Bijlage 2 - Regiovisie Naar een Beschermd Thuis DWO-regio
Tekst van het document
Regiovisie Transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis en van Maatschappelijke Opvang naar Maatschappelijk Wonen 2022-2026 Delft, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Westland
Versie 10 oktober 2021
1
Inhoudsopgave 1.
Inleiding .................................................................................................................................................. 3
2.
Visie en ambities ..................................................................................................................................... 4
3.
Landelijke en regionale ontwikkelingen .................................................................................................. 8
4.
Waar staan we in de DWO-regio? ......................................................................................................... 11
5.
Inspanningen voor een Beschermd Thuis en ‘Een (t)huis een toekomst’ ............................................... 15
6.
Regionale Samenwerking ...................................................................................................................... 20
7.
Financiële paragraaf .............................................................................................................................. 21
8.
Vervolgstappen ..................................................................................................................................... 21
9.
Verantwoording .................................................................................................................................... 22
10.
Bijlagen............................................................................................................................................. 23
2
1. Inleiding Vanaf januari 2015 zijn alle gemeenten verantwoordelijk voor Beschermd Wonen, het bieden van zorg voor mensen met psychische en psychosociale problematiek die -tijdelijk- onvoldoende in staat zijn zichzelf te handhaven in de maatschappij (Wmo2015). Gemeenten werken hiervoor regionaal samen waarbij centrumgemeenten de rijksmiddelen voor deze taak ontvangen. In de DWO-regio, gevormd door de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp en Westland, is de gemeente Delft op dit moment de centrumgemeente voor Beschermd Wonen. Het bieden van Maatschappelijke Opvang, voor mensen die dak- of thuisloos zijn geworden, is sinds 2001 een centrum-gemeentelijke taak die eveneens bij de gemeente Delft is belegd. Wat voorafging De DWO-regio heeft in samenwerking met de zorgaanbieders en woningcorporaties een Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen 2017-2020 opgesteld. Daarin staan de visie en doelen beschreven en de wijze waarop de regio invulling geeft aan de taken Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Centraal in de visie van de DWO-regio staat de ambitie om inwoners, waaronder mensen met een psychische kwetsbaarheid en inwoners die om verschillende redenen dak- of thuisloos zijn geworden of dreigen te worden, zo goed mogelijk te ondersteunen op weg naar herstel in de eigen woonomgeving.
Of, als tijdelijk verblijf binnen Beschermd Wonen of de Maatschappelijke Opvang noodzakelijk is, hen te begeleiden bij herstel en duurzaam toe te leiden naar zelfstandig wonen, eventueel met ambulante begeleiding. Deze beleidsvisie is vertaald naar een Uitvoeringsplan in 2018 en een geactualiseerd Uitvoeringsplan 2019. In het Uitvoeringsplan is richting gegeven aan de uitvoering en de transformatie aan de hand van een aantal focuspunten. In bijlage 1 leest u een beknopte evaluatie van de inspanningen en behaalde resultaten uit het Uitvoeringsplan 2019. 1.1 Aanleiding voor Regiovisie 2022-2026 Vanaf 2022 wordt Beschermd Wonen verder gedecentraliseerd naar alle gemeenten, gevolgd door de decentralisatie van de financiële middelen vanaf 2023 met naar verwachting tegelijkertijd de invoering van een nieuw verdeelmodel. Hiermee wordt recht gedaan aan de verantwoordelijkheid die alle gemeenten voelen voor deze inwoners en krijgen zij meer mogelijkheden om dit aan te laten sluiten bij hun lokale structuur evenals de financiële middelen om dit te organiseren. Tegelijkertijd zal verblijf binnen Beschermd Wonen voorzieningen voor sommige mensen nodig blijven en blijft samenwerking van gemeenten nodig. Dit vraagt om een actualisatie van de regiovisie op de uitvoering en onderlinge samenwerking op bepaalde taken na de decentralisatie van Beschermd Wonen.
Maatschappelijke Opvang blijft in ieder geval tot en met 2026 een centrum-gemeentelijke taak. Omdat de transformatie ook voor deze doelgroep nagestreefd wordt, wordt de transformatie van Maatschappelijke Opvang naar Maatschappelijk Wonen in deze regiovisie eveneens meegenomen.
3
1.2 Doel Regiovisie 2022-2026 De komende jaren wordt, naast de doordecentralisatie van verantwoordelijkheden en middelen van Beschermd Wonen, de inhoudelijke transformatie gerealiseerd. Gemeenten en ketenpartners werken aan sociale inclusie voor iedereen. Dit houdt in dat begeleiding en ondersteuning zoveel mogelijk in woningen en wijken in de eigen sociale omgeving van mensen gebeurt en gericht is op herstel en zelfredzaamheid. De regionale intramurale voorzieningen Beschermd Wonen moeten transformeren naar lokale en extramurale woonvormen met zorg. Het accent komt te liggen op preventie, doorstroming en herstel en uitstroom naar zelfstandig wonen, al dan niet met bescherming ('Beschermd Thuis'). Voor die inwoners die dat nodig hebben zal een regionaal aanbod van (intramuraal) Beschermd Wonen beschikbaar blijven. Dit alles kan gerealiseerd worden door een goede ketensamenwerking tussen zorgpartijen en lokale infrastructuur. Deze inhoudelijke beweging wordt gestimuleerd door de gelijktijdige decentralisatie van financiële middelen en verschuiving van verantwoordelijkheid naar alle gemeenten. Hiermee ontstaat ook een nieuwe verhouding tussen Delft als voormalige centrumgemeente en de lokale gemeenten. De focus ligt op de transformatie van Beschermd Wonen, maar de vernieuwing van de Maatschappelijke Opvang maakt een vergelijkbare ontwikkeling door.
De regio volgt hierin de uitgangspunten van “Een (t)huis een toekomst”, om centrale nachtopvang te transformeren naar Maatschappelijk Wonen met eigen huisvesting voor mensen die dak- of thuisloos zijn geworden. Ons doel met deze regiovisie en de transformatie naar Beschermd Thuis en Maatschappelijk Wonen is: mensen ondersteunen om zo goed mogelijk, zo lang mogelijk en weer zo snel mogelijk thuis te laten wonen, met passende ondersteuning.
2. Visie en ambities De visie van de DWO-regio op de transformatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang is gestoeld op een aantal leidende visies voor ondersteuning en herstel van mensen met psychische problematiek en mensen die dak- of thuisloos zijn. Dat zijn de Toekomstvisie op Beschermd Wonen van de Commissie Dannenberg, de Herstelgedachte in de GGZ, de Juiste zorg op de juiste plek en Een (t)huis een toekomst. In bijlage 2 staan deze visies kort omschreven. 2.1 Visie Beschermd Wonen, Beschermd Thuis en Maatschappelijke Opvang van de DWO-regio Op 1 april 2021 zijn 229 mensen aangewezen op Beschermd Wonen en Beschermd Thuis en zo’n 140 mensen maken jaarlijks gebruik van de Maatschappelijke Opvang in de DWO-regio. Dit zijn mensen met uiteenlopende problematiek op diverse leefdomeinen en met verschillende achtergronden, maar velen bezitten ook herstelvermogen. Deze mensen, met ieder hun unieke situatie, willen we zoveel mogelijk de voorwaarden bieden om een eigen woonplek te hebben met zorg op maat, in de wijk. We bieden ondersteuning gericht op het vergroten van zelfredzaamheid en het versterken van participatie en kwaliteit van leven. Dit vormt de basis voor deelname aan de maatschappij en (verder) herstel.
Voor inwoners die een beroep moeten doen op een voorziening als Beschermd Wonen geldt dat zij, met de juiste randvoorwaarden in de wijk en ondersteuning aan huis, wellicht niet de overstap naar Beschermd Wonen hoeven maken en met begeleiding in hun eigen huis kunnen blijven wonen (Beschermd Thuis). Door te investeren in flexibel wonen en Housing First in de lokale gemeenten
4
willen we ook de opvang transformeren naar Maatschappelijk Wonen. De transformatie heeft een preventief doel: voorkomen dat mensen aangewezen raken op de intramurale vormen van ondersteuning. De gemeenten Westland, Pijnacker-Nootdorp, Midden-Delfland en Delft hebben vanuit de leidende visies en vanuit hun eigen lokale visies op het sociaal domein een gezamenlijke visie voor Beschermd Wonen, Beschermd Thuis en Maatschappelijke Opvang geformuleerd. •
Verreweg het grootste gedeelte van onze inwoners heeft de kracht en mogelijkheden om regie te hebben en te houden op hun eigen leven, om zelf hun leven in te richten, in samenspel met hun omgeving (gezin, familie, buurt, netwerk) en actief deel te nemen aan de samenleving.
