CConstaterende datPijnacker-Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3.1 Bijlage bij Nota van beantwoording Zienswijzen geanonimiseerd (1382503)

Raad Beeldvorming 16 november 2021, gemeente Pijnacker-NootdorpBij agendapunt: Energietransitieplan 202130.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

61

Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) = omgevinginclusief economisch handelen als verplichte randvoorwaarde en legitimatie voor het winststreven. MVO-criteria: Profit: goederen en diensten voort-brengen met meerwaarde als maatstaf voor de maatschappelijke waardering ervan; People: de gevolgen voor mensen en maatschappij binnen en buiten de onderneming; Planet: de effecten op het natuurlijke leefmilieu. 62 Dat betekent dat bedrijven aantoonbaar aan de omgeving bijdragen en qua activiteiten voldoende aansluiten op behoeften, mogelijkheden, noodzakelijkheden en wenselijkheden van die omgeving en van de mensen aldaar. Afwenteling van de lasten, zoals hinder, dient te worden voorkomen dan wel te worden gecompenseerd.

24

De gemeente Pijnacker-Nootdorp zou er goed aan doen om zich wat vrijer te maken van het heden en meer toekomstambitie te tonen in haar Omgevingsvisie. Grijp sectorveranderingen in met name de sector met het grootste ruimtebeslag aan als een unieke kans om bakens (juist ook ruimtelijk) te verzetten en daarmee een toekomstsprong voorwaarts te maken die de gehele gemeenschap helpt. Hopelijk kan deze zienswijze daaraan bijdragen bij de verdere besluitvorming en behulpzaam zijn voor de gemeenteraad bij haar richtinggevende en besluitvormende rol namens de gemeenschap. Pijnacker-Nootdorp, juli 2021

25

17

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Nee

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Reactie / Motivatie

Goed plan

Bijlage Bijlage Bijlage

Pagina 1

18

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Hierbij geef ik mijn zienswijze op het Energietransitieplan. Ik woon een rechthoekig gebied dat begrensd wordt door de straten Reactie / Motivatie De in deze buurt gelegen bungalows hebben elk (op een enkele uitzondering na) een verwarmingssysteem gebaseerd op luchtverwarming Hierbij verwarmt een gasketel direct de lucht. Een luchtpomp blaast de Pagina 1

warme lucht het huis in via buizen in de kruipruimte en inblaasroosters in de vloer. Via afzuigrooster in de vloer gaat de lucht retour naar de verwarmingsketel. In tegenstelling tot de standaard waterverwarmingsketels komt hier dus geen water aan te pas. Sommige bungalows hebben een hybride systeem, bestaande uit bovengenoemde luchtverwarming plus een lucht-lucht warmtepomp die zowel de lucht kan verwarmen als de lucht kan koelen, kortom een volwaardige klimaatregeling. Voordelen van de luchtverwarming zijn: efficiëntie, snelheid en nauwkeurigheid, afwezigheid van radiatoren, permanente ventilatie. Voordelen van de additionele warmtepomp zijn: gasbesparing in het winter-seizoen en koeling in de het zomerseizoen. Reactie / Motivatie

In het Energietransitieplan is in de wijk Noord als warmtebron aangegeven een warmtenet +70°C. In huizen met waterverwarming kan bestaande systeem vrijwel direct aangesloten worden op het warmtenet. In huizen met luchtverwarming echter zullen aanpassingen nodig zijn om de luchtverwarming te koppelen aan het warmtenet. Er moeten dus antwoorden komen op deze vragen: 1. Hoe kan de toekomstige energiebron (warmtenet +70°C) aan de luchtverwarming gekoppeld worden, zodat de luchtverwarming c.q. -koeling kan blijven functioneren? 2. Welke aanpassingen zijn hiervoor nodig, bijv. in overleg 3. Wie betaalt de kosten van eventueel benodigde aanpassingen?

Bijlage Bijlage Bijlage

Pagina 2

Pijnacker-Nootdorp

19

Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Nee

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Hierbij stuur ik u de zienswijze van Dunea op het energietransitieplan. Reactie / Motivatie

Met vriendelijke groet,

Bijlage

20210817 zienswijze Dunea concept energietransitieplan.pdf (173.8 KB)

Bijlage Bijlage

Pagina 1

19 MEMO Aan: gemeente Pijnacker-Noordorp Van Datum 16 augustus 2021 Onderwerp: zienswijze op het concept energietransitieplan

–

De gemeente Pijnacker-Nootdorp werkt aan het energietransitieplan. Dit plan moet eind 2021 vastgesteld zijn en inzichtelijk maken wanneer en hoe wijken onder andere van het aardgas afgekoppeld kunnen worden. Deze visie en de activiteiten die hier uiteindelijk uit voortkomen raken de drinkwaterwatervoorziening van Dunea. De plannen die gemaakt worden om invulling te geven aan de energietransitie hebben een grote ruimtelijke impact boven- én ondergronds. Voor een optimale maatschappelijke oplossing is het belangrijk dat de verschillende belangen van de energietransitie en drinkwatervoorziening goed worden afgewogen en waar mogelijk elkaar versterken.

Uitdagingen energietransitie Pijnacker-Nootdorp en de ondergrondse drinkwaterinfrastructuur van Dunea Als infrastructuurbeheerder hebben we een groot belang in de ondergrond met onze transport-, distributieen aansluit-leidingen. Op dit moment creëren klimaatverandering, de energietransitie, verstedelijking en verdichting een nieuwe dynamiek in de ondergrond, door de grote ruimteclaim en herinrichtingen die met deze transities gepaard gaan. Uitdagingen voor de infrastructuur van Dunea zijn ruimteschaarste, vroegtijdige aanpassing of vervanging van bestaande infrastructuur en een toename van de watertemperatuur in het leidingnet. De laatste kan risico’s veroorzaken voor de drinkwaterkwaliteit en de volksgezondheid. Ruimte claim op de ondergrond: nieuwe dynamiek in de ondergrond zorgt voor ruimte-schaarste in de ondergrond en het risico op desinvesteringen Verzwaring van elektriciteitsnetten en plaatsing van warmtenetten betekenen meer drukte en meer activiteiten in de ondergrond. Niet overal zal voldoende ruimte zijn voor netuitbreidingen of aanvullende ondergrondse infrastructuur. Zeker warmtenetten nemen veel ruimte in beslag. Bij grootschalige renovatie van de ondergrondse infrastructuur, komt in veel gevallen de ligging van drinkwaterleidingen en rioleringen in het geding.

Met het vervroegd investeren in het vervangen of verplaatsen van leidingen wordt maatschappelijk kapitaal vernietigd; deze kosten worden immers één op één betaald door de burger. Daarnaast komen bij werkzaamheden of schade aan transportinfrastructuur leveringszekerheid en continuïteit van drinkwater in het geding. Volksgezondheid-risico door opwarming van leidingwater Hittestress is niet alleen een volksgezondheidsissue boven het maaiveld. Ook onder het maaiveld kan opwarming een risico vormen voor de volksgezondheid. De bodem warmt op zowel door hittestress, als door warmtebronnen onder het maaiveld. Wanneer afstand tussen een waterleiding en warmte-afgevende infrastructuur (elektriciteit- en warmte-netten) niet geborgd wordt, is opwarming van leidingwater een groot risico. Volgens het Drinkwaterbesluit mogen we drinkwater leveren met een temperatuur van maximaal 25°C. Wordt deze temperatuur overschreden dan kan dit resulteren in meer microbiologische activiteit in het leidingnet, met volksgezondheid-risico’s als gevolg. Om het water in de warme zomermaanden onder de 25 graden te houden, zijn integrale en duurzame ruimtelijke keuzes noodzakelijk. Voorgestelde oplossingen: Gemeenten zorgen bij besluitvorming over uitrol van energienetten dat de ruimtelijke impact op bestaande drinkwaterinfrastructuur integraal wordt meegewogen.

