CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2025

Raad Beeldvorming 24 oktober 2024, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Actieve informatie college45.144 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

718305 BHP gebouwen23-26 Sporthal Viergang vouwwand(2026)

0

178.000

0

0

718306 BHP gebouwen23-26 Sporthal het Baken vouwwan(2026)

0

48.000

0

0

718307 BHP gebouwen 23-26 Het oude laarsje dakbed. (2026)

0

53.000

0

0

718320 BHP sportvelden24-27 DGW Voetbalveld 10 LED (2026)

0

50.000

0

0

718322 BHP sportvelden 24-27:centr. veld 5 Grasmast(2026)

0

330.000

0

0

718323 BHP sportvelden 24-27:Centr.veld 5 Toplaag (2026)

0

280.000

0

0

718324 BHP sportvelden24-27:DGW groene parkeerpl. (2026)

0

300.000

0

0

718327 BHP sportvelden 24-27:DGW veld 2 LED verl. (2025)

40.000

0

0

0

718328 BHP sportvelden 24-27:DGW veld 2 onderlaag (2025)

310.000

0

0

0

718329 BPH sportvelden 24-27:DGW veld2 toplaag(2025)

335.000

0

0

0

718330 BHP sportvelden 24-27:DGW veld 3 onderlaag (2025)

285.000

0

0

0

718331 BPH sportvelden 24-27:DGW veld3 toplaag FOAM(2025)

185.000

0

0

0

718332 BHP sportvelden 24-27:DGW asfalt/afwater (2025)

260.000

0

0

0

718333 BHP sportvelden24-27:'s Gravenhout veld3 LED(2025)

50.000

0

0

0

718334 BHP sportvelden 24-27:DGW veld3 WeTra (2024)

420.000

0

0

0

719261 Sociaal Cultureel Centrum-gebouw (2024)

1.350.000

4.560.750

12.752.250

0

Totaal Collectieve voorzieningen

3.235.000

5.799.750

12.752.250

0

81

82

7. Individuele voorzieningen De gemeente Pijnacker-Nootdorp zorgt voor individuele (persoonsgebonden) voorzieningen voor inwoners die het (tijdelijk) nodig hebben om deel te kunnen (blijven) nemen aan de samenleving.

Algemene omschrijving Het programma Individuele voorzieningen bestaat uit de volgende acht onderdelen: 1. Inkomensregelingen; 2. Begeleide participatie; 3. Arbeidsparticipatie; 4. Schuldhulpverlening; 5. Maatwerkvoorzieningen en maatwerkdienstverlening 18+ (Wmo); 6. Geëscaleerde zorg 18+ (beschermd wonen, beschermd thuis en maatschappelijke opvang); 7. Maatwerkdienstverlening 18- (jeugdhulp); 8. Geëscaleerde zorg 18- (jeugdhulp). We willen bereiken dat iedereen naar vermogen als volwaardig lid kan deelnemen aan het maatschappelijk verkeer. Of zoals het in het raadsakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 staat: we beseffen dat zelfredzaamheid niet voor iedereen haalbaar is. De maatschappij kan voor mensen te complex zijn, waardoor (tijdelijk) ondersteuning nodig kan zijn.

Wat willen we bereiken?

Wat willen we bereiken

Doelstelling

Individuele voorzieningen voor inwoners die het (tijdelijk) nodig hebben om deel te kunnen (blijven) nemen aan de samenleving

Iedereen kan naar vermogen als volwaardig lid deelnemen aan het maatschappelijk verkeer Adequate en passende ondersteuning binnen verantwoorde financiële kaders

Wat gaan we daarvoor doen 1. We bieden laagdrempelige en doelmatige oplossingen voor jongeren, ouderen, gezinnen en inwoners in een kwetsbare positie 2. We continueren de maatregelen om de kosten te beheersen en de kwaliteit te borgen

Visie op het sociaal domein In juni 2024 is de visie op het sociaal domein door de gemeenteraad vastgesteld, inclusief een uitvoeringsagenda op hoofdlijnen met de volgende opgaves: versterken van de sociale basis, preventie, integraal samenwerken, kostenbeheersing, innovatie en datagedreven werken. Deze hoofdlijnen worden verder uitgewerkt en begin 2025 vastgesteld om daarna uitgevoerd te worden. Kostenbeheersing sociaal domein Vanwege de stijgende kosten in het sociaal domein is er in de najaarsnota 2023 structureel € 2,5 miljoen toegevoegd aan de begroting. Daarnaast wordt sinds 2024 toegewerkt naar een nieuwe begrotingssystematiek voor het sociaal domein (de nullijn in plaats van een jaarlijkse bijstelling via de t-1- systematiek). Het doel is om vanaf 2027 de taken binnen het sociaal domein uit te voeren op het financiële niveau van de jaarrekening 2023.

83

Om realistisch te begroten- en tijd te hebben zodat nieuwe kostenbeheersingsmaatregelen effect gaan genereren- stelt het college voor om de indexatie voor prijs en areaal van € 1,2 miljoen voor 2024 nog toe te voegen aan de budgetten voor het sociaal domein. Deze indexatie wordt verwerkt in de begroting, met vanaf 2026 kostenbesparende maatregelen als tegenpost. Voor 2024 en 2025 wordt dit gedekt uit het begrotingssaldo, en voor 2026 deels (50%) uit de reserve sociaal domein en deels (50%) uit kostenbesparende maatregelen. Vanaf 2027 moeten de kostenbesparende maatregelen volledig de € 1,2 miljoen dekken en de oplopende andere kosten. Het college heeft in 2024 al nieuwe technische kostenbeheersingsmaatregelen genomen en legt politieke kostenbeheersingsmaatregelen via een nieuw interventieplan sociaal domein voor aan de gemeenteraad. Het interventieplan wordt in lijn met de nieuwe visie op het sociaal domein verder uitgevoerd en doorontwikkeld. We blijven alert op nieuwe kansen en ontwikkelingen, kijken kritisch naar zowel de toegang, het preventieve aanbod en de samenwerking met zorgaanbieders en maatschappelijke partners. Ook onze eigen organisatie beweegt mee in de vragen binnen het sociaal domein.

Doel programma 7 De gemeente speelt een sleutelrol bij de inzet van individuele voorzieningen vanuit de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet, de Wet inburgering en de Wet schuldhulpverlening. Het doel is om geïntegreerde hulp te bieden vanuit verschillende regelingen, waarbij gezinnen, kinderen en individuele personen, waar nodig ondersteund worden vanuit één plan. Dit programma staat niet op zichzelf. Het heeft een duidelijke relatie met programma 6 ‘collectieve voorzieningen’. In programma 6 worden immers activiteiten en diensten ontwikkeld die voorliggend of aanvullend zijn op de individuele voorzieningen. Deze collectieve voorzieningen spelen een cruciale rol bij preventie, het vroeg signaleren van problemen en het vergroten van de zelfredzaamheid van inwoners. Vanuit dit programma wordt ook verbinding gelegd met andere programma’s zoals wonen, onderwijs, economie en veiligheid.

