CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-061 09 Toelichting - Bijlage 3 - Verkennend bodemonderzoek (geanonimiseerd)

Raad 23 april 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen “Bestemmingsplan ‘Agrarisch - Intensieve Veehouderij’ naar ‘Recreatie – Verblijfsrecreatie’ aan de Steenkampseweg 12 te Meijel” (2024-061)25.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERKENNEND

BODEMONDERZOEK

STEENKAMPSEWEG te

12 en omgeving

MEIJEL

230275.BKK

Colofon

BKK

Bodemadvies

bv

GSTEREN Bezoekadres:

Kruisstraat 6

Postadres:

5768 PostbusRW 55MEIJEL

tel:

077-4661141

“ “6

5768 ZH MEIJEL

e-mail:

}

NAATWERK

AS

info@bkk-advies..nl

Projectgegevens

Rapportnummer: Projectlocatie:

230275.BKK Meijel, Steenkampseweg 12

Datum

31

rapport:

Veldwerk

conform

BRL

mei

2023

2001

+

2002

+

Certificaatnummer:

EC-SIK-20261

In opdracht van: Contactpersoon:

Meulendijks Meijel BV Steenkampseweg 12 5768 XG Meijel

2018

Auteur iirniectleìder): Interne

control

Kwaliteit en verbetering van product en proces hebben bij BKK Bodemadvies bv een hoge prioriteit.

BKK

ISO

2015,

9001:

Bodemadvies

hanteert

certificaatnummer

daartoe nr.

een

kwaliteitssysteem

Normec

volgens de NEN-EN-

EC-KWA-00050.

Indien u een klacht heeft over de uitvoering van de werkzaamheden binnen de reikwijdte van dit certificatieschema, vernemen wij dt graag zo snel mogelijk van u. Mocht dit niet tot tevredenheid

instelling, Normec

leiden,

kunt u zich

n tweede

instantie wenden

tot onze

certificerende

Certification b.v.

Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins zonder voorafgaande,

schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of BKK Bodemadvies bv.

BRL SIKB 2000

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

INHOUDSOPGAVE

1.

INLEIDING.

2.

VOORONDERZOEK

…

Algemeen.. Vooronderzoek

npoNs

Bestemmingsplan en terreingebruil Terreininspectie .

Ophogingen/dempingen, stortingen/calamiteiten Boven- en ondergrondse tanks . Eerder

verrichte

Bodemopbouw

bodemonderzoeken

.

en geohydrologie

Bodemkwaliteitskaart Conclusies

vooronderzoek..

ONDERZOEKSOPZET

…

Hypothese…

Onderzoeksopzet

bodem

….

PFAS-onderzoek

UITVOERING

VELDWERKZAAMHEDEN

…

Inleiding … Veldwerkzaamheden

Waarnemingen Bemonstering . LABORATORIUMONDERZOEK... Asbest

.

Bodem

ONDERZOEKSRESULTATEN

ea ES 7.

.

Toetsingskader voor asbest. Toetsing en interpretatie analyseresultaten

Toetsingskader voor bodem …… Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit Toetsing

en interpretatie analyseresultaten

CONCLUSIES

EN

asbest

bodem …

AANBEVELINGEN

BIJLAGEN Bijlage Bijlage

| I

Topografische situering Kadastrale kaarten

Bijlage II Bijlage IV Bijlage V

Overzichtstekeningen Boorprofielen met beschrijvingen Analyserapporten

Bijlage VI Bijlage VII

Toetsingsoverzichten analyseresultaten Foto's onderzoekslocatie

Bijlage VIII

Verantwoording uitvoering bodemonderzoek

230275.BKK / KK

WO—NDDnDob

Verkennend bodemonderzoek

1.

Steenkampseweg

12 te Meijel

INLEIDING

In opdracht var N nend bodemonderzoek Meijel.

s doo Bkk Bodemadvies bv te Meijel een verken-

uitgevoerd voor de locatie Steenkampseweg

12 en omgeving te

Doel van het onderzoek is vast te stellen of de bodem verontreinigingen bevat die schadelijk zijn voor de volksgezondheid en/of het milieu in het algemeen en zodoende een belemmering of beperking kunnen vormen voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. De gemeente Peel en Maas heeft uitgesproken om onder voorwaarden medewerking te verlenen aan het omzetten van de huidige agrarische bestemming naar een recreatieve bestemming voor peellodges (cabins) en campers. Er wordt een globaal inzicht gegeven in de aard, de omvang en de gehalten, c.q. concentraties van mogelijk verontreinigde stoffen in de bodem. Op grond hiervan kan volgens de Wet bodembescherming een milieukundige beoordeling van eventuele verontreinigingen worden gegeven. Ook wordt er uitspraak gedaan over de noodzakelijkheid van een aanvullend of een nader

onderzoek.

Referentiekader

Het onderzoek is uitgevoerd volgens de Nederlandse normen "Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek" (NEN 5740) en “Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond” (NEN 5707+C2). Het veldwerk is uitgevoerd onder de BRL SIKB 2000: “Beoordelingsrichtlijn voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” met toepassing van de protocollen 2001 (plaatsen van boringen), 2002 (het nemen van grondwatermonsters) en 2018 (onderzoek naar asbest in bodem). BKK Bodemadvies bv is gecertificeerd voor deze protocollen met het certificaatnummer EC-SIK-20261. Aan de hand van het uitgevoerde vooronderzoek conform de NEN 5725 wordt de hypothese vastgesteld met betrekking tot de te verwachten bodemkwaliteit. Hieruit volgt met behulp van de NEN 5740 de te volgen onderzoeksstrategie. In bijlage VIII is de verantwoording uitvoering bodemonderzoek volgens de BRL SIKB 2000 opgenomen, met daarin de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk onafhankelijk hebben uitgevoerd. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. De opdrachtnemer “BKK Bodemadvies bv” waarborgt dat aan de functionele scheiding, zoals bedoeld in paragraaf 3.2.7 van BRL SIKB 2000 wordt voldaan en dat er geen opdrachten worden uitgevoerd indien de eigenaar van de onderzoekslocatie tot de organisatie van de opdrachtnemer behoort.

Afbakening

van

het onderzoek

Hoewel tijdens het onderzoek naar een zo groot mogelijke representativiteit wordt gestreefd, is steeds het risico aanwezig dat eventuele lokale afwijkingen in het te bemonsteren materiaal niet worden gedetecteerd. Het onderzoek is namelijk gebaseerd op een beperkt aantal proefgaten, boringen en chemische analyses. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Aan de resultaten van het onderzoek kunnen daarom geen absolute waarden worden toegekend. Uitgevoerde

analyses

De chemische analyses zijn conform AS3000 uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium. De analyseopdrachten worden normaliter binnen de geldende houdbaarheidstermijnen en conserveringstermijnen uitgevoerd.

230275.BKK

/ KK

7

Verkennend bodemonderzoek

Opbouw

van

Steenkampseweg

12 te Meijel

het rapport

In het voorliggende rapport wordt verslag gedaan van de uitvoering en beoordeling van de veldwerkzaamheden

ten

behoeve

van

het verkennend

bodemonderzoek.

In hoofdstuk

2 wordt

het vooronderzoek en in hoofdstuk 3 is de onderzoeksopzet weergegeven. In hoofdstuk 4 worden de uitgevoerde veldwerkzaamheden toegelicht en in hoofdstuk 5 het laboratoriumonderzoek met betrekking tot de uitgevoerde analyses voor grond en grondwater weergegeven. In hoofdstuk 6 zijn de onderzoeksresultaten getoetst aan de normen in de Wet bodembescherming en de Regeling bodemkwaliteit opgenomen. Tenslotte worden in hoofdstuk 7 de conclusies en de aanbevelingen vermeld.

230275.BKK

/ KK

2

Verkennend bodemonderzoek

2.

VOORONDERZOEK

2.1.

Algemeen

Steenkampseweg

12 te Meijel

Hieronder staan de meest relevante algemene locatiekenmerken vermeld. Voor de regionale situering van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar bijlage I. De kadastrale kaarten van met de te onderzoeken percelen zijn opgenomen in bijlage I. Kadastraal

object

Locatieadres: Oppervlakte onderzoekslocatie:

Steenkampseweg 12 te Meijel 53.370 m?

Kadastrale gegevens:

Meijel ‚ sectie F, nummers 1545, 1546, 503, 502, 2193, 512 en 559 [ged]

Coördinaten:

1386,

1726,

X = 190.094 en Y = 371.524

Eigendomssituatie

Eigenaar:

percelen

Adres: Postcode en woonplaats:

F-502 en F-503*

Gemeente Peel en Maas Wilhelminaplein 1 5981 CC Panningen

De opdrachtgever is geen eigenaar van deze percelen echter heeft toestemming in het voorliggende bodemonderzoek te betrekken.

Eigendomssituatie overige percelen Eigenaar: Adres: Steenkampseweg Postoode en woonplaats: 5768 XG Meijel 2.2.

