26. Bijlage - Jaarstukken 2024
Tekst van het document
Met resultaat: ondernemers en zzp'ers weten ons steeds beter te vinden en we zagen het aantal hulpvragen in 2024 toenemen. Naast een toenemend aantal hulpvragen van ondernemers en zzp'ers zagen we ook een toename aan hulpvragen van particuliere inwoners. Waar de afgelopen jaren het aantal hulpvragen relatief stabiel bleef, was er in 2024 een lichte stijging zichtbaar. Deze trend deed zich ook landelijk voor. Een mogelijke verklaring hiervoor is het stoppen van de steunmaatregelen vanuit de Rijksoverheid, waardoor ondernemers en particulieren zonder extra hulp moeten rondkomen. Tegelijkertijd speelt de inflatie nog steeds, wat bijdraagt aan financiële druk. Deze factoren maakten dat de gevolgen van de pandemie zichtbaarder waren in 2024 ten opzichte van eerdere jaren. Verder zijn we in 2024 gebruik gaan maken van ons adviesrecht. Het adviesrecht is van toepassing na de instelling van het bewind door de rechtbank en geeft de gemeente meer mogelijkheden om regie te voeren op de door- en uitstroom van beschermingsbewind. Ook zorgt het ervoor dat een aanmelding bij schuldhulpverlening sneller tot stand kan komen. Het adviesrecht betekent dat de gemeente advies geeft aan de rechtbank over of zij beschermingsbewind een passende vorm van ondersteuning vindt en zo niet, welke andere, lichtere ondersteuningsvormen naar haar mening ook volstaan. In 2024 hebben we twee adviezen uitgebracht.
Tot slot werkten we in 2024 weer nauw samen met onze partners binnen het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg. In de Week van het Geld hielden we inloopspreekuren bij SWOP en de bibliotheek om samen met inwoners de potjescheck te doen. Ook organiseerden we opnieuw een Workshopdag, die net als voorgaande jaren goed bezocht en ontvangen werd. Deze dag is bedoeld voor professionals en vrijwilligers om elkaar te ontmoeten, samen te ontwikkelen en samen kennis te vergroten.
86
Deze keer stonden de thema’s: cultuursensitief werken, omgaan met LVB, laaggeletterdheid en omgaan met agressie centraal.
Vroegsignalering Een belangrijk preventiemaatregel om (problematische) schulden te voorkomen is het vroegtijdig signaleren van betalingsachterstanden. In 2020 is het convenant Vroeg Eropaf gesloten met zes signaalorganisaties, waaronder woningcorporatie Rondom Wonen en waterbedrijf Dunea. Ieder jaar neemt het aantal organisaties dat deelneemt aan het convenant toe. Eind 2024 stond de teller op 19 signaalpartners op het gebied van wonen, 24 op het gebied van energie, 6 op het gebied van zorg en 1 waterbedrijf. Ook bij vroegsignalering zagen we een toenemend aantal signalen in 2024 ten opzichte van 2023. Het is lastig te duiden wat de oorzaak hiervan is. Het zou kunnen betekenen dat meer inwoners met betalingsachterstanden te maken hebben, maar het kan er ook mee te maken hebben dat steeds meer signaalpartners signalen bij ons aanleveren.
Begeleide participatie In 2023 werkten 29 SE (is ongeveer gelijk aan een fte) op grond van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). 20 SE zijn werkzaam bij Werkse! in Den Hoorn en 9 SE werken bij de Binnenbaan in Zoetermeer. Onze gemeente begeleidt op 31 december 2024, 176 inwoners met een (vermoedelijke) arbeidsbeperking. Hiervan zijn 95 inwoners jonger dan 27 jaar. Van deze jongeren ontvangen 30 jongeren een uitkering, bijvoorbeeld vanwege een diagnoseperiode, dagbesteding of omdat zij nog niet in staat zijn om te werken. De andere 65 jongeren volgen een opleiding of zijn aan het werk. Vaak met loonkostensubsidie of begeleiding van een jobcoach. Inwoners die uitsluitend onder beschutte omstandigheden kunnen werken krijgen een beschut werk indicatie. Gemeenten zijn verplicht beschutte werkplekken aan te bieden aan inwoners met een beschut werk indicatie. In 2024 bedraagt onze taakstelling beschut werk: 17 plekken. Op 31 december 2024 hebben 19 inwoners een indicatie beschut werk. Zij werken bij de sociale werkbedrijven Werkse! in Den Hoorn, de Binnenbaan in Zoetermeer en bij de Hoogwerkers in Pijnacker-Nootdorp (onderdeel van Zorgkwekerij Bloei).
Arbeidsparticipatie
Netto arbeidsparticipatie
% werkzame beroepsbevolking tov beroepsbevolking
100
50
0 2018
2019
Pijnacker-Nootdorp
2020
2021
2022
2023
Nederland
Grafiek 7.3 De netto arbeidsparticipatie van onze inwoners was in 2023 78,5%. In Nederland was dit 73,1% (zie grafiek 7.3). Netto arbeidsparticipatie betekent het percentage van werkzame inwoners ten opzichte van inwoners die potentieel kunnen werken.
87
Aantal banen x 1.000 (15-64) jarigen
Banen 1.000
500
0 2018
2019
2020
Pijnacker-Nootdorp
2021
2022
2023
Nederland
Grafiek 7.4 In 2023 waren er in onze gemeente 542,8 banen per 1.000 inwoners van 15 - 64 jaar. Landelijk is dit 891,8 per 1.000 inwoners (zie grafiek 7.4). Een groot deel van onze inwoners werkt dus niet binnen de gemeente. Ook voor onze inwoners met een bijstandsuitkering betekent dit, dat zij voor werk voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van werkgelegenheid in de regio (zie ook programma 2). Daarom werken wij samen met het UWV en de gemeenten Zoetermeer, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Voorschoten en Wassenaar samen in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal. De samenwerking in de arbeidsmarktregio gaat niet langer alleen om het begeleiden van kwetsbare inwoners (met een uitkering), maar ook om het bieden van ondersteuning aan inwoners ter voorkoming van (langdurige) werkloosheid: van school naar werk of van werk naar werk.
