2022-088 03 Bijlage A - Begroting 2023 gemeente Peel en Maas.docx
Tekst van het document
1
2
Inhoudsopgave: Algemeen 1. Inleiding 2. Uitgangspunten begroting 2023 3. Kerngegevens en indicatoren 4. Overzicht thema’s, programma’s en producten
Pagina: 5 5 6 8 14
Financiële begroting 2023 5. Financiële positie Peel en Maas 2023 – 2026 a. Baten en lasten 2023 – 2026 b. Toelichting op financiële positie c. Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien d. Ombuigingsmaatregelen e. Overhead en treasury f. Investeringen en claims 2023 g. EMU saldo en geprognotiseerde balans 2023-2026
16 16 17 22 23 24 25 34
Beleidsbegroting 2023 6. Programmabeschrijvingen: 1 Thema Ruimte 1.1 Vitale leefomgeving 1.2 Beheer fysieke leefomgeving
36 39 39 42
36
2 Thema Sociaal domein 2.1 Werk en inkomen 2.2 Zorg en ondersteuning 2.3 Jeugd en onderwijs
45 45 48 52
3 Thema Vitale gemeenschappen 3.1 Gemeenschapsontwikkeling 3.2 Onderwijshuisvesting 3.3 Sport en bewegen 3.4 Kunst en cultuur
55 55 58 59 63
4 Thema Economie 4.1 Economie
65 65
5 Thema Integrale veiligheid 5.1 Integrale veiligheid
67 67
6 Thema Bestuur, communicatie en dienstverlening 6.1 Bestuur, communicatie en dienstverlening
71 71
7. Paragrafen: A. Weerstandsvermogen en risicobeheersing B. Onderhoud kapitaalgoederen C. Financiering D. Bedrijfsvoering E. Verbonden partijen F. Grondbeleid G. Lokale heffingen H. Demografische ontwikkelingen Bijlagen: A. Overzicht baten en lasten 2023 op productniveau B. Overzicht structureel begrotingsevenwicht 2023 - 2026 C. Overzicht reserves en voorzieningen 2023 – 2026 D. Specificatie algemene uitkering 2023 E. Overzicht baten en lasten 2023 op taakveldniveau F. Overzicht baten en lasten 2021 en 2022
74 75 85 91 94 95 111 117 124 126 128 130 134 140 142 143
3
4
1. Inleiding De Kaderbrief 2023 vormt in financieel opzicht de basis voor deze begroting. We sluiten aan op de exploitatiesaldi uit de kaderbrief en geven aan waar deze zijn aangepast en geactualiseerd. De opbouw van deze begroting Financieel In het eerste deel van de begroting staan de uitgangspunten, de kerngegevens, de indicatoren en een overzicht van de verwachte begrotingssaldi met toelichting. Hier staan ook de voorgestelde investeringen en claims. Ons beleid In het tweede deel van de begroting staan zes thema’s die de kapstok vormen. De zes thema’s zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Ruimte Sociaal Domein Vitale Gemeenschappen Economie Integrale Veiligheid Bestuur, Communicatie en Dienstverlening
Bij elk thema horen programma’s. Deze beschrijven we aan de hand van vier vragen: • Wat willen we bereiken? • Wat doen we om dit te bereiken? • Wat gaat het kosten? • Wat doen we nog meer? Voor de antwoorden op deze vragen zijn de programmadoelen en de uitvoeringsafspraken het vertrekpunt. Deze vinden hun oorsprong in de kaderstellingen die door de raad zijn vastgesteld. Als er nieuwe ontwikkelingen zijn, stellen we de doelen en afspraken bij. Per programma zijn ook de investeringen, de claims en de verbonden partijen genoemd. Dit geeft per programma inzicht in de ontwikkellijn, de productielijn en de kosten. Paragrafen Overkoepelende onderwerpen zoals risico’s, weerstandsvermogen, bedrijfsvoering, lokale lasten, enzovoorts zijn in de paragrafen omschreven. Bijlagen De bijlagen vormen het laatste onderdeel van deze begroting.
5
2. Uitgangspunten begroting 2023 Deze begroting is gebaseerd op de uitgangspunten die zijn benoemd in de kaderbrief die afgelopen juli in uw raad werd behandeld. Verder zijn de onderstaande uitgangspunten van toepassing: Overhead Volgens de regelgeving BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) is voorgeschreven dat overheadkosten niet worden doorbelast naar de producten in de begroting. De overhead blijft als apart onderdeel (taakveld) zichtbaar in de begroting. Alleen de overheadkosten die samenhangen met investeringen en projecten worden nog doorbelast. Er is een algemeen overheadtarief berekend op basis van de totale overheadkosten en het verwachte aantal ‘productieve’ uren in 2023. In de paragraaf Lokale heffingen staat de exacte berekening en een nadere toelichting. Investeringen en kapitaallasten De nota activabeleid is door de gemeenteraad vastgesteld en vormt het uitgangspunt voor de wijze waarop we investeringen activeren en kapitaallasten berekenen. De onderstaande uitgangspunten met betrekking tot de waardering en afschrijving van de gemeentelijke eigendommen worden in acht genomen: Er wordt geactiveerd voor investeringen boven de € 25.000. Investeringen onder de € 25.000 worden ten laste van de exploitatie in het jaar van aanschaf gebracht. Indien externe richtlijnen anders voorschrijven worden deze gevolgd.
Voor nieuwe investeringen wordt in principe uitgegaan van een lineair afschrijvingssysteem. Bij de kapitaallasten wordt rekening gehouden met het moment van realisatie van de investeringen, zodat kapitaallasten naar rato worden opgenomen. In de begroting wordt voor het jaar van investering rekening gehouden met een bepaalde onderuitputting op basis van de verwachte datum van ingebruikname. Voor het bepalen van de afschrijvingstermijnen gelden de volgende termijnen, tenzij anders is bepaald:
-
-
Omschrijving
Jaar
Gebouwen Verbetering aan gebouwen Rioleringen Vrachtwagens Auto’s Openbare verlichting Wegen Kunstwerken infrastructuur Tractoren Vuilnisauto’s Bladvegers Vorkheftrucks Gladheidbestrijdingsmiddelen Beveiligingssystemen Centrale hardware automatisering Software Telefooninstallaties
40 25 40 10 6 15 40 25 10 8 8 10 12 8 4 4 8
Voor de bepaling van het rentepercentage in 2023 over de boekwaarde van de nieuwe investeringen is het rentepercentage gesteld op 0,75%. Dat is gebaseerd op de (afgeronde) gemiddelde rentelasten. De vrije ruimte voor kapitaallasten van nieuwe investeringen bedraagt in principe jaarlijks € 250.000. Naast de investeringen, waarvan de kapitaallasten ten laste van de vrije begrotingsruimte komen, zijn er ook investeringen mogelijk waarvan de kapitaallasten worden gedekt uit bestaande budgetten, reserves en voorzieningen of via direct aan de investering verbonden inkomsten. Voor ‘majeure’ investeringsprojecten zijn aanvullende budgetten opgenomen als dekking voor kapitaallasten. Die budgetten zijn: 2023: € 400.000 2024: € 750.000 2025: € 950.000 2026: € 1.150.000 6
De verwerking van de geactiveerde uren Uit de capaciteitsplanningen van de verschillende teams komt naar voren dat een deel van de uren besteed wordt aan investeringen en projecten. Deze doorberekende uren en kosten hebben dus geen directe invloed op het begrotingssaldo. In 2023 wordt een bedrag van € 1.351.406 (11.478 uur) doorbelast naar investeringen en projecten. Reserves en voorzieningen In bijlage C wordt een meerjarig overzicht verstrekt van de aanwezige reserves en voorzieningen.