Daarnaast is het van groot belang dat totale maatschappelijke kosten-baten in beeld wordt gebracht in de besluitvormingsfase. Verzoek: Neem de volgende uitgangspunten mee in de uitwerking van de energie- en elektriciteitstransitieplannen.

MEMO Bescherm de transportinfrastructuur: Dunea en gemeenten hanteren een beschermingszone van 9 meter voor transportleidingen >800 mm, gemeten vanaf het hart van de leiding. Bij transportleidingen <800 mm en >400 mm geldt er een beschermingszone van 5 meter. Bescherm distributie- en aansluitleidingen: Het risico van opwarming van drinkwaterwater en toenemende ruimtedruk in de ondergrond maakt dat Dunea een aantal aandachtspunten wil meegeven aan gemeenten: • Houdt afstand tussen midden en hoge temperatuur warmteleidingen en drinkwaterleidingen van 1,5 m en 2,0 m • Houdt afstand van onze leidingen en de midden en hoogspanning-kabels (dagmaat: 0,6 m) • Voorkom warmtebeïnvloeding in de meterkast • Houdt in uw ruimtereserveringen rekening met eventuele toekomstige uitbreidingen van het drinkwaternet • NEN-normeringen integreren in gemeentelijk beleid (NEN7171, NEN3654) t.b.v. duurzame ordening ondergrondse infrastructuur • In beeld brengen van de totale maatschappelijk kosten-baten (inclusief impact op bestaande infrastructuur) • De ruimtelijke inpassing in de ondergrond mee te nemen bij de keuze voor een warmteoplossing. •

Vooruitlopend op de collectieve Warmtewet kan een gemeente de volgende maatregelen nemen: o Neem het voorkómen van opwarming van drinkwater op als randvoorwaarde voor vergunningen voor aanleg van warmtenetten o Regel adequaat toezicht en handhaving door gemeenten op een juiste aanleg van warmtenetten

Wanneer een gemeente kennisneemt van deze zaken stelt deze zichzelf in staat om ruimtelijke keuzes, evenals de impact daarvan, beter in te schatten en te wegen. Benoem opwarming leidingwater en een minimale afstand tussen drinkwaterinfrastructuur en warmtenetten. Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de exacte afstanden die hiervoor nodig zijn door KWR en Deltares. Totdat duidelijk is wat de exacte afstanden zouden moeten zijn willen wij vragen om in de plannen de onderstaande afstanden van 1,5 en 2 meter op te nemen. Deze afstanden zijn gebaseerd op eerdere warmtebeïnvloedingsberekeningen. Stadsverwarming Primaire stadsverwarming (aanvoer 105 gr C en 70 gr C retour) Secundaire stadsverwarming (aanvoer 70 gr C en retour 40 gr C)

Dagmaat (afstand stadsverwarming en drinkwater) 2 meter 1.5 meter

Voor afstanden tussen midden-en hoogspanningskabel verwijzen we naar de bestaande NEN-normen t.b.v. duurzame ordening ondergrondse infrastructuur: NEN7171, NEN3654. Naar verwachting zal in 2022 NEN7171 gereviseerd worden met daarin o.a. de minimale afstand tussen stadsverwarming en drinkwaterleidingen gebaseerd op een lopend onderzoek geleid door KWR en Deltares. Wanneer deze NEN norm is gereviseerd vervalt de bovenstaande tabel. Benader de ruimtelijke opgaves integraal: Energietransitie en klimaatadaptatie kunnen elkaar versterken. Klimaat-adaptieve maatregelen verminderen het risico op opwarming van leidingwater. Denk hierbij aan: • Groen in plaats van verharding; • Combineer groenstroken met ondergrondse infrastructuur; • Maak gebruik van verharding welk minder goed warmte vasthoud; • Creëer schaduw – bijvoorbeeld met bomen; • Zorg voor een vitale, vochtige bodem.

Pagina 2 van 3

MEMO Voor het identificeren van potentiële hotspots in de bodem kan de hittestresskaart worden gecombineerd met het leidingnetwerk op de Klimaatatlas.

Gezamenlijke zorgplicht drinkwater Overheden hebben, samen met de drinkwaterbedrijven, een wettelijke zorgplicht voor de (ruimtelijke) bescherming van onze drinkwatervoorziening (kwalitatief én kwantitatief). Door Dunea al in de planvormingsfase te betrekken en samen te werken aan de opgaven die voor ons liggen creëren we de mogelijkheid om duurzame en integrale ruimtelijke keuzes te kunnen maken. Op deze manier kunnen we samen: dure aanpassingen voorkomen, werkzaamheden combineren, drinkwater-leveringszekerheid & kwaliteit borgen en overlast in de openbare ruimte minimaliseren. Zo komen we samen tot een oplossing me de laagst maatschappelijke kosten.

Pagina 3 van 3

20

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze

Reactie / Motivatie

Concept-Energietransitieplan: 1. blz. 8 Samenvatting is veel te lang: inkorten naar 1 A4-tekst. Rest info opnemen in Concept-plan zelf zonodig. 2. blz. 13: Omgevingsvisie: wollige vage tekst. bv.: ""...afgestemd op de beelden van de omgevingsvisie .." : dit soort zinnen komt vaker voor in dit concept-plan: nog eens goed doorlezen dus. 4. Ik mis aandacht voor een ingebed 'groenplan', b.v. zoals op blz 27 in figuur "Collectief Geothermienetwerk" wordt aangegeven: "70 graden in en 40 graden heet water uit". Dit heeft gevolgen voor de wortels en stabiliteit van specifieke bomen en Pagina 1

Reactie / Motivatie

groenvoorziening etc.: gevolg, uitdroging van de ondergrond, gevaar voor de leefomgeving. Evt. kosten gelijktijdige herinrichting moeten meegenomen worden in de uitvoering. 5. Ik mis aandacht voor een project (digitale) en jawel ook papieren archivering van de inrichting van de ondergrond ! Reservering middelen en deskundig personeel. Kosten ! 6. Ik mis aandacht voor (digitale) beveiliging van de IT-infrastructuur. Reservering middelen en deskundig personeel. Kosten ! 7. Hoofstuk Beheer, onderhoud en met name verantwoordelijkheid (juridische aansprakelijkheid) bij elk van deze onderwerpen. Succes !

Bijlage Bijlage Bijlage

Pagina 2

21

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Nee

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Reactie / Motivatie

Motivatie zie bijlage

Bijlage

Bezwaar 2631 WZ 2.pdf (66.7 KB)

Bijlage Bijlage

Pagina 1

21 L.s.

Het streven naar een energie neutrale samenleving is een nobel en ook noodzakelijk streven. De energietransitie staat nog in de kinderschoenen, maar is de energietransitie hetzelfde als een gasloze samenleving? De rijksoverheid heeft hier uitgebalanceerde uitspraken over gedaan, de gasleveranties zullen worden gegarandeerd tot 2050. De ambitie van de gemeente Pijnacker – Nootdorp voelt voor ons als een beetje ‘op de muziek vooruitlopen’, we hebben nog 28 jaar te gaan. We realiseren ons dat niet alles op de laatste dag gerealiseerd kan worden. De thans gebruikte middelen voor de energie transitie staat nog in de kinderschoenen. De diverse producten zijn nog niet uitontwikkeld, er zitten nog veel kinderziektes in en zijn in verhouding erg prijzig. In bepaalde wijken heeft de gemeente PN de keuze gemaakt om in zee te gaan met bedrijven als Etec, die de infrastructuur aanbrengen en vervolgens de kosten doorbelasten aan de eigenaren. Dit voelt voor ons als (een dure) verplichte winkelnering is voor ons geen optie. Overigens moet ons van het hart dat bij het bijwonen van sessies omtrent de onderwerpen ‘energie neutraal’ en ‘gas-loos’ stelselmatig door elkaar werden gehaald. Gas-loos is wezenlijk anders dan ‘energie neutraal’.

