CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Voorjaarsnota 2026 (nieuwe versie)

Raad Besluitvorming 9 juli 2026, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 167147714.945 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota Begroting

Planning & Control-cyclus

Jaarrekening

rin

e nak ko or

gsa gen

Bedr

d

ge

oe

lij n

ra

o Ui

tv

ad

Ho

fd

o da c

ijf s p la n D

T

ll e

Najaarsnota

Voorjaarsnota 2026

Inhoudsopgave 3 1. Inleiding 5 2. Voorjaarsnota - Financiële actualisatie 2026

5 16

2.1. Voortgang 2026 en exploitatie 2.2. Mutaties per programma

19 3. Ontwikkeling vermogenspositie 19 20 22

3.1. Vermogenspositie per januari 2026 3.2. Actualisatie vermogenspositie (algemene reserve) 3.3. Overzicht mutaties reserves en voorzieningen

25 4. Bijlagen 26 34 37

2

4.1. Reserves en voorzieningen 4.2 Informatievoorziening: Reserves 4.3 Actualisatie Investeringsplanning

1. Inleiding 1.1 De planning en controlcyclus De planning- en controlcyclus heeft als doel het plannen, volgen en verantwoorden van het gemeentelijk beleid en het financiële beheer. De cyclus is ingericht conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de Financiële verordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2025 (artikel 212 van de Gemeentewet). De voorjaarsnota is binnen deze cyclus de eerste tussentijdse rapportage over de uitvoering van de begroting in het lopende jaar. De nota geeft een overzicht van de beleidsmatige voortgang en de financiële stand van zaken in de eerste maanden van het jaar. Tot vorig jaar werden de kadernota en voorjaarsnota als één gecombineerd document aangeboden aan de gemeenteraad.

Voorjaarsnota 2026: Actualisatie binnen de huidige beleidskaders Deze nota verschijnt op het moment dat er achter de schermen intensief wordt gewerkt aan de vorming van een nieuwe coalitie. Totdat er nieuwe bestuurlijke prioriteiten zijn gesteld, blijft de uitvoeringsagenda 2022-2026 'Bouwen aan de toekomst' de basis voor ons handelen. De focus ligt in deze voorjaarsnota dan ook op het borgen van de continuïteit en het zorgvuldig verwerken van autonome ontwikkelingen en onvermijdelijke financiële mutaties.

Financiële vinger aan de pols Het is de taak van het college om de vinger aan de pols te houden bij de uitvoering van onze plannen. Door nu scherp te kijken naar mee- en tegenvallers, zorgen we ervoor dat de begroting van 2026 actueel en realistisch blijft. Dit is niet alleen een kwestie van goede verantwoording, maar ook van vooruitkijken. Een gezonde financiële huishouding biedt immers het stevige fundament dat nodig is om de ambities van de toekomstige coalitie straks waar te kunnen maken.

3

Leeswijzer Om een helder beeld te kunnen geven van de huidige stand van zaken, start de nota in het tweede hoofdstuk met een weergave van de financiële actualisatie. Hierin gaan we dieper in op de voortgang per programma en de belangrijkste ontwikkelingen, risico's en onzekerheden waar de gemeente mee te maken heeft. In het derde hoofdstuk verschuift de aandacht naar onze vermogenspositie en de weerstandsratio, waarmee we de financiële robuustheid van de gemeente in kaart brengen. De nota sluit in het vierde hoofdstuk af met de technische bijlagen, waarin de gedetailleerde overzichten van onze reserves, voorzieningen en de actuele investeringsplanning zijn opgenomen.

4

2. Voorjaarsnota - Financiële actualisatie 2026 Het lopende jaar 2026 is geactualiseerd op basis van de Jaarrekening 2025, college- en raadsbesluiten, de septembercirculaire en decembercirculaire gemeentefonds 2025 en overige financiële ontwikkelingen.

2.1. Voortgang 2026 en exploitatie De Programmabegroting 2026 kende na vaststelling en verwerking van de aangenomen amendementen een saldo van € 0,43 miljoen. De effecten vanuit de september- en de decembercirculaire leidden ertoe dat het saldo voor 2026 bij aanvang van deze voorjaarsnota € 0,28 miljoen bedroeg. De actualisatie van de kapitaallasten vanuit de Jaarrekening 2025 zorgt met de financiële mutaties, als gevolg van uitwerking van collegebesluiten en actualisatie van budgetten, voor een geactualiseerd begrotingsaldo voor 2026 van € 1,36 miljoen. Dit verloop is weergegeven in onderstaande tabel. Bedragen x € 1.000 (-/- is nadelig)

2026

Saldo primaire Begroting 2026-2030 + aangenomen amendementen

438

Effecten sept- en decembercirculaire

-156

Saldo start VJN26 1. Actualisatie kapitaallasten uit staat van activa JR25

283 1.503

2. Uitwerking collegebesluiten en actualisatie budgetten

-422

Saldo Voorjaarsnota 2026

1.364

Onderstaand wordt per categorie een toelichting gegeven op de mutaties.

1. Actualisatie staat van activa Van de investeringsplanning 2025 is een deel gedurende 2025 niet gerealiseerd hetgeen in 2026 leidt tot lagere kapitaallasten dan oorspronkelijk was begroot. Dit vormt daarmee een voordelig effect op het begrotingssaldo 2026. De afronding van de resterende investeringsbudgetten 2025 in 2026 levert in latere jaren uiteindelijk, naar verwachting, wel de oorspronkelijk geplande kapitaallasten op.

2. Uitwerking collegebesluiten, voortgang en actualisatie budgetten Onderstaand zijn de wijzigingen van budgetten als gevolg van verwerkte collegebesluiten en autonome ontwikkelingen weergegeven voor zover deze doorwerken in het begrotingssaldo. Onder 2.2 worden de wijzigingen op hoofdlijnen toegelicht.

5

Bedragen x € 1.000 Programma

Mutatie

Prog. 1 ruimte en wonen

Project Hofland / saldo verrekening in exploitatie

133

Oranjepark - restant voorbereidingskrediet t.l.v. exploitatie

-56

Prog. 2 economie en glastuinbouw

Overige mutaties

-12

Prog. 3 mobiliteit

Gladheidsbestrijding

-60

Subsidie Zijdeweg

25

Verwachte subsidie inkomsten stimuleringsregeling SPV

180

Verkeersveiligheid/ verkeersonderzoek

-83

Overige mutaties

10

Prog. 4 groen en recreatie

Project Ds. C. Spoorlaan naar project Oeverbescherming

Prog. 5 onderwijs en kinderopvang

Bedrag

-100 -

Prog. 6 collectieve voorzieningen

Bijraming huurinkomsten

220

Prog. 7 individuele voorzieningen

Kosten uitvoering Participatiewet

-149

Prog. 8 veiligheid en duurzaamheid

Veiligheidsregio

-30

Prog. 9 bestuur en bedrijfsvoering

Gemeenteleges reisdocumenten en rijbewijzen

277

Contributieverhoging VNG

-50

Kosten verzekeringen en bestuur

-85

Div. Facilitaire zaken

-244

Informatiebeveiliging

-200

Div. HRM/personeel

-60

Prog. 10 algemene dekkingsmiddelen

Gemeenschappelijke regeling archief

-53

ICT - Automatiseringsbudget

-151

Vrijval restant stelpost Enecogelden Overige mutaties Totaal

31 35 -422

3. Ontwikkelingen, onzekerheden en risico's De voornaamste onzekerheden en risico's voor de financiële positie van de gemeente zijn: • • • •

Ontwikkeling gemeentefonds Herverdeeleffect Kosten(beheersing) Sociaal domein Prijsontwikkeling

Ontwikkeling gemeentefonds Voor 2026 en de daaropvolgende jaren blijft de financiële ontwikkeling van het gemeentefonds onzeker. De Rijksvoorjaarsnota laat zien dat het ‘ravijnjaar’ geen eenmalige terugval is, maar onderdeel van een meerjarige ontwikkeling in de rijksbijdragen aan gemeenten. Het eerdere beeld dat deze terugval zou verschuiven naar 2028 is door latere rijksbijstellingen en nieuwe ramingen niet meer actueel. Er is geen sprake van een duidelijk herstelmoment in de komende jaren. De ontwikkeling van het gemeentefonds blijft daardoor wisselend. Dit hangt samen met onder andere indexaties, accresontwikkelingen en keuzes binnen de Rijksbegroting. Daarnaast is er blijvende onzekerheid over de financiering van taken in het sociaal domein, met name de Wmo en jeugdzorg. Gemeenten worden hierbij geconfronteerd met stijgende kosten, terwijl de rijksbijdrage daar niet altijd in meegroeit. Zowel de Rijksvoorjaarsnota als het advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur bevestigen dat er een toenemend spanningsveld is tussen gemeentelijke taken, stijgende kosten en de ontwikkeling van de rijksbijdrage.

