2024-058 03 Toelichting inclusief bijlagen
Tekst van het document
59
Kaderrichtlijn Water. Belangrijkste gezamenlijke punt uit deze beleidsstukken is dat water een belangrijk sturend element is in de ruimtelijke ordening. Water legt een ruimteclaim op het landschap waaraan voldaan moet worden. De bekende drietrapsstrategieën zijn leidend: ▪ Vasthouden-bergen-afvoeren (waterkwantiteit); ▪ Voorkomen-scheiden-zuiveren (waterkwaliteit). Tevens wordt thans gewerkt met de trits, hergebruik-bergen-infiltreren-afvoeren. Daarnaast is de Beleidsbrief regenwater en riolering nog relevant. Hierin staat hoe het best omgegaan kan worden met het hemelwater en het afkoppelen daarvan. Ook hier gelden de driestapsstrategieën. Het waterbeleid in de POVI sluit aan op de Europese Kaderrichtlijn Water en het Nationaal Waterplan.
Het provinciaal waterbeleid omvat de volgende strategische doelen: ▪ herstel sponswerking: het voorkomen van wateroverlast en watertekort in het regionale watersysteem, anticiperend op veranderde klimatologische omstandigheden; ▪ herstel van de natte natuur: het bereiken van ecologisch gezonde watersystemen en grondwaterafhankelijke natuur; ▪ schoon water: het bereiken van een goede chemische kwaliteit voor water en sediment; ▪ duurzame watervoorziening: het beschermen van water voor menselijke consumptie, zodanig dat voldoende water van de vereiste kwaliteit via eenvoudige zuiveringstechnieken beschikbaar is; ▪ een veilige Maas: het streven naar een acceptabel risico voor overstromingen in het rivierbed van de Maas. 5.4.2 Kenmerken van het watersysteem (huidige situatie) Bodemgesteldheid en grondwater Uit het verkennend bodemonderzoek (zie paragraaf 5.1.1) blijkt dat het freatisch grondwater zich bevindt op 1,0 m-mv. Op basis van het isohypsenpatroon van de grondwaterkaart wordt aangenomen dat de stromingsrichting van het freatisch grondwater oostelijk gericht is (richting de Maas). De bodem behoort voor de bovenste 3 meter tot de Formatie van Boxtel en bestaat uit zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus.
Conform de algemene gegevens van het waterschap blijkt het plangebied te liggen in een overgangsgebied tussen een matige en een goede bodemdoorlatendheid, met een k-waarde variërend van 0,45 tot 1,5 m/dag. Oppervlaktewater Op de leggerkaarten van Waterschap Limburg is te zien dat aan de overzijde van de Kanaalweg de Everlose beek stroomt. De oostelijke grens van het plangebied wordt gevormd door de watergang Leeuwerik. Beide betreffen primaire watergangen van het waterschap. Dit betekent dat de Keur van het waterschap op deze watergangen van toepassing is. Op basis van de Keur mag binnen een zone van 5 meter van de insteek van deze watergang niet zonder vergunning van het waterschap worden gebouwd. In het kader daarvan is in het vigerende bestemmingsplan aan deze betreffende stroken de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Beschermingszone watergang’ toegekend. Om de Keur in onderhavig bestemmingsplan opnieuw te borgen is deze dubbelbestemming overeenkomstig opnieuw overgenomen. Op eigen gronden bevindt zich daarnaast een eigen afwateringssloot, welke aansluit op de Leeuwerik. Voor een overstort op oppervlaktewater is een vergunning vereist. Ook voor het wijzigen van de overstort is een vergunning benodigd. Afvalwater / riolering Het afvalwater van de nieuwe bedrijfsbebouwing zal worden aangesloten op het gemeentelijk rioleringsstelsel.
Ter hoogte van het plangebied is voor het huishoudelijk afvalwater langs de weg drukriolering aanwezig. Hierop kan de nieuwe bedrijfsbebouwing worden aangesloten. Op deze drukriolering mag geen hemelwater worden aangesloten. De maximaal te lozen hoeveelheid afvalwater bedraagt 1 m3 per uur. Vastgesteld
60
Grondwaterbescherming Het plangebied is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied, zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening Limburg 2014. 5.4.3 Water in relatie tot de ontwikkeling (nieuwe situatie) De gemeente Peel en Maas streeft naar het afkoppelen van hemelwater. Het hemelwater afkomstig van de bebouwing dient dan ook op eigen terrein te worden opgevangen. Voor het bufferen en infiltreren van het hemelwater eist het waterschap dat minimaal een T=100 bui van 100 mm kan worden geborgen. Met onderhavig bestemmingsplan is mede het doel om het hoveniersbedrijf uit te breiden en nieuwe bedrijfsbebouwing met een omvang van 4.000 m2 toe te staan. Iedere toename van bebouwing dient zoveel mogelijk ‘hydrologisch neutraal’ te geschieden. Het hemelwater dat valt op de huidige bebouwing op het bedrijfsterrein van het hoveniersbedrijf wordt naar de eigen sloot geleidt. Deze sloot voert in de praktijk geen water, wat duidt op een diepe grondwaterstand. Met een lengte van 170 m, breedte van 3 m en een diepte van 0,6 m bedraagt de bergingscapaciteit circa 245 m3. De sloot wordt 1x per jaar uitgemaaid om dichtgroeien te voorkomen. Op maaiveldniveau is een geknepen afvoer naar de Leeuwerik gerealiseerd met een capaciteit van 1 l/s/ha.
