CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Integraal Huisvestingsplan 2023-2034 - Voorstel.pdf

Beeldvormende bijeenkomst Papendrecht 31 augustus 2023, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 5: Integraal Huisvestingsplan 2023-2034 - Voorstel34.076 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Beeldvormende bijeenkomst Papendrecht Vergadering van 31 augustus 2023 Zaaknummer: 2023-0121012

Voorstel Openbaar

Integraal Huisvestingsplan 2023-2034 Bevoegde portefeuillehouder:

Arjan Kosten

Betrokken portefeuillehouder(s):

Sophia de Keizer;

Fatale termijn: Behandeling in het college van 22 augustus ivm raadsvergadering 28 september.

Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van het onderdeel Integraal Huisvestingsplan (hierna IHP) Primair Onderwijs uit het eindrapport Vastgoed- en Accommodatiebeleid en IHP Papendrecht juli 2023. 2. Vanuit het onderdeel Integraal Huisvestingsplan (IHP) Primair Onderwijs uit het eindrapport: het IHP als richtinggevend beleidsdocument vast te stellen. 3. Vast te stellen het uitgangspunt dat alle scholen gedurende de looptijd van het IHP worden opgewaardeerd naar het minimale scenario, waaronder omvorming naar Frisse Scholen Klasse B. 4. Vast te stellen dat het uitgangspunt van het maximale scenario (BENG) wordt gehanteerd en het college opdracht te geven om in de perspectiefnota 2027 met uitwerkingen te komen. 5. Vast te stellen dat het uitgangspunt voor nieuw beleid rond kinderopvang is de capaciteit van een schoolgebouw met 200 vierkante meter te verminderen als een ruimte is verhuurd voor het huisvesten van een peuterspeelzaal, buitenschoolse opvang of kinderopvang en het college voor de kostendekkende verhuur van die ruimte vooraf toestemming heeft verleend. 6. Het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van € 100.000,- voor externe begeleiding om te komen tot een uitvoeringsplan voor het minimale scenario uit het IHP 2023-2034. 7.

Een bedrag van € 6.000.000,- te onttrekken uit de bestemmingsreserve toekomstige investering en toe te voegen aan de bestemmingsreserve kapitaallast en hier jaarlijks gedurende gemiddelde afschrijvingsduur van 20 jaar € 300.000,- als dekking te onttrekken.

Inhoud Inleiding In de raadsvergadering van 2 februari 2023 heeft de gemeenteraad het college opgedragen de uitgangspunten uit de Uitgangspuntennotitie Accommodatie- en Vastgoedbeleid en IHP Papendrecht van 30 november 2022, die opgesteld is door de Hospitality Group, verder uit te werken en ter besluitvorming aan de raad aan te bieden. Het college stelt hierbij een financiële uitwerking op van de financiële gevolgen die gepaard gaan met de in de verschillende beleidsstukken genoemde kostenramingen. Het gaat in de uitwerking opgenomen onderdelen over de integrale verbinding tussen verduurzaming, de opgave voor CO2-neutraliteit in 2030 en het verbeteren van het binnenklimaat in en gebruik van accommodaties en schoolgebouwen. Op basis van de uitgangspunten zijn de beleidsonderdelen rond vastgoed, accommodaties en het Integraal Huisvestingsplan 2023-2034 voor onderwijsgebouwen in samenspraak en verdere afstemming met maatschappelijke partners, verenigingen, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties concreet uitgewerkt. Hierbij is verbinding gezocht met verschillende gemeentelijke ambities zoals onder andere de realisatie van het nieuwe Willem de Zwijgercollege, de businesscase Cultuur, de gemeentelijke ambities rond verduurzaming en het streven naar CO2- neutraliteit in 2030.

Het geheel is afgezet tegen de demografische ontwikkeling en de leerlingenprognoses voor het primair onderwijs binnen de gemeente Papendrecht tot 2040. De resultaten van deze opdracht zijn neergelegd in het bij dit

voorstel als bijlage opgenomen Eindrapport Vastgoed- en Accommodatiebeleid en IHP Papendrecht. Om de complexiteit uit deze integrale opdracht voor de raad inzichtelijker te maken worden hieruit voortkomend 2 voorstellen aan de raad aangeboden. Enerzijds gaat het om het raadsvoorstel waarin het vastgoed- en accommodatiebeleid is uitgewerkt voor behandeling in de raadsvergadering op 28 september. Anderzijds is dit raadsvoorstel uitgewerkt waarin het Integraal Huisvestingsplan 2023-2034 is uitgewerkt voor behandeling in de raadsvergadering op 28 september. Dit raadsvoorstel beperkt zich vanuit het eindrapport tot het Integraal Huisvestingsplan Papendrecht. Beoogd effect Met dit voorstel wordt voldaan aan 1 (Integraal Huisvestingsplan Primair Onderwijs) van de 3 onderdelen van de opdracht aan het college om het eindrapport Uitgangspuntennotitie Accommodatie- en Vastgoedbeleid en IHP Papendrecht verder uit te werken, zoals vastgesteld in de raadsvergadering van februari 2023. In het eindrapport worden vanuit het hierin opgenomen IHP handvatten gegeven voor een integrale aanpak naar toekomstbestendige schoolgebouwen.

Hiermee kan worden voldaan aan de ambities die de gemeente met de maatschappelijke partners, verenigingen, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hebben uitgesproken die vallen binnen onder andere de kaders van gezondheidsontwikkeling, gelijke kansen en het bevorderen van sociale samenhang. Argumenten 2.1 Het nieuwe IHP sluit aan op de ontwikkelingen die met de verwachte nieuwe onderwijswetgeving begin 2025 doorgang zullen krijgen. Vanuit de koepelorganisaties van de schoolbesturen (PO-raad en VO-raad) en de VNG is in 2018 een gezamenlijk plan opgesteld. Uitgangspunt is dat gemeenten en schoolbesturen een gezamenlijk verantwoordelijkheid hebben voor de (kwaliteit van de) onderwijshuisvesting. Het verplicht stellen van een in samenspraak met de schoolbesturen opgesteld IHP voor een periode van tenminste 16 jaar en de mogelijkheid voor schoolbesturen om gemakkelijker zelf bij te dragen aan voorzieningen in de onderwijshuisvesting zijn onderdelen die worden omarmd door de Minister voor onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Zowel het vorige als het nu voorliggende nieuwe IHP sorteren voor een groot deel voor op de wetwijziging. 2.2 Basis regelgeving over huisvesting onderwijsgebouwen is vastgelegd in de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) en de Wet Voortgezet Onderwijs (WVO 2020).

Met het in het eindrapport opgenomen nieuwe IHP 2023-2034 wordt uiteengezet wat de wettelijke taken zijn voor de gemeente. De WPO en WVO 2020 verplichten de gemeente om te zorgen voor adequate onderwijshuisvesting. De gemeente is verantwoordelijk voor (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding, 1e inrichting (schoolmeubilair en onderwijsleerpakket), het vergoeden van schade als gevolg van bijzondere omstandigheden (o.a. brand, inbraak, vandalisme, bouwfouten) en het bieden van voldoende ruimte voor bewegingsonderwijs. De regels die hiervoor in acht moeten worden genomen zijn uitgewerkt in de 'Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Papendrecht 2015'. Hierin is opgenomen welke voorzieningen schoolbesturen kunnen aanvragen bij de gemeente en welke procedures en criteria hierbij gelden. De verordening moet zo zijn opgesteld dat kan worden voldaan aan de redelijke eisen die het onderwijs stelt aan de huisvesting van scholen in de Papendrecht. 2.3 Gemeente en schoolbesturen zijn ieder vanuit hun eigen wettelijke taak al gezamenlijk verantwoordelijk voor de kwaliteit van onderwijshuisvesting. Een goed en gezond onderwijsgebouw is op dit moment een verantwoordelijkheid van gemeenten en schoolbesturen. Schoolbesturen krijgen een Rijksvergoeding voor vervanging, onderhoud, beheer en exploitatie.

