CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

B Bijlage Toelichting en regels bestemmingsplan Vijfhoek 2021

Gemeenteraad 23 september 2021, gemeente PurmerendBij agendapunt: Bestemmingsplan Vijfhoek 202121.974 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan Vijfhoek 2021

Gemeente Purmerend Identificatienummer NL.IMRO.0439.BPVIJFHOEK2021-VA01

Beechavenue 139 | 1119 RB Schiphol-Rijk | T (085) 401 05 67 | E info@lodewijckgroep.nl WWW.LODEWIJCKGROEP.NL

'Vijfhoek 2021'

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Vigerende plannen 1.4 Leeswijzer

6 6 6 7 8

Hoofdstuk 2 Projectbeschrijving 2.1 Huidige situatie 2.2 Beoogde ontwikkeling

9 9 11

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid

14 14 18 20 23

Hoofdstuk 4 Milieuaspecten 4.1 Bodemkwaliteit 4.2 Archeologie 4.3 Cultuurhistorie 4.4 Planologisch relevante leidingen 4.5 Externe veiligheid 4.6 Water 4.7 Bedrijven en milieuzonering 4.8 Geluid 4.9 Verkeer en parkeren 4.10 Luchtkwaliteit 4.11 Stikstof 4.12 Flora en fauna 4.13 Duurzaamheid 4.14 Milieueffectrapportage

28 28 31 33 34 35 37 38 39 41 43 45 46 48 49

Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid 5.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 5.2 Economische uitvoerbaarheid

50 50 51

Hoofdstuk 6

52

Juridische planbeschrijving

Bijlagen bij toelichting

55

Bijlage 1

Verkennend bodemonderzoek en verkennend asbest in grond onderzoek

56

Bijlage 2

Archeologisch bureauonderzoek

57

Bijlage 3

Digitale watertoets

58

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

59

Bijlage 5

Aerius berekening (stikstofdepositie)

60

Bijlage 6

Quickscan flora & fauna

61

Bijlage 7

Aanvullend vleermuizenonderzoek

62

Bijlage 8

Aanmeldnotitie m.e.r.

63

2

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Regels

65

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

66 66 74

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6

Bestemmingsregels Verkeer - verblijfsgebied Wonen Waarde - Archeologie Waterstaat - Waterkering

76 76 77 78 80

Hoofdstuk 3 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels

81 81 82 83 84 85

Hoofdstuk 4 Artikel 12 Artikel 13

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

86 86 87

Bijlagen bij de regels

89

Bijlage 1

90

(Vastgesteld)

Archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart

3

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

4

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Toelichting

(Vastgesteld)

5

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Voorliggend bestemmingsplan biedt het juridisch-planologisch kader voor de ontwikkelingen op het terrein dat bekend staat als de 'Vijfhoek' aan de Beemsterburgwal in Purmerend. Het plan omvat de realisatie van 54 wooneenheden in het gebied tussen Kanaalstraat, Kanaalkade, Beemsterburgwal, Wagenbeurs en Gedempte Singelgracht. Het planinitiatief betreft een inbreidingslocatie en realiseert een opvulling van één van de momenteel onbebouwde plekken in het woon/centrumgebied van Purmerend. De inbreiding streeft het front van de Beemsterburgwal en de Kanaalstraat aan te vullen met appartementen. In het midden van het plangebied worden vier bouwblokken gerealiseerd met appartementen. Aan de achtergevel van de nieuwe bouwblokken, het tussenliggende gebied, worden meerdere parkeerplaatsen en groenvoorzieningen gerealiseerd. Deze parkeerplaatsen en groenvoorzieningen worden omsloten door twee loopverbindingen in de gevel van de Beemsterburgwal een verbinding door de Beemstersteeg en in het zuiden van het plangebied de hoofdontsluitingsweg die aansluit op de Kanaalstraat. Op basis van het vigerende bestemmingsplan 'Slotplein e.o. 1977' is deze ontwikkeling juridisch-planologisch niet toegestaan.

Om de inbreiding op deze locatie mogelijk te maken is onderhavig bestemmingsplan opgesteld, waarbij de vigerende bestemmingen 'Centrumdoeleinden III', 'Tuinen en erven' en 'Parkeergarage', worden gewijzigd naar nieuwe toekomstbestendige bestemmingen "Wonen" en 'Verkeer - verblijfsgebied'.

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied maakt deel uit van het noordelijk deel van de vestingstad Purmerend, welke herkenbaar is aan de puntvormige structuur op de scheiding tussen land en water. Het plangebied grenst in het noorden aan het Noord-Hollands kanaal en de Beemsterringvaart. De Beemsterburgwal en de Kanaalkade zijn de omliggende dragers van het gebied, de Kanaalstraat en Beemstersteeg liggen haaks op de Kanaalkade. Het plangebied ligt tussen deze straten, zoals te zien op figuur 1.

Figuur 1: Uitsnede ligging plangebied

Het plangebied beslaat meerdere percelen. De gronden zijn kadastraal bekend als Purmerend, sectie C, perceelnummers 271, 2272, 2274, 3079, 3464, 3948, 3949, 3950, 3986, 4176 en 4177. Het plangebied bevindt zich binnen de contouren zoals zichtbaar op figuur 1. Het plangebied bevindt zich op het gesaneerde en onbebouwde gebied en is herkenbaar in de omgeving. De oppervlakte van het plangebied is circa 3600 m2. Het gebied wordt omringd door de bestaande bouw, voornamelijk ten behoeve van woningen en inpandige bedrijven.

6

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

1.3

Vigerende plannen

1.3.1

'Slotplein e.o. 1977'

Binnen het plangebied vigeren twee bestemmingsplannen. Het grootste deel van het plangebied valt onder het bestemmingsplan 'Slotplein e.o. 1977', vastgesteld op 19 augustus 1977. De gronden van het plangebied hebben binnen dit bestemmingsplan de enkelbestemmingen 'Centrumdoeleinden III', 'Tuinen en erven' en 'Parkeergarage'.

Figuur 2: Uitsnede plankaart bestemmingsplan 'Slotplein e.o. 1977'

In het noorden van het plangebied vigeert de bestemming 'Centrumdoeleinden, zie figuur 2. De voor 'Centrumdoeleinden' aangewezen gronden zijn, voor zover voor onderhavige analyse relevant, uitsluitend bestemd voor ééngezinshuizen en woningen voor één- en tweepersoonshuishoudens, alsmede kantoren en verzorgende ambachtelijke bedrijven en voor bovenwoningen. Gebouwen zijn binnen het gehele bestemmingsvlak toegestaan met een goothoogte van minimaal 6,5 en maximaal 9 meter. Met uitzondering van wonen en kantoorhouden, zijn alle andere activiteiten uitsluitend toegestaan op de begane grond. Het bedrijfsvloeroppervlak per pand bedraagt maximaal 400m 2. Ten zuiden van bovenstaande bestemming geldt de bestemming 'Tuinen en erven', welke van origine hoort bij de woningen aan de Beemsterburgwal. De aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen en erven, met de bij het hoofdgebouw behorende bouwwerken en open terreinen. Bijgebouwen mogen vrijstaand of aangebouwd worden gesitueerd, met een maximale oppervlakte van 32m 2 per bouwperceel en een maximale bouwhoogte voor bedrijfsgebouwen van 4 meter. De voor 'Parkeergarage' aangewezen gronden, zijn bestemd voor een parkeergarage waarbij het gehele bestemmingsvlak bebouwd mag worden met een maximale bouwhoogte van 3,5 meter.

