CConstaterende datPijnacker-Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4d - Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2021-2022 Bijlagen bij de toelichting

Raad Besluitvorming 20 oktober 2022, gemeente Pijnacker-NootdorpBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 'Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2021/202228.777 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Over de exacte diepte, locatie en omvang van de eventuele vindplaatsen kunnen geen uitspraken worden gedaan op basis van het huidige bureauonderzoek. Ook is de diepte van eventuele verstoring en/of ophogingslagen in het plangebied onbekend.

3.2 Advies voor vervolgonderzoek Om de archeologische verwachting te toetsen en om inzicht te krijgen in de bodemopbouw van het plangebied wordt geadviseerd een verkennend

14

booronderzoek uit te voeren. Gezien de omvang van het plangebied worden in totaal drie boringen gezet. Er wordt geadviseerd om tot minstens 0,5 m in het Laagcomplex van Delfland/Laag van Rijswijk of de Laag van Ypenburg te boren. Ook wordt één van de boringen tot ten minste 4 m onder maaiveld gezet, dit ter controle van de diepere ondergrond.

15

4

Veldonderzoek

4.1 Richtlijnen De veldwerkzaamheden voor een verkennend booronderzoek worden uitgevoerd volgens procescertificaat BRL SIKB 4000, versie 4.1 (certificaatnummer: K95429/04), waarbij het onderliggende protocol 4003 wordt gehanteerd.

4.2 Onderzoeksmethoden Het veldonderzoek bestond uit een verkennend booronderzoek (afbeelding 10 en 11). Met behulp van grondboringen kan de bodem worden onderzocht op de aanwezigheid van archeologisch materiaal. Booronderzoek biedt daarnaast de mogelijkheid de stratigrafische positie van de grondlagen met archeologische vondsten nauwkeurig te bepalen, zodat de dikte van een eventueel archeologisch niveau en de diepte waarop de archeologische sporen te verwachten zijn, kan worden bepaald. Met booronderzoek is het mogelijk de geologische bodemopbouw in kaart te brengen en door de mens en natuurlijke bodemerosie ontstane verstoringen van de bodem vast te stellen. Voor het booronderzoek zijn de volgende onderzoeksvragen gebruikt:27 • • •

27

Bakx 2020.

28

Bosch 2008.

Hoe ziet de stratigrafie van het plangebied eruit en is de bodemopbouw intact? Zijn er aanwijzingen voor archeologische vindplaatsen binnen het plangebied, en zo ja, wat is de diepteligging, stratigrafische positie en omvang van de vindplaats(en)? Wat is het advies ten aanzien van eventueel archeologisch vervolgonderzoek?

De boorprofielen zijn beschreven in een hiervoor ontwikkeld computerprogramma. Dit is gedaan volgens de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode.28 Hierbij worden onder andere de textuur van de bodemlagen, de kleur en de diepte genoteerd. Bovendien worden de eventuele archeologische indicatoren (bijvoorbeeld scherven, bot, steen, houtskool) vermeld. Andere aanwijzingen voor de aanwezigheid van oude bewoning, zoals in de grond aanwezige fosfaten, zijn ook

Afbeelding 10: uitvoering van het onderzoek.

16

gedocumenteerd. De exacte locatie van alle boringen en de hoogte van het huidige maaiveld is vastgelegd met behulp van een GPS.

