CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 0 - Onderzoeksrapport Van CulturA naar (nog) Beter

Raad Besluitvorming 25 april 2024, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 149623911.282 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Van CulturA naar (nog) Beter Onderzoeksrapport naar de aanvullende subsidie voor CulturA & Zo April 2024

Inhoudsopgave Inhoudsopgave.................................................................................................................................. 1 1.

Inleiding .............................................................................................................................. 3 1.1 Leeswijzer ................................................................................................................................ 3

2.

De waarde van cultuur ....................................................................................................... 4

3.

Bijdrage van de culturele sector aan maatschappelijke opgaven ...................................... 6 3.1 Groeipotentie van de culturele sector .................................................................................... 6 3.2 Bijdragen aan sociale doelstellingen ....................................................................................... 7 3.3

De bibliotheek en sociale doelstellingen ............................................................................ 8

3.4 Verankering van cultuur .......................................................................................................... 9 3.5 Financiering ........................................................................................................................... 10 3.7 Hoe vertaalt dit zich tot CulturA & Zo? ................................................................................. 11 4.

De maatschappelijke waarde van CulturA & Zo ............................................................... 12 4.1. Behoefte aan meer inzicht aan wat CulturA & Zo oplevert ................................................. 12

5.

Cultuuruitgaven regio ....................................................................................................... 14 5.1 Gemeentelijke uitgaven aan cultuur ..................................................................................... 14 5.2 Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies ............................................................ 15

6.

Businesscase ..................................................................................................................... 16 6.1 Conclusies vernieuwde businesscase .................................................................................... 16 6.1.1 Terugblik ........................................................................................................................ 16 6.1.2 Programmering .............................................................................................................. 16 6.1.3 Verhuur .......................................................................................................................... 16 6.1.4 Horeca ............................................................................................................................ 16 6.1.5 Organisatie ..................................................................................................................... 17 6.1.5 Begroting ........................................................................................................................ 17

7.

Contra-expertise businessplan CulturA & Zo .................................................................... 18

8.

Ervaringen theaters omgeving ......................................................................................... 20 8.1 Uniek concept ....................................................................................................................... 20 8.2 Gesprekken theaters ............................................................................................................. 20

9.

Conclusie………………………………………………………………………………………………………………………23 9.1 De meerwaarde van CulturA & Zo ........................................................................................ 23 9.2 De bekostiging van de mix van sociale- en culturele functies............................................... 23 9.3 Kansen en mogelijkheden ..................................................................................................... 24 9.3.1 Onderzoek naar de maatschappelijke waarde ............................................................... 24 9.3.2 Ervaringen theaters in de regio ...................................................................................... 24 9.3.3 Contra-expertise businesscase....................................................................................... 24 9.4 Slotconclusie ......................................................................................................................... 25

Matrix mogelijkheden en mogelijke gevolgen ................................................................................ 26

pagina 2/28

1. Inleiding Het college heeft in 2018 van Stichting Bibliotheek Oostland een subsidieaanvraag en plan ontvangen voor het overnemen van de exploitatie en programmering van CulturA in Nootdorp per medio 2019. Dit was in samenwerking met de andere netwerkorganisaties (SWOP en Stichting Jeugd en Jongerenwerk Midden-Holland, nu gro-up) tot stand gekomen. Het plan ging uit van een verandering bij CulturA, en voor Nootdorp, richting een “huiskamer van het dorp”. Het beoogde nieuwe profiel ging uit van de volgende vier functies, die één geheel moeten gaan vormen: sociaal culturele activiteiten, theater/podium, horeca én bibliotheek. Op 20 november 2018 besloot het college positief te staan tegenover het plan “Van CulturA naar Beter” van Stichting Bibliotheek Oostland en aan de gemeenteraad voor te stellen de exploitatie en programmering van CulturA per 1 juli 2019 over te dragen aan Stichting CulturA & Zo. Tussen de start in 2019 en het moment 2022 is er veel veranderd. Niet alleen heeft CulturA & Zo vanwege corona pas vanaf het voorjaar 2022 tot het voorjaar 2023 een volledig jaar kunnen draaien. Ook is gebleken dat de doelstellingen op het gebied van de sociale- en lokale programmering meer tijd kosten dan bij de start ingeschat kon worden. Dit heeft ertoe geleid dat Stichting CulturA & Zo in 2022 een beduidend hogere subsidieaanvraag ingediend heeft voor 2023.

Deze hogere subsidieaanvraag kwam voornamelijk ten goede aan extra personele inzet, die benodigd is om het huidige aanbod vorm te kunnen blijven geven. Het college besloot in december 2022 voor 2023 een subsidie toe te kennen van € 177.132 (dit bedrag sluit aan op het structureel beschikbare bedrag in de begroting) en de aanvullende aanvraag van € 138.208 in eerste instantie af te wijzen. Hierover zijn vervolgens gesprekken gevoerd met CulturA & Zo om meer inzicht te verkrijgen in de aanvullende aanvraag. In februari 2023 heeft het college ingestemd met het voorstel om voor twee jaar een aanvullende subsidie toe te kennen en nader onderzoek te doen naar de structurele subsidie. Maart 2023 heeft de gemeenteraad ingestemd met het voorstel. In september 2023 is de gemeenteraad geïnformeerd over het plan van aanpak voor het onderzoek naar de (structurele) subsidie van CulturA & Zo.

Met dit onderzoeksrapport geven wij inzicht in de volgende zaken: Vernieuwde businesscase; o Het werven van fondsen (waardoor incidentele inkomsten gegenereerd worden); o Het belang en de meerwaarde van de inzet van de vele vrijwilligers; o De ruimte die CulturA & Zo biedt voor ontwikkeling en opleiding; o De verborgen inkomsten en uitgaven door bijvoorbeeld samenwerkingen; Beoordeling door een externe adviseur van de vernieuwde businesscase; Overzicht van uitgaven aan cultuur in Pijnacker-Nootdorp en omringende gemeenten; Een vergelijk met enkele theaters in de regio. 1.1 Leeswijzer In dit onderzoeksrapport worden de zaken zoals opgenomen in het plan van aanpak uitgewerkt en per hoofdstuk toegelicht. In hoofdstuk 2 wordt stilgestaan bij de waarde van cultuur, waarna in hoofdstuk 3 de verbinding wordt gelegd met de bijdrage van de culturele sector aan maatschappelijke opgaven. In hoofdstuk 4 wordt aandacht besteed aan de conclusies van het onderzoek naar de maatschappelijke waarde van CulturA & Zo, waarna in hoofdstuk 5 de uitgaven aan cultuur in de regio worden samengevat. In hoofdstuk 6 worden de belangrijkste conclusies van de hernieuwde businesscase van CulturA & Zo samengevat, waarbij in hoofdstuk 7 de conclusies en aanbevelingen van de contra-expertise op deze businesscase zijn weergegeven.

Het rapport wordt afgerond met in hoofdstuk 8 de samenvatting van de gesprekken met de directeuren en/of managers van enkele theaters in de regio en in hoofdstuk 9 de algehele conclusie van het onderzoek.

pagina 3/28

2. De waarde van cultuur CulturA & Zo is een uniek concept, waarbij allerlei functies in één gebouw bij elkaar komen. Het gebouw biedt de mogelijkheid om bijvoorbeeld naar het theater te gaan, de bibliotheek te bezoeken, dans-of muziekles te volgen, een kopje koffie te drinken, te vergaderen, elkaar te ontmoeten, taalles te volgen of deel te nemen aan (sociale, maatschappelijke en culturele) projecten. CulturA & Zo is als sociaal-cultureel centrum een plek waar zowel de sociale als de culturele activiteiten plaatsvinden en er sprake is van kruisbestuiving. In dit hoofdstuk wordt stilgestaan bij de waarde van cultuur voor de samenleving en welke waarde CulturA & Zo heeft als sociaal- cultureel centrum. Kunst en cultuur doet als enige onderdeel van onze samenleving, anders dan sport, economie, wetenschap en religie, een appèl op zowel de esthetische als de intrinsieke waarde. Hierbij kan gedacht worden aan de beleving van schoonheid en onze kijk op de wereld om ons heen. Binnen de samenleving heeft kunst en cultuur ook invloed op maatschappelijke waarden. Zo brengt het kinderen in aanraking met kunst en cultuur via bijvoorbeeld cultuureducatie, wat de brede ontwikkeling van kinderen stimuleert en daarmee bijdraagt aan het bevorderen van kansengelijkheid.