6

Voor 2026 zijn er nog geen extra kortingen ten opzichte van eerdere ramingen zichtbaar. Wel blijft de financiële ruimte van gemeenten op de middellange termijn onder druk staan. De onzekerheid zit daarmee niet alleen in de omvang van het gemeentefonds, maar ook in de voorspelbaarheid ervan. Herverdeeleffect Met ingang van 2023 is het verdeelmodel van het gemeentefonds herzien. Aanleiding hiervoor is dat het vorige model sinds 1997 niet integraal was geactualiseerd, terwijl de taken en kosten van gemeenten in de tussentijd substantieel zijn gewijzigd, onder andere binnen het sociaal domein. Dit heeft geleid tot herverdeeleffecten tussen gemeenten. Onze gemeente is bij deze herziening als nadeelgemeente uitgevallen. Op basis van de peildatum 1 januari 2021 bedraagt het structurele herverdeeleffect € 171 per inwoner, in totaal circa € 9,5 miljoen. Dit nadeel wordt via een ingroeipad gefaseerd verwerkt in de algemene uitkering uit het Gemeentefonds. Tot en met 2025 is het ingroeipad doorgevoerd tot € 37,50 per inwoner, resulterend in een structureel ingroeieffect van circa € 2,1 miljoen. Het ingroeipad is vervolgens vanaf 2026 tijdelijk bevroren in afwachting van een integrale herziening van het verdeelmodel, die naar verwachting per 2027 wordt doorgevoerd.

Dit volgt mede uit advisering van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB), waarin is gewezen op resterende onzekerheden in de verdeelsystematiek en de noodzaak tot aanvullend onderzoek. Voor 2026 betekent dit dat het herverdeeleffect uit het ingroeipad niet verder oploopt. Wel blijft het totale effect onderdeel van de structurele financiële positie van de gemeente en daarmee relevant voor de meerjarenraming. Eventuele effecten van de voorgenomen herziening vanaf 2027 zijn nog onzeker en kunnen van invloed zijn op de financiële ruimte op langere termijn. Kosten(beheersing) Sociaal domein Binnen het sociaal domein (Jeugdzorg en Wmo) is sprake van een autonome kostenstijging. Deze wordt veroorzaakt door een toenemende zorgvraag, complexere casuïstiek en tariefstijgingen bij zorgaanbieders die sterker oplopen dan de compensatie vanuit het gemeentefonds. Actieve kostenbeheersing heeft inmiddels geleid tot € 1,9 miljoen aan besparingen, maar doorlopende indexatie blijft de kostenontwikkeling onder druk zetten. De verwachte tekorten binnen Jeugdzorg en Wmo zijn opgenomen in onderstaande tabel, maar zijn nog niet financieel verwerkt in de Voorjaarsnota 2026. Uitgangspunt is om eerst de ontwikkelingen vanuit het Rijk af te wachten. Op basis daarvan worden bestuurlijke afspraken gemaakt, inclusief een bijbehorend maatregelenpakket. Deze worden vervolgens verwerkt in de programmabegroting.

TEKORTEN WMO EN JEUGDZORG 2026 Jeugdhulp - sociale verstrekkingen in natura aan personenJeugdhulp - sociale verstrekkingen in natura aan personen

-1.629.000

Jeugdhulp vervoer

-212.000

Verwachte overschrijding Wmo begeleiding (afgekort BG).

-786.000

Verwachte overschrijding op budget hulp bij huishouden (afgekort Hbh)

-628.000

Regiotaxi Wmo

-18.000

Wmo voorzieningen en hulpmiddelen

-200.000

TOTAAL

-3.473.000

De claims ten aanzien van de Participatiewet zijn wel opgenomen in de Voorjaarsnota 2026 (en in de Kadernota 2027). Dit zijn technische verwerkingen die onvermijdelijk zijn. Prijsontwikkeling Geopolitieke en economische ontwikkelingen kunnen leiden tot aanhoudende onzekerheid in prijsontwikkelingen, bijvoorbeeld op het gebied van energie, materialen en uitvoering van werken. Hierdoor kunnen in de loop van het jaar aanvullende financiële bijstellingen noodzakelijk zijn. Eventuele gevolgen voor 2026 worden verwerkt in de Najaarsnota 2026.

7

4. Voortgang per programma Na de hiervoor gepresenteerde financiële ontwikkelingen over 2026 volgt hierna de inhoudelijke voortgang per programma. In de Begroting 2026 hebben we beschreven wat we gaan doen om de ambities te behalen. Veel van deze activiteiten lopen op schema en vragen dan ook geen nadere toelichting. De activiteiten waar wel bijzonderheden over te melden zijn, bijvoorbeeld omdat ze vertraagd zijn of er nieuwe inzichten zijn opgedaan, worden hieronder uitgelicht. Ook eventuele andere vermeldenswaardige ontwikkelingen in 2026 worden hier benoemd.

Programma 1: ruimte en wonen Behouden en ontwikkelen van een herkenbare en passende woon- en leefomgeving Hier zijn geen bijzonderheden over te melden.

Uitbreiden van de woningvoorraad Op 13 februari 2026 heeft de provincie een interbestuurlijk toezichtsgesprek gevoerd met onze gemeente. Deze gesprekken voert de provincie met alle gemeenten die een achterstand hebben in de huisvesting van statushouders, volgens een toezichtssysteem van tredes. Het systeem loopt van signalering en ambtelijke/ bestuurlijke afspraken (tredes 1–3) tot juridische interventie en indeplaatsstelling (tredes 4–6): • • • • • •

Trede 1: signalering van een achterstand; Trede 2: ambtelijk overleg en afspraken over verbetermaatregelen; Trede 3: actief bestuurlijk toezicht met afspraken over acties en termijnen; Trede 4: vooraankondiging van een mogelijke juridische interventie; Trede 5: besluit tot indeplaatsstelling; Trede 6: uitvoering van indeplaatsstelling door de provincie.

Op dit moment staat onze gemeente in trede 4. In het gesprek is toegelicht wat tot er nu toe is gerealiseerd in deze taak. De provincie vindt dit niet voldoende, daarom is er afgesproken om aanvullende maatregelen aan hen voor te stellen. In een brief aan de provincie hebben wij aangegeven welke mogelijke aanvullende maatregelen wij zien om eind dit jaar aan onze taakstelling te voldoen. De gemeenteraad is op 3 maart 2026 via de actieve informatieplicht hierover geïnformeerd (zaaknummer 1507199). De provincie heeft op basis van deze aanvullende maatregelen moment bestuurlijke coulance toegepast. Onze gemeente blijft daarom tot 1 juli 2026 geplaatst op trede 4 van de bestuurlijke interventieladder. De provincie heeft hierover op 23 maart 2026 de gemeenteraad geïnformeerd. Vervolgens maakt de provincie opnieuw de balans op. Deze coulance is nadrukkelijk voorwaardelijk en afhankelijk van de voortgang in de uitvoering van de aanvullende maatregelen. Onderdeel daarvan is dat we zo snel mogelijk flexwoningen willen realiseren op een tweede locatie. Daarvoor zijn financiële middelen noodzakelijk. Hoewel de locatie op dit moment nog niet bekend is, willen wij u bij deze Voorjaarsnota alvast een bedrag van €75.000 vragen voor de werkzaamheden van een projectgroep en het uitvoeren van onderzoek. Dit bedrag is gebaseerd op onze ervaringen met het project flexwoningen Molenweg.

Wij vragen u om deze middelen om uitvoering te geven aan de wens en noodzaak om zo snel mogelijk tot realisatie te komen. Zodra de locatie bekend is en daarmee een concreter beeld kan worden geschetst van de kosten, gaan wij hierover verder met u in gesprek. Dit bedrag is onderdeel van het binnen domein Samenleving aangevraagde budget van € 500.000 voor het project Statushouders en is gebaseerd op onze ervaringen met het project flexwoningen Molenweg.

Benutten van de woningvoorraad voor (lokale) doelgroepen In december 2025 heeft het college de instrumentenkoffer 2.0 (zaaknummer 1624489) ter informatie aangeboden. In dit voorstel is ook opgenomen dat de instrumentenkoffer in ieder geval eens per twee jaar wordt herzien. Dat betekent dat er in 2026 geen actualisatie van de instrumentenkoffer plaats zal vinden, tenzij actuele ontwikkelingen aanleiding zijn voor een eerdere aanpassing.

