CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2022

Informatieavond 30 mei 2023, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Jaarrekening 202242.681 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Kadernota

Begroting

Planning & Control-cyclus

Jaarrekening

rin

e nak ko or

gsa gen

Bedr

Jaarstukken 2022

d

ge

oe

lij n

ra

o Ui

tv

ad

Ho

fd

o da c

ijf s p la n D

T

ll e

Najaarsnota

Inhoudsopgave 3 Voorwoord 4

Leeswijzer

6 Bestuurlijke Samenvatting 17 Jaarverslag 19 Programmaverantwoording

21 33 45 55 63 77 93 109 119 127

1. Ruimte en wonen 2. Economie en glastuinbouw 3. Mobiliteit 4. Groen, water & recreatie 5. Onderwijs 6. Collectieve voorzieningen 7. Individuele voorzieningen 8. Veiligheid en duurzaamheid 9. Bestuur en dienstverlening Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

135 Paragrafen 137 147 155 161 165 171 181 189 191 192

Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Gemalendienst NAD Sociaal Domein Wet open overheid (Woo)

193 Jaarrekening 195 197 211 213 216 233 240 242 243 247

Overzicht van baten en lasten Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid Balans Waarderingsgrondslagen Toelichting op de balans Overzicht Incidentele baten en lasten Overzicht van baten en lasten per Taakveld Overzicht WNT Overzicht Sisa Controleverklaring

249 Bijlagen 249 250 252

2

Kerngegevens Rapportage Interbestuurlijk toezicht (IBT) Kaderstellende nota's/plannen

Voorwoord Hierbij presenteert het college van B&W de jaarstukken 2022 en legt daarmee verantwoording af over het gevoerde beleid, zowel inhoudelijk als financieel. In de jaarstukken 2022 legt het college verantwoording af over het gevoerde financiële beleid en de behaalde resultaten in het afgelopen jaar. Ook in deze raadsperiode, die startte in maart van het afgelopen jaar, is het beleid gebaseerd op een raadsagenda die breed in de raad is aangenomen. De raadsagenda kenmerkt zich door voortzetting van het al eerder ingezette beleid, aangevuld met accenten voor de huidige raadsperiode. Het jaar 2022 onderscheidt zich van eerdere jaren door het einde van de Corona maatregelen in het voorjaar. Dit maakte een eind aan een hectische periode voor onze inwoners, ondernemers en organisaties maar zeker ook voor de medewerkers van de gemeente. Het jaar 2022 kenmerkt zich ook door het uitbreken van een oorlog in Europa met de inval van Rusland in Oekraïne. Acute opvang van ontheemden uit Oekraïne was daarmee een nieuwe taak voor de gemeente. En er kwam in 2022 veel meer op het bord van de gemeente, onder andere: maatregelen rond de kinderopvangtoeslagen, bestaanszekerheid, energiecrisis, opvang vluchtelingen, stikstof et cetera. Samen met taken op het gebied van de energietransitie en woningbouw is er het afgelopen jaar veel gevraagd van onze medewerkers.

Ook financieel was 2022 een jaar met veel onzekerheden, die in 2023 nog niet lijken te zijn opgelost. Veel ad hoc taken vanuit het rijk werden vergezeld van incidenteel geld en ook de hoogte van het door het rijk beschikbare gemeentefonds is zowel gedurende het lopende jaar als meerjarig op z’n minst onvoorspelbaar te noemen. Deze onvoorspelbaarheid maakt het voor de raad en het college lastig om te anticiperen op de beschikbare financiële middelen. Het verloop van het saldo over 2022 is een wel heel duidelijk voorbeeld hiervan. In november 2021, bij het opstellen van de begroting was het verwachte resultaat nog 2,8 miljoen euro, na de nodige bijstellingen dachten we eind 2022 een bedrag van 6,4 miljoen euro over te houden en uiteindelijk sluiten we het jaar af met een overschot van 19,3 miljoen euro. De oorzaken zijn complex en divers en worden in het eerste deel van het boekwerk nader toegelicht. Het is deze keer voor het laatst dat onze jaarstukken door de accountants van BakerTilly zijn beoordeeld. Zoals alle voorgaande jaren hebben zij hun jaarrekeningcontrole weer afgesloten met het verstrekken van een goedkeurende verklaring voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid. Het college bedankt de mensen van BakerTilly voor de hele fijne, constructieve en leerzame samenwerking.

Ten slotte wil ik hierbij namens het college iedereen bedanken voor alle inzet in 2022 en voor een ieder die heeft meegewerkt aan de totstandkoming van de jaarstukken 2022. Het was weer een hele klus en met elkaar hebben we hem geklaard! Pijnacker, mei 2023 Namens het College van Burgemeester en Wethouders van Pijnacker-Nootdorp, Peter Hennevanger, wethouder financien.

3

Leeswijzer De jaarstukken zijn het instrument om te beoordelen of het college in overeenstemming met de in de programmabegroting gestelde kaders heeft geopereerd. De jaarstukken zijn daarmee het sluitstuk van de planning- en controlcyclus. De jaarstukken bestaan uit twee delen: • het jaarverslag met daarin de programmaverantwoording met de paragrafen en; • de jaarrekening met daarin de programmarekening met toelichting en de balans met toelichting.

Jaarverslag Programmaverantwoording Hier wordt ingegaan op de resultaten per programma, zowel in beleidsmatig als in financieel opzicht. De programmaverantwoording begint met de doelstelling van het programma en bestaat daarna uit de volgende onderdelen: Wat wilden we bereiken? (maatschappelijk effect) • Hier zijn de subdoelstellingen van het programma vermeld. Wat hebben wij daarvoor gedaan? (inspanning/rol van de gemeente) • Wat is de inspanning van de gemeente om het maatschappelijk effect te bereiken. Realisatie maatschappelijk effect • Per subdoelstelling is één of een aantal activiteiten benoemd die bijdragen om het gewenste effect te realiseren. Na het beleidsmatig onderdeel volgt het onderdeel ‘Wat heeft het gekost?' waaronder diverse financiële overzichten zijn opgenomen en de lasten en baten per taakveld van de: • primaire begroting 2022 • begroting 2022 na wijziging • rekening 2021 • rekening 2022 • afwijking ten opzichte van begroting 2022 na wijziging • afwijking ten opzichte van rekening 2021. Tevens wordt een financiële analyse gegeven van de afwijking tussen de begroting (na wijziging) 2022 en de rekening 2022. Daarna volgt een overzicht van de beschikbare investeringen 2022, de werkelijke uitgaven daarop, en een toelichting. Als apart programma wordt een toelichting gegeven op de Algemene dekkingsmiddelen, overhead, VPB en de post onvoorzien.

Hierin worden de algemene middelen van de gemeente toegelicht; waar komt het geld vandaan dat de gemeente in 2022 heeft besteed? Specifieke uitkeringen en ontvangsten worden bij de programma’s toegelicht voor zover hierover relevante ontwikkelingen zijn te melden.

Paragrafen In de paragrafen komen de onderwerpen aan de orde die van belang zijn om inzicht te krijgen in de financiële positie van de Gemeente Pijnacker-Nootdorp. De paragrafen geven vanuit diverse perspectieven een dwarsdoorsnede van de rekening. De focus is daarbij gericht op belangrijke beheerprocessen en het beleid dat daaraan ten grondslag ligt. U vindt daarin de verantwoording over de volgende beheersmatige onderwerpen: • Lokale heffingen • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Onderhoud kapitaalgoederen • Financiering

4

• • • • • •

Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Gemalendienst NAD Sociaal Domein Wet open Overheid (Woo)*

*De Wet open overheid (Woo) is 1 mei 2022 in werking getreden. Met deze nieuwe wet is een belangrijke stap gezet naar een opener overheid. De Woo vergroot voor iedereen de toegang tot overheidsinformatie, bevordert de actieve openbaarmaking en actualiseert de regels voor openheid en openbaarheid. De verplichting tot actieve openbaarmaking wordt gefaseerd ingevoerd (bij Koninklijk Besluit), om organisaties de tijd te geven de openbaarmaking van deze categorieën in te richten. Deze fasering is gebaseerd op informatiecategorie, welke zijn opgenomen in de wet. Eerst wordt het mogelijk gemaakt om een informatiecategorie aan te leveren aan het Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI). Daarna zal bij de verdere implementatie op basis van de aanleverervaringen en in overleg met de betrokken overheidsorganisaties een verplichte invoeringsdatum worden afgesproken.