1387,

van de eigenaar om deze percelen

12

Vooronderzoek

Van de onderzoekslocatie en de directe omgeving zijn gegevens verzameld die van belang zijn voor het vooronderzoek en voor het bepalen van de onderzoeksstrategie. De informatie in het vooronderzoek over de onderzoekslocatie zijn onder andere verkregen uit de volgende bronnen:

Kadaster:

-- kadastertekening; kadastrale berichten;

DINO

- Geohydrologie onderzoekslocatie;

loket TNO-NITG:

Bodembeheer

nota:

- Bodemkwaliteitskaart

en

bodem

functieklassenkaart gemeente

Peel en Maas;

- Bodemloket.nl;

Gemeente

Peel en Maas:

Overig:

- Gemeentelijk archief;

- Archief BKK Bodemadvies bv; - www.topotijdreis.nl; - Google Earth 2020.

2.2.1. Bestemmingsplan

en terreingebruik

De onderzoekslocatie maakt deel uit van het bestemmingsplan “Buitengebied Peel en Maas” (2014-12-24). Volgens de legenda van het bestemmingsplan heeft de onderzoekslocatie een agrarische bestemming met deels intensieve veehouderij. De intensieve veehouderij heeft betrekking op de voormalige nertsenhouderij, welke vanwege het directe verbod op pelsdierhouderijen in 2021, haar werkzaamheden heeft moeten staken. Daarnaast hebben de percelen in het huidige bestemmingsplan een dubbelbestemming op het gebied van archeologie waarde 4 en 5.

230275.BKK

/ KK

3

Verkennend bodemonderzoek Steenkampseweg

12 te Meijel

In figuur 1 is een uitsnede van het bestemmingsplan weergegeven. Volgens de BAG-viewer dateert de bebouwing van het woonhuis met bijbehorende opstal uit 1994. De losstaande schuur aan de Steenkampseweg / Peelbaan dateert uit 1982. Binnen de onderzoekslocatie De overname

door

is altijd sprake geweest van een pelsdierenhouderij. In 1980 was eigenaar van de locatie waar een pelsdierenhouderij werd gestart. heeft in 1994 plaatsgevonden. In 2021 zijn de

werkzaamheden binnen de nertsenhouderij beëindigd.

e D (m

e

Uit de geraadpleegde historische kaarten in figuur 2a t/m 2d blijkt dat de onderzoekslocatie vanaf 1988 voor het eerst bebouwd is. Vóór 1988 betreft de onderzoeklocatie een agrarisch

gebied.

In 1975 is te zien dat de Steenkampseweg

nog niet verhard is met asfalt. Dit is

veranderd op de kaart van 1987. Op de afbeelding van 2022 is de huidige situatie van het onderzoekterrein zichtbaar, waarbij de opstallen van de nertsenhouderij zijn verwijderd.

Figuur 2a: 1975

230275.BKK

/ KK

Figuur 2b:

1987

4

Verkennend bodemonderzoek

2.2.2,

Steenkampseweg

12 te Meijel

inspectie

Terrei

Ten tijde van de terreininspectie op 1 mei 2023, voorafgaand op de uitvoering van de veldwerkzaamheden, zijn de volgende waarnemingen gedaan: Het

te onderzoeken

terrein

bevindt

zich

buiten

de

bebouwde

kom.

Binnen

het terrein

aan

de

Steenkampseweg 12 is sprake van een bedrijfswoning met enkele opstallen. Het woonhuis dateert uit 1993. De opstallen binnen perceel F-1545 en F-1546 blijven gehandhaafd, alsook de schuur ter hoogte van de kruising van de Steenkampseweg met de Peelbaan. De overige agrarische bedrijfsgebouwen zijn, behoudens de mestsilo, reeds gesloopt, waarbij de betonvloeren van de sheds nog grotendeels verwijderd dienen te worden. Voorafgaande aan de sloop is er een asbestinventarisatie rapport opgesteld door AMK Oirschot (rapportnummer 2021-211 V1, d.d. 10 oktober 2021). Rondom de woning is sprake van een voor- en achtertuin, met in de achtertuin een zwembad. Perceel F-1546 betreft een braakliggend grasgebied. Tussen de zuidelijke bedrijfspercelen bevindt zich een afwateringssloot (perceel F-559), welke gedeeltelijk is voorzien van een afvoerbuis en in zuidelijke richting afwatert. De oppervlakte van deze

beek binnen de onderzoekslocatie bedraagt 335 m2?. De locatie en ligging van deze beek blijft in de nieuwe

inrichting onveranderd.

De opstallen binnen de voormalige nertsenhouderij, behoudens de mestsilo, waren/zijn voorzien van asbest houdende daken, welke waren voorzien van afvoergoten. De noordzijde van de schuur aan de Steenkampseweg / Peelbaan heeft geen afvoergoot. Het dak is

verweerd, waardoor kan worden uitgegaan van een druppelzone aan de noordzijde. Het terrein zuidelijk van de schuur heeft een verhard maaiveld met klinkers / beton, waardoor er geen sprake is van een verdachte druppelzone. Het terrein tussen de Steenkampseweg en de schuur is ingericht als weide voor dieren. Tussen deel

de noordelijke en zuidelijke percelen bevindt zich de Steenkampseweg

uitmaakt

van

de

De noordelijke percelen F-503 en F-502 zijn eigendom van de gemeente

Peel en Maas en

hebben de functie van bosschage. De noordelijke percelen F-512 en F-2193 aan de Donkseweg ten zuiden van de visvijver en zijn als landoouwperelen

230275.BKK

/ KK

welke geen

onderzoekslocatie.

bevinden zich in gebruik.

5

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

Het terrein binnen perceel F-1387 is (nog) deels verhard met betonplaten. De eigenaar is gestart met het opbreken van de betonverharding en deze vooralsnog op te slaan aan de voorzijde van de mestsilo. Op een later moment wordt het beton onder certificaat gebroken opdat een toepassing van gebroken betongranulaat mogelijk (elders) wordt gemaakt. Zuidelijk van de bestaande schuur is een verhardingslaag aanwezig met beton en klinkers. Op de betonverharding vindt opslag van materialen plaats (hout, slangen, boxen) en heeft een vml. bovengrondse dieseltank gestaan met een inhoud van 2.500 liter. Deze is verplaatst naar elders binnen het terrein, ten zuiden van bijgebouw met nr. 12A. In bijlage II zijn overzichtstekeningen opgenomen van de onderzoekslocatie. zijn enkele foto's van de onderzoekslocatie opgenomen.

2.2.3. Ophogingen/dempingen,

In bijlage VI!

stortingen/calamiteiten

Er zijn geen ophogingen, dempingen en/of stortingen binnen de onderzoekslocatie Tevens zijn er geen PFAS gerelateerde (brand) calamiteiten of bronnen nabij de onderzoekslocatie

bekend.

bekend.

Voor de locatie is een asbestinventarisatie voor de sloop van de agrarische gebouwen. Alle asbest, behoudens voor de nog aanwezige schuur, is voorafgaande aan de sloop verwijderd. Ter hoogte van de schuur is aan de noordzijde sprake van een druppelzone. De betonvloeren worden opgebroken en in een depot ter hoogte van de mestsilo opgeslagen. Onder de betonvloeren zijn in het verleden geen puinverhardingen aangebracht. 2.2.4. Hinder- en milieuvergunningen De start van de nertsenfokkerij heeft in 1980 plaatsgevonden

met de bouw van een

bedrijfsruimte en een aantal sheds over een oppervlakte van 6.000 m2. In die tijd is de heer P.H.A. Rooyakkers uit Helmond gestart met de nertsenfokkerij, welke begin jaren negentig is overgenomen door Meulendijks Meijel BV. Voor de inrichting aan de Steenkampseweg zijn verschillende vergunningen verleend, waardoor de inrichting is uitgebreid: - _ Geheel omvattende vergunning voor de inrichting 1994; - _ Uitbreidings-/wijzigingsvergunningen 1996 en 1999; - _ Melding opslag propaan milieubeheer 1995; Revisievergunning uit 2005. De bedrijfsactiviteiten zijn in 2021

beëindigd.

2.2.4, Boven-

tanks

en ondergrondse

Binnen de onderzoekslocatie is een bovengrondse propaan gastank aanwezig. zich tussen het woonhuis (nr. 12) en het bijgebouw (nr. 12A). De bovengrondse 2.2.6.

Eerder

Deze bevindt

dieseltank is verplaatst naar het terrein zuidelijk van bijgebouw

verrichte

nr. 12A.

bodemonderzoeken

Voor de onderzoekslocatie en de directe omgeving

zijn een aantal bodemonderzoeken

bekend:

1. Verkennend bodemonderzoek Donkseweg te Meijel (projectnummer 15074, d.d. 9 april 2015), verricht door BKK Bodemadvies bv; 2. Verkennend milieukundig bodemonderzoek aan de Steenkampseweg 12 te Meijel (rapportnummer 1089921, d.d. juli 1996), verricht door CBB BV.

230275.BKK

/ KK

6

Verkennend bodemonderzoek

Ad.