•
Lokaal zetten gemeenten in op preventie GGZ en het voorkomen van dakloosheid
•
Om bij verminderde regie toch te zorgen voor voldoende autonomie en participatie zijn, naast passende zorg en ondersteuning, een goed sociaal klimaat en een goede infrastructuur van voorzieningen van groot belang. We zien de grote waarde van preventie en inzet op positieve gezondheid om te voorkomen dat mensen in kwetsbare situaties raken. Het hebben van (vrijwilligers-) werk is een vertrekpunt. Ook het stoppen met middelengebruik is een vertrekpunt.
•
We versterken lokaal de beschikbaarheid, spreiding van en variatie aan woonvormen met zorg in de vorm van Beschermd Thuis, waar mensen kunnen herstellen en werken aan zelfregie, ter voorkoming van instroom in Beschermd Wonen of Maatschappelijke Opvang.
•
Inwoners die desondanks Maatschappelijke Opvang of Beschermd Wonen nodig hebben, zijn extra kwetsbaar en hebben sterk verminderde regie. Zij kunnen niet (meer) zelfstandig thuis wonen en hebben (24 uurs) toezicht in nabijheid nodig. Dit zal regionaal beschikbaar blijven waarbij oog is voor de plaatsing van mensen met een vergelijkbare zorgvraag. In de Beschermd Wonen omgeving worden inwoners maximaal voorbereid op zelfstandig wonen. Hieraan stellen we eisen.
•
Opvang en Beschermd Wonen zijn een tijdelijke situatie waarbij gewerkt wordt aan stabilisatie, voorkomen van achteruitgang en vervolgens herstel en uitstroom. Iemand wordt zodra dit kan toegeleid naar Beschermd Thuis of naar (begeleid) zelfstandig wonen. Herstel is gericht op participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Normalisatie is ons vertrekpunt.
•
Mensen die permanent behoefte aan ondersteuning in een beschermde woonomgeving nodig hebben, worden toegeleid naar de Wlz.
•
Voor inwoners die uitstromen uit Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang, en voor mensen die Beschermd Thuis wonen of in andere vormen van wonen met zorg (Wlz, jeugdzorg, ouderenzorg) is sociale inclusie en het bieden van een vangnet in wijken belangrijk zodat alle inwoners prettig en veilig kunnen wonen.
5
2.3 Ambities Onze visie op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang leidt tot een viertal ambities. Met het realiseren van deze ambities bieden we goede ondersteuning aan de doelgroep die een beroep doet op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Hieronder beschrijven we deze ambities, waarna we in hoofdstuk 5 beschrijven welke concrete doelen en inspanningen we willen uitvoeren om deze ambities te realiseren. 1. Preventie, inclusie en positieve gezondheid Preventie: we voorkomen dat inwoners een beroep moeten doen op opvang en bescherming. Door voldoende woningen, passende dagbesteding, een goede signalering, ketenregie, vroegtijdig inzetten van ondersteuning, voorkomen van en snelle aanpak van schulden en voorkomen van huisuitzetting. Inclusie: we bouwen een samenleving waar iedereen ertoe doet en mee kan doen. Door te investeren in sociale netwerken en bewustwording. In een inclusieve samenleving waar iedereen gewoon mee kan doen en beschikt over de basisvoorwaarden zal de vraag naar zorg verminderen. Positieve gezondheid en normalisering: we benaderen inwoners vanuit hun talenten en kracht en niet vanuit hun beperking en of ziekte. Samen met de inwoners zelf versterken we wat hun leven betekenisvol maakt, waaronder kwaliteit van leven, dagelijks functioneren, mentaal welbevinden en zingeving. 2.
Ondersteuning in de woonomgeving We streven naar woonomgevingen waar inwoners zo normaal mogelijk kunnen functioneren en hun eigen leven vorm kunnen geven. Waar inwoners zoveel als mogelijk kunnen deelnemen aan de maatschappij en wonen op basis van “scheiden wonen en zorg”. Een deel van de cliënten zal na een verblijf in een intramurale setting kunnen doorstromen naar een veilige beschermende woonomgeving waar zij (ambulante) begeleiding krijgen om verder te herstellen voordat zij helemaal zelfstandig kunnen wonen. Andere cliënten zullen vanuit Beschermd Wonen direct kunnen uitstromen naar zelfstandig wonen en weer zelf de regie over hun leven voeren. We zorgen voor begeleiding die nabij is, ingeschakeld kan worden als nodig en die verbindingen legt met ondersteuners op andere levensdomeinen zodat er een steunend netwerk om de inwoners gebouwd wordt. Zodra inwoners weer zelfstandig (met begeleiding) kunnen wonen en deelnemen in de maatschappij, is het belangrijk dat zij snel een beroep op ondersteuning kunnen doen als terugval dreigt of dat terugval gesignaleerd wordt als zij zelf dat beroep niet kunnen/ willen doen. Deze zorg en ondersteuning dient als preventie voor terugval en als vangnet beschikbaar te zijn.
3. Tijdelijk beschermende omgeving voor wie dat nodig heeft Als inwoners tijdelijk een beroep moeten doen op opvang en bescherming, dan is deze gericht op stabilisatie en (psychisch en maatschappelijk) herstel, ontwikkeling en versterking van zelfredzaamheid en participatie zodat doorstroom van intramuraal naar extramuraal en/of naar lichtere vormen van ondersteuning kan plaatsvinden. Opvang is gericht op zo snel mogelijke doorstroom naar zo gewoon mogelijke huisvesting met persoonsgerichte begeleiding en duurzame uitstroom.
6
4. Integrale trajecten en innovatie Integrale trajecten: er wordt in de Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen gewerkt vanuit een integrale aanpak. Oplossingen worden door partners in samenwerking en ontschot tot stand gebracht. Cliënten zijn gebaat bij een sluitende zorgketen waarbij in samenhang aan hun psychisch en maatschappelijk herstel gewerkt wordt. Begeleiding zonder uitzicht op stabiliteit op andere levensdomeinen zoals huisvesting, inkomen, werk of dagbesteding, sociale netwerken of zingeving, leidt niet tot duurzaam herstel. Deze ondersteuning zal door meerdere partijen geboden kunnen worden, maar moet altijd samengebracht worden in een integraal hersteltraject. Innovatie: huidige werkwijzen hoeven niet de werkwijzen van de toekomst te zijn. Het ontwikkelen van nieuwe werkwijzen, hanteren van professionele standaarden en de inzet van techniek, leiden tot vernieuwing en verbetering van de ondersteuning waardoor meer cliënten in de toekomst zelfstandig(er) kunnen wonen. We willen normaliseren en werken vanuit het gedachtegoed van positieve gezondheid en kiezen daarbij voor een sociale benadering in plaats van een zorgbenadering.
2.4 Proces van ontwikkelen In deze Regiovisie formuleren gemeenten hun visie en ambitie op de transformatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang naar Beschermd Thuis en Maatschappelijk Wonen. Deze inhoudelijke transformatie, waar we al een aantal jaren gezamenlijk aan werken, wordt gestimuleerd door de aanstaande decentralisatie van Beschermd Wonen. Dit leidt tot nieuwe verhoudingen en wijze van samenwerken tussen de gemeenten en biedt kansen om het uitgangspunt “Lokaal wat lokaal kan” verder vorm te geven. Dit is een situatie waar we naar toe groeien en ook gaandeweg ondervinden tot hoever deze ondersteuning lokaal georganiseerd kan worden en wat we mogelijk regionaal moeten blijven organiseren en hoe we daarin samen optrekken. Dat is op het moment van schrijven van deze Regiovisie nog niet vastomlijnd. Ook kan dit er voor de verschillende gemeenten straks anders uit komen te zien, afhankelijk van lokale context en mogelijkheden. Het is dan ook een proces dat we nu gezamenlijk ingaan en gaandeweg ontwikkelen. Dit vanuit de gedeelde visie dat we de ondersteuning aan onze inwoners zo nabij en zo gewoon mogelijk willen organiseren zodat iedereen mee kan doen.