4.3 Resultaten veldwerk Er zijn 3 boringen gezet in het plangebied (afbeelding 11, bijlage 1). De diepte van de boringen varieert tussen 2,4 m en 3,15 m -mv. Dieper boren was vanwege zandlagen en het leegstromen van de boor niet mogelijk. Boring 1 is gezet aan de voet van de kade. De top van de bodem bestaat hier uit een 65 cm dikke, donkerbruine, zandige laag die is geïnterpreteerd als bouwvoor. Daaronder lag een 40 cm dikke, lichtgrijze ophogingslaag of menglaag die bestond uit matig fijn, kleiig zand. Vanaf 1,05 m onder het maaiveld (4,06 m -NAP) is de natuurlijke bodem aangetroffen. Deze bestond eveneens uit kleiig zand dat vrij grof van structuur was en enkele ijzeroxidevlekken bevatte. Vanaf 1,4 m -mv (4,41 m -NAP) is het zand niet langer kleiig en wat grijzer van kleur. Dit pakket was kalkrijk en waarschijnlijk tenminste 1,6 meter dik, maar als gevolg van een leeglopende boor kon dit niet volledig onderzocht worden. De natuurlijke lagen behoren tot het Laagcomplex van Delfland. Boring 2 en 3 zijn in de kade gezet en vertonen veel overeenkomsten. De top van de bodem bestaat uit verstoorde of opgehoogde zandige (meng)lagen tot 1,3-1,5 m- mv. Deze bruine lagen zijn sterk humeus doordat ze vermengd zijn met de top van het onderliggende veen. Dit is waarschijnlijk gedaan om de zandige pakketten vruchtbaarder te maken.

In boring 2 zat in deze laag ook een grote hoeveelheid koolas. Daaronder ligt een laag kleiig veen (op 3,32-3,47 m -NAP) dat volledig veraard is. Deze laag is geïnterpreteerd als een restant van het Hollandveenpakket. Daaronder ligt een 35-40 cm dikke lichtgrijze, siltige kleilaag. Onder deze laag ligt een tweede dunne veenlaag die slechts 10-20 cm dik is. Ook dit veen hoort tot het Hollandveenpakket. De tussenliggende kleilaag hoort waarschijnlijk bij de Gantel Laag van het Laagpakket van Walcheren. Onder deze lagen liggen op 1,9-2,15 m -mv (rond 4 m -NAP) de zandlagen van het Laagcomplex van Delfland. Deze diepte komt overeen met de diepte van dit pakket in boring 1. In het zandpakket is in boring 3 nog een 10 cm dunne kleilaag aangetroffen. Bij het onderzoek zijn geen archeologische indicatoren of aanwijzingen voor

×

86450

! 5

! 5

3

2

! 5

Esri Nederland, beeldmateriaal.nl

86450

Afbeelding 11: boorpunten geprojecteerd op een luchtfoto.

0

10

Plangebied

1

20

40

Meters

! 5 Boring 17

vindplaatsen aangetroffen.

4.4 Beantwoording van de onderzoeksvragen In deze paragraaf worden de voor dit onderzoek opgestelde onderzoeksvragen beantwoord. Hoe ziet de stratigrafie van het plangebied eruit en is de bodemopbouw intact? De top van de bodem bestaat uit zandige ophogingslagen en de bouwvoor. In boring 1 liggen deze als gevolg van uitvening direct op de zandlagen van het Laagcomplex van Delfland. In boring 2 en 3, die in de kade gezet zijn, liggen tussen de ophogingsen menglagen en de zandlagen van het Laagcomplex van Delfland enkele veen en kleilagen. Deze horen bij het Hollandveenpakket en (waarschijnlijk) de Gantel Laag. De bodem is onder de bouwvoor en de zandige ophogings- en menglagen in de boringen 2 en 3 intact. Bij boring 1 is als gevolg van uitvening een groot deel van de oorspronkelijke bodem verdwenen. Zijn er aanwijzingen voor archeologische vindplaatsen binnen het plangebied, en zo ja, wat is de diepteligging, stratigrafische positie en omvang van de vindplaats(en)? Er zijn geen aanwijzingen voor archeologische vindplaatsen aangetroffen. Ook zijn er geen archeologische indicatoren aangetroffen. Wat is het advies ten aanzien van eventueel archeologisch vervolgonderzoek? Op basis van de aangetoonde verstoorde menglagen in de top van het veen geldt er geen archeologische verwachting meer in het plangebied.