Aantal personen per 1.000 inwoners van 15-64 jaar
Lopende re-integratie voorzieningen 400
200
0 2018
2019
Pijnacker-Nootdorp
2020
2021
2022
2023
Nederland
Grafiek 7.5 Om inwoners aan het werk te helpen, worden re-integratievoorzieningen ingezet. De bovenstaande grafiek laat het aantal ingezette re-integratievoorzieningen zien. Voorbeelden zijn Work8, de werkacademie en bemiddeling via het werkgeversservicepunt. Daarnaast hebben wij een top-30 aanpak ontwikkeld. Bij het re-integratietraject Work8 worden inwoners intensief en groepsgewijs getraind. Inwoners die nog niet bemiddelbaar zijn, worden geplaatst op re-integratietrajecten om arbeidsritme en werkervaring op te doen. Het aantal lopende re-integratievoorzieningen hangt samen met het aantal personen met bijstandsgerechtigden. Deze is lager dan het landelijk gemiddelde. De nieuwe Wet inburgering is op 1 januari 2022 in werking getreden. Deze nieuwe Wet heeft als doel dat inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk meedoen in de Nederlandse samenleving. Vanaf half 2022 is de instroom van statushouders die inburgeren onder de nieuwe wet goed op stoom gekomen. Dit heeft zich doorgezet in 2024. Het gaat voor 2024 om in totaal 68 statushouders. 34 statushouders hebben een persoonlijk inburgeringsplan (PIP) ondertekend en zijn gestart met hun leerroute. 39 statushouders bevinden zich in de fase
88
van de brede intake/ opstellen van het PIP (inclusief leerbaarheidstoets). Voor 28 statushouders wordt de brede intake op korte termijn gestart.
Jeugd groeit gezond, veilig en kansrijk op
De informatie over het gebruik van jeugdhulpvoorzieningen is in ontwikkeling. Dit geeft een steeds beter beeld van de stand van zaken.
Jongeren met jeugdhulp
Jongeren in %
20
10
0 2019
2020
2021
Pijnacker-Nootdorp
2022
2023
2024
Nederland
Grafiek 7.6 Van onze jongeren van 0-18 jaar, heeft 11,3 % in 2024 een jeugdhulpvoorziening nodig gehad. Dit is afgenomen ten opzichte van 2023. Toen was dit 13,1% (zie grafiek 7.6). Vanaf 2018 zagen we de kosten voor jeugdhulp in onze gemeente sterk stijgen. Vanaf 2021 zien we de kosten voor jeugdhulp afvlakken, dalen in 2022 en vanaf 2023 neemt het weer toe. In de regio werken we samen aan de uitvoering van de Regiovisie jeugdhulp Haaglanden 2021-2026. Op basis van de derde regiomonitor is het Regionale Uitvoeringsplan 2025-2026 opgesteld en ligt voor aan de raad in februari 2025.. Met de regiovisie willen we bereiken dat alle kinderen en jongeren gezond, veilig en kansrijk opgroeien, bij hun eigen ouders en waarbij zij zich ontwikkelen tot veerkrachtige (jong)volwassenen die naar vermogen actief meedoen in de samenleving. De regiovisie gaat ook over de verbinding tussen jeugdhulp en andere onderwerpen in het sociaal domein (zoals onderwijs) en richt zich vooral op gezinnen/kinderen in kwetsbare situaties. Het gaat ook over de samenwerking tussen gemeenten en jeugdhulpaanbieders, zoals onder andere over de wachttijden in de jeugdhulp, afbouw van gesloten jeugdzorg en versterking van de samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp.
89
Geëscaleerde zorg 18-
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren to 18 jaar in %
2
1
0 2019
2020
2021
Pijnacker-Nootdorp
2022
2023
2024
Nederland
Grafiek 7.7 Van onze jongeren tot 18 jaar had 0,3 % in 2024 te maken had met jeugdbescherming. Dit is lager dan landelijk. Dat is 0.9% (zie grafiek 7.7).
Jongeren van 12 tot 23 jaar in %
Jongeren met jeugdreclassering 0,5
0,25
0 2019
2020
Pijnacker-Nootdorp
2021
2022
2023
2024
Nederland
Grafiek 7.8 Het percentage jongeren tot 18 jaar dat in 2024 te maken had met jeugdreclassering is 0,1%. Landelijk ligt dit percentage op 0,3% (zie grafiek 7.8). De Jeugdbescherming en -reclassering wordt geleverd door Gecertificeerde Instellingen. Deze instellingen hebben de afgelopen jaren vanwege eisen van de inspectie gewerkt aan een Verbeterplan. De gemeente in Haaglanden hebben in dat kader extra middelen beschikbaar gesteld voor de Gecertificeerde Instellingen om de caseload (aantal casussen per medewerker) te verlagen. De raad is hier tussentijds over geïnformeerd. Verder heeft een aantal gemeente in Haaglanden de afgelopen jaren ervaringen opgedaan in het werken volgens de methode 'Beter Samenspel' om de samenwerking tussen de Gecertificeerde Instellingen en lokale teams te verbeteren.
90
Inwoners zijn zo zelfredzaam mogelijk en participeren in de samenleving
Aantal clienten per 10.000 inwoners
WMO-clienten met een maatwerkvoorziening 1.000
500
0 2019
2020
Pijnacker-Nootdorp
2021
2022
2023
2024
Nederland
Grafiek 7.9 Om inwoners te ondersteunen bij hun zelfredzaamheid en participatie in de samenleving, wordt onder andere gebruik gemaakt van de Wmo. De individuele maatwerkvoorzieningen Wmo omvatten vervoersvoorzieningen, woonvoorzieningen, rolstoelen, huishoudelijke hulp, begeleiding, een klein deel van de persoonlijke verzorging en kortdurend verblijf. Op basis van de voorlopige cijfers uit bovenstaande grafiek (bron: CBS) leek er in 2024 een daling te zijn van 410 naar 360 Wmo-cliënten per 10.000 inwoners. De praktijk laat echter een ander beeld zien. Uit de Monitor Sociaal Domein 2023 blijkt dat het aantal Wmo cliënten per 1.000 volwassenen steeg van 42,6 in 2022 naar 45,8 in 2023. Dit is in lijn met de demografische ontwikkeling (vergrijzing) in onze gemeente. De verwachting is dan ook dat deze stijgende lijn zich in 2024 doorzet. De definitieve cijfers over 2024 zijn echter nog niet beschikbaar. Structureel verwachten we een toename van het aantal voorzieningen, omdat de doelgroep 75-plus in het komend decennium met gemiddeld 8 à 9% per jaar groeit. Naast een toename van het aantal hulpvragen, zien we ook dat deze complexer worden. Dit komt omdat inwoners langer en vaker thuis wonen, waar zij eerder opgenomen werden in verpleeghuizen, instellingen en ziekenhuizen.