Ook hebben kunst en cultuur een positieve invloed op de (mentale) gezondheid en activeert en verbindt het mensen met elkaar, wat bijdraagt aan participatie. Kunst en cultuur hebben tevens invloed op de economische waarden, namelijk meer gebruik van horeca als er culturele organisaties in de omgeving zijn, hogere huizenprijzen of een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven. Boogaard (Blueyard)1 heeft de vele betekenissen van kunst en cultuur in een overzicht samengebracht; de betekenissencirkel. Deze cirkel laat in één oogopslag zien wat de invloed van de intrinsieke waarde (dat wat het is) is op het welzijn, de welvaart, het collectief en het individu (dat wat het doet).

Figuur 1: Betekenissencirkel Kunst en Cultuur Blueyard

1 https://www.blueyard.nl/blueyard-introduceert-een-nieuwe-kijk-op-cultuurbeleid/

pagina 4/28

Het rapport van de Raad voor Cultuur2, het wettelijke adviesorgaan van de regering en het parlement op het gebied van kunst, cultuur en media, ‘De culturele basis op orde’ uit maart 2022, beschrijft het onmisbare belang van cultuur voor de maatschappij. Een recent voorbeeld van hoe groot het belang van kunst en cultuur is als vrijetijdsbesteding en als manier om zich te uiten is de coronacrisis geweest. “De samenleving heeft meer dan ooit behoefte aan gemeenschappelijke grond. Juist lokale cultuur […] spelen daar een rol van betekenis. Al vele onderzoeken hebben laten zien hoezeer cultuur het ‘samenleven’ verrijkt. Cultuur verstevigt sociale banden. Cultuur vergroot de mentale (en soms ook fysieke, denk aan dans of circus) gezondheid van mensen. Cultuur schept gedeeld plezier (denk aan theater, concert, festival, fanfare, koor, bloemencorso en oude ambachten). Cultuur bevordert de creativiteit van makers, deelnemers en publiek. Cultuur kleurt de straat. Cultuur maakt gemeenten en steden aantrekkelijker voor bewoners en ondernemers. Niet voor niets neemt het nieuwe kabinet zich voor om samen met lokale overheden de samenwerking tussen retail, horeca en cultuur te stimuleren; bruisende straten zijn cruciaal voor de leefbaarheid in elke gemeente. Cultuur helpt mensen ook zich te leren uiten en elkaar te verstaan.

Een kind dat niet meekomt met rekenen, danst misschien de sterren van de hemel. Een jongere die zijn emoties niet goed kwijt kan, vindt wellicht in tekenen of zingen een uitlaatklep. Culturele ontmoetingen zorgen ervoor dat mensen op een prikkelende manier in aanraking komen met ideeën, werelden en kanten van zichzelf en de ander die ze nog niet kenden, en die stof bieden tot nadenken. Dit zijn essentiële waarden van cultuur, helemaal in een tijd waarin polarisatie op de loer ligt en nuance vaak ver is te zoeken op sociale media.”

2

https://www.raadvoorcultuur.nl/documenten/adviezen/2022/03/10/de-culturele-basis-op-orde

pagina 5/28

3. Bijdrage van de culturele sector aan maatschappelijke opgaven Kunst en cultuur kunnen we zien als sociale smeerolie. Het verbindt en brengt (soms letterlijk en soms figuurlijk) in beweging. De culturele sector draagt bij aan het benaderen van problemen vanuit een ander perspectief, waarbij nieuwe en creatieve verbindingen gelegd kunnen worden. Vanuit kunst en cultuur wordt een beroep gedaan op talenten en mogelijkheden, wordt er een bijdrage geleverd aan een gevoel van zelfvertrouwen en eigenwaarde en mogen er fouten gemaakt worden. Deze benadering is een positieve tegenhanger van de vaak meer probleemgerichte benadering in zorg en welzijn. Dit sluit ook aan bij de methodiek van Positieve Gezondheid, waarin uitgegaan wordt van eigen regie en veerkracht. In dit hoofdstuk wordt stilgestaan bij de bijdrage die vanuit de culturele sector gedaan wordt en nog meer gedaan kan worden op het gebied van maatschappelijke opgaven. 3.1 Groeipotentie van de culturele sector In juni 2023 heeft Berenschot in opdracht van de Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) van de Tweede Kamer een onderzoek gedaan naar de culturele sector genaamd ‘Groeipotentie voor de culturele sector door bijdragen aan maatschappelijke opgaven 3’.

In het rapport in de volgende toelichting op het onderzoek met de onderzoeksvraag opgenomen: “De Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van de Tweede Kamer heeft het onderwerp groeipotentie van de culturele en creatieve sector op haar kennisagenda geplaatst. De commissie wil verkennen hoe de culturele en creatieve sector haar verdienvermogen kan vergroten. Het doel daarvan is een stabiele en (financieel) sterkere sector te realiseren, zowel in de samenleving als in de economie. Uit het Coalitieakkoord blijkt de verwachting dat niet enkel de sector op zich sterk moet worden, maar dat de sector ook maatschappelijke uitdagingen moet ondersteunen. De commissie heeft Berenschot gevraagd onderzoek te doen naar de randvoorwaarden rondom het stelsel die de groeipotentie van de sector kunnen bevorderen. Het onderzoek is in overleg met de voorbereidingsgroep afgebakend tot de culturele sector plus het deel van de creatieve sector dat de productie en presentatie van culturele uitingen omvat. Aandacht gaat daarbij vooral uit naar culturele instellingen en individuele makers.

De kern van de onderzoeksvragen die de commissie voor het onderzoek heeft meegeven zijn: • Op welke manieren kan de culturele sector bijdragen aan maatschappelijke opgaven, en welke van deze manieren dragen tevens bij aan het verdienvermogen van deze sector? • Welke randvoorwaarden (inclusief eventuele stelselwijzigingen) zijn nodig om de bijdragen van de culturele sector aan maatschappelijke opgaven te kunnen verwezenlijken en om het verdienvermogen en de financiële stabiliteit van de sector te bevorderen? “ Uit het onderzoek komt naar voren dat de inkomsten van de culturele sector tussen de jaren 2009 en 2019 (het laatste representatieve jaar voor de coronacrisis) maar met 4% zijn toegenomen, ten opzichte van een toename van 30% van het bruto binnenlands product in diezelfde periode. Inkomsten vanuit de eigen organisatie of vanuit private organisaties zijn voor de culturele sector maar in beperkte mate toegenomen. De afname van subsidies in de afgelopen jaren hebben ervoor gezorgd dat deze directe opbrengsten dit nauwelijks compenseren. Daarnaast had de coronapandemie veel invloed op de gehele maatschappij en daarmee ook op de culturele sector met de vele sluitingen en beperkingen. Berenschot concludeert: “De culturele sector heeft nieuw perspectief nodig in het vergroten van het verdienvermogen, want bestaande geldstromen nemen niet toe.”

