SAL - D03. 20220412 RIB Uitvoeringsagenda jeugd(hulp) 2022.pdf
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
datum behandeld door ons kenmerk telefoonnummer onderwerp
12-04-2022 I. Hage 2022-0047716 14 078 Uitvoeringsagenda Jeugd(hulp) 2022
Geachte mevrouw, heer, Als vervolg op de Lokale Jeugdhulpanalyse 2021 zijn wij vanuit de Programmabegroting 2022 tot een zestal maatregelen gekomen, beschreven in de Uitvoeringsagenda Jeugd(hulp) 2022. Deze uitvoeringsagenda is een voortzetting van de stevige set van maatregelen en interventies die we als college de afgelopen jaren in gang hebben gezet. Als college staan we ervoor dat we goede, passende ondersteuning aan de jeugd in Papendrecht kunnen blijven bieden. Nu, maar ook in de toekomst! De op 24 februari 2022 vast gestelde verordening Jeugdhulp is ondersteunend bij het uitvoeren van de Jeugdwet. In de nadere regels, die aanvullend zijn op de verordening Jeugdhulp, worden de meer specifieke afspraken rondom jeugdhulp lokaal opgenomen. Deze nadere regels zullen in overleg met de regio na de zomervakantie beeldvormend aangeboden worden aan de raad en ter vast stelling aan het college.
Lokale jeugdhulpanalyse 2021 De lokale Jeugdhulpanalyse 2021 – uitgevoerd door managementconsultancy bureau Van Dam en Oosterbaan - betreft een analyse van de geleverde jeugdzorg in 2021. De analyse vertoont de gesignaleerde ontwikkelingen ten opzichte van voorgaande jaren en trekt lering uit deze ontwikkelingen in de vorm van aanbevelingen voor jeugdhulp in 2021.
Ontwikkelingen algemeen • Gemeente Papendrecht scoort beter dan de regio in het terugbrengen van het aantal unieke jeugdigen (5% in Papendrecht vs. 3% in de regio). • Gemeente Papendrecht toont een totale kostenstijging (3%), van €4.890.072 in 2020 vs. €5.043.488 in 2021. Dit is in lijn met de procentuele toename op regionaal niveau. • De gemiddelde kosten per jeugdige zijn in gemeente Papendrecht 9% gestegen, tegenover een stijging van 7% op regionaal niveau. Echter, de gemiddelde kosten liggen in de regio alsnog hoger dan in gemeente Papendrecht. • Er is een stijging in gemiddelde kosten per jeugdige zichtbaar in gemeente Papendrecht in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), Basis Geestelijke GezondheidsZorg (BGGZ), Jeugd & Opvoedingsondersteuning (J&O), Landelijke Transitie Arrangementen (LTA) en Vervoer. Ontwikkelingen percelen • Het actief inzetten op het terugdringen van de cijfers binnen Ernstige Enkelvoudige Dyslexie is effectief gebleken; binnen het perceel is een daling van 5% in gemiddelde kosten per jeugdige (€1970 vs. €1871) en een daling van 36% in het aantal jeugdigen (64 vs. 41) zichtbaar. • Ook binnen de Specialistische Geestelijke GezondheidsZorg (SGGZ) heeft de gemeente actief ingezet op het terugdringen van de cijfers; het resultaat is een daling van 3% in de gemiddelde kosten per jeugdige (€4.499 vs.
€4.354) en een daling van 8% in het aantal jeugdigen (377 vs.347). • Binnen de BGGZ zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met 13% gestegen (€924 vs. €1.047). Het aantal jeugdigen is gestegen met 6% gestegen (49 vs. 52).
•
•
• • • •
In totaliteit is er binnen de Geestelijk GezondheidsZorg (GGZ) een afname gerealiseerd, namelijk van 1% in gemiddelde kosten per jeugdige (€4.127 vs.€4.102), en 6% in het aantal unieke jeugdigen (421 vs. 397). Een mógelijke verklaring hiervoor zou de inzet van de Praktijk Ondersteuner bij de Huisarts (POH) Jeugd-GGZ kunnen zijn. Idealiter zou de inzet van de POH Jeugd-GGZ leiden tot minder verwijzingen naar de SGGZ. Dit zou mogelijk kunnen leiden tot meer verwijzingen naar de BGGZ. Om te inventariseren in hoeverre afname van cijfers in de GGZ te verklaren is door de inzet POH Jeugd-GGZ, is registratie en monitoring rondom de POH’er essentieel. Binnen J&O heeft er een stijging van gemiddelde kosten per jeugdige van 21% (€6.481 vs. €7.834) plaatsgevonden en een stijging van 10% in het aantal unieke jeugdigen (130 vs. 143). In de uitvoeringsagenda was een daling in het aantal jeugdigen in J&O met verblijf beoogd. De cijfers tonen echter een stijging van 10 naar 20 jeugdigen (100%) aan. Er is een stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige binnen het perceel LTA van 7% (€4.900 vs. €5.257) zichtbaar, tegenover een daling op regionaal niveau. Er is een stijging (€2.489 vs. €3.458) in de gemiddelde kosten per jeugdige van 39% binnen het perceel Vervoer.
Mogelijk kan deze stijging (gedeeltelijk) verklaard worden door een stijging van 11% in het aantal jeugdigen binnen het perceel AWBZ. De gemiddelde kosten per jeugdige binnen AWBZ zijn 1% gestegen (€7.144 vs. €7.229). Jeugd Bescherming Jeugd Reclassering (JBJR) en Pleegzorg tonen een daling in de gemiddelde kosten per jeugdige (Pleegzorg €10.448 vs. €10.133; JBJR €4.967 vs. €4.890).
Opvallendheden duurste & langste trajecten • Het merendeel van de kostbaarste jeugdigen (top 10, in 2021) ontving jeugdhulp binnen het perceel J&O (6 van de 10). • Binnen 4 van de 10 duurste trajecten (2021) werd jeugdzorg vanuit perceel JBJR geboden. • Het merendeel van de kostbaarste jeugdigen in 2021 ontving (gelijktijdig met J&O en/of JBJR, of los hiervan) jeugdhulp binnen het perceel SGGZ (7 van de 10). Dit betreft specialistische (dure) jeugdhulp waardoor de kosten hoog op kunnen lopen. • De langste trajecten (2015 t/m 2021) omvatten relatief vaak Pleegzorg of een combinatie van Pleegzorg met JBJR en/of J&O. Kwalitatieve resultaten Door de inzet POH, intensievere samenwerking tussen huisartsen en sociaal team en de casusregisseur bij het jeugdteam is er een vermindering te zien binnen de SGGZ. De stijging binnen de BGGZ is hier een gevolg van. Momenteel is er nog een stijging te zien binnen J&O en JBJR. In 2022 gaat er intensiever ingezet worden op Veilig Opgroeien is Teamwerk en de landelijke beweging Geweld Hoort Nergens Thuis. De verwachting is dat de stijging daardoor stagneert. Kanttekening hierbij is dat je binnen je gemeente maar 1 jongere hoeft te hebben die binnen een specialistische setting of via een regeling van JBJR geplaatst moet worden en de kosten stijgen enorm.