Stand van zaken en vooruitblik 1. Inkomensregelingen

Aantal personen per 10.000 inwoners

Personen met een bijstandsuitkering 500

250

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

2023

Nederland

Op 31 december 2023 werden 458 bijstandsuitkeringen verstrekt. Het aantal inwoners met een bijstandsuitkering is (meest recente cijfers uit 2021) binnen onze gemeente aanzienlijk lager dan het landelijk gemiddelde, namelijk 166 per 10.000 inwoners. In Nederland is dit 431 per 10.000 inwoners. Vanwege de oplevering van nieuwe sociale huurwoningen binnen onze gemeente, verwachten wij dat het aantal bijstandsuitkeringen in 2025 zal stijgen.

84

Door een hogere instroom van statushouders, zien we dat er meer instroom is ontstaan ten opzichte van 2022, toen 429 bijstandsuitkeringen werden verstrekt. De dienstverlening aan deze groeiende doelgroep is geïntensiveerd.

Kinderen in uitkeringsgezinnen

Kinderen in %

10

5

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

Nederland

In 2025 kunnen kinderen uit huishoudens met een inkomen tot 130% van het wettelijk sociaal minimum1 gebruik maken van het kindpakket van Stichting Leergeld. Ook kunnen zowel kinderen als volwassenen uit minimahuishoudens lid worden van een sport- en cultuurvereniging via het Jeugdfonds en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur. Verder is de Rotterdampas in 2025 weer te koop. Voor minimahuishoudens is deze met korting beschikbaar. Volgens de meest recente armoedemonitor over het jaar 2022 telt onze gemeente 929 minimahuishoudens met een inkomen tot 130% van het wettelijk sociaal minimum. Dit is 4% van alle huishoudens. In onze gemeente wonen 13.310 kinderen. Hiervan groeien 819 kinderen op in een minimahuishouden. Dit bedraagt 6,1% van alle opgroeiende kinderen in Pijnacker-Nootdorp. De grafiek geeft vanwege BBV-voorschriften een andere indicator dan het aantal kinderen in minimahuishoudens. Namelijk het aantal kinderen in uitkeringsgezinnen. In 2022 was dit 3% in PijnackerNootdorp en 6% landelijk.

2. Begeleide participatie

Onze gemeente begeleidt op 1 juli 2024 168 inwoners met een (vermoedelijke) arbeidsbeperking. Hiervan zijn 95 inwoners jonger dan 27 jaar. Van deze jongeren ontvangen 32 een uitkering, bijvoorbeeld vanwege een diagnoseperiode, dagbesteding of omdat zij nog niet in staat zijn om te werken. De overige volgen een opleiding of zijn aan het werk. Vaak met loonkostensubsidie of begeleiding van een jobcoach. Inwoners die uitsluitend onder beschutte omstandigheden kunnen werken krijgen een beschut werk indicatie. Gemeenten zijn verplicht beschutte werkplekken aan te bieden aan inwoners met een beschut werk indicatie. In 2024 bedroeg onze taakstelling beschut werk zeventien. Op 1 juli 2024 hebben zeventien inwoners een indicatie beschut werk. Zij werken bij de sociale werkbedrijven Werkse! in Den Hoorn, de Binnenbaan in Zoetermeer en bij de Hoogwerkers in Pijnacker-Nootdorp (onderdeel van zorgkwekerij Bloei).

1

85

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/ww-uitkering/vraag-en-antwoord/wat-is-het-sociaal-minimum-en-wat-als-mijn-uitkeringlager-is-dan-dat-minimum#:~:text=Het%20sociaal%20minimum%20is%20het,normbedrag%20voor%20het%20sociaal%20minimum%3F

3. Arbeidsparticipatie Netto arbeidsparticipatie

% werkzame beroepsbevolking tov beroepsbevolking

100

50

0 2018

2019

2020

Pijnacker-Nootdorp

2021

2022

2023

Nederland

De netto arbeidsparticipatie van onze inwoners was in 2023 78,5%. In Nederland was dit 73,1%. Netto arbeidsparticipatie betekent het percentage van de werkzame inwoners, ten opzichte van de mensen die potentieel kunnen werken.

Banen

Aantal banen x 1.000 (1564) jarigen

1.000

500

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

2023

Nederland

In 2023 waren er in onze gemeente 513,3 banen per 1.000 inwoners van 15 - 64 jaar. Landelijk is dit 836,6 per 1.000 inwoners. Een groot deel van onze inwoners werkt dus niet binnen de gemeente. Ook voor inwoners met een bijstandsuitkering betekent dit, dat zij voor werk voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van werkgelegenheid in de regio. Daarom werken wij in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal samen met de gemeenten Zoetermeer, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Wassenaar en Voorschoten, UWV en De Binnenbaan, mbo Rijnland, SBB, FNV, CNV en VNO-NCW aan de dienstverlening gericht op werkgevers en werkzoekenden (zie ook programma 2). De samenwerking in de arbeidsmarktregio gaat niet langer alleen om het begeleiden van inwoners met een uitkering, maar ook om het bieden van ondersteuning aan inwoners ter voorkoming van (langdurige) werkloosheid: van school naar werk of van werk naar werk. In 2025 wordt de matching tussen werkgevers en werkzoekenden in de arbeidsmarktregio verder versterkt. In het najaar van 2023 zijn de samenwerkende partijen in ZHC gestart met een verkenning naar de haalbaarheid en de vorm van een Regionaal Werkcentrum. Het onderzoek is in 2024 opgeleverd en wordt in 2025 verder gerealiseerd.

86

Aantal personen per 10.000 inwoners van 15-64 jaar

Lopende re-integratievoorzieningen 400

200

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

2023

Nederland

Met het plan van aanpak 'Werken, werken aan en meedoen' richten we ons op het vergroten van de (arbeids)participatie van onze inwoners. Met het voeren van frequente, intensieve en persoonlijke gesprekken, krijgen we de werkzoekende inwoners goed in beeld. Ook in 2025 zullen wij het uitvoeren van dit plan voortzetten. We werken methodisch op basis van een integraal klantbeeld met een vaste werkwijze voor de dienstverlening aan werkzoekenden. Om inwoners aan het werk te helpen worden re-integratievoorzieningen ingezet. Vanwege het aflopen van een aantal contracten met de huidige aanbieders is het aanbod voor re-integratie in 2024 aanbesteed. Hierdoor is in 2025 een dekkend, maar ook divers aanbod, passend bij de doelgroepen in de gemeente beschikbaar. Twee werkmakelaars helpen kandidaten door ze in beeld te brengen bij werkgevers. Dit gebeurt via speedmeets, banenmarkten en vacatures die door het Werkgeverservicepunt (WSP) worden aangeleverd. Ook gaan de werkmakelaars met werkzoekenden aan de slag, zowel individueel als groepsgewijs, om ze perspectief te bieden, kansen te benoemen en ze te verwijzen naar relevante bijeenkomsten. Ook worden regionaal (via de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal) diverse voorzieningen, ondersteuning en activiteiten aangeboden.