Er is wetgeving in ontwikkeling waarbij de zorgplicht voor een goed binnenklimaat vanaf 2025 bij de schoolbesturen komt te liggen. De verwachting hierbij is dat vanuit de Rijksoverheid geen extra middelen mee komen naar de schoolbesturen. 2.4 Er zijn twee scenario's in het IHP 2023-2034 opgenomen: 1. Frisse Scholen Klasse B waarbij ook enkele aanpassingen aan schoolgebouwen en 2. Omvorming naar BENG. Binnen de ambities van het nieuwe IHP zijn 2 scenario's opgenomen: minimaal scenario lopend in de periode van 2023-2026 voor omvorming naar Frisse Scholen Klasse B en maximaal scenario lopend

2/124

in de periode van 2027-2034 voor omvorming naar bijna energie neutrale gebouwen (BENG). Binnen het minimale scenario zijn ook voor enkele schoolgebouwen beperkte renovaties en uitbreidingen opgenomen. Dit heeft voor enkele schoolgebouwen betrekking op het oplossen van (mogelijke) bouwfouten, uitbreiding klaslokalen in verband met oplopend aantal leerlingen en uitbreiding naar 200 vierkante meter voor kinderopvang. 3.1 Het klimaat op de scholen van het primair onderwijs is onder de maat en geeft reden tot klachten. Vanuit het vorige IHP 2013-2022 zijn de schoolgebouwen gerenoveerd en is de basis - op enkele uitzonderingen na - bouwkundig op orde. Het klimaat blijkt nog wel een punt van aandacht. De schoolbesturen hebben aangegeven dat het klimaat binnen de schoolgebouwen onder de maat is en niet meer voldoet aan de huidige eisen voor een goed binnenklimaat. Dit speelt landelijk en de Rijksoverheid heeft in vervolg hierop een zogenaamd 'Programma van Eisen Frisse Scholen' opgesteld. Hierbinnen zijn 3 klassen opgenomen, waar bij nieuwbouw het sinds 2015 verplicht is om Frisse School Klasse B te realiseren wat betreft de aspecten luchtkwaliteit en operationele temperatuur. Mede door de uitbraak van corona is voor luchtkwaliteit landelijk nog meer aandacht gevraagd.

4.1 Het maximale scenario draagt in grote mate bij aan beperken van energiegebruik en voldoet aan de verduurzamingsambities van de gemeente Papendrecht. Met uitvoering van het maximale scenario (BENG) kan worden gesteld dat de schoolgebouwen voor een groot aandeel bijdragen aan de door de gemeente Papendrecht gestelde ambities rond klimaat en CO2-neutraliteit. 5.1 Goede afspraken zijn nodig om vanuit de Samenwerkingsovereenkomst Kansen voor Kinderen door te ontwikkelen in de doorgaande leerlijn. In 2012 is de Samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente Papendrecht, het reguliere en speciaal onderwijs, het consultatiebureau en Stichting Peuterspeelzalen geactualiseerd door toetreding van WASKO en Kinderopvang Papendrecht. Er is sprake van goede samenwerking tussen kinderopvangorganisaties en de scholen. Daarmee ontwikkelen bijna alle scholen in het primair onderwijs in Papendrecht zich meer en meer naar een Integraal Kindcentrum (IKC), waar een aanbod is voor kinderen van 0 tot 13 jaar. 5.2 Het toekennen van extra vierkante meters voor kinderopvang biedt kansen voor de vorming van Integrale Kindcentra (IKC) die bijdragen aan de doorgaande leerlijn, en waarbij de extra vierkante meters kostendekkend worden verhuurd. In het eindrapport is aangegeven dat niet in alle schoolgebouwen sprake is van een zelfstandige ruimte die is of kan worden afgescheiden van het schoolgebouw.

Daarbij is het vanuit de huidige verordening onderwijshuisvesting nog zo dat indien een ruimte in gebruik is bij een kinderopvangorganisatie vanwege leegstand, is het voor schoolbesturen onduidelijk voor wat betreft de gehanteerde capaciteit van het schoolgebouw. Groeit de school, dan dient de ruimte weer te worden ingezet voor onderwijs en dient de kinderopvangorganisatie naar elders te verhuizen. Dit komt de onderlinge samenwerking niet ten goede. Naar de toekomstige ontwikkelingen toe is een beschermde status in schoolgebouwen voor kinderopvangorganisaties en must voor de samenwerking in de doorgaande leerlijn. Uitgangspunt voor nieuw beleid rond kinderopvang is de capaciteit van een schoolgebouw met 200 vierkante meter te verminderen als een ruimte in dat schoolgebouw is verhuurd voor het huisvesten van een peuterspeelzaal, buitenschoolse opvang of kinderopvang en het college voor de verhuur vooraf toestemming heeft verleend. Kanttekeningen 2.1 Vanuit destijds vigerende wet- en regelgeving is het nu aanpassen van het gebouwklimaat en aanpassen naar BENG van de bestaande schoolgebouwen voor het primair onderwijs geen wettelijke taak voor de gemeente. De schoolgebouwen zijn onder het regime van vorige wet- en regelgeving (Bouwbesluit 2003 en 2012) gerealiseerd dan wel gerenoveerd.

De schoolbesturen zijn daarna voor het onderhoud en beheer zelf verantwoordelijk voor onder andere vervangingen aan het schoolgebouw en installaties waarvoor het Rijk een vergoeding aan de schoolbesturen verstrekt.

3/124

Hoewel het in bestaande gebouwen geen wettelijke taak is van de gemeente, is het denkbaar in het kader van de ambitie te verduurzamen en voorstander te zijn van een gezonde leeromgeving, met de schoolbesturen gezamenlijk te investeren in het omvormen naar Frisse Scholen Klasse B en BENG schoolgebouwen. 2.2 De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Papendrecht 2015 loopt uiteen met de huidige opgave vanuit het nieuwe IHP 2023-2034. Met het opstellen van het nieuwe IHP 2023-2034 is voor de schoolgebouwen in het primair onderwijs de opgave de komende jaren gericht op binnenklimaat, verduurzaming en inzet op CO2-neutraliteit. Tevens is het voor schoolbesturen en kinderopvangorganisaties vanuit de doorgaande leerlijn van belang dat zij duidelijkheid krijgen over toebedeling van ruimte binnen schoolgebouwen. De verordening dient om die reden nog aansluitend te worden aangepast op basis van het nieuwe IHP. Het aanpassen van de verordening zit opgenomen in de opdracht aan de Hospitality Group. 3.1 Oorzaak van slecht binnenklimaat in schoolgebouwen ligt in de ontwikkeling van de eisen in eerdere wet- en regelgeving. De vraag komt op of realisatie van schoolgebouwen in het verleden niet goed is uitgevoerd.

De oorzaak van klimaatproblemen in schoolgebouwen speelt in het hele land en komt voort uit minimale technische eisen uit de voorgaande wet- en regelgeving in relatie met de nodige ontwikkelingen met klassenvergroting- en verkleining. Installaties die in schoolgebouwen zijn opgenomen werden ontworpen volgens eisen uit vroegere wet- en regelgeving, waarbij natuurlijke ventilatie werd vervangen door mechanische ventilatie. Door de opkomst van het thema duurzaamheid en de klimaatveranderingen is sinds Bouwbesluit 2003 een begin gemaakt met aandacht voor duurzame bouwmaterialen en duurzame installaties. Dit heeft afgelopen jaren vanuit de praktijk tijd nodig gehad voor ontwikkelingen, ervaringen en doorontwikkeling van schoolgebouwen, waarbij nu duidelijk is geworden wat werkt en wat niet. Financiën Voor uitvoering van het IHP 2023-2034: - Minimale scenario 2023-2026: bestaande schoolgebouwen (renovaties, uitbreiding en opwaardering naar Frisse Scholen Klasse B): € 12.500.000,- structurele lasten: € 800.000,- Maximale scenario 2027-2034: BENG-schoolgebouwen: € 18.000.000,- structurele lasten: € 1.200.000,De minimale variant waarbij een investeringsomvang van € 12.500.000 nodig is, bedragen de kapitaallasten met een gemiddelde afschrijvingsduur van 20 jaar € 800.000.