Daarom wordt geadviseerd om geen vervolgonderzoek uit te laten voeren in het plangebied.

18

5 Conclusie en aanbevelingen na booronderzoek 5.1 Conclusie Uit het booronderzoek is gebleken dat er binnen het plangebied deels gedeeltelijk een intacte bodem aanwezig is, maar dat de top van het niveau waarop zich sporen kunnen bevinden verstoord is. Daarnaast zijn er geen aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats.

5.2 Advies voor vervolgonderzoek Er geldt geen verwachting meer voor archeologie op basis van de aangetoonde verstoorde menglagen in de top van het veen. Daarom wordt geadviseerd om geen vervolgonderzoek uit te laten voeren in het plangebied. De uiteindelijke beslissing hierover ligt bij het bevoegd gezag, de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Mocht tijdens de geplande werkzaamheden blijken dat binnen het plangebied toch archeologische waarden aanwezig zijn, dan dienen deze in het kader van de Erfgoedwet (paragraaf 5.4) te worden gemeld bij de minister van OCW. In de praktijk komt dit erop neer dat archeologische toevalsvondsten worden gemeld bij de bevoegde overheid, in deze de adviseur Archeologie van de gemeente PijnackerNootdorp, mevrouw L. Bekkers (0652739261 of lbekkers@delft.nl). Deze algemene meldingsplicht is altijd van toepassing en dus ook in gebieden die bij voorbaat zijn vrijgesteld van archeologisch onderzoek en gebieden die na archeologisch (voor)onderzoek zijn vrijgegeven voor ontwikkeling. Het is mogelijk dat na melding blijkt dat het om een vondst gaat waarvoor het bevoegd gezag nader onderzoek vereist.

19

Literatuur Gebruikte afkortingen ADC DAN DAR

Archeologisch Diensten Centrum Delftse Archeologische Notitie Delftse Archeologische Rapporten

Bakx, J.P.L. & B. Penning, 2016: Eeldedreef / Kortelandseweg Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp. Een archeologisch bureauonderzoek, DAN 89. Bakx, J.P.L. & B. Penning, 2017: Het Gildehof, Kruisweg-Oosteinde in gemeente Pijnacker-Nootdorp. Een archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek, DAN 138. Bakx, J.P., 2020: Plan van Aanpak Bureau- en booronderzoek Hart van Nootdorp, Delft. Bloom, H.J., 2019: Nader bodemonderzoek en nader onderzoek asbest Veenweg 10-12 Noordorp gemeente Pijnacker-Nootdorp, BMA Milieu Bodemonderzoek & -sanering rapportnummer NBO-NOA.2018.0234. Bosch, J.E. van den, 2013: Programma van Eisen Archeologische begeleiding protocol IVO-P. Dorpsstraat 46-62 Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp, SOB Research versie 130219-DEF. Bosch, J.H.A., 2008: Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1 Op basis van de Standaard Boor Beschrijvingsmethode versie 5.2, Deltarisrapport 2008-U-R0881/A. Cohen Stuart, C.D.R., 2011: Programma van Eisen Archeologische begeleiding protocol IVO-P. Dorpsstraat 12 Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp, Terra Archeologie. Groot, R. de, 2009: Plangebied Dorpsstraat 82-90 te Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp, Archeologisch vooronderzoek: een bureau- en inventariserend veldonderzoek, RAAP-Notitie 3089. Hanemaaijer.