3

https://www.berenschot.nl/nieuws/groeipotentie-culturele-sector-met-bijdrage-maatschappelijke-opgaven

pagina 6/28

3.2 Bijdragen aan sociale doelstellingen Dat kunst en cultuur een bijdrage kunnen leveren aan het bereiken van doelstellingen in het sociaal domein is al jaren bekend. Het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) beschrijft in de whitepaper4 ‘Zo zet je als gemeente cultuurbeoefening in en dit levert het op’ het volgende: “Kunst en cultuur zijn namelijk bewezen bouwstenen voor een stevige sociale basis. Actieve cultuurdeelname benadert mensen vanuit wat ze wél kunnen. Het vergroot mentale veerkracht, zodat ze terug kunnen veren na tegenslag. Het werkt preventief, omdat je er vaardigheden door ontwikkelt en contacten mee krijgt die je later in kunt zetten. En een activiteit die je plezier geeft en uitdaging biedt zorgt voor zingeving.” Onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) wijst uit dat cultuurbeoefening van positieve invloed is op sociaal, mentaal en fysiek vlak. Door de domeinen en voorzieningen van cultuur, welzijn, participatie en gezondheid met elkaar te verbinden, kun je dit bereiken. In dit rapport van de WHO uit 2019, waarvoor zij ruim 900 onderzoeken analyseerde, stelde zij het volgende vast: het actief of passief beleven van kunst bevordert de gezondheid en het algehele welbevinden. De oproep vanuit het onderzoek richting beleidsmakers was toen om meer te investeren in culturele interventies in de gezondheidszorg.

In het rapport worden vijf categorieën binnen de kunsten die gezondheidsvoordelen kunnen opleveren onderscheiden: Podiumkunsten (muziek, dans, zang, theater, film); Beeldende kunst en vormgeving (beeldhouwen, schilderen, fotografie); Literatuur (schrijven, lezen); Cultuur (het bezoeken van musea, concerten en theater); Online kunstvormen (animatie, digitale kunst). Samengevat stelt de WHO vast er een positieve relatie tussen kunst en gezondheid te vinden is. Uit het merendeel van alle projecten én wetenschappelijke onderzoeken die in de afgelopen jaren gedaan zijn, blijkt dat meedoen aan kunst en cultuur een rol speelt op een of meerdere van de volgende aspecten: • Neurologische mechanismen en fysieke gesteldheid. Muziek, bewegen en dans stimuleren de hersenen; • Psychologische aspecten en mentaal welbevinden. Cultuurdeelname vergroot veerkracht, zelfvertrouwen en zelfrespect, omgaan met uitdagingen en veranderingen, zingeving, invloed op gedrag en stemming; • Sociale aspecten. Participeren in cultuur bevordert het opbouwen van een sociaal netwerk en het leren kennen van andere perspectieven. Op 7 december 2023 plaatste ZonMW5 een bericht waarin het volgende wordt aangegeven: “Onderzoek toont aan dat kunstbeoefening door ouderen een positief effect heeft op hun gezondheid én zorgt voor minder zorgkosten”.

ZonMW verwijst vervolgens naar een artikel op de website van MMNieuws6 (een platform voor de creatieve en culturele industrie) waarin een nadere toelichting wordt gegeven. Hiernaast geeft ZonMW aan dat zij in samenwerking met het Lang Leve Kunst Fonds een landelijke SROI (social return on investment) uitgevoerd zal gaan worden in 2024 om inzicht te krijgen in de opbrengsten van de inzet van kunst en cultuur in de langdurige zorg. Dit omdat gebleken is dat zorgverzekeraars, overheden en zorgpartijen geïnteresseerd zijn, maar nog terughoudend zijn om hier een financiële bijdrage aan te leveren. Het Lang Leve Kunst Fonds is een initiatief van Fonds Sluyterman van Loo en Stichting RCOAK en deze twee fondsen hebben in 2019 een opdracht aan PwC gegeven om onderzoek te doen naar de effecten van kunstbeoefening door ouderen. Uit dit onderzoek bleek dat een investering van €250 per jaar per unieke deelnemer aan een culturele activiteit, een mogelijke besparing van circa € 104 miljoen op zorgkosten zou kunnen opleveren. Hierbij is uitgegaan van de totale 75+ -

4

https://www.lkca.nl/artikel/zo-zet-je-als-gemeente-cultuurbeoefening-in-en-dit-levert-het-op/

5

https://www.linkedin.com/posts/zonmw-ouderen_kunstbeoefening-zorgt-voor-levensplezier-activity7138168988705906689-Z_nT/?originalSubdomain=nl 6 https://www.mmnieuws.nl/article/kunstbeoefening-zorgt-voor-levensplezier-van-ouderen-en-minder-zorgkosten/ pagina 7/28

populatie van Nederland. De overtuiging dat kunst- en cultuurinterventies een bijdrage kunnen leveren aan het uitstellen van structurele opname is gebaseerd op drie uitgangspunten: het vergroten van zelfredzaamheid, het uitstellen van het ontstaan van dementie en het ontlasten van de mantelzorger. Vanuit preventie bekeken wordt de impact nog verder vergroot, als ouderen tussen de 65 en 74 jaar deelnemen activiteiten op het gebied van kunst en cultuur. Een aantal andere belangrijke bevindingen zijn dat de impact van de kunstbeoefening vrijwel alle aspecten van positieve gezondheid raakt en als enige interventie effect heeft op de dimensie zingeving. Als we kijken naar het kwadrant individueel-welzijn (rechtsonder) van de betekenissen cirkel van Blueyard Stel voor: (figuur 1 op pagina 4) zien we onder andere de betekenis Een oudere inwoner neemt wekelijks twee die kunst en cultuur hebben, kijkende naar bijvoorbeeld uur deel aan het project Blijf Aangehaakt in ontmoeting, troost, expressie en ontwikkeling. CulturA & Zo en voelt zich hierdoor minder Bovenstaande voorbeelden illustreren wat het belang eenzaam. Gevoel van eenzaamheid en voor het functioneren van mensen is en voor het weinig sociale contacten zouden aanleiding verstevigen van de sociale basis.

Uit onderzoek van de kunnen zijn tot een indicatie voor een Wmo Universiteit Maastricht7 uit 2021 over eenzaamheid blijkt dagbesteding licht (1x p.w.) dat het, naast de geestelijke nood die mensen ervaren Kosten per dagdeel 36 euro door ernstige of zeer ernstige eenzaamheid, tot een jaar Kosten per jaar (o.b.v. 46 weken) 1.656 later nog 40 tot 50 procent hogere zorgkosten met zich euro meebrengt ten opzichte van mensen die zich niet Bron: Verkenning Maatschappelijke eenzaam voelen. Onder jonge mensen tussen 19 en 40 Prijslijst 2022 Verwey-Jonker Instituut jaar is dit verschil in gemaakte zorgkosten het grootst, blijkt uit de studie onder bijna 350.000 Nederlanders. Omgerekend naar de volledige Nederlandse bevolking gaat het om een bedrag van ongeveer 2 miljard euro aan zorgkosten per jaar. In hoofdstuk 4 staan we stil bij de uitkomsten van het onderzoek naar de maatschappelijke waarde van CulturA & Zo. Alvast een klein tipje van de sluier in relatie tot het ervaren van eenzaamheid naar aanleiding van het bovengenoemde onderzoek: 54% van de geënquêteerden heeft aangegeven dat zij zich minder eenzaam voelen door CulturA & Zo. 3.3 De bibliotheek en sociale doelstellingen Ook de bibliotheek, als culturele organisatie, speelt een belangrijke rol als het gaat om het bereiken van zowel culturele als sociale doelstellingen.

De bibliotheek biedt vijf maatschappelijke functies, die vastgelegd zijn in de Wet Stelsel Openbare Bibliotheekvoorzieningen: Kennis en informatie beschikbaar stellen Bijvoorbeeld door boeken uit te lenen, een informatiepunt digitale overheid in te richten, en informatiebijeenkomsten te organiseren over gezondheid, vrijwilligerswerk of duurzaamheid. Mogelijkheden bieden voor ontwikkeling en educatie Bijvoorbeeld door taaltrainingen te geven aan volwassenen die niet goed kunnen lezen en schrijven, of om op lagere scholen een les over mediawijsheid te geven, bijvoorbeeld om nepnieuws te herkennen. Stimuleren om te lezen Bijvoorbeeld door leesclubs op te zetten, voorleesmiddagen te organiseren of door ouders en medewerkers van kinderdagverblijven te stimuleren om voor te lezen. Ontmoetingen en debatten organiseren Bijvoorbeeld door een themacafé, lunch, quiz of markt te organiseren of het organiseren van verkiezingsdebatten. Mensen laten kennismaken met kunst en cultuur Bijvoorbeeld door lezingen, exposities, films, concerten, stadswandelingen, workshops en voorstellingen te organiseren.