Verder zien we dat de tarieven onder druk staan, door afspraken over loonstijging die in de cao's worden gemaakt, de gespannen marktsituatie en de hoge inflatie. Door bovenstaande oorzaken, is er binnen de Wmo opnieuw een kostenstijging te zien. Dit wordt meegenomen in het nieuwe interventieplan kostenbeheersing sociaal domein. Ook stelt de bovengenoemde ontwikkeling eisen aan de zorginfrastructuur. Om de effectiviteit te vergroten en om preventiever te kunnen werken, is ketensamenwerking rond de thema's financiële zelfredzaamheid en mantelzorg en gezonde leefstijl en dementie vormgegeven. In 2023 hebben wij samen met zorgverzekeraar DSW en de regio Westland, Schieland, Delfland (WSD) het Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA) getekend. Dit akkoord valt onder het landelijke Integraal Zorgakkoord (IZA) en vormt de basis voor regionale samenwerking rondom preventie, gezondheid, zorg en ondersteuning. In 2024 is deze amenwerking verder vorm gegeven voor de komende jaren. Het RIGA, het IZA en de brede SPUK (zie voor uitgebreide beschrijving in programma 6) vullen elkaar aan. Per 1 januari 2024 kopen wij de Wmo begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf gezamenlijk in met de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Rijswijk en Westland (H5). Tot deze datum is zorg ingekocht via de H6. Het jaar 2024 is gebruikt als overgangsjaar.
In 2024 hebben alle inwoners met een maatwerkvoorziening begeleiding, dagbesteding en/of kortdurend verblijf een nieuwe indicatie ontvangen. Dit is soepel verlopen. Ondanks de grotere vraag naar maatwerkvoorzieningen Wmo, blijft het aantal inwoners met een maatwerkvoorziening laag ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Dit komt doordat wij een relatief jonge bevolking hebben. Ook zien we dat een deel van de hulpvragen in het collectieve aanbod wordt opgevangen.
91
Geëscaleerde zorg 18+ Vanaf 1 januari 2026 is onze gemeente (financieel) verantwoordelijk voor Beschermd Wonen. Ook wel de doordecentralisatie van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis genoemd. De overheveling van taken en financiën gebeurt stapsgewijs in een periode tot 2030. Met de doorcentralisatie krijgen we meer mogelijkheden om de ondersteuning aan te sluiten op onze lokale zorginfrastructuur. Naast de doordecentralisatie van verantwoordelijkheden en middelen vindt er een inhoudelijke transformatie plaats. De regionale en lokale ambities zijn opgenomen in de uitvoeringsagenda. Vanuit deze agenda wordt gewerkt om inwoners zo goed mogelijk, zo lang mogelijk en weer zo snel mogelijk thuis te laten wonen, met passende ondersteuning. Per 1 januari 2024 is er een dekkend en bovenal divers aanbod voor onze inwoners. In september 2024 is gestart met de voorbereidingen voor het decentraliseren van de lokale toegang tot beschermd wonen en beschermd thuis. Ook zijn de voorbereidingen gestart voor het verdelen van de financiële middelen vanuit de centrumgemeente vanaf 1 januari 2026 en de (juridische) samenwerkingsvorm tussen de centrumgemeente en de andere gemeenten uit de DWO-regio.
Wat hebben we daarvoor gedaan ? Om de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken, hebben we ingezet op zprestatievelden (zie de doelenboom). Per prestatie geven we de activiteiten, het beoogde resultaat en de feitelijke realisatie in 2024 weer. Activiteit
Resultaat
Toelichting status
Programma: 07 Individuele voorzieningen Hoofdactiviteit (rol): 1. We bieden laagdrem-pelige en doelmatige oplossingen voor jongeren, ouderen, gezinnen en inwoners in een kwetsbare positie Intensiveren dienstverlening aan statushouders
Versterken en versnellen van de participatie In 2024 is er meer personele van statushouders inzet beschikbaar gesteld voor de intensivering van de dienstverlening aan statushouders. Deze inzet brengt de focus aan op participeren naast het leren van de Nederlandse taal. Er zijn reintegratietrajecten aanbesteed die passend zijn voor de doelgroep. Ook is er een start gemaakt met de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) waar de doelgroep in theorie en praktijk kennis maakt met de Nederlandse arbeidsmarkt.
Methodisch werken op basis van een integraal klantbeeld
Vaste werkwijze voor de dienstverlening aan werkzoekenden
Binnen de organisatie wordt een doorontwikkeling beoogd, waarbij uniforme werkafspraken zijn uitgewerkt en opgesteld. Doel is een uniforme werkwijze met als uitgangspunten: dat klanten in beeld zijn, dat er contact is en dat zij in beweging zijn naar werk of andere activiteiten. In kwartaal twee van 2024 is gestart met de werkgroepen vanuit diverse disciplines, waaronder consulenten vanuit de teams zelf. De implementatie is in 2024 afgerond en wordt vanaf 2025 uitgevoerd.
Onderzoek naar de haalbaarheid en de vorm van een regionaal werkcentrum in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC)
Een onderzoeksrapport met conclusies en aanbevelingen over een regionaal werkcentrum. Dit gaat over dienstverlening aan inwoners die nog onvoldoende worden ondersteund vanuit de reguliere dienstverlening van gemeenten en UWV
Gemeenten en partners binnen de arbeidsmarktregio hebben in september 2023 een intentieovereenkomst voor het realiseren van een regionaal werkcentrum ondertekend. In het vierde kwartaal 2023 is de voorbereiding op het realiseren van het werkcentrum gestart, dat in 2024 is voorgezet. In 2025 wordt gestart met de dienstverlening vanuit het werkcentrum.