Jaarrekening Programmarekening en toelichting In dit hoofdstuk zijn diverse (verplichte) financiële overzichten opgenomen met vergelijkende cijfers. Het is in feite een andere wijze van presenteren van de cijfers die zijn opgenomen in de programma-verantwoording onder het kopje 'Wat heeft het gekost?' en enkele aanvullende financiële overzichten.

Balans en toelichting Het laatste onderdeel gaat in op de financiële positie aan de hand van de balans. Daarbij is aandacht geschonken aan de balanspositie van het eigen vermogen en de mutaties die daar het afgelopen jaar in hebben plaatsgevonden.

5

Bestuurlijke Samenvatting Resultaat 2022 De jaarrekening 2022 sluit met een voordelig resultaat na bestemming van € 19,3 miljoen. Aanvankelijk was het saldo van de begroting, zoals die in het najaar van 2021 door de raad is vastgesteld (de zogenoemde primaire begroting) € 2,8 miljoen positief. In de loop van het jaar is de begroting meermaals door de raad bijgesteld op basis van een aantal ontwikkelingen en de hieruit voortvloeiende raads- en collegevoorstellen. Het laatste moment waarop de begroting in omvang en saldo is bijgesteld, was de najaarsnota. Toen werd in totaal een voordelig resultaat na bestemming van € 6,4 miljoen verwacht. Het verschil tussen het begrotingssaldo na de begrotingswijziging van de Najaarsnota 2022 en het uiteindelijke resultaat over 2022 is € 12,9 miljoen. In onderstaand overzicht wordt het verloop vanaf de primaire begroting tot de uiteindelijke realisatie over 2022 in totalen weergegeven. Omschrijving (bedragen * € 1.000) Primaire begroting

Lasten

Baten

Saldo

V/N

-177.137

179.895

2.757

V

Mutaties Kadernota 2022

-7.945

10.059

2.114

V

Mutaties Najaarsnota 2022

-12.709

14.250

1.541

V

Totaal begroot

-197.805

204.216

6.411

V

Jaarrekening 2022

-172.191

191.482

19.291

V

25.614

-12.734

12.880

V

Verschil *) in de tabel kunnen afrondingsverschillen voorkomen

Analyse resultaat 2022 ten opzichte van het begrotingssaldo per december 2022 Het verschil tussen het jaarrekeningresultaat 2022 ten opzichte van de verwachting ten tijde van het opstellen van de Najaarsnota 2022 is 12,9 miljoen euro. Een groot deel daarvan, ongeveer € 6,5 miljoen, wordt via de resultaatbestemming opgenomen in de budgetten voor 2023 of in een specifieke bestemmingsreserve. Onderstaand worden per subcategorie de belangrijkste oorzaken benoemd. In de tabel daaronder is een gedetailleerdere analyse opgenomen.

Algemene dienst € 7,9 miljoen Het verschil ten opzichte van de Najaarsnota 2022 bedraagt € 7,9 miljoen. Hiervan wordt voor € 4,9 miljoen aan budgetten doorgeschoven naar 2023 of opgenomen in een bestemmingsreserve middels resultaatbestemming, is € 400.000 het gevolg van een niet verwachte vrijval pensioenvoorzieningen wethouders (vanwege hogere rekenrente) en is per saldo een lagere overhead toegerekend aan de gemeentelijke exploitatie van € 628.000 (zie paragraaf 1 bij Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien). Daarnaast zijn enkele nieuwe beheerplannen laat van kracht geworden waardoor niet alle onderhoudsbudgetten zijn ingezet.

Grondexploitaties € 1,2 miljoen Eind eerste kwartaal 2023 wordt de actualisatie van de grondexploitaties opgesteld aan de hand van de laatste inzichten. De financiële vertaling hiervan kan niet eerder dan bij de jaarrekening worden verwerkt.

Sociaal domein € 0,9 miljoen Het resultaat bedraagt € 936.000, waarvan € 311.000 overschot BUIG en € 103.000 voor de energietoeslag. Beide posten worden meegenomen in het voorstel voor resultaatbestemming.

Bijzondere financiële mutaties € 2,8 miljoen Een groot deel wordt veroorzaakt door vrijval van stelposten vanuit de algemene uitkering € 0,8 miljoen en het niet meer kunnen inzetten van inkomsten vanuit de decembercirculaire € 1,1 miljoen. In totaal wordt hiervan € 1,2 miljoen meegenomen in het voorstel voor resultaatbestemming. Daarnaast valt de stelpost areaal vrij voor € 0,8 miljoen en is € 0,4 miljoen rente ontvangen als gevolg van de stijgende rentevergoeding per september 2022.

6

Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Bedrag

V/N Programma

Taakveld ruimte en leefomgeving: verkoopopbrengst van RvR-recht Oude Leedeweg 5-7 te Pijnacker. Middels resultaatbestemming wordt voorgesteld deze opbrengsten te storten in de bestemmingsreserve kwaliteitsverbetering Groenzoom, Dit conform de afspraken binnen de Groenzoom met de Provincie Zuid-Holland en de gemeente Lansingerland.

275

V

1

Taakveld wonen en bouwen: Het aanvullende budget voor beheer en onderhoud huisvesting is niet volledig ingezet.

114

V

1

Taakveld economische ontwikkeling: In 2021 is eenmalig budget beschikbaar gesteld voor vier Greenport projectplannen. Het projectplan Toekomst Tuinbouw Oostland is in 2022 afgerond. De andere drie projectplannen zijn vertraagd en lopen door in 2023. Voorgesteld wordt het restant bedrag met resultaatbestemming over te hevelen naar 2023.

67

V

2

Taakveld economische ontwikkeling: Het project gebiedsvisie Boezem is gestart aan de hand van een startnotitie middels collegebesluit. Een budget is beschikbaar gesteld voor de co-financiering ten behoeve van de MRDH-subsidie en dient beschikbaar te blijven voor 2023. Afronding van het project is gepland eind Q2 van 2023. Voorgesteld wordt het budget met resultaatbestemming over te hevelen naar 2023.

31

V

2

Taakveld economische ontwikkeling: In 2022 is budget ter beschikking gesteld voor de pilot gezamenlijk centrummanagement en de economische conferentie. De economische conferentie heeft in overleg met de bestuurder niet plaats gevonden onder andere door capaciteitsknelpunten. Tevens is de Pilot gezamenlijk centrummanagement niet van de grond gekomen in 2022.

25

V

2

Taakveld bedrijvenloket en bedrijfsregelingen: De ondernemersprijs heeft niet plaatsgevonden in 2022.

18

V

2

Taakveld verkeer en wegen: Omdat het oude beheerplan Civiele kunstwerken 2016-2019 is verlopen vindt er geen dotatie aan de voorziening Civiele kunstwerken plaats in 2022.

223

V

3

Taakveld verkeer en wegen: De vorming van de voorziening Metropolitane fietsroute ad € 2.615.000 wordt door de accountant als onrechtmatig aangemerkt, omdat per 31 december 2022 nog geen sprake is van een harde verplichting c.q. er nog geen beheerplan is ter onderbouwing van een te vormen onderhoudsvoorziening. Voorgesteld wordt om de middelen via resultaatbestemming te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve MFR zodat de middelen beschikbaar blijven voor het project.

2.615

V

3

Taakveld verkeer en wegen: In 2020 is budget beschikbaar gesteld voor het verkeersveiliger maken van de rotondes. Vanwege Covid-19 is hierin vertraging opgetreden. In 2023 worden de werkzaamheden uitgevoerd gebaseerd op het onderzoek van Goudappel en Coffeng. Voorgesteld wordt het restant bedrag met resultaatbestemming over te hevelen naar 2023.

100

V

3

Taakveld verkeer en wegen: Het nieuwe beheerplan wegen 2022-2025 is in september 2022 door de raad vastgesteld. Hierdoor zijn de budgetten in het eerste jaar niet volledig benut ad €100.000. Tevens een lagere dotatie aan de voorziening onderhoud wegen van € 231.500.

332

V

3

Taakveld verkeer en wegen: Het beschikbaar gestelde budget voor onderzoeken mobiliteitsbeleid is niet benut.

36

V

3

Taakveld openbaar groen en recreatie: De onderhoudsbudgetten voor recreatiegebieden wandelbos, Zijdeweg en Boezem zijn niet volledig ingezet.