(Vastgesteld)

7

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 1.3.2

Vijfhoek en Hazepolder

Naast het bestemmingsplan 'Slotplein e.o. 1977' ligt het plangebied voor een klein gedeelte binnen het bestemmingsplan 'Vijfhoek en Hazepolder', vastgesteld op 30 mei 2013 door de gemeenteraad van Purmerend. De gronden van het plangebied hebben binnen dit bestemmingsplan de enkelbestemming 'Verkeer'. De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen, voet - en fietspanden, objecten van beeldende kust en als verblijfsgebied. Gebouwen zijn slechts voor specifieke functies zoals openbaar vervoer voorzieningen toegestaan. De maximale bouwhoogte mag 3 meter bedragen. Voor het bouwen van overige bouwwerken geen gebouwen zijn geldt een maximale bouwhoogte van 15 meter.

1.4

Leeswijzer

Onderhavig bestemmingsplan bestaat uit drie onderdelen, de toelichting, de regels en de verbeelding. De toelichting van het bestemmingsplan bestaat uit zes hoofdstukken. Allereerst hoofdstuk 1 waarin de aanleiding van het planinitiatief wordt beschreven. In hoofdstuk 2 volgt een ruimtelijke analyse van de huidige situatie van het plangebied en een beschrijving van de beoogde ontwikkeling en het bouwplan. Hoofdstuk 3 beschrijft het vigerende beleid voor de planlocatie. In hoofdstuk 4 volgen worden de omgevingsaspecten omschreven en waar nodig aangevuld met locatie gebonden onderzoek. Hoofdstuk 5 bevat de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan. Tot slot wordt in hoofdstuk 6 een toelichting gegeven op de gekozen planvorm en de gedachten die ten grondslag liggen aan de juridische regelingen zoals deze op de verbeelding en in de regels zijn opgenomen.

8

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Hoofdstuk 2 2.1

Projectbeschrijving

Huidige situatie

Het plangebied bevindt zich in het noorden van de binnenstad van Purmerend, aan de Kanaalkade. Het plangebied functioneert in de huidige situatie voor verschillende functies. Het plangebied bestaat in het noorden uit woningen en inpandige bedrijven. Het midden en zuiden van het plangebied wordt voornamelijk gebruikt voor parkeren. De omgeving van het plangebied kan worden getypeerd als een woonwerkmilieu met ruimte voor woningen en een groot aantal verschillende kleinschalige bedrijven. Op korte afstand van het plangebied bevindt zich de jachthaven van Purmerend. Het plangebied wordt aan de noord- en westkant begrensd door water, aan de westkant bestaande uit het Noord-Hollands kanaal en de Kanaalkade en aan de noordkant bestaande uit de Beemsterringvaart en de Beemsterburgwal. Aan de kades zijn aanlegsteigers gesitueerd, de beide kades zelf zijn momenteel voornamelijk ingericht en ten behoeve van verkeer en parkeren. Ten zuiden wordt het plangebied begrensd door de Kanaalstraat, deze straat ligt haaks op de Kanaalkade en verbindt deze met de Gedempte Singelgracht. Deze eenrichtingsstraat bevinden zich voornamelijk woningen en een enkele kleinschalige functie. Het oosten van het plangebied wordt omgrenst door de achterzijde van de woningen aan de Gedempte Singelgracht en de woningen gelegen in het oosten van de Beemsterburgwal.

Figuur 3 Huidige situatie plangebied

(Vastgesteld)

9

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Figuur 4 De Beemsterburgwal ten noorden van het plangebied

Figuur 5 Kanaalkade ten oosten van het plangebied

Figuur 6 Kanaalstraat ten zuiden van het plangebied

10

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

2.2

Beoogde ontwikkeling

2.2.1

Het bouwplan

In paragraaf 2.1 is de huidige situatie van het plangebied beschreven, waarbij tevens werd ingegaan op de ruimtelijke en functionele situatie. In paragraaf 2.2 wordt een ruimtelijke en functionele analyse van de nieuwe situatie beschreven. Beoogd wordt om aan de Beemsterburgwal, Beemstersteeg en Kanaalstraat in Purmerend 54 wooneenheden te realiseren. De appartementen worden gerealiseerd over meerdere bouwlagen, met een maximum van vijf lagen. De woningen zullen een oppervlakte hebben tussen de 40 m2 en 141 m2 en vallen in de koop- en de huursector voor onder andere starters. Figuren 7 t/m 10 geven een impressie van de beoogde situatie. Onderstaande figuur 7 geeft schematisch de indeling van het plangebied in de nieuwe situatie weer. Met de ontwikkeling wordt niet alleen het aantal woningen in de gemeente Purmerend vergroot, ook wordt het verbroken gevelaanzicht aan de Beemsterburgwal in ere hersteld. Bij de ontwikkeling is rekening gehouden met het historische aanzicht van de Beemsterburgwal, figuur 8 geeft de beoogde situatie weer aan de Beemsterburgwal.

Figuur 7 Schematische weergave indeling plangebied (Bron: Rietvink Architecten)

(Vastgesteld)

11

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Beemsterburgwal

Figuur 8: impressie van de nieuwbouw aan de Beemsterburgwal (bron: Rietvink Architecten)

Beemstersteeg

12

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Figuur 9: Beemstersteeg (bron: Rietvink Architecten)

Kanaalstraat

Figuur 10: impressie van de nieuwbouw aan de Kanaalstraat (bron: Rietvink Architecten)

(Vastgesteld)

13

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Hoofdstuk 3

Beleidskader

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), vastgesteld op 11 september 2020, biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. De NOVI moet Nederland voorbereiden op de grote uitdagingen die de komende jaren opgepakt moeten worden. Internationale tot lokale ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering zijn voorbeelden en deze opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat centraal in de NOVI. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen Het combineren van al die opgaven vraagt een nieuwe manier van werken. Niet van bovenaf opgelegd, maar in goede samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en burgers. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking.

De verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid ligt voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen, inhoudelijke keuzes kunnen in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. De NOVI moet Nederland houvast bieden om keuzes voor de leefomgeving sneller en beter kunnen maken. De NOVI is opgesteld als voorbereiding op de Omgevingswet, die naar verwachting in 2022 in werking treedt. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. In de NOVI zijn vier landelijke prioriteiten vastgesteld, aan de hand van deze prioriteiten is een toekomstperspectief voor 2050 vastgesteld en brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. De vier prioriteiten zijn:  Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;  Duurzaam economisch groeipotentieel;  Sterke en gezonde steden en regio's;  Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Doorwerking planinitiatief De ontwikkeling van 54 wooneenheden binnen het bestaand stedelijk gebied van Purmerend is ten opzichte van de Rijksdoelstelling slechts een kleine ontwikkeling. Voorliggend bestemmingsplan draagt niet direct bij aan de doelstelling van het Rijk maar vormt ook geen belemmering voor het behalen van de Rijksdoelstellingen.

Geconcludeerd kan worden dat de Nationale Omgevingsvisie geen belemmering vormt voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

14

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 3.1.2

AmvB Ruimte (Barro)

Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is op 30 december 2011 in werking getreden. Het Barro stelt regels omtrent de 14 aangewezen nationale belangen die genoemd zijn in de Nationale Omgevingsvisie. De 14 nationale belangen in het Barro zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14.