92
Activiteit
Resultaat
Toelichting status
Onderzoek naar het aanbieden van Wmohulpmiddelen in eigen beheer
Een onderzoeksrapport met conclusies en aanbevelingen over het aanbieden van Wmohulpmiddelen in eigen beheer
De raad is in februari 2025 geïnformeerd over de verdere uitwerking van het onderzoek uit 2019 naar het aanbieden van Wmohulpmiddelen in eigen beheer.
Transitie inkoop Wmo-zorg van H6 naar H5
Waar nodig herindicatie cliënten met individuele begeleiding en groepsbegeleiding, nieuwe cliënten worden via de methodiek van de H5 geïndiceerd.
Alle cliënten met een maatwerkvoorziening begeleiding, dagbesteding en/of kortdurend verblijf hebben in 2024 een herindicatie ontvangen. Alle nieuwe cliënten sinds 1 januari 2024 zijn via de H5-methodiek geïndiceerd. Dit verloopt voorspoedig.
Uitvoeren actieplan bestaanszekerheid 2023 Vergroten van de bestaanszekerheid van – 2024 kwetsbare inwoners en ondernemers. Resultaten via de eindevaluatie eind 2024
Voorbereiding doordecentralisatie van beschermd wonen naar beschermd thuis
Het Actieplan Bestaanszekerheid bestaat uit 20 maatregelen. In december 2023 heeft de raad een voortgangsrapportage ontvangen van het Actieplan. In 2024 zijn enkele maatregelen verder uitgewerkt en is er verder uitvoering gegeven aan de maatregelen. Drie maatregelen worden op een later moment opgepakt, omdat deze een relatie hebben met de uitvoeringsagenda bij de visie op het sociaal domein of het interventieplan kostenbeheersing. De eindevaluatie van het actieplan volgt in de eerste helft van 2025. Naast het actieplan heeft het vergroten van de bestaanszekerheid ook aandacht in andere beleidsterreinen. Zo is bestaanszekerheid een van de centrale thema's binnen de nieuwe visie op het sociaal domein.
Verordening en beleidsregels zijn aangepast, Het woonplaatsbeginsel, dat deels lokale toegang is ingericht bepalend is voor het uitvoeren van de doordecentralisatie van beschermd wonen naar beschermd thuis, is uitgesteld. De geplande ingangsdatum was 1 januari 2025, de nieuwe streefdatum is 1 januari 2026. Er zijn echter geen juridische of organisatorische belemmeringen om door te gaan met de voorbereidingen voor de decentralisatie. Inmiddels is er lokaal en regionaal gestart met de voorbereidingen. Er wordt gestreefd naar implementatie en de inrichting van de lokale toegang naar verwachting in Q4 2025.
Hoofdactiviteit (rol): 2. We continueren de maatregelen om de kosten te beheersen en de kwaliteit te borgen Aanpak kostenontwikkeling en Resultaten via de P&C producten kwaliteitsverbetering Jeugdhulp als onderdeel van de visie op het sociaal domein en de hervormingsagenda
Maatregelen om kosten te beheersen in de Jeugdhulp worden opgenomen in het nieuwe interventieplan kostenbeheersing sociaal domein en in 2024 opgestelde regionale plan kostenbeheersing. Binnen het regionale plan is gekozen voor een viertal actielijnen, namelijk aanpak verblijf, terugdringen gebruik (lichte) hulp, meer substitutie van individuele zorg naar collectieve zorg in het onderwijs en sturing op het regionale zorglandschap.
Aanpak transformatie, zowel lokaal als regionaal uitvoeren en monitoren van de ambities van de Regiovisie jeugdhulp 2021-2026
In 2021 is de Regiovisie Jeugdzorg Haaglanden 2021-2026 vastgesteld. Deze is complementair aan ons lokale beleid en bevat gemeenschappelijke doelen, uitgangspunten en verantwoordelijkheden. De uitwerking gebeurt in uitvoeringsplannen. Het uitvoeringsplan 2025-2026 ligt in februari 2025 voor aan de raad.
Resultaten volgens het Uitvoeringsplan Jeugdhulp 2024 - 2025, inclusief oplevering van de Regiomonitor 2023
Het laatste uitvoeringsplan betreft 2023 en 2024. Via de Regiovisie monitor 2023 en de lokale voortgangsrapportage jeugdzorg 2019-2023 is de raad op de hoogte gesteld van de voortgang. Weliswaar is het aantal jeugdigen jeugdhulp ontvangt vrijwel stabiel, de uitgaven
93
Activiteit
Resultaat
Toelichting status per jeugdige blijven stijgen. De meeste jeugdhulpvragen zijn GGZ gerelateerd. Ook externe factoren zoals een krappe arbeidsmarkt of ontwikkelingen in de samenleving zoals sociale ongelijkheid, toegenomen etikettering, de opkomst van social media en de toegenomen prestatiedruk spelen een grote rol in vraag naar jeugdhulp. Oplossingen voor deze maatschappelijke vraagstukken liggen niet binnen de jeugdhulp, maar in de samenwerking met andere domeinen, zoals ook in de Hervormingsagenda Jeugd wordt genoemd. Vanuit het kernteam neemt het aantal aanmeldingen toe, ook voor lichte vragen en dezelfde soorten problematiek die collectief in plaats van met individuele trajecten opgepakt zouden kunnen worden.
Inrichten informatievoorziening en kwaliteit Rapportagemetdaaringebundelde In oktober 2024 is de Monitor Sociaal data ten behoeve van sturing van de raad trendanalyses en ontwikkelingen binnen het Domein 2023 opgeleverd. De monitor sociaal domein geeft informatie over het gebruik van de voorzieningen binnen het sociaal domein en de kosten die daaraan verbonden zijn. Ook laat de monitor zien wat de belangrijkste ontwikkelingen zijn in het sociaal domein. Dit jaar is de monitor niet uitbesteed, maar voor het eerst op eigen kracht door de ambtelijke organisatie opgesteld. Dit is een eerste stap in het verbeteren van de informatievoorziening ten behoeve van sturing van de raad. De komende jaren zullen we de monitor sociaal domein verder doorontwikkelen. Ontwikkelen van nieuwe maatregelen kostenbeheersing BUIG
Beheersing van de uitgaven voor bijstand
In 2024 worden er, in het kader van het nieuw op te stellen interventieplan sociaal domein nieuwe maatregelen ontwikkeld om de kosten binnen de BUIG te beheersen. Deze zullen een plek krijgen binnen het interventieplan dat naar verwachting in mei 2025 voorgelegd wordt aan de gemeenteraad.
