Bijlage 3 - Ontwerp van de omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 - Verbonden met elkaar
Tekst van het document
via goede wandel-, fiets- en autoverbindingen. De verenigingen geven kleur en invulling aan culturele voorzieningen, sportvoorzieningen en maatschappelijke voorzieningen. Het verenigingsleven is samen met de centra de smeerolie voor de lokale gemeenschap.
Pagina
Wat willen we bereiken? Pijnacker-Nootdorp is in 2050 een inclusieve gemeente. Dat betekent dat iedereen op zijn of haar eigen wijze mee doet in de samenleving. Door ieders talenten naar vermogen aan te spreken staat er niemand aan de kant. De eigen kracht van inwoners en het omzien naar elkaar is de basis voor de gemeenschap en wordt gestimuleerd en gefaciliteerd in de fysieke leefomgeving. De leefomgeving creëert de randvoorwaarden voor ontmoeting, ontplooiing en leren die de betrokkenheid van inwoners naar elkaar versterkt.
Hoe ziet dat er buiten uit? In 2050 is het mobiliteitssysteem in de gemeente veranderd. De ruggengraat van het mobiliteitssysteem wordt gevormd door een voortreffelijk netwerk voor lopen, fietsen en openbaar vervoer, zodat de keuze voor de auto minder vanzelfsprekend wordt. Bij
gebiedsontwikkelingen en het inrichten van de openbare ruimte is nadrukkelijk rekening gehouden met de voetganger en fietser. Hierdoor is gebouwd aan een hoogwaardig en efficiënt loopnetwerk. In de groene en afwisselende leefomgeving lopen mensen graag naar één van de nabij gelegen levendige ontmoetingscentra of naar de groene buitengebieden. Bij de inrichting is specifiek rekening gehouden met het groeiende aantal ouderen en mensen met een beperking. Het netwerk zorgt ervoor dat iedereen mee kan (blijven) doen. Via de metropolitane fietsroutes zijn andere steden en dorpen snel en veilig te bereiken. Het is een aangename manier voor mensen om zich te verplaatsen in de regio. Op het gehele fietsnetwerk zien we verschillende soorten fietsers. De snellere speed pedelec en de e-bike gaan vanwege de brede paden goed samen met de traditionele fietser. Fietspaden zijn vaker losgekoppeld van autoroutes. We geven prioriteit aan duurzaam vervoer. Op de fiets geniet men van al het moois dat de gemeente heeft te bieden. De kwaliteit van het openbaar vervoer is verhoogd. Zo is de frequentie van de e-lijn verder
toegenomen en zijn de opstappunten goed bereikbaar. Er zijn voldoende stallingsmogelijkheden en de verblijfskwaliteit is hoog. Sommige stations en haltes vervullen een bredere logistieke functie. Op veel stations en haltes is deelmobiliteit beschikbaar. Het laatste gedeelte van de reis kan daardoor gemakkelijk met een deelfiets of -scooter worden afgelegd. Ontwikkelingen op het gebied van Mobility-as-aService maken het voor de gebruiker makkelijk deze deur-tot-deur reis te organiseren. Door in verschillende wijken vormen van deelmobiliteit aan te bieden worden mensen minder afhankelijk van een eigen voertuig. Omdat er meer ruimte is ontstaan voor spelen, groen en ontmoeting heeft deelmobiliteit een positieve bijdrage geleverd aan de ruimtelijke kwaliteit. In 2050 zien we beperkte veranderingen in het bestaande autonetwerk. Dat is en blijft op orde. Ook als we na 2025 nog maximaal 4.000 nieuwe woningen gaan bijbouwen is de huidige basis, in combinatie met de duurzame alternatieven, voldoende om de bereikbaarheid te garanderen. Waar nodig zijn lokale knelpunten in het autonetwerk opgelost. Auto’s rijden in 2050 elektrisch. Er is daarom een fijnmazig netwerk van laadinfrastructuur aangelegd. De laadpalen helpen bij het balanceren van het net.
De totale mobiliteitsmix waarborgt de lokale en regionale bereikbaarheid, en levert tegelijkertijd een bijdrage aan de andere ambities van de gemeente.
Pagina
Wat willen we bereiken? Ook in 2050 is Pijnacker-Nootdorp lokaal en regionaal goed bereikbaar. Dit doen we door in te zetten op duurzame vervoersvormen: lopen, fietsen en openbaar vervoer. Deze vormen van vervoer dragen bij aan de andere ambities van de gemeente. Ze creëren ruimte voor groen en een aantrekkelijke openbare ruimte, brengen mensen in beweging, zijn goed voor de gezondheid en luchtkwaliteit, en versterken de sociale cohesie. Door goede alternatieven is de auto niet (altijd) meer de meest logische keuze. Zo werken we aan een mobiliteitssysteem met een blijvend goede bereikbaarheid dat in grote mate bijdraagt aan de unieke ervaring van wonen in het groen, waar de stedelijke voorzieningen dichtbij zijn.
27
2.3 EEN GOEDE LOKALE EN REGIONALE BEREIKBAARHEID
Hoe ziet dat er buiten uit? Na het afronden van de geplande groei in Keijzershof, Ackerswoude, Tuindershof en de Scheg - waar nog circa 2.000 woningen worden gerealiseerd – bouwen we tot 2050 nog maximaal 3.000 tot 4.000 nieuwe woningen. We richten ons op een dorpse en landelijke woonervaring en zorgen ervoor dat de uitbreidingen bijdragen aan de herkenbaarheid en identiteit van de gemeente. Het bewaken van de samenhang tussen nieuwe en bestaande buurten is, in lijn met ons kompas voor de omgevingsvisie, een belangrijke voorwaarde voor de ontwikkelingen. Met de nieuwe woningen komen we tegemoet aan de autonome woonbehoefte van onze inwoners en leveren we een bescheiden bijdrage aan de grote
regionale vraag naar woningen. Dat betekent dat we in alle kernen niet alleen woningen realiseren maar ook andere woonvormen. Met een hoger percentage meergezinswoningen in nieuwe woonwijken komen we tegemoet aan de woonbehoefte van starters en senioren. Minimaal 30% van de woningen is een (sociale) huurwoning. Nieuwe buurten krijgen hierdoor een gedifferentieerde woningvoorraad. Gezien de vergrijzende bevolking hebben we ruimte nodig voor nieuwe woon-zorgcombinaties. Het gaat om minimaal honderd intramurale (verpleeghuis)plekken en evenveel plekken waar wonen en zorg gecombineerd wordt. Met een nieuwbouwproductie die (in aantallen) aansluit bij de jaarlijkse behoefte voorkomen we verzadiging van de lokale markt en vergroten we de kans voor inwoners om een lokale wooncarrière te kunnen doorlopen. Dit vertaalt zich in een passend bouwtempo van gemiddeld 200 woningen per jaar uitgaande van een behoefte van 4.000 woningen tot 2040. De fysieke ruimte om woningen te bouwen, zoeken we door inbreiding in de kernen en door (glas)tuinbouwgebieden die niet meer toekomstbestendig zijn gefaseerd te transformeren. Het Dwarskadegebied is hierbij een logische eerste stap. Niet alleen is er in Nootdorp al jaren weinig gebouwd en is de woningbehoefte hier
groot. Ook kan dit gebied niet meer goed worden gebruikt als modern en innovatief (glas)tuinbouwgebied. Daarvoor zijn de randvoorwaarden niet (meer) aanwezig. Wonen is één van de functies die in dit gebied een plek kan vinden. Tegelijkertijd kan de ontwikkeling ook bijdragen aan alle andere ambities van de gemeente. Door geleidelijke transformatie van de (glas)tuinbouwgebieden Dwarskade, Overgauw, Rijskade en Balijade, komt er op termijn meer ruimte voor functieverandering van gebieden, waaronder naar wonen. Voor gebieden die nog niet klaar zijn voor permanente bebouwing verkennen we de mogelijkheid voor tijdelijke huisvesting van bijvoorbeeld spoedzoekers.
Pagina
Wat willen we bereiken? In 2050 is de aansluiting tussen aanbod van en vraag naar woningen verbeterd door uitbreiding van de woningvoorraad op plekken waar dit de identiteit en herkenbaarheid (zie 2.1) van PijnackerNootdorp kan versterken. Mensen willen graag in Pijnacker-Nootdorp wonen, dat zien we door de groei van het aantal inwoners en blijvende vraag naar woningen hier en in de regio. We zijn ons daarbij bewust van de veranderende vraag naar woningen doordat inwoners andere woonwensen hebben. Het resultaat is een compleet en gedifferentieerd woningaanbod, ook op buurtniveau, waardoor inwoners in hun eigen omgeving kunnen opgroeien en oud worden.