7

https://www.maastrichtuniversity.nl/nl/nieuws/aanpakken-eenzaamheid-drukt-ook-zorgkosten

pagina 8/28

In een artikel van Bibliotheeknetwerk 8 over de maatschappelijke waarde en effecten van bibliotheken valt te lezen dat de bibliotheek een belangrijke rol speelt als het gaat om niet alleen leesplezier, maar ook persoonlijke ontwikkeling en educatie, leesbevordering voor de jeugd, sociale samenhang een stad of dorp, sociale ontmoetingsplaats en het economisch welzijn van individuen (denk aan het Informatiepunt Digitale Overheid). Bibliotheek Oostland heeft in 2021 en 2022 in samenwerking met adviesbureau Strategos onderzoek gedaan naar de tevredenheid over de dienstverlening van de bibliotheek en wat daarbij de impact op de inwoners is. De uitkomsten sluiten aan bij de conclusies zoals vermeld in het artikel van Bibliotheeknetwerk.

Figuur 2: Praatplaat de maatschappelijke waarde van Bibliotheek Oostland

3.4 Verankering van cultuur De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft begin 2024 de propositie ‘Samen cultuur borgen’ gepubliceerd. De propositie is langs vier pijlers opgebouwd: Cultuurwaarde; Cultuurstimulering; Cultuurspreiding; Cultuurfinanciering. In de propositie wordt uitgegaan van een tiental vertrekpunten, zoals hieronder weergegeven: In het hoofdstuk 2 ‘Cultuurwaarde’ wordt gerefereerd aan de wezenlijke toevoeging die cultuur heeft aan het maatschappelijk samenleven. De meerwaarde van cultuur is niet alleen in zichzelf te vinden, maar komt ook ten goede aan andere opgaven rondom bijvoorbeeld (mentaal) welbevinden, positieve gezondheid, jeugdproblematiek, ruimtelijke vraagstukken en sociale spanningen. Deze waarde van cultuur vraagt dan ook om de erkenning van cultuur als publiek goed, wat, net als voor zorg en onderwijs, als een publieke verantwoordelijkheid gezien moet worden. Ook wordt het belang van letterlijk en figuurlijk ‘gezien worden’ door andere beleidsdomeinen beschreven. De toenemende erkende meerwaarde van cultuur voor andere opgaven als welzijn en veiligheid komen vaak op rekening van het beperkte cultuurbudget.

8 https://www.bibliotheeknetwerk.nl/artikel/de-maatschappelijke-waarde-en-effecten-van-bibliotheken

pagina 9/28

Dit sluit aan bij de conclusies die getrokken worden in het rapport van de Raad voor Cultuur 9 ‘Toegang tot cultuur’ uit januari 2024. Hierin wordt stilgestaan bij de intrinsieke en de extrinsieke waarde van cultuur. De extrinsieke waarde wordt in het rapport onderverdeeld in de maatschappelijke waarde en de economische waarde. De maatschappelijke waarde van cultuur wordt gezien in het positieve effect op de mentale en fysieke gezondheid. Hieraan wordt ook gerefereerd in diverse hierboven beschreven paragrafen. In de propositie van de VNG is ook stilgestaan bij cultuurstimulering (hoofdstuk 3). Hierin wordt beschreven dat gemeenten kunnen bijdragen aan het stimuleren van cultuurbeoefening door onder andere betaalbare en herkenbare plekken in gemeenten te hebben om cultuur en erfgoed te beoefenen, te maken en te presenteren. Cultuur wordt dan ook bij uitstek een plek van ontmoeting genoemd. 3.5 Financiering In het reeds genoemde onderzoek van Berenschot constateren zij dat het merendeel van de culturele initiatieven, projecten en activiteiten die gericht zijn op maatschappelijke opgaven en doelstellingen worden bekostigd vanuit zogenaamde ‘culturele potjes’, oftewel geldstromen die al bestemd zijn voor de culturele sector.

Zij zien een grote kans voor het vergroten van inkomsten voor culturele organisaties bij het benutten van financiën uit de sectoren, zoals het sociaal domein, die profiteren van de bijdragen die vanuit de culturele sector geleverd worden aan maatschappelijke vraagstukken. Ook in de propositie van de VNG (hoofdstuk 5 Cultuurfinanciering) wordt beschreven dat de meerwaarde van cultuur, voor bijvoorbeeld welzijn, op rekening komen van cultuurbudget. Rondom de financiering van cultuur wordt in de propositie niet alleen beschreven dat een vanzelfsprekende publieke cultuurfinanciering, niet afhankelijk van politieke volatiliteit en bezuinigingsnoodzaak, een doelstelling is, maar ook dat gemeenten hieraan kunnen bijdragen door een meerjarig financieel kader voor lokale culturele basisvoorzieningen, regelmatige en realistische indexering van subsidies en het inzetten van cultuur waar dit gepast is voor opgaven rondom veiligheid, zorg en ruimtelijke inrichting. Ook als gekeken wordt naar de bibliotheken zien we de aandacht voor de financiering en wettelijke verankering terug. In 2020 hebben het rijk, gemeenten, provincies en de KB nationale bibliotheek een convenant getekend met de focus op drie grote, maatschappelijke opgaven: Bevorderen van geletterdheid en leesplezier; Participatie in de informatiesamenleving; Een leven lang ontwikkelen.

Daarmee is de bibliotheek, in de woorden van de voorzitter van de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) Cees Van Eijk, “een beleidsinstrument geworden om belangrijke thema’s in de samenleving op te pakken.” Het oppakken van belangrijke thema’s in de samenleving is geen vrijblijvendheid. In 2023 is er 18,7 miljoen euro voor gemeenten beschikbaar gesteld. In 2024 gaat het om 38,4 miljoen euro, oplopend tot structureel 54 miljoen euro vanaf 2025. Gemeenten krijgen vanaf 2025 een ‘zorgplicht’ voor een toekomstgerichte bibliotheekvoorziening. Met deze ‘zorgplicht’ moeten gemeenten de aanwezigheid van en de toegang tot de bibliotheek wettelijk verankeren. 10 De Raad voor Cultuur beschreef in het advies ‘De culturele basis op orde’ ook de bijdrage die de culturele sector levert aan de economie. “De culturele en creatieve sector (inclusief media) draagt jaarlijks 25,5 miljard euro bij aan het bruto nationaal product (3,7 procent). De totale sector is goed voor zo’n 320 duizend banen, 4,5 procent van de totale werkgelegenheid. Daarin zijn de omzet en werkgelegenheid in aanpalende sectoren als horeca, beveiliging, infrastructuur en techniek niet meegerekend.”

9

https://www.raadvoorcultuur.nl/actueel/nieuws/2024/01/26/toegang-tot-cultuur-op-weg-naar-een-nieuw-bestel-in2029 10 https://vng.nl/artikelen/de-comeback-van-de-bieb pagina 10/28

Uit bovenstaande komt de meerwaarde van het inzetten en benutten van kunst en cultuur als het gaat om de maatschappelijke bijdragen duidelijk naar voren en in breder verband hoeveel de culturele en creatieve sector bijdraagt aan de economie. Tevens wordt duidelijk dat de bekostiging van deze bijdragen vanuit kunst en cultuur aan maatschappelijk vraagstukken veelal (of zelfs exclusief) vanuit zogenaamde ‘culturele potjes’ komt en dat een publieke cultuurfinanciering van belang is. De Raad voor Cultuur geeft als aanbeveling om met de ‘Kaderwet cultuur’ een wettelijke basis van cultuur te vormen. Met deze ‘Kaderwet’ is de zorg van provincies en gemeenten voor cultuur verankerd en kunnen de verschillende bestuurslagen meer als één overheid verantwoordelijkheid nemen voor cultuur in Nederland. 3.6 Verantwoording Zoals in het bericht van ZonMW benadrukt wordt, is het van belang om inzicht te krijgen in de opbrengsten van de inzet van kunst en cultuur. Om budget vanuit andere bronnen te kunnen benutten, is het belangrijk om meer inzicht te verkrijgen in wat de investering oplevert. Berenschot benoemt in het onderzoek dat zij in juni 2023 voor de Vaste Commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) van de Tweede Kamer heeft gedaan, dat juist deze toetsing gecompliceerd is.