7
3. Landelijke en regionale ontwikkelingen Er zijn verschillende landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op de invulling en snelheid van de transformatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Daarnaast worden regionaal op aanpalende beleidsterreinen inspanningen verricht die effect hebben op en bij kunnen dragen aan de transformatie van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. We zijn bijvoorbeeld voor het realiseren van onze ambities afhankelijk van de resultaten op andere terreinen, denk aan de beschikbaarheid van voldoende woningen. In onderstaande tabel lichten we enkele landelijke en regionale ontwikkelingen en de relatie met deze Regiovisie toe. Ontwikkeling Actieprogramma Daken Thuisloze jongeren
Toelichting Het Actieprogramma streeft naar een verbeterende uitvoeringspraktijk met een forse vermindering van het aantal dak- en thuisloze jongeren (18-27 jaar) in Nederland tot gevolg. Nadrukkelijk wordt ingezet op het voorkomen van nieuwe dak- en thuisloze jongeren. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd: preventie, nazorg en regie, financiële bestaanszekerheid, persoonlijke ontwikkeling en scholing, opvang en wonen en helpende regels.1 In het regionale beleid voor Maatschappelijke Opvang worden dak- en thuisloze jongeren in beeld gehouden en worden diverse maatregelen specifiek op deze groep genomen; ook in de aanvraag voor vernieuwing maatschappelijke opvang is gekeken waar zwerfjongeren behoefte aan hebben. Zie hoofdstuk 5.
Vernieuwing Maatschappelijke Opvang n.a.v. Brede aanpak Dak- en Thuisloosheid
De aanpak van Dak- en Thuisloosheid ‘Een (t)huis, een toekomst’ is erop gericht dak- en thuisloze mensen zo snel mogelijk toe te leiden naar een passende woonplek (al dan niet met begeleiding). Er zijn drie thema’s: preventie, vernieuwing van de opvang en wonen met begeleiding. De ambitie van Een (t)huis, een toekomst is om uiterlijk eind 2021 10.000 extra woonplekken met passende begeleiding voor de doelgroep te realiseren.2 De DWO-regio neemt deel aan deze brede aanpak. In hoofdstuk 5 worden de activiteiten en maatregelen beschreven die de komende jaren hierop ondernomen worden om tot uitbreiding van het woningaanbod voor deze doelgroep te komen, o.a. in de vorm van flexwoningen.
Verdeelmodel Beschermd Wonen
Het budget voor Beschermd Wonen wordt nu nog via een historisch verdeelmodel aan de regio’s toegekend.3 Vanaf 2023 zal naar verwachting een objectief verdeelmodel ingevoerd worden. Op basis van de voorlopige cijfers van het nieuwe model dat binnenkort in consultatie gaat, zou de DWO-regio er in de jaren van het ingroeipad vanaf 2023 met 16% erop vooruitgaan (2,7 miljoen; van 16,2 miljoen naar 18,9 miljoen). Per 11-2021 zijn er in de DWO-regio 290.031 inwoners; dat zou een groei van het bedrag per inwoner van € 55,93 naar € 65,15 betekenen. Dit zijn slechts voorlopige cijfers omdat het verdeelmodel nog niet vastgesteld is.
1
Actieprogramma Dak- en Thuisloze jongeren 2019 – 2021. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, maart 2019 2 De aanpak van dak- en thuisloosheid – Een (t)huis, een toekomst. Kamerbrief, 3 juni 2020 3 Herziening financiële verhoudingen. Rijksoverheid, via https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiengemeenten-en-provincies/herziening-financiele-verhouding
8
Financiële decentralisatie Beschermd Wonen
De middelen voor Beschermd Wonen worden nu nog aan centrumgemeenten toegekend, maar zullen toegekend gaan worden aan alle individuele gemeenten. De middelen voor Maatschappelijke Opvang blijven in ieder geval tot en met 2026 via centrumgemeenten toegekend worden. Dat betekent dat vanaf 2023 alle gemeenten de middelen ontvangen voor nieuwe cliënten; de centrumgemeente ontvangt de middelen voor bestaande cliënten. In 8 jaar wordt het regionale budget herverdeeld. Het lokale budget wordt opgebouwd en het regionale budget afgebouwd
Wachtlijsten in de GGZ
Landelijk zijn er grote wachtlijsten in de GGZ, waardoor cliënten te lang moeten wachten tot zij behandeld kunnen worden. Hierdoor blijven inwoners langer thuis wonen, maar zonder de benodigde behandeling, zal hun problematiek verergeren. Er is ook een druk om het verblijf in de kliniek zo kort mogelijk te houden waarna cliënten die nog niet zelfstandig kunnen wonen tijdelijk eerst in Beschermd Wonen opgenomen worden. In de DWO-regio kan door o.a. GGZ Delfland aansluitend op behandeling in een kliniek Beschermd Wonen geboden worden totdat mensen genoeg hersteld zijn om door te stromen naar Beschermd Thuis of zelfstandig wonen.
Openstelling Wlz
Per 1 januari 2021 is de Wet langdurige zorg (Wlz) opengesteld voor mensen met GGZ-problematiek. Mensen die vanwege een psychische stoornis blijvend behoefte hebben aan permanent toezicht of 24 uur per dag zorg nabij, kunnen vanaf nu ook toegang krijgen tot de Wlz.4 De gemeenten zijn niet meer verantwoordelijk voor de zorg aan deze cliënten, maar wel voor inclusieve wijken voor deze inwoners. Vanuit de DWO-regio is zo’n 40% van de bestaande cliënten aangemeld voor de Wlz. Landelijk is er een veel hogere aanmelding gedaan dan verwacht waardoor het CIZ niet alle aanvragen voor 1 januari 2021 heeft kunnen afhandelen. Voor de regio zijn per 1-4-2021 nog 9 aanvragen in behandeling. Er is landelijk een uitname gedaan uit het budget voor Beschermd Wonen om deze Wlz zorg te bekostigen. Er volgt een nacalculatie van deze uitname in 2021 en 2022 op basis van werkelijk aantal cliënten per regio dat naar de Wlz over is gegaan.
Woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen
Het scenario woonplaatsbeginsel sluit aan op de breed ondersteunde toekomstvisie op BW van de commissie Dannenberg en beoogt een prikkel te geven voor het vormgeven van voldoende passende lokale of regionale ondersteuning. Uitgangspunt is dat de gemeente van herkomst van een cliënt de kosten gaat dragen van diens verblijf in Beschermd Wonen.5 Het wetsvoorstel Woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen zal naar verwachting per 1-1-2023 van kracht worden en zich richten op het woonplaatsbeginsel tussen regio’s. In de regionale samenwerkingsafspraken zal de regio vastleggen hoe het woonplaatsbeginsel binnen de regio toegepast wordt.