7
3. Kerngegevens en indicatoren
1-1-2017
1-1-2018
1-1-2019
1-1-2020
1-1-2021
1-1-2022
01-01-2023 (verwacht)
Inwoners 0 – 3 jaar
1.476
1.456
1.489
1.508
1.492
1.593
1.700
Inwoners 4 – 16 jaar
6.063
5.907
5.795
5.665
5.603
5.520
5.450
Inwoners 17 - 64 jaar
26.788
26.717
26.510
26.504
26.553
26.855
27.300
Inwoners van 65 jaar en ouder
9.024
9.239
9.525
9.753
10.013
10.310
10.650
Inwoners totaal
43.351
43.319
43.319
43.430
43.661
44.278
45.100
Baarlo
6.540
6.502
6.510
6.510
6.484
6.465
6.515
Beringe
2.134
2.124
2.122
2.127
2.148
2.141
2.141
Egchel
1.224
1.235
1.268
1.290
1.329
1.433
1.534
Grashoek
1.683
1.661
1.649
1.650
1.656
1.649
1.704
Helden
6.138
6.185
6.227
6.210
6.245
6.292
6.338
Kessel
3.453
3.423
3.416
3.403
3.354
3.400
3.407
Kessel – Eik
805
795
794
808
802
802
804
Koningslust
1.227
1.199
1.229
1.235
1.253
1.255
1.254
Maasbree
6.519
6.522
6.520
6.512
6.626
6.855
7.131
Meijel
6.187
6.164
6.098
6.159
6.146
6.261
6.457
INWONERS PEEL EN MAAS
INWONERS PER KERN
Panningen
7.441
7.509
7.486
7.526
7.618
7.725
7.815
43.351
43.319
43.319
43.430
43.661
44.278
45.100
50.000 45.000 40.000 35.000 30.000
Inwoners van 65 jaar en ouder
25.000
Inwoners 17 - 64 jaar
20.000
Inwoners 4 – 16 jaar
15.000
Inwoners 0 – 3 jaar
10.000 5.000 (v -01 er -2 w 0 ac 2 ht 3 )
22
01
1-
1-
20
21 1-
1-
20
20 1-
1-
20
19 1-
1-
20
18 20 11-
1-
1-
20
17
0
8
Inwoners per kern 1-1-2023 (verwacht)
Baarlo 6.515
7.815
Beringe Egchel Grashoek
2.141
Helden
1.534
Kessel
1.704
6.457
Kessel – Eik Koningslust Maasbree
6.338
Meijel 7.131
Panningen
3.407 1.254 804
UITKERINGEN
WWB
1-1-2017
1-1-2018
1-1-2019
1-1-2020
1-1-2021
1-1-2022
01-01-2023 (verwacht)
375
364
351
315
305
327
330
BBZ l.o.
3
1
1
0
2
0
0
IOAW / IOAZ
58
63
64
59
56
40
40
WSW
299
297
282
275
220
193
185
01-01-2023 (verwacht) 1-1-2022 1-1-2021
WWB BBZ l.o.
1-1-2020
IOAW / IOAZ 1-1-2019
WSW
1-1-2018 1-1-2017 0
200
400
600
800
9
Indicatoren Gemeenten zijn (op basis van het BBV) verplicht om in de begroting en jaarstukken een aantal voorgeschreven prestatie-indicatoren op te nemen. Die indicatoren worden door de gemeenten niet zelf gevuld maar op landelijk niveau op uniforme wijze verzameld en gevuld. Op die manier zijn voor elke gemeente de indicatoren op dezelfde wijze samengesteld en gedefinieerd en is een betere vergelijkbaarheid tussen gemeenten mogelijk. Via de website www.waarstaatjegemeente.nl worden deze gegevens ontsloten. Naast deze landelijk ter beschikking gestelde indicatoren zijn er nog vijf indicatoren die op basis van eigen gemeentelijke informatie moeten worden ingevuld. Dat betreft: - Formatie: Fte. per 1.000 inwoners (toegestane formatie) - Bezetting: Fte. per 1.000 inwoners (werkelijke bezetting) - Apparaatskosten: Kosten per inwoner - Externe inhuur: Kosten als % van de totale loonsom + totale kosten externe inhuur - Overhead: % van de totale kosten
Eigen indicatoren: Peel en Maas Indicator:
Eenheid
Formatie
Begroting 2023
Begroting 2022
Jaarstukken 2021
FTE per 1.000 inwoners
7,22
7,40
7,19
Bezetting
FTE per 1.000 inwoners
7,31
7,11
7,10
Apparaatskosten*
Kosten per inwoner
€ 674,22
€ 640,51
€ 612,69
Externe inhuur
Kosten in euro’s
€ 1.903.412
€ 1.519.160
€ 2.339.783
Externe inhuur
% van totale loonsom
7,03%
6,09%
9,77%
Overhead
% van de totale kosten
11,86%
12,70%
11,24%
* Apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.
10
Landelijke indicatoren: Gemiddelde van Oorsprong gemeenten cijfers met begroting 2023 BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING 25.000 - 50.000 inwoners 2019 2020 2021 2022 2023 PEEL EN MAAS
INDICATOR
Eenheid
Toelichting indicator
Woonlasten éénpersoonshuishouden
€
662
675
691
719
767
Nog niet bekend
2022
vlgns. berekeningen COELO
Woonlasten meerpersoonshuishouden
€
712
725
741
769
817
Nog niet bekend
2022
vlgns. berekeningen COELO
WOZ-waarde woningen
x € 1.000
228
234
246
261
285
290
2021
Nieuwgebouwde woningen
aantal per 1.000 woningen
8,4
8,4
8,1
9,2
12,4
8,9
2021
Omvang huishoudelijk restafval
kg per inwoner
97
69
36
38
42
170
2020
Niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
%
4,4
4,8
7,3
10,5
20,4
26,8
2020
Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa.
Winkeldiefstal
aantal per 1.000 inw.
0,5
0,7
0,7
0,7
0,5
1,8
2021
Geweldsmisdrijven
aantal per 1.000 inw.
2,2
1,7
2,2
2,1
1,9
4,3
2021
Diefstal uit woning
aantal per 1.000 inw.
2,1
2,3
2,3
2,3
1,5
1,3
2021
Vernieling en beschadiging
aantal per 1.000 inw.
4,6
3,2
2,9
5,8
3,8
6,1
2021
Verwijzingen Halt
per 1.000 inw. 12-17 jr
8
2
5
6
3
7
2021
Jongeren met delict voor rechter
%
0,73
0,71
0
1
1
1
2020
Demografische druk
%
72,4
73,7
73,8
74,3
74,7
70,3
2022
Hernieuwbare elektriciteit
11
De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.
Gemiddelde van Oorsprong gemeenten cijfers met begroting 2023 BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING 25.000 - 50.000 inwoners 2019 2020 2021 2022 2023 PEEL EN MAAS
INDICATOR
Eenheid
Toelichting indicator
%
46,6
46,6
46,6
46,6
48
49,3
2020
Het percentage niet-wekelijks sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder.
Banen
per 1.000 inw 15-64 jr
608,6
621,5
661,6
663,6
670,2
805,5
2021
Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.
Vestigingen van bedrijven
per 1.000 inw 15-64 jr
136,9
139,2
145
148,6
155,2
165,1
2021
Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.
Netto arbeidsparticipatie
%
69,9
71,7
72,5
72,4
72,4
68,4
2020
Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking.
Niet-sporters
Functiemenging
%
48,4
48,7
49,9
49,8
49,9
53,3
2021
De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.
Personen met een bijstandsuitkering
per 10.000 inwoners
156
144
146,5
173,4
152.6
431,2
2021
Het aantal personen met een uitkering op grond van de Participatiewet.
Lopende re-integratievoorzieningen
per 10.000 inw 15-65 jr
460
501
305,2
268,9
268,9
202
2020
Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement
per 10.000 inwoners
430
430
500
540
540
Nog niet bekend
2021
% kinderen in uitkeringsgezin
%
2,39
2,39
3
3
3
6
2020
Werkeloze jongeren
%
0,57
0,57
1
1
1
2
2020
Voortijdige schoolverlaters totaal (VO + MBO)
%
1,2
1,9
1,3
1,1
1
1,9
2021
12
Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen.
Voortijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie
Gemiddelde van Oorsprong gemeenten cijfers met begroting 2023 BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING BEGROTING 25.000 - 50.000 inwoners 2019 2020 2021 2022 2023 PEEL EN MAAS
INDICATOR
Eenheid
2021
Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school, per 1.000 leerlingen.
19
2021
Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 leerlingen.