60

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: Het budget voor onderhoud van de recreatiegebieden is bij de financiële inrichting te ruim opgenomen. Hierdoor is in 2022 een overschot ontstaan. In het beheerplan groen 2023-2026 wordt hiermee in bepaling van de hoogte van de budgetten rekening mee gehouden.

100

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: In het onderhoudsbudget 2022 is rekening gehouden met het onderhoud in het weidevogelkerngebied. De overdracht van dit gebied heeft echter nog niet plaatsgevonden.

68

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: Door personeelsverloop zijn de opgenomen ambities uit het beleids- en beheerplan openbaar groen 2019-2022 niet volledig in uitvoering genomen. Daarnaast is het opgenomen budget voor stortkosten in 2022 niet volledig benut.

200

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: In het waterklimaatplan zijn voor het jaar 2022 een aantal projecten opgenomen die niet zijn uitgevoerd: bijdrage aan Delfland in het onderhoud aan twee gemeentelijke stuwen, het opstellen van een hittestressplan-kaart en operatie steenbreek. De projecten worden in 2023 uitgevoerd. Voorgesteld wordt het restant bedrag met resultaatbestemming over te hevelen naar 2023.

88

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: Voor de aanleg van een groenstrook en bomen langs de Zijdeweg is eenmalig € 120.000 beschikbaar gesteld. De werkelijke kosten vallen veel lager uit. Van het overschot is nog € 45.000 nodig voor extra verzorging in 2023 en 2024. Voorgesteld wordt via resultaatbestemming € 45.000 aan de voorziening openbaar groen toe te voegen.

90

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: De nog te ontvangen slottermijnen (20%) van de provincie over boekjaar 2020 en 2021 zijn in 2022 ontvangen, maar dit was begroot in 2023.

120

V

4

Taakveld openbaar groen en recreatie: Betreft de jaarlijkse vrijval vanuit de voorziening onderhoud wandelbos Laakweg van € 95.000. Van de Provincie Z-H heeft de gemeente een afkoopsom ontvangen van in totaal € 1,4 miljoen ter dekking van de kosten voor onderhoud van het bos voor de komende 15 jaar.

95

V

4

Taakveld onderwijshuisvesting: In 2022 lagere kosten voor de huisvesting dan was begroot.

69

V

5

Taakveld onderwijshuisvesting: Het reguliere budget van € 50.000 voor verhuis en inrichtingskosten is niet besteed. Het budget vanuit de IHPO is minder besteed dan begroot. En niet alle scholen, die waren voorzien, zijn verhuisd.

92

V

5

Taakveld onderwijsbeleid en leerlingzaken: Bij lokaal onderwijsbeleid was de aanvraag voor de reguliere peuteropvang lager dan begroot.

50

V

5

7

Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Bedrag

V/N Programma

Taakveld onderwijsbeleid en leerlingzaken: De kosten voor leerlingenvervoer zijn het afgelopen jaar toegenomen. Een toename van het gebruik, hogere tarieven en verplichtingen uit een aflopend contract zorgen voor een overschrijding. De voorgaande jaren was het budget nog toereikend als gevolg van een beperkter gebruik (Corona) maar voor de komende jaren wordt een bijstelling verwerkt.

-76

N

5

Taakveld sportaccommodaties: In januari 2022 zijn de sporthallen gesloten geweest door de laatste lockdown als gevolg van Corona. De huuropbrengsten zijn echter niet zoveel achtergebleven als vooraf verwacht. Hierdoor ontstaat een voordeel ten opzichte van de begroting.

62

V

6

Taakveld sportaccommodaties: Vanwege de niet meer te verrekenen btw kan tot en met 2023 een subsidie aangevraagd worden. Vanwege de onzekerheid hiervan en het incidentele karakter was dit niet begroot.

140

V

6

Taakveld sportaccommodaties: De reservering voor vergoeding van gemiste uren als gevolg van het wegvallen schoolzwemmen is niet benut.

48

V

6

Taakveld cultuurpresentatie en cultuurparticipatie: De subsidie aanvragen voor particuliere initiatieven in 2022 waren lager dan begroot.

35

V

6

Taakveld Wijkteams: Bij de Najaarsnota is aan de batenkant een bedrag opgenomen dat als rijksvergoeding voor de uitvoering van de KOT regeling verwacht wordt. Op basis van de werkelijke aantallen gedupeerden/plannen van aanpak en gemaakte kosten per 31-12 is een definitieve rijksvergoeding opgenomen die licht afwijkt van de voorlopige berekening bij de Najaarsnota. Omdat deze regeling voor gemeenten kostenneutraal uitgevoerd kan worden is ook in de Najaarsnota een bedrag ter hoogte van dezelfde rijksvergoeding aan de lastenkant opgenomen. De kosten zijn binnen het budget gebleven maar zullen in 2023 alsnog worden gemaakt. Voor dit onderwerp wordt daarom voorgesteld om de resterende middelen à € 236.470 door middel van resultaatbestemming in 2023 beschikbaar te stellen.

295

V

6

Taakveld Maatwerkdienstverlening 18+: De budgetten voor kwijtscheldingen van afval en riool zijn niet volledig ingezet in 2022. De verwachting van een toename in kwijtscheldingen als gevolg van de coronapandemie is uitgebleven. Bij het opstellen van de begroting 2024 vindt er een actualisatie van de kostendekkendheidberekeningen plaats voor afval en riool waarin de budgetten voor kwijtscheldingen worden bijgesteld.

78

V

7

Taakveld Milieubeheer: De motie verduurzaming woningen particulieren kent in 2022 geen besteding. In juli 2022 zijn de vervolgstappen voor energieadvies in de raad geweest en voorgesteld wordt het bedrag met resultaatbestemming over te hevelen naar 2023.

27

V

8

Taakveld afval: De ontvangen subsidie voor gescheiden afvalinzameling en de vergoeding van HVC (huisvuilcentrale) voor garantstelling zijn hoger dan begroot.

210

V

8

Taakveld afval: De bijdrage ten behoeve van de dienstverleningsovereenkomst met Avalex is lager dan begroot.

132

V

8

Taakveld Bestuur: Op basis van de jaarlijkse actuariële berekeningen een vrijval van de voorziening wethouderspensioenen. Dit als gevolg van een hogere rekenrente (van 0,551% naar 2,472%).

400

V

9

Taakveld Burgerzaken: Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. De Woo heeft als doel om de transparantie van de overheid te verbeteren en vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Vanuit de algemene uitkering van het gemeentefonds ontvangt de gemeente de komende jaren extra middelen voor de implementatie. In 2022 was er onvoldoende capaciteit om het project te starten waardoor het budget voor 2022 niet is benut.

136

V

9

Taakveld OZB woningen: Meeropbrengsten OZB woningen doordat er meer opgelegd is dan begroot. Het verschil wordt veroorzaakt doordat in de begroting wordt gerekend met een gemiddelde areaaluitbreiding van woningen over vier jaar.

170

V

10

Taakveld OZB niet woningen: Meeropbrengsten OZB niet woningen doordat er meer opgelegd is dan begroot. Het verschil wordt veroorzaakt door areaaluitbreiding van niet woningen welke niet in de begroting is meegenomen en doordat minder sprake is van leegstand bij niet-woningen.

104

V

10

Taakveld overhead: Betreft het saldo op overhead.

628

V

10

Taakveld overige baten en Lasten: Een post voor onvoorziene uitgaven is wettelijk verplicht onderdeel van de begroting en wordt jaarlijks aangepast aan de inflatie en groei van de gemeente. Het restant van € 80.000 is niet ingezet en valt daarmee vrij.

80

V

10

Taakveld overige baten en lasten: Voor de verwachte oninbaarheid van debiteuren is een voorziening dubieuze debiteuren gevormd wat op mindering wordt gebracht van het debiteurensaldo. Betreft een vrijval van afgerond € 43.000.

43

V

10

Taakveld overige baten en lasten: Een voordeel van € 71.000 als gevolg van een hogere uitkering vanuit het UWV.

71

V

10

Taakveld overige baten en lasten: Vanwege de niet meer te verrekenen btw op sportfaciliteiten kan tot en met 2023 een subsidie aangevraagd worden. Vanwege de onzekerheid hiervan en het incidentele karakter was dit niet begroot.

