B -nota-van-beantwoording-zienswijzen-bp-tarwestraat
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan 'Tarwestraat 2022’ t.b.v. herontwikkeling voormalige schooltuinen naar 21 sociale huurwoningen voor senioren
1
Inhoud 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 3 2. Zienswijzen .......................................................................................................................................... 4 3. Inhoudelijke behandeling zienswijzen................................................................................................. 5 a. Inpassing plan .................................................................................................................................. 5 b. Beleid ............................................................................................................................................. 13 c. Behoefte en alternatieve locaties .................................................................................................. 16 d. Water, ecologie en duurzaamheid ................................................................................................ 18 e. Verkeer, parkeren en geluid .......................................................................................................... 22 f. Bouwfase, planschade en financiële uitvoerbaarheid ................................................................... 26 g.
Toegankelijkheid ............................................................................................................................ 29 h. Communicatie en participatie ....................................................................................................... 30 i. Overig ............................................................................................................................................. 35 4. Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen ............................................................................... 37
Bijlagen: A. B. C D
Bewonersbrief d.d. 21 juni 2022 Persoonsgegevens reclamanten Ambtshalve wijzigingen bestemmingsplan Bewonersbrief d.d. 22 november 2022
2
1. Inleiding Burgemeester en wethouders hebben bij besluit van 21 juni 2022 het ontwerpbestemmingsplan ‘Tarwestraat 2022’ vrijgegeven voor terinzagelegging. De kennisgeving van de terinzagelegging is op donderdag 23 juni 2022 gepubliceerd in het Gemeenteblad, het Purmerends Nieuwsblad en op de website van de gemeente Purmerend. Het ontwerpbestemmingsplan heeft overeenkomstig het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening met ingang van 27 juni tot en met 8 augustus 2022 ter inzage gelegen. Het ontwerpbestemmingsplan is digitaal beschikbaar gesteld via de landelijke voorziening op www.ruimtelijkeplannen.nl. In de kennisgeving is aangegeven dat de ontwerpstukken op verzoek konden worden toegestuurd. Gedurende de periode van terinzageligging is een ieder in de gelegenheid gesteld (schriftelijk of mondeling) zienswijzen omtrent het ontwerpbesluit naar voren te brengen. Hiermee is aan de wettelijke kennisgevings- en terinzageleggingsvereisten voldaan. Daarnaast heeft de gemeente ervoor gekozen om de bewoners ook door middel van een bewonersbrief te informeren over de terinzagelegging en de mogelijkheden om op de stukken te reageren of vragen te stellen (zie bijlage A).
3
2. Zienswijzen Er zijn tien reacties met zienswijzen ontvangen. De persoonsgegevens zijn in bijlage B bij deze Nota opgenomen. De zienswijzen zijn binnen de daarvoor openstaande termijn ontvangen. Ze zijn ontvankelijk en worden in behandeling genomen. Omdat diverse onderwerpen door meerdere personen in de zienswijzen zijn aangehaald, is ervoor gekozen om de zienswijzen per inhoudelijk onderwerp te beantwoorden. Daarbij is aangegeven in welke zienswijze dit onderwerp naar voren is gebracht. Dat de zienswijzen in deze nota per onderwerp samengevat zijn, betekent niet dat onderdelen van de zienswijzen die niet expliciet worden genoemd niet bij de beoordeling zijn betrokken. De zienswijzen zijn in hun geheel en in onderlinge samenhang beoordeeld. De reactie van de gemeente is dus gebaseerd op de volledige reactie van de indieners van de zienswijzen. Voor een opsomming van de ambtshalve op te nemen wijzigingen in het bestemmingsplan wordt verwezen naar bijlage C bij deze nota.
4
3. Inhoudelijke behandeling zienswijzen a. Inpassing plan Opmerking a.1: Volbouwen groenstrook Opmerking gemaakt door reclamant(en): 1, 4, 5, 6, 7 en 10 Het plan leidt tot het volbouwen van een stuk grond met een groenbestemming in een drukke en volgebouwde wijk, die is bedoeld als tuinstedelijk wonen. Op het voormalige schooltuinterrein heeft nooit eerder bebouwing gestaan. Een flatgebouw van drie verdiepingen met de benodigde parkeerplaatsen gaat ten koste van het woonplezier en de privacy. Een groene inrichting ten behoeve van de bewoners is passender. Reclamant 10 verwijst naar een artikel in magazine ‘Toekomstig Purmerend’ waarin aangegeven wordt hoe inwoners tegen de gemeente aankijken en welke waarden van belang zijn. Groen is daarbij een belangrijk thema. Gemeentelijke reactie De omgevingsagenda voor Purmerend richting 2040 is een dynamische agenda die naast politiekbestuurlijke focus vooral duidelijkheid biedt over de ambities van de gemeente Purmerend. In de omgevingsagenda wordt onder meer de urgentie en noodzaak benadrukt om verder te bouwen aan woongelegenheid in een grotere diversiteit voor zowel huidige als toekomstige generaties. Een flink deel van de opgave dient plaats te vinden in het bestaand stedelijk gebied.
Gezien de woningopgave van ruim 10.000 woningen in Purmerend, als onderdeel van de woningbouwtaakstelling van de metropoolregio Amsterdam, is er behoefte aan de 21 woningen die in het plangebied worden gerealiseerd. Voorheen was het plangebied in gebruik als schooltuinenlocatie, maar dit gebruik is al enkele jaren geleden beëindigd. Momenteel is het plangebied een grotendeels met hekken afgesloten groene ruimte, die geen landschappelijke of recreatieve waarde heeft. Vanwege de ligging binnen de Purmer Noord is het plangebied geschikt voor een nieuwe invulling met wonen. Voor de recreatieve behoeften van de bewoners ligt een volwaardig park om de hoek (Park de Uitvlugt) en het open landschap op korte wandel- of fietsafstand. Verder is het plangebied gelegen in een relatief groene buurt met ruime en groene straatprofielen. Tegelijkertijd ligt het plangebied op korte afstand (ongeveer 300 meter loopafstand) van voorzieningen (wijkwinkelcentrum Gildeplein) en OV-halten.
Afbeelding: situering plangebied ten opzichte van het winkelcentrum, park en toegang open landschap 5
Afbeelding: omliggende buslijnen en bushaltes Het nieuwe woongebouw wordt naar de mening van ons gemeentebestuur op een zorgvuldige wijze ingepast in de omgeving. Zo ligt de nieuwbouw evenwijdig aan woningrijen aan de noord- en aan de zuidkant. Samen met de woningrij aan de noordkant vormt het gebouw een woonblok, zoals die typisch is voor de buurt. De galerijkant van het appartementencomplex is naar de achterzijden van de bestaande woningen toe gericht. De representatieve zijde van het appartementencomplex (balkonzijde) vormt de zuidelijke rand van het woonblok.
Afbeelding: Inpassing in de omgeving: achtergebieden Belangrijk voor het beschermen van het woongenot in de bestaande woningen, vooral wat betreft privacybeleving, is de afstand tussen de achtergevels van de bestaande woningen aan de noordkant en de achtergevel van het nieuwe woongebouw. Die afstand bedraagt minimaal 32,75 meter. De afstand tussen de achtergevels van andere woonblokken in de directe omgeving bedraagt minimaal 30 meter bij de Tarwestraat-Haverstraat (achtergebied rechtsboven in bovenstaande afbeelding) en 6
minimaal 24 meter bij de Tarwestraat-Dijkgraafsingel en Speltstraat (linker achtergebied in de afbeelding). De afstand tussen de bestaande woningen en de nieuwbouw is daarmee groter dan in de woonblokken in de directe omgeving. Naast de te hanteren afstand wordt de ruimte tussen de achtergevels ingericht met het oog op de bescherming van de privacy.
Afbeelding: doorsnede van de watergang langs de Gemetstraat (links) naar bestaande woningen aan de Tarwestraat (rechts) De bestaande groenzone met boomvormers en heesters (ongeveer in het midden op bovenstaande afbeelding) blijft zoveel mogelijk behouden en wordt aangevuld met nieuwe beplanting. De bedoeling is dat beplanting met een hoogte van ongeveer 12 meter een visuele scheiding tussen bestaande en nieuwe woningen vormt. De galerijzijde van de nieuwbouw wordt voorzien van een pergola die een enigszins groen aanzien van het volume vanuit de noordelijke woningrij mogelijk maakt.