28
2.4 EEN EVENWICHTIGE WONINGVOORRAAD
diefstal of bescherming tegen risicobronnen. Het gaat ook over sociale veiligheid. Niemand wordt uitgesloten en inwoners ervaren een gevoel van gemeenschappelijkheid binnen de gemeente. Hoe ziet dat er buiten uit? De gezondheid van mensen is afhankelijk van vele, vaak persoonlijke factoren. Daar hebben we als gemeente of gemeenschap beperkt invloed op. Wel kunnen we ons inzetten voor een omgeving die gezond leven makkelijker maakt. In 2050 zien we dat er binnen de gemeente voldoende en gevarieerde mogelijkheden zijn voor ontmoeten, sport, cultuur en bewegen in zowel de openbare ruimte als in verenigingsverband. We houden het niveau van onze voorzieningen op peil. Onze sport- en cultuurvoorzieningen groeien en ontwikkelen mee met de groei in het aantal inwoners en de behoefte van deze mensen. Dat draagt bij aan het functioneren van de wijk en de kern, maar stelt mensen ook op individueel niveau in staat om te gaan met fysieke, emotionele en sociale uitdagingen. Het groen in de gemeente zorgt
ook voor een positieve invloed op de gezondheid, met bijvoorbeeld natuur en stilteplekken. Voor de sociale veiligheid zijn netwerken van voorzieningen en ketenpartners essentieel. Tegelijkertijd zorgen we ervoor dat deze leefomgeving veilig is en als zodanig beleefd wordt door onze inwoners. Daarom richten we de openbare ruimte zo in dat het kiezen van de juiste weg vanzelfsprekend is, ontmoeting makkelijk plaats kan vinden en het buiten netjes en ordelijk is. Een voorspelbare, beheersbare, overzichtelijke en aantrekkelijke openbare ruimte draagt bij aan het gevoel van veiligheid. In aanvulling daarop ziet de kenner de aanbevelingen uit het Keurmerk Veilig Ondernemen en het Politie Keurmerk Veilig Wonen terug in onze gemeente. Het gaat niet om de regels die daarin beschreven worden, maar om de feitelijke en ervaren veiligheid die daaruit voortvloeit. Vaak zien we buiten de inspanningen voor een veilige leefomgeving niet letterlijk terug. Wandelend door de wijk ben je je er niet van bewust dat de buisleidingen en bedrijven op voldoende afstand liggen, waardoor (kwetsbare) mensen beschermd worden en de kans klein is dat er, bij bijvoorbeeld een breuk in een leiding, grote veiligheidsrisico’s ontstaan. Een deel van de fysieke veiligheid ligt buiten de invloedssfeer van de fysieke leefomgeving en wordt vooral via preventie en repressie beïnvloed.
Ook een klimaatbestendige gemeente, en een goede omgevingskwaliteit dragen bij aan een gezonde gemeente. Door de synergie op te zoeken, zijn we in staat om meerdere doelen te bereiken.
Pagina
Wat willen we bereiken? Door ook in 2050 een gezond woon- en leefklimaat te bieden, ondersteunen we de gezondheid en vitaliteit van onze inwoners. Ook willen we dat onze inwoners zich prettig en veilig (blijven) voelen in hun leefomgeving. Daaronder verstaan we niet alleen de fysieke veiligheid in de vorm van bijvoorbeeld zo min mogelijk inbraken en
29
2.5 EEN GEZONDE EN VEILIGE LEEFOMGEVING
Ontwikkelkaart
KARAKTERISTIEKE WOON- EN LEEFOMGEVING EEN HERKENBARE WOONOMGEVING Drie unieke kernen in een groen landschap Cultuurhistorische linten door alle gebieden heen Buitengebieden zijn snel en makkelijk bereikbaar vanuit de woonkernen EEN HECHTE SAMENLEVING Levendige ontmoetingscentra Sportverenigingen als centraal onderdeel van de kernen Verenigingen als centraal onderdeel van de kernen Basisvoorzieningen in iedere kern EEN GOEDE LOKALE EN REGIONALE BEREIKBAARHEID Het goed aansluiten van de lokale basisinfrastructuur op het regionale en landelijke netwerk Het verbeteren van de bereikbaarheid en aansluiting op het HOV-netwerk vanuit de kernen met duurzame vervoerswijzen EEN EVENWICHTIGE WONINGVOORRAAD Uitbreiding van de woningvoorraad in een passend woonmilieu op locaties binnen de kernen Uitbreiding van de woningvoorraad in een passend woonmilieu door locaties buiten de kernen te transformeren Onderzoekslocaties aanvullende uitbreidingen EEN GEZONDE EN VEILIGE LEEFOMGEVING Extensieve recreatie in de openbare ruimte en de groene buitengebieden
Pagina
2
Sportlocaties in en rond de kernen
Ontwikkelingslijn 3
AANTREKKELIJK ECONOMISCH VESTIGINGSKLIMAAT VOOR INWONERS EN ONDERNEMERS
Voor een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat gaan we ons concentreren op de volgende drie ambities: 1. Vitale bedrijven, complementair aan de regio 2. Een gezonde arbeidsmarkt en voldoende regionale werkgelegenheid 3. Duurzaam en circulair ondernemen
31
waardering. Dat geldt ook voor de sociale samenhang. De bruisende centra waar de hechte gemeenschap mede wordt gevormd, is de thuisbasis van veel ondernemingen. De (glas)tuinbouwbedrijven bieden werk aan mensen van binnen en buiten onze gemeente. Tuinders zijn betrokken bij het verenigingsleven en dragen bij aan maatschappelijke opgaven door middel van innovatie (digitalisering, verduurzaming, kortere ketens enz.). Met elkaar geven we de bedrijven ruimte om te ondernemen. De glastuinbouw blijft anticiperen en zich ontwikkelen en de economische activiteit groeit tot 2025 mee met de beroepsbevolking.
Pagina
De economische gezondheid van onze inwoners en ondernemers is een bouwsteen voor een hechte samenleving. Economische vitaliteit is meer dan de som van individuele bedrijven en ondernemers. Het strekt zich uit tot de fysieke leefomgeving van al onze inwoners en draagt bij aan de sociale samenhang in de gemeente. In onze fysieke leefomgeving is de economie in het algemeen en de (glas)tuinbouw in het bijzonder mede bepalend voor onze ruimtelijke identiteit. De bedrijventerreinen en (glas)tuinbouwgebieden grenzen aan of maken deel uit van de kernen. Deze relatie willen we richting 2050 versterken. Door te werken aan betere verbindingen tussen de kernen, het groen en de economische clusters in de vorm van onder andere fietspaden, groene zones en energieuitwisseling wordt overlast die nu soms nog wordt ervaren omgezet in begrip en
buitengebieden en ons ondernemersklimaat zijn de belangrijkste vestigingsvoorwaarden voor inwoners en bedrijven. We zijn bovendien alert op ondermijnende criminaliteit en treden daar direct tegen op. Ook zo dragen we bij aan een goed vestigingsklimaat. Hoe ziet dat er buiten uit? De plekken waar gewerkt wordt zien er in 2050 anders uit dan nu en ook in de woonwijken zien we kleinschalige werkvormen, zoals eenmanszaken, kleine ambachten en ZZP-ers. De bestaande of in ontwikkeling zijnde bedrijventerreinen zijn waar nodig geherstructureerd tot moderne en soms parkachtige bedrijventerreinen. Hierdoor is het ook voor nieuwe vormen van bedrijvigheid en ondernemerschap aantrekkelijk om zich op deze terreinen te vestigen Deze nieuwe inrichting maakt het een aantrekkelijk vinden om zich te vestigen op. Door optimaal gebruik te maken van de ruimte is het op deze terreinen niet alleen prettig werken, maar ook verblijven of ontmoeten. Hier vinden we ook nieuwe, aanvullende werkgelegenheid in verschillende sectoren en voor allerlei opleidingsniveaus. In de levendige ontmoetingscentra heeft een economische verbreding plaatsgevonden en is ruimte voor een diversiteit aan economische, maatschappelijke en culturele voorzieningen. Dit zorgt voor nieuwe