Uitvoeringsagenda Jeugd(hulp) 2022 De eerder genoemde uitvoeringsagenda 2022 is een vervolg op de Lokale Jeugdhulpanalyse 2021, Programmabegroting 2022 en de vorige Uitvoeringsagenda jeugd(hulp) 2021. Met deze nieuwe uitvoeringsagenda willen wij invulling geven aan de verschillende doelstellingen: 1. Implementatie en uitvoering onderwijsachterstandenbeleid 2. Brede, lokale samenwerkingsafspraken onderwijs en jeugd(hulp) 3. Inzet van jeugd- en jongerenwerk Suppord 4. Perspectiefbenadering, noodzakelijke afspraken met regionale partijen die we lokaal aanpassen aan ons beleid. JNV, Afbakening jeugdhulp, implementatie normenkader, voortzetting POH-jeugd GGZ, SKO, ASS en anders zorgen 5. Lokale contractering Jeugdteams 6. Door ontwikkelen en aansluiten bij landelijke acties met betrekking tot Veilig Opgroeien Is Teamwork (VOIT) Vanwege de hoge kosten die gemoeid zijn met jeugdhulp, kent jeugdhulp forse financiële opgaven. Er is regionaal een oplopende bezuinigingstaakstelling. In regionaal verband is besloten om de financiële solidariteit los te laten en gefaseerd af te bouwen. Om de financiële opgaven te behalen, zijn gerichte
investeringen noodzakelijk. De uitvoeringsagenda bevat maatregelen om meer grip te krijgen op de inzet van jeugdhulp en om de kosten terug te brengen. Hierbij werken we vanuit verschillende data en met diverse samenwerkingspartners. We kijken naar: • • • • • •
Jeugdhulp naar voren De toegang tot de jeugdhulp Contractmanagement regionale zorgaanbieders in samenwerking met de Service Organisatie Jeugd Implementatie van het normenkader Sturing door lokale contractering Jeugdteams Landelijke actieprogramma's complexe problematiek
De werkwijzen die in 2021 zijn geïmplementeerd worden in 2022 verder uitgewerkt en geborgd. Eind 2022 werken wij verder vanuit de lokale jeugdhulpanalyse. In deze analyse brengen we wederom een verdieping aan in de cijfers van de regionale zorgmarkt. Wij kijken hierbij naar de voortgang en effectiviteit van de geadviseerde maatregelen en interventies. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Papendrecht, de secretaris, de waarnemend burgemeester,
J.M. Ansems MSc
mr. drs. A.M.M. Jetten
Bijlagen: Afkortingen lijst Rapport Analyse Jeugdzorg - Gemeente Papendrecht Uitvoeringsagenda jeugd 2022
Afkortingen lijst
ASS
Autisme Spectrum Stoornis
AWBZ
Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
BGGZ
Basis Geestelijke Gezondheids Zorg
EED
Ernstige Enkelvoudige Dyslexie
GGZ
Geestelijke Gezondheids Zorg
JBJR
Jeugd Bescherming en Jeugd Reclassering
JNV
Jeugdhulp Naar Voren
J&O
Jeugd & Opvoedingsondersteuning
LTA
Landelijk Transitie Arrangement
POH
Praktijk Ondersteuner bij de Huisarts
SGGZ
Specialistische Geestelijke Gezondheids Zorg
SKO
adviespunt Scheiden Kind en Ouderschap
VOiT
Veilig Opgroeien is Teamwerk
Data-analyse Jeugdzorg 2020-2021 Gemeente Papendrecht Regio Haaglanden
Door: Wendy van Duijn Eva Mommers Kim Smits
Samenvatting De analyse Jeugdzorg 2021, uitgevoerd door Van Dam & Oosterbaan, betreft een analyse van de geleverde jeugdzorg in 2021 in vergelijking met 2020 binnen gemeente Papendrecht. De analyse maakt de ontwikkelingen van 2021 t.o.v. 2020 inzichtelijk. Enerzijds kan op deze manier worden geanalyseerd in hoeverre doelen uit de uitvoeringsagenda behaald zijn, anderzijds heeft deze analyse als doel gemeente Papendrecht handvaten aan te reiken voor vervolgstappen. Uit de analyses kan geconcludeerd worden dat gemeente Papendrecht beter scoort dan de regio (Zuid-Holland Zuid; ZHZ) in het terugbrengen van het aantal unieke jeugdigen, met een daling van 5% (691 vs. 654) t.o.v. een daling van 3% op regionaal niveau. Bij het terugdringen van de kosten is een stijging van 3% (€4.890.072 vs. €5.043.488) geconstateerd in de totale kosten in gemeente Papendrecht, wat in lijn is met de regio. Binnen diverse percelen zijn noemenswaardige veranderingen opgetreden, onder andere in relatie tot de uitvoeringsagenda 2021. In onderstaande secties zijn deze opvallendheden samengevat. Gemeente Papendrecht heeft het afgelopen jaar actief ingezet op het terugdringen van de cijfers binnen het perceel EED. Het resultaat is een daling van 5% in gemiddelde kosten per jeugdige (€1.970 vs. €1.871) en een daling van 36% in het aantal jeugdigen (64 vs. 41).
Ook heeft gemeente Papendrecht actief ingezet op het terugdringen van de cijfers binnen de SGGZ. Het resultaat is een daling van 3% in gemiddelde kosten per jeugdige (€4.499 vs. €4.354) en een daling van 8% in het aantal jeugdigen (377 vs. 347). Ook in totaliteit is binnen de GGZ een afname geboekt, namelijk 1% in gemiddelde kosten per jeugdige (€4.127 vs. €4.102), en 6% in het aantal unieke jeugdigen (421 vs. 397). De resultaten zijn mogelijkerwijs te verklaren door de inzet POH Jeugd-GGZ, echter is hier concrete monitoring van nodig om dit met zekerheid te kunnen concluderen. Binnen J&O heeft er een stijging van gemiddelde kosten per jeugdige van 21% (€6.481 vs. €7.834) plaatsgevonden en een stijging van 10% in het aantal unieke jeugdigen (130 vs. 143). In de uitvoeringsagenda was een daling in het aantal jeugdigen in J&O met verblijf beoogd. De cijfers tonen echter een stijging van 10 naar 20 jeugdigen (100%) aan. Hier zijn verdiepende analyses nodig op basis van maandelijkse data teruggaand tot aan 2015; wellicht zijn er verklaringen gerelateerd aan seizoens-effecten te vinden. Op basis van de resultaten, voortkomend uit de analyses, worden enerzijds vervolgstappen tot nader onderzoek geformuleerd.
Denk hierbij aan gesprekken met aanbieders, verwijzers en het lokale veld om oorzaken van stijgingen te onderzoeken of te zoeken naar mogelijkheden tot afschalen binnen de kostbaarste of langdurige trajecten. Daarnaast is het van belang meer in te zetten op samenwerking, verbinding en het bundelen van de kennis en krachten. Anderzijds is het advies om toe te werken naar meer “databeschikbaarheid”. In de uitvoeringsagenda 2021 zijn diverse punten als beoogd resultaat genoemd waar op dit moment geen beschikbare data over is en dus geen effect van gemeten kan worden. Onderwerpen als preventie, samenwerking tussen jeugdhulp en onderwijs, inzet POH Jeugd-GGZ en demedicalisering zijn voorbeelden van thema’s waar wel behoefte aan data
is om die beoogde resultaten te kunnen meten. Voor de conclusies en verdiepende vervolgvragen per analyse wordt verwezen naar de deelconclusies aan het einde van iedere paragraaf in Hoofdstuk 6. Daarnaast wordt voor de uitgebreide overkoepelende aanbevelingen verwezen naar Hoofdstuk 7 ‘Conclusie en aanbevelingen’. Van Dam & Oosterbaan heeft met veel plezier aan dit rapport gewerkt, en dankt de gemeente Papendrecht voor het vertrouwen dat ze in Van Dam & Oosterbaan gesteld heeft.
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
1
1.1 Disclaimer 1: 2021 versus 2020
1
1.2 Disclaimer 2: Covid-19
1
1.3 Disclaimer 3: PGB
1
1.4 Disclaimer 4: Declaraties
1
2.
Aanleiding
2
3.
Doel
3
4.
Bronnen
3
5.
Terminologie
3
6. Analyse 6.1 Ontwikkelingen regio ZHZ versus gemeente Papendrecht 6.1.1 Deelconclusie 6.2 Ontwikkelingen per perceel
4 4 6 6
6.2.1 AWBZ
9
6.2.2 BGGZ
9
6.2.3 EED
9
6.2.4 J&O
9
6.2.5 JBJR
10
6.2.6 LTA
10
6.2.8 SGGZ
10
6.2.9 Vervoer
11
6.2.10 GGZ-totaliteit
11
6.2.11 Deelconclusie
11
6.3 J&O met verblijf 6.3.1 Deelconclusie 6.4 Ontwikkelingen binnen de BGGZ
13 14 15
6.4.1 Aantal unieke jeugdigen BGGZ
15
6.4.2 Kosten BGGZ
16
6.4.3 Gemiddelde kosten per jeugdige BGGZ
16
6.4.4 Deelconclusie
19
6.5 Ontwikkelingen verwijzer huisarts 6.5.1 Deelconclusie 6.6 Grootste en duurste aanbieders 6.6.1 Aantal jeugdigen
19 20 21 21
6.6.2 Kosten
22
6.6.3 Deelconclusie
22
6.7 Grootste en duurste aanbieders per perceel
23
6.7.1 AWBZ
24
6.7.2 BGGZ
25
6.7.3 EED
26
6.7.4 J&O
27
6.7.5 JBJR
28
6.7.6 LTA
29
6.7.7 Pleegzorg
30
6.7.8 SGGZ
31
6.7.9 Vervoer
33
6.7.10 Deelconclusie
34
6.8 Top 10 kostbaarste jeugdigen
34
6.8.1 Deelconclusie
36
6.9 Langste trajecten
36
6.9.1 Deelconclusie
37
6.10 Recidive 6.10.1 Deelconclusie
38 40
7. Conclusie en advies
41
7.1 Kostenreductie
41
7.2 POH Jeugd-GGZ
41
7.3 Verdiepende gesprekken met aanbieders en verwijzers
41
7.4 J&O met verblijf
42
7.5 Samenwerking J&O en onderwijs
42
7.6 Samenwerking sociale dienst en Wmo
42
7.7 Kosten Vervoer
42
7.8 Beschikbare pleegzorgplekken
42
7.9 Vrij toegankelijke jeugdhulp
43
7.10 Verbinding
43
7.11 Data: regionaal overleg SOJ en lokale afspraken met aanbieders
43
Bijlagen
44
Bijlage 1: informatie data download
44
Bijlage 2: totale kosten en aantal jeugdigen gemeente Papendrecht
45
Bijlage 3: totale kosten, gemiddelde kosten per jeugdige, aantal jeugdigen, gemeente Papendrecht 46
Bijlage 4: Tabellen top 10 zorgaanbieders per perceel
53
Bijlage 5: Top 10 kostbaarste jeugdigen
60
Bijlage 6: Top 25 langste trajecten
61
1. Inleiding Dit rapport betreft een analyse van de jeugdzorg geboden door gemeente Papendrecht over het jaar 2021 in vergelijking tot 2020. Het SOJ07 Gemeente Dashboard en SOJ08 Declaraties ZiN vormen de bronnen van het rapport. Bij de interpretatie van de resultaten in dit rapport moet rekening gehouden worden met een aantal disclaimers.