Rijksvaarwegen Mainportontwikkeling Rotterdam Kustfundament Grote rivieren Waddenzee en waddengebied Defensie Hoofdwegen en hoofdspoorwegen Elektriciteitsvoorziening Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen Natuurnetwerk Nederland Primaire waterkeringen buiten het kustfundament IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte) Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde Ruimtereservering parallelle Kaagbaan

Het Barro omvat alle ruimtelijke Rijksbelangen die juridisch doorwerken op het niveau van bestemmings- en inpassingsplannen. Met het Barro maakt het Rijk proactief duidelijk waar provinciale verordeningen, inpassingsplannen en gemeentelijke bestemmingsplannen aan moeten voldoen, voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. Het merendeel van de regels in het Barro legt beperkingen op, daarin is een gradatie te onderkennen. Deze zijn geformuleerd als een 'ja-mits', een 'ja, voor zover', een 'nee-tenzij', een 'nee-als' of een stringente 'nee' bepaling. Doorwerking planinitiatief De beoogde bestemmingsplanwijziging valt niet onder één van de nationale belangen zoals vastgelegd in het Barro. Geconcludeerd kan worden dat het Barro geen belemmering vormt voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

(Vastgesteld)

15

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 3.1.3

Besluit ruimtelijke ordening (Bro)

3.1.3.1 Artikel 3.1.6 Bro

Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) geeft regels waar concrete ruimtelijke projecten aan moeten voldoen. Zo is in het Bro de Ladder voor duurzame verstedelijking verankerd. Het doel van de Ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de Ladder wordt er een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. In de praktijk werd de toepassing van de Ladder voor duurzame verstedelijking als lastig ervaren. Daarom is op 1 juli 2017 het Bro gewijzigd, waarmee een nieuwe Laddersystematiek geldt. De derde trede is geschrapt en de eerste twee treden zijn samengevoegd. Hiermee is de 3-trapsstructuur losgelaten. Ook zijn de termen 'actueel' en 'regionaal' geschrapt die waren opgenomen in de voormalige eerste trede. De Ladder voor duurzame verstedelijking bestaat nu uit twee onderdelen. Het tweede lid van artikel 3.1.6. Bro omvat de Ladder voor duurzame verstedelijking.

Deze luidt: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien." Het begrip 'stedelijke ontwikkeling' is nader gespecificeerd in de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State op 23 april 2014. De Afdeling noemt in de uitspraak de uitgangspunten, die zij hanteert voor de beoordeling of een voorziene ontwikkeling voldoende substantieel is om als stedelijke ontwikkeling te kunnen gelden. Op 28 juni 2017 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een overzichtsuitspraak gedaan over de Ladder voor duurzame verstedelijking. Ook hier is het begrip 'stedelijke ontwikkeling' nader gespecificeerd. Indien het om een woningbouwlocatie gaat, geldt het volgende uitgangspunt: "Wanneer een ruimtelijke ontwikkeling voorziet in niet meer dan 11 woningen die gelet op hun onderlinge afstand als één woningbouwlocatie als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, Bro, kunnen worden aangemerkt, kan deze ontwikkeling in beginsel niet als een stedelijke ontwikkeling worden aangemerkt."

3.1.3.2 Plangebied De voorgenomen ontwikkeling betreft de ontwikkeling van 54 wooneenheden, daarmee dient de ontwikkeling conform vaste jurisprudentie aangewezen te worden als een stedelijke ontwikkeling. De Ladder voor duurzame verstedelijking dient derhalve doorlopen te worden waarbij de 'behoefte' onderbouwd moet worden. Omdat het plangebied binnen bestaand stedelijk gebied ligt is een onderbouwing van de 'behoefte' van de ontwikkeling voor voorliggend bestemmingsplan voldoende.

Behoefte woningbouwontwikkeling De gemeente Purmerend is opgenomen in het Regionaal Actieprogramma Wonen 2016 - 2020 (RAP) van de Stadsregio Amsterdam. Purmerend maakt daarbinnen deel uit van de marktregio Zaanstreek-Waterland. De voorziene woningen passen binnen zowel de kwantitatieve als kwalitatieve woningbehoefte die het RAP voor deze regio aantoont. Met kwantitatieve woningbehoefte wordt het aantal woningen bedoeld, met kwalitatieve woningbehoefte wordt het woonmilieu bedoeld. In het RAP wordt beschreven dat er bovenop de al bestaande harde plancapaciteit voor woningen nog behoefte is aan plancapaciteit in alle prijssegmenten binnen de koop- en huursector. Er is behoefte aan elk type woning en woonmilieu. Een van de speerpunten van het RAP is bovendien om nieuwe plekken voor woningbouw voornamelijk te realiseren in binnenstedelijk gebied.

16

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' De beoogde wooneenheden passen ook binnen de doelstelling van de Woonvisie en de Structuurvisie van de gemeente Purmerend. In de Woonvisie wordt benadrukt dat onder andere de vraag van kleine huishoudens in de toekomst zal toenemen, met de nieuwbouw van meer appartementen wordt beoogd te voorzien in de diversiteit van deze vraag op de woningmarkt. De structuurvisie vermeldt dat de binnenstedelijke woonfunctie momenteel beperkt is en er ruimte is voor meer woningen in de binnenstad om de levendigheid na winkelsluitingstijden te bevorderen. Het realiseren van woonruimte in de binnenstad van Purmerend, geschikt voor kleinere huishoudens zoals voorzien met dit bestemmingsplan, past dan ook in voornoemd beleid.

3.1.3.3 Conclusie

De ontwikkeling van de Vijfhoek bestaande uit vier bouwblokken met 54 appartementen is gelegen in het bestaande stedelijk gebied van Purmerend. De te realiseren woningen passen in de behoefte aan uitbreiding van het woningaanbod in stedelijk gebied en is in lijn met het beleid om het aanbod in woningen te vergroten. De woningen voldoen aan de behoefte die gemeente Purmerend heeft vastgesteld in de hiervoor in hoofdstuk 3 beschreven beleidsdocumenten. Geconcludeerd kan worden dat de ontwikkeling de Ladder voor duurzame verstedelijking positief heeft doorlopen. Het Besluit ruimtelijke ordening en de Ladder voor duurzame verstedelijking vormen geen belemmering voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

(Vastgesteld)

17

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie NH2050

Op 19 november 2018 is de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 vastgesteld. Dit beleidsdocument vervangt de Provinciale structuurvisie Noord-Holland 2040. In de omgevingsvisie staat beschreven hoe de provincie de ambities wil realiseren voor de belangrijkste ontwikkelingen zoals klimaatverandering, de overgang naar duurzame energie, verdere verstedelijking, bereikbaarheid, een gezonde leefomgeving, de economische transitie en natuur en biodiversiteit. De omgevingsvisie NH2050 wil zorgen voor balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een economisch vitale provincie draagt bij aan het welzijn, en een leefbare provincie draagt bij aan economische vitaliteit. De visie laat in algemene zin zien wat de ontwikkelprincipes zijn voor de hele provincie om een hoge leefomgevingskwaliteit te bieden. Deze principes zijn overkoepelend: ze gelden voor de hele provincie. Daarnaast worden er vijf bewegingen geschetst, die laten zien hoe er wordt omgegaan met deze ontwikkelprincipes. Het betreft onderstaande vijf bewegingen:  Dynamisch schiereiland. Hierin is het benutten van de unieke ligging van Noord-Holland, te midden van water, leidend.  Metropool in ontwikkeling. Hierin wordt beschreven hoe de Metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad functioneert.

 Sterke kernen, sterke regio's, gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden.  Nieuwe energie, benut de economische kansen van de energietransitie.  Natuurlijk en vitaal landelijk omgeving, staan het ontwikkelen van natuurwaarden en een economische duurzame agrarische sector centraal. Doorwerking planinitiatief Het plangebied valt in de beweging 'Metropool in ontwikkeling'. De metropool in ontwikkeling kenmerkt zich door een grote verscheidenheid aan steden, dorpen en deelregio's, met specifieke identiteiten en kwaliteiten. De vraag naar woningen houdt aan, evenals de ruimtevraag voor recreatie en andere functies. Tegelijkertijd wil de provincie de landschappen in de metropool sparen. De bebouwingsopgave moet dan ook zoveel mogelijk binnen de bestaande kernen plaatsvinden. Wonen en werken worden binnenstedelijk geconcentreerd (transformeren, bundelen, verdichten). Hierbij houdt de provincie oog voor behoud en versterking van de leefbaarheid in bestaande en nieuwe gebieden. De voorgenomen ontwikkeling draagt met de realisatie van 54 woningen bij aan de bewegingen 'sterke kernen, sterke regio's' en 'metropool in ontwikkeling'.