bedrijven, meer werkgelegenheid en een plek waar de hechte gemeenschap elkaar treft bij (culturele) evenementen of gewoon tijdens een van de regelmatige bezoeken aan het centrum. In de centra vinden we een gevarieerd aanbod aan winkels en restaurants. De centra zijn, ondanks de toegenomen online-aankopen, mede door de verbreding en de (sociale) rol die ze spelen in de hechte gemeenschap een aantrekkelijke plek om naar toe te gaan. In de (glas)tuinbouwgebieden heeft herstructurering en innovatie binnen de Greenport West-Holland geleid tot een efficiënter gebruik van de ruimte. Dat zien we terug in de maat en schaal van de gebouwen. Door goed te anticiperen kan er in de drie grote (glas)tuinbouwgebieden wellicht zelfs groei van de sector plaatsvinden. Daarbij hebben we uitvoerbare keuzes gemaakt over de mogelijkheden voor voormalige bedrijfswoningen Daarnaast komt ook ruimte vrij, met name aan de randen. Deze wordt benut voor energieopwekking door zonnepanelen op waterbassins te plaatsen of op plekken die niet meer kunnen worden gebruikt voor (glas)tuinbouw (overhoeken). Bovendien biedt dit ruimte voor groene corridors zoals we die al kennen in Noukoop waarmee planten en dieren ook in deze gebieden een plek vinden. Voor de herstructurering zullen een of meerdere gebiedsgerichte programma’s worden opgesteld
Pagina
Wat willen we bereiken? Ook in 2050 zijn detailhandel, (glas)tuinbouw en zakelijke dienstverlening nog altijd de grootste sectoren en pijlers van onze economie. We kiezen er voor om vanuit de eigenheid van een groene wooneconomie met de regio samen te werken. Daarbij zijn we binnen het gelijke speelveld van de MRDH en het Businesspark Haaglanden aansluitend en aanvullend op het gebied van werkgelegenheid, groot- en detailhandel en maatschappelijke en zakelijke dienstverlening. We breiden het aantal en de omvang van de bedrijventerreinen en (glas)tuinbouwgebieden niet uit. Kansen voor groei van de werkgelegenheid zien we vooral door het terughalen van productie en banen vanuit het buitenland (reshoring) en de kwalitatieve versterking van de bestaande bedrijventerreinen en de (glas)tuinbouw. Die kwaliteitsverbetering willen we bereiken door herstructurering, modernisering en optimale benutting. Ook zetten we ons in voor revitalisering en herpositionering van onze centra, banen in of verwant aan de digitale economie en woongerelateerde werkgelegenheid. We bieden een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat aan inwoners en ondernemers die richting 2050 graag blijven of zich vestigen in onze gemeente. De goede bereikbaarheid, fysieke kwaliteit, strategische ligging ten opzichte van de grote steden, de groene
32
3.1 VITALE BEDRIJVEN, COMPLEMENTAIR AAN DE REGIO
3.2 GEZONDE ARBEIDSMARKT EN VOLDOENDE REGIONALE WERKGELEGENHEID
voor andere vormen van werkgelegenheid in bijvoorbeeld de vorm van ontmoetingsruimtes voor ZZP-ers en innovatieve, aan de digitale economie verwante bedrijven. Om deze digitale economie mogelijk te maken, moeten de bedrijven kunnen beschikken over goede digitale verbindingen. Dit is maar beperkt zichtbaar in de publieke buitenruimte en bestaat uit vele kabels onder de grond en antennes op daken. Als samenleving zijn we nooit uitgeleerd en de snel veranderende economie vraagt om her-, bij- en omscholing en een goede relatie tussen onderwijs en bedrijfsleven. Het leren in de praktijk vindt voor een deel dan ook plaats op de bedrijventerreinen.
33
Hoe ziet dat er buiten uit? De fysieke leefomgeving biedt de juiste randvoorwaarden voor een gezonde arbeidsmarkt en voldoende regionale werkgelegenheid. Zo is er voldoende huisvesting voor starters op de woningmarkt, zodat zij hier kunnen wonen en werken. Een deel van de bedrijven in Pijnacker-Nootdorp kan niet zonder arbeidsmigranten. Daarom zijn er passende oplossingen gerealiseerd voor de huisvesting van arbeidsmigranten op lokaal niveau en in regionaal verband. Ook deze (tijdelijke) inwoners wonen daarmee prettig en veilig in onze gemeente. Ze zijn geregistreerd en hebben toegang tot zorg en voorzieningen, waarmee het risico op uitbuiting is verkleind. Dit heeft bijgedragen aan het behoud van voldoende arbeidspotentieel en daarmee de concurrentiepositie van met name de (glas)tuinbouw in de Greenport West-Holland. Daarnaast is kleinschalige functiemenging zichtbaar in de rustige woonwijken. Daar zijn bijvoorbeeld mogelijkheden voor ZZP-ers om te werken .Ook op de moderne en soms parkachtige bedrijventerreinen zien we meer variatie ontstaan. Er is daar op bescheiden schaal ruimte ontstaan
Pagina
Wat willen we bereiken? In 2050 zijn onze economische activiteiten, uitgedrukt in het aantal banen, lokaal en regionaal gegroeid. Werk is niet alleen belangrijk om te voorzien in levensonderhoud, het draagt ook bij aan de mentale gezondheid van mensen. Het geeft structuur aan de dag en is een manier om een steentje bij te dragen aan de samenleving. Het economisch en sociaal netwerk is met elkaar verbonden. Op het gebied van de arbeidsmarkt en werkgelegenheid is Pijnacker-Nootdorp in de toekomst ondersteunend aan de regionale economie. Zij draagt actief bij aan regionale initiatieven, zoals regionale samenwerking op het gebied van arbeidsmarkt en een leven lang ontwikkelen, zoals de ‘human capital agenda’. Onze groene wooneconomie is een aantrekkelijke vestigingsfactor gebleken. Daarom heeft zich in 2050 steeds meer woon-gerelateerde bedrijvigheid gevestigd in onze gemeente. Ook is het aantal ZZPers dat hier woont, werkt en recreëert flink toegenomen. Deze groep heeft zich als collectief georganiseerd in een goed functionerend netwerk, is zichtbaar in de samenleving en draagt bij aan de hechte gemeenschap.
3.3 DUURZAAM EN CIRCULAIR ONDERNEMEN
Hoe ziet dat er buiten uit? Onze groene, duurzame en circulaire economie zien we terug in verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving. Op bedrijventerreinen vinden we lichte, lokale ambachtscentra waar verschillende initiatieven slim zijn gecombineerd en de circulaire economie wordt bevorderd. Producthergebruik staat hier centraal en het is een plek waar werken en leren wordt gecombineerd. In de levendige ontmoetingscentra zitten in het verlengde hiervan kringloopwinkels, terwijl repaircafés-ook- in de wijken bijdragen aan het voorkomen van het verspillen van grondstoffen en materialen en een plek zijn waar mensen elkaar ontmoeten. In de
(glas)tuinbouw zien we duurzaam en circulair ondernemen terug in: kringloopproductie, weerbare planten, nieuwe circulaire producten door crossovers met andere sectoren en duurzame teeltsystemen. Mede dankzij de emissieloze en circulaire kas, waterfabrieken en wateropslag in de bodem zijn de effecten op het milieu afgenomen . Ook voor het transport van producten en bevoorrading wordt gebruik gemaakt van duurzame, emissieloze mobiliteit. In de toegenomen elektriciteitsvraag wordt voor een deel voorzien door eigen opwekking. Op de daken van bedrijfsgebouwen liggen zonnepanelen en waterbassins zijn eveneens voorzien van drijvende zonnepanelen. Al deze elektriciteit moet worden getransporteerd. Dat betekent dat de drukte in de ondergrond steeds verder toeneemt. Door een programma voor de ondergrond op te stellen wordt de bodem optimaal benut, zonder de kwaliteiten aan te tasten. Er is mede daardoor ook ruimte in de ondergrond gevonden voor de aanleg van regionale warmtenetten, hoge temperatuuropslag en warmtedistributienetten. De natuurgerichte en groene economie, wat mede een reden is voor bedrijven om zich hier te vestigen zien we terug in de vorm van ruimte voor groen als bijdrage aan het lokale groene netwerk en waar mogelijk als verbinding naar het groene buitengebied.
34
volledig externe CO2-voorziening is in 2025 gerealiseerd door uitbreiding van het OCAPnetwerk en de verduurzamingsmaatregelen voor warmte en elektra zijn in de (glas)tuinbouw mede dankzij het regionaal samenwerkingsverband Warmte Samenwerking Oostland (WSO) al in 2030 gerealiseerd.