M., 2016: Veenweg 32, Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen, Bureau voor Archeologie Rapport 278. Jackson, J.M.D., 2008: Pijnacker-Nootdorp, Oudeweg 11A. Een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van proefsleuven, ADC Rapport 1266. Kerkhof, M., 2010: Pijnacker-Nootdorp. Een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart, DAR 96. Kluiving, S.J. & R.A. Lelivelt, 2009: Archeologisch bureauonderzoek, locatie Dorpsstraat 12, Nootdorp (gemeente Pijnacker-Nootdorp), GEO-LOGICAL-reeks 46. Kluiving, S.J. & R.A. Lelivelt, 2009: Archeologisch bureauonderzoek, locatie Dorpsstraat 46-62, Nootdorp (gemeente Pijnacker-Nootdorp), GEO-LOGICALreeks 47. Kruikius, N. & J. Kruikius, 1712: ’t Hooge heemraedschap van Delflant, gemeten en in kaerte gebracht door Nicol. en Jac. Kruikius. Schaal 1:10.000, Alphen aan den Rijn.

20

Peeters, D. & J.H.F. Leuvering, 2019: Plangebied Sportpark Centrum te Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek, RAAP-Rapport 4002. Schamp, C.R.C., 2006: Plangebied Oudeweg 11A te Nootdorp, gemeente Pijnacker-Nootdorp; archeologisch vooronderzoek: een bureau- en inventariserend veldonderzoek, RAAP-Notitie 1683. Vos, P.C., M. IJsselstijn, S. Jongma & S. de Vries, 2017: Het ontstaan van Westland-Delfland, gebaseerd op paleolandschappelijke onderzoek en getijsysteemkennis. Toelichting op de regionale paleolandschappelijke kartering, uitgevoerd in het kader van het uitbrengen van de Atlas van het Westland, DAR 130. Wolzak, J.A., 2019: Plangebied Veenweg 36 te Nootdorp, gemeente PijnackerNootdorp; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek), RAAP-Rapport 3885.

Overige geraadpleegde bronnen www.ahn.maps.arcgis.com, geraadpleegd op 29-6-2021. www.topotijdreis.nl, geraadpleegd op 5-7-2020. www.rijksmuseum.nl/nl/collectie/RP-P-OB-4525, geraadpleegd op 29-6-2021. http://hhdelfland.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=0278b4d9 58fd4cceba74bb8d1dbce308, geraadpleegd op 29-06-2021. https://beeldbank.cultureelerfgoed.nl, geraadpleegd op 5-7-2020.

Overzicht van afbeeldingen Afbeelding 1 (blz. 4) Het plangebied geprojecteerd op een luchtfoto.

Afbeelding 2 (blz. 5) Het plangebied en voorgenomen ontwikkelingen.

Afbeelding 3 (blz. 6) Het plangebied geprojecteerd op de archeologische beleidskaart van de gemeente Pijnacker-Nootdorp.

Afbeelding 4 (blz. 7) Het plangebied geprojecteerd op de kaart van Kruikius uit 1712.

Afbeelding 5 (blz. 8) Het plangebied geprojecteerd op de Kadastrale kaart 1811-1832: minuutplan Nootdorp, Zuid-Holland, sectie C, blad 01 (MIN08140C01). Bron: https://beeldbank. cultureelerfgoed.nl/.

Afbeelding 6 (blz. 8) Plangebied geprojecteerd op de AHN.

Afbeelding 7 (blz. 10) Geologische ondergrond van de plangebieden (Vos et al. 2017).

Afbeelding 8 (blz. 11) Boorlocaties milieukundig booronderzoek.

Afbeelding 9 (blz. 12) Onderzoeken en vondstlocatie rondom het plangebied binnen een straal van 500 m,

21

geprojecteerd op een luchtfoto.

Afbeelding 10 (blz. 16) Uitvoering van het onderzoek.

Afbeelding 11 (blz. 17) Boorpunten geprojecteerd op een luchtfoto.

Bijlage 1 (blz. 23) Boorbeschrijvingen.