1. De aanleiding van

512

in

Steenkampseweg

het onderzoek vormde de aankoop van de percelen

12 te Meijel

F-2193

en F-

2015

Tijdens de veldwerkzaamheden zijn door de VKB 2018 gecertificeerde veldwerker, zowel op het maaiveld als in het uitkomende boormateriaal, geen asbestverdachte fragmenten of matig tot uiterst puinhoudend materiaal waargenomen. De hypothese onverdachte locatie voor asbest blijft gehandhaafd. De bovengrond van perceel F-512 is plaatselijk licht verontreinigd met de parameter PAK. Zeer waarschijnlijk is deze verontreiniging te wijten aan de bijmengingen met baksteenresten. In de resterende bovengrond van het noordelijk en zuidelijk terreindeel zijn geen verontreinigingen aangetoond. In de ondergrond zijn eveneens geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater is licht verontreinigd met de zware metalen barium, cadmium, nikkel, koper en zink. Wegens het ontbreken van verontreinigingen met zware metalen in de bovenliggende grond, kan de grondwaterverontreiniging met zware metalen worden gezien als een regionaal aanwezige grondwaterverontreiniging. Ad. 2. De aanleiding van het onderzoek vormde de bouw van een mestsilo, een shed en een loods op de locatie aan de Steenkampseweg 12 te Meijel. De locatie was in gebruik als nertsenfokkerij. Uit de analyseresultaten van de mengmonsters van de bovengrond blijkt dat het gehalte zink de streefwaarde overschrijdt. Geen van de gehaltes onderzochte stoffen overschrijdt het

criterium

voor

nader

onderzoek.

Uit de analyseresultaten van het mengmonster van de ondergrond blijkt dat het gehalte koper de streefwaarde overschrijdt. Geen van de gehaltes onderzochte stoffen overschrijdt het

criterium

voor

nader

onderzoek.

Uit de analyseresultaten van het grondwatermonster blijkt dat het gehalte lood de streefwaarde overschrijdt. Het gehalte koper overschrijdt het criterium voor nader onderzoek. De gehaltes cadmium, nikkel en zink overschrijden de interventiewaarde

2.3.

Bodemopbouw

en geohydrologie

Ernig inzicht omtrent de bodemsoort en —opbouw is van belang bij het beoordelen van de aangetoonde stoffen in relatie tot het natuurlijk voorkomen ter plaatse en de mogelijkheid van het doordringen van de aangetoonde stoffen in diepere lagen. De geohydrologische situatie bepaalt in hoge mate de verspreidingskansen van de aangetoonde stoffen naar de omgeving en is, samen met de aard van de bodem en de mobiliteit van de aangetoonde stoffen, belangrijk bij het verkrijgen van een indruk van de omvang van het beïnvloedingsgebied van mogelijke verontreinigingen. De gegevens uit dit hoofdstuk zijn ontleend aan de bodemkaart van Nederland, Grondwaterverkenning TNO, november 1983) en https

(Dienst

://www..broloket.nl/ondergrondmodellen:

De onderzoekslocatie ligt geologisch gezien (Tektonische kaart) in de Roerdalslenk. breuken zijn noordwest gericht. Zie de tektonische kaart van Nederland hieronder.

De

Volgens een boring (B58B0068) binnen de onderzoekslocatie heeft de deklaag een dikte van minimaal 1,25 meter en bestaat uit een fijne zandafzetting (Formatie van Boxtel), daaronder wordt grof zand met grind aangetroffen (Formatie van Beegden tot een diepte van 7 m-mv). Vervolgens wordt tot een diepte van 26,6 m-mv midden en fijn zand en kleiig

230275.BKK

/ KK

7

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

zand, weinig grof zand en glauconiet zand en een spoor klei, bruinkool, grind en schelpen aangetroffen (Formatie van Breda). De maaiveldhoogte van de boring is + 33,7 m +NAP. Zie figuur 4 voor een geologisch

profiel.

Figuur 3: Gedeelte van de Bodemkaart Zuid-Nederland Wydrogeologie

Lithologie

ky-maarde (m/d)

=

Hydrogedloge z e m m

mtW1.ta0evn.prevlts.de

Lithologie #

i taód fijne categorie d

niden

cstegorie

1

2

=

Figuur 4: Bodemopbouw op onderzoeks/ocatie (bron: BROloket/Dinoloket/TNO)

Geohydrologische gegevens Uit de geohydrologische gegevens blijkt dat de hoofdstroming van het freatisch grondwater globaal westelijk is gericht. De maaiveldhoogte bedraagt gemiddeld ongeveer 33 meter + NAP en de stijghoogte van het freatisch grondwater bevindt zich op circa 31,0 meter + NAP.

Het grondwater is op een diepte van circa 2,0 m-mv te verwachten. 2.4.

Bodemkwaliteitskaart

Voor de gemeente Peel en Maas is een Nota Bodembeheer Limburg Noord (2020-2029) opgesteld die voldoet aan de eisen en randvoorwaarden van het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit. In deze bodembeheernota zijn een bodemkwaliteitskaart en een 230275.BKK

/ KK

8

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

bodemfunctieklassenkaart opgenomen waarin deelgebieden tot een bepaalde zone worden benoemd met daarbij de vermoedelijke bodemkwaliteit. De onderzoekslocatie is gelegen in de zone met de bodemfunctieklasse Landbouw/natuur en met op de ontgravingskaarten boven- en ondergrond de kwaliteitsklasse Landbouw/Natuur. Daarnaast

heeft de gemeente

Peel en

Maas de bodemkwaliteitskaart

voor PFAS voor de Regio

Limburg-Noord. De bodemkwaliteitskaart met projectnummer 370570 (d.d. 3-9-2020) is opgesteld door Sweco en vormt de basis voor hergebruik en toepassing van grond die (licht) verontreinigd is met PFAS. Hierdoor kan sneller en gemakkelijker worden bepaald waar grond kan

worden

Door

hergebruikt,

het vaststellen

van

zonder dat aanvullend een

onderzoek

bodemkwaliteitskaart

voor

naar

PFAS

PFAS

kan

hoeft plaats te vinden.

deze

kaart

worden

gebruikt als milieuhygiënische verklaring voor de kwaliteit van vrij te komen werkwijze

voor bepaling van de actuele

representatieve

milieuhygiënische

grond. Vanuit de

bodemkwaliteit

voor PFAS in boven- en ondergrond van gemeente Peel en Maas blijkt dat bovengrond niet verontreinigd is (voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/ natuur) en dat de ondergrond niet verontreinigd is (voldoet aan de bodemkwalliteitsklasse Landbouw/ natuur). Daarmee

is de diffuus

in de bodem

voorkomende

PFAS

in het beheergebied

van

de gemeente

geen beperkende factor en speelt geen rol van betekenis bij grondverzet. Opgemerkt wordt dat de representatieve milieuhygiënische bodemkwaliteit exclusief eventuele verontreinigingen als gevolg van puntbronnen en verdachte locaties ten aanzien van PFAS is. Vanzelfsprekend is het gebruik van de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel alleen toegestaan in die gebieden en parameters waarvoor de kaart geldt. De onderhavige bodemkwaliteitskaart voor PFAS in combinatie met de Nota Bodembeheer Limburg Noord (2020-2029, versie

19.2), geeft een volledig

overzicht voor welke terreindelen

en gebieden

en voor welke

parameters de bodemkwaliteitskaart geldt. 2.5.

Conclusies

vooronderzoek

Uit het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat: -

-

-

binnen de onderzoekslocatie in de periode vanaf 1980 tot 2021 sprake is geweest van een nertsenfokkerij; binnen de onderzoekslocatie geen (bedrijfs-) activiteiten, behoudens het opslaan van diesel in een bovengrondse tank, hebben plaatsgevonden die de bodemkwaliteit nadelig zouden hebben kunnen beïnvloede. Het houden van pelsdieren wordt niet als een potentieel verontreinigende activiteit gezien; in eerder verrichte bodemonderzoeken binnen de onderzoekslocatie in de bovengrond enkel lichte verontreinigingen zijn aangetoond met zware metalen en PAK. Het grondwater is licht verontreinigd met de zware metalen barium, cadmium, nikkel, koper en zink, hetgeen als een regionaal aanwezige grondwaterverontreiniging wordt gezien; de daken van de voormalige sheds en schuur waren voorzien van asbesthoudende golfplaten. De sheds waren allemaal voorzien van dakgoten. De schuur heeft geen dakgoten en derhalve is aan de noordzijde sprake van een druppelzone; de locatie deels verhard

is met klinkers en beton,

en dat de betonvloeren

worden

opgebroken en opgeslagen in een depot binnen het perceel voor de mestsilo; onder de betonverhardingen onder de sheds geen puinlagen zijn aangebracht: de bebouwing binnen de onderzoekslocatie hedendaags in gebruik is als woning, opslag van materialen, houden van hobbymatige dieren; binnen de onderzoekslocatie een ondergrondse dieseltank aanwezig is, welke is verplaatst naar een nieuwe locatie; voor het gebied waar de onderzoekslocatie is gesitueerd, volgens de bodemkwaliteitskaart voor de boven- en ondergrond indicatief de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/Natuur geldt; er freatisch grondwater kan worden verwacht op een diepte van ca 2,0 m-mv; de onderzoekslocatie, behoudens de locatie van de vml bovengrondse dieseltank en de druppelzone bij de schuur, als een onverdachte locatie kan worden gezien. De locatie van de dieseltank en de druppelzone worden als plaatselijk verdacht aangemerkt. 230275.BKK

/ KK

9

Verkennend bodemonderzoek

3.