1.1 Disclaimer 1: 2021 versus 2020 In deze rapportage wordt een vergelijking gemaakt tussen het jaar 2021 en 2020 waardoor rekening gehouden moet worden met het gegeven dat het jaar 2021 nog in gang was op het moment van analyse. Bij het vergelijken van data over verschillende tijdsperioden is het van belang dat er rekening wordt gehouden met mogelijke seizoens-effecten. Om deze reden is ervoor gekozen, wanneer er een vergelijking wordt gemaakt tussen 2020 en 2021, dezelfde tijdsperiode te analyseren, namelijk Q1 t/m Q3. In de analyses waarin niet specifiek de vergelijking tussen 2020 en 2021 wordt gemaakt (kostbaarste trajecten, langste trajecten, recidive), is gebruik gemaakt van de volledige beschikbare data in betreffende jaren.
1.2 Disclaimer 2: Covid-19 Het tijdsbestek dat het subject van de data-analyse vormde was onderhevig aan de Covid19 uitbraak in 2020 die verder uitweidde in 2021 en verregaande gevolgen met zich meebracht. Het is niet exact in beeld te brengen welke gevolgen Covid-19 heeft gehad op de jeugdzorg cijfers van gemeente Papendrecht. Een link met Covid-19 en mogelijke conclusies betreffende de invloed van Covid-19 op de jeugdzorg cijfers in gemeente Papendrecht moeten met voorzichtigheid geïnterpreteerd worden.
1.3 Disclaimer 3: PGB De gehanteerde databronnen voor deze rapportage bevatten gegevens betreffende zorg in natura; gegevens over PGB zijn niet geïncludeerd in de databronnen.
1.4 Disclaimer 4: Declaraties De gegevens betreffende de zorg in natura in de data dashboards, zijn gebaseerd op declaraties van de zorgaanbieders die zijn aangeleverd bij de SOJ. Regionaal is de afspraak gemaakt dat zorgaanbieders binnen 6 maanden moeten declareren. Wettelijk gezien mogen zorgaanbieders met terugwerkende kracht tot vijf jaar na dato declareren. Door de mogelijkheid declaraties met terugwerkende kracht in te dienen kan de data een vertekend beeld van de werkelijkheid geven. Echter blijkt in de praktijk dat de meeste aanbieders op orde zijn met het indienen van de declaraties. Dit is gunstig voor de betrouwbaarheid van de geanalyseerde data. Soms is er twijfel over de volledigheid van de ingediende declaraties bij een aanbieder, waardoor de data mogelijk niet volledig is wat een effect heeft op de betrouwbaarheid van de diverse data. Dit wordt expliciet benoemd bij de analyses/deelconclusies. Daarnaast zijn er diverse percelen die achterlopen in declaraties t.o.v. andere percelen. Volgens de handleiding van het SOJ zijn er bijzonder vertragende factoren waardoor declaraties regelmatig met terugwerkende kracht worden ingediend binnen de percelen:
1
•
•
•
JBJR: op producten zoals OTS en Voogdij kan er vertraging ontstaan doordat de uitspraak pas laat wordt verzonden en kan worden verwerkt, waardoor de declaratie met terugwerkende kracht wordt ingevoerd. LTA: aanbieders van deze producten zijn gecontracteerd door de VNG. Bij deze aanbieders is een verbetering te zien van het declaratiegedrag t.o.v. het verleden waarin het voorkwam dat er na een jaar (in één keer) gedeclareerd werd. BGGZ: bevat producten waarbij trajecten in één keer gedeclareerd worden. Dit mag tot maximaal 1 jaar na aanvang van het traject zijn. Aan het einde van die periode declareert de aanbieder. Doordat de zorgperiode van de declaratie lang kan zijn zorgt dit voor extra vertraging.
Doordat declaraties op verschillende momenten worden ingediend zijn de data dashboards gedurende de periode van de uitvoering van deze analyse regelmatig bijgewerkt. Hierdoor kan de data wanneer op verschillende momenten gemeten van elkaar verschillen. Daarnaast zijn er middels conceptuele besprekingen met de opdrachtgever nieuwe vragen naar cijfers ontstaan waardoor de datum van data download per onderdeel enigszins kan verschillen. Om deze reden is in Bijlage 1 voor ieder analyse-onderdeel de datum van data download weergegeven.
2. Aanleiding De verantwoordelijkheid van de jeugdzorg ligt sinds de intreding van de Jeugdwet in 2015 bij de gemeenten. Vanaf dat moment willen gemeenten grip krijgen en houden op de jeugdzorg. Enerzijds is een belangrijke uitdaging het realiseren dat jeugdigen de juiste ondersteuning en adequate zorg krijgen. Anderzijds is de uitdaging ervoor te zorgen dat deze ondersteuning vanuit financieel perspectief ook in de toekomst geboden kan worden, waarvoor een financiële ombuigingsopgave nodig is. Om de oplopende kosten in de jeugdzorg te beperken heeft gemeente Papendrecht samen met jeugdzorgaanbieders plannen opgesteld om passende jeugdzorg te bieden met gemiddeld lagere kosten per jeugdige. Zij spelen middels plannen omtrent het verschuiven van niet vrij toegankelijke lichte jeugdhulp naar vrij toegankelijke en efficiënte jeugdhulp, lokale samenwerkingsafspraken met het onderwijs, preventie, en de inzet van de POH Jeugd-GGZ bij huisartsen in op zowel regionale als lokale ontwikkelingen. De gemeente Papendrecht koopt zijn zorg gezamenlijk in binnen de regio ZHZ en staan op de vooravond van een nieuwe aanbesteding Jeugd. Om grip te krijgen op juiste en adequate zorg enerzijds, en kostenreductie anderzijds is het van belang om te analyseren en begrijpen hoe de jeugdzorg in Papendrecht in elkaar steekt.
Wat zijn de trends binnen de gemeente Papendrecht? Zijn deze trends herkenbaar ten opzichte van andere gemeenten in Nederland? En wat zijn opvallendheden in de data en hoe zijn deze mogelijk te verklaren? Van Dam & Oosterbaan is door de gemeente Papendrecht gevraagd om deze vragen te onderzoeken. Het betreft hier analyses over de jaren 2020-2021.
2
3. Doel Met behulp van deze rapportage beoogt gemeente Papendrecht meer zicht te krijgen op de ontwikkelingen binnen de jeugdzorg in 2021. In de uitvoeringsagenda 2021 heeft gemeente Papendrecht concreet beoogde resultaten opgesteld voor de jeugdzorg in het jaar 2021, waar deze rapportage op inspeelt. De cijfers in deze rapportage zullen aantonen in hoeverre gemeente Papendrecht gestelde doelen heeft behaald. Daarnaast zal in deze rapportage dieper worden ingegaan op opvallendheden die uit de analyses naar voren komen en mogelijke duiding of aanbevelingen voor vervolgonderzoek voordragen. Op deze manier zal gemeente Papendrecht concrete handvaten worden aangereikt om de beoogde jeugdzorg doelen na te streven.
4. Bronnen Om bovengenoemd doel te bereiken is in deze rapportage gebruik gemaakt van de volgende bronnen: • • •
SOJ07 Gemeente Dashboard SOJ08 Declaratie ZiN Uitvoeringsagenda Jeugdhulp 2021
Ook hebben er meerdere gesprekken plaatsgevonden met medewerkers van Stichting Jeugdteams, de SOJ, gemeente Papendrecht en de zorgregisseur om extra (achtergrond)informatie te vergaren over bijvoorbeeld samenwerkingsverbanden, verduidelijking t.a.v. cijfers en data, en disclaimers rondom de gebruikte data.
5. Terminologie In de praktijk blijkt dat diverse begrippen op verschillende manieren worden gebruikt en gedefinieerd. In dit rapport wordt uitgegaan van de volgende definities met de bijbehorende begrippen: • Jeugdzorg: dit is de verzamelnaam voor jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Dit is dezelfde definitie als wordt gehanteerd door het CBS sinds de decentralisatie van alle zorg voor jeugd naar gemeenten. • Jeugdhulp: deze term omvat alle vormen van hulp en ondersteuning (bijv. opvoedvragen, opvoedhulp, jeugd-LVB en jeugd-GGZ) variërend van licht ambulant tot en met intensieve, zeer gespecialiseerde zorg in een al dan niet gesloten setting. • Recidive: dit betekent letterlijk herhaling, of terugval. In de context van deze rapportage wordt recidive gedefinieerd als het terugkeren van een jeugdige in de jeugdzorg. Binnen deze rapportage wordt ingezoomd op de volgende percelen: • • • • • •
AWBZ: bevat producten uit de voormalige Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten BGGZ: Basis Geestelijke Gezondheidszorg EED: Ernstige Enkelvoudige Dyslexie LTA: Landelijk Transitie Arrangement J&O: Jeugd & Opvoeding JBJR: Jeugdbescherming en Jeugdreclassering 3
• • •
Pleegzorg SGGZ: Specialistische Geestelijke Gezondheidszorg Vervoer
Figuur 1: Verdeling Jeugdstelsel
6. Analyse In dit hoofdstuk worden de diverse uitgevoerde analyses beschreven. Ieder onderdeel is als volgt ingedeeld. Eerst zal per onderdeel een beschrijvende en feitelijke analyse worden weergegeven. Hierop volgend komt in elk onderdeel een deelconclusie aan de orde, waarin de hoofdpunten van de feitelijke analyse, aangevuld met mogelijke duiding en vervolgvragen worden weergegeven. Bij sommige onderdelen is de vergelijking gelegd met de rapportage van de Key Groep, waarin 2019 met 2020 vergeleken wordt. De vergelijking tussen de Key Groep rapportage en deze rapportage is gemaakt in geval van trends zichtbaar in 2019/2020 die zich hebben voortgezet in 2020/2021, of in geval van opvallende tegenstellingen.