Wat heeft het gekost ? In onderstaand overzicht zijn per taakveld de baten en lasten voor bestemming, de bestemming en het saldo na bestemming vermeld van de primaire begroting 2024, begroting na wijziging 2024, rekening 2023, rekening 2024 en de afwijking rekening 2024 ten opzichte van de begroting na wijziging en de afwijking rekening 2024 ten opzichte van de rekening 2023. Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)
Prim. begroting 2024
Begroting na wijziging 2024
Rekening 2023
Lasten
-35.867
-49.177
-45.962
Baten
7.619
12.929
11.630
Totaal
-28.247
-36.248
-34.332
Rekening 2024
Afwijking tov. begroting na wijziging 2024
Afwijking tov. rekening 2023
-50.416
-1.239
-4.454
13.926
997
2.296
-36.490
-242
-2.158
Afwijking tov. begroting na wijziging 2024
Afwijking tov. rekening 2023
Specificatie van de lasten en baten per taakveld Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)
Prim. begroting 2024
Begroting na wijziging 2024
Rekening 2023
Rekening 2024
630 - Inkomensregelingen
-10.297
-14.975
-14.800
-15.626
-651
-826
640 - WSW en beschut werk
-416
-346
-442
-439
-93
3
Lasten per taakveld
94
Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)
Prim. begroting 2024
Begroting na wijziging 2024
Rekening 2023
Rekening 2024
Afwijking tov. begroting na wijziging 2024
Afwijking tov. rekening 2023
650 - Arbeidsparticipatie
-1.111
-958
-1.062
660 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
-1.177
-219
-115
-4.298
-4.523
-4.332
-3.985
537
347
671A - Hulp bij het huishouden (WMO)
-3.843
-4.837
-4.428
-4.970
-133
-542
671B - Begeleiding (WMO) 671C - Dagbesteding (WMO)
-2.335
-2.715
-2.661
-3.334
-619
-673
-135
-114
-108
-114
0
-5
0
0
212
0
0
-212
672A - Jeugdhulp begeleiding
-2.824
-5.451
-4.941
-5.877
-426
-936
672B - Jeughulp behandeling
-784
-532
-602
-556
-24
46
672C - Jeugdhulp dagbesteding
-739
-2.110
-1.849
-2.221
-111
-372
672D - Jeugdhulp zonder verblijf overig
-567
-539
-600
-367
172
233
673A - Pleegzorg
-736
-305
-291
-320
-15
-29
673B - Gezinsgericht
-300
-231
-125
-222
9
-98
673C - Jeughulp met verblijf overig
-835
-1.109
-1.664
-1.126
-17
538
674A - Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf
-3.934
-6.144
-5.038
-5.790
354
-752
674B - Jeugdhulp crisis/LTA/GGZverblijf
-1.806
-2.313
-1.916
-2.209
105
-293
674C - Gesloten plaatsing
0
-448
-210
-531
-83
-321
681A - Beschermd wonen (WMO)
0
0
-3
-6
-6
-3
-296
-318
-235
-316
2
-81
Lasten per taakveld
672 - Maatwerkdienstverlening 18-
681B - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) 682 - Maatwerk geescaleerde zorg 18682A - Jeugdbescherming 682B - Jeugdreclassering Totaal
0
0
0
0
0
0
-457
-254
-228
-270
-16
-42
-54
-55
-52
-61
-6
-9
-35.766
-48.276
-45.374
-49.515
-1.239
-4.142 1.845
Baten per taakveld 630 - Inkomensregelingen
6.924
9.289
8.816
10.660
1.372
640 - WSW en beschut werk
0
0
28
0
0
-28
650 - Arbeidsparticipatie
0
0
129
0
0
-129
232
232
235
276
44
41
671A - Hulp bij het huishouden (WMO)
0
0
0
0
0
0
672A - Jeugdhulp begeleiding
0
0
-4
4
4
8
672C - Jeugdhulp dagbesteding
0
0
0
0
0
0
101
0
199
0
0
-199
660 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
672D - Jeugdhulp zonder verblijf overig 673A - Pleegzorg
0
0
7
0
0
-7
681A - Beschermd wonen (WMO)
0
389
389
389
0
0
681B - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO)
0
122
0
122
0
122
Totaal Totaal saldo van baten en lasten
7.257
10.031
9.799
11.450
1.419
1.651
-28.509
-38.245
-35.575
-38.065
180
-2.490
Toevoeging aan reserves 630 - Inkomensregelingen 672A - Jeugdhulp begeleiding 681A - Beschermd wonen (WMO) Totaal
0
0
0
0
0
0
-101
-512
-199
-512
0
-312
0
-389
-389
-389
0
0
-101
-900
-588
-900
0
-312
Onttrekking aan reserves 630 - Inkomensregelingen
160
1.029
977
1.009
-20
31
660 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
0
0
0
0
0
0
672A - Jeugdhulp begeleiding
202
1.869
728
1.467
-402
739
95
Individuele voorzieningen (bedragen x €1.000)
Prim. begroting 2024
Begroting na wijziging 2024
Rekening 2023
Rekening 2024
Afwijking tov. begroting na wijziging 2024
Afwijking tov. rekening 2023
Lasten per taakveld 681A - Beschermd wonen (WMO)
0
0
126
0
0
-126
Totaal
362
2.898
1.831
2.476
-422
644
Toevoegingen en onttrekkingen reserves
261
1.998
1.243
1.575
-422
332
-28.247
-36.248
-34.332
-36.490
-242
-2.158
Resultaat
Analyse afwijkingen tussen de begroting 2024 na wijziging en de Jaarrekening 2024 07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000)
Baten
Lasten
Bijstandsuitkeringen: Binnen dit taakveld worden de baten en lasten voor bijstandsuitkeringen verantwoord. De bruto boekingen van de belastingen en premie afdrachten veroorzaken overschrijdingen aan zowel de baten- als de lastenkant. De bijstandsuitkeringen worden betaald uit de rijksbijdrage BUIG. Omdat deze voor 2024 in eerste instantie niet toereikend was, is er voor € 655.000 aan eigen middelen aan het budget toegevoegd. De definitieve vaststelling van de rijksbijdrage heeft ertoe geleid dat de deze nagenoeg toereikend bleek voor 2024 zodat er op dit taakveld een saldo € 652.000 resteert.