ONDERZOEKSOPZET

3.1

Hypothese

Steenkampseweg

12 te Meijel

Naar aanleiding van de resultaten uit het vooronderzoek wordt voor de onderzoeksstrategie, behoudens voor de vmi. locatie van de bovengrondse dieseltank, uitgegaan van een onverdachte locatie (ONV). De vml. locatie van de bovengrondse dieseltank wordt als een plaatselijke verdachte locatie (VEP) aangemerkt. Daarnaast wordt voor het asbestonderzoek, behoudens voor de druppelzone van de schuur aan de Steenkampseweg / Peelbaan, eveneens uitgegaan van een onverdachte locatie. De druppelzone aan de noordzijde van de schuur wordt als een plaatselijke verdachte locatie aangemerkt.

3.2.

Onderzoeksstrategie

Naar aanleiding van de tot nu toe verkregen en verzamelde informatie is de in tabel 1 vermelde onderzoekstrategie voor het verkennend bodemonderzoek opgesteld. Het aantal te verrichtte boringen / proefgaten en analyses zijn gerelateerd aan de oppervlakte van de te onderzoeken locatie. De boringen / proefgaten worden gelijkmatig verdeeld en gecombineerd uitgevoerd. Het asbestonderzoek maakt deel uit van het bodemonderzoek en vindt plaats conform NEN 5707+C2 (december 2017) door een voor protocol 2018 gecertificeerde en erkende medewerker van BKK Bodemadvies bv. Ter hoogte van de schuur aan de Steenkampseweg / Peelbaan wordt aan de noordzijde de druppelzone bemonsterd middels een proefsleuf. Het overige terrein wordt als onverdacht gezien. Mocht de gecertificeerde monsternemer zintuiglijk asbestverdacht materiaal aantreffen, dan worden die monsters in een apart (verzamel) monster geanalyseerd. Bij meer dan 50 % bodemvreemd materiaal wordt de bemonstering conform NEN 5897+C2 uitgevoerd. Tabel 1: Onderzoeksstrategie.

Inspectiegat ”) /

‘Chemisch onderzoek +9

boring 9

Locatie (oppervlakte)

0,3*0,3%0,5/ 0,5 m-mv

Percelen: F-1386, F1387,

F-1726,

Ondergrond

|1

doorzetten tot

m-mv

/ peilbuis

30/11

5740)

5x NEN 5740 bovengrond ”

F-559

1x asbest NEN

[ged], F-1546 en F1545, excl. bebouwing: 30.955 m? (ONV,

2

'Grond / grondwater (NEN

8

5707

49 4x NEN 5740 ondergrond * 4x NEN 5740 grondwater

boring 01 /m

41) Vml.

locatie

boven-

071

1

1x minerale

olie ®

grondse dieseltank (VEP,

boring

75)

Percelen: F-503, F-502, F-2193 22.415

en F-512: m?

(ONV, boring 42 /m 74)

230275.BKK

/ KK

28710

4x NEN x 7

5740 bovengrond

asbest

NEN

5707

*

©

3

3x NEN 5740 ondergrond * 3x NEN 5740 grondwater

10

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

Toelichting bij tabel 1 a)

‘Conform NEN 5707 worden de boringen voor wat de bovengrond 0,3m0,3m*0,5m voor het onderzoek asbest in bodem.

b)

Analyses worden zullen

©)

de

e)

U}

h)

conform

AS

3000

worden

Tevens

voorbewerkt.

separaat geanalyseerd

dan

te worden.

Voor een verdachte locatie zijn in de NEN 5707 (2017) asbestanalyses voorgeschreven. Voor de druppelzone is 1 asbestanalyse gereserveerd. Voor het onverdachte terrein zijn in principe geen asbestanalyses voorgeschreven. In geval dat de locatie bodemvreemde bijmengingen met puin bevat, is de bodem per definitie verdacht voor asbest en is een analyse op asbest noodzakelijk. Het analysepakket voor grond is nader omschreven in de NEN 5740/A1 en omvat de volgende parameters: Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), som PCB, som PAK, minerale olie (GC), lutum en organisch stof. Het analysepakket voor grondwater is nader omschreven in de NEN 5740/A1 en omvat de volgende parameters: Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), olie (GC), vluchtige

aromaten

(BETXN)

en vluchtige

gechloreerde

koolwaterstoffen

(VOCL).

De vml. en de nieuwe locatie met de bovengrondse dieseltank wordt als verdacht aangemerkt, het grondwateronderzoek wordt voor peilbuis 38 en 40 gecombineerd uitgevoerd. Ter plaatse van de druppelzone aan de noordzijde van de schuur wordt í.p.v. een proefgat een proefsleuf gegraven

3.3.

tot een proefgat van

Indien tijdens de monstername significante zintuiglijke verontreinigingen worden aangetroffen,

minerale

9)

vergroot

uitgevoerd door een door de Raad van Accreditatie geaccrediteerd laboratorium.

monsters

dienen deze grondmonsters

D)

betreft,

voor het asbestonderzoek,

waarbij

de toplaag separaat wordt bemonsterd.

PFAS-onderzoek

De gemeente Peel en Maas heeft de PFAS-bodemkwaliteitskaart voor Regio Limburg Noord vastgesteld. Deze bodemkwaliteitskaart vormt de basis voor hergebruik en toepassing van grond ten aanzien van PFAS. Hierdoor kan sneller en gemakkelijker worden bepaald waar grond kan worden hergebruikt, zonder dat (aanvullend) onderzoek naar PFAS hoeft plaats te vinden. Onderzoek naar PFAS zal in de uitvoering van het bodemonderzoek enkel plaatsvinden, wanneer de resultaten voor de onderzoekslocatie aangeven dat er sprake is van sterk verontreinigde grond. In geval van sanering van sterk verontreinigde grond eist de acceptant een PFAS-onderzoek.

230275.BKK

/ KK

17

Verkennend bodemonderzoek

4.

UITVOERING

4.1.

Inleiding

Steenkampseweg

12 te Meijel

VELDWERKZAAMHEDEN

De veldwerkzaamheden zijn op 4, 5 en 12 mei 2023 conform de BRL-SIKB 2000 en het daarbij behorende protocollen 2001, 2002 en 2018, uitgevoerd door BKK Bodemadvies BV.

De uitvoerende veldwerers e

kader geregistreerd bij Rijkswaterstaat Leefomgeving verantwoordelijk voor het uitgevoerde veldwerk. 4.2.

; ‚<

(certificaat

EC-SIK-20261) en

Veldwerkzaamheden

Conform de in tabel 1 vermelde onderzoeksstrategie zijn de boringen 01 t/m 41 en 42 /m 74 verricht tot een diepte van 0,5 m-mv, waarbij de boringen 01 t/m 29, 35 en 42 t/m 64 gecombineerd als proefgat zijn gegraven. Een aantal proefgaten zijn verricht onder de betonverhardingen van de vml. sheds. Ter plaatse van boring 16 is een proefsleuf gegraven ter plaatse van de druppelzone en ter plaatse van de vml. locatie van de bovengrondse dieseltank is boring 75 tot een diepte van 1 m-mv verricht. Boring 11 is vanwege het aantreffen van een matig puingranulaat houdende laag verder doorgezet tot een diepte van 0,9

m-mv.

Proefsleuf 16 is handmatig met behulp van een schep gegraven tot een diepte van circa 5 cm-mv in verband met het asbestonderzoek ter hoogte van de druppelzone als gevolg van de aanwezigheid van een verweerd asbesthoudende dak zonder dakgoot. Vervolgens zijn de boringen 30 t/m 41 en 65 t/m 74 doorgezet tot een diepte van 2 m-mv. De boringen 38 i/m 41, 67, 70 en 71 zijn handmatig verder doorgezet tot een diepte van 3,0 tot 4,5 m-mv en in het kader van het grondwateronderzoek afgewerkt met een peilbuis. Bij de uitvoering van de diepe boringen binnen de percelen zuidelijk van de Steenkampseweg is freatisch grondwater aangetroffen op een diepte variërend van 1,2 tot 1,8 m-mv. Binnen de percelen noordelijk van de Steenkampseweg is freatisch grondwater aangetroffen op een diepte variërend van 2,25 tot 2,95 m-mv. De locaties van de proefgaten, tekeningen in bijlage I.

4.3.

proefsleuf,

boringen en peilbuizen zijn weergegeven

op de

Waarnemingen

Asbest

Een maaiveldinspectie, als is voorgeschreven in het SIKB- protocol 2018, waarbij het maaiveld in banen van ongeveer 1,5 meter breed op de aanwezigheid van asbest is gecontroleerd, heeft voor de verharde deellocaties met betonvloeren niet kunnen plaats vinden. Voor het overige onverhard terrein is deze inspectie wel uitgevoerd. Hierbij is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen op het maaiveld. Bodem

Tijdens het veldonderzoek is van iedere boring een profielbeschrijving gemaakt en zijn eventuele zintuiglijk waargenomen bodemvreemde kenmerken genoteerd (zie de boorbeschrijvingen in bijlage IV). De bodemopbouw ter plaatse is overwegend als volgt te beschrijven: 0,0-0,5 m-mv: 0,5-2,0 m-mv:

matig fijn, matig siltig (humeus) en/of zwak tot sterk grindig zand; matig tot zeer fijn, zwak tot matig siltig zand.

Tijdens de uitvoering van de boringen is in de ondergrond freatisch grondwater aangetroffen op een diepte variërend van 1,0 tot 2,2 m-mv. In de uitkomende grond van de boringen zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen, welke in tabel 2 nader zijn gespecificeerd.