Programma 2: economie en glastuinbouw Kwaliteit verbeteren van de bestaande economische gebieden. Het gebiedsgerichte omgevingsprogramma De Boezem richt zich op een toekomstbestendig bedrijventerrein, met aandacht voor ruimtegebruik, verduurzaming en bereikbaarheid. De verkenning van de Boezemvaart onderzoekt hoe deze ruimtelijk kan bijdragen aan beter gebruik van De Boezem. Door prioriteitsteling is er

8

meer tijd nodig voor het afronden van het verkennende onderzoek en het opstellen van de eindrapportage. De oplevering van de verkenning wordt verwacht in de tweede helft van 2026. Een andere actie uit het gebiedsgerichte omgevingsprogramma de Boezem is het vertalen van het programma naar een omgevingsplan. Om die vertaling te kunnen maken, is handhaving van strijdig gebruik nodig. Het plan van aanpak voor strijdig gebruik op bedrijventerrein de Boezem is in 2025 ambtelijk voorbereid. Echter, gelet op de bestuurlijke, maatschappelijke en financiële impact is gekozen om de beschikbare capaciteit in te zetten op ondermijning, illegale bewoning en situaties waarin formele handhavingsverzoeken zijn gedaan. Deze situatie wordt gecontinueerd in 2026. Dit brengt de herziening van het omgevingsplan in 2026 onder druk.

Versterken economische vernieuwing In 2025 is gestart met het opstellen van het omgevingsprogramma Aantrekkelijke Economisch Vestigingsklimaat als uitwerking van de omgevingsvisie en vervolg op de economische visie. Naast dat er meer tijd nodig is voor het opstellen van het omgevingsprogramma, is de ontwikkeling getemporiseerd, totdat er een besluit is genomen over de toekomstige inzet van de omgevingsprogramma’s.

Herstructurering en innovatie glastuinbouw In de programmabegroting is de oplevering van het programma vitale glastuinbouw voorzien in 2026. We zijn op dit moment scenario twee van de conceptkaders wonen in de glastuinbouw inclusief de regelingen aan het uitwerken. Deze kaders worden naar verwachting aan het eind van dit jaar aan de raad voorgelegd voor vaststelling. Vervolgens wordt het omgevingsprogramma opgesteld inclusief het daarbij behorende participatieproces. Naar verwachting kan in het eerste of tweede kwartaal van 2027 een conceptomgevingsprogramma worden opgeleverd.

Programma 3: mobiliteit Infrastructuur duurzaam veilig (her)inrichten en stimuleren verkeersveilig gedrag Katwijkerlaan De aanpak van de kruising Vlielandsweg/Nieuwkoopseweg/Katwijkerlaan verloopt conform planning, maar er is sprake van een financiële overschrijding onder meer als gevolg van meer noodzakelijke bodemsanering. De meerkosten kunnen vooralsnog binnen het project worden opgevangen. Kerkweg/Veenweg Afhankelijk van de beschikbaarheid van capaciteit, ronden we in 2026 de technische voorbereidingen af voor de aanpak van de Kerkweg/Veenweg. De uitvoering kan daarmee niet in 2026 starten, maar vindt in 2027 plaats. Gemeentebreed verkeersonderzoek Bij de Voorjaarsnota 2025 en de Kadernota 2026 heeft de raad € 35.000 beschikbaar gesteld voor een onderzoek naar de effecten van woningbouwontwikkelingen op de doorstroming van het wegennet. Het onderzoek wordt uitgevoerd in 2025 en 2026. Conform de begrotingssystematiek is bij de Voorjaarsnota 2025 alleen budget aangevraagd voor de uitgaven die in dat jaar werden voorzien. Ten tijde van de besluitvorming waren de totale kosten nog niet bekend, omdat de aanbestedingsprocedure nog niet was afgerond. De aanbesteding is inmiddels afgerond: de totale kosten bedragen ca. € 54.000. Wij stellen voor om bij de Voorjaarsnota 2026 een aanvullend budget van € 30.000 beschikbaar te stellen, mede met het oog op eventueel meerwerk.

Stimuleren van duurzamere vormen van mobiliteit Hierover zijn geen bijzonderheden te vermelden.

Duurzaam en doelmatig beheren van de openbare ruimte Beheerplan Wegen In plaats van een nieuw beheerplan Wegen op te stellen, starten we in 2026 met het opstellen van een integraal beheerplan openbare ruimte (IBOR). We stappen daarmee af van aparte beheerplannen per discipline. Hiermee

9

sluiten we beter aan op het integrale beleidskader dat de gemeente in het kader van de Omgevingswet hanteert. Over het komende IBOR is de raad in april 2026 geïnformeerd via een informatienota. Tot het moment waarop het IBOR naar verwachting in de eerste helft van 2027 aan de raad wordt voorgelegd, blijven we het beheer en onderhoud van de wegen uitvoeren volgens de huidige beheerplannen, budgetten en beeldkwaliteit. Hiermee blijft de continuïteit van het beheer geborgd, in afwachting van de besluitvorming over dit IBOR door de raad. Als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen zien wij een risico van extra prijsstijgingen bij het beheer (zie hiervoor de risicoparagraaf). Bij de uitwerking van het IBOR nemen we dit risico mee.

Samen met de MRDH werken aan de instandhouding van een dekkend netwerk aan ov-voorzieningen Op 4 februari 2026 heeft de gemeente de Bestuursovereenkomst Project Capaciteitsverhoging Metronet gesloten met de MRDH. Deze overeenkomst legt afspraken vast over de fysieke leefomgeving rondom de railinfrastructuur bij de geplande capaciteitsverhoging van de E-lijn. De raad is hierover geïnformeerd (zie zaaknummer 1641596). De MRDH heeft de gemeente hierbij een bijdrage van € 400.000 toegekend voor studies en fysieke infrastructurele maatregelen bij de overwegen.

Faciliteren van de keuze voor schoon vervoer Hierover zijn geen bijzonderheden te vermelden.

Programma 4: groen en recreatie Het uitvoeren van regulier beheer en onderhoud van groen, water, oevers en speelvoorzieningen in de openbare ruimte In 2026 willen wij een volgende stap zetten in de doorontwikkeling van het beheer van de openbare ruimte. We willen toewerken naar een werkwijze die beter aansluit op het integrale beleidskader dat onder de Omgevingswet wordt gevraagd. Wij informeren de raad hierover na de zomer. Daarbij wordt uiteengezet hoe de gemeente in de toekomst een meer integrale afweging kan maken binnen de beheerplannen. Tot het moment van de besluitvorming hierover, blijven wij het beheer en onderhoud uitvoeren op basis van de huidige beheerplannen, binnen de beschikbare budgetten en met behoud van de bestaande beeldkwaliteit. Het beheerplan Openbaar Groen is in 2026 verlengd. Hiermee blijft de continuïteit van het beheer geborgd in afwachting van de verdere besluitvorming van de raad.

Het opstellen en uitvoeren van beleid en maatregelen ter bevordering van de biodiversiteit en dierenwelzijn Project Biodiversiteit in Beeld In april 2026 zijn wij de Samenwerkingsovereenkomst Biodiversiteit in Beeld aangegaan. Met deelname aan dit project werkt de gemeente mee aan het opstellen van slimme en betaalbare meetmethoden voor biodiversiteit, zodat we gerichter kunnen werken aan een groene en gezonde omgeving voor inwoners. Door mee te kijken en mee te denken zorgt de gemeente dat deze aanpak ook in de praktijk werkt. Ganzenbeheer De Canadese gans is beschermd onder de Omgevingswet. Het ganzenbeheerbeheerplan kunnen wij in 2026 niet volledig uitvoeren door het uitblijven van de ontheffing voor nestbeheer van de Canadese gans. Hierover hebben wij zowel de Provincie Zuid-Holland, gezamenlijk en na uitgebreid overleg met de gemeenten Rijswijk, Rotterdam en Lansingerland, als het Rijk een brief gestuurd. Dit heeft tot op heden niet geleid tot aanpassingen of een ontheffing, waardoor we ook voor 2026 geen nestbeheer kunnen uitvoeren. De meldingen rondom overlast van ganzen worden zorgvuldig bijgehouden en beantwoord en op hotspots worden waar mogelijk maatregelen getroffen. Daarnaast worden dit jaar weer tellingen van ganzen uitgevoerd in voorbereiding op een mogelijke ontheffing volgend jaar.