Deze overstort treedt in de praktijk nooit in werking wat betekent dat de bergingscapaciteit van de sloot voldoende is om het hemelwater van het bedrijfsterrein op te vangen. In de nieuwe situatie wordt de sloot aangepast tot een wadi. Op deze wadi kan vervolgens ook het hemelwater dat valt op de nieuwe bedrijfsbebouwing worden afgekoppeld. Om een T=100 bui te kunnen verwerken dient de capaciteit voor de nieuwe bedrijfsbebouwing met een oppervlakte van 4.000 m2 minimaal 400 m3 te bedragen. De totale inhoud van de wadi dient dan minimaal 245 m3 (voor het bestaande deel van het bedrijfsterrein) + 400 m3 = 645 m3 te bedragen. De diepte van de wadi mag niet dieper zijn dan 0,6 m. Ten tijde van de aanvraag omgevingsvergunning zal initiatiefnemer moeten aantonen dat de te realiseren infiltratievoorziening voldoende water kan bergen. Verder moet een vergunning voor het overstorten op oppervlaktewater bij het waterschap worden aangevraagd. Concluderend kan gesteld worden dat door het initiatief geen knelpunten ontstaan tussen grondgebruik en de waterhuishouding. In het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen zullen de benodigde voorzieningen voor de omgang met hemelwater nader worden uitgewerkt.
5.5
Archeologie en cultuurhistorie
Archeologie Sinds 1 september 2007 is de Wet op de Archeologische Monumentenzorg in werking getreden. De Wet op de Archeologische Monumentenzorg is de Nederlandse uitwerking van het Verdrag van Malta (1992). De wet is een raamwet die regelt hoe rijk, provincie en gemeente bij hun ruimtelijke plannen rekening moeten houden met het erfgoed in de bodem. Om te kunnen voldoen aan het gestelde in de Wet op de Archeologische Monumentenzorg dienen de gemeenten te beschikken over archeologiebeleid en een archeologische beleidskaart. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet ingegaan. Deze wet bundelt bestaande wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed en archeologie in Nederland. Bovendien zijn aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen
Vastgesteld
61
toegevoegd. In een bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.
Afbeelding 21. Uitsnede archeologische waardenkaart
De gemeente Peel en Maas heeft voor haar grondgebied een archeologische beleidsadvieskaart ontwikkeld. Conform deze advieskaart is het gehele plangebied gelegen in een gebied met een middelhoge archeologische verwachting. Conform het vigerende bestemmingsplan is aan het plangebied dan ook de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 5’ toegekend. In de archeologische dubbelbestemming zijn de volgende ondergrenzen gesteld wanneer archeologisch onderzoek dient plaats te vinden: 40 cm diepte en 2.500 m² oppervlakte. Een bodemingreep waarbij de bodem niet dieper dan 40 cm geroerd wordt is toegestaan, ongeacht de oppervlakte. Een bodemingreep waarbij de bodem wel dieper dan 40 cm geroerd dient van te voren onderzocht te worden op archeologische waarden indien de te verstoren oppervlakte meer dan 2.500 m² bedraagt. Voor de uitbreiding van het hoveniersbedrijf, waar een bodemingreep dieper dan 40 cm en groter dan 2.500 m2 gaat plaatsvinden, is derhalve een archeologisch onderzoek6 uitgevoerd. Het betrof een bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek. Het doel van het bureauonderzoek was het verwerven van informatie over bekende en verwachte archeologische waarden teneinde een gespecificeerde verwachting op te stellen. Het aanvullende veldonderzoek had tot doel de verwachtingen te toetsen. Het plangebied bevindt zich in een droogdal met een natte beekeerdgrond.
Het booronderzoek wees uit dat er in het grootste deel van het plangebied sprake is van een (mogelijk vanaf de vroege middeleeuwen) opgebracht humeus pakket,
6
RAAP, Archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) plangebied Kanaalweg ong. te Maasbree, 4 mei 2023
Vastgesteld
62
dat recent is verstoord. Daaronder is er plaatselijk sprake van een begraven bodem. Bij beiden gaat het om dekzand. De ondergrond bestaat uit een vochtig leemrijk en matig beekzand. In het plangebied bevindt zich een vindplaats: er zijn aardewerkfragmenten uit de vroege middeleeuwen gevonden. Rondom het plangebied zijn er twee vindplaatsen: stenen werktuigen die wijzen op jagers/verzamelaars kampementen uit de steentijd en een nederzettingsterrein uit de vroege- en late middeleeuwen. Het bureauonderzoek suggereert dat het plangebied over het algemeen te nat was voor bewoning, begraving en beakkering. In het plangebied worden geen archeologische resten verwacht die gerelateerd zijn aan bewoning, begraving en beakkering die dateren voorafgaand aan de middeleeuwen. Tot aan deze periode moet er rekening worden gehouden met de aanwezigheid van archeologische resten die gerelateerd zijn aan ‘natte archeologie’, zoals jacht- en visattributen, afvaldumps, rituele deposities, delfstoffenwinning en organische resten. Gezien het opgebrachte dek, is het mogelijk om resten van middeleeuwse landbouw en percelering te vinden in het plangebied. Het mogelijke archeologische sporen-niveau (de top van de C-horizont) bevindt zich in het thans (met kassen) bebouwde deel van het onderzoeksgebied 40 cm onder het oppervlak; daarbuiten ligt het tussen de 60 en 100 cm.