Het IHP zal uitgewerkt worden in een uitvoeringsprogramma waarbij ook de investeringen gefaseerd zullen plaatsvinden. In de begroting 2024-2028 zullen wij de aan de investering verbonden kapitaalasten voor 2025 opnemen voor een bedrag van € 200.000 jaarlijks oplopende met € 200.000 tot en met 2028 tot een bedrag van € 800.000 structureel. Tegelijkertijd wordt voorgesteld om een bedrag van € 6.000.000 te onttrekken uit de bestemmingsreserve toekomstige investeringen en over te hevelen naar de bestemmingsreserve kapitaallasten. Hierdoor kan gedurende een periode van gemiddeld 20 jaar een bedrage van € 300.000 worden onttrokken en als dekking ingezet worden voor de uitvoering van het minimale scenario van het IHP. Na onttrekking uit de bestemmingsreserve toekomstige investeringen bedraagt het saldo nog € 9.000.000. Per saldo ziet de claim op het begrotingssaldo er als volgt uit en wordt als zodanig ook meegenomen in de begroting 2024-2028: Omschrijving 2024 Opstellen € 100.000 uitvoeringsprogramma Kapitaallasten IHP Dekking bestemmingsreserve

2025 -

2026 -

2027 -

2028 -

€ 200.000 -/- € 200.000

€ 400.000 -/- € 300.000

€ 600.000 -/- € 300.000

€ 800.000 -/- € 300.000

4/124

kapitaallasten Saldo t.lv. begrotingsresultaat

€ 100.000

€0

€ 100.000

€ 300.000

€ 500.000

Co-financiering schoolbesturen: Frisse Scholen Klasse B: € 50,- per vierkante meter BENG: 20 jaar groot deel exploitatievoordeel naar gemeente Voor dekking van de gefaseerde structurele lasten voor het minimale scenario gedurende de begrotingsperiode 2024-2028 vanaf 2024 per jaar € 200.000,- in de begroting op te nemen voor dekking van de structurele lasten. Subsidie Rijksoverheid Er is voor verduurzaming van schoolgebouwen en overig maatschappelijk vastgoed nog een mogelijkheid om via DUMAVA subsidie aan te vragen. Uitvoering Na vaststelling van het IHP 2023-2034 en beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet door de raad zal een integrale opdracht worden opgesteld om een uitvoeringsplan op te stellen voor de gefaseerde opdracht minimale scenario (Frisse School Klasse B) uit het IHP. Dit wordt in samenspraak met de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties opgepakt. Deze opdracht is aanbesteding plichtig en zal worden uitgezet onder een aantal deskundige marktpartijen die deze opgave kunnen begeleiden. Insteek zal zijn om in Q1 en Q2 2024 uitwerkingsplannen te presenteren aan de raad. De schoolgebouwen aan de Zuidkil (bouwfoutenonderzoek) en IKC Oranje Nassau (uitbreiding schoolgebouw) staan als twee apart op te pakken uitvoeringsplannen in het IHP 2023-2034 opgenomen.

Beide schoolgebouwen zijn - zoals is besproken met de betrokken schoolbesturen vanuit de uitgangspunten van het vorige IHP doorgeschoven. Er wordt meteen onderzocht welke voordelen in uitvoering van deze uitvoeringsplannen samengevoegd kunnen worden met de in het nieuwe IHP genoemde scenario's, zodat onderlinge meerwaarde kan ontstaan. Communicatie & participatie Na behandeling en besluitvorming in de raad zullen de betrokken partijen en de inwoners van Papendrecht worden geïnformeerd. De verdere uitwerking van de verschillende beleidsstukken zullen gefaseerd en in nauwe samenspraak met schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hun beslag krijgen. Er is onder deze partijen veel draagvlak voor het eindrapport. Duurzaamheid & ecologie De gemeente Papendrecht heeft zich geconformeerd om vorm en inhoud te geven aan de landelijke eisen rond CO2. De ambitie van de gemeente Papendrecht is zelfs groter door het streven de gemeentelijke gebouwen al in 2030 CO2-neutraal te laten zijn. Binnen het eindrapport van de Hospitality Group is in het maximale scenario van het nieuwe IHP 2023-2034 de ambitie de schoolgebouwen voor het primair onderwijs in de periode 2027-2034 om te vormen naar BENGgebouwen. Hiermee zetten ook de schoolgebouwen vanaf 2027 naar 2034 een grote stap in CO2neutraliteit. ICT Niet van toepassing. Alle relevante stukken zijn voor u ter inzage gelegd.

Burgemeester en wethouders van Papendrecht,

Bijlagen 1. Uitgangspuntennotitie vastgoed- en accommodatiebeleid en IHP-30112022.pdf

5/124

2. R230141EindrapPapendrechtDEF.pdf

6/124

UITGANGSPUNTENNOTITIE ACCOMMODATIE- EN VASTGOEDBELEID EN IHP PAPENDRECHT 30 NOVEMBER 2022

7/124

Aan

Gemeente Papendrecht

Van

Hospitality Group Nijverheidsweg-Noord 78 Postbus 2186 3800 CD AMERSFOORT

Auteurs

Martijn Droog (MDAB) Dick Leijen Ruud Manenschijn

Project

Vastgoed- en Accommodatiebeleid en IHP Betreft

Uitgangspuntennotitie Ons kenmerk

R220044/DL/MD Datum

30 november 2022

© 2022 Hospitality Group

Behoudens uitzonderingen door de wet gesteld mag, zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de rechthebbenden c.q. door de rechthebbenden gemachtigden, niets uit deze uitgave worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins, hetgeen ook van toepassing is op de gehele of gedeeltelijke bewerking.

8/124

INHOUDSOPGAVE 1 CONTEXT

1

1.1 Aanleiding

1

1.2 Werkwijze

1

1.3 Uitgangspuntennotitie

3

2 ACCOMMODATIES IN PAPENDRECHT, DE STAND VAN ZAKEN

4

2.1 Inleiding

4

2.2 Enkele kenmerken van de gemeente Papendrecht

4

2.3 De accommodaties

5

2.4 Conclusies

12

3 ONTWIKKELINGEN EN OPGAVES IN PAPENDRECHT

13

3.1 Inleiding

13

3.2 Bevolkings- en leerlingenprognose

13

3.3 Ruimtelijk

14

3.4 Sociaal domein

16

3.5 Beleidsambities

17

3.6 Instandhoudingskosten accommodaties

19

3.7 Conclusies

20

4 UITGANGSPUNTEN

22

4.1 Inleiding

22

4.2 Algemene uitgangspunten

22

4.3 Uitgangspunten accommodatiebeleid

23

4.4 Uitgangspunten vastgoedbeleid

26

4.5 Uitgangspunten ihp

27

5 HOE VERDER?

30

BIJLAGE 1: GESPREKSPARTNERS

31

BIJLAGE 2: SAMENVATTING VAN RAPPORTAGES

33

BIJLAGE 3: GEGEVENS WIJKEN

34

9/124

1

CONTEXT

1.1

AANLEIDING

De gemeente Papendrecht (ruim 32.000 inwoners) beschikt over een gevarieerd aanbod van scholen en maatschappelijke accommodaties. Deze gebouwen zijn voor een deel in eigendom van de gemeente, voor een deel niet. Daarnaast heeft de gemeente nog het eigendom van enkele woningen, locaties voor brandweer en politie, parkeergarages en panden voor de eigen bedrijfsvoering/kantoorhuisvesting. De gemeente heeft de afgelopen periode stappen gezet in de verdere professionalisering van het vastgoedbeheer, maar wil de komende periode een volgende slag maken. De gemeente wil zicht krijgen in de bestaande en toekomstige behoefte aan maatschappelijke accommodaties. Op basis daarvan wil de gemeente gerichte keuzes maken over de ontwikkeling van dat aanbod, het eigendom, de huur, de rol van de gemeente en de interne organisatie van het vastgoedbeheer. Een andere aanleiding is het gemeentelijke beleid op het gebied van duurzaamheid. De gemeente heeft stevige ambities geformuleerd voor de duurzaamheid van het gemeentelijke vastgoed en streeft naar CO²-neutraliteit in het jaar 2030. Het spreekt voor zich dat die ambities gevolgen hebben voor het vastgoed. Daarnaast geldt dat het bestaande Integrale HuisvestingsPlan (IHP) voor het primaire onderwijs eind dit jaar afloopt. De gemeente heeft behoefte aan een nieuw IHP, dat ook een visie moet bevatten op de IKC-ontwikkeling en multifunctionaliteit.

De ontwikkeling van dit IHP moet ‘hand in hand’ gaan met de ontwikkeling van een visie op het totale maatschappelijke vastgoed en de samenhang tussen IHP en het overige maatschappelijke vastgoed. De gemeente heeft kortom behoefte aan een nieuw accommodatiebeleid, een nieuw IHP en daaruit volgend een nieuw en uitgewerkt vastgoedbeleid. Hospitality Group ondersteunt de gemeente bij de ontwikkeling van het accommodatie- en vastgoedbeleid en IHP. In April 2022 is het project gestart. Dit document is de uitgangspuntennotitie. Deze uitgangspuntennotitie geeft een samengevatte beschrijving van de huidige situatie van het aanbod, gebruik en beheer van de accommodaties en scholen voor het primair onderwijs in Papendrecht. Ook de huidige en toekomstige vraag naar accommodaties zijn in deze notitie neergelegd, alsmede de maatschappelijke opgave binnen de gemeente. Tot slot bevat de notitie uitgangspunten voor het accommodatiebeleid, het vastgoedbeleid en het IHP.