Denk hierbij aan praktijkleren, de inzet van leerwerkmakelaars, IPS-trajecten (dit is een methode om mensen met een ernstige psychische aandoening te begeleiding naar en op het werk) en de inzet van een matchmaker statushouders.

Inburgering Op 1 januari 2022 zijn wij gestart met de uitvoering van de nieuwe Wet Inburgering. De inburgeringsplicht bestaat uit drie verschillende onderdelen: het participatieverklaringstraject (PVT), de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) en het behalen van het inburgeringsexamen (leerroute B1-route, de onderwijsroute of de zelfredzaamheidsroute). Per 1 januari 2024 nemen 72 inwoners met een inburgeringsplicht deel aan de B1-route, 4 inwoners met een inburgeringsplicht deel aan de onderwijsroute en 20 inwoners met een inburgeringsplicht deel aan de zelfredzaamheidsroute. Bij de uitvoering van de Wet Inburgering wordt nauw samengewerkt met de SWOP en het Taalhuis van Bibliotheek Oostland. De SWOP biedt maatschappelijke begeleiding en het participatieverklaringstraject (PVT). Het Taalhuis verzorgt de zelfredzaamheidsroute. Vanaf september 2023 zijn de eerste kandidaten aangemeld voor de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP). Door de hoge taakstelling huisvesting statushouders is in 2024 de dienstverlening aan deze doelgroep geïntensiveerd. Hiermee willen we de participatie van de doelgroep versterken en versnellen.

4. Schuldhulpverlening

In 2023 ontving de gemeente een tweede positieve auditbeoordeling van de NVVK1, die de schuldhulpverlening uitgebreid onderzoekt. Het jaar stond ook in het teken van het vergroten van de zichtbaarheid van schuldhulpverlening. Samen met maatschappelijke partners lanceerden we de website www.vragenovergeld.nl en bijbehorende communicatiecampagne, en richtten we een informatiepunt in. Deze inspanningen

1

87

www.nvvk.nl

resulteerden in een piek in aanmeldingen in het voorjaar van 2023, met uiteindelijk 99 aanmeldingen, iets lager dan de 106 in 2022. In het najaar van 2023 startten we, naar aanleiding van onderzoek, met de implementatie van verbeteringen in de dienstverlening aan ondernemers en zzp’ers met financiële problemen. Dit, samen met de nieuwe website en campagne, zorgde ervoor dat meer ondernemers ons vonden voor hulp. De geleerde lessen passen we toe in onze dienstverlening en delen we binnen het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg (dit is het netwerk van lokale maatschappelijke partners en vrijwilligersorganisaties op het gebied van financiën en schuldhulpverlening). In 2024 beginnen we met de voorbereidingen voor de evaluatie van het huidige beleidsplan schuldhulpverlening, dat elke vier jaar wordt geactualiseerd. Het huidige plan, geactualiseerd in 2021, loopt tot 2025. We zullen dan een geactualiseerd plan voorleggen aan de gemeenteraad. Voor vroegsignalering werken we samen met woningbouwverenigingen/verhuurders, zorgverzekeraars, en leveranciers van gas, water en elektriciteit. Deze samenwerking is gericht op het voorkomen van problematische schulden en valt onder het landelijke convenant vroegsignalering van de NVVK.

In 2023 versterkten we, dankzij middelen uit het actieplan bestaanszekerheid, onze formatie op vroegsignalering, wat ons in staat stelde vaker op huisbezoek te gaan. Onderzoek heeft aangetoond dat dit de meest effectieve manier is om inwoners met een hulpaanbod te bereiken.

5. Maatwerkvoorzieningen en maatwerkdienstverlening 18+ (Wmo)

Aantal clienten per 10.000 inwoners

WMO-clienten met een maatwerkarrangement 1.000

500

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

2023

Nederland

Op basis van voorlopige cijfers is het aantal inwoners met een Wmo voorziening in 2023 410 per 10.000 inwoners. In Nederland is dit 700 per 10.000 inwoners. Dit komt doordat wij een relatief jonge bevolking hebben. Ook komt dit doordat een deel van de hulpvragen in het collectieve aanbod wordt opgevangen. Wel zien we een toename van het aantal hulpvragen. Ook worden ze complexer. Deze ontwikkelingen hebben te maken met een groei van de doelgroep. Ook wonen onze inwoners langer thuis. De wetgeving voor de eigen bijdrage is ook van invloed op de toename van het aantal hulpvragen. We verwachten dat het Rijk in 2026 de inkomensafhankelijke eigen bijdrage herinvoert voor hulp bij het huishouden en het gebruik van hulpmiddelen. In 2025 bereiden we ons hierop voor. Afhankelijk van de exacte inhoud van het wetsvoorstel zou dit de toename van het aantal hulpvragen kunnen afremmen. Niet alleen het aantal hulpvragen stijgt, maar ook de tarieven voor Wmo-voorzieningen en -ondersteuning. Dit komt door inflatie en loonstijging in de cao's. Verder spelen er in deze sector, met name bij de huishoudelijke hulp, personeelstekorten. De combinatie van het stijgende aantal hulpvragen, de stijgende tarieven en het personeelstekort maakt dat de kosten binnen de Wmo flink stijgen en dat wij het schaarse personeel goed moeten verdelen. We benaderen deze uitdaging via het nieuwe interventieplan sociaal domein.

De transformatielijn van de afgelopen jaren zetten we door en scherpen die aan op basis van ervaringen. Dit doen we door preventieve algemene voorzieningen in te zetten (het ondersteunen van inwoners bij hun

88

hulpvragen niet alleen met professionals, maar ook met de inzet van vrijwilligers). Hiermee willen we de druk op de maatwerkvoorzieningen verlichten. We richten ons op het resultaat en optimaliseren doelmatige ondersteuning. We maken stappen in het datagedreven werken. We krijgen een steeds beter beeld van de vraag van onze inwoners, de resultaten van onze interventies en de trends. Sinds 1 januari 2024 kopen we de Wmo begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf gezamenlijk in met de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Rijswijk en Westland (H5). In 2025 zetten we deze samenwerking voort en evalueren we deze blijvend met het oog op de toekomst.

