CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Beheerplan spelen 2023-2026

Raad Besluitvorming 22 december 2022, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Beheerplan spelen 2023-202610.495 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beheerplan Spelen 2023-2026 Spelen en bewegen Gemeente Pijnacker-Nootdorp Afdeling: Wijkzaken Auteur: Fabian Koch Datum: 11 oktober 2022

pagina 2/31

Inhoud Samenvatting

5

1.

6

2.

3.

4.

5.

6.

7.

Inleiding Aanleiding

6

Doelstelling

6

Afbakening (leeftijdsgroepen)

6

Leeswijzer

7

Het belang van spelen

8

Ontwikkeling van kinderen

8

Sociaal belang

8

Economisch belang

9

Gezondheid

9

Taak en rol van de gemeente

9

Beleidskaders

10

Wet en Regelgeving

10

Relevante gemeentelijke beleidsdocumenten

11

Evaluatie Speelruimteplan 2019-2022

12

Leefbaarheidsmonitor

12

Gezondheid en leefbaarheid

12

Natuurlijk en klimaat adaptief spelen

12

Veiligheid

12

‘In contact!’ Samen doen - Burgerparticipatie

13

Spreidingsrichtlijn

13

Bestaande situatie

14

Speelruimte

14

Formele speelplekken

14

Informele Speelplekken

15

Speel- en sporttoestellen

15

Beheer speelplekken

16

Doel- en gebruikersgroepen

16

Duurzaamheid, inrichting, ontwerp en visie

18

Visie

18

Inrichting speelplekken (speeltoestellen en valondergronden)

18

Ontwerp

20

Overige elementen binnen speelplekken

20

Verboden voor honden

21

Beheer en onderhoud

22

Beheersysteem

22

Inspecties

22

Reparatie

23

Vervangen, verwijderen of herinrichting

23

Renovatievoorbeelden (investeringen)

24

pagina 3/31

8.

9.

Onderhoudsplan (maatregelen en kosten)

26

Onderhoudsbudget

26

Benodigde speeltuinrenovaties

28

Delfgauw

28

Nootdorp

28

Pijnacker

28

Totale investeringen

29

Overige investering

29

Doorkijk investeringsplanning periode 2027-2030

29

10. Communicatie en Burgerparticipatie

30

Burgerparticipatie

30

Tabellijst Tabel 1 Waarde van Buitenspelen voor de buurt en maatschappij (S. de Vries en W. van Veenendaal, 2012). Tabel 2 De spreidingsrichtlijn voor speelplekken vanuit het Speelruimteplan 2015-2018. Tabel 3 Wijken waarin speelplekken aan renovatie toe zijn Tabel 4 Type inspecties Tabel 5 Inventarisatie spelen (objecten en valondergronden) Tabel 6 Onderhoudsbudget Speelvoorzieningen, bedragen in euro’s (grootboek 620510) Tabel 7 Investeringsprojecten t.b.v. speelplekken Delfgauw Tabel 8 Investeringsprojecten t.b.v. speelplekken Nootdorp Tabel 9 Investeringsprojecten t.b.v. speelplekken Pijnacker Tabel 10 Investeringsprojecten tbv speelplekken Pijnacker Tabel 11 Investeringsprojecten tbv speelplek Ackerswoude Tabel 12 Rol gemeente en inwoners bij uitvoering Beheerplan Spelen 2023-2026

9 13 16 22 26 27 28 28 29 29 29 31

Figuurlijst Figuur 1 Sportplek Pondstraat Delfgauw Figuur 2 Drukbezochte Klimtoren Park van Buijsen Figuur 3 Natuurspeelplek Kievitlande Figuur 4 Percentage <15 jaar per wijk Figuur 5 Bevolkingsopbouw Pijnacker-Nootdorp Figuur 6 Participatietraject met kinderen voor Skatepark Delfgauw Figuur 7 Zandreinging Mare te Pijnacker (voor, tijdens, na) Figuur 8 Peter van Anrooistraat (omvorming tot sportplek) Figuur 9 Vervanging van toestellen aan de Lozerlaan Figuur 10 Vevanging van zwarte tegels en verouderde speeltoestellen Maria van Wilsveenhof Figuur 11 Renovatie speelplek Warmoezierstraat, gebruik van duurzame speeltoestellen Figuur 12 Gilze-Rijenhof voor (links) en na (rechts) herinrichting met rubbermulch Figuur 13 Organogram bewonersparticipatie

pagina 4/31

6 7 15 17 17 18 23 24 25 25 25 25 31

Samenvatting Kinderen en spelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, daarom vindt de gemeente het belangrijk dat kinderen voldoende ruimte krijgen om buiten te spelen. Om de kwaliteit en bereikbaarheid van speelruimte ook in de toekomst te waarborgen worden in dit plan kaders gegeven waarbinnen aanleg, inrichting, renovatie, beheer en onderhoud plaatsvinden. Aanleiding De aanleiding voor het Beheerplan spelen 2023-2026 is het verlopen van het geldende Speelruimteplan 2019-2022 en het nog te realiseren van het Omgevingsplan “Groen in en om de Kernen” waaronder het thema ‘spelen’ valt. Volgens het ‘Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten’ is iedere gemeente verplicht in zijn programmabegroting een paragraaf ‘onderhoud kapitaalgoederen’ op te nemen. Ter uitvoering hiervan wordt elke vier jaar een nieuw beheerplan opgesteld. Hieronder dient ook een nieuw plan te worden opgesteld voor de openbare speelvoorzieningen. Nu is er sprake van een overbruggingsperiode i.v.m. de omgevingswet met het daar bijhorende programma waarin het plan wordt toegevoegd, daartoe wordt er geen nieuw beleidsplan gemaakt maar een beheerplan met daarin het beleid uit het voorgaande beleidsplan totdat het omgevingsprogramma groen gereed is.

Doelstelling Het doel van het beheersplan is om voldoende speelruimte te in stand te houden en speelwaarden te verbeteren binnen de bestaande speelplekken. De speelruimte dient aan te sluiten op de actuele behoeftes en te passen binnen de daarvoor opgegeven kaders. Vanuit deze doelstelling is een hoofdvraag geformuleerd: Op welke manier kan de gemeente Pijnacker-Nootdorp voldoende speel- en sportruimte in stand houden, aansluitend op de actuele behoefte en binnen de opgegeven kaders. Het belang van spelen en sporten (fitness/calisthenics) Spelen draagt bij aan de ontwikkeling en de gezondheid van kinderen. Tevens hebben speelplekken een sociaal en economisch belang en dragen zij bij aan de creatie van een uniek woonmilieu. De term ‘Sport’ wordt in het speelruimte gebruikt voor de fitness en calisthenicstoestellen in de buitenlucht. Dit is een relatief nieuwe ontwikkeling waar de populariteit snel van toeneemt. Deze vorm van ‘spel’ in de openbare ruimte voor jongvolwassenen en ouderen zorgt ervoor dat mensen laagdrempelig in beweging kunnen blijven. Visie: ‘Spelen, sporten en ontmoeten’ Pijnacker-Nootdorp zet voor de visie van dit plan in op dezelfde vijf kernthema’s uit het voorgaande beleidsplan, te weten: leefbaarheid & gezondheid, ontwerp & inrichting, klimaatadaptatie, veiligheid en burgerparticipatie.

In aanvulling op het voorgaande speelruimteplan wordt doorgegaan op voldoende bewegen en een gezondere leefstijl. Speelvoorzieningen worden vervangen in de wijken die integraal worden heringericht alsmede de speelplekken die ouder dan 15 jaar zijn en in slechte staat. Bij een renovatie wordt rekening gehouden met klimaatadaptatie. Burgerparticipatie Inwoners worden actief betrokken bij de inrichting van openbare speel- en sportvoorzieningen. In het bijzonder worden kinderen betrokken bij de vervanging van speeltoestellen. De afgelopen jaren is hier veel ervaring in opgedaan en die ervaring wordt de aankomende jaren benut. Ook wordt onderzocht om bewoners van nieuwbouwwijken te kunnen betrekken bij het inrichten van de speelplekken. Hierbij wordt dan ook voldaan aan de eisen vanuit de toekomstige omgevingswet. pagina 5/31

1. Inleiding Kinderen en spelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, daarom vindt de gemeente Pijnacker-Nootdorp het belangrijk dat kinderen voldoende ruimte krijgen om buiten te spelen. Tevens wordt sporten in de buitenruimte van steeds groter maatschappelijk belang. Om de kwaliteit en bereikbaarheid van speel- en sportruimte ook in de toekomst te waarborgen worden in dit beheerplan kaders gegeven waarbinnen renovatie en beheer plaatsvindt. Het onderhavige beheersplan wordt uiteindelijk onderdeel van het omgevingsplan ‘Groen in en om de kernen’ wanneer deze gereed en geldend is. Het beleid uit het speelruimteplan 2019-2022 wordt daarbij doorgezet en geactualiseerd. Aanleiding Op basis van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten is iedere gemeente verplicht in zijn programmabegroting een paragraaf ‘onderhoud kapitaalgoederen’ op te nemen. Ter uitvoering hiervan wordt elke vier jaar een nieuw beheerplan opgesteld. Zo ook voor de openbare speelvoorzieningen. Dit beheerplan wordt op een latere periode opgenomen als onderdeel in het omgevingsplan ‘Groen in en om de Kernen’. Doelstelling Het doel van dit plan is de aanwezige speelruimte in stand te houden (te beheren). De speelruimte dient aan te sluiten op de actuele behoefte en te passen binnen de daarvoor opgegeven kaders. Hierbij wordt aandacht besteed aan valondergrond en speeltoestellen.