6.1 Ontwikkelingen regio ZHZ versus gemeente Papendrecht Op regionaal niveau toonden de totale kosten een stijging van 3%; de kosten stegen van €73.235.737 in 2020 naar €75.401.294 in 2021. Zie Tabel 1. Het aantal jeugdigen dat jeugdzorg ontving in regio ZHZ is gedaald van 9.430 jeugdigen in 2020 naar 9.113 jeugdigen in 2021. Dit betreft een daling van 3%. De totale kosten in gemeente Papendrecht zijn van 2020 naar 2021 3% gestegen, namelijk van €4.890.072 naar €5.043.488. De procentuele stijging van de totale kosten voor jeugdzorg in gemeente Papendrecht is daarmee in lijn met de ontwikkelingen op regionaal niveau (3% gestegen). Het aantal jeugdigen daarentegen daalde van 691 jeugdigen in 2020 naar 654 jeugdigen in 2021. Dit betreft een daling van 5%. Hiermee toont gemeente Papendrecht een hogere procentuele daling in het aantal jeugdigen dan regionaal (3%) geconstateerd is. 4
In de regio ZHZ is een stijgende trend in de totale kosten en een dalende trend in het aantal jeugdigen geconstateerd, wat hogere gemiddelde kosten per jeugdige betekent. Zie Tabel 1. De gemiddelde kosten zijn 7% gestegen, namelijk van €7.766 in 2020 naar €8.274 gemiddeld per jeugdige in 2021. In gemeente Papendrecht is een stijging in gemiddelde kosten van 9% geconstateerd, namelijk van €7.077 in 2020 naar €7.712 in 2021. Gemeente Papendrecht toonde een hogere procentuele stijging in gemiddelde kosten per jeugdige dan de regio. De gemiddelde kosten per jeugdige waren in gemeente Papendrecht wel lager dan op regionaal niveau. De gemeente Papendrecht is een relatief kleine regio waardoor één extra jeugdige in een dure vorm van jeugdzorg een aanzienlijk effect kan hebben op de gemiddelde kosten per jeugdige. Tabel 1: Overzicht ontwikkelingen 2020-2021, gemeente Papendrecht vs. regio ZHZ Gemeente Papendrecht 2020
2021
Regio ZHZ % daling/ 2020 stijging
2021
% daling/ stijging
Totale kosten
€4.890.072 €5.043.488 3%
€73.235.737 €75.401.294 3%
Aantal jeugdigen
691
Gemiddelde kosten per €7.077 jeugdige
654
-5%
9.430
9.113
-3%
€7.712
9%
€7.766
€8.274
7%
Op regionaal en lokaal niveau kijkend naar de maandelijkse ontwikkeling in gemiddelde kosten per jeugdige is de volgende trend zichtbaar. Zie Figuur 2 en 3. Beide figuren vergelijkend kan geconstateerd worden dat zowel in gemeente Papendrecht als op regionaal niveau een soortgelijke beweging in ontwikkeling van de gemiddelde kosten per jeugdige te zien is. Figuur 2: Ontwikkeling gemiddelde kosten per jeugdige, regionaal ZHZ
5
Figuur 3: Ontwikkeling gemiddelde kosten per jeugdige, gemeente Papendrecht
Om de maandelijkse ontwikkeling in totale kosten en aantal jeugdigen, in gemeente Papendrecht, op maandbasis in te zien wordt verwezen naar Bijlage 2.
6.1.1 Deelconclusie Op basis van de ontwikkelingen per perceel kunnen de volgende hoofdpunten geconcludeerd worden: •
•
In totaliteit is er een daling van 5% in het aantal jeugdigen (691 vs. 654), een stijging van 3% in totale kosten (€4.890.072 vs. €5.043.488), en een stijging van 9% in gemiddelde kosten per jeugdige (€7.077 vs. €7.712), in gemeente Papendrecht geconstateerd. De procentuele kostenstijging is in lijn met de regionale ontwikkeling. Regionaal is er een lagere stijging in gemiddelde kosten per jeugdige (7%), maar een kleinere afname in het aantal jeugdigen (3%) dan in gemeente Papendrecht. De beweging in schommelingen in maandelijkse gemiddelde kosten per jeugdige lopen in gemeente Papendrecht soortgelijk aan de schommelingen op regionaal niveau.
6.2 Ontwikkelingen per perceel Er wordt ingezoomd op de diverse percelen in gemeente Papendrecht. Eerst zal er worden ingegaan op de maandelijkse ontwikkeling in 2021 t.o.v. 2020. Daarna zal worden ingegaan op de absolute waarden, waarbij een vergelijking wordt gelegd tussen gemeente Papendrecht en regio ZHZ. Zoals eerder in dit rapport benoemd, zullen bij de deelconclusie de mogelijke duiding van de cijfers en vervolgstappen aan de orde komen. Op basis van de maandelijkse ontwikkeling in 2020 en 2021 zijn de volgende opvallendheden geconstateerd (Figuur 4, 5 en 6): • • • •
Er is een dalende trend zichtbaar binnen het perceel SGGZ in 2021 t.o.v. 2020. Er is een stijging in het perceel J&O in totale kosten en gemiddelde kosten per jeugdige in 2021 t.o.v. 2020. LTA toont extreme schommelingen in gemiddelde kosten per jeugdige. AWBZ toont relatieve stabiliteit in de gemiddelde kosten per jeugdige.
6
Figuur 4: Totale kosten per perceel (maandelijks), 2020-2021
Figuur 5: Aantal jeugdigen per perceel (maandelijks), 2020-2021
Figuur 6: Gemiddelde kosten per jeugdige per perceel (maandelijks), 2020-2021
*Voor de lijndiagrammen per perceel wordt verwezen naar Bijlage 3.
7
In Figuur 7 en 8 zijn de gemiddelde kosten per jeugdige in 2020 en 2021 van gemeente Papendrecht en regio ZHZ visueel weergegeven. In onderstaande secties, onderdeel 6.2.1 t/m 6.2.10, zal worden ingegaan op de absolute waarden van het aantal jeugdigen en de gemiddelde kosten per jeugdige, per perceel, en in de GGZ totaal (BGGZ en SGGZ). Vervolgens komt in onderdeel 6.2.11 de deelconclusie aan de orde, waarin naast de belangrijkste cijfers ook vervolgstappen aan de orde komen. Binnen specifieke percelen zal een vergelijking worden gemaakt met de resultaten uit de Key Groep rapportage (Q1 t/m Q3 2019/2020). Figuur 7: Gemiddelde kosten per jeugdige, gemeente Papendrecht, 2020-2021
Figuur 8: Gemiddelde kosten per jeugdige, regio ZHZ, 2020-2021
8
6.2.1 AWBZ De gemiddelde kosten per jeugdige zijn in de AWBZ toegenomen van €7.144 in 2020 naar €7.229 gemiddeld per jeugdige in 2021 in gemeente Papendrecht. Dit is een stijging van 1%. Ook het aantal jeugdigen is gestegen van 120 jeugdigen in 2020 naar 132 jeugdigen in 2021. Dit betreft een stijging van 10%. Zowel in de gemeente Papendrecht als op regionaal niveau zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met een toename van 1% gestegen. Daarnaast was er op regionaal niveau een stijging van 6% in het aantal jeugdigen. De Key Groep toonde in hun rapportage 2020 t.o.v. 2019 vergelijkend een daling van 1% in gemiddelde kosten per jeugdige in de AWBZ, welke gelijk is aan de daling van 1% in deze rapportage. Daarnaast constateerde de Key Groep (2019 vs. 2020) een stijging van 9% in het aantal jeugdigen, waar dat in deze rapportage (2020 vs. 2021) een stijging van 10% bedroeg in gemeente Papendrecht.