Daarnaast draagt de voorgenomen ontwikkeling bij aan de ambitie van de provincie om woningbouw vooral in en aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden in te plannen, in overeenstemming met de kwalitatieve behoeftes en trends. Het plangebied is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied en er wordt voorzien in zowel een kwalitatieve als kwantitatieve behoefte. Dit blijkt tevens uit de toets aan de beleidsstukken in de volgende paragrafen.

18

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 3.2.2

Omgevingsverordening NH2020

De belangrijkste onderwerpen uit de Omgevingsvisie worden verankerd in de nieuwe Omgevingsverordening Noord-Holland. Deze vervangt alle bestaande verordeningen die betrekking hebben op de leefomgeving, zoals de Provinciale Ruimtelijke Verordening, de Provinciale Milieuverordening, de Waterverordeningen en de Wegenverordening. De omgevingsverordening NH2020 is op 16 november 2020 vastgesteld. In de nieuwe omgevingsverordening worden regels op het gebied van natuur, milieu, mobiliteit, erfgoed, ruimte en water samengevoegd. Hiermee maakt de provincie Noord-Holland ontwikkelingen zoals woningbouw en energietransitie mogelijk, en wordt tegelijkertijd het waardevolle Noord-Hollandse landschap beschermd. Deze verordening stelt algemene regels aan bestemmingsplannen met als doel het veiligstellen van de provinciale belangen. Beoordeling planinitiatief De Omgevingsverordening NH2020 geeft onder artikel 6.3 'Nieuwe stedelijke ontwikkeling' aan dat het aantonen van 'nut en noodzaak' (voorheen laddertrede 1) en 'benutten van binnenstedelijke mogelijkheden etc...' (voorheen laddertrede 2), uit de omgevingsverordening zijn gehaald, omdat het al bij wet is geregeld in het Besluit ruimtelijke ordening. In paragraaf 3.1.3 is het Besluit ruimtelijke ordening en de Ladder voor duurzame verstelijking reeds besproken.

Regionale afstemming bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen staan in de omgevingsverordening centraal. Voor regionale afstemming heeft de gemeente Purmerend met de stadsregio Amsterdam het ' Regionaal Actieprogramma Wonen 2016 - 2020 (RAP) opgesteld. Onderhavige ontwikkeling voldoet aan de eisen binnen dit actieprogramma.

3.2.3

Provinciale woonvisie 2010-2020

Het provinciale beleid inzake woningbouw is vastgelegd in de Provinciale Woonvisie 2010-2020. Deze woonvisie sluit aan op de structuurvisie en schetst de kaders voor regionaal woonbeleid. Vooral het kwalitatieve aspect van wonen komt in deze visie aan de orde. De speerpunten van dit beleid zijn: 1. verbeteren van de afstemming tussen vraag en aanbod voor alle consumenten, en specifiek voor doelgroepen die minder kansen hebben op het vinden van een geschikte woning; 2. verbeteren van de mate waarin voorzieningen in de woonomgeving aansluiten bij de vraag van bewoners; 3. verbeteren van de duurzaamheid van het woningaanbod en de woonomgeving. Beoordeling planinitiatief Het voorgenomen plan betreft, zoals beschreven in paragraaf 2.2.1, de bouw van appartementen van verschillende grootte en prijsklasse. Er worden 54 appartementen met een verschillende oppervlakten gerealiseerd. Door dit verschil wordt een gevarieerd woningaanbod gerealiseerd waarbij met de realisatie van de 4 kleinste appartementen ook gebouwd wordt voor de doelgroepen die minder kansen hebben op het vinden van een geschikte woning. Hiermee wordt voldaan aan het eerste speerpunt uit de Provinciale Woonvisie.

Zoals reeds benoemd in 3.1.3.2 (en nader uitgelegd in paragraaf 3.4.1) is één van de doelstelling van de structuurvisie van de gemeente de binnenstedelijke woonfunctie te vergroten om zo ook de levendigheid van de binnenstad te vergroten. Met de realisatie van nieuwe wooneenheden zal vraag & aanbod tussen het centrum van Purmerend en het plangebied versterkt worden. De nieuwe woningen zullen in de toekomst aangesloten worden op de stadsverwarming van de Purmerend. Het realiseren van deze aansluiting zal nog enkele jaren in beslag nemen, derhalve worden de woningen in de tussentijd verwarmt met tijdelijke gasaansluitingen. Zodra het stadverwarmingsnet gereed is zullen de woningen van het gas gaan en aangesloten worden op deze duurzame vorm van warmtevoorziening.

(Vastgesteld)

19

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

3.3

Regionaal beleid

3.3.1

Regiovisie Waterland 2040 (Vitaal met Karakter)

Voor de lange termijn heeft de regio een ontwikkelingskader tot 2040 opgesteld, de Regiovisie Waterland 2040. In deze visie staat behoud en zo mogelijk versterking van het kenmerkende authentieke karakter van de regio Waterland voorop, maar wel met de noodzakelijk sociaaleconomische en infrastructurele impulsen om de kernen vitaal te houden en het gebied binnen de Metropoolregio Amsterdam bereikbaar te maken. Naast maatregelen om het authentieke karakter van het landelijk gebied te bewaren, vergt dat op vele locaties een forse inspanning in de kwaliteit van de leefomgeving, selectieve uitbreiding voor noodzakelijke sociaaleconomische ontwikkelingen en duurzame oplossingen voor beheer en terugdringing van het woon-werkverkeer. Op die manier ontstaat een duurzame vitale regio met een herkenbaar eigen karakter.

Doorwerking planinitiatief Onderhavige ontwikkeling past goed in het beleid zoals weergegeven in de Regiovisie. Het bepaalde in dit bestemmingsplan is niet strijdig met dit beleid. De Regiovisie Waterland 2040 vormt geen belemmering voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

3.3.2

Metropoolregio Amsterdam

Purmerend maakt onderdeel uit van Metropoolregio Amsterdam (MRA). Dit is een samenwerkingsverband van de provincies Noord-Holland en Flevoland, 32 gemeenten en de Vervoerregio Amsterdam. De MRA behoort tot de Europese top vijf van economisch sterke regio's. De rode draad van de samenwerking is het behouden en versterken van die internationale concurrentiepositie. De door de partners geformuleerde hoofdopgaven zijn (thematisch) neergelegd in de 'Gebiedsagenda 2013' en richten zich m.n. op het optimaliseren van het fysieke vestigingsklimaat (economie), het tijdig voorzien in kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte in 2040 (verstedelijking) en het op orde brengen en houden van een goed functionerend mobiliteitsnetwerk (bereikbaarheid). De agenda levert een 'voorraadkamer' op voor de besluitvorming over programma's en projecten in het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO-MIRT). De agenda richt zich voornamelijk op het verbeteren van de infrastructuur en het milieu. De agenda verzet zich niet tegen het realiseren van woningbouw met diverse maatschappelijke zorg(gerelateerde) voorzieningen in de plint. De agenda bevestigt bovendien dat er binnen de regio Waterland, waar Purmerend onder valt, een aanzienlijk aantal nieuwe woningen dient te worden gerealiseerd. De te realiseren woningen passen dan ook goed in het beleid van de MRA.