6. Geëscaleerde zorg 18+

Wij zijn verantwoordelijk voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen. De centrumgemeente Delft ontvangt het rijksbudget en organiseert de voorzieningen. De gemeente Delft bepaalt naast de toegang tot de voorzieningen, ook de hoogte van de eigen bijdrage. De doordecentralisatie (het woonplaatsbeginsel en daarmee ook het verdeelmodel) van beschermd wonen naar beschermd thuis en maatschappelijke opvang naar maatschappelijk wonen is vanuit het Rijk uitgesteld. Het doel van deze doordecentralisatie, namelijk perspectief ontwikkelen in de eigen woning in plaats van meer problemen en in een instelling terechtkomen, wordt ondanks uitstel verder doorgezet in samenwerking met Delft, Midden-Delfland en Westland. In 2021 is het regionaal uitvoeringsplan vastgesteld. Hierin is het gezamenlijk ontwikkelproces van regiogemeenten geformuleerd. Met het lokaal uitvoeringsplan richten we ons op de ontwikkeling van lokale kennis van de doelgroepen voor beschermd thuis, op ontwikkeling van de Toegang, op preventie en op netwerkvorming tussen maatwerkorganisaties, het voorliggend veld en de gemeentelijke organisatie. De uitvoering van dit plan wordt in 2025 gecontinueerd.

7. Maatwerkdienstverlening 18Jongeren met jeugdhulp

Jongeren in %

20

10

0 2018

2019

2020

Pijnacker-Nootdorp

2021

2022

2023

Nederland

12.6% van onze jongeren van 0-18 jarigen heeft in 2023 een jeugdhulpvoorziening gekregen. Dit is gestegen ten opzichte van 2022. Toen was dit 11,4%. Vanaf 2020 is er sprake van een afvlakking van de uitgaven. Vanaf 2022 zien we een sterke daling, maar in 2023 en 2024 zien we ook binnen de jeugdhulp de kosten stijgen. Het beheersen van de kosten binnen jeugdhulp krijgt een plek in het nieuw opgestelde interventieplan, waarbij de maatregelen zowel een regionaal als lokaal karakter hebben. In de regio Haaglanden is er een analyse gedaan welke regionale acties de meeste besparingspotentieel hebben op korte en lange termijn en welke een onvermijdelijk karakter hebben door de opgaven vanuit de Hervormingsagenda Jeugd. Er is gekozen in 2024 met vier actielijnen te starten. Dit zijn: aanpak verblijf (gerichter inzetten van de verblijfsvoorzieningen en verkorting verblijfsduur), terugdringen gebruik lichte hulp (zoals individuele begeleiding), meer substitutie van individuele hulp naar collectieve hulp in het onderwijs, sturing op het regionale zorglandschap (inrichting, sturing en financiering zorglandschap).

89

Daarnaast wordt gewerkt aan de uitvoering van de Regiovisie jeugdhulp Haaglanden 2021-2025. De regiovisie gaat over de verbinding tussen jeugdhulp en andere onderwerpen in het sociaal domein en richt zich vooral op gezinnen in kwetsbare situaties. Het gaat ook over de samenwerking tussen gemeenten en jeugdhulpaanbieders, zoals onder andere over de wachttijden in de jeugdhulp, af- en ombouw van gesloten jeugdzorg en versterking van de samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp. Op basis van de regiomonitor 2022 is het Uitvoeringsplan Jeugdhulp Haaglanden 2024 - 2025 opgesteld, waarmee de gemeenteraad in juni 2023 heeft ingestemd. De regiomonitor 2023 geeft de laatste stand van zaken weer. In 2024 zijn mogelijkheden voor de implementatie van de methode van JIM (Jouw Ingebrachte Mentor) voor het kernteam gestart en zal in 2025 worden vervolgd. Een JIM is een door een jongere zelf gekozen mentor, die met de jongere meedenkt.

8. Geëscaleerde zorg 18Jongeren met jeugdbescherming

Jongeren tot 18 jaar in %

2

1

0 2018

2019

2020

Pijnacker-Nootdorp

2021

2022

2023

Nederland

Van onze jongeren tot 18 jaar had 0,3% in 2023 te maken met jeugdbescherming. Dit is gelijk gebleven ten opzichte van 2022. In Nederland is dit 1.1% van de jongeren in 2023.

Jongeren met jeugdreclassering

Jongeren van 12 tot 23 jaar in %

0,5

0,25

0 2018

2019

Pijnacker-Nootdorp

2020

2021

2022

2023

Nederland

Het percentage jongeren tot 18 jaar die in 2023 te maken had met jeugdreclassering is 0,1%. Dit is gelijk gebleven ten opzichte van 2022. Meerjarig bekeken is het percentage redelijk stabiel. Landelijk ligt het gemiddelde percentage op 0,3%. In 2021 is door vier betrokken jeugdregio's en Jeugdbescherming West een verbeterplan Gecertificeerde Instellingen gepresenteerd. Hiermee zijn knelpunten rond de tarieven (harmonisering en verlaging van de caseload voor de jeugdbeschermers) opgelost. In 2024 is dat overgegaan tot het hanteren van een landelijke tarief gebaseerd op een landelijk gemiddelde caseload per jeugdbeschermer.

90

De beperkte beschikbaarheid van zorg vraagt aandacht. Hiervoor is in Haaglanden het project ‘Zorglogistiek' bij de zogenaamde ‘Experttafel Complexe Zorg’ opgezet: een project met als inzet het vermijden dat kinderen tussen wal en schip vallen. Daarbij is in 2023 de verbinding gezocht met het beleidsterrein Huiselijk Geweld en Kindermishandeling met het oog op het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Dit scenario schetst een toekomstbeeld (5à 10 jaar) en een langdurig traject met als uitgangspunten: gezinsgericht, rechtsbescherming, transparant, eenvoudig en lerend. In 2025 zetten we deze beweging voort. Het huidige stelsel van de Jeugdhulp knelt. Dit vraagt om ruimte te maken voor een nieuwe manier van werken, een lange adem en inzet/samenwerking met alle betrokken partijen in de keten ten behoeve van een duurzame gezinsveiligheid.

Wat gaan we daarvoor doen? Rol

Activiteit

Taakveld

Resultaat

Sociaal Domein

Een aangepast beleidsplan schuldhulpverlening.

Begeleide participatie

Uitvoeren regionaal projectplan realiseren van het regionaal werkcentrum . Dit betreft dienstverlening aan inwoners die nog onvoldoende worden ondersteund vanuit de reguliere dienstverlening van gemeenten en UWV.

Sociaal Domein

Vergroten van de bestaanszekerheid van kwetsbare inwoners en ondernemers.

Voorbereiding doordecentralisatie van beschermd wonen naar beschermd thuis.

Geëscaleerde zorg 18+

Verder gaan met de doordecentralisatie van beschermd wonen naar beschermd thuis. Medio 2025 wordt de lokale toegang ingericht.