Zoals eerder verwoord zal er in de toekomst zeker iets moeten gebeuren, maar hierbij vertrouwen wij er op dat de gemeente Pijnacker – Nootdorp ons de vrijheid biedt om hierin eigen keuzes te maken en dit op onze manier te gaan laten uitvoeren. Zonder dat dit leidt tot het ‘op de muziek vooruit lopen’, verplichte winkelnering, te hoge kosten en bovendien met een goed werkend en beter doorontwikkeld product! Wij omarmen het streven naar een energie neutrale samenleving , maar hebben niet de behoefte om nu het ‘beste jongetje van de klas’ te zijn (met de bijbehorende kosten) en als pionier te worden gedwongen tot kiezen voor een nog in ontwikkeling zijnde product. Derhalve tekenen wij bezwaar aan tegen de nota energie transitie.

a 2

22

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum 3

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Reactie / Motivatie

Zie de zienswijzen in de bijlage. Graag ontvang ik een ontvangstbevestiging,

Bijlage

Zienswijzen Energie Transitie Visie PN.pdf (73.1 KB)

Bijlage Bijlage

Pagina 1

22 1. Paragraaf 3.3 Energiemix In de eerste zin “Voor 2050 zetten we in op een warmtemix van geothermie en restwarmte voor de glastuinbouw en een warmtenet voor woonwijken.” wordt zonder onderbouwing een richting

aangegeven richting een wamtenet. De onderbouwing van deze keuze door een studie waarin alternatieven vergeleken worden op belangrijke kenmerken zoals kosten, primaire energiefactor, warmteverliezen, etc ontbreekt. In 3.4.2. wordt verwezen naar modelberekeningen. Graag zie ik de onderbouwende studies en modelberekeningen openbaar zodat nagegaan kan worden of er ook werkelijk de juiste conclusies zijn getrokken. 2. 3.4.1. 70 graden als uitgangspunt en invoeden

In de visie wordt uitgegaan van een 70 graden net (bv voor Pijnacker centrum). In 3.4.1. worden hiervoor een aantal voor en nadelen genoemd. Is een bron-net ook onderzocht? Hiermee bedoel ik een warmtenet op 30-40 graden waarbij per afnemer een warmtepomp wordt ingezet om de gewenste temperatuur te bereiken. Voordelen van een laag temperatuur bronnet: - minder warmteverlies in het net - restwarmte kan eenvoudiger worden ingevoed. Denk hierbij aan warmte vanuit koeling (airconditioning) of restwarmte uit lage temperatuur processen (bv data centra). Lage temperatuur restwarmte is veel meer aanwezig dan hoge temperatuur restwarmte uit industriële processen. Door een, relatief, hoge temperatuurnet van 70 graden te realiseren, wordt vanaf het begin af aan het invoeden van andere bronnen moeilijker gemaakt. - door een individuele warmtepomp is er direct een motivatie om huizen geschikt te maken voor lage temperatuur verwarming. Een hoge temperatuur warmtepomp verbruikt namelijk meer stroom (lage COP) met bijbehorende kosten. Concreet : is een bronnet ook onderzocht als alternatief. Zo niet, kan dit alsnog worden toegevoegd? 3. Staat de gemeente open voor het invoeden van derde bronnen? Graag zie ik een toevoeging dat het streven van de gemeente is dat er een open warmtenet gerealiseerd zal worden waarbij, onder de juiste voorwaarden, kan worden ingevoed.

Confidentiality: C2 - Internal

23

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Reactie / Motivatie

Bijgaand namens de bewonersvereniging Bos van 'sGravenhout onze reactie op het concept energietransitieplan

Bijlage

zienswijze op energietransitieplan.docx (228.1 KB)

Bijlage Bijlage

Pagina 1

23

Zienswijze op concept Energietransitieplan 1. Als bewonersvereniging Bos van ’s-Gravenhout maken we graag gebruik van de mogelijkheid om onze visie/reactie/zienswijze te geven op dit energietransitieplan. Onze opmerkingen komen niet alleen voort uit een oogpunt van bewonersbelang maar zijn ook gebaseerd op een algemene maatschappelijke verantwoordelijkheid ten aanzien van de noodzaak tot klimaatzorg. Wij onderschrijven de algemeen geformuleerde doelstelling om in 2050 co2-neutraal te zijn, maar we constateren dat het plan wel vaag blijft in de concrete aanpak van de beoogde energietransitie. De rol van de gemeente blijft wat afstandelijk en ook de wijze van communicatie met bewoners krijgt nog weinig inhoud. Hoewel wij het juridisch instrument ‘zienswijze’ voor dit onderwerp geen goed communicatiemiddel vinden, willen wij met deze notitie een bijdrage geven aan de noodzakelijke concretisering van de plannen ten aanzien van energietransitie. Wij gaan ervan uit dat onze vragen concreet worden beantwoord en we bepleiten de behandeling van dit onderwerp niet te beperken tot een politieke behandeling. 2. Het uitgangspunt is het klimaatakkoord en de rol van de gemeente daarin. Er wordt geen informatie gegeven over de juridische status van het klimaatakkoord.

Hoe hard zijn de doelstellingen en hoe zijn de verantwoordelijkheden verdeeld? Wat zijn de juridische kaders en wat zijn de juridische gevolgen als het niet tijdig of niet volledig lukt? Hoe bepaal je dat het proces achterblijft bij de doelstelling? De term ‘deelname aan het klimaatakkoord’ suggereert een zekere vrijblijvendheid. Is dat de bedoeling? Het verschil tussen de doelstellingen gekoppeld aan de tijdstermijn van 2030 en die gekoppeld aan 2050 is onduidelijk. De daadwerkelijke taakopvatting van de gemeente in dit transitieplan wordt niet duidelijk gemaakt. Wat kunnen bewoners van de gemeente verwachten, welke activiteiten worden er ontplooid en welke criteria gaan er in onze gemeente daadwerkelijk gelden? Waarom is de thans beschikbare capaciteit van de gemeente het uitgangspunt en waarom wordt er geen optie beschreven om die capaciteit aanzienlijk uit te breiden. Kortom, het is ook niet duidelijk wat een raadsbesluit over dit energietransitieplan in feite betekent voor individuele inwoners. Wat is er nog te kiezen of is het een kwestie van slikken of stikken? Wat besluit de Raad met dit energietransitieplan? 3. Voor het bereiken van de met energietransitie beoogde doelstellingen is draagvlak onder bewoners een essentiële voorwaarde. Om dat draagvlak te bevorderen zijn informatie en communicatie de belangrijkste middelen.

De invulling daarvan door de gemeente blijft tot nu toe nogal vaag en wordt niet concreet gemaakt.

Op de suggestie dat er veel overleg is geweest met inwoners is wel wat af te dingen. Er zijn inderdaad twee online bijeenkomsten geweest, maar wij hebben als bewonersvereniging niet het gevoel dat onze inbreng daarbij gehoord is. Bovendien is het (mail)gesprek met de gemeente doodgebloed doordat er geen verdere reactie van de zijde van de gemeente is gekomen en aan toegezegde vervolgacties geen inhoud is gegeven. Ook in kwantitatief opzicht kan de participatie tot nu toe toch niet echt als succesvol worden gekwalificeerd. Hoe gaat de communicatie over het uitvoeringsprogramma met bewoners van alle wijken in de komende periode gevoerd worden? 4. Wat gaat de gemeente doen om daadwerkelijk invulling te geven aan de behoefte aan informatie aan de inwoners? Iedere huiseigenaar komt in de komende jaren voor de vraag te staan welke investering op het gebied van verwarming (als grote energieverbruiker) van de woning nodig/gewenst is. Waar kunnen bewoners objectief antwoord krijgen op concrete vragen. Deze antwoorden moeten dan uiteraard zijn toegesneden op de individuele situatie van de woning en passen in het concrete beleid van de gemeente in de wijk waar de woning staat.