51

V

10

Overige verschillen Saldo algemene dienst

475

V

7.977

V

Grondexploitaties* Een hogere verwachte winstuitname op grondexploitaties niet-bedrijventerreinen.

3.354

V

1

Een lagere verwachte winstuitname op grondexploitaties bedrijventerreinen.

-1.122

N

2

Een hogere storting in de voorziening 'Nadelige complexen' als gevolg van negatieve resultaten op de grondexploitaties.

- 567

N

1

8

Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Bedrag

V/N Programma

Een hogere onttrekking aan de algemene reserve a.g.v. hogere storting voorziening 'Nadelige complexen'.

567

V

1

De fiscale berekening van de vennootschapsbelasting over de winstuitname op grondexploitaties valt lager uit dan begroot.

369

V

10

-1.840

N

1

396

V

1

1.157

V

Wmo

-113

N

6&7

Jeugdzorg

492

V

5, 6 & 7

PGB's

-13

N

7

Participatie. Het saldo bestaat voornamelijk uit een overschot van € 311.000 op de toegekende rijksbijdrage BUIG, bestemd voor de kosten van bijstandsuitkeringen, en een nog niet uitbetaald deel van het budget voor de uitkering van de Energietoeslag à €102.755. Beide onderwerpen staan opgenomen in de voorgestelde resultaatbestemming.

570

V

7

Saldo Sociaal domein

936

V

Stelpost algemene uitkering. Ontvangsten algemene uitkering die gelabeld staan voor onder meer versterking dienstverlening gemeenten voor € 210.548, de uitvoering van de energietransitie voor € 245.000, maatschappelijke begeleiding van statushouders voor € 92.430 en inburgering voor € 63.563 zijn laat toegekend (decembercirculaire) en/of hebben nog geen concreet bestedingsdoel. Deze posten komen terug in het overzicht van voorgestelde resultaatbestemming.

772

V

10

Algemene uitkering: De begrote inkomsten algemene uitkering 2022 zijn afgestemd op de informatie uit de septembercirculaire. Daarna volgde nog een decembercirculaire waarvan de uitkomsten een afwijking hebben veroorzaakt van € 1.085.000 op de begrote inkomsten. Een voorschot op de tweede tranche van de energietoeslag (€ 572.000 positief) vormt hiervan het grootste deel. Daarnaast vond een aantal incidentele vergoedingen plaats voor o.a. meerkosten in het sociaal domein door corona en de opvang van ontheemde Oekraïners. Van de totale extra inkomsten wordt bij de behandeling van de jaarrekening 2022 voorgesteld om € 876.000 in 2023 als budget beschikbaar te stellen voor de daarvoor bestemde onderwerpen. Dit is opgenomen in de voorgestelde resultaatbestemming.

1.085

V

10

Als gevolg van de tweejaarlijkse herwaardering van strategisch vastgoed zijn diverse gronden lager gewaardeerd. Als gevolg van de verkoop van percelen grond Hofweg te Nootdorp en boekwinst markt 55a te Nootdorp een incidentele verkoopopbrengst gerealiseerd. Saldo grondexploitaties Sociaal domein*

Bijzondere financiele mutaties

Niet ingezet deel stelpost areaal salarissen

834

V

10

Dotatie voorziening bovenwettelijke uren

-297

N

10

Renteopbrengst

416

V

10

Saldo bijzondere financiele mutaties

2.810

V

Totaal verschil begroting en jaarrekeningresultaat

12.880

V

Onderstaand wordt een nadere toelichting gegeven op de belangrijke voordelen en nadelen. Een volledige analyse wordt gegeven in het financieel deel van de jaarrekening en bij de afzonderlijke programma’s.

Taakveld Bestuur Voorziening wethouderspensioenen Een wethouder heeft bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd recht op een APPA-pensioen vanwege het wethouderschap. Hiervoor wordt door de gemeente een voorziening gevormd ter dekking van de toekomstige pensioenverplichting. Jaarlijks wordt op basis van individuele actuariële berekeningen het bedrag berekend dat moet worden toegevoegd aan de voorziening. Dit bedrag fluctueert jaarlijks en wijkt ook dit jaar fors af ten opzichte van andere jaren. Er wordt gerekend met een hogere rekenrente ten opzichte van vorig jaar met als gevolg een vrijval vanuit de voorziening wethouderspensioenen.

Taakveld Overige baten en lasten Stelpost Algemene uitkering In diverse circulaires gemeentefonds zijn middelen toegekend ten behoeve van nieuwe activiteiten waarvan het Rijk de uitvoering aan gemeenten overdraagt. Vooruitlopend op een bestedingsplan worden deze inkomsten in eerste instantie als stelpost gereserveerd in de begroting, de overdracht van deze middelen loopt namelijk veelal vooruit op een concreet plan van besteding dat hierbij door de gemeente moet worden ontwikkeld. Het betreft in dit geval o.a. bedragen voor de uitvoeringskosten van het klimaatakkoord, middelen voor maatschappelijke begeleiding van statushouders en extra geld voor de versterking van de dienstverlening. Door middel van een voorstel tot resultaatbestemming bij de behandeling van de jaarrekening willen we deze middelen in 2023 alsnog besteedbaar houden in afwachting van bestedingsplannen die in 2023 volgen.

9

Dotatie voorziening bovenwettelijke uren In 2022 is door de wettelijke wijziging Wet normalisering Rechtspositie ambtenaren de wettelijke verplichting ontstaan om voor het eerst per 31-12-2022 een voorziening te vormen voor bovenwettelijke gespaarde verlofuren. Bij dit 'verlofsparen' is sprake van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die zowel qua opbouw als afbouw onvoorspelbaar zijn.

Taakveld Overhead De totale overhead van € 15,5 miljoen wordt op basis van daadwerkelijk geschreven productieve uren verdeeld over de investeringen, voorzieningen en de grondexploitaties. Het restant wordt ten laste van het taakveld overhead gebracht, voor 2022 bedraagt dat per saldo € 13,8 miljoen. Ten opzichte van het begrote budget van € 14,4 miljoen is de realisatie € 0,6 miljoen lager. Een groot deel wordt veroorzaakt door lagere uitgaven € 815.000. Voorbeelden van lagere kosten zijn: automatisering € 351.000, vorming en opleiding € 68.000, catering € 61.000 en organisatie-ontwikkeling € 24.000. Daarnaast is een hoger deel overhead doorbelast aan de grondexploitaties en investeringen.

Grondexploitaties, materiële vaste activa en strategisch vastgoed Grondexploitatie Onderstaande analyse is gebaseerd op de totale winstuitname binnen de grondexploitatie en niet gebaseerd op het verschil tussen najaarsnota en jaarrekening. In de notitie grondexploitaties 2016 van de commissie BBV wordt in paragraaf 5.2 gesproken over het tussentijds winst nemen. Aangezien het onduidelijk was wanneer tussentijds winst moet worden genomen, heeft de commissie BBV een aanvullende toelichting geschreven: Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat realisatie van winst moet worden uitgesteld tot daarover voldoende zekerheid bestaat. Dit betekent echter niet dat pas winst moet worden genomen bij het afsluiten van het grondexploitatiecomplex. Voor winstneming geldt de 'percentage of completion' methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Hiervoor moet het resultaat op de grondexploitatie wel op betrouwbare wijze kunnen worden ingeschat. Dit is mogelijk wanneer het waarschijnlijk is dat de economische voordelen die aan het project zijn verbonden naar de gemeente zullen toevloeien.

Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen: • Het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én • De grond(of het deelperceel) moet zijn verkocht; én • De kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd). Door de commissie BBV is in de antwoorden op vragen van gemeenten aangegeven hoe deze methode moet worden toegepast, indien aan de voorwaarden wordt voldaan. Er zijn vier grondexploitaties die een positief geprognosticeerd resultaat hebben. De grondexploitaties Boezem-Oost, Tuindershof en Pijnacker-Zuid voldoen aan de voorwaarden en om die reden is er een winst genomen voor Boezem-Oost ad € 336.000, voor Tuindershof € 372.000, voor Pijnacker-Zuid € 5.935.000.