Afbeelding: galerijzijde van de nieuwbouw De feitelijke gevel van de appartementen ligt achter de galerijzone. Het feit dat de gevel wordt gevormd door een galerij is belangrijk, omdat het niet aannemelijk is dat vanaf de galerij mensen langdurig naar de bestaande woningen aan de Tarwestraat kijken. De meeste bewoners zullen de verkeersruimte alleen gebruiken om van en naar hun woningen te lopen en niet om er langdurig te verblijven.
7
De balkons en de huiskamers liggen aan de zuidkant, gericht op de waterpartij en de ten zuiden daarvan gelegen Gemetstraat. Deze straat is een openbare straat. Het wederzijds zichtcontact wordt verzacht door een bomenrij aan de zuidkant van de waterpartij en een incomplete bomenrij aan de noordkant. De tussenliggende waterpartij zorgt voor een zekere mate van ‘mentale’ afstand tussen de bestaande en de nieuwe woningen.
Afbeelding: dwarsdoorsnede Gemetstraat - Nieuwbouw Tarwestraat De bouwhoogte van het nieuwe gebouw is afgestemd op de maximale bouwhoogte van de bestaande woningen in de buurt. De tussenliggende beplanting in de groenzone wordt hoger dan beide woningrijen om de visuele hinder zo sterk mogelijk te verkleinen. De parkeerplaatsen zijn zodanig gepositioneerd dat er zo min mogelijk hinder van koplampen optreedt. Door het plangebied te herontwikkelen met drielaagse woningbouw wordt enerzijds bijgedragen aan het oplossen van de bouwopgave en wordt anderzijds een nu nog afgesloten terrein opengesteld. Weliswaar zal het oppervlak aan groen door de verdichting verminderen, maar ook in de nieuwe situatie is groen voorzien. Dit nieuwe groen zal, in tegenstelling tot de huidige situatie, ook bereikbaar zijn voor mensen uit de buurt. Zo zal langs het water een informeel openbaar pad worden ingericht dat het Park de Uitvlugt gaat verbinden met de groene ruimten langs de Dijkgraafsingel. Aan de westkant van het plangebied wordt de ruimte zo groen mogelijk ingericht. Tussen het parkeerterrein naast de nieuwbouw en de bestaande rijwoningen aan de noordkant zal het aanwezige groen worden verbeterd. Op deze manier is gezocht naar balans en samenhang tussen steen en groen.
Door nieuwbouw te realiseren die qua bouwhoogte aansluit op de bestaande bebouwing en door het nieuwe groen bereikbaar te maken voor de buurt zal naar de mening van ons gemeentebestuur juist een bijdrage worden geleverd aan het karakter van tuinstedelijk wonen. Opmerking a.2: Bouwplan niet passend binnen stedenbouwkundige opzet De Purmer Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 De oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet van Purmer-Noord is een langgerekt dichtbebouwd centrumdeel, een grote tuinstedelijke schil in alle buurten daar omheen en alleen aan de uiterste randen (Westerweg, Purmerringdijk) luxere vrijstaande of geschakelde panden. De rijenwoningen in de Purmer hebben over het algemeen een eenvoudige en sobere architectuur, waardoor een rustig straatbeeld is ontstaan. Binnen de Purmer Noord bevinden gestapelde woningen zich rondom de Overlanderstraat, aan de Heemstee en in de Parkstee.
8
De Tarwestraat ligt in de Granenbuurt, in het tuinstedelijk gebied met drielaagse eengezinswoningen, waarvan de derde laag een kap heeft. Het beoogde gebouw wijkt hiervan af en verandert het tuinstedelijk karakter met de bestaande laagbouw met eengezinswoningen volledig. Sociale huurappartementen zijn niet passend in het karakter van deze wijk en bovendien in strijd met het bestemmingsplan. Door reclamanten 8 en 9 worden patiowoningen, zoals gerealiseerd op het Mimosaplein, bij het bebouwen van de locatie als meer passend beschouwd. In het geldende bestemmingsplan staat verder dat singels, kavelsloten, parken en groene tuintjes bepalend zijn voor het karakter van de Purmer-Noord. Het is van belang dat deze groen- en waterstructuur behouden blijft. Gemeentelijke reactie Het plangebied maakt onderdeel uit van de wijk de Purmer-Noord. Deze wijk heeft een waterrijk karakter. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door de oorspronkelijke poldertochten en -sloten die opgenomen zijn in het stedenbouwkundig plan. In noord-zuidrichting wordt het gebied doorsneden door twee hoofdstructuren, een stadsstraat (Grotenhuysweg) en een singel die zich centraal in de wijk splitst (Waterschapsingel/Heemraadsingel/Dijkgraafsingel). In de bebouwing van de Purmer-Noord is een duidelijke hiërarchie aanwezig in stedelijke, tuinstedelijke en landelijke milieus.
Het stedelijke milieu bevindt zich rondom de Overlanderstraat en het landelijke milieu aan de rand van de wijk. Daartussen bestaat het overgrote deel van de wijk uit een tuinstedelijk milieu. Langs de rand van de wijk bevinden zich stadsrandgroenzones, zoals het Leeghwaterpark, het Park De Uitvlugt en een aantal grotere groene percelen met enkele woningen.
Afbeelding: de diverse milieus in de omgeving Alhoewel de Purmer-Noord een gewaardeerde woonwijk is, is er geen sprake van een beschermd stadsgezicht of ander cultuurhistorisch waardevol gebied. Het plangebied heeft geen landschappelijke of recreatieve waarde en levert door het huidige (met hekken afgesloten) gebruik geen relevante bijdrage aan de groen- en waterstructuur van de wijk. Het plangebied is gelegen in het deel van de wijk waar sprake is van een tuinstedelijk milieu. Het plangebied bevindt zich echter ook op korte afstand van het centraal gelegen stedelijk milieu rondom de Overlanderstraat (circa 150 meter afstand hemelsbreed). Ook is het plangebied gelegen in de zone tussen de twee noord-zuidgerichte hoofdstructuren van de wijk, zijnde de 9
Grotenhuysweg en de singel. Gelet op deze centrale ligging is de locatie, stedenbouwkundig gezien, geschikt om te verdichten met woningen. Het nieuwe woongebouw wordt naar de mening van ons gemeentebestuur op een zorgvuldige wijze ingepast in de omgeving. In dit verband wordt verwezen naar het eerder gestelde onder 3.a.1. Binnen het tuinstedelijk milieu van de Purmer-Noord is sprake van tweelaagse bebouwing met daarboven een volwaardige kap. Bij de planvorming is rekening gehouden met de bestaande hoogtes in de buurt, doordat de nieuwbouw drielaags (zonder kap) wordt. De hoogte van de nieuwbouw sluit aan op de nokhoogtes van de bestaande woningen. De drielaagse bouwmassa van de nieuwbouw is daarmee passend in de omgeving. Dat er in dit geval sprake is van gestapelde sociale huurwoningen voor 55-plussers doet daar verder niets aan af. Tenslotte wordt het tuinstedelijk milieu door de herontwikkeling versterkt doordat langs het water een informeel openbaar pad zal worden ingericht dat het Park de Uitvlugt gaat verbinden met de groene ruimten langs de Dijkgraafsingel. In het geldende bestemmingsplan ‘De Purmer 2016’ is uitgegaan van de bestaande situatie, ook voor het plangebied. Om verdichting mogelijk te maken is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin.