Langer en weer thuis wonen
In Delft hebben 14 partijen van zorgaanbieders, woningcorporaties en de gemeente met elkaar afspraken gemaakt om met elkaar langer en weer thuis
4
Openstelling wlz. Vereniging Nederlandse Gemeenten, via https://vng.nl/nieuws/openstelling-wlz-voor-ggzclienten-per-1-januari-2021 5 Invoering woonplaatsbeginsel, Vereniging Nederlandse Gemeenten, via https://vng.nl/nieuws/invoeringwoonplaatsbeginsel-beschermd-wonen
9
wonen mogelijk te maken. Dit houdt onder andere in afspraken over flatcoaches, vangnet in de wijk, afspraken rondom uitstroom van cliënten naar zelfstandige woningen en afspraken rondom bemoeizorg. Voor Beschermd Wonen zijn deze afspraken van belang om de transformatie naar Beschermd Thuis mogelijk te maken. Sterke en draagkrachtige wijken en buurten maken het makkelijker voor cliënten om succesvol weer thuis te gaan en of langer thuis te blijven wonen. Ervaringen en ideeën opgedaan in dit programma in Delft worden gedeeld in de DWO-regio. Een voorbeeld hiervan is het convenant Huisvesting Zorgafhankelijke Groepen. Daarnaast zijn alle vier de gemeenten en regionale woningcorporaties betrokken bij de Ontwikkeltafel Beschermd Wonen dat een onderdeel is van Langer & Weer Thuis. De beschikbaarheid van voldoende geschikte woningen, niet alleen voor cliënten Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang, maar ook voor andere doelgroepen is hierbij een doorslaggevende factor. In hoeverre huidige woningen geschikt gemaakt kunnen worden of de woningvoorraad uitgebreid kan worden, is van invloed op de beweging. Afspraken uitstroom uit instellingen regio Haaglanden
Op het gebied van wonen werken 10 gemeenten in Haaglanden samen. Momenteel worden daar afspraken gemaakt over de huisvesting van cliënten die uit instellingen (jeugd, Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen) uitstromen. Deze uitstroom vindt nu nog vooral plaats in de twee centrumgemeenten Den Haag en Delft. Er is een nieuwe verdeling voorgesteld op basis van de herkomst van cliënten. Daarbij worden gesprekken gevoerd met alle regionale woningcorporaties om afspraken te maken rondom de uitstroom. Binnen de DWO-regio wordt gekeken hoe het convenant Huisvesting Zorgafhankelijke Groepen ook regionaal toegepast kan worden zodat uitstroom volgens gelijke afspraken gaat en het makkelijker is voor cliënten om uit te stromen naar hun gemeente van herkomst. Een belangrijke risicofactor is de beschikbaarheid van voldoende geschikte woningen. Daarnaast heeft de gemeente Delft middelen van het Rijk gekregen die kunnen worden ingezet in de regiogemeenten om de huisvesting van kwetsbare doelgroepen te stimuleren. Denk hierbij aan flexwoningen.
10
4. Waar staan we in de DWO-regio? 4.1 Aanbod en aantallen Beschermd Wonen en Beschermd Thuis Het zorgaanbod bestaat momenteel uit de volgende zorgproducten: Beschermd Wonen (met 24 uurs toezicht en begeleiding) en Beschermd Thuis (individueel of geclusterd).
beschermd wonen •24/7 toezicht op locatie •gepland en ongeplande ondersteuning •begeleiding gericht op herstel •tijdelijk •geen scheiding wonen en zorg
•
beschermd thuis plus: geclusterd
beschermd thuis basis: gespikkeld
•toezicht en ondersteuning nabij en kan 24/7 ingeroepen worden •ondersteuning vindt merendeels gepland plaats, maar kan ook ongepland 24/7 ingeroepen worden •geclusterd wonen om toezicht nabij te organiseren en onderlinge steun/ community wonen te bieden •scheiding wonen en zorg
•toezicht en ondersteuning op afstand; maar kan binnen 30 minuten ter plaatse zijn •ondersteuning vindt bijna uitsluitend gepland plaats •scheiding wonen en zorg •volgende stap is begeleid zelfstandig wonen
Beschermd Wonen
Beschermd Wonen omvat het wonen en ontvangen van zorg in een (groeps)accommodatie van een aanbieder waarbij 24/7 begeleiding en toezicht beschikbaar is. Dit is intramurale zorg. De zorgvraag is dusdanig dat er 24/7 zorg en toezicht nodig is zodat deze zorg ongepland geboden kan worden en de veiligheid van de cliënt (en andere bewoners) gewaarborgd is. • •
Beschermd Thuis Basis Beschermd Thuis Plus (geclusterd)
Beschermd Thuis is een lichtere variant van Beschermd Wonen waarbij de cliënt zijn hulpvraag kan benoemen en enige tijd kan uitstellen zodat er geen 24/7 toezicht en begeleiding ter plekke nodig is, maar nog wel 24/7 oproepbaar is. Zolang ongeplande zorg nodig is, blijft Beschermd Thuis beschikbaar; zodra dat niet meer nodig is kan een cliënt doorstromen naar zelfstandig wonen met ambulante begeleiding (BGI). Bij Beschermd Thuis zijn wonen en zorg gescheiden. Deze woningen kunnen zowel geclusterd als gespikkeld worden aangeboden. Beschermd Thuis wordt in alle regiogemeenten opgebouwd in samenhang met de lokale ondersteuningsstructuur en in samenwerking met de andere partijen. Door de samenhang met lokale partijen, ondersteuning op alle leefgebieden én de investering in een vangnet in de wijk, kunnen cliënten goed opgevangen worden in de wijken, waarbij het helder is waar buren en naasten terecht kunnen als ze zich zorgen maken of overlast ervaren.
11
Zorgpartijen Beschermd Wonen en Beschermd Thuis Voor deze zorg zijn 14 zorgaanbieders gecontracteerd. Hiervan zijn vijf aanbieders van Beschermd Wonen sinds 2015 in deze regio actief. De overige aanbieders zijn per 2020 gecontracteerd. Vanaf januari 2021 zijn er nog drie zorgaanbieders gecontracteerd middels Open House inschrijving. Er is een aantal aanbieders met veel cliënten en ook een aantal aanbieders die wel gecontracteerd zijn, maar waar nu geen cliënten verblijven. Er is een aantal aanbieders die specifieke doelgroepen bedienen zoals jonge moeders, jongeren met een autisme stoornis of ex-verslaafden. Er zijn ook aanbieders die een bredere doelgroep bedienen of aanbieders met een specifiek productaanbod zoals Housing First. Aantal cliënten in Beschermd Wonen en Beschermd Thuis In de regio streven we naar een dekkend zorg-en ondersteuningsaanbod, passend bij de doelgroep. De samenstelling en omvang van de doelgroep verandert. In 2020 zijn dan alle cliënten geherindiceerd om de actuele zorgbehoefte vast te stellen en als voorbereiding op toeleiding naar de Wlz . Per 1-4-2021 geplaatste cliënten Beschermd Wonen en Beschermd Thuis Beschermd wonen Totaal
Waarvan op wachtlijst:
Waarvan BT worden:
Beschermd Thuis Basis
72
2
0
Beschermd Thuis Plus
31
4
0
Beschermd Wonen Basis
86
13
52
Beschermd Wonen Plus
31
8
4
Totaal
220
Totaal Oude indicaties - totaal
9
Wlz aanvragen
9
Waarvan op wachtlijst:
Waarvan BT worden: 0
0
Woonplaats Woonplaats
Aantal cliënten
BW
BT
Delft Westland Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Buiten de regio Totaal
164 38 7 13 7 229
88 23
68 14 7 10 4 103
3 3 117
Wlz aanvraag in behandeling 8 1
9
Per 2021 is de Wet langdurige zorg (Wlz) opengesteld voor cliënten met ggz- problematiek. De verwachting was dat een derde van de bestaande cliënten van Beschermd Wonen in aanmerking zou komen voor een langdurige indicatie Wlz voor verblijf in Wlz- Beschermd Wonen (Let wel: met een Wlz indicatie kun je ook thuis ondersteuning ontvangen, dit hoeft niet altijd in een intramurale setting te zijn). Voor onze regio geldt dat zo’n 152 cliënten zijn overgegaan naar de Wlz. Voor 9 cliënten is de herindicatie nog lopende. In totaal gaat bijna 42 % van de cliënten BW uit 2020 over naar de Wlz vanaf 2021.
12
De verwachting was tevens dat een derde van de Beschermd Wonen cliënten naar een lichtere vorm van Beschermd Thuis zou kunnen doorstromen. Bij de herindicaties hebben nu 103 cliënten op grond van hun zorgbehoefte een indicatie voor de lichtere vormen Beschermd Thuis Basis en Beschermd Thuis Plus (geclusterd wonen) gekregen en zijn ook op een passende plek geplaatst. Er zijn momenteel 117 cliënten met een Beschermd Wonen indicatie. Hiervan kunnen nog 56 mensen doorstromen naar Beschermd Thuis plekken zodra die beschikbaar zijn. Als die cliënten van Beschermd Wonen doorstromen naar Beschermd Thuis, blijven er 61 cliënten die qua zorg een Beschermd Wonen plek nodig hebben met 24 uurs toezicht en begeleiding. NB dit is de stand van april 2021. We zullen de komende jaren zien of het aantal cliënten dat een beroep op Beschermd Wonen moet doen weer stijgt of zal stabiliseren op dit niveau. Door deze recente wijzigingen in het cliëntenbestand en met de komst van nieuwe aanbieders verandert het zorglandschap. In overleg met de huidige gecontracteerde aanbieders zal de komende jaren tot de meest passende plaatsing en tot de gewenste spreiding gekomen moeten worden. De ervaringen die nu opgedaan worden met de nieuwe zorgproducten leiden tot inzichten voor doorontwikkeling van de zorgproducten.