Het aantoonbaar effect van cultuur aan maatschappelijke vraagstukken levert zelden harde data op die deze bijdrage onderbouwen. Ze geven aan dat het opleggen van kaders en regels het werken aan creatieve oplossingen niet ten goede komen. Concreet geven zij het volgende aan: “De bewijslast van culturele interventies zit in ervaring, beleving en getuigenissen. Dat is niet te vangen in een prestatie-indicator; bekijk niet de getallen maar de gevallen”. 3.7 Hoe vertaalt dit zich tot CulturA & Zo? CulturA & Zo heet niet voor niets &Zo en niet meer Cultura, zoals het voor de overname heette. Dit heeft te maken met de meerwaarde die de multifunctionele accommodatie heeft door de kruisbestuiving van de vele verschillende soorten functie in één gebouw. Niet alleen de verschillende functies, maar ook de &Zo factor bij activiteiten zorgen ervoor dat bezoekers dat beetje extra ervaren. Een voorbeeld hiervan is Film & Zo. Je komt niet alleen een film kijken, maar ervaart bijvoorbeeld een film met een Franse maaltijd, waarbij je met elkaar aan grote tafels eet. Het is dus niet cultuur en een avondje uit, maar ook contact maken en mensen ontmoeten. Hier zie je ook weer die kruisbestuiving van de verschillende functies terug. Het gaat niet (alleen) om het entertainment van de film, maar het gaat om het contact maken, het ontmoeten.

De hoeveelheid burgerinitiatieven laat ook zien dat onze inwoners CulturA & Zo weten te vinden en dat zij hierin door CulturA & Zo ondersteund worden om het idee tot uitvoering te brengen. Het geeft niet alleen energie aan de inwoner om het idee van de grond te krijgen, maar draagt ook bij aan het gevoel van eigen regie, het leggen van contacten, verbinding en aan een sociale basis. Dit komt ook naar voren in de uitkomsten van en de schriftelijke reacties op het onderzoek naar de maatschappelijke waarde, die in het volgende hoofdstuk toegelicht worden. Ook de programmering laat de &Zo factor zien. Als we kijken naar de programmering van CulturA & Zo komt duidelijk naar voren dat er meer lokale programmering is dan culturele (professionele) programmering. Er wordt dus veel geïnvesteerd in een podium geven aan de lokale verenigingen. Kijkende naar de activiteiten is ditzelfde zichtbaar. Een voorbeeld hiervan is het participatietheater. In 2022 heeft CulturA & Zo in samenwerking met theatermaker Simone Hofman de voorstelling ‘Ik rouw van jou’ op de planken gebracht. In 2024 wordt er, ondersteund door een financiële bijdrage vanuit een aangevraagd fonds en in samenwerking met gro-up, met 15 jongeren gewerkt aan participatietheater over mentale gezondheid.

Gedurende tien weken werken de jongeren samen met ervaren regisseurs en jongerenwerken aan een inspirerende theatervoorstelling. Beide voorstellingen zijn een voorbeeld van hoe cultuur en sociaal domein samenkomen vanwege de &Zo factor van CulturA & Zo.

pagina 11/28

4. De maatschappelijke waarde van CulturA & Zo In hoofdstuk 3 is uitgebreid stilgestaan bij de bijdrage die kunst en cultuur kan leveren aan maatschappelijke opgaven en de uitkomsten van diverse (wereldwijde) onderzoeken die hiernaar gedaan zijn. Tevens is aangegeven dat het meetbaar maken van het effect van cultuur aan maatschappelijke vraagstukken maar zelden harde data oplevert om de bijdrage te onderbouwen. Berenschot beschreef naar aanleiding van deze conclusie al dat de bewijslast te vinden is in de ervaring, beleving en getuigenissen. In dit hoofdstuk worden enkele conclusies op hoofdlijnen vanuit het onderzoek dat onderzoeksbureau Strategos gedaan heeft naar de maatschappelijke waarde van CulturA & Zo beschreven. 4.1. Behoefte aan meer inzicht aan wat CulturA & Zo oplevert Bij de behandeling van de aanvullende subsidie van CulturA & Zo in maart 2023 is door de gemeenteraad uitgebreid stilgestaan bij de maatschappelijke baten die de activiteiten van CulturA & Zo opleveren en het (voor zover mogelijk) meetbaar maken van de maatschappelijke effecten van die activiteiten. Zoals in paragraaf 3.3 te lezen is heeft Bibliotheek Oostland in samenwerking met adviesbureau Strategos in 2021 en 2022 onderzoek gedaan naar hoe tevreden men is over de dienstverlening van de bibliotheek en wat daarbij de impact is op de inwoners van Pijnacker-Nootdorp.

In samenwerking met Strategos is er oktober en november 2023 onderzoek gedaan naar de maatschappelijke waarde van (het aanbod en de activiteiten) van CulturA & Zo. De volgende doelgroepen zijn benaderd om de vragenlijst in te vullen: - Nieuwsbrieflezers (digitaal); - Bezoekers (fysiek); - Vrijwilligers (digitaal); - Huurders (digitaal); - Overige gebruikers (fysiek en digitaal); - Gemeente (digitaal). De conclusies van het onderzoek zijn in onderstaande praatplaat vormgegeven.

Figuur 3: Praatplaat maatschappelijke waarde CulturA & Zo

pagina 12/28

Figuur 4: Praatplaat maatschappelijke waarde CulturA & Zo quotes en conclusies

Voor het volledige onderzoek, inclusief alle schriftelijke reacties op de vragen (de zogenaamde getuigenissen zoals Berenschot beschrijft), wordt verwezen naar bijlage 3 Rapport maatschappelijke waarde CulturA & Zo.

pagina 13/28

5. Cultuuruitgaven regio Iedere gemeente beschikt over een bepaalde vorm van culturele infrastructuur, waarbij niet alleen de bibliotheken, maar ook muziekscholen, dansscholen en het verenigingsleven een belangrijke rol spelen. Deze culturele infrastructuur vraagt, afhankelijk van de grootte van de gemeente en de eventuele aanwezigheid van bijvoorbeeld zogenaamde BIS-instellingen11, om een (structurele en incidentele) financiële ondersteuning, die veelal in de vorm van subsidies plaatsvindt. In dit hoofdstuk worden de gemeentelijke uitgaven aan cultuur in de regio inzichtelijk gemaakt. 5.1 Gemeentelijke uitgaven aan cultuur In de memo ‘Van CulturA Naar Beter’, dat als onderligger diende voor het voorstel aan de gemeenteraad in maart 2023, is stilgestaan bij de cultuuruitgaven in de regio. In 2018 is in het Regioprofiel Haaglanden12 de uitgaven aan cultuur voor de gemeenten in Haaglanden in beeld gebracht. Deze gegevens zijn ook meegenomen in de Cultuurnota Verbinden door cultuur uit 2019. Op basis van de gegevens uit 2018 werd duidelijk dat de uitgaven in Pijnacker-Nootdorp aan cultuur aan de onderkant lagen.