1.2

WERKWIJZE

In de volgende figuur is schematisch weergegeven welke activiteiten tot dusver zijn uitgevoerd. Daarna wordt elk van de onderwerpen kort toegelicht en wordt aangegeven welke activiteiten nog uitgevoerd moeten worden om dit project af te ronden.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

10/124

01 | 39

Figuur 1: Onze werkwijze op hoofdlijnen

BOUWSTENEN IN KAART Gestart is met het in kaart brengen van alle informatie die nodig is om onderbouwd het beleid te kunnen ontwikkelen. De volgende onderwerpen zijn aan bod gekomen: ▪

▪

▪

▪

Kenmerken van de gemeente en de wijken: gegevens over de bevolking (aantallen inwoners, samenstelling van de bevolking naar leeftijden en huishoudens en sociaaleconomische kenmerken), de leefstijlen, kenmerken op het gebied van bewegen, ontmoeten, welzijn, zorg en kenmerken op het gebied van onderwijs en opvang per wijk, zijn in beeld gebracht. Het aanbod van scholen en maatschappelijke voorzieningen: de belangrijkste kenmerken van de scholen en accommodaties zijn door ons in kaart gebracht en beoordeeld op capaciteit, functionaliteit, kwaliteit en samenhang. Daarvoor hebben wij schriftelijke gegevens bestudeerd, accommodaties bezocht en gesprekken gevoerd met een groot aantal vertegenwoordigers van gebruikers of beheerders van de accommodaties. Ook hebben we de gemeentelijke kosten voor instandhouding van de accommodaties in beeld gebracht, alsmede de kosten voor verduurzaming. Beleid en ambities: de kenmerken van het inhoudelijke beleid van de gemeente Papendrecht en haar maatschappelijke partners zijn door ons in kaart gebracht. Dit inhoudelijke beleid vormt één van de pijlers waarop de uitgangspuntennotitie is ontwikkeld. Ontwikkelingen: ontwikkelingen die van invloed zijn op de toekomstige vraag/behoefte aan maatschappelijke accommodaties en scholen zijn in kaart gebracht.

Het betreft ruimtelijke ontwikkelingen en woningbouwprogramma’s, bevolkings- en leerlingenprognoses en ontwikkelingen in het aanbod.

Binnen het onderzoek is bijzondere aandacht besteed aan twee andere gemeentelijke projecten, te weten: ▪

▪

Businesscase cultuur: Dit project beoogt de culturele infrastructuur van de gemeente Papendrecht te versterken door intensieve samenwerking tussen culturele aanbieders en door gerichte keuzes te maken over het toekomstige culturele aanbod. Het spreekt voor zich dat de uitkomsten van de businesscase in hoge mate bepalend zijn voor het toekomstige accommodatieaanbod. De uitkomsten van de businesscase worden in het eerste kwartaal van volgend jaar verwacht, maar vormt in deze fase geen belemmeringen voor de uitgangspunten van het accommodatie- en vastgoedbeleid en IHP VO-scholen: De nieuwbouw van scholen voor het VO-onderwijs biedt aangrijpingspunten om eventuele veranderingen in het accommodatieaanbod, in samenhang met die nieuwbouw, te realiseren.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

11/124

02 | 39

Met de projectleiders van deze andere gemeentelijke projecten heeft geregeld afstemming plaatsgevonden en deze projectleiders hebben zitting in de Projectgroep die het project Vastgoed - en Accommodatiebeleid & IHP begeleidt (waarover later meer). VISIE, KADERS EN UITGANGSPUNTEN Al deze gegevens zijn door ons in samenhang geanalyseerd, waarna conclusies zijn getrokken over de verschillen tussen vraag en aanbod en over de toekomstbestendigheid van aanbod en beheer van accommodaties. Vervolgens zijn algemene uitgangspunten geformuleerd (visie) en is er een eerste vertaling van de uitgangspunten gemaakt naar het accommodatiebeleid, het vastgoedbeleid en het IHP. PROJECTSTRUCTUUR De werkzaamheden zijn uitgevoerd binnen de volgende projectstructuur: ▪

▪

▪

▪

Projectgroep: De Projectgroep bestaat uit medewerkers van de gemeente Papendrecht vanuit de disciplines cultuur, financien, onderwijs, ruimtelijke ordening, sport en bewegen, het sociale domein en vastgoed. De Projectgroep is tot dusver vier maal bijeengekomen, bewaakt en becommentarieert onze resultaten en draagt mede zorg voor de interne coördinatie en afstemming. Stuurgroep: De Stuurgroep bestaat uit de ambtelijke projectleider, uit de externe projectleiders en de verantwoordelijke wethouders. Deze Stuurgroep is drie maal bijeengekomen en is tijdens deze bijeenkomsten geinformeerd over de voortgang, knelpunten en keuzemogelijkheden. Klankbordgroepen: Er zijn twee Klankbordgroepen geformeerd. Dat zijn: ▪ Klankbordgroep Onderwijs en Opvang, die bestaat uit vertegenwoordigers van de schoolbesturen en directies van de kinderopvang. ▪ Klankbordgroep Maatschappelijke Accommodaties, die bestaat uit vertegenwoordigers van instellingen voor cultuur, sport en bewegen, wonen, welzijn en zorg. De Klankbordgroepen zijn tot nu toe tweemaal door ons geraadpleegd. De Klankbordgroepen denken mee over de ontwikkeling van het Vastgoed- en Accommodatiebeleid en het IHP. Informatiesessie met de Raad: In oktober heeft een eerste informatiesessie met de Raad plaatsgevonden. Tijdens die sessie zijn visie, randvoorwaarden, uitgangspunten en kaders toegelicht en zijn vragen beantwoord.

STAND VAN ZAKEN Met het verschijnen van deze uitgangspuntennotitie is het project ongeveer halverwege. Deze uitgangspuntennotitie wordt besproken in de stuurgroep en de Klankbordgroepen. Deze wordt daarna ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. Na de vaststelling worden de uitgangspunten vertaald naar concreet beleid en bijbehorende maatregelen. AFBAKENING Het project heeft zich tot dusver beperkt tot sociaal maatschappelijke accommodaties (cultuur, ontmoeting en welzijn), binnensportaccommodaties en scholen voor het primair onderwijs. Buitensportaccommodaties zijn niet meegenomen in dit project. Tijdens de uitwerking, die de komende maanden volgt, wordt ook het overige gemeentelijke vastgoed bij het project betrokken (woningen, locaties voor brandweer en politie, parkeergarages en panden voor de eigen bedrijfsvoering/kantoorhuisvesting).

1.3

UITGANGSPUNTENNOTITIE

Vanuit het oogpunt van leesbaarheid is ervoor gekozen om de bouwstenen (de resultaten van de inventarisatie), visie en uitgangspunten zo beknopt mogelijk te houden. Gedetailleerde onderbouwingen zijn niet in de uitgangspuntennotitie opgenomen, maar worden als bijlage in de eindrapportage verwerkt.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

12/124

03 | 39

2

ACCOMMODATIES IN PAPENDRECHT, DE STAND VAN ZAKEN

2.1

INLEIDING

Dit hoofdstuk geeft een samenvatting van de huidige staat van de accommodaties in Papendrecht. Enkele kenmerken van de gemeente worden weergegeven. Vervolgens worden kenmerken van de verschillende soorten accommodaties beschreven uitgesplitst naar capaciteit, functionaliteit, kwaliteit en spreiding. Tot slot worden conclusies over het huidige aanbod, gebruik en beheer van de accommodaties beschreven.

2.2

ENKELE KENMERKEN VAN DE GEMEENTE PAPENDRECHT

COMPACTE GEMEENTE Papendrecht is een compacte gemeente. Hemelsbreed is de afstand tussen de gemeentegrenzen van oost naar west circa 4,5 kilometer, van noord naar zuid 3 kilometer. Binnen dit beperkte gebied wonen ruim 32.000 Papendrechters in 8 wijken. De wijk Vriesenpolder telt slechts 15 inwoners, de kleinste wijk daarna is De Kooy-Oosteind met circa 1.230 inwoners. De wijk Westpolder is met circa 9.100 inwoners de grootste wijk. De compactheid van Papendrecht is van belang in relatie tot spreiding van accommodaties (zie de volgende paragrafen). De afstand tussen de woning en de voorzieningen is vaak relatief kort. Figuur 2: Papendrecht en aantal inwoners verdeelt naar wijken.

