B Kadernota 2023-2026
Tekst van het document
De onzekerheid blijft over de terugverdientijd en dat de invoeringskosten vanuit het Rijk niet voldoende zijn. 24
• Het zijn onzekere tijden en daarmee blijft de onzekerheid over de economische vooruitzichten groot. We zien op allerlei vlakken in de samenleving ontwikkelingen waar we moeilijk grip op kunnen krijgen: o.a. krapte op de arbeidsmarkt, prijsstijgingen (waaronder energie, loonkosten), krapte op de huizenmarkt, werkloosheid, consument- en producentenvertrouwen, overheidsfinanciën. Deze macro-effecten laten zich niet makkelijk vertalen naar de lokale situatie. Het voornemen is de nota Purmerend financieel op koers uit 2020 eind dit jaar te actualiseren om zo het uitgesproken streven naar een verbetering van de financiële positie te bezien. In dat licht wordt de schuldontwikkeling van de gemeente, de schuldontwikkeling van SVP (die de gemeente garandeert) en de ontwikkeling van de resultaten van de (voorgenomen) grondexploitaties nogmaals bezien. Dit is belangrijk o.a. met het oog op het voorgenomen investeringsprogramma, de groei van de organisatie en het dividendbeleid SVP.
25
5 Slot Voor u ligt een Kadernota met een aanpassing van de lopende begroting en een vooruitblik op de route naar de begroting 2023. Dat zal geen gemakkelijke route zijn. Er is sprake van grote prijsstijgingen, onzekerheid ten aanzien van de rijksmiddelen en de nodige ambitie om voor de begroting 2023 klaar te zijn met de uitwerking van de keuzes. Dit in de wetenschap dat de organisatie uit de coronaperiode komt en ook druk is met de opgaven van nu zoals de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. Daarom ziet u in deze Kadernota vooral formatie knelpunten, onvermijdelijke uitgaven en indexeringsknelpunten. De Programmabegroting 2023 wordt het afwegingsdocument voor 2023. We leggen deze Kadernota aan u voor in de overtuiging dat dit de juiste koers is voor dit moment. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Purmerend, de secretaris,
de burgemeester,
26
Bijlage I Kaders en uitgangspunten Kadernota Algemene kaders en uitgangspunten • De ontwikkeling van de loonkosten van de gemeenteambtenaren volgt de cao. De in 2019 afgesloten cao had een looptijd tot 1-1-2021. De nieuwe cao is eind januari 2022 afgesloten voor de periode 1-1-2021 tem 31-12-2022: een thuiswerkvergoeding, verlofsparen, verlofharmonisatie, betaald ouderschapsverlof, salarismaatregelen (loonsverhoging van 1,5% m.i.v. 01-12-2021 en 2,4% m.i.v. 01-04-2022 en een minimum salaris van € 14 per uur) en een eenmalige uitkering van € 1.200 bruto totaal in 2021 (inclusief coronavergoeding van € 300). De uitwerking van de cao inclusief de pensioen- en werkgeverspremies valt lager uit dan was begroot voor 2022. Oorzaak hiervoor is dat de eenmalige uitkering 2021 incidenteel is en niet structureel doorwerkt in de loonsom van 2022. Tegenover deze vrijval staat het begroten van de thuiswerkvergoeding en het hogere minimumloon. Deze onderdelen worden geactualiseerd in de voorbereiding van de begroting 2023-2026 en het te verwachten voordelige resultaat 2022 van deze actie zal bij de najaarsrapportage 2022 worden verwerkt in de bijgestelde begroting 2022. De loonkostenbegroting voor 2022 wordt conform cao geactualiseerd. De loonkostenbegroting 2023 wordt gebaseerd op 2022 + 3,6%.
Dit betreft 3% indexering +0,6% omdat de loonsverhoging van 2,4% per 1-4-2022 is ingegaan hetgeen op jaarbasis voor 2022 1,8% is. Voor de jaren na 2023 wordt er vanuit gegaan dat de stijging opgevangen kan worden binnen de begrote 3% per jaar voor loonsverhogingen en (pensioen-) premies werkgevers. • De personeelsformatie is gebaseerd op het organogram per 1 april 2022, inclusief besluitvorming Kadernota 2023. De ambtelijke functies begroten we tegen de functionele schaal met een anciënniteit van trede 10. • De domeinen geven per team aan hoe de personeelskosten moeten worden verdeeld over de programma's en beleidsvelden (procentuele verdeling), tenzij er sprake is van tijdschrijven. Een belangrijk onderscheid hierbij is de verdeling tussen overhead- en lijnfuncties. De overheadkosten worden uitgedrukt in een percentage van de loonsom van de lijnafdelingen. Dit percentage wordt gehanteerd bij de toerekening van overheadkosten aan investeringen, grondexploitaties en projecten (anterieure overeenkomsten) en kostendekkende lokale heffingen. Aan producten waar de buitendienst voornamelijk aan werkt (riool, afval) is de overheadopslag 54%. Voor de overige leges is de overheadopslag 68%. Dit percentage wordt herijkt bij de begroting 2023 (volgens de methode van de programmabegroting 2022). • Voor de subsidies houden we rekening met een jaarlijkse indexatieverhoging van 2,5%.