Het plan vormt een handvat voor de medewerkers van de gemeente en geeft inwoners zicht in hetgeen zij van de gemeente mogen verwachten op gebied van openbare speel- en sportvoorzieningen de aankomende vier jaar. Afbakening (leeftijdsgroepen) Het speelruimteplan gaat voornamelijk over het aanbod en de inrichting van formele en informele speelruimte in de gemeente Pijnacker-Nootdorp, voor kinderen van 0 tot 18 jaar. Bij kinderen van 0 tot 13 jaar ligt het accent voornamelijk op spelen en later sporten, vanaf 13 jaar ligt accent steeds meer op sporten en onderlinge ontmoetingen, nu al mogelijk aan de Zijdeweg in Pijnacker en vanaf december 2022 mogelijk aan de Pondstraat in Delfgauw (zie Figuur 1).

Figuur 1 Sportplek Pondstraat Delfgauw

Aanvullend op het spelen en sporten voor de leeftijdsgroepen 0 tot 18 jaar wordt ook rekening gehouden met buitensportplekken voor adolescenten tot en met ouderen. Hierbij kan worden gedacht aan calisthenics- en fitnessapparaten.

pagina 6/31

Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk benadrukt hoofdstuk 2 het belang van spelen. Daar wordt ook beschreven in hoeverre het realiseren en in stand houden van speelplekken een wettelijke taak is en welke rol de gemeente Pijnacker-Nootdorp op dat gebied inneemt. Hoofdstuk 3 evalueert het bestaande speelbeleid en blikt terug op de afgelopen vier jaar. Daarna zet hoofdstuk 4 de huidige situatie uiteen en komen in hoofdstuk 5 de relevante beleidskaders aan bod. Hoofdstuk 6 beschrijft de visie ‘Spelen, bewegen en ontmoeten’. Op basis daarvan zijn in de hoofdstukken 7 en 8 uitwerkingen gegeven op deze visie. Hoofdstuk 9 zet uiteen welke maatregelen de gemeente neemt en wat de kosten hiervan zijn. Tot slot komt in hoofdstuk 10 de communicatie en burgerparticipatie aan bod.

Figuur 2 Drukbezochte Klimtoren Park van Buijsen

pagina 7/31

2. Het belang van spelen Kinderen spelen omdat het erg leuk is. Daarnaast is het laten spelen van kinderen zeer bevorderlijk voor de motorische, sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkeling. De manier waarop de maatschappij naar spelen kijkt is sinds de 20e eeuw sterk veranderd. Tot de jaren zeventig vonden kinderen in hun directe woonomgeving voldoende ‘natuurlijke’ mogelijkheden om te spelen. Bijvoorbeeld in bomen, op het grasveld, op straat of op braakliggende terreintjes. De sterke toename van het aantal auto’s in de jaren zestig en zeventig zorgde ervoor dat de straat onveilig werd. Kinderen kregen voornamelijk in de stad steeds minder ruimte om buiten te spelen. De reactie hierop kwam in de jaren zeventig en tachtig waarin al bij de bouw van wijken ruimte voor speelvoorzieningen werd gereserveerd. Deze planologische aanpak had als doel voldoende en veilige speelvoorzieningen te creëren voor kinderen. Zeker in stedelijke context is dit van groot belang. Sindsdien is de druk in de buitenruimte alsmaar toegenomen en de focus nog meer komen te liggen op deze formele speelplekken. Dit hoofdstuk zet uiteen wat het belang is van spelen en sport, belicht vanuit verschillende perspectieven. In paragraaf 1 komt aan bod op welke manier spelen bijdraagt aan de ontwikkeling van het kind. Vervolgens zet paragraaf 2 het economisch belang van speelplekken centraal.

Paragraaf 3 licht de sociale functie toe die speelplekken vervullen op buurt- en wijkniveau. Daarna staat in paragraaf 4 uiteen op welke manier bewegen bijdraagt aan de gezondheid voor mensen. Tenslotte komt in paragraaf 5 aan bod in hoeverre het realiseren en onderhouden van speel- en sportplekken een wettelijke taak is en welke rol de gemeente inneemt op dit vlak. Ontwikkeling van kinderen De aanleiding voor het opstellen van het Beheerplan spelen 2023-2026 is gelegen in het verlopen van het Speelruimteplan 2019-2022. Motorische ontwikkeling De motorische ontwikkeling gaat in op het bewegen van het kind. Door buiten te spelen wordt voornamelijk de grove motoriek getraind. Speeltoestellen, maar ook natuurlijke elementen zoals stapstenen en (klim)bomen dagen uit tot deze ontwikkeling. Kinderen kijken naar elkaar en hebben steeds behoefte aan nieuwe uitdagingen. Sociaal-emotionele ontwikkeling De tweede pijler is de sociaal-emotionele ontwikkeling. Door samen te spelen zullen kinderen sociaal-emotionele vaardigheden ontwikkelingen. Kinderen spreken regels met elkaar af, leren rekening te houden met elkaar, overleggen en onderhandelen. Creativiteit en de ontwikkeling van fantasie (expressie) vallen onder deze ontwikkeling. Cognitieve ontwikkeling De cognitieve ontwikkeling hangt sterk samen met de motorische en sociaal-economische ontwikkeling.

Het betreft de ontwikkeling van het denkend vermogen van de mens. Hieronder vallen het opdoen van toepassen van kennis, het verkrijgen van inzichten en het doen van redenaties. Sociaal belang Speelplekken hebben tevens een sociale functie. Het zijn de kinderen die met elkaar gaan spelen en de ouders die elkaar ontmoeten. Speelplekken fungeren op die manier als ontmoetingsplek op buurt- en wijkniveau en dragen bij aan de sociale cohesie. Als bewoners worden betrokken bij het ontwerp-, de aanleg- en de beheerfase draagt dit eveneens bij aan het verantwoordelijkheidsgevoel van buurtbewoners voor hun eigen woonomgeving. Met name op de grote speelplekken, waar kinderen van verschillende leeftijden worden uitgedaagd en voor ouders zitmogelijkheden zijn gerealiseerd, komt de sociale functie tot haar recht.

pagina 8/31

Economisch belang Ten slotte zijn speelplekken van economisch belang, zie hiervoor ook Tabel 1. De realisatie en instandhouding van speelplekken heeft een waarde-verhogend effect op de huizenprijzen en draagt bij aan de productiviteit van het kind (Visser en Van Dam, 2006; Yilmaz et al., 2008). Wijken met voldoende uitdagende speelvoorzieningen dragen bij aan een gunstig vestigingsklimaat voor stellen met een kinderwens of jonge gezinnen. Tabel 1 Waarde van Buitenspelen voor de buurt en maatschappij (S. de Vries en W. van Veenendaal, 2012).

Waarde Sterkte bewijs Sociale waarde Sociale verbondenheid/sociale ±P relaties Leefklimaat/imago buurt ±P Bestrijden criminaliteit/vandalisme ±P Integratie + Economische waarde Huizenprijs + Zorg-/ziektekosten + Productiviteit + + = positief verband op basis van één of meer wetenschappelijke studie(s); ±P = wisselende bevindingen in één of meer praktijkstudie(s). Gezondheid Voldoende bewegen draagt bij aan de gezondheid van de mens. Zo hebben mensen die voldoende bewegen minder kans op gezondheidsklachten. Ook draagt bewegen bij aan het psychisch en sociaal welzijn. Kinderen en jongeren tot 18 jaar wordt aanbevolen om dagelijks een uur te bewegen. Dit kan zijn door te spelen, wandelen, fietsen of sporten. Overgewicht neemt wereldwijd toe, ook in Nederland is een groei van het aantal kinderen met overgewicht te zien. Door kinderen van jongs af aan spelenderwijs te laten bewegen zullen zij plezier krijgen in het bewegen. In 2020 heeft volgens de leefstijlmonitor van RIVM in Nederland 50% van de volwassenen overgewicht, 3% onder het gemiddelde van de EU volgens Eurostat. Bij de jeugd van 2 tot 21 jaar heeft 12% overgewicht volgens Centrum Gezond Gewicht. Taak en rol van de gemeente Het realiseren van speelplekken is geen wettelijke taak. Het is aan een gemeente om te bepalen of zij speelplekken realiseren en hoeveel.