Opmerking a.3: Bouwdichtheid Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6 De bouwdichtheid per hectare komt niet overeen met het maximum aantal woningen dat uitgangspunt was voor de planontwikkeling rondom de Tarwestraat. De laatste jaren zijn en worden in de Purmer-Noord op de laatste kleine grondstukken al forse blokken gebouwd. Dit leidt tot grootschalige verdichting. Gemeentelijke reactie Alhoewel de Purmer Noord een gewaardeerde woonwijk is, is er geen sprake van een beschermd stadsgezicht of ander cultuurhistorisch waardevol gebied. Er geldt voor de wijk dan ook geen maximale bouwdichtheid. Verdichting van de wijk is nodig om te kunnen voldoen aan de bouwopgave om tot 2040 ruim 10.000 woningen binnen Purmerend te realiseren. Naar de mening van ons gemeentebestuur is de voorliggende ontwikkeling stedenbouwkundig inpasbaar. In dit verband wordt verwezen naar het eerder gestelde onder 3.a.1. Opmerking a.4: Groene invulling Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 7 Gepleit wordt voor een zinvolle groen/blauwe invulling ten bate van de wijk. Dit draagt ook bij aan de klimaatbestendigheid, bijvoorbeeld een bufferfunctie voor water en tegen hittestress. Reclamanten 7 opperen om de groenbestemming volledig te handhaven en de schoolwerktuinen in ere te herstellen.
Als dat niet mogelijk is dan zou locatie gebruikt kunnen worden voor groente, fruit, of bloementuinen voor de wijkbewoners.
10
Gemeentelijke reactie De gemeente Purmerend heeft tot 2040 een bouwopgave van ruim 10.000 woningen. De stad dient daarom primair te verdichten in bestaand stedelijk gebied. Het plangebied is al jaren in beeld als één van de ontwikkelingslocaties voor woningbouw. Op 26 september 2019 en 25 maart 2021 heeft de gemeenteraad ingestemd met verdichting op deze locatie. Een groen/blauwe invulling zoals reclamanten voorstellen is daarmee geen optie meer. Bij de uitwerking van het plan wordt aandacht besteed aan groen en landschap. Langs het water zal een informeel openbaar pad worden ingericht dat het Park de Uitvlugt gaat verbinden met de groene ruimten langs de Dijkgraafsingel. Aan de westkant van het plangebied wordt de ruimte zo groen mogelijk ingericht. Tussen het parkeerterrein naast het gebouw en de bestaande rijwoningen aan de noordkant zal de bestaande groenruimte verbeterd worden. Op deze manier is gezocht naar balans en samenhang tussen steen en groen. Verder zullen er ook diverse klimaatadaptieve maatregelen worden getroffen, juist om zaken als hittestress te voorkomen (zie ook beantwoording van opmerkingen 3.d.1. Opmerking a.5: Groenzones en bomen Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 Het is door de verschillende ontwerpschetsen niet duidelijk welk groen blijft, verdwijnt, vergroot dan wel verkleind wordt.
Daardoor is ondoorzichtig welke bomen gekapt of gehandhaafd worden. Dat de staat van bomen en struiken op het terrein gedeeltelijk slecht is, is een pijnlijk logische vaststelling, want er is in circa 35 jaar welgeteld één keer groot onderhoud gepleegd aan de struiken en bomen. Reclamanten 7 zien graag toegelicht wat er kan worden ondernomen in het kader van achterstallig onderhoud van de groenstrook en bomen, terwijl reclamanten 8 , 9 en 10 van de gemeente een inspanningsverplichting verwachten in zoveel mogelijk herstel van de bestaande bomen. Van de deskundige, die 27 juni 2022 aanwezig was, begrepen zij dat dit zeer wel mogelijk is. Gemeentelijke reactie Bij de planvorming is zoveel mogelijk rekening gehouden met het behoud van kwalitatief groen. Wat nu voorligt is het bestemmingsplan. In het bestemmingsplan is door middel van de bestemming ‘Groen’ aangegeven welk deel van het plangebied in ieder geval een groene invulling krijgt. Het gaat daarbij om de strook die grenst aan de achtertuinen van de woningen Tarwestraat 9-39 en om de zone langs de watergang. De invulling van de groenbestemming wordt nog nader uitgewerkt. Om de bouw van het appartementengebouw mogelijk te maken is het nodig om drie bomen aan de westzijde te kappen (zie onderstaande afbeelding). De nieuwe groene inrichting van het terrein zal ruimte bieden aan de nodige compensatie voor deze bomen.
Afbeelding: Te kappen bomen 11
Opmerking a.6: Maximum programma Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 9 en 10 Niet de gemeente maar Intermaris, de beoogde ontwikkelaar, heeft geconcludeerd dat het laadvermogen van dit grondstuk ontoereikend is voor 26 woningen en lijkt te willen verlagen naar 21. Reclamanten stellen dat het laadvermogen dan nog onvoldoende is. Het kleine perceel naast een sportzaal wordt overbelast met het beoogde grote flatgebouw en de parkeer- en verkeersdruk die voorzien wordt in combinatie met gevolgen van het verwijderen van grote bomen en groen. Verzocht wordt om de maximale bouwgrens terug te brengen naar minder dan 21. Een deel van de reclamanten hecht er waarde aan dat bij de projectomschrijving en ook elders “maximaal” wordt toegevoegd. Gemeentelijke reactie De verlaging van het maximum aantal woningen is een gevolg van de door Intermaris gekozen bouwwijze (modulair). Dit is een bouwwijze die minder flexibel is. In geval van modulair bouwen zou bij 26 woningen het bouwvlak moeten worden verruimd. Omdat een verruiming van het bouwvlak niet akkoord was voor omwonenden, is gekozen voor een lager maximum aantal woningen (21). Dat lagere aantal wordt geborgd op de verbeelding van het bestemmingsplan. Ons gemeentebestuur ziet geen aanleiding het maximum aantal woningen verder te verlagen.
Naar de mening van ons gemeentebestuur is de voorliggende ontwikkeling ruimtelijk inpasbaar en stedenbouwkundig aanvaardbaar. In dit verband wordt verwezen naar het gestelde onder 3.a.1. en de toelichting op het bestemmingsplan. Opmerking a.7: Maximale hoogtes Opmerking gemaakt door reclamant(en): 10 Tussen de gemeente en de bewoners van de Tarwestraat is afgesproken dat het nieuwe bouwproject niet boven de nok van de woningen uitkomt, dus maximaal 9 meter bouwhoogte. De reclamant vraagt hoe deze bouwhoogte daadwerkelijk gehaald gaat worden, mede gelet op het Bouwbesluit. Verwezen wordt naar het project Graeffweg/Grotenhuysweg waarbij voor het deel van twee bouwlagen 8 meter is aangehouden en voor het deel met drie bouwlagen 10 tot 12 meter. Gemeentelijke reactie Voor de nieuwbouw wordt uitgegaan van maximaal 3 bouwlagen. In de regels is daarom vastgelegd dat de maximum bouwhoogte bij recht niet meer mag bedragen dan de op de verbeelding aangegeven maximum bouwhoogte, zijnde 9 meter. Deze maximum bouwhoogte wordt gerekend vanaf het peil. Eventueel kan deze maximum bouwhoogte van 9 meter nog met maximaal 10% worden verruimd door toepassing van een algemene afwijkingsbevoegdheid in artikel 9 van de regels. Deze 10%regeling is een standaardbepaling die in alle bestemmingsplannen in Purmerend voorkomt, dus ook bij de reeds bestaande woningen aan de Tarwestraat.
Als de afwijkingsbevoegdheid ten tijde van de aanvraag omgevingsvergunning wordt toegepast, bedraagt de bouwhoogte maximaal 9,90 meter.
12
b. Beleid Opmerking b.1: Strijd met beleid en coalitieakkoord Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 Er wordt ten aanzien van het beleid naar willekeur selectief gebruikt wat bruikbaar is om te kunnen bouwen, maar genegeerd wat daarmee in tegenspraak is in diverse nota's en in het coalitieakkoord: a. Het plan is in strijd met de Groenkoers en de Structuurvisie van Purmerend. Er worden komende jaren al veel woningen gebouwd en dit kan volgens reclamant 3 alleen als er ook geïnvesteerd wordt in de leefbaarheid van de stad en dus ook in groen. De groenstrook is de verbinding tussen de groenzone Purmerringvaart, Park de Uitvlugt en het Purmerbos. b. Uit paragraaf 2.4.1.volgt dat gekozen moet worden voor verbindingen in groen, blauw en grijs, voor bloei in plaats van groei en dat geïnvesteerd dient te worden in kwaliteit, maar reclamanten 4, 5 en 6 zien slechts hevige verdichting en verstening ten koste van ruimte, groen en water. De reclamanten vragen zich verder af hoe de inzet op het behoud van het suburbane wonen als bedoeld in paragraaf 3.4.3.2 zich verhoudt tot het tuinstedelijke deel van deze wijk.