Indien instellingen zelf een hogere cao-ontwikkeling hebben, volgt er geen aanvullende compensatie. Met de instellingen is afgesproken dat voor het lopende jaar niet meer wordt gecompenseerd voor loonkostenstijgingen gekoppeld aan de ambtenaren cao. De jaarlijkse indexatieverhoging vindt plaats bij de verleningsbeschikking voor het subsidie.
27
• De kosten van derden zijn goederen en diensten die aan de gemeente worden geleverd. Het gaat hier bijvoorbeeld om de kosten van energie, kantoorartikelen, accountantsdiensten, onderhoud aan gebouwen en infrastructuur, schoonmaak en softwarelicenties. In afwijking van de CBS-indexering gaan we uit van een jaarlijkse groei van 1,50%. Hiermee onderstrepen we de blijvende inzet om goedkoper en met een hogere kwaliteit in te kopen. In de budgetten is de groei niet functioneel verwerkt. In het geval van excessieve stijgingen kan met onderbouwing aanspraak worden gemaakt op de collectieve stelpost. Reguliere stijgingen dienen binnen het betreffende programma/beleidsveld te worden opgevangen. In deze Kadernota is aanspraak gemaakt op deze collectieve stelpost voor de huidige stijgingen van de kosten. Voor de begroting 2023 dient nog een berekening te worden gemaakt voor de prijsstijgingen op de kredieten vastgoed en openbare ruimte. Deze stijgingen kunnen niet uit deze stelpost worden gedekt. Daarnaast is de verwachting dat er ook nog compensatie komt uit de algemene uitkering in de meicirculaire 2022. Bij de uitwerking van de begroting 2023 zal deze deels worden geclaimd om de collectieve stelpost weer aan te vullen om de prijs- en loonstijgingen voor de komende jaren mee te dekken. • Voor de leges, afvalstoffen- en rioolheffing geldt het criterium van 100% kostendekkendheid.
Dit betekent enerzijds dat niet meer mag worden geheven dan de begrote kosten die gedekt worden met de heffing. Het betekent anderzijds dat kostenstijgingen, bijvoorbeeld als gevolg van cao-ontwikkelingen, in deze tarieven worden doorberekend. De hoogte van deze tarieven zijn onder meer afhankelijk van de tijdsbesteding en de kosten van overhead. De opbrengsten worden gebruikt om de kwaliteit van de activiteit te waarborgen en om personeels-, huisvestingsen materiaalkosten te dekken. Van een aantal tarieven wordt het maximaal te heffen bedrag vastgesteld door de Rijksoverheid, zoals de tarieven voor reisdocumenten, het rijbewijs en de tarieven voor aktes uit de registers van de burgerlijke stand. • De OZB, RZB en de overige heffingen (precario-, toeristen-, honden-, reclame- en parkeerbelasting en marktgelden) stijgen jaarlijks nominaal met de consumentenprijsindex (CPI) zoals gepubliceerd door het CBS in januari van het jaar voorafgaand aan de begroting. Voor 2023 bedraagt de indexering 6,40% (CPI januari 2022). In de meerjarenraming gaan we voor de jaren na 2023 uit van 1,50%. Dit passen we bij de volgende Kadernota aan op basis van de CPI van januari 2023. Door areaaluitbreiding (verbouw woningen en niet-woningen) verhogen wij jaarlijks de opbrengst OZB. Bij een algehele waardedaling c.q.