Dat betekent dat bodemingrepen dieper dan 40 of 60 cm in genoemde zones een mogelijke bedreiging voor archeologische sporen zijn. Bij ingrepen dieper dan 30 of 50 cm (rekening houdende met een buffer van 10 cm) wordt er daarom een archeologisch vervolgonderzoek aangeraden in de vorm van een archeologische begeleiding van de graafwerkzaamheden. Een dergelijke methode is het meest geschikt voor het opsporen van “natte archeologie” resten (puntlocaties), mits er voldoende waarnemingsmogelijkheden bestaan. De funderingsmethode en diepte is nog niet bekend: op basis van de nadere gegevens hieromtrent kan het advies nog nader worden ingevuld. De gemeente heeft nog opmerkingen gemaakt op het archeologisch onderzoek en het hierin opgenomen advies. Een positief selectiebesluit is daarom nog niet afgegeven. Aanpassing van het archeologisch onderzoek kan echter pas plaatsvinden als de bouw- en constructietekeningen voor de nieuwe hal definitief zijn. Ondertussen blijft de archeologische dubbelbestemming van kracht. Hierdoor blijft planologisch-juridisch verankerd dat er geen bodemingrepen uitgevoerd kunnen worden zonder hierbij rekening te houden met het aspect archeologie. Dit wil zeggen dat ten tijde van de bouwaanvraag voor de nieuwe hal het aspect archeologie onderdeel is van de bouwaanvraag.
De strijdigheid met de archeologische dubbelbestemming kan dan worden weerlegd met het aangepaste archeologisch onderzoek. Zonder dit kan de omgevingsvergunning voor de nieuwe hal niet verleend worden. Cultuurhistorie Met de komst van de Erfgoedwet is het verplicht om de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie mee te nemen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. De provincie richt zich op de bescherming van objecten en de bescherming, benutting en ontwikkeling van structuren en ensembles van een grotere schaal. Conform het vigerende bestemmingsplan en de cultuurhistorische waardenkaart van de Provincie Limburg heeft het plangebied geen aanduidingen die eventuele historische facetten beschermen. Aan de overzijde van de weg bij de woning Oude Heldenseweg 5 bevindt zich een kapel, de St. Antoniuskapel. Daar het initiatief plaatsvindt aan de overzijde van de weg en het ter plaatse uitsluitend een functiewijziging betreft van een bestaande woning heeft het initiatief hier geen nadelige effecten op.
5.6
Verkeer en parkeren
Het initiatief zal zorgen voor een verandering in de verkeersstromen van en naar het plangebied en de parkeersituatie. Er dient daarom te worden aangetoond dat met het initiatief de verkeersveiligheid niet in het gedrang komt en er voldaan
Vastgesteld
63
wordt aan voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein. In dat kader is een verkeersonderzoek7 uitgevoerd. Op basis van het verkeersonderzoek wordt het volgende geconcludeerd. 5.6.1 Verkeersgeneratie Op basis van de CBS-cijfers ‘Gebieden in Nederland 2023’ wordt de gemeente Peel en Maas aangeduid als ‘Weinig stedelijk’, waarbij het plangebied in de zone ‘Buiten bebouwde kom’ ingedeeld wordt. Voor het berekenen van de verkeersgeneratie bij de geplande ontwikkeling van het hoveniersbedrijf is bovendien relevant binnen welke categorie de bebouwing ingedeeld wordt. De vigerende minimum- en maximumnormen uit de CROW-publicatie ‘ASVV 2021’ vormen vervolgens de basis, waarna de huidige en toekomstige situatie met elkaar vergeleken worden. In de huidige situatie wordt uitgegaan van de volgende verkeersaantallen: Categorisatie huidige bebouwing Bedrijf arbeidsextensief / bezoekersextensief Kantoor zonder baliefunctie Glastuinbouw
Kencijfers (min. – max.)
Aantal
Verkeersgeneratie
3,9 – 5,7 mvt/etmaal per 100 m2 bvo 7,9 – 9,6 mvt/etmaal per 100 m2 bvo 8,1 – 24,3 mvt/etmaal per 10.00 m2 bvo
3.500 m2
136,5 – 199,5 mvt/etmaal
975 m2
77,0 – 93,6 mvt/etmaal
6.350 m2
5,1 – 15,4 mvt/etmaal
Totaal
218,7 – 308,5 mvt/etmaal
Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat de huidige situatie een theoretische verkeersgeneratie kent van circa 219 tot 309 mvt/etmaal, met een gemiddelde van 264 mvt/etmaal. In de nieuwe situatie wordt uitgegaan van de volgende verkeersaantallen: Categorisatie huidige bebouwing Bedrijf arbeidsextensief / bezoekersextensief Kantoor zonder baliefunctie Koop, huis, vrijstaand Totaal
Kencijfers (min. – max.)
Aantal
Verkeersgeneratie
3,9 – 5,7 mvt/etmaal per 100 m2 bvo 7,9 – 9,6 mvt/etmaal per 100 m2 bvo 7,8 – 8,6 mvt/etmaal per woning
6.900 m2
269,1 – 393,3 mvt/etmaal
800 m2
63,2 – 76,8 mvt/etmaal
1 woning
7,8 – 8,6 mvt/etmaal 340,1 – 478,7 mvt/etmaal
Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat de nieuwe situatie een theoretische verkeersgeneratie kent van circa 340 tot 479 mvt/etmaal, met een gemiddelde van 409 mvt/etmaal. Om de invloed van het initiatief op de verkeergeneratie te bepalen, worden de resultaten van de nieuwe situatie afgezet tegen de huidige situatie. Wanneer uitgegaan wordt van het ongunstigste scenario, wordt gerekend met het maximum binnen de nieuwe situatie (circa 479 mvt/etmaal) en het minimum binnen de huidige situatie (circa 219 mvt/etmaal). Concreet betekent dit dat de totale verkeersgeneratie als gevolg van het initiatief toeneemt met circa 479 – 219 = 260 mvt/etmaal. In het gemiddelde scenario betreft deze toename 409 – 264 = 145 mvt/etmaal. Een veilige afwikkeling van dit toegenomen verkeer op de huidige infrastructuur dient eerst gewaarborgd te worden alvorens het initiatief gerealiseerd kan worden. Hierbij is de Kanaalweg het meest relevant, aangezien er in de nieuwe situatie voorzien wordt in een algemene entree aan de Kanaalweg. Momenteel is er sprake van de aanwezigheid van circa 200 mvt/etmaal op de Kanaalweg (circa 100 mvt/etmaal per richting). In het ongunstigste scenario zal de verkeersintensiteit op de Kanaalweg circa 460 mvt/etmaal (circa 230 per rijrichting) bedragen; in het gemiddelde scenario betreft dit circa 345 mvt/etmaal (circa 175 per rijrichting).