Ter illustratie wat voorbeelden van vragen: - In de bespreking van mogelijkheden van warmtetransitie wordt wel aandacht gegeven aan de mate van isolatie van de woning als criterium, maar wordt geen concrete informatie/tabel opgenomen welke isolatie ten opzichte van welke investering aanbeveling verdient uit een oogpunt van kosten/effect. Evenmin wordt aangegeven waar dergelijke informatie dan wel beschikbaar is of komt. - Goede isolatie en ventilatie zijn randvoorwaarden voor een toekomstige duurzame verwarming. Bij isolatie komt luchtdicht maken aan de orde, terwijl ventilatie juist het tegengestelde ten doel stelt. Wat is dan de juiste technische oplossing voor een woning? - In de afweging of een bestaande cv wellicht vervangen kan/moet worden door een warmtepomp is de aanwezigheid van vloerverwarming een essentiële randvoorwaarde. Om de haalbaarheid van een warmtepomp (op dit moment de meest voor de hand liggende en effectieve maatregel voor de burger) te beoordelen is naast de staat van isolatie dus de aanwezigheid van vloerverwarming van belang.

Welke reële mogelijkheid heeft de inwoner zonder vloerverwarming? - Kan de afweging om eventueel op een warmte pomp over te gaan voor de individuele bewoners beperkt blijven tot de specifieke omstandigheden van de eigen (woon)situatie of is dan ook de stelling van toepassing dat elektrificering van de warmtevraag geen voorkeur verdient? - Het is logisch dat bewoners om tot verantwoorde investeringsbeslissingen te komen ook inzicht moeten krijgen in de eventuele toekomstige aanleg van een collectieve warmtevoorziening en de daaraan verbonden uiteenlopende consequenties . Er wordt in het plan geen inzicht gegeven wanneer dat soort informatie beschikbaar komt. Hoe en wanneer komt dergelijke informatie beschikbaar? 5. De begrippen ‘eerlijk, haalbaar en betaalbaar’ worden als uitgangspunt benoemd maar krijgen verder nergens een concrete invulling. Dat soort stellingen is in feite gebakken lucht zolang er geen inzicht wordt gegeven waaraan wordt gedacht, dan wel er een harde invulling aan wordt gegeven. Hoe wordt het begrip ‘eerlijk’ betrokken in een afwegingskader om voor een wijk te kiezen voor al of geen collectieve warmtevoorziening? Wat betekent het begrip ‘betaalbaar’ bij de beantwoording van de vraag van de individuele bewoner of er al of niet

vloerverwarming moet worden aangelegd? Wat wordt bedoeld met ‘haalbaar’ door te verwijzen naar de nog beschikbare tijdstermijn tot 2050? In het rapport wordt het begrip ‘woonlastenneutraal’ uit het klimaatakkoord gereleveerd, maar het wordt op geen enkele manier duidelijk of dat een criterium wordt dat in onze gemeente daadwerkelijk zal gaan gelden. Als geen inhoud wordt gegeven aan de financiële kaderstelling voor individuele inwoners gaat er ook geen breed gedragen verandering van energiegebruik ontstaan. De gemeente wil een transitie realiseren, maar is onduidelijk welke middelen daarvoor beschikbaar komen. Hierdoor ontstaat met dit plan het beeld dat dit beleid achter burelen is ontstaan en dat de burger maar beter kan afwachten en/of uitstellen. 6. In de startstrategie in ‘koers warmte’ wordt een kaartje gepresenteerd met een kleurcode voor de diverse wijken. (Praktisch bezwaar is dat het verschil in kleuren niet goed is te zien in de digitale weergave van het rapport.) Er worden enkele wijken genoemd waar een collectief warmtenet wordt voorzien, maar de inhoudelijke onderbouwing van die keuze ontbreekt volledig. Er wordt in algemene zin verwezen naar analyses zonder dat deze informatie verder toegankelijk wordt gemaakt.

Bij het kaartje waarin de wijken met een kleurcode worden ingedeeld, ontbreekt volledig een argumentatie per wijk op grond van welke omstandigheden die keuze is gemaakt. De rubricering van de wijken op die kaart zal toch wel beargumenteerd kunnen worden, waarom wordt dat dan niet in het plan, desnoods in een bijlage, opgenomen? Wat betekent dit voor de individuele burgers/bewoners van die wijk? Ook ontbreekt in het plan een verder uitgewerkte tijdsprognose, ofschoon in de inleiding wordt aangegeven dat “In het Energietransitieplan geeft de gemeente haar visie op deze overstap en maken we het tijdspad inzichtelijk: wanneer kunnen welke wijken of buurten van het aardgas worden afgekoppeld en welk soort alternatief is daarvoor het meest geschikt.” 7. Voor de overige wijken, en dus ook voor ’s-Gravenhout is niet duidelijk gemaakt wat bedoeld wordt met ‘handelingsperspectief’. Welke afwegingskaders staan individuele bewoners ter beschikking om keuzes voor verantwoorde investeringen te maken? Onze wijk wordt op het kaartje van blz. 31 voorzien van de aanduiding ‘WKO en/of warmtepomp’. Terwijl de onderbouwing van die keuze volledig ontbreekt is de aanduiding zelf in zichzelf ook absoluut onduidelijk. Wat houdt WKO in de praktijk in en waarom wordt dan ook de warmtepomp genoemd? In feite worden de inwoners van ‘s-Gravenhout volledig het bos in gestuurd.

De onduidelijkheid wordt nog versterkt door de informatie van het kaartje op blz. 35. Daar is de aanduiding voor ’s-Gravenhout ‘WKO’, maar is er ook een uitbreiding van het warmtenet door Eneco vlak langs de grenzen van de wijk getekend. Waarom is het warmtenet dan geen optie voor onze wijk? 8. De energievraag van de gemeente wordt als geheel benoemd, terwijl veruit het grootste deel, ruim 75%, van die vraag van de glastuinbouw komt. De uitsplitsing naar doelgroepen gebouwde omgeving/glastuinbouw zou het mogelijk maken om specifieke maatregelen per doelgroep te bezien/ontwikkelen. Onvoldoende is inzichtelijk gemaakt hoe en wanneer er concrete ontwikkelingen worden voorzien. Differentiatie wordt nu vermeden. De middelen om de energievraag te beperken en de economische mogelijkheden om transitie te realiseren zijn per doelgroep zeer verschillend. De glastuinbouw werkt in een

bedrijfseconomische structuur van kosten en opbrengsten en kan ook eventueel activiteiten beëindigen. Eigenaren/bewoners van huizen hebben slechts hun inkomen als kader voor de realisatie van transitie en moeten een afweging maken voor eventuele (vervangings)investering van cv en mogelijke isolatiemaatregelen. Tot nu toe krijgen zij echter geen handzaam afwegingskader en geen inzicht in een toekomstig te verwachten eventuele collectieve voorziening. 9. Er wordt vanuit gegaan dat meer dan 50ha zonnepanelenvelden gerealiseerd kunnen worden met name in de GTB-gebieden. In de uitgangspunten voor de duurzame GTBgebieden is ruim 10 jaar geleden vastgesteld dat de groen-blauwe dooradering een wezenlijk onderdeel zou vormen van de groenstructuur van de gemeente. Daar is de afgelopen 10 jaar maar bijster weinig van terecht gekomen. Ook ecologische verbindingen zijn jarenlang aan de aandacht van de gemeente ontsnapt. Met het voornemen om veel zonnepanelenvelden in die gebieden in te richten wordt nagenoeg iedere mogelijkheid ontnomen om de GTBgebieden op te nemen in de groen-blauwe structuur van de gemeente. Leveren we nu achteloos deze ambitie in? Hoe verhoudt de ambitie voor 50ha zonnepanelenvelden zich tot de doelstellingen die in de andere visies zijn vastgelegd? ‘Zonnepanelenvelden maximaal groen ingepast’ 10. Dan nog een lokale hartenkreet van ons.