-
-589
Bijstandsuitkeringen: Binnen dit taakveld worden de baten en lasten voor bijstandsuitkeringen verantwoord. De bruto boekingen van de belastingen en premie afdrachten veroorzaken overschrijdingen aan zowel de baten- als de lastenkant. De bijstandsuitkeringen worden betaald uit de rijksbijdrage BUIG. Omdat deze voor 2024 in eerste instantie niet toereikend was, is er voor € 655.000 aan eigen middelen aan het budget toegevoegd. De definitieve vaststelling van de rijksbijdrage heeft ertoe geleid dat de deze nagenoeg toereikend bleek voor 2024 zodat er op dit taakveld een saldo € 652.000 resteert.
1.241
-
Bijzondere bijstand: De voorziening voor vorderingen uit hoofde van bijzondere bijstand is bijgesteld op basis van de stand van openstaande vorderingen per 31-12-2024. Deze mutatie loopt via de exploitatie en heeft een incidenteel voordeel als gevolg.
59
-
Bijzondere bijstand: Op de uitvoering van reguliere bijzondere bijstand 2024 is een overschot ontstaan onder andere vanwege een verwacht tekort bij het opstellen van de najaarsnota 2024 waarbij € 70.000 is toegevoegd. Deze toevoeging is achteraf overbodig gebleven.
-
122
Bijzondere bijstand alleenverdienersproblematiek: In de septembercirculaire 2024 is er € 48.280 uit het gemeentefonds toegekend voor financiële ondersteuning aan huishoudens met één kostwinner die als gevolg van een slechte samenloop van verschillende inkomensregelingen onder het bestaansminimum uitkomen. Deze middelen zijn in 2024 nog niet ingezet maar zijn wel nog steeds nodig voor het doel waarvoor deze zijn toegekend. Bij de besluitvorming over de jaarrekening wordt daarom voor dit bedrag een voorstel voor resultaatbestemming gedaan zodat deze middelen in 2025 alsnog beschikbaar zijn.
-
48
Bijzondere bijstand energietoeslag: Met de uitvoering van bijzondere bijstand is ook de energietoeslag verstrekt. Deze regeling is in 2024 afgerond en ten opzichte van de rijksbijdrage die hiervoor is ontvangen resteert een saldo van € 482.000. Dit is veroorzaakt doordat de gemeente de uitvoeringslasten die onderdeel zijn van de rijksbijdrage, voor eigen rekening heeft genomen. Omdat de inzet op deze regeling beslag heeft gelegd op de capaciteit voor de reguliere taken van de bijstandsconsulenten, is er op dit taakveld een achterstand in de werkzaamheden opgelopen. Bij de besluitvorming over de jaarrekening 2024 wordt daarom voorgesteld om dit bedrag van € 482.000 beschikbaar te houden binnen het sociaal domein om daarmee een inhaalslag te kunnen maken op deze werkzaamheden.
-
482
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen: In de begroting is een structureel bedrag opgenomen voor kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. De aanspraak die erop wordt gemaakt is jaarlijks verschillend met in 2024 een positief saldo als gevolg.
-
54
28
-28
Urentoerekening: Dit betreft een hogere urentoerekening van personeel aan dit taakveld op de onderdelen bijstandsverlening en schuldhulpverlening. Hiertegenover staat een voordeel op programma 10 Algemene dekkingsmiddelen, taakveld 0.80 Overige baten en lasten. Per saldo heeft dit geen effect op het rekeningresultaat.
-
-628
Overig
24
-112
SW en beschut werk: Het budget voor sociale werkvoorziening en beschut werk is in 2024 met € 93.000,overschreden. Dit heeft te maken met een tariefverhoging voor de uitvoering van beschut werk en met het feit dat de begroting voor beschut werk, achter loopt op de stijgende taakstelling voor deze taak.
-
-93
Overig
-
0
Re-integratietrajecten: Bij het budget voor re-integratie trajecten heeft een overschrijding plaatsgevonden. Dit heeft te maken met intensivering van de inzet van trajecten voor inwoners met een groter afstand tot
-
-215
630 Inkomensregelingen
Tozo: Invordering op teveel of onterecht verstrekte uitkeringen in het kader van de van tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo) heeft geleid tot extra inkomsten in 2024. Omdat deze worden afgedragen aan het ministerie van SZW staat hier een gelijk bedrag aan extra uitgaven tegenover.
640 WSW en beschut werk
650 Arbeidsparticipatie
96
07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000) de arbeidsmarkt. De huidige contractafspraken werken deels op bevoorschotting, om de verplichtingen met betrekking tot uitstaande trajecten te managen is een dashboard gebouwd.
Baten
Lasten
Overig
-
-4
39
-
Gehandicaptenparkeerkaart: De onderzoekskosten volgend op de aanvraag voor een GPK nemen toe. Dit is het gevolg van een toename van het aantal aanvragen in de afgelopen jaren.
-
-14
Urentoerekening: Dit betreft een hogere urentoerekening van personeel aan dit taakveld. Hiertegenover staat een voordeel op programma 10 Algemene dekkingsmiddelen, taakveld 0.80 Overige baten en lasten. Per saldo heeft dit geen effect op het rekeningresultaat.
-
-347
Verrekeningen Wmo oude jaren: Om de kosten voor Wmo 2024 in beeld te houden heeft een overboeking van verrekeningen over oude jaren plaatsgevonden. Samen met de afwijking op een tussentijdse afrekening over voorgaande jaren leidt dit tot een incidenteel overschot van € 700.000. Hier staat het nadeel van € 93.000 uit het programma Collectieve voorzieningen taak 610 Samenkracht en burgerparticipatie tegenover, deze reservebijdrage vindt nu niet plaats. Omdat de afrekeningen oude jaren over de bestemmingsreserve Sociaal domein lopen wordt in het besluit over het resultaat van de jaarrekening 2024 voorgesteld om dit incidentele voordeel van € 607.000 toe te voegen aan diezelfde bestemmingsreserve Sociaal domein.