10

Het opstellen en uitvoeren van beleid en maatregelen ter bevordering van natuur en landschap, en recreëren in het buitengebied Recreatief-ecologische verbinding Groenzoom Molenlaan Voor het eerdere onteigeningstraject van de benodigde gronden was meer tijd nodig dan voorzien. Door deze vertraging is het budget eerder uitgeput dan voorzien. Ook de gestegen kosten spelen een rol. Het budget is uitgegeven voor het verleggen van kabels en leidingen, het aanbrengen van zand voorbelasting en het bouwrijp maken van het gebied. Het bestek voor de inrichting kunnen we daardoor niet aanbesteden. Hiervoor is een extra budget nodig van € 575.000. Voor de dekking daarvan willen we de bestaande bestemmingsreserve “267 Bestemmingsreserve kwaliteitsverbetering Groenzoom” inzetten. Op 31-12-2025 zit er nog € 1.096.750 in de reserve. Daarmee kunnen we volgens de planning starten met de laatste werkzaamheden in Q3/Q4 2026. De aanplant van bomen en beplanting staat gepland voor begin 2027.

Programma 5: onderwijs en kinderopvang Realiseren basisvoorzieningen in de eigen woon- en leefomgeving Kindcentrum Beatrix is na uitbreiding in het tweede kwartaal van 2025 opgeleverd en in gebruik genomen. Met deze derde uitbreidingsfase zijn alle leerlingen weer onder één dak gehuisvest. Kindcentrum Maria is in het eerste kwartaal van 2026 opgeleverd en wordt na afronding van werkzaamheden in de openbare ruimte en herstel van het schoolplein na de meivakantie 2026 in gebruik genomen. Kindcentrum Regenboog (Hart van Nootdorp) is na nieuwbouw eind 2025 opgeleverd en wordt in het tweede kwartaal van 2026 in gebruik genomen. Voor de Josephschool in Pijnacker is een renovatie toegekend op basis van de Verordening onderwijshuisvesting. Schoolbestuur SKOP treedt hierbij op als bouwheer. De realisatieovereenkomst wordt voorbereid en SKOP is voornemens om in 2026 te starten met de renovatiewerkzaamheden. Het aanbestedingsresultaat wordt in 2026 verwacht. Bij deze renovatie wordt ook de mogelijke doorontwikkeling tot kindcentrum betrokken. Daarnaast is de voorbereiding gestart voor de renovatie van scholencomplex Koningshof. Voor dit project is in 2025 succesvol een DuMaVa-subsidie (Duurzaam Maatschappelijk Vastgoed) toegekend, waarmee duurzaamheidsmaatregelen kunnen worden gerealiseerd. De renovatie wordt gefaseerd uitgevoerd terwijl de school in gebruik blijft.

De aanbesteding vindt medio 2026 plaats, met een geplande start van de werkzaamheden in het derde kwartaal van 2026. Afronding van de renovatie wordt voorzien bij aanvang van schooljaar 2027/2028. Voor de Tweemaster, onderdeel van het Dalton kindcentrum Pijnacker (Ackerswoude), wordt een permanente uitbreiding voorbereid als gevolg van een niet eerder voorziene leerlingengroei. Het college heeft besloten tot een permanente uitbreiding van circa 532 m² (vijf à zes lokalen). Scholengroep Holland (SGH) treedt op als bouwheer; de afspraken worden vastgelegd in een realisatieovereenkomst. Tot aan de realisatie maakt de school gebruik van semipermanente huisvesting. SGH is voornemens om in het derde kwartaal 2026 te starten met de uitbreidingswerkzaamheden. Schoolbestuur Laurentius Stichting heeft een verzoek ingediend om leegstand in de Sint Jozefschool in Nootdorp te onttrekken aan de onderwijsbestemming. Deze onttrekking heeft per 1 januari 2026 plaatsgevonden. De gemeente heeft de betreffende ruimten juridisch overgenomen. Welzijnsorganisatie SWOP maakt gebruik van een deel van de leegstand; gesprekken met andere potentiële gebruikers lopen. Deze locatie kan op termijn betrokken worden bij herontwikkelingsvraagstukken. Als onderdeel van kindcentrum Keizerskroon worden in Het Nest twee ruimten aangepast voor kinderopvang. Realisatie hiervan wordt voorzien in de tweede helft van 2026.

Voor Delfgauw wordt, gezien het stabiele leerlingenaantal, met de schoolbesturen in het tweede kwartaal van 2026 verkend hoe een efficiënter gebruik van de beschikbare ruimte kan worden gerealiseerd, met als doel het beëindigen van het gebruik van drie schoolwoningen van Rondom Wonen. Daarnaast zijn er meerdere (voormalige) onderwijslocaties die op termijn voor herontwikkeling in aanmerking komen, waaronder Sytwinde

11

(dependance Regenboog), Goudenregensingel (voormalige Casaschool), de semipermanente voorzieningen aan de Gantellaan en het perceel naast het Dalton kindcentrum in Ackerswoude. Voor Sytwinde en Goudenregensingel worden gebiedspaspoorten ontwikkeld, die naar verwachting in het derde kwartaal van 2026 ter besluitvorming aan de raad worden aangeboden.

Van school naar duurzaam werk De wet 'Van school naar duurzaam werk' is per 1 januari 2026 in werking getreden, dit is om de overstap van (mbo-)onderwijs naar de arbeidsmarkt te verbeteren. Het doel is om jongeren tot 27 jaar i.p.v. tot 23 jaar, met name die met een afstand tot de arbeidsmarkt, beter te begeleiden naar werk en economische zelfstandigheid door nauwere samenwerking tussen scholen, gemeenten en Doorstroompunten. In 2026 worden er op regionaal niveau keuzes gemaakt over de verdere uitvoering van het regionaal programma en de besteding van de regionale middelen vanaf 2027.

Wet terugdringen schoolverzuim De Tweede Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel ‘Terugdringen schoolverzuim’. Met deze wet worden scholen onder meer verplicht verzuimbeleid te voeren, het verzuim van leerlingen nauwkeuriger te registeren en op basis hiervan preventief te handelen. De wet treedt naar verwachting op 1 januari 2027 in werking.

Jaarverslag leerplicht-Doorstroompunt Ter uitvoering van de Leerplichtwet bieden we jaarlijks aan de raad het jaarverslag Leerplicht-Doorstroompunt aan. Het jaarverslag is in het eerste kwartaal 2026 aangeboden aan de raad. Het jaarverslag over het schooljaar 2025-2026 staat gepland om in het vierde kwartaal aan te bieden aan de raad.

Ondersteunen lokale partners bij ontwikkelen en versterken basisvaardigheden volwasseneneducatie Door een rijksbezuiniging neemt de beschikbare financiering voor het Taalhuis in 2026 af. Samen met het Taalhuis wordt in het eerste kwartaal van 2026 bepaald hoe de dienstverlening in 2026 wordt vormgegeven binnen de beschikbare middelen.

Programma 6: collectieve voorzieningen Lokaal gezondheidsbeleid Begin dit jaar is de Wet integrale suïcidepreventie in werking getreden. Voor de uitvoering krijgen we extra rijksmiddelen voor implementatie van het speerpunt mentale gezondheid, als onderdeel van ons lokaal gezondheidsbeleid. We ontvangen € 116.000 over een periode van vier jaar. Voor 2026 gaat het om € 27.000.

Sociaal Cultureel Centrum Pijnacker In januari heeft de raad extra budget beschikbaar gesteld om het ontwerptraject van het Sociaal Cultureel Centrum Pijnacker volgens het programma van eisen af te ronden.

Programma 7: individuele voorzieningen Regiovisie jeugdhulp 2026 en verder We stellen een nieuwe regiovisie jeugdhulp op, waarbij de ambities en uitgangspunten aansluiten bij en richting geven aan de actuele uitvoeringspraktijk en voldoen aan de voorschriften uit de wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg.

We continueren de maatregelen om de kosten te beheersen en de kwaliteit te borgen We blijven het interventieplan 'Kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025-2028 uitvoeren. In het tweede kwartaal wordt een eerste voortgangsrapportage opgeleverd over 2025. We richten de informatievoorziening en de kwaliteit van de data in het sociaal domein dit jaar zo in, dat we een monitor sociaal domein opleveren die vergelijkbaar is met die van voorgaande jaren, met dit verschil dat het een verdieping kent met cijfers op kernniveau.

12

Statushouders Het uitbreiden van de woningvoorraad voor statushouders (zie programma 1) heeft gevolgen voor het sociaal domein. Op het moment dat de woningvoorraad is uitgebreid en statushouders worden geplaats, nemen zowel het aantal inburgeraars als het aantal bijstandsuitkeringen toe. Ook is de verwachting dat er een beroep zal worden gedaan op ondersteuning vanuit zowel de Jeugdzorg als de Wmo. Op dit onderwerp wordt nauw samengewerkt door beide programma’s.