Het oprichten van een geothermiebron in en op de rand van het duurzame GTB-gebied Noukoop op een locatie waarbij de ecologische verbinding tussen de gebieden Buytenhout Oost en West al sterk vernauwd is, doet afbreuk aan de beoogde kernwaarde van onze gemeente en aan de noodzakelijke impuls ter verbetering in kwaliteit en kwantiteit van de ecologische structuur. De integrale afweging om te kiezen voor deze locatie ontbreekt in zowel het energietransitieplan als in de omgevingsvisie. Ook wordt niet duidelijk of er alternatieve locaties aan de orde zijn gekomen. Het is evenmin duidelijk welke bindende consequenties dit energietransitieplan heeft voor de toekomstige ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening (bijv. beloop leidingtracé’s, zonnepanelenvelden, geothermie vanuit risico -afwegingen etc.). Conclusie Het plan bestaat uit heel veel tekst, maar blijft inhoudelijk wel erg vaag en waar er keuzes worden gemaakt, worden die niet onderbouwd. Het plan biedt voor individuele bewoners niet voldoende inzicht in beoogde ontwikkelingen. Het plan geeft geen planning voor uitvoeringsplannen en bevat geen daadwerkelijke ambitie in de vorm van bijvoorbeeld uitbreiding van gemeentelijke capaciteit voor de begeleiding van de beoogde energietransitie. Het plan geeft geen houvast en duidelijkheid over de (financiële) kaders voor individuele bewoners.

Namens het bestuur van de bewonersvereniging Bos van s’-Gravenhout s

24

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze

Reactie / Motivatie

Dit is een concept. Aan toebedeelde warmtevoorzieningen per wijk zal dus geen recht kunnen worden ontleend. Buiten dat gegeven, staat het je als inwoner van de gemeente vrij een andere vorm van warmte toe te passen en dan GEEN gebruik te maken van het eenmaal door de raad vastgestelde plan? Participatie van inwoners, gaat direct gepaard met kostenbesparing voor de gemeente. Snijdt een inwoner zich niet gruwelijk in de vingers als uiteindelijk blijkt dat diens (voortijdige) inspanning tot verduurzaming niet of onvoldoende aansluit bij de vastgestelde praktijk? In Pagina 1

het kort; moeten inwoners maar afwachten tot hun wijk aan de beurt is? Reactie / Motivatie

Kan er nu wel wat aan de hoogte van bomen in mijn wijk worden gedaan die al jaren voor geluidsoverlast en zonnepanelen blokkering zorgen?

Bijlage

Samenvatting-Energietransitieplan-enplanning.pdf (4.5 MB)

Bijlage Bijlage

Pagina 2

24

Alle woningen in Pijnacker-Nootdorp voor 2050 aardgasvrij oen?

Hoe gaan we dat d

Een samenvatting van het concept Geef uw Energiereactie! transitieplan

Hoe worden inwoners hierbij betrokken?

Hoe gaan we nu verder?

CONCEPT Energietransitieplan Een samenvatting Nederland heeft als doelstelling om in 2050 volledig CO2-neutraal te zijn. Dit is vastgelegd in het klimaatakkoord. Voor bijna iedereen in Nederland heeft dat directe gevolgen, want de meeste huizen worden verwarmd met aardgas en onze elektriciteit wordt vooral opgewekt door kolen en aardgas. Bij verbranding van kolen en aardgas komt CO2 vrij. We zullen dus op zoek moeten naar andere, duurzamere energiebronnen om onze gebouwen warm te houden en ons van elektriciteit te voorzien. In het Energietransitieplan geeft de gemeente haar visie op deze overstap en maken we het tijdspad inzichtelijk: wanneer kunnen welke wijken of buurten van het aardgas worden afgekoppeld en welk soort alternatief is daarvoor het meest geschikt? En op welke wijze wekken we onze elektriciteit duurzaam op? De ontwikkeling van alternatieven voor energieopwekking gaat op dit moment heel snel. Het kan zijn dat er de aankomende jaren meer opties beschikbaar komen die ook in Pijnacker-Nootdorp kunnen werken. Het Energietransitieplan wordt daarom minimaal één keer per 5 jaar geactualiseerd. In deze krant de samenvatting van het concept Energietransitieplan.

Besparen

Overstappen op duurzame bronnen

Energie die we niet gebruiken hoeven we ook niet op te wekken. De eerste stap is het verlagen van de warmte- en energievraag. Maatregelen zijn vaak eenvoudig te realiseren. Denk aan; isolatie, het luchtdicht maken van uw woning, hergebruik van warmte en betere radiatoren. Goede isolatie en ventilatie zijn randvoorwaarden om uw huis, op termijn, duurzaam en comfortabel te verwarmen. Daarnaast zijn energiezuinige apparaten en verlichting ook goede manieren om elektriciteit te besparen.

Welke mogelijkheden zijn er voor Pijnacker-Nootdorp?

Vraag en aanbod De hoeveelheid energie wordt uitgedrukt in terajoules (TJ). Binnen de gemeente gebruiken we 5275 TJ energie, dit is ongeveer 130 miljoen m3 gas en 390 miljoen Kwh elektriciteit. De energievraag ontwikkelt zich. Enerzijds vervangen we gas door elektriciteit en gaan we elektrisch rijden en anderzijds besparen we energie. De energiebehoefte in 2050 wordt ingeschat op 4200 TJ. Binnen de gemeente kunnen we energie opwekken. We hebben aardwarmte in verschillende varianten, zoals geothermie en warmte- en koudeopslag, biovergisting en voor de opwekking van elektriciteit vooral zonne-energie. De gemeente heeft in beeld gebracht wat de mogelijkheden zijn. Op basis van de mogelijkheden is per buurt nagedacht over warmte (koers warmte) en elektriciteit (koers elektriciteit). Lees op de volgende pagina hoe inwoners en ondernemers hier over hebbenGrafiektitel meegedacht! Grafiektitel 2019 2050 1% 1% 5%

18% Aardgas 1%

10%

Kachels

e

Geothermi e

e

Restwarmte

en Zon

All-El ectric en Zon

ng

Biovergisting

gas

55%

27% 81%

Duurzaam gas

Warmte

Grafiektitel

Grafiektitel

1% 5%

1%

elijk net

14%

op dak

38%

op Bassi ns

w) Land (glastuinbouw) op

as

Aardgas Kachels Geothermie Restwarmte All-Electric/Zon Biovergisting Duurzaam gas

95%

46%

Elektriciteit

Landelijk net Zon op dak Zon op bassins Zon op land Biogas

Voor een aantal buurten is er een gezamenlijke oplossing mogelijk. Het is dan wel nodig dat een grote groep woningen en gebouwen samen overstapt naar deze oplossing. Er zijn ook individuele oplossingen. Daar heeft u zelf de keuze. Om te komen tot de juiste keuze per buurt, is naar verschillende zaken gekeken. Omdat de veranderingen op den duur ook in de woningen en bedrijfspanden te merken zijn, is allereerst gevraagd wat inwoners, ondernemers en andere betrokkenen belangrijk vinden bij de overstap. Daarnaast is in het Klimaatakkoord afgesproken dat er gekozen moet worden voor oplossingen die het minst kosten: zowel het totaal aan kosten als de kosten voor bewoners. Per buurt is gezocht naar warmtesystemen die het beste passen bij het type woning of bedrijf, daarin is gekeken naar o.a de leeftijd en mate van isolatie (energielabel). In Pijnacker-Nootdorp zien we op dit moment de volgende mogelijkheden:

RO

Welke mogelijkheden zijn er om elektriciteit op te wekken? Het opwekken van elektriciteit heeft impact op de openbare ruimte. Zeker omdat we weten dat we alleen met zonnepanelen op daken de gestelde ambities niet kunnen halen. Daarom is het belangrijk om zoveel mogelijk energie te besparen, ook inwoners kunnen daarbij helpen! Daarna wekken we elektriciteit zoveel mogelijk lokaal (60%) en duurzaam op. Dit betekent dat de gemeente onder de juiste voorwaarden zonnepanelen en zonnevelden mogelijk wil maken, bijvoorbeeld in het glastuinbouwgebied op reststroken of overhoeken.