waardestijging van de onroerende zaken verhogen dan wel verlagen wij het tarief van OZB, om de begrote opbrengst te realiseren. • Als gevolg van ontwikkelingen op de kapitaalmarkt wordt het renteomslagpercentage van 1% voor de Kadernota 2023-2026 niet verder verlaagd. Dit percentage gebruiken we ook als uitgangspunt voor de berekening van de lasten van (toekomstige) investeringen. De renteomslag zal voor de begroting 2023-2026 worden berekend conform de bepalingen, zoals opgenomen in de Financiële verordening en de BBV notitie rente. • Voor de doorberekening van rente aan Bouwgronden in Exploitatie (BIE's) is de toegestane toe te rekenen rente gebaseerd op de daadwerkelijk te betalen rente over het vreemd vermogen. Hierbij wordt het gewogen gemiddelde rentepercentage van de bestaande leningenportefeuille naar de verhouding vreemd vermogen/totaal vermogen berekend. Om te voorkomen dat de renteparameter jaarlijks fluctueert, kiezen we in de meerjarenprognose voor een stabiel rentepercentage van 1,00%. • De afschrijving van de vaste activa vindt lineair plaats. Voor het afschrijven van de vaste activa hanteren we een afschrijvingstermijn conform de financiële verordening. De afschrijvingen starten in het jaar na ingebruikname. Op gronden en terreinen schrijven we 28
niet af. Investeringen beneden € 50.000 nemen we rechtstreeks in de exploitatie op, uitgezonderd de jaarlijkse vervanging van kleinere auto's die samen worden geactiveerd. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd. • Voor verbonden partijen gaan we uit van dezelfde financiële uitgangspunten als voor de eigen begroting. De budgetten worden dus ook geïndexeerd. Het betreft de Veiligheidsregio, de Metropoolregio Amsterdam, de GGD, Werkom, Omgevingsdienst IJmond, het Waterlands Archief en het recreatieschap Twiske-Waterland. De meerjarenbegrotingen van de verbonden partijen hebben we verwerkt zoals aangegeven in de zienswijze die door de raad is vastgesteld. Mogelijke financiële effecten uit de zienswijze worden verwerkt via de begrotingsruimte. • Voor de post onvoorzien ramen wij conform de bestendinge gedragslijn een jaarlijks bedrag van € 50.000. Dit budget wordt alleen gebruikt om onvoorziene, onuitstelbare en onontkoombare uitgaven op te vangen. Als wij hier een beroep op moeten doen, dan informeren wij uw raad hierover bij de tussenrapportage en/of het jaarverslag.
Samenvatting uitgangspunten 2023-2026 Loonontwikkeling 2022 Loonontwikkeling 2023-2026 Prijs-/inflatieontwikkeling (nog herzien richting begroting 2023) Prijsindexatie jeugd/Wmo 2022 Prijsindexatie jeugd/Wmo 2023-2026 Omslagrente en rente voor grondexploitaties 2022-2026 Subsidies gesubsidieerde instellingen 2022-2026 Leges, afvalstoffen- en rioolheffing (100% kostendekkend) Gemeentelijke belastingen en overige heffingen 2023 (CBS-CPI januari 2022) Gemeentelijke belastingen en overige heffingen 2024-2026
29
3,60% 3,00% 1,50% 3,87% 2,00% 1,00% 2,50% n.t.b. 6,40% 1,50%
Bijlage II Budgetneutraal In deze bijlage worden de budgetneutrale mutaties verwerkt en toegelicht per programma (bedragen x € 1.000). Omschrijving (- = nadeel en + = voordeel)
2022 2023 2024 2025 2026 I/S
Effect
Programma 1 Publiekdiensten Harmonisatie leges APV en bijzondere wetten Harmonisatie doorbelasting facilitair
-10
-11
-11
-11
-11
S
Lagere baten
-
103
106
154
158
S
Lagere lasten
Programma 2 Samenleving Natuurveld Rugbyclub
-
-5
-5
-5
-5
S
Hogere lasten
Watersportvereniging nieuw havenkantoor
-58
-8
-8
-8
-8
S
Hogere lasten
Dekking nieuw havenkantoor binnen budget sport en recreatie
58
8
8
8
8
S
Lagere lasten
Harmonisatie budgetten SMW/Altra
-104
-107
-110
-112
-112
S
Hogere lasten
Harmonisatie budgetten SMW/Altra
103
104
104
104
104
S
Lagere lasten
Uitgaven Lokaal preventie akkoord
-50
-
-
-
-
I
Hogere lasten
Dekking Lokaal preventie akkoord via SPUK
50
-
-
-
-
I
Hogere baten
Formatie uitbreiding Wmo-consulenten
-100
-207
-213
-219
-226
S
Hogere lasten
Scootmobielstallingen
-50
-50
-50
-50
-50
S
Hogere lasten
Dekking: herschikking budget beschermd wonen t.b.v. knelpunten Wmo
150
257
263
269
276
S
Lagere lasten
Programma 4 Milieu Herwaarderen formatie straatreiniging
-22
-23
-24
-25
-25
S
Hogere lasten
Dekking herwaardering formatie straatreining: ASH/ rioolheffing/straatreiniging
22
23
24
25
25
S
Hogere baten