Veel gemeenten realiseren en houden speelplekken in stand om bij te dragen aan de ontwikkeling van kinderen, de sociale cohesie op buurt- en wijkniveau en de gezondheid van kinderen. Hiervoor zijn veelal richtlijnen opgesteld zoals een maximale afstand tot een speelplek en een minimaal oppervlak speelruimte per hectare of per kind. De gemeente Pijnacker-Nootdorp wil, zoals aangeven in de Omgevingsvisie 2050, een uniek woonmilieu bieden. De gemeente draagt zorg voor het onderhoud van de openbare ruimte op basis van beheerplannen en stelt zich ten doel om de sociale samenhang en leefbaarheid van wijken te stimuleren. Om die reden investeert de gemeente in het realiseren, renoveren en in stand houden van speelplekken en het toepassen van fitness of calisthenicsplekken waar mogelijk.

pagina 9/31

3. Beleidskaders Onderhavig hoofdstuk is enkel een voortzetting van de bestaande kaders uit het speelruimteplan 2019-2022. De kaders van dit beheerplan worden gevormd door wet- en regelgeving en een aantal bestaande beleidsplannen. Paragraaf 1 gaat in op de wet- en regelgeving omtrent spelen. Vervolgens zet paragraaf 2 de relevante gemeentelijke beleidsdocumenten uiteen. Het definitieve beleid wordt opgenomen in omgevingsprogramma ‘Groen in en om de kernen’ wanneer deze gereed is. Wet en Regelgeving Er is maar één wet (Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen) die directe invloed heeft op de speelvoorzieningen. Naast het WAS licht deze paragraaf het Kinderrechtenverdrag, de relevante Nederlands-Europese normen, de Europese REACH-verordening en de Algemene Plaatselijke Verordening toe. Kinderrechtenverdrag Het Kinderrechtenverdrag is een internationaal verdrag dat in 1989 is opgesteld door de Verenigde Naties. In het verdrag zijn de rechten van het kind vastgelegd. Dit verdrag is naast Nederland door 192 landen ondertekend en is in Nederland van toepassing op kinderen van 0 tot 18 jaar. In relatie tot dit plan is het van belang om te weten dat kinderen volgens Artikel 31 uit het Kinderrechtenverdrag recht hebben op vrije tijd, ontspanning, deelneming aan spel en recreatieve bezigheden passend bij de leeftijd van het kind.

Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen (WAS) Het doel van het WAS is het creëren van veilige speeltoestellen en speelplekken. In de wet is onder andere het volgende opgenomen: •

Attractie- en speeltoestellen zijn zodanig ontworpen en vervaardigd, hebben zodanige eigenschappen en zijn van zodanige opschriften voorzien, dat zij bij redelijkerwijs te verwachten gebruik geen gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid van de mens. (hoofdstuk 2, artikel 4 + bijlage 1)

•

Attractie- en speeltoestellen gaan vergezeld van een Nederlandstalige gebruiksaanwijzing met (veiligheids-)instructies, waarschuwingen en andere relevante informatie, die degene die het toestel voorhanden heeft, in staat stelt het toestel zodanig te installeren, te monteren, te doen gebruiken, te demonteren, te inspecteren en te onderhouden dat het toestel geen gevaar oplevert voor de veiligheid of gezondheid van personen. (Hoofdstuk 4, artikel 14, lid 1)

•

Bij het ontwerpen en vervaardigen van een attractie- of speeltoestel alsmede bij de opstelling van de gebruiksaanwijzing moet de fabrikant niet alleen uitgaan van een normaal gebruik van het toestel maar tevens van het redelijkerwijze te verwachten gebruik daarvan. (bijlage I, 1, d)

Nederlands-Europese normen Voor de veiligheid van speeltoestellen zijn NEN-normen opgesteld die van toepassing zijn. NENEN 1176 stelt algemene eisen en eisen voor specifieke speeltoestellen. De NEN-EN 1177 stelt eisen ten aanzien van de schokabsorberende bodemoppervlakken op speelplekken. Alle (te plaatsen) toestellen in de gemeente dienen aan beide normen te voldoen. Europese REACH-verordening De afkorting REACH staat voor Registration, Evaluation and Authorization of Chemicals. De verordening stelt regels voor chemische stoffen in de Europese Unie. Sinds 27 december 2015 gelden voor de hoeveelheid PAK die rubbertegels maximaal mogen bevatten de eisen voor overige consumentengoederen. De regels gelden voor rubbertegels die sinds 27 december 2015 in de handel zijn genomen. Een doelstelling is dan ook om de rubbertegelspeelplekken daterend van 2014 of eerder te wijzigen wanneer de gehele speelplaats opnieuw wordt ingericht. pagina 10/31

Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) De APV beschrijft dat het hondeneigenaren verboden is honden te laten lopen of verblijven op een voor publiek toegankelijke speelplek. Het doel hiervan is om kinderen vrij te kunnen laten spelen zonder dat zij last hebben van honden(poep). Speelplekken zijn aangeduid met houten paaltjes met daarop een bordje met de tekst ‘Verboden voor honden’. Rubbertegels advies De gemeente zal bij herinrichting van de speelplekken met rubbertegels, rekening houden met het advies van het Risicobeoordeling & onderzoek (BuRO) van de NVWA. Dit betekend dat speelplekken met rubbertegels (vóór 2014 aangelegd) een ander type valondergrond krijgen bij herinrichting. Relevante gemeentelijke beleidsdocumenten Naast de wet- en regelgeving heeft dit nieuwe plan ook raakvlakken met ander bestaand gemeentelijke beleid. In deze paragraaf is het bestaande (beleids-)document kort toegelicht. Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 In de omgevingsvisie wordt spelen meermaals benoemd met als einddoel een goede lokale bereikbaarheid. Onder ‘De sociale structuur’ wordt genoemd; “In aanvulling op de eigen kracht van inwoners wordt de samenleving verder gestimuleerd en gefaciliteerd met een breed aanbod aan direct bereikbare (basis)voorzieningen.

Zaken die inwoners echt in de directe woonomgeving nodig hebben bevinden zich daar: basisgezondheidszorg, integrale kindcentra waar kinderen van 0 tot 12 leren en spelen en winkels voor basisbenodigdheden.” Onder de eerste ontwikkelingslijn (Ontwikkelingslijn 1, Onderscheidend Groen) staat “Naast een plek voor planten en dieren, is het ook een plek waar de veranderingen in het klimaat worden opgevangen en waar mensen elkaar ontmoeten, bewegen en spelen.” De invulling hiervan wordt gegeven door een beweegvriendelijke openbare (groene) ruimte in te richten. Hiertoe wordt recreatie en spelen in het openbaar groen uitgebreid. Onder paragraaf 2.4 wordt spelen ook genoemd bij een evenwichtige woningvoorraad.

pagina 11/31

4. Evaluatie Speelruimteplan 2019-2022 In het Speelruimteplan 2015-2018 is een spreidingsrichtlijn vastgesteld. Deze is verder uitgewerkt met woningtypes, hoeveelheid kinderen die tegelijkertijd kunnen spelen en de bereikbaarheid van de speeltuinen in het speelruimteplan van 2019-2022. Het accent is in het meest recente speelruimteplan niet meer komen te liggen op het bezuinigingen, maar meer op het realiseren van meer sportmogelijkheden naast het spelen, alsmede het verder doorvoeren van natuurlijk spelen en het realiseren van spelen binnen gebieden aangewezen voor klimaatadaptatie. Daarnaast zijn inwoners actief betrokken bij de herstructurering van speelplekken en het vervangen van speeltoestellen in lijn met het thema ‘Verder in verbinding’ 2018-2022. Onderhavig hoofdstuk onderzoekt of de visie (spelen, bewegen en ontmoeten) en de ambities uit het voorgaande plan zijn gerealiseerd. Leefbaarheidsmonitor Om de twee jaar wordt door de gemeente Pijnacker-Nootdorp een leefbaarheidsonderzoek uitgevoerd. In het onderzoek wordt de mening van de inwoners in beeld gebracht. In totaal worden vier verschillende thema’s behandeld. Onder het thema fysieke leefomgeving wordt ook de mening gevraagd van inwoners over de speelvoorzieningen. De resultaten weergeven een (licht) stijgende lijn. De speelplekken worden de afgelopen 4 jaar beter beoordeeld.