22

Bijlage 1 Boorbeschrijvingen Boring: PN067_1 Kop algemeen: Projectcode: PN067, Boornummer: 1, Beschrijver(s): JPB/BP, Datum: 08-07-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 300, Grondwaterstand: 145 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 86495.812, Y-coördinaat in meters: 451478.05, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: -3.009, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Zuid-Holland, Gemeente: Pijnacker-Nootdorp, Opdrachtgever: Gemeente Pijnacker-Nootdorp, Uitvoerder: Erfgoed Delft, archeologie 0 / -3.01 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 65, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: zwak humeus, Mediaanklasse: matig grof Bodem: Bodemkundige interpretatie: bouwvoor 65 / -3.66 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 65, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 105, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: kleiig, Mediaanklasse: matig fijn, Consistentie: compact Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 105 / -4.06 Laag algemeen:

Bovengrens laag in cm: 105, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 140, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs-oranje Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: kleiig, Mediaanklasse: matig grof Bodem: Ijzer/mangaan: veel Fe-vlekken 140 / -4.41 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 140, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 300, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: donker-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig grof, Kalkgehalte: kalkrijk Einde boring 300 / -6.01

23

Boring: PN067_2 Kop algemeen: Projectcode: PN067, Boornummer: 2, Beschrijver(s): JPB/BP, Datum: 08-07-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 315 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 86464.308, Y-coördinaat in meters: 451485.033, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: -1.824, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Zuid-Holland, Gemeente: Pijnacker-Nootdorp, Opdrachtgever: Gemeente Pijnacker-Nootdorp, Uitvoerder: Erfgoed Delft, archeologie 0 / -1.82 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 55, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Mediaanklasse: matig fijn 55 / -2.37 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 55, Ondergrens laag in cm: 100, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: niet benoemd, Bijmengsel: niet benoemd Laag opmerking: Opmerking: koolas 100 / -2.82 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 100, Ondergrens laag in cm: 150, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: zwak siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn 150 / -3.32 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Ondergrens laag in cm: 170,

Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: veen, Bijmengsel: sterk kleiig, Veensoort: veen (niet gedifferentieerd) 170 / -3.52 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 170, Ondergrens laag in cm: 210, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: klei, Bijmengsel: sterk siltig 210 / -3.92 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 210, Ondergrens laag in cm: 215, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: veen, Bijmengsel: zwak kleiig, Veensoort: veraard veen 215 / -3.97 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 215, Ondergrens laag in cm: 315, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn Einde boring 315 / -4.97

24

Boring: PN067_3 Kop algemeen: Projectcode: PN067, Boornummer: 3, Beschrijver(s): JPB/BP, Datum: 08-07-2021, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 240 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 86471.366, Y-coördinaat in meters: 451500.038, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: -2.024, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Zuid-Holland, Gemeente: Pijnacker-Nootdorp, Opdrachtgever: Gemeente Pijnacker-Nootdorp, Uitvoerder: Erfgoed Delft, archeologie 0 / -2.02 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 130, Boortype en diameter: Edelman-10 cm, Kleur: donker-bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig grof Bodem: Bodemkundige interpretatie: bouwvoor 130 / -3.32 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Ondergrens laag in cm: 155, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: veen, Bijmengsel: zwak kleiig, Veensoort: veen (niet gedifferentieerd) 155 / -3.57 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 155, Ondergrens laag in cm: 190, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: klei, Bijmengsel: sterk siltig Laag opmerking: Opmerking: VEENBROKKEN 190 / -3.92 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 190,

Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: veen, Bijmengsel: zwak kleiig, Veensoort: veraard veen 200 / -4.02 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 200, Ondergrens laag in cm: 220, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: kleiig, Mediaanklasse: matig grof 220 / -4.22 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 220, Ondergrens laag in cm: 230, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: klei, Bijmengsel: matig siltig 230 / -4.32 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 230, Ondergrens laag in cm: 240, Boortype en diameter: guts-3 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: kleiig, Mediaanklasse: matig fijn Einde boring 240 / -4.42

25

gemeente Pijnacker-Nootdorp

98

od205 | bestemmingsplan Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2021/2022

Bijlage 4

Quickscan natuur locatie D

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11826874/2