Legenda Bestaand warmtenet (verduurzamen voor 2025) q+

Meerdere keuzes

telin

m War

Warmtenet +50°C

Elektrisch verwarmen Elektrisch verwarmen kan met een warmtepomp. Een warmtepomp haalt energie uit de lucht (luchtwarmtepomp) of uit de bodem (bodemwarmtepomp) die met behulp van elektriciteit wordt omgezet naar warmte. U gebruikt geen aardgas meer voor verwarming en warm water maar elektriciteit. Koken doet u dan ook elektrisch, bijvoorbeeld met inductie. Een voordeel van de elektrische warmtepomp is dat u kunt overstappen wanneer u dat wilt. Bijvoorbeeld als de cv-ketel aan vervanging toe is of als u uw huis aan het verbouwen bent. Wel moet uw huis of pand goed geïsoleerd zijn en het verwarmingssysteem geschikt voor verwarmen met een elektrische warmtepomp.

Warmtenet Een warmtenet wordt ook wel stadsverwarming genoemd. Het is een gezamenlijke oplossing: er wordt dan een warmtenet aangelegd om een grote groep gebouwen tegelijk te verwarmen. In sommige buurten ligt al een warmtenet. Vanuit een warmtebron (bijvoorbeeld een geothermiebron of restwarmte uit het kassengebied) stroomt warm water door ondergrondse leidingen naar aangesloten panden. Door een warmtenet kan snel een hele buurt aardgasvrij worden gemaakt. Om het aanleggen van een warmtenet betaalbaar te houden, moet een grote groep gebouwen meedoen en kunnen deze gebouwen niet te ver uit elkaar liggen.

ing

eid

l CA

Warmtenet glastuinbouw Warmtenet +70°C Warmtepomp (2020-2050) Warmte- en koudeopslag (WKO) (2020-2050) Duurzame nieuwbouw (gasloze oplevering) Zienswijze indienen van 16 juni t/m 1 september U kunt nu het concept Energietransitieplan lezen en daarover uw mening geven, dat noemen we een zienswijze indienen. U kunt uw zienswijze t/m 1 september 2021 indienen. Dit kunt u doen via het digitale zienswijzeformulier op: www.pijnacker-nootdorp.nl/energieplan of schriftelijk naar de gemeente Pijnacker-Nootdorp: Postbus 1, 2640 AA Pijnacker. Vermeld in uw reactie dat het gaat om het ‘Energietransitieplan’, uw naam en adres, datum en waarover uw reactie gaat.

Maatwerk (2035-2050) Warmtenet Geothermiebron bestaand of in voorbereiding Geothermiebron in onderzoek Historisch lint Warmtenetwerk bestaand of in voorbereiding Warmtenetwerk in onderzoek

Dit overzicht is een samenvatting van het hele Energietransitieplan. Het volledige plan kunt u lezen en downloaden op:

www.metenergieaandeslag.nl/transitieplan

Zon op land toegestaan De genoemde jaartallen in de kaart en in de legenda beschrijven de periode waarin het gebied aardgasvrij wordt gemaakt.

Hoe betrekken we u bij het Energietransitieplan? Op de vorige pagina’s van deze krant heeft u een samenvatting van het Energietransitieplan gelezen. Op deze pagina leest u hoe inwoners daarover hebben meegedacht, nog verder kunnen meedenken en hoe het vervolg eruit ziet. Wat hebben we al gedaan? De omschakeling van aardgas naar een andere warmtebron is een grote uitdaging – ook voor de gemeente. Want wat houdt het nu precies in? Hoe pak je dat slim aan en waar begin je mee? De gemeente kan dit plan niet alleen maken en heeft daarom aan inwoners gevraagd om mee te denken via een online vragenlijst, digitale wijkbijeenkomsten en twee ambassadeursbijeenkomsten. Ruim 800 inwoners hebben op deze manier veel kansen, zorgen en ideeën met ons gedeeld. Deze informatie hebben we meegenomen bij het schrijven van het Energietransitieplan.

Stap 1

Stap 2

Stap 3

Stap 4

december ‘20 Online vragenlijst 279 invullers

januari en februari ‘21 Online wijkbijeenkomsten 726 deelnemers

januari tot maart ‘21 Persoonlijke gesprekken met professionele partners

maart en april ‘21 Ambassadeursbijeenkomsten 43 inwoners

Het hele participatieverslag is te lezen en te downloaden via www.metenergieaandeslag.nl/participatieverslag

Hoe gaan we nu verder? Het Energietransitieplan wordt medio november 2021 vastgesteld door de raad. Daarna gaan we graag samen met inwoners aan de slag met de wijkuitvoeringsplannen. In de wijkuitvoeringsplannen komt te staan hoe, wat en wanneer we over willen stappen van aardgas naar andere bronnen. Ook de kosten gaan we inzichtelijk maken en we zoeken samen met inwoners uit wat de meest betaalbare en haalbare opties zijn. Inwoners van een wijk waar we aan de slag gaan krijgen vanzelf een uitnodiging om met ons mee te denken. In Klapwijk zijn we al gestart met het opstellen van het wijkplan. In de wijk de Venen Rembrandtpark gaan we binnenkort ook aan de slag. De overige wijken in de gemeente Pijnacker-Nootdorp plannen we begin 2022 en verder in. De volgorde van de wijken bepalen we dan ook.

Stap 5

Stap 6

Stap 7

Stap 8

april en mei ‘21 Opgehaalde informatie uit participatie zijn verwerkt in CONCEPT Energietransitieplan

16 juni t/m 1 september ‘21 CONCEPT Energietransitieplan vrijgegeven aan inwoners voor zienswijze

augustus t/m oktober ‘21 Reacties uit zienswijze verwerken tot Energietransitieplan

november ‘21 Energietransitieplan wordt vastgesteld door de raad

Vervolgstappen vanaf januari 2022 Met het Energietransitieplan in de hand en samen met inwoners worden wijkuitvoeringsplannen en daarmee de uiteindelijke keuzes voor een duurzame warmtebron gemaakt. Definitieve wijkuitvoeringsplannen moeten opnieuw door de raad worden vastgesteld. Daarna wordt de overstap in de wijk voorbereid en kunnen inwoners overgaan op andere manieren van verwarmen.

25

Pijnacker-Nootdorp Energietransitieplan Datum

Toelichting Wilt u gebruik maken van DigiD?

Ja

Uw gegevens Burgerservicenummer Voornamen Tussenvoegsel(s) Achternaam Straatnaam Huisnummer Huisletter Huisnummertoevoeging Postcode Woonplaats Telefoonnummer E-mailadres

Gegevens zienswijze Reactie / Motivatie

Hierbij mijn commentaar en adviezen. graag zou ik een keer willen overleggen met de gene die dit document hebben geschreven.

Bijlage

R

Conceptnsitieplan-2021.pdf (3.1 MB)

Bijlage Bijlage

Pagina 1

25

CONCEPT Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

29 maart 2021

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

1

Registratienummer: Verantwoordelijke afdeling: Beleid Beleidsprogramma: Duurzaamheid en Veiligheid Portefeuillehouder: Frank Van Kuppeveld Opdrachtgever: Henk Hulswit Programmamanager: Erik Bulten Opstellers: Erik Bulten, Matthijs Beke, Ronald Berk Versie: 1.0

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

2

INHOUDSOPGAVE

Inhoudsopgave ....................................................................................

Voorwoord .......................................................................................

Samenvatting ..................................................................................... 1.

Inleiding ..........................................................................

1.1

Klimaatakkoord.......................................................................

1.2

Onze opgave en ambitie .................................................................

1.3

Randvoorwaarden en uitgangspunten ......................................................

1.4

Wat voorafging: de concept energiemix .................................................... 1

1.5

Opzet concept Energietransitieplan ......................................................... 1.6

2

Participatie en draagvlak .................................................................