Onttrekking voorziening afvalstoffenheffing
225
-
-
-
-
I
Lagere lasten
Opbrengsten afvalstoffenheffing (tarieven 2022)
-225
-
-
-
-
I
Lagere baten
Formatie-uitbreiding afvalbeheer
-265
-274
-281
-289
-298
S
Hogere lasten
Dekking formatie uitbreiding ASH: afvalstoffenheffing en exploitatiebudget
265
274
281
289
298
S
Hogere baten
Programma 5 Bereikbaarheid Aanvullend krediet damwand van brug tot brug
-
-4
-4
-4
-4
S
Hogere lasten
Parkeerexploitatie: 1 FTE parkeermanager
-113
-116
-120
-123
-127
S
Hogere lasten
Parkeerexploitatie: egalisatiereserve parkeren
-61
-64
-65
-68
-70
S
Hogere lasten
Dekking Parkeerexploitatie: aframen FTE handhaving
174
180
185
191
197
S
Lagere lasten
30
Programma 6 Beheer openbare ruimte Omzetten egalisatiereserve begraafrechten naar voorziening
78
78
78
78
78
S
Lagere lasten
Krediet houten bruggen 2022
-
-21
-20
-20
-20
S
Hogere lasten
Dekking houten bruggen 2022 uit exploitatiebudget BOR
-
21
20
20
20
S
Lagere lasten
Krediet takkenversnipperaars bomenploeg
-
-8
-8
-8
-8
S
Hogere lasten
Dekking takkenversnipperaar uit exploitatiebudget BOR
-
8
8
8
8
S
Lagere lasten
Krediet wegen asfalt Beemster
-
-87
-15
-15
-14
S
Hogere lasten
Dekking krediet wegen asfalt Beemster uit exploitatiebudget groen, OVL en KW
-
83
15
15
14
S
Lagere lasten
Programma 7 Ruimtelijke ordening Harmonisatie doorbelasting facilitair
-
-103
-106
-154
-158
S
Hogere lasten
Krediet kerktoren Middenbeemster
-
-1
-1
-1
-1
S
Hogere lasten
11
11
11
11
S
Hogere baten
-212
-218
-224
-231
S
Hogere lasten
Programma 8 Veiligheid Harmonisatie leges APV en bijzondere wetten
10 Overzicht Overhead
Formatie-uitbreiding Wet Open Overheid
-205
Overzicht Algemene dekkingsmiddelen Uitwerking decembercirculaire 2021: versterking gemeentelijke dienstverlening
433
440
433
451
481
S
Hogere baten
Uitwerking decembercirculaire 2021: extra middelen salarissen zorg
463
468
476
491
491
S
Hogere baten
Dekking stelpost lpo: toevoeging middelen salarissen zorg vanuit GF
-463
-468
-476
-491
-491
S
Hogere lasten
Dekking stelpost uit gemeentefonds: formatie uitbreiding Wet Open Overheid
205
212
218
224
231
S
Lagere lasten
Dekking stelpost lpo: harmonisatie budgetten SMW/Altra
1
3
5
8
8
S
Lagere lasten
Dekking diverse kredieten uit stelpost vertraagde investeringen
-
15
10
10
10
S
Lagere lasten
-433
-440
-433
-451
-481
S
Hogere lasten
S
Lagere lasten/ baten
Opnemen stelpost taakmutatie GF versterking gemeentelijke dienstverlening
Resultaatbestemming Omzetten egalisatiereserve begraafrechten naar voorziening Saldo
-78
-78
-78
-78
-78
-
-
-
-
-
Programma 1 Publiekdiensten Harmonisatie fusie Purmerend-Beemster Bij de samenvoeging van de begrotingen van Purmerend en Beemster zijn hier en daar budgetten op een verkeerde plek in de begroting beland. Dit geldt voor de leges APV en bijzondere wetten en doorbelastingen bij facilitair. Dit wordt hier hersteld. Het betreft verschuivingen tussen tussen de programma's 1 Publieksdiensten, 7 Ruimtelijke ordening en 8 Veiligheid. 31
Programma 2 Samenleving Natuurveld Rugbyclub (kredietaanvraag € 87.000) Ter afronding van sportcomplex de Beuk aan de Van IJsendijkstraat 365 wordt voor Rugbyclub Waterland (RCW) een 2e rugbyveld (natuurgrasveld) aangelegd. Voor de aanleg van het natuurveld moet de bestaande grondlaag vervangen worden. In de oorspronkelijke raming is rekening gehouden met aan te voeren en af te voeren grond vanuit het gemeentelijk gronddepot. Uit recent onderzoek is gebleken dat de beschikbare grond van het gemeentelijk gronddepot van onvoldoende kwaliteit is, waardoor grond van juiste kwaliteit elders aangekocht- en aangevoerd moet worden. Hierdoor zullen de kosten € 87.000 hoger uitvallen. Voorgesteld wordt om hiervoor een extra krediet van € 87.000 in 2022 beschikbaar te stellen, dat in 10 jaar afgeschreven. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit de stelpost vertraagde investeringen. Watersportvereniging nieuw havenkantoor De Watersportvereniging Purmerend neemt afscheid van haar groene cabine aan het Whereplantsoen met daarin sanitaire voorzieningen en het kantoor van de havenmeester. Er komt een nieuw onderkomen in de oude garage op Whereplantsoen 10. De huidige groene cabine is te klein en voldoet niet meer aan de eisen van het groeiend aantal watersporters dat Purmerend aan doet.