Dat gecombineerd met de verandering van de doelgroep en de decentralisatie van Beschermd Wonen naar alle gemeenten zal tot een verdere verandering van ons zorglandschap leiden. Een zorglandschap met ondersteuningsaanbod dat past bij de zorgbehoeften van cliënten, expertise van de aanbieders en de mogelijkheden van de verschillende gemeenten.
4.2 Aanbod en aantallen Maatschappelijke Opvang en Maatschappelijk Wonen Mensen die dak- of thuisloos worden en zich melden voor opvang in de DWO-regio kunnen naar verschillende voorzieningen verwezen worden. Op dit moment bevindt het merendeel van deze voorzieningen zich in de centrumgemeente Delft. •
Nachtopvang Individuele daklozen starten afhankelijk van de wachtlijst op de doorstroomvoorzieningen, in de (kleinschalige) nachtopvang. Vanuit de nachtopvang stroomt men door naar de individuele doorstroomvoorziening in de vorm van individuele appartementen Sociaal Pension (meervoudige problematiek), Short Stay (enkelvoudige/voornamelijk economische problematiek individuele appartementen) of naar Beschermd Wonen. Al deze voorzieningen hebben ook woningen speciaal voor zwerfjongeren.
•
Gezinsopvang Voor de dakloze gezinnen zijn er 17 doorstroomwoningen in de vorm van de gezinsopvang. Gezinnen komen sowieso niet in de nachtopvang terecht. Voor hen is er crisisopvang in Terneuzen. Indien daar bij uitzondering geen plek is, zal er altijd maatwerk worden toegepast waarbij het belang van het kind/kinderen voorop staat. Bij de gezinsopvang wordt er gestreefd naar een verblijfsperiode van maximaal 12 maanden. Hierna stromen zij uit op de reguliere woningmarkt.
•
Short stay De Short Stay is een doorstroomvoorziening specifiek voor economische daklozen die de mogelijkheid hebben en ondersteuning ontvangen om binnen maximaal 1,5 jaar weer zelfstandig verder te kunnen en dan stromen ze uit naar de reguliere woningmarkt. De doelgroep van de Short Stay staat heel dicht op zelfredzaamheid.
13
•
Sociaal pension Het Sociaal pension omvat 12 individuele woningen door Delft en 12 individuele kamers naast de nachtopvang. De sociaal pension bewoner heeft multi-problematiek, maar in een minder ernstige mate dan wanneer Beschermd Wonen is geïndiceerd. Voor deze woonvorm geldt een streven van een verblijfsduur van maximaal 24 maanden, waarna mensen uitstromen naar de reguliere woningmarkt.
De aantallen mensen die zich melden bij het daklozenloket en de afhandeling van hun meldingen is al enkele jaren redelijk stabiel. De gegevens over 2020 zijn als volgt: Delft MD PN WL < 23 > 23 jr < 23 jr > 23 jr < 23 jr > 23 jr < 23 jr jr Totaal 173 klantcon -tacten
1206
0
7
11
Gezinsmeldingen aantal gesprekken Unieke gezinnen
20
Van elders <23 >23
212
70
525
Totaal Leeftijd onbeken d 9 2294 274 < 23 2011 >23 9 onbekend
214 76
Delft < 23 > 23 jr jr Geen toestemming om gebruik te maken van postadres en opvang Wel toestemming om gebruik 17 te maken van postadres en opvang
61
> 23 jr
MD < 23 jr
PN > 23 jr < 23 jr
WL > 23 jr < 23 jr
Totaal > 23 jr 245
103
0
1
4
10
0
20
179
14
5. Inspanningen voor een Beschermd Thuis en ‘Een (t)huis een toekomst’ 5.1 Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis Ambitie 1: Preventie, inclusie en positieve gezondheid
Doelen/inspanningen die hiervoor ontwikkeld worden: • • • • • • •
• •
•
Iedere gemeente heeft preventieve voorzieningen passend bij de schaalgrootte en behoefte van inwoners. Cliënten die zelfstandig gaan wonen worden gesteund in de opbouw van een eigen sociaal netwerk. In elke gemeente wordt gewerkt aan het realiseren van een vangnet in de wijk en wordt gezorgd voor een plek waar signalen neergelegd kunnen worden als buurtbewoners zich zorgen maken of overlast ervaren. Er wordt geïnvesteerd in de samenwerking van zorgaanbieders met algemene voorzieningen en informele netwerken. Het welzijnsaanbod wordt aangesloten op de behoefte en vraag van GGZ-cliënten, maar ook wordt geïnvesteerd in het ondersteunen van mantelzorgers van GGZ-cliënten en beter benutten van het sociale netwerk. Er wordt gewerkt aan een prettig leefklimaat in de wijken en geïnvesteerd in voorlichting over en bewustwordingsprocessen rond GGZ in de wijk. Er kan ondersteuning door onafhankelijke cliëntondersteuning en inzet van ervaringsdeskundigen ingeroepen worden. Er wordt samenwerking gezocht met algemene voorzieningen om vroegtijdig schuldenproblematiek, laaggeletterdheid en LVB-problematiek te signaleren en bespreekbaar te maken zodat inwoners met deze problematiek sneller om hulp durven te vragen.
Er wordt gewerkt aan preventie en alternatieve vormen van schuldhulpverlening, budgetbeheer en vergroten van digitale en leesvaardigheden zodat sneller en laagdrempeliger hulp geboden kan worden. Huisuitzettingen ten gevolge van huurschulden worden zoveel mogelijk voorkomen door hier preventief op in te zetten en afspraken te maken met woningcorporaties.
Wat is het resultaat dat in 2026 behaald moet zijn? Inwoners die GGZ-problematiek ervaren, kunnen een beroep doen op preventieve voorzieningen en lichte ondersteuning zodat zij zo lang mogelijk en goed mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Inwoners die GGZ problematiek ervaren, hebben passend (vrijwilligers) werk/dagbesteding. Na uitstroom uit een intramurale voorziening wordt een cliënt/inwoner opgevangen in de wijk, kan daar meedoen aan algemene voorzieningen en voelt zich welkom in zijn/haar woonomgeving. Inwoners kunnen en durven hulp te vragen.
15
Ambitie 2: Ondersteuning in de woonomgeving
Doelen/inspanningen die hiervoor ontwikkeld worden: • • • • • •
Er wordt een zorg- en ondersteuningsinfrastructuur in de wijk gebouwd voor cliënten met ggzproblematiek en een sluitend netwerk van signalering, vangnet en bemoeizorg. Ambulante begeleiding, inloopvoorzieningen, welzijnsvoorzieningen en netwerkversterking worden lokaal georganiseerd. Werken aan ketensamenwerking zodat partners elkaar kunnen vinden en zij samenwerken om efficiënt de passende zorg te kunnen leveren. Het aantal beschikbare woningen met zorg wordt in balans gebracht met de vraag naar deze woonvoorzieningen. Realiseren van flexwoningen in de gemeenten zodat mensen binnen 1,5 jaar kunnen uitstromen naar de reguliere woningmarkt Starten met Housing First zodat dak- en thuislozen direct een start met herstel binnen een eigen huis kunnen maken.
Wat is het resultaat dat in 2026 behaald moet zijn? Er is een lokale zorg- en ondersteuningsinfrastructuur in de wijk beschikbaar en toegankelijk voor inwoners waar GGZ-kennis geïntegreerd is. Inwoners kunnen gebruik maken van de ondersteuning waar zij behoefte aan hebben in kader van hun herstel. Er is een aanbod aan flexwoningen,(tijdelijke, kleine en betaalbare woningen, o.a. tiny houses) zodat mensen nabij kunnen herstellen en weer uitstromen naar de reguliere woningmarkt.