De MRA heeft een eigen langere termijnvisie in de vorm van het Ontwikkelingsbeeld 2040 uit 2007. De MRA wil een internationaal concurrerende regio zijn met compacte steden in een voor recreanten aantrekkelijk landschap en met een infrastructureel netwerk dat de kernen met elkaar, het landschap en de rest van de wereld verbindt. De regio zet in op woningbouw, de creatieve industrie, de maakindustrie en de circulaire economie, wil een omslag naar duurzame energiebronnen en koestert grote bedrijven als het Havenbedrijf Amsterdam. In 2014 verscheen een overzicht van accentverschuivingen ten opzichte van dit Ontwikkelingsbeeld: Doorbouwen op het fundament. Op basis van nieuwe trends en inzichten focust de MRA o.a. op meer stedelijke verdichting, intensivering van de transformatieopgave, beter benutten van OV-knooppunten en - naast bescherming - een betere benutting van het landschap. Om dit te bereiken is voor de korte termijn een Ruimtelijk-economische Actie-Agenda 2016-2020 opgesteld, met een doorkijk naar de komende tien jaar.

20

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Woonagenda Zaanstreek-Waterland 2017-2020

De MRA bestaat uit zeven zogenaamde deelregio's, waaronder Zaanstreek-Waterland, waar Purmerend deel van uitmaakt. Zaanstreek-Waterland heeft een eigen Woonagenda: Samen optrekken (2017). De focus ligt op de jaren 2017-2020, met een doorkijk naar 2025 en 2035. Hierin kiezen de gemeenten een gezamenlijke koers die recht doet aan lokale omstandigheden, gebaseerd is op inzicht in de (toekomstige) woningmarkt in Zaanstreek-Waterland en die rekening houdt met en een eigen inkleuring geeft aan de samenwerkingsafspraken met de andere deelregio's in de MRA. Zaanstreek-Waterland wil haar eigen identiteit kracht bijzetten door de reeds grote diversiteit aan woonmilieus nog verder te versterken. Ze wil zowel de eigen als de regionale woningvraag bedienen en streeft naar een verder gedifferentieerde en toekomstbestendige woningvoorraad voor alle doelgroepen. Doelen zijn: het opvoeren van de woningproductie, waarbij de focus ligt op toevoeging van die kwaliteiten aan woonmilieus, woningtypen en prijsklassen die benodigd zijn en bijdragen aan de gewenste variatie, het behoud van de betaalbare (sociale huur)voorraad, een betere verdeling van en doorstroming binnen die voorraad en verduurzaming van de gehele bestaande voorraad, zowel op het gebied van energie als levensloopbestendigheid.

Doorwerking planinitiatief Onderhavige ontwikkeling past goed in het beleid van de MRA en de Woonagenda Zaanstreek-Waterland 2017-2020. Het bepaalde in dit bestemmingsplan is niet strijdig met dit beleid en vormt derhalve ook geen belemmering voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

3.3.3

Regionaal Actieprogramma Wonen 2016 t/m 2020

Het Regionaal Actieprogramma Wonen 2016 t/m 2020 Amstelland-Meerlanden, Amsterdam en Zaanstreek-Waterland is in juli 2017 door de Provincie Noord-Holland goedgekeurd. De druk op de woningmarkt is in deze regio groot en in alle segmenten doen zich tekorten voor. Uit de prognoses blijkt dat ook in de toekomst de behoefte in alle segmenten nog verder zal toenemen. De voorkeur ligt bij woningbouw op binnenstedelijke ontwikkeling. Voor de regio als geheel wordt de groei van de woningbehoefte in de periode 2017-2027 geraamd op ca. 79.500 woningen. Hier staat een harde plancapaciteit van bijna 62.500 woningen tegenover, waardoor een tekort aan harde plannen van 17.000 woningen bestaat, zie onderstaande tabel.

Tabel 3.1: woningbehoefte versus plancapaciteit in de deelregio's uitgedrukt in woningen

(Vastgesteld)

21

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Voor de regio Zaanstreek-Waterland als geheel wordt de groei van de woningbehoefte in de periode 2017-2027 geraamd op ca. 61.120 woningen. Hier staat een harde plancapaciteit van 50.230 woningen tegenover, waardoor een tekort aan harde plannen van circa 10.890 woningen bestaat. Daarnaast zien de gemeenten in Zaanstreek-Waterland duurzaamheid als essentieel onderdeel van de opgaven op het gebied van wonen, maar ook van economie, toerisme en mobiliteit. Voor wonen geldt dat gemeenten inzetten op verduurzaming van de woningvoorraad in zowel nieuwbouw als bestaande bouw, in zowel de huur- als de koopsector. In Zaanstreek-Waterland geldt:  tekorten in vrijwel alle marktsegmenten;  met name tekort aan betaalbare huurwoningen en koopwoningen in het middel dure en betaalbare segment;  een iets groter aanbod stedelijke appartementen en dure huurwoningen dan vraag. Voor appartementen zijn vraag en plancapaciteit nagenoeg in evenwicht. Binnen dit segment is de lichte overprogrammering aan stedelijke appartementen een gevolg van de grote druk op de woningmarkt in combinatie met de wens om de woningbouw zoveel mogelijk binnenstedelijk uit te voeren.

In verband met de locatiekenmerken kunnen niet altijd grondgeboden woningen worden uitgevoerd; om toch te voldoen aan de vraag van woningzoekenden vindt er dan verdichting plaats, bijvoorbeeld rond haltes van hoogwaardig openbaar vervoer. Als de voorkeursvariant van de woonwens niet haalbaar is, passen vele woningzoekenden in een gebied met grote marktdruk hun wensen aan, en kiezen voor een ander woningtype dan wel een andere woonomgeving. Het probleem van teveel dure huur wordt binnen de aanpak middensegment huur wel bestreden. Meer aanbod creëren in het middensegment huur is een belangrijke opgave uit de samenwerkingsagenda. Dit markt segment is zeer beperkt aanwezig, terwijl het in delen van de RAP-regio erg belangrijk is voor het functioneren van de woningmarkt. Bijvoorbeeld om starters op de woningmarkt een plek te geven en als alternatief in de duurdere delen van de regio, waar het gat tussen sociale huur en de koopsector erg groot is. Corporaties kunnen door beperking van hun takenpakket, met de komst van de Woningwet veel minder dan voorheen nieuwbouw realiseren in het middensegment. Het is aan de samenwerkende gemeenten nieuwe partijen te vinden die bereid zijn te investeren in het middensegment. Zaanstreek-Waterland wil de diversiteit van de woningvoorraad vergroten.

Dat betekent onder meer tegemoet komen aan de vraag naar middeldure huurwoningen, een segment dat nog grotendeels ontbreekt. De behoefte aan middeldure huurwoningen is becijferd op 800 woningen tot 2025. Door het aantrekken van de woningmarkt ervaren Zaanstad en Purmerend potentie in dit segment en ook Landsmeer, Waterland en Edam-Volendam zien marktkansen. Middeldure huur vervult in deze regio met name een functie voor huishoudens die met spoed een woning nodig hebben en voor mensen die niet kunnen of willen kopen, bijvoorbeeld senioren die hun koopwoning willen verkopen.

Doorwerking planinitiatief De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de realisatie van woningen op een binnenstedelijke locatie. In de regio Zaanstreek-Waterland bestaat een tekort van circa 10.890 woningen. De voorgenomen ontwikkeling voorziet met de realisatie van 54 appartementen in de vrije sector (middelduur tot duur) in een bijdrage aan de woningbehoefte in de regio. Geconcludeerd kan worden dat het regionaal actieprogramma wonen en de gezamenlijke afspraken in de regio Zaanstreek-Waterland geen belemmering vormt voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

22

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Structuurvisie Purmerend 2005-2020 actualisatie 2013

In 2006 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie 2005-2020 vastgesteld. Dit document bevat een toetsingskader voor gewenste en bestaande ruimtelijke ontwikkelingen binnen de gemeente. De structuurvisie bevat ambities die leidend zijn bij de ontwikkeling van de stad Purmerend tot 2020. 1. Purmerend is het centrum van Waterland: Uiteen wordt gezet dat Purmerend wil investeren in haar functies waarin zij een regionale rol heeft, om de positie als centrum van Waterland te behouden. De manier waarop Purmerend dit wil bereiken is door te investeren in een veelzijdig, herkenbaar en toegankelijk centrum met kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte en door te streven naar een hoog niveau van voorzieningen in zowel het centrum als in andere delen van de stad. 2. Purmerend werkt aan een evenwichtigere woon-werkbalans. In de structuurvisie wordt beschreven dat Purmerend voor de werkgelegenheid sterk afhankelijk is van Amsterdam. Dit is een kwetsbaar punt. Belangrijk is daarom dat Purmerend haar economische punten verder ontwikkelt. Dit is onder meer van belang voor jongeren die in Purmerend zijn geboren en zich nu op de arbeidsmarkt gaan begeven, omdat zij meer geneigd zullen zijn om in Purmerend te werken. 3. Purmerend versterkt haar verbindingen in groen, blauw en grijs. Gesteld wordt dat de kwaliteit van de ligging van de stad veel beter benut kan worden.

