Rekenkameronderzoek implementatie Omgevingswet - augustus 2022
Tekst van het document
pagina
2/ 6
Pm,
gemeente Se
briefnummer
Pijnacker-Nootdorp
1198061
sturingsinstrument. Wij zien de omgevingsvisie als een stip op de horizon waarmee wij het beleid in de komende jaren gaan uitwerken en concretiseren in de beleidsinstrumenten “omgevingsprogramma en omgevingsplan”. Het is een bewuste keuze geweest van college en raad om samen van “grof” naar “fijnmazig” en van “visie naar plan” het beleid te ontwikkelen waarbij wij de complexiteit van de inhoudelijke opgave zien en erkennen. Wij hebben daarbij wel degelijk aandacht voor de omgevingswaarden. Wij zijn er niet van overtuigd dat het toevoegen van de omgevingswaarden als sturingsinstrument in het stadium van visievorming nodig is. Wij zien daarin ook een extra en onnodige complexiteit omdat het vastleggen van dergelijke waarden verplichtingen met zich meebrengt die wij nog niet kunnen overzien in dit stadium. Om die reden kiezen wij ervoor om bij de uitwerking van de instrumenten omgevingsprogramma en omgevingsplan te wegen hoe wij de beleidskeuzes uitwerken en hoe de wij omgevingswaarden zullen meenemen als sturingsinstrument in de te behalen doelstellingen. Bij het vaststellen van de omgevingsvisie hebben wij aangegeven voornemens te zijn om het huidige beleid in vijf jaar tijd om te zetten naar nieuw in de omgevingsprogramma’s. De huidige bestemmingsplannen dienen uiterlijk eind 2029 volledig omgezet te zijn in het omgevingsplan.
Wij werken aan een concreter beeld voor de jaren 2023, 2024 en zullen na ervaring te hebben opgedaan met het “Programma Groen in en om de Kernen” een voorstel doen voor de prioritering van de omgevingsprogramma’s voor de komende jaren. Voor het omgevingsplan geldt dat we inderdaad gestart zijn met de Pilot Tolhek. Wij hebben in dit proces veel geleerd over de ontwikkeling van het omgevingsplan. Wij komen graag bij de raad terug om de stand van zaken en de lessen te delen. In verband met de volle raadsagenda en het besluit begin dit jaar om de invoeringsdatum uit te stellen tot 1 januari 2023 is de planning hiervoor uitgesteld. Wij zijn met de griffie in gesprek om de planning voor de behandeling van de onderwerpen die raken aan de Omgevingswet te bespreken en te concretiseren voor de komende maanden. Wij zijn ons ervan bewust dat er nog genoeg te delen en te bespreken is met de raad en dat dat een behoorlijk beslag legt op de drukke raadsagenda. Informatiepositie raad U geeft in het rapport aan dat het opvalt dat er voldoende duidelijk in beeld is welke keuzes gemaakt moeten worden zowel bij het college, de organisatie als de raad. We zijn ervan overtuigd dat de stapsgewijze aanpak ons en de raad helpt om de implementatie en de daarbij behorende beleidskeuzes op een zorgvuldige wijze plaats te laten vinden.
Wij zijn ons ervan bewust dat het nodig is om de komende jaren de omgevingsprogramma's echt te gaan ontwikkelen en daarbij blijvend aandacht te hebben voor het in positie brengen van de raad. Terecht punt, dit heeft onze aandacht. Uitwerking van beleid is van zowel het college als de raad, ieder vanuit zijn eigen rol. Vanuit onze rol dragen wij voorstellen aan om tijd en ruimte te reserveren voor de inhoudelijke gesprekken met de raad tijdens de ontwikkelfase van de beleidsinstrumenten. Wij staan klaar om de raad ook vraaggericht te faciliteren in de eigen positie. Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) DSO — voor wat betreft het DSO liggen we op schema en we hopen dat het systeem straks voldoende comfort geeft en dat de koppeling met de landelijke voorziening goed functioneert. Zoals gezegd participeren wij in regioverband in verschillende werkgroepen om de koppelingen te testen en de werkprocessen met de regionale partners te stroomlijnen. Participatiebeleid
pagina
3/ 6
Over het participatiebeleid heeft u goed verwoord hoe wij tegen het thema aankijken en het belang dat wij daaraan hechten. Het belang dat wij als college en raad hechten aan het thema komt geheel overeen. Op basis hiervan hebben wij het concept-participatiebeleid uitgewerkt, in de uitwerking is de input van de raad - opgehaald tijdens de inspiratiesessie van 1 september 2021 - verwerkt. De conceptstukken zijn op 12 juli door het college vastgesteld en zijn voor de raadscyclus van de maand september aangeboden. Wij kijken ernaar uit om onze uitwerking te presenteren en met de raad op inhoud te bespreken. Na de zomer starten wij met een traject waarbij wij “participatie” over het participatiebeleid vorm gaan geven. Hiermee kunnen wij gelijk oefenen met het in de praktijk brengen van het beleid. Financiën
Het initiële uitgangspunt van het Rijk dat de invoering en uitvoering van het Rijk kostenneutraal plaats kon vinden is een utopie gebleken. Een betere en snellere uitvoering van wetgeving en een zorgvuldig en transparante wijze van participatie met de omgeving vragen meer tijd en meer geld, zeker gedurende de implementatie en de transformatiefase tot en met 2029. Dit is nog steeds onderwerp van gesprek tussen het Rijk en de VNG omdat steeds duidelijker wordt dat de invoering van de nieuwe wet niet kostenneutraal kan. In de meicirculaire is aangekondigd dat gemeenten een tegemoetkoming gaan ontvangen voor het jaar 2022. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van bijna vier ton. Verwerking hiervan wordt verwacht via de septembercirculaire. Budget voor de komende jaren is nog onderwerp van gesprek. Voor de voorbereiding van de invoering van de wet in onze gemeente heeft de raad €1,3 miljoen beschikbaar gesteld. Met de aangekondigde compensatie van het rijk verwachten wij dat de beschikbare middelen voldoende zijn voor het uitvoeren van de geplande activiteiten in 20222023. Aandacht voor de financiële kaders blijft uiteraard van belang en wij werken op dit moment aan een financieel beeld voor de lange termijn.