Berekeningssystematiek De gerealiseerde kosten worden uitgedrukt in een percentage van de totaal te verwachten kosten. Ook voor de opbrengsten wordt een percentage berekend. Door beide percentages met elkaar te vermenigvuldigen en deze uitkomst te vermenigvuldigen met de verwachte winst wordt het bedrag bepaald dat wij bij de jaarrekening moeten nemen. Hierbij moet wel rekening worden gehouden met het deel dat in eerdere jaarrekeningen als winst is verwerkt. Tevens dient rekening gehouden te worden met de toekomstige risico’s, die worden afgedekt door het verwachte positieve resultaat. De som van de gewogen risico’s wordt afgetrokken van de berekende winstuitname, omdat de risico’s niet betrokken worden bij de berekening van het percentage of completion en het verwachte resultaat.

10

Financiële gevolgen grondexploitatie De boekwaarde van de bouwgrondexploitaties in 2022 is gestegen van € 2,6 miljoen naar € 11,7 miljoen. In 2022 is er voor € 6,5 miljoen aan winst genomen. Het verwachte resultaat is bruto met € 5,1 miljoen afgenomen. Een winstuitname van € 6,5 miljoen voorkomt de verbetering van het resultaat. Zonder de winstuitname en de afboeking zou het resultaat met € 1,4 miljoen verbeterd zijn. De verbetering wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere verwachte opbrengsten uit de verkoop van grond voor woningen in Tuindershof, en hogere opbrengsten uit de verkoop van percelen bedrijfsterrein in Boezem-Oost. Hier staat tegenover dat voor de grondexploitatie Hart van Nootdorp een negatief resultaat verwacht wordt. Verwachte resultaten grondexploitaties ( bedragen x 1.000)

Herziening Herziening 1-1-2022 1-1-2023

Actieve grondexploitaties

9.477

4.347

Verschil - 5.130

Zowel bij de voortgangsrapportage per 1 juli als die van 1 januari wordt het verwachte verlies per negatieve grondexploitatie ingeschat en voorzien in de 'Voorziening Nadelige complexen'. De stand van deze voorziening bedraagt per 31 december 2022 € 8,9 miljoen en is daarmee € 1,1 miljoen hoger dan per 1 januari 2022 verwacht en daarmee een nadeel. Verwachte resultaat nadelige grondexploitatie (Bedragen x 1.000)

Najaarsnota

Jaarrekening

7.763

8.874

Actieve grondexploitaties

Verschil -1.111

De verwachte resultaten van de nadelige grondexploitaties zijn afkomstig uit de actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2023. Een toelichting op de ontwikkeling van het resultaat per project treft u in die rapportage aan.

Sociaal Domein 2022 Het financiële resultaat sociaal domein over het boekjaar 2022 bedraagt € 936.432 positief. Dit betreft zowel de oude taken sociaal domein als nieuwe taken die in 2015 naar de gemeente zijn overgekomen. In dit overzicht zijn de kosten voor de inzet van personeel (uren) niet opgenomen. Bedragen in €

Begroot

Uitputting

Saldo

Wmo

9.718.979

9.831.589

-112.610

Programma 6&7

Jeugd

15.061.720

14.569.243

492.477

5, 6 & 7

PGB Wmo HH

118.000

106.000

12.000

7

PGB Wmo BG

96.000

157.000

-61.000

7

PGB Jeugd BG

609.000

573.500

35.500

7

Participatie

3.314.003

2.743.937

570.066

7

Totaal

28.917.702 27.981.270

936.432

Wmo De kosten voor 2022 zijn uiteindelijk licht hoger dan de prognose die bij de najaarsnota is opgesteld. De kosten voor begeleiding Wmo zijn ten opzichte van 2021 gedaald waar die voor hulp in het huishouden juist zijn toegenomen. Dit is een trend die we de afgelopen jaren terug zien. Het aantal ouderen neemt toe en de lage eigen bijdrage zorgt ervoor dat meer ouderen gebruik maken van deze voorziening. In 2022 heeft het college opdracht gegeven om nieuwe beheersmaatregel te ontwikkelen om deze stijgende kostenontwikkeling voor hulp in het huishouden af te doen vlakken.

Jeugd In de uitgaven voor de jeudhulp vinden de meeste uitgaven plaats aan regionaal, in Haaglanden verband, gecontracteerde jeugdhulp. Voor onze gemeente zijn deze kosten ten opzichte van 2021 afgenomen met 8%. Regionaal zijn de kosten met 2% toegenomen, inclusief een indexering van de tarieven 2022 met 3,4%. De kosten van landelijke gecontracteerde jeugdhulp zijn met een onderschrijding van € 340.000 de belangrijkste oorzaak van het overschot op dit deel van het budget voor jeugdhulp. De aanpassing van het woonplaatsbeginsel wordt hiervan als belangrijkste reden gezien. Dit is de administratieve verhuizing van een jeugdige van de zorggemeente (PN) naar de gemeente waar ouders/voogd wonen. De uitgaven voor jeugdhulp totaal zijn € 1 miljoen lager dan in 2021.

11

Participatie Het voordeel op participatie wordt voornamelijk verklaard door een overschot op de rijksbijdrage BUIG (bijstandsuitkeringen). Het voordeel is overigens lager dan die in de jaarrekening 2021. De kosten nemen toe als gevolg van de stijgende taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Hierdoor is het aantal bijstandsgerechtigden toegenomen tot 460 eind 2022. De BUIG is bedoeld voor de betaling van uitkeringen en loonkostensubsidies. Het uitgangspunt is dat de BUIG toereikend is om de uitkeringslasten te betalen. De BUIG wordt opgesteld volgens een zogenaamd objectief verdeelmodel, waarmee de 'kans op bijstand' wordt berekend.

Reserve Sociaal domein Om een zo zuiver mogelijk beeld te krijgen van de jaarlijkse reguliere lasten is een reserve sociaal domein gevormd. Nagekomen resultaten van voorgaande jaren en incidentele lasten worden met deze reserve verrekend. De stand van de reserve op 1 januari 2022 was € 3,6 miljoen. Gedurende 2022 is € 0,5 miljoen aan de reserve toegevoegd vanuit het resultaat op de jaarrekening 2021. Onttrekkingen zijn gedaan voor een bedrag van € 0,5 miljoen ten behoeve van afrekeningen 'oude jaren' Jeugd, Wmo en PGB's. Daarnaast zijn kosten gemaakt voor de invoer van diverse maatregelen inzake de kostenbeheersingsmaatregelen.

Investeringsbudgetten In onderstaand overzicht worden de begrote lasten en baten (subsidies) van de investeringsbudgetten aangegeven ten opzichte van hetgeen is gerealiseerd. Op basis van deze informatie kan het bruto en netto uitvoeringspercentage van de investeringen worden bepaald. Voor een zuiver beeld is de aankoop van de aandelen Stedin niet meegenomen als onderdeel van investeringen. %

Saldo

Lasten (bruto investering)

(bedragen x € 1.000)

Begroot 29.561

Realisatie 14.203

48

15.358

Baten (subsidies)

2.091

2.515

120

Netto investering

27.470

11.688

-424 14.934

Uit het overzicht blijkt dat in 2022 48% van de voorgenomen uitgaven ten laste van de investeringsbudgetten is gerealiseerd. Dit percentage is lager dan vorig jaar. Van de subsidies is een beperkt deel eerder ontvangen dan bij de najaarsnota werd verwacht. In de afzonderlijke programma’s is bij het onderdeel ‘Investeringen’ een toelichting opgenomen van de belangrijkste afwijkingen. Tevens is daarbij aangegeven welke investeringsbudgetten afgesloten kunnen worden en welke doorgeschoven dienen te worden naar 2023. Van het saldo van de netto investeringen van € 14,9 miljoen wordt voorgesteld om € 2,6 miljoen aan budget af te sluiten en het overige mee te nemen naar 2023 voor een totaalbedrag van € 12,3 miljoen.

Beleidsresultaten per programma Voor de beleidsresultaten wordt verwezen naar het onderdeel ‘ Programmaverantwoording’.