Hierdoor is er sprake van structureel hogere huurlasten van € 7.800 en éénmalige verbouwingskosten van € 50.000 voor de inrichting. Deze hogere lasten kunnen worden gedekt binnen het beleidsveld sport & recreatie. Harmonisatie fusie Purmerend-Beemster Bij de samenvoeging van de begrotingen van Purmerend en Beemster zijn hier en daar budgetten op een verkeerde plek in de begroting beland. Zo zijn de budgetten van SMW Beemster abusievelijk onder het beleidsveld onderwijs geplaatst. Deze budgetten worden herschikt naar het beleidsveld jeugd en vanaf 2022 geïndexeerd met 2,5%. De dekking van de indexatie komt uit de stelpostloon-/prijsontwikkeling. Lokaal preventieakkoord Purmerend heeft voor 2022 een specifieke uitkering lokaal preventieakkoord ontvangen van incidenteel € 50.000.Deze beschikking is toegekend om meer in te zetten voor gezondheidspreventie. Het bevat concrete maatregelen om roken, overgewicht en overmatig alcoholgebruik tegen te gaan. Daarnaast is er ruimte om in te zetten op achterliggende problematiek zoals schulden, armoede en eenzaamheid. Purmerend bepaalt zelf welke problematiek centraal staat: de lokale behoefte is vaak leidend. Tegenover deze hogere baten staan ook hogere lasten. De verantwoording over de besteding van deze specifieke uitkeringen verloopt via de verantwoordingsmethode SiSa.
Formatie uitbreiding Wmo consulenten en Scootmobielstallingen Voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zien we een toenemende werkdruk bij de consulenten doordat meer unieke inwoners gebruik maken van de Wmo, inwoners mondiger zijn geworden en de problemen complexer. Hierdoor kost het stellen van een indicatie meer tijd, zijn er meer (complexe) lopende indicaties en is de rol van de consulent breder en intensiever is geworden. Tot nu toe is dit opgelost door consulenten op inhuurbasis in te zetten. Om
32
als gemeente de zorg te kunnen bieden die we willen en daarmee de juiste ondersteuning aan onze inwoners te geven is het nodig de formatieruimte op te hogen met 2,5 fte. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor landelijk beleid om langer thuis wonen mogelijk te maken. Gebruik van scootmobiel is voor veel ouderen essentieel om zelfstandig te kunnen blijven wonen. In de meeste complexen waar ouderen wonen zijn onvoldoende of niet volledige passende stallingen voor scootmobielen aanwezig. In de prestatieafspraken is vastgelegd dat corporaties en de gemeente dit gezamenlijk aanpakken. Corporaties nemen deze kosten waar mogelijk mee in hun onderhoudsplan, maar in veel complexen gaat het om meer dan dat. Gezien het belang bij passende woningen en dat het hier geen individuele voorzieningen (Wmo-maatwerk) betreft is er structureel € 50.000 benodigd om dit mogelijk te maken. Deze knelpunten kunnen binnen het beleidsveld maatschappelijke ondersteuning worden gedekt door herschikking van het budget beschermd wonen.