11,4
12,9
2021
0,2
0,3
0,3
2021
1
1,1
1,2
2021
Absoluut verzuim
per 1.000 leerlingen
Relatief verzuim
per 1.000 leerlingen
8,52
8,76
9
10
6
Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren tot 18 jaar
8,3
7,4
9
9,3
Jongeren met jeugdreclassering
%
0,2
0,2
0,2
Jongeren met jeugdbescherming
%
0,9
0,9
1
1,13
1,13
1,1
Toelichting indicator
1,9
1,1
2,5
13
5.0in wo
4. Overzicht thema’s / programma’s / producten Programma
1 1.1 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 1.2 120 121 122 123 124 125 126 2 2.1 212 213 214 215 2.2 222 223 224 225 226 227 228 229 2.3 231 232 233 3 3.1 311 312 313 3.2 325 3.3 331 332 333 3.4 341 342 343 344
14
Product Vitale leefomgeving
Vitale leefomgeving Beleidskader ruimtelijke ontwikkeling Plattelandsontwikkeling Ruimtelijke ontwikkeling kernen Gronden Uitvoering ruimtelijke ontwikkeling Beleidskader wonen Wonen - volkshuisvesting Grondexploitatie wonen Beleidskader vergunning en toezicht Integrale vergunningverlening Toezicht fysieke leefomgeving Beheer fysieke leefomgeving Beleidskader openbare ruimte Afvalinzameling Wegen Wijk, natuur en landschap Water en riolering Verkeer, vervoer en ondergrondse infrastructuur Openbare verlichting Sociaal domein Werk en Inkomen Werk Inkomen Minima Leerontwikkelroutes Zorg en Ondersteuning Huishoudelijk werk Woonvoorzieningen Leef- en vervoersvoorzieningen WMO begeleiding Uitvoeringsprogramma WWZ Maatschappelijke opvang Volksgezondheid Bedrijfsvoering sociaal domein Jeugd en Onderwijs Jeugdhulp Jeugd en gezin Onderwijs Vitale gemeenschappen Gemeenschapsontwikkeling Beleidskader gemeenschapsontwikkeling Samenlevingsopbouw Gemeenschapsaccommodaties Onderwijshuisvesting Onderwijshuisvesting Sport en Bewegen Beleidskader Sport en bewegen Sport en bewegen Sportvoorzieningen en –accommodaties Kunst en Cultuur Beleidskader kunst en cultuur Cultuurstimulering Cultuurbehoud Culturele voorzieningen/accommodaties
Programma 4 4.1 411 412 421 422 423 424 425 426 427 428 429 5 5.1 510 515 520 6 6.1 611 612 613 614 615 616 620 711 712 713 714 715
15
Product Economie
Economie Beleidskader economische ontwikkeling Regionale economische samenwerking Beleidskader bedrijven Bedrijventerreinen Platteland Detailhandel Grondexploitatie werklocaties Ondernemersloket Beleidskader toerisme en promotie Recreatie en toerisme Evenementen Integrale veiligheid Integrale veiligheid Openbare orde en veiligheid Brandweerdistrict Peel en Maas Handhaving fysieke leefomgeving Bestuur, Communicatie en Dienstverlening Bestuur, Communicatie en Dienstverlening Gemeenteraad Burgemeester en wethouders Ondernemingsraad Rekenkamercommissie Regionale bestuurlijke samenwerking Verkiezingen Burgerzaken Algemene dekkingsmiddelen en overige taakvelden Algemene dekkingsmiddelen Mutaties reserves Onvoorzien Overhead Treasury
5. Financiële positie Peel en Maas 2023-2026 A. Baten en lasten op programmaniveau 2023 – 2026* Programma
2023
2024
2025
2026
LASTEN
BATEN
LASTEN
BATEN
LASTEN
BATEN
LASTEN
BATEN
1.1 1.2 2.1 2.2 2.3 3.1 3.2 3.3 3.4 4.1 5.1
Vitale leefomgeving Beheer fysieke leefomgeving Werk en inkomen Zorg en ondersteuning Jeugd en onderwijs Gemeenschapsontwikkeling Onderwijshuisvesting Sport en bewegen Kunst en cultuur Economie Integrale veiligheid
6.225.632 17.249.706 17.001.933 15.070.623 16.634.963 4.133.656 2.049.868 3.011.956 2.830.885 1.440.327 4.285.659
1.306.058 10.473.718 6.761.125 2.628.750 703.325 222.744 53.145 559.515 188.982 256.022 207.023
6.265.521 17.583.808 16.159.791 15.097.176 17.136.931 4.186.083 2.017.336 3.044.557 2.867.689 1.469.306 4.356.336
1.324.578 10.651.492 6.680.600 2.625.000 542.164 223.415 53.942 568.983 191.805 259.861 210.127
5.696.307 17.778.433 16.072.915 15.423.607 17.645.195 4.172.818 1.927.715 3.065.400 2.891.066 1.489.002 4.384.789
1.338.971 10.931.366 6.681.206 2.626.500 547.585 223.868 54.481 576.157 193.724 262.460 212.229
5.594.225 17.840.026 15.696.258 15.676.797 18.031.281 4.220.014 1.927.602 3.075.874 2.913.595 1.472.809 4.412.795
1.353.099 11.083.860 6.681.206 2.626.500 548.187 224.328 55.026 581.147 195.636 265.084 214.352
6.1
Bestuur, communicatie en dienstverlening
4.274.632
661.396
4.292.586
671.316
4.319.240
678.028
4.300.339
684.809
Algemene Dekkingsmiddelen Overhead Treasury
4.172.418 13.477.383 -288.461
88.170.682 101.875 51.746
4.667.389 13.620.349 -422.198
92.125.043 103.028 49.508
5.213.059 13.794.079 -382.491
96.785.190 78.809 47.826
5.941.484 13.914.026 -322.927
94.261.017 79.597 47.826
Onvoorzien
350.000
0
400.000
0
400.000
0
400.000
0
Resultaat voor bestemming TOTAAL SALDO BATEN EN LASTEN
111.921.181
112.346.106
112.742.661
116.280.862
113.891.134
121.238.400
115.094.200
118.901.674
Dotaties en onttrekkingen aan reserves
3.311.887
3.328.183
3.749.191
2.392.370
3.770.992
1.582.687
3.800.179
1.524.898
Resultaat baten lasten
115.233.068
115.674.289
116.491.852
118.673.232
117.662.126
122.821.087
118.894.379
120.426.572
GERAAMD RESULTAAT
424.925
3.538.201
441.221
2.181.380
7.347.266
5.158.961
* Door afrondingsverschillen kunnen kleine afwijkingen ontstaan in de totaaltellingen.
Als bijlage F is (ter vergelijking) een overzicht opgenomen van de baten en lasten over 2021 en uit de begroting 2022. 16
3.807.474
1.532.193
B. Toelichting financiële positie De basis voor de begroting 2023 vormt de Kaderbrief 2023. In de onderstaande tabel staat de aansluiting van de huidige begrotingssaldi met de saldi uit de Kaderbrief 2023:
Saldi kaderbrief 2023 Rente en afschrijvingen Structurele effecten 2e bijstellingsrapportage Meerkosten investeringen 2023 Meerkosten claims 2023-2026 Aanvulling budget kapitaallasten Loonontwikkelingen en personeel Effect invoering omgevingswet Stijging energielasten Actualiseren stelpost indexatie / inflatie Overige mutaties (per saldo) Effecten septembercirculaire 2022
2023 835.492 233.511 -125.000 -14.000 -295.000 0 -320.820 -130.000 -504.377 -500.000 -34.363 1.295.778
2024 3.211.574 -342.024 -125.000 -160.000 -270.000 -100.000 -331.152 -130.000 -518.614 -500.000 120.372 1.326.224
2025 6.147.784 -247.113 -125.000 -160.000 -270.000 -200.000 -241.687 -130.000 -538.831 -296.000 -20.709 1.240.517
2026 984.811 -262.138 -125.000 -160.000 -190.000 -300.000 -218.566 -130.000 -559.613 -850.000 186.996 3.155.703
Saldi Begroting 2023 - 2026
441.221
2.181.380
5.158.961
1.532.193
In de saldi is een toevoeging aan de algemene reserve opgenomen van € 2.500.000 in 2023 en € 3.000.000 in de jaren 2024, 2025 en 2026.
De afzonderlijke posten worden als volgt toegelicht: Rente en afschrijving: Na enkele jaren met extreem lage (soms zelfs positieve) rentepercentages voor leningen stijgen deze in de afgelopen tijd weer. Dat betekent dat we ook voor onze nieuwe langlopende leningen meer rente zullen moeten betalen. Het voordeel in 2023 wordt veroorzaakt doordat de afschrijvingen over enkele ‘lopende’ projecten naar verwachting later starten. Structurele effecten 2e bijstellingsrapportage 2022 Enkele bijstellingen van de begroting 2022 die zijn opgenomen in de 2e bijstellingsrapportage 2022 hebben een structureel karakter en dus ook effect voor de begroting 2023. Per saldo gaat het om € 125.000 betreffende de bijstelling voor leerlingenvervoer en Arbo-technische aanpassingen. Zonder vooruit te willen lopen op besluitvorming over de 2e Bijstellingsrapportage nemen we voorzichtigheidshalve deze structurele effecten wel al op in de begroting 2023. Meerkosten investeringen en claims: In de begroting is jaarlijks een budget van € 250.000 opgenomen ter dekking van kapitaallasten van nieuwe investeringen. Uit het overzicht verwachte investeringen voor 2023 blijkt dat de kapitaallasten uiteindelijk ca. € 410.000 bedragen.
Omdat kapitaallasten pas starten wanneer een investering in gebruik wordt genomen, zullen we in 2023 nauwelijks extra kosten hebben maar pas vanaf 2024 rekenen met de extra kosten van € 160.000. Voor de claims is in principe geen apart budget opgenomen en de lasten komen dus rechtstreeks ten laste van het begrotingssaldo. De bedragen die zijn opgenomen betreffen de lasten van de voorgestelde claims voor de jaren 2023 tot en met 2026. Een specificatie van de investeringen en claims is opgenomen in paragraaf F van dit hoofdstuk.