SOCIAAL ECONOMISCH EN GEZONDHEID Wij hebben tientallen kenmerken van de inwoners van Papendrecht op het gebied van opleiding, werk, inkomen, participatie en gezondheid in kaart gebracht (zie bijlage 3). Voor vrijwel elk van deze kenmerken geldt dat de ‘scores’ van wijken van Papendrecht (iets) boven het Nederlandse gemiddelde liggen. De scores voor Westpolder liggen doorgaans rond het Nederlandse gemiddelde. Kraaihoek ‘scoort’ op vele kenmerken iets onder het Nederlandse gemiddelde. Een kenmerk waar Papendrecht onder gemiddeld op scoort is overgewicht. Het percentage inwoners met overgewicht is met 55% hoger dan het Nederlandse gemiddelde van 51%. Hier springt de wijk Kraaihoek er in negatieve zin uit. Het percentage overgewicht onder volwassenen ligt daar op 58% en de overige gezondheidsindicatoren zijn ook lager dan gemiddeld in Papendrecht.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

13/124

04 | 39

PARTICIPATIE Sport en bewegen De sport- en beweegdeelname in Papendrecht ligt lager dan te doen gebruikelijk in Nederland. Het percentage inwoners dat voldoet aan de beweegrichtlijnen ligt ver onder het landelijk gemiddelde. Datzelfde geldt voor het percentage inwoners dat wekelijks sport. De lage sport- en beweegdeelname wordt niet veroorzaakt doordat er relatief weinig inwoners lid zijn van een sportvereniging. In tegendeel. Het percentage inwoners dat lid is van één of meer sportverenigingen in Papendrecht ligt gelijk aan het Nederlandse gemiddelde. Cultuur en welzijn Voor wat betreft de deelname aan activiteiten op het gebied van cultuur en welzijn geldt dat op dit vlak nauwelijks landelijke cijfers bestaan. Wat wel vermeld kan worden is dat vergelijkend onderzoek tussen de verschillende Drechtsteden laat zien dat de deelname van de inwoners van Papendrecht aan activiteiten voor cultuur en welzijn hoger is dan gemiddeld in de Drechtsteden. Dit onderzoek is echter inmiddels 10 jaar oud.

2.3

DE ACCOMMODATIES

In deze paragraaf wordt inzichtelijk gemaakt welke accommodaties in Papendrecht beschikbaar zijn voor sport, welzijn en cultuur en het primair onderwijs. Per functie worden de belangrijkste kenmerken beschreven op het gebied van capaciteit, functionaliteit, kwaliteit en bezetting. BINNENSPORT In figuur 3 is het aanbod van binnensportaccommodaties in Papendrecht schematisch weergegeven. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen het type accommodatie en de eigendomssituatie. Figuur 3: Aanbod binnensportaccommodaties in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie en eigendom.

Capaciteit In de gemeente zijn vier sporthallen en twaalf gymzalen gevestigd. Het totale sportvloeroppervlak bedraagt circa 6.500 m². Uitgedrukt in een getal per inwoner, beschikt Papendrecht over 0,20 m² sportvloer per inwoner, wat iets hoger ligt dan het landelijke gemiddelde. Een andere vergelijking die gemaakt kan worden is het aantal zaaldelen per 25.000 inwoners. Papendrecht beschikt over 17,1 zaaldelen per 25.000 inwoners. In gemeenten met een vergelijkbare omvang ligt dat aantal op 16,4 zaaldelen. Kortom, de capaciteit van de accommodaties is redelijk in lijn met die van andere gemeenten met deze omvang.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

14/124

05 | 39

Functionaliteit De functionaliteit (zijn de accommodaties geschikt voor hun doel) van de sporthallen is goed. De vier hallen zijn – door hun omvang, hoogte en voorzieningen – goed geschikt voor de activiteiten van de verenigingen en scholen in Papendrecht. De gymzalen zijn, door de beperkte afmetingen en hoogte, beperkt functioneel voor het verenigingsleven en in mindere mate ook beperkt functioneel voor het moderne bewegingsonderwijs. De Danszalen zijn specifiek ingericht voor dansactiviteiten en zijn theoretisch nog extra in te zetten voor maatschappelijke activiteiten als seniorengym, yoga, et cetera. Technische kwaliteit In de volgende figuur is de technische kwaliteit (ouderdom en technische staat) per accommodatie inzichtelijk gemaakt. Papendrecht beschikt over een relatief nieuw sportcentrum. Het gros van de overige sportaccommodaties is sterk verouderd. Figuur 4: Technische kwaliteit binnensportaccommodaties in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie.

De figuur laat zien dat met name de stand-alone gym- en danszalen het einde van hun technische levensduur bereikt hebben. De sporthallen verkeren in voldoende tot goede staat, waarbij het sportcentrum één derde van het totaal aantal m² sportvloeroppervlak beslaat. De accommodaties die in matige tot slechte staat verkeren hebben tezamen bijna de helft van het sportvloeroppervlak Bezetting De sporthallen zijn goed bezet. Er is zelfs sprake van een tekort aan geschikte zaalruimte voor een aantal verenigingen op de populaire avonduren. In de volgende grafiek is de gemiddelde bezetting per standaard (school)week weergegeven. De groene lijnen geven de ‘normbezetting’ aan voor gymzalen en sporthallen. De normbezetting voor een gymzaal is circa 60%, voor sportzalen en sporthallen is dit circa 80%. Als de bezetting lager is dan de normbezetting spreken we van onvoldoende bezetting. De bezetting is uitgesplitst naar gebruik overdag (voornamelijk door het onderwijs) en in de avond (voornamelijk door verenigingen).

UITGANGSPUNTENNOTITIE

15/124

06 | 39

Grafiek 1: Bezetting sportaccommodaties in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie en gebruik overdag en in de avond.

WELZIJN EN CULTUUR In figuur 5 is het aanbod voor welzijn- en cultuuraccommodaties in Papendrecht schematisch weergegeven. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen het type accommodatie en de eigendomssituatie. Figuur 5: Aanbod welzijn- en cultuuraccommodaties in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie en eigendom.

Capaciteit Voor actieve en passieve cultuurdeelname beschikt Papendrecht over ongeveer 1.500 m² aan accommodatie (theater en To Be/Excelsior). Dat is – omgeslagen naar het aantal inwoners – 0,04 m² per inwoner, vergelijkbaar aan het gemiddelde van soortgelijke gemeenten. Met actief wordt bedoeld: zelf doen, met passief wordt bedoeld: kijken of luisteren naar wat anderen maken of maakten. Voor welzijn, ontmoeting en sociaal culturele activiteiten bedraagt het aanbod in Papendrecht op dit moment 3.800 m². Dat is 0,12 m² per inwoner en aan de ruimte kant in vergelijking tot andere gemeenten. Functionaliteit Een groot deel van de accommodaties is onvoldoende functioneel. Deze accommodaties (b.v. Excelsior/ToBe) zijn ooit gerealiseerd voor een andere functie (doorgaans kleuterscholen of scholen voor primair onderwijs) en zijn niet geschikt voor de activiteiten die er nu in plaatsvinden. Cursussen of vergaderingen kunnen goed worden gehuisvest in deze accommodaties, maar activiteiten die geluid en/of vuil (boetseren, schilderen et cetera) produceren eigenlijk niet.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

16/124

07 | 39

Kwaliteit In de volgende figuur is de technische kwaliteit per accommodatie inzichtelijk gemaakt. Het gros van de welzijn- en cultuuraccommodaties is sterk verouderd. De enige uitzondering is de accommodatie aan de Boeieraak waar Haviq en Suppord momenteel gevestigd zijn. Figuur 6: Technische kwaliteit welzijn- en cultuuraccommodaties in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie.