6.2.2 BGGZ De gemiddelde kosten in de BGGZ zijn gestegen van €924 gemiddeld per jeugdige in 2020 naar €1.047 in 2021. Dit betreft een stijging van 13%. Ook is het aantal jeugdigen gestegen, namelijk van 49 jeugdigen in 2020 naar 52 jeugdigen in 2021. Dit betreft een stijging van 6%. Op regionaal niveau zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met 37% toegenomen, wat een aanzienlijk verschil betreft met de 13% stijging van gemeente Papendrecht. Het aantal jeugdigen is op regionaal niveau met 20% afgenomen in 2021 t.o.v. 2020 dit is een significant verschil met de stijging van 6% in gemeente Papendrecht. De rapportage van de Key Groep, 2020 met 2019 vergelijkend toonde een stijging van 37% in gemiddelde kosten per jeugdige en een daling van 23% in het aantal jeugdigen in gemeente Papendrecht. De trend van een stijging in de gemiddelde kosten heeft zich in mindere mate voortgezet in 2021 t.o.v. 2020, en de dalende trend in het aantal jeugdigen is verschoven naar een stijgende trend in 2021 t.o.v. 2020.
6.2.3 EED Binnen het perceel EED heeft een daling van 5% in gemiddelde kosten per jeugdige plaatsgevonden, namelijk van €1.970 in 2020 naar €1.871 in 2021. Het aantal jeugdigen is gedaald van 64 jeugdigen in 2020 naar 41 jeugdigen in 2021. Dit is een daling van 36%. Op regionaal niveau zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met 5% afgenomen, wat gelijk is aan de procentuele daling in gemeente Papendrecht. Daarnaast is regionaal het aantal jeugdigen met 11% afgenomen, waar gemeente Papendrecht een grotere procentuele daling toonde.
6.2.4 J&O Binnen J&O heeft een stijging in gemiddelde kosten per jeugdige van 21% plaatsgevonden, namelijk, van €6.481 in 2020 naar €7.834 in 2021. Het aantal jeugdigen is gestegen van 130 jeugdigen in 2020 naar 143 jeugdigen in 2021. Dit is een stijging van 10%. Op regionaal niveau was er een toename van gemiddelde kosten per jeugdige van 1%. Het aantal jeugdigen was met 16% toegenomen. De gemeente Papendrecht toonde een grotere procentuele stijging op de ontwikkeling in gemiddelde kosten per jeugdige, maar toonde een lagere stijging in het aantal jeugdigen dan de regio.
9
De Key Groep toonde in 2020 t.o.v. 2019 een daling van 46% in de gemiddelde kosten per jeugdige in gemeente Papendrecht, wat haaks staat op de bovengenoemde stijging van 21% in 2021 t.o.v. 2020. Er was in de analyse van de Key Groep een toename in het aantal jeugdigen (14%) te zien, wat in lijn is met de bevindingen uit deze rapportage (2020 vs. 2021).
6.2.5 JBJR Binnen JBJR heeft een daling in de gemiddelde kosten per jeugdige plaatsgevonden, namelijk, van €4.967 in 2020 naar €4.890 in 2021. Dit betreft een daling van 2%. Het aantal jeugdigen is gestegen van 99 jeugdigen in 2020 naar 100 jeugdigen in 2021; dit betreft een stijging van 1%. Op regionaal niveau is er een stijging van 10% in gemiddelde kosten per jeugdige zichtbaar, tegenover de daling van 2% in gemeente Papendrecht. Daarnaast was er op regionaal niveau een daling van 11% in het aantal jeugdigen, waar gemeente Papendrecht een lichte stijging van 1% toonde. De Key Groep 2020 t.o.v. 2019 vergelijkend toonde een stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige (8%) en een afname in het aantal jeugdigen (10%) in gemeente Papendrecht. Deze bevindingen zijn niet in lijn met de bevindingen uit deze rapportage van 2021 t.o.v. 2020, waar een daling in de gemiddelde kosten per jeugdige en een (verwaarloosbare) stijging in het aantal jeugdigen is geconstateerd.
6.2.6 LTA Binnen LTA is in gemeente Papendrecht een stijging van gemiddelde kosten per jeugdige van €4.900 in 2020 naar €5.257 in 2021 geconstateerd. Dit betreft een stijging van 7%. Het aantal jeugdigen is gestegen van 25 jeugdigen in 2020 naar 30 jeugdigen in 2021. Dit betreft een stijging van 20%. Op regionaal niveau is er een daling van 11% in de gemiddelde kosten per jeugdige geconstateerd, tegenover een stijging binnen gemeente Papendrecht. Daarnaast was er regionaal een stijging van 6% in het aantal jeugdigen in 2021 t.o.v. 2020, waar gemeente Papendrecht een stijging van 20% toonde.
6.2.7 Pleegzorg In de Pleegzorg zijn de gemiddelde kosten per jeugdige 3% gedaald, namelijk, van €10.448 in 2020 naar €10.133 in 2021 gemiddeld per jeugdige. Het aantal jeugdigen is gedaald van 64 jeugdigen in 2020 naar 61 jeugdigen in 2021. Dit betreft een daling van 5%. Op regionaal niveau zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met 1% toegenomen en het aantal jeugdigen met 7% toegenomen. Gemeente Papendrecht toonde op beide vlakken een daling.
6.2.8 SGGZ Binnen de SGGZ zijn de gemiddelde kosten per jeugdige 3% gedaald, namelijk, van €4.499 in 2020 naar €4.354 in 2021. Het aantal jeugdigen is 8% gedaald, namelijk van 377 jeugdigen in 2020 naar 347 jeugdigen in 2021. Op regionaal niveau zijn deze gemiddelde kosten per jeugdige 8% toegenomen en het aantal jeugdigen 3% afgenomen. Op beide punten toonde gemeente Papendrecht een daling.
10
De Key Groep rapportage, 2020 t.o.v. 2019, toonde een toename in de gemiddelde kosten per jeugdige van 42% in gemeente Papendrecht, tegenover een daling in deze rapportage in 2021 t.o.v. 2020. Daarnaast toonde de Key Groep een afname van 15% in het aantal jeugdigen.
6.2.9 Vervoer Binnen Vervoer zijn de gemiddelde kosten per jeugdige gestegen van €2.489 in 2020 naar €3.458 in 2021. Dit betreft een stijging in gemiddelde kosten per jeugdige van 39%. Het aantal jeugdigen is 13% gestegen, namelijk van 16 jeugdigen in 2020 naar 18 jeugdigen in 2021. Op regionaal niveau is er een stijging van 16% in de gemiddelde kosten per jeugdige geconstateerd en een stijging van 20% in het aantal jeugdigen in 2021 t.o.v. 2020. Gemeente Papendrecht toonde dus een hogere stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige, maar een lagere stijging in het aantal jeugdigen dan de regio.
6.2.10 GGZ-totaliteit Naast de afzonderlijke percelen is gemeente Papendrecht geïnteresseerd in de totale ontwikkelingen binnen de GGZ. Binnen gemeente Papendrecht zijn in de GGZ totaal de gemiddelde kosten per jeugdige van €4.127 in 2020 naar €4.102 in 2021 met 1% afgenomen en het aantal jeugdigen van 421 jeugdigen in 2020 naar 397 jeugdigen in 2021 met 6% afgenomen. Op regionaal niveau zijn de gemiddelde kosten per jeugdige met 11% toegenomen, tegenover een afname in gemeente Papendrecht. Daarnaast is het aantal jeugdigen regionaal met 5% afgenomen, tegenover een afname van 6% in gemeente Papendrecht.
6.2.11 Deelconclusie Op basis van de ontwikkelingen per perceel kunnen de volgende hoofdpunten geconcludeerd en geduid worden: Algemeen •
Er is een stijging in gemiddelde kosten per jeugdige zichtbaar in gemeente Papendrecht in de AWBZ, BGGZ, J&O, LTA, en Vervoer. Deze stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige is ook op regionaal zichtbaar binnen deze percelen, behalve binnen het perceel LTA, daar is op regionaal niveau een daling te zien. Binnen de vijf percelen is ook het aantal jeugdigen gestegen in gemeente Papendrecht en, behalve binnen de BGGZ, ook op regionaal niveau.
EED •
Uit gesprekken met de zorgregisseur bleek afgelopen jaar actief te zijn ingezet op het verminderen van het aantal jeugdigen binnen het perceel EED. In 2021 was dit met een daling in het aantal jeugdigen (van 64 naar 41) terug te zien in de cijfers. Ook de gemiddelde kosten per jeugdige zijn gedaald (van €1.970 naar €1.871).
J&O •
Er is een stijging in het aantal jeugdigen (van 130 naar 143, 10%) geconstateerd binnen J&O in gemeente Papendrecht. Ook regionaal is er een stijging te zien (16%).
11
•
•
Uit latere analyses in dit rapport blijkt de stijging in het aantal jeugdigen binnen J&O vooral te zitten in de producten binnen J&O met een verblijfsvorm; hier is een stijging van 10 naar 20 jeugdigen (100%) geconstateerd. In 2019-2020 was er volgens de Key Groep een daling in de gemiddelde kosten per jeugdige binnen het perceel J&O. Daarentegen, deze analyse toont in 2021 t.o.v. 2020 een stijging van 21% (€6.481 vs. €7.834). Zoals eerder genoemd is de stijging in gemiddelde kosten per jeugdige grotendeels te wijten aan de stijging van het aantal jeugdigen van 10 naar 20 (100%) in J&O met een verblijfsvorm, wat een relatief dure vorm betreft ten opzichte van de producten binnen J&O zonder verblijfsvorm. Zie voor duiding van de stijging in het aantal jeugdigen binnen J&O Hoofdstuk 6.3 ‘J&O met verblijf’.