Tabel 1: Gemeentelijke uitgaven aan cultuur (Regioprofiel Haaglanden, 2018)

Sinds 2018 zijn er op het gebied van uitgaven aan cultuur diverse veranderingen geweest, waaronder structureel budget voor de uitvoering van de Cultuurnota Verbinden door cultuur en de subsidie aan CulturA & Zo, waardoor het bedrag per inwoner omhoog is gegaan. Op basis van een schatting van de uitgaven in 2022 (waarbij geen rekening is gehouden met toegekende compensatie vanwege corona aan organisaties in het culturele veld) kan gesteld worden, dat Pijnacker-Nootdorp qua cultuuruitgaven per inwoner nog steeds relatief laag zit op basis van het totaal aantal inwoners.

11

De culturele basisinfrastructuur (bis) is een vierjarig subsidieverlening aan culturele instellingen op het gebied van podiumkunsten, regionale musea en sectorcollecties, beeldende kunst, film, letteren en ontwerp, ontwikkelfunctie en bovensectorale ondersteunende instellingen. 12 https://www.cultuurschakel.nl/over-ons/cultuurschakel/archief-cultuurschakel-over-ons/onze-aanpak/cultureel-denhaag-2021-2024/culturele-documenten/regioprofiel-haaglanden/ pagina 14/28

5.2 Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies Op verzoek van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)13 een onderzoek uitgevoerd waarin de cultuurlasten uit de jaarrekening 2020 en 2021 van gemeenten en provincies in meer detail zijn uitgevraagd dan in de reguliere uitvraag Iv3 (Informatie voor derden) het geval is. In de onderstaande tabellen zijn de cultuurlasten voor 2020 en 2021 in gecomprimeerde versie vormgegeven. Het volledige bestand met de uitsplitsing van de totalen is terug te vinden op de website van het CBS.

2020 Delft Den Haag Lansingerland Leidschendam-Voorburg Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Wassenaar Westland Zoetermeer

Cultuuruitgaven Inwoneraantal totaal (in euro's 1-1-20202 per inwoner 103.595 167 545.838 205 62.384 23 76.534 54 19.341 34 55.308 35 54.450 104 26.305 54 110.375 59 125.285 120

Tabel 2: Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies 2020 (CBS, 2022)

2021 Delft Den Haag Lansingerland Leidschendam-Voorburg Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Wassenaar Westland Zoetermeer

Cultuuruitgaven Inwoneraantal totaal (in euro's 1-1-2021 per inwoner 103.581 182 548.320 229 63.363 22 76.433 58 19.414 33 55.674 37 55.220 126 26.949 56 111.382 68 125.267 102

Tabel 3: Detaillering cultuurlasten gemeenten en provincies 2021 (CBS, 2022)

Een belangrijke kanttekening bij deze cijfers is dat deze een vertekend beeld geven als gevolg van de coronacrisis. Dit heeft te maken met de rijksmiddelen en subsidie provincie Zuid-Holland, waarvoor steun verstrekt is aan het culturele veld.

13

https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/aanvullende-statistische-diensten/2022/detaillering-cultuurlasten-gemeenten-enprovincies-20202021?onepage=true#:~:text=3.2%20Resultaat%20detaillering%20cultuurlasten%20gemeenten,cultuur%20gespendeerd% 20dan%20in%202019. pagina 15/28

6. Businesscase De overname van Cultura Nootdorp door Stichting CulturA & Zo is gebaseerd op een businessplan, dat door Stichting CulturA & Zo opgesteld is. Na vier jaar is duidelijk dat het businessplan van destijds niet meer aansluit bij de huidige praktijk. Tijdens de besluitvorming van de gemeenteraad over de aanvullende subsidie voor CulturA & Zo voor 2023 en 2024 is uitgebreid stilgestaan bij diverse vragen over het ambitieniveau van CulturA & Zo, de uitgaven aan cultuur in de gemeente en meer specifiek aan CulturA & Zo, de businesscase van destijds en de invloed van de huidige werkwijze waardoor de wens is om tot een nieuwe businesscase te komen. In dit hoofdstuk wordt de belangrijkste conclusies vanuit de vernieuwde businesscase toegelicht. 6.1 Conclusies vernieuwde businesscase Op basis van de vernieuwde businesscase van CulturA & Zo worden de belangrijkste conclusies hieronder opgesomd: 6.1.1 Terugblik De doelstelling om de huiskamer van het dorp te zijn, heeft geleid tot een groter aantal lokale en sociaal-maatschappelijke samenwerkingen en initiatieven vanuit burgerparticipatie. Niet alleen het aantal is hoger dan voorzien, maar ook (en vooral) de tijd die nodig is om deze samenwerkingen en initiatieven te ondersteunen en te faciliteren. 6.1.2 Programmering Er wordt gestreefd naar een combinatie van professionele, sociaal-maatschappelijk en lokale programmering.

Hier is veel vraag naar, zowel vanuit de inwoners, als vanuit het sociaalmaatschappelijke en lokale veld (o.a. de amateurverenigingen). Daarnaast wordt het podium geboden aan lokaal talent. Hier wordt de theaterzaal bewust op een aantal dagdelen vrij voor gehouden. Het aantal voorstellingen dat per jaar plaatsgevonden heeft, is tussen 2019 en 2021 meer geweest dan datgene dat binnen het ambitieniveau opgenomen was. Dit heeft ook te maken met het feit dat de voorstellingen, passend binnen het ‘& Zo’ concept, vanuit diverse uitgangspunten (sociaal, cultureel, professioneel) aangeboden werden. 6.1.3 Verhuur CulturA & Zo beschikt over een zestal verhuurbare ruimtes. Voor deze ruimtes geldt een maatschappelijk verhuurtarief, dat jaarlijks geïndexeerd wordt. Van de zestal verhuurbare ruimtes zijn er een drietal ruimtes ook beschikbaar voor de zakelijke verhuur, waarvoor commerciële tarieven gelden. De beschikbare ruimtes binnen CulturA & Zo worden gemiddeld 37 weken per jaar gehuurd door een groot aantal vaste huurders. De vraag naar verhuurbare zaalruimte neemt nog steeds toe, ondanks het feit dat er ook ruimte vrij komt door bijvoorbeeld het vertrek van de SWOP. CulturA & Zo wil, om een meer gespreide bezettingsgraad te realiseren, zich de komende jaren nog meer gaan richten op scholen en bedrijven.

6.1.4 Horeca De horecavoorziening werd tot begin 2024 geëxploiteerd door een externe partner. Er is voor gekozen om het jaar 2024 te gebruiken om te onderzoeken in hoeverre de horeca-exploitatie door CulturA & Zo zelf kan worden uitgevoerd, gecombineerd met een groot aantal dagelijkse beheertaken voor CulturA & Zo. Daarbij wordt gekeken naar activiteiten die worden uitgevoerd door stagiaires, stagewerkplaats, het ontmoetingsaspect etc. Vanwege het feit dat CulturA & Zo de horeca-exploitatie op dit moment zelf uitvoert, is de horeca-fee komen te vervallen. Hierdoor is er financiële ruimte om dit (tijdelijk) in eigen beheer op te vangen. De opgedane ervaring in de samenwerking met de horecaexploitanten worden meegenomen in het vormgeven van de verdere plannen rondom de horeca. De horeca in eigen beheer vormt in 2024 wel een risico, mocht dit niet voldoende inkomsten opleveren. In 2024 wordt dit onderzocht en strak gemonitord. Indien dit het geval blijkt te zijn wordt alsnog (weer) naar een externe exploitant gezocht. Daarnaast is het uitvoeren van horeca een nieuwe taak voor CulturA pagina 16/28

& Zo, waarin, in samenwerking met de vorige horeca-exploitanten, wel de nodige ervaring in op is gedaan. Zaken die daarin belangrijk zijn, is dat apparatuur moet zijn goedgekeurd en medewerkers veilig moeten kunnen werken. Mocht de gemeenteraad besluiten om het SCC Pijnacker te gaan ontwikkelen, wordt voorzien dat CulturA & Zo gezamenlijk gaat inkopen voor o.a. de horeca, als besloten wordt om de horeca in eigen beheer te houden. 6.1.5 Organisatie In het oorspronkelijke businessplan zijn foute aannames gedaan over het aantal fte per activiteit. Dit komt omdat niet was ingeschat dat er zoveel meer sociaal-maatschappelijke en lokale partijen gebruik zouden maken van CulturA & Zo en dat er zoveel burgerinitiatieven zouden zijn. Het aantal voorstellingen dat per jaar plaatsgevonden heeft, is tussen 2019 en 2021 meer geweest dan datgene dat binnen het ambitieniveau opgenomen was. Dit heeft zoals reeds beschreven ook te maken met het feit dat de voorstellingen, passend binnen het ‘& Zo’ concept, vanuit diverse uitgangspunten (sociaal, cultureel, professioneel) aangeboden werden. Zoals aangegeven, kon dit succes van tevoren niet voorzien worden. Deze combinatie maakte dat het personeelsbestand overbelast raakte door de snelle groei van het aantal activiteiten.