De kwaliteiten van het buitengebied zijn in de wijken ruimschoots aanwezig, maar zijn op het niveau van de stad te weinig herkenbaar en andersom worden de kwaliteiten van de stad daarbuiten nauwelijks (h)erkend. Uiteen wordt gezet dat de aantrekkelijke ligging van Purmerend veel meer benut kan worden om de kwaliteit van het wonen in de stad te verhogen, om de kansen voor toerisme te vergroten en om het beeldmerk van de stad neer te zetten. Tevens wordt gesteld dat het versterken van de stedelijke structuren kan helpen mensen zich meer verbonden te laten voelen met hun stad en om een betere oriëntatie te krijgen op de stad en haar omgeving. 4. Purmerend kiest voor bloei in plaats van groei. Purmerend heeft zich decennia lang gericht op groei. Nu moet de omslag komen naar het investeren in identiteit en kwaliteit. Beschreven wordt dat het doel niet langer is om woningen te bouwen en nieuwe wijken te ontwikkelen, maar toe te werken naar een complete stad die op basis van kwaliteit de concurrentie aan kan met de steden in de omgeving en die toegesneden is op de demografische veranderingen. In 2013 is de strategische plankaart (in de structuurvisie afgebeeld op pagina 72) geactualiseerd. Op deze kaart zijn de belangrijkste doelstellingen voor Purmerend voor de lange termijn samengebracht. De kaart wordt in samenhang gelezen met de oorspronkelijke structuurvisie uit 2006.

Doorwerking planinitiatief Op de strategische plankaart is cluster 1, waarbinnen het plangebied ligt, beperkt tot de binnenstad ten oosten van het Noordhollands Kanaal. De met de structuurvisie uit 2006 ingeslagen weg van 'een grotere binnenstad die meer biedt' is losgelaten. Het detailhandelsbeleid is herzien en voor cluster 1 is de 'detailhandelsvisie binnenstad Purmerend' vastgesteld. Het gebied van dit cluster beslaat nu uitsluitend de historische binnenstad. Het thema 'consumeren & beleven' is van toepassing op cluster 1 ten behoeve van aantrekkelijke centrumvoorzieningen. De binnenstad kan verder een invulling krijgen onder de noemer 'Bruisend Centrum' en daarmee worden uitgebouwd tot 'de huiskamer van Purmerend'. Onderhavig planinitiatief betreft de bestemmingswijziging van onder andere 'Centrumdoeleinden III ' naar 'Wonen' om zo de ontwikkeling van 54 wooneenheden mogelijk te maken. Door de extra mogelijkheden die nu worden toegevoegd aan het plangebied, draagt onderhavig bestemmingsplan bij aan het opbouwen van een bruisend centrum in Purmerend waar ruimte is voor consumeren en beleven. De beoogde ontwikkeling past daarmee binnen de Structuurvisie Purmerend 2005-2020 actualisatie 2013.

(Vastgesteld)

23

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Figuur 10 Strategische plankaart structuurvisie 2005 - 2020

3.4.2

Woonvisie 2017-2022 Purmerend

In de Woonvisie Purmerend 2017-2022 heeft de gemeente haar visie tot 2022 op het gebied van wonen geformuleerd. Overkoepelend is de ambitie voor de gemeente Purmerend, 'een prettig huis dat past bij de levensfase in een prettige omgeving'. De gemeente wil de woningvraag van de eigen inwoners goed kunnen bedienen, een prettige woonstad blijven, voldoende woningen bouwen om de bevolkingsomvang op peil te houden en voldoende draagvlak te behouden voor het voorzieningen niveau. Purmerend wil verder bijdragen aan de woningvraag in de regio Amsterdam. In een achttal speerpunten heeft Purmerend deze ambitie verder uitgewerkt, waaronder ook de ambitie om tot 2040 10.000 extra woningen te bouwen. Dit om tevens de kwaliteit van de stad te versterken door vergroting van de differentiatie van het aanbod en van verschillende woonmilieus en de woningvoorraad meer passend te maken voor de toekomstige bevolkingssamenstelling. De voorgenomen stedelijke ontwikkeling betreft de realisatie van 54 appartementen in verschillende segmenten van de woningenmarkt. Hiermee voorziet het initiatief in verschillende ambities van de woonvisie. De ontwikkeling vindt plaats in de binnenstad en voegt aansprekende en diverse woningen toe aan de huidige woningvoorraad. Hiermee past de voorgenomen ontwikkeling in dit beleid.

3.4.2.1 30 - 30 - 40 regel woningbouwontwikkelingen

In het coalitieprogramma 2018-2022 ('Samen werken aan de stad') heeft het college het voornemen uitgesproken om een norm te hanteren in woningbouwcategorieën. Hierbij wordt de zogenaamde 30-30-40-regel gehanteerd. Dit houdt in dat van alle te bouwen woningen in Purmerend, minimaal 30% sociale huur moet zijn, 30% doorstroomwoningen (middeldure huur en betaalbare koop) en 40% vrije keuze. Deze regel wordt toegepast bij de wat grotere woningbouwprojecten.

24

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Voor voorliggend bestemmingsplan is met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst afgesloten waarin deze afspraken privaat rechtelijk zijn vastgelegd. Met het afsluiten van de anterieure overeenkomst wordt voldaan aan de 30 - 30 - 40 regel. De voorgenomen ontwikkeling past binnen het vastgestelde coalitieprogramma 'Samen werken aan de stad'.

3.4.3

Ruimte voor Purmerend (omgevingsagenda voor Purmerend richting 2040)

Het beleidsstuk 'Ruimte voor Purmerend (omgevingsagenda voor Purmerend richting 2040) is een dynamische agenda die naast politiek-bestuurlijke focus vooral duidelijkheid biedt over de ambities van de gemeente Purmerend. Purmerend wordt hierin neergezet als compacte woonstad met sterke OV-verbindingen naar de hoofdstad maar ook uitstekende fietsverbindingen naar de omgeving en buitengebied. Een stad waarin de wijken een zelfvoorzienend karakter hebben op het gebied van voorzieningen. Aan bovenstaande beschrijving kunnen troeven en waardevolle aspecten worden toegevoegd waaruit ambities voortvloeien. De nabijheid van Amsterdam, het voorzieningenaanbod, het OV-netwerk en de betaalbare woningvoorraad zijn bekende troeven. Waardevolle aspecten zijn het dorpse karakter, de tevredenheidsstabiliteit en het brede scala en diversiteit van voorzieningen, omgeving en activiteiten. De ambities die hieruit zijn geformuleerd (samengevat):  De urgentie en noodzaak om verder te bouwen aan woongelegenheid in een grotere diversiteit voor zowel huidige als toekomstige generaties; een flink deel van de opgave dient plaats te vinden in het bestaande stedelijke gebied.  Regionale functie van 'de zorg' waarborgen.