Hiermee valt te concluderen dat de nieuwe inrichtingen, in samenspraak met bewoners, goed bevalt bij bewoners. Gezondheid en leefbaarheid In het voorgaand speelruimteplan waren enkele speerpunten opgezet om alle bewoners meer te laten bewegen. In de afgelopen 4 jaar zijn outdoor workout plekken met fitness en calisthenicstoestellen gerealiseerd in Delfgauw en Nootdorp. Hierbij zijn ook watertappunten gerealiseerd. Er zijn ook meer toegankelijke speelvoorzieningen bijgekomen. Enkele plekken hebben hier ook gebruik van gemaakt, zoals de veerwip bij het Trapveld in Nootdorp. Het inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen is gebeurd middels aanpassingen aan het speelruimteplan in 2022. Hierdoor zijn de skateparken van Pijnacker en Delfgauw opnieuw ingericht en wordt een pump-track gecreëerd in Nootdorp. Het speerpunt ‘Ruimte voor ontmoeting’ is verbonden aan alle sporttoestellen die zijn geplaatst en is daarmee ook gerealiseerd. Er is gewerkt aan het plaatsen van speeltoestellen met veel speelwaarden zodat een grote groep kinderen van één speeltoestel gebruik kan maken, dit zorgt ook voor een betere sociale ontwikkeling van de kinderen. Het is nog niet geheel gelukt om elke nieuwe speelplek een eigen identiteit te geven, wel wordt er bij herinrichting rekening gehouden met de stijl van de woonwijk, waarna specifieke speeltoestelleveranciers worden aangesproken.

Natuurlijk en klimaat adaptief spelen In het Speelruimteplan 2019-2022 is de ambitie uitgesproken om meer ruimte voor natuurlijk spelen te realiseren. Hierbij wordt doorgezet op speeltoestellen die jaarrond gebruikt kunnen worden doordat speelaanleidingen in natuurspeelplekken (met water) verder voornamelijk in de zomermaanden gebruikt worden. Verder is er gewerkt aan het minder verharden van speelterreinen en het gebruiken van waterdoorlatende ondergronden. Ook kan er in het groen (zoals langs de Zijdeweg, Pijnacker) een speelplaats gemaakt worden dat ook kan fungeren als waterbuffer bij wateroverlast. Veiligheid In lijn met de ambitie van de gemeente Pijnacker-Nootdorp om voldoende, veilige en uitdagende speelplekken te creëren wordt gestreefd naar zowel sociaal veilige als fysiek veilige speelplekken. Sociale veiligheid De sociale veiligheid wordt bereikt door open en transparante speelplekken te realiseren in het zicht van woningen. Hierdoor is sociale controle mogelijk. Bij overlast is het in eerste instantie aan bewoners om elkaar aan te spreken. Buurtpreventieteams bestaande uit inwoners kunnen pagina 12/31

hier een belangrijke bijdrage aan leveren. Indien dit niet het gewenste resultaat oplevert is het mogelijk om het driemanschap (gemeentelijke wijkmanager, jongerenwerker en wijkagent) erbij te betrekken. Fysieke veiligheid De fysieke veiligheid wordt gewaarborgd door gecertificeerde speeltoestellen te plaatsen. Deze speeltoestellen voldoen aan alle veiligheidsnormen (opgesteld in de WAS). Op deze manier worden veilige speelplekken aangelegd. Omdat speeltoestellen in de loop der tijd slijten door gebruik, weersinvloeden en vandalisme worden speeltoestellen twee keer per jaar geïnspecteerd. Op deze manier wordt de veiligheid van speelplekken gehanteerd. Aan de hand van de inspecties en meldingen van gemeentepersoneel of bewoners kunnen vastgestelde schades aan toestellen worden hersteld. Wanneer de schade niet hersteld kan worden wordt een vervanging van het toestel overwogen. In het kader van de betrokkenheid van bewoners worden particuliere speeltoestellen in de openbare ruimte in een bepaalde periode toegestaan mits ze aan de vigerende spelregels voldoen. Onderhavig plan zal met de veiligheid ongewijzigd doorgaan. Valondergronden worden eveneens op gebreken beoordeeld tijdens de inspecties, wanneer er gebreken zijn aan de valondergrond die de veiligheid van kinderen in het geding brengt wordt het op (zeer) korte termijn gerepareerd, of wordt de plek tijdelijk afgezet.

‘In contact!’ Samen doen - Burgerparticipatie Bij alle speeltoestellen die moesten worden vervangen in bestaande wijken hebben buurtbewoners, en in het bijzonder kinderen, mee mogen beslissen over wat er voor terug zou komen. Dit is op verschillende manieren gedaan. Bijvoorbeeld doordat de gemeente op locatie in een partytent stond en de kinderen uit de buurt langs konden komen om aan te geven welke speeltoestellen zij graag op een bepaalde plek zien verschijnen. Ook zijn er in de buurt van speelplekken brieven verspreid waarin omwonenden werd gevraagd hun voorkeur door te geven. Ze hadden daarbij de keus uit een aantal verschillende opties. De burgerparticipatie verloopt naar wens, de weerstand bij nieuwe speeltoestellen is hierdoor verwaarloosbaar. Spreidingsrichtlijn In Tabel 2 is de spreidingsrichtlijn voor speelplekken weergegeven. In tegenstelling tot de oude spreidingsrichtlijn wordt bij het ontwikkelen van speelplaatsen in het nieuwe beheerplan tot 2026 ook rekening gehouden met sport-/speelplekken met toestellen voor alle leeftijden. Dit gebeurt omdat er van 2019-2022 nog niet voldoende gedaan kon worden om bewegen (sporten) mogelijk te maken. Voorbeelden hiervan zijn grote gecombineerde plekken zoals de Wolverlei in Nootdorp, Ru Parésingel in Pijnacker en de Pondstraat te Delfgauw waarbij een verscheidenheid aan sport- en speeltoestellen aanwezig zijn.

Het accent is in de afgelopen jaren meer komen te liggen op het realiseren van centraal gelegen speelplekken, die een bredere doelgroep bedienen. Alhoewel de herstructurering van speelplekken heeft gezorgd voor minder speelplekken is in de overgebleven speelplekken extra geïnvesteerd. Hierdoor moeten kinderen en (groot)ouders in sommige situaties iets verder lopen maar er zijn meer speelwaarden op de overgebleven speelplekken. Tabel 2 De spreidingsrichtlijn voor speelplekken vanuit het Speelruimteplan 2015-2018.

Leeftijdscategorie 0-6 0-6 6-12 12-18 Alle

pagina 13/31

Woningtypologie Hoogbouwwoningen Grondgebodenwoningen Alle typen Alle typen Alle typen

aantal kinderen (binnen bereik) 75-100 100-125 125-150 150-175 0 - 200

Bereik (max afstand) Buurt (~150m) Buurt(~250m) Wijk (~400m) Kern (~1000m) Kern (~1000m)

Minimaal oppervlakte 180m2 180m2 720m2 700-1000m2 700-1000m2

5. Bestaande situatie Alvorens doelen omtrent spelen uiteen worden gezet, is de huidige situatie geïnventariseerd. Dit vormt de uitgangssituatie. De inventarisatie en analyse gaan in op de speelruimte, speeltoestellen en doel- en gebruikersgroepen. Alle bevindingen zijn opgenomen in dit hoofdstuk. Per paragraaf worden deze onderwerpen behandeld. Hierin staan de volgende vragen centraal: “Wat is er?” en “Hoe houden bestaande zaken verband met elkaar?”. Paragraaf 1 gaat in op de gemeentelijke speelplekken. Hierbij is een onderverdeling gemaakt tussen formele en informele speelruimten. Vervolgens komen in paragraaf 2 de speeltoestellen aan bod en wordt een toelichting gegeven op hoe de veiligheid van de speeltoestellen wordt gewaarborgd. Ten slotte zet paragraaf 3 de doel- en gebruikersgroepen uiteen. Speelruimte Speelplekken zijn te verdelen in formele en informele speelplekken. Formele speelplekken zijn plekken die speciaal bedoeld zijn om te spelen. Deze zijn voorzien van één of meerdere speeltoestellen zoals een glijbaan, wip of klimrek. Informele speelplekken zijn plekken in de openbare ruimte die niet speciaal zijn aangelegd om op te spelen, maar die daarvoor in de praktijk wel worden gebruikt. Voorbeelden hiervan zijn bosjes, de stoep, een grasveldje en de straat. Zowel formele als informele speelplekken hebben hun eigen kwaliteiten en speelwaarde.