Uitvoeren uitvoeringsagenda visie op het sociaal domein.

Sociaal Domein

Resultaten volgens uitvoeringsagenda visie op het sociaal domein.

Aanpak transformatie, zowel lokaal als regionaal uitvoeren en monitoren van de ambities van de Regiovisie jeugdhulp 2021-2026

Maatwerkdienstverlening 18-

Resultaten volgens het Uitvoeringsplan Jeugdhulp 2024 - 2025, inclusief oplevering van de Regiomonitor 2023

Sociaal Domein

Beheersing van de stijgende kosten binnen het sociaal domein. Via de P&C-producten wordt er gerapporteerd over de voortgang.

1. We bieden laagdrempelige Actualisatie beleidsplan schuldhulpverlening. en doelmatige oplossingen voor jongeren, ouderen, gezinnen en inwoners in een Realiseren van een regionaal werkcentrum in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC). kwetsbare positie

Evaluatie actieplan bestaanszekerheid.

2. We continueren de maatregelen om de kosten te beheersen en de kwaliteit te borgen

Opstellen en uitvoeren interventieplan kostenbeheersing sociaal domein.

Inrichten informatievoorziening en kwaliteit data ten Sociaal Domein behoeve van sturing van de raad

Rapportage met daarin gebundelde trendanalyses en ontwikkelingen binnen het sociaal domein.

Toelichting 1. We bieden laagdrempelige en doelmatige oplossingen voor jongeren, ouderen, gezinnen en inwoners in een kwetsbare positie We bieden integrale ondersteuning zodat inwoners deel kunnen (blijven) nemen aan de samenleving. Dit doen we vanuit verschillende wettelijke kaders: de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet, de Wet inburgering en de Wet schuldhulpverlening. In 2025 gaan wij door met het voorbereiden op de doordecentralisatie van beschermd wonen naar beschermd thuis, wordt het beleidsplan schuldhulpverlening geactualiseerd en wordt er een regionaal werkcentrum in de arbeidsmarktregio gerealiseerd. Ook worden de uitkomsten van de evaluatie van het actieplan bestaanszekerheid geborgd binnen de organisatie.

2. We continueren de maatregelen om de kosten te beheersen en de kwaliteit te borgen Het jaar 2025 staat in het teken van starten met activiteiten vanuit de uitvoeringsagenda van de in 2024 vastgestelde visie op het sociaal domein. De uitvoeringsagenda op hoofdlijnen wordt verder uitgewerkt en begin 2025 vastgesteld. In 2025 gaan wij aan de slag met thema's uit deze uitvoeringsagenda: versterken van de sociale basis, preventie, integraal samenwerken, kostenbeheersing en innovatie sociaal domein en datagedreven werken. Om de nieuwe realistische nullijn te realiseren, dient er een nieuw interventieplan voor kostenbeheersing in het sociaal domein te worden ontwikkeld. In 2024 zijn wij al met een aantal kostenbesparende maatregelen gestart. Daarnaast zijn, naar verwachting in november, via de nieuwe verordening jeugdhulp kostenbesparende maatregelen aan de gemeenteraad voorgelegd. In de loop van 2025 zullen wij het definitieve interventieplan

91

aan de gemeenteraad voorleggen. Hierbij worden naast de reeds gepresenteerde maatregelen in 2024, ook aanvullende maatregelen gepresenteerd. Daarnaast gaan wij ook verder met het inrichten van informatievoorziening en kwaliteit data ten behoeve van sturing van de raad.

Wat mag het kosten? Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Baten

11.630

10.665

9.774

9.651

9.033

9.033

Lasten

-45.962

-45.304

-46.984

-44.745

-44.124

-44.124

Totaal Individuele voorzieningen

-34.332

-34.639

-37.210

-35.095

-35.092

-35.092

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

630 - Inkomensregelingen

-14.800

-14.046

-12.242

-12.242

-12.239

-12.239

640 - WSW en beschut werk

-442

-388

-407

-407

-407

-407

650 - Arbeidsparticipatie

-1.062

-1.213

-1.043

-1.043

-1.043

-1.043

660 - Maatwerkvoorzieningen (WMO)

-4.332

-5.093

-5.385

-4.724

-4.724

-4.724

671A - Hulp bij het huishouden (WMO)

-4.428

-4.598

-5.039

-5.034

-5.034

-5.034

671B - Begeleiding (WMO)

-2.661

-2.469

-3.131

-3.350

-3.350

-3.350

671C - Dagbesteding (WMO)

-108

-114

-119

-119

-119

-119

672 - Maatwerkdienstverlening 18-

212

0

0

0

0

0

-4.941

-3.930

-5.264

-3.569

-2.951

-2.951

Specificatie van de lasten en baten per product Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000) Lasten per Taakveld

672A - Jeugdhulp begeleiding 672B - Jeughulp behandeling

-602

-602

-678

-678

-678

-678

672C - Jeugdhulp dagbesteding

-1.849

-2.008

-2.149

-2.149

-2.149

-2.149

672D - Jeugdhulp zonder verblijf overig

-600

-586

-616

-616

-616

-616

673A - Pleegzorg

-291

-291

-348

-348

-348

-348

673B - Gezinsgericht

-125

-125

-149

-149

-149

-149

673C - Jeughulp met verblijf overig

-1.664

-1.664

-1.798

-1.798

-1.798

-1.798

674A - Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf

-5.038

-5.038

-5.523

-5.523

-5.523

-5.523

674B - Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf

-1.916

-1.916

-2.117

-2.117

-2.117

-2.117

-210

-210

-220

-220

-220

-220

-3

0

0

0

0

0

681B - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO)

-235

-318

-335

-335

-335

-335

682A - Jeugdbescherming

-228

-228

-266

-266

-266

-266

682B - Jeugdreclassering

-52

-94

-58

-58

-58

-58

-45.374

-44.929

-46.886

-44.745

-44.124

-44.124

630 - Inkomensregelingen

8.816

8.714

8.679

8.664

8.689

8.714

640 - WSW en beschut werk

28

0

0

0

0

0

650 - Arbeidsparticipatie

129

0

0

0

0

0

660 - Maatwerkvoorzieningen (WMO)

235

232

232

232

232

232

671A - Hulp bij het huishouden (WMO)

0

0

0

87

87

87

672A - Jeugdhulp begeleiding

-4

0

0

0

0

0

199

101

97

0

0

0

7

0

0

0

0

0

389

0

0

0

0

0

9.799

9.047

9.008

8.983

9.008

9.033

-35.575

-35.882

-37.878

-35.763

-35.117

-35.092

672A - Jeugdhulp begeleiding

-199

-375

-97

0

0

0

681A - Beschermd wonen (WMO)

-389

0

0

0

0

0

674C - Gesloten plaatsing 681A - Beschermd wonen (WMO)