Pagina
Wat willen we bereiken? Pijnacker-Nootdorp onderscheidt en profileert zich richting 2050 in de regio als groene, duurzame en circulaire economie. Duurzaam en circulair ondernemen is in Pijnacker-Nootdorp de basis. In 2050 is heel ondernemend Pijnacker-Nootdorp bovendien overgegaan op duurzame energie. Alle bedrijventerreinen hebben hier vanuit een gebiedsgerichte aanpak aan bijgedragen. De (glas)tuinbouw is in 2040 al energieneutraal mede vanwege de license to produce en de vraag vanuit de EU-markt naar CO2-vrije producten. Dit is samen met de Greenport West-Holland bereikt door een combinatie van energiebesparing, lokale geothermie en regionale restwarmte. De behoefte aan elektriciteit in de (glas) tuinbouw is enerzijds flink gedaald door de omschakeling naar LEDverlichting. Aan de andere kant is de behoefte aan elektriciteit juist weer toegenomen door intensivering van de teelt en elektrificering van de warmtevoorziening. De
Ontwikkelkaart
AANTREKKELIJK ECONOMISCH VESTIGINGSKLIMAAT VITALE BEDRIJVEN, COMPLEMENTAIR AAN DE REGIO Herstructurering en modernisering van alle drie de (glas)tuinbouwgebieden Revitalisering en herpositionering van de levendige ontmoetingscentra Kleinschalig gemengde bedrijventerreinen en woonwijken Zo nodig herstructurering en kwalitatieve verbetering van bedrijventerreinen Groen en recreatie als vestigingsfactor Kleinschalig mengen van wonen en werken GEZONDE ARBEIDSMARKT EN VOLDOENDE WERKGELEGENHEID Verbinding tussen onderwijslocaties (lokaal en regionaal) en bedrijventerreinen Goede digitale connectiviteit Woningen voor starters & passende huisvesting voor arbeidsmigranten Zoekgebied voor huisvesting van arbeidsmigranten
Pagina
35
DUURZAAM EN CIRCULAIR Fysieke ruimte voor verduurzaming en circulariteit op de bedrijventerreinen en in de (glas)tuinbouw Energietransitieplannen voor de bedrijventerreinen en de (glas)tuinbouwgebieden. Geothermiebronnen inclusief verbindingen in de gemeente en restwarmte van de regio
Ontwikkelingslijn 4
EEN VEERKRACHTIGE LEEFOMGEVING VOOR MENSEN, PLANTEN EN DIEREN en langzame druk van bodemdaling of de (landelijke) afname van de biodiversiteit aan de andere kant. We werken aan een leefomgeving die veranderingen en verstoringen op kan nemen en steeds een nieuw evenwicht kan bereiken. Onze leefomgeving strekt zich uit over de hele gemeente, dwars door alle gebieden en staat in verbinding met de gemeenten om ons heen. Daarmee biedt de veerkrachtige leefomgeving een kans om gebieden met elkaar te verbinden, sociale samenhang te versterken en leefgebieden voor planten en dieren te verbeteren.
36
Om dit te bereiken gaan we ons concentreren op de volgende drie ambities: 1. Een duurzame gemeente 2. Een klimaatbestendige gemeente 3. Een goede omgevingskwaliteit
Pagina
We zijn trots op de groene leefomgeving en zetten ons in voor behoud en versterking. De waarde van onze directe leefomgeving voor de ruimtelijke kwaliteit, de sociale samenhang en als leefgebied van planten en dieren wordt breed herkend. In 2020 en 2021 zijn we met elkaar veel in en om huis geweest, waardoor de directe omgeving intensiever is gebruikt en meer aandacht heeft gekregen. Een kwalitatief hoogwaardige leefomgeving is niet vanzelfsprekend. Daarom willen we richting 2050 de kwetsbaarheid van onze leefomgeving voor verstoringen verbeteren. Daarmee bedoelen we dat de leefomgeving om kan gaan met plotselinge en heftige gebeurtenissen zoals extreem weer aan de ene kant en langdurige
4.1 EEN DUURZAME GEMEENTE Inwoners en ondernemers maken in 2050 vooral gebruik van duurzame vervoersvormen zoals lopen, fietsen en openbaar vervoer, zodat de keuze voor de auto minder vanzelfsprekend wordt. Er zijn beperkte veranderingen in het bestaande autonetwerk. Dat is en blijft op orde. Het gebruik van een (eigen, elektrische) auto is daarmee nog steeds goed mogelijk, maar door betere alternatieven wel minder logisch. We geven prioriteit aan duurzaam vervoer. Zo is een mobiliteitssysteem ontstaan dat een bijdrage levert aan een duurzame gemeente, maar met een blijvend goede bereikbaarheid van de levendige centra en de stedelijke voorzieningen, aansluitend aan de kwaliteiten van Pijnacker-Nootdorp. In 2050 is niet alleen het aanbod aan energie veranderd, ook de vraag naar de energie is gewijzigd. Woningen zijn beter geïsoleerd en elektrische apparaten zijn steeds efficiënter geworden. Door verduurzaming van alle woningen en bedrijven is de vraag dan ook aanzienlijk naar beneden gegaan. Ieder gebouw en gebied heeft eigen kenmerken, die vragen om andere oplossingen. Daarom is de verduurzaming ook
37
De (glas)tuinbouw is en blijft de grootste consument van energie in onze gemeente, maar in 2050 is er veel veranderd. Samen met commerciële partijen wordt in de (glas)tuinbouwgebieden warmte opgewekt door middel van geothermiebronnen. Deze warmte wordt in de (glas)tuinbouwbedrijven gebruikt, maar in woningen en door bedrijven. Zo worden hernieuwbare
energiebronnen niet alleen efficiënt gebruikt, maar versterkt het ook de verbinding tussen de (glas)tuinbouw en inwoners en ondernemers in de kernen. Een deel van de benodigde elektriciteit wordt opgewekt in de (glas)tuinbouwgebieden.
Pagina
Wat willen we bereiken? In 2050 maken we in Pijnacker-Nootdorp alleen nog maar gebruik van duurzame energie. Dat betekent dat alle energie die in de gemeente wordt gebruikt duurzaam en CO2-vrij is opgewekt. Daarbij maken we gebruik van duurzame bronnen in de vorm van zonne-energie, bodemenergie, geothermie, restwarmte en biovergisting. Waar mogelijk en passend wekken we energie in de gemeente zelf op. Niet alle energie die in 2050 nodig is, wordt binnen de gemeentegrenzen opgewekt, daar hebben we niet genoeg ruimte voor kunnen vinden. Een deel van de energie, halen we daarom uit, of zelfs van buiten de regio. Alleen daarmee kunnen we zorgen voor een robuust energiesysteem.
omvangrijk. Daarom hebben we daar gebiedsgerichte programma’s voor gemaakt. In een duurzame gemeente verplaatsen inwoners en ondernemers zich op een duurzame manier. Door bij gebiedsontwikkelingen en het (her)inrichten van wijken nadrukkelijk rekening te houden met de voetganger en fietser ziet de openbare ruimte er anders uit. Het resultaat is een hoogwaardig en efficiënt loopnetwerk en een verbeterde bereikbaarheid van de opstappunten van het openbaar vervoer. In 2050 zien we beperkte veranderingen in het bestaande autonetwerk. Dat is en blijft op orde. Auto’s rijden in 2050 elektrisch. Er is daarom een fijnmazig netwerk van laadinfrastructuur aangelegd. De laadpalen helpen bij het balanceren van het net. De (deel)auto is nog steeds een volwaardig alternatief is, maar wandelen, fietsen en groen verkiezen we boven de auto, wegen en parkeerplaatsen.