LTA •
Er is een stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige binnen het perceel LTA van 7% (€4.900 vs. €5.257), terwijl er regionaal een daling zichtbaar is. Dit kan verklaard worden door het gegeven dat LTA extreem dure zorg kan bevatten, waardoor één kostbare jeugdige meer binnen LTA al tot grote veranderingen in cijfers kan leiden.
Vervoer •
Er was een stijging in de gemiddelde kosten per jeugdige van 39% binnen het perceel Vervoer. Mogelijk kan deze stijging verklaard worden door een stijging van 11% in het aantal jeugdigen (120 vs. 132) binnen het perceel AWBZ (vroegere AWBZ-voorzieningen). De stijging in het aantal jeugdigen binnen perceel AWBZ gaat mogelijk gepaard met een grotere nood aan vervoer om op de zorglocatie te komen; dit kan meer vervoerskosten betekenen.
GGZ •
In de GGZ totaal toonde gemeente Papendrecht een afname van 1% in gemiddelde kosten per jeugdige (€4.127 vs. €4.102), en een afname van 6% in het aantal jeugdigen (421 vs. 397). Specifiek in de SGGZ is er een daling van 8% in het aantal jeugdigen (377 vs. 347), en in de BGGZ een stijging van 6% (49 vs. 52) geconstateerd. De inzet van POH Jeugd-GGZ, waar de gemeente Papendrecht mee is gestart om de kosten en aantallen in de GGZ terug te dringen, zou het bovenstaande effect mogelijk kunnen verklaren. Sinds 2017 kan iedere huisartsenpraktijk in de gemeente Papendrecht een beroep doen op de POH Jeugd-GGZ. Idealiter zou de inzet van de POH Jeugd-GGZ leiden tot minder indicaties die leiden tot verwijzingen naar de SGGZ. Een gevolg hiervan zou kunnen zijn dat er wellicht meer indicaties worden afgegeven voor de BGGZ (relatief goedkopere zorg).
12
6.3 J&O met verblijf In de uitvoeringsagenda 2021 van gemeente Papendrecht staat beschreven als beoogd resultaat een afname van het aantal jeugdigen in het perceel J&O met verblijf. Zie Figuur 9 voor het maandelijks verloop in aantal jeugdigen met verblijf in het perceel J&O. Uit de onderstaande figuur blijkt het aantal jeugdigen met verblijf bij J&O te zijn toegenomen vanaf maart in 2021 t.o.v. 2020. Figuur 9: Aantal jeugdigen J&O met verblijf, 2020-2021
Bovenstaand lijndiagram is onderbouwd met absolute waarden uit het dashboard; een stijging van 10 jeugdigen in J&O met verblijf in 2020 tegenover 20 jeugdigen in J&O met verblijf in 2021 is geconstateerd. Van 10 naar 20 jeugdigen is een stijging van 100%. Deze stijging van 100% in het aantal jeugdigen in J&O met verblijf voor gemeente Papendrecht leidde tot de vraag of een dergelijke trend ook zichtbaar is bij andere gemeenten in de regio. Zie Figuur 10 voor een overzicht van het aantal jeugdigen in J&O met verblijf in 2020-2021 per gemeente in regio ZHZ. Opvallend is dat er alleen bij de gemeente Alblasserdam, Dordrecht, Hoeksche Waard, en Papendrecht een stijging in het aantal jeugdigen in J&O met verblijf te zien is. Echter, de procentuele stijging binnen de andere gemeenten is minimaal in vergelijking met gemeente Papendrecht. Figuur 10: Aantal jeugdigen J&O met verblijf, regio ZHZ, per gemeente, 2020-2021
Aantal jeugdigen J&O met verblijf, 2020-2021 Vergelijking gemeenten regio ZHZ 120 100 80 60
40 20 0
Zwijndrecht
Sliedrecht
Papendrecht
Molenlanden
2021
Hoeksche Waard
2020
Hendrik-Ido ambacht
HardinxveldGiessendam
Gorinchem
-60
Dordrecht
-40
Alblasserdam
-20
% toename/afname
13
Vervolgens is een analyse uitgevoerd op de verschillende verwijzers die indicaties afgeven voor J&O met verblijf in gemeente Papendrecht. Zie Figuur 11. Uit Figuur 11 komt naar voren dat het aantal jeugdigen waarvoor de verwijzer ‘Gemeente’ (label wordt vanaf 01-012021 gebruikt door Stichting Jeugdteams) een indicatie heeft afgegeven is toegenomen (1 vs. 7). Ook het aantal jeugdigen waarvoor de GI een indicatie heeft afgegeven is gestegen (7 vs. 12). Figuur 11: Aantal jeugdigen J&O met verblijf per verwijzer, 2020-2021
Aantal jeugdigen J&O met verblijf per verwijzer, 20202021 14 12 10 8 6 4 2 0 Gemeente
Huisarts
Hulpverlener 2020
Zelfverwijzer/geen verwijzer
GI
2021
6.3.1 Deelconclusie Op basis van bovenstaande analyses kunnen de volgende deelconclusies getrokken en geduid worden: • •
•
•
Er is een stijging in het aantal jeugdigen met verblijf in J&O in 2021 t.o.v. 2020, 10 vs. 20, (100%) geconstateerd. Er was een toename in het aantal jeugdigen dat een indicatie heeft gekregen van de verwijzer ‘Gemeente’ (Stichting Jeugdteams) (1 vs. 7) en de GI (7 vs. 12) voor J&O met verblijf zichtbaar. Een mogelijke vervolgstap zou kunnen zijn het inventariseren of een soortgelijke trend binnen J&O in het verleden ook zichtbaar was en in welke vorm. Is het aantal jeugdigen in 2021 gebruikelijk op basis van de historie en was er in 2020 een dip? Gaat het in 2021 om een structurele verhoging in het aantal jeugdigen gedurende het jaar, of is de stijging op jaarbasis te verklaren door één hoge piek in de maandelijkse ontwikkeling (wellicht door seizoens-effecten)? Op deze manier wordt een langere periode gedetailleerder in beeld gebracht waardoor de stijging in 2021 in perspectief geplaatst kan worden; deze aanpak voorkomt te voorbarige conclusies en maakt adequate duiding van de stijging in 2021 mogelijk. In een volgende vervolgstap kan worden ingegaan op inhoudelijke duiding van de cijfers binnen het perceel J&O. Om tot inhoudelijke duiding van de resultaten te komen kunnen diverse vragen onderzocht worden.
In hoeverre kan Covid-19 van invloed zijn geweest op de cijfers? Zijn er veranderingen in het systeem? Zijn er verschuivingen binnen het lokale team waardoor er minder wordt opgelost in het voorveld? Om dergelijke vragen te kunnen beantwoorden is het advies in gesprek te gaan met het lokale team en aanbieders.
14
6.4 Ontwikkelingen binnen de BGGZ In deze paragraaf wordt dieper ingegaan op de ontwikkelingen binnen de BGGZ. Eerst zullen de verhoudingen in het aantal unieke jeugdigen binnen de BGGZ-producten, t.o.v. van elkaar, in kaart worden gebracht. Vervolgens zal er in 6.4.1 worden ingegaan op de absolute aantallen jeugdigen en in 6.4.2 op de totale kosten. 6.4.3 zal vervolgens de gemiddelde kosten per jeugdige binnen de BGGZ-producten weergeven. Uit de analyses blijkt dat de jeugdigen binnen de BGGZ 5-6% van de totale hoeveelheid jeugdigen in jeugdzorg in gemeente Papendrecht omvatten. Zie voor deze cijfers Figuur 24 en 25 op bladzijde 23. Vervolgens wordt er in Figuur 12 en 13 ingegaan op deze jeugdigen binnen de BGGZ, en de verdeling over de verschillende producten. De onderlinge verhoudingen binnen de BGGZ-producten zijn in beperkte mate veranderd in 2021 t.o.v. 2020. De omvang (in jeugdigen) van het product ‘chronisch’ is afgenomen (19% in 2020 vs. 7% in 2021). De omvang van het product ‘licht’ is toegenomen (6% in 2020 vs. 13% in 2021). Ook de omvang van het product ‘zwaar’ is toegenomen (66% in 2020 vs. 70% in 2021). De omvang van product ‘midden’ is gelijk gebleven (9%). Figuur 12: Percentages aantal unieke jeugdigen per product BGGZ in 2020 (links) Figuur 13: Percentages aantal unieke jeugdigen per product BGGZ in 2021 (rechts)
6.4.1 Aantal unieke jeugdigen BGGZ In de onderstaande figuur (Figuur 14) is te zien dat er in alle producten, behalve voor BGGZ chronisch, een stijging is geconstateerd in het aantal unieke jeugdigen in de periode van 2020-2021. Het aantal jeugdigen dat het product ‘licht’ ontving is met 75% toegenomen (4 vs. 7), ‘midden’ met 25% (4 vs. 5), en ‘zwaar’ met 9% (35 vs. 38). Bij het product chronisch is het aantal unieke jeugdigen afgenomen met 60% (10 vs. 4). Het is opvallend dat het aantal jeugdigen in de categorie chronisch is afgenomen, aangezien chronisch per definitie inhoudt dat de jeugdigen aanhoudend zorg nodig hebben.