17
Aanvulling budget kapitaallasten 2024 en 2025: In de begroting is jaarlijks een budget van € 250.000 beschikbaar om de kapitaallasten te dekken van nieuwe investeringen. Een belangrijk deel van die financiële ruimte wordt jaarlijks ingezet voor de investeringen in de openbare ruimte. Dat is vanwege de systematiek die indertijd is gekozen waarmee het samenspel tussen de onderhoudsbudgetten in de begroting en de investeringen in de openbare ruimte gezamenlijk voldoende financiële ruimte (moet) bieden om aan de vastgestelde onderhoudsniveaus te voldoen. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt dit nader toegelicht. Voor de jaren 2024 en verder is de verwachting dat de investeringen in de openbare ruimte meer kosten met zich mee brengen dan de € 250.000 die nu beschikbaar zijn. Dat heeft een aantal redenen: Prijsontwikkelingen: als de prijzen blijven stijgen zoals afgelopen periode dan worden de investeringen duurder. Het budget van € 250.000 is tot op heden niet geïndexeerd Vanaf 2027 voldoen we aan de Kader Richtlijn Water (KRW): de afgelopen jaren konden verschillende investeringen in wegen worden gecombineerd met investeringen volgens de KRW waardoor de kosten lager waren. De investeringen volgens de KRW worden gedekt uit het GRP. In de toekomst vervallen de KRW-opgaves en kunnen investeringen dus niet meer gecombineerd worden.
Uit de inventarisatie van komende investeringen blijkt dat in 2024 en 2025 een aantal grote investeringen in wegrenovaties en kernen op stapel staan. Dat gaat o.a. om Lange en Korte Heide in Maasbree, Bernhardstraat-Irenestraat Panningen en de Ondersteweg in Kessel / Baarlo die zowel technisch worden gerenoveerd als ingericht volgens Duurzaam Veilig. Omdat vooralsnog voor de jaren 2024 en 2025 blijkt dat er meer investeringen nodig zijn dan er aan financiële ruimte is opgenomen verhogen we het budget voor nieuwe kapitaallasten in die jaren van € 250.000 naar € 450.000. Daarmee ontstaat financiële ruimte om de noodzakelijke investeringen te kunnen doen die nodig zijn om het kwaliteitsniveau op peil te houden (en daarmee hogere kosten in de toekomst voorkomen) en de verkeersveiligheid te vergroten. Het ophogen van het budget heeft een structureel effect van uiteindelijk € 400.000. Omdat kapitaallasten pas tot kosten leiden als de investering in gebruik wordt genomen zijn de nettokosten in de eerste jaren lager. We verwachten dat we deze lasten ook in 2027 en verder kunnen dekken aangezien we in de begroting nog enkele stelposten die we in kunnen zetten. Verder is er nog de structurele toevoeging aan de algemene reserve van € 3 miljoen die we deels kunnen inzetten voor de dekking van de extra kapitaallasten.
Loonontwikkelingen en personeel: De raming van de personeelskosten 2023 – 2026 is gebaseerd op de verwachte bezetting per 1-1-2023 en de actuele ramingen voor sociale lasten en pensioenpremies. In de doorrekeningen houden we vooralsnog rekening met een structurele loonstijging van 2,5% in 2023, 2,0% in 2024, 1,5% in 2025 en 1,0% in 2026. Mochten de CAO-onderhandelingen resulteren in hogere stijgingen dan kunnen we daar de algemene stelpost voor indexatie/inflatie voor aanwenden. Effect invoering Omgevingswet: Naar verwachting treedt per 1 januari 2023 de Omgevingswet en daarmee ook de Wet Kwaliteitsborging voor het Bouwen in werking. In deze begroting nemen we de financiële effecten op van deze nieuwe wetgeving. Daarbij sluiten we aan bij het huidige beleid en de huidige uitgangspunten rondom de kostendekkendheid van de leges. Dat betekent dat we uitgaan van een kostendekkendheid van 50% voor nieuwe activiteiten en het belasten van milieubelastende activiteiten. Op basis van deze uitgangspunten zal het netto-financieel effect € 130.000 nadeel bedragen. Dat bedrag is opgebouwd uit enerzijds lagere legesopbrengsten (door het wegvallen van bepaalde activiteiten) maar anderzijds ook lagere kosten (door lagere advieskosten/inhuur personeel en compensatiegelden van het Rijk). Het risico bestaat dat de wetgeving door landelijke besluitvorming alsnog wordt uitgesteld.
In die situatie zullen we via een bijstellingsrapportage in 2023 de financiële effecten weer corrigeren.
18
Stijging energielasten Per 1 oktober 2022 is een nieuw energiecontract van kracht waarmee de banden met Gazprom zijn verbroken. Dat contract kent andere voorwaarden die financieel nadelig zijn. Bovendien zijn de tarieven voor gas en elektriciteit de laatste maanden explosief gestegen. Op basis van de meest actuele gegevens op het moment van totstandkoming van deze begroting is een berekening gemaakt van de verwachte energiekosten voor de gemeente Peel en Maas. Dat leidt tot circa € 500.000 hogere kosten dan in de budgetten was opgenomen. Actualiseren stelpost inflatie / indexatie De reguliere budgetten voor de producten zijn voor 2023 al met 2,5% geïndexeerd en daarnaast is een algemene stelpost opgevoerd waarmee knelpunten als gevolg van inflatie / indexatie kunnen opvangen. Die stelpost willen we ophogen vanwege een tweetal redenen: - In de septembercirculaire 2022 is aangegeven dat de verwachting voor de loon- en prijsontwikkeling voor 2023 hoger zal zijn dan bij de meicirculaire aangekondigd. Daarom wordt de algemene uitkering verhoogd maar zullen mogelijk ook hogere kosten ontstaan dan geraamd bij de meicirculaire / kaderbrief. - Binnenkort starten de CAO-onderhandelingen voor gemeentepersoneel en de verwachting is dat er een looneis komt te liggen die een stuk hoger is dan de budgetten die we nu hebben opgenomen.
De huidige budgetten voorzien in een loonstijging van 6% in de komende drie jaar maar mogelijk komt een CAO-akkoord uiteindelijk uit op een hogere (of snellere) stijging. Om voorbereid te zijn op bovenstaande ontwikkelingen verhogen we de stelpost inflatie / indexatie als volgt: Aanwezige Aanvulling Totale stelpost stelpost stelpost 2023 1.150.000 500.000 1.650.000 2024 1.300.000 500.000 1.800.000 2025 1.854.000 296.000 2.150.000 2026 1.450.000 850.000 2.300.000
Actualisatie verschillende budgetten en reserves: Tussentijdse ontwikkelingen hebben invloed op de begrotingssaldi. Onder andere de budgetten voor riolering zijn geactualiseerd op basis van het GRP. Ook de verwachte kosten en opbrengsten voor het product afval zijn geactualiseerd op basis van de laatste ontwikkelingen (o.a. tarieven oud papier, verwerkingskosten e.d.). We hebben verder de meerjarige mutaties aan de reserves geactualiseerd. Effect septembercirculaire 2022: Uit de septembercirculaire blijkt dat de verwachte loon- en prijsontwikkeling hoger ligt dan in de meicirculaire was opgenomen. Daarom worden extra middelen toegevoegd aan het gemeentefonds en stijgt ook de algemene uitkering voor Peel en Maas. In de meicirculaire bleek voor het jaar 2026 een grote terugval in de algemene uitkering t.o.v. 2025. Dat wordt veroorzaakt doordat het kabinet alleen voor de huidige regeringsperiode de extra overheidsuitgaven heeft geraamd (dus in 2026 weer ‘samen trap af’) en omdat de opschorting van de opschalingskorting vanaf 2026 weer vervalt. Om gemeenten tegemoet te komen die daardoor in 2026 geen sluitende begroting konden presenteren is er éénmalig € 1 miljard toegevoegd aan het gemeentefonds in 2026. Nb.
In de septembercirculaire staat de toezegging dat gemeenten in 2023 opnieuw middelen zullen ontvangen om een energietoeslag van € 1.300 uit te keren aan huishoudens die daar voor in aanmerking komen. Deze middelen zijn in financiële zin echter nog niet opgenomen in het gemeentefonds en dus ook nog niet in onze begroting.