Daarnaast mag de doelstelling om het maximale aan sociale huur te realiseren niet ten koste gaan van ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid, maar de reclamanten zien niet hoe het kappen van bomen en struiken en het grotendeels verstenen met gebouw en bestrating anders moeten worden gezien. Ook is per locatie gekeken naar wat passend is bij de omgeving. Reclamanten zien daarin een draaiing van de gemeente: de mogelijkheid voor huur of koop is ten bate van de andere BOL-locaties 'zomaar' veranderd naar 'sociale huur’ omdat dit 'doelgroep-garanties' kan afdwingen. c. Er dient eerst een woonvisie specifiek voor de Purmer-Noord te worden ontwikkeld voordat verdere planvorming plaatsvindt. d. Er is geen aandacht voor het bouwen ten behoeve van de middenklasse. e. Er is niet of op een onjuiste manier ingegaan op de Visie Leefbare stad. f. Tenslotte is het omzetten naar woningbouw niet in lijn met het coalitieakkoord, waarin staat dat terughoudend wordt omgegaan met verdere verdichting van de stad en ingezet wordt op woningbouwlocaties aan de randen, zoals de oostflank. De gemeente dient consequent te zijn in het gebruik van het gemeentelijk, regionaal, provinciaal en landelijk beleid, maar vooral oprecht toekomst- en klimaatbestendig gericht te zijn.
Er zijn evident veel doelen, uitgangspunten en kaders die behoud van een groenbestemming aan de Tarwestraat rechtvaardigen én noodzakelijk maken. Gemeentelijke reactie Zoals ook in de toelichting van het bestemmingsplan is beschreven is er geen sprake van strijd met het beleid. Ten aanzien van de specifieke punten wordt het volgende opgemerkt: Ad a.
In zowel de Groenkoers als de Structuurvisie, maar ook de ‘Visie Leefbare Stad 2040: Steen en groen in balans voor een leefbaar en aantrekkelijk Purmerend’ is het belang van groenvoorzieningen erkend. Het plangebied is echter niet aangewezen als onderdeel van de groenstructuur. De groenkaart, die als onderlegger van de Groenkoers geldt, laat zien wat frame- en wat franjegebieden zijn. Frame staat voor de groene hoofdstructuur en franje voor het binnenstedelijk groen. Zoals blijkt uit de afbeelding op de volgende pagina is het plangebied aan de Tarwestraat noch als frame (lichtgroen), noch als franje (donkergroen) aangewezen. Het plan om deze locatie te gaan verdichten is daardoor niet in strijd met de Groenkoers of de Structuurvisie. In tegendeel: als gevolg van de herontwikkeling van het plangebied wordt juist geïnvesteerd in de leefbaarheid van de stad en het groen. Zo wordt het gebied weer openbaar toegankelijk gemaakt en zal langs het water een informeel 13
openbaar pad worden ingericht dat het Park de Uitvlugt gaat verbinden met de groene ruimten langs de Dijkgraafsingel. De oever langs de waterpartij blijft groen.
Afbeelding: uitsnede groenkaart met de frame- en franjegebieden Ad b.
Het plan leidt tot een verdichting en daardoor tot een toename aan verstening ten opzichte van de huidige situatie. Zoals ook onder ad 3.a is beschreven wordt er echter ook geïnvesteerd in het verbeteren van verbindingen door de aanleg van een openbaar pad op de oever langs de waterpartij. Ook wordt er in het plangebied geïnvesteerd in groenvoorzieningen. Doordat het plangebied weer openbaar toegankelijk wordt zal de gebruikswaarde voor de wijk toenemen. De verdichting in het plangebied leidt niet tot een aantasting van het suburbane wonen als bedoeld in het Woonprogramma uit de Structuurvisie Purmerend 2005-2020, doordat de nieuwbouw qua bouwhoogte aansluit op de nokhoogte van de bestaande bebouwing in de omgeving. Het nieuwe woongebouw wordt naar de mening van ons gemeentebestuur op een zorgvuldige wijze ingepast in de omgeving. In dit verband wordt verwezen naar het eerder gestelde onder 3.a.1. Vanwege de ligging nabij voorzieningen (wijkwinkelcentrum Gildeplein, OV-haltes) is de voorliggende locatie geschikt voor senioren. In combinatie met de grote behoefte aan sociale huurwoningen is er daarom voor gekozen om op deze locatie sociale huurwoningen te realiseren. Dergelijke woningen kunnen eenvoudig als seniorenwoningen worden gelabeld.
Ad c.
In 2017 is voor heel Purmerend een woonvisie vastgesteld. Er is geen aanleiding om voor de Purmer Noord een aparte woonvisie vast te stellen.
Ad d.
In de Nota kaders en instrumenten woningbouwprogrammering: spelregels 30-30-40 (zie subparagraaf 3.4.3.3 van de toelichting op het bestemmingsplan) is ingegaan op de beoogde woningbouwprogrammering in Purmerend: minimaal 30% sociale huur - minimaal 30% middeldure huur/betaalbare koop - en 40% vrij woonsegment. De aangewezen gemeentelijke binnenwijkse ontwikkellocaties worden gezamenlijk onder één programma geschaard, met als doel om - indien nodig - zowel de norm van 30-30-40 als de financiën met elkaar te kunnen vereffenen en het percentage sociale huurwoningen te kunnen maximaliseren. De raad heeft op 26 september 2019 namelijk besloten om juist op 14
de eigen locaties (BOL), waar financieel mogelijk, het maximale aan sociale huur te realiseren. Deze doelstelling past bij het streven naar het vergroten van de sociale huurvoorraad, zoals opgenomen in het Woonakkoord. Op alle binnenstedelijke ontwikkellocaties tezamen kunnen 190 woningen worden gerealiseerd. De verhouding sociaal/middelduur/vrij is respectievelijk 76 - 20 - 4 procent. Ad e.
In subparagraaf 3.4.7 van de toelichting op het bestemmingsplan is ingegaan op de Visie Leefbare Stad 2040. Bij de planvorming is zoveel mogelijk rekening gehouden met het behoud van kwalitatief groen. Daarnaast committeert de gemeente Purmerend zich aan de Intentieovereenkomst klimaatbestendige nieuwbouw MRA en dient het uiteindelijke bouwplan te voldoen aan het basisveiligheidsniveau klimaatadaptatie. Bij de verdere uitwerking van de plannen wordt ook gekeken hoe zoveel mogelijk natuurinclusief gebouwd kan worden.
Ad f.
In het coalitieakkoord is aangegeven dat Purmerend de lopende binnenstedelijke woningbouwlocaties afrondt, maar dat de gemeente vanwege de leefbaarheid terughoudend is met een verdere verdichting van de bestaande bebouwing in de stad. De verdichting van het onderhavige plangebied is onderdeel van een lopende binnenstedelijke woningbouwlocatie. De passage heeft daarmee geen betrekking op de onderhavige locatie.
15
c. Behoefte en alternatieve locaties Opmerking c.1: Behoefte aan seniorenwoningen niet aangetoond Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6 Het is niet bewezen dat de woningtypen en -aantallen overeenkomen met de woningbehoefte van senioren binnen de gemeente. De meeste senioren willen nu eenmaal niet verhuizen, ook omdat de nieuwe huurprijzen vele malen hoger komen te liggen dan in hun huidige woning. Ondanks vele verzoeken om onderbouwende gegevens zijn nooit enige onderzoeksresultaten getoond waaruit blijkt dat ouderen uit de Purmer-Noord vooral naar een flatje in deze wijk zouden willen vertrekken. De gemeente baseert zich op aannames en ‘geluiden’ en niet op gegevens. In de buurt zijn nu alleen maar koopeengezinswoningen van twee bouwlagen met een kap. Het is de reclamanten niet duidelijk hoe de gemeente duidelijkheid en zekerheid geeft dat op deze locatie werkelijk en uitsluitend inwoners van de Purmer Noord kunnen gaan wonen. Gemeentelijke reactie Tot 2040 komen er in Purmerend 4.340 voor ouderen geschikte woningen bij. Indien alleen naar de vraag onder huishoudens van 65 jaar en ouder wordt gekeken dan zouden er nog 3.540 extra voor ouderen geschikte woningen nodig zijn (Bron: ABF).