Totaal Lasten per Taakveld Baten per Taakveld

672D - Jeugdhulp zonder verblijf overig 673A - Pleegzorg 681A - Beschermd wonen (WMO) Totaal Baten per Taakveld Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves

92

Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

-588

-375

-97

0

0

0

630 - Inkomensregelingen

977

999

35

50

25

0

672A - Jeugdhulp begeleiding

728

620

731

618

0

0

681A - Beschermd wonen (WMO)

126

0

0

0

0

0

Totaal Onttrekkingen aan reserves

1.831

1.618

766

668

25

0

Toevoegingen en onttrekkingen reserves

1.243

1.243

669

668

25

0

-34.332

-34.639

-37.210

-35.095

-35.092

-35.092

Baten

Lasten

Actieplan Bestaanszekerheid: In 2024 zijn vanuit de bestemmingsreserve Bestaanszekerheid incidentele budgetten beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het actieplan Bestaanszekerheid. Zowel de budgetten (uitgaven) als de reservebijdrage (inkomsten) komen niet terug in 2025.

-385

-

Actieplan bestaanszekerheid: In 2024 zijn vanuit de bestemmingsreserve Bestaanszekerheid incidentele budgetten beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het actieplan Bestaanszekerheid. Zowel de budgetten (uitgaven) als de reservebijdrage (inkomsten) komen niet terug in 2025.

-

385

Armoedebestrijding: Extra budget voor een bredere inzet van het Sport- en Cultuurfonds zorgt voor hogere lasten in 2025 ten opzichte van 2024.

-

-46

Bijstandsuikeringen: Omdat de doeluitkering van het Rijk in 2023 en 2024 niet toereikend was is er vanuit de algemene middelen € 1 miljoen toegevoegd aan het budget voor de uitbetaling van bijstandsuitkeringen. Omdat de rijksbijdrage de kostenstijging van de gemeente volgt (t-2) wordt er in 2025 geen rekening meer gehouden met de inzet van eigen middelen.

-

1.000

Energietoeslag: In 2024 is het restantbudget (hogere uitgaven) Energietoeslag 2023 ingezet vanuit het resultaat van de jaarrekening 2023 (hogere inkomsten). Dit is incidenteel van aard.

-614

614

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-23

Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft hogere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat.

-

-125

0

-0

-

-19

-

0

-

170

Overig

-

-0

index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-118

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-102

Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft hogere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat.

-

-70

Overig

-

-2

index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-234

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-206

-

-1

Lasten per Taakveld Totaal Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves

Resultaat

Analyse afwijkingen - begroting 2025 t.o.v. 2024 07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000) 630 Inkomensregelingen

Overig 640 WSW en beschut werk Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld. Overig 650 Arbeidsparticipatie Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft lagere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat. 660 Maatwerkvoorzieningen (WMO)

671A Hulp bij het huishouden (WMO)

Overig

93

07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000)

Baten

Lasten

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-134

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-129

Toename begeleiding: Bij het opstellen van de begroting 2024 is op het budget Wmo begeleiding meerjarig rekening gehouden met een bovengemiddelde groei van het gebruik van deze voorziening en is er vanaf jaarschijf 2025 € 150.000 toegevoegd aan het budget.

-

-150

Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft hogere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat.

-

-248

-

-1

-

-6

Overig

-

0

Besparingsverlies Jeugd: Kostenbesparing uit hervormingen in de jeugdhulp die door het Rijk zijn opgelegd zijn door het Rijk ook al verrekend met inkomsten uit de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Deze konden tot op heden niet concreet worden ingevuld door gemeenten zodat voor 2023 en 2024 de verrekening is teruggedraaid in de meicirculaires van die jaren. Het resultaat van die hervorming voor 2024 (€ 160.000 beoogde besparing) wordt pas in de Najaarsnota 2024 teruggedraaid, dit leidt in deze vergelijking tot hogere lasten in 2025 ten opzichte van 2024.

-

-160

Incidentele budgetten: In 2024 waren er nog incidentele budgetten beschikbaar voor de uitvoering van het eerste Interventieplan Grip op het Sociaal Domein. Deze zijn er in 2025 niet meer waardoor de begrote kosten 2025 lager zijn.

-

278

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-110

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-67

111

-262

-

-735

Overig

0

0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-31

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-45

Overig

-

-0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-102

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-39

Overig

-

-0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-3

671B Begeleiding (WMO)

Overig 671C Dagbesteding (WMO) Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld. 672A Jeugdhulp begeleiding

Reservemutaties: Vanuit bestemmingsreserves zijn stortingen opgenomen voor kosten van met name tijdelijke inzet van personeel op incidentele activiteiten als implementatie van nieuwe werkwijzen en kostenbeheersingsmaatregelen. Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft hogere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat. 672B Jeughulp behandeling

672C Jeugdhulp dagbesteding

672D Jeugdhulp zonder verblijf overig

94

07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000)

Baten

Lasten

-

-27

Overig

-4

-0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-15

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-43

Overig

-

0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-6

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-17

Overig

-

-1

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-85

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-48

Overig

-

-0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-260

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-229

Overig

-

3

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-98

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-104

Overig

-

0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-11

Overig

-

0

-

-17

Overig

-

0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt

-

-12

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld. 673A Pleegzorg

673B Gezinsgericht

673C Jeughulp met verblijf overig

674A Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf

674B Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf

674C Gesloten plaatsing

681B Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld. 682A Jeugdbescherming

95

07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000) met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

Baten

Lasten

-

-26

Overig

-

-0

Index bepaling nullijn: De nullijn waarbinnen de budgetten van het sociaal domein zijn opgesteld is gebaseerd op het prijsniveau 2023. Met de reguliere indexering voor prijs en volume uit de Kadernota 2025 zijn de budgetten sociaal domein voor 2025 geïndexeerd. De indexering voor het tussenliggende jaar 2024 wordt met deze mutatie toegepast voor in totaal € 1,2 miljoen. Vanaf 2026 is de helft hiervan onderdeel van de kostenbeheersingsopdracht sociaal domein en vanaf 2027 voor de volledige € 1,2 miljoen.

-

-3

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld.

-

-3

Urentoerekening: Een herverdeling van de inzetbare uren heeft lagere lasten op dit taakveld als gevolg. De herverdeling van de toegerekende uren heeft per saldo geen effect op het begrotingsresultaat.

-

42

-

0

Indexering: Bijstellingen voor prijsindexering en volumegroei zorgen voor hogere lasten op de budgetten in dit taakveld. 682B Jeugdreclassering

Overig

Investeringen Dit programma heeft geen investeringen.