Raadsvoorstel voor aanvullende besluiten en resultaatbestemming Aan de raad voor te stellen: 1. de jaarrekening 2022 vast te stellen met daarin het voordelig resultaat over het boekjaar 2022 van € 19,291 miljoen en dit toe te voegen aan de algemene reserve; 2. een bedrag van € 6.470.310 te onttrekken aan de algemene reserve en dat bedrag als volgt te bestemmen:

12

a.

een bedrag van € 14.000 te bestemmen voor de uitvoering van voorschools maatschappelijk werk 'Kansrijke start';

b.

een bedrag van € 23.178 te bestemmen voor besteding DUVO middelen voor versterking van de lokale teams;

c.

een bedrag van € 26.650 te bestemmen voor de motie verduurzaming woningen particulieren;

d.

een bedrag van € 31.500 te bestemmen voor project gebiedsprogramma Boezem;

e.

een bedrag van € 35.000 te bestemmen voor afhandeling van de WOZ bezwaren 2022;

f.

een bedrag van € 39.000 te bestemmen voor extra capaciteit BOA's;

g.

een bedrag van € 42.000 te bestemmen voor eenmalige bijdrage pandscheiding & vlonderpad Plas van Buijsen;

h.

een bedrag van € 45.000 te bestemmen voor een dotatie aan de voorziening openbaar groen voor verzorging planten bomen zijdeweg;

i.

een bedrag van € 62.500 te bestemmen voor verhuiskosten van scholen;

j.

een bedrag van € 63.563 te bestemmen voor gevolgen extra instroom statushouders;

k.

een bedrag van € 67.500 te bestemmen voor de uitvoering Greenport projectplannen;

l.

een bedrag van € 75.000 te bestemmen voor Omgevingsprogramma Groen in en om de Kernen;

m. een bedrag van € 88.000 te bestemmen voor bijdrage aan onderhoud twee stuwen door Delfland; n.

een bedrag van € 92.430 te bestemmen voor vergoeding voor de maatschappelijke begeleiding van gehuisveste statushouders;

o.

een bedrag van € 100.000 te bestemmen voor verkeersveiligheidsmaatregelen rotondes;

p.

een bedrag van € 102.755 te bestemmen voor uitbetaling energietoeslag;

q.

een bedrag van € 210.548 te bestemmen voor inzet van POK-middelen;

r.

een bedrag van € 236.470 te bestemmen voor de uitvoeringskosten van de KOT;

s.

een bedrag van € 245.000 te bestemmen voor de Energietransitie;

t.

een bedrag van € 275.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve kwaliteitsverbetering Groenzoom;

u.

een bedrag van € 311.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve Sociaal domein (restant BUIG);

v.

een bedrag van € 876.216 te bestemmen voor de inzet van beschikbaar gestelde middelen decembercirculaire 2022;

w. een bedrag van € 793.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve Bedrijfsvoering. x.

een bedrag van € 2.615.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve Metropolitane fietsroute.

3. Het bestemde resultaat van € 6.470.310 te verwerken bij de Kadernota 2023.

Toelichting op de voorstellen tot bestemming resultaat a. Voorschools maatschappelijk werk 'Kansrijke start' € 14.000 Deze middelen worden 2-jaarlijks op aanvraag toegekend vanuit de algemene uitkering uit het gemeentefonds met als doel om in te zetten bij de uitvoering van voorschools maatschappelijk werk. Het moment van toekenning wijkt af van het moment van de inzet van deze middelen zoals met vergoedingen uit het gemeentefonds vaker het geval is. Bij de uitvoering van VSMW in 2023 is rekening gehouden met deze vergoeding uit de algemene uitkering.

b. DUVO middelen voor versterking van de lokale teams € 23.178 Deze middelen zijn vanuit een bestemmingsreserve van de GR Veilig Thuis in 2022 overgeheveld aan de deelnemende gemeenten met als bestedingsvoorwaarde de 'versterking van de lokale teams'. In 2023 is hiervoor een bestedingsplan opgesteld waarbij deze middelen kunnen worden ingezet.

c. Motie verduurzaming woningen particulieren € 26.650 In november 2022 heeft de gemeenteraad de evaluatie van de energieadviezen bij woningbouwmutaties vastgesteld. Gesteld is dat er geen behoefte is aan dit soort adviezen. Voorgesteld is om dit om te zetten naar algemene energieadviezen, waarvan de gemeente een deel van de kosten vergoedt (groot € 95 per advies). Dit budget wordt hiervoor mede ingezet.

d. Project gebiedsprogramma Boezem € 31.500 Het project gebiedsvisie Boezem is gestart aan de hand van een startnotitie. Het budget is de co-financiering ten behoeven van de MRDH subsidie en dient beschikbaar te blijven voor 2023.

e. Afhandeling WOZ bezwaren 2022 € 35.000 De afhandeling van de WOZ bezwaren 2022 vindt plaats door inzet van een externe dienst en wordt afgewikkeld in het eerste kwartaal van 2023.

f. Extra capaciteit BOA's € 39.000 De middelen worden ingezet voor de uitbreiding van het team Handhaving.

13

g. Bijdrage pandscheiding & vlonderpad Plas van Buijsen € 42.000 Betreft een eenmalige bijdrage pandscheiding & vlonderpad Plas van Buijsen voor het uitvoeren van een damwand in staal in plaats van hout voor verlenging levensduur en beperking onderhoud van de kunstwerken.

h. Dotatie voorziening openbaar groen voor verzorging planten bomen zijdeweg € 45.000 De laatste werkzaamheden in verband met het plaatsen van bomen aan de Zijdeweg vinden in 2023 plaats. Daarna hebben de bomen de eerste twee jaar extra verzorging nodig. Het benodigd budget voor de verwachte kosten wordt toegevoegd aan de voorziening openbaar groen.

i. Verhuiskosten van scholen € 62.500 In 2022 is een budget beschikbaar gesteld ter dekking van de verhuiskosten van scholen waarvan nog niet alle kosten zijn gedeclareerd. De financiele afwikkeling vindt plaats in 2023.

j. Middelen extra instroom statushouder € 63.563 Vanuit de septembercirculaire zijn aanvullende middelen ontvangen voor inburgering welke zijn bestemd als dekking voor kosten van extra instroom statushouders.

k. Uitvoering Greenport projectplannen € 67.500 In 2021 is eenmalig budget beschikbaar gesteld voor vier projectplannen Greenport. Het projectplan Toekomst Tuinbouw Oostland is in 2022 afgerond. De andere drie projectplannen zijn vertraagd en lopen door in 2023.

l. Omgevingsprogramma groen in en om de kernen € 75.000 Voor dit project is € 150.000 beschikbaar gesteld verdeeld over 2022 en 2023, voor inhuur van deskundigheid. In 2022 is geen gebruik van het budget gemaakt.

m. Onderhoud twee stuwen door Delfland € 88.000 Zodra de gestapelde berging Tuindershof gereed is volgt de rekening voor het onderhoud van twee stuwen door Delfland. Het project hittestress is eind 2022 gestart en financiele afwikkeling vindt plaats in 2023.

n. Maatschappelijke begeleiding gehuisveste statushouders € 92.430 In 2022 is een vergoeding voor de maatschappelijke begeleiding van gehuisveste statushouders ontvangen. Deze wordt altijd achteraf toegekend op basis van de werkelijke aantallen. Deze middelen zijn voornamelijk bedoeld om de kosten van begeleiding door het SWOP te kunnen dekken.

o. Verkeersveiligheidsmaatregelen rotondes € 100.000 In 2020 is eenmalig budget beschikbaar gesteld voor aanpassingen van rotondes. Door corona en een beperkte personele bezetting is dit niet gerealiseerd en schuiven de werkzaamheden door naar 2023.

p. Uitbetaling energietoeslag € 102.755 De volledige rijksvergoeding energietoeslag moet ten gunste van de doelgroep komen. Dit deel is in 2022 nog niet uitbetaald. In 2023 hebben inmiddels uitbetalingen van de toeslag 2022 plaatsgevonden.

q. Inzet van POK-middelen € 210.548 Voor de versterking van de dienstverlening door gemeenten zijn door het Rijk POK middelen toegekend (Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslagen). In afwachting van een bestedingsplan zijn deze middelen als algemene stelpost gereserveerd. Inmiddels is een bestedingsplan ontwikkeld waarvan de ontvangen middelen 2022 ook deel uitmaken. Daarvoor zullen deze vanuit het rekeningresultaat moeten worden toegevoegd aan de nieuw te vormen Bestemmingsreserve Verbetering dienstverlening.

r. Uitvoeringskosten van de KOT € 236.470 Het deel van de vergoeding voor de uitvoering van de KOT regeling dat we willen overnemen in 2023 bestaat uit normbedragen die worden toegekend als dekkingsmiddel voor kosten die ontstaan gedurende het traject van ondersteuning van een gedupeerde. De normbedragen worden eerder toegekend dan dat de kosten worden gemaakt.

