van lichtinval.
Verkeer en parkeren Op 23 maart 2020 is er een onderzoek gedaan naar het aspect verkeer voor de ontwikkeling. Dit onderzoek staat in Bijlage 9. Uit het onderzoek komt naar voren dat het huidige wegennet in staat is toekomstige verkeersdrukte op te vangen. Er wordt in het onderzoek wel aanbevolen een separate links- en rechts-af-strook te realiseren. Een naar de Jaagweg en een richting Purmerend Zuid. De functie verkeer en parkeren wordt verder onderbouwd in paragraaf 5.13.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)
Hoofdstuk 5 5.1
Randvoorwaarden / omgevingsaspecten
Archeologie
5.1.1 Beleidskader In de Erfgoedwet, vastgesteld op 1 juli 2016, zijn de regels voor de archeologische monumentenzorg opgenomen. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar reële verwachtingen bestaan dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn, dient voorafgaand aan bodemingrepen door een gecertificeerd bureau archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. De gemeente Purmerend heeft in 2009 een eigen archeologisch beleid opgesteld. In 2017 is dit beleid opgegaan in het Erfgoedbeleid Purmerend 2017. Hierbij hoort een archeologische verwachtingskaart. Dit is een voorspellingskaart waarop verwachtingen met betrekking tot de situering van (nog) onbekende archeologische vindplaatsen zijn vertaald in termen van vlakken en zones. Op de kaart worden zones aangegeven met verschillende verwachtingen: hoge, middelhoge of lage verwachting. De archeologische verwachtingskaart vormt de basis voor het opstellen van een beleidsadvieskaart, die vervolgens kan worden gebruikt voor de toetsing van ruimtelijke plannen op de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Het bestemmingsplan vormt het belangrijkste instrument voor de archeologische monumentenzorg.
Voor gemeenten kunnen de door deskundigen opgestelde archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaarten als leidraad worden gebuikt voor zowel de planologische bescherming van archeologische waarden in het ruimtelijke plan als voor het vaststellen van het benodigde archeologisch onderzoek dat bij voorbereiding van ruimtelijke plannen moet plaatsvinden. Ter plaatse van een lage archeologische verwachtingswaarde is er geen noodzaak om een verkennend archeologisch onderzoek uit te voeren voordat nieuwe bouwactiviteiten plaatsvinden. Ter plaatse van een hoge en middelhoge verwachtingswaarde dient bij grondwerkzaamheden eerst een verkennend archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd door een hiertoe gecertificeerd bureau. 5.1.2 Analyse Uit de archeologische verwachtings- en beleidsanalysekaart blijkt dat het plangebied valt in een zone met een lage archeologische verwachtingswaarde. Volgens het geldende beleid is er op dit gebied geen vervolg onderzoek naar archeologische waarden nodig. Hieronder staat een uitsnede van de archeologische beleidskaart.
28
Uitsnede archeologie beleids- en verwachtingenkaart Purmerend (bron: https://datalab.purmerend.nl/atlas )
5.1.3 Conclusie In het onderhavige bestemmingsplan spelen archeologische waarden niet.
5.2
Bodemkwaliteit
5.2.1 Beleidskader Op 7 mei 2020 is het nieuwe bodembeleid vastgesteld door de gemeenteraad. Deze stukken, bestaande uit de “Bodemkwaliteitskaart gemeente Purmerend en “Nota bodembeheer Purmerend”, bevatten de regels om grondverzet binnen Purmerend plaats te laten vinden zonder dat daar extra bodemonderzoek noodzakelijk is. De bodemkwaliteitskaart is gebaseerd op bodemonderzoek, en daarin zijn ook de PFAS- en PFOA-gerelateerde stoffen meegenomen. Daarbij heeft de gemeenteraad ook de Bodemkwaliteitskaart van de gemeente Beemster geaccepteerd als erkend bewijsmateriaal van de bodemkwaliteit. Hierdoor is voor veel locaties uitwisseling van grond tussen Purmerend en Beemster mogelijk zonder extra bodemonderzoek. Het bodembeleid is voornamelijk generiek (wat schoon is, moet schoon blijven). Voor de rijkswegen, spoorbanen en grond in eigendom van het Hoogheemraadschap zijn uitzonderingen daarop gemaakt en is het beleid specifiek (meer grondverzet mogelijk). In Beemster is het beleid voor alle locaties specifiek. Wat betreft de concrete ontwikkelingen dient in geval van functiewijziging onderzoek te worden verricht naar de bodemkwaliteit. Bij de vaststelling van wijzigingsplannen dient aandacht te worden besteed aan de bodemgesteldheid. 5.2.2 Analyse Door Kwinfra is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (Bijlage 4).
Uit het bodemonderzoek blijkt dat de ondergrond licht verontreinigd is met minerale olie en het grondwater licht verontreinigd is met nikkel. Voor het overige zijn er geen verontreinigingen aangetroffen. De aangetoonde lichte verontreiniging met minerale olie is deels te relateren aan de aanwezigheid van natuurlijke humuszuren in de venige kleilaag.
Bestemmingsplan "Tankstation en autoherstelgarage Verzetslaan - 2022" (vastgesteld)