-
700
Wmo voorzieningen: Op de budgetten voor de Wmo voorzieningen voor rolstoelen, wonen, vervoer, de regiotaxi en vervoer naar begeleiding/dagbesteding resteert voor 2024 een saldo van € 198.000. In de paragraaf sociaal domein wordt er meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
198
Overig
5
0
Wmo hulp bij huishouden: Het budget voor de Wmo voorziening hulp bij huishouden ZIN is in 2024 overschreden met € 127.000. Dat voor PGB's hulp bij huishouden is met € 6.000 overschreden. In de paragraaf sociaal domein wordt er meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-133
Overig
-
-0
Wmo begeleiding: Het budget voor de Wmo voorziening begeleiding ZIN is in 2024 overschreden met € 597.000. Dat voor PGB's begeleiding is met € 22.000 overschreden. In de paragraaf sociaal domein wordt er meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-619
Overig
-
-0
diverse reservemutaties: Een aantal reservebijdragen voor 2024 heeft nog niet plaatsgevonden omdat de kosten waarvoor de reservebijdragen worden ingezet ook nog niet zijn gemaakt. Dit veroorzaakt een nadeel aan de batenkant maar het houdt ook in dat er lagere lasten tegenover staan. Deze staan verdeeld over verschillende taakvelden. Het gaat om incidentele budgetten voor o.a. coaching en opleiding, projectleiding terugvordering en tijdelijke vervangende capaciteit. Deze budgetten worden in 2025 weer opgevoerd.
-279
-
Interventieplan kostenbeheersing SD: Voor de aanpak van het nieuwe interventieplan is een aantal incidentele budgetten afgegeven. Dit is in 2024 nog niet volledig ingezet. De bijbehorende reservebijdrage schuift daarom ook door naar 2025 hetgeen een nadeel vormt aan de batenkant van de jaarrekening. Eenzelfde bedrag aan lagere lasten vormt in 2024 een voordeel aan de lastenkant, dit is verdeeld over verschillende taakvelden.
-139
-
Jeugd afrekeningen oude jaren: Afrekeningen over oude jaren en de vrijval van een reservering voor kosten van voor 2020 resulteren in een positieve afwijking op de begroting 2024. De reservering voor kosten van voor 2020 kan vrijvallen omdat de (oude) 5-jaars declaratietermijn is vervallen.
-
85
Jeugdhulp begeleiding: De kosten voor jeugdhulp begeleiding ZIN en PGB hebben op dit taakveld een positief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
31
Urentoerekening: Dit betreft een hogere urentoerekening van personeel aan dit taakveld. Hiertegenover staat een voordeel op programma 10 Algemene dekkingsmiddelen, taakveld 0.80 Overige baten en lasten. Per saldo heeft dit geen effect op het rekeningresultaat.
-
-543
Overig
19
1
Jeugdhulp behandeling: De kosten voor jeugdhulp behandeling hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-24
Overig
-
0
Jeugdhulp dagbesteding: De kosten voor jeugdhulp dagbesteding hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-111
Overig
-
0
660 Maatwerkvoorzieningen (WMO) Eigen bijdragen: Met de toename van het aantal verstrekte voorzieningen neemt ook het totaal van eigen bijdragen toe. Deze inkomstenpost wordt jaarlijks aangepast maar is vanwege de beperkte informatievoorziening door het CAK (de instantie die de bijdragen int) moeilijk te prognosticeren.
671A Hulp bij het huishouden (WMO)
671B Begeleiding (WMO)
672A Jeugdhulp begeleiding
672B Jeughulp behandeling
672C Jeugdhulp dagbesteding
97
07 Individuele voorzieningen (bedragen × € 1.000)
Baten
Lasten
Deelname jeugdhulpregio: Van de kosten voor deelname aan de gemeenschappelijke regeling voor de gezamenlijke inkoop van jeugdhulp is een bedrag een btw gecompenseerd uit het btw-compensatiefonds. Hiermee was geen rekening gehouden. Daarnaast is een deel van de kosten van gemeentelijke bijdrage aan regionale activiteiten en projecten gedekt met een overschot uit voorgaande jaren waardoor het oorspronkelijk begrote budget niet volledig ingezet hoefde te worden.
-
153
Jeugdhulp overig zonder verblijf: De kosten voor jeugdhulp overig zonder verblijf hebben op dit taakveld een positief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
19
Overig
-
0
Jeugdhulp pleegzorg: De kosten voor jeugdhulp pleegzorg hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-15
Overig
-
0
Jeugdhulp gezinsgericht: De kosten voor jeugdhulp gezinsgericht hebben op dit taakveld een positief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
9
Overig
-
-0
Jeugdhulp met verblijf: De kosten voor jeugdhulp met verblijf hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-17
Overig
-
0
Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf: De kosten voor jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf hebben op dit taakveld een positief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
542
Overig
-
-188
-
105
-
-0
-
-83
Overig
-
0
Overig
-
-6
Overig
-
2
-
-16
Overig
-
-0
Jeugdhulp reclassering: De kosten voor jeugdhulp reclassering hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein.
-
-6
672D Jeugdhulp zonder verblijf overig
673A Pleegzorg
673B Gezinsgericht
673C Jeughulp met verblijf overig
674A Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf
674B Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf Jeugdhulp crisis met verblijf: De kosten voor jeugdhulp crisis met verblijf hebben op dit taakveld een positief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein. Overig 674C Gesloten plaatsing Jeugdhulp gesloten plaatsing: De kosten voor jeugdhulp gesloten plaatsing hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein. 681A Beschermd wonen (WMO) 681B Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) 682A Jeugdbescherming Jeugdhulp jeugdbescherming: De kosten voor jeugdhulp jeugdbescherming hebben op dit taakveld een negatief saldo. Voor informatie hierover staat in de paragraaf sociaal domein meer toegelicht over de kostenontwikkeling in het gehele sociaal domein. 682B Jeugdreclassering
Overig Totaal 07 Individuele voorzieningen
Investeringen Niet van toepassing voor programma Individuele voorzieningen.