Programma 8: veiligheid en duurzaamheid We werken samen met inwoners, organisaties, ondernemers, brandweer en politie aan de veiligheid en leefbaarheid in onze wijken en buurten. In het vierde kwartaal van 2026 wordt de startnotitie voor de ontwikkeling van het nieuwe Integraal veiligheidsplan 2027 - 2030 ter vaststelling aan de raad aangeboden. Er is gestart met de evaluatie van het Beleidskader 'Wijken die werken'. Naar verwachting wordt de gemeenteraad in het vierde kwartaal van 2026 geïnformeerd over de uitkomsten van deze evaluatie.

Duurzaamheid versnellen, intensiveren en verbreden Voor riolering zijn er geen afwijkingen. Voor het NAD lopen de werkzaamheden ook op schema. Vanwege achterlopende renovatie van het mechanische gemalensysteem is er steeds meer onderhoud nodig. Daarom wordt jaarlijkse het onderhoudsbudget dagelijks beheer en onderhoud gemalen, persleidingen en randvoorzieningen overschreden. De overschrijding kan worden gedekt uit de voorziening riolering. De komende vier jaar zal er geïnvesteerd worden in de mechanische riolering en wordt de achterstand weggewerkt. Op grond van de door de gemeenteraad in december 2023 vastgestelde startnotitie en de verbetermaatregelen voor grondstofkwaliteit die in februari 2025 door de raad zijn vastgesteld wordt gewerkt aan het terugdringen van de hoeveelheid restafval. Een maatregel hierbij is het verbeteren van afvalscheiding van PMD in ondergrondse containers. De voorgenomen maatregel was het voorzien van de ondergrondse containers van een paslezer. Echter per 1 januari 2026 is nieuwe landelijke regelgeving vastgesteld die verplicht om ondergrondse PMD-inzameling binnen 5 jaar uit te faseren. Een voorstel voor uitfasering zal in Q3 2026 aan de raad worden aangeboden. Het warmteprogramma is een wettelijk verplicht strategisch beleidsdocument, waarin de gemeente vastlegt hoe en wanneer wijken aardgasvrij zullen worden gemaakt.

Oorspronkelijk was de verplichting om dit programma voor 31 december 2026 vast te stellen. Voor dit programma is echter landelijke regelgeving nodig die naar verwachting pas in de loop van 2026 van kracht zal worden. Het warmteprogramma zal daarom pas in 2027 worden vastgesteld. Hierdoor kunnen uitkomsten uit het haalbaarheidsonderzoek dat nu voor een aantal wijken wordt uitgevoerd worden meegenomen in het programma.

Aandacht voor lucht-, water- en bodemkwaliteit Hier zijn geen bijzonderheden over te melden

Het verbeteren van toezicht en handhaving Hier zijn geen bijzonderheden over te melden

Programma 9: bestuur en bedrijfsvoering Herstelplan cruciale functies In aansluiting op de Najaarsnota 2024 is voor het herstelplan cruciale functies 2025 – 2028 in het voorjaar van 2025 een vervolgaanpak vastgesteld. Inmiddels is een groot deel van de cruciale functies ingevuld. De uitvoering vindt plaats binnen de bestaande personele middelen en wordt intern actief gemonitord en waar nodig bijgestuurd. Voor het structureel borgen van deze cruciale functies in de toekomst zullen financiële consequenties inzichtelijk gemaakt worden.

13

Organisatieontwikkeling De ambtelijke organisatie werkt nu ruim een jaar in de nieuwe domeinstructuur. De implementatie verloopt grotendeels conform plan. Een aandachtspunt vormt de verdere inrichting van het middenkader en de invulling van de teamleidersrol. Over dit onderwerp wordt in de tweede helft van 2026 besluitvorming verwacht, na afronding van een adviestraject met de ondernemingsraad. Dan zullen ook de financiële consequenties inzichtelijk zijn.

Nieuw HR-systeem De structurele problemen die in 2025 zijn ontstaan met het huidige HR-systeem zijn ook in 2026 nog aanwezig en vormen een risico voor de continuïteit van de bedrijfsvoering. In 2026 wordt daarom ingezet op tijdelijke beheersmaatregelen en de voorbereiding van een duurzame contractering van een nieuwe HR-softwareleverancier, met als doel implementatie per 1 januari 2027. De benodigde middelen worden gedekt uit de reserve Bedrijfsvoering.

ID-wallet In december 2026 moeten alle EU‑burgers kunnen beschikken over minimaal één Europese ID‑wallet. Publieke en semipublieke dienstverleners, zoals gemeenten, hebben vanaf dat moment de verplichting om erkende wallets te accepteren. De ID‑wallet is een digitale tool waarin persoonsgegevens en andere digitale bewijzen (bijvoorbeeld over inkomen, diploma’s etc.) in de vorm van digitale kaartjes veilig kunnen worden opgeslagen. De opgeslagen gegevens kunnen daarna worden gebruikt bij een aanvraag van toeslagen of andere regelingen. Het gebruik is vrijwillig en vormt een aanvulling op DigiD. De invoering van het ID‑walletstelsel maakt onderdeel uit van de tweede tranche van de Wet Digitale Overheid. De Rijksoverheid bereidt dit stelsel momenteel voor. Het is nog niet duidelijk wat de technische en financiële consequenties van invoering van het stelsel voor de gemeenten zijn. We blijven de landelijke ontwikkelingen nauwgezet volgen en sluiten aan zodra de Rijksoverheid met concrete implementatievoorstellen of specificaties komt.

Gemeenschappelijke regeling Stadsarchief Delft en omstreken De gemeenschappelijke regeling voor archiefbeheer was verouderd, deze kwam uit 2001. Er is een nieuwe centrumregeling met daaronder een dienstverleningsovereenkomst. Zonder deelname aan de centrumregeling kan de gemeente niet voldoen aan de wettelijke eisen. Hiervoor is jaarlijks aanvullend € 53.000 benodigd.

Automatiseringsbudget De kosten voor organisatiebrede aanschaf en onderhoud van software stijgen vanaf 2026 aanzienlijk. De stijging is het gevolg van nieuwe contracten, overgang naar SaaS-oplossingen en noodzakelijke investeringen om continuïteit van primaire processen te waarborgen. Voor 2026 bedragen de kosten € 151.000.

Huisvesting/Facilitair In aansluiting op de Programmabegroting wordt gewerkt aan een langetermijnvisie voor de huisvesting van de gemeentelijke organisatie, inclusief een bijbehorend upgradeprogramma. Deze visie is inmiddels financieel uitgewerkt. Om te komen tot een schoon, heel, veilig en duurzaam gemeentekantoor is voor 2026 een aanvullend budget van € 244.000 benodigd. Naast deze budgetophogingen worden er twee investeringsbudgetten aangevraagd voor het starten met planmatige vervanging van het inbouwpakket en meubilair ad € 928.000 over een periode van tien jaar. Daarnaast is vervang van de keuken noodzakelijk. Ook hiervoor wordt een investeringsbudget van € 101.000 aangevraagd.

HR Ontwikkelbudget De uitvoeringskracht van de gemeente wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit en inzetbaarheid van medewerkers. De organisatie vraagt om versterking van sturingsinstrumenten zoals een tweejaarlijks medewerkersonderzoek, een arbo- en verzuimaanpak die toereikend zijn en een structurele aanpak van de opgave in een krappe arbeidsmarkt.

14

Voor het duurzaam versterken van de uitvoeringskracht is een integrale doorontwikkeling van HR noodzakelijk, gebaseerd op de werkgeversvisie en HR-strategie (welke medio 2026 gereed is). Dit vraagt om samenhangende investeringen in onder meer ontwikkelcapaciteit en essentiële HR-thema’s, zoals strategische personeelsplanning, leren en ontwikkelen, arbeidsmarktpositionering en HR-data. Voor 2026 is voor deze ontwikkelingen € 160.000 benodigd, door een incidentele meevaller van € 100.000 wordt er € 60.000 budget extra aangevraagd.

Informatiebeveiliging Om te voldoen aan de Cyberbeveiligingswet wordt informatiebeveiliging systematisch en fundamenteel versterkt. Dit vraagt om investeringen in diverse ICT-systemen en hardware, gericht op het leggen van een stevig fundament voor digitale weerbaarheid. Hierbij staan leiderschap, risicomanagement, samenwerking en continu verbeteren centraal. Voor 2026 wordt een aanvullend budget van € 200.000 benodigd.