38
Hoe ziet dat er buiten uit? De transitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie zien we buiten terug. Zonnepanelen op daken van woningen en bedrijfsgebouwen zijn vanzelfsprekend geworden. Ook grote parkeerplaatsen zijn overdekt met zonnepanelen. Door nieuwe technieken liggen, waar mogelijk, op kassen vrijwel onzichtbare transparante zonnepanelen. In 2030 zijn er op veld in de (glas)tuinbouw ongeveer 15 ha zonnepanelen geplaatst. Richting 2050 is dat aantal gegroeid naar 50 ha. Dubbel grondgebruik door zonnepanelen te plaatsen op waterbassin heeft de voorkeur, maar
ook op gronden die niet meer voor (glas)tuinbouw gebruikt kunnen worden (overhoeken) zien we soms zonnepanelen op het veld staan. Per gebied is zorgvuldig bekeken waar ruimte kan worden gevonden, zonder dat dit de ontwikkeling en het areaal van de (glas)tuinbouw beperkt. Wanneer zonnepanelen op veld worden geplaatst, dan benutten we gelijk de kans die dit biedt voor het versterken van de biodiversiteit. Door de panelen iets uit elkaar te plaatsen en kleine hoogteverschillen te introduceren kunnen nieuwe biotopen gecreëerd worden. Dit is een goed voorbeeld van de manier waarop meerdere doelstellingen (biodiversiteit, energietransitie en (glas)tuinbouw) met elkaar kunnen worden verbonden. In de glastuinbouwgebieden Noukoop en Pijnacker-Oost zijn nieuwe geothermiebronnen geslagen, maar daar zie je buiten weinig van. De (herstructurerings)opgave in de glastuinbouw is
Pagina
maatwerk geweest, waarbij steeds is afgewogen wat het juiste en meest passende systeem is. De wijze waarop we dat doen, is in een apart programma beschreven. De bouw van nieuwe gebouwen, of dat nu woningen, bedrijfsgebouwen of kassen zijn, gebeurt vanzelfsprekend duurzaam.
verantwoord en bijdragend aan het welzijn van mens en dier1. Natuurinclusief bouwen betekent dat in of rondom het gebouw maatregelen worden getroffen die een bijdrage leveren aan de lokale biodiversiteit2. Zo zorgen we ervoor dat er in de gemeente een prettige leefomgeving is voor mensen, planten en dieren. Doordat gebieden fysiek met elkaar te verbinden, bijvoorbeeld met doorgaande watergangen en groenstructuren kunnen we veranderingen beter opvangen en ontstaat er een nieuw evenwicht. Daarnaast is het een aantrekkelijke omgeving die het uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en sociaal contact.
Bij nieuwbouw en herstructurering bouwen we circulair en natuurinclusief. Onder circulair bouwen verstaan we het ontwikkelen, gebruiken en hergebruiken van gebouwen, gebieden en infrastructuur, zonder natuurlijke hulpbronnen onnodig uit te putten, de leefomgeving te vervuilen en ecosystemen aan te tasten. Economisch
Hoe ziet dat er buiten uit? De aandacht voor het veranderende klimaat, ecologie en biodiversiteit heeft geleid tot een andere inrichting van zowel het openbaar gebied als de tuinen van woningen en de gronden rondom (glas)tuinbouw)bedrijven. In de (glas)tuinbouw zijn collectieve waterbassins gekomen. Die leveren niet alleen een bijdrage aan het houden van droge voeten door samen met het Hoogheemraadschap te anticiperen op een zware bui (rainlevlr), maar worden ook gebruikt voor drijvende zonnepanelen. Ondergrondse opslag van water komt eveneens voor. In de kernen zijn er (mede) door het afnemend autobezit minder parkeerplaatsen en
1 Bron: transitieagenda circulaire bouweconomie (2018)
2 Bron: Milieufederatie, aan de slag met natuurinclusief bouwen (2019)
meer waterdoorlatende, groene tegels in het openbaar gebied. Dat heeft niet alleen een groene uitstraling, maar helpt ook bij het doorlaten van water in de bodem, en zorgt voor verkoeling van de bodem en de lucht. We kijken anders aan tegen water. Het hoeft niet direct, onzichtbaar onder de grond te worden afgevoerd maar er is ruimte om het water boven de grond op te vangen. Na een zware bui staat er dan in een deel van de groene openbare ruimte. Niet alleen in de openbare ruimte zien we een verandering. Dat geldt ook voor de tuinen van onze inwoners en de ruimte rondom bedrijven. Stenen hebben plaatsgemaakt voor groen. Zo kan de bodem meer water opnemen en is de hittestress afgenomen. Meer groen en bomen in tuinen en de openbare ruimte, maakt de gemeente groener en fijner om in te wonen, te werken en te verblijven. Dat draagt bij aan het verminderen hittestress, zelfs op de warmste dagen.
Pagina
Wat willen we bereiken? De leefomgeving in Pijnacker-Nootdorp kan in 2050 de gevolgen van klimaatverandering goed opvangen. De ecologische, bodem- en watersystemen kunnen tegen een stootje en bewegen mee met extreem weer. Zo zijn we goed bestand tegen heftige regenval, hittestress, bodemdaling en langere droge periodes. Het watersysteem is goed op orde en de kwaliteit is flink verbeterd. We kunnen het water goed afvoeren en houden water lokaal vast wanneer extreme buien vallen. Daarmee beperken we de plotselinge druk op het watersysteem en is er water beschikbaar voor drogere perioden. Dat water zetten we onder andere in om verdroging en bodemdaling te voorkomen. We zetten in op duurzaam watergebruik om verspilling te voorkomen. Rondom de opgaven en oplossingen op het gebied van water werken we nauw samen met het Hoogheemraadschap van Delfland en Dunea.
39
4.2 EEN KLIMAATBESTENDIGE GEMEENTE
aandacht voor de bodemkwaliteit (fysisch, chemisch, biologisch). We maken richting 2050 bewuste keuzes over rust versus drukte en donkerte versus licht. In het midden van de drukke Randstad hebben we in onze gemeente daarom plekken waar het zo stil en donker mogelijk is. Dit zijn groene plekken waar mensen tot rust komen en dieren een plek vinden. Dat zijn ook de plekken waar het groen is. Aan de andere kant zijn er plekken waar mensen wonen, werken en meer verkeer is. Daar is dan ook meer licht, geluid en geur: van straatverlichting tot assimilatieverlichting en van verkeer tot bedrijven. Juist door deze afwisseling vullen de gebieden elkaar aan. Er is ruimte om te werken, met alles wat daarbij hoort, maar ook ruimte om te ontspannen en te genieten van de rust. Nationaal is er in 2050 veel gedaan aan het verbeteren van de luchtkwaliteit, dat zien we terug in PijnackerNootdorp want de achtergrondconcentraties zijn gedaald. Ook wij hebben daaraan ons steentje bijdragen onder andere door een reductie van CO2 als gevolg van een toenemend gebruik van duurzame vervoervormen. Hoe ziet dat er buiten uit? We zijn ons bewust van alle aspecten die maken dat het fijn wonen en werken is in Pijnacker-Nootdorp.
De kwaliteit van onze omgeving wordt niet alleen gemaakt door de woningen, bedrijven en wegen. Ook de meer ‘onzichtbare’ aspecten van kwaliteit van onze omgeving zijn goed op orde en wegen we mee bij besluiten over nieuwbouw en herstructurering. In de kernen is meer dan voorheen sprake van (kleinschalige) functiemenging. Daarbij zijn we niet uit het oog verloren dat het mengen van functies niet altijd kan. Zo blijft het bijvoorbeeld nodig om tussen bepaalde bedrijven en woningen afstand te houden om een goede omgevingskwaliteit te waarborgen. De omgevingskwaliteit is steeds leidend geweest bij de afweging omtrent het mengen van functies. Het is richting 2050 steeds drukker geworden in de ondergrond. Er is door een zorgvuldige ordening ruimte gevonden voor geothermie, warmteleidingen, een verzwaard elektriciteitsnetwerk, warmte-koude opslag en waterberging. Bij nieuwbouw of herstructurering nemen we de ondergrond vanaf het begin mee. Dat hebben we uitgewerkt in een programma. De kwaliteit van de bodem heeft niet geleden onder deze toenemende drukte. Door sanering en monitoring is de bodemkwaliteit verbeterd en er is geen sprake meer van ernstig vervuilde locaties.