Programma 4 Milieu Herwaardering formatie straatreiniging Door de groei van de stad is het hoognodig de straatreinigingsteams te optimaliseren. Dit vraagt om een andere beloning. Zo kan de gevraagde dienstverlening op het gebied van straatreiniging worden gewaarborgd. Hiervoor is een gewijzigde inschaling van 8,82 fte noodzakelijk. Deze kosten worden gedekt binnen de afvalstoffen- en rioolheffing en het exploitatiebudget straatreiniging voor elk 1/3 deel. Afvalstoffenheffing: uitbreiding formatie en voorziening ASH Purmerend groeit, hierdoor is het nodig om het aantal chauffeurs/beladers uit te breiden met 4,2 fte om de gevraagde dienstverlening op het gebied van afvalinzameling te kunnen waarborgen. De totale formatie-uitbreiding vanaf 2022 bedraagt € 265.000 en wordt voor € 197.000 gedekt uit de afvalstoffenheffing. Het overige deel van € 68.000 kan worden gedekt binnen de exploitatie budgetten afvalbeheer. Als resultaat hiervan vindt er voor 2022 een onttrekking plaats van € 205.000 aan de voorziening afvalstoffenheffing. Vanaf 2023 wordt dit meegenomen in de tariefsberekening.
Programma 5 Bereikbaarheid Damwand van brug tot brug (kredietaanvraag € 110.000) Voor het vervangen van een stuk damwand tussen Kooimanbrug en Hoornsebrug is een krediet van € 100.000 voor respectievelijk de herinrichting en aansluitingen op het openbaar gebied locatie PostNL. Uit recente raming is gebleken dat de kosten voor het vervangen van de damwand € 110.000 hoger uitvallen dan de geraamde € 220.000. De grootste overschrijding wordt veroorzaakt door de snel stijgende staalprijzen in de wereld. Daarnaast blijkt uit nieuwe berekeningen dat de verankering circa 10 meter dieper moet komen dan de eerder verwachte 1e zandlaag. Dit extra krediet van € 110.000 in 2022 wordt in 40 jaar afgeschreven. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit de stelpost vertraagde investeringen.
33
Parkeerexploitatie In 2019 is besloten om voor de parkeergarage stadhuis een bestemmingsreserve te vormen en deze o.a. te voeden met de opbrengsten van de tariefsverhoging om zo de kapitaallasten van de nieuwe garage van dekking te voorzien. Die doorrekeningen van 2019 waren gebaseerd op aannames door ontbreken van veel informatie, maar we zien daarop inmiddels afwijkingen die overigens door corona weer slecht te verifiëren zijn. In de huidige begroting zit een doorrekening van handhavingskosten aan de parkeerexploitatie. Als gevolg van aannames uit 2019 is zo’n 14 fte aan parkeerhandhaving opgenomen. Inmiddels zijn alle kosten en baten van parkeren doorgerekend en gebleken is dat de doorrekening van handhavingskosten aan de parkeerexploitatie te hoog is. Een realistischer beeld is 11 fte. Als de parkeerexploitatie als een resultaat van relevante kosten en opbrengsten wordt gezien, dan moet de handhavingsformatie gecorrigeerd worden. Deze 3 fte wordt op dit moment gebruikt voor afhandeling van meldingen in de openbare buitenruimte. Het is belangrijk dat we op deze meldingen kunnen blijven reageren en deze afhandelen door de benodigde formatie aan te houden, maar op een juiste manier in de begroting te borgen. Hiervoor is dekking gezocht binnen de algemene middelen en verwerkt als onvermijdelijke ontwikkeling (onderdeel C Kadernota).
Het verschil, de aframing van 3 fte formatie vanuit de parkeergelden, wordt ingezet voor het opnemen van 1 fte parkeermanager in de begroting vanaf 2022. Het restant wordt toegevoegd aan de egalisatiereserve parkeren.
Programma 6 Beheer openbare ruimte Omzetten egalisatiereserve begraafrechten naar voorziening In de jaarrekening 2021 is de egalisatiereserve begraafrechten omgezet in een voorziening. De storting in de reserve op het overzicht reservemutaties moet daarom omgezet worden in een storting in de voorziening afkoopsommen begraafrechten op programma 6. Dat wordt hier ter besluitvorming voorgelegd. Houten bruggen 2022 (extra krediet € 881.910, afschrijving 75 jaar) Het areaal houten bruggen, vallend onder het integraal beheerplan openbare ruimte, is grotendeels in slechte staat. Regulier onderhoud uit de basisonderhoudscyclus is niet meer afdoende om de situatie te verbeteren. Veroudering is onomkeerbaar. De gehele functie van de bruggen kan op korte termijn (kleiner dan 5 jaar) in gevaar komen. Gerichte monitoring en grootschalige vervanging is nodig om veiligheidsrisico’s te beheersen. Vanwege de veiligheidsrisico dienen meerdere bruggen eerder vervangen worden. Deze bruggen bevinden zich in fiets-/wandel/strooiroutes. Daarnaast zijn, door het vanaf 1 juli 2021 gewijzigd bouwbesluit en de explosief gestegen grondstofprijzen, de vierkante meter prijzen van de bruggen fors zijn gestegen. Voor 2022 is er een benodigd krediet nodig van € 1,8 miljoen, waarvan € 918.090 reeds beschikbaar is.