Het realiseren van seniorenhuisvesting is conform het Woonakkoord regio Zaanstreek-Waterland en provincie Noord-Holland 2021-2025 (zie ook subparagraaf 3.3.4 van de toelichting op het bestemmingsplan) en het Woonprogramma uit Structuurvisie 2005-2020 (zie subparagraaf 3.4.3.2 van de toelichting op het bestemmingsplan). In de Purmer Noord zijn momenteel weinig (gelijkvloerse) woningen aanwezig die geschikt zijn voor senioren. Aan de Tarwestraat worden door Intermaris 21 driekamerappartementen voor 55-plussers gerealiseerd. Dat biedt een mooie kans op doorstroming in de wijk, waarmee voor gezinnen weer ruimere eengezinswoningen beschikbaar komen. Intermaris heeft haar huurders van een eengezinswoning in de wijk Purmer Noord geïnformeerd over de nieuwbouwplannen aan de Tarwestraat en heeft daarbij ook de huurprijs vermeld. Deze brief heeft al 15 geïnteresseerden opgeleverd voor een doorstroming vanuit een grondgebonden huurwoning naar een gelijkvloers appartement aan de Tarwestraat. Opmerking c.2: Alternatieve bouwlocaties Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3 Alternatieve bouwlocaties als het Zuivelpad zijn onvoldoende onderzocht. Deze alternatieve bouwlocaties leiden tot minder aantasting van het groen en voldoen voor wat betreft de aspecten fasering, nabijheid van de wijk voor diverse doelgroepen, grondverwerving en realisatietermijn beter dan het voorliggende plan.
Gemeentelijke reactie De gemeente Purmerend heeft tot 2040 een bouwopgave van ruim 10.000 woningen. Uitgangspunt is daarbij om eerst in de wijken te kijken naar de mogelijkheden en daarna pas naar de randen. Op 25 maart 2021 is de gemeenteraad akkoord gegaan met de plannen voor het ontwikkelen van extra woningen op een aantal binnenwijkse locaties, waaronder aan de Tarwestraat. Het plangebied is een voormalige schooltuinenlocatie die sinds geruime tijd niet meer in gebruik is. Vanwege de ligging binnen de Purmer Noord is het plangebied geschikt voor een nieuwe invulling met wonen. Voor de recreatieve behoeften van de bewoners ligt een volwaardig park om de hoek (Park de Uitvlugt) en het open landschap op korte wandel- of fietsafstand. Verder is het plangebied 16
gelegen in een relatief groene buurt met ruime en groene straatprofielen. Tegelijkertijd ligt het plangebied op korte afstand (ongeveer 300 meter loopafstand) van voorzieningen (wijkcentrum Gildeplein) en OV-halten. De combinatie van de ruime opzet van de buurt, de nabijheid van voorzieningen en OV-halten en de beschikbaarheid van een onbenutte ruimte maakt dit plangebied een geschikte locatie voor het toevoegen van woningen. Het nieuwe woongebouw wordt naar de mening van ons gemeentebestuur op een zorgvuldige wijze ingepast in de omgeving. In dit verband wordt verwezen naar het eerder gestelde onder 3.a.1. Opmerking c.3: Gemeente heeft focus op nieuwe inwoners Opmerking gemaakt door reclamant(en): 1, 4, 5, 6 De gemeente focust bij alle plannen die er zijn vooral op bewoners van buiten de gemeente. Gemeentelijke reactie De nieuwe woningen in het plangebied worden verhuurd op de gebruikelijke wijze. Er kan en zal daarbij geen onderscheid worden gemaakt in mensen uit Purmerend of van elders uit de regio.
17
d. Water, ecologie en duurzaamheid Opmerking d.1: Wateroverlast door toename verharding en niveauverschil Opmerking gemaakt door reclamant(en): 1, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 De omwonenden ondervinden al jaren regelmatig wateroverlast, ondanks dat zij zelf al diverse maatregelen hebben genomen (zoals drainage). De wateroverlast wordt niet alleen veroorzaakt door extremere regenval, maar ook door het hoogteverschil van circa 0,30 meter ten opzichte van de bewoonde kavels huizen en tuinen. Door verstening zal meer wateroverlast ontstaan in de tuinen van omwonenden. Klimaatverandering zal leiden tot vaker voorkomende heftigere regenperiodes. Er is nog geen structurele oplossing om deze wateroverlast te voorkomen. In het plan ontbreekt adequate invulling van wateropvang, -beheersing en -afvoer, terwijl omwonenden vanuit de gemeente suggesties krijgen aangereikt om hun tuin te vergroenen. Er wordt door het plan niet voldaan aan de beschreven klimaatadaptatievoorwaarden. Er zijn slechts vijf parkeerplaatsen voorzien van waterdoorlaatbare tegels, maar dat is geen adequate oplossing. Omwonenden doen de suggestie om het terrein in het plangebied terug te brengen naar het oorspronkelijke niveau, gelijk aan de omliggende kavels. Dat betekent dat er minimaal 30 cm afgegraven moet worden.
Dit is ook nodig om de maximale hoogte van 9 meter te kunnen realiseren, gelijk aan de nokpunten van de eengezinswoningen. Verzocht wordt om in de toelichting concreet aan te geven welke goed werkende maatregelen genomen zullen worden. Gemeentelijke reactie Zoals is toegelicht in paragraaf 3.4.5 van de toelichting op het bestemmingsplan committeert de gemeente Purmerend zich aan de Intentieovereenkomst klimaatbestendige nieuwbouw Metropoolregio Amsterdam (MRA). Klimaatadaptatie wordt daarom in elk nieuwbouwproject meegenomen door de MRA basisveiligheidsniveaus klimaatbestendige nieuwbouw te hanteren. De basisveiligheidsniveaus zijn onderverdeeld in vijf thema's: wateroverlast, droogte, hitte, overstromingen en natuurinclusief bouwen. De uitgangspunten en de daarbij behorende basisveiligheidsniveaus beschrijven waar nieuwbouw minimaal aan moet voldoen om klimaatbestendig te zijn, schade door het veranderende klimaat te verminderen en de leefbaarheid te vergroten. Op welke manier dit gebeurt is afhankelijk van gebouwdichtheid, de grond en de ontwerpruimte. Het basisveiligheidsniveau klimaatbestendig bouwen is geborgd in artikel 8.3 van de regels van dit bestemmingsplan. Het niet voorzien in en het niet in stand houden van dat basisveiligheidsniveau wordt gerekend tot strijdig gebruik.
Bij de aanvraag omgevingsvergunning vindt te zijner tijd de toets aan het basisveiligheidsniveau plaats. De basisveiligheidsniveaus zijn zo vormgegeven dat er flexibiliteit wordt geboden aan de initiatiefnemers om met maatwerk aan de slag te gaan. Zij kunnen kiezen welke maatregelen zij willen treffen, zolang het basisveiligheidsniveau maar behaald wordt. Het plan is daarmee in overeenstemming met het klimaatadaptatieplan, dat ook als bijlage bij de toelichting op het bestemmingsplan is opgenomen. Om de wateroverlast die omwonenden momenteel zeggen te ervaren te beperken, is door de gemeente voorgesteld om een wadi aan te leggen in de groenstrook. Deze wadi is uiteindelijk, op verzoek van meerdere bewoners, niet opgenomen in de planvorming. Ten behoeve van de nieuwbouw wordt een rioolsysteem aangelegd. Omwonenden kunnen, voor zover dat nog niet het geval is, eventueel een aansluiting aanvragen op de gemeentelijke riolering. Voor een dergelijke aansluiting brengt de gemeente dan wel kosten in rekening. Ten aanzien van het door reclamanten genoemde hoogteverschil wordt opgemerkt dat uit metingen is gebleken dat de hoogte in het plangebied varieert. De gemeente verwacht geen toename van wateroverlast door de geplande bouwactiviteiten. Tussen de nieuw te realiseren verharde oppervlakten zoals wegen en bebouwing, is voldoende waterdoordringbare grond 18
aanwezig om het regenwater wat daar valt, af te voeren naar het grondwater. Nieuw aan te leggen regenwaterriolering en drainage, zorgt er verder voor dat de regen die op daken en bestrating valt, wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater. Opmerking d.2: Watercompensatie Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6 Bij toename van verharding bestaat de verplichting tot watercompensatie, minstens 10%. In het ontwerp blijkt dat dit bedacht wordt meer dan 500 meter verderop, bij de herontwikkeling van de Gaffel-/Riekstraat. Reclamanten vinden dat oneigenlijk en onacceptabel. Verzocht wordt om de watercompensatie binnen het plangebied op te lossen. Gemeentelijke reactie Het plangebied is in de huidige situatie nagenoeg onbebouwd. Als gevolg van het voorliggende bestemmingsplan zal een deel van het plangebied worden verhard. Indien een ontwikkeling tussen de 800 m² en 2.000 m² extra verharding met zich meebrengt dan dient volgens het beleid van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 10% van deze extra verharding gecompenseerd te worden in hetzelfde peilgebied. Bij een verhardingstoename van meer dan 2.000 m² is er maatwerk nodig voor de compensatie. Op dit moment bedraagt de verharding in het plangebied circa 275 m². In de nieuwe situatie zal de verharding een oppervlak krijgen van circa 2.295m² voor verkeer, bebouwing en containers.