230275.BKK

/ KK

12

Verkennend bodemonderzoek

Tabel 2: Bodemvreemde

Boring

Steenkampseweg

bijmengingen.

[Diepte boring

[Traject

(m-mv)

(m-mv)

17 40 52

0,90 3,50 0,50

0,15-0,40 0,00 -3,50 0,00 -0,50

Zand Zand Zand

'matig puingranulaat geen ofie-water reactie sterke mestgeur

53

0,50

0,00 -0,50

Zand

sterke mestgeur

54 55 56 57

0,50 0,50 0,50 1,50

0,00 0,00 0,00 0,00

-0,50 -0,50 -0,50 -0,50

Zand Zand Zand Zand

sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur zwak baksteen, sterke mestgeur

0,50-1,00

0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 -0,50 0,00 7050 0,00 -0,50

Zand

Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand

zwak

Grondsoort

| Waargenomen

bijzonderheden ”

baksteen

58 59 60 61 62 63 64 6668

0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 0,50 2,00 2,00

69 71 73 74

2,00 2,00 2,00 2,00

0,00 0,00 0,00 0,00

-0,50 -0,50 -0,50 -0,50

Zand Zand Zand Zand

sterke mestgeur sterke mestgeur sporen baksteen ‘sterke mestgeur

1,00

0,08-1,00

Zand

geen olie-water reactie

75

)

12 te Meijel

sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur sterke mestgeur sporen baksteen sterke mestgeur

De sterke mestgeur is veroorzaakt door het onlangs bemesten van het weiland.

Een aantal foto's van het bodemmateriaal

uit de proefgaten

zijn opgenomen

in bijlage VII.

Grondwater

In tabel 3 zijn de meetresultaten tijdens de monstername weergegeven. Tabel 3:

Veldgegevens

Peilbuis

Bemonsterings-

datum

NTU:

Filter-

Grondwater-

PH C-)

stelling (m-mv)

stand (m-mv)

Ec

NTU

(us/cm)

Pb 38 Pb 39

12-05-2023 12-05-2023

25-35 20-30

0,65 118

64 5,4

1.652 285

402 1.059

Pb 67 Pb 70 Pb 71

12-05-2023 12-05-2023 12-05-2023

3545 3545 30-40

0.96 200 1,80 2,62

56 45 62

207 433 555 588

50 471 107

(turbiditeit)

van een vloeistof.

PbPb 4041 pH: Ec:

bij watermonstername.

_ _

12:05-2023 12-05-2023

2535 20-30

1,50

6671

623

977 121

zuurgraad geleidbaarheid van het water _ een maat voor de troebelheid

De norm

NEN

5744

geeft aan dat bij een troebelheid

tussen 0 en 10 NTU aangenomen kan worden dat er geen probleem is met grond deeltjes die de analyseresultaten kunnen verstoren. Een duidelijk hogere troebelheid kan een reden zijn voor herbemonstering.

4.4.

Bemonstering

Asbest

Conform bijlage A in de NEN 5725 (2017) dienen lagen met puinbijmengingen geassocieerd te worden met bouw- en sloopafval (combinatie van beton, (bak)steen, cement) en als verdacht op het voorkomen van asbest te worden aangemerkt. In afwijking van de onderzoeksopzet, waarbij van een onverdachte locatie is uitgegaan, is plaatselijk een matig puingranulaat houdende bovengrond bij boring 11 aangetroffen. Voor deze locatie en voor de druppelzone

zijn monsters van ruim 12,5 kg van de gezeefde fractie < 20 mm

samengesteld conform NEN

5707+C2. In het laboratorium wordt het drooggewicht bepaald, welke kan afwijken van het gewicht in het veld gemeten. Zie $ 5.2 voor details van de monstername voor asbest in grond. De asbestverdachte monsters zijn na monstername voor analytisch onderzoek aangeboden aan een geaccrediteerd (conform EN-ISO 17025) laboratorium.

230275.BKK

/ KK

13

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

Boven- en ondergrond In trajecten van maximaal 0,5 meter zijn de grondmonsters samengesteld. Visueel verontreinigde trajecten zijn hierbij separaat bemonsterd. De monsters zijn na monstername gekoeld bewaard in potten/emmers en voor analytisch onderzoek aangeboden aan een geaccrediteerd (conform EN-ISO 17025) laboratorium. Grondwater

Het grondwater is bemonsterd door een voor protocol 2002 gecertificeerde veldwerker. Alvorens tot monstername van het grondwater is overgegaan, is de grondwaterstand in de betreffende peilbuis gemeten en is een hoeveelheid grondwater met een constant afpompdebiet tussen 100 ml/min en 500 ml/min afgepompt, waarbij de daling van de grondwaterstand niet meer dan 50 cm bedroeg. De afgepompte hoeveelheid grondwater is gelijk aan minimaal 3x de natte peilbuisinhoud, of totdat het elektrisch geleidingsvermogen (EC) stabiel is geworden (waarbij dan 5x de inhoud van het filterdeel is verwijderd). Vervolgens is de troebelheid van het grondwater gemeten.

230275.BKK

/ KK

14

Verkennend bodemonderzoek

5.

LABORATORIUMONDERZOEK

5.1.

Asbest

Steenkampseweg

12 te Meijel

In het kader van het asbestonderzoek zijn er 2 grondmonsters (ASB 01 en ASB 02) volgens de NEN 5707 samengesteld. De samenstelling van de analysemonsters is weergegeven in tabel

4.

Tabel 4: Samenstelling

Analysemonster

analysemonsters asbestonderzoek.

(samengesteld

Proefgat /

proefsleuf

Bijmengingen

Traject (m-mv)

ASB 01 (NEN 5707)

|11

matig puinhoudend

0,15 =0,40 m-mv

Proefsleuf t.b.v. druppelzone

0-0,05 m-mv

volgens)

ASB 02 (NEN 5707) | 16

NEN NEN

5897 5707

ij

de tabel

_ _

(meng)monster asbestverdacht materiaal (puin of grond) > 50 % bodemvreemd materiaal, monstergewicht minimaal 28 kg < 50 % bodemvreemd materiaal, monstergewicht minimaal 12,5 kg

4:

De analysemonsters zijn in het laboratorium gedroogd en gezeefd volgens NEN 5898 (Q). Vervolgens zijn de asbestanalyses met de polarisatiemicroscoop conform NEN 5896 (Q) uitgevoerd door Eurofins Omegam BV. 5.2.

Bodem

Voor de beoordeling van de kwaliteit van de boven- en ondergrond zijn 18 grond(meng-) monsters samengesteld. De (meng)monsters zijn samengesteld aan de hand van vergelijkbare bodemsamenstelling. Visueel verontreinigde bodemlagen met vergelijkbare bodemvreemde kenmerken zijn samengevoegd in een mengmonster. In tabel 5 is de samenstelling van de (meng)monsters weergegeven. De samenstelling heeft conform de richtlijnen van de NEN 5740 in het laboratorium plaatsgevonden. Tabel 5: Samenstelling grond(meng)monsters. (Meng)monster

bijmengingen) 01: BG

(materiaal,

(zand, visueel schoon)

02: BG (zand, visueel schoon) 03: BG 04: BG

(zand, matig puingranulaat) (zand, visueel schoon)

05: BG (zand, visueel schoon) 06: BG (zand, visusel schoon) 07: 0G (zand, zwak puin) 08: OG (zand, visueel schoon) 09: OG

(zand,

visueel schoon)

10: 0G (zand, visueel schoon) 117 BG (zand, visueel schoon) 12: BG (zand, zwak baksteen) 13: BG

(zand,

230275.BKK

visueel schoon)

/ KK

Boring en bodemtraject in cm-mv 01 (0-50) 02 (0-50) 04 (0-50) 05 (0-50) 06 (0-50) 07 (0-50) 08 (0-50) 09 (0-50) 10 (0-50) 12 (0-50) 13 11 15 18

(15-50) (15-40) (12-25) (20-50)

14

22 25 40 30 38 32

(0-50) 23 (10-50) 24 (0-50) (10-50) 27 (10-35) 29 (10-30) (20-70) 75 (15-50) (50-100) 30 (150-200) 31 (100-150) (50-100) 38 (150-200) (100-150) 33 (50-100) 33 (150-200)

| standaardpakket grond (H/L) | standaardpakket grond (A/L)

(10-30)

16 (20-50) 19 (10-50)

17

39 (50-80) 39 (130-180) 34 (100-150) 34 (150-200) 35 (150-200) 40 (70-120)

36 41 42 49 44

Analysepakket

standaardpakket standaardpakket

(20-50)

35

(50-100)

grond grond

(H/L) (M/L)

standaardpakket grond (H/L) Minerale olie | standaardpakket grond (H/L) | standaardpakket grond (A/L) |

standaardpakket

grond

(/L)

(50-100) 36 (150-200) 37 (100-150) | standaardpakket grond (H/L) (50-100) 41 (150-200) (0-50) 43 (0-50) 47 (0-50) 48 (0-50) | standaardpakket grond (H/L) (0-50) (0-50) 45 (0-50) 46 (0-50) 50 (0-50) | standaardpakket grond (/L)

51 (0-50) 53 (0-50) 61 (0-50)

54 (0-50) 62 (0-50)

55

(0-50)

60

(0-50)

| standaardpakket

15

grond

(H/L)

Verkennend bodemonderzoek

Vervolg tabel 5: Samenstelling grond(meng)monsters. (Meng)monster (materiaal, bijmengingen) g en bodemtraject 14: BG (zand, visueel schoon) 15: BG (zand, zwak baksteen) 16:OG (zand, visueel schoon) 17: OG 18: OG

(zand, visueel schoon) (zand,

visueel schoon)

52 63 57 65 69 68

Steenkampseweg

in cm-mv

Analysepakket

(0-50) 56 (0-50) 58 (0-50) 59 (0-50) (0-50) 64 (0-50) (0-50) (50-100) 65 (150-200) 69 (50-100) (130-180) 72 (50-100) (50-100) 68 (150-200) 70 (100-150)

71 (50-100) 66 (50-100) 73 (50-100)

74 66 73

(150-200) (150-200) (150-200)

12 te Meijel

67 (100-150)

standaardpakket grond

(H/L)

standaardpakket grond standaardpakket grond

(H/L) (H/L)

standaardpakket grond

(H/L)

‘standaardpakket

(H/L)

grond

Toelichting bij de tabel: BG _ Bovengrond OG _ Ondergrond ” = analysemonster 01 (Niet Toepasbaar volgens de Regeling bodemkwaliteit op basis van minerale olie) is uitgesplitst om de deelmonsters separaat te analyseren op de parameter minerale olie.