De compacte en consequente wijkstructuur van Purmerend leent zich al goed voor dagelijkse voorzieningen en zorg (ziekenhuis, EHBO, verpleeghuis, opvang o.m.), voldoende aangepaste huisvesting is ook aanwezig. De ambitie is om deze regionale functie met het oog op de toekomst (vraag naar zorg) te behouden en versterken.  Versterking van de toeristische sector door Purmerend als pleisterplaats en verblijfsstad op de kaart te zetten voor iedereen die Laag Holland bezoekt. Om vorm te geven aan de groei van Purmerend worden scenario's bekeken. Gelet op de ladder voor duurzame verstedelijking ligt intensivering van (vastgoed in) de bestaande stad als eerste mogelijkheid voor de hand en vervolgens wordt het verstedelijken van de randen nader als mogelijkheid bezien. Doorwerking planinitiatief Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het ontwikkelen van woongelegenheid in bestaand stedelijk gebied. Gezien de woningbehoefte van circa 10.000 woningen in Purmerend, als onderdeel van de woningbouwtaakstelling van de van de Metropoolregio Amsterdam, is er behoefte aan de 54 woningen die in het plangebied worden gerealiseerd. Het voornemen is daarmee in overeenstemming met de 'Agenda: Purmerend, koers naar 2040'.

(Vastgesteld)

25

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 3.4.4

Visie Leefbare Stad 2040

Gemeente Purmerend heeft tot 2040 een bouwopgave van 10.000 woningen. De stad gaat verdichten, en de druk op de openbare ruimte wordt groter. Bovengronds doordat meer mensen gebruik gaan maken van dezelfde openbare ruimte. Ondergronds omdat er uitbreiding van kabels, leidingen, riolering en stadsverwarming nodig is. Het groen in de stad staat onder druk. Daarnaast treedt er klimaatverandering op. De kans op wateroverlast, hittestress en droogte in de stad wordt groter. Dit vraagt om een andere inrichting van het openbare gebied, gebouwen en de particuliere terreinen. Op 26 maart 2020 is de Visie Leefbare Stad 2040 (Steen en groen in balans voor een leefbaar en aantrekkelijk Purmerend) door de raad vastgesteld. In deze visie worden de kansen benoemd hoe steen en groen in balans blijven voor een leefbare stad. Het is een overkoepelend plan dat een stip op de horizon richting 2040 weer geeft, kansen benoemd en vier uitwerkingen kent: 1. Bomenplan 2. Klimaatadaptatieplan 3. Parkenplan 4. een uitwerking voor Natuurinclusief bouwen Met de vaststelling van de visie moet bij elke ontwikkeling in de stad onderbouwd moeten worden wat er is gedaan op het gebied van goede bomen, klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen. In stukken die naar het college en de gemeenteraad gaan zal hier nadrukkelijk aandacht aan moeten worden besteed.

De gemeentelijke groenbeheerder, ecoloog en adviseur klimaatadaptie kunnen hierin advies geven.

Doorwerking planinitiatief Voorliggend plan voorziet in de noodzakelijke woningbouwontwikkeling binnen de gemeente Purmerend binnen bestaand stedelijk gebied. Het plangebied leent zich als binnenstedelijke ontwikkellocatie voor woningbouwontwikkeling. In de bestaande situatie is het plangebied volledig verhard, met de realisatie van enkele tuinen en groenvoorzieningen zal deze situatie (zij het nihil) iets verbeteren. Ook zullen de parkeerplaatsen groen uitgevoerd worden om daarmee een bijdrage te leveren aan de klimaatadaptatie. Om het plangebied en de nabije omgeving in de toekomst aantrekkelijk (conform de doelstelling natuurinclusief bouwen) te maken voor verschillende diersoorten worden er door initiatiefnemer en de architect voorzieningen opgenomen. Deze voorzieningen voor o.a. gierzwaluwen, vleermuizen en huismussen zullen in de bouwwerken worden geïntegreerd Het plan vormt in ieder geval geen belemmering voor de doelstelling die in de Visie Leefbare Stad 2040 zijn geformuleerd.

26

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' 3.4.5

Verkeersplan Purmerend 2040

Purmerend heeft een grote woningbouwopgave en moet tot 2040 10.000 woningen bouwen. Zonder verdere actie gaat deze opgave grote consequenties hebben voor de leefbaarheid, bereikbaarheid en veiligheid in de stad. Het verkeersplan, dat in maart 2019 door de raad is vastgesteld, bevat een pakket aan maatregelen om de parkeerdruk in de binnenstad te reguleren en de doorstroming te reguleren. De voorgestelde parkeermaatregelen zijn geclusterd rond drie pijlers:  optimaliseren van het gebruik van het bestaande parkeeraanbod (realisatie van een parkeerverwijssysteem, ruimere openingstijden parkeergarage Claxonate, vergroten bekendheid avondopenstelling Eggertgarage (Q-park) en vergunninghoudersparkeerplaatsen omzetten naar betaalde parkeerplaatsen);  compenseren van het parkeertekort dat ontstaat door woningbouw (haalbaarheidsonderzoek parkeergarage Schapenmarkt en/of omgeving stadhuis);  beïnvloeden van het parkeergedrag (aantrekkelijker maken van alternatieve vervoerswijzen zoals fiets en het openbaar vervoer, beïnvloeden van het parkeertarief en het tarief voor de parkeervergunningen, uitbreiden nulvergunningenregeling en uitbreiden parkeerregulering). Om de binnenstad autoluw te maken en het doorgaand verkeer te ontmoedigen de route door de binnenstad te nemen, zijn er globaal vier knoppen waar aan gedraaid kan worden.

Zo kunnen maatregelen getroffen worden die betrekking hebben op de:  snelheid;  instelling verkeerslichten;  op- en afritten van de A7;  verkeerscirculatie. Bovenstaand pakket is met behulp van een verkeersmodel doorgerekend. Daaruit blijkt dat het beoogde effect - een autoluwe binnenstad - alleen haalbaar is bij een combinatie van de vier maatregelen. In paragraaf 4.9 volgt een nadere onderbouwing van het aspect verkeer en parkeren binnen voorliggend bestemmingsplan.

(Vastgesteld)

27

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

Hoofdstuk 4 4.1

Milieuaspecten

Bodemkwaliteit

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat gemeenten regels moeten stellen bij het vaststellen van bestemmingsplannen. De regels zijn nodig om voor een goede ruimtelijke ordening te zorgen. Dit betekent dat de bodemkwaliteit en de voorgenomen bestemming met elkaar in overeenstemming moeten zijn. Een historisch onderzoek kan worden uitgevoerd om te bepalen of de bodem een planontwikkeling in de weg staat. Dit onderzoek kan aangevuld worden met een nader bodemonderzoek. Het is niet toegestaan om te bouwen op vervuilde grond. Het bodembeleid onderscheidt drie soorten grond en bodem met ieder hun eigen beleid en wet- en regelgeving:  Sterk verontreinigde grond (boven interventiewaarden);  Licht verontreinigde grond (boven streefwaarden, na 1 juli 2008 AW2000-waarden);  Schone bodems (beneden streefwaarden, na 1 juli 2008 AW2000-waarden Sinds 2008 is het Besluit bodemkwaliteit van kracht. Bij het toepassen van grond en bagger hanteert dit besluit een toets. De bodem moet met de gebruiksfunctie in balans zijn. Het doel van het Besluit bodemkwaliteit is duurzaam bodembeheer. De bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu moet in balans zijn met gebruik van de bodem voor maatschappelijke ontwikkelingen. Te denken valt aan woningbouw of het aanleggen van wegen. Er moet bij plannen rekening worden gehouden met de bodemkwaliteit in relatie tot de gewenste functies.

Dit is bepaald in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening en artikel 3.2 Algemene wet bestuursrecht.