15

2.2. Mutaties per programma Bedragen x € 1.000

2026 primair

mutaties

actueel

lasten Prog. 1 ruimte en wonen

-12.618

-18.755

-31.373

Prog. 2 economie en glastuinbouw

-8.738

3.498

-5.240

Prog. 3 mobiliteit

-8.567

-205

-8.772

Prog. 4 groen en recreatie

-7.866

-32

-7.898

Prog. 5 onderwijs en kinderopvang

-7.577

915

-6.662

Prog. 6 collectieve voorzieningen

-18.249

-5.644

-23.893

Prog. 7 individuele voorzieningen

-49.173

-755

-49.928

Prog. 8 veiligheid en duurzaamheid

-25.258

-608

-25.866

Prog. 9 bestuur en bedrijfsvoering

-6.876

-726

-7.602

-144.922

-22.311

-167.233

subtotaal programma's Prog. 10 algemene dekkingsmiddelen

-4.622

0

-4.622

overhead

-20.983

-5.507

-26.490

heffing VpB

-587

0

-587

bedrag onvoorzien

-30

0

-30

-171.144

-27.818

-198.962

-5.689

-9.030

-14.719

-176.833

-36.848

-213.681

Prog. 1 ruimte en wonen

10.135

17.477

27.612

Prog. 2 economie en glastuinbouw

10.818

-6.259

4.559

Prog. 3 mobiliteit

218

655

873

Prog. 4 groen en recreatie

275

15

290

1.442

224

1.666

Prog. 6 collectieve voorzieningen

2.303

4.565

6.868

Prog. 7 individuele voorzieningen

10.136

0

10.136

Prog. 8 veiligheid en duurzaamheid

17.738

568

18.306

Prog. 9 bestuur en bedrijfsvoering

790

590

1.380

53.855

17.834

71.689

resultaat voor bestemming dotaties reserves Totaal saldo van lasten inclusief dotaties reserves baten

Prog. 5 onderwijs en kinderopvang

subtotaal programma's Prog. 10 algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

113.292

2.818

116.110

resultaat voor bestemming

167.147

20.652

187.799

onttrekkingen reserves

10.124

17.122

27.246

Totaal saldo van baten inclusief onttrekkingen reserves

177.271

37.774

215.045

438

926

1.364

BEGROTINGSSALDO NA BESTEMMING

Zoals aangegeven onder 2.1 worden hieronder de uitwerking van collegebesluiten, voortgang en actualisatie budgetten op hoofdlijnen toegelicht.

1) Project Hofland / saldo verrekening in exploitatie In 2018 is uit de algemene reserve budget beschikbaar gesteld voor de huisvesting Hofland (statushouders). Vanaf 2018 wordt een structurele storting in de algemene reserve gedaan op basis het saldo van inkomsten en uitgaven voor de huisvesting statushouders. De omvang is in vanaf 2021 structureel bepaald op € 132.987. Voorgesteld wordt om deze dotatie te laten vervallen, omdat het saldo van baten en lasten lager is geworden, het saldo van baten en lasten via het begrotingssaldo zichtbaar wordt en de dotatie in de algemene reserve niet benodigd is.

16

1) Oranjepark - restant voorbereidingskrediet t.l.v. exploitatie Op 25 september 2025 is een raadbesluit genomen voor het openen van de grondexploitatie Oranjepark. Bij dit besluit is het verwerken van het voorbereidingskrediet en de afwikkeling van de Bestemmingsreserve voorbereidingskrediet oranjepark niet uitgewerkt. Voorgesteld wordt om de afronding van het voorbereidingskrediet (boekwaarde € 455.645) en het opheffen van de bestemmingsreserve afschrijvingslasten Oranjepark (€ 400.000) in 2026 te verwerken.

3) Gladheidsbestrijding De gemeente is verantwoordelijk voor de gladheidsbestrijding op haar eigen wegennet om de veiligheid te garanderen. Als gevolg van een zeer koude start van het jaar met significante sneeuwval, code oranje/rood voor ijzel en sneeuwjacht zijn de lasten bij gladheidsbestrijding nu al € 60.000 hoger uitgevallen dan begroot.

3) Subsidie Zijdeweg De geraamde kosten voor de Zijdeweg bedragen € 50.000. Daartegenover staat een subsidie van € 25.000 afkomstig van de MRDH (Metropoolregio Rotterdam Den Haag), in het kader van Verkeersmaatregelen Zijdeweg, welke nog niet geraamd is. Deze opbrengst worden door deze mutatie geraamd.

3) Verwachte subsidie inkomsten stimuleringsregeling SPV In het kader van het Fietsplanproject “Vergevingsgezinde fietspaden” om de veiligheid van fietspaden te verbeteren waaronder ook schoolfietsroutes, hebben we een subsidie aangevraagd uit de stimuleringsregeling SPV (strategisch plan verkeersveiligheid) van het Rijk. Dit is 50% subsidie en MRDH (Metropoolregio Rotterdam Den Haag) vult dit aan met 40%. Onze eigen gemeentelijke bijdrage is daarmee 10%, die we van 2026 t/m 2028 inzetten uit het budget Kleine verkeersmaatregelen. Deze mutatie heeft zowel betrekking op de voorjaarsnota 2026, als de kadernota 2027.

4) Project Ds. C. Spoorlaan naar project Oeverbescherming Er is een aanbestedingsvoordeel ontstaan bij het project Ds. C. Spoorlaan. Tegelijkertijd is er binnen het project Oeverbescherming een tekort van circa € 80.000 geconstateerd. Het huidige budget voor dit project bedraagt € 250.000, terwijl de laagste inschrijving op de aanbesteding uitkomt op € 332.000. Het restantkrediet Ds. C. Spoorlaan is overgeheveld naar 2026 en zal gebruikt worden voor het project Oeverbescherming. Het is noodzakelijk om deze extra werkzaamheden en maatregelen uit te voeren als gevolg van aanschrijvingen van Hoogheemraadschap Delfland. Door deze aanschrijvingen zijn aanvullende eisen gesteld aan de oeverbescherming. Hierdoor is het werk omvangrijker geworden dan oorspronkelijk was voorzien.

6) Huuropbrengsten binnensport en kinderopvang Bij de jaarrekening 2025 was al een stijging van de huurinkomsten bij binnensport waarneembaar. Deze stijging is structureel van aard en wordt veroorzaakt door verschillende factoren, namelijk: indexering CBS, extra verhuur nieuwe gymzaal Hoge Noord, extra inkomsten door grotere Jan Jansenhal en extra verhuur sportbox Ackerswoude. Door middel van deze mutatie worden de huurinkomsten bijgesteld naar het nieuwe begrote bedrag.

7) Beschut werken Sinds 2023 is sprake van een tekort van ongeveer € 100.000 op beschut werk. Tot en met 2025 is dit tekort opgevangen binnen het brede programma, maar de middelen zijn niet meer toereikend. Het tekort is ontstaan doordat de taakstelling en de Rijksbijdrage voor beschut werk jaarlijks stijgen, gemiddeld met één plek per jaar. Dit is abusievelijk niet toegerekend aan het brede programma. Daarnaast is de kostprijs voor beschut werk gestegen naar € 24.500 per plek (2026). Dit leidt tot toenemende druk op het sociaal domein en risico’s voor de uitvoering van de wettelijke taak. Voorgesteld wordt om het budget vanaf 2026 structureel te verhogen zodat het toereikend is om de wettelijke taak uit te voeren (19 beschut werkplekken × € 24.500 minus huidig begrotingsbudget). Om te voorkomen dat er opnieuw een tekort ontstaat, wordt verder voorgesteld om het budget mee te laten groeien met de taakstelling en jaarlijks te indexeren, zodat een realistische en duurzame financiële basis ontstaat. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden om beschutte werkplekken te creëren tegen lagere kosten.

17

9) Contributieverhoging VNG Het begrote budget voor lidmaatschap VNG en bijdrage aanvullende diensten vanuit de bijdrage Gemeenschappelijke gemeentelijke uitvoering (GGU) is door stijgende kosten ontoereikend. De stijgingen van zowel contributie als bijdrage GGU zijn de afgelopen jaren hoger geweest dan de indexatie (volgens CPB) die is toegepast waardoor overschrijding van de begrotingspost ontstaat. Daarom is bijstelling van het budget voor 2026 met € 50.000 noodzakelijk en vanaf 2027 bedraagt de ophoging €80.000 per jaar.

9) Gemeenteleges reisdocumenten en rijbewijzen Tot en met 2027 is er sprake van een piek in de aanvragen van nieuwe paspoorten en rijbewijzen. Een deel van de legesvergoedingen op deze producten komt ten gunste van Publiekszaken waar ook de kosten van afhandeling worden gemaakt.