De Kanaalweg wordt als erftoegangsweg buiten de bebouwde kom 7
Haans Consultancy, Verkeersonderzoek doorontwikkeling Herman Vaessen BV Maasbree, 8 juni 2023, kenmerk: 171.V.2023.001_def_v4
Vastgesteld
64
gecategoriseerd, waarbij intensiteiten tot 3.000 mvt/etmaal als verkeerskundig acceptabel gezien worden. Er mag dan ook aangenomen worden dat de Kanaalweg de extra verkeersintensiteit als gevolg van het initiatief veilig kan verwerken. Daarnaast dient opgemerkt te worden dat de huidige verkeersstromen via de Oude Heldenseweg richting de Leemvenweg grotendeels komen te vervallen als gevolg van de realisatie van een nieuwe entree op de Kanaalweg. Er wordt verwacht dat de overgebleven verkeersstromen op de Oude Heldenseweg zal bestaan uit een combinatie van bestemmingsverkeer richting woningen en verkeer van en naar de composteringslocatie. Om die reden mag geconcludeerd worden dat er geen infrastructurele aanpassingen aan de Oude Heldenseweg benodigd zijn. Vanwege de verwachte verkeerstoename dient een veilige en vlotte verkeersafwikkeling bij de voorrangskruispunten aan weerszijden van de Kanaalweg gewaarborgd te worden. In de huidige voorrangsregeling dient verkeer vanaf de Kanaalweg voorrang te verlenen aan verkeer op de Zandberg en Oude Heldenseweg. Aangezien er voldoende opstelruimte aanwezig is op de Kanaalweg zal een toegenomen verkeersintensiteit aldaar geen invloed hebben op de doorstroming van doorgaand verkeer op de N275.
Gezien deze huidige regeling worden er geen problemen verwacht met betrekking tot een veilige verkeersafwikkeling via de voorrangskruispunten richting de rotondes op de N275. In de voorgenomen interne verkeersstromen op het uit te breiden bedrijfsterrein rijdt verkeer via de Kanaalweg aan westelijke zijde de nieuwe loods binnen, waarna dit verkeer aan oostelijke zijde de Kanaalweg weer op rijdt. Hiermee wordt aanrijdend verkeer gescheiden van afrijdend verkeer, waardoor er geen verkeersconflicten van in- en uitvoegend verkeer verwacht worden. Er dient echter rekening gehouden te worden met de passeerbaarheid van deze verkeersstromen op de Kanaalweg. De huidige inrichting van de Kanaalweg is breed genoeg om deze passeerbaarheid te waarborgen, ofwel via de rijbaan ofwel gedeeltelijk gebruikmakend van de aanwezige bermverharding. 5.6.2 Parkeren In de nieuwe situatie wordt uitgegaan van de volgende parkeerbehoefte: Categorisatie huidige bebouwing Bedrijf arbeidsextensief / bezoekersextensief Kantoor zonder baliefunctie Koop, huis, vrijstaand Totaal
Gemeentelijke parkeernorm 1,1 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo 2,6 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo 2,0 parkeerplaatsen per woning
Aantal 6.900 m2
Te realiseren parkeerplaatsen 75,9
800 m2
20,8
1 woning
2,0 98,7
Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat de nieuwe situatie, op basis van de gemeentelijke parkeernormen, dient te voorzien in circa 99 parkeerplaatsen. Momenteel kent het bedrijfsterrein 42 parkeerplaatsen, welke in de nieuwe situatie behouden zullen blijven. Concreet betekent dit dat er minimaal circa 57 nieuwe parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden om aan de gemeentelijke parkeernormen te voldoen. Het plan voorziet in de realisatie van 81 nieuwe parkeerplaatsen. Hierbij wordt de combinatie gezocht met de parkeerplaatsen van het naastgelegen tuincentrum. Bij het tuincentrum is sprake van een overschot aan parkeerplaatsen. Thans zijn hier 82 parkeerplaatsen aanwezig, welke nooit allemaal tegelijkertijd gebruikt worden. Door aan de straatzijde een gezamenlijk front te krijgen voor het hoveniersbedrijf en tuincentrum wordt het groen, infrastructuur en parkeerplaatsen hier met elkaar verweven. De bestaande 82 parkeerplaatsen voor het tuincentrum blijven behouden, daarnaast worden nog eens 20 nieuwe parkeerplaatsen gerealiseerd. Voor het hoveniersbedrijf worden drie nieuwe parkeerstroken gerealiseerd met 13, 17 en 11 parkeerplaatsen. Achter het tuincentrum wordt nog een nieuw parkeerterrein gerealiseerd met 20 parkeerplaatsen, specifiek bedoeld voor personeel van het tuincentrum en het hoveniersbedrijf.
Aan de eis van minimaal 57 nieuwe parkeerplaatsen wordt in de nieuwe situatie derhalve ruimschoots voldaan. Vastgesteld
65
6 JURIDISCHE ASPECTEN Het voorliggende bestemmingsplan is vervat in een verbeelding, de planregels en toelichting. In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de opzet en het gebruik van de verbeelding en planregels. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de SVBP2012 alsmede de Wet ruimtelijke ordening (Wro), het Besluit omgevingsrecht (Bor) en het Besluit op de ruimtelijke ordening (Bro). De regels voldoen tevens aan de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Qua systematiek is aangesloten bij het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied Peel en Maas”.