Energietransitieplan in samenhang ....................................................... 2.1

Afstemming Omgevingsvisie ..............................................................

2.2

Warmte Samenwerking Oostland...........................................................

2.3

Regionale Energiestrategie (RES) ..........................................................

2.4

Wet Collectieve warmtevoorziening .........................................................

2.5

Onderzoek naar uitvoeringskosten .......................................................... 3

3.1

Koers warmte .......................................................................

Uitwerking van de koers warmte ...........................................................

3.1.1 Warmtevraag reduceren ............................................................... 3.1.2 3.1.3

Gebruik duurzame bronnen ...........................................................

Gebruik fossiele bronnen zo efficiënt mogelijk .................................... 18 3.1.4

3.2

Koop duurzame bronnen in ...........................................................

Achtergronden van de warmtekoers......................................................... 3.2.1

Toekomstige warmtevraag ............................................................ 3.3

3.4 3.4.1

De warmtemix ........................................................................

Transitievisie warmte ...................................................................

Energielabel als richting voor oplossing .............................................. 26 3.4.2

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

Bestaande analyses ................................................................. 3

3.4.3

Startstrategie ...........................................................................................................29

3.4.4

Realistische uitvoering...............................................................................................29

3.4.5

Collectieve warmtewijken ..........................................................................................32

3.4.6

WKO en/of LT warmtenet..........................................................................................34

3.4.7

Keuzebuurten ...........................................................................................................34 4 4.1

Koers Elektriciteit ....................................................................

Uitgangspunten van de koers elektriciteit .................................................. 36

4.1.1 Beperk de elektriciteitsvraag zoveel mogelijk ..................................................................36 4.1.2

Wek elektriciteit zoveel mogelijk lokaal en duurzaam op ..............................................37

4.1.3

Importeer de resterende elektriciteits-vraag duurzaam ................................................37

4.1.4

Met draagvlak ..........................................................................................................37 4.2

Achtergronden van de elektriciteitskoers .................................................. 3

4.2.1

Huidige Elektriciteitsvraag .........................................................................................37

4.2.2

Toekomstige elektriciteitsvraag ..................................................................................38 4.3

De elektriciteitsmix .....................................................................

5

Hoe verder .......................................................................... 5.1

5.2

Monitoring, sturing en verantwoording .....................................................4 5.3

5.4

Algemeen ...........................................................................

Uitvoeringsprogramma energie ............................................................

Bewustwordingstraject “Met Energie aan de Slag” en participatie .......................................48 5.5 5.6

Governance ..........................................................................

Financiering en haalbaarheid .............................................................. 5.7

Planning ............................................................................

BIJLAGEN .........................................................................................

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

4

VOORWOORD Hierbij mijn commentaar op het energie transitie plan. Alles staat in het Rood in de text aangegeven. Inleiding In het algemeen vind ik dat de text niet is geschreven met oogpunt op de burger. Er word nauwlijks gerefereerd naar de burger zelf. Eigelijk best vreemd omdat deze goep het volgens de overheid op moet pakken. Er zouden ook plannen moeten komen om burgers te begeleiden bij het verbeteren van hun huis ect. En nee de woonwijzerwinkel valt er bij mij niet onder. Daar heb ik zelf hele slechte ervaringen mee. Er wordt net in het rapport net gedaan of dat alles in een huis in een keer gedaan moet worden. Vanuit de ogen van de burger. Ik heb ook zo vrij geweest om mijn eigen ervaringen er in te vermelden. Dit omdat ik zelf ook het draagvak mis vanuit de overheid om mijn huis aantepassen en energie zuiniger te maken. Voorstel Om de Burger mee te krijgen stel ik is het volgende voor: Maak een informatie plan, ik denk dat als je goed comuniceerd je de burger meer mee krijgt in het proces en dat dit vanzelf vruchten afwerpt. Zat zelf de denken aan zoiets als 015Duurzaam dat al in Delft draait. Maar webinars en informatie bijeenkomste per wijk lijken mij ook een goede optie. Dit omdat de burger ziet dat zij er niet alleen voor staan. Met deze insteek zal het voor iedereen duidelijker zijn wat er individueel gedaan kan worden.

Kortom infomatie over een type wooning per wijk zodat de burgers kunnen zien wat kan en haalbaar is. Zo kan er een breeder draagvlak worden verkregen. De wijken worden in het algemeen gebouwt met standaard type huizen, meestal zijn dat er niet meer dan 10 die dan ook nog veel de zelfde details hebben. Wat het dus makelijk maakt. Ik zou er zelf vanuit gaan dat de bouwtekingen leiden zijn. Ik ben zelf heel techniesch en werk ook in een technische omgeving. Maar de meeste inwoners niet. Dus als er verteld kan worden door een onafhanelijk orgaan wat de mogelijk heden zijn wordt dit ook eerder opgenomen. Zo kan je ideeen aandragen.

Bijvoorbeeld: • Stappen plan voor Kleine aanpassingen die nauwlijks impact hebben op het budget maar wel voor een hoge besparing zorgen/wooncomfoor • Stappen plan voor kleine renovaties, Ga je verbouwen of een kamer renoveren. Neem dit gelijk mee. Zo is ook niet de inpact klein maar de besparing hoog • Stappen plan voor grote renovaties, Ga je verbouwen of een kamer renoveren. Neem dit gelijk mee. Zo is ook niet de inpact klein maar de besparing hoog • Budget /bouw coatch. Die kan helpen met het uitzoeken van de toe te passen producten. • Budget /bouw coatch. Speciaal voor monumenten. Aangezien er aardig wat monumenten in de gemeente staan is het handig om daar een speciaalist voor te hebben. Dit omdat er veel regels zijn op het behoud van deze bouwerken. • Maak een flowcharts met waar je allemaal terrecht kunt voor vragen en waardevolle informatie binnen en buiten de gemeente/overheid. Nu is het een weerwar van verschillende punten/locaties/afdelingen. Als dit nou eens gestroomlijnt zou worden wordt er een beter overzicht gemaakt. • Een aanspreekpunt, dit gaat eigelijk hand in hand met het vorige punt. Kortom een gezamelijke aanpak per huis type leverd meer op dan dat iedereen random van alles moet uitvinden dit kost veel tijd en energie, en daar zien de meesten juist tegenop.

Als er voorbeelden worden getoon van huizen met bepaalde systemen en ervaringen die daar bij horen denk ik dat de wilsbereidheid ook toe zal nemen. De meerderheid wil er op dit moment niets aan doen omdat de kennis ontbreekt en er te veel informatie komt van partijen die niet een onafhanelijk advies kunnen/willen geven en puur uit eigenbelang praten. Dit kan er voor zorgen dat er verkeerde informatie wordt verstrekt. Hierdoor ontstaat argwaan en wanttrouwen, dit werkt niet mee om iedereen te laten bewegen in de richting de de overheid heeft bepaald.

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

5

Het document: energietransitie Pijnacker-Nootdorp Er wordt in dit document veel gesproken over plannen, maar ook hier word helaas niet naar de haalbaarheid gekeken. Ik vind dat het document uit balans is. Er worden mooie plannen geschetst maar zijn deze wel haalbaar. Graag zou ik ook een hoofd stuk willen zien waar instaat wat er aan vooronderzoek is gedaan. Hier bedoel ik mee: Is er gekeken naar de pilot projecten waar in er een paar gemeentes in Nederland al een energie transitie hebben doorgemaakt. Ik krijg namelijk strek het idee dat Pijnacker Nootdorp het wiel opnieuwe wild uitvinden. Maar dat is niet nodig. Ik denk dat wij kunnen leren van de pilot projecten. Maar dan moet er wel gekeken worden naar de lessons learns. Zo vorkomt Pijnacker Nootdorp der zelfde fouten te maken EN kunnen middelen effiecenter owrden ingezet. Verder zou ik willen weten wat de belangen van de betrokken partijen zijn en hoe dit zicht tot elkaar verhoud. Zou ik graag meer onderzoek willen zien naar het volgende: Aantal huizen in Pijnacker Nootdorp <> Dit opsplitsen in bouwjaar en energie lable. Met het geschatte energie verbruik. Zo kunnen de burgers inzicht krijgen in de verhouding en de energie reductie die zij met een bepaalt huis zouden kunnen halen. Want het is nou eenmaal zo dat een huis uit 1850 geen lable A kan krijgen.