10) Diverse Facilitaire zaken Uit analyse is gebleken dat facilitaire kosten historisch versnipperd, niet geïndexeerd of incidenteel zijn verwerkt. Hierdoor gaf de begroting geen realistisch beeld van de werkelijke kosten. Zo is er sprake van onvermijdelijke en onuitstelbare kostenstijgingen die voortvloeien uit wettelijke verplichtingen waar de organisatie aan moet voldoen, zoals keuringen en veiligheidseisen. Daarnaast moeten diverse contracten opnieuw aanbesteed worden en bij heraanbesteding blijken de huidige marktprijzen structureel hoger te liggen dan de historische tarieven. Ook is er achterstallig onderhoud waarbij het vanuit veiligheidseisen niet langer mogelijk is om dit uit te stellen. Voor het jaar 2026 wordt dan ook voorgesteld het budget met € 244.000 op te hogen en voor 2027 en verder wordt een bijstelling van € 358.000 voor het facilitair budget voorgesteld.

10) Diverse HRM/personeel De uitvoeringskracht van de gemeente wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit, beschikbaarheid en inzetbaarheid van mensen. De vraag is niet alleen of de gemeente voldoende medewerkers heeft, maar ook of zij met de huidige HRM-beleid in staat is om: • • • • •

mensen aan te trekken in een krappe arbeidsmarkt; nieuwe medewerkers goed te ontvangen en te behouden; leidinggevenden te ondersteunen in hun rol; tijdig te sturen op werkdruk, verzuim en uitstroom; en de organisatie voor te bereiden op toekomstige ontwikkelingen, zoals digitalisering en AI.

Op dit moment zijn de basis van de HR-dienstverlening en de HR-adviesfuncties weliswaar versterkt, maar is de ontwikkelcapaciteit van HR nog onvoldoende geborgd. Ook het huidige ARBO-budget blijkt ontoereikend. Om te voorkomen dat structurele verbeteringen op het gebied van HR en modern werkgeverschap achterblijven, en om de samenhang tussen strategie, beleid, processen en instrumenten te versterken, wordt het budget voor ontwikkelbudget, MTO, Arbo en mobiliteit in 2026 verhoogd met € 185.000. Voor het duurzaam versterken van de uitvoeringskracht is een integrale doorontwikkeling van HR noodzakelijk, gebaseerd op de werkgeversvisie en HR-strategie (welke medio 2026 gereed is). Dit vraagt om samenhangende investeringen in onder meer ontwikkelcapaciteit en essentiële HR-thema’s, zoals strategische personeelsplanning, leren en ontwikkelen, arbeidsmarktpositionering en HR-data. Voor 2026 wordt een budget aangevraagd van € 160.000 maar door een incidentele meevaller van € 100.000 op het budget voor voormalig personeel is de gevraagde ophoging € 60.000.

10) Informatiebeveiliging Om informatiebeveiliging systematisch en fundamenteel aan te pakken is een investering in diverse ICTsystemen en hardware noodzakelijk. Deze investering is de minimale investering die noodzakelijk is om een stevig fundament voor digitale weerbaarheid te leggen, waarbij leiderschap, risicomanagement, samenwerking en continu verbeteren centraal staan. De investering bedraagt € 186.000 structureel. De implementatie brengt is 2026 en 2027 incidentele kosten met zich mee. De aangevraagde bedragen voor 2026 en 2027 zijn daarom wordt er voor die jaren € 200.000 (2026) en € 193.000 (2027) aangevraagd.

18

3. Ontwikkeling vermogenspositie 3.1. Vermogenspositie per januari 2026 De ontwikkeling van de vermogenspositie bestaat uit een actualisatie van de huidige vermogenspositie op basis van de Jaarrekening 2025, de verwachte ontwikkelingen in de grondexploitaties en de investeringsplanning, alsmede enkele andere mutaties in het vrij beschikbare vermogen. Beschikbare weerstandscapaciteit (bedragen x € 1.000) Weerstand

Capaciteit

Algemene reserve per 1-1-2026

54.854

Resultaat Jaarrekening 2025

5.510

Bestemmingen resultaat jaarrekening 2025

-5.218

Ten laste van de algemene reserve gebrachte bestemmingen

-7.851

Onvoorzien 2026

30

Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

47.324

Benodigde weerstandscapaciteit o.b.v. Jaarrekening 2025

16.763

Beschikbaar vermogen per 1 januari 2026

30.561

De weerstandsratio is bepaald op basis van de normtabel van de Universiteit Twente. Per 1 januari 2026 bedraagt deze 2,82% en wordt daarmee beoordeeld als ‘uitstekend’.

Ratio weerstandsvermogen =

19

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

47.324 16.763

= 2,82%

3.2. Actualisatie vermogenspositie (algemene reserve) Mutaties weerstandscapaciteit exclusief grondexploitaties Er worden de volgende mutaties in de algemene reserve verwacht die van invloed zijn op de beschikbare weerstandscapaciteit. Omschrijving (€ x 1.000) 1. Resultaatbestemming uit jaarrekeningresultaat 2025 2. Actualisatie investeringsplanning 3. Jubileum 25 jaar gemeente

2026 291 2.779 150

4. Oude polder dierenpensioen en aok

445

5. VPB last over winstuitkeringen

-587

6. Omslagrente van 0,0% naar 0,5%

-119

7. Actualisatie VRH

-49

8. Amendement A1 Wildopvang

-

9. Amendement 3 dekking tekort begrotingssaldo 2027

-

10. Aanvullende storting bestemmingsreserve "Afschrijvingslasten Sociaal Cultureel Centrum" 11. Jubileum 25 jaar Gemeente

-2.800 -50

12. Storting in bestemmingsreserve "Herinrichting parkeerhub gemeentehuis"

-2.900

13. Actualisatie staat van activa - investeringsplanning

-1.345

14. Saldo Voorjaarsnota 2026/Kadernota 2027

1.364

Totaal

-2.821

Toelichting: 1.

Resultaatbestemming Het jaarrekeningresultaat 2025 wordt na resultaatbestemming gestort in de algemene reserve ad.€ 291.000

2.

Actualisatie investeringen Een lagere boekwaarde leidt tot lagere afschrijvingslasten, het overschot wordt toegevoegd aan de algemene reserve.

3.

Jubileum 25 jaar gemeente Op 1 januari 2027 bestaat gemeente Pijnacker-Nootdorp 25 jaar. Uit het jaarrekeningresultaat 2025 wordt € 150.000 toegevoegd aan de algemene reserve voor de voorbereidingen en uitvoering van de activiteiten.

4.

Oude Polder dierenpension Verplaatsing dierenpension Overgauwseweg naar locatie Oude Polder en beschikbaar stellen krediet voor herinrichting locatie. Voor de verplaatsing van het dierenpension is een participatietraject doorlopen. Ten behoeve van de verplaatsing wordt grond verkocht en wordt van de opbrengst een deel gebruikt voor de herinrichting van het gebied. Het niet benodigde restant wordt gestort in de algemene reserve. De afschrijvingslasten worden gedekt middels een nieuw te vormen bestemmingsreserve "Herinrichting Oude Polder".

5.

Vennootschapsbelasting over winstuitkeringen Er wordt een hogere winst verwacht op de grondexploitatie hierover wordt 25% vennootschapsbelasting geheven.

6.

Omslagrente van 0,0% naar 0,5%

7.

Dotatie aan de bestemmingsreserve FLO Brandweer Een negatieve reserve in 2030 heeft geleid tot een aanvullende storting ad. € 23.048 ten laste van de algemene reserve.

8.

Amendement A1 Wildopvang Het budget voor de opvang van wilde dieren met ingang van 2029 te verlagen met € 4.000 en dit budget voor 2027-2029 te onttrekken aan de algemene reserve.

9.

Amendement 3 dekking tekort begrotingssaldo 2027 Voor het jaar 2027 het ontstane tekort van € 110.000 wordt gedekt uit de algemene reserve.

10.

Aanvullende storting in bestemmingsreserve "Afschrijvingslasten Sociaal Cultureel Centrum Ten laste van de algemene reserve wordt € 2.800.000 onttrokken en gestort in de bestemmingreserve.

11.

Jubileum 25 jaar gemeente Op 1 januari 2027 bestaat gemeente Pijnacker-Nootdorp 25 jaar. Voor de voorbereidingen en uitvoering van de activiteiten wordt € 50.000 onttrokken.

12.

Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Herinrichting parkeerhub gemeentehuis’ Ten laste van de algemene reserve is € 2.900.000 gestort in de bestemmingsreserve ter dekking van de afschrijvingslasten.