15
Figuur 14: Aantal unieke jeugdigen per product BGGZ, 2020-2021
Aantal unieke jeugdigen per product BGGZ, 20202021 40 35 30 25 20 15 10 5 0 BGGZ licht
BGGZ midden
BGGZ zwaar
Aantal in 2020
Aantal in 2021
BGGZ chronisch
6.4.2 Kosten BGGZ Vervolgens wordt er ingegaan op de kostenontwikkeling per product binnen de BGGZ. Zie Figuur 15. De kosten zijn toegenomen bij de producten licht (127%; €1.173 vs. €2.664), midden (5%; €3.578 vs. €3.758), en zwaar (22%; €35.809 vs. €43.656). De kosten voor het product chronisch zijn gedaald met 3% (€5.941 vs. €5.776). Figuur 15: Kosten per product BGGZ, 2020-2021
Kosten per product BGGZ, 2020-2021 BGGZ chronisch
BGGZ zwaar
BGGZ midden
BGGZ licht -K
5K
10 K
15 K
20 K
Kosten in 2021
25 K
30 K
35 K
40 K
45 K
50 K
Kosten in 2020
6.4.3 Gemiddelde kosten per jeugdige BGGZ Wat betreft de gemiddelde kosten is er een opvallende verandering geconstateerd binnen alle producten. De gemiddelde kosten per jeugdige verschilden in 2020 per aanbieder, terwijl deze in 2021 voor alle aanbieders gelijk waren. Zie onderstaande vier figuren (Figuur 16,17,18 en 19).
16
Figuur 16: Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ licht, 2020-2021
Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ licht, 2020-2021
Indus-Actieve Hulpverlening
Praktijk Inzicht
0
100
200
Gemiddelde kosten in 2021
300
400
500
Gemiddelde kosten in 2020
Figuur 17: Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ midden, 20202021
Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ midden, 2020-2021 Stichting Yulius
Indus-Actieve Hulpverlening
Praktijk Inzicht 0
200
Gemiddelde kosten in 2021
400
600
800
1.000
1.200
Gemiddelde kosten in 2020
17
Figuur 18: Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ zwaar, 2020-2021
Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ zwaar, 2020-2021 Stichting Driestar Educatief Eddee Zorgverlening BV Mentaal Beter Cure BV
E. Bos Orthopedagogiek Kinderpraktijk Heijligers-Treep Orthopedagogisch bureau Marijke Wiertsema Stichting Yulius Indus-Actieve Hulpverlening Praktijk Inzicht
0
200
Gemiddelde kosten in 2021
400
600
800
1.000 1.200 1.400
Gemiddelde kosten in 2020
Figuur 19: Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ chronisch, 20202021
Gemiddelde kosten per unieke jeugdige per aanbieder BGGZ chronisch, 2020-2021
Stichting Eleos Gereformeerde Geestelijke gezondheidszorg
Stichting Yulius
0
200
Gemiddelde kosten in 2021
400
600
800
1.000
1.200
1.400
1.600
Gemiddelde kosten in 2020
18
6.4.4 Deelconclusie Op basis van bovenstaande analyses kunnen enkele voorzichtige conclusies getrokken worden: •
•
•
•
Het aantal jeugdigen binnen de BGGZ is toegenomen voor de producten licht (75%; 4 vs. 7), midden (25%; 4 vs. 5) en zwaar (9%; 35 vs. 38) in de periode 2020-2021. Bij product ‘licht’ en ‘midden’ gaat het om een relatief laag aantal jeugdigen in verhouding tot product ‘zwaar’. Ook de totale kosten zijn toegenomen binnen bovenstaande producten met 127% (€1.173 vs. €2.664) in de categorie licht, 5% (€3.578 vs. €3.758) in de categorie midden en 22% (€35.809 vs. €43.656) in de categorie zwaar. Een verklaring zou kunnen zijn, de inzet van de POH Jeugd-GGZ, die idealiter voor een verschuiving van het aantal jeugdigen van SGGZ (duurdere zorg) naar vormen van BGGZ (goedkopere zorg) zorgt. Bij de categorie ‘chronisch’ is zowel het aantal jeugdigen afgenomen (60%; 10 vs. 4), als de totale kosten (3%; €5.941 vs. €5.776). Chronische jeugdhulp houdt in dat de jeugdigen blijvend zorg nodig hebben, wat deze afname een opvallend verschijnsel maakt. Hier is geen mogelijke verklaring voor gevonden; gespreksvoering met aanbieders en verwijzers ter informatie is aan te raden. De gemiddelde kosten per jeugdige in 2020 varieerden per aanbieder en product, maar waren in 2021 voor alle aanbieders binnen eenzelfde product gelijk. In 2021 bedroegen de gemiddelde kosten per jeugdige €444 voor product ‘licht’, €752 voor ‘midden’, €1.180 voor ‘zwaar’, en €1.444 voor ‘chronisch’.
Na navraag bij de SOJ bleek het volgende op deze cijfers van toepassing. De BGGZ werd gedurende de gemeten periode (Q1 t/m Q3 2020-2021) gedeclareerd met een vaste trajectprijs. Echter is de werkwijze van declareren conform landelijke standaard gewijzigd. Hierdoor geven de cijfers een vertekent beeld van de werkelijkheid; veranderingen zijn niet direct toe te schrijven aan veranderingen in de geboden jeugdhulp.
6.5 Ontwikkelingen verwijzer huisarts In de uitvoeringsagenda van 2021 kwam naar voren dat gemeente Papendrecht een afname in het aantal verwijzingen door de huisarts als gewenst resultaat in 2021 ziet. Echter, uit de data dashboards van het SOJ is het aantal verwijzingen niet te halen, wel het aantal jeugdigen waarvoor een indicatie is verstrekt door de huisarts. Zie Figuur 20 voor het aantal unieke jeugdigen waarvoor een indicatie is verstrekt door de huisarts. Hier is een afname (5%) te zien (352 vs. 336).
19
Figuur 20: aantal unieke jeugdigen, indicatie door verwijzer huisarts, 2020-2021
Aantal jeugdigen, verwijzer huisarts, 2020-2021 400 350 300 250 200 150 100 50 0 2020
2021
Uit Figuur 20 bleek dat er een afname was in het aantal unieke jeugdigen, in 2021 t.o.v. 2020, waarvoor een indicatie verstrekt was door de huisarts. Vervolgens is in Figuur 21 ingezoomd op de diverse percelen waarvoor de huisarts een indicatie heeft afgegeven. Hieruit blijkt een afname in het aantal jeugdigen waarvoor een indicatie is afgegeven voor perceel AWBZ (16%; 37 vs. 31), en SGGZ (7%; 280 vs. 261). Er is een toename zichtbaar in het aantal jeugdigen waarvoor de huisarts een indicatie verstrekte voor de BGGZ (7%; 42 vs. 45), J&O (36%; 39 vs. 53), en LTA (300%; 2 vs. 8). Figuur 21: Aantal unieke jeugdige indicatie door verwijzer huisarts, per perceel
Aantal jeugdigen, verwijzer huisarts, per perceel, 2020-2021 300 250 200 150
100 50 0 AWBZ
BGGZ
J&O 2020
LTA
SGGZ
2021
6.5.1 Deelconclusie Op basis van de bovenstaande analyses kunnen de volgende conclusies getrokken worden: • •
Er is een afname (5%) in het aantal jeugdigen 352 vs. 336 (2020 vs. 2021) waarvoor een indicatie is verstrekt door de huisarts geconstateerd. In 2021 is een afname van het aantal jeugdigen waarvoor de huisarts indicatie heeft verstrekt voor de AWBZ (16%, 37 vs. 31), en SGGZ (7%, 280 vs. 261) zichtbaar.
20
•
•
Er is een toename van het aantal jeugdigen waarvoor een indicatie is verstrekt door de huisarts voor de BGGZ (7%, 42 vs. 45), J&O (36%, 39 vs. 53), en LTA (300%, 2 vs. 8). Bovengenoemde resultaten van een afname in het aantal jeugdigen waarvoor een indicatie is verstrekt door de huisarts voor de SGGZ, en een lichte toename voor de BGGZ kan mogelijk verklaard worden door de inzet POH Jeugd-GGZ (Zie 6.2.11. GGZ voor uitgebreide duiding).
6.6 Grootste en duurste aanbieders In dit gedeelte wordt ingezoomd op de zorgaanbieders met de meeste jeugdigen (grootste aanbieders), en met de hoogste totale kosten (duurste aanbieders). In deze analyse gaat het niet over het aantal unieke jeugdigen, maar het aantal jeugdigen (een jeugdige kan bij meerdere aanbieders zorg ontvangen). Als een jeugdige bij meerdere aanbieders zorg ontvangt is een jeugdige meermaals geteld. Bij interpretatie van de resultaten moet rekening gehouden worden met eerdergenoemde disclaimers.
