CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. 1e herziening Nota sturing fysieke leefomgeving.pdf

Raad Besluitvorming 29 januari 2026, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 16188559.922 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Voorstel voor een nieuw besluit Hieronder volgt de integrale tekst van het voorgestelde nieuwe besluit. De bovenstaande aanpassingen zijn hierin verwerkt. Artikel 1 - Gebiedsaanduiding conform bijlage 1. Waar in deze regeling verwezen wordt naar stedelijk gebied wordt bedoeld het als stedelijk gebied aangeduide gebied op de kaart opgenomen als bijlage bij deze regeling. 2. Waar in deze regeling verwezen wordt naar landelijk gebied wordt bedoeld het als landelijk gebied aangeduide gebied op de kaart opgenomen als bijlage bij deze regeling. Artikel 2 - Voor de gehele gemeente De gemeenteraad maakt gebruik van het adviesrecht voor een ontwikkeling die voldoet aan één of meer van de volgende criteria: a. een activiteit genoemd in 10.24 van het Omgevingsbesluit; b. het oprichten van antenne-installaties van 40 meter en hoger; c. het bouwen, uitbreiden of verbouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, hoger dan 10 meter of met een oppervlak van meer dan 50 m2. Artikel 3 - Specifiek voor stedelijk gebied De gemeenteraad maakt gebruik van het adviesrecht voor een ontwikkeling gelegen in het stedelijk gebied die voldoet aan één of meer van de volgende criteria: a. het toevoegen van tien of meer woningen, zorg-gerelateerde woningen en/of onzelfstandige wooneenheden; b.

functieverandering van bestaande bebouwing naar wonen indien dit leidt tot tien of meer nieuwe woningen, zorg-gerelateerde woningen en/of onzelfstandige wooneenheden; c. nieuwbouw, uitbreiding van bestaande bebouwing, of functieverandering van bestaande bebouwing ten behoeve van “niet-wonen” functies met een (gezamenlijk) oppervlak van 1.500 m2 of meer; d. het veranderen van het gebruik van onbebouwde gronden met een oppervlak van 1.500 m2 of meer. Artikel 4 - Specifiek voor het landelijk gebied De gemeenteraad maakt gebruik van het adviesrecht voor een ontwikkeling gelegen in het landelijk gebied die voldoet aan één of meer van de volgende criteria: 21/28

a. het toevoegen van één of meer nieuwe burgerwoningen, zorg-gerelateerde woningen en/of onzelfstandige wooneenheden; b. functieverandering van bestaande bebouwing naar wonen (ongeacht het aantal woningen); c. bouw, uitbreiding van bebouwing of functieverandering van bestaande bebouwing ten behoeve van “niet-wonen” functies met een (gezamenlijk) oppervlak van 200 m2 of meer; d. het veranderen van het gebruik van onbebouwde gronden met een oppervlak van 500 m2 of meer; e. voorzieningen voor het opwekken of de opslag van energie voor zover gelegen buiten een als zodanig bestemd werkingsgebied. Artikel 5 – Specifiek voor het glastuinbouwgebied De gemeenteraad maakt gebruik van het adviesrecht voor een ontwikkeling gelegen in het glastuinbouwgebied die voldoet aan één of meer van de volgende criteria: a. het toevoegen van één of meer nieuwe burgerwoningen, zorg-gerelateerde woningen en/of onzelfstandige wooneenheden; b. functieverandering van bestaande bebouwing naar wonen (ongeacht het aantal woningen). c. functieverandering van bestaande bebouwing ten behoeve van “niet-wonen”-functies en niet-agrarische functies, met een oppervlak van 200 m2 of meer; d. nieuwbouw of uitbreiding van bebouwing, voor zover het geen agrarische bedrijfsgebouwen betreft, met een (gezamenlijk) oppervlak van 200 m2 of meer; e.