96

8. Veiligheid en duurzaamheid Pijnacker-Nootdorp heeft een veilig, schoon, leefbaar en duurzaam woon- en leefklimaat.

Algemene omschrijving Het programma Veiligheid en Duurzaamheid bestaat uit zes onderdelen: 1. Crisisbeheersing en brandweer; 2. Openbare orde en veiligheid; 3. Riolering; 4. Milieubeheer; 5. Afval; 6. Energietransitie. Met de uitwerking van deze onderdelen werken we aan een veilig en duurzaam leefklimaat. Dit willen we bereiken samen met onze inwoners, organisaties, ondernemers en bestuurlijke partners. Daarom stimuleren en faciliteren we initiatieven vanuit de samenleving, die bijdragen aan een veilige, duurzame, leefbare en energieneutrale gemeente.

Wat willen we bereiken?

Doelstelling

Een (onderscheidend) veilig, leefbaar en duurzaam leefklimaat dat veranderingen en verstoringen op kan nemen en steeds een nieuw evenwicht kan bereiken

Wat willen we bereiken

Inwoners (zijn &) voelen zich prettig en veilig in hun leefomgeving Het milieu wordt zo min mogelijk belast en de volksgezondheid wordt beschermd Energieneutraliteit in 2050

Wat gaan we daarvoor doen 1. We werken samen met inwoners, organisaties, ondernemers, brandweer en politie aan de veiligheid en leefbaarheid in onze wijken en buurten 2. De gemeente voert regie op de integrale aanpak van verschillende vormen van criminaliteit en overlast 3. Duurzaamheid versnellen, intensivering en verbreden 4. Aandacht voor lucht-, wateren bodemkwaliteit 5. Het verbeteren van toezicht en handhaving

Pijnacker-Nootdorp wil zich onderscheiden met een veilig, leefbaar en duurzaam leefklimaat. Een klimaat dat veranderingen en verstoringen op kan nemen en steeds een nieuw evenwicht kan bereiken. We willen dat inwoners zich prettig en veilig (blijven) voelen in hun leefomgeving. Daaronder verstaan we niet alleen de fysieke veiligheid in de vorm van bijvoorbeeld zo min mogelijk criminaliteit of bescherming tegen risicobronnen en incidenten. Het gaat ook over sociale veiligheid. Niemand wordt uitgesloten en inwoners ervaren een gevoel van gemeenschappelijkheid binnen de gemeente. We zetten samen met onze partners in op de integrale aanpak van verschillende vormen van criminaliteit en overlast.

97

Veiligheid De gemeente neemt in het lokale veiligheidsdomein een zichtbare regierol. We werken aan de uitvoering van het in 2023 vastgestelde Integraal veiligheidsplan. Op basis hiervan ligt de prioriteit van de gemeente en de veiligheidspartners bij: • • • •

aanpak van ondermijnende criminaliteit; jeugd en veiligheid; zorg en veiligheid en weerbaarheid tegen digitale criminaliteit.

Daarnaast zetten we, samen met onze partners, in op de integrale aanpak van verschillende vormen van criminaliteit en overlast en op het weerbaar maken van onze inwoners en ondernemers. We willen daarmee slachtofferschap zo veel als mogelijk voorkomen. Bovendien willen we ervoor zorgen dat men beter in staat is om overlast en veiligheidsproblemen (tot op zekere hoogte) met elkaar op te lossen. Inwoners die zich actief inzetten voor (de veiligheid in) hun wijk voelen zich over het algemeen ook veiliger. (Kwetsbare) personen die overlast veroorzaken of dader zijn, worden niet alleen (strafrechtelijk) aangepakt. Er wordt ook voor gezorgd dat deze personen de juiste hulpverlening krijgen om problemen in de toekomst te voorkomen.

Leefbaarheid Om de leefbaarheid en sociale samenhang in wijken te bevorderen, wordt er door de gemeente en maatschappelijke stakeholders gewerkt vanuit het ‘beleidskader wijken die werken’. Hiermee wordt gestreefd naar meer burgerinitiatief en meer eigen kracht, versterkte preventie en samenwerking tussen gemeente, organisaties en inwoners. Hiervoor zetten we de Buurtknip in en organiseren we het netwerkoverleg ‘wijken die werken’ en de in samenwerking opgestelde ontwikkelagenda van de netwerkpartijen Bibliotheek Oostland, SWOP en Gro-up Buurtwerk in de samenwerkingsorganisatie SBJ Samen Sterk.

Riolering Het verbreed Gemeentelijk rioleringsplan (vGRp) beschrijft hoe we in de periode 2022 tot en met 2025 invulling zullen geven aan onze watertaken en op welke wijze dit bijdraagt aan onze ambities. Met de zorg voor de riolering wordt gewerkt aan de bescherming van de volksgezondheid, veiligheid en kwaliteit van de leefomgeving en de bescherming van het milieu en de natuur.

Milieubeheer Onder milieubeheer verstaan we alle taken die worden uitgevoerd om negatieve milieugevolgen te voorkomen, terug te dringen en/of weg te nemen. Dit doen we enerzijds door bij ruimtelijke planvorming onderwerpen als bodem, geluid, lucht, externe veiligheid en milieuzonering (gevoelige functies en milieubelastende activiteiten zodanig te situeren dat nadelige gevolgen worden voorkomen) in een vroeg stadium mee te wegen. Anderzijds werken we aan het terugdringen of wegnemen van situaties met een slechtere milieukwaliteit. Een voorbeeld hiervan is het Actieplan Geluid. Dat bevat maatregelen om hoge geluidbelastingen op woningen terug te dringen. Een ander voorbeeld is de sanering van in het verleden ontstane bodemverontreinigingen. Dat doen we als gemeente niet alleen. De Omgevingsdienst Haaglanden is hierin een belangrijke partner die namens de provincie en namens de gemeente een groot deel van de taken op het gebied van milieuvergunningverlening, toezicht en handhaving uitoefent. Het in 2024 gestarte proces om te komen tot het omgevingsprogramma Leefkwaliteit werkt de doelen en acties voor milieubeheer in de komende jaren uit. Ook een klimaatadaptieve inrichting van de openbare ruimte speelt een belangrijke rol bij het realiseren van een veilige, leefbare en duurzame gemeente voor mensen, planten en dieren. Daar hoort ook aandacht voor water bij.

Vanuit de gemeentelijke watertaken, waarin de drie zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater zijn ondergebracht, kunnen we een bijdrage leveren aan deze ambities. In de omgevingsvisie en in het omgevingsprogramma Klimaatbestendige gemeente wordt hier nader op ingegaan. Dit omgevingsprogramma start in 2025 en meer informatie hierover vindt u in programma 4 van deze begroting.