Hierover zijn gesprekken gevoerd met de gemeente en er is in 2023 twee keer 0,89 fte aan extra inzet voor 2023 en 2024 toegezegd. Er is een enorme toeloop van lokale partijen, scholen bewoners en sportverenigingen en om daar goed mee om te kunnen gaan, is een coördinator evenementen aangenomen en voor een aantal uren een interne technicus. Hierdoor kunnen de kosten voor de inhuur van externe technici naar beneden en biedt dit de mogelijkheid meer stagiaires op te leiden. De verwachting is dan ook dat met die twee keer 0,89 fte extra er voor de komende jaren geen extra personeel nodig is voor de locatie Nootdorp. 6.1.5 Begroting Met de toekenning van de aanvullende subsidie is CulturA & Zo in staat gesteld om de huidige manier van werken met voldoende personeel uit te voeren. Zonder de extra toegekende (incidentele) subsidie was de rek er binnen de oorspronkelijke bezetting uit. Zo wordt er al een groot beroep gedaan op vrijwilligers, is de prijs van de kaartjes voor het theater redelijk gemiddeld, is het niet verstandig om deze duurder te maken dan de prijzen van de theaters in de regio en zitten de inkomsten van de verhuur aan hun maximum, omdat de zalen veelal vol zitten. Hiernaast is Stichting CulturA & Zo al actief op het gebied van fondsenwerving, waarmee tussen 2020 en 2023 zo’n €240.000 toegekend is.

Bij een deel van deze toekenningen gaat het om middelen die inzet zijn voor kosten waarvoor de gemeente verantwoordelijk is, zoals vervanging van het licht en geluid en de theaterstoelen. Hiermee zijn de kosten voor vervanging voor de gemeente lager uitgevallen. Wel zijn bedrijven een potentiële bron van inkomsten, maar is hiervoor personeel nodig om dit op te pakken, uit te werken en te begeleiden. De kosten gaan hier dus voor de baten uit. Het aantal fte is toereikend om de activiteiten die op dit moment en in de komende jaren plaatsvinden en die voorbereid worden (samenwerking met bedrijven, nauwere samenwerking met onderwijs en kinderopvangorganisaties), vorm te blijven geven. Op basis van de capaciteit van het gebouw en de activiteiten die binnen deze capaciteit vormgegeven kunnen worden, zorgt de aanvullende subsidie voor een structurele voortgang. Dit staat los van de invloed van marktontwikkelingen, zoals CAO-verhogingen en schoonmaakkosten op de subsidie voor de komende jaren. CulturA & Zo gaat ervan uit dat deze gedekt worden op basis van reële indexering van de exploitatiesubsidie. Er wordt voorzien dat er geen aanvraag gedaan wordt de komende jaren voor extra activiteiten en personeel, los van de extra toegezegde twee keer 0,89 fte. De meest recente en goedgekeurde begroting is de begroting van 2024.

De begroting voor 2025 wordt vastgesteld in de vergadering van maart 2024 van de Raad van Toezicht. Voor de volledige businesscase verwijzen wij u naar bijlage 1 Businessplan CulturA & Zo Nootdorp en bijlage 2 Meerjarenbeleidsplan CulturA & Zo.

pagina 17/28

7. Contra-expertise businessplan CulturA & Zo Om de onafhankelijkheid van de beoordeling van de hernieuwde businesscase van CulturA & Zo voldoende te kunnen borgen, is er een externe adviseur gevraagd deze te beoordelen. Hester van Beek van HvB Advies richt zich met haar bedrijf op strategisch advies en interimmanagement voor de culturele sector, maatschappelijke organisaties, gemeenten en onderwijs op het gebied van: innovatie, beleid, programmaontwikkeling, fondsenwerving, huisvesting en business development. Het volledige cv van Hester van Beek is terug te vinden in de rapportage, die toegevoegd is als bijlage 4. Op basis van haar rapportage komt de volgende conclusie naar voren: Op basis van deskundige en onafhankelijke analyse concludeer ik dat het businessplan van CulturA & Zo over het algemeen solide is en een goede weerspiegeling is van de benodigde inzet voor activiteiten, haalbaarheid van beheer en exploitatie en risico’s en vooruitzichten. Het aangegeven benodigde subsidiebedrag in de begroting 2024 is realistisch en geldt als een minimale basis om invulling te kunnen geven aan de doelstellingen van de stichting (beheer, programmering en exploitatie). Met minimale basis wordt bedoeld dat er zeer efficiënt gekeken is naar inzet van subsidie voor huisvesting, fte en activiteiten.

Een punt van aandacht daarbij is dat in de huidige begroting geen bedrag voor dotatie aan bestemmingsreserves is opgenomen. Een stichting als CulturA & Zo heeft een minimale basis aan continuïteitreserves nodig om tegenvallers en onverwachte kosten op te kunnen vangen. Deze conclusie wordt onderbouwd door: -

-

Een realistisch overzicht van inzet van fte om het pand in de basis goed kunnen beheren met alle werkzaamheden die daarbij komen kijken; Ruime ervaring en goede kijk op hoe de locatie nu functioneert met diverse vormen van programmering en wat daarvoor nodig is; De organisatie heeft duidelijk inzicht in ontwikkelpunten, risico’s en beheersmaatregelen; Bereid om zelf ondernemend te zijn in zorgen voor hoge bezetting door verhuur; Bereid om voor specifieke eenmalige investeringen en activiteiten een derde geldstroom te genereren (cultureel ondernemerschap); Grote mate van bezoek en zeer goede resultaten uit het onafhankelijke onderzoek, waaruit blijkt dat een dergelijke accommodatie nodig en gewenst is, met de openingstijden zoals geschetst; Een vergelijking met andere kleine individuele podia en dorpshuizen waarin subsidiering vele malen hoger is.

CulturA & Zo heeft zich afgelopen jaren ontwikkeld tot een sterk en vitaal cultureel-sociaal maatschappelijk centrum, een vitale en essentiële plek in de Nootdorpse samenleving. Dit blijkt uit het onafhankelijk onderzoek en uit het jaarverslag. CulturA & Zo levert een aanzienlijke bijdrage aan de maatschappelijke impact voor de lokale gemeenschap. Juist de combinatie van functies maakt dat beheer op een efficiënte en accurate manier kan worden ingezet. Dit blijkt ook uit de hoogte van de subsidieaanvraag in vergelijking met andere accommodaties als dorpsen buurthuizen en/of kleinschalige podia. Met enkele gerichte verbeteringen, zoals omschreven in het businessplan, kan het centrum zijn bereik en impact verder vergroten en een toonaangevende rol blijven spelen in de culturele en maatschappelijke ontwikkeling van Nootdorp en de gehele gemeente. In het businessplan wordt een duidelijk en realistisch beeld geschetst van de ervaringen en leerpunten uit 2022/2023, in relatie tot de ontwikkelingen in de gemeente en maatschappij komende jaren, denk aan bevolkingsopbouw, ontwikkeling van vraag naar ruimte vanuit de gemeenschap en daarmee het gebruik van het gebouw. Om invulling te kunnen geven aan deze ontwikkelingen, dient er een basissubsidie te worden beschikt om CulturA & Zo in staat te stellen toekomstbestendig te kunnen blijven werken aan de doelstellingen en toenemende vraag.

pagina 18/28

In het rapport worden enkele aandachtspunten benoemd en aanbevelingen gedaan voor de gemeente en Stichting CulturA & Zo: -

Meerjarensubsidie; Opbouwen van bestemmingsreserves; Duidelijkheid over verwachtingen rondom inzet subsidie; Afspraken over verwachtingen inkomsten uit verhuur en verhouding huur; Afspraken over weergave en evaluatie van doelen.