Formele speelplekken In totaal zijn binnen de gemeente 190 formele speelplekken (met speelobjecten) gerealiseerd, verspreid over Pijnacker (98), Nootdorp (58) en Delfgauw (34). Dit kunnen speelplekken zijn die uit slechts één speeltoestel bestaan, maar ook uit meerdere speeltoestellen. Alle formele speelplekken zijn in het speelbeheersysteem opgenomen. Het daadwerkelijk aantal speelplekken binnen de gemeentegrenzen ligt hoger. De speelplekken die de gemeente niet in beheer heeft zoals speelplekken bij kinderdagverblijven, scholen en verenigingen vallen buiten gemeentebeheer. Formele speelplekken zijn te verdelen in: traditionele speelplekken, avontuurlijke speelplekken, natuurlijke speelplekken, sportplekken en spelaanleidingen. Traditionele speelplek Een traditionele speelplek is gelegen in de directe woonomgeving van de kinderen. De speeltoestellen zijn van kunststof, hout, verzinkt staal of RVS, waar een valondergrond gerealiseerd is uit boomschors, rubber of kunstgras. De traditionele speelplek is statisch van aard waardoor creatieve invulling minder benodigd is (toestelafhankelijk). Avontuurlijke speelplek Een avontuurlijke speelplek is net zoals de traditionele speelplek gelegen in de directe woonomgeving van de gebruikers.

In tegenstelling tot de traditionele speelplek wordt hier voornamelijk gebruik gemaakt van dynamische/bewegende speeltoestellen met een grote verscheidenheid aan speelwaarden en valhoogtes. De valondergrond bestaat grotendeels (uit een combinatie van) gras, zand of kunstgras. De speeltoestellen zijn veelal ook uitdagender dan die op een traditionele speelplek. Hierbij kan gedacht worden aan een kabelbaan, hoge glijbaan, bewegende toestellen en grasvelden. Door de inrichting kunnen kinderen beter hun creativiteit en ideeën uiten dan op een traditionele speelplek. Natuurlijke speelplek Een natuurlijke speelplek binnen Pijnacker-Nootdorp is een speelplek waarbij uitsluitend gebruik wordt gemaakt van natuurlijke materialen zoals zand, water, takken, (klim) bomen en stapstenen. Hierdoor is de speelplek hoog-dynamisch en hebben kinderen veel ruimte om uitvoering te geven aan hun ideeën en creativiteit. Ter aanvulling van de speelplek kunnen houten speeltoestellen (speelaanleidingen) toegepast. In de praktijk blijkt dat een combinatie van natuurlijk spelen met enkele speelaanleidingen de grootste speelwaarde levert. Kinderen herkennend de speeltoestellen en komen spelenderwijs in aanraking met de omgeving. Een natuurlijke speelplek is veelal gelegen in een natuurlijke omgeving en is dus niet per definitie te pagina 14/31

vinden in de directe woonomgeving van de kinderen. Natuurlijk spelen moet niet verward worden met spelen in de natuur. Spelen in de natuur valt namelijk onder informeel spelen. Sportplek/outdoor work-out In deze categorie vallen de calisthenics-/fitnesstoestellen, skatebanen, pumptrackbanen, multicourts (gecombineerde sporten), pannaveldjes, trimbanen en andere plekken waarin sportvormen centraal staan. Sportplekken zijn populair van kind tot en met twintigers. Zij kunnen hun energie kwijt en kunnen hun vrienden laten zien wat ze kunnen. Openbare fitnessplekken en calisthenicstoestellen worden ook gebruikt door volwassenen en ouderen en de vraag daar naar groeit. Zeker sinds de start van COVID-19. In de gemeente Pijnacker-Nootdorp zijn de afgelopen jaren enkele van dit soort voorzieningen aangelegd. In Pijnacker is een outdoor work-out plek aanwezig aan de Zijdeweg (Oude Polder), in Nootdorp is er aan de Dr. Peter van Anrooijstraat een kleinschalige fitness plaats gerealiseerd in 2021 en in Delfgauw is er in 2022 een outdoor work-out plek gerealiseerd. Er zijn meer outdoor workoutplekken beoogd zodat elke kern minimaal één centrale plek heeft. Spelaanleidingen Spelaanleidingen nemen een bijzondere plek in de formele speelplekken. Dit zijn plekken die zijn ingevuld met bijvoorbeeld ‘pleinplakkers’.

Deze plekken zijn niet opgenomen in het speelbeheer systeem, maar vormen wel een duidelijke aanleiding om te spelen. Het doel van spelaanleidingen is om speelwaarde te creëren op plekken waar gebrek is aan ruimte en waar dus geen speeltoestellen kunnen worden geplaatst. Soms worden pleinplakkers geplaatst om kinderen een veilige route naar school te laten kiezen zoals in de wijk Tolhek in Pijnacker. Informele Speelplekken Informele speelplekken, eigenlijk ‘speelruimtes’, zijn lastiger in beeld te krijgen omdat de locatie sterk afhangt van het speelgedrag van kinderen. In principe zou de gehele openbare ruimte als informele speelruimte kunnen worden beschouwd. Dit betekent niet dat het gewenst is dat kinderen overal spelen. Wel kan worden geconstateerd dat de ene wijk door de stedenbouwkundige opzet meer of minder informele speelruimte bevat dan de andere. Grasvelden vormen de meest duidelijke informele speelplek. Het wordt gebruikt als trapveldje of door kleine kinderen om een tentje op te zetten. Een andere vorm is een volledige vorm van natuurlijk spelen zoals hieronder afgebeeld (natuurlijke speelplek aan de Kievitlande in Pijnacker). Enkel bij natuurspeelplekken zijn honden verboden. Alle overige informele speelplekken zal geen APV bord worden geplaatst.

Figuur 3 Natuurspeelplek Kievitlande

Speel- en sporttoestellen De gemeente Pijnacker-Nootdorp heeft in totaal 718 speel- en sporttoestellen. Deze zijn verdeeld over 191 speelplekken (Januari 2022). Naast het aantal speeltoestellen is het interessant om te zien wanneer deze speeltoestellen geplaatst zijn. Uitgaande van een levensduur van 15 jaar (voor houten toestellen) en 20 jaar voor stalen/kunststoffen-toestellen is in theorie duidelijk zijn welke speel- en sporttoestellen de aankomende jaren aan vervanging toe zijn. In de praktijk hebben veel toestellen echter een kortere of langere levensduur. Dit wordt beïnvloed door bijvoorbeeld pagina 15/31

de locatie (zon of schaduw, nat of droog) en het gebruik (voetbalgoal met weinig fysiek contact of een duikelrek met veel contact en wrijving). Uit nadere analyse blijkt dat speeltoestellen op speelplekken in de wijken zoals genoemd in Tabel 3 aan vervanging toe zijn. Tabel 3 Wijken waarin speelplekken aan renovatie toe zijn Wijk

Vervangingsjaar

Nootdorp Achter het Raadhuis Nootdorp Centrum – (oranjewijk)

2023-2024 2023

De Venen Centrum De Venen Oost

2024- 2025 2025

Vrouwtjesland Delfgauw

2026

Emerald centrum Oud-Delfgauw

2023 2023

Pijnacker Klapwijk (integrale herinrichting wijk)

2023-2026

Tolhek Zuidpolder Oude Leede

2023-2024 2024

Koningshof Keizershof-Erven

2025 2026

Beheer speelplekken De gemeente wil dat kinderen op een veilige manier kunnen buitenspelen en voert daarom tweemaal per jaar een hoofdinspectie functionele inspectie. Bij de hoofdinspectie wordt de veiligheid van het speeltoestel, de fundering en de ondergrond gecontroleerd. Bij de functionele inspectie ligt de nadruk op het controleren van de functionaliteit en stabiliteit van het toestel. Ten slotte worden ook bevindingen gedaan door het servicebedrijf van de gemeente en kunnen inwoners zelf meldingen doen via het ‘meldpunt leefomgeving’ van de gemeente. Doel- en gebruikersgroepen Onder het begrip ‘doelgroep’ wordt de groep kinderen verstaan waar een speelplek of speeltoestel voor bedoeld is, bijvoorbeeld kinderen van 0 tot 6 jaar. In de praktijk blijkt echter dat deze groep niet altijd tot de gebruikersgroep behoort. In de praktijk is het vaak zo dat sommige kinderen van 5 jaar oud al uitgekeken zijn op een speelplek en sommige kinderen van 7 jaar nog volop gebruik maken van de speelplek die daarvoor bedoeld is. De gebruikersgroep is de groep die daadwerkelijk gebruik maakt van een speelplek of speeltoestel, bijvoorbeeld kinderen van 4 tot 7 jaar. Het is belangrijk om deze twee typen (gebruikersgroep en doelgroep) te onderscheiden. Onderstaande figuren (bron: cbsinuwbuurt.nl) weergeven de data van leeftijdsverdeling in Pijnacker-Nootdorp.