De grondmengmonsters 01 t/m 05 en 07 t/m 18 zijn geanalyseerd grond. Dit pakket bestaat uit de volgende parameters:

op het standaardpakket

Droge stofgehalte, Iutum, organische stof; Zware metalen: cadmium, barium, koper, lood, zink, nikkel, kobalt, molybdeen en kwik; Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK); Polychloorbifenylen (PCB): Minerale olie (GC). Grondwater

De grondwatermonsters uit peilbuizen 38 t/m 41, 67, 70 en 71 zijn geanalyseerd op het standaard analysepakket voor grondwater bestaande

uit de volgende

parameters:

* *

metale: : barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, _ Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXSN); _ Vluchtige chlooralifaten;

+

_

*

_ Zware

Minerale

nikkel en zinl

olie.

De chemische analyses op grond- en grondwatermonsters zijn conform AS 3000 uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium

230275.BKK

/ KK

van Eurofins Omegam

BV te Amsterdam.

16

Verkennend bodemonderzoek

6.

ONDERZOEKSRESULTATEN

6.1.

Toetsingskader voor asbest

Steenkampseweg

12 te Meijel

Voor de toetswaarden van asbest geeft noch de Circulaire bodemsanering, noch de Regeling bodemkwaliteit een achtergrondwaarde voor asbest. Beide documenten geven alleen een maximale waarde. De interventiewaarde uit de circulaire voor asbest in de bodem bedraagt 100 mg/kgds gewogen asbest. Dit houdt in dat de concentratie van asbest wordt berekend als de totale concentratie aan serpentijn asbest (chrysotiel, of witte asbest) vermeerderd met tienmaal de amfibool asbesten (b.v. crocidoliet, amosiet, anthophyliet, actinoliet en tremoliet). De Circulaire bodemsanering 2009 (vigerend) geeft in bijlage 3 (saneringscriterium, protocol asbest) uitdrukkelijk aan, dat indien de gewogen asbestconcentratie meer dan 100 mg/kgds bedraagt er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Hiervoor geldt geen volumecriterium. Indien de concentratie asbest meer dan 100 mg/kgds bedraagt dient een risicobeoordeling te worden uitgevoerd om te bepalen of er onaanvaardbare risico's zijn. Bij lagere concentraties mag niet van een verontreiniging met asbest worden gesproken. In de Regeling bodemkwalliteit is in bijlage B aangegeven dat de maximale waarde voor de bodemfunctieklasse Wonen en Industrie 100 mg/kgds gewogen asbest bedraagt. Voor bouwstoffen is de maximale samenstellingswaarde van asbest (Msw) in puin eveneens 100 mg/kgds.

6.2.

Toetsing en interpretatie analyseresultaten asbest

In tabel 6 is een overzicht van de toetsingsresultaten van de analysemonsters weergegeven. In bijlage V is het analyserapport opgenomen. Tabel 6: Resultaten asbest (gehalten in mg/kgds).

Mengmonster

Proefgat / proefsleuf Van (m-mv) - tot (m-mv)

'ASB 01 (grond) 11

'ASB 02 (grond) 16

0,15-0,40

0,00-0,05

Totaal serpentijnasbest

<0,4

<0,5

o

o

asbest concentratie

<0,4#

<0,5#

Toelichting bij de tabel: # Rapportage bepalingsgrens

(detectielimiet in lab)

Totaal

aan

amfiboolasbest

Totaal gewogen

In de fijne fractie van ASB 01 aangetoond.

6.3.

(proefgat 11) en ASB

02 (proefsleuf 16) is geen asbest

Toetsingskader voor bodem

In de Circulaire bodemsanering worden interventiewaarden voor grond en streef- en interventiewaarden voor grondwater onderscheiden welke de volgende betekenis hebben: .

Streefwaarden

(S): De streefwaarden grondwater geven aan wat het ijkpunt is voor de

milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van Verwaarloosbare Risico's voor het ecosysteem. De getallen voor de streefwaarde grondwater zijn overgenomen uit de Circulaire

streefwaarden en interventiewaarden

bodemsanering

(2000)

en zijn in het algemeen

risico-

onderbouwd.

230275.BKK

/ KK

17

Verkennend bodemonderzoek

.

Steenkampseweg

12 te Meijel

Interventiewaarden (T): De interventiewaarden bodemsanering geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier of plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd.

waarboven

Ze zijn representatief voor het verontreinigingsniveau

sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging,

indien meer dan 25 m?

bodemvolume grond of 100 m? bodemvolume grondwater een gemiddelde concentratie heeft boven de interventiewaarde

(art. 29 Wbb).

Om de mate van verontreiniging aan te geven volgende terminologie gebruikt: «

wordt in voorliggende

niet verontreinigd:

concentratie grondwater < streefwaarde

e .

licht verontreinigd: matig verontreinigd:

_

achtergrondwaarde (zie Besluit bodemkwaliteit); concentratie > achtergrondwaarde; concentratie > index =0,5%;

.

sterk verontreinigd:

_

concentratie > interventiewaarde.

rapportage de

/ concentratie grond <

De mate waarin de GSSD de normwaarde van de standaard bodem overschrijdt of onderschrijdt wordt uitgedrukt door de “index”, waarvoor geldt index = (GSSD-AW)/ (1-AW). Indien index

>0,5 dan is er sprake van een matige verontreiniging welke aanleiding geeft voor een aanvullend onderzoek (uitsplitsing mengmonster). In geval de index > 1 geeft dit aanleiding voor een nader onderzoek naar de aard, omvang en ernst van de bodemverontreiniging. toetsingstabellen wordt naast de GSSD ook de index — tussen haakjes — vermeld.

6.4.

In de

Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit

Het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) en de Regeling bodemkwaliteit (Rbk) regelen het bodembeheer. Hieronder vallen de Kwaliteitsborging bodembeheer (Kwalibo), het keuren en toepassen van bouwstoffen, grond en baggerspecie en het vaststellen van de bodemkwaliteit in relatie tot het bodemgebruik. Met betrekking tot de laatstgenoemde zijn bodemkwaliteitskaarten en bodemfunctieklassenkaarten opgesteld. Bij de bodemkwaliteit zijn zowel land- als waterbodems betrokken. In de Rbk wordt onderscheid gemaakt tussen normstelling in het Generieke (landelijke) kader en het Gebiedsspecifieke (lokale) kader. Afhankelijk van het bodemgebruik zijn Maximale Waarden vastgesteld, waaraan de bodemkwaliteit moet voldoen om geschikt te zijn voor de (beoogde) bodemgebruiksfunctie. In deze rapportage wordt standaard getoetst aan de normen in het Generieke kader. Indien de lokale overheid beschikt over een geldige bodemkwaliteitskaart en gebiedsspecifieke beleid (zie hiervoor de Nota Bodembeheer van de betreffende overheid) dan kan aanvullend getoetst worden aan de normen in het Gebiedsspecifieke kader. In beide kaders worden de volgende verschillende

waarden

kunnen

normwaarden

gebruikt, die afhankelijk van het kader

hebben:

.

Achtergrondwaarden (AW): Bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er wettelijk geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen (art. 1 Bbk).

.

Maximale Waarden wonen (WON): De Maximale Waarden (concentraties) wonen geven de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem op lange termijn geschikt te houden voor de functie wonen.

+

Maximale Waarden industrie (IND): De Maximale Waarden (concentraties) industrie geven de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem op lange termijn geschikt te houden voor de functie industrie.

6.5.