Doorwerking plangebied In februari 2020 is er door NIPA Milieutechniek een verkennend bodemonderzoek en verkennend asbest in grond onderzoek uitgevoerd op percelen aan de Beemsterburgwal - Beemstersteeg te Purmerend (Gemeente Purmerend, sectie C, nummers 271, 3079, 4177, 3950, 2274, 3949, 3464, 3986 en 3989). Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie. Het doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het verkennend onderzoek is als bijlage 1 toegevoegd aan de toelichting van voorliggend bestemmingsplan. Op basis van de beschikbare gegevens is de hypothese gesteld dat de onderzoekslocatie beschouwd kan worden als verdacht met betrekking tot het voorkomen van een bodemverontreiniging met zware metalen. Tevens dient de locatie als verdacht beschouwd te worden op het voorkomen van asbest. Grond Het terreindeel ten noorden van de Beemstersteeg (percelen 3079 en 4177, in figuur 10 als 01 weergegeven) is sterk verontreinigd met koper en lood. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging (terrein oppervlakte 640 m2, diepte minimaal 0,9 meter, volume circa 576 m2).

Vervolg onderzoek om de verontreiniging verder af te perken wordt gezien de heterogene aard van de verontreiniging niet zinvol geacht. Geadviseerd wordt op basis van de nu bekende gegevens de locatie te saneren. De bodem ter plaatse van perceel 3949, gesitueerd op het terreindeel ten zuiden van de Beemstersteeg en in figuur 11 als 02 weergegeven, sterk verontreinigd is me koper en lood. Aangezien in de omliggende boringen de betreffende bodemlaag niet is onderzocht kan de omvang op basis van de momenteel bekende resultaten niet vastgesteld worden. Aanvullend onderzoek is echter niet noodzakelijk omdat ter plaatse geen woningen worden gerealiseerd, maar enkel parkeerplaatsen en openbare ruimte. Een nader onderzoek in het kader van het bestemmingsplan is daarom overbodig.

28

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Verder, de bijmengingshoudende boven- en ondergrond, naast de sterke verontreinigingen met koper en lood, ook licht verontreinigd is met de barium, kwik, zink, kobalt , PAK en/ of minerale olie. Daar zijn geen verontreinigingen gemeten in de zintuiglijk schone bovengrond.

Figuur 11 - Plangebied in rood weergegeven met verontreinigde gebieden (bron: NIPA milieutechniek verwerkt door Lodewijck Groep) Voor de voorgenomen herontwikkeling (bestemmingswijziging en nieuwbouwplan) van het terrein dienen sanerende maatregelen genomen te worden. Voorafgaand aan het nemen van sanerende maatregelen dient het bevoegd gezag middels een BUS melding of een saneringsplan hiervan in kennis gesteld te worden. De milieuhygiënische conditie van de bodem vormt momenteel een belemmering voor de voorgenomen planontwikkeling. De aangetroffen sterk verontreinigingen in de grond kunnen bij grondafvoer beperkingen opleveren ten aanzien van het (her)gebruik van de grond omdat dan veelal andere normen gelden. Ten aanzien van hergebruik van deze grond elders is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing. Grondwater In het grondwater ter plaatse van peilbuis PBB zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde aangetoond. De pH en de Ec hebben, voor deze regio, normale waarden. Asbest Verdeeld over het verdachte terreindeel met een oppervlakte van circa 1.400 m2 zijn conform de NEN 5707, handmatig acht inspectiegaten gegraven van 30 x 30 centimeter. Bij de inspectie van het vrijgekomen materiaal is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.

Van de fijne fractie zijn twee mengmonsters (MMA1 en MMA2) samengesteld welke op de aanwezigheid van asbest zijn geanalyseerd. Uit de resultaten blijkt dat de fijne fractie geen asbest bevat. Op basis van de resultaten kan gesteld worden dat de locatie niet verdacht is met betrekking tot asbest.

(Vastgesteld)

29

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021' Conclusie Ten aanzien van de bodemkwaliteit dient in overleg met het bevoegd gezag een saneringsplan opgesteld te worden om de bodemkwaliteit gereed te maken voor de bestemming wonen. De locatie is weergegeven middels de aanduiding 01 in figuur 11. Indien dit saneringsplan parallel loopt aan het bestemmingsplan zou dit verwerkt kunnen worden in het plan. Indien dit later gebeurd, zal er een voorwaardelijke verplichting opgenomen moeten worden in zowel het bestemmingsplan als de omgevingsvergunning die gecoördineerd meeloopt. Op basis van het reeds uitgevoerde bodemonderzoek en de geschatte omvang van de verontreiniging is er geen reden om aan te nemen dat het bodemaspect een belemmering vormt voor de ontwikkeling van de Vijfhoek. Op basis van het uitgevoerde onderzoek kan geconcludeerd worden dat er ten aanzien van grondwater en asbest geen beperkingen aanwezig zijn voor de beoogde ontwikkeling.

30

(Vastgesteld)

Vastgesteld bestemmingsplan 'Vijfhoek 2021'

4.2

Archeologie

4.2.1

Beleidskader

Het nationale beleid voor archeologie is afkomstig uit Europees beleid. Het Verdrag van Valletta (of wel: 'Verdrag van Malta') regelt hoe er omgegaan moet worden met het Europees archeologisch erfgoed. Nederland heeft het verdrag in 1992 ondertekend. De uitgangspunten van dit Europese verdrag zijn in de Nederlandse wet- en regelgeving verankerd. Dit is gedaan in de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz). De Wamz is in werking getreden op 1 september 2007. Hiermee zijn een aantal wetten gewijzigd. Dit zijn onder andere de Monumentenwet (1988), de Ontgrondingenwet (Ow), de Wet milieubeheer (Wm), de Woningwet (Ww) en de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Sinds de Wamz hebben gemeenten een zorgplicht voor het archeologisch erfgoed. Dit is ook verwerkt in de Erfgoedwet sinds 1 juli 2016. In de toekomst zal de zorgplicht verwerkt worden in de Omgevingswet. Tot de Omgevingswet ingaat gelden voor onderdelen, die gaan over de fysieke leefomgeving, de bepalingen uit de Monumentenwet. Dit is opgenomen in de overgangsregeling van de Erfgoedwet. Het archeologisch erfgoed in de bodem moet zoveel mogelijk behouden worden. Waar dit niet mogelijk is, dient het bodemarchief met zorg ontsloten te worden. Dit moet gedaan worden met archeologisch onderzoek. Het archeologisch belang moet vanaf het begin meewegen in de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen.

4.2.1.1 Beleidskader gemeente Purmerend

De gemeente Purmerend heeft in 2009 een eigen archeologisch beleid opgesteld. In 2017 is dit beleid opgegaan in het Erfgoedbeleid Purmerend 2017. Hierbij hoort een archeologische verwachtingskaart. Dit is een voorspellingskaart waarop verwachtingen met betrekking tot de situering van (nog) onbekende archeologische vindplaatsen zijn vertaald in termen van vlakken en zones. Op de kaart worden zones aangegeven met verschillende verwachtingen: hoge, middelhoge of lage verwachting. De archeologische verwachtingskaart vormt de basis voor het opstellen van een beleidsadvieskaart, die vervolgens kan worden gebruikt voor de toetsing van ruimtelijke plannen op de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Het bestemmingsplan vormt het belangrijkste instrument voor de archeologische monumentenzorg. Voor gemeenten kunnen de door deskundigen opgestelde archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaarten als leidraad worden gebuikt voor zowel de planologische bescherming van archeologische waarden in het ruimtelijke plan als voor het vaststellen van het benodigde archeologisch onderzoek dat bij voorbereiding van ruimtelijke plannen moet plaatsvinden. Ter plaatse van een lage archeologische verwachtingswaarde is er geen noodzaak om een verkennend archeologisch onderzoek uit te voeren voordat nieuwe bouwactiviteiten plaatsvinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10455396/1