Zichtbaar vanuit Figuur 4 is dat de gemeente veel jongeren (< 15 jaar) heeft in vergelijking tot het landelijk gemiddelde, de groep tussen 15 en 29 jaar is weer kleiner dan het landelijk gemiddelde. Ook is zichtbaar dat vooral veel kinderen wonen in de wijken gebouwd na 1990. Nieuwe Venen, ’s-Gravenhout, Tolhek, Keizershof, Klapwijk en Ackerswoude heeft een hoge dichtheid aan kinderen < 15 jaar.

pagina 16/31

In Figuur 5 is het aantal kinderen, jeugdigen en jongeren opgenomen per wijk. Per wijk kan hierdoor rekening worden gehouden met de behoefte van de inwoners.

Figuur 4 Percentage <15 jaar per wijk

Figuur 5 Bevolkingsopbouw Pijnacker-Nootdorp

Doelgroepen In het Speelruimteplan 2015-2018 en 2019-2022 zijn kinderen van 0 tot 18 tot de doelgroep gerekend. Dit komt overeen met de doelgroep die andere gemeenten in hun plan hanteren. Deze doelgroep is verdeeld in drie subgroepen. Per subgroep wordt aan de hand van richtlijnen gezorgd voor voldoende speelvoorzieningen. Zo zijn er speelplekken voor kinderen van 0-6 jaar, 6-12 jaar of 12-18 jaar. Het is ook mogelijk dat op een speelplek ruimte wordt geboden voor twee subgroepen, bijvoorbeeld kinderen van 0-12 jaar. Op basis van de doelgroep wordt de inrichting bepaald. Ouders en grootouders vormen geen directe doelgroep maar de praktijk wijst uit dat zij meegaan tot kinderen ongeveer 6 jaar oud zijn. Voor deze gebruikersgroep worden zitgelegenheden geplaatst. Gebruikersgroepen In de praktijk kan worden gesproken van gewenste en ongewenste gebruikersgroepen. De gewenste gebruikersgroepen sluiten veelal aan op de doelgroep. Ongewenste gebruikersgroepen zijn bijvoorbeeld grotere kinderen dan waar de speelplek voor is bedoeld en kunnen voor overlast zorgen. Ook kunnen zij ervoor zorgen dat jongere kinderen, die tot de doelgroep behoren, niet op de speelplek komen.

pagina 17/31

6. Duurzaamheid, inrichting, ontwerp en visie Er is een grote verscheidenheid aan speelplekken binnen de gemeentegrenzen, toch blijft er vraag naar meer speelwaarden vanuit de bewoners en vanuit de gemeente een grotere vraag naar duurzaamheid. Het onderhavige hoofdstuk beschrijft het bestaande beeld, de ontwerpen en toekomstige visie voor spelen in de gemeente. Visie De gemeente beoogd een visie bij herinrichting van speelplekken dat altijd een participatietraject wordt gevolgd. Hierbij worden minimaal de bewoners, direct grenzend aan de speel- of sportplek, op de hoogte gesteld over de toekomstige verandering die plaatsvindt. De bewoners kunnen dan kiezen voor een ontwerp of specifieke toestellen.

Figuur 6 Participatietraject met kinderen voor Skatepark Delfgauw

De gemeente heeft ook een visie om voor alle kinderen voldoende speel- en sportgelegenheden te hebben. Hierbij wordt ook gedacht aan het inclusiever inrichten van bestaande speelplekken met een groot formaat, waarbij dan minimaal 1 toestel geschikt is voor kinderen met een beperking (mindervaliden/gehandicapten). Het gebruik van duurzame materialen bij de (her)inrichting van speelplekken (levensduur, grondstofwinning, transport, herbruikbaarheid) is ook noodzakelijk om Pijnacker-Nootdorp toekomstbestendig te maken. Toestellen van staal kunnen zonder problemen 30 jaar mee en zijn volledig herbruikbaar. Van kunststof is de levensduur 20-30 jaar, waarvan ook het meeste weer omgesmolten kan worden tot nieuwe kunststof. Hout gaat maximaal 15 jaar mee en groeit terug, echter blijft de verwerking niet geheel duurzaam. Door meer staal te gebruiken kunnen we dus duurzamer Inrichting speelplekken (speeltoestellen en valondergronden) Speeltoestellen De speelwaarde van een speelplek wordt voor een belangrijk deel bepaald door de speeltoestellen die er staan. Voorbeelden van speelwaarden zijn: Klimmen, springen, schommelen, hangen, glijden, balanceren, rennen, duikelen, draaien. Deze speelwaarden worden door combinatietoestellen of specifieke toestellen toegevoegd aan een speelplek. De meest populaire speelwaarde zijn schommelen, duikelen, draaien en glijden.

Hier wordt dan ook rekening mee gehouden bij het vooraf selecteren van toestellen. Specifieke toestellen als kabelbanen en hoge klimtorens zijn populair op grote speelplekken. Een speelplek waarop meerdere speelvormen mogelijk zijn heeft een hogere speelwaarde en zal een bredere gebruikersgroep aantrekken. Kinderen zullen ook langer plezier hebben van een speelplek met meerdere speelvormen en steeds nieuwe uitdagingen vinden. Een speelplek met pagina 18/31

een hoge speelwaarde wordt gerealiseerd door uitdagende speeltoestellen te plaatsen voor een brede doelgroep, het aanbieden van diverse speelvormen en het toepassen van groen en stenen waar kinderen mee kunnen spelen. Vooral grotere speelplekken hebben hierin veel potentie. In de gemeente is echter vaak sprake van kleinere speelplekken. In dat geval wordt er naar gestreefd om zoveel mogelijk variatie op buurtniveau te creëren. Uiteindelijk bepaalt de gemeente (met inspraak van de bewoners) welke speeltoestellen worden geplaatst, zodat de diversiteit aan speelwaarden gewaarborgd blijft. Valondergrond Bij de afweging die de gemeente maakt bij het selecteren van een geschikte valondergrond wordt gekeken naar de volgende priorisering; 1. Wettelijke eisen 2. Locatietoetsing 3. Kosten 4. Duurzaamheid. De ondergrond dient ten alle tijden aan de wettelijke eisen van het WAS te voldoen. Dat betekend dat er een vrije valruimte moet zijn met voldoende valdemping. De valhoogte mag nooit meer dan 3 meter bedragen. Bij een hoge valhoogte (meer dan 2,5 meter) wordt zand geprefereerd. Direct na prioriteit 1 (wettelijke eisen) wordt gekeken waar de speelplek gelegen is. Tegen bosplantsoen of een bij een (natuurlijk) recreatiegebied wordt de voorkeur gegeven aan een gras-, zand- of boomschorsvalondergrond.

De derde prioriteit waar de gemeente naar kijkt zijn de kosten die de val-dempende ondergrond met zich meebrengt. Hieronder vallen de kosten voor aanschaf, aanleg en onderhoud. De aanlegkosten van een rubberen valondergrond is namelijk zeer hoog. De aanlegkosten voor zand erg laag. Maar zand moet tweemaal per jaar gereinigd worden. De rubberen valondergrond gaat minimaal 12 jaar mee tot uiterlijk 17 jaar. Uiteindelijk zijn de kosten voor een rubberen valondergrond nog maar iets hoger. De vierde prioriteit is de duurzaamheid van het materiaal, hierbij kijkt de gemeente naar de levensduur van de ondergrond en of deze van duurzame materialen is gefabriceerd en te recyclen is. Een voorbeeld van een duurzame valondergrond is kurk. Deze blijft 15 jaar van goede kwaliteit en wordt enkel met volledig natuurlijke materialen aangelegd, zowel de lijm als de kurk komen van natuurlijke bronnen. Een nadeel zijn de hoge kosten voor de aanleg. Anderzijds is zand ‘oneindig’ goed als valondergrond waarbij enkel aanvulling en schoonmaak nodig is. Verschillende type valondergronden Kurk Inmiddels is er ook een duurzaam alternatief voor valondergronden, kurk. Dit materiaal groeit namelijk van nature terug op de boom wanneer deze bast verwijderd wordt. Kurkondergronden worden daarnaast minder heet en laten meer water door en kunnen na 15 jaar nog een keer gebruikt worden.