De aanvraag voor een extra krediet bedraagt € 881.910 en wordt in 75 jaar afgeschreven (hout wordt vervangen door composiet). De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit het exploitatiebudget programma beheer openbare ruimte.
34
Takkenversnipperaars bomenploeg (kredietaanvraag € 60.000) Op dit moment wordt er gewerkt met een grote en een kleine takkensnipperaar binnen de bomenploeg. Voor de reguliere groenploegen is een 2e kleine takkensnipperaar broodnodig als er snoeiklussen in wijken moeten gebeuren. Voorgesteld wordt om over te gaan in 2022 tot aanschaf van een (kleine) takenversnipperaar van € 60.000 met een afschrijvingstermijn van 8 jaar. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit het exploitatiebudget programma beheer openbare ruimte. Wegen asfalt Beemster (kredietaanvraag € 295.000) Voor de uitbreiding van de werkgrens van het project Zuiderweg richting de A7 dient het uitvoeringsbudget opgehoogd te worden, omdat blijkt dat dit asfalt ook van de gemeente is en in slechte staat is. Hierbij worden ook de aansluitingen met de Wouter Sluislaan en Dirk Dekkerstraat verkeerskundig aangepast. Voorgesteld wordt een extra krediet van € 95.000 in 2022, dat in 25 jaar wordt afgeschreven. Het Noorderpad tussen de Purmerenderweg en de Oostdijk te Zuidoost-Beemster is aan onderhoud toe. In het bestaande asfalt zijn reeds diverse schades en reparaties zichtbaar. Ook hebben nutsbedrijven werkzaamheden aan de kabels en leidingen verricht waardoor het asfalt is opengezaagd.
Daarnaast voldoet openbare verlichting niet meer aan de huidige eisen en is de doorstroming van de sloot langs de weg niet zo goed. Er is € 200.000 nodig voor wegen in 2023, dat wordt afgeschreven in 25 jaar. De aanpassingen openbare openbare verlichting, groen en duiker zijn onder de activeringsgrens en worden gedekt uit het exploitatiebudget programma beheer openbare ruimte. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit de stelpost vertraagde investeringen.
Programma 7 Ruimtelijke ordening Kerktoren Middenbeemster (kredietaanvraag € 20.000) De aanbesteding van de werkzaamheden voor openstelling van de kerktoren in Middenbeemster, (zodat bezoekers kunnen uitkijken over de droogmakerij) is hoger uitgevallen dan het beschikbare krediet. Eind maart 2021 stelde de gemeenteraad van Beemster een krediet van € 175.000 beschikbaar voor de openstelling. Uitgangspunt was daarbij wel dat het project kostenneutraal zou zijn voor de gemeente. Het plan wordt uitgevoerd door de Stichting Promotie Beemster Werelderfgoed, die de investering over een periode van 30 jaar terugbetaalt. Door het verkopen van toegangskaarten voor het beklimmen van de toren om te genieten van het uitzicht, zou de investering over 30 jaar door de stichting worden terugbetaald. Bij de uitvoering van dit project blijken meerkosten te zijn gemaakt. Om te voorkomen dat de businesscase niet langer haalbaar zou zijn, heeft het college van Beemster besloten deze meerkosten van € 20.000 voor eigen rekening te nemen en een extra krediet beschikbaar te stellen. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten vanaf 2023 worden gedekt uit de stelpost vertraagde investeringen.