6.6.1 Aantal jeugdigen In 2020 waren er in totaal 952 jeugdigen die jeugdzorg ontvingen. Zie Figuur 22. Door de grootste zorgaanbieders zijn 545 jeugdigen, ofwel 57% van de jeugdigen, voorzien van jeugdzorg. 105 jeugdigen hiervan werden door Stichting Yulius voorzien van jeugdzorg. In 2021 waren er in totaal 928 jeugdigen die jeugdzorg ontvingen (zie Figuur 22), dit betekent een afname van 3% ten opzichte van 2020. Door de grootste zorgaanbieders zijn 501 jeugdigen voorzien van jeugdzorg, wat 54% van het totaal is. Dit betekent een afname van 6% in het aantal jeugdigen (545 vs. 501) die door de grootste zorgaanbieders voorzien werden van jeugdzorg in 2021 t.o.v. 2020. 98 van de 501 jeugdigen werden in 2021 door Stichting Yulius voorzien van jeugdzorg. Figuur 22: Aantal jeugdigen grootste aanbieders totaal, 2020-2021
Aantal jeugdigen grootste aanbieders totaal, 2020-2021 120 100 80
60 40 20
Aantal in 2020
Boba Groep BV
Leestalent BV
Praktijk Inzicht
Indus-Actieve Hulpverlening
ASVZ
Stichting Horizon
Neuroscan
Stichting Enver
Kinder- en jeugdpraktijk Drechtsteden B.V.
PSY Drechtsteden B.V.
Jeugdbescherming West Zuid-Holland
Stichting Yulius
0
Aantal in 2021
21
6.6.2 Kosten De duurste 10 aanbieders van 2020 omvatten samen een bedrag van €3.154.598, dat is 65% van de totale kosten (€4.889.584) in 2020. Zie Figuur 23. Stichting Yulius was met €779.043 in 2020 ook in kosten de grootste aanbieder. Stichting Yulius omvatte namelijk 25% van de totale kosten van de duurste zorgaanbieders. De duurste aanbieders van 2021 omvatten samen €3.473.699, 67% van de totale kosten (€5.179.263) in 2021. Vergelijkend met 2020 is er een stijging van 4% in totale kosten van de 10 duurste aanbieders. Ook in 2021 was Stichting Yulius de grootste zorgaanbieder wat betreft de totale kosten (€863.913), en omvatte 25% van de totale kosten van de duurste zorgaanbieders. Opvallend is de stijging in kosten van de aanbieder ASVZ en het feit dat er in 2021 twee nieuwe zorgaanbieders, De Viersprong en Eddee Zorgverlening BV, zijn bijgekomen in de top duurste aanbieders. Zie Figuur 23. Twee andere aanbieders, Neuroscan en Schakenbosch, zaten in 2021 niet meer in de top duurste aanbieders. Figuur 23: Totale kosten grootste aanbieders totaal, 2020-2021
Totale kosten grootste aanbieders totaal, 2020-2021 De Viersprong Eddee Zorgverlening BV Neuroscan William Schrikker Jeugdbescherming en… Kinder- en jeugdpraktijk Drechtsteden B.V. s Heeren Loo locatie Auriga Schakenbosch ASVZ Jeugdbescherming West Zuid-Holland Stichting Horizon Stichting Enver Stichting Yulius -K
200 K
Kosten in 2021
400 K
600 K
800 K
1.000 K
Kosten in 2020
6.6.3 Deelconclusie Op basis van bovenstaande analyses kunnen de volgende conclusies worden getrokken: •
•
•
In 2021 is het aantal jeugdigen in de jeugdzorg met 34 (3%) jeugdigen gedaald t.o.v. 2020 (928 vs. 952). Dit is in lijn met de beoogde resultaten uit de uitvoeringsagenda 2021. Een relevante vervolgvraag zou kunnen zijn in hoeverre is deze daling te verklaren door de inzet van vrij toegankelijke jeugdhulp? In 2021 hadden de duurste zorgaanbieders in totaal 4% meer kosten dan in 2021 (€3.154.598 vs. €3.473.699). Ook de totale kosten van de jeugdzorg zijn gestegen (6%), van €4.889.584 in 2020 naar €5.179.263 in 2021. Stichting Yulius had in 2020 en 2021 de meeste jeugdigen (105 vs. 98) en de hoogste kosten (€779.043 vs. €863.913). Een relevante vervolgstap zou zijn om te onderzoeken in hoeverre jeugdigen bij Stichting Yulius langere of intensievere zorg ontvangen dan bij andere aanbieders. 22
•
•
ASVZ toonde de meest opvallende kostenstijging (114%), namelijk van €242.199 in 2020 naar €517.434 in 2021. Een relevante vervolgvraag is of ASVZ in 2021 een groter deel van de jeugdhulp binnen de AWBZ opvangt, waar dit wellicht in 2020 over meerdere aanbieders verspreid was. Een relevante vervolgstap, om antwoord op bovenstaande vraag te verkrijgen, is in gesprek gaan met verwijzers die indicaties hebben afgegeven voor aanbieder ASVZ. Er zijn twee aanbieders, De Viersprong en Eddee Zorgverlening BV, die in 2020 niet in de top duurste aanbieders voorkwamen en wel in 2021. En twee aanbieders, Neuroscan en Schakenbosch, die in 2021 niet meer in de top duurste aanbieders voorkwamen.
6.7 Grootste en duurste aanbieders per perceel In de volgende secties wordt dieper ingegaan op de aanbieders met het hoogste aantal jeugdigen (grootste aanbieders) en de meeste kosten (duurste aanbieders) in de diverse percelen op jaarbasis 2020 en 2021 (Q1 t/m Q3). Binnen bepaalde percelen omvat de top grootste en duurste aanbieders alle aanbieders binnen het betreffende perceel. Het betreft in dit onderdeel (6.7), net als in onderdeel 6.6, het aantal jeugdigen en niet het unieke aantal jeugdigen. Alle tabellen met de absolute waarden, die ten grondslag liggen aan de analyses uit dit onderdeel (6.7), zijn te vinden in Bijlage 4. In de onderstaande figuren (Figuur 24 en 25) is te zien dat in 2021 ten opzichte van 2020 weinig veranderd is met betrekking tot de percentages jeugdigen per perceel. Figuur 24: Percentages aantal jeugdigen binnen de percelen ten opzichte van het totaal aantal jeugdigen in 2020 (links) Figuur 25: Percentages aantal jeugdigen binnen de percelen ten opzichte van het totaal aantal jeugdigen in 2021 (rechts)
23
6.7.1 AWBZ Binnen het perceel AWBZ heeft een stijging van 10% plaatsgevonden in het aantal jeugdigen (142 vs. 156) in 2021 t.o.v. 2020. Zie Figuur 26. In 2020 omvatte de grootste aanbieders binnen de AWBZ 129 jeugdigen en in 2021 141 jeugdigen; dit betekent een stijging van 9%. De zorgaanbieder met de meeste jeugdigen (30 vs. 33) was zowel in 2020 als 2021 ASVZ. In totaal waren er in 2020 23 aanbieders binnen de AWBZ en in 2021 waren dat 22 aanbieders. Figuur 26: Aantal jeugdigen grootste aanbieders AWBZ, 2020-2021
Aantal jeugdigen grootste aanbieders AWBZ, 2020-2021 35 30 25 20 15
10 5
Aantal in 2020
Stichting Distinto
Stichting Gemiva-SVG Groep
FamilySupporters BV
Lelie Zorggroep
Syndion
Eddee Zorgverlening BV
s Heeren Loo locatie Auriga
Indus-Actieve Hulpverlening
Stichting Zorgboeren Zuid-Holland
Boba Groep BV
ASVZ
0
Aantal in 2021
In 2020 omvatten de totale kosten binnen het perceel AWBZ € 857.300 en in 2021 bedroegen deze € 954.462 (142 vs. 156 jeugdigen). Zie Figuur 27. Dit is een stijging van 11%. In 2020 bedroegen de totale kosten van de duurste zorgaanbieders binnen de AWBZ €758.662, tegenover € 910.756 in 2021. Dit is een stijging van 20%. In beide jaren toonde ASVZ de hoogste kosten (€ 242.199 vs. € 381.048).
24
Figuur 27: Kosten duurste aanbieders AWBZ, 2020-2021
Kosten duurste aanbieders AWBZ, 2020-2021 Eddee Zorgverlening BV Stichting Gemiva-SVG Groep ABA Huis B.V. Indus-Actieve Hulpverlening Pameijer Lelie Zorggroep Stichting Zorgboeren Zuid-Holland Syndion Boba Groep BV 's Heeren Loo locatie Auriga ASVZ -K
50 K
100 K
Kosten in 2021
150 K
200 K
250 K
300 K
350 K
400 K
450 K
Kosten in 2020
6.7.2 BGGZ De aanbieders binnen de BGGZ omvatten 52 jeugdigen in 2020 en 54 jeugdigen in 2021. Zie Figuur 28. Dit is een stijging van 4%. De grootste (en duurste) aanbieders (Figuur 28 en 29) zijn hiermee ook het totaal aantal aanbieders binnen de BGGZ. De zorgaanbieder met de meesten jeugdigen in de BGGZ was in 2020 Stichting Yulius met 14 jeugdigen en in 2021 was dit Praktijk Inzicht met 19 jeugdigen. Figuur 28: Aantal jeugdigen aanbieders BGGZ, 2020-2021