14

s. Energietransitie € 245.000 Van de beschikbare middelen vanuit de Meicirculaire wordt € 245.000 ingezet als budget Energietransitie. De middelen staan als algemene stelpost gereserveerd en zijn in 2022 niet ingezet en schuiven door naar 2023.

t. Dotatie bestemmingsreserve kwaliteitsverbetering Groenzoom € 275.000 In 2022 zijn de verkoopopbrengsten van RvR-rechten Oude Leedeweg 5-7 te Pijnacker ontvangen, welke worden gestort in de bestemmingsreserve kwaliteitsverbetering Groenzoom.

u. Dotatie bestemmingsreserve sociaal domein € 311.000 De voorlopige rijksbijdrage BUIG 2023 is € 0,5 miljoen lager dan die over 2022. Gezien de taakstelling voor huisvesting van statushouders is de verwachting dat het aantal uitkeringsgerechtigden toeneemt. Ook nemen de kosten per uitkering toe door verruiming van de kostendelersnorm. Het overschot over 2022 kan aan de reserve sociaal domein worden toegevoegd en in 2023 ingezet worden wanneer zich een overschrijding op de beschikbare middelen voordoet.

v. Middelen vanuit decembercirculaire 2022 € 876.216 In de decembercirculaire 2022 is door het Rijk een aantal bedragen toegekend voor onderwerpen/taken waarvoor op dat moment nog geen bestedingsplan was. Inmiddels is wel duidelijk hoe deze middelen gaan worden ingezet in 2023.

w. Dotatie bestemmingsreserve bedrijfsvoering € 793.000 Het totaal voordelig resultaat op de salarislasten 2022 bedraagt € 1.988.000. Conform bestendige gedragslijn wordt 10% van het overschot op de afdeling Ontwikkeling (€ 502.000) en 50% (€ 1.485.000) van het overig overschot toegevoegd aan de reserve Bedrijfsvoering, zijnde € 793.000.

x. Dotatie bestemmingsreserve Metropolitane fietsroute € 2.615.000 De vorming van de voorziening Metropolitane fietsroute ad € 2.615.000 wordt door de accountant als onrechtmatig aangemerkt, omdat per 31 december 2022 nog geen sprake is van een harde verplichting c.q. er nog geen beheerplan is ter onderbouwing van een te vormen onderhoudsvoorziening. Voorgesteld wordt om de middelen te storten in een nieuw te vormen bestemmingsreserve MFR zodat de middelen beschikbaar blijven voor het project (zaaknummer 1344778). Per saldo wordt € 12.820.723 toegevoegd aan de algemene reserve.

Vermogenspositie De stand van de algemene reserve (na bestemming van het resultaat) was op 31 december 2021 € 50,7 miljoen. In het boekjaar 2022 is de algemene reserve afgenomen met € 3,5 miljoen tot een bedrag per 31 december 2022 van € 47,2 miljoen. De overige reserves zijn toegenomen met € 13,2 miljoen tot een bedrag van € 130,9 miljoen, waardoor het totale eigen vermogen (exclusief het jaarrekeningresultaat) van de gemeente per 31 december 2022 € 178,1 miljoen bedraagt. In de jaarrekening is een overzicht van de afzonderlijke mutaties op de reserves en voorzieningen opgenomen in de toelichting op de balans. Onderstaande grafiek geeft het verloop van het vermogen in totaal en op onderdelen weer over de periode 2016 tot en met 2022. Een overzicht van mutaties in reserves is opgenomen in het onderdeel ‘Jaarrekening’. In het totaal vermogen is geen rekening gehouden met het bestemmen van het resultaat 2022, anders dan het toevoegen aan de algemene reserve.

15

Eigen vermogen/jaarresultaat

Bedragen in miljoenen

300

200

176,7

100

105,7

78,7

84,9

85,2

17,9 4,4

46,3 20,4 12

43,1 37,4

52,6 29,9

4,4

2,7

3,7

2016

2017

2018

2019

2020

68,3 46

67,3

182,5

119,2

197,4

130,8

50,7

47,2

12,6

19,3

2021

2022

0

Algemene reserve Totaal vermogen

Bestemmingsreserves

Jaarrekeningresultaat

Weerstandsvermogen, weerstandscapaciteit en weerstandsratio Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. In de paragraaf 'Weerstandsvermogen en risicobeheersing' is een benodigde weerstandscapaciteit berekend van € 9.755.000. Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstand

Bedrag €

Algemene reserve weerstandsvermogen

47.238.000

Resultaat jaarrekening (onbestemd)

19.291.000

Totale weerstandscapaciteit

66.529.000

De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit = € 66.529.000 Benodigde weerstandscapaciteit

€ 9.755.000

6,8

Een ratio weerstandsvermogen van 6,38 wordt beoordeeld als 'uitstekend' en is gebaseerd op de normtabel van de Universiteit Twente.

Schuldomvang en ontwikkeling van de netto schuldquote In 2022 is de totaalschuld van de gemeente afgenomen. In onderstaande tabel wordt weergegeven hoeveel de totale schuldomvang bedraagt per 31 december 2022. Schuldomvang per 31-12-2022 ( x € 1.000) Leningenportefeuille

80.504

Vordering schatkistbankieren en overige rekeningen-courant

116.386

Schuldomvang

-35.882

De schuldomvang is voor het tweede achtereenvolgende jaar negatief, hetgeen wil zeggen dat tegen over de langlopende schulden een hoger bedrag aan liquide middelen aanwezig is.

16

Jaarverslag

17

18

Programmaverantwoording

19

20

1. Ruimte en wonen Pijnacker-Nootdorp is een herkenbare en aantrekkelijke gemeente waar inwoners, van jong tot oud, prettig en veilig wonen, ondernemers hun bedrijf kunnen uitoefenen en bezoekers graag komen.

Algemene omschrijving Het programma Ruimte en wonen bestaat uit drie onderdelen: 1. Ruimtelijke ordening; 2. Wonen en bouwen; 3. Grondexploitaties, met uitzondering van bedrijventerreinen. Met de uitwerking van deze onderdelen dragen we bij aan het behoud en de ontwikkeling van een herkenbare en aantrekkelijke gemeente voor inwoners, ondernemers en bezoekers. Het is prettig wonen in PijnackerNootdorp en inwoners kunnen hier (blijven) wonen in een fijne woonomgeving. Ondernemers kunnen hun bedrijf uitoefenen en bezoekers komen graag in Pijnacker-Nootdorp.

Wat wilden we bereiken ?

Doelstelling

Wat wilden we bereiken

Wat hebben we daarvoor gedaan

Een herkenbare en aantrekkelijke gemeente met drie kernen met een hoge woonkwaliteit

Inwoners kunnen en willen zich hier vestigen en kunnen een lokale wooncarrière doorlopen

1. Bepalen en faciliteren ruimtelijke kwaliteit voor aantrekkelijke (woon-) omgeving

De geplande groei wordt afgerond

2. Regisseren van het woningenaanbod voor doelgroepen 3. Regisseren uitbreidingen in nieuwe woonmilieus

Voor zowel nieuwe als onze huidige inwoners willen we een aantrekkelijke gemeente zijn. We willen bereiken dat woningzoekenden graag in Pijnacker-Nootdorp kunnen en willen wonen. Ook streven we ernaar dat onze huidige inwoners een lokale wooncarrière kunnen doorlopen. In de huidige gespannen woningmarkt is dat geen eenvoudige opgave. Ter uitvoering van de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050, de Woonvisie Pijnacker-Nootdorp 2020-2030 en het Raadsakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 werken we aan voldoende woningen in alle prijsklassen en voor alle doelgroepen. Deze woningen realiseren we in een aantrekkelijke woonomgeving waar onze inwoners, van jong tot oud, prettig en veilig kunnen wonen en verblijven.