6.1
Toelichting op de verbeelding
De verbeelding geeft met kleuren en tekens aan welke bestemming voor de gronden geldt. De bestemming is aangegeven met een gekleurd vlak met de letters van de bestemming. Er zijn voor de gronden meerdere tekens opgenomen. Het gaat dan om aanduidingen (functie- of gebiedsaanduidingen) of dubbelbestemmingen. Voor een aanduiding of dubbelbestemming zijn in de regels specifieke bepalingen van toepassing. Uit de verbeelding kan afgeleid worden op welk gebied het bestemmingsplan betrekking heeft, omdat daarop de plangrens is aangegeven. De analoge verbeelding is getekend op een bijgewerkte en digitale kadastrale ondergrond, schaal 1:1.000. De analoge verbeelding bestaat uit één plankaart met een legenda. Het hoveniersbedrijf blijft volledig bestemd als ‘Bedrijf – Agrarisch verwant’, waarbij ook de uitbreidingsgronden als zodanig zijn bestemd. Dit gehele bestemmingsvlak is voorzien van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – hovenier’. De uitbreidingsgronden zijn daarbij nagenoeg volledig aangewezen als bouwvlak, behalve de gronden voor de voorgevel van de nieuwe hal. Het maximaal bebouwd oppervlak binnen het bouwvlak wordt daarbij verhoogd van 2.800 naar 7.300 m2. Op de uitbreidingsgronden, om de nieuwe hal in de beoogde vorm mogelijk te maken, is een aanduiding opgenomen dat hier een goothoogte van 8,5 meter is toegestaan.
De uitbreiding van het hoveniersbedrijf kan daarmee tot uitvoering worden gebracht. Een voorwaardelijke bepaling legt in dat kader de instandhouding van de landschappelijke inpassing planologisch-juridisch vast door de aanduiding ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing leemvenweg 1’. De aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – geluidsscherm’ is toegekend aan de locatie waar een geluidsscherm van 2,5 m hoog noodzakelijk is om een goed woon- en leefklimaat in de achtergelegen woningen te garanderen. De locatie Oude Heldenseweg 5 is bestemd als ‘Wonen’ met daarbij een aanduiding zodat de te behouden bebouwing (te weten de woning en loods) behouden kunnen blijven. Ook hier is de landschappelijke inpassing planologisch-juridisch vastgelegd door de aanduiding ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing oude heldenseweg 5’. Het tuincentrum blijft overeenkomstig bestemd als ‘Detailhandel’ met de functieaanduidingen ‘specifieke vorm van detailhandel – tuincentrum’ en ‘specifieke vorm van detailhandel – verkoop van vuurwerk’. Hier is alleen het mogelijk bebouwd oppervlak verlaagd en de aanduiding toegevoegd ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing leemvenweg 1’ zodat de landschappelijke inpassing hier planologisch-juridisch is vastgelegd.
De landschappelijke inpassing aan de overzijde van de Leeuwerik is bestemd als ‘Groen’ met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing leemvenweg 1’. Voor het gehele plangebied zijn de gebiedsaanduidingen ‘overige zone – ontwikkelingszone bebouwingslinten’, ‘overige zone – provinciale ontwikkelingszone groen’, ‘reconstructiewetzone – extensiveringsgebied’, ‘reconstructiewetzone – Vastgesteld
66
verwevingsgebied’, ‘wetgevingzone – wijzigingsgebied 2 ko’ en ‘wetgevingzone – wijzigingsgebed 3 bd’ en de dubbelbestemmingen ‘Leiding – Riool’ en ‘Waterstaat – Beschermingszone watergang’ opgenomen zoals dat in het vigerende bestemmingsplan reeds het geval is. Ten slotte is de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 5’ voor het plangebied wederom van toepassing verklaard.
6.2
Toelichting op de planregels
Alle gronden binnen het plangebied hebben een bestemming. Een bestemming geeft de functie aan, die de gemeenteraad aan een gebied heeft toebedacht. Bij deze bestemmingen horen gebruiksregels. Het kan gaan om regels voor bouwen, werken en werkzaamheden, slopen en het gebruik van grond en de opstallen voor bepaalde activiteiten. De bestemming en de regels bepalen gezamenlijk welke activiteiten en handelingen zijn toegestaan. Het gevolg van het leggen van een bestemming is, dat de betreffende gronden alleen overeenkomstig deze bestemming mogen worden gebruikt. In die zin houdt een bestemming dus een inperking in van het eigendomsrecht. De bevoegdheid om bestemmingen te leggen is toegekend aan de gemeenteraad. Dit is geregeld in artikel 3.1 van de Wro. Een gemeenteraad mag niet zomaar een bestemming leggen, maar moet daarvoor vanuit het algemeen belang van een “goede ruimtelijke ordening‟ redenen hebben. Het leggen van een bestemming betekent overigens niet, dat er een verplichting bestaat voor een grondgebruiker om die bestemming te realiseren. 'Bestemming' heeft slechts een passieve betekenis: of een bestemming gerealiseerd wordt, is afhankelijk van het handelen van de rechthebbende(n) op de grond (eigenaar, huurder, pachter). Een bestemming geeft alleen aan welk handelen toegelaten is. Daaruit kan worden afgeleid dat ander handelen niet is toegelaten.