Ten opzichte van de huidige situatie is er daardoor sprake van circa 2.020 m² extra verharding. Compensatie via maatwerk is daarmee nodig binnen het peilgebied. Binnen het plangebied kan geen 202 m² open water worden gerealiseerd ter compensatie van de toename aan verharding. Conform het beleid van het waterschap is derhalve gekeken naar een oplossing elders, maar wel binnen hetzelfde peilgebied. Bij de BOL-ontwikkeling op de Riek-/Gaffelstraat wordt een watergang gegraven ter vervanging van een duiker die niet afdoende functioneert. Dit resulteert in een netto watercompensatie van 259 m². Voor de ontwikkeling aan de Riek-/Gaffelstraat zelf is een compensatie nodig van 95,7 m². Het resterende oppervlak bij de Riek-/Gaffelstraat (163,3 m²) mag, in overleg met het Hoogheemraadschap, worden ingezet ter compensatie van de toename van de verharding bij de BOL-ontwikkeling Tarwestraat. De BOL-ontwikkelingen Riek-/Gaffelstraat en Tarwestraat liggen namelijk in hetzelfde peilgebied. in overleg met het waterschap worden aan de westzijde van het plangebied waterdoorlatende parkeerplaatsen gerealiseerd. Deze zijn ook vastgelegd op de verbeelding en in de regels van het bestemmingsplan. Daarbij is in ogenschouw genomen dat bij de aanvraag omgevingsvergunning t.z.t. ook nog dient te worden voldaan aan het basisveiligheidsniveau klimaatadaptatie.
Gelet op het voorgaande wordt er voldaan aan de eisen die gelden voor watercompensatie. Opmerking d.3: Onvoldoende onderzoek flora en fauna Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 Het natuurwaardenonderzoek is nog niet volledig, want er is alleen gekeken naar het strookje bij de gymzaal en er is geen vervolgonderzoek gedaan of beschreven. Wel zijn er nu al maatregelen nodig. Uit observaties van omwonenden blijken bovendien meer - bedreigde- soorten voor te komen dan nu al genoemd zijn in het verslag van de flora- en faunacheck. De beschermde dieren zullen tijdens 19
de bouw verdwijnen en de natuur zal zich hiervan niet meer kunnen herstellen. Eerst moeten de aanvullende onderzoeksgegevens compleet zijn en worden verwerkt in de plannen. Zo is inmiddels gebleken dat er vleermuizen en uilen zijn aangetroffen. Zonder vervolgonderzoek kan er geen besluit worden genomen over de wijziging van de groenbestemming. Wat reclamanten 8 en 9 betreft zou met een voorwaardelijke verplichting geborgd moeten worden dat in het definitieve ontwerp wordt aangegeven welke bomen en struiken gehandhaafd moeten worden. De plaatsing van de parkeerplaatsen moet daaraan aangepast worden (en niet andersom). Gemeentelijke reactie In het kader van het bestemmingsplan is voor het plangebied een flora- en faunacheck gedaan via de online-applicatie FloraFaunaCheck.nl. Daarbij is gebruik gemaakt van gemeentebreed onderzoek in de vorm van periodieke inventarisaties. Hieruit blijkt dat de herontwikkeling mogelijk een negatief effect op de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis, de laatvlieger en mogelijk ook de ransuil heeft. De flora- en faunacheck is beschreven in subparagraaf 5.11.2 van de toelichting op het bestemmingsplan. In navolging van de flora- en faunacheck is door Regelink Ecologie & Landschap een notitie met betrekking tot de natuurwetgeving opgesteld (mei 2023).
Daaruit blijkt dat de beoogde werkzaamheden eventueel negatieve effecten kunnen hebben op het essentieel foerageergebied van de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis en de laatvlieger, maar dat bij de ransuil geen negatieve effecten te verwachten zijn. Voor de vleermuizen zijn mitigerende maatregelen mogelijk om eventuele negatieve effecten te voorkomen. Wanneer deze maatregelen worden getroffen, is een overtreding van de Wet natuurbescherming niet aan de orde. Het gaat daarbij onder meer om het behouden van het groen langs de watergang, geen nadelige verlichting tijdens de bouw naar de watergang en geen lichtverstrooiing vanuit de nieuwbouw naar de watergang. In dit verband wordt verwezen naar de notitie die als bijlage bij de toelichting op het bestemmingsplan is gevoegd. Een ontheffing Wet natuurbescherming is alleen nodig indien deze maatregelen niet, of niet afdoende, kunnen worden uitgevoerd. In dat geval dient de ontheffing voorafgaand aan de bouw te zijn verleend en dient het essentieel foerageergebied te worden gecompenseerd. Gelet op het vorenstaande staat de Wet natuurbescherming niet aan de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan in de weg. Opmerking d.4: Gevolgen stikstof Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 7 Reclamanten hebben geen concrete gegevens kunnen vinden over stikstofproblematiek en hoe daarmee om te gaan.
Reclamanten 7 zijn benieuwd hoe de gemeente verminderde CO2 vanwege de kap van 12 volwassen bomen en de terugkeer van 7 nieuwe boompjes in combinatie met toename verkeer gaat oplossen. Gemeentelijke reactie In het kader van het bestemmingsplan is door Buro Ontwerp & Omgeving onderzoek gedaan naar stikstofdepositie. Dit onderzoek is beschreven in subparagraaf 5.11.2 van de toelichting op het bestemmingsplan en opgenomen in de bijlagen van de toelichting op het bestemmingsplan. Uit het onderzoek blijkt dat de beoogde herontwikkeling geen invloed heeft op de in de nabijheid van Purmerend gelegen Natura2000-gebieden. Naar aanleiding van een gerechtelijke uitspraak met betrekking tot de landelijke wetgeving en een nieuwe uitgave van de Aerius-calculator heeft Buro Ontwerp & Omgeving een geactualiseerde berekening uitgevoerd (d.d. januari 2023). Deze berekening zal bij de toelichting worden gevoegd. 20
Uit de berekening blijkt dat de voorgenomen bouw en het gebruik van 21 appartementen zowel in de realisatiefase als gebruiksfase niet leidt tot een stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jr op stikstofgevoelige habitattypen van Natura 2000-gebieden. Daarmee staat de stikstofdepositie niet aan de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan in de weg. Een eventuele vermindering van CO2 is niet relevant voor de vraag of het project wel of niet leidt tot stikstofdepositie. Opmerking d.5: Duurzaam en klimaatneutraal bouwen niet vastgelegd Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5 en 6, 7 Er is niets over duurzaam en klimaatneutraal bouwen vastgelegd. De klimaatbestendigheid van de bebouwde kom zou vergroot moeten worden door aanpassingen aan inrichting om robuust verweer te kunnen bieden aan wateroverlast, hittestress en behoud watervoorraden. Er moet beschreven worden hoe aantoonbaar voldoende maatregelen genomen gaan worden om de klimaatveiligheid voor bewoners en omwonenden zeker te stellen. Gemeentelijke reactie Ons gemeentebestuur onderschrijft de stelling van reclamanten niet en verwijst in dat verband naar het gestelde onder 3.d.1 Opmerking d.6: Onduidelijkheid klimaatadaptatie Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 8 Bijlage 1 van de toelichting gaat over het stationsgebied en andere gebieden in andere gemeentes.