het veranderen van het gebruik van onbebouwde gronden met een oppervlak van 500 m2 of meer; f. voorzieningen ten behoeve van het opwekken van of de opslag van energie voor zover gelegen buiten een als zodanig bestemd werkingsgebied. Artikel 6 - Geen advies gemeenteraad 1. De gemeenteraad maakt géén gebruik van het adviesrecht wanneer een ontwikkeling past binnen een wijzigingsbevoegdheid welke is opgenomen in een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan. 2. De gemeenteraad maakt géén gebruik van het adviesrecht wanneer voor een ontwikkeling een tweede vergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt aangevraagd, en deze ontwikkeling past binnen het planologische kader dat is ontstaan met de eerder verleende omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit. 3. De gemeenteraad maakt géén gebruik van het adviesrecht wanneer voor een ontwikkeling een aanvraag omgevingsvergunning voor bepaalde tijd is aangevraagd (= tijdelijke omgevingsvergunning). 4. De gemeenteraad maakt géén gebruik van het adviesrecht indien een ontwikkeling past binnen een door de gemeenteraad vastgestelde gebiedsvisie. Voorwaarde is dat het gaat om een gebiedsvisie die is vastgesteld na 11 december 2025.

Artikel 8 - Overgangsrecht Aanvragen die zijn ingediend voor inwerkingtreding van deze regeling en nog niet zijn afgehandeld, zullen worden afgehandeld op basis van de regeling die van kracht was voor inwerkingtreding van deze regeling.

Voorgesteld besluit: Het bovenstaande vast te stellen als besluit lijst adviesplichtige ontwikkelingen 2025.

22/28

Kaart behorende bij lijst adviesplichtige ontwikkelingen 2025

23/28

Proces advies gemeenteraad Voor de afhandeling van een aanvraag buitenplanse omgevingsplanactiviteit is in beginsel de reguliere voorbereidingsprocedure aan de orde. Deze kent een beslistermijn van 8 weken welke met maximaal 6 weken kan worden verlengd. Wanneer voor een dergelijke aanvraag het adviesrecht gemeenteraad van toepassing is, zal er bij de afhandeling vrijwel zeker sprake zijn van een overschrijding van de maximale beslistermijn. Vanuit een oogpunt van goede dienstverlening is het ongewenst om een aanvrager lang te laten wachten op een beslissing. Zeker wanneer een termijn wordt overschreden die door de wetgever als maximum wordt gesteld. Daarom is het gewenst het proces rondom de buitenplanse omgevingsplanactiviteit met adviesrecht zo in te richten dat het risico van termijnoverschrijdingen beperkt is. Binnen Pijnacker-Nootdorp worden de volgende maatregelen genomen om de kans op termijnoverschrijdingen beperken: Vooroverleg met de initiatiefnemer De gemeente stimuleert initiatiefnemers om niet direct een formele aanvraag in te dienen, maar eerst met ons in gesprek te gaan over de wensen en de mogelijkheden die er zijn. Wij stimuleren daarom het indienen van principeverzoeken. Op basis van een principeverzoek kan een beeld worden verkregen van de inhoud en ook de wenselijkheid van de door een initiatiefnemer bedachte ontwikkeling.

Het indienen van een principeverzoek kan daarmee bijdragen aan een snellere afhandeling van een definitieve aanvraag (buitenplanse) omgevingsplanactiviteit. Voorspoedige behandeling ingekomen aanvraag Zoals bij elke aanvraag omgevingsvergunning, streven we ook bij een aanvraag buitenplanse omgevingsplanactiviteit naar een voorspoedige afhandeling van de aanvraag. Daartoe is een werkproces uitgelijnd waarin alle noodzakelijke (en veelal ook wettelijk verplichte stappen zijn opgenomen). Ook zijn op regionaal niveau afspraken gemaakt met ketenpartners over de afhandeling van aanvragen omgevingsvergunning waar wij elkaar bij nodig hebben. Uitgangspunt bij deze afspraken is een spoedige afhandeling van elke ingekomen aanvraag. Snelle behandeling gemeenteraad Raad en college hebben een werkproces afgesproken dat is gericht op een snelle besluitvorming door de gemeenteraad. Wanneer een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit compleet is wordt de gemeenteraad met een memo geïnformeerd over de ingediende aanvraag. Het memo geeft een korte beschrijving van de aanvraag, de benodigde procedure en de maand waarin het plan vermoedelijk wordt behandeld in de gemeenteraad. Deze vermoedelijke datum van behandeling wordt opgenomen op de raadsplanner.