De uitkomsten hiervan zijn mede afhankelijk van nog te maken beleidskeuzes in de ontwikkeling van de instrumenten (omgevingsprogramma en omgevingsplan) en afspraken over het ambitieniveau van participatie. Rol van de raad
Wij zijn goed op weg, maar de opgave is groot en complex. Wij zijn ons er terdege van bewust dat de verbouwing nog niet is afgerond en belangrijke keuzes door de raad genomen moeten worden. Wij hebben tot de verkiezingen de raad periodiek geïnformeerd over en betrokken bij de wijze waarop wij het proces om te komen tot deze keuzes vorm willen geven. Over het proces van besluitvorming en de taak en rolverdeling tussen college en raad, hebben wij voorstellen uitgewerkt in de nota Sturing fysieke Leefomgeving. Wij verwachten deze nota na het reces met de raad te bespreken, waar nodig aan te vullen om daarna voor besluitvorming aan de raad aan te bieden. Over de precieze planning verwachten wij na het zomerreces duidelijkheid te geven. Wij hebben de acties die (technische) besluiten van de raad vragen in beeld en bespreken deze met de griffie. Prioritering van de besluiten is deels afhankelijk van de definitieve invoeringsdatum van de wet. Helaas is duidelijkheid hierover pas in oktobernovember 2022 te verwachten, dit is een complicerende factor voor de planning in de komende maanden. Wij verwachten in september-oktober een goed beeld te hebben en de planning waar nodig aan te passen. Wij kunnen niet uitsluiten dat sommige (technische) besluiten pas in het eerste kwartaal van 2023 gepland kunnen worden.
Hoewel soms onwenselijk, schatten wij in dat dit geen grote gevolgen heeft voor de uitvoering. Proces komende tijd
pagina
4/ 6
Pm.
gemeente Se
ee
briefnummer
Pijnacker-Nootdorp
1198061
1.
2. 3.
4.
5.
6. 7.
Na het zomerreces volgt er een aangepaste planning van de (technische) besluiten die nodig zijn in de transitiefase. Dit doen wij in overleg met de griffie. De planning wordt bepaald door de agendacommissie. Waar nodig adviseren wij over de prioritering en de gevolgen van mogelijke verlating in de besluitvorming. Het concept participatiebeleid is inmiddels aangeboden voor behandeling in de raad van september 2022. De Nota Sturing Fysieke leefomgeving wordt in september-oktober in aparte sessies met de raad voorbereid. Daarin willen we de raad breed voorzien van informatie en meenemen in hoe we tot enkele voorstellen zijn gekomen en welke afwegingen daarbij te maken zijn. Wij verwachten de nota gereed te hebben voor besluitvorming in december 2022. Vanwege het belang van verzwaard adviesrecht van de raad, is het vaststellen van deze notitie vóór de invoeringsdatum nodig. Wij doen ervaring op met de beleidsinstrumenten omgevingsprogramma
en omgevingsplan.