Ruimte en wonen in de regio Onze gemeente werkt aan een sterke positie in de regio. Dat doen we vanuit onze eigen visie en kwaliteiten. Ten opzichte van de regio beschikken wij over onderscheidende kwaliteiten in de vorm van ons woonmilieu, ons groene buitengebied en de glastuinbouw. Onze inzet in de regio is het behouden en versterken van deze kwaliteiten. Met dit programma leveren wij een bijdrage aan de agglomeratiekracht en het vestigingsklimaat. Pijnacker-Nootdorp is een landelijke, groene gemeente in verbinding met de grote steden om ons heen. Een gemeente met kwaliteiten en (woon)milieus die in de stad niet te vinden zijn. Die zijn van waarde voor alle inwoners van de hele regio. De in 2021 vastgestelde Omgevingsvisie laat, onder andere, zien dat onze gemeente tot 2050 in een rustig tempo nog maximaal 4000 woningen wil bouwen. Daarmee levert Pijnacker-Nootdorp een bijdrage aan de groei van de woningvoorraad in Nederland en meer in het bijzonder in de metropoolregio

21

Den Haag – Rotterdam. De plannen van de ons omringende gemeenten voor woningbouw, infrastructuur en bedrijventerreinen, hebben directe en indirecte gevolgen voor de toekomst van onze gemeente. Ook het rijk heeft, mede vanwege de grote opgaven waar we voor staan, het afgelopen jaar steeds duidelijker positie genomen in de ruimtelijke ordening. Concrete voorbeelden daarvan zijn de regionale woondeals, het nationaal programma landelijk gebied en het programma water en bodem sturend. Ook werkt het rijk aan nieuwe weten regelgeving. Door onze positie in de regio te versterken en alert te zijn op ontwikkelingen op landelijk, provinciaal en regionaal niveau, willen we de kansen die hierdoor ontstaan benutten en eventuele bedreigingen tijdig signaleren en beïnvloeden.

Kenmerken en waardering van drie kernen met een hoge woonkwaliteit We willen dat Pijnacker-Nootdorp een herkenbare en aantrekkelijke gemeente blijft, die haar inwoners in drie woonkernen een hoge woonkwaliteit biedt. Onze inwoners waarderen hun woonomgeving. Dit willen we zo houden en waar mogelijk verbeteren. In onze gemeente woon je in een groene omgeving en in kernen die elk een eigen karakter hebben. Onze Omgevingsvisie vormt de stip op de horizon, zo is ook in het Raadsakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 bevestigd. Ondanks opgaven als woningbouw, energietransitie, klimaatadaptatie en mobiliteitstransitie wil en kan Pijnacker-Nootdorp haar eigen karakter behouden. Dat is terug te zien in de gebiedsprofielen voor bijvoorbeeld de rustige woonwijk, de dorpse woonwijk en de linten, maar ook in de ontwikkelingslijnen. De Omgevingsvisie bouwt voort op de karakteristieke kenmerken van de drie kernen en benoemt hoe deze kwaliteiten behouden en versterkt kunnen worden.

Inwoners kunnen en willen zich hier vestigen en kunnen een lokale wooncarrière doorlopen

Er zijn verschillende factoren die maken dat toekomstige inwoners zich in Pijnacker-Nootdorp kunnen en willen vestigen en dat onze huidige inwoners hier kunnen en willen blijven wonen. De eerste factor is de ruimtelijke kwaliteit. Zowel nieuwe als bestaande inwoners willen graag wonen in een omgeving met een hoge woonkwaliteit. De in 2021 uitgevoerde Leefbaarheidsmonitor laat vrijwel geen verschillen zien ten opzichte van 2019. De inwoners waarderen de fysieke woonomgeving. In 2023 wordt een nieuwe Leefbaarheidsmonitor uitgevoerd. Het participatietraject rondom de Omgevingsvisie heeft laten zien dat de inwoners het fijn vinden dat het groen en rustig is in onze gemeente. De tweede factor die bepaalt of iemand in Pijnacker-Nootdorp wil komen wonen of wil blijven wonen is de beschikbaarheid van een passende woning. Hieronder vindt u terug wat we in 2022 hebben gedaan en welke resultaten dat heeft gehad voor het beoogde effect.

Ruimtelijke kwaliteit De bestemmingsplannen geven de kaders voor de ontwikkelingsmogelijkheden en daarmee ook het behoud en de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit. In 2022 zijn er overeenkomstig de jaarplanning bestemmingsplannen, diverse bestemmingsplannen aan de raad aangeboden in de vorm van voorontwerpen, ontwerpen en vast te stellen bestemmingsplannen. Concrete voorbeelden zijn de bestemmingsplannen voor Balij-Bieslandse Bos en het Verzamelplan. Het bestemmingsplan Balij-Bieslandse Bos gaat over het groengebied tussen de kernen Pijnacker-Nootdorp. Het bestemmingsplan is gericht op het behouden en versterken van de bijzondere kwaliteiten van dit gebied waar mensen graag fietsen en wandelen en flora en fauna zich kan ontwikkelen. Het jaarlijkse Verzamelplan maakt diverse door inwoners en ondernemers ontwikkelde plannen mogelijk. Het Verzamelplan dat in 2022 door de raad is vastgesteld maakt onder andere de uitbreiding van de manege in Nootdorp en de bouw van enkele woningen in Nootdorp mogelijk. Een aantrekkelijke woonomgeving met een hoge ruimtelijke kwaliteit realiseren we als gemeente niet alleen, maar samen met inwoners en ondernemers. We nodigen hen meer en meer actief uit om mee te denken aan het begin van het proces, mede ter voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Daarbij gaat het niet alleen om bestemmingsplannen, maar om het betrekken van de samenleving bij (ruimtelijke) ontwikkelingen in het algemeen. In 2022 is het ontwerp van het Participatiebeleid opgesteld. Dit ontwerp is door de raad besproken en ter inzage gelegd. De planning is om het beleid in 2023 ter vaststelling aan de bieden aan de raad. In 2021 is de Omgevingsvisie met bijbehorend planMER vastgesteld. Hierin heeft de gemeenteraad de visie op de fysieke leefomgeving voor de lange termijn, tot 2050, vastgelegd. In 2022 is gestart met de uitvoering van deze Omgevingsvisie, bijvoorbeeld in de vorm van omgevingsprogramma’s. De kaderstellende notitie voor het eerste omgevingsprogramma Groen in en om de kernen is in 2022 vastgesteld. Meer over dit omgevingsprogramma vindt u in programma 4.

22

De inwerkingtreding van de Omgevingswet is wederom uitgesteld, maar de voorbereidingen gaan door. Overeenkomstig het in 2019 opgestelde Programmaplan Omgevingswet werken we aan de implementatie van deze nieuwe wet. De Omgevingswet treedt naar verwachting op 1 januari 2024 in werking.

Lokale wooncarrière Onze inzet is erop gericht dat we voldoende woningen beschikbaar hebben voor alle doelgroepen en in alle prijsklassen. De aanhoudende krapte op de woningmarkt maakt dat deze ambitie niet gemakkelijk te realiseren is. Zo blijft de wachttijd voor een sociale huurwoning in Pijnacker-Nootdorp significant hoger dan voor een sociale huurwoning in de regio Haaglanden. In 2020 heeft de raad een brede Woonvisie vastgesteld. Op basis hiervan werken we nu aan, onder andere, het vergroten van de beschikbaarheid van passende woningen. Met de vaststelling van de Omgevingsvisie, is er voor het lange termijn perspectief, voor een rustige groei van het aantal woningen gekozen. De behoefte aan woningen hangt samen met de demografische druk (zie grafiek 1.1), die bestaat uit de verhouding tussen de som van het aantal personen van 0-19 jaar en 65 jaar of ouder enerzijds en de personen in de ‘productieve leeftijdsgroep’ van 20-64 jaar anderzijds. Landelijk neemt de demografische druk toe door de combinatie van vergrijzing en een afnemend aantal geboortes. In Pijnacker-Nootdorp doet deze trend zich ook voor, maar minder sterk dan het landelijk gemiddelde. Zichtbaar is dat in Pijnacker-Nootdorp op dit moment de groene druk (0-15 jaar) relatief hoog is ten opzichte van het landelijk gemiddelde en de grijze druk (65 jaar en ouder) relatief laag.

De ontwikkelingen in de groene en grijze druk hebben mede geleid tot het benoemen van doelgroepen waarvoor woningen moeten worden gebouwd. De aankomende vergrijzing van de lokale bevolking vraagt niet alleen inzet vanuit het sociaal domein. Ook in het ruimtelijk domein bereiden we ons voor op de veranderende vraag. Zo is in 2022 gestart met het opstellen van een woon-zorg paragraaf ter aanvulling op de Woonvisie Pijnacker-Nootdorp 2020-2030.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12756249/1