Pagina
Wat willen we bereiken? In 2050 is het nog steeds heel druk in de randstad. In Pijnacker-Nootdorp hebben we daarom veel aandacht besteed aan het bereiken van een evenwicht in de omgevingskwaliteit zodat de gemeente een gezonde en veilige plek is om te wonen en leven. Daarvoor houden we ons aan wettelijke regels voor geluid, water, externe veiligheid, lucht en bodem. Binnen deze kaders stellen we waar nodig gebiedsgericht beleid op. Op die plekken mag er, binnen vastgestelde grenzen, meer of juist minder geluid, licht en/of geur zijn. We hebben een balans gevonden tussen deze omgevingswaarden. We hebben aandacht voor de veiligheid van (kwetsbare) mensen en houden dus rekening met passende afstanden tussen risicobronnen als buisleidingen, inrichtingen en bedrijven enerzijds en (groepen) mensen anderzijds. Waar nodig treffen we maatregelen om de risico’s te verkleinen. De energietransitie heeft nieuwe uitdagingen op gebied van veiligheid met zich meegebracht. Daarom betrekken we de Veiligheidsregio in een vroeg stadium om de risico’s van nieuwe energiebronnen of opslag van energie (bijvoorbeeld waterstoftanks of buurtbatterijen) in beeld te brengen, alternatieven te bedenken en/of beheersmaatregelen te treffen. We hebben ook
40
4.3 EEN GOEDE OMGEVINGSKWALITEIT
Ontwikkelkaart
EEN VEERKRACHTIGE LEEFOMGEVING EEN ENERGIENEUTRALE GEMEENTE Drie nieuwe (wit) en twee bestaande (oranje) geothermiebronnen 50 ha zonnepanelen in de (glas)tuinbouwgebieden Metrohaltes, R-net bus en tramhaltes met fietsverbindingen er naar toe. Aansluiting op het regionale warmtenet EEN GOEDE OMGEVINGSKWALITEIT Plekken waar het stil en donker is Plekken waar het druk en licht is Goede verbindingen met de fiets vanuit de kernen naar de rustige plekken Regels omtrent assimilatiebelichting EEN KLIMAATBESTENDIGE GEMEENTE Aandachtsgebieden voor klimaatverandering Locaties waar we nu gevoelig zijn voor hittestress Locaties waar we gevoelig zijn voor bodemdaling
Pagina
2
Locaties waar we gevoelig zijn voor wateroverlast
Intermezzo HET KOMPAS ‘VERBONDEN MET ELKAAR’: INSPIRATIE VOOR NIEUWE WOONVORMEN
Pagina
Door appartementen voor oudere inwoners te bouwen kunnen zij een passende woning vinden binnen de gemeente. Daardoor blijven ze deel uit maken van hun vertrouwde omgeving en kunnen ze blijven bouwen op hun sociale netwerk. Zo dragen nieuwe woningen bij aan de hechte gemeenschap.
42
Sociaal verbonden
Van ontwikkelingslijnen naar gebieden
GEBIEDSPROFIELEN VOOR PIJNACKER-NOOTDORP • • •
Het gewenste toekomstbeeld voor het profiel in tekst en beeld De gestelde prioriteiten: waar gaan we voor in dit gebied? De relatie met het kompas en de ontwikkelingslijnen. Voor deze prioriteiten zijn verwijzingen in de tekst en in het panorama (de gekleurde ballonnetjes) opgenomen. Dit laat zien hoe de belangrijkste elementen in het profiel verbonden zijn met de ontwikkelingslijnen.
We onderscheiden voor Pijnacker-Nootdorp tien gebiedsprofielen. Welke profielen dit zijn en waar deze van toepassing zijn is af te lezen op de gebiedsprofielenkaart op de volgende pagina.
43
Om inzichtelijk te maken hoe ambities bijeenkomen in de fysieke leefomgeving en hoe dit eruit ziet zijn de ontwikkelingslijnen vertaald naar gebiedsprofielen. De profielen schetsen in tekst en beeld het toekomstbeeld voor gebieden in Pijnacker-Nootdorp in tekst en beeld. Vertrekpunt zijn steeds de bestaande kenmerken en kwaliteiten van de gebieden. Vanuit deze basis komen de gewenste ontwikkelingen uit onze vier ontwikkelingslijnen samen in de profielen. Er is daardoor binnen elk profiel aandacht voor alle ontwikkelingslijnen van de omgevingsvisie.
Elk gebiedsprofiel heeft eenzelfde opbouw waarbij we duiding geven aan:
Pagina
De ontwikkelingslijnen staan niet los van elkaar. Ze vormen een samenhangend en elkaar versterkend geheel. Zo draagt een aantrekkelijk groen landschap (ontwikkelingslijn 1.1) ook bij aan de herkenbare woonomgeving (ontwikkelingslijn 2.1) en draagt een goede lokale en regionale bereikbaarheid (ontwikkelingslijn 2.3) ook bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat (ontwikkelingslijn 3). Deze voorbeelden illustreren dat de inzet voor een van de ambities in een ontwikkelingslijn vaak gevolgen heeft voor of een relatie met ambities in een andere ontwikkelingslijn. De ontwikkelingslijnen grijpen in elkaar in dezelfde fysieke ruimte.
Kaart
GEBIEDSPROFIELEN VOOR PIJNACKER-NOOTDORP Levendige ontmoetingscentra Dorpse gemengde woonwijken Rustige woonwijken Linten en buurtschappen Innovatieve (glas)tuinbouw Functionele bedrijventerreinen Parkachtige bedrijventerreinen Natuur- en recreatielandschap Agrarisch veenweidelandschap Natuurlandschap Overige gebieden Sportverenigingen
Pagina
2
Transformatiegebieden
Gebiedsprofiel
LEVENDIGE ONTMOETINGSCENTRA Waar gaan we voor in deze gebieden? • Clustering van winkels en horeca (3.2) • Uitbreiding met (maatschappelijke) voorzieningen (2.2) • Onderscheidend lokaal door unieke evenementen (2.2) • Ontmoeting door een uitnodigende, groene en klimaatbestendige inrichting van de openbare ruimte (1.2) • Duurzame mobiliteit: goede voorzieningen en verbindingen voor openbaar vervoer, wandelaars, fietsers en laadinfra (2.3) • Hier mag het drukker zijn: dus meer licht en geluid toegestaan (4.2)
3
een plek waar mensen elkaar in een prettige, levendige en veilige omgeving kunnen ontmoeten en mede daardoor komen mensen vaker en blijven ze langer in het centrum. Typisch lokale, onderscheidende evenementen vinden bij voorkeur plaats in de centra. Daarmee wordt de rol die de centra hebben in de hechte gemeenschap versterkt. We hebben ingezet op het verbeteren van de duurzame toegankelijkheid van de centra. Met zowel het openbaar vervoer als met de fiets of te voet is het centrum vanuit de omliggende kernen goed, makkelijk en veilig bereikbaar. Daarom kiezen steeds minder mensen voor een bezoek met de auto.
Pagina
In 2050 is in iedere kern het winkelcentrum doorontwikkeld tot een levendig ontmoetingscentrum met een gevarieerd winkelaanbod en horeca, maar vooral ook een belangrijke sociale functie. Dit is ontstaan door de winkels te clusteren in de centra zodat ze optimaal kunnen profiteren van elkaars nabijheid. Een variëteit aan (maatschappelijke) voorzieningen op het gebied van bijvoorbeeld onderwijs, cultuur, sport, ontspanning en gezondheidszorg is een aanvulling die maakt dat er steeds meer mensen naar het centrum gaan. De glastuinbouw laat zich zien in het centrum, bijvoorbeeld door het (gezamenlijk) verkopen van de producten die in de kassen worden gekweekt. Het centrum is dan ook
Gebiedsprofiel
PARKACHTIGE BEDRIJVENTERREINEN lunchroom of koffiebar op de hoek nabij knooppunten van (openbaar)vervoer. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Aantrekkelijke, klimaatbestendige inrichting van de ruimte (4.2) • Een mooi opgeknapt bedrijventerrein (2.5) • Goed bereikbaar vanuit de kern en voor de bedrijven (2.3) • Vestiging van nieuw en duurzaam ondernemerschap (4.1) • Ruimte om te ontmoeten en verblijven (3.1) • Mogelijkheden voor leren in de praktijk (3.2) • Ruimte voor functiemenging en groene wooneconomie (3.1) • Ruimte voor klassiek, kleinschalige bedrijvigheid (4.3)
4
omscholing en dus om een goede relatie tussen onderwijs en bedrijfsleven. Op deze bedrijventerreinen vindt dan ook een deel van het leren in de praktijk plaats. Om een aantrekkelijke vestigingsplaats te zijn voor deze nieuwe, andere en meer arbeidsintensieve vormen van bedrijvigheid verandert de ruimtelijke inrichting van deze terreinen langzamerhand naar groene, aantrekkelijke en toegankelijke plekken met duurzame en natuurinclusieve bebouwing waar het niet alleen goed werken is, maar het ook fijn is om te verblijven of om elkaar te ontmoeten. De parkachtige bedrijventerreinen bieden niet alleen een thuis voor lokaal en regionaal gerichte bedrijven, maar ook voor flexwerkplekken; coachen vergaderruimte; pakketpunten en een
Pagina
De bedrijventerreinen die het dichtst bij de kernen liggen zijn in 2020 al de thuisbasis voor meer klassiek kleinschalige, gemengde bedrijvigheid in vaak wat lagere milieucategorieën. Door kansen te benutten hebben deze terreinen zich in 2050 stap voor stap ontwikkeld tot mooi opgeknapte en zelfs parkachtige bedrijventerreinen. Door de kwalitatieve versterking is ruimte gecreëerd voor nieuw ondernemerschap in verbinding met groeiende sectoren in de regio. Deze toenemende variatie heeft, op bescheiden schaal, geleid tot nieuwe vormen van werkgelegenheid wat zich buiten vertaalt naar bijvoorbeeld ontmoetingsruimtes voor ZZP-ers en innovatieve, aan de digitale economie verwante bedrijven. De snel veranderende economie vraagt om her-, bij- en