19
Reserves Het resultaat van de begroting wordt mede bepaald door de verwachte toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. In 2023 zal naar verwachting € 3,3 miljoen worden onttrokken uit verschillende reserves. Die onttrekkingen hebben merendeels betrekking op posten waarvoor in het verleden via een raadsbesluit is aangegeven dat dekking via reserves plaats zal vinden zoals (kapitaal)lasten onderwijshuisvesting, kapitaallasten Huis van de Gemeente etc. In 2023 wordt circa € 3,3 miljoen toegevoegd aan de reserves. De toevoegingen en onttrekkingen voor 2023 kunnen als volgt worden gespecificeerd: 2023 Mutaties reserves
Reserve risico's grondexploitatie
structureel / incidenteel
Toelichting reserves
50.000
structureel
toevoeging en inzet t.b.v. dekking structurele kosten
500.000
incidenteel
herstructureringsbudget 2022 - 2024
13.073
structureel
toevoeging t.b.v. dekking van kosten voor aanschaf materieel buitendienst
56.000
structureel
toevoeging t.b.v. dekking van kosten omgevingswet / bestemmingsplannen
300.000
incidenteel
onttrekking ter dekking van kosten m.b.t. invoering omgevingswet
500.000
incidenteel
dekking claim voorkomen armoede
500.000
incidenteel
dekking claim steunfonds energie
410.551
structureel
onttrekking ter dekking van kosten onderwijshuisvesting
240.671
structureel
toevoeging aandeel onderwijshuisvesting in algemene uitkering
4.202
structureel
toevoeging t.b.v. dekking kosten aanleg hockeyveld
structureel
onttrekking ter dekking van kosten ontsluiting glastuinbouwgebieden Baarlo
structureel
toevoeging t.b.v. dekking kosten ontsluiting glastuinbouwgebieden Baarlo
structureel
onttrekking ter dekking kapitaallasten plan Maasdal
incidenteel
toevoeging ter versterking vermogenspositie
Lasten begroting
Baten begroting
50.000
Reserve herstructureringsfonds Reserve materialen OW Reserve Herziening bestemmingsplannen
Algemene reserve
Reserve onderwijshuisvesting Reserve Mixed hockeyclub Helden Reserve ontsluiting glastuinbouw-gebieden
41.000 50.000
Reserve Schering en inslag Algemene reserve
15.000 2.500.000
Reserve dekking kapitaallasten
440.632
structureel
onttrekking ter dekking van kapitaallasten verschillende investeringen
Reserve uitgezette middelen
511.000
structureel
onttrekking ter dekking kapitaallasten verbouwing Huis van de Gemeente
structureel
toevoeging t.b.v. dekking kosten voor licenties en onderhoud ICT
incidenteel
onttrekking ter dekking van (meer)kosten ICT inzake onderhoud en licenties
structureel
toevoeging vaste compensatie aan diverse reserves
190.000 Reserve ICT 60.000 Verschillende reserves vaste compensatie Totaal lasten / baten begroting 2023 Per saldo mutaties reserves 2023
207.941 3.311.887
3.328.183
16.296 20
De onderverdeling in structurele en incidentele mutaties in 2023 is als volgt: 2023
Mutaties reserves
Toevoegingen
Onttrekkingen
Structureel Incidenteel Totaal
811.887 2.500.000 3.311.887
1.468.183 1.860.000 3.328.183
Voor de jaren 2024 tot en met 2026 zijn de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves als volgt: 2024
2025
2026
Mutaties reserves
Toevoegingen*
Onttrekkingen*
Toevoegingen*
Onttrekkingen*
Toevoegingen*
Onttrekkingen*
Structureel Incidenteel Totaal
749.191 3.000.000 3.749.191
1.412.925 979.445 2.392.370
770.992 3.000.000 3.770.992
1.382.687 200.000 1.582.687
800.179 3.000.000 3.800.179
1.424.898 100.000 1.524.898
* Toevoegingen Onttrekkingen
= lasten begroting = opbrengsten begroting
Het totaaloverzicht van de reserves voor de periode 2023 – 2026 is opgenomen in bijlage C van deze begroting. Vennootschapsbelastingplicht De gemeente Peel en Maas is sinds 2016 belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting voor zover zij een onderneming in fiscale zin drijft. Op basis van de ingenomen standpunten, die met de Belastingdienst zijn besproken, worden de aangiften opgesteld. De aangiften over de jaren 2016 tot en met 2019 zijn ingediend en door de Belastingdienst conform de aangiften definitief vastgesteld. Er is over deze jaren geen vennootschapsbelasting verschuldigd. De aangifte over 2020 is ook ingediend en in behandeling bij de Belastingdienst. Er zal geen vennootschapsbelasting verschuldigd zijn. Eind 2020 is er nog een compensabel verlies van afgerond € 0,9 miljoen wat met toekomstige winsten verrekend kan worden. Over 2021 en de komende jaren is, mede gelet op de verliescompensatie, de verwachting dat ook geen vennootschapsbelasting verschuldigd is. Arbeidskosten 2023 – 2026 De berekening van de personeelskosten voor 2023 is gebaseerd op de werkelijk verwachte bezetting per 1-1-2022 conform de geldende CAO. Dat leidt tot de volgende jaarlijkse arbeidskosten inclusief de kosten van (oud-)bestuurders:
Arbeidskosten
2023
2024
2025
2026
27.068.321
27.589.463
27.994.684
28.248.372
21
C. Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Dit zijn voornamelijk baten die niet toegerekend (mogen) worden aan een specifiek programma die als volgt zijn gespecificeerd: 2023
2024
2025
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lokale heffingen Algemene uitkering Dividenden en rente
298.722 0 14.225
9.897.251 77.602.167 671.264
278.019 0 14.231
10.140.284 81.311.861 672.898
Overige
3.859.471
0
4.375.139
Algemene dekkingsmiddelen
4.172.418
88.170.682
4.667.389
Post onvoorzien
350.000
0
400.000
Lasten
2026 Baten
Lasten
280.422 10.368.825 0 85.742.361 14.237 674.004
0 4.918.400
Baten
282.850 10.603.101 0 82.982.795 14.237 675.121
0 5.644.397
0
92.125.043 5.213.059 96.785.190 5.941.484 94.261.017
0
400.000
0
400.000
0
Onderstaand worden de belangrijkste onderdelen nader toegelicht: Lokale heffingen Dit zijn vooral OZB-opbrengsten, verblijfsbelasting en forensenbelasting. BsGW voert voor Peel en Maas de taken voor de lokale heffingen uit. BsGW is beschreven in de paragraaf verbonden partijen. Een specificatie van de tarieven staat in de paragraaf Lokale heffingen. Samen met BsGW is een prognose gemaakt en de tarieven zijn hierop afgestemd. 2023
2024
2025
2026
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
OZB
214.998
8.910.567
195.641
9.133.344
197.437
9.361.712 199.251
Verblijfs- en forensenbelasting
21.917
969.650
19.944
989.650
20.127
989.650
20.312
989.650
Overige kosten en opbrengsten
61.807
17.034
62.434
17.290
62.858
17.463
63.287
17.638
298.722
9.897.251
278.019 10.140.284
Lasten
Baten 9.595.813
280.422 10.368.825 282.850 10.603.101
Algemene uitkering Het belangrijkste algemene dekkingsmiddel voor de gemeentelijke begroting vormt de algemene uitkering. De algemene uitkering is onder andere afhankelijk van de omvang van de rijksuitgaven (samen trap op, samen trap af). In de jaren 2024 en 2025 verwacht het Rijk forse uitgaven te doen waardoor ook het gemeentefonds in die jaren stijgt. Verder is de ‘opschalingskorting’ opgeschort. Dat is een eenzijdig door het Rijk opgelegde korting omdat gemeenten efficiënter zouden gaan werken als er alleen nog gemeenten waren met 100.000 inwoners of meer. Vanaf 2026 wordt de opschalingskorting weer van kracht en zijn de rijksuitgaven weer teruggebracht tot het niveau van 2022. In de septembercirculaire heeft het Rijk voor 2026 nog een éénmalige bijdrage van € 1 miljard toegevoegd aan het gemeentefonds. De effecten voor 2027 en verder zijn echter onzeker. De verdeling van het gemeentefonds is vanaf 2023 ingrijpend gewijzigd en kent veel minder maatstaven dan voorheen. Die herverdeling leidt tot voor- en nadeelgemeenten ten opzichte van de oude situatie. Peel en Maas is een voordeelgemeente en ontvangt (na een ingroei in 2023 en 2024) € 30 per inwoner meer dan bij de oude verdeling.