98
-
-0
997
-1.239
8. Veiligheid en duurzaamheid Pijnacker-Nootdorp heeft een veilig, schoon en duurzaam woon- en leefklimaat.
Algemene omschrijving Het programma Veiligheid en duurzaamheid bestaat uit vijf onderdelen: 1. Crisisbeheersing en brandweer; 2. Openbare orde en veiligheid; 3. Riolering; 4. Afval; 5. Milieubeheer. Met de uitwerking van deze onderdelen werken we aan een veilige en duurzame leefomgeving. Dit willen we bereiken samen met onze inwoners, organisaties, ondernemers en bestuurlijke partners. Daarom stimuleren en faciliteren we initiatieven vanuit de samenleving, die bijdragen aan een veilige, duurzame en energieneutrale gemeente.
Wat wilden we bereiken ?
Doelstelling
Veilige woonkernen met oog voor duurzaamheid waar inwoners, ondernemers en organisaties zich actief inzetten en zich betrokken voelen
Wat wilden we bereiken
Een veilige gemeente om in te wonen, te werken en te recreëren
Wat hebben we daarvoor gedaan 1. Regisseren en faciliteren van veiligheid en leefbaarheid door en met inwoners, bedrijven en partners
Een duurzame en energieneutrale gemeente 2. Bepalen van randvoorwaarden om veilig te kunnen wonen, werken en recreëren 3. Regisseren en faciliteren van initiatieven die bijdragen aan een duurzame en energieneutrale gemeente
Veilig Pijnacker-Nootdorp wil zich onderscheiden met een veilig en duurzaam woon- en leefklimaat voor mens en dier. Dit kunnen we alleen bereiken door samen met inwoners, ondernemers en veiligheidspartners (zoals politie en jongerenwerk) te werken aan de veiligheid in de wijken, centrumgebieden en bedrijvenparken. Samen met onze partners zetten we in op de aanpak van overlast en (ondermijnende) criminaliteit. Duurzaam Het is onze plicht ervoor te zorgen, dat het milieu zo min mogelijk wordt belast en de volksgezondheid wordt beschermd. Dat doen we onder meer met het Gemeentelijk Rioleringsplan. Hiervoor is het belangrijk de bestaande voorzieningen goed te beheren. Samen met Avalex en onze inwoners willen we het restafval verminderen. Dit doen we door middel van Het Nieuwe Inzamelen. Op die manier kunnen grondstoffen zo goed mogelijk worden gescheiden om hergebruik mogelijk te maken. Energieneutraal
99
In 2050 komt alle energiegebruik in onze gemeente uit hernieuwbare bronnen. En als het kan nog eerder. Deze ambitie staat in het Hoofdlijnenakkoord. We willen concrete doelen en stappen afspreken om deze ambitie te bereiken, samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Die doelen en stappen moeten het mogelijk maken om de klimaatdoelstellingen, de energietransitie en circulaire grondstoffenstromen te realiseren.
Een veilige gemeente om in te wonen, te werken en te recreëren
Op basis van het Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 en het Handhavingsuitvoeringsplan, werken wij continu samen met onze inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en veiligheidspartners aan de veiligheid en de leefbaarheid in de wijken. Daarnaast is in 2024 de nieuwe beleidsnota vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) vastgesteld. Uit de Leefbaarheidsmonitor 2023 blijkt dat het veiligheidsbeeld in onze gemeente over het algemeen positief is. We scoren een 7,8 op het veiligheidsgevoel van onze inwoners. Ook in de Integrale Veiligheidsmonitor 2023, die iedere twee jaar wordt uitgevoerd, scoren we een 7,8 op veiligheid. Dit is even hoog als bij de vorige monitor in 2021 en hoger dan het landelijke gemiddelde (7,5). Inwoners voelen zich over het algemeen veilig in de gemeente en in hun eigen buurt. In 2024 zien we een stabiliserende trend in de cijfers met betrekking tot overlast en veelvoorkomende criminaliteit. De toe- en afnames van bepaalde vormen van overlast criminaliteit in absolute aantallen zijn beperkt. Het aantal cyberdelicten is in 2024 iets toegenomen ten opzichte van 2023. Hiermee wordt de lijn van voorgaande jaren doorgezet. Dit komt ook overeen met het landelijke beeld en de verwachting dat digitale criminaliteit verder toeneemt. In het kader van ondermijning zijn in 2024 99 bedrijfspanden gecontroleerd.
Dit deels op grond van signalen van inwoners en/of bedrijven, maar ook op grond van informatie vanuit de eigen organisatie. Hierbij zijn bij 20 panden ondermijnende activiteiten aangetroffen. Er is zes keer een pand gesloten op grond van de Opiumwet (bestuursdwang). Ook is er opgetreden tegen drughandel op straat (1x last onder dwangsom APV). Bij deze cijfers is het belangrijk om te realiseren dat ondermijning veel minder zichtbaar is dan andere vormen van criminaliteit. Er is meer waar we niet vanaf weten. Het verkrijgen van een betere informatiepositie is daarom belangrijk bij dit onderwerp. In 2024 is verder ingezet op de prioritaire thema’s uit het Integraal veiligheidsplan 2023 – 2026. Aan de hand van het Uitvoeringsplan integrale veiligheid 2023 – 2024 is geïnvesteerd op de aanpak van ondermijnende criminaliteit, jeugd en veiligheid, zorg- en veiligheidscasuïstiek en weerbaarheid van inwoners en ondernemers tegen digitale criminaliteit. Daarnaast is verder geïnvesteerd in de doorontwikkeling en professionalisering van het boa-team. We zien in grafiek 8.1 dat het aantal diefstallen uit woningen al jaren daalt. Na de coronacrisis nam het aantal woninginbraken zoals verwacht weer iets toe. In de politiecijfers van 2023 zien we een daling van 53% in het aantal inbraken en diefstallen in woningen ten opzichte van 2022. In 2024 zien we weer een toename van 46%.
Daarmee is het aantal woningbraken wel nog steeds lager dan in 2022. Het aantal vernielingen en beschadigingen (grafiek 8.2) steeg in 2022. Uit de politiecijfers van 2023 en 2024 blijkt dat het aantal vernielingen in deze jaren weer iets is afgenomen (-9%).
100