Figuur 6 laat zien dat veel accommodaties het einde van hun technische levensduur bereikt hebben. Bijna twee derde van het totaal aantal m² vloeroppervlak voor welzijn en cultuur wordt met matig tot slechte technische kwaliteit beoordeeld. Meer dan de helft van de kwalitatief voldoende m²-ers vloeit voort uit het theater. Bezetting De bezetting van de verschillende accommodaties voor welzijn- en cultuuractiviteiten is relatief laag. Dit hangt overigens sterk samen met de beperkte functionaliteit van de accommodaties (als voorbeeld, als in één ruimte muziek wordt gemaakt zijn de omliggende ruimtes vaak niet te gebruik en vanwege de geluidsoverlast). In de volgende grafiek is de gemiddelde bezetting weergegeven. De groene lijn geeft de ‘normbezetting’ aan voor welzijn- en cultuuraccommodaties. De normbezetting voor dergelijke voorzieningen is 30%. Als de bezetting lager is dan de normbezetting spreken we van onvoldoende bezetting. De bezetting is uitgesplitst naar gebruik in de ochtend, middag en avond. Grafiek 2: Bezetting sociaal culturele en welzijnsvoorzieningen in Papendrecht uitgesplitst naar type accommodatie en gebruik in de ochtend, middag en avond.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

17/124

08 | 39

BINNEN- EN BUITENZWEMBAD Het nieuwe sportcentrum in Papendrecht beschikt, naast de twee sporthallen, ook over binnen- en buitenbaden. Binnen is er een wedstrijdbad, een instructiebad mét verstelbare bodem (tezamen goed voor 775 m² zwemwateroppervlak) en een peuterbad. Buiten is er een wedstrijdbad, instructiebad, recreatiebad met een tweetal glijbanen (tezamen goed voor ca. 1.280 m² zwemwateroppervlak), een waterspeelplaats voor peuters en een ligweide. Gebruik ▪ Functies: Het zwembad wordt voor verschillende doeleinden gebruikt. Er is ruimte voor recreatief zwemmen, leszwemmen, verschillende doelgroep activiteiten en zwemvereniging De Geul. ▪ Openstelling: De binnenbaden zijn het hele jaar door geopend, het buitenbad van halverwege de maand mei tot en met begin september. ▪ Bezoekersaantallen: Het aantal bezoekers in 2019, pré corona, bedroeg circa 166.000, waarvan ruim 57.000 in de maanden waarop de buitenbaden zijn geopend.In de volgende tabel wordt het animo cijfer en de benutting weergegeven en vergleken met het Nederlandse gemiddelde. ▪ Het animocijfer van een zwembad geeft zicht op het gemiddeld aantal zwembadbezoeken per jaar per inwoner van het verzorgingsgebied. Het zegt hiermee iets over het zwemgedrag van de inwoners van het verzorgingsgebied met betrekking tot het zwembad.

▪ De benutting van een zwembad wordt uitgedrukt in het aantal bezoekers per m² zwemwateroppervlak. Tabel 1: Animocijfer en bezettingsgraad zwembad Papendrecht vergeleken met het Nederlandse gemiddelde.

Pa pendrecht

N ederland

Animocijfer

5,2

3,4 - 4,4

Benutting binnenbad (bezoekers per m² water per jaar)

168

225 – 275

Benutting buitenbad

28

40 - 60

De tabel laat zien dat het bezoek (animo) van het zwembad goed is. Het zwembad trekt relatief veel bezoeken, waarbij vermeld moet worden dat het bad ook een functie vervult voor inwoners uit omliggende gemeenten. Met de hoeveelheid zwemwater kan het bad meer bezoekers huisvesten. ONDERWIJS Het primair onderwijs in Papendrecht is gehuisvest in 14 schoolgebouwen. De algemene indruk van de schoolgebouwen is doorgaans positief en de gebouwen zien er over het algemeen verzorgd uit. Dat heeft niet alleen te maken met het feit dat de helft van het aantal schoolgebouwen is gerenoveerd naar aanleiding van het huidige IHP, maar ook met het feit dat verschillende schoolgebouwen pas in deze eeuw zijn gerealiseerd. Toch is nu al duidelijk dat de algemene positieve indruk voor een zestal scholen moet worden genuanceerd. Hieronder worden de specifieke aandachtspunten van deze scholen benoemd: Kofschip en Prins Floris locatie Zuidkil Het schoolgebouw aan de Zuidkil is gerealiseerd aan het begin van deze eeuw, maar toch heeft het gebouw te maken met enkele bekende bouwkundige en installatietechnische problemen. Een deel daarvan is in een eerder stadium al opgepakt en opgelost. Eén van de meest urgente problemen blijft echter het binnenklimaat dat als zeer slecht wordt ervaren. Daarbij komt dat het gebouw op dit moment nog juridisch eigendom is van de gemeente.

In lijn met de onderwijswetgeving is de gemeente voornemens het gebouw over te dragen aan de schoolbesturen. De schoolbesturen stellen het oplossen van de technische knelpunten die zijn oorsprong hebben in de bouw van de school als voorwaarde voor de overdracht.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

18/124

09 | 39

Feitelijk stellen de schoolbesturen dat het gebouw moet voldoen aan alle eisen die op het moment van oplevering van toepassing waren. Deze kwestie staat in beginsel los van het IHP, maar er wordt wel een koppeling gelegd met het mogelijke uitgangspunt om alle bestaande scholen op te waarderen naar Frisse School Klasse B voor wat betreft de thema's luchtkwaliteit en temperatuur. Het op peil brengen van het binnenklimaat in het schoolgebouw op de Zuidkil naar de maatstaven op het moment van oplevering is namelijk minder ingrijpend dan het opwaarderen van het gebouw naar Frisse School Klasse B. Oranje Nassauschool De capaciteit van de Oranje Nassauschool is niet voldoende om het huidige en toekomstige aantal leerlingen te huisvesten. Daarom heeft de gemeente eind 2020 uitbreiding van het schoolgebouw toegekend aan het schoolbestuur. Daarbij is ook een budget toegekend voor een aanvullende uitbreiding ten behoeve van de kinderopvangorganisatie die aan de school is verbonden. Bij de aanbesteding van de uitbreiding is gebleken dat het budget onvoldoende is om de ontworpen uitbreiding daadwerkelijk te realiseren. Daarmee is het ruimtelijk knelpunt dus nog niet opgelost. Dit knelpunt en de oplossing ervan maakt onderdeel uit van de uitwerking van het IHP.

Noodlokalen Prins Floris locatie Lindenzoom De Prins Florisschool is onder meer in een viertal noodlokalen op de Lindenzoom gehuisvest. Gezien de algehele staat van de noodlokalen en de ontwikkeling van de ruimtebehoefte acht het schoolbestuur het noodzakelijk het gebruik van de noodlokalen op termijn te beëindigen. Bij de uitwerking van het IHP zal worden bezien in hoeverre de noodlokalen nog nodig zijn voor het huisvesten van alle leerlingen en op welke wijze een eventueel ruimtelijk knelpunt zou kunnen worden opgelost. OBS Anne Frank en SBO De Kameleon OBS Anne Frank is gehuisvest in een gebouw van bijna 30 jaar oud (bouwjaar 1994). Het gebouw is daarom niet gerenoveerd in het kader van het vorige IHP. Het schoolbestuur ervaart met name problemen op het gebied van functionaliteit van het gebouw die voor een groot deel heeft te maken met de indeling ervan. Daarnaast is het binnenklimaat ondermaats. De school werkt nauw samen met SBO De Kameleon. Deze school is oorspronkelijk gebouw in 1978 en daarna enkele malen uitgebreid. De school is nog niet gerenoveerd in het kader van het vorige IHP. De genoemde samenwerking heeft een relatie met de ambitie van het Ministerie van Onderwijs om steeds meer toe te gaan naar zogenaamd inclusief onderwijs (hier wordt in het volgende hoofdstuk meer uitgebreid op ingegaan).

In die zin hebben zowel het bestuur van OBS Anne Frank als dat van SBO De Kameleon behoefte aan een visie op inclusief onderwijs. Als deze visie is opgesteld, is het denkbaar dat er consequenties zijn voor de huisvesting van OBS Anne Frank en/of SBO De Kameleon. Gezien de huidige staat van de schoolgebouwen ontstaat daarmee een dilemma. Ook deze scholen hebben op korte termijn dringend behoefte aan ingrepen in het gebouw die voornamelijk betrekking hebben op het binnenklimaat. Er moet echter worden voorkomen dat er desinvesteringen worden gepleegd op het moment dat er vanuit een eventuele visie op inclusief onderwijs een ander perspectief voor beide schoolgebouwen wordt gegeven. In de uitwerking van het IHP wordt hier aandacht aan besteed. In de volgende figuur is het aanbod voor het primair onderwijs in Papendrecht schematisch weergegeven. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen de functionaliteit en de capaciteit.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

19/124

10 | 39

Figuur 7: Aanbod onderwijsaccommodaties in Papendrecht beoordeeld op functionaliteit en capaciteit.