Toetsing

en interpretatie analyseresultaten

bodem

Berekende toetsingswaarden De gestandaardiseerde meetwaarden zijn getoetst aan de normwaarden. In tabel 7 zijn de normwaarden voor standaard bodem opgenomen. Daarnaast worden in het kader van hergebruik van grond en bouwstoffen de analyseresultaten indicatief getoetst conform de

230275.BKK

/ KK

18

Verkennend bodemonderzoek

toetsingsmethode beschreven in de Regeling bodemkwaliteit waarden wonen (WON) en industrie (IND). Tabel 7: Toetsingsnormen

voor standaard bodem

(mg/kgds) Wbb

(Rbk)

Steenkampseweg

12 te Meijel

aan de maximale

en Rbk

AW

I

WON

IND

METALEN

Cadmium

0,6

13

12

43

[Co]

15

190

35

190

Koper [Cu] Kwik [Hg] Lood [Pb] Molybdeen [Mo]

40 0,15 50 1,5

190 36 530 190

54 0,83 210 88

190 48 530 190

Nikkel

35

100

39

100

140

720

200

720

1,5

40

68

40

0,02

1

0,04

0,5

190

5000

190

500

Kobalt

[Cd]

[NI]

Zink [Zn] PAK

PAK

10 VROM

GECHLOREERDE

KOOLWATERSTOFFEN

PCB (som 7) OVERIGE Minerale

(ORGANISCHE) olie

C10

VERBINDINGEN

- C40

hting bij de tabel:

Toe

De toetsingsnormen zoals vermeld in de Wet Bodembescherming worden gecorrigeerd voor de geldende Iutum- en humuswaarden. In bovenstaande tabel worden de normen gegeven bij de lutum- en humuswaarden 25% en 10%. AW

_

L

— Achtergrondwaarde

zoals vermeld

in het Besluit Bodemkwaliteit

= Interventiewaarde

zoals vermeld

in de Wet

IND WON

_ =

Maximale

waarde

Industrie

Maximale

waarde

Wonen

Bodembescherming

Toetsing resultaten In tabel 8 is een overzicht opgenomen van de toetsresultaten met de in onderzoek genomen grond(meng)monsters. In bijlage V zijn de analysecertificaten, en in bijlage VI zijn de toetsingsoverzichten volgens de Wet bodembescherming en de regeling bodemkwaliteit zijn opgenomen. Tabel 8: Toetsresultaten bodem met beoordeling conform de Wbb en Rbk. Analysemonster [Boring + traject (cm-mv) >AW, (visueel) 01: BG (zand, visueel schoon)

01 (0-50) 05 (0-50)

02: BG (zand, visueel schoon)

08 (0-50) 09 (0-50) 10 (0-50) 12 (0-50) 13 (15-50) 14 (10-30)

03: BG (zand, matig

|11 (15-40)

puingranulaat)

04 (0-50) 07 (0-50)

Zink Cadmium

PCB Zink Cadmium PCB

15 (12-25) 18 (20-50)

05: BG

16 (20-50) 19 (10-50)

17 (20-50)

Zink

25 (10-50) 27 (10-35) 29 (10-30) 40 (20-70) 75 (15-50)

Cadmium -

visueel schoon) 07: OG (zand, zwak

|30 (50-100)

-

08: OG (zand,

32 (100-150) 33 (50-100)

Cadmium

visueel schoon) 09: OG (zand,

33 (150-200) 39 (50-80) 39 (130-180) 34 (100-150) 34 (150-200)

-

visueel schoon)

35 (50-100) 40 (70-120)

/KK

30

(150-200)

3138 (100-150) 38 (50-100) (150-200) 35

(Index)

|

Toets Rbk

|-

IND

007 (0,16) (0,01) (001)

|-

IND

|-

IND

-

AW

|-

AW”

-

AW

-

AW

-

AW”

-

AW

(0,03)

-

22 (0-50) 23 (10-50) 24 (0-50)

230275.BKK

__

[>T,

o _(0,02)

Minerale olie (0,01) (0,24)

visueel schoon) 06: B (zand,

puin)

__

Zink PAK

04: BG (zand, visueel schoon)

(zand,

02 (0-50) 06 (0-50)

(Index)

©06) __ (002)

_

C)

(150-200)

19

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

Vervolg tabel 8: Toetsresultaten bodem met beoordeling conform de Wbb en Rbk.

Analysemonster

Boring + traject (cm-mv)

> AW,

10:

36 (50-100)

-

-

AW

-

-

AW

|-

AW”

(visueel) OG

(zand,

visueel schoon)

36

(150-200)

|>I,

(Index)

Toets Rbk

11: BG (zand, visueel schoon)

37 41 42 48

baksteen) 13: BG (zand, visueel schoon)

|44 (0-50) 45 (0-50) 46 (0-50) 50 (0-50) 51 (0-50)

Nikkel

53 (0-50) 60 (0-50)

55 (0-50) 62 (0-50)

-

-

AW

14: BG (zand, visueel schoon) 15: BG (zand, zwak baksteen) 16: OG (zand,

52 (0-50) 56 (0-50) 58 (0-50) 59 (0-50) 63 (0-50) 64 (0-50) |57 (0-50)

-

-

AW

-

-

AW

65 (50-100)

|-

-

AW

visueel schoon) 17: OG (zand, visueel schoon)

69 68 70 74

-

-

AW

18: OG (zand, visueel schoon)

66 (50-100) 66 (150-200) 67 (100-150) 73 (50-100) 73 (150-200)

|-

IND

12: BG (zand, zwak

Toelichting

(100-150) 41 (50-100) (150-200) (0-50) 43 (0-50) 47 (0-50) (0-50) 49 (0-50)

(Index)

12 te Meijel

54 (0-50) 61 (0-50)

65 (150-200)

69 (50-100)

(130-180) 72 (50-100) (50-100) 68 (150-200) (100-150) 71 (50-100) (150-200)

(0,06)

Minerale olie PAK

(0,06) (0,36)

ij de tabel: geen verhoogde gehalten t.0.v. van de toetsnormen niet geanalyseerd, omdat niet voldoende materiaal meer aanwezig was Interventiewaarde zoals vermeld in de Wet Bodembescherming (GSSD — AW) / (L - AW), indien index > 0,5, deze waarde geeft aanleiding voor de uitvoering van een nader bodemonderzoek achtergrondwaarde / altijd toepasbaar, zoals vermeld inde Regeling bodemkwaliteit

na

l Index

(1,37) AW WON

Maximale

waarde

wonen

Maximale

waarde

industrie

IND

=

NT>I

iet toepasbaar, vanwege een interventiewaarde overschrijding Niet toepasbaar, vanwege de overschrijding van de maximale waarde industrie Ondanks dat er overschrijdingen zijn van de achtergrondwaarden voor zink, cadmium of nikkel geeft de indicatieve toetsing volgens de Regeling bodemkwaliteit (Rbk) aan dat er sprake is van de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarde.

NT>IND ”

Om te voorkomen dat partijen grond ten onrechte worden gekarakteriseerd als grond die niet voldoet aan de Achtergrondwaarde is een uitzonderingsregel van toepassing (zijnde N,T-toetsingsregel). Deze is opgenomen in het Rbk en is als volgt omschreven: Toetsingsregel achtergrondwaarde (bij 7 t/m 15 parameters): Maximaal 2 parameters mogen hoger zijn dan AW, mits niet hoger dan 2x AW en niet hoger dan maximale waarde voor bodemfunctie wonen (nikkel: afwijkende toetsingsregel). In dat geval voldoet de grond aan klasse achtergrondwaarde.

Toetsing

resultaten

grondwater

De overschrijdingen van de parameters die verhoogd zijn ten opzichte van de normwaarden zijn in tabel 9 samengevat. Tabel 9: Overschrijdingen t.0.v. normwaarden grondwater.

Monstercode

Filterdiepte (m-mv) | >S

38-1-1

25-35

(Index) | >T

Nikkel Koper

(0,17) (0,38)

-

(0,01)

(0,01) (0:01) (0,78)

|-

=

|-

-

39-11

20-30

25-35

Xylenen Zink

(5om)

40-1-1

(0.01) (0,08)

Xylenen

(som)

(0:01)

/ KK

|-

Molybdeen

Xylenen (som) Naftaleen Nikkel

230275.BKK

Index)

Koper Barium

(0,08) (0,01)

20

Verkennend bodemonderzoek

Monstercode

ingen t.0.v. normwaarden

grondwater.

Filterdiepte (m-mv) | >S

4111

2,0-3,0

67-11

3,5-45

Koper Cadmium Barium

(0,1) (0,08) (0,12)

Zink

(0,01)

Cadmium Barium Xylenen (som)

C) (0,01) (0,02)

70-1-1

3,5-4,5

Kobalt Nikkel Koper

Naftaleen Koper

(Index) [ >I

Steenkampseweg

12 te Meijel

Cindex)

[-

-

(0,09) | (0,03) (0,03)

-

()

[-

-

Barium (0,02) |Xylenen (som) (0,05) Naftaleen ) >S _ groter dan de streefwaarde maar kleiner dan de interventiewaarde; >=I groter dan de interventiewaarde.

-

Zink

7111

3,0-4,0

Interpretatie

Cadmium Barium Xylenen (som)

9)

(0,5)

(0,27) (0,05) &

resultaten

Bove n ondergrond In de bovengrond met bijmengingen van matig puingranulaat (analysemonster 03) zijn lichte verontreinigingen met PCB, minerale olie, zink en PAK aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit geldt voor de bovengrond van boring 11 dat er sprake van klasse

Industrie.