Ambitie 3: tijdelijk beschermende omgeving wie dat nodig heeft
Doelen/inspanningen die hiervoor ontwikkeld worden: • • • • • • • • •
Opbouwen van GGZ-kennis bij gemeenten, toegangen/sociale wijkteams en lokale voorzieningen. De lokale toegang wordt het eerste loket waar inwoners hun ondersteuningsvraag stellen; als zwaardere zorg in de vorm van Beschermd Wonen of Maatschappelijke Opvang nodig is, wordt de regionale toegang betrokken. De samenwerking tussen lokale toegangen en de regionale toegangsorganisatie voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang vormgeven. Binnen de gemeenten worden de verschillende lokale toegangen met elkaar verbonden: Werk en Inkomen, Maatschappelijk Team en Wmo. Lokale gemeenten bouwen een aanbod van Beschermd Thuis op en stemmen regionaal af zodat een variatie in woonvormen ontstaat. Gemeenten maken afspraken met de zorgaanbieders en woningbouwcorporaties over de uitstroom van en woningen voor cliënten uit instellingen. Passende woonvoorzieningen creëren voor jongeren (18 – 24 jaar) Realiseren van terugval- of time-outvoorzieningen voor cliënten/inwoners zodat zorg naar behoefte snel op- en afgeschaald kan worden. Monitoren van huidige zorgproducten en zorgaanbieders ten behoeve van nieuwe inkoop Beschermd Thuis en Beschermd Wonen (per 2023).
16
•
Waar nodig bovenregionaal samenwerken met andere regio’s om specialistisch aanbod van Beschermd Wonen beschikbaar te houden binnen het zorglandschap.
Wat is het resultaat dat in 2026 behaald moet zijn? Er is een samenwerking tussen lokale toegangen en de regionale toegangsorganisatie vorm gegeven, passend bij de nieuwe verhoudingen, om cliënten zonder drempels door te kunnen verwijzen, met een warme overdracht en benutting van elkaars expertise. Zowel de lokale toegangen als de regionale toegang zijn toegerust qua kennis en capaciteit voor deze nieuwe rol en taak. Cliënten uit intramurale voorzieningen kunnen binnen aanvaardbare tijd doorstromen naar Beschermd Thuis of zelfstandig wonen (met begeleiding) in hun herkomstgemeente. Regionaal blijft een passend aanbod van intramuraal Beschermd Wonen beschikbaar.
Ambitie 4: integrale trajecten en innovatie
Doelen/inspanningen die hiervoor ontwikkeld worden: •
• • • •
Voor iedere cliënt wordt in het ondersteuningsplan het perspectief op werk, vrijwilligerswerk, opleiding of dagbesteding bepaald en vervolgens wordt de cliënt daar naartoe begeleid. (Vrijwilligers-)werk en opleiding zijn hierbij voorliggend op dagbesteding binnen Beschermd Wonen of Maatschappelijke Opvang. Samenwerking starten tussen onderwijs, zorg en arbeid zodat cliënten toegeleid kunnen worden naar opleiding of duurzame werk- of dagbestedingsplekken. Er wordt ondersteuning geboden bij het oplossen van financiële problematiek, schulphulpverlening en/of het ontbreken van inkomen. We sluiten aan bij nieuwe inzichten in het ondersteunen van inwoners die onvoldoende zelfregie ervaren, zoals de inzichten uit positieve gezondheid, mobility mentoring en het inzetten van e-health en begeleiding op afstand. We ontwikkelen nieuwe woonvormen in de regiogemeenten om tot een passend aanbod voor zelfstandig wonen met begeleiding voor onze inwoners met een zorgvraag te komen.
Wat is het resultaat dat in 2026 behaald moet zijn? Cliënten zitten op de best passende plek qua werk, opleiding of dagbesteding zoals is bepaald in het ondersteuningsplan. Er is een goede samenwerking tussen en over domeinen zorg, onderwijs en arbeid heen om cliënten toe te leiden naar onderwijs en werk. Er zijn voldoende beschutte werkplekken om ook zorg te dragen voor de continuïteit van werk en dagbesteding. Cliënten worden begeleid in het financieel zelfstandig worden, het hebben van een inkomen en het oplossen van problematische schulden. We hebben een aanbod van nieuwe woonvormen gerealiseerd waar cliënten kunnen wonen met ondersteuning/zorg.
17
5.2 Actieplan ’Een (t)huis een toekomst’ Delft is al lang de centrumgemeente voor Maatschappelijke Opvang van de DWO-regio. Het aantal daklozen dat opvang en begeleiding ontvangt, ligt de afgelopen jaren rond de 140 en blijft redelijk stabiel. Er wordt gewerkt aan integrale ondersteuning op het gebied van huisvesting, inkomen en begeleiding. Dit gebeurt binnen verschillende voorzieningen waar cliënten afhankelijk van hun zorgvraag en mate van zelfregie kortere of langere tijd verblijven voordat zij doorstromen of uitstromen naar de reguliere woningmarkt. De voorzieningen zijn momenteel voornamelijk in Delft, maar het streven is om meer preventieve en lichte opvangvoorzieningen gespreid over de regio te realiseren. Omdat de uitstroom bemoeilijkt wordt door het gebrek aan woonruimte in de regio, wordt een plan van aanpak gemaakt samen met regiogemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders om hierop te investeren. Dat gebeurt onder andere door afspraken te maken over het met voorrang toewijzen van vrijkomende woonruimte aan de doelgroep. En dat gebeurt via afspraken over het passend laten wonen van kwetsbare doelgroepen met woonzorgbegeleiding op maat. Om een extra impuls te geven wordt de komende jaren gewerkt aan een drietal thema’s om dak- en thuisloosheid te verminderen en om van Maatschappelijke Opvang naar maatschappelijk wonen te transformeren.
Centrumgemeente Delft zet in op het terugbrengen van het aantal daklozen door preventie juist in de gemeenten in de regio en door- en uitstroom naar flexwoningen om het volume in de opvang omlaag te brengen. De nachtopvang in Delft is nu reeds relatief kleinschalig. Toch willen we er naartoe dat de resterende nachtopvang nog kleiner wordt, bij voorkeur met eenpersoonskamers. Streven is om dit in 2022 te realiseren. Daarvoor zetten we in op de volgende maatregelen: Thema 1: Preventie • Inzet ervaringsdeskundigen We gaan i.s.m. cliëntorganisaties, ervaringsdeskundigen en de regiogemeenten onderzoeken waar nog meer kansen liggen in goede begeleiding van de doelgroep. Daarbij zijn we aan het verkennen hoe we ervaringsdeskundigen kunnen inzetten. • Bemoeizorg Tevens gaan we met woningbouwcorporaties, welzijnsinstellingen en zorginstellingen gezamenlijk een convenant bemoeizorg opstellen. Daarmee zetten we de stap om inwoners die zorg mijden op te sporen en te begeleiden. Dit is een risicogroep om dakloos te worden. • Jongereninformatiepunt Ervaringsdeskundigen en bemoeizorg zijn preventieve voorzieningen die in de hele regio opgebouwd moeten worden. Voor zwerfjongeren die juist naar de stad trekken, gaan we in Delft een voorziening realiseren voor zwerfjongeren uit de regio.
We gaan inzetten op een voorziening specifiek gericht op laagdrempelige, onafhankelijke en professionele dienstverlening voor (dreigende zwerf-) jongeren. Deze voorziening wordt nog gemist in ons aanbod; de drempel om aan te kloppen bij de gemeente is voor veel (dreigende) zwerfjongeren te hoog. We willen daarom graag een Jongeren Informatie Punt in Delft. Deze laagdrempelige voorziening zorgt ervoor dat deze jongeren eerder aankloppen met (dreigende) problematiek, waardoor eerder hulp kan worden ingezet. Daar waar de aanloop/vindbaarheid het grootst is, zal het JIP zich vestigen.