De artikelen 2.1 en 2.2 van de Wabo en enkele andere wetten verbieden het handelen in strijd met het bestemmingsplan. Om misverstanden te voorkomen wordt bij de bestemming aangegeven wat “in ieder geval‟ beschouwd moet worden als in strijd met het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan is een juridisch plan: de daarin opgenomen bepalingen zijn bindend voor burgers en bedrijven en voor de overheid. Bij het opstellen van de regels is zo veel mogelijk uitgegaan van het rapport Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP 2012) en de gemeentelijke standaard uit het bestemmingsplan “Buitengebied Peel en Maas”. De regels zijn verdeeld in 4 hoofdstukken, te weten: ▪ Hoofdstuk 1: Inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten; ▪ Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels. Hierin worden de regels voor de op de verbeelding opgenomen bestemmingen gegeven; ▪ Hoofdstuk 3: Algemene regels, waaronder zijn opgenomen de anti-dubbeltelbepaling, algemene aanduidingsregels en algemene afwijkings- en wijzigingsregels; ▪ Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels, waarin het overgangsrecht en de slotregel zijn opgenomen. Het belangrijkste doel van de planregels is om de bouw- en gebruiksregels van de verschillende bestemmingen aan te geven.
Hoofdstuk 1: INLEIDENDE REGELS In dit hoofdstuk worden de in de regels gehanteerde begrippen nader verklaard, zodat interpretatieproblemen zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze bepaalde afmetingen dienen te worden gemeten. Hoofdstuk 2: BESTEMMINGSREGELS In deze artikelen worden de op de verbeelding aangegeven bestemmingen omschreven en wordt bepaald op welke wijze de gronden en opstallen gebruikt mogen worden. Tevens worden per bestemming de bebouwingsmogelijkheden vermeld.
Vastgesteld
67
Hoofdstuk 3: ALGEMENE REGELS Deze artikelen bevatten bepalingen die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen, zodat het uit praktische overwegingen de voorkeur verdient deze in een afzonderlijke paragraaf onder te brengen. Hoofdstuk 4: SLOT- EN OVERGANGSREGELS Hier wordt omschreven welke gebouwen en gebruik vallen onder het overgangsrecht.
Vastgesteld
68
7 HANDHAVING Het handhavingstoezicht ten aanzien van bestemmingsplannen wordt uitgevoerd door medewerkers van de gemeente Peel en Maas. Met betrekking tot dit handhavingstoezicht wordt gestreefd naar samenwerking tussen de gemeentelijke afdelingen en diensten die een controlerende functie hebben zoals de inspecteurs omgevingsvergunningen en naar samenwerking met niet-gemeentelijke instanties, o.a. de politie. Deze samenwerking komt tot uiting in het periodieke handhavingsoverleg waaraan verschillende gemeentelijke afdelingen en de politie deelnemen. De samenwerking moet uiteindelijk leiden tot een integraal handhavingsbeleid.
Vastgesteld
69
8 UITVOERBAARHEID EN PROCEDURE
8.1
Economische uitvoerbaarheid
De beoogde ontwikkeling geschiedt geheel voor rekening van initiatiefnemer. De gemeentelijke financiën zijn hierbij niet in het geding. Tussen initiatiefnemer en gemeente Peel en Maas zal een anterieure overeenkomst gesloten worden. Planschade is geregeld in een tussen de gemeente Peel en Maas en initiatiefnemer afgesloten overeenkomst. Hiermee wordt gewaarborgd dat eventueel te vergoeden planschade niet voor rekening van de gemeente Peel en Maas komt maar voor rekening van initiatiefnemer.
8.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan moeten burgemeester en wethouders overleg plegen met het waterschap, met andere gemeenten van wie de belangen bij het plan betrokken zijn en met de betrokken rijks- en provinciale diensten. Van het vooroverleg kan worden afgezien indien de betrokken diensten aangeven dat overleg niet noodzakelijk is. 8.2.1 Inspraakprocedure Het bestemmingsplan wordt niet ter inzage gelegd ten behoeve van de wettelijke inspraakprocedure. 8.2.2 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro Artikel 3.1.1 van het Besluit geeft aan dat het college van Burgemeester van Wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg dienen te plegen met betrokken instanties. Om die reden is onderhavig bestemmingsplan voorgelegd aan de provincie Limburg en Waterschap Limburg. De provincie geeft per email aan: ‘Het plan is beoordeeld op de adequate doorwerking van de provinciale belangen. De beoordeling van het plan geeft geen aanleiding tot het maken van opmerkingen. Indien u dit plan op deze wijze voortzet, zal er geen aanleiding zijn om in de verdere procedure van het plan een zienswijze in te dienen’. Het waterschap heeft per email aangegeven dat het in feite kan instemmen met de inhoud van de waterparagraaf. De waterparagraaf is duidelijk en conform beleid van het waterschap.
Wel geeft het waterschap aan dat alle gronden welke grenzen aan de watergang Leeuwerik moeten worden voorzien van de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Beschermingszone watergang’. Dit is naar aanleiding van deze opmerking als zodanig verwerkt. Verder geeft het waterschap aan voor het overstorten op oppervlaktewater een vergunning benodigd is. Ook dit is als zodanig aangehaald in het bestemmingsplan. 8.2.3 In gesprek met Peel en Maas (omgevingsdialoog) Initiatiefnemer heeft voorafgaand aan de feitelijke bestemmingsplanprocedure gesproken met de volgende direct betrokken bewoners: ▪ Oude Heldenseweg 1 ▪ Oude Heldenseweg 3 ▪ Oude Heldenseweg 5 ▪ Oude Heldenseweg 7 ▪ Oude Heldenseweg 7a Vastgesteld
70
▪ ▪ ▪
Oude Heldenseweg 8a Leemvenweg 1 Leemvenweg 3 en Hoorslagweg 10
Verder zijn alle bewoners van de Acaciahof (gelegen aan de overkant van de N275) uitgenodigd voor een informatieavond op het hoveniersbedrijf. Op deze informatieavond zijn 2 bewoners daadwerkelijk komen opdagen, een andere bewoner heeft op verzoek alle gegevens toegestuurd gekregen. De andere bewoners zijn niet gekomen. Tijdens deze gesprekken c.q. informatieavond zijn de uitbreidingsplannen gepresenteerd en is uitgelegd dat uitbreiding voor het bedrijf noodzakelijk is, dat de belangen van de buurt worden gerespecteerd en dat daarom, indien er opmerkingen zijn, nu nog aanpassing in de plannen kunnen worden doorgevoerd. Ook de procedure tot wijziging van het bestemmingsplan is toegelicht. De omwonenden hebben het verhaal tot zich kunnen nemen en hierop kunnen reageren. Alle omwonenden hebben aangegeven op het eerste gezicht geen bezwaren te hebben tegen de gepresenteerde wijzigingen van het bestemmingsplan en kunnen er zich positief in vinden. Ze stemmen dan ook in met de gekozen ontwikkelrichting. Indien het bestemmingsplan als zodanig wordt voortgezet verwachten de omwonenden dan ook niet bezwaar en / of beroep aan te tekenen gedurende de procedure van het bestemmingsplan. Initiatiefnemer heeft per gesprek een gespreksverslag opgesteld en deze gedeeld met betreffende bewoner(s).