Dus ik zou voorstellen om aan te geven wat de verhouding is en haalbare energie besparing. Vragen in het algemeen • Is er een plan voor de burgers die het echt niet kunnen betalen. • Wat gebeurd er met burgers die niet mee werken • Zijn of komen er sancties voor burgers die niet mee werken • Hoe wordt er omgegaan met monumenten

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

6

VOORWOORD De energietransitie raakt iedereen binnen onze gemeente. De vanzelfsprekendheid dat er licht is of de CV-installatie aangaat als we een knop omzetten, is een groot goed. Dat willen we behouden. Energie in welke vorm dan ook is een basisbehoefte. De kern van de energietransitie is dat we het gebruik van energie terugdringen en dat de energie die we gebruiken, CO2 vrij is. Dat hoeft niet in één keer: de energietransitie is een transitie waarover we tot 2050 mogen doen. Stap voor stap dringen we de vraag terug en gebruiken we duurzamere alternatieven. De energietransitie is een van de grootste maatschappelijke opgaven waar we als Nederland op dit moment voor staan. In dit Energietransitieplan (lijkt mij meer een voorstel, voor een plan mis ik nog veel informatie) hebben we zo concreet mogelijk aangegeven hoe wij als gemeente de route tot 2050 willen gaan bewandelen. Met dit Energietransitieplan nemen we onze verantwoordelijkheid. Wij geven nu lokaal richting aan de invulling van de ambities voor onze gemeente. Zo houden we de regie op de transitie en blijven we in de positie om passende, integrale afwegingen te maken. Het werken aan de energietransitie is geen gemakkelijke opgave. Het is geen vanzelfsprekende transitie. De huidige energievoorziening is betaalbaar, betrouwbaar en veilig. Het is alleen niet duurzaam.

Dit betekent dat het alternatief minimaal aan deze voorwaarden moet voldoen om draagvlak te krijgen. We zien ook kansen. Onder de grond in Pijnacker-Nootdorp zit veel geothermie die onze woningen en glastuinbouw grotendeels kan verwarmen. De komst van WarmtelinQ maakt aansluiting op een regionaal warmtenet binnen handbereik. Ook zien we dat steeds meer woningen en bedrijven zelf door middel van zonnepanelen betaalbaar lokale elektriciteit opwekken. En voor inwoners die geen eigen dak hebben, legt de lokale energiecoöperatie op steeds grotere schaal collectief zonnepanelen op daken. Ook zien we dat inwoners gebruik maken van de gemeentelijke duurzaamheidslening om hun woningen te verduurzamen. Nieuwe wijken en bedrijventerreinen zijn al bijna energieneutraal. Dus de transitie is al ingezet, stap voor stap. Tegelijkertijd moeten we ook gaan versnellen (waarom?) om de doelen te bereiken. Daarom zijn extra collectieve maatregelen nodig. We zien echter dat we die versnelling nog niet goed kunnen inzetten. Niet alle randvoorwaarden zijn ingevuld. Middelen zijn schaars, de druk op decentrale overheden om de uitvoering van het Klimaatakkoord op te pakken is hoog en op elementen ontbreken passende instrumenten en wetgeving.

We blijven dan ook een appél doen op het Rijk om tot passende wet- en regelgeving te komen en werk te maken van de voorwaarden die door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten gesteld zijn aan deelname aan het Klimaatakkoord. Dit moet leiden tot een betaalbare, betrouwbare, veilige en schone energievoorziening voor iedereen in onze gemeente. De energietransitie doen we dus niet alleen. Zo’n grote opgave kan de gemeente simpelweg niet alleen. De komende tijd zal de gemeente samen met haar partners gaan werken aan de uitvoering van deze opgave. Ik hoop van harte dat we ons als bewoners, bedrijven en gemeente samen gaan inspannen en de schouders onder deze uitdaging gaan zetten in de komende jaren. Frank van Kuppeveld Wethouder Energietransitie

Concept Energietransitieplan Pijnacker-Nootdorp

7

SAMENVATTING De energietransitie raakt iedereen. Het Nationaal Klimaatakkoord en onze gemeentelijke ambities zijn helder. De doelstelling is om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Het jaar 2050 lijkt ver weg. Niemand zal beweren dat de energietransitie een eenvoudige opgave is. De opgave is groot, maar de stappen zullen klein zijn. Met de kennis van nu is een zo helder mogelijke visie voor 2050 neergelegd. Dit Energietransitieplan geeft de richting aan die we willen doorlopen. De kern van de energietransitie is: 1. 2. 3. 4.

het gebruik van energie terugdringen; duurzame energie lokaal opwekken; als dat niet gaat, duurzame energie uit de regio halen; zorgen voor draagvlak.

De energietransitie doen we niet alleen. De komende tijd zal de gemeente samen met haar partners gaan werken aan de uitvoering van de opgave. Kenmerkend voor een transitie is ook tegelijkertijd dat nog niet alle randvoorwaarden zijn ingevuld. Financiële middelen zijn beperkt (Als er nu al bekend is dat er teweinig geld is, dan is het lijkt mij handig om een budget plan te maken), de druk op gemeenten om de uitvoering van het Klimaatakkoord op te pakken is hoog en op elementen ontbreken passende instrumenten en wetgeving. We blijven dan ook een appél doen op het Rijk om tot passende wet- en regelgeving te komen. Dit moet leiden tot een betaalbare, betrouwbare, veilige en schone energievoorziening voor iedereen in onze gemeente. Koers warmte De eerste stap in de warmtetransitie is het reduceren van de warmtevraag. Diverse maatregelen zijn veelal eenvoudig te realiseren (voorbeelden, dit is wel heel erg kort samen gevat). Dit is mogelijk door middel van isolatie, luchtdicht maken van de woning, warmteterugwinning en betere warmteafgiftemiddelen. Goede isolatie en ventilatie zijn randvoorwaarden om gebouwen, op termijn, duurzaam en comfortabel te verwarmen. Daarnaast werken we stap voor stap aan het verduurzamen van de warmtevraag. Voor 2050 zetten we in op een warmtemix met geothermie en restwarmte voor de glastuinbouw en een warmtenet voor woonwijken.

Dit biedt de meeste garantie voor een robuuste, betaalbare, haalbare en eerlijke oplossing (wie heeft bepaald dat het een eerlijke en haalbare oplossing is?). Met de kennis van nu schatten we in dat maximaal 55-62,5% van de totale warmtevraag is in te vullen met lokale geothermie. Hiermee is ongeveer de gehele basislast van de warmtevraag in te vullen. Dit staat gelijk aan de huidige twee geothermiebronnen (wat zijn de kosten tot nu toe, en wat is de levensduur van deze installatie en wat zijn de problemen die er zijn geweest met ditt systeem tot nu toe. En boven alles, wat heeft het al gekost buiten de begroting)en nog twee van de vijf mogelijke bronnen in de gemeente. We zetten in op invulling van 20-25% van de warmtevraag door middel van restwarmte uit de regio. We kiezen voor een warmtemix van aardwarmte en restwarmte, waarbij aardwarmte het grootste deel van de warmtevraag invult. We rekenen erop dat de pieklast van 17,5-22% van de warmtevraag situationeel door middel van WKO, biogas, waterstof of andere individuele systemen op termijn is in te vullen. We creëren hiermee een duidelijke basis voor een robuust functionerend warmtenet dat is te voeden door meerdere bronnen en flexibiliteit geeft voor de afnemers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10673218/1