Deze valondergrond variant heeft vanaf 2023 de voorkeur om te gebruiken bij renovatie van speelplekken maar kost wel circa 20% meer dan andere valondergronden. Rubbervloer (naadloos en tegels) Rubbertegels werden in het verleden veel toegepast als valondergrond, vooral in de verharding. Inmiddels wordt ook steeds vaker gekozen voor kunstgras omdat de prijs daarvan tegenwoordig bijna gelijk is. Rubbertegels zijn in verschillende vormen en kleuren verkrijgbaar. Het voordeel van rubbertegels is dat eventueel scheefliggende tegels gemakkelijk recht te leggen zijn. Nadelen zijn onkruidgroei tussen de naden, krimp van het product, de beperkte mogelijkheden wat betreft vormgeving, dat ze soms door kinderen los worden getrokken. Naadloze rubbervloeren vormen een valondergrond die bestaat uit één geheel, wat een groot voordeel is omdat er geen onkruid tussen naden kan gaan groeien. Tegelijkertijd zijn er veel mogelijkheden op gebied van kleur en vormgeving. Het nadeel van naadloze rubberen vloeren is de hoge prijs van aanleg en reparaties. Verder zijn de gaten die ontstaan als gevolg van pagina 19/31

slijtage/vandalisme of bij het vervangen van een speeltoestel moeilijk te herstellen en zal daarbij altijd kleurverschil optreden. Kunstgras Kunstgras heeft de afgelopen jaren een sterke ontwikkeling doorgemaakt op gebied van recycling, hierdoor wordt kunstgras steeds frequenter toegepast. De voordelen van kunstgras zijn dat het weinig onderhoud vergt, in vele kleuren kan worden toegepast en er in tegenstelling tot gras geen kale plekken in komen. Een nadeel is dat reparaties (bijna) altijd kleurverschillen met zich meebrengen. Een ander nadeel is dat de vezels slijten en hierdoor (micro)plastics in het milieu komen. Gras Gras heeft een natuurlijke uitstraling en is goedkoop. Met een maximale vrije valhoogte van 150 cm voldoet gras in veel gevallen als valdemping. Een groot nadeel van gras is dat het bij intensief gebruik snel slijtage vertoont. Het gras kan in grond en bij nat weer in modder veranderen, afhankelijk van het gebruik. Bij een trapveldje wordt nog wel eens een combinatie gemaakt: voor de doeltjes kunstgras en op de rest van het veld gras. Boomschors Het boomschors dat op speelplekken toegepast wordt is afkomstig van de Franse zeeden (Pinus pinaster) en in mindere mate een dennenschorsmengsel. Het voordeel hiervan is dat deze boomschors minder snel verteerd dan houtsnippers en geen kans heeft op splinters.

Boomschors moet regelmatig worden aangevuld vanwege het verteren. Een nadeel dat sommige omwonenden ervaren is dat kinderen met het materiaal gaan gooien. Ook in combinatie met verharding is de ondergrond minder succesvol van vanwege de verspreiding van het boomschors. Rubbermulch Rubberen valondergronden zijn ook met alleen EPDM rubber verkrijgbaar, hierbij wordt gebruik gemaakt van een afgeschraapt en gekleurd rubber wat lijkt op boomschors. Met lijm wordt de valondergrond bij elkaar gehouden en wordt een duurzame (lange levensduur) valondergrond gerealiseerd. Het grootste voordeel is makkelijk een dynamische vorm gerealiseerd kan worden. Het grootste nadeel is (on)kruid wat tussen de rubbermulch groeit over de tijd heen. Ontwerp De definitieve ontwerpen waar bewoners uit kiezen ontstaan vanuit het geld wat beschikbaar is, de omgeving waarin een speel-/sportplek gelegen is alsmede het aanbod van een leverancier, alsmede de wensen van bewoners. De gemeente behoud altijd het recht op de definitieve keus voor een ontwerp (i.v.m. technische of financiële mogelijkheden. Als een speel- of sportplek nieuw wordt aangelegd (met bijvoorbeeld meer planten) en het aanzien van de openbare ruimte alsmede het onderhoud wordt gewijzigd, worden ontwerpen ook nog getoetst door het plantoetsteam van de gemeente.

Overige elementen binnen speelplekken De gemeente kijkt verder dan speeltoestellen en valondergronden als het om de inrichting van speelplekken gaat. Regelmatig krijgt de gemeente verzoeken om borden te plaatsen die gebruikers van de plek bijvoorbeeld verbieden te voetballen of jongeren de toezegging ontzeggen. Er worden alleen spelregelborden geplaatst bij speelplekken die zo zijn ingericht dat zij expliciet jongeren uitnodigen daar gebruik van te maken. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld voetbalkooien, skatebanen en pumptracks. Zitbanken Een behoefte die voornamelijk onder (groot)ouders en verzorgers bestaat is de mogelijkheid om te zitten bij een speelplek. In het verleden werden standaard zitbanken geplaatst bij speelplekken. Alternatieven zoals betonelementen of zwerfkeien kunnen tevens dienen als zitelement. Op basis van bewonersreacties heeft een bank met rugleuning toch de voorkeur. Bij (her)inrichting van speelplekken worden daartoe ook de bijbehorende banken beoordeeld op de kwaliteit. pagina 20/31

Afvalbakken (bij speelplekken) Afvalbakken worden bij voorkeur zo gesitueerd dat deze net buiten de speelplek staan zodat ook hondenbezitters de bak kunnen gebruiken om zakjes met hondenpoep in te deponeren. Bijkomend voordeel is dat gebruikers van de speelplek minder last hebben van stank en/of wespen. Kunstobjecten Kunstobjecten die worden gebruikt als speeltoestellen worden jaarlijks gecontroleerd op gebreken. Bij herinrichting van de buitenruimte wordt beoordeeld of de veiligheid van deze toestellen (vóór 1997) vergelijkbaar is met hedendaagse normen, waar nodig zal een aanpassing aan de omgeving worden gemaakt. Verboden voor honden Speelplekken zijn verboden voor honden en om hondenbezitters erop te wijzen dat zij een speelplek betreden worden er paaltjes met de tekst ‘Verboden voor honden’ geplaatst om hen daarop te attenderen. Dit geldt voor alle formele speelplekken alsmede natuurspeelplekken binnen de gemeente.

pagina 21/31

7. Beheer en onderhoud De gemeente draagt zorg voor een veilig en onbezorgd spelen door alleen gecertificeerde speeltoestellen te plaatsen en daarbij behorende valondergronden aan te leggen. Om de veiligheid en functionaliteit te waarborgen zijn jaarlijkse inspecties, beheer en onderhoud nodig. Het beheer en onderhoud is erop gericht om de bestaande situatie op een duurzame wijze veilig en functioneel in stand te houden binnen de hiervoor geldende wettelijke en financiële kaders. Dit hoofdstuk is als volgt opgebouwd. Paragraaf 1 beschrijft hoe de gemeente het beheer en onderhoud digitaal heeft ingericht. Vervolgens zet paragraaf 2 uiteen op welke manier de gemeente het beheer en onderhoud in de vorm van inspecties vormgeeft. Daarna komt in paragraaf 3 aan bod op welke manier herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd aan speeltoestellen en valondergronden. Paragraaf 4 en 5 lichten het beleid met betrekking tot het vervangen en verwijderen van speeltoestellen toe. Ten slotte komt in paragraaf 6 aan bod hoe de gemeente omgaat met particuliere speeltoestellen in de openbare ruimte. Beheersysteem Het beheersysteem van de gemeente is een afspiegeling van de situatie buiten. Alle speel/sportplekken met en zonder toestellen zijn opgenomen in het systeem.