8.2.4 Zienswijzenprocedure Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 19 december 2023 tot en met 30 januari 2024 voor eenieder ter inzage gelegen. Er zijn tegen het ontwerpbestemmingsplan geen zienswijzen ingediend.
8.3
Procedure
De Wet ruimtelijke ordening (Wro) is in werking getreden met ingang van 1 juli 2008. De wettelijke procedure start met het moment van ter inzage legging van het ontwerp bestemmingsplan. De procedure ziet er als volgt uit: ▪ Vooroverleg met betrokken instanties; ▪ Openbare kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan; ▪ Terinzagelegging van het ontwerp en bijbehorende stukken gedurende 6 weken en toezending aan gedeputeerde staten en de betrokken rijksdiensten, waterschappen en gemeenten; ▪ Gedurende de termijn van terinzagelegging kunnen door een ieder schriftelijk of mondeling zienswijzen worden ingebracht; ▪ Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad; ▪ Algemene bekendmaking van het bestemmingsplan door terinzagelegging met voorafgaande kennisgeving en toezending aan gedeputeerde staten en betrokken rijksdiensten, waterschappen en gemeenten: binnen 2 weken dan wel, indien gedeputeerde staten of de inspecteur zienswijzen hebben ingebracht of het bestemmingsplan gewijzigd is vastgesteld, vanaf 6 weken na vaststelling; ▪ Mogelijkheid tot beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen 6 weken na bekendmaking voor belanghebbenden; ▪ Inwerkingtreding op de dag na afloop van de beroepstermijn, zijnde 6 weken na de bekendmaking, tenzij binnen deze termijn een verzoek om een voorlopige voorziening is ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling
bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Vastgesteld
71
BIJLAGE 1
Gegenereerd op: 12-05-2023
berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020
(c) DNV GL
Page 1
Naam van de berekening: Berekening indicatief 12052023 Gemaakt op: 2023-05-12 14:17:45 Rekentijd: 0:00:21 Naam van het bedrijf: Leeuwerik 9 Maasbree Berekende ruwheid: 0,337 m
Brongegevens: Volgnr. BronID 1
Hoek bouwvlak
X-coord. 201 040
Y-coord. 373 487
EP Hoogte 4,0
EP Diam. 0,5
Geur gevoelige locaties: Volgnr. BronID
X-coord.
Y-coord.
Geurnorm
Geurbelasting
2
hoek 1 uitbreiding
200 982
373 955
14,0
0,8
3
hoek 2 uitbreiding
201 073
373 976
14,0
0,8
4
hoek 3 uitbreiding
201 009
374 135
14,0
0,5
5
hoek 4 uitbreiding
200 921
374 124
14,0
0,5
6
woning OHW5
200 860
374 002
14,0
0,6
EP Uittr. snelh. E-Aanvraag 4,00
11 040
Geb. Hoogte 4,0
Gegenereerd op: 12-05-2023
berekend met : V-Stacks Vergunning 2020 Release juli 2020
(c) DNV GL
Page 2
BIJLAGE 2
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Bureau Leefomgeving B.V. Schoolstraat 7, 5961EE Horst Herman Vaessen BV Slopen van kassen en wasplaats
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RiQSq2NjAgz6 13 juni 2023, 12:35 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Situatie 1 - Beoogd Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
2023 -
1,6 kg/j
17,2 kg/j
2/7
Projectberekening
Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Sloop locatie Verkeersnetwerk
RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
1,5 kg/j 0,1 kg/j
13,3 kg/j 3,9 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
5/7
Projectberekening
Situatie 1, Rekenjaar 2023 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte
Sloop locatie X:200997,26 Y:373970,16 0,76 ha
NOₓ NH₃
Naam
Stageklasse
Mobiele kraan
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Bulldozer
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
1254 l/j
Graafmachine Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
2374 l/j
2
Sloop verkeer kassen X:200842,39 Y:374055,83 162,67 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
120 u/j 190 l/j
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
40 u/j
80 l/j
NOₓ
60 u/j
160 l/j
NOₓ NH₃
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Max. snelheid
NOₓ
NH₃
Max. snelheid
Sloop verkeer wasplaats X:200869 Y:373907,6 466,52 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Stof Emissie
NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
2735 l/j
Draaiuren AdBlue verbruik
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
3
Brandstofverbruik
13,3 kg/j 1,5 kg/j
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 10,0 p/etmaal 6,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 2,0 p/etmaal 2,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
3,5 kg/j 0,7 kg/j 4,8 kg/j 0,3 kg/j 5,0 kg/j 0,6 kg/j 2,2 kg/j 0,5 kg/j 65,7 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
1,7 kg/j 0,4 kg/j 49,5 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
6/7
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.1_20230606_5e1adbf5a8 Database versie 2022.1_5e1adbf5a8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RiQSq2NjAgz6 (13 juni 2023)
7/7
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Bureau Leefomgeving B.V. Schoolstraat 7, 5961EE Horst Herman Vaessen BV Bouw nieuwe bedrijfshal
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RYCFctdztWtb 13 juni 2023, 11:24 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Bouwfase - Beoogd Bouwfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