De
doorwerking van de twee instrumenten op elkaar heeft daarbij onze specifieke aandacht, zowel inhoudelijk als op het gebied van de planning van de omzetting van ons beleid van oud naar nieuw. Daarbij zullen wij ook aandacht hebben voor de omgevingswaarden als sturingsinstrument. Wij verwachten hierover bij de raad terug te komen in de eerste helft van 2023. Op dit moment zijn wij nog bezig met het in beeld brengen van de langetermijn financiële gevolgen van de Omgevingswet. Deze hangen samen met de keuzes die nog volgen bij de beleidsinstrumenten zoals hierboven verwoord bij punt 2. Afhankelijk van de mogelijkheden in de raadsplanning, nemen wij de raad mee in onze eerste opgedane inzichten in kwartaal vier van 2022 of kwartaal één van 2023. Wij nemen de raad graag mee in de te maken keuzes en de gevolgen die daarbij worden ingeschat of verwacht. Het in beeld brengen van de financiële gevolgen is niet in één keer klaar. We gaan het inzicht opbouwen in relatie tot de te maken beleidskeuzes. Hierin zullen wij steeds ook aandacht hebben voor afstemming van de beschikbare capaciteit op de ambities. Wij starten vanaf nu met de ontwikkelopgave van de organisatie en met een scholingsprogramma voor de medewerkers. De raad is gewend om tweemaal per jaar de “monitor met stand van zaken implementatie Omgevingswet” van ons te ontvangen.
Vanwege de tijd die onze mensen hebben besteed om mee te werken aan dit rekenkameronderzoek en de overlap in de thematiek, hebben wij de vrijheid genomen om de planning voor de eerstvolgende monitor op te schuiven naar het eerste kwartaal 2023. In de volgende monitor zullen wij alle in het rapport genoemde thema’s toevoegen aan onze monitor en daarover aan de raad rapporteren.
Aanbevelingen In uw aanbevelingen aan ons zien wij zowel een bevestiging van wat wij hiervoor reeds in gang hebben gezet als een uitnodiging om de raad op een gestructureerde wijze te blijven informeren en waar mogelijk te faciliteren in het besluitvormingsproces. Hieronder treft u onze reactie op aanbevelingen die aan ons gericht zijn. 1a-Zet de huidige samenwerking tussen raad, college en organisatie door, bij voorkeur ook met de inzet van de raadswerkgroep. Reactie: De huidige vorm van samenwerken, met inzet van de raadswerkgroep, zetten wij graag voort. 1b - De komende tijd worden de kerninstrumenten omgevingsplan en omgevingsprogramma verder ontwikkeld. Organiseer als college periodiek bijeenkomsten met de raad en de organisatie om het ‘anders werken’ onder het omgevingsprogramma en omgevingsplan met elkaar te oefenen, te doorleven
pagina
5/6
en hier lering uit te trekken. Zet hierbij het samenspel tussen de raad, het college en de organisatie centraal. Bijvoorbeeld via fictieve casussen op het vlak van participatie en het afwijken van het omgevingsplan. Reactie: Wij zijn graag bereid om sessies te organiseren met de raad. Wij blijven de samenwerking met de raad zoeken en zullen daarin altijd investeren. Wij laten het aan de raad over of dergelijke sessie raadsbreed nodig zijn, of dat de raadswerkgroep volstaat. 4a - Vul de inhoudelijke monitor, die periodiek aan de raad wordt verstrekt, expliciet aan met de thema’s
die de komende tijd extra aandacht vragen. Verantwoord hierbij in elk geval de volgende onderwerpen: de ontwikkeling van het anders werken, de lange termijn financiën, de afstemming van de beschikbare capaciteit op de ambities en de betrokkenheid van de raad bij de omgevingsprogramma’s. Reactie: Wij zullen bij de uitwerking van de volgende inhoudelijke monitor ook ingaan op de thema’s die de komende tijd extra aandacht vragen. Ab - Verzoek als raad aan het college om, een jaar na inwerkingtreding, een vervolgmeting uit te laten voren op dezelfde aspecten als deze nulmeting, te weten: organisatie, instrumenten, omgeving, financiën en rol van de raad. Reactie: Hoewel deze aanbeveling aan de raad wordt gedaan, maken wij van de gelegenheid gebruik hier een reactie op te geven. Wij vinden dit een goed idee. Graag beoordelen wij op een later moment of één jaar na inwerkingtreding een passend moment is voor een vervolgmeting. Wij verwachten dat het inregelen van de uitvoering in de eerste 1,5 -2 jaar de nodige tijd en energie gaat kosten. Tot slot
Wij zijn content met de huidige stand van zaken en zijn ook trots op de wijze waarop wij, samen met de raad en andere betrokkenen, deze opgave oppakken en tot uitvoer brengen. Het gesprek met u en de raad over uw bevindingen en uw aanbevelingen aan ons zien wij dan ook met plezier tegemoet. U doet ook aanbevelingen aan de raad. Indien de raad uw aanbevelingen op wil volgen dan staan wij er uiteraard voor open om ook daar het gesprek over te voeren zoals dat eerder over dit thema ook is gebeurd. Tijd en ruimte hiervoor reserveren is een belangrijk aandachtspunt gezien de volle raadsagenda. Wij vertrouwen erop dat met bovenstaande reactie aan uw verzoek is voldaan. Hoogachtend, het college van Pijnacker-Nootdorp,
B.D. Lugthart secrêtaris
pagina
6/ 6
burgemeester