Wanneer het raadsvoorstel met betrekking tot het adviesrecht (tenminste) acht dagen voor een raadsvergadering wordt aangeleverd wordt het voorstel in beginsel geagendeerd voor behandeling in deze raadsvergadering. Wanneer het voorstel wordt aangeboden voor een oordeelsvormende vergadering dan vindt de beeld – en oordeelsvorming over het voorstel in deze vergadering plaats. Wanneer het voorstel wordt aangeboden voor een besluitvormende vergadering dan vindt beeld-, oordeels- en besluitvorming over het voorstel in deze vergadering plaats. Besluit college bij mandaat Het college is verantwoordelijk voor de afhandeling van de aanvraag. Hierbij is het advies van de raad bindend voor het college. Wanneer de raad heeft besloten om positief of negatief te adviseren zal het collegebesluit conform het raadsbesluit zijn. Om de afhandeling te bespoedigen heeft het college de organisatie gemandateerd de benodigde besluitvorming te verzorgen.

24/28

6.3

Voorkeur procedure bij strijdige activiteiten

Wanneer een beoogde activiteit in strijd is met het omgevingsplan zijn er twee manieren om deze activiteit toch mogelijk te maken: door de activiteit te vergunnen als een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of door het vaststellen van een omgevingsplan dat deze activiteit mogelijk maakt. Het college zal in beginsel kiezen voor het proces van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en niet voor een wijziging van het omgevingsplan. Het belangrijkste argument hiervoor is de kortere doorlooptijd van de procedure die doorlopen moet worden. Wanneer er vanwege in de wet opgenomen redenen geen mogelijkheid is om medewerking te verlenen met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of wanneer een initiatiefnemer hier zelf om verzoekt, kiezen we voor wijziging van het omgevingsplan.

25/28

7. Evaluatie In deze Nota geven we voor elk van de nieuwe kerninstrumenten van de Omgevingswet een beschrijving wat het instrument omvat, welke procedures er mee samenhangen, en hoe we in de gemeente Pijnacker-Nootdorp de rolverdeling tussen gemeenteraad en college vorm willen geven. De beschreven werkwijze en rolverdeling wordt op dit moment gezien als het meest passend voor onze lokale situatie. In de voorliggende nota zijn de resultaten verwerkt van de evaluatie die medio 2025, anderhalf jaar na invoering van de omgevingswet, heeft plaatsgevonden. Om de Nota actueel en werkbaar te houden wordt deze in 2030 opnieuw geëvalueerd.

26/28

Bijlage 1. Aanpassingen bruidsschat 2025 De volgende regels uit de Bruidsschat kunnen komen te vervallen: Artikel 22.62a Tijdelijke uitzondering windparken Artikel 22.68 Geluid: waarden op drijvende woonfuncties Paragraaf 22.3.4.3 Geluid door windturbines Artikel 22.207 Bodem: logboek bodembeschermende voorziening Paragraaf 22.3.18 Opwekken van elektriciteit met een windturbine Artikel 22.223 Bodem: logboek bodembeschermende voorziening Artikel 22.243 Bodem: logboek bodembeschermende voorziening Artikel 22.249 Bodem: logboek bodembeschermende voorziening Artikel 22.255 Bodem: logboek Artikel 22.261 Omgevingsvergunning kweken maden van vliegende insecten Artikel 22.263 Omgevingsvergunning tanken met LPG Artikel 22.278 Omgevingsplanactiviteit: specifieke beoordelingsregel omgevingsvergunning uitvoeren van een werk, niet zijnde bouwwerk, of werkzaamheid, bij voorbereidingsbesluit of aanwijzing als beschermd stads- of dorpsgezicht Artikel 22.295 Overeenkomstige toepassing voorbeschermd gemeentelijk monument Artikel 22.296 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk in een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht

27/28

Bijlage 2. Evaluatie 2025 Los document.

28/28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16101324/1