2023 -
1,3 kg/j
17,0 kg/j
2/7
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bouwlocatie Verkeersnetwerk
RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,9 kg/j 0,3 kg/j
5,1 kg/j 12,0 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
5/7
Projectberekening
Bouwfase, Rekenjaar 2023 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte
Bouwlocatie X:201000,16 Y:374045,94 1,57 ha
NOₓ NH₃
Naam
Stageklasse
Loader
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Brandstofverbruik
533 l/j 942 l/j
Betonpomp
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
1817 l/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
301 l/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
365 l/j
Mobiele hijskraan 2
Bouwverkeer X:200898,85 Y:374126,53 150,76 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
32 u/j
37 l/j
Stof Emissie
NOₓ
56 u/j
65 l/j
NOₓ NH₃
56 u/j
127 l/j
NOₓ NH₃
32 u/j
21 l/j
NOₓ NH₃
16 u/j
25 l/j
NOₓ NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Draaiuren AdBlue verbruik
NH₃
Graafmachine Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Hoogwerker
5,1 kg/j 0,9 kg/j
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 12,0 p/etmaal 60,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
0,7 kg/j 0,1 kg/j 1,5 kg/j 0,2 kg/j 1,8 kg/j 0,4 kg/j 0,4 kg/j 72,2 g/j 0,6 kg/j 87,6 g/j 12,0 kg/j 3,5 kg/j 0,3 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
6/7
Projectberekening
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.1_20230606_5e1adbf5a8 Database versie 2022.1_5e1adbf5a8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RYCFctdztWtb (13 juni 2023)
7/7
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Bureau Leefomgeving B.V. Schoolstraat 7, 5961EE Horst Herman Vaessen BV Gebruiksfase bedrijfslocatie
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RX9r6wGKCixo 13 juni 2023, 12:05 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase - Beoogd Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
2023 -
7,8 kg/j
292,8 kg/j
2/7
Projectberekening
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1
RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
Industrie | Overig | Bedrijfslocatie Verkeersnetwerk
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
7,8 kg/j
292,8 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
5/7
Projectberekening
Gebruiksfase, Rekenjaar 2023 1
Industrie | Overig
Naam Bedrijfslocatie Uittreedhoogte Locatie X:200982,6 Warmteinhoud Y:373935,68 Spreiding Oppervlakte 3,23 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 2
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Verkeer westelijke richting Kanaalweg X:200898,85 Y:374126,53 Type scherm 150,76 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Verkeer oostelijke richting Kanaalweg X:201350,89 Y:374192,5 Type scherm 812,97 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Terugkerende units X:200962,8 Y:373833,22 938,09 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
Max. snelheid
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
4
22,0 m 0,280 MW 11 m
Max. snelheid
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 230,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 230,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 25,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
41,4 kg/j 12,4 kg/j 1,1 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
223,3 kg/j 66,8 kg/j 5,9 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
28,0 kg/j 8,4 kg/j 0,7 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
6/7
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.1_20230606_5e1adbf5a8 Database versie 2022.1_5e1adbf5a8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RX9r6wGKCixo (13 juni 2023)
7/7
BIJLAGE 3
\\ veiligheidsregio ll :3.
Eh:
£2?’
:1. an =1:
Gemeente Peel en Maas
datum uw kenmerk
25 oktober 2023 —
behandeld door telefoonnummer
0'18 kenmerk _ ondervverp
_ _
bii|fl9e(")
Advies externe veiligheid bestemmingsplan uitbreiding hoveniersbedrijf
G@aCht@_ Op 18 oktober 2023 hebben wij uw adviesaanvraag ontvangen. Dit advies gaat over het bestemmingsplan Leemvenweg 1, 5993 RH Maasbree. Dit advies is geregistreerd onder nummer Omschrijving initiatief. Het plan betreft de uitbreiding van een hoveniersbedrijf + tuincentrum aan de Leemvenweg 1 te Maasbree (plangebied). Daartoe Worden meerdere kassen gesloopt. Een bestaande woning en enkele bijgebouwen blijven behouden, waarbij de agrarische bedrijfsactiviteiten Worden stopgezet. Het plangebied bevindt zich enerzijds aan de Leemvenweg en anderzijds grotendeels aan de Kanaalweg.
—
'“";:-= i
,__ _ _ H _-=‘iii
_ 1
—
_ -
|-—*
=_ _:_.__,_—=='_ n|='lI=""_ n__ _ .. .
,___..
._
_.- _.--._ I ||.
|.|
|--_-1
._.-
__F,_. -—_P_-
._
l
.;:,.
I
_.--
.,-,..._
|
||-
[-
i|
!
_.-.
— _.
-|.
_|-
_
.'.r_-_.-‘.
__ _ T.:_.__-:._._. ... -|..
I
-| -_|
Ii
__
Q?’ |__ --|..
--
_
|__
_,»I.-"'E:-ix‘ -.r;_\__‘___
-
|
l
-—\.|
a.|_- _
I
_
' |
n. _|..i . |-,. ._
‘L
_d—-
'1.
__:—-
_|;"'——
'1I___*_u—
E ._-n.-_ -:_
QT
ff
—|.
LL25"-J5I:I'-, _ - _-
3-
40 |'5.'|JBE|dir|g |5.Llit5r|Ede|ar|d5d1aFp§ki|1::a.i5inFpla|1
Bedrijfsvertrouwelijk (BBN 1)
.
|