Afval De invoering van ‘Het Nieuwe inzamelen’ (HNI) is voltooid. HNI heeft geleid tot een afname van fijn restafval met ongeveer 25% en een beter gebruik van grondstoffen. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan het milieu. De cijfers laten tegelijkertijd zien dat de gestelde doelen (100 kg restafval en 75% afvalscheiding) nog

98

niet binnen bereik zijn. In deze raadsperiode wordt er gewerkt aan de doorontwikkeling van het afvalbeleid om de doelststellingen van het Programma Van Afval Naar Grondstof te kunnen behalen. Hiervoor is in 2024 het participatietraject gestart. Ondertussen wordt gewerkt aan het verbeteren van de kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen, zoals PMD en GFT(E). Bijvoorbeeld door middel van pilots en communicatiecampagnes.

Energietransitie In 2050 komt alle energie in onze gemeente uit hernieuwbare bronnen en verbruiken we minder energie. Dat staat in het Energietransitieplan en Uitvoeringsprogramma dat in 2021 is vastgesteld. Daarmee is de basis voor de energietransitie gelegd, maar versnelling en intensivering is nodig om onze doelstellingen zo mogelijk eerder dan 2050 te halen. De landelijke overheid stimuleert en faciliteert deze versnelling en stelt hiervoor wet- en regelgeving op. Naar verwachting zal op 1 januari 2025 nieuwe wet- en regelgeving rondom warmte in werking treden. Dat is aanleiding om het Energietransitieplan uit 2021 te actualiseren en toe te voegen aan het met de samenleving op te stellen omgevingsprogramma Warmte (Energie). In dit omgevingsprogramma komen onderwerpen als de betaalbaarheid van warmteoplossingen en maatregelen rondom netcongestie terug. In het project Aardgasvrij Klapwijk is gebleken dat dit op dit moment te duur is en er onvoldoende urgentie is om van het gas af te gaan. We staan daarbij open voor nieuwe ontwikkelingen en zijn bereid om waar nodig ons huidige beleid aan te passen en een actieve rol te nemen in ontwikkeling rondom de energietransitie.

Stand van zaken en vooruitblik 1. Crisisbeheersing en brandweer

Begin 2024 is het Regionaal Plan Gemeentelijke Crisisbeheersing vastgesteld. Dit plan beschrijft de onderdelen van de gemeentelijke crisisorganisatie en bevolkingszorg. Het plan wordt nader uitgewerkt in taak- en procesplannen. Per 1 juli 2024 is de nieuwe gemeentelijke crisisorganisatie en bevolkingszorg gestart. De nadere uitwerking van het regionale plan en het opleiden en trainen van betrokken medewerkers loopt door in 2025. Vanuit het Regionaal Risicoprofiel en het Regionaal Beleidsplan 2023 – 2026 Veiligheidsregio Haaglanden zijn de volgende risico’s als prioritair benoemd: • • • • •

bedreiging volksgezondheid terrorisme verstoring openbare orde verstoring energievoorziening gevolgen van extreem weer

Op dit moment is de intergemeentelijke werkgroep bezig met taakomschrijvingen en werkinstructies over ‘gevolgen van extreem weer’. In 2025 gaat de werkgroep aan de slag met één van de andere prioritaire risico’s.

2. Openbare orde en veiligheid

Vanaf 2023 is er flink geïnvesteerd op thema veiligheid en handhaving. Met extra capaciteit op handhaving, ondermijning en veiligheid zijn er stappen gezet om de basis op orde te krijgen. Ook beleidsmatig is er geïnvesteerd in een nieuw integraal veiligheidsplan. De doelen en prioriteiten op het gebied van openbare orde en veiligheid zijn vastgelegd in het Integraal veiligheidsplan 2023 – 2026 (hierna IVP): 1. 2. 3. 4.

aanpak van ondermijnende criminaliteit; jeugd en veiligheid; zorg en veiligheid en weerbaarheid tegen digitale criminaliteit.

1. Aanpak van ondermijnende criminaliteit In 2023 zijn middels het Uitvoeringsplan ondermijning structurele middelen beschikbaar gekomen om te kunnen investeren in de aanpak van ondermijning. Daarvoor werken we samen met verschillende partners in integrale controles, casuïstiek en beleidsontwikkeling. Er is een lokaal ondermijningsoverleg voor het bespreken van signalen en casuïstiek en er worden maandelijks integrale controles uitgevoerd op verschillende locaties. Daar waar nodig en mogelijk wordt (naast strafrechtelijk) bestuursrechtelijk gehandhaafd tegen ondermijnende

99

activiteiten. We investeren in bewustwording en weerbaarheid tegen ondermijning binnen en buiten de gemeentelijke organisatie door trainingen en campagnes. Daardoor verbetert onze informatiepositie. Steeds vaker ontvangen we signalen van ondermijning vanuit de gemeentelijke organisatie en de lokale samenleving. Deze signalen worden vervolgens opgewerkt tot een casus of geven aanleiding tot een integrale controle. In 2025 wordt deze lokale integrale aanpak van ondermijning verder doorgezet en doorontwikkeld.

Drugsdelicten

Per 10.000 inwoners

10

5

0 2018

2019

2020

2021

Pijnacker-Nootdorp

2022

2023

Nederland

2. Jeugd en Veiligheid In 2023 was het totaal aantal geregistreerde incidenten van jeugdoverlast 263. In 2022 was dit aantal met 465 nog een stuk hoger. Dit verschil is mede te verklaren door de jeugdoverlast op de Parade in de zomer van 2022. Ook in de eerste vijf maanden van 2024 zien we een afname van 22% in het aantal geregistreerde incidenten van jeugdoverlast ten opzichte van dezelfde periode in 2023. Op de Parade is het in het afgelopen jaar veel rustiger geweest qua jeugdoverlast. Dit wordt wel blijvend scherp gemonitord door politie, handhaving en jongerenwerk. Ondanks dat er sprake is van een daling in de cijfers, blijft het van belang dat we inzetten op overlast en veiligheid in relatie tot jeugd. De onderstaande tabel geeft het aantal politieregistraties van overlast door jeugd per 10.000 inwoners weer (bron: waarstaatjegemeente.nl, 26 juni 2024). 2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

311

286

351

278

173

346

284

307

Landelijk zijn er zorgelijke trends en ontwikkelingen zichtbaar op het gebied van jeugd en veiligheid. Deze trends zien we ook (in lichte mate) terug bij de jeugd in Pijnacker-Nootdorp. Daarom blijven we ook in 2025 samen met onze zorg- en veiligheidspartners inzetten op het tijdig signaleren van problemen onder de jeugd, zoals overlast, middelengebruik en/of het plegen van strafbare feiten. Op die manier kunnen we tijdig de juiste hulp bieden of een integrale aanpak inzetten. Hiermee willen we voorkomen dat jongeren ernstige overlast veroorzaken of zelfs het verkeerde (criminele) pad opgaan. De onderstaande grafiek laat het aantal verwijzingen Halt zien per 1000 inwoners (bron: waarstaatjegemeente.nl, 26 juni 2024).

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14544838/2