In de visueel schone bovengrond (analysemonster 01 en 02) zijn lichte verontreinigingen met cadmium, zink en PCB aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is hier sprake van klasse Industrie. In de visueel schone ondergrond (analysemonster 18) zijn lichte verontreinigingen met minerale olie en PAK aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is hier sprake van klasse Industrie. In de resterende visueel schone boven- en ondergrond zijn, behoudens enkele lichte verontreinigingen met nikkel, cadmium en zink, geen verontreinigingen aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is sprake van klasse Achtergrondwaarde. Grondwater

In het grondwater uit de 7 peilbuizen zijn lichte tot matige verontreinigingen met zware metalen (nikkel, koper, molybdeen, koper, cadmium, barium, zink) xylenen en naftaleen. Gezien het verontreinigingsbeeld zijn deze verontreinigingen zowel instromend als uitstromend aanwezig. In voorgaande bodemonderzoeken is eenzelfde verontreinigingsbeeld verkregen. Wegens het ontbreken van significante verontreinigingen met zware metalen in de bovenliggende grond, kunnen de lichte grondwaterverontreiniging als lokaal aanwezige grondwaterverontreinigingen worden gezien.

230275.BKK

/ KK

21

Verkennend bodemonderzoek

7.

CONCLUSIES

EN

Steenkampseweg

12 te Meijel

AANBEVELINGEN

In opdracht van N

i oo BKk Bodemadvies bv te Meijel een

verkennend bodemonderzoek uitgevoerd voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging, waarbij de huidige agrarische bestemming wordt gewijzigd in een recreatieve bestemming. Asbest

Op het maaiveld zijn geen asbest verdachte (plaat-)materialen aangetroffen. Bij de uitvoering van de proefgaten zijn eveneens geen asbestverdachte (plaat-)materialen opgeboorde materiaal (grove fractie, > 20 mm) aangetroffen.

in het

De asbestanalyses van de fijne fractie (< 20 mm) tonen aan dat er geen sprake is van een asbestverontreiniging in de druppelzone en ter plaatse van de matig puinhoudende bovengrond van boring 11. De hypothese ‘asbestonverdacht’ wordt voor de onderzoekslocatie aanvaard. De plaatselijk verdachte locaties voor een asbestverontreiniging kunnen eveneens kan

als

asbestonverdacht

Boven-

en ondergrond

worden

beschouwd.

De bovengrond van boring 11 met bijmengingen van matig puingranulaat is licht verontreinigd met PCB, minerale olie, zink en PAK. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit geldt voor de bovengrond van boring 11 dat er sprake van klasse Industrie. In de visueel schone boven- en ondergrond zijn plaatselijk lichte verontreinigingen met cadmium, zink, minerale olie, PAK en PCB aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is hier sprake van klasse Industrie. In de resterende visueel schone boven- en ondergrond zijn, behoudens enkele lichte verontreinigingen met nikkel, cadmium en zink, geen verontreinigingen aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is sprake van klasse Achtergrondwaarde. Grondwater

In het grondwater zijn lichte verontreinigingen met zware metalen (nikkel, koper, molybdeen, koper, cadmium, barium, zink) xylenen en naftaleen. Gezien het verontreinigingsbeeld zijn deze lichte verontreinigingen zowel instromend als uitstromend aanwezig. Wegens het ontbreken van verontreinigingen met zware metalen in de bovenliggende grond, kunnen deze lichte grondwaterverontreiniging als lokaal aanwezige grondwaterverontreinigingen worden gezien.

Toetsing

hypothesen

De hypothese ‘plaatselijk verdacht’ wordt voor de vmi. locatie van de bovengrondse dieseltank door de onderzoeksresultaten niet bevestigd. Er zijn geen verontreiniging met minerale olie en vluchtige aromaten aangetoond. Hiermee is de eindsituatie voor de bovengrondse opslag van diesel vastgesteld. De hypothese ‘onverdacht’ wordt voor de onderzoekslocatie niet geheel bevestigd. Er zijn lichte verontreinigingen met zware metalen, PAK, PCB en minerale olie in de boven- en ondergrond aangetoond. Het grondwater is licht verontreinigd met barium en xylenen. Ten aanzien van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging vormen deze lichte verontreinigingen geen belemmering.

230275.BKK

/ KK

22

Verkennend bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

Aanbevelingen Met het indienen van deze rapportage is de bodemkwaliteit afdoende vastgesteld. belemmeringen aanwezig ten aanzien van de nieuwe recreatieve bestemming.

Er zijn geen

Voor het elders toepassen van de boven- en/of ondergrond, indien deze vrijkomen als gevolg van graafwerkzaamheden binnen de percelen, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Indicatief is hier sprake van klassen Achtergrondwaarde en klasse Industrie. Met voorliggende resultaten kan eventueel vrijkomende niet toepasbare grond enkel worden aangeboden aan een BRL 7500 erkende acceptant. De overige eventueel vrijkomende grond kan worden aangeboden aan een BRL 9335 erkende acceptant.

230275.BKK

/ KK

23

Verkennend

bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

BIJLAGEN

230275.BKK

/ MK

Verkennend

bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

BIJLAGE

Topografische

230275.BKK

/ MK

situatie

I

Hierboven

bevindt

zich

de

onderzoekslocatie

aangeduid met het symbool: Bron:

Gemeentenatlas.nl,

2023

8

Adres:

Meijel, Steenkampseweg

Coördinaten:

A

X =

190.094

en

12

Y = 371.524

Verkennend

bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

BIJLAGE

Kadastrale

230275.BKK

/ MK

II

kaarten

Kadastrale

kaart

Uw

0040

6080

100m

—

12345

Deze kaats nordgericht

Perasuanner

Schaal1: 2000

>

:"‘Ë"“'"":'… ij e mee

Kadastrale gemeente S

e

M

‚Administraieve kadastrale grens

Perceel

kadaster f

Meijel

559

Bebouwing ‚an di uitrekselkunnen geen betrouwbare maten worden ortleend.

Voor een eensluidend uitreksel, geleverd op 17 aprl 2023 De bewaarder van het Kadasteren de openbare regsters

'De Dienst voor het kadaster en de openbareregiters behoudtzch de telectuele eigendomsrechten voor, Waaronder het auteursrecht en hetdatabankenrecht.

referentie:

230275

Kadastrale

kaart

Uw

referentie:

230275

A

498

1À

sol

501

508

1081

1468

1467 2040

Deze kaart s noordgericht

12345 25

_ Percechummer Husnummer

Vastgestekde kadastrale grens Voorlopige kadastale grens

‚Administraieve kadastrale grens

6080

100m

Schaal 1: 2000 Kadastrale gemeente

Sectie Perceel

kadaster _ Meijel

F 2193

Bebouwing ‚an di uitrekselkunnen geen betrouwbare maten worden ortleend.

Voor een eensluidend uitreksel, geleverd op 17 aprl 2023 De bewaarder van het Kadasteren de openbare regsters

'De Dienst voor het kadaster en de openbareregiters behoudtzch de telectuele eigendomsrechten voor, Waaronder het auteursrecht en hetdatabankenrecht.

Verkennend

bodemonderzoek

Steenkampseweg

12 te Meijel

BIJLAGE

III

Overzichtstekeningen

230275.BKK

/ MK

IJ

e

D oaeeg i

|

i

groen

T

e @

e

7

beton i

proefgat 0,3*0,3*0,5m

boring tot 2,0 m-mv

e n

KE Opdrachtgever:

e

N

O

LT proefseuf 20,3+0,05m | Onderwerp: Overzichtstekening met boorlocaties - Deel 1 î

i

Nummer:

[Datum:

_

Getekend:

230275

31-05-2023 | KH

schaat:

Ò

1:600

Tek. formaat: A3

Bijlage: IT

[]

@

&}

B

LasENDA onderzoekstocatie

ID _ proefgat0,3*0,3*0,5m | Postbus 55, 5768 ZH Meijel

bebouwing groen

O ©

inkers

Tel: 077-4661141

boring tot 0,5 m-mv e-mail: info@bkk-advies.nl boringtt20mmv | opdrachtgever:

é/ peitus

beton T

BKK Bodemadvies bv, Kruisstraat 6

N

Project: Meljel, Steenkampseweg 12 €0,

Onderwerp: Overzichtstekening met boorlocaties - Deel 2

greppel /stoot

Nummer:

kadastraal

230275

| Datum:

_ | Getekend:

[ Schaal: 1:600 Bijlage: IT

F1546

_

nummer

Bovengrondse

3105-2023

| KH

Tek. formaat:A3

@

gastank

5

|

7

01 3 F1545

30

k

d

F1387 24 Diddeiddgk 25001

@/3sPBo1

opslag hout

ë

04

> F1546

8 Depot betonpuin

32

F1726

4

TEGENDA

IE

onderzoeksiocatie

‘bebouwing groen Klinkers

56

[e]

do n

proefgat 0,3°0,3*0,5m

BKK Bodemadvies bv, Kruisstraat 6 Postbus 55, 5768 ZH Meijel

boring tot 0,5 m-mv

e-mail:

boring tot 2,0 m-mv

peilbuis

Tel:

077-4661141

info@bkk-advies.nl

EEm

N

.

beton

n

greppel / sloot

e

TE

kadastraal

230275

Tek. formaat: A3

nummer

31-05-2023 | KH

F2193

68 °

\S

7 55

E\G)

Bijlage: II

TEGENDA

BKK Bodemadvies bv, Kruisstraat 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=7e3b1aed-3d97-4d16-b092-7eb6a7857cbb