▪

▪

Capaciteit: Uit figuur 7 blijkt dat de capaciteit van de onderwijsaccommodaties redelijk op orde is. Met capaciteit wordt het aantal m² bruto vloeroppervlakte bedoeld dat aanwezig is in de school. Een aantal scholen geeft aan dat er een knelpunt inzake capaciteit wordt ervaren terwijl er normatief bezien (i.c. volgens de regels uit de gemeentelijke verordening) voldoende ruimte is. In de normatieve berekening wordt geen rekening gehouden met invulling van ruimtes door bijvoorbeeld de kinderopvang. De praktijk leert dat deze functies (binnen de scholen) wel belangrijk en nodig zijn. De capaciteit binnen de onderwijsaccommodaties gaat ook richting de toekomst naar alle waarschijnlijkheid geen problemen geven, omdat de leerlingenprognose een sterk dalende trend laat zien. Hierover later meer. Functionaliteit: Uit figuur 7 blijkt dat de functionaliteit van de onderwijsaccommodaties over het algemeen goed te noemen is. Met functionaliteit wordt voor de onderwijsgebouwen bedoeld dat de ruimtes slim zijn ingericht en looproutes logisch zijn. Daarnaast is het belangrijk dat er voldoende daglicht binnenkomt en dat de lokalen voldoende geluidswerend zijn, om geluidsoverlast voor andere klassen te beperken.

Zonder in deze paragraaf al te veel in detail te treden op de onderwerpen binnenklimaat en duurzaamheid wordt in de volgende figuur in een oogopslag duidelijk hoe de accommodaties er op deze onderwerpen voor staan. Figuur 8: Onderwijsaccommodaties in Papendrecht beoordeeld op binnenklimaat en duurzaamheid.

▪

Binnenklimaat en duurzaamheid: vormen een uitdaging richting de toekomst. Alleen IKC de Wielen heeft dit op orde, omdat deze accommodatie onlangs gerenoveerd is. De bevindingen in de vorige figuur zijn tot stand gekomen op basis van gesprekken met

UITGANGSPUNTENNOTITIE

20/124

11 | 39

schoolbesturen en ervaringen van schooldirecteuren. In het najaar van 2022 wordt er een zogenaamde 'Frisse Scholen-scan' uitgevoerd op alle locaties. DUURZAAMHEID Eén van de aanleidingen voor dit project is de gemeentelijke ambitie op het gebied van duurzaamheid. Het behoeft nauwelijks betoog dat het huidige accommodatieaanbod onvoldoende duurzaam is. Het aanbod bestaat onder meer uit een groot aantal verouderde gebouwen met energetisch slechte eigenschappen. Het Bureau 2030 heeft onlangs een duurzaamheidsscan uitgevoerd van de gebouwen die eigendom zijn van de gemeente. Daaruit bleek stevige ingrepen noodzakelijk zijn om de duurzaamheidsambities te realiseren (waarover later meer). Later in dit project worden ook de schoolgebouwen onder de loep genomen.

2.4

CONCLUSIES

Wij hebben de volgende conclusies getrokken over het aanbod van de maatschappelijke accommodaties en scholen voor het primair onderwijs. AANBOD Het aanbod van de accommodaties en scholen kent meerdere gezichten, te weten: ▪

▪

▪

De grotere accommodaties voor cultuur en binnensport zijn kwalitatief en functioneel op orde. Hiermee worden het sportcentrum, het theater en de Oostpolderhal van de korfbalvereniging PKC bedoeld. Aan de andere kant beschikt Papendrecht over een groot aantal middelgrote en kleine accommodaties, die verouderd,technisch en functioneel niet op orde zijn en voor bijvoorbeeld muziekactiviteiten ongeschikt zijn. Ook worden deze accommodaties doorgaans monofunctioneel gebruikt en zijn ze niet toekomstbestendig. Deze accommodaties hebben bovendien energetisch slechte eigenschappen (onvoldoende duurzaam). Wat algemene staat, structurele ruimtebehoefte en functionaliteit betreft zijn verreweg de meeste schoolgebouwen op orde. De schoolbesturen ervaren in vrijwel álle accommodaties (oude, nieuwe en gerenoveerde) problemen met het binnenklimaat. Ook stellen de schoolbesturen dat vrijwel elk schoolgebouw matig scoort op het gebied van duurzaamheid.

VERHOUDING VRAAG EN AANBOD ▪ De verhouding tussen het aantal gymzalen aan de ene kant en het aantal sporthallen aan de andere kant is niet in balans. Verhoudingsgewijs zijn er te veel gymzalen die beperkt inzetbaar zijn voor het verenigingsleven. ▪ De capaciteit van accommodaties voor welzijn en cultuur is (meer dan) voldoende. Sterker nog er is meer m² dan nodig. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de beperkte functionaliteit van deze accommodaties ervoor zorgt dat een overschot aan m²-ers nodig is. ▪ Vraag en aanbod van scholen voor primair onderwijs zijn op dit moment redelijk in evenwicht. GEBRUIK/BEZETTING De bezetting van de grote binnensportaccommodaties kan kwantitatief en kwalitatief de toets der kritiek goed doorstaan. Hiermee wordt bedoeld dat de accommodaties goed benut worden en dat deze worden gebruikt voor de activiteiten waarvoor ze zijn bedoeld (sport- en beweegactiviteiten). Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat de capaciteit van de sporthallen in de doordeweekse avonduren niet toereikend is om in de wensen en behoefte van een aantal (grotere) vereniging te voorzien. De bezetting van de accommodaties voor welzijn is relatief laag en betreft voornamelijk de functies ontmoeten/vrijetijdsbesteding. Er is hier nog onvoldoende relatie met de maatschappelijke opgave. Deze maatschappelijke opgave wordt in hoofdstuk 3 verder toegelicht.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

21/124

12 | 39

3

ONTWIKKELINGEN EN OPGAVES IN PAPENDRECHT

3.1

INLEIDING

In het vorige hoofdstuk is de huidige situatie van accommodaties in Papendrecht beschreven. Dat hoofdstuk is geëindigd met conclusies. In dit hoofdstuk worden enkele ontwikkelingen beschreven die van invloed zijn op de toekomstige vraag/behoefte aan accommodaties.

3.2

BEVOLKINGS- EN LEERLINGENPROGNOSE

BEVOLKING Het aantal inwoners van Papendrecht zal de komende jaren licht dalen. De verwachting is dat het aantal inwoners daalt van iets meer dan 32.000 in 2020, naar circa 30.500 in het jaar 2040, een daling van ongeveer 4,7 %. De samenstelling van de bevolking naar leeftijdsgroepen zal de komende jaren ook veranderen. Net als vele andere gemeenten zal Papendrecht te maken krijgen met minder kinderen en meer senioren. In de volgende grafiek is de veranderende samenstelling van de bevolking weergegeven. Grafiek 3: Bevolkingsprognose Papendrecht uitgesplitst naar leeftijdsgroepen.

Bron: Onderzoekcentrum Drechtsteden In grafiek 4 is goed te zien dan het aandeel inwoners van 65+ in 2040 ongeveer 28% bedraagt. Het betreft op dat moment ruim 8.500 inwoners. Het aantal kinderen en jongvolwassenen t/m 24 jaar daalt in 2040 (7.610 inwoners) met ruim 14% ten opzichte van 2020 (8.870 inwoners). Deze ontwikkelingen zullen gevolgen hebben voor de vraag/behoefte aan accommodaties, te weten: ▪

▪

Een groot deel van de leden van (sport)verenigingen bestaat uit jeugdleden. Door het dalende aantal inwoners in de leeftijdsgroep tot 19 jaar, zal het aantal jeugdleden naar verwachting ook dalen. Tegelijkertijd stijgt de sportdeelname onder de groep ouderen (een trend die al jarenlang zichtbaar is), maar die stijging zal de daling onder de jeugd niet compenseren. Door de groei van de groep senioren verandert de vraag/behoefte van karakter. De te verwachten veranderingen zijn: ▪ Het gebruik van accommodaties zal meer overdag gaan plaatsvinden en minder tijdens de populaire avonduren. Dit geldt voor de volle breedte van de accommodaties. ▪ De vraag/behoefte aan ontmoetingsruimte zal toenemen. Senioren zijn de ‘grootverbruikers’ van deze accommodaties. ▪ De vraag/behoefte zal ook van karakter veranderen. De nieuwe groep senioren zal – minder dan de huidige generatie ouderen – aangetrokken voelen tot de meer ‘traditionele’ activiteiten voor bewegen, ontmoeting en sporten.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

22/124

13 | 39

▪

Er ontstaat meer behoefte aan aangepaste arrangementen voor senioren en inwoners met een beperking zieken. Daarmee worden combinaties bedoeld van bewegen, ontmoeten, welzijn en zorg.