20

13.

Afschrijvingslasten staat van activa De actualisatie van de staat van activa en de investeringsplanning heeft geleid tot een aanvullende onttrekking aan de bestemmingsreserves ten laste van de algemene reserve ter dekking van de afschrijvingslasten.

14.

Saldo Voorjaarsnota 2026/Kadernota 2027 Dit betreft het vrij beschikbaar begrotingssaldo na vaststelling van de Voorjaarsnota 2026/Kadernota 2027.

Mutaties weerstandscapaciteit naar aanleiding van de actualisatie grondexploitaties De actualisatie van de grondexploitaties per 1 januari 2026 levert voor de Voorjaarsnota 2026/Kadernota 2027 het volgende beeld op voor wat betreft de verwachte winstuitnames, rente op de strategische grondvoorraad en de dotatie voor de te verwachten verliezen op nadelige complexen. Omschrijving (€ x 1.000)

2026

1. Rente strategisch grondvoorraad

-

2. Verhogen van de voorziening nadelige complexen

-

3. Verwachte winstuitnames grondexploitaties

2.192

Totaal

2.192

Toelichting: 1 -3

Verwachte winstuitnames grondexploitaties De grondexploitaties zijn per 1 januari 2026 geactualiseerd.

Samenvatting en conclusie Onderstaand zijn alle mutaties die gevolgen hebben voor het weerstandsvermogen samengevat. Omschrijving (x € 1.000)

2026

Mutaties exclusief grondexploitaties

-2.821

Mutaties actualisatie grondexploitatie

2.192

Totaal ten gunste/laste van het weerstandsvermogen

-629

De beschikbare weerstandscapaciteit per 1 januari 2026 bedraagt € 47,3 miljoen. In onderstaande tabel wordt het verloop weergegeven na bovenstaande actualisatie. Het benodigd weerstandsvermogen is bij de Jaarrekening 2025 berekend op € 16,8 miljoen. Dit betekent dat de weerstandsratio in 2026 volgens de normtabel wordt gekwalificeerd als uitstekend. Omschrijving (x € 1.000)

2026

Beschikbare weerstandscapaciteit per 1 januari

47.324

Verwachte mutaties

-629

Beschikbaar weerstandscapaciteit per 31 december

46.695

Benodigd weerstandscapaciteit conform Voorjaarsnota 2026

16.763

Ratio weerstandsvermogen per 31 december

21

2,79

3.3. Overzicht mutaties reserves en voorzieningen Ten behoeve van een evenwichtige bedrijfsvoering is het gebruik van reserves en voorzieningen noodzakelijk. In de beleidsnota Reserves en voorzieningen worden hierover vierjaarlijks voorwaarden vastgelegd. Op grond van artikel 16 van de Financiële verordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2024 wordt jaarlijks als onderdeel van de kadernota een bijgesteld overzicht van reserves en voorzieningen met toelichting opgenomen. In deze toelichting wordt ingegaan op de vorming en besteding van bestemmingsreserves en voorzieningen. De mutaties in de algemene reserve zijn reeds toegelicht bij de actualisatie van de vermogenspositie in paragraaf 5.2.

Reservemutaties stortingen: 1. 2.

3. 4. 5. 6.

7.

8.

9.

10. 11.

22

Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Bedrijfsvoering’ Er is € 420.000 gestort uit het jaarrekeningresultaat 2025. Dotatie aan de bestemmingsreserve 'Afschrijvingslasten Stanislas-College' Ten laste van de algemene reserve is de bestemmingsreserve op de juiste hoogte gebracht ter dekking van de afschrijvingslasten ad.€ 82.006. Dotaties aan de bestemmingsreserve ‘Sociaal Domein’ De bijdragen uit de circulaires ad. € 503.420 zijn toegevoegd aan deze reserve. Dotaties aan de bestemmingsreserve ‘Vluchtelingen en asielopvang’’ De dotatie aan de reserve ad. € 470.000 komt voort uit het jaarrekeningresultaat 2025. Dotaties aan de bestemmingsreserve ‘Werkbudget energieneutrale gemeente’ De dotatie aan de reserve ad. € 1.012.000 komt voort uit het jaarrekeningresultaat 2025. Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten schoollokaties Ackerswoude en Keijzershof’ De actualisatie van de investeringsplanning heeft geleid tot een hogere onttrekking aan de reserve ad. € 1.131.505 ter dekking van de afschrijvingslasten. Daarnaast is € 288.580 gestort vanuit de 'afschrijvingslasten schoollokaties Ackerswoude' en € 380.000 vanuit 'afschrijvingslasten Ackerswoude en Keijzershof'. Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘FLO Brandweer’ Een negatieve reserve in 2030 heeft geleid tot een aanvullende storting ad. € 23.048 ten laste van de algemene reserve.

Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Herinrichting Oude Polder ’In 2026 is € 350.000 gestort ter dekking van de afschrijvingslasten. Verplaatsing dierenpension Overgauwseweg naar locatie Oude Polder en beschikbaar stellen krediet voor herinrichting locatie. Voor de verplaatsing van het dierenpension is een participatietraject doorlopen. Ten behoeve van de verplaatsing wordt grond verkocht en wordt van de opbrengst een deel gebruikt voor de herinrichting van het gebied. Het niet benodigde restant wordt gestort in de algemene reserve. De afschrijvingslasten worden gedekt middels een nieuw te vormen bestemmingsreserve 'Herinrichting Oude Polder'. Dotatie aan de bestemmingsreserve 'Herinrichting Parkeerhub gemeentehuis' Ten laste van de algemene reserve is € 2.900.000 gestort in de deze bestemmingsreserve ter dekking van de afschrijvingslasten. Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Sociale koopwoningen’ De dotatie aan de reserve ad. € 189.000 komt voort uit het jaarrekeningresultaat 2025. Dotatie aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten Sociaal Cultureel Centrum Er wordt € 2.800.000 onttrokken uit de algemene reserve en gestort in deze bestemmingsreserve ter dekking van de afschrijvingslasten.

Reservemutaties onttrekkingen: 1.

2.

3.

4.

5.

6.

7.

8.

9.

10.

11. 12.

13.

14.

15.

16.

Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten gemeentelijke huisvesting’ De actualisatie van de staat van activa heeft geleid tot een lagere onttrekking aan de reserve ad. € 175.400. Deze is gestort in de algemene reserve. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Bedrijfsvoering’ In 2026 vindt vanuit de reserve Bedrijfsvoering voor € 2.455.950 aan onttrekkingen plaats. Dit heeft te maken met bedrijfsvoering gerelateerde zaken. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Sociaal Domein’ De kosten van een aantal projectmatige activiteiten worden gedekt uit deze reserve ad. € 1.331.185. De grootste mutatie betreft het nieuwe interventieplan sociaal domein. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Vluchtelingen en asielopvang’ Met betrekking tot werkzaamheden voor de vluchtelingenopvang wordt € 1.143.000 onttrokken uit deze reserve. Voor € 928.000 heeft het betrekking op benodigd capaciteit voor de versnelling van huisvesting van statushouders. € 215.000 betreft tijdelijke formatie en inzet van externe expertise van Oekraïense vluchtelingen. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Werkbudget energieneutrale gemeente’ Met betrekking tot werkzaamheden voor het energietransitieplan wordt € 900.000 onttrokken uit deze reserve.

Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘De Groene Keizer’ Voor de jaren 2026-2030 wordt jaarlijks € 22.000 onttrokken voor de beheerkosten van het gebiedsdeel De Groene Keijzer. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten school De Regenboog’ De actualisatie van de investeringsplanning heeft geleid tot een lagere onttrekking aan de reserve ad. € 491.017. Deze is gestort in de algemene reserve. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten Cultuur’ De actualisatie van de investeringsplanning heeft geleid dat de onttrekking aan de reserve in 2027 plaatsvindt. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten Casaschool en IKC Pijnacker Noord’ De actualisatie van de investeringsplanning heeft geleid tot een lagere onttrekking aan de reserve ad. € 746.149. Hiervan is € 288.580 gestort in de reserve 'afschrijvingslasten schoollokaties Ackerswoude' en € 358.633 is gestort in de algemene reserve. Onttrekking aan de bestemmingsreserve 'Afschrijvingslasten opvanglocaties ontheemden‘ De actualisatie van de investeringsplanning heeft geleid tot een onttrekking aan de reserve in 2026 ad. € 430.187. Onttrekking aan de bestemmingsreserve ‘Afschrijvingslasten Oranjepark’ De onttrekking aan de reserve bedraagt € 400.000 ter dekking van de voorbereidingskosten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17128918/1