18
Thema 2: Vernieuwing van de opvang • Eenpersoonskamers in de nachtopvang Stichting Perspektief, de organisatie die de Maatschappelijke Opvang op dit moment uitvoert, heeft een plan uitgewerkt om de nachtopvang te transformeren naar een kleinschalige nachtopvang waar iedere dakloze zijn eigen kamer heeft. De realisatie hiervan is mede afhankelijk van afbouw van het aantal daklozen. Deze afbouw willen wij realiseren door in te zetten op extra huisvesting voor inwoners die een huis nodig hebben in de vorm van flexwoningen. • Housing First We willen er naartoe dat iedereen direct een eigen huis krijgt en van daaruit start met begeleiding naar een zo zelfredzaam mogelijk terugkeer in de maatschappij. We willen gaan starten met 15 plekken voor Housing First in flexwoningen. Housing First is een nieuw zorgproduct en zal na het eerste jaar structureel worden opgenomen in het gemeentelijk zorgaanbod. Met het oog op de toekomstige doordecentralisatie van de Maatschappelijke Opvang zullen we Housing First zo goed mogelijk spreiden over Delft en de regiogemeenten. • Huisvesting voor inwoners die uitstromen uit instellingen en detentie Door de inzet van 10 flexwoningen willen we voorkomen dat cliënten uit instituties zoals GGZinstellingen, jeugdinstellingen of detentie op straat komen te staan en dakloos raken.
Door middel van het aanbieden van dergelijke doorstroomwoningen met begeleiding willen we deze inwoners een goede start geven en van daaruit toewerken naar zelfstandigheid en uitstroom naar de reguliere woningmarkt. Deze flexwoningen kunnen ingezet worden als onderdeel van de prestatieafspraken die gemeenten met woningcorporaties maken over het jaarlijks beschikbaar stellen van een aantal woningen voor cliënten die doorstromen uit intramurale instellingen. • Vergroten van de short stay capaciteit Op dit moment is niet te voorspellen of de Corona-pandemie gaat leiden tot economische krimp en of dit zal leiden tot een toename in het aantal economische daklozen. In ieder geval willen we economisch daklozen zo spoedig mogelijk passende opvang en begeleiding bieden, liefst binnen de eigen gemeente. Dit om te voorkomen dat ze verder afglijden en als een soort springplank om weer snel zelf verder te kunnen. In Delft is zo’n voorziening in de vorm van Short Stay. De Short Stay is een doorstroomvoorziening specifiek voor economische daklozen die de mogelijkheid en ondersteuning ontvangen om binnen maximaal 1,5 jaar weer zelfstandig verder te kunnen en stromen dan uit naar de reguliere woningmarkt. Van de Short Stay maken nu 34 cliënten gebruik en er is een wachtlijst.
Er is behoefte aan 15 extra plekken Short Stay, die wij in flexwoningen ook in de regio willen realiseren, gezien de beperkt beschikbare woningvoorraad. Thema 3: Wonen met begeleiding • Passende (arbeidsmatige) dagbesteding en werk De focus komt meer op werk te liggen. Cliënten die verblijven in de Maatschappelijke Opvang, hebben behoefte aan structuur en een zinvolle dagbesteding. Alle cliënten zouden als onderdeel van hun hersteltraject toegeleid moeten worden naar dagbesteding, opleiding of werk. Dit in gezamenlijkheid met de sociale dienst en de sociale werkvoorzieningen. • Pilots ’Vangnet in de Wijk’ in de regio Doelstelling is om inwoners beter in de wijk te laten landen op een plek met begeleiding die recht doet aan hun problematiek. Dit ter bevordering van de sociale inclusie. Hierbij wordt gesteld dat de aanwezigheid van netwerken van wijkpartners en bewoners in de wijken een voorwaarde is. Om hier vorm aan te geven is in de gemeente Delft het project ‘Vangnet in de Wijk’ gestart in 2 wijken als pilot. Dit is een samenwerking tussen buurtbewoners en partners op het gebied van wonen, zorg & welzijn
19
en veiligheid. Met Vangnet in de Wijk wordt ingezet op het organiseren van vroegsignalering en het faciliteren van een laagdrempelig punt in een buurt waar bewoners onder andere signalen kunnen neerleggen zoals zorgmijdend gedrag, GGZ-problematiek of tekenen van dementie. De aandachtspunten en leerervaringen die in deze pilot opgedaan zijn, zouden ook in de andere gemeenten moeten worden geregeld om daar een zachte landing voor mensen die doorstromen naar Beschermd Thuis, flexwoningen en Housing First te bieden, zowel voor de nieuwe bewoners als de daar reeds langer wonende buurtbewoners.
6. Regionale Samenwerking De DWO-regio werkt al lange tijd samen op de taken van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. De bestuurders van de regio hebben aangegeven deze samenwerking ook na de decentralisatie van Beschermd Wonen te willen voortzetten. De samenwerking richt zich de komende jaren ook op de vorming van nieuwe verhoudingen tussen de huidige centrumgemeente en de andere gemeenten in de regio naar gelijkwaardige samenwerking. Hoewel er meer ingezet wordt op de lokale uitvoering en het opbouwen van beschermd thuis lokaal, blijven er taken die de gemeenten met elkaar op regionaal niveau dienen op te pakken. De gemeenten hebben met elkaar nadere afspraken gemaakt over hoe deze taken uitgevoerd worden in de periode 2022-2026. Voorbeelden van deze regionale gezamenlijke taken zijn: • het periodiek houden van ambtelijk en bestuurlijk overleg over de voortgang • het vertegenwoordigen van de regio in landelijke en bestuurlijke gremia • het opstellen en uitvoeren van een regionale uitvoeringsplan • domeinoverstijgende afstemming (o.a. Wlz, GGZ-behandeling, forensisch, aanpak verward gedrag, EPA, jeugdzorg) • de inkoop en het contractmanagement van (intramuraal) Beschermd Wonen • de uitvoering van het woonplaatsbeginsel met andere regio’s • het financieel beheer van een regionaal budget • beleidsontwikkeling en innovatie • toezichtskader t.a.v.
kwaliteit en rechtmatigheid van regionale voorzieningen • monitoring en evaluatie De DWO-regio kiest voor samenwerking op basis van een centrumgemeenteregeling. Hierbij behartigt de gemeente Delft de eerste jaren als centrumgemeente de belangen van de regio, worden de lokale taken opgebouwd en toegewerkt naar een gelijkwaardige samenwerking. De uitwerking van de taakverdeling en de door de regiogemeenten aan de centrumgemeente te verlenen mandaten worden in een Dienstverleningsovereenkomst (DVO) en een mandaatregeling vastgelegd. De looptijd van deze afspraken is 2022-2026, dezelfde looptijd als deze Regiovisie. De centrumregeling en de DVO worden periodiek geëvalueerd. De samenwerking voldoet aan de door gemeenten afgesproken Norm voor Opdrachtgeverschap voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang6. In de
6 Medio 2020 hebben gemeenten in VNG-verband met elkaar een Norm voor Opdrachtgeverschap Beschermd
Wonen en Maatschappelijke Opvang afgesproken. Hiermee verplichten zij zich om regionaal en bovenregionaal samen te werken om een dekkend zorglandschap te behouden; waarbij opdrachtgeverschap versterkt en administratieve lasten verlicht worden.
20
centrumregeling en de DVO zullen ook de financiële afspraken rond de inzet van het lokale en regionaal budget, het beheersen van mogelijke financiële risico’s en de financiële solidariteit vastgelegd worden. De looptijd van deze afspraken sluiten aan bij de looptijd van de Regiovisie en houden rekening met het ingroeipad van de financiële decentralisatie. Na deze periode wordt de balans opgemaakt en kunnen nieuwe keuzes gemaakt worden.
7. Financiële paragraaf De centrumgemeente Delft ontvangt tot 2023 de middelen voor Beschermd Wonen en voor Maatschappelijke Opvang. Vanaf 2023 worden naar verwachting de middelen voor Beschermd Wonen gedecentraliseerd. Dat betekent dat het regionale budget in de periode 2023-2030 afgebouwd en tegelijkertijd stapsgewijs lokale budgetten opgebouwd worden. Tegelijkertijd wordt naar verwachting landelijk een nieuw verdeelmodel ingevoerd7. Het totale budget van de regio bedraagt momenteel zo’n € 16,2 miljoen en zal na de invoering van het nieuwe verdeelmodel in 2032 toenemen tot € 18,9 miljoen.