Voor het volledige advies en de aanbevelingen verwijzen wij u naar bijlage 4 Rapport contraexpertise Businessplan CulturA & Zo.

pagina 19/28

8. Ervaringen theaters omgeving CulturA & Zo vervult verschillende functies, waaronder de functie van theater. Een één op één vergelijk valt niet te maken, maar in dit hoofdstuk worden de verschillende gesprekken met theaterdirecteurs- of managers samengevat, om inzicht te geven in eventuele overeenkomsten en kansen. 8.1 Uniek concept CulturA & Zo is een uniek concept, gebaseerd op Storyhouse14 in Chester, Engeland. Het feit dat het concept, waar theater, bibliotheek, cultuur, ontmoeten, horeca, welzijn, jeugd en nog veel meer samenkomt, uniek is, zorgt er ook voor dat er moeilijk een vergelijk te maken valt met andere organisaties. CulturA & Zo heeft meerdere functies, waardoor mensen verleid worden om andere dingen te doen dan waarvoor ze kwamen. Dit zorgt ervoor dat er meer en beter aan sociaal maatschappelijke doelstellingen gewerkt kan worden. Het biedt als neutrale en toegankelijke plek de mogelijkheid tot ontmoeting tussen jong en oud. Vanuit binnen- en buitenland zijn er bezoeken geweest om het unieke concept toe te lichten, CulturA & Zo heeft hierin een voorbeeldfunctie. Er zijn zo’n 174 organisaties die een dergelijke transitie (naar multifunctionele organisatie (MFO)) willen ondergaan. Er worden reeds gesprekken gevoerd over een eigen cao hiervoor en deze organisaties zijn verenigd via de Rijnbrinkgroep, waar Stichting CulturA & Zo ook deel van uitmaakt.

Om toch een beeld te krijgen van de ervaringen van andere theaters in de regio, hebben er gesprekken plaatsgevonden met een vijftal directeuren/ managers van theaters. Onderstaand wordt een korte samenvatting gegeven van de gesprekken over de mogelijkheden en onmogelijkheden van de theaters. 8.2 Gesprekken theaters Stadstheater Zoetermeer – Charles Droste (Zoetermeer)

Het Stadstheater Zoetermeer beschikt over een tweetal zalen; de Grote Zaal met 780 plaatsen en de kleine zaal met 174 plaatsen. Hiernaast zijn er de theaterfoyer, de artiestenfoyer, de kleine foyer en de stage. Hoe groter een theaterzaal qua aantal stoelen, hoe groter de kans is om te verdienen aan de kaartverkoop. In de praktijk betekent het dat alle theaters geld kosten. Ieder theater wordt gesubsidieerd door de gemeente waar het staat. Het programmeren van voorstellingen (kosten artiest, horeca, ticketsysteem, personeel, afschrijving materiaal etc.) in theaters met een klein aantal stoelen, zoals bij CulturA & Zo het geval is, maar ook voor de kleine zaal in Zoetermeer, is in veel gevallen verliesgevend en in minder gevallen wordt er quitte gespeeld of is er soms sprake van een kleine marge. De kosten die een theater heeft (energie, cao-stijgingen, huur etc.) zijn nooit terug te verdienen door kaartverkoop/horeca/verhuur. Kortom ieder theater in Nederland kan niet zonder steun van de gemeente. Op dit moment stijgen de kosten door de inflatie, energieprijsstijgingen, salarissen zo snel, dat dit niet meer gedekt kan worden door extra kaartverkoop of inkomsten in de horeca. Met de lagere uitkeringen door het gemeentefonds vanaf 2026 voorzien veel theaters nog meer uitdagingen in de exploitatie.

Het duurder maken van de kaarten voor een voorstelling heeft niet het gewenste effect om daarmee meer inkomsten te generen. Dit kan namelijk tot gevolg hebben dat er minder mensen kaarten kopen met alle gevolgen van dien voor de kosten van de voorstelling en voor de horeca, maar ook voor het uit de marktprijzen van het theater. Inkomsten genereren uit sponsoring zijn voor (grote) bedrijven vaak pas interessant als het theater groot is en grote namen aantrekt. Hiernaast is dit sponsorgeld veelal incidenteel geld en kan dus niet worden gebruikt om structurele lasten te dekken. Commerciële verhuur van ruimtes levert in de praktijk ook niet altijd datgene op waar men naar op zoek is. De inzet van personeel, horeca en energiekosten wegen soms niet op tegen het commerciële tarief dat gevraagd kan worden. Zeker niet als er maar een kleine zaal er beschikking is. Hier meer inkomsten uit kunnen generen, zorgt ervoor dat er minder mogelijkheden zijn voor het verhuren aan maatschappelijke organisaties en inwoners, waardoor 14

https://www.storyhouse.com/

pagina 20/28

dit zijn samenhang voor de lokale gemeenschap verliest. Inzetten op het generen van inkomsten door samenwerkingen aangaan zoals door ‘vrienden van’ kost soms meer dan dat het oplevert en wordt voor de gebruikers pas interessant als ze daardoor de kans krijgen een grote naam/hun favoriete artiest te zien. Daarnaast moet er tijd en energie geïnvesteerd worden in het blijven aantrekken van mensen, waarbij de baten niet altijd opwegen tegen de kosten. Alle verschillende functies (sociaal en cultureel) binnen één gebouw biedt veel kansen als het gaat om het maatschappelijk belang, een plek om elkaar te ontmoeten, een plek waar men zich welkom voelt. Dit heeft een belangrijke preventieve waarde. Om dit te kunnen realiseren en faciliteren, is er personele inzet nodig. In het kader van fair practice betekent dit logischerwijs dat het niet alleen gaat om begaan te zijn met de organisatie die zich hiervoor inzet, maar ook de benodigde financiële middelen hiervoor beschikbaar te stellen. Rijswijkse Schouwburg – Renée van Ingen (Rijswijk) De Rijswijkse Schouwburg beschikt over een tweetal zalen, de grote zaal en de kleine zaal. De grote zaal beschikt over 700 zitplaatsen, verdeel over 22 rijen. De kleine zaal biedt ruimte tot circa 150 personen.

De hoeveelheid functies binnen een gebouw zorgt ervoor dat er veel diversiteit en multifunctionaliteit is, maar brengt ook allerlei disciplines met zich mee, die zich in zetten binnen het gebouw. Op het moment dat je die diversiteit wil behouden, beperkt het de mogelijkheden om (veel) meer commerciële activiteiten te ontplooien. Hiernaast is een businesscase, waarmee maatschappelijke doelstellingen bereikt moeten worden, per definitie niet financieel rond te krijgen zonder dat hier subsidie tegenover staat, omdat de inzet voor het bereiken van de maatschappelijke doelstellingen van invloed is op de mogelijkheden om commerciële inkomsten te genereren. Ook bij de Rijswijkse Schouwburg is er in beperkte mate mogelijkheid om geld te verdienen aan professionele programmering. Om dit te kunnen doen, zouden er alleen maar populaire voorstellingen geprogrammeerd kunnen worden die uitverkocht zijn en dat sluit niet aan bij de doelstellingen over diversiteit in het soort voorstellingen. De verkoopprijs van kaarten is niet zomaar een instrument om te benutten als het gaat om het vergroten van de inkomsten. Er is namelijk niet alleen veel concurrentie op zowel entertainment gebied (pretparken e.d.), maar ook vanuit de culturele sector zelf (b.v. de museumjaarkaart).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13916440/3