22
In de algemene uitkering voor 2023 is ook een bedrag opgenomen ter compensatie van tekorten in de jeugdzorg. Het Rijk heeft toegezegd dat die compensatie ook in de volgende jaren wordt uitgekeerd maar dat is nog niet opgenomen in de doorrekeningen uit de mei-of septembercirculaire 2022. De provinciale toezichthouders hebben echter besloten dat op basis van de toezegging de compensatie wel meerjarig mag worden opgenomen. In Peel en Maas kiezen we ervoor om vanuit het voorzichtigheidsprincipe 75% van het toegezegde bedrag op te nemen. Dat is dezelfde werkwijze als we ook bij de begroting 2022 hebben gevolgd. Het gaat om de volgende bedragen: 2023 Stelpost compensatie jeugdzorg
0
2024 1.597.396
2025 1.472.179
2026 1.014.610
Deze begroting is verder gebaseerd op de gegevens uit de septembercirculaire 2022. In die circulaire zijn de gevolgen van de miljoenennota 2023 verwerkt. Als bijlage D is een specificatie van de algemene uitkering 2023 op basis van de septembercirculaire 2022 opgenomen. Dividenden / renteopbrengsten We ontvangen dividend van Enexis en de BNG omdat we aandeelhouder zijn. Ook is een lening verstrekt aan Enexis. De provincie Limburg beschrijft in haar richtlijnen voor de begroting welke bedragen aan dividend mogen worden opgenomen. 2023 Dividend BNG
181.508
Rente/Dividend Enexis
489.756 671.264
Overige algemene dekkingsmiddelen: Deze post bestaat voor 2023 onder andere uit: • Kapitaallasten van nieuwe investeringen (regulier € 250.000 jaarlijks) • Algemene stelpost voor loon- en prijsindexatie (€ 1.650.000) • Stelpost hogere kosten gas en elektriciteit ( € 504.377) • Stelpost aanvullende kapitaallasten (€ 400.000); We verwachten de komende jaren extra investeringen (onder andere in onderwijshuisvesting). Om de kapitaallasten te dekken die volgen uit de extra investeringen is een stelpost opgenomen. Die extra kapitaallasten bieden ruimte voor zo’n € 3 miljoen aan aanvullende investeringen per jaar. • Budgetten voor cofinanciering van projecten in het kader van de Investeringsagenda en Regio Deal van de Regio Noord-Limburg (€ 400.000) Onvoorzien: Het Besluit Begroting en Verantwoording schrijft een post onvoorzien voor, maar niet de omvang. Gemeenten bepalen zelf hoe groot deze post moet zijn. Deze post vangt onverwachte kosten of schommelingen in de algemene uitkering op. De post onvoorzien breiden we komende jaren uit tot structureel € 400.000 vanaf 2024. Het verloop van deze post is als volgt: 2023: € 350.000 2024: € 400.000 2025: € 400.000 2026: € 400.000 D. Ombuigingsmaatregelen Vanwege de positieve begrotingssaldi voor 2023 – 2026 is het niet nodig om deze maatregelen te nemen.
23
E. Overhead en treasury Overhead Het Besluit Begroting en Verantwoording schrijft voor dat overheadkosten niet worden doorbelast naar de producten in de begroting. Alleen de overheadkosten voor investeringen en projecten worden doorbelast. Het overheadtarief is berekend op basis van de totale overheadkosten en het verwachte aantal ‘productieve’ uren in 2023. In de paragraaf Lokale heffingen staat de berekening en een toelichting. De overheadkosten 2023 van Peel en Maas zijn (per saldo) als volgt opgebouwd: Overheadkosten 2023 betreft directie, MT en strategie en ontwikkeling betreft onder andere P&O, inkoop, juridisch control, P&C, financiële administratie, secretariaat en BsGW
2.425.212
Kosten Faciliteiten, informatisering en automatisering
incl. kapitaallasten en kosten voor licenties en onderhoud, telefonie
5.402.908
Kosten huisvesting
betreft kosten huis van de gemeente (netto kosten)
1.283.039
Overige kosten overhead
communicatie, algemene personeelskosten
991.746
Kosten management Kosten advies & control
Bruto overheadkosten
3.918.987
14.021.892
Doorbelasting naar investeringen / projecten
-646.384
Overheadkosten t.l.v. begroting
13.375.508
Treasury Naast de overheadkosten moeten ook de kosten met betrekking tot treasury apart worden opgenomen: Treasury 2023 Te betalen rente m.b.t. opgenomen geldleningen (saldo)
1.000.321
Afschrijvingskosten investeringen en projecten
7.397.204
Ontvangen rente m.b.t. verstrekte geldleningen
-99.747
Kosten treasury 2023 (per saldo)
8.297.778
Doorbelaste kapitaallasten naar producten
-8.669.162
Doorbelaste renteopbrengsten naar producten (bij projectfinanciering)
48.001
Doorbelaste kapitaallasten naar projecten grondexploitatie
-16.824
Saldo treasury
-340.207
Het saldo op dit taakveld is administratief en ontstaat doordat er meer kapitaallasten worden doorbelast op basis van rekenrente (0,75%) dan er daadwerkelijk aan kosten voor rente en afschrijving ontstaat.
24
F. Investeringen en claims 2023 Investeringen 2023 Jaarlijks is een budget van € 250.000 aan kapitaallasten beschikbaar ter dekking van nieuwe investeringen. Diverse investeringen hebben een ‘eigen dekking’ zoals de investeringen die in het Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) staan, en tellen niet mee in de € 250.000. In deze begroting is voor 2023 een totaalbedrag van € 410.809 aan kapitaallasten voor nieuwe investeringen opgenomen. Een groot deel van die kosten zal echter pas vanaf 2024 gaan gelden omdat dan naar verwachting de betreffende projecten pas in gebruik genomen worden. Uit de inventarisatie van investeringen voor de jaren 2024 en verder blijkt dat er met name in 2024 en 2025 behoefte is extra ruimte op het reguliere budget van € 250.000. Bij de toelichting op de financiële positie (paragraaf B) is dat nader toegelicht. Naast de ruimte voor de reguliere investeringen is in deze begroting ook een stelpost opgenomen waarmee we de kapitaallasten voor de aanvullende/majeure investeringen kunnen dekken. Die stelpost bedraagt: 2023: € 400.000 2024: € 750.000 2025: € 950.000 2026: € 1.150.000 De financiële effecten van de nieuwe investeringen en claims zijn opgenomen in de begroting 2023 en verder. Financiële ruimte in bestaande kredieten In de afgelopen jaren zijn vele investeringen opgevoerd in de vastgestelde begrotingen.
De voorbereiding voor nagenoeg al deze investeringen loopt en bevindt zich in verschillende fases: van het bepalen van de technische randvoorwaarden tot en met de daadwerkelijke aanbestedingen en alles daar tussen. De snel veranderde marktsituatie op dit moment (onder andere veroorzaakt door sterk stijgende energie- en brandstofprijzen, schaarste in bouwmaterialen en personeel in engineering en uitvoering) geeft een duidelijke indicatie dat de reeds afgeroepen kredieten onder druk staan of zelfs niet toereikend zullen zijn. Wij kunnen op dit moment nog niet aangeven wat de exacte consequenties zijn omdat hiervoor per krediet bekeken moet worden wat de stand van zaken is. Het gaat hierbij dan om: wat is de huidige stand van zaken binnen het krediet, wat moet er nog gedaan worden, wat voor afspraken liggen er over prijsindexeringen, is er nog ruimte om prijsstijgingen op te kunnen vangen, zijn er nog bezuinigingen mogelijk etc.? Wij zullen u daarom in de komende periode op een aantal momenten nader informeren en mogelijk vragen om aanvullende kredieten beschikbaar te stellen. Bij voorkeur doen we dat in een van de bijstellingsrapportages of bij de vaststelling van de begroting. Daar waar dit tot praktische en/of uitvoeringsproblemen leidt, zullen wij tussentijds een separaat voorstel aan u voorleggen.