Gebiedsprofiel
MODERNE BEDRIJVENTERREINEN wordt gewerkt, dat betekent dat er meer licht, geluid en geur is dan in een woonomgeving. Door rekening met passende afstanden tussen risicobronnen als inrichtingen en bedrijven enerzijds en (groepen) mensen anderzijds kunnen beide goed naast elkaar functioneren, zonder elkaar tot last te zijn. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Duurzame bedrijventerreinen (4.1) • Groene en klimaatbestendige bedrijventerreinen (4.2) • Regionaal en lokaal duurzaam bereikbaar (2.3 randstadrail en automatisch voertuig) • Circulair en natuurinclusief (3.3) • Plek voor ontmoeting en verblijven (1.2 ) • Nieuwe vormen van werkgelegenheid (3.1)
5
nog volop in ontwikkeling zijn. Dat zien we ook terug in de kwaliteit van de gebouwen, die natuurinclusief en circulair zijn en draaien op duurzame energie, maar ook in de openbare ruimte en de ruimte rondom de bedrijven. Deze is klimaatbestendig ingericht. Dat zorgt voor een prettige, groene uitstraling en draagt bij aan het opvangen van water en het voorkomen van hittestress. Bovendien maakt dit het voor werknemers extra aantrekkelijk om hier te werken en elkaar te ontmoeten. Deze groene ruimtes vormen structuren waardoor het water en het groen in verbinding staan met naastgelegen gebieden. Door de ruimte optimaal te gebruiken vinden we hier ook nieuwe, aanvullende werkgelegenheid in verschillende sectoren (bijvoorbeeld reshoring en digitale economie) en voor allerlei opleidingsniveaus. Op deze terreinen
Pagina
Op deze bedrijventerreinen vinden we naast lokale, ook meer regionaal georiënteerde bedrijven. Dat komt mede omdat zij op relatief korte afstand liggen van regionale of landelijke infrastructuur zoals de A12, de A13 en de N470. Het mobiliteitssysteem is gericht op duurzame vervoersmiddelen, maar ook met (elektrische) auto’s en vrachtwagens blijven deze moderne bedrijventerreinen optimaal bereikbaar. Door te investeren in alternatieven zijn, bijvoorbeeld voor de werknemers van de bedrijven, de fiets en het openbaar vervoer aantrekkelijke alternatieven geworden. Onze natuurgerichte, groene, duurzame en circulaire economie groene wooneconomie is een aantrekkelijke en regionaal onderscheidende vestigingsfactor gebleken waardoor nieuwe vormen van bedrijvigheid en ondernemerschap zich hebben gevestigd op deze moderne terreinen die in 2020
Gebiedsprofiel
MODERNE EN INNOVATIEVE (GLAS)TUINBOUWGEBIEDEN gebieden gerealiseerd. Ook voor het transport van producten en bevoorrading wordt gebruik gemaakt van duurzame, emissieloze mobiliteit. Voor arbeidsmigranten is goede huisvesting gerealiseerd. Dat draagt bij aan het behoud van voldoende arbeidspotentieel en biedt deze mensen een prettige en veilige woonomgeving. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Passende huisvesting arbeidsmigranten (3.2) • Lokale verkoop van producten (2.2) • Groene verbindingen met kansen voor biodiversiteit (1.4) • Herstructurering (3.1) • Innovatieve bedrijven (3.3) • Goede en duurzame bereikbaarheid (2.3 vrachtwagen en fietsers) • Duurzame energie (4.1) • Goede omgevingskwaliteit (4.3 )
6
(glas)tuinbouw in Nederland en daarbuiten. Door (gefaseerde) actieve herstructurering vinden we hier emmissieloze en circulaire kassen die aangesloten zijn op regionale netwerken voor warmte en CO2. De sector heeft zich verbreed waardoor het cluster in onze gemeente een internationale speler is op het gebied van voedsel, gezondheid en welbevinden. Deze economische activiteiten vinden niet meer alleen in kassen plaats, maar ook onder gesloten dek. De gebieden worden efficiënt benut door onder andere ketenintegratie, vertical farming, gezamenlijke wateropslag (rainlevlr) en natuurlijk herstructurering. Hierdoor is ruimte gecreëerd voor groei van de sector, verduurzaming en verdere vergroening van de fysieke leefomgeving. Op het gebied van duurzaamheid zijn grote stappen gemaakt. Zon op dak, zon op waterbassins, zon op overhoeken en geothermiebronnen zijn allemaal in, met voor en door de ondernemers in deze
Pagina
In 2050 maakt de (glas)tuinbouw blijvend deel uit van de identiteit van Pijnacker-Nootdorp en staat zij dicht bij de lokale samenleving. In letterlijke zin omdat kassen naast woonwijken en natuur- en recreatiegebieden staan, maar ook in praktische zin. Ze zijn een goede buur van de natuur, inwoners en recreanten doordat er groene corridors zijn gerealiseerd en de hoogwaardige producten die in de kassen worden geproduceerd, ook lokaal te koop zijn. Van een natuurvriendelijk ingerichte groenstrook langs de kas die aantrekkelijk is voor vlinders en bijen tot stalletjes langs de weg. Maatwerk voor assimilatiebelichting zorgt ervoor dat de huidige door inwoners ervaren overlast vermindert, maar er nog steeds economisch verantwoord geteeld kan worden. Met drie toonaangevende, moderne en innovatieve (glas)tuinbouwgebieden die deel uit maken van de Greenport West Holland blijft Pijnacker-Nootdorp horen tot de top van de
Gebiedsprofiel
DORPSE GEMENGDE WOONWIJKEN Ook voor kwetsbare doelgroepen is voldoende ruimte. Aandacht voor de energietransitie bij de aanpassingen aan de woningvoorraad hebben gezorgd voor een duurzaam woongebied. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Karakteristieke kenmerken behouden (2.1) • Nieuwe buurten toevoegen met dit onderscheidende woonmilieu (2.4) • Een gedifferentieerde woningvoorraad (2.4) • Ruimte voor kwetsbare doelgroepen (2.2) • Multifunctionele openbare ruimte (1.2, 2.2, 4.3) • Stimuleren van het gebruik van duurzame vervoerswijzen (4.1) • Een energie neutrale bebouwing (4.1) • Een gezonde en veilige leefomgeving
7
verhogen en bij herinrichting in te zetten op multifunctioneel gebruik van de ruimte. Verplaatsingen te voet of met de fiets eenvoudiger geworden en is een klimaatbestendige ruimte gecreëerd. De woningvoorraad is stapsgewijs en wanneer de kans zich voordoet aangepast aan de behoefte van onze inwoners. Deze is nu meer gericht op menging in woningtypen, prijsklasse, woon/werkcombinaties en een juiste balans in doelgroepen. Het resultaat is een gedifferentieerde woningvoorraad met één- en meergezinswoningen met bouwhoogtes passend bij een locatie. Er is ruimte voor aanvullende functies naast wonen als deze niet concurreren met de levendige ontmoetingscentra en passen in de omgeving qua verkeer, milieu en andere ruimtelijke kenmerken.
Pagina
De dorpse woonwijken in Pijnacker-Nootdorp zijn voornamelijk gepositioneerd rondom de (oude) dorpskernen. Het gebied kenmerk zich door de dorpse dynamiek en woonmilieus in een stedelijke omgeving. Hiermee vormen deze wijken een unieke woonomgeving in de regio. Richting 2050 breiden we deze unieke kwaliteit verder uit door gebieden, in de buurt van de (ontmoetings)centra te transformeren naar dorpse woonwijken. De functies die binnen de nieuwe dorpse wijken een plek krijgen worden zorgvuldig afgewogen. Het zijn zeker niet alleen plekken om te wonen, er is ook aandacht voor een kwalitatieve openbare ruimte, (maatschappelijke) voorzieningen en een duurzame inrichting. Waar mogelijk zijn bestaande buurten groener geworden door de kwaliteit van het openbaar groen te
Gebiedsprofiel
RUSTIGE WOONWIJKEN Waar gaan we voor in deze gebieden? • Selectief verdichten met passende woning (2.4) • Een gedifferentieerde woningvoorraad (2.4) • De verbindingen met de buitengebieden behouden en waar mogelijk versterken (2.3) • Kansen benutten om de kwaliteit van de openbare ruimte te versterken (1.2 & 4.3) • Multifunctionele openbare ruimte met aandacht voor ontmoeting (2.2) • Sterke regionale verbinding met duurzame vervoerswijzen (2.3 & 4.1) • Een gezonde en veilige leefomgeving
8
In de toekomst blijven de rustige woonwijken zich onderscheiden als ruime opgezette, groene en veilige woonomgeving. De wijken zijn daardoor bij uitstek een prettige en veilige woonomgeving voor de meer regionaal georiënteerde inwoners. Het wooncomfort in bestaande wijken is verder toegenomen met het nemen van energetische maatregelen (in met name de oudere wijken) en aanpassingen voor een klimaatbestendige straat. De sociale samenhang in en tussen de buurten is toegenomen door de verscheidenheid aan mogelijkheden voor ontmoeting in de openbare ruimte.