Elk speeltoestel heeft een eigen ‘logboek’ met daarin relevante gegevens zoals de naam van de fabrikant, leverancier, het bouwjaar en de tijdens de inspectie geconstateerde gebreken. Deze gegevens worden geactualiseerd op het moment dat er een inspectie of reparatie wordt uitgevoerd. Naast de speelplekken en speeltoestellen zijn de valondergronden opgenomen in het beheersysteem. Het beheersysteem wordt ook gebruikt om gegevens uit te halen, zoals hoeveel speeltoestellen zijn voorzien van een valondergrond van een bepaald type (zoals zand) of hoeveel speeltoestellen zijn geplaatst door een specifieke leverancier. Inspecties De gemeente geeft door het uitvoeren van veiligheidsinspecties en reparaties invulling aan de in het WAS beschreven zorgplicht. De inspecties worden uitgevoerd door een onafhankelijk en gespecialiseerd bedrijf. De resultaten die voortkomen uit de inspecties worden geregistreerd in het speelbeheersysteem. Eventuele kleine onderhoudswerkzaamheden worden ter plekke uitgevoerd, zoals het aandraaien van bouten en het plaatsen van verdwenen afdekdopjes. Voor andere onderhoudswerkzaamheden wordt na afloop van de inspectie een lijst samengesteld. Aan de hand van de lijst wordt bepaald welke herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd.

Indien sprake is van mankementen die de veiligheid niet in het geding brengen kan de gemeente bijvoorbeeld besluiten deze werkzaamheden niet uit te voeren als de speelplek op korte termijn gerenoveerd wordt. Daarnaast worden “visuele inspecties” uitgevoerd door medewerkers van het servicebedrijf van de gemeente alsmede de bewoners zelf die een melding maken via ‘Meldpunt Leefomgeving’ op de gemeentewebsite. In Tabel 4 zijn de verschillende inspecties die de gemeente uitvoert overzichtelijk weergegeven.

Tabel 4 Type inspecties

Hoofdinspectie Frequentie Uitvoering Doel

Registratie pagina 22/31

Eenmaal per jaar Onafhankelijk, gespecialiseerd bedrijf met gekwalificeerd personeel Controle van de technische norm en de onderhoudsstatus van het speeltoestel. Daarnaast wordt de vrije valruimte en de daarin aanwezige (veiligheids) ondergrond gecontroleerd. Speelbeheersysteem

Functionele inspectie Frequentie Tweemaal per jaar (waarvan één keer met hoofdinspectie) Uitvoering Onafhankelijk, gespecialiseerd bedrijf met gekwalificeerd personeel Doel Intensieve controle van de onderhoudsstatus van het speeltoestel. Tevens wordt aanwezige (veiligheids-)ondergrond gecontroleerd op slijtage. Registratie Speelbeheersysteem Visuele inspectie Frequentie Constant (door bewoner) Uitvoering Inwoners en gemeenteambtenaren Doel Het signaleren van zichtbare gebreken, gevaarlijke situaties, vandalisme of vervuiling, om zo snel mogelijk in te grijpen en erger te voorkomen. Registratie Via Meldpunt Leefomgeving -> Speelbeheersysteem Reparatie De herstelwerkzaamheden die voortkomen uit de inspecties of meldingen van bewoners zijn over het algemeen te verdelen in twee categorieën (beschadigd speeltoestel of beschadigde valondergrond). Naast deze twee categorieën heeft elke bevinding ook nog een eigen prioriteit. Gebreken die ervoor zorgen dat de veiligheid in het geding is, hebben de meeste prioriteit en toestellen worden in extreme gevallen (b.v. toegang tot toestel niet meer veilig) met een lint of rekken afgezet. Speeltoestellen Aan speeltoestellen kunnen als gevolg van gebruik, het weer en vandalisme gebreken vertonen. Omdat de gemeente streeft naar schone, functionele en veilige speelplekken worden deze gebreken afhankelijk van de prioriteit verholpen.

Prioriteit 1 en 2 (minste) worden niet tot nauwelijks gerepareerd. Prioriteit 3 wordt gerepareerd indien mogelijk en prioriteit 4/5 (verlies van speelwaarde/gevaarlijke situatie) worden per direct ingepland voor reparatie. De Vaak worden onderhoudswerkzaamheden gebundeld zodat deze op een efficiënte manier kunnen worden uitgevoerd. Valondergronden Elk type (val)ondergrond heeft een daarop afgestemd beheer en onderhoud. Bij losse materialen zoals houtsnippers of val-dempend zand is het nodig om het materiaal regelmatig aan te vullen om de val-dempende kwaliteit van de ondergrond in stand te houden (zie proces hieronder). Kunstgras wordt jaarlijks geborsteld en ingeveegd met zand met als doel de levensduur te verlengen. Rubberen ondergronden worden schoongespoten met een hogedrukspuit. De valondergronden worden ook mee genomen in de functionele inspecties. Op basis daarvan worden maatregelen uitgezet zoals het recht leggen van rubbertegels, het aanvullen van boomschors of het repareren van kunstgras.

Figuur 7 Zandreinging Mare te Pijnacker (voor, tijdens, na)

Vervangen, verwijderen of herinrichting In sommige gevallen is het vanuit economisch en/of technisch perspectief niet wenselijk om onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. In dergelijke gevallen zijn speeltoestellen aan het einde van hun levensduur en wordt gekozen om het speeltoestel al dan niet te vervangen. Daarin worden omwonenden betrokken en kunnen in veel gevallen meebeslissen over de nieuwe speelplek. Uiteraard binnen de gemeentelijke kaders. pagina 23/31

Naast de reguliere en incidentele beheermaatregelen worden renovaties uitgevoerd. Renovaties zijn onderverdeeld in integrale herinrichtingen en speelplekrenovaties. Integrale herinrichtingen Wanneer de riolering na 35 à 40 jaar wordt vervangen, worden ook speelplekken meegenomen. Sinds het vorige Speelruimteplan wordt, in overleg met bewoners, kritisch gekeken naar de actuele behoefte van de speelplekken in de wijk. De wijken Koningshof en Klapwijk worden gedurende de looptijd van dit plan gerenoveerd. Hiertoe worden dus ook de speelplekken gerenoveerd. Speelplekrenovaties (valondergronden en speeltoestellen) Speelplekken hebben een levensduur van ongeveer 15 jaar. Na deze periode zijn houten speeltoestellen en valondergronden vaak niet meer goed van kwaliteit. Kunststoffen en stalen speeltoestellen kunnen langer meegaan (soms wel tot 40 jaar). Riolering gaat 2 tot 3 keer zo lang mee. Daarom worden gedurende de looptijd van dit plan een reeks speelplekken en valondergronden gerenoveerd in wijken die voorlopig nog niet worden gerenoveerd. Verder heeft de gemeente geïnventariseerd welke speelplekken aan het einde van hun technische of economisch levensduur zijn en in aanmerking komen voor renovatie de aankomende jaren. De meeste van deze speelplekken zijn gelegen in de wijken NootdorpCentrum/West, De Venen en Tolhek.

Renovatievoorbeelden (investeringen) Onderstaande afbeeldingen weergeven verschillende voorbeelden van renovaties binnen de gemeente in de afgelopen periode. Tegels zijn conform beleid vervangen en de locaties groener en met meer speelwaarden opgeleverd

Figuur 8 Peter van Anrooistraat (omvorming tot sportplek)

pagina 24/31

Figuur 12 Gilze-Rijenhof voor (links) en na (rechts) herinrichting met rubbermulch

Figuur 11 Renovatie speelplek Warmoezierstraat, gebruik van duurzame speeltoestellen

Figuur 10 Vevanging van zwarte tegels en verouderde speeltoestellen Maria van Wilsveenhof

Figuur 9 Vervanging van toestellen aan de Lozerlaan pagina 25/31

8. Onderhoudsplan (maatregelen en kosten) Dit hoofdstuk beschrijft de acties die de gemeente gedurende de looptijd van het Beheerplan spelen 2023-2026 gaat uitvoeren, wanneer dit gepland is en welke kosten eraan vastzitten. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen maatregelen die worden gefinancierd uit het onderhoudsbudget en maatregelen die worden betaald uit een investering voor groot onderhoud en vervanging van speeltoestellen en valondergronden. In 2017 is het Besluit begroting verantwoording provincies en gemeenten gewijzigd. Als gevolg daarvan moeten investeringen met maatschappelijk nut verplicht geactiveerd worden. Daarvoor wordt een ondergrens gehanteerd van € 10.000 volgens de Financiële verordening PijnackerNootdorp (artikel 11, lid 5). Onderhoudsbudget Deze paragraaf zet de kosten van het reguliere beheer uiteen. De kosten worden gevormd door het uitvoeren van de jaarlijkse veiligheidsinspecties, het onderhouden van de valondergronden, de licentie voor het speelbeheersysteem, het uitvoeren van de uit de inspectie voortkomende herstelwerkzaamheden aan toestellen en valondergronden alsmede vervanging wanneer noodzakelijk. De werkzaamheden die vallen onder het algemeen onderhoudsbudget zijn noodzakelijk om de speelplekken op een veilige en duurzame manier in stand te houden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12056065/1