De investeringen zoals opgenomen voor 2023 zijn geraamd volgens het actuele prijspeil (juni 2022) en vervolgens geïndexeerd naar het verwachte prijsniveau 2023. Toekomstige investeringen en claims: In de begroting nemen we alleen de investeringen en claims op waarvan we concreet kunnen aangeven wat de kosten zullen zijn. Naast die posten zijn er ook nog ontwikkelingen gaande met betrekking tot investeringen en claims die nu nog onvoldoende concreet zijn maar in de (nabije) toekomst waarschijnlijk wel aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
25
nr
Kern
Omschrijving van de kapitaaluitgaven
AfschrijfBruto termijn investering
Vermindering gevolgen klimaatontwikkeling 1 Algemeen Verbetermaatregelen Kader Richtlijn Water (KRW) 2023 2 Baarlo Herinrichten en afkoppelen omgeving Fuusstraat en 't Sittert 3 Grashoek Herinrichten Pastoor Kengenstraat e.o. 4 Helden Herinrichten en afkoppelen Averbodestraat e.o. 5 Algemeen Groen-blauwe revolutie 6 Algemeen Bijdrage privaat afkoppelen (Waterklaar) Bevordering verkeersveiligheid 7 Koningslust Herinrichting De Koningsstraat 8 Grashoek Herinrichting Lorbaan 9 Panningen Herinrichting Haagveld / Zelen 10 Kessel Herinrichten Bosakkerweg 11
Algemeen Verkeersmaatregelen Strategisch Plan Verkeersveiligheid Overige infrastructurele werken 12 Algemeen Vervangen van speeltoestellen 13a Helden Reconstructie Molenstraat (aandeel riolering) 13b Helden Reconstructie Molenstraat (aandeel verhardingen) 14 Algemeen Vervangen ondergrondse containers Riool en afvalwater beheer 15 Algemeen Renovatie/vervanging vrijverval riolering 2023 16 Algemeen Optimalisatie vrijverval riool 2023 17 Algemeen Optimalisatie mechanische leidingen 18 Algemeen Renovatie hoofdgemalen 19 Algemeen Renovatie drukriolering 20 Algemeen Aanpassen wadi's en buffers voor beter beheer Sport en bewegen 21 Meijel Voetbalvereniging RKMSV, vervanging WTB installatie 22 Grashoek Gymzaal Grashoek; vervanging dak 23 Baarlo Tennisvereniging LTC Tonido; keuring en vervanging toplaag 24 Maasbree Voetbalvereniging MVC; LED-verlichting 25 Panningen Hockeyclub Peel en Maas, vervanging kunstgrasveld Sociaal domein 26 Algemeen Wmo-vervoersvoorzieningen Gemeentelijke accommodaties en bedrijfsvoering 27 Panningen Terreinafscheiding Begraafplaats aan de Sevenumsedijk 22 28 Algemeen Vervangen en verduurzamen tractie buitendienst TOTAAL
26
Dekking*
Netto investering
Totaal kapitaallasten
Kapitaallasten gedekt* rente 0,75%
Kapitaallasten exploitatie rente 0,75%
60 40 40 40 60 60
588.000 2.360.000 890.000 2.400.000 61.000 50.000
588.000 0 0 0 61.000 50.000
0 2.360.000 890.000 2.400.000 0 0
14.210 76.700 28.925 78.000 1.474 1.208
14.210 0 0 0 1.474 1.208
0 76.700 28.925 78.000 0 0
40 40 40 40
275.000 3.300.000 200.000 1.170.000
0 0 0 0
275.000 3.300.000 200.000 1.170.000
8.938 107.250 6.500 38.025
0 0 0 0
8.938 107.250 6.500 38.025
40
700.000
350.000
350.000
22.750
11.375
11.375
20 60 40 10
150.000 2.133.000 381.000 150.000
0 2.133.000 0 150.000
150.000 0 381.000 0
8.625 51.548 12.383 16.125
0 51.548 0 16.125
8.625 0 12.383 0
60 60 60 15 15 60
768.000 330.000 91.000 307.000 252.000 35.000
768.000 330.000 91.000 307.000 252.000 35.000
0 0 0 0 0 0
18.560 7.975 2.199 22.769 18.690 846
18.560 7.975 2.199 22.769 18.690 846
0 0 0 0 0 0
15 25 15 15 15
72.000 65.000 65.000 50.000 385.000
196.000
72.000 65.000 65.000 50.000 189.000
5.340 3.088 4.821 3.708 28.554
0 0 0 0 14.537
5.340 3.088 4.821 3.708 14.018
4
500.000
500.000
0
128.750
128.750
0
15 7
42.000 347.200 18.117.200
42.000 347.200 0 6.158.200 11.959.000
3.115 52.204 773.279
0 52.204 362.470
3.115 0 410.809
* kapitaallasten kunnen worden gedekt uit GRP, bestaande budgetten binnen begroting, reserves etc.
Toelichting investeringen 2023 Vermindering gevolgen klimaatontwikkeling 1. Verbetermaatregelen Kader Richtlijn Water (KRW) 2023 De Kader Richtlijn Water (KRW) is een Europese richtlijn die voorschrijft dat de waterkwaliteit aan bepaalde eisen moet voldoen. Voor de komende jaren vraagt dit nog diverse investeringen. Deze worden zo veel als mogelijk meegenomen in infraprojecten en worden jaarlijks opgenomen in de investeringslijst. In ons Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) is dit vertaald in concrete maatregelen. Tot en met 2026 is daar € 2,8 miljoen voor gereserveerd. 2. Herinrichten en afkoppelen omgeving Fuutstraat en ’t Sittert (Baarlo) Duurzaam veilig en klimaat adaptief herinrichten van de openbare ruimte. De herinrichting geeft invulling aan de KRW-opgave in Baarlo en hiermee wordt ook wateroverlast voorkomen. De werkzaamheden aan het riool worden voor € 1.700.000 gedekt uit het GRP en zijn al eerder beschikbaar gesteld. Het totale budget bedraagt dus € 4,06 miljoen. 3. Herinrichten Pastoor Kengenstraat e.o. (Grashoek) Duurzaam veilig en klimaatadaptief herinrichten van de openbare ruimte. De werkzaamheden aan het riool worden voor € 140.000 gedekt uit het GRP. Het totale budget bedraagt € 1,03 miljoen. Dit project vergt een lange (technische) voorbereiding en daarom wordt dit nu al opgevoerd. De kapitaallasten drukken vooral op de volgende jaren 2024 en verder. 4.
Herinrichten en afkoppelen Averbodestraat e.o. (Helden) Duurzaam veilig en klimaatadaptief herinrichten van de openbare ruimte. De herinrichting geeft invulling aan de KRW-opgave in Helden en hiermee wordt ook wateroverlast voorkomen. De werkzaamheden aan het riool worden voor € 1.220.000 gedekt uit het GRP. Het totale budget bedraagt € 3,62 miljoen. Dit project vergt een lange (technische) voorbereiding en daarom wordt dit nu al opgevoerd. De kapitaallasten drukken vooral op de volgende jaren. 5. Groenblauwe revolutie Samen met onze partners van Waterpanel Noord stimuleren we scholen om schoolpleinen af te koppelen en te vergroenen, de zogenoemde groenblauwe revolutie. Dit wordt in het GRP gedekt voor een bedrag van € 61.000 per jaar (in de jaren 2022-2026). 6. Bijdrage privaat afkoppelen (Waterklaar) Deze investering is er om de huidige afkoppelregeling (Waterklaar) voor privaat terrein voort te zetten. Het Waterschap draagt ruim € 61.000 bij aan deze regeling. Het totale budget bedraagt € 111.000. Bevorderen verkeersveiligheid 7. Herinrichting De Koningsstraat (Koningslust) In Peel en Maas worden alle wegen, conform uitvoeringsplan openbare ruimte, ingericht volgens het concept van Duurzaam Veilig Verkeer (DVV). Bij het ontwerpen van wegen speelt de veiligheid van de weggebruiker een belangrijke rol.
Landelijke richtlijnen, normen en instrumenten helpen de wegontwerper bij het maken van een optimaal wegontwerp. De Koningsstraat moet nodig opnieuw worden ingericht. De werkzaamheden aan het riool worden voor € 150.000 gedekt uit het GRP. Het totale budget bedraagt € 425.000. 8. Herinrichting Lorbaan (Grashoek) Uit oogpunt van noodzakelijk constructief onderhoud, een andere gewenste inrichting (rijbaan met fietssuggestiestroken), comfort voor weggebruikers en wooncomfort voor aanwonenden (vervangen betonnen elementen) wordt deze weg over de volledige lengte duurzaam veilig ingericht. 9. Herinrichting Haagveld/Zelen (Panningen) Duurzaam veilig herinrichten van het gedeelte binnen de bebouwde kom van Haagveld en Zelen. De inrichting moet omgevormd worden naar de eisen van binnen de bebouwde kom, inclusief het aanleggen van een voetpad dat aansluit op het bestaand netwerk van voetpaden in het gebied.
27
10. Herinrichten Bosakkerweg (Kessel) De Bosakkerweg moet vanwege intensiever gebruik opnieuw constructief worden opgebouwd en duurzaam veilig worden ingericht. Overige infrastructurele werken 11. Verkeersmaatrelen Strategisch Plan Verkeersveiligheid Het landelijke Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030 is voor Peel en Maas vertaald naar risicothema's en risicolocaties gericht op verkeersonveiligheid. Deze thema’s en locaties zijn vervolgens uitgewerkt naar verkeers-veiligheidsmaatregelen, variërend van fietssuggestiestroken/kruispuntplateaus / drempels op locaties buiten de bebouwde kom (Lorbaan, Marisstraat, Vliegertsdijk, Loosteeg, Zandberg) en een reconstructie naar een gebiedsontsluitingsweg 30km/u (GOW30-inrichting) op de Beeselseweg in Kessel. Het SPV voorziet in een investeringsimpuls voor verkeers-veiligheidsmaatregelen (max 50% rijksbijdrage met een plafondbedrag van € 349.008). Deze maatregelen worden uitgevoerd tussen 2023 en 2027 met een gemeentelijk projectbudget van € 350.000. 12. Vervangen van speeltoestellen Het vervangen van speeltoestellen die technisch zijn afgeschreven. Conform besluit in de begroting 2022 wordt hiervoor jaarlijks een krediet ter beschikking gesteld (dit is in 2022 in plaats gekomen van de voorziening). 13a.
Reconstructie Molenstraat - aandeel riolering (Helden) Op aandringen vanuit de gemeente is de provincie voornemens om vervroegd groot onderhoud uit te voeren aan o.a. de Molenstraat in Helden. De bestaande hoofdriolering van Helden gelegen tussen de Pastoor Knippenbergstraat en de Sterappel is in slechte staat en vormt een knelpunt voor de kern Helden. Door een geringe afvoer storten de overstorten nog teveel over en worden de reeds gerealiseerde buffers onvoldoende benut. Door de riolering over een lengte van ca. 360 meter te vernieuwen met een ruimer stelsel en te voorzien van een gescheiden hemelwaterstelsel worden niet alleen de beheeropgaves ingevuld maar wordt ook een grote stap gemaakt om te gaan voldoen aan de KRW-opgave in Helden en Panningen. De kapitaallasten worden opgenomen in het GRP. 13b. Reconstructie Molenstraat - aandeel verhardingen (Helden) Binnen de projectbegrenzing van het door de provincie uit te voeren groot onderhoud aan de Molenstraat bevindt zich ook gemeentelijke verharding die opnieuw ingericht moet worden. De provincie neemt op verzoek van de gemeente extra maatregelen ten behoeve van de verkeersveiligheid. De kosten van die extra maatregelen (circa € 100.000) komen voor onze rekening. Door de uitvoering te combineren kan er werk met werk gemaakt worden voor een duurzaam veilig ingerichte Molenstraat. 14.
Vervangen ondergrondse containers Een aantal ondergrondse containers ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk afval moet worden vervangen omdat deze technisch zijn afgeschreven. In de locatiekeuze bewegen we mee met vraag en aanbod en locaties van bijvoorbeeld supermarkten. De kosten worden verrekend binnen het product afval. Riool en afvalwaterbeheer De investeringen binnen dit onderdeel komen voort uit het Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP). 15. Renovatie/vervanging vrijverval riolering 2023 Aan de hand van inspectiegegevens bepalen we welke riolen vanwege hun technische staat moeten worden vervangen. 16. Optimalisatie vrijverval riool 2023 We verbeteren waar nodig het functioneren van de riolering. De komende jaren optimaliseren we het functioneren van het vrijverval riool. 17. Optimalisatie mechanische leidingen We verbeteren waar nodig het functioneren van de riolering. De komende jaren optimaliseren we het functioneren van de mechanische leidingen (drukriool en persleidingen).
28
18. Renovatie hoofdgemalen Gemalen, drukriolering en IBA’s vervangen of renoveren we als dat nodig is. 19. Renovatie drukriolering Gemalen, drukriolering en IBA’s vervangen of renoveren we als dat nodig is. 20. Aanpassen wadi's en buffers voor beter beheer Gedurende de planperiode van het huidige GRP willen we een aantal wadi’s (= waterafvoer drainage en infiltratie) en buffers voor wateropvang omvormen en beter inrichten voor het beheer. Daar waar het kan geven we ruimte aan natuurontwikkeling en daar waar het nodig is nemen we maatregelen om de voorzieningen beter en efficiënter te onderhouden. Hiervoor is in het huidige GRP jaarlijks € 35.000 opgenomen. Sport en bewegen 21. Voetbalvereniging RKMSV in Meijel; vervanging verwarmingsinstallatie De verwarmingsinstallatie van de kleedlokalen van RKMSV is 20 jaar oud. De onderhoudskosten worden relatief steeds hoger waardoor er een omslagpunt wordt bereikt om een besluit te nemen tot vervanging van de installatie. Tevens is dit een natuurlijk moment om over te stappen naar een duurzame installatie voor de verwarming van de kleedlokalen waarbij de focus ligt op het gasloos verwarmen van de kleedlokalen. 22. Gymzaal Grashoek; vervangen dak De dakbedekking van de kleedlokalen, gang, toestellenberging en ketelhuis zijn aan vervanging toe.
Gezien het feit dat hier al een keer eerder een overlaging van de dakbedekking heeft plaatsgevonden, dient nu de totale dakbedekking vervangen te worden waarbij aandacht zal zijn voor duurzaamheidsmaatregelen in de vorm van extra isolatie. In het onderhoudsplan is dat een apart onderdeel en vanuit dat plan is de investering noodzakelijk. 23. Tennisvereniging LTC Tonido in Baarlo; keuring en eventueel vervanging toplaag Om de 4 jaar wordt de keuring van de tennisbanen uitgevoerd. In de keuring van 2018 zijn aandachtspunten genoemd die op termijn aanleiding vormen om een toplaagrenovatie uit te voeren. De tennisbanen worden in 2022 weer gekeurd. Uit de meting van de conditie van de banen zal blijken in hoeverre er noodzaak is tot renovatie van de toplaag. 24. Voetbalvereniging MVC in Maasbree; LED-verlichting MVC heeft de gemeente verzocht medewerking te verlenen aan het verduurzamen van de veldverlichting. De eerste metingen wijzen uit dat de veldverlichting niet op alle plaatsen op de voetbalvelden voldoet aan de normen die gehanteerd worden. Uit oogpunt van veiligheid, belastbaarheid van de velden en verduurzaming stellen we voor medewerking te verlenen aan het vervangen van de huidige armaturen naar LED armaturen, conform het beleid van de vergoedingen volgens privatisering van de buitensport. 25.
Hockeyclub Peel en Maas; vervanging kunstgrasveld Hockey Club Peel en Maas heeft een verzoek ingediend voor de realisatie van een nieuw hockeyveld. De huidige toplaag is versleten en wordt voor het nieuwe seizoen 2023-2024 afgekeurd. De huidige ondergrond biedt niet voldoende demping voor een nieuwe toplaag. Er moet dus een volledige nieuw hockeyveld, toplaag en ondergrond komen. De club wil overgaan naar een waterveld i.p.v. een semiwaterveld i.v.m. duurzaamheid, onderhoud en comfort. Vanwege een langere afschrijvingstermijn en lagere onderhoudskosten is de extra investering voor de overgang naar een waterveld gering en wordt daarvoor gekozen. Ter dekking van de kosten wordt de voorziening groot onderhoud ingezet en de reserve die t.b.v. dit doel is gevormd. Sociaal domein 26. Wmo-vervoersvoorzieningen Dit betreft de reguliere aanschaf van vervoersvoorzieningen in het kader van de Wmo die aan cliënten in bruikleen worden gegeven maar waarvan de gemeente eigenaar blijft. De kapitaallasten zijn al in de begroting opgenomen.
29
Gemeentelijke accommodaties en bedrijfsvoering 27. Terreinafscheiding begraafplaats aan de Sevenumsedijk De terreinafscheiding bij begraafplaats Sevenumsedijk is aan vervanging toe. Naast dat er hiermee gebreken en defecten worden verholpen betreft het ook een esthetisch aspect van het terrein en aanzicht. 28. Vervangen en verduurzamen tractie buitendienst Verschillende tractiemiddelen zijn aan vervanging toe en moeten in 2023 vervangen worden. De nieuwe voertuigen voldoen aan de duurzaamheidseisen. In de begroting is al rekening gehouden met de kapitaallasten die de jaarlijkse vervanging van tractiemiddelen met zich meebrengt.
30
Claims Begroting 2023 Nr
Omschrijving
periode
2023
Dekking
2024
Dekking
2025
Dekking
2026
Dekking
1
Voorkomen armoede huishoudens incidenteel
500.000
500.000
0
0
0
2
Steunfonds energiekosten
incidenteel
500.000
500.000
0
0
0
3
Vooronderzoek wegen
structureel
100.000
100.000
100.000
100.000
4
Verkeersonderzoek Kessel - Eik
incidenteel
25.000
0
0
0
5
Bijdrage Retailmanagement
2023-2025
30.000
30.000
30.000
0
6
Woonondersteuner
structureel
90.000
90.000
90.000
90.000
7
Warmte-koude net
2023-2025
50.000
50.000
50.000
0
1.295.000 1.000.000 270.000
31
0
270.000
0
190.000
0
Toelichting claims 2023 – 2026 1. Voorkomen van armoede bij huishoudens Door de aanhoudende prijsstijgingen in 2022 komen veel huishoudens financieel in de knel. De Rijksoverheid treft verschillende maatregelen om deze effecten te compenseren (onder andere via toeslagen, plafond voor energietarieven en belastingmaatregelen). Wanneer blijkt dat die rijksmaatregelen in 2023 niet voldoende zijn willen we in Peel en Maas gericht ondersteuning bieden aan de inwoners die dat nodig hebben. Daarvoor willen we in deze begroting alvast een budget van € 500.000 opnemen en dat dekken uit de algemene reserve. We zijn in gesprek met verschillende partners waarvan een aantal zelf al extra stappen zet in het voorkomen van armoede. Zo verruimde de voedselbank bijvoorbeeld de norm voor het afhalen van een voedselpakket. Als gemeente sluiten we in elk geval aan bij de nieuwe landelijke regelingen die vanuit het Rijk zullen komen. De overige, aanvullende wijze van ondersteuning wordt nog uitgewerkt waarbij we in beginsel kiezen voor maatwerkoplossingen. Daarbij zullen we ook de doelgroep huishoudens betrekken met een inkomen dat boven de minimumnorm ligt. Mocht blijken dat dit budget onvoldoende is, dan zullen we in de loop van 2023 via een bijstellingsrapportage aanvullende middelen vragen.