Pagina
De rustige woonwijken hebben vooral een woonfunctie met veel grondgebonden woningen. Deze woonwijken zijn in de laatste decennia stapsgewijs uitbreidingswijken geweest aan de randen van de kernen. Doordat de wijken in verschillende periodes zijn gebouwd hebben ze een eigen stedenbouwkundige opzet volgens de ontwerpprincipes die in die tijd gebruikelijk waren. Er is in afwisselde mate ruimte voor groen en voorzieningen als winkels en scholen, maar ook kleinschalige bedrijvigheid in de vorm van werken vanuit de eigen woning. De veilige en prettige woonomgeving blijft te allen tijde de hoofdfunctie. Dit wordt verder versterkt door de nabijheid van de groene buitengebieden die altijd makkelijk en snel te bereiken zijn.
Gebiedsprofiel
BUURTSCHAPPEN van Nootdorp en Pijnacker is de verbinding tussen de buitengebieden en de kernen verder versterkt. De buurtschappen vormen een natuurlijke afronding van de kernen. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Behoud en versterking van landelijke woonmilieus (2.1) • Kleinschalige buurtschappen toevoegen op geschikte locaties (2.4) • Verbetering van de aansluiting van de kernen op de buitengebieden (1.3) • Een aantrekkelijke (ruimtelijke) afronding van woonkernen (1.2) • Landelijke woonmilieus als spons voor klimaatverandering (4.3) • Een gezonde en veilige woonomgeving (2.5)
9
We zetten in op het behouden en versterken kleinschalige karakter en de identiteit van de buurtschappen rondom Pijnacker-Nootdorp. Er worden zelden woningen toegevoegd en als dat het geval is dan moet deze aansluiten bij het karakter en de kwaliteiten van het bebouwingslint en/of buurtschap. Hier gelden meer beperking met betrekking tot bijvoorbeeld de bouwhoogte in vergelijking met de dorpse en rustige woonwijken in Pijnacker-Nootdorp. Ook zijn er in 2050 een aantal nieuwe en kleinschalige buurtschappen ontstaan die meer mogelijkheden bieden voor de unieke landelijke woonbeleving in de gemeente. De Balijade en de zuidelijke rand van het Dwarskadegebied zijn hiervan de meest in het oog springende voorbeelden. Door de realisatie van dit groene woonmilieu aan de randen van de kernen
Pagina
In de buitengebieden van Pijnacker-Nootdorp zien we een aantal buurtschappen of kleine clusteringen van woningen. Meestal gelegen langs cultuurhistorische linten. Het grootste en meest herkenbare is het buurtschap Oude Leede gelegen in het veenweidelandschap van de Zuidpolder van Delfgauw. De Katwijkerbuurt aan de noordzijde van Pijnacker is eveneens historisch gegroeid en bestaat uit kleine clusteringen van woningen, met als meest recente voorbeeld de nieuwbouwontwikkeling ‘De Landheren'. Elk buurtschap heeft zijn eigen identiteit, maar kenmerkend is voor allen is de hechte gemeenschap die woont en werkt in een landelijke en groene omgeving met de nabijheid van voorzieningen in de naastgelegen woonkernen.
Gebiedsprofiel
AGRARISCH VEENWEIDELANDSCHAP
Het natuurgerichte beheer van de agrariërs heeft er mede voor gezorgd dat het weidevogelbestand weer is gegroeid. Daarmee samenhangend zijn de waterkwaliteit en bodemkwaliteit verbeterd en zijn de gebieden waardevol voor een veerkrachtige
leefomgeving. Ze kunnen water opnemen, zorgen voor afname van hittestress en door een verhoging van de waterstand is het risico op bodemdaling in deze veenrijke gebieden verminderd. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Cultuurhistorisch open weidelandschap (1.1.) • Natuurgericht agrarisch beheer (1.4) • Klimaatbestendigheid (4.2) • Goede omgevingskwaliteit (4.3) • Vergroten van de biodiversiteit (1.4) • Herkenbare woonomgeving (2.2)
10
het bedrijf zelf of in de levendige centra. Daarnaast hebben deze gebieden een belangrijke maatschappelijke functie. De gebieden liggen dicht bij de drie kernen en zijn voor de fietser en wandelaar vooral vanaf de randen en via enkele paden door het gebied goed te beleven. Daardoor dragen ze bij aan de identiteit van de gemeente en de herkenbare woonomgeving voor onze inwoners.
Pagina
In 2050 is het karakteristieke open weidelandschap nog steeds terug te vinden in onze gemeente. Oude Leede en een deel van de polder van Biesland zijn authentieke oudhollandse landschappen van weilanden, herkenbare slotenpatronen en cultuurhistorische elementen als een molen en een eendenkooi. Dit kwetsbare, waardevolle landschap wordt beheerd door agrariërs, meestal door een combinatie van veehouderij en natuurbeheer, bijvoorbeeld met kringlooplandbouw. Maar ze hebben hun bedrijfsvoering ook verbreed met educatie en verkoop van streekproducten voor een rendabele bedrijfsvoering. De inwoners komen graag producten van de lokale bedrijven kopen bij
Gebiedsprofiel
NATUUR- EN RECREATIELANDSCHAP ook ruimte aan individuele sporters. Hardlopen, mountainbiken, bootcampen en zelfs zwemmen is mogelijk. Af en toe vindt er een lokaal evenement plaats bij de Dobbeplas. Deze recreatieve poort is goed bereikbaar en mede daardoor geschikt voor intensievere recreatie. Daar ontmoet jong en oud elkaar tijdens bijvoorbeeld een festival of mudrace. Waar gaan we voor in deze gebieden? • Herkenbare woonomgeving (2.2) • Goede omgevingskwaliteit (4.3) • Afwisselend landschap (1.1,) • Gezonde leefomgeving om in te bewegen (2.5) • Mogelijkheden voor ontmoeting (2.2) • Beweegvriendelijke ruimte (1.3) • Duurzame mobiliteit (2.3)
11
In en tussen de gebieden ligt een vrij compleet (recreatief) fietsnetwerk. Ook zijn er diverse aansluitende ruiter- en wandelpaden. Naast enkele horecapunten, het zwemwater van de Dobbeplas en een enkele manege, zijn de recreatieve voorzieningen vooral kleinschalig en extensief van karakter. Denk daarbij aan een natuurspeelplaats, een vogelkijkhut of een visplek. Deze gebieden leveren een belangrijke bijdrage aan de herkenbare woonomgeving. Het groen is dichtbij en goed verbonden met de wijk. Het (recreatief) fietsnetwerk is fijnmazig en compleet en is aangevuld door een netwerk van wandel- en ruiterpaden. Daardoor is het gemakkelijk om met een rondje te lopen, te fietsen of paard te rijden. Dat is goed voor de gezondheid, maar ook een manier om elkaar te ontmoeten tijdens een wandeling of een picknick. Deze gebieden bieden
Pagina
In Pijnacker-Nootdorp zijn de Groenzoom, Buytenhout en Ruyven uitgegroeid tot volwassen natuur- en recreatielandschappen, die deel uit maken van een regionaal en provinciaal netwerk van groene gebieden. Zowel de inwoners van Pijnacker-Nootdorp als de regiobewoner weet de gebieden goed te vinden en kiest daarbij steeds vaker voor duurzaam vervoer. De identiteit van ieder gebied is buiten goed herkenbaar. Er zijn bosrijke gebieden, open weidegebieden en moerasgebieden, met kleinere en grotere watergangen en een enkele plas. De biodiversiteit gedijt goed bij de verschillen in het landschap en de verbindingen over land en water. Er zijn steeds meer planten en dieren die hier een plek hebben gevonden.