Blijkbaar gelden deze uitgangspunten ook voor de Tarwestraat, maar de geformuleerde kaders komen onvoldoende terug in het ontwerpbestemmingsplan Tarwestraat. Dit voldoet niet zichtbaar aan eisen op gebied van klimaatadaptatie en ecologie. Bestaande bebouwing en kavels lopen onaanvaardbare risico's in de toekomst als dit niet wordt aangepakt. De gemeente zou het plan uit moeten laten werken conform bestaande eisen en aangeven hoe de inrichting robuust kan worden aangepast om wateroverlast, hittestress en de druk op watervoorraden door droogte te beperken. Ook dient de gemeente omwonenden te horen over ervaringen met wateroverlast. Gemeentelijke reactie Bijlage 1 van de toelichting betreft het Klimaatadaptatieplan Zaanstreek-Waterland en Purmerend 2021-2024. Zoals ook in paragraaf 1.1 van het plan is vermeld bevat het document het basisveiligheidsniveau, dat vervolgens is getest op enkele sleutelgebieden binnen de metropoolregio (waaronder het Purmerendse stationsgebied). Voor het overige wordt verwezen naar het eerder gestelde onder 3.d.1.
21
e. Verkeer, parkeren en geluid Opmerking e.1: Verkeersoverlast- en -onveiligheid Opmerking gemaakt door reclamant(en): 1, 3, 4, 5, 6 en 7, 9 en 10 Vanwege de nieuwbouw wordt gevreesd voor voortdurende verkeersoverlast en gevaarlijke verkeerssituaties rondom de Tarwestraat. Doordat de toegangsweg naar de nieuwbouw vlak voor de gymzaal loopt, zal dit voor extra onveilige situaties leiden voor de kinderen die daar sporten. Een inrit via het smalle paadje bij de ingang van sportzaal is onhaalbaar en levensgevaarlijk, zeker voor kinderen onder de 14. Er zal zowel tijdens een bouwperiode als daarna permanent een levensgevaarlijke situatie ontstaan voor kinderen, leerkrachten, sportdocenten, sporters en ouders. Talloze soorten verkeer zullen dagelijks het terrein op en af willen rijden, vaak in haast: bouwverkeer, vrachtverkeer, grote en kleinere bezorgauto's, zorgverleners, bewoners, bezoekers, en gebruikers van de sportzaal. Verzocht wordt om een andere veiligheidsmaatregel dan alleen een hek en een passage waarin uitgelegd wordt hoe de toekomstige verkeerssituatie eruit ziet. Gemeentelijke reactie Door de herontwikkeling van het plangebied zal er een toename van verkeersbewegingen ontstaan. In de toelichting op het bestemmingsplan is deze verkeerstoename inzichtelijk gemaakt door toepassing van landelijke kencijfers.
In de CROW publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren' (december 2018) is voor de categorie 'huur, appartement, middel/goedkoop' een kencijfer van minimaal 3,2 tot maximaal 4,0 motorvoertuigbewegingen per woning aangegeven. Dit kencijfer geeft bij 21 woningen een verkeersgeneratie van minimaal 67,2 en maximaal 84 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Deze verkeersbewegingen zullen verspreid over de dag plaatsvinden. Het plangebied zal bereikbaar zijn door de aan de oostkant gelegen ventweg langs de Grotenhuysweg op te waarderen en hier een voor gemotoriseerd verkeer doodlopende woonstraat op aan te sluiten. De woonstraat krijgt ter hoogte van de gymzaal een breedte van circa 7,5 meter. Een dergelijke breedte is ruim voldoende voor het realiseren van een woonstraat. Gelet op de te verwachten verkeersgeneratie van 67,2 tot 84 motorvoertuigbewegingen per etmaal zal er sprake zijn van een zeer rustige woonstraat. Om te voorkomen dat kinderen vanuit de gymzaal direct de weg op kunnen rennen is in het aangepaste ontwerp een hekje bij de entree van de gymzaal voorzien (zie afbeelding op de volgende pagina). Ook zal een deel van het huidige fietsparkeren rondom de entree van de gymzaal worden verplaatst om zo het zicht te verbeteren.
Met betrekking tot bouwoverlast merkt ons gemeentebestuur op dat indien in de woonomgeving bouwwerkzaamheden worden uitgevoerd dit inderdaad tijdelijk een zekere vorm van overlast met zich mee kan brengen. Doordat Intermaris aan de Tarwestraat modulair gaat bouwen, zal de bouwperiode korter zijn dan bij traditionele bouw. Bij modulaire bouw worden modules gekoppeld en gestapeld om een gebouw te creëren. De modules worden in een fabriek geproduceerd en met behulp van een hijskraan op locatie geplaatst. Daarna worden de modules geïnstalleerd en aangesloten. Tijdens de realisatie zal bouwverkeer langs de entree van de gymzaal gaan rijden. Om de veiligheid tijdens de bouw zoveel mogelijk te garanderen zal door de aannemer een BLVC-plan1 worden opgesteld, dat door de gemeente zal worden getoetst. In het BLVC-plan zijn maatregelen, verantwoordelijkheden en afspraken beschreven rondom bouwprojecten.
1
Plan voor Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie
22
Afbeelding: Gymzaal aan de Tarwestraat 1 met hekje bij de entree Opmerking e.2: Parkeeroverlast Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3 Een parkeerbehoefte van 40 parkeerplaatsen is discutabel aangezien daarvoor gebruik is gemaakt van aanwezigheidspercentages / dubbel gebruik. Het gaat hier om seniorenwoningen, waardoor men er van kan uitgaan dat deze mensen vaker thuis zijn dan gebruikelijk. Dat parkeren geen belemmering vormt ziet reclamant anders, aangezien er bomen gekapt moeten worden en bijna het gehele bouwgebied verhard wordt. Gemeentelijke reactie Bij deze ontwikkeling dient te worden voldaan aan de Nota Parkeernormen 2016, vastgesteld op 26 mei 2016. De parkeerbehoefte van het onderhavige plan is berekend aan de hand van de parkeertoets zoals is vastgelegd in deze Nota. Het plangebied bevindt zich in de zone 'rest bebouwde kom'. De maximaal 21 nieuw te bouwen appartementen voor 55-plussers vallen onder de categorie 'wonen 65 - 120 m² gestapeld'. Hiervoor geldt een parkeernorm van 1,7 parkeerplaatsen per woning. Voor de 21 appartementen zijn bruto 35,7 parkeerplaatsen nodig. De toegepaste parkeernorm is inclusief 0,3 parkeerplaats per woning voor bezoekersparkeren. In totaal zijn er zodoende 6,3 parkeerplaatsen bestemd voor bezoek en 29,4 parkeerplaatsen voor bewoners.