Delft Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Westland Totaal regionaal budget
2023 € 827.685 € 100.643 € 220.354 € 588.030 € 16.220.942
2032 € 9.004.673 € 1.094.926 € 2.397308 € 6.397.380 € 18.894.288
De gemeenten van de DWO-regio maken met elkaar afspraken over de inzet van de middelen voor de regionale voorzieningen en de opbouw van lokale ondersteuning. De gemeenten gaan hierbij uit van samenwerking en solidariteit. Deze afspraken worden vastgelegd in de centrumregeling en DVO. Voor Maatschappelijke Opvang ontvangt de centrumgemeente Delft via een decentralisatie-uitkering jaarlijks € 2,5 miljoen. De middelen voor Maatschappelijke Opvang worden niet gedecentraliseerd en blijven ingezet worden voor de Maatschappelijke Opvang voorzieningen in de DWO-regio en de inhoudelijke transformatie zoals in deze Regiovisie beschreven.
8. Vervolgstappen In deze Regiovisie Beschermd Wonen, Beschermd Thuis en Maatschappelijke Opvang 2022-2026 hebben de gemeenten van de DWO-regio beschreven welke visie en ambities zij hebben ten aanzien van de transformatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis en van Maatschappelijke Opvang naar Maatschappelijk Wonen. Deze regiovisie is een actualisatie van de visie uit het eerste Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen uit 2017 en de uitvoeringsagenda’s die hieruit voortkwamen. Met deze nieuwe Regiovisie wordt richting gegeven aan de ontwikkeling in de
7
Een nieuw kabinet zal over zowel de doordecentralisatie als de invoering van een nieuw verdeelmodel besluiten. De genoemde bedragen en tijdspad zijn dan ook onder voorbehoud van deze besluitvorming.
21
komende jaren van de inhoudelijke transformatie en van de nieuwe verantwoordelijkheden en verhoudingen tussen de gemeenten als gevolg van de decentralisatie Beschermd Wonen. Deze Regiovisie bevat de visie, ambities en doelstellingen waar we als regio naartoe willen ontwikkelen. Deze nog abstracte voornemens zullen verder uitgewerkt en geconcretiseerd moeten worden. Dat zullen we doen in uitvoeringsplannen om daarmee de richting en inspanningen van gemeenten en ketenpartners te vertalen naar meetbare inzet en resultaten. Omdat de inspanningen van ketenpartners hierin onmisbaar zijn, zullen we hen betrekken bij die verdere uitwerking. Ook de ontwikkeling naar meer lokale ondersteuning en naar gelijkwaardige inzet vanuit de gemeenten krijgt via de uitvoeringsplannen verder vorm, evenals de sturing en toezicht op de kwaliteit van voorzieningen. De komende jaren wordt de decentralisatie van Beschermd Wonen doorgevoerd. De gemeenten zijn daarmee meer nog dan voorheen lokaal aan zet om ondersteuning aan inwoners met psychische en psychosociale problematiek te organiseren. Dit biedt ook juist de kans om aan te sluiten bij lokale mogelijkheden en structuren. De uitwerking van de Regiovisie zal dan ook in lokale uitvoeringsplannen opgenomen worden.
Zo kan elke gemeente vormgeven aan de gevraagde ondersteuning en daarbij aansluiten bij wat er al lokaal is, de kansen die er zijn en inzetten op het verstevigen van eventuele lacunes. Tijdens het decentralisatieproces van Beschermd Wonen en de beweging naar Maatschappelijk Wonen worden er ook op regionaal niveau acties gevraagd. Acties en inspanningen waar de gemeenten gezamenlijk uitvoering aan blijven geven zolang de transformatie gaande is en de ontwikkeling naar lokale inbedding en nieuwe verhoudingen doorgemaakt wordt. Voor deze gezamenlijke inspanningen zal de regiovisie uitgewerkt worden in een regionaal uitvoeringsplan. De lokale uitvoeringsplannen en het regionale uitvoeringsplan worden aansluitend op deze regiovisie opgesteld.
9. Verantwoording Medio januari 2021 zijn in het bestuurlijk overleg DWO de beelden en verwachtingen die de bestuurders hebben van de regiovisie en de opgave op dit terrein gedeeld en afgestemd en is de opdracht tot het opstellen van een regiovisie gegeven. De regiovisie is opgesteld door een projectgroep van de regionale beleidsadviseurs Beschermd Wonen onder begeleiding van een externe projectleider. In deze regiovisie wordt de visie beschreven waarop de regio wil transformeren van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis en van Maatschappelijke Opvang naar Maatschappelijk Wonen. Bij deze transformatie zijn veel ketenpartners betrokken en de beweging heeft effect op de doelgroep. Om tot deze visie te komen zijn dan ook interviews gehouden en is de inbreng gevraagd van cliënten, zorgaanbieders, woningbouwcorporaties, maatschappelijke organisaties, contractmanagement, de regionale toegangsorganisatie Delft Support. De ambities en uitgangspunten zijn gedurende het traject in de Ontwikkeltafel Beschermd Wonen verder verdiept met de zorgaanbieders en woningcorporaties. De verantwoordelijke bestuurders van de gemeenten zijn bevraagd naar hun ambities en lokale mogelijkheden om Beschermd Thuis op te bouwen. Ook in de vervolgstappen en de besluitvorming worden alle belanghebbenden nauw betrokken.
22
10.
Bijlagen
Bijlage 1 Overzicht van inspanningen Het Uitvoeringsplan transformatie MO-BW is opgesteld op basis van 5 focuspunten. Aan de hand van deze focuspunten is de transformatie opgepakt. Hieronder staan verschillende activiteiten en inspanningen die door de gemeenten en ketenpartners zijn ondernomen in de afgelopen jaren. 1. Doelgroep leren kennen •
Er zijn werksessies gehouden om kansen en knelpunten rondom (voorkomen van) instroom en vergroten van uitstroom aan de hand van casuïstiek scherper in beeld te krijgen. Hieraan namen professionals deel vanuit Delft Support, Perspektief, Limor en GGZ Delfland. Resultaat is een weergave/analyse van de uitkomsten. Hiervan is o.a. meegenomen dat er behoefte is aan specifiek aanbod voor jongeren (bv trainingshuis) en 'jong met autisme'. Dit is meegenomen in de inkoop uit 2019.
Als vervolgstap is in de regionale werkgroep besloten een DOE-tafel in te richten om ook praktisch met vergelijkbare casuïstiek aan de slag te kunnen, en hierin maatwerk te kunnen realiseren. • Er zijn cliëntgesprekken gevoerd; de uitkomsten hiervan zijn opgetekend en betrokken bij het uitvoeringsplan. • De gemeenten werken samen met de Adviesraden Sociaal Domein om meer inzicht te krijgen in de ondersteuningsbehoefte als mensen zelfstandig in de wijk gaan wonen. • Perspektief heeft enkele keren een 'Dinnershow' georganiseerd, waarbij specifiek ook ketenpartners en inwoners zijn uitgenodigd.
23
• GGZ-Delfland biedt een cursusaanbod t.b.v. vroegsignalering (signalen en omgaan met GGZ problematiek). • Er is een kwantitatief onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau Companen naar de huisvestingsopgave. Companen is gevraagd om voor 2025, 2030 en 2040 inzicht te geven in de vraag naar en het aanbod van passende woningen en benodigde woonvormen voor mensen met een zorgof hulpvraag in de DWO regio. Een van de onderzochte doelgroepen is mensen in Beschermd Wonen (BW) of de Maatschappelijke Opvang (MO) en kwetsbare jongeren. Voor deze doelgroep is naar de opgave voor de gehele regio gekeken. Voor het onderzoek zijn met afgevaardigden van deze doelgroep panelsessies georganiseerd. In deze groepsgesprekken is gesproken over woonwensen en verwachtingen voor nu en in de toekomst. De punten die in deze gesprekken naar voren kwamen, zijn door Companen meegenomen in haar advies. Het volgende is in beeld gebracht: de huisvestingopgave voor deze doelgroep, mogelijke knelpunten en overschotten die in de woningvoorraad ontstaan voor de regio en aanvullende maatregelen die nodig zijn om mensen met toekomstige zorg- of hulpvraag passend te huisvesten.