35
Overzicht Overhead Uitbreiding formatie Wet Open Overheid (WOO) De Wet Open Overheid is de opvolger van de Wet Openbaarheid Bestuur en treedt per 1 mei 2022 in werking. Er komt een plicht tot actief openbaar maken van alle overheidsinformatie die openbaar is, in plaats van het openbaar maken op verzoek. In het gemeentefonds zijn in 2021 incidentele en structurele middelen beschikbaar gesteld om gemeenten in staat te stellen deze wet te implementeren door hun systemen te verbeteren, medewerkers op te leiden en processen en de organisatie aan te passen. Deze wetswijziging heeft als gevolg dat WOO verzoeken binnen twee weken digitaal afgehandeld moeten worden. Deze afhandelingstermijn is korter dan we gewend zijn en ook de werkprocessen zijn hierop niet ingericht. Voor de implementatie is 3 fte formatie uitbreiding benodigd voor een regisseur en voor scancapaciteit (2 fte). Deze worden geraamd op het overzicht overhead (daar worden de ondersteunende functies van de gemeente geraamd). Voor deze scancapaciteit wordt gedacht aan de inzet vanuit het sociaal rendement. De benodigde capaciteit kan worden gedekt uit de reservering vanuit het gemeentefonds (overzicht algemene dekkingsmiddelen). Het restant van deze reservering wordt toegevoegd aan de algemene middelen (zie onderdeel dekkingsplan). 2022
2023
2024
2025
2026
Uitgaven: formatie uitbreiding WOO (3 fte)
205.035
212.060
218.166
224.447
230.914
Dekking: middelen gemeentefonds WOO (alg.dek.mid.)
250.632
284.432
319.763
353.185
353.181
Toevoeging begrotingssaldo (zie onderdeel dekkingsplan)
45.597 (V)
72.372 (V) 101.597 (V) 128.738 (V) 122.271 (V)
Overzicht algemene dekkingsmiddelen Een aantal onderdelen is hierboven in de programma's en het overzicht overhead al toegelicht. Nu wordt volstaan met de toelichting op de onderdelen uit de decembercirculaire 2021. Uitwerking decembercirculaire 2021 Versterking gemeentelijke dienstverlening De afgelopen jaren heeft de Toeslagenaffaire laten zien dat rechtvaardige dienstverlening en goede rechtsbescherming geen vanzelfsprekendheden zijn. Alle overheidsdiensten, zeker ook de gemeenten, voelen de urgentie om de dienstverlening aan mensen in kwetsbare posities te verbeteren en het geschade vertrouwen in de overheid te herstellen. Het kabinet stelt onder andere voor om de uitvoeringscapaciteit bij de overheid te versterken en extra ondersteuning te bieden aan mensen in kwetsbare posities. Dit is een gezamenlijke opdracht voor het Rijk, de uitvoeringsorganisaties en de medeoverheden. Hiervoor heeft het Rijk structureel aanvullende middelen vrijgemaakt. Voor gemeenten is per direct tot en met 2027 per jaar € 150 miljoen beschikbaar vanuit het gemeentefonds. De verwachting is dat de benodigde transitie in de dienstverlening niet in 2027 zal zijn voltooid. De VNG en het Rijk hebben daarom afgesproken vroegtijdig met elkaar in gesprek te gaan over de financiering voor de periode na 2027.
De inzet is bedoeld ter ondersteuning van mensen in kwetsbare posities en ter voorkoming dat mensen in zo’n positie terechtkomen. 36
De gemeentelijke middelen zijn toegekend in het kader van: 1. meer capaciteit voor de uitvoering van de dienstverlening; 2. extra ondersteuning voor mensen met complexe problematiek; 3. bij meervoudige problematiek betere coördinatie tussen de uitvoerders; 4. versterken van het leervermogen om de uitvoering continu te verbeteren. Voor Purmerend gaat om ruim € 0,4 miljoen in 2022 oplopend naar bijna € 0,5 miljoen in 2026. Deze middelen staan nu gereserveerd bij de de algemene dekkingsmiddelen in afwachting van een plan om te bezien hoe deze middelen het beste ingezet kunnen worden ter ondersteuning van mensen in kwetsbare posities en ter voorkoming dat mensen in zo’n positie terecht komen. Extra middelen salarislasten zorgdomein (jeugd en Wmo) In de decembercirculaire 2021 is er voor jeugd en Wmo een bedrag beschikbaar gesteld van € 463.000 in 2022 dat oploopt naar € 481.000 in 2026 (dit is Purmerend en Beemster samen). Dit bedrag is toegevoegd aan de collectieve stelpost prijs-/loonontwikkeling. De doorrekening van de indexatie op de zorgsalarissen voor de aanbieders (onderdeel D indexatie zorgsalarissen jeugd en Wmo) ligt gemiddeld € 0,4 miljoen hoger dan de compensatie vanuit het Rijk.
Resultaatbestemming/reservemutaties Dit onderdeel is toegelicht in de programma's.
37
Bezoekadres
Purmersteenweg 42 1441 DM Purmerend Postadres
Postbus 15 1440 AA Purmerend Telefoon & e-mail
(0299) 45 24 52 info@purmerend.nl purmerend.nl