Bij het berekenen van de netto parkeerbehoefte is het gebruikelijk rekening te houden met het dubbelgebruik van parkeerplaatsen. Dubbelgebruik wordt toegepast omdat de gemeente zo goed mogelijk de openbare ruimte wil benutten. Bewoners zijn namelijk niet altijd op hetzelfde tijdstip thuis en bezoekers komen niet allemaal op hetzelfde moment langs. Hierdoor kunnen parkeerplaatsen optimaal benut worden. Aan dubbelgebruik zijn in de Nota parkeernormen 2016 percentages gekoppeld. Per functie verschillen de aanwezigheidspercentages. Uit de toepassing van de aanwezigheidspercentages blijkt dat de avond op een werkdag het meest maatgevende moment is, omdat het aandeel 23
bezoekers en bewoners dan het hoogst is. Op dat moment zijn er 5,04 parkeerplaatsen nodig voor bezoekers en 26,46 parkeerplaatsen voor bewoners. Het totaal aantal parkeerplaatsen komt dan uit op 31,5 parkeerplaatsen, wat effectief 32 parkeerplaatsen zijn. Ons gemeentebestuur ziet geen aanleiding om voor de woningen voor 55-plussers andere aanwezigheidspercentages te hanteren dan in de Nota zijn opgenomen. Opmerking e.3: Te hoge parkeernormen Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 8, 9 en 10 Elders zijn op basis van maatwerk verlaagde parkeernormen beargumenteerd en doorgevoerd (Grotenhuys-/Van Osweg en de locatie Graeffweg-Grotenhuysweg). Uit onderzoek van Intermaris blijkt dat de doelgroep een lager autobezit heeft dan het gemiddelde huishouden in Purmerend, zoals opgenomen in de CROW. Voor de locatie Graeffweg-Grotenhuysweg is besloten om te rekenen met de parkeernormen zoals opgenomen in de parkeervisie Purmerend, de voorloper van de Nota Parkeernormen Gemeente Purmerend 2016. Voor appartementen tot maximaal 60 m² oppervlak geldt daar een parkeernorm van 0,7 parkeerplaatsen per woning en voor overige appartementen een norm van 1,3 parkeerplaatsen per woning. Op diverse plaatsen in de documenten worden verschillende normen genoemd. De reclamanten pleiten voor een verlaging van het veel te hoge aantal parkeerplaatsen voor de beoogde doelgroep (55+) en woningmaat.
Bij een parkeernorm van 0,7 en 21 appartementen leidt dat tot 15 parkeerplaatsen, die met respect voor het aanwezige groen gesitueerd kunnen worden (en ingetekend). Gemeentelijke reactie Om te voorkomen dat in de omgeving parkeeroverlast ontstaat dient bij nieuwe ontwikkelingen voldoende parkeergelegenheid te worden gerealiseerd. Wat onder voldoende parkeergelegenheid wordt verstaan is bepaald in de Nota Parkeernormen 2016. De daarin opgenomen parkeernormen zijn vanaf het begin gecommuniceerd met omwonenden en vastgelegd in de regels van het onderhavige bestemmingsplan. De door reclamanten genoemde parkeervisie is niet van kracht voor de herontwikkeling Tarwestraat. Opmerking e.4: Situering parkeerplaatsen Opmerking gemaakt door reclamant(en): 10 De gemeente heeft in juni 2021 gezegd dat geprobeerd wordt om parkeren niet achter de achtertuinen op te lossen. Bij de laatste bewonersbijeenkomst op 27 juni 2022 stonden de parkeervakken opeens haaks op de tuinen ingetekend. Dit is voor bewoners een belangrijk punt, dat zomaar van tafel wordt geveegd. Gemeentelijke reactie Naar aanleiding van opmerkingen van omwonenden is de suggestie om haaksparkeren bij de groenzone om te ruilen voor fileparkeren verwerkt in het ontwerp voor de inrichting van de openbare buitenruimte.
Opmerking e.5: Geen onderzoek naar verkeersgevolgen bestaande woningen Opmerking gemaakt door reclamant(en): 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 Er worden diverse metingen gepresenteerd waaruit zou blijken dat de nieuwbouw geen last krijgt van grensoverschrijdende belasting door verkeerslawaai, geur, licht, stikstof en luchtkwaliteit. Er is echter niet gekeken naar de bestaande bebouwing. Het verkeer in het plangebied gaat structureel en permanent grote gevolgen geven en voor overlast zorgen voor omwonenden (vrachtverkeer, 24
vuilnisauto's, bezorgers, bewoners, sportzaalgebruikers enz.). De omwonenden krijgen daardoor te maken met verkeer- en parkeerbewegingen aan voor- én achterzijde van de huizen/tuinen. Rust, stilte en slaap kunnen permanent beïnvloed worden. De gevolgen zijn niet in beeld gebracht. Gemeentelijke reactie Bij het mogelijk maken van nieuwe gevoelige functies als wonen dient in eerste instantie te worden getoetst of er wordt voldaan aan de wettelijke normen die gelden voor nieuwe gevoelige functies. Bestaande woningen worden daarbij buiten beschouwing gelaten. Wel kunnen bestaande woningen in bepaalde gevallen significant nadelige effecten ondervinden door bijvoorbeeld het verkeer in de toekomstige situatie. In dat geval dient te worden nagegaan of de effecten aanvaardbaar zijn in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Door de herontwikkeling van het plangebied zal er een geringe toename van verkeersbewegingen ontstaan. Zoals weergegeven in paragraaf 5.13 van de toelichting op het bestemmingsplan zal bij 21 extra woningen een extra verkeersgeneratie van minimaal 67,2 en maximaal 84 motorvoertuigbewegingen per etmaal ontstaan. Een dergelijk aantal verkeersbewegingen is zodanig laag dat er geen sprake is van een significant effect van het verkeer op bestaande woningen. Voor de weg in het plangebied zal bovendien een snelheidsregime gaan gelden van 30 km per uur.
Onderzoek naar de effecten op bestaande woningen is dan ook niet nodig. Opmerking e.6: Toename geluidsoverlast Opmerking gemaakt door reclamant(en): 1 De bouw van een appartementencomplex met bijbehorende parkeerplaatsen zal zorgen voor geluidsoverlast. Daarbij is de geluidsoverlast van de Grotenhuysweg al enorm en deze zal verder toenemen door het verwijderen van een groot deel van het bestaande groen en door het weerkaatsen tegen de nieuwbouw. Gemeentelijke reactie Tijdens de bouwfase is geluidhinder helaas onvermijdelijk. Doordat Intermaris aan de Tarwestraat modulair gaat bouwen, zal de bouwperiode korter zijn dan bij traditionele bouw. Om overlast tijdens de bouw zo veel als mogelijk te beperken zal door de aannemer een BLVC-plan worden opgesteld, dat door de gemeente zal worden getoetst. Het plangebied is momenteel bijna volledig onbebouwd en deels begroeid met bomen. Een deel van deze bomen zal verdwijnen om plaats te maken voor nieuwbouw. De nieuwbouw zal het geluid vanwege het wegverkeer op de Grotenhuysweg (deels) afschermen zodat omwonenden aan de tuinzijde minder geluid van het wegverkeer van de Grotenhuysweg zullen ervaren. Aanvullend zullen er bomen buiten het plangebied worden geplant aan de noordzijde van de gymzaal. Deze bomen zorgen voor een geluiddempende werking tegen bestaand verkeersgeluid dat weerkaatst tegen de noordelijke gymzaalmuur.
Voor het wegverkeer vanwege de nieuwbouw in het plangebied geldt dat de hoeveelheid verkeersbewegingen per etmaal zodanig laag is, dat er geen relevante geluidseffecten zullen optreden bij de bestaande woningen. In dit verband wordt verwezen naar het gestelde onder 3.e.5.
25
f. Bouwfase, planschade en financiële uitvoerbaarheid Opmerking f.1: Bouw- en planschade omwonenden Opmerking gemaakt door reclamant(en): 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 10 Door reclamant 3 wordt gevreesd dat in de directe omgeving verlies van privacy, dag-/zonlicht en uitzicht zal plaatsvinden en een verslechtering van de woonomgeving. Dit verlies van woongenot en de waardedaling van de woningen zal gecompenseerd moeten worden. Reclamanten 4, 5, 6, 8 en 9 wijzen erop dat de weg en het parkeerterrein openbaar worden en dat het verkeer zal toenemen door eerst bouwverkeer, maar later ook vrachtverkeer, vuilnisauto’s, bewoners, bezoekers en gebruikers van de sportzaal en bezorgers. Dit verkeer vindt plaats op hooguit 6 meter afstand van de tuinen van omwonenden. Deze gevolgen zijn niet inzichtelijk gemaakt bij de in de toelichting benoemde gevolgen voor omwonenden. De gevolgen van bouwen, verkeer, parkeren, verstening en het verwijderen van groen voor bestaande woningen gaan over veel meer dan inkijk of privacy. Vanaf een groen terrein komt geen lawaai, geur, vuile lucht en andere overlast door menselijk verkeer, maar vanaf een sterk bebouwd terrein wel. Daarnaast vrezen reclamanten bouw- en planschade voor omliggende woningen. Gemeentelijke reactie In paragraaf 4.2 van de toelichting op het bestemmingsplan is ingegaan op mogelijke nadelige gevolgen op het gebied van privacy en schaduw.