LEERLINGEN Het aantal leerlingen binnen het primair onderwijs in Papendrecht zal de komende jaren naar verwachting fors dalen. De volgende grafiek laat zien dat het leerlingenaantal pas vanaf 2028 stabiliseert naar circa 2.300 leerlingen. Dit zijn zo’n 300 leerlingen minder dan in 2022. Dat staat gelijk aan een grote school. Grafiek 4: Leerlingenprognose voor het primair onderwijs in Papendrecht.

Bron: PVG, februari 2021

3.3

RUIMTELIJK

Binnen de gemeente zijn er twee ruimtelijke ontwikkelingen, die los staan van dit project, maar van groot belang zijn voor het te ontwikkelen accommodatie- en vastgoedbeleid. Het zijn het VOscholenproject en de ontwikkelingen van woningbouwcorporatie Woonkracht10. VO-SCHOLENPROJECT Papendrecht beschikt over twee VO-scholen, te weten het Willem de Zwijger College en Christelijke Scholengemeenschap De Lage Waard. De gebouwen zijn verouderd en het leerlingaantal is de afgelopen jaren gedaald. Deze ontwikkelingen waren de aanleiding voor een haalbaarheidsstudie betreft de herontwikkeling van toekomstbestendige accommodaties op een tweetal locaties. Zie de eerstvolgende figuur. De haalbaarheidsstudie is eind 2021 afgerond en de programma’s van ruimten zijn ontwikkeld. Momenteel wordt gewerkt aan een gebiedsvisie.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

23/124

14 | 39

Figuur 9: Locaties voor de nieuw te ontwikkelen VO-scholen in Papendrecht

De ontwikkelingen van de nieuwe VO-scholen biedt kansen binnen het accommodatie- en vastgoedbeleid. Het betreft: ▪ ▪

het sportaanbod binnen het verenigingsleven. een nieuwe accommodatie (sociaal-cultureel) in relatie tot de gebiedsontwikkeling bij het Willem de Zwijger college.

Zoals in het vorige hoofdstuk zichtbaar werd is de bezetting van de sporthallen (in de avon duren) dusdanig hoog dat er behoefte is aan een extra sporthal. Dit wordt ook bevestigd in de gesprekken die gevoerd zijn met huidige gebruikers van de sporthallen. Tegelijkertijd is er ook een aantal sportaanbieders gehuisvest in de accommodaties die aan het einde van hun technische levensduur zitten. In het vorige hoofdstuk werd ook duidelijk dat de technische kwaliteit van vrijwel álle sociaal -culturele accommodaties matig tot slecht is, met uitzondering van het theater. Met de gebiedsontwikkeling rond het Willem de Zwijger College ontstaan ruimtelijke mogelijkheden voor vernieuwing van het aanbod van accommodaties voor cultuur en welzijn. Hier wordt dieper op ingegaan in hoofdstuk 4. WOONKRACHT10 Woonkracht10 is een woningbouwcorporatie binnen de Drechtsteden. In Papendrecht is Woonkracht10 eigenaar van circa 4.000 woningen. In de wijk Kraaihoek is onlangs een herstructureringsproject van start gegaan. Er komen onder andere nieuwe levensloopbestendige woningen en ook het openbaar gebied wordt toekomstbestendig gemaakt met een veilige verbinding tussen Kraaihoek en het centrum. De gevolgen van de herstructurering voor de maatschappelijke opgave in Kraaihoek is nog ongewis.

Dit hangt sterk af van de samenstelling van de bevolking na de herstructurering en de mate waarin de huidige inwoners ook weer terugkeren na deze operatie. Ook worden er in Papendrecht Senioren complexen verbouwd tot de zogenoemde SeniorPlus complexen. Dit zijn bestaande gebouwen die, in het kader van de vergrijzing en de ambitie om senioren langer zelfstandig thuis te laten wonen, toekomstbestendig worden gemaakt. Deze complexen staan hoofdzakelijk in de wijken Westpolder en Kraaihoek.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

24/124

15 | 39

Figuur 10: Locaties SeniorPlus complexen Woonkracht10

Voor deze groeiende groep senioren zijn accommodaties voor ontmoeting en sociale participatie van belang. Momenteel is er alleen in het complex aan de Badhuisstraat een ontmoetingsruimte van 40 m² aanwezig. Voldoende ruimte voor ontmoeting voor senioren is een aandachtspunt voor de verdere uitwerking van het accommodatiebeleid.

3.4

SOCIAAL DOMEIN

Binnen het sociaal domein hebben zich de afgelopen jaren belangrijke ontwikkelingen voltrokken. De meest belangrijke zijn (althans voor dit project): SPORT EN BEWEGEN ▪ Tot de uitbraak van de Covid-19 crisis werden Nederlanders steeds sportiever. Het percentage Nederlanders dat regelmatig sport, steeg jaar na jaar en ook het aantal keren dat Nederlanders per maand sporten nam steeds toe. Echter, in 2020 en 2021 is de sport- en beweegdeelname hard gedaald. Landelijke cijfers over 2022 zijn nog niet beschikbaar. ▪ Nederlanders zijn meer ongeorganiseerd (buiten verenigingsverband) gaan sporten en minder binnen verenigingen. De toename van het sporten en bewegen werd vooral veroorzaakt doordat meer Nederlanders lid zijn geworden van een sportschool/fitnesscentrum of zijn gaan bewegen in de buitenruimte (hardlopen, fietsen, etc.). ▪ Uit de gesprekken die wij hebben gevoerd met vertegenwoordigers van de sportverenigingen in Papendrecht blijkt dat deze landelijke trends ook zichtbaar zijn in Papendrecht, zij het in mindere mate. Grote groepen inwoners voelen zich nog steeds aangetrokken tot sporten en bewegen in verenigingsverband. CULTUUR ▪ Ook voor de sector cultuur geldt dat Corona een zware wissel heeft getrokken. De bezoekaantallen zijn in 2020 en 2021 fors gedaald en voor veel culturele instellingen blijkt dat de bezoekaantallen zich in 2022 nog onvoldoende hebben hersteld.

De ledenaantallen van muziekvereniging Excelsior zijn wel stabiel gebleven. WELZIJN EN ONTMOETEN ▪ Het percentage eenzamen neemt toe. De toename onder ouderen wordt vooral veroorzaakt door de vergrijzing, maar in Papendrecht is er ook een toename van eenzaamheid onder jongeren. ▪ Jeugd en jongeren hebben behoefte aan ontmoeten in binnen- en buitenruimte in de wijk.

UITGANGSPUNTENNOTITIE

25/124

16 | 39

TRANSFORMATIE Gemeenten zetten meer en meer in om voorzieningen en accommodaties voor bewegen, cultuur, ontmoeten, sport en welzijn in te zetten als algemene en preventieve voorzieningen binnen het sociale domein. Doel is om door middel van die voorzieningen in te zetten op ontmoeting, voorkomen van vereenzaming, sociale samenhang en vitaliteit.

3.5

BELEIDSAMBITIES

Wij hebben verschillende beleidsdocumenten van de gemeente Papendrecht bestudeerd waarin de gemeente haar ambities heeft neergelegd op het gebied van bewegen, onderwijs, sporten, ontmoeten en participatie. Aanvullend daarop hebben wij gesprekken gevoerd met medewerkers van de gemeente Papendrecht vanuit verschillende beleidsgebieden en met vertegenwoordigers van de maatschappelijke partners. In de bijlage is een samenvatting gegeven van de ambities van de gemeente en de maatschappelijke partners. In deze paragraaf vatten wij alle ambities samen met behulp van de ‘waaier sociale domein’. Deze waaier, die is ontwikkeld door Arrangementenmonitor B.V., geeft een schematisch overzicht van alle activiteiten, producten en diensten binnen het sociale domein die inwoners in staat stellen om zelfstandig hun leven vorm te geven. De binnenste twee cirkels geven de activiteiten weer waar de zelfredzame inwoners een beroep op doen/aan deelnemen. Dat zijn een betaalde baan, zinvolle vrijetijdsbesteding, sporten, deelname aan verenigingen of andere sociale verbanden. De derde cirkel is die van algemene, voorliggende voorzieningen. De buitenste cirkel is de professionele hulp- en zorgverlening voor de minder of niet